Zanussi ZCG6600W Handleiding

Type
Handleiding
51
Waarschuwingen - Gasfornuis
DEZE WAARSCHUWINGEN ZIJN OPGESTELD VOOR UW VEILIGHEID EN DE VEILIGHEID VAN DERDEN. WIJ
VERZOEKEN U DEZE AANDACHTIG TE LEZEN VOORALEER HET APPARAAT TE INSTALLEREN EN TE
GEBRUIKEN.
Installatie
! De installatie moet gedaan worden door bevoegde en
gekwalificeerde installateurs, volgens de normen van
kracht.
! Elke eventuele modificatie aan de electrische
huisopstelling die nodig mocht zijn om de apparatuur
te kunnen installeren, mag enkel gedaan worden door
bevoegd personeel.
! Het is gevaarlijk om de kenmerken van deze apparatuur
te veranderen of te willen veranderen.
! In geval van twijfel, vraag raad aan de installateur.
! Vermijd de installatie van het gasfornuis in de nabijheid
van ontvlambare materialen (bvb. gordijnen, grof linnen
ecc. ...).
! Het apparaat moet op de vloer worden geplaatst;
hetmag niet op een voetstuk worden gezet.
Veiligheid van kinderen
! Deze apparatuur is ontworpen om gebruikt te worden
door volwassenen. Opgelet dat de kinderen zich niet
naderen met de bedoeling om er te spelen.
! Dit apparaat mag niet gebruikt worden door kinderen of
andere personen wiens lichamelijke, motorische of
geestelijke gesteldheid of gebrek aan ervaring en
kennis die daardoor het apparaat niet kunnen gebruiken
zonder supervisie of instructies van een verantwoordelijk
persoon om zeker te zijn van dat het apparaat veilig kan
worden gebruikt.
! Let op de kinderen geheel gedurende het gebruik dat
ze de oppervlakken niet aanraken en dat ze niet dicht
bij de apparatuur staan tijdens het gebruik of tijdens het
afkoelen.
Tijdens het gebruik
! Onstabiele of vervormde kookpannen mogen niet op de
gaspitten of op de platen gezet worden om ongelukken
van omslaan of overlopen te voorkomen.
! Bewaak aandachtig het koken met olien en vetten.
! De apparatuur blijft lang warm na het afzetten.
! Indien de apparatuur uitgerust is met een deksel, is
diens functie om het fornuis te beschermen tegen het
stof wanneer het gesloten is, en om de vetspatten op te
vangen wanneer het open is.
! Gebruik het niet voor andere doeleinden.
! Maak het deksel steeds schoon vooraleer het te sluiten
of weg te nemen en laat de gaspitten en/of de platen
afkoelen vooraleer het deksel te sluiten.
! Dit toestel is niet aangesloten op een afvoerkanaal voor
verbrandingsgassen.Het moet geplaatst en
aangesloten worden in overeenstemming met de
geldendevoorschriften. Bijzondere aandacht moet
worden gegeven aan die punten diebetrekking hebben
op de ventilatie.
! Door het gebruik van een kooktoestel op gas wordt et
warmte en vochtigheid geproduceerd in het lokaal waar
het toestel is opgesteld. Waak erover dat de keuken
goed verlucht wordt waarbij u de natuurlijke verluchting
openlaat of een mechanische voorziening aanbrengt
(mechanische dampkap).
! Een langduring en intensief gebruik van het toestel kan
een bijkomende verluchting vereisen, bijv. door het
openen van een raam, of een efficiëntere verluchting ,
bijv. door het vermogen van de mechanische ventilatie
te verhogen, als deze aanwezing is.
! Tijdens het gebruik wordt het toestel heet. Wees
voorzichtig om aanraking van de verwarmingselementen
binnenin de oven te voorkomen.
! Op het moment van het openen van de ovendeur,
gedurende de bereidingsfase of aan het einde
hiervan, oppassen met de hete lucht die uit de
oven komt.
!!
!!
!
Controleer steeds dat de bedieningstoetsen in de
positie «
» of « » staan, wanneer de apparatuur
niet in functie is.
! Plaats steeds de druippan wanneer U de gril gebruikt of
wanneer U het vlees op het grilrooster legt.
! Giet een beetje water in de druippan om het aanbranden
van de vetten te voorkomen, en zo slechte geuren te
vermijden.
! Gebruik steeds keukenhandschoenen om de gerechten
uit de oven te nemen.
! De accessoires worden, vooraleer ze voor de eerste
keer te gebruiken, schoongemaakt.
! Opgepast wanneer U schoonmaakproducten gebruikt
in spray : richt nooit de spray op de weerstand en de
thermostatische bol.
! Indien, gedurende het inzetten of uitnemen van
gerechten uit de oven, er aanzienlijke hoeveelheden olie,
saus, ecc. achteraan in de oven moesten vallen, maak
dan eerst schoon vooraleer het koken te beginnen om
onaangename rook en ook mogelijk branden van deze
stoffen te voorkomen.
! Verzeker U ervan dat er een luchtcirculatie rond de
apparatuur is.
! Een schaarse ventilatie brengt een gebrek aan zuurstof
voort.
! Om hygienische- en veiligheidsredenen moet deze
apparatuur altijd proper gehouden worden.
! Gebruik nooit ruwe schuurmiddelen of een scherpe
metalen krabber om het glas van de ovendeur schoon
te maken omdat deze krassen in het oppervlak en
daarmee barsten in het glas kunnen veroorzaken.
! Dit apparaat mag niet worden schoongemaakt met
stoom of met een stoomreiniger.
! Vormingen van vetten of andere spijzen kunnen branden
veroorzaken.
! Dit product is gemaakt voor het koken van eetwaren en
mag niet gebruikt worden voor andere doeleinden.
! Voed de apparatuur met het type gas dat vermeld staat
op het kleefetiket, geplaatst nabij de tube van de
aansluiting van het gas.
! De ovenwanden niet bekleden met alluminiumfolie,
vooral niet de achterste wand.
! De apparatuur is zwaar, verzet haar met voorzichtigheid.
! Voor het onderhoud of de schoonmaak eerst de
apparatuur uitschakelen en laten afkoelen.
NEDERLANDS
52
Inhoud
Algemene Waarschuwingen en
adviezen
Aanwijzingen voor de
Installateur
Waarschuwingen - Gasfornuis 47
Bedienigspaneel 49
Kookvlak 50
Gasoven 52
Het gebruik van de oven voor de eerste keer 53
Tips voor het gebruik van de gasbranders 54
Enkele tips bij het gebruik van de oven 55
Kook-en Baktabel 57
Onderhoud 58
Wan te doen indien 60
Service en onderdelen 60
Over deze gebruiksanwijzing
Oderstaande symbolen vindt u in de tekst en hebben
de voldende betekenis:
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid
Aanwijzingen m.b.t. het gebruik
Adviezen en tips
Informatie m.b.t. het milieu
"
Deze instructies gelden enkel voor de landen waarvan
het identificatiesymbool is aangebracht op het titelblad
van het instructieboekje en het apparaat zelf.
Het is heel belangrijk dat dit instructieboekje, voor
eender welke toekomstige raadpleging, samen met de
apparatuur bewaard wordt. Indien de apparatuur
verkocht moest worden, of overgedragen aan een
andere persoon, verzeker U ervan, dat het boekje
samen geleverd wordt, zodat de nieuwe gebruiker op
de hoogte kan gesteld worden van het functioneren
van het apparaat en van de relatieve
waarschuwingen.
Dit Toestel voldoet aan de EEG-richtlijn:
2006/95 (lage spanning);
89/336 (elektromagnetische vereinigbaarheid);
90/396 (gasapparaat);
93/68 (algemene richtlijn);
en de daarop volgende wijzigingen.
Service
! Voor eventuele tussenkomst richt U zich tot een
geautoriseerde Technisch Hulpdienst om originele
wisselstukken te bekomen.
Informatie m.b.t. het milieu
! Houd bij het weggooien van de verpakking rekening
met de veiligheid en het milieu.
! Als u een oud apparaat afdankt, maak het dan
onbruikbaar door het aansluitsnoer af te snijden.
Het symbool
op het product of op de verpakking
wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag
worden behandeld. Het moet echter naar een plaats
worden gebracht waar elektrische en elektronische
apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit
product op de correcte manier wordt verwijderd, voorkomt
u mogelijk voor mens en milieu negatieve gevolgen die
zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde
afvalbehandeling. Voor meer details in verband met het
recyclen van dit product, neemt u het best contact op
met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst
belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel
waar u het product hebt gekocht.
Technische Gegevens 61
Instructies voor de installateur 62
Elektrische Aaansluiting 66
! Om de ontsteking te vergemakkelijken, steek eerst de
gaspit aan vooraleer de kookpan op het rooster te
zetten. Na de gaspitten aangestoken te hebben,
controleer of de vlam regelmatig is.
! Verlaag steeds de vlam of ontdoof ze, vooraleer de
kookpannen weg te nemen.
! Verzeker U ervan of de roosters van het fornuis juist
geplaatst worden.
! Enkel vuurvaste borden mogen in de schuif onder de
oven geplaatst worden. Er geen ontvlambare stoffen
inzetten.
53
7654321
1. Ontstekingsknop
2. Oven lamp schakelaar
3. Bedieningsknop de brander/ zone linksachter (Normaalbrander)
4. Bedieningsknop de brander/ zone linksvoor (Sterkbrander)
5. Bedieningsknop de brander/ zone rechtsvoor (Kleinbrander)
6. Bedieningsknop de brander/ zone rechtsachter (Normaalbrander)
7. Oven/grill bedieningsknop
Bedienigspaneel
Bodem
Onderdelen
Bakplaat
Vangschaal
Rooster
Ovenruimte
Grill-element
Verlichtingslampje
54
Kookvlak
Bedieningsknoppen van het
kookvlak
Op het bedieningspaneel bevinden zich drukknoppen om
de gasbranders van het kookvlak te bedienen.
De regelknoppen voor de gasbranders kunnen in
tegenwijzerzin worden gedraaid tot een symbool dat een
kleine vlam voorstelt en omgekeerd ook in wijzerzin.
er komt geen gas wrij
er komt een maximale hoeveelheid gas vrij
er komt een minimale hoeveelheid gas vrij
Aansteken van de branders
op het kookvlak
! Duwt u eerst op de ontstekingsknop ( ) aangeduid
met het vonkje, en duwt nadien de overeenstemmende
knop volledig in en draait hem n tegenwijzerzin op de
maximale stand. Door op de ontstekingsknop te
drukken, komt er een vonkje vrij die de brander doet
ontvlammen. Indien na verschillende pogingen de
brander niet ontvlamt, kijkt u best even na of de
vlamverdeler en de kop van de brander goed op hun
plaats zitten.
! Wanneer de brander ontvlamd is, stelt u de vlammen
af naar wens.
! Indien na verschillende pogingen de brander niet
ontvlamt, kijkt u best even na of de vlamverdeler en
de kop van de brander goed op hun plaats zitten.
! Om de gastoevoer te stoppen draait u de knop in
wijzerzin op de stand “ ! “.
Wanneer u bij het koken vetten of olie
gebruikt moet u steeds goed toekijken, want
deze vetstoffen kunnen bij opwarming vuur
vatten.
""
""
"
A - Branderdeksel
B - Vlamverdeler
C - Vonkontsteking
Type brander Min. Max.
afmeting afmeting
Sterk 180 mm. 260 mm.
Normaal 120 mm. 220 mm.
Klein 80 mm. 160 mm.
Tabel van de minimale en maximale diametersvan de
pannen.
FO 0204
55
Over Kookpotten en pannen
Denk er steeds aan dat een brede, grote pan een grote
warmteoppervlakte heeft en de ingrediënten dus sneller
koken dan een in een smallere, kleinere pan.
Gebruik dus steeds pannen die aangepast zijn aan wat
u klaarmaakt. Let in het bijzonder goed op dat de pannen
niet te klein zijn voor vloeistoffen die makkelijk kunnen
overkoken of dan weer niet te groot zijn voor ingrediënten
die snel klaar moeten zijn. Op een bodem die niet met
vet of braadjus bedekt blijft kunnen de ingrediënten
makkelijk aanbranden.
Voor taarten en gebak gebruikt u best vormen in staal
die niet opengaan. Een vorm die opengaat laat
vruchtenjus en suiker door die wanneer ze op de bodem
van de oven vallen, karameliseren en moeilijk te
verwijderen zijn. Vermijd ood pannen met plastic
handgrepen in de oven te zetten; ze zouden immers de
hitte niet kunnen weerstaan.
Om het maximale rendement uit de branders te halen
en dus ook gas te besparen, raden we u aan pannen te
gebruiken waarvan de diameter gelijk is of groter dan de
gebruikte brander.
We raden u ook aan de pannen waarin u iets kookt af te
dekken en wanneer het aan de kook komt, de vlam te
verminderen zodat alles rustig verder kookt.
56
Gasoven
De ovenbrander aansteken
1. Open de deur van de oven.
2. Druk de elektrische ontstekingsknop in - dat is de
knop met het vonkje (
).
3. Druk tegelijkertijd de bedieningsknop van de oven in
en draai deze tegen de wijzers van de klok in totdat
de maximumtemperatuur (“240 “) is bereikt.
De ovenbrander ontsteekt automatisch. U kunt de
vlam controleren door de gaten in de bodem van oven.
4. Houd wanneer de ovenbrander is aangestoken de
bedieningsknop van de oven nog ca. 10 -15 seconden
ingedrukt .
5. Laat de bedieningsknop los en doe de deur van de
oven voorzichtig dicht. Voor het aanpassen van de
temperatuur de knop na enkele minuten naar de
gewenste instelling draaien.
Indien de ovenbrander per ongeluk uitgaat,
of niet aangaat, draai de ovenknop dan naar
!!
!!
!” en wacht tenminste één minuut alvo-
rens te proberen de brander nogmaals aan
te steken.
Om elke oververhitting tijdens het gebruik
van de oven of de grill te vermijden, laat u
steeds het deksel van het fornuis openstaan.
Bedieningsknop oven
! Oven uitgeschakeld
150-240150-240
150-240150-240
150-240 Temperatuurbereik instellen voor gasoven.
Grill - Wanneer u deze bereidingsfunctie
kiest, komt de warmte alleen van het bo-
venste element.
Schakelaar van de ovenlamp
Hierme kan u de lamp van de ovenverlichting aan - en
uitzetten.
Veiligheidsmechanisme van de
oven
Het apparaat bevat een thermokoppel: wanneer de vlam
om een of andere reden uitgaat, sluit het apparaat de
gastoevoer af.
57
Het gebruik van de oven voor de
eerste keer
gat voor handmatige ontsteking
Handmatige ontsteking (wanneer er geen elektri-
sche stroom is)
1. Open de deur van de oven.
2. Houd een vlam bij het gat in de bodem van de
ovenruimte, zoals afgebeeld in de figuur.
3. Druk de knop voor elektrische ontsteking in - dit is
de knop met een vonkje erop (
).
4. Druk tegelijkertijd de controleknop van de oven in en
draai deze tegen de wijzers van de klok in totdat de
maximumtemperatuur (“240 “) is bereikt.
De ovenbrander ontsteekt automatisch. U kunt de
vlam controleren door de gaten in de bodem van oven.
5. Houd wanneer de brander aan is de controleknop
van de oven ca. 10 -15 seconden vast .
6. Laat de controleknop los en doe de ovendeur
voorzichtig dicht. Voor het aanpassen van de
temperatuur de knop na enkele minuten naar de
gewenste instelling draaien.
Indien de ovenbrander per ongeluk uitgaat,
of niet aangaat, draai de ovenknop dan naar
!!
!!
!” en wacht tenminste één minuut alvo-
rens te proberen de brander nogmaals aan
te steken.
Verwijder alvorens het apparaat te gebruiken alle
verpakking, zowel in als buiten het apparaat,
ook de reclamelabels en beschermende films.
Alvorens de oven voor het eerst in gebruik te nemen,
dient hij zonder gerechten te worden verwarmd. Er kan
tijdens dit verwarmen een onaangename geur vrijkomen.
Dit is normaal.
1. Steek de gasovenbrander aan en stel de controleknop
van de gasoven in op “240 “.
2. Open een raam voor ventilatie.
3. Laat de oven gedurende ca. 45 minuten leeg
branden.
Deze procedure moet gedurende ca. 5 - 10 minuten
worden herhaald met de grill-functie
.
Reinig de oven niet wanneer deze nog warm is.
Was de ovenaccessoires goed af alvorens de
oven voor het eerst te gebruiken.
58
Tips voor het gebruik van de gasbranders
Indien u pannen met een dunne bodem gebruikt, is het
nodig de inhoud vaak (om) te roeren. Een dikkere bodem
vermindert het risico op lokaal aanbranden omdat op de
bodem een voldoende thermische compensatie
ontstaat.
We raden u aan pannen te gebruiken met een gepaste
grootte. Brede en lage pannen zijn geschikter dan
smalle en hoge pannen want ze zorgen voor een snelle
opwarming.
Men versnelt het koken niet door kleine pannetjes op een
grotere brander te zetten. Men verspilt er enkel gas door.
U gebruikt de branders op de juiste manier wanneer u
kleine pannen op de kleine brander zet en grote op de
grote brander. Met een gesloten, afgedekte pan vermijdt
u ook de verspilling van warmte.
Begin het koken steeds met een volledige vlam door de
regelknop op
te zetten. Stel nadien de vlammen in
naar wens.
De vlam is aan de buitenzijde veel warmer dan binnenin
(de kern). Daarom moeten de punten van de vlammen
de bodem van de pan aanraken. De vlammen die buiten
de oppervlakte van de pan komen zijn een verspilling van
gas en energie. In tegenstelling tot elektrische
kookvlakken is het onnodig dat de pannen een vlakke
bodem hebben. Pannen met een dunne wand zullen de
warmte dan weer sneller doorgeven naar de inhoud dan
pannen met een dikkere wand. En omdat warmte niet
gelijkmatig over de bodem wordt verspreid kunnen de
ingrediënten lokaal oververhit geraken.
59
Opgelet: de kans bestaat, dat bij onzorgvuldig
gebruik van de ovendeur vingers beklemd
raken.
Gebruik de oven met de deur gesloten.
Let goed op bij het openen van de naar
beneden openslaande ovendeur. Laat deze
niet openvallen - ondersteun de deur met de
handgreep totdat deze helemaal open is.
De oven heeft vier bakplaatstanden en wordt geleverd
met één bakplaat.
De bakplaatstanden worden geteld vanaf de bodem
van de oven, zoals de figuur laat zien.
Het is belangrijk dat de bakplaat goed geplaatst
wordt.
Plaats geen kookwaren direct op de bodem
van de oven.
Condensatie en stoom
Deze oven is voorzien van een exclusief
bereidingssysteem dat een natuurlijke luchtcirculatie
genereert met voortdurend hergebruik van de
bereidingsstoom. Dit maakt het mogelijk om etenswaren
te bereiden in een omgeving met een constante
vochtigheidsgraad, terwijl de levensmiddelen van binnen
zacht en van buiten krokant blijven. Bovendien worden
de bereidingstijden en het energieverbruik tot een mini-
mum beperkt. Gedurende de bereiding kan er stoom
ontstaan, die bij het openen van de deur naar buiten komt.
Dit verschijnsel is helemaal natuurlijk.
Op het moment van het openen van de
ovendeur, gedurende de bereidingsfase of aan
het einde hiervan, oppassen met de hete lucht
die uit de oven komt.
Zodra voedsel wordt verwarmd onstaat er stoom
die in contact komt met het glas van de ovendeur
en vervolgens waterdruppels op het glas vormt.
Dit is normaal en wordt niet door een fout in de
oven veroorzaakt. Om condensatie te
verminderen, de lege oven altijd 10 minuten
voorverwarmen. We adviseren deze druppels
na ieder gebruik te verwijderen.
Enkele tips bij het gebruik van de oven
4
3
2
1
60
Traditionele bakwijze
Gezien de warmte van het plafond en de bodem komt, is
het aangewezen om de shcotels in het midden van de
oven te plaatsen. Naargelang voor het bakken meer
warmte boven of beneden nodig is, plaatst u de schotel
op een hoger of een lager niveau.
Tips bij het gebruik van de
traditionele oven
Het bakken van taarten
De oven minstens 10 minuten vóór her gebruik
voorverwarmen, behalve indien het gerecht het anders
vereist.
Open de ovendeur niet wanneer u gerechten klaarmaakt
die moeten rijzen (by, gistdeeg, soufflés…) De aanvoer
van koudere lucht zou het gistingsproces stoppen.
Om de evolutie von het bakken van de taart te
controleren, steekt u een tandenstoker in het deeg.
Indien hij er droog uitkomt is de taart voldoende
gebakken.
Wacht om dit te doen tot minstens 3/4 van de voorziene,
voorgeschreven baktijd is verstreken.
Houd er over het algemeen ook rekening mee dat:
een gerecht dat aan de buitenkant voldoende gebakken
is maar onvoldoende binnenin, een langere baktijd
noding had maar wel aan een lagere temperatuur.
En omgekeerd zal een droog gerecht een kortere baktijd
nodig hebben maar wel aan een hogere temperatuur.
Het braden en bakken van vlees
Vlees dat u in de oven wil braden moet minstens 1 kg
wegen. Zo vermijdt u dat het te droog wordt. Indien u
gebraad wenst met een prachtig kleurtje, gebruik dan
weinig vetstoffen. Indien u mager vlees braadt, gebruik
dan wat olie en wat boter. Boter of olie zijn overbodig
indien het vlees bovenop een stukje zwoerd of vet heeft.
Indien het gebraad dat stukje vet op de zijkant heeft,
legt u beter die kant naar boven zodat wanneer het vet
smelt het nodige vet over het lagere deel zal verspreiden.
Rood vlees neemt u beter 1 uur vóór het braden uit de
koelkast, zo niet zal het bruuske temperatuurverschil het
vlees taaier maken. Gebraad, zeker rood vlees, moet
niet gezouten worden bij de aanvang van het braden
omdat het zout het vocht en het bloed uit het vlees zou
halen en het vlees dus zal verhinderen een smakelijk
braadkleurtje te krijgen.
We raden u aan het gebraad te zouten buiten de oven,
even na verloop van de helft van da baktijd.
Leg gebraad steeds in een schotel met een lage rand.
Een schotel met een hoge rand legt een scherm rond
het vlees en verhindert de goede verspreiding en
verdeling van de warmte.
Vlees kan gebakken worden in ovenvaste schotels of
rechtstreeks op het rooster waaronder u de vetvanger
plaatst. De ingrediënten van het braadvocht voegt u enkel
onmiddellijk aan de schotel wanneer de baktijd kort is,
zo niet wacht u tot het laatste half uur van de baktijd.
Rood, bloedend vlees begint u te bakken met een con-
stante hitte om vorvolgens de temperatuur te
verminderen om het binnenste van het vlees te braden.
De temperatuur van het braden van wit vlees kan
gematigd blijven van het begin tot het einde.
Het verloop van het braden kan u nagaan door met een
vork op het vlees te drukken. Indien het vlees niet meteen
meegeeft is het licht doorbakken (à point).
Op het einde van het braden raden we u aan een kwartier
te wachten vooraleer het te versnijden. Zo verliest het niet
teveel vocht.
U kan de dienborden warm houden in de oven. U moet
die wel op de minimale temperatuur houden.
Het bakken van vis
Vis van kleine omvang bakt u van het begin tot het einde
aan een hoge temperatuur. Bij middelgrote vis begint u
met een hoge temperatuur om zo langzaam de
temperatuur te verminderen. Grote vis bakt u van het
begin tot het einde aan een gematigde temperatuur.
U kan het verloop van het bakken controleren door
voorzichtig met een mes of een vork een stukje van de
buik op te heffen; het vlees moet gelijkmatig wit en
ondoorschijnend zijn. Dit geldt uiteraard niet voor zalm,
forel en gelijkaardige soorten.
Volg in elk geval steeds de aanwijzingen van de
recepten.
Bakken met de grill
Met de grill kan u vooral rood vlees stukken (maar niet te
groot) vlees van verschillende grootte bakken; gevogelte
snijdt u best in twee en drukt u plat en verder zijn ook
vis, bepaalde groenten (by, courgettes, aubergines,
tomaat, enz.), en vlees-, vis- of zeevruchtenbrochetten
geschikt voor de grill.
Vlees en vis voor de grill oliet u vooraf in en legt u op het
rooster; zout het vlees op het einde van het braden; vis
daarentegen zout u best aan de binnenkant vóór het
bakken; het rooster plaatst u naar wens zo dicht
mogelijk of zo ver mogelijk van het grillelement om het
bakken te doseren zodat het oppervlak niet verbrandt en
het binnenste gedeelte niet rauw blijft.
Giet telkens 1 of 2 glazen water op de vetvanger om
rookvorming te vermijden door het druppen van jus en vet
op de warme plaat.
U kan de grill ook gebruiken om te gratineren, brood te
toasten of knapperig te maken en bepaalde vruchten
zoals bananen, halve pompelmoezen, stukken ananas,
appels, enz. te grillen. Dit fruit mag u echter niet te dicht
bij het grillelement plaatsen.
De baktijd
De baktijden varieren uitraard naargelang de
ingrediënten, hun homogeniteit en hun omvang. We
raden u aan de eerste baksels goed te observeren en de
resultaten ervan te noteren. Op basis van deze gegevens
kunt u deze of andere gerechten (opnieux) klaarmarken.
We geven in de volgende tabel enkele richtinggevende
baktijden en temperaturen voor de oven en de grill.
Um eigen ervaring zal u vervolgens toelaten ev. variaties
op de aangegeven waarden aan te brengen.
Veel succes en veel kookgenot!
61
Kook-en Baktabel
Niveau*
Type gerecht
Gasfornuis
Taarten in bakvormen met deeg op basis van geklopt eiwit
Gemarmerd deeg 175 2 60-70
Driekoningenbrood 175 3 60-70
Aardappeltaart 175 3 35-40
Kruimeldeeg
Basisvorm voor garnering 200 3 15-20
Ricotta-taart 200 2 35-40
Confituurtaart 200 2 35-40
Taarten in bakvorm met gistdeeg
Brioche 200 2 35-40
Gebakjes
Zanddeeg 170 3 10-15
Soezen 200 3 30-40
Schuimgebak 140 3 120
Lasagnes 225 2 40-50
Vlees (baktijd per cm. dikte)
Gebraad met lange baktijd 175 2 12-15
Gebraad met korte baktijd 200 2 10-12
Gehakballen 200 2 30-40
Gevogelte
Ente 1-1/2 - 2 kg 200 2 120-180
Gans 3 kg 200 2 150-210
Gebraden kip 200 2 60-90
Kalkoen 5 kg 175 2 240zirca
Wild
Haas 200 2 60-90
Bout van ree 200 2 90-150
Bout van hert 175 2 90-180
Groenten
Groententerrine 200 2 40-45
Vis
Harder 200 2 40-50
Pizza 240 2 20-25
Grill
Varkensrib 3 15-20
Worsten 3 20-25
Gebraden kip 2 60-70
Kalfsgebraad aan ‘t spit 0,6 kg 70-80
Kip aan ‘t spit 60-90
Gasoven
Baktijd in
minuten
*
De telling van het niveau vertrekt van het niveau helemaal onderaan (de bodem van de oven en de vetvanger niet
meegerekend).
Temperatuur
°C
De aangegeven bereidingstijden houden geen rekening met de voorverhitting.
De lege oven altijd 10 minuten voorverwarmen.
62
Onderhoud
Voor elk onderhoud schakelt U eerst het
apparaat uit.
Dit apparaat mag niet worden
schoongemaakt met stoom of met een
stoomreiniger.
De oven moet altijd schoon worden
gehouden. Een opeenhoping van vet of
andere voedselresten kan brand ten gevolge
hebben, in het bijzonder in de grillpan.
Onderhoud van het fornuis
De druppels saus, sap, fruitsap, ecc. moeten zo vlug
mogelijk verwijderd worden met een vochtig doek. Zo
niet, zouden ze op de lange duur het blinken van het
email doen verdwijnen.
Om lichte strepen te doen verdwijnen in het email,
gebruikt U een gewoon licht schuurmiddel in
poedervorm.
Gebruik geen staalwol of messen om incrustatie te
verwijderen.
Voor de dagelijkse schoonmaak gebruikt U water met
reinigingsmiddel of n van de talrijke producten in de
handel.
Was de geemailleerde roosters met water en
reinigingsmiddel; U kan ze ook in afwasmachine
plaatsen.
Verwijder het bovenste gedeelte van de gaspit en de
gasontstekers en was ze heel nauwkeurig met warm
water en reinigingsmiddel. Droog ze goed vooraleer ze
terug te plaatsen.
Verzeker U ervan dat ze bovendien juist op hun plaats
staan.
De gaspit kan gepoetst worden met staalwol of een licht
schuurmiddel in poedervorm.
De ovendeur wast U enkel met warm water en vermijdt
U het gebruik van ruwe doeken of schuurmiddelen.
Onderhoud van de oven
Na gebruik maakt U de oven heel nauwkeurig schoon
en dit wanneer hij nog een beetje warm is.
Inderdaad, op dat moment kan U gemakkelijk de vet- of
andere resten en het fruitsap verwijderen.
Gebruik warm water met reinigingsmiddel, ofwel een van
de sprays die in de handel verkrijgbaar zijn. Volg
hiervoor de aanwijzingen van de producent. Richt de
spray niet op de delen in glansstaal, U zou ze kunnen
beschadigen.
De accessoires van de oven maakt U met warm water
en reinigingsmiddel schoon.
Eventuele incrustaties verwijdert U met en licht
schuurmiddel in poedervorm.
Bedek nooit de ovenwanden of de
ovenbodem met aluminiumfolie om de
grasspatten op te vangen.
U zou een opeenstapeling van warmte
voortbrengen dat het resultaat van het
bereiden negatief beinvloedt en U zou het
email kunnen beschadigen.
Verscheidene controles
Controleer geregeld de status van behoud van de
flexibele tube van de gasverbinding en laat hem vervangen
door bevoegd personeel wanneer hij nauwelijks een
afwijking vertoond.
We raden een jaarlijkse vervanging aan.
Laat geregeld de kraantjes van de gasregeling smeren
door gekwalificeerd personeel. Als men eem afwijking
in het functioneren noteert, is het noodzakelijk de
keuken te laten controleren door gekwalificeerd
personeel.
63
Reiniging van de oven met
glazuuremailbekleding
Principe
De wanden van de oven gemaakt van glanzend, glad
glazuuremail. De reiniging gebeurt manueel.
Regelmatig onderhoud
Denk eraan om na iedere vleesbereiding de wanden van
de oven schoon te maken met een spons en een
reinigingsmiddelomeventuelevetspattenteverwijderen; op
die manier produceert de oven minder rook bij de volgende
bereidingen en blijft uw oven langer zuiver.
Overkookresten op de bodemplaat kunnen gemakkelqk
verwijderd worden door de bodemplaat uit de oven te
nemen.
Periodiek onderhoud
Gebruik speciaal hiervoor in de handel zijnde producten.
Vervangen van binnenverlichting
Als de ovenlamp moet worden vervangen, dan moet deze
voldoen aan de volgende eisen:
- Vermogen: 15 / 25 W,
- Voltage: 230 V (50 Hz),
- Hittebestendig tot 300°C,
- Soort verbinding: E14.
Deze lampen zijn verkrijgbaar bij Klantenservice.
Om de kapotte lamp te vervangen:
1. Zorg ervoor dat de oven is afgesloten van het lichtnet.
2. Draai de glazen beschermkap tegen de klok in los.
3. Verwijder de kapotte lamp en vervang deze door een
nieuwe.
4. Doe de glazen beschermkap terug op zijn plaats.
5. Sluit de oven weer aan op het lichtnet.
1
2
3
"
Schoonmaak van de ovendeur
Om de ovendeur volledig te kunnen schoonmaken, is het
aan te raden de deur te demonteren.
U gaat als volgt te werk:
1. open volledig de deur;
2. de twee hefboompjes van de ara van de scharnier
180° draaien (Fig. 1, 2);
3. de deur bijna dicht doen tot een hoek van ongeveer
30°, optillen en uit de voorkant halen (Fig. 3).
De deur terug installerendoor de hierboven beschreven
handelingen te volgen in tegenovergestelde volgorde.
Modellen van roestvrij staal of aluminium
Wij raden aan de ovendeur uitsluitend te reinigen met
behulp van een natte spons en deze daarna met een
zachte doek te drogen.
Gebruik nooit staalwol, zuren of schuurmiddelen, deze
kunnen het oppervlak van de oven beschadigen.
Dezelfde aanwijzigen gelden voor het schoonmaken van
het bedieningspaneel van de oven.
64
!!
!!
!
De gasaanvoer lijkt abnormaal:
!!
!!
!
Er is een gaslucht waarneembaar
!!
!!
!
De oven warmt niet op
!!
!!
!
Te lange kooktijden
!!
!!
!
Er komt rook uit de oven
!!
!!
!
Het ovenlicht werk niet
Vergewis u ervan of:
- de gaten van de vlamverdeler van de brander(s)
niet verstopt zitten;
- wanneer de gas uit een fles komt, de gasfles
niet leeg is;
- de drukregelaar werkt;
- de kraan van de gasfles volledig open staat.
Vergewis u ervan of:
- er geen kraan is blijven open staan
- de voedingsbuis goed gedlaatst werd en in goede
staat verkeert; denk eraan dat die minstens
éénmaal per jaar moet vervangen worden.
Zoek nooit naar een gaslek met een
brandende lucifer. gebruik schuim of
zeepwater.
Vergewis u ervan of de ovenknop wel degelijk aan
staat.
Controleer of de gekozen temperatuur
overeenstemt met de voeding/het gerecht dat u
klaarmaakt.
We raden u aan de oven te reinigen telkens u hem
gebruikt hebt.
Tijdens het braden van vlees vormen zich
vetspatten; wanneer deze niet verwijderd worden,
zullen ze rook en geuren veroorzaken tijdens
volgende bakbeurten. Zie daarover het stuk over
het schoonmaken van de oven.
Wellicht is het lampje zelf stuk. Hoe u het moet
vervangen, kijkt u na in de paragraaf daarover.
Indien na deze controles het fornuis nog steeds
niet werkt, wendt u zich best tot het
dichtstbijgelegen Servicecentrum en houd alle
gegevens over het toestel bij de hand: model en
identificatienummer.
Wan te doen indien
Indien het toestel niet naar behoren werkt, kijkt u, voordat u de Servicedienst belt, best de volgende punten na:
Om de goede werking en optimale veiligheid te
waarborgen is het noodzakelijk regelmatig de
gasregelkranen te smeren.
Dit onderhoud moet als volgt gebeuren:
neem de drukknoppen af en verwijder de plaat eronder
nadat u de schroef hebt losgedraaid.
Schroef beide schroeven aan de stang van de kraan los.
Verwijder de kegel en maak hem zorgvuldig schoon.
breng ten slotte een dunne laag onoplosbaar smeermiddel
met koolwaterstoffen geschikt voor gaskranen, aan.
Kijk erop toe dat een overdaad van smeermiddel de gaten
waardoor het gas wordt aangevoerd niet verstopt. Monteer
alles opnieuw zeer oplettend.
Service en onderdelen
Als de storing na deze verificatie blijft, wendt u zich dan
tot de ELECTROLUX SERVICE. Geef daarbij op om
welke storing het gaat, het modelnummer (Mod. No.) en
het productnummer (Ser. No.) die u op het typeplaatje
vindt.
65
Oven:
Grillbrander 1900 W
Ovenbrander 2700 W
Ovenverlichting 25 W
Aansluitwaarde oven 25 W
Lichtnetspanning (50 Hz) 230 V
Technische Gegevens
Afmetingen van de apparaten
Hoogte 850 mm
Breedte: 600 mm
Diepte 600 mm
Apparaat klasse 1 en klasse 2 sub-klasse 1
CATEGORIE: II2E+3+
In de fabriek getest apparaat om met het volgend soort
gas te werken: G20/G25 20/25 mbar
Maximale
calorisch debiet
Minimale
calorisch debiet
AARDGAS
LPG
Richtpunt
1/100
G20
20
mbar
G25
25
mbar
g/h
Richtpunt
1/100
G30 G31
m
3
/h
kW
kW
Normaalbrander
Kleinbrander
1
2
Aardgas
3
Gas LPG : 2,8
2,7
1,9
0,33
0,45
0,65
1,00
-
70
96
119
114
098
0,095
0,190
0,286
0,257
0,181
0,111
0,221
0,332
0,299
0,210
50
71
86
83
71
72,5
145
203
196
138
71,5
143
200
193
136
Sterkbrander
Oven
BRANDER
Inspuitstukken
Kookplaat
Brander/ zone linksachter (Normaalbrander) 2000 W
Brander/ zone linksvoor (Sterkbrander)
3000 W (Aardgas) - 2,8 W (LPG)
Brander/ zone rechtsachter (Normaalbrander) 2000 W
Brander/ zone rechtsvoor (Kleinbrander) 1000 W
Brander Ø By-pass
in 1/100
of mm.
Kleinbrander 28
Normaalbrander 32
Sterkbrander 40
Oven 52
Diameters van by-pass
Grill
66
Instructies voor de installateur
De volgende instructies relatief aan de installatie en het
regelen moeten uitgevoerd worden door gekwalificeerd
personeel. Het apparaat moet correct en conform met de
normen en de wetten van kracht, worden geinstalleerd.
Om het even welke tussenkomst moet worden
gedaan bij een uitgeschakeld apparaat.
De constructiefirma wijst elke
verantwoordelijkheid af voor eventuele schade
voortkomend uit een installatie die niet
conform is aan de geldende normen.
Plaats van installatie
Voor een goed functioneren van het apparaat, is het
noodzakelijk dat er in de kamer de nodige lucht voor de
gasverbranding kan toestromen op een natuurlijke wijze.
(De installateur moet de nationale normen van kracht
volgen.) De toevoer van lucht moet rechtstreeks vanuit
openingen komen die niet van binnen, noch van buiten,
verstopt mogen worden. De hierna volgende instructies
zijn bestemd voor de erkende installateur. De installatie
en onderhoud van het toestel moeten worden uitgevoetd
door een bevoegde installateur overeenkomstig de
geltende voorschriften en de regels van de kunst, met
name: NBND 51003. Voor de toestellen aangesloten op
het lichtnet: NBN normen. Wij kunnen geen
verantwoordelijkheid aanvaarden voor ongevallen of
incidenten veroorzaakt door een defecte of onbestaande
aarding.
Uitlaat van de
verbrandingsstoffen
De gasfornuizen moeten de verbrandingsstoffen uitlaten,
conform aan de nationale normen van kracht.
Plaatsing
Dit is een type X toetsel. Het werd ontworpen om te
plaatsen tussen twee meubelstukken waarvan de hoogte
die van de kookplat niet overschrijdt (EN 60 335-2-6).
Nivellering
Het fornuis is uitgerust met stelvoetjes die zich zowel voor
als achteraan de sokkel bevinden.
Het is mogelijk om de hoogte van het apparaat te stellen
met de stelvoetjes zodat de pannen met hun inhoud
waterpas staan.
Gasaansluiting
De gasaansluiting moet worden uitgevoerd in
overeenstemming met de nationaal geldende normen.
Het toestel werd vóór het de fabriek verliet, getest en
afgesteld voor het soort gas dat aangeduid staat op het
identificatieplaatje achteraan op het fornuis, naast de
aansluiting. Vergewis u ervan dat het gebruikte en
voorhanden zijnde gas overeenstemt met het soort gas op
het plaatie.
FO 0163
NEEN
ELEKTRISCHE
KABEL
SOEPELE RUBBEREN
SLANG
JA
SOEPELE RUBBEREN
SLANG
ELEKTRISCHE
KABEL
67
Aaansluiting met een vaste buis
of een metalen en soepele slang
Om veiliger te zijn raden we aan de aansluiting uit te
voeren met vaste buizen (bv. in koper) of met soepele
buizen in inoxstaal zodat het toestel niet beschadigd
raakt.
De aansluiting aan de gasmond voor deze toestellen is
Gc 1/2.
Aaansluiting met soepele, niet-
metalen buis
Wanneer u voor de aansluiting een soepele niet-metalen
buis of slang gebruikt, moet u bij de controel van de staat
van de slang vooral op de volgende punten letten:
- de slang vertoont geen plooien, versmallingen,
brandsporen; zowel aan de beide uiteinden als over
de volledige lengte;
- het materiaal is niet hard geworden en is dus nog
steeds even soepel en buigzaam;
- de verbindings- en sluitingsringen (als er zijn) zijn niet
geroest;
- de geldigheidsdatum (als er een is) niet verstreken
is.
De slang moet als volgt geplaatst worden:
- mag niet onder spanning of gedraaid zijn;
- mag niet in aanraking komen met scherpe
voorwerpen of met scherpe randen;
- het moet makkelijk zijn om de staat van de slang te
controleren.
Indien zich toch één van bovenvermelde dingen voordoet
(of meerdere tegelijk) moet u da slang niet laten
herstellen maar volledig vervangen.
BELANGRIJK: Wanneer de installatie voltooid
is, gaat u de goede vastheid van de
verbindingen na met schuim of zeepwater
maar NOOIT met een vlammetje.
BELANGRIJK: Vervangen/ombouwen van het
apparaat dient alleen te worden uitgevoerd
door een erkende technicus of bevoegde
persoon.
BELANGRIJK: dit model is bedoeld voor gebruik
op aardgas, maar het kan worden omgebouwd
voor gebruik op butagas of propaangas, mits voor-
zien van de juiste injectoren. Deze zorgen voor
de juiste hoeveelheid gas.
Voor de ovenbrander en de kookpitten is
geen regulatie van primaire lucht vereist.
Aanpassing voor verschillende
gassorten
Om het fornuis aan een verschillend soort gas aan te
passen dan dat waarvoor het vooraf geregeld is, de
opeenvolgende handelingen verrichten.
68
Vervanging en regeling van de
sproeiers van de kookplaat
1. Vervanging van de sproeiers:
De roosters wegnemen.
De deksels en de kronen van de branders afnemen.
Met een sleutel van 7 de sproeiers losschroeven en
wegnemen en deze vervangen door diegenen die
geschikt zijn voor het te gebruiken gas (zie tabel
"Inspuitstukken").
De onderdelen weer monteren door de beschreven
handelen knop de tegenovergestelde manier te verrichten.
2. Minimum regeling branders van de kookplaat
Om het minimum te regelen, een vlam aansteken, de
knop op de minimim positie brengen, de knop wegnemen
en dan:
- in geval van transformatie van aardgas noor LPG gas,
het by-pass schroofje van de kranen goed
vastschroeven;
- in geval van transformatie van LPG gas noor aardgas,
het by-pass schroofje ongeveer 1/4 draai losschroeven,
totdat men een kleine regelmatige vlam verkrijgt.
De onderdelen weer monteren door de beschreven
handelen knop de tegenovergestelde manier te verrichten.
Aan het einde controleren dat de brander niet uit gaat door
de knop snel van de maximum naar de minimum positie
te draaien.
FO 0392
Vervangen van de branderpit van
de gasoven
Volg onderstaande procedure voor het vervangen van de
pit van de gasoven:
1. Verwijder de bodemplaat van de ovenruimte (“A”);
2. Verwijder de beide bevestigingschroeven (“C”) die
de brander van de gasoven op zijn plaats houden
3. Haal de brander van de gasoven voorzichtig van de
injectordrager (“D”) en beweeg deze langzaam naar
links. Let erop dat er geen druk komt te staan op de
aansluitingsdraad van het vonkcontact (“E”) en de
geleider van de thermokoppel (“F”);
3. Draai de injector van de gasbrander los met een dop-
sleutel 7, verwijder deze (“D”) en vervang deze door
de gewenste injector (zie tabel “Inspuitstukken”);
4. Herplaats de brander volgens dezelfde procedure,
maar nu andersom.
5. Vervang de sticker van de gassoort (deze bevindt zich
nabij het oploopstuk van de gasaansluiting) door de
sticker die hoort bij het nieuwe soort gas dat door de
injectorkit wordt toegevoerd.
Gasverbinding
LPG: de rubber-houder “C” gebruiken
Aardgas: de verbinding “A” gebruiken
Steeds de pakking “B” invoegen. Daarna overgaan tot de
verbinding volgens de gegeven instruktie’s.
(Zie de overeenkostige paragraaf).
69
Afstellen minimumniveau van de
brander van de gasoven
Draai, na het instellen van de oven op de maximum-
temperatuur met een gesloten deur gedurende ca. 10
minuten, de knop naar het minimum.
Om bij de omloopschroef van de thermostaat te komen
gaat u als volgt te werk:
verwijder de afstelknop van de gasoven;
in geval van ombouwen van aardgas naar LPG de
omloopschroef van de thermostaat stevig aandraaien
(zie figuur, letter “G”);
bij ombouwen van LPG naar aardgas de omloop-
schroef losdraaien totdat een regelmatige kleine vlam
is bereikt.
controleer tenslotte of de vlam niet uit gaat wanneer
u de kraan snel van de maximumstand naar de
minimumstand draait;
herplaats de knoppen.
BCD
Vervangen van de branderpit van
de gasgrill
Volg onderstaande procedure voor het vervangen van de
pit van de gasgrill:
1. Verwijder de beide bevestigingschroeven (“A”) die
de brander van de gasoven op zijn plaats houden
3. Haal de brander van de gasgrill voorzichtig van de
drager en beweeg deze langzaam benedenwaarts.
Let erop dat er geen druk komt te staan op de
aansluitingsdraad van het vonkcontact (“B”) en de
geleider van de thermokoppel (“D”);
3. Draai de injector van de gasbrander los met een dop-
sleutel 7, verwijder deze (“C”) en vervang deze door
de gewenste injector (zie tabel “Inspuitstukken”);
4. Herplaats de brander volgens dezelfde procedure,
maar nu andersom.
Voor de grillbrander is geen regulatie van
primaire lucht vereist.
70
Elektrische Aaansluiting
Het toestel is geschikt voor een aansluiting op een
spanning van 230 V monofase.
De elektrische aansluiting moet gebeuren volgens de
geldende normen en schikkingen voorzien in de
wetgeving.
Ga vóór het aansluiten na of:
- de hoofdzekering en de installatie van het huis de
lading van het toestel aankunnen (zie het
identificatieplaatje achteraan)
- de voedingsinstallatie uitgerust is met een
doeltreffende aarding volgens de geldende normen en
schikkingen voorzien in de wetgeving.
- het stopcontact en de bipolaire schakelaar makkelijk
bereikbaar zijn wanneer het fornuis is uitgerust en
verbindt het met een gepaste stekker.
Het toestel moet rechtstreeks op het net wenst
verbonden zijn, moet u tussen het toestel en het net een
bipolaire schakelaar zetten met min. 3 mm opening
tussen de contacten, aangepast aan de lading en
voldoend aan de geldende normen.
De geel/groene aarding mag niet onderbroken worden
door de schakelaar.
De fasedraad - kastanjekleur (komend van de klem “L”
van het fornuisbord) moet altijd verbonden zijn met de
fase van het voedingsnet. De voedingskabel moet altijd
zo geplaatst worden dat hij over de hele lengte nooit een
temperatuur kan bereiken die 50°C hoger is dan de
kamertemperatuur.
Indien u de voedingskabel vervangt, gebruik dan draad
van het type H05RR-F / H05V2V2-F (T90) / H05VV-F
met een sectie aangepast aan de lading. U moet er
bovendien voor zorgen dat de kleine geel/groene aarding
ongeveer 2 cm langer is dan de fase en neutrale draden.
Na de aansluiting gaat u de opwarming na door de
elementen ongeveer 3 minuten aan te zetten.
De fabrikant wijst alle verantwoordelijdheid af
indien de preventienormen niet werden
gerespecteerd.
Fase
FO 0073
Neutraal
Aarde (geel-groen)
71
WAARBORGVOORWAARDEN
Onze toestellen worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het voorkomen dat er een
defect optreedt. Onze klantendienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de waarborgtermijn. De levensduur
van het toestel wordt daardoor niet negatief beïnvloed.
Onderstaande waarborgvoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De daaruit
voortvloeiende rechten blijven onverlet.
Ook de waarborgverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast.
Voor dit toestel verlenen wij waarborg volgens onderstaande voorwaarden:
1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het toestel die zich
openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker. Deze waarborgvoorwaarden zijn niet
van toepassing in geval van professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik.
2. De waarborgprestatie houdt in dat het toestel kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor het defect
optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen worden ons eigendom.
3. Het gebrek moet terstond gemeld worden, om mogelijke verdere schade te voorkomen.
4. Voor een beroep op waarborg dient het aankoopbewijs met aankoop- en/of leveringsdatum te worden overlegd.
5. De waarborg heeft geen betrekking op schade aan kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch) glas, kunststof, rubber,
die ontstaan is door onzorgvuldig gebruik
6. De waarborg heeft geen betrekking op kleine afwijkingen van de gestelde kwaliteit die voor de waarde en deugdelijkheid
van het toestel onbeduidend zijn.
7. De waarborg geldt evenmin voor schade veroorzaakt door:
chemische en elektrochemische inwerking van water,
abnormale milieuomstandigheden in het algemeen
voor het toestel oneigenlijke bedrijfsomstandigheden
contact met agressieve stoffen.
8. De waarborg heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid is ontstaan,
niet vakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in acht nemen van de gebruiks-
of montageaanwijzingen.
9. Het recht op waarborg vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden die niet
bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het toestel voorzien werd van toebehoren of onderdelen die niet origineel zijn
en daardoor een defect veroorzaken.
10.Toestellen die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd of gezonden naar onze klantendienst.
Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of ingebouwde toestellen.
11. Indien het toestel zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd voor het in- en
uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, dan worden de hierdoor ontstane extra kosten aan de gebruiker in
rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale in- of uitbouw komt ten laste van de gebruiker.
12.Indien binnen de waarborgperiode de herstelling van hetzelfde gebrek meermaals mislukt of de herstellingkosten
disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging geleverd. In geval van vervanging
behouden we ons het recht voor om een vergoeding te rekenen naar rato van de verstreken gebruiksperiode.
13. Herstelling onder waarborg heeft geen verlenging van de waarborgtermijn noch aanvang van een nieuwe waarborgtermijn
tot gevolg.
14.Op herstellingen geven wij een waarborg van 12 maanden, uitsluitend op hetzelfde gebrek.
15.Verdere of andere rechten, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het toestel, zijn uitgesloten voor zover
een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd.
In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het toestel niet overtreffen.
Deze waarborgvoorwaarden gelden voor in België gekochte en/of in gebruik zijnde toestellen. Indien een toestel naar het
buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het toestel voldoet aan de technische voorwaarden ( o.a.
spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden) in het betreffende land. Voor in het buitenland
aangeschafte toestellen dient de gebruiker zich zelf te vergewissen van de bepalingen in België. Noodzakelijke of gewenste
aanpassingen vallen niet onder de waarborg, en kunnen niet altijd worden aangebracht.
Ook na afloop van de waarborgtermijn staat onze klantendienst u ter beschikking.
Adres Klantendienst:
België
Telefon Telefax
Electrolux Home Products Belgium Consumer services 02/363.04.44 02/363.04.00
ELECTROLUX SERVICE 02/363.04.60
Bergensesteenweg 719
1502 Lembeek
E-mail: consumer[email protected]
Luxemburg
Telefon Telefax
Grand-Duché de Luxembourg Consumer services 00 352 42 431-1 00 352 42 431-360
ELECTROLUX HOME PRODUCTS
Rue de Bitbourg. 7
L-1273 Luxembourg-Hamm
Garantie/serviceafdeling
72
Europese Garantie
Dit apparaat wordt door Electrolux in elk van de achter in deze handleiding genoemde landen gedurende de in het bij het
apparaat behorende garantiebewijs genoemde periode of anderszins bij de wet gegarandeerd. Als u van een van deze
landen verhuist naar een ander van de hieronder genoemde landen, verhuist de garantie op het apparaat met u mee. De
volgende beperkingen zijn hierop van toepassing:
De garantie op het apparaat begint op de datum van eerste aankoop van het apparaat. Deze datum dient te worden
aangetoond door overlegging van een geldig, door de verkoper van het apparaat afgegeven aankoopbewijs.
De garantie op het apparaat geldt voor dezelfde periode en in dezelfde mate voor arbeidsloon en onderdelen als van
toepassing in uw nieuwe land van vestiging op dit specifieke model of deze specifieke serie apparaten.
De garantie op het apparaat is persoonlijk, geldt dus voor de oorspronkelijke koper van het apparaat en kan niet worden
overgedragen op een andere gebruiker.
Het apparaat wordt geïnstalleerd en gebruikt in overeenstemming met de door Electrolux afgegeven instructies en wordt
alleen in huis gebruikt, dat wil zeggen, het apparaat wordt niet gebruikt voor commerciële doeleinden.
Het apparaat wordt geïnstalleerd in overeenstemming met alle relevante voorschriften die in uw nieuwe land van vestiging
van kracht zijn.
De voorwaarden van deze Europese garantie tasten geen van de aan u bij de wet verleende rechten aan.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22

Zanussi ZCG6600W Handleiding

Type
Handleiding