Topcom 5100 WHO Handleiding

Categorie
Bloeddruk eenheden
Type
Handleiding
12
TOPCOM BPM Arm 5100
1 Inleiding
Gefeliciteerd met uw aankoop van de Topcom BPM Arm 5100 WHO. Deze
volautomatische armbloeddrukmeter is gebruiksvriendelijk en ideaal voor dagelijkse
metingen. Op de grote display worden bovendruk- (systolisch), onderdruk- (diastolisch)
en hartslagwaarden weergegeven, allemaal duidelijk af te lezen op het eind van elke
meting.
Bovendien kunt u tot 40 metingen per geheugenzone opslaan, ideaal voor gebruikers die
hun bloeddruk regelmatig willen controleren en opvolgen. De BPM Arm 5100 WHO is
compact en draagbaar, en zo ideaal voor gebruik thuis en onderweg.
2 Veiligheidsinstructies
1. Dit product is enkel geschikt voor huishoudelijk gebruik. Dit toestel is niet bedoeld
om raadpleging van uw huisarts te vervangen.
2. Voor gebruikers die lijden aan aritmie (atriale of ventriculaire premature hartslag of
atriale fibrillatie), suikerziekte, slechte bloedsomloop, nieraandoeningen, of voor
gebruikers die een beroerte hebben gehad of gebruikers die bewusteloos zijn, is
het toestel niet geschikt. In geval van twijfel, raadpleeg uw arts.
3. Dit toestel mag niet worden gebruikt door kinderen, anders kunnen er gevaarlijke
situaties ontstaan.
4. Het toestel omvat precisiecomponenten. Daarom moet het worden beschermd
tegen extreme temperaturen, vochtigheid en direct zonlicht. Laat het toestel niet
vallen en vermijd sterke schokken. Bescherm het tegen stof.
5. Lekkende batterijen kunnen schade aan het toestel veroorzaken. Verwijder de
batterijen wanneer u het toestel langere tijd niet gebruikt.
6. Druk niet op de START/STOP-toets zolang de manchet niet rond de bovenarm is
bevestigd.
7. Demonteer het toestel of de manchet niet.
8. Als het toestel op een koude plaats wordt bewaard, laat het dan eerst op
kamertemperatuur komen alvorens het te gebruiken.
9. Reinig de bloeddrukmeter en de manchet voorzichtig met een licht vochtige,
zachte doek. Oefen geen druk uit. Draai de voorgevormde manchet niet
binnenstebuiten. Was de manchet niet en gebruik ook geen chemisch
reinigingsmiddel om hem te reinigen. Gebruik nooit verdunner, alcohol of benzine
als reinigingsmiddel.
Lees deze handleiding aandachtig alvorens het toestel te
gebruiken. Voor specifieke informatie over uw eigen
bloeddruk, raden we u aan uw arts te raadplegen. Bewaar
de gebruikershandleiding op een veilige plaats voor later
gebruik.
Gebruik het toestel niet in de buurt van een mobiele
telefoon of magnetron om onnauwkeurige resultaten door
elektromagnetische interferentie tussen elektrische en
elektronische apparaten te voorkomen.
13
NEDERLANDS
TOPCOM BPM Arm 5100
3 Bloeddruk
3.1 Wat is bloeddruk?
Bloeddruk is de druk die wordt uitgeoefend op de slagaderwand door het bloed dat door
de slagaders stroomt. De druk die wordt gemeten wanneer het hart samentrekt en bloed
uit het hart stuwt, is systolisch (bovendruk). De druk die wordt gemeten wanneer het hart
uitzet door het bloed dat terugstroomt naar het hart wordt de diastolische bloeddruk
(onderdruk) genoemd.
3.2 Waarom moet u uw bloeddruk meten?
Van de verschillende gezondheidsproblemen waarmee de moderne mens heeft af te
rekenen, komen problemen gepaard met een hoge bloeddruk verreweg het vaakst voor.
Door de gevaarlijk sterke correlatie tussen hoge bloeddruk en cardiovasculaire
aandoeningen en het hoge ziektecijfer zijn bloeddrukmetingen noodzakelijk geworden
om de risicogroepen te identificeren.
3.3 Bloeddruknorm
De Wereldgezondheidsorganisatie
(WHO) en het Nationale
Voorlichtingsprogramma voor Hoge
Bloeddruk hebben een bloeddruknorm
ontwikkeld aan de hand waarvan
bloeddrukwaarden met laag en hoog
risico worden geïdentificeerd. Die norm
is echter slechts een algemene richtlijn,
want de individuele bloeddruk verschilt
van persoon tot persoon en van groep tot
groep enz.
Het is belangrijk dat u regelmatig uw arts raadpleegt. Uw arts zal u vertellen wat uw
normale bloeddrukbereik is en vanaf welke waarde u risico loopt.
Bloeddruk classificatie Systolisch (mmHG) Diastolisch (mmHg) Kleurindicatie
Optimaal <120 <80 Groen
Normaal 120-129 80-84 Groen
Hoog – Normaal 130-139 85-89 Groen
Niveau 1 hypertensie 140-159 90-99 Geel
Niveau 2 hypertensie 160-179 100-109 Oranje
Niveau 3 hypertensie >180 >110 Rood
Systolisch (mmHG)
Diastolisch (mmHg)
Matige hypertensie
Milde hypertensie
Hoog-Normaal
Normaal
Ernstige hypertensie
14
TOPCOM BPM Arm 5100
3.4 Bloeddrukschommeling
De bloeddruk schommelt voortdurend!
U hoeft zich nog niet ongerust te maken als u twee of drie keer een hoge bloeddruk meet.
De bloeddruk verandert in de loop van de maand en zelfs in de loop van de dag,
afhankelijk van de omstandigheden (gemoedsgesteldheid, temperatuur enz.).
4 Batterijen plaatsen
Open het batterijvak door het afdekplaatje weg te
schuiven.
Plaats 4 niet-oplaadbare AA-batterijen. Let op de
in het batterijvak aangeduide polariteit.
5 Toetsen
1. Display
2. START / STOP-toets
3. GEHEUGEN-toets
4. Aansluiting luchtslang
5. Rubberen slang
6. Armmanchet
7. Datum
8. Geheugenplaats
9. Onregelmatige hartslag-
pictogram
10. Hartslag
11. Pictogram batterij bijna
leeg
12. Diastolische druk
13. WHO classificatie-
indicatie
14. Systolische druk
15. Tijd
Sluit de batterijen niet kort en gooi ze nooit in het vuur. Verwijder de
batterij als u het toestel langere tijd niet gebruikt.
Als de batterijen bijna leeg zijn, dan verschijnt ‘ op de display.
Batterijen die bijna leeg zijn, moeten worden vervangen.
7
8
9
10
12
13
15
14
11
1
2
345
6
15
NEDERLANDS
TOPCOM BPM Arm 5100
6 De manchet aanbrengen
1. Verwijder horloges, juwelen enz.
vooraleer u de manchet bevestigt.
Rol uw mouwen op.
2. Druk met twee vingers op de
slagader aan de binnenkant van uw
linkerarm ongeveer 2,5 cm boven
uw elleboog om vast te stellen waar
uw hartslag het sterkst is.
3. Schuif het uiteinde van de manchet
dat zich het verst van de luchtslang
bevindt, door de metalen ring en
maak een lus. Het zachte stof moet
aan de binnenkant van de manchet
zitten. De klittenband moet zich aan
de buitenkant van de manchet
bevinden.
4. Steek uw linkerarm door de lus van
de manchet. De onderkant van de
manchet moet zich ongeveer 1,5 cm
boven de elleboog bevinden. De
luchtslang van de manchet moet
over de slagader aan de binnenkant
van de arm liggen.
5. Trek aan de manchet tot de boven-
en onderrand strak tegen uw arm
liggen.
6. Als de manchet in de juiste positie
ligt, maakt u het klittenband stevig
vast. De metalen ring mag uw huid
niet raken.
7. Ontspan heel uw lichaam, vooral het
gebied tussen uw elleboog en
vingers. Plaats uw elleboog op een
tafel zodat de manchet zich op
dezelfde hoogte bevindt als uw hart.
Leun niet achterover tijdens de
metingen.
FP
16
TOPCOM BPM Arm 5100
7Meting
7.1 Belangrijke tips
Deze meter schakelt automatisch uit wanneer er gedurende 2 minuten geen toets
wordt ingedrukt.
Om de meting te onderbreken, drukt u op een willekeurige toets. De polsband zal
onmiddellijk leeglopen nadat op een toets is gedrukt.
Meet uw bloeddruk niet onmiddellijk nadat u uitgebreid hebt gegeten. Om
nauwkeurige resultaten te verkrijgen, wacht u het best één uur alvorens te meten.
Rook niet of drink geen alcohol voordat u uw bloeddruk meet.
Tijdens een meting mag u niet lichamelijk moe of uitgeput zijn.
Het is belangrijk dat u zich tijdens de meting ontspant. Probeer 15 minuten te
rusten voordat u uw bloeddruk neemt.
Meet uw bloeddruk niet als u gestrest of gespannen bent.
Meet uw bloeddruk bij een normale lichaamstemperatuur. Als u het koud of warm
hebt, wacht u beter een tijdje alvorens uw bloeddruk te meten.
Als de meter op een erg koude plaats wordt bewaard (dichtbij vriestemperatuur),
zet hem dan gedurende minstens één uur in een warme ruimte vooraleer hem te
gebruiken.
Wacht ongeveer 5 minuten vooraleer u opnieuw uw bloeddruk meet.
Praat niet tijdens de meting en beweeg ook uw arm- of handspieren niet.
7.2 Procedure
Druk op de START/STOP-toets om het toestel te
activeren. Alle segmenten worden weergegeven.
Als de actuele geheugenzone weergegeven wordt (U1-3),
drukt u op de GEHEUGEN-toets om de gewenste
geheugenzone te selecteren.
Als er gedurende 5 seconden geen toets wordt ingedrukt,
dan start de meting automatisch.
Op de display verschijnt het laatste meetresultaat voordat de
manchet wordt opgepompt tot het niveau dat goed is voor u.
Als het juiste niveau bereikt is, loopt de manchet
automatisch leeg.
De meter zal de manchet automatisch verder oppompen
tot ongeveer 220 mmHg als het systeem detecteert dat
uw lichaam meer druk nodig heeft om uw bloeddruk te
meten.
Als de meting voltooid is, verschijnen de systolische en
diastolische druk en de hartslag tegelijkertijd op het lcd-
scherm.
De cassificatie-indicator voor de bloeddruk verschijnt.
Bij een onregelmatige hartslag verschijnt ‘’.
Wanneer tijdens de meting een fout wordt vastgesteld,
verschijnt het Error-symbool ‘EE’ op de display.
M
17
NEDERLANDS
TOPCOM BPM Arm 5100
8 Geheugen
De BPM Arm 5100 WHO heeft 3 geheugenzones. In elke zone
kunnen tot 40 metingen, inclusief datum en tijd, worden
opgeslagen.
Het resultaat wordt automatisch opgeslagen in de
geselecteerde geheugenzone na de meting.
Selecteer voor de meting de gewenste geheugenzone nadat u
op de START/STOP-toets gedrukt hebt.
Meetresultaten oproepen:
Als de klok wordt weergegeven.
Druk op de GEHEUGEN-toets om de geheugenmodus
te selecteren.
Druk op de START/STOP-toets om de gewenste
geheugenzone te selecteren.
Druk op de GEHEUGEN-toets om het laatste
meetresultaat op te roepen.
Druk meerdere keren op de GEHEUGEN-toets om
vroegere meetresultaten op te roepen.
Nadat de oudste meting op het scherm getoond is,
schakelt het toestel weer over op de normale tijd.
Alle meetresultaten in een geheugenzone wissen:
Druk op de GEHEUGEN-toets om de geheugenmodus
te selecteren.
Druk op de START/STOP-toets om de gewenste
geheugenzone te selecteren.
Druk op de GEHEUGEN-toets om het laatste
meetresultaat op te roepen.
Houd de GEHEUGEN-toets 3 seconden ingedrukt om
alle records van de geselecteerde geheugenzone te
wissen.
M
M
M
M
M
Als de batterijen verwijderd worden, dan wordt het geheugen
niet gewist.
18
TOPCOM BPM Arm 5100
8.1 Datum en tijd instellen
9 Netadapter (optioneel)
De BPM Arm 5100 WHO kan werken op batterijen of
op een optionele netadapter.
De netadapter kan gekocht worden via de Topcom
website - http://shop.topcom.net/
Steek de stekker van de wisselstroomadapter in
de aansluiting van de wisselstroomadapter aan
de rechterkant van het toestel.
Steek de wisselstroomadapter in het
stopcontact.
De datum en de tijd instellen:
Druk de START/STOP en GEHEUGEN-toets
tegelijkertijd in. De maand knippert op de display.
Druk meermaals op de GEHEUGEN-toets om de
maand te wijzigen.
Druk op de START/STOP-toets om de maand te
bevestigen. De dag knippert op de display.
Wijzig de dag, de uren en minuten zoals hierboven
beschreven, gebruik hiervoor de GEHEUGEN-toets
om de waarden te wijzigen en de START/STOP-toets
om elke instelling te bevestigen.
Wanneer u de minuten hebt ingesteld, is het toestel klaar
voor gebruik.
M
M
Gebruik alleen de optionele adapter.
19
NEDERLANDS
TOPCOM BPM Arm 5100
10 Technische specificaties
*Productspecificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
11 Het toestel verwijderen
Na afloop van de levenscyclus van het product mag u het niet met het normale
huishoudelijke afval weggooien, maar moet u het naar een inzamelpunt
brengen voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Dit wordt
aangeduid door het symbool op het product, in de handleiding en/of op de
verpakking.
Modelnr.
Meting
Oppompen
Geheugencapaciteit
Bereik
Nauwkeurigheid
Voeding
Automatisch uitschakelen
Bedrijfstemperatuur
Bedrijfsvochtigheid
Opslagtemperatuur
Luchtvochtigheid bij opslag
Gewicht (zonder batterijen)
Buitenafmetingen
Afmetingen manchet
Leeftijdsbeperkingen
Classificatie
KD-5903
Oscillometrisch
Automatisch met pomp
3 geheugenzones met elk 40
geheugenplaatsen met datum en tijd
Druk: 0 ~ 300 mmHg
Hartslag: 30 ~ 180 slagen/minuut
Druk: binnen ± 3 mmHg
Hartslag: binnen ± 5 % van meetresultaat
4 AA alkalinebatterijen (3 V)
1 minuut nadat voor het laatst een toets
ingedrukt is
+ 5 °C tot + 40 °C
< 85% RV
- 20 °C tot + 55 °C
< 95% RV
Ongeveer 300 g (zonder batterijen)
91 (L) x 72 (B) x 29 (H) mm
520 mm x 140 mm
Ouder dan 18 jaar
Toestel met interne voeding
•Klasse II
Classificatie type BF
IPX0
Niet geschikt voor gebruik in de nabijheid
van ontvlambare anesthetische mengsels
met lucht of met zuurstof of lachgas.
Continu bedrijf met korte belastingcyclus
Het CE-symbool bevestigt dat het toestel voldoet aan de basiseisen
van de richtlijn 93/42/EEC.
20
TOPCOM BPM Arm 5100
Sommige materialen waaruit het product is vervaardigd, kunnen worden hergebruikt als
u ze naar een inzamelpunt brengt. Door onderdelen of grondstoffen van gebruikte
producten te hergebruiken, levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van het
milieu. Wend u tot de plaatselijke overheid voor meer informatie over de inzamelpunten
bij u in de buurt.
12 Topcom-garantie
12.1 Garantietermijn
De Topcom-toestellen hebben een garantietermijn van 24 maanden. De garantietermijn
gaat in op de dag waarop het nieuwe toestel wordt aangeschaft. Topcom geeft geen
garantie op standaard of oplaadbare batterijen (type AA/AAA). Verbruiksartikelen en
defecten die een verwaarloosbaar effect hebben op de werking of waarde van het toestel
worden niet gedekt door de garantie.
De garantie moet worden bewezen door het kunnen voorleggen van de originele
aankoopbon of een kopie daarvan waarop de aankoopdatum en het toestelmodel staan
aangegeven.
12.2 Afwikkeling van garantieclaims
Een defect toestel moet worden geretourneerd aan het onderhoudscentrum van
Topcom, samen met een geldige aankoopbon. Als het toestel defect raakt tijdens de
garantietermijn, zal Topcom of een van haar officieel aangewezen servicecentra
defecten ingevolge materiaal- of fabricagefouten kosteloos repareren.
Topcom zal naar eigen inzicht voldoen aan haar garantieverplichtingen door defecte
toestellen, of onderdelen ervan, te repareren dan wel te vervangen. In het geval van
vervanging kunnen de kleur en het model verschillend zijn van het oorspronkelijk
aangeschafte toestel.
De oorspronkelijke aankoopdatum bepaalt wanneer de garantietermijn ingaat. De
garantietermijn wordt niet verlengd als het toestel wordt vervangen of gerepareerd door
Topcom of een van haar aangewezen servicecentra.
12.3 Garantiebeperkingen
Schade of defecten als gevolg van een onjuiste behandeling of onjuist gebruik en schade
als gevolg van het gebruik van niet-originele onderdelen of accessoires die niet worden
aanbevolen door Topcom, vallen buiten de garantie.
De draadloze telefoons van Topcom zijn uitsluitend geschikt voor gebruik met
oplaadbare batterijen. De schade door het gebruik van normale, niet-oplaadbare
batterijen valt buiten de garantie.
De garantie dekt geen schade te wijten aan externe factoren, zoals bliksem, water en
brand, noch enige tijdens transport veroorzaakte schade. Er kan geen aanspraak
worden gemaakt op garantie als het serienummer op de toestellen is veranderd,
verwijderd of onleesbaar gemaakt. Alle garantieclaims zullen ongeldig worden wanneer
de eenheid is gerepareerd, veranderd of aangepast door de koper of onbevoegde, niet
officieel door Topcom erkende onderhoudscentra.

Documenttranscriptie

TOPCOM BPM Arm 5100 1 Inleiding Gefeliciteerd met uw aankoop van de Topcom BPM Arm 5100 WHO. Deze volautomatische armbloeddrukmeter is gebruiksvriendelijk en ideaal voor dagelijkse metingen. Op de grote display worden bovendruk- (systolisch), onderdruk- (diastolisch) en hartslagwaarden weergegeven, allemaal duidelijk af te lezen op het eind van elke meting. Bovendien kunt u tot 40 metingen per geheugenzone opslaan, ideaal voor gebruikers die hun bloeddruk regelmatig willen controleren en opvolgen. De BPM Arm 5100 WHO is compact en draagbaar, en zo ideaal voor gebruik thuis en onderweg. Lees deze handleiding aandachtig alvorens het toestel te gebruiken. Voor specifieke informatie over uw eigen bloeddruk, raden we u aan uw arts te raadplegen. Bewaar de gebruikershandleiding op een veilige plaats voor later gebruik. 2 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. Veiligheidsinstructies Dit product is enkel geschikt voor huishoudelijk gebruik. Dit toestel is niet bedoeld om raadpleging van uw huisarts te vervangen. Voor gebruikers die lijden aan aritmie (atriale of ventriculaire premature hartslag of atriale fibrillatie), suikerziekte, slechte bloedsomloop, nieraandoeningen, of voor gebruikers die een beroerte hebben gehad of gebruikers die bewusteloos zijn, is het toestel niet geschikt. In geval van twijfel, raadpleeg uw arts. Dit toestel mag niet worden gebruikt door kinderen, anders kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan. Het toestel omvat precisiecomponenten. Daarom moet het worden beschermd tegen extreme temperaturen, vochtigheid en direct zonlicht. Laat het toestel niet vallen en vermijd sterke schokken. Bescherm het tegen stof. Lekkende batterijen kunnen schade aan het toestel veroorzaken. Verwijder de batterijen wanneer u het toestel langere tijd niet gebruikt. Druk niet op de START/STOP-toets zolang de manchet niet rond de bovenarm is bevestigd. Demonteer het toestel of de manchet niet. Als het toestel op een koude plaats wordt bewaard, laat het dan eerst op kamertemperatuur komen alvorens het te gebruiken. Reinig de bloeddrukmeter en de manchet voorzichtig met een licht vochtige, zachte doek. Oefen geen druk uit. Draai de voorgevormde manchet niet binnenstebuiten. Was de manchet niet en gebruik ook geen chemisch reinigingsmiddel om hem te reinigen. Gebruik nooit verdunner, alcohol of benzine als reinigingsmiddel. Gebruik het toestel niet in de buurt van een mobiele telefoon of magnetron om onnauwkeurige resultaten door elektromagnetische interferentie tussen elektrische en elektronische apparaten te voorkomen. 12 TOPCOM BPM Arm 5100 3 Bloeddruk 3.1 Wat is bloeddruk? 3.2 Waarom moet u uw bloeddruk meten? Van de verschillende gezondheidsproblemen waarmee de moderne mens heeft af te rekenen, komen problemen gepaard met een hoge bloeddruk verreweg het vaakst voor. Door de gevaarlijk sterke correlatie tussen hoge bloeddruk en cardiovasculaire aandoeningen en het hoge ziektecijfer zijn bloeddrukmetingen noodzakelijk geworden om de risicogroepen te identificeren. 3.3 Bloeddruknorm Systolisch (mmHG) De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en het Nationale Voorlichtingsprogramma voor Hoge Bloeddruk hebben een bloeddruknorm ontwikkeld aan de hand waarvan bloeddrukwaarden met laag en hoog risico worden geïdentificeerd. Die norm is echter slechts een algemene richtlijn, want de individuele bloeddruk verschilt van persoon tot persoon en van groep tot groep enz. Ernstige hypertensie Matige hypertensie Milde hypertensie Hoog-Normaal Normaal Diastolisch (mmHg) Bloeddruk classificatie Systolisch (mmHG) Diastolisch (mmHg) Kleurindicatie Optimaal <120 <80 Groen Normaal 120-129 80-84 Groen Hoog – Normaal 130-139 85-89 Groen Niveau 1 hypertensie 140-159 90-99 Geel Niveau 2 hypertensie 160-179 100-109 Oranje Niveau 3 hypertensie >180 >110 Rood Het is belangrijk dat u regelmatig uw arts raadpleegt. Uw arts zal u vertellen wat uw normale bloeddrukbereik is en vanaf welke waarde u risico loopt. 13 NEDERLANDS Bloeddruk is de druk die wordt uitgeoefend op de slagaderwand door het bloed dat door de slagaders stroomt. De druk die wordt gemeten wanneer het hart samentrekt en bloed uit het hart stuwt, is systolisch (bovendruk). De druk die wordt gemeten wanneer het hart uitzet door het bloed dat terugstroomt naar het hart wordt de diastolische bloeddruk (onderdruk) genoemd. TOPCOM BPM Arm 5100 3.4 Bloeddrukschommeling De bloeddruk schommelt voortdurend! U hoeft zich nog niet ongerust te maken als u twee of drie keer een hoge bloeddruk meet. De bloeddruk verandert in de loop van de maand en zelfs in de loop van de dag, afhankelijk van de omstandigheden (gemoedsgesteldheid, temperatuur enz.). 4 • • Batterijen plaatsen Open het batterijvak door het afdekplaatje weg te schuiven. Plaats 4 niet-oplaadbare AA-batterijen. Let op de in het batterijvak aangeduide polariteit. Sluit de batterijen niet kort en gooi ze nooit in het vuur. Verwijder de batterij als u het toestel langere tijd niet gebruikt. Als de batterijen bijna leeg zijn, dan verschijnt ‘ ’ op de display. Batterijen die bijna leeg zijn, moeten worden vervangen. 5 Toetsen 1 6 5 4 3 2 14 15 7 10. 11. 8 13 9 12 11 10 14 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 12. 13. 14. 15. Display START / STOP-toets GEHEUGEN-toets Aansluiting luchtslang Rubberen slang Armmanchet Datum Geheugenplaats Onregelmatige hartslagpictogram Hartslag Pictogram batterij bijna leeg Diastolische druk WHO classificatieindicatie Systolische druk Tijd TOPCOM BPM Arm 5100 De manchet aanbrengen 1. Verwijder horloges, juwelen enz. vooraleer u de manchet bevestigt. Rol uw mouwen op. 2. Druk met twee vingers op de slagader aan de binnenkant van uw linkerarm ongeveer 2,5 cm boven uw elleboog om vast te stellen waar uw hartslag het sterkst is. FP NEDERLANDS 6 3. Schuif het uiteinde van de manchet dat zich het verst van de luchtslang bevindt, door de metalen ring en maak een lus. Het zachte stof moet aan de binnenkant van de manchet zitten. De klittenband moet zich aan de buitenkant van de manchet bevinden. 4. Steek uw linkerarm door de lus van de manchet. De onderkant van de manchet moet zich ongeveer 1,5 cm boven de elleboog bevinden. De luchtslang van de manchet moet over de slagader aan de binnenkant van de arm liggen. 5. Trek aan de manchet tot de bovenen onderrand strak tegen uw arm liggen. 6. Als de manchet in de juiste positie ligt, maakt u het klittenband stevig vast. De metalen ring mag uw huid niet raken. 7. Ontspan heel uw lichaam, vooral het gebied tussen uw elleboog en vingers. Plaats uw elleboog op een tafel zodat de manchet zich op dezelfde hoogte bevindt als uw hart. Leun niet achterover tijdens de metingen. 15 TOPCOM BPM Arm 5100 7 7.1 • • • • • • • • • • • 7.2 Meting Belangrijke tips Deze meter schakelt automatisch uit wanneer er gedurende 2 minuten geen toets wordt ingedrukt. Om de meting te onderbreken, drukt u op een willekeurige toets. De polsband zal onmiddellijk leeglopen nadat op een toets is gedrukt. Meet uw bloeddruk niet onmiddellijk nadat u uitgebreid hebt gegeten. Om nauwkeurige resultaten te verkrijgen, wacht u het best één uur alvorens te meten. Rook niet of drink geen alcohol voordat u uw bloeddruk meet. Tijdens een meting mag u niet lichamelijk moe of uitgeput zijn. Het is belangrijk dat u zich tijdens de meting ontspant. Probeer 15 minuten te rusten voordat u uw bloeddruk neemt. Meet uw bloeddruk niet als u gestrest of gespannen bent. Meet uw bloeddruk bij een normale lichaamstemperatuur. Als u het koud of warm hebt, wacht u beter een tijdje alvorens uw bloeddruk te meten. Als de meter op een erg koude plaats wordt bewaard (dichtbij vriestemperatuur), zet hem dan gedurende minstens één uur in een warme ruimte vooraleer hem te gebruiken. Wacht ongeveer 5 minuten vooraleer u opnieuw uw bloeddruk meet. Praat niet tijdens de meting en beweeg ook uw arm- of handspieren niet. Procedure • Druk op de START/STOP-toets om het toestel te activeren. Alle segmenten worden weergegeven. • Als de actuele geheugenzone weergegeven wordt (U1-3), drukt u op de GEHEUGEN-toets M om de gewenste geheugenzone te selecteren. • Als er gedurende 5 seconden geen toets wordt ingedrukt, dan start de meting automatisch. • Op de display verschijnt het laatste meetresultaat voordat de manchet wordt opgepompt tot het niveau dat goed is voor u. • Als het juiste niveau bereikt is, loopt de manchet automatisch leeg. De meter zal de manchet automatisch verder oppompen tot ongeveer 220 mmHg als het systeem detecteert dat uw lichaam meer druk nodig heeft om uw bloeddruk te meten. • Als de meting voltooid is, verschijnen de systolische en diastolische druk en de hartslag tegelijkertijd op het lcdscherm. • De cassificatie-indicator voor de bloeddruk verschijnt. • Bij een onregelmatige hartslag verschijnt ‘ ’. • Wanneer tijdens de meting een fout wordt vastgesteld, verschijnt het Error-symbool ‘EE’ op de display. 16 TOPCOM BPM Arm 5100 Geheugen De BPM Arm 5100 WHO heeft 3 geheugenzones. In elke zone kunnen tot 40 metingen, inclusief datum en tijd, worden opgeslagen. Het resultaat wordt automatisch opgeslagen in de geselecteerde geheugenzone na de meting. Selecteer voor de meting de gewenste geheugenzone nadat u op de START/STOP-toets gedrukt hebt. Meetresultaten oproepen: Als de klok wordt weergegeven. • • • • • Druk op de GEHEUGEN-toets M om de geheugenmodus te selecteren. Druk op de START/STOP-toets om de gewenste geheugenzone te selecteren. Druk op de GEHEUGEN-toets M om het laatste meetresultaat op te roepen. Druk meerdere keren op de GEHEUGEN-toets M om vroegere meetresultaten op te roepen. Nadat de oudste meting op het scherm getoond is, schakelt het toestel weer over op de normale tijd. Alle meetresultaten in een geheugenzone wissen: • • • • Druk op de GEHEUGEN-toets M om de geheugenmodus te selecteren. Druk op de START/STOP-toets om de gewenste geheugenzone te selecteren. Druk op de GEHEUGEN-toets om het laatste meetresultaat op te roepen. Houd de GEHEUGEN-toets 3 seconden ingedrukt M om alle records van de geselecteerde geheugenzone te wissen. Als de batterijen verwijderd worden, dan wordt het geheugen niet gewist. 17 NEDERLANDS 8 TOPCOM BPM Arm 5100 8.1 Datum en tijd instellen De datum en de tijd instellen: • • • • • 9 Druk de START/STOP en GEHEUGEN-toets tegelijkertijd in. De maand knippert op de display. Druk meermaals op de GEHEUGEN-toets M om de maand te wijzigen. Druk op de START/STOP-toets om de maand te bevestigen. De dag knippert op de display. Wijzig de dag, de uren en minuten zoals hierboven beschreven, gebruik hiervoor de GEHEUGEN-toets M om de waarden te wijzigen en de START/STOP-toets om elke instelling te bevestigen. Wanneer u de minuten hebt ingesteld, is het toestel klaar voor gebruik. Netadapter (optioneel) De BPM Arm 5100 WHO kan werken op batterijen of op een optionele netadapter. De netadapter kan gekocht worden via de Topcom website - http://shop.topcom.net/ • • Steek de stekker van de wisselstroomadapter in de aansluiting van de wisselstroomadapter aan de rechterkant van het toestel. Steek de wisselstroomadapter in het stopcontact. Gebruik alleen de optionele adapter. 18 TOPCOM BPM Arm 5100 10 Technische specificaties Bereik Nauwkeurigheid Voeding Automatisch uitschakelen Bedrijfstemperatuur Bedrijfsvochtigheid Opslagtemperatuur Luchtvochtigheid bij opslag Gewicht (zonder batterijen) Buitenafmetingen Afmetingen manchet Leeftijdsbeperkingen Classificatie KD-5903 Oscillometrisch Automatisch met pomp 3 geheugenzones met elk 40 geheugenplaatsen met datum en tijd Druk: 0 ~ 300 mmHg Hartslag: 30 ~ 180 slagen/minuut Druk: binnen ± 3 mmHg Hartslag: binnen ± 5 % van meetresultaat 4 AA alkalinebatterijen (3 V) 1 minuut nadat voor het laatst een toets ingedrukt is + 5 °C tot + 40 °C < 85% RV - 20 °C tot + 55 °C < 95% RV Ongeveer 300 g (zonder batterijen) 91 (L) x 72 (B) x 29 (H) mm 520 mm x 140 mm Ouder dan 18 jaar • • • • • • NEDERLANDS Modelnr. Meting Oppompen Geheugencapaciteit Toestel met interne voeding Klasse II Classificatie type BF IPX0 Niet geschikt voor gebruik in de nabijheid van ontvlambare anesthetische mengsels met lucht of met zuurstof of lachgas. Continu bedrijf met korte belastingcyclus *Productspecificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Het CE-symbool bevestigt dat het toestel voldoet aan de basiseisen van de richtlijn 93/42/EEC. 11 Het toestel verwijderen Na afloop van de levenscyclus van het product mag u het niet met het normale huishoudelijke afval weggooien, maar moet u het naar een inzamelpunt brengen voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Dit wordt aangeduid door het symbool op het product, in de handleiding en/of op de verpakking. 19 TOPCOM BPM Arm 5100 Sommige materialen waaruit het product is vervaardigd, kunnen worden hergebruikt als u ze naar een inzamelpunt brengt. Door onderdelen of grondstoffen van gebruikte producten te hergebruiken, levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van het milieu. Wend u tot de plaatselijke overheid voor meer informatie over de inzamelpunten bij u in de buurt. 12 Topcom-garantie 12.1 Garantietermijn De Topcom-toestellen hebben een garantietermijn van 24 maanden. De garantietermijn gaat in op de dag waarop het nieuwe toestel wordt aangeschaft. Topcom geeft geen garantie op standaard of oplaadbare batterijen (type AA/AAA). Verbruiksartikelen en defecten die een verwaarloosbaar effect hebben op de werking of waarde van het toestel worden niet gedekt door de garantie. De garantie moet worden bewezen door het kunnen voorleggen van de originele aankoopbon of een kopie daarvan waarop de aankoopdatum en het toestelmodel staan aangegeven. 12.2 Afwikkeling van garantieclaims Een defect toestel moet worden geretourneerd aan het onderhoudscentrum van Topcom, samen met een geldige aankoopbon. Als het toestel defect raakt tijdens de garantietermijn, zal Topcom of een van haar officieel aangewezen servicecentra defecten ingevolge materiaal- of fabricagefouten kosteloos repareren. Topcom zal naar eigen inzicht voldoen aan haar garantieverplichtingen door defecte toestellen, of onderdelen ervan, te repareren dan wel te vervangen. In het geval van vervanging kunnen de kleur en het model verschillend zijn van het oorspronkelijk aangeschafte toestel. De oorspronkelijke aankoopdatum bepaalt wanneer de garantietermijn ingaat. De garantietermijn wordt niet verlengd als het toestel wordt vervangen of gerepareerd door Topcom of een van haar aangewezen servicecentra. 12.3 Garantiebeperkingen Schade of defecten als gevolg van een onjuiste behandeling of onjuist gebruik en schade als gevolg van het gebruik van niet-originele onderdelen of accessoires die niet worden aanbevolen door Topcom, vallen buiten de garantie. De draadloze telefoons van Topcom zijn uitsluitend geschikt voor gebruik met oplaadbare batterijen. De schade door het gebruik van normale, niet-oplaadbare batterijen valt buiten de garantie. De garantie dekt geen schade te wijten aan externe factoren, zoals bliksem, water en brand, noch enige tijdens transport veroorzaakte schade. Er kan geen aanspraak worden gemaakt op garantie als het serienummer op de toestellen is veranderd, verwijderd of onleesbaar gemaakt. Alle garantieclaims zullen ongeldig worden wanneer de eenheid is gerepareerd, veranderd of aangepast door de koper of onbevoegde, niet officieel door Topcom erkende onderhoudscentra. 20
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160

Topcom 5100 WHO Handleiding

Categorie
Bloeddruk eenheden
Type
Handleiding