Xerox 700i/700 Installatie gids

Type
Installatie gids
Configuratie en instellingen
Xerox 700 Digital Color Press met Integrated
Fiery
®
Color Server
© 2008 Electronics for Imaging, Inc. De informatie in deze publicatie wordt beschermd
volgens de Kennisgevingen voor dit product.
45072725
11 juni 2008
INHOUD 3
INHOUD
INLEIDING 7
Terminologie en conventies 7
Over dit document 8
AANSLUITEN OP HET NETWERK 9
Integrated Fiery Color Server op het netwerk 9
Fasen van de installatie op het netwerk 10
Samenvatting van de netwerkinstallatie van de
Integrated Fiery Color Server 11
Vereisten voor de instelling van de netwerkserver 12
Windows-netwerken 12
AppleTalk-netwerken 13
UNIX-netwerken 13
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 14
Toegangs- en beheerniveaus 14
Gebruikers en groepen 14
Afdrukverbindingen van Integrated Fiery Color Server 17
WebTools 18
Aanvullende beveiligingsfuncties 19
E-mailtoegang tot de Integrated Fiery Color Server beheren 19
IP-adressen en -poorten en MAC-adressen beperken 20
LDAP-authenticatie 20
De netwerkkabel aansluiten op de Integrated Fiery Color Server 20
Achterpaneel van de Integrated Fiery Color Server 20
Ethernetverbinding 21
INHOUD
INHOUD 4
Over Instelling 21
Instelling vanaf het bedieningspaneel van de digitale pers 21
Instelling vanaf een netwerkcomputer 21
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET
BEDIENINGSPANEEL VAN DE DIGITALE PERS 22
De Integrated Fiery Color Server instellen vanaf het bedieningspaneel van
de digitale pers 22
Toegang krijgen tot opties van Instelling 23
Informatie over de instellingeninterface van het bedieningspaneel van de digitale pers 24
Soorten instellingenschermen 25
Opslaan wijz. bezig 25
Menutabbladen 26
Tabbl a d Hoofd 26
Tabbl a d In fo 27
Tabbl a d Sc a n 27
Tabblad Kalibreren 28
Tabbl a d In s t el ling 28
Opties voor Printerinstellingen 29
Algemene instellingen 29
Wachtrijen inschak. 30
PostScript/PCL-instellingen 32
VDP-instellingen 32
Instelling oorspronkelijke documenten 32
Takenlogboek instellen 33
Opties voor Netwerkinstellingen 34
Poortinstellingen 34
TCP/IP-instellingen 36
802.1x-authenticatie-instellingen 42
AppleTalk-instellingen 43
INHOUD 5
Service-opties 43
SMB (Windows Setup), LPD- en Web instellen 43
Poort 9100- en FTP-instellingen 44
LDAP-instellingen 45
SNMP-instellingen 47
Scaninstelling 49
E-mailinstelling 50
SLP-instelling 52
DE FIERY CONTROLLER INSTELLEN VANAF EEN NETWERKCOMPUTER 53
Configure vanaf een netwerkcomputer openen 53
BESCHRIJVING VAN DE OPTIES VAN INSTELLING 54
Opties van Instelling 54
WEBTOOLS CONFIGUREREN 57
De Integrated Fiery Color Server en computers configureren voor WebTools 57
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 58
Beheerdersfuncties 58
Wachtwoorden instellen 59
Wachtwoorden vanaf het bedieningspaneel van de digitale pers 59
Wachtwoorden op een netwerkcomputer 60
Systeemsoftware bijwerken 60
De Integrated Fiery Color Server wissen 60
Externe verbinding met de Integrated Fiery Color Server 61
Instellingen van de Integrated Fiery Color Server herstellen 62
De standaardinstellingen van de Integrated Fiery Color Server herstellen 62
De configuratie van de Integrated Fiery Color Server opslaan en herstellen 62
USB-afdrukken 63
E-mailadresboeken beheren 64
INHOUD 6
VDP-zoekpad 67
Courante algemene zoekpaden instellen 67
Gebruikers toestaan om een zoekpad voor één taak te definiëren 68
De configuratiepagina afdrukken 69
Optimale prestaties van de Integrated Fiery Color Server onderhouden 70
De Integrated Fiery Color Server afsluiten, rebooten en opnieuw opstarten 71
De Integrated Fiery Color Server afsluiten 71
De Integrated Fiery Color Server rebooten of opnieuw starten 71
PROBLEMEN OPLOSSEN 73
Problemen met de Integrated Fiery Color Server oplossen 73
Runtime-foutberichten 73
Kan geen verbinding met de Integrated Fiery Color Server maken met hulpprogrammas 74
Kan geen verbinding met de Integrated Fiery Color Server maken met Command
WorkStation 75
INDEX 77
INLEIDING 7
INLEIDING
In dit document wordt beschreven hoe u netwerkservers en gebruikerscomputers instelt voor
gebruik met de Xerox 700 Digital Color Press met Integrated Fiery Color Server, zodat
gebruikers ernaar kunnen afdrukken als een hoogwaardige netwerkprinter. Raadpleeg de
documentatie bij deze producten voor algemene informatie over het gebruik van de digitale
pers, de computer, de software of het netwerk.
De juiste instelling van de netwerkomgeving vereist de aanwezigheid en de actieve
medewerking van de netwerkbeheerder. Gedetailleerde instructies voor de configuratie van
netwerken vallen buiten het bestek van dit document. Raadpleeg uw netwerkdocumentatie
voor meer informatie.
Voor meer informatie over ondersteunde besturingssystemen en systeemvereisten raadpleegt
u Welkom.
Terminologie en conventies
Dit document gebruikt de volgende terminologie en conventies.
Term of conventie Verwijst naar
Aero Integrated Fiery Color Server (in illustraties en voorbeelden)
Digitale pers Xerox 700 Digital Color Press
Integrated Fiery Color Server Xerox 700 Digital Color Press met Integrated Fiery Color Server
Mac OS Apple Mac OS X
Titels in cursief Andere documenten in dit pakket
Windows Microsoft Windows 2000, Windows XP, Windows Server 2003,
Windows Vista
Onderwerpen waarvoor aanvullende informatie beschikbaar is door
de Help te openen in de software
Tips en informatie
Belangrijke informatie
Belangrijke informatie over problemen die u of anderen
lichamelijke schade kunnen toebrengen
INLEIDING 8
Over dit document
Dit document behandelt de volgende onderwerpen:
Netwerkconnectoren op de Integrated Fiery Color Server
Specifieke informatie voor de Integrated Fiery Color Server voor het installeren van
netwerkservers
OPMERKING: Raadpleeg uw netwerkdocumentatie voor meer informatie over netwerkservers.
Beveiliging van het systeem met niveaus en wachtwoorden
De Integrated Fiery Color Server instellen vanaf het bedieningspaneel van de digitale pers
De Integrated Fiery Color Server instellen vanaf een netwerkcomputer
De Integrated Fiery Color Server zo instellen dat gebruikers toegang hebben tot WebTools
De Integrated Fiery Color Server beheren
Problemen oplossen
Op pagina 58 wordt een overzicht gegeven van beheerdersfuncties die in andere documentatie
worden beschreven.
AANSLUITEN OP HET NETWERK 9
AANSLUITEN OP HET NETWERK
Dit hoofdstuk beschrijft de fasen van de installatie van de Integrated Fiery Color Server.
Integrated Fiery Color Server op het netwerk
Wanneer de Integrated Fiery Color Server is aangesloten op een netwerk, werkt deze als een
netwerkprinter. De Integrated Fiery Color Server ondersteunt de volgende
netwerkprotocollen (regels waarmee computers op een netwerk met elkaar kunnen
communiceren):
AppleTalk, Bonjour
TCP/IP, met inbegrip van de protocollen BOOTP, DHCP, FTP, HTTP, IMAP, IPP, IPv4,
IPv6, LDAP, LPD, NBT, POP3, Port 9100, SMB, SMTP, SNMP, SNTP en SSL/TLS
Deze protocollen kunnen tegelijkertijd op dezelfde kabel worden gebruikt. Computers die
andere protocollen gebruiken, kunnen afdrukken via een server die een van de ondersteunde
protocollen gebruikt. De Integrated Fiery Color Server herkent de protocollen automatisch en
behandelt alle verbindingen tegelijkertijd.
AANSLUITEN OP HET NETWERK 10
Fasen van de installatie op het netwerk
De installatie kan worden uitgevoerd door een netwerk- of afdrukbeheerder. Bij een
succesvolle installatie doorloopt u de volgende fasen:
1 De netwerkomgeving configureren
Configureer de netwerkservers om de gebruikers toegang te geven tot de Integrated Fiery
Color Server als een netwerkprinter. Raadpleeg pagina 12 voor informatie over het
configureren van netwerkservers in Windows- en UNIX-netwerkomgevingen wanneer deze
specifiek betrekking hebben op de Integrated Fiery Color Server. Raadpleeg de documentatie
van uw netwerk voor meer informatie over het gebruik van uw netwerk.
2 De Integrated Fiery Color Server fysiek aansluiten op een werkend netwerk
Maak een netwerkknooppunt voor de Integrated Fiery Color Server. Zorg voor een kabel en
leid deze naar de plaats waar de Integrated Fiery Color Server wordt geïnstalleerd, en sluit de
kabel aan op de netwerkaansluiting van de Integrated Fiery Color Server. Zie pagina 20 voor
meer informatie.
3 De Integrated Fiery Color Server instellen
Configureer de Integrated Fiery Color Server voor uw afdruk- en netwerkomgeving
(zie pagina 22 en pagina 53).
4 Gebruikerscomputers voorbereiden op het afdrukken
Installeer de bestanden die nodig zijn om af te drukken, installeer gebruikerssoftware en
verbind de gebruikerscomputers met het netwerk. De installatie van de software wordt
beschreven in Afdrukken uit Windows en Afdrukken uit Mac OS.
5 De Integrated Fiery Color Server beheren
Controleer en onderhoud de systeemprestaties en los mogelijke problemen op (zie “De Fiery
Controller beheren op pagina 58).
AANSLUITEN OP HET NETWERK 11
Samenvatting van de netwerkinstallatie van de
Integrated Fiery Color Server
Integrated Fiery Color Server beschikbaar op het netwerk
Netwerkserver configureren
Netwerkserver
Configureer de netwerkserver voor Integrated Fiery Color
Server-afdrukwachtrijen en Integrated Fiery Color Server-
gebruikers.
Aansluiting
Integrated Fiery Color Server
Maak een netwerkknooppunt klaar. Sluit de Integrated
Fiery Color Server aan op het netwerk.
Integrated Fiery Color Server instellen
Configureer standaardinstellingen voor de opties in de
instellingenmenu’s.
Clientcomputers instellen
Op computers waarop gebruikers afdrukken naar de
Integrated Fiery Color Server:
Installeer de juiste printerbestanden en maak verbinding
met een of meer afdrukverbindingen.
Installeer hulpprogrammas en een internetbrowser op
de computers waar de gebruikers deze zullen gebruiken.
Controleer de Integrated Fiery Color Server in de lijst
met printers.
AANSLUITEN OP HET NETWERK 12
Vereisten voor de instelling van de netwerkserver
Dit gedeelte verstrekt basisinformatie over het configureren van de Integrated Fiery Color
Server en zijn gebruik op het netwerk. Het geeft geen uitleg over de algemene netwerkfuncties
voor afdrukken. Het beperkt zich tot informatie die specifiek is voor de Integrated Fiery Color
Server. De juiste instelling van de netwerkomgeving vereist de aanwezigheid en de actieve
medewerking van de netwerkbeheerder. Gedetailleerde instructies voor de configuratie van
netwerken vallen buiten het bestek van dit document. Raadpleeg uw netwerkdocumentatie
voor meer informatie.
Configureer het netwerk en de servers en controleer of er een actieve netwerkverbinding is
voordat u de netwerkinstellingen van de Integrated Fiery Color Server configureert in
Instellingen. Hierdoor kan de Integrated Fiery Color Server op het netwerk naar zones, servers
en wachtrijen op servers zoeken.
Telkens als u de configuratie van de Integrated Fiery Color Server, de digitale pers of het
netwerk op uw locatie verandert, moet u de instellingen aanpassen aan de gewijzigde
omgeving. Voor het wijzigen van netwerk- of poortinstellingen kan het nodig zijn dat u ook
andere opties in Instelling wijzigt.
Windows-netwerken
De Integrated Fiery Color Server heeft een geldig IP-adres, subnetmasker en adres van
de gateway nodig.
U kunt deze gegevens handmatig invoeren of het DHCP- of het BOOTP-protocol gebruiken
om de adressen dynamisch toe te wijzen. Zorg dat de naam en het adres van de Integrated
Fiery Color Server zijn opgenomen in een DNS-database (Domain Name Server) of een
database met hostnamen die door uw systeem wordt gebruikt.
Als er meerdere Integrated Fiery Color Server-afdrukverbindingen worden gepubliceerd
(bijvoorbeeld zowel de afdrukwachtrij als de blokkeringswachtrij), kunt u een printer
definiëren voor elke afdrukverbinding, zodat de gebruikers direct naar elke verbinding
kunnen afdrukken.
Configureer de Integrated Fiery Color Server met de juiste Windows-domeinnaam.
Dit is vooral belangrijk voor Windows-afdrukken, ook wel SMB-afdrukken genoemd.
Om Microsoft Active Directory te gebruiken, moet u de Integrated Fiery Color Server aan een
domein toewijzen. Als u de Integrated Fiery Color Server aan een werkgroep toewijst, kunt u
Active Directory niet gebruiken.
AANSLUITEN OP HET NETWERK 13
AppleTalk-netwerken
AppleShare-servers hebben geen speciale configuratie nodig.
U moet Bonjour op de Integrated Fiery Color Server activeren om Mac OS X-computers
toegang te geven tot Bonjour-printers.
UNIX-netwerken
Wanneer u een UNIX-werkstation configureert met het LPR-protocol en verbinding maakt met
de Integrated Fiery Color Server via een TCP/IP-netwerk, kunt u rechtstreeks afdrukken naar
de Integrated Fiery Color Server.
UNIX-werkstations kunnen alleen worden ingesteld door een beheerder met rechten op het
’root’-niveau. Na de eerste configuratie kunnen UNIX-gebruikers afdruktaken verzenden naar
een benoemde printer.
De Integrated Fiery Color Server is een printercontroller die ondersteuning biedt voor LPR-
protocollen.
De Integrated Fiery Color Server heeft een externe printernaam die u moet gebruiken om
ermee te kunnen communiceren.
Ongeacht het UNIX-systeem dat u gebruikt, moet u tijdens de configuratie van het netwerk
voor de Integrated Fiery Color Server een van de volgende namen gebruiken voor de externe
printer (of het bestand
rp in het bestand /etc/printcap):
print
hold
direct
Computers in een TCP/IP-netwerk kunnen rechtstreeks naar de Integrated Fiery Color Server
afdrukken als een externe printer, of kunnen afdrukken naar Windows 2000/Server 2003- of
UNIX-werkstations die als afdrukserver zijn ingesteld.
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 14
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN
Als voorbereiding op het afdrukken op uw locatie moet u de Integrated Fiery Color Server
configureren (“Instelling”) om de netwerkomgeving op te geven en te bepalen welke soorten
afdruktaken u zult uitvoeren. Voordat u met de instelling begint, moet u beslissen welke
toegangsniveaus u wilt implementeren, zoals wachtwoorden en andere beveiligingsfuncties
van de Integrated Fiery Color Server. Omdat veel van deze beveiligingsfuncties aan elkaar
gekoppeld zijn, moet u de informatie in dit hoofdstuk aandachtig lezen om een doeltreffend
beveiligingssysteem te plannen en de instelling vervolgens in die zin uitvoeren.
Toegangs- en beheerniveaus
Tijdens het configureren van de Integrated Fiery Color Server in Instelling implementeert u
een bepaald beheerniveau door de volgende elementen te configureren:
Gebruikers en groepen
•Afdrukverbindingen
Toegang tot WebTools
Gebruikers en groepen
U kunt WebTools Configure gebruiken om gebruikers te maken, wachtwoorden toe te wijzen
aan gebruikers, groepen met specifieke privileges te maken en gebruikers aan groepen toe te
wijzen. Verscheidene groepen zijn standaard ingesteld en u kunt nieuwe groepen maken. Alle
gebruikers in een groep hebben dezelfde rechten.
U kunt niet alleen de gebruikers die u hebt gemaakt toewijzen aan een groep, maar ook
gebruikers toevoegen uit de algemene adreslijst van uw organisatie, indien u LDAP-services
hebt ingeschakeld op de Integrated Fiery Color Server.
Het volgende onderwerp is een overzicht dat is ontwikkeld om u te helpen een
beveiligingsstrategie voor te bereiden. Raadpleeg de Help van WebTools Configure voor meer
informatie, inclusief specifieke procedures.
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 15
Gebruikersauthenticatie
De termgebruikersauthenticatie” betekent dat de Integrated Fiery Color Server controleert
of de gebruiker die een taak verzendt, bij een groep hoort en of de groep afdrukprivileges heeft
(“Afdrukken in zwart-wit” of “Afdrukken in kleur en zwart-wit”).
De Integrated Fiery Color Server verplicht standaard geen gebruikersauthenticatie. Zelfs als u
wachtwoorden toewijst en gebruikers en de gebruikers toewijst aan groepen, wordt er geen
authenticatie uitgevoerd tenzij u het selectievakje Gebruikers toestaan om af te drukken
zonder authenticatie uitschakelt (in Configure > Gebruikers en groepen). Als deze optie is
geselecteerd, kan iedereen afdrukken naar de Integrated Fiery Color Server.
Als u wilt dat gebruikers hun gebruikersnaam en wachtwoord invoeren (als u het selectievakje
Gebruikers toestaan om af te drukken zonder authenticatie hebt uitgeschakeld), moet de
gebruikers deze informatie invoeren in het printerstuurprogramma wanneer deze afdrukken.
Gebruikers moeten ook hun gebruikersnaam en wachtwoord opgeven als deze bestanden
maken vanaf het printerstuurprogramma om deze later af te drukken (zoals een e-mailbijlage
die zal worden verzonden naar de Integrated Fiery Color Server).
Omdat taken die via FTP worden verzonden, geen printerstuurprogramma vereisen, kunt u
opgeven dat FTP-taken worden geverifieerd (zie Configure > Netwerk > Services > FTP >
Wachtwoord vereisen voor afdrukken).
Het Mac OS X-printerstuurprogramma ondersteunt geen authenticatie over het netwerk zoals
domein\LDAP-gebruiker. Alleen lokale gebruikers van Integrated Fiery Color Server worden
ondersteund. In het veld voor de gebruikersnaam wordt door het Mac OS X-
printerstuurprogramma automatisch de aanmeldnaam van het besturingssysteem ingevuld
(die de gebruiker kan bewerken). Het Mac OS X-printerstuurprogramma vereist standaard de
gebruikersnaam “admin” zonder wachtwoord.
Wachtwoorden
Wanneer u een nieuwe gebruiker maakt in WebTools Configure > Gebruikers en groepen,
wijst u een wachtwoord toe aan de gebruiker. In andere gebieden van het systeem kunt u ook
wachtwoorden voor de volgende gebieden instellen.
Standaardbeheerder in de beheerdersgroep
Standaardoperator in de operatorgroep
Het beheerderswachtwoord is standaard ingesteld op de Integrated Fiery Color Server. Wijzig
het beheerderswachtwoord regelmatig om de Integrated Fiery Color Server te beschermen
tegen willekeurige of opzettelijke wijzigingen van de instellingen. Zie “Wachtwoorden
instellen op pagina 59 voor meer informatie.
Gebruikers in de beheerdersgroep en de operatorgroep hebben rechten naast de expliciete
rechten die u instelt wanneer u groepen maakt. In de volgende secties vindt u voorbeelden van
deze privileges.
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 16
Beheerdersrechten
Gebruikers in de beheerdersgroep hebben het hoogste beheerniveau. De beheerdersrechten
omvatten:
De Integrated Fiery Color Server configureren met de WebTool Configure of met het
bedieningspaneel van de digitale pers
Groepen toevoegen en verwijderen
Gebruikers toevoegen en verwijderen
Wachtwoorden voor gebruikers instellen en wijzigen
Het takenlogboek verwijderen, afdrukken, exporteren of weergeven
Printtaken van gebruikers verwijderen, weergeven en wijzigen
Alle taakgegevens van de Integrated Fiery Color Server wissen
Scantaken starten en opslaan naar een postvak
In zwart-wit of kleur afdrukken
Afdrukverbindingen publiceren
Lettertypen verwijderen
Afdruktaken beheren met de hulpmiddelen voor taakbeheer
•Afdrukinstellingen vervangen
Standaardinstellingen voor afdrukopties bepalen
De Integrated Fiery Color Server kalibreren
Operatorrechten
Gebruikers in de operatorgroep beheren afdruktaken via de hulpmiddelen voor taakbeheer,
inclusief:
Het takenlogboek weergeven
Printtaken van andere gebruikers verwijderen, weergeven en wijzigen
In zwart-wit of kleur afdrukken
Gastrechten (geen wachtwoord)
Een gebruiker heeft geen wachtwoord nodig om zich vanuit de hulpmiddelen voor taakbeheer
aan te melden als gastgebruiker. Een gastgebruiker kan de status van actieve taken bekijken,
maar kan geen wijzigingen aanbrengen in taken of in de status van de Integrated Fiery Color
Server.
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 17
Afdrukverbindingen van Integrated Fiery Color Server
De Integrated Fiery Color Server ondersteunt drie afdrukverbindingen: blokkeringswachtrij,
afdrukwachtrij en directe verbinding. U activeert ofpubliceert” deze afdrukverbindingen
voor de gebruikers op het netwerk wanneer u de printerinstellingen configureert. Alle
gepubliceerde verbindingen worden constant gecontroleerd op de aanwezigheid van taken.
Via de afdrukwachtrij en de directe verbinding hebben gebruikers meer directe toegang tot
de Integrated Fiery Color Server dan via de blokkeringswachtrij. Publiceer de afdrukwachtrij
en de directe verbinding daarom niet in omgevingen waarin een maximale controle vereist is.
U kunt ook de wachtrij Afgedrukt inschakelen. Dit is een opslaggebied voor de meest recente
taken uit de afdrukwachtrij. Via de wachtrij Afgedrukt kunnen gebruikers deze taken
opnieuw afdrukken met de taakbeheerhulpprogramma’s (bijvoorbeeld: Command
WorkStation).
OPMERKING: Als u de hulpprogrammas en WebTools wilt gebruiken, moet u ten minste
één afdrukverbinding inschakelen.
Blokkeringswachtrij
Taken die naar de blokkeringswachtrij zijn verzonden, worden op de vaste schijf van de
Integrated Fiery Color Server geplaatst zodat deze later kunnen worden afgedrukt of meerdere
malen kunnen worden afgedrukt. Aangezien de blokkeringswachtrij een opslagruimte is,
kunnen de daar opgenomen taken alleen worden afgedrukt met behulp van de hulpmiddelen
voor taakbeheer.
Afdrukwachtrij
De afdrukwachtrij is de standaardwachtrij van de Integrated Fiery Color Server. Taken die
naar de afdrukwachtrij zijn verzonden, worden verwerkt en afgedrukt in de volgorde waarin
deze zijn ontvangen. Taken waaraan een operator een bepaalde prioriteit heeft toegekend
via de hulpmiddelen voor taakbeheer en taken die via de directe verbinding zijn verzonden,
hebben prioriteit boven taken die naar de afdrukwachtrij zijn verzonden.
Directe verbinding
Met de directe verbinding worden taken direct naar de Integrated Fiery Color Server
verzonden, maar alleen wanneer de Integrated Fiery Color Server niet actief is. Als de
Integrated Fiery Color Server bezig is, blijft de taak aanwezig op de computer van de
gebruiker totdat de Integrated Fiery Color Server klaar is. Vervolgens wordt de taak verwerkt
zodra de vorige taak is beëindigd en voordat de volgende taak in de wachtrij wordt verwerkt.
In de meeste gevallen worden taken die via de directe verbinding worden verzonden, niet
opgeslagen op de vaste schijf van de Integrated Fiery Color Server en deze kunnen dus niet
worden geselecteerd voor opnieuw afdrukken, verplaatsen of verwijderen. De directe
verbinding biedt dus enige beveiliging voor vertrouwelijke bestanden. Taken die naar de
directe verbinding zijn verzonden, verschijnen wel in het takenlogboek. Dit is uitsluitend om
administratieve redenen.
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 18
Sommige soorten van taken die worden afgedrukt naar de directe verbinding, veroorzaken het
opslaan van tijdelijke bestanden op de vaste schijf van de Integrated Fiery Color Server, maar
verschijnen niet in een van de andere taakbeheerhulpprogrammas. Het gaat hier om de
volgende soorten taken:
•PDF-taken
TIFF-taken
Taken met instellingen voor elk van de volgende afdrukopties:
Afdrukken in omgekeerde volgorde (voor grote taken)
Booklet Maker
Gemengde media
Scheidingen combineren
OPMERKING: Lettertypen kunnen alleen naar de Integrated Fiery Color Server worden
gedownload, als de directe verbinding is gepubliceerd.
WebTools
De Integrated Fiery Color Server kan toegang tot het internet of een intranet ondersteunen
met behulp van WebTools vanaf Windows- en Mac OS-computers. Raadpleeg “WebTools
configureren op pagina 57 om het gebruik van WebTools in te schakelen.
Begin
Begin biedt actuele informatie over de taken die worden verwerkt en afgedrukt op de
Integrated Fiery Color Server. U hebt geen wachtwoord nodig om deze WebTool te
gebruiken. Raadpleeg Hulpprogramma’s voor meer informatie.
Downloads
Met Downloads kunnen gebruikers installatieprogrammas voor printerstuurprogrammas en
andere software rechtstreeks downloaden van de Integrated Fiery Color Server. U hebt geen
wachtwoord nodig om deze WebTool te gebruiken. Raadpleeg Afdrukken uit Windows,
Afdrukken uit Mac OS en Hulpprogramma’s voor meer informatie.
Documenten
Met Documenten kunnen gebruikers taken in hun postvakken op de Integrated Fiery Color
Server openen, beheren en wijzigen, en taken naar de Integrated Fiery Color Server
verzenden. Raadpleeg de Help van WebTools Documenten voor meer informatie.
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 19
Scaninstellingen
Met Scaninstellingen kunt u scansjablonen definiëren vanaf een externe computer. Deze
scansjablonen zijn toegankelijk vanaf de digitale pers wanneer u een bestand scant. De
beheerder heeft volledige toegang tot alle scansjablonen. Daarnaast kan de beheerder nieuwe
scansjablonen in Scaninstellingen maken en scansjablonen importeren en exporteren.
Raadpleeg Hulpprogrammas voor meer informatie over scannen. Raadpleeg de Help van
WebTools Scaninstellingen voor informatie over Scaninstellingen.
Configure
Met Configure kunt u opties van de Integrated Fiery Color Server bekijken en wijzigen vanaf
een computer. Voor deze functie is het beheerderswachtwoord nodig. Zie pagina 53 voor
meer informatie.
Aanvullende beveiligingsfuncties
Naast de traditionele beveiligingsfuncties zoals wachtwoorden, kunt u de volgende functies
gebruiken om de veiligheid van de Integrated Fiery Color Server te verzekeren:
•E-mailtoegang
IP-adressen en -poorten en MAC-adressen
LDAP-authenticatie
E-mailtoegang tot de Integrated Fiery Color Server beheren
Omdat u gebruikers toestemming kunt geven bestandsbijlagen in e-mailberichten die zijn
verzonden naar de Integrated Fiery Color Server af te drukken, accepteert de Integrated Fiery
Color Server alleen geldige bijlagen (bijvoorbeeld: PostScript- of PDF-bestanden). Normaal
moeten via e-mail verzonden virussen door de ontvanger worden uitgevoerd. Bijlagen die geen
geldige bestanden zijn, worden door de Integrated Fiery Color Server geweigerd.
Omdat bestandstypen zoals .bat, .vbs en .exe schadelijke virusactiviteiten kunnen starten,
verwerkt de Integrated Fiery Color Server deze bestandstypen niet. De Integrated Fiery Color
Server negeert ook e-mails in RTF- (Rich Text Format) of HTML- (Hypertext Markup
Language) indeling en alle JavaScript-code die in e-mails voorkomt.
Op de Integrated Fiery Color Server kunt u lijsten van geautoriseerde e-mailadressen
definiëren. Elke e-mail die de Integrated Fiery Color Server ontvangt van een e-mailadres dat
niet op deze lijst voorkomt, wordt verwijderd. Zie pagina 64 voor meer informatie.
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 20
IP-adressen en -poorten en MAC-adressen beperken
Om ongeoorloofde verbindingen met de Integrated Fiery Color Server te beperken, kunt u
alleen gebruikers toelaten met IP-adressen of MAC-adressen die binnen een bepaald bereik
vallen. U kunt onnodige poorten sluiten om ongewenste toegang via het netwerk te weigeren.
Opdrachten of taken die door een ongeoorloofd IP-adres worden verzonden, worden door de
Integrated Fiery Color Server genegeerd.
LDAP-authenticatie
Wanneer u LDAP-communicatie activeert om namen en andere informatie van mensen van
uw organisatie op te vragen, kunt u het soort van authenticatie instellen. Raadpleeg de Help
van WebTools Configure voor meer informatie.
De netwerkkabel aansluiten op de Integrated Fiery Color Server
Dit gedeelte toont een illustratie van het achterpaneel van de Integrated Fiery Color Server en
geeft informatie over het aansluiten van de Integrated Fiery Color Server op het netwerk.
Achterpaneel van de Integrated Fiery Color Server
1 Stroomconnector
2Stroomknop
3 Connector gekruiste
scannerkabel
4 Netwerkconnector
5 Connector van de digitale
pers
6 USB-aansluitingen
1
2
3
4
5
6
INSTELLING VAN DE FIERY CONTROLLER VOORBEREIDEN 21
Ethernetverbinding
Voor ethernetverbindingen ondersteunt de Integrated Fiery Color Server Unshielded Twisted
Pair-bekabeling (UTP) voor de volgende netwerksnelheden:
10BaseT: Categorie 3 of hoger
100BaseTX: Categorie 5 of hoger (4 paar/8 draden, korte lengte)
1000BaseT: Categorie 5e of hoger (4 paar/8 draden, korte lengte)
VERBINDING MAKEN MET HET NETWERK
1 Schakel de digitale pers en de Integrated Fiery Color Server uit.
Zie pagina 71 voor meer informatie over de correcte procedures.
2 Sluit de gekruiste scannerkabel van de Integrated Fiery Color Server aan op de scannerpoort
op de digitale pers.
3 Sluit de netwerkkabel van het netwerk aan op de juiste netwerkconnector (RJ-45) aan de
achterkant van de Integrated Fiery Color Server.
4 Schakel de Integrated Fiery Color Server en de digitale pers in.
Over Instelling
In Instelling configureert u de Integrated Fiery Color Server voor communicatie met andere
apparaten en het beheren van afdruktaken. Voer Instelling uit wanneer u de Integrated Fiery
Color Server de eerste keer aanzet nadat nieuwe systeemsoftware is geladen, of telkens als
serversoftware opnieuw wordt geïnstalleerd. Wanneer de netwerk- of
gebruikersafdrukomgeving verandert, moet u de opties aanpassen.
OPMERKING: U kunt de functies van Instelling niet uitvoeren vanuit Command WorkStation,
Macintosh Edition.
Instelling vanaf het bedieningspaneel van de digitale pers
Voer Printerinstellingen, Netwerkinstellingen en Serverinstellingen uit, in deze volgorde. Na
de eerste instelling kunt u instellingsopties wijzigen vanaf het bedieningspaneel van de digitale
pers (pagina 23) of vanaf een netwerkcomputer (pagina 53). De meeste instellingsopties kunt
u met een van deze methoden instellen.
Als u de overige instellingenmenus niet configureert, worden de standaardinstellingen
gebruikt door de Integrated Fiery Color Server. Het is beter dat u de juiste instellingen voor
de afdrukomgeving op uw locatie opgeeft.
Instelling vanaf een netwerkcomputer
Gebruik Configure (pagina 53) om de Integrated Fiery Color Server in te stellen vanaf
een netwerkcomputer. Open Configure vanuit WebTools of Command WorkStation,
Windows Edition.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
22
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET
BEDIENINGSPANEEL VAN DE DIGITALE PERS
Instellen wordt aanbevolen wanneer u de Integrated Fiery Color Server de eerste keer aanzet
nadat nieuwe systeemsoftware is geïnstalleerd. Als u bepaalde instellingsopties niet
configureert, gebruikt de Integrated Fiery Color Server de standaardinstellingen. Zorg dat de
instellingen aangepast zijn aan de afdrukomgeving op uw locatie.
De Integrated Fiery Color Server instellen vanaf het bedieningspaneel
van de digitale pers
Met Instelling kunt u de Integrated Fiery Color Server configureren om met andere apparaten
te communiceren en verzonden afdruktaken te beheren.
Instelling bevat de volgende groepen opties:
Printerinstellingen om systeeminstellingen op te geven, afdruktaken en wachtrijen te
beheren en standaardinstellingen voor PostScript- en PCL-instellingen te kiezen
Netwerkinstellingen om actieve netwerksystemen op te geven die afdruktaken doorgeven
aan de Integrated Fiery Color Server
Service-instellingen om netwerkservices zoals e-mailafdrukken en Windows-afdrukken
(SMB) in te schakelen
De resterende opdrachten in het hoofdvenster van Instelling zijn administratieve
onderwerpen. Zie pagina 58 voor meer informatie.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
23
Toegang krijgen tot opties van Instelling
Wanneer u opties van Instelling wilt openen, moet u controleren of er niemand bezig is met
afdrukken naar de Integrated Fiery Color Server.
TOEGANG TOT INSTELLING KRIJGEN WANNEER DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER NIET ACTIEF IS
1 Druk op de knop Services op het digitale pers.
2 Druk op de knop All Services (Alle services) op het bedieningspaneel van de digitale pers en
druk vervolgens op de knop Web Applications (Webtoepassingen).
1 Knop Services
1 Knop All Services (Alle
services)
2 Tab naar het menu Instelling
3 Knop Aanmelden/Afmelden
Job Status
Services
Machine Status
Energy Saver
Language
1
12
3
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
24
3 Zorg dat de Integrated Fiery Color Server niet actief is.
Controleer of Niet actief wordt weergegeven linksboven in het tabblad Hoofd. Als Afdrukken
of Verwerken wordt weergegeven, is de Integrated Fiery Color Server een taak aan het
verwerken en moet u wachten tot het systeem klaar is en de status Niet actief heeft.
4 Druk op het tabblad Instelling.
5 Druk op het veld Wachtwoord en gebruik het toetsenbord op het bedieningspaneel van de
digitale pers om het beheerderswachtwoord te typen.
6 Druk op Opslaan en vervolgens op Aanmelden.
7 Druk op de knop voor de instellingen die u wilt openen.
8 Voer Printerinstellingen, Netwerkinstellingen en Serverinstellingen uit, in deze volgorde.
De beschrijving van de opties voor Instelling begint op pagina 29.
9 Wijzig het beheerderswachtwoord om uw instellingen tegen ongeoorloofde wijzigingen te
beschermen.
Zie pagina 59 voor meer informatie.
Informatie over de instellingeninterface van het bedieningspaneel
van de digitale pers
Wanneer u de instellingen uitvoert vanaf het bedieningspaneel van de digitale pers, kunt u de
menus achter elkaar selecteren en informatie invoeren over de Integrated Fiery Color Server
en uw netwerk- en afdrukomgeving.
Wanneer u een functie uitvoert van het bedieningspaneel van de digitale pers die u om het
beheerderswachtwoord vraagt, moet u het wachtwoord onmiddellijk opgeven. Als u dit niet
doet, keert het bedieningspaneel van de digitale pers terug naar Niet actief en moet u opnieuw
beginnen.
Sommige menus die u ziet, worden weergegeven in het overzicht van het bedieningspaneel,
een gids op hoog niveau voor Instelling die u kunt afdrukken vanaf het bedieningspaneel van
de digitale pers.
HET OVERZICHT VAN HET BEDIENINGSPANEEL AFDRUKKEN
1 Druk op de knop Services op het digitale pers.
2 Druk op All Services (Alle services) op het bedieningspaneel van de digitale pers en druk
vervolgens op Web Applications (Webtoepassingen).
3 Druk op Info.
4 Druk op Overzicht bed. paneel.
5 Druk op Ja in het bevestigingsscherm.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
25
Soorten instellingenschermen
Er zijn verschillende soorten instellingsopties:
Opslaan wijz. bezig
Als u de instellingen voor de opties hebt ingevoerd, drukt u op Opslaan. Als het aantal opties
of instellingen meer dan een scherm beslaat, drukt u de knop Opslaan & doorgaan. Deze
knoppen bevinden zich rechtsonder in het instellingenscherm.
De wijzigingen worden pas van kracht als u de Integrated Fiery Color Server opnieuw start.
Zie pagina 71 voor meer informatie.
Via het bedieningspaneel van de digitale pers kunt u statusgegevens bekijken over de naar de
Integrated Fiery Color Server afgedrukte taken, systeempaginas afdrukken en afdrukopties
instellen.
Meerkeuzevragen
Een lijst met de keuzemogelijkheden wordt weergegeven.
Druk op de pijl naast de lijst en kies de instelling.
Tweevoudige vragen
Deze opties schakelen een functie in of uit. Druk op het
selectievakje naast de optie om deze in te schakelen. Druk hier
opnieuw op om de optie uit te schakelen.
Informatie
invoeropties
U moet de informatie voor uw locatie opgeven (bijvoorbeeld
de printernaam of het IP-adres). Voer informatie in met het
toetsenbord op het bedieningspaneel van de digitale pers.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
26
Menutabbladen
Naast het uitvoeren van de instellingen, kunt via het bedieningspaneel van de digitale pers
statusgegevens weergeven over de naar de Integrated Fiery Color Server afgedrukte taken,
speciale paginas afdrukken en afdrukopties instellen.
Het menu geeft toegang tot veel opties die ook beschikbaar zijn via Command WorkStation.
Raadpleeg Hulpprogrammas voor informatie over de functies voor taakbeheer (bijvoorbeeld
het werken met taken in het wachtgebied).
Tabblad Hoofd
Het tabblad Hoofd toont eigenschappen van taken die momenteel worden afgedrukt en taken
in de wachtrij. Het geeft u de mogelijkheid om taken af te drukken. Via Hoofd hebt u ook
toegang tot de volgende opdrachten:
Afdrukken
onderbrek.
Breekt de communicatie tussen de Integrated Fiery Color Server en de digitale pers af.
Gebruik deze opdracht om de huidige taak te onderbreken zodat u onderhoudstaken kunt
uitvoeren. Taken worden nog steeds op de Integrated Fiery Color Server verwerkt. Nadat u
klaar bent met de onderhoudstaken, selecteert u Afdrukken hervatten om door te gaan met
het afdrukken van taken op de Integrated Fiery Color Server.
Afdrukken
hervatten
De communicatie tussen de digitale pers en de Integrated Fiery Color Server hervatten nadat
u Afdrukken onderbreken hebt geselecteerd.
Beveiligd
afdrukken
Hiermee kunnen gebruikers beveiligde afdruktaken beheren. Om toegang te krijgen tot
beveiligde afdruktaken is een wachtwoord vereist. De gebruiker definieert het wachtwoord
en voert het in in de optie Beveiligd afdrukken van het printerstuurprogramma. Raadpleeg
Afdrukopties voor meer informatie.
OPMERKING: Taken met Beveiligd afdrukken worden alleen ondersteund op Windows 2000/
XP/Server 2003 en Mac OS X. Ze zijn niet toegankelijk met de hulpmiddelen voor
taakbeheer.
Annuleren
Annuleert de verwerking van een taak.
USB-mediaserver
Druk een bestand af van een USB-apparaat naar een van de gepubliceerde
afdrukverbindingen. Raadpleeg Afdrukken uit Windows en Afdrukken uit Mac OS voor meer
informatie over afdrukken.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
27
Tabblad Info
Het tabblad Info toont opties die op de Integrated Fiery Color Server zijn geïnstalleerd.
U kunt ook systeempaginas en activiteitlogboeken afdrukken.
Tabblad Scan
Op het tabblad Scan kunt u taaksjablonen voor het scannen maken. Raadpleeg
Hulpprogramma’s voor meer informatie over het gebruik van deze functie.
Pagina’s
afdrukken
Systeempaginas afdrukken vanaf de Integrated Fiery Color Server. U kunt de volgende
paginas afdrukken:
PS-testpagina/PCL-testpagina: een testpagina stelt u in staat een testpagina af te drukken om
te controleren of de Integrated Fiery Color Server goed is aangesloten op de digitale pers. De
pagina bevat ook afdrukvoorbeelden van kleuren en grijswaarden die u kunt gebruiken bij
het oplossen van problemen met de digitale pers of de Integrated Fiery Color Server. Op de
testpagina vindt u de volgende instellingen: servernaam, kleurinstellingen, printermodel en
datum en tijd waarop de testpagina is afgedrukt.
Configuratie: drukt de configuratiepagina met de huidige configuratie van de server en het
apparaat af. Verder vindt u op deze pagina algemene informatie over de configuratie van
hard- en software van de Integrated Fiery Color Server, de huidige opties voor alle
instellingen, informatie over de huidige kalibratie en het IP-adres van de Integrated Fiery
Color Server.
Kleurendiagrammen: hiermee worden voorbeelden afgedrukt van de RGB-, CMY- en
PANTONE-kleuren die beschikbaar zijn op de Integrated Fiery Color Server.
Overzicht bedieningspaneel: drukt het overzicht van het bedieningspaneel af, wat een
overzicht is van enkele schermen die u via het bedieningspaneel van de digitale pers kunt
openen.
PS-lettertypenlijst/PCL-lettertypenlijst: hiermee wordt een lijst afgedrukt van alle
lettertypen die beschikbaar zijn op de vaste schijf van de Integrated Fiery Color Server.
Logboek
afdrukken
Logboekbestanden afdrukken van de Integrated Fiery Color Server. U kunt de volgende
paginas afdrukken:
Takenlogboek: hiermee wordt een logboek van de laatste 55 taken afgedrukt.
E-mail-logboek: hiermee wordt een logboek met recente e-mailactiviteiten afgedrukt. Dit
E-maillogboek is nuttig voor de netwerkbeheerder.
FTP-logboek: hiermee wordt een FTP-logboek met recente FTP-activiteiten afgedrukt. Dit
FTP-logboek is nuttig voor de netwerkbeheerder.
OPMERKING: Als u het e-mail- of FTP-logboek wilt afdrukken, moet u eerst de juiste service
inschakelen. Zie pagina 50 voor E-mailservices. Zie pagina 44 voor FTP-afdrukken.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
28
Tabblad Kalibreren
Hiermee kunt u de Integrated Fiery Color Server kalibreren met ColorCal. Raadpleeg
Afdrukken in kleur voor meer informatie. Als een beheerderswachtwoord ingesteld is, moet u
het invoeren om toegang te krijgen tot Kalibratie.
Tabblad Instelling
Op het tabblad Instelling kunt u de Integrated Fiery Color Server configureren om deze
operationeel te maken op uw netwerk. Andere administratieve opdrachten, zoals het wijzigen
van wachtwoorden en het wissen van de Integrated Fiery Color Server zijn beschikbaar. De
beschrijving van de opties voor Instelling begint op pagina 29.
U moet het beheerderswachtwoord invoeren om toegang te krijgen tot de volgende
submenus:
Daarnaast kan iedereen de volgende opdrachten gebruiken zonder een wachtwoord in te
voeren:
Printerinstellingen,
Netwerkinstellingen,
Service-instellingen
Configureer de Integrated Fiery Color Server om operationeel te zijn op uw netwerk. U
kunt ook de standaardinstellingen kiezen die worden toegepast als taken niet de gepaste
informatie bevatten (bijvoorbeeld de kleurmodus).
Wachtwoord wijzigen
De beheerders- en operatorwachtwoorden wijzigen. Zie pagina 59 voor meer informatie.
Server wissen
Hiermee kunt u alle taken in alle wachtrijen van de Integrated Fiery Color Server
verwijderen, alsmede alle taken die gearchiveerd zijn op de vaste schijf van de Integrated
Fiery Color Server, de index van gearchiveerde taken (in het venster Archiveren), alle
FreeForm-modellen en de index van FreeForm-modellen (in het venster FreeForm).
Raadpleeg uw beheerder of operator voordat u Server wissen kiest.
Server herstarten
De systeemsoftware resetten zonder het volledige systeem de rebooten. De netwerktoegang
tot de Integrated Fiery Color Server wordt tijdelijk onderbroken en alle huidige verwerkte
taken worden afgebroken en kunnen verloren gaan.
Fabrieksinstellingen
De standaardinstellingen van de Integrated Fiery Color Server herstellen. Zie pagina 62 voor
meer informatie.
Lade uitlijnen
Hiermee kunt u tekst en afbeeldingen zo op de pagina plaatsen dat deze correct worden
uitgelijnd op het vel papier en dat beide zijden van een dubbelzijdig vel precies dezelfde
uitlijning hebben. Raadpleeg Hulpprogrammas voor meer informatie over deze functie.
Overzicht van
instellingen
De huidige instellingen van de Integrated Fiery Color Server tonen.
Diagnose uitvoeren
Deze functies zijn gereserveerd voor onderhoudstechnici.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
29
Opties voor Printerinstellingen
In Printerinstellingen kunt u systeeminformatie met betrekking tot de Integrated Fiery Color
Server en de gebruikers opgeven. U kunt ook de verbindingen en het afdrukgedrag van
een bepaald afdrukapparaat configureren. Als u dit menu wilt openen, volgt u de instructies
op pagina 23.
De submenus en de opties verschijnen in volgorde. Waar van toepassing, worden
standaardwaarden onderstreept. Cursieve woorden geven aan dat een product- of
locatiespecifieke waarde wordt weergegeven.
Algemene instellingen
Servernaam
Standaardservernaam
Voer een naam in voor de Integrated Fiery Color Server (maximaal 15 tekens). Dit is de naam
waarmee de Integrated Fiery Color Server wordt weergegeven in het netwerk. Wanneer u
de servernaam wijzigt met deze optie, wordt de nieuwe naam ook toegepast op de servernaam
voor Windows-afdrukken (pagina 39).
OPMERKING: Als u meer dan één Integrated Fiery Color Server hebt, mag u deze niet dezelfde
naam geven.
Tekenset gebruiken
Macintosh, DOS, Windows
Geef aan of het bedieningspaneel van de digitale pers en Command WorkStation voor de
weergave van bestandsnamen moeten gebruik maken van de tekenset van de Macintosh, DOS
of Windows. Dat is belangrijk als in de bestandsnamen tekens met accenten of samengestelde
tekens voorkomen (zoals é of æ).
Voor netwerken met gemengde platforms selecteert u de instelling die in het algemeen de
beste weergave oplevert van de speciale tekens die u gebruikt.
Tijdzone
Lijst met zones
Selecteer de juiste tijdzone uit een lijst van ondersteunde zones.
SNTP inschakelen
Selecteer deze optie om de tijdsynchronisatiefunctie van de digitale pers te gebruiken met
een NTP/SNTP-server via SNTP.
Tijdserver
Lijst
Kies de server waarmee de Integrated Fiery Color Server wordt gesynchroniseerd.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
30
Startpagina afdrukken
Selecteer deze optie om automatisch een startpagina af te drukken telkens wanneer de
Integrated Fiery Color Server wordt gestart. De startpagina bevat informatie over de
Integrated Fiery Color Server, zoals de servernaam, de huidige datum en tijd, de hoeveelheid
geheugen, de netwerkprotocollen en de afdrukverbindingen.
Voorbeeld tijdens verwerking
Selecteer deze optie om een voorbeeldminiatuur weer te geven in Command WorkStation
terwijl een taak wordt verwerkt. De voorbeeldminiatuur wordt weergegeven in het
verwerkingsgedeelte van de Activiteitenmonitor.
Contactinformatie
Geef de contactinformatie op voor mensen die de ondersteuning voor de Integrated Fiery
Color Server en de digitale pers leveren.
Wachtrijen inschak.
U moet minstens de afdrukwachtrij of de blokkeringswachtrij publiceren om gebruikers in
staat te stellen de hulpprogrammas en de WebTools te gebruiken of om via een TCP/IP-
netwerk af te drukken naar de Integrated Fiery Color Server. Alleen de wachtrijen die u
publiceert, zijn beschikbaar voor gebruikers.
Directe verbinding publiceren
Met de directe verbinding kunnen gebruikers taken naar de Integrated Fiery Color Server
afdrukken (of downloaden) zonder de taken in de wachtrij te plaatsen. Taken die naar de
directe verbinding zijn verzonden, worden niet opgeslagen in de wachtrij Afgedrukt.
Als u lettertypen wilt downloaden naar de Integrated Fiery Color Server, moet u de
directe verbinding publiceren.
Afdrukwachtrij publiceren
Taken die naar de afdrukwachtrij zijn afgedrukt (of gedownload), worden in de wachtrij op de
harde schijf van de Integrated Fiery Color Server geplaatst en in volgorde van binnenkomst
afgedrukt.
Blokkeringswachtrij publiceren
Taken die naar de blokkeringswachtrij zijn afgedrukt (of gedownload), kunnen alleen worden
afgedrukt door de taken te kopiëren of te verplaatsen naar de afdrukwachtrij (bijvoorbeeld
met Command WorkStation).
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
31
Wachtrij Afgedrukt inschakelen
De wachtrij Afgedrukt is een opslaglocatie op de vaste schijf van de Integrated Fiery Color
Server voor taken die onlangs zijn afgedrukt vanuit de afdrukwachtrij. Gebruikers drukken
niet af naar de wachtrij Afgedrukt. Gebruikers met beheerders- of operatortoegang tot de
hulpmiddelen voor taakbeheer kunnen echter taken uit de wachtrij Afgedrukt opnieuw
afdrukken zonder deze opnieuw naar de Integrated Fiery Color Server te sturen. Als u de
wachtrij Afgedrukt niet inschakelt, worden afdruktaken van de harde schijf van de Integrated
Fiery Color Server verwijderd zodra deze zijn afgedrukt.
Taken opgeslagen in wachtrij Afgedrukt
1-99, 10
Als u de wachtrij Afgedrukt hebt ingeschakeld, moet u het aantal taken opgeven die in de
wachtrij Afgedrukt moeten worden opgeslagen. Taken in de wachtrij Afgedrukt nemen
ruimte in beslag op de vaste schijf van de Integrated Fiery Color Server. Als er weinig
schijfruimte is, moet u een kleiner aantal opgeslagen taken opgeven.
Afdrukken toestaan voor
Alle gebruikers, Bevoegde gebruikers
Bepaal of de Integrated Fiery Color Server gebruikers verifieert voordat hun opdrachten
worden verzonden naar de Integrated Fiery Color Server. Als u voor deze optie Bevoegde
gebruikers selecteert, moeten de gebruikers horen bij een groep waaraan u afdrukprivileges
hebt toegewezen.
Paginataal
Auto, PCL, PS
Kies de paginataal van de digitale pers. Als u Auto kiest, wordt de paginabeschrijvingstaal van
inkomende taken automatisch gedetecteerd en naar de juiste interpretatietechnologie
(PostScript of PCL) verzonden.
Als u een specifieke interpretatietechnologie kiest, worden inkomende taken eerst naar deze
interpretatietechnologie verzonden. Als het type van de taak niet overeenkomt, wordt de taak
naar de andere interpretatietechnologie verzonden.
Verkeerde combinatie in taak inschakelen
Selecteer deze optie als u wilt dat de Integrated Fiery Color Server een bepaalde actie uitvoert
als de taak niet kan worden afgedrukt vanwege ontbrekende bronnen.
Actie bij verkeerde combinatie
Onderbreken, Annuleren
Als u Verkeerde combinatie in taak hebt ingeschakeld, moet u de actie voor verkeerde
combinaties van taken kiezen. Terwijl een taak onderbroken is, worden andere taken verder
verwerkt en afgedrukt.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
32
Verkeerde combinatietime-out
0-999
Als u de optie Verkeerde combinatie in taak hebt ingeschakeld, moet u opgeven hoe lang (in
seconden) de Integrated Fiery Color Server wacht voor deze bepaalt dat een taak een verkeerde
combinatie bevat en daarom moet worden geannuleerd.
PostScript/PCL-instellingen
Met deze instellingenmenus kunt u standaardinstellingen voor het afdrukken selecteren voor
taken die naar de Integrated Fiery Color Server worden verzonden. Wanneer een gebruiker
een taak afdrukt vanaf het printerstuurprogramma, kan de gebruiker een specifieke instelling
opgeven voor de meeste afdrukopties per taak en wordt deze instelling toegepast op de taak.
Gebruikers die echter taken verzenden zonder printerstuurprogramma (bijvoorbeeld van
UNIX- of DOS-opdrachtregels), kunnen geen instelling opgeven en moeten daarom
vertrouwen op de standaardinstellingen in de Instellingenmenus. Zie “Opties van Instelling”
op pagina 54 voor informatie over deze standaardinstellingen.
VDP-instellingen
Raadpleeg Variabele gegevens afdrukken voor meer informatie over FreeForm 2.
Recordlengte FreeForm 1
Taak, FreeForm-hoofdtaak
Kies de recordlengte voor FreeForm-taken. De instelling Taak definieert de grens van het
record als de volledige taak. De instelling FreeForm-hoofdtaak definieert de recordgrens als de
lengte van de FreeForm-master.
Instelling oorspronkelijke documenten
Conversie van oorspronkelijke documenten maakt het mogelijk om Microsoft Office-
bestanden (Word, PowerPoint en Excel) automatisch om te zetten en af te drukken. Wanneer
een gebruiker deze bestandsformaten naar de Integrated Fiery Color Server verzendt, als e-
mailbijlage of met de functie USB-mediaserver, stuurt de Integrated Fiery Color Server deze
naar de PrintMe-server voor conversie naar PostScript-bestanden. De bestanden worden
vervolgens afgedrukt op de Integrated Fiery Color Server.
Conversie van oorspronkelijke documenten met PrintMe inschakelen
Wanneer u deze optie selecteert, wordt de verbinding met de PrintMe-server gestart. U moet
DNS inschakelen (pagina 38) om deze optie te gebruiken.
Licentie-updates verzenden naar e-mailadres
Als de licentie-updates van PrintMe wijzigen, wordt een e-mail naar de beheerder verzonden.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
33
Takenlogboek instellen
Het takenlogboek is een overzicht van alle taken die zijn verwerkt of afgedrukt op de
Integrated Fiery Color Server, ongeacht of de taken afkomstig zijn van een
gebruikerscomputer, een netwerkserver of de Integrated Fiery Color Server. Het takenlogboek
kan worden afgedrukt vanaf het bedieningspaneel van de digitale pers of vanuit de
hulpmiddelen voor taakbeheer.
Het afgedrukte takenlogboek geeft een overzicht van de administratieve gegevens voor elke
taak, zoals gebruikersnaam, documentnaam, tijd en datum waarop de taak is afgedrukt en
aantal paginas. Gebruikers die werken met Windows- en Macintosh-computers kunnen
taakspecifieke opmerkingen opgeven die worden weergegeven in het takenlogboek.
Takenlogboek automatisch afdrukken (elke 55 taken)
Selecteer deze optie om het takenlogboek na elke 55 taken af te drukken. Deze functie is
handig wanneer het voor uw bedrijf van belang is dat alle afgedrukte paginas worden
bijgehouden.
Takenlogboek automatisch wissen (elke 55 taken)
Selecteer deze optie om het takenlogboek na elke 55 taken te wissen. Als u deze optie niet
selecteert en het takenlogboek niet wist vanaf de Integrated Fiery Color Server of vanaf een
externe computer, bewaart de Integrated Fiery Color Server een overzicht van alle taken.
OPMERKING: Deze optie heeft geen invloed als u Takenlogboek automatisch afdrukken
(elke 55 taken) niet hebt geselecteerd.
Paginagrootte
11x17/A3, Letter/A4
Kies het papierformaat om het takenlogboek af te drukken. Ongeacht het paginaformaat
worden 55 taken per pagina weergegeven. Welk papierformaat wordt gebruikt, hangt af van
de instelling Stnd. papierformaten onder PS-instellingen. Als de optie Stnd. papierformaten
op VS is ingesteld, wordt het takenlogboek afgedrukt op het papierformaat 11
x17 of Letter.
Wachtwoord vereisen voor afdrukken van takenlogboek
Selecteer deze optie om te bepalen dat gebruikers het beheerderswachtwoord moeten ingeven
voordat ze het takenlogboek kunnen afdrukken of verwijderen.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
34
Opties voor Netwerkinstellingen
Wanneer u de netwerkinstellingen uitvoert, configureert u de Integrated Fiery Color Server
om taken te ontvangen via de netwerksystemen die op uw locatie worden gebruikt. Dit omvat
het instellen van netwerkadressen en -namen die door computers, servers en de Integrated
Fiery Color Server moeten worden gebruikt wanneer deze met elkaar communiceren. Als u
het instellingenmenu wilt openen, volgt u de instructies op pagina 23.
Voor het configureren van netwerkinstellingen moet u controleren of de Integrated Fiery
Color Server verbonden is met een actieve netwerkverbinding, omdat de Integrated Fiery
Color Server in het netwerk zoekt naar zones, servers en wachtrijen op servers. Als u de
netwerkinstellingen configureert zonder dat er een functionerend netwerk met de server is
verbonden, worden standaardinstellingen gebruikt die wellicht niet geschikt zijn.
U moet alleen opties configureren voor de netwerksystemen die op het moment bij u actief
zijn. Als uw netwerkvereisten veranderen, kunt u de netwerkinstellingen op elk gewenst
moment wijzigen. Als de Integrated Fiery Color Server is geconfigureerd voor ondersteuning
van meerdere protocollen, wordt automatisch het juiste protocol geactiveerd wanneer een
afdruktaak wordt ontvangen.
Aangezien de menus voor de netwerkinstellingen genest zijn, worden de namen van menus
van hogere niveaus in dit hoofdstuk links van de menutitels weergegeven. Waar van
toepassing, zijn de standaardinstellingen voor de opties onderstreept.
Poortinstellingen
Voer de instellingen in voor de ethernet- en USB-poorten en geef op of de toegang van
MAC-adressen moet worden beperkt.
Ethernet-snelheid
Auto, 10 Mbps half-duplex, 100 Mbps half-duplex, 10 Mbps full-duplex, 100 Mbps
full-duplex
Kies de geschikte snelheid van het netwerk. Kies Auto in een van de volgende gevallen:
De netwerksnelheid is onbekend.
De netwerkomgeving is gemengd.
Het netwerk gebruikt 1 Gbps.
Netwerkinstellingen
Poort
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
35
MAC-adresfilter
Selecteer deze optie om de Integrated Fiery Color Server inkomende pakketten van de
opgegeven MAC-adressen te laten toestaan. Gebruik WebTools Configure om bepaalde
adressen in te voeren. U geeft hier de MAC-adressen op waarvan inkomende pakketten
worden toegestaan. Alle inkomende pakketten die vanaf een niet-geregistreerd MAC-adres
zijn verzonden, worden geweigerd. Als u onbeperkte toegang tot de Integrated Fiery Color
Server wilt toestaan op basis van het MAC-adres, schakelt u de optie MAC-adresfilter uit.
Zie pagina 40 voor informatie over het toestaan of weigeren van de toegang tot IP-poorten en
tot verbindingen die op IP-adressen zijn gebaseerd.
USB-poort inschakelen
Selecteer deze optie om af te drukken naar de USB-poort op de Integrated Fiery Color Server
vanaf een Windows-computer of een USB-apparaat.
Bestandseindeteken negeren
Deze optie bepaalt dat de Integrated Fiery Color Server bestandseindetekens in een bestand
negeert. Wis deze optie in normale omstandigheden. Om PostScript-bestanden af te drukken
in binaire indeling (geen ASCII), selecteert u deze optie. De Integrated Fiery Color Server
gebruikt de time-outwaarde van de USB-poort wanneer het einde van het bestand is bereikt.
Als u afdrukproblemen ondervindt, schakelt u deze optie uit.
Poorttime-out in seconden
5–60, 30
Geef op hoe lang (in seconden) de Integrated Fiery Color Server wacht zonder een signaal
van de USB-poort te ontvangen voordat wordt besloten dat de huidige taak is voltooid. Tot
de time-out kan de Integrated Fiery Color Server geen nieuwe taken via de USB-poort
ontvangen maar kan deze wel taken via het netwerk blijven ontvangen.
USB-verbinding
Afdrukwachtrij, Blokkeringswachtrij, Directe verbinding, virtuele printers
Selecteer de bestemming van taken die naar de USB-poort worden afgedrukt. Alleen de
afdrukverbindingen die u hebt gepubliceerd worden weergegeven.
Deze optie verschijnt alleen als u de optie USB-poort hebt ingeschakeld. Als slechts een van
de afdrukverbindingen is gepubliceerd, worden USB-taken automatisch afgedrukt naar die
verbinding.
USB-media Aut. afdr.
Selecteer op of u het automatisch afdrukken van taken vanaf een USB-apparaat wilt
inschakelen. De taken worden afgedrukt van zodra het USB-apparaat op de Integrated Fiery
Color Server wordt aangesloten. Zie pagina 63 voor meer informatie.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
36
TCP/IP-instellingen
U configureert de Integrated Fiery Color Server door elk protocol te kiezen en de instellingen
voor dat protocol op te geven. U kunt AppleTalk- en TCP/IP-communicatie tegelijkertijd
activeren.
Ethernet-instelling
Als u in Instelling een IP-adres, subnetmasker of adres van de gateway instelt voor de
Integrated Fiery Color Server, kunt u de Integrated Fiery Color Server deze adressen
automatisch laten ophalen van een DHCP- of BOOTP-server. Schakel de Integrated Fiery
Color Server eerst in of start deze opnieuw en laat deze de status Niet actief krijgen. Zorg
dat de DHCP- of BOOTP-server actief is en voer daarna de netwerkinstellingen uit.
IPv4-adrestype
Automatisch, Handmatig
Selecteer of de u de Integrated Fiery Color Server wilt toestaan het IP-adres voor ethernet
automatisch te verkrijgen door te zoeken op het netwerk. Het IP-adres is mede afhankelijk
van uw netwerk en het protocol dat u selecteert bij de volgende optie (DHCP of BOOTP).
Het IP-adres kan veranderen.
Netwerkinstellingen
TCP/IP
Ethernet
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
37
Afhankelijk van uw keuze worden de volgende opties weergegeven:
IPv6 inschakelen
Selecteer deze optie om de Integrated Fiery Color Server zelf een IPv6-adres te laten zoeken in
het netwerk.
Als u Automatisch selecteert Als u Handmatig selecteert
Protocol
DHCP, BOOTP
Selecteer het protocol dat de Integrated Fiery
Color Server moet gebruiken om te zoeken naar
het IP-adres. Met zowel DHCP als BOOTP kan
de Integrated Fiery Color Server automatisch het
IP-adres en subnetmasker voor ethernet
verkrijgen.
OPMERKING: Afhankelijk van het netwerk kan
een ander IP-adres worden toegewezen aan de
Integrated Fiery Color Server nadat u de
Integrated Fiery Color Server opnieuw hebt
gestart. Met de instelling DHCP kan een ander
adres worden toegewezen aan de Integrated Fiery
Color Server, zelfs als deze niet opnieuw wordt
gestart. Zorg ervoor dat het netwerk al goed is
geconfigureerd voor het protocol dat u selecteert.
IP-adres
127.0.0.1
Voer het IP-adres van de Integrated Fiery Color
Server voor ethernet in. In tegenstelling tot een
IP-adres dat automatisch wordt ingesteld, blijft dit
IP-adres hetzelfde als u de Integrated Fiery Color
Server opnieuw opstart. U moet de
standaardinstelling wijzigen in een geldig adres
voor het netwerk. Zie pagina 12 voor informatie
over het instellen van afdrukken via TCP/IP.
Subnetmasker
255.255.255.0
Stel het subnetmasker in voor afdrukken met
TCP/IP op uw netwerk.
OPMERKING: Controleer de instelling van het
subnetmasker bij uw netwerkbeheerder voordat u
voortgaat.
Type gateway
Automatisch, Handmatig
Kies de methode voor het verkrijgen van het
gatewayadres voor afdrukken met TCP/IP.
Gateway-adres
127.0.0.1
Stel het gatewayadres in voor afdrukken met
TCP/IP op uw netwerk.
Gateway-adres
127.0.0.1
Als u op de vorige optie Handmatig hebt gekozen,
stelt u het gatewayadres in voor afdrukken met
TCP/IP op uw netwerk.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
38
DNS-instellingen
U kunt de Integrated Fiery Color Server zo configureren dat deze toegang heeft tot een
geschikte DNS-server. Met de DNS-server moeten gebruikers bij het verbinden van de
hulpprogrammas of WebTools van externe computers met de Integrated Fiery Color Server
alleen de servernaam onthouden, die gemakkelijker te onthouden is dan een IP-adres.
DNS inschakelen
Selecteer deze optie als een DNS-server op uw netwerk is aangesloten en u wilt toestaan dat de
Integrated Fiery Color Server een naam automatisch in een IP-adres vertaalt.
DNS-adres
Automatisch, Handmatig
Kies of u de Integrated Fiery Color Server wilt toestaan automatisch een DNS-adres op te
halen. Om deze optie te gebruiken, moet u eerst Automatisch selecteren als IPv4-adrestype
(pagina 36).
Afhankelijk van uw keuze worden de volgende opties weergegeven:
OPMERKING: Wanneer u de domeinnaam wijzigt, veranderen de servernaam (pagina 29) en de
servernaam voor Windows-afdrukken (pagina 39) eveneens.
Netwerkinstellingen
TCP/IP
DNS
Als u Automatisch selecteert
voor DNS-adres
Als u Handmatig selecteert
voor DNS-adres
Domeinnaam
Geef de DNS-domeinnaam op van de Integrated
Fiery Color Server.
Primaire DNS-server
127.0.0.1
Geef het IP-adres van de primaire DNS-server op.
Secundaire DNS-server
0.0.0.0
Geef het IP-adres van de secundaire DNS-
server op.
Domeinnaam
Geef de DNS-domeinnaam van de Integrated
Fiery Color Server op.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
39
WINS-serverinstelling
Om de Windows-afdrukken in te stellen, zijn de volgende tekens toegelaten in de tekstvelden:
hoofdletters, cijfers, spatie en de tekens:
- _ . ~ ! @ # $ % ^ & ( ) { } \ ' ,
WINS inschakelen
Selecteer deze optie als uw netwerk een WINS-server gebruikt.
Servernaam
Standaardnaam
De servernaam is de naam die in het netwerk wordt weergegeven voor toegang tot de
Integrated Fiery Color Server via SMB. De standaardnaam is dezelfde naam als de servernaam
die is toegewezen in Printerinstellingen (zie pagina 29).
Autom. Configuratie Gebruiken
Om deze optie te gebruiken, moet u eerst Auto IP-configuratie inschakelen voor het
automatisch ophalen van het IP-adres voor de Integrated Fiery Color Server (zie pagina 36).
Selecteer deze optie als de Integrated Fiery Color Server een WINS-naamserver gebruikt en
automatisch zijn IP-adres verkrijgt.
IP-adres
Als u Autom. configuratie gebruiken niet inschakelt, voert u het juiste IP-adres van de WINS-
naamserver in. De netwerkbeheerder kan u het juiste adres geven.
Werkgroep of domein
Voer de naam in van de werkgroep of het domein. Zie “Soorten instellingenschermen op
pagina 25 voor meer informatie over het invoeren van tekst en tekens.
Servercommentaar
Servercommentaar (facultatief ) kan informatie over de printer bevatten. Dit commentaar
wordt weergegeven in de eigenschappen van de Integrated Fiery Color Server in
Netwerkomgeving.
Netwerkinstellingen
TCP/IP
WINS-server
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
40
Beveiligingsinstellingen
Om de omgeving van de Integrated Fiery Color Server veiliger te maken, kunt u de toegang
tot de volgende items controleren:
•IP-poorten
IP-adressen
OPMERKING: Aangezien deze opties meerdere schermen beslaan, drukt u op de knop
Opslaan & doorgaan om de volgende opties in te stellen.
IP-poortfilter
Sluit onnodige poorten om ongewenste toegang via het netwerk te weigeren. Alle poorten die
niet worden vermeld in de volgende tabel, zijn gesloten.
Poorten inschakelen
Selecteer deze optie om de beveiliging van het systeem te verbeteren en selecteer vervolgens de
poortnummers in de volgende opties.
Netwerkinstellingen
TCP/IP
Beveiliging
Poortnummer Overeenkomend protocol Voorbeeld van
protocolgebruik
20-21 FTP FTP-afdrukken, scannen naar FTP
80 HTTP WebTools en IPP-afdrukken
123 SNTP Communicatie met een tijdserver
137-139 NetBIOS SMB-afdrukken
161-162 SNMP Command WorkStation
427 SLP
443 SSL
445 SMB/IP
500 IPSec
515 LPD WebTools en LPD-afdrukken via
Windows
631 IPP IPP-afdrukken via Windows
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
41
Filteren van IP-adres
Stel de gecontroleerde toegang tot de Integrated Fiery Color Server in door de IP-adressen of
een bereik van IP-adressen op te geven die de Integrated Fiery Color Server aanvaardt of
weigert. Op die manier wordt onbeperkte toegang tot de Integrated Fiery Color Server via uw
netwerk voorkomen en is de veiligheid van het netwerk in uw omgeving gegarandeerd.
OPMERKING: De IP-adressen 0.0.0.0 en 255.255.255.255 zijn geen geldige adressen.
IP-filter inschakelen
Selecteer deze optie om IP-filters op de Integrated Fiery Color Server in te schakelen.
Filterbeleid
Accepteren, Weigeren
Selecteer Accepteren om andere IP-adressen dan de IP-adressen die u opgeeft tijdens deze
instellingen te accepteren. Selecteer Weigeren om andere IP-adressen dan de IP-adressen die
u opgeeft tijdens deze instellingen te weigeren.
Filter toevoegen
Filterlijst
Het aantal beschikbare ingangen in de filterlijst wordt weergegeven. Geef het IP-adres/IP-
bereik op.
Filter bewerken
Filterlijst
Met deze optie kunt u IP-adressen in de lijst afzonderlijk of per bereik wijzigen.
Filter verwijderen
Filterlijst
Met deze optie kunt u IP-adressen afzonderlijk of per bereik uit de lijst verwijderen.
4500 IPSec
5353 Multicast DNS
EFI-poorten
(poorten 8021-8022 en 9906)
Command WorkStation en de
functie Tweerichtingscommunicatie
van het printerstuurprogramma
9100-9103 Poort 9100-afdrukken onder
Windows 2000/Server 2003
Poortnummer Overeenkomend protocol Voorbeeld van
protocolgebruik
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
42
IPSec-instelling (Internet Protocol Security)
Als de computers van de gebruikers IPSec ondersteunen, kunt u de Integrated Fiery Color
Server instellen om versleutelde communicatie van gebruikers te ontvangen.
IPSec inschakelen
Selecteer deze optie om IPSecs op de Integrated Fiery Color Server in te schakelen.
Vooraf gedeelde sleutel
Als u al een vooraf gedeelde sleutel hebt gedefinieerd, voert u deze hier in. Elke inkomende
communicatie die IPSec gebruikt, moet deze sleutel bevatten.
802.1x-authenticatie-instellingen
De Integrated Fiery Color Server kan authenticatie vereisen van een 802.1x-
authenticatieserver (zoals een RADIUS-server), vaak via een tussenliggend toegangspunt (een
authenticator). De Integrated Fiery Color Server vereist authenticatie bij het opstarten of
wanneer de ethernetkabel wordt losgekoppeld en opnieuw aangesloten. Als de Integrated
Fiery Color Server met succes is geverifieerd, krijgt het apparaat altijd toegang tot het netwerk.
IEEE 802.1x-authenticatie inschakelen
Selecteer deze optie om de Integrated Fiery Color Server toe te staan authenticatie te vragen
van een 802.1x-authenticatieserver.
EAP-type
PEAP-MSCHAPv2, MD5-Challenge
Kies het type EAP (Extensible Authentication Protocol).
Gebruikersnaam, wachtwoord
De Integrated Fiery Color Server gebruikt deze informatie om authenticatie aan te vragen van
een 802.1x-authenticatieserver.
Servercertificaat valideren
Selecteer deze optie als u PEAP-MSCHAPv2 hebt gekozen als het EAP-type en wilt dat de
Integrated Fiery Color Server een vertrouwd basiscertificaat gebruikt bij het communiceren
met de authenticatieserver.
Als u wilt dat de Integrated Fiery Color Server het servercertificaat valideert, plaatst u het
certificaat in de lijst van vertrouwde certificaten van de Integrated Fiery Color Server.
Raadpleeg de Help van WebTools Configure voor meer informatie.
Netwerkinstellingen
TCP/IP
IPSec
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
43
AppleTalk-instellingen
AppleTalk inschak.
Selecteer deze optie als u de Integrated Fiery Color Server hebt aangesloten op een AppleTalk-
netwerk. Met deze instelling kan de Integrated Fiery Color Server via AppleTalk-netwerken
communiceren.
AppleTalk-zone
Lijst met zones
De Integrated Fiery Color Server zoekt in het netwerk naar AppleTalk-zones in het
netwerksegment. Selecteer de AppleTalk-zone waarin u de Integrated Fiery Color Server wilt
weergeven. Als het segment slechts één zone heeft, wordt de Integrated Fiery Color Server
automatisch aan die zone toegewezen.
Het bericht “Geen AppleTalk-zones gevonden” kan betekenen dat uw netwerk geen zones
heeft of dat de netwerkkabel niet is aangesloten.
Service-opties
Met het menu Services kunt u services zoals LPD en FTP inschakelen. Als u het
instellingenmenu wilt openen, volgt u de instructies op pagina 23.
SMB (Windows Setup), LPD- en Web instellen
Windows-afdrukken inschakelen
Server Message Block (SMB), ook bekend als Windows-afdrukken, is het ingebouwde
protocol voor bestands- en printerdeling van Windows. Als SMB is ingeschakeld, kan de
Integrated Fiery Color Server worden gekozen in het netwerk, zodat Windows-clients kunnen
afdrukken naar een bepaalde afdrukverbinding op de Integrated Fiery Color Server (zoals
blokkeringswachtrij, afdrukwachtrij of directe verbinding) zonder dat daarvoor andere
netwerksoftware nodig is. Raadpleeg Afdrukken uit Windows en de Windows-documentatie
voor meer informatie over het instellen van een Windows-computer voor Windows-
afdrukken. Windows-afdrukken werkt via TCP/IP, dus u moet TCP/IP configureren op de
Integrated Fiery Color Server en op alle werkstations die Windows-afdrukken gebruiken.
Netwerkinstellingen
AppleTalk
Services
SMB, LPD & Web
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
44
Stuurprogrammatype instellen
PS, PCL
Kies het type printerstuurprogramma dat naar een Windows-computer wordt gedownload
wanneer een gebruiker een printer installeert met de installatiemethode Aanwijzen en
afdrukken.
LPD inschakelen
Selecteer deze optie om LPD-afdrukken toe te staan.
Standaard LPD-wachtrij
Afdrukwachtrij, Blokkeringswachtrij, virtuele printers
Kies de standaardverbinding voor het LPD-afdrukken als deze niet door de gebruiker is
ingesteld.
IPP inschakelen
Selecteer deze optie als u IPP-afdrukken (Internet Printing Protocol) wilt inschakelen.
Raadpleeg Afdrukken uit Windows voor meer informatie over het instellen van
gebruikerscomputers om IPP-afdrukken te gebruiken.
Poort 9100- en FTP-instellingen
Poort 9100 inschak.
Met deze optie kunnen toepassingen een TCP/IP-socket naar de Integrated Fiery Color Server
openen op Poort 9100 om een afdruktaak te downloaden.
Poort 9100-wachtrij
Directe verbinding, Afdrukwachtrij, Blokkeringswachtrij
Geef de Integrated Fiery Color Server-afdrukverbinding op voor het downloaden van taken
naar Poort 9100. Alleen de afdrukverbindingen die u hebt ingeschakeld (pagina 30) zijn
beschikbaar.
FTP inschakelen
Selecteer deze optie om FTP-afdrukken op de Integrated Fiery Color Server in te schakelen.
OPMERKING: FTP-afdrukken wordt ondersteund voor Windows, Mac OS, UNIX, Linux en
andere besturingssystemen die het FTP-protocol ondersteunen. De Integrated Fiery Color
Server fungeert als een FTP-server in overeenstemming met RFC959, maar ondersteunt niet
de volledige functionaliteit die wordt omschreven in RFC959.
Services
Poort 9100 & FTP
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
45
Wachtwoord vereisen voor afdrukken
Selecteer deze optie om een gebruikerswachtwoord te vereisen voor FTP-afdrukken. Nadat u
wachtwoorden voor een gebruiker hebt gedefinieerd en de gebruiker aan minstens één groep
hebt toegewezen, zal het selecteren van deze optie vereisen dat de Integrated Fiery Color
Server controleert of de gebruiker hoort bij een groep die afdrukprivileges heeft en of de
gebruikersnaam en het wachtwoord geldig zijn.
Raadpleeg de Help van WebTools Configure voor informatie over gebruikers en groepen.
Time-out (sec)
30-300
Geef de time-out op. Wanneer u klaar bent met het kiezen van de instellingen, moet u de
Integrated Fiery Color Server opnieuw starten om de instellingen toe te passen. Druk een
configuratiepagina af om de instellingen te controleren.
Standaard FTP-wachtrij
Afdrukwachtrij, Blokkeringswachtrij, virtuele printers
Kies de standaardverbinding voor het afdrukken van taken via FTP-afdrukken als deze niet is
ingesteld door de gebruiker.
LDAP-instellingen
De Integrated Fiery Color Server ondersteunt de volgende LDAP-servers:
Lotus Domino 5.0.6a of hoger
Windows 2000/Server 2003 met Active Directory Service geladen
LDAP inschakelen
Selecteer deze optie als u een LDAP-server wilt gebruiken.
Server
Voer de naam of het IP-adres in van de LDAP-server die u wilt gebruiken.
Poort
1-65535, 389
Geef het poortnummer op voor LDAP-communicatie.
Beveiligde communicatie
Selecteer deze optie om de communicatie met een LDAP-server te beveiligen.
Services
LDAP-instelling
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
46
Beveiligd protocol
TLS, SSL
Kies het protocol voor de verificatie van de authenticatie.
Time-out (sec)
1-100, 60
Geef de maximale tijd op die moet verstrijken voor de Integrated Fiery Color Server de
poging om verbinding te maken met de LDAP-server opgeeft.
Authenticatie vereist
Selecteer deze optie als uw LDAP-server authenticatie vereist.
Authenticatie
Automatisch, Eenvoudig, GSSAPI
Afhankelijk van de instelling voert u de gebruikersnaam, het wachtwoord en het domein in
voor de authenticatie.
De Integrated Fiery Color Server ondersteunt de volgende authenticatiemethoden:
Anoniem (voor Lotus Domino, NetWare- en Windows 2000/Server 2003-servers)
Simple (voor Lotus Domino- en NetWare-servers)
GSSAPI (voor Windows 2000/Server 2003-servers)
Als u GSSAPI gebruikt, moet u de volgende punten in acht nemen:
Een DNS-server die Reverse DNS Lookup ondersteunt moet aanwezig zijn in uw netwerk.
Het IP-adres en de hostnaam van de LDAP-server moeten geregistreerd zijn op de DNS-
server.
Het tijdsverschil tussen de LDAP-server en de systeemtijd van de Integrated Fiery Color
Server mag maximaal 5 minuten bedragen.
Raadpleeg uw netwerkbeheerder voor meer informatie.
Gebruikersnaam
Typ de gebruikersnaam voor toegang tot de LDAP-server. Deze informatie wordt gebruikt als
de authenticatiemethode Eenvoudig of GSSAPI is.
OPMERKING: Zorg dat de LDAP-account die wordt gebruikt in de LDAP-configuratie van de
Integrated Fiery Color Server voldoende rechten heeft voor toegang tot het LDAP-kenmerk
samaccountname,” of “uid,” waarin de Windows-aanmeldnaam van de gebruiker wordt
opgeslagen. Als de Integrated Fiery Color Server niet over deze rechten beschikt, kan de
Windows-aanmeldnaam van de gebruiker niet worden weergegeven in de Lijst van
contactpersonen in Gebruikers en groepen. In dat geval wordt in de Lijst van contactpersonen
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
47
alleen de volledige naam van de gebruiker zonder gebruikersnaam weergegeven, bijvoorbeeld:
John Doe ( ). Wanneer de juiste rechten aanwezig zijn, worden zowel de volledige naam als de
gebruikersnaam weergegeven bij een verzoek van de Integrated Fiery Color Server aan
de LDAP-server, bijvoorbeeld: John Doe (jdoe).
Wachtwoord
Typ het wachtwoord voor toegang tot de LDAP-server. Deze informatie wordt gebruikt als de
authenticatiemethode Eenvoudig of GSSAPI is. Als u de GSSAPI-authenticatie gebruikt,
wordt het wachtwoord versleuteld over het netwerk verzonden.
Domeinnaam
Typ de naam van het domein waarin de LDAP-server bestaat. Deze informatie wordt gebruikt
als de authenticatiemethode GSSAPI is.
Zoekbasis
Typ de zoekbasis om een LDAP-server te doorzoeken. De Integrated Fiery Color Server
doorzoekt het gebied van de directory die is opgegeven door de zoekbasis.
Maximum aantal resultaten
0-65535, 10000
Geef het maximum aantal resultaten dat de Integrated Fiery Color Server van de LDAP-server
aanvaardt.
Valideren
Druk op Valideren om de locatie van de zoekbasis te controleren.
SNMP-instellingen
SNMP inschakelen
Selecteer deze optie om SNMP-communicatie via een IP-verbinding in te schakelen.
SNMP-standaardinst. herstellen
Selecteer deze optie om de standaard-SNMP-instellingen terug te zetten.
Beveiligingsniveau
Minimaal, Normaal, Maximaal
Selecteer het door de Integrated Fiery Color Server geleverde beveiligingsniveau:
Minimaal: komt overeen met de functionaliteit in SNMP versie 1.
Normaal: biedt een hogere beveiliging voor SNMP versie 3.
Maximaal: het hoogste beveiligingsniveau voor SNMP versie 3.
Services
SNMP
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
48
De volgende tabel beschrijft de toegang voor de verschillende beveiligingsniveaus:
OPMERKING: Voor sommige hulpprogrammas moet u in een SNMP v1-omgeving het
veiligheidsniveau op Minimum instellen.
Naam van SNMP Read Community
public
Geef de naam van de SNMP Read Community op. Wanneer deze is gewijzigd, moet de
nieuwe community-naam worden ingevoerd om informatie te kunnen lezen en schrijven in de
WebTools Configure. De community-naam mag maximaal 32 ASCII-tekens, spaties
inbegrepen, lang zijn.
OPMERKING: Een spatie aan het begin of einde van de ingevoerde naam wordt automatisch
verwijderd uit de ingevoerde naam. Wanneer een ongeldig teken wordt ingevoerd of geen
naam wordt opgegeven, wordt de standaardnaampublic” gebruikt als naam van de Read
Community. Een naam die alleen uit spaties bestaat, is ongeldig.
Naam van SNMP Write Community
waarde
Geef de naam van de SNMP Write Community op.
Onveilige gebruikersnaam
Als u Minimum of Medium hebt geselecteerd voor Beveiligingsniveau, moet u een
gebruikersnaam opgeven waarvoor geen authenticatie en encryptie worden gebruikt.
Veilige gebruikersnaam
Geef een gebruikersnaam op waarvoor authenticatie (en indien nodig encryptie) wordt
gebruikt.
Type authenticatie
MD5, SHA
Kies het authenticatietype.
Gebruiker Toegang Minimaal Normaal Maximaal
SNMP v1 LezenJaJaNee
Schrijven Ja Nee Nee
SNMP v3
Onbeveiligd
LezenJaJaNee
Schrijven Nee Nee Nee
SNMP v3
Beveiligd
LezenJaJaJa
SchrijvenJaJaJa
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
49
Authenticatiewachtwoord
Geef het wachtwoord op voor het lezen van MIB-waarden gebaseerd op de beveiligde
gebruikersnaam.
Type privacy
DES, Geen
Selecteer het type encryptiealgoritme.
Privacywachtwoord
Geef het privacywachtwoord op.
Scaninstelling
Elke scantaak wissen
1 dag na het scannen, Handmatig, 1 week na het scannen
Kies hoe vaak u gescande gegevens die naar een postvak op de vaste schijf van de Integrated
Fiery Color Server zijn verzonden, wilt verwijderen. Als u Handmatig selecteert, blijven de
gescande gegevens op de vaste schijf staan, tot u deze expliciet hebt verwijderd of tot u alle
scantaken hebt gewist.
Elke scantaak nu wissen
Druk op deze knop om alle scantaken te wissen.
Maximale grootte bijlage
0–15000
Geef de maximale bestandsgrootte (in kilobytes) op die de Integrated Fiery Color Server als
bijlage kan versturen (bijvoorbeeld een gescand bestand in bijlage). Als het bestand groter is
dan de maximumgrootte, stuurt de Integrated Fiery Color Server een bericht met een
koppeling naar de locatie op de Integrated Fiery Color Server waar het bestand is opgeslagen.
Standaard bestandsindeling
PDF, TIFF, JPEG
Kies de standaardindeling voor bestanden in bijlage van een e-mail.
Opties van Proxyserver
Als uw FTP-server een proxyserver gebruikt, voert u in volgende opties de gewenste
informatie in.
Services
Scannen
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
50
Proxy inschakelen
Selecteer deze optie om voor de veiligheid een proxyserver in te schakelen.
Proxy-server
Voer het IP-adres in van de proxyserver in uw netwerk.
Poort
1-65535, 21
Voer het poortnummer in van de proxyserver in uw netwerk. Gebruikers moeten dit
poortnummer invoeren op de Integrated Fiery Color Server wanneer deze taken verzenden
naar een beveiligde FTP-site.
Als gebruikers een taak verzenden met een ander poortnummer, moeten zij het poortnummer
invoeren op de Integrated Fiery Color Server om de taak te verzenden.
Gebruikersnaam
Geef de gebruikersnaam voor de proxyserver op.
Wachtwoord
Geef het gebruikerswachtwoord voor de proxyserver op.
E-mailinstelling
E-mailservices inschakelen
Selecteer deze optie om de Integrated Fiery Color Server in staat te stellen e-mail of Internet
fax te gebruiken als communicatiemiddel voor diverse doeleinden, zoals het afdrukken van
PostScript-, PDF- of TIFF-bestanden of het verzenden van bestanden via e-mail of Internet
fax. De Integrated Fiery Color Server fungeert als een berichtenservice tussen de digitale pers
en de e-mail- of internetfax-ontvanger.
Afdrukken via e-mail inschakelen
Kies deze optie om afdrukken via e-mail, scannen via e-mail/internetfax en afdrukken van het
e-maillogboek in te schakelen.
Wachtrij
Afdrukwachtrij, Blokkeringswachtrij, virtuele printers
Geef de standaardverbinding op voor het afdrukken van taken via E-mailafdrukken als deze
niet is ingesteld door de gebruiker.
Services
E-mail
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
51
Servertype
POP3, IMAP
Kies het type e-mailserver.
Ontvangstserver
127.0.0.1
Voer het IP-adres of de DNS-naam in van de server (POP3/IMAP) op het netwerk die de
inkomende e-mail verwerkt.
Verzendserver
127.0.0.1
Voer het IP-adres of de DNS-naam in van de server (SMTP) op het netwerk die de uitgaande
e-mail verwerkt.
Naam postvakaccount
uwaccount
Geef de naam op van het postvak op de e-mailserver. De client-mailservice bevestigt e-
mailberichten die onder deze accountnaam naar de e-mailservice van de Integrated Fiery
Color Server wordt verzonden.
Dit is de interne naam die het netwerk herkent en deze hoeft niet per se gelijk te zijn aan
de gebruikersnaam. Voor de accountnaam zijn de volgende tekens toegestaan:
0-9 A-Z, ! # $ % & ' * + - / = ? ^ _ ' { | } ~
Wachtwoord postvakaccount
Voer het wachtwoord van de e-mailaccount in.
Fiery E-mailadres
uwemail@uwdomein.com
Voer het volledige adres van de e-mailaccount van de Integrated Fiery Color Server in.
Time-out (sec.)
30–300, 60
Geef de tijdsduur in seconden op dat de Integrated Fiery Color Server moet proberen
verbinding te maken met elke e-mailserver voordat wordt bepaald dat de verbinding is
mislukt.
Navraaginterval (sec.)
5-3600, 15
Voer het interval in seconden in dat bepaalt hoe vaak de Integrated Fiery Color Server de
e-mailserver navraagt op nieuwe e-mail.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER INSTELLEN VANAF HET BEDIENINGSPANEEL
VAN DE DIGITALE PERS
52
E-mailadres beheerder
uwemail@uwdomein.com
Voer het volledige adres van de e-mailaccount van de beheerder in.
SLP-instelling
SLP inschakelen
Selecteer deze optie om SLP (Service Location Protocol) in te schakelen. Met dit protocol kan
de Integrated Fiery Color Server services vinden op het netwerk.
Scope-naam
Voer het bereik of de tekenreeks voor de groepering van services in.
Services
SLP
DE FIERY CONTROLLER INSTELLEN VANAF EEN NETWERKCOMPUTER 53
DE FIERY CONTROLLER INSTELLEN VANAF EEN NETWERKCOMPUTER
Na het uitvoeren van de eerste instellingen via het bedieningspaneel van de digitale pers, kunt
u met Configure instellingsopties wijzigen vanaf een netwerkcomputer. Om Configure te
gebruiken vanaf een netwerkcomputer, moet u het beheerderswachtwoord van de Integrated
Fiery Color Server kennen. Raadpleeg de Help van WebTools Configure voor informatie
over het gebruik van Configure en de instelling van opties.
Configure vanaf een netwerkcomputer openen
Gebruik Configure om de Integrated Fiery Color Server in te stellen vanaf een
netwerkcomputer. U kunt Configure op de volgende manieren openen:
WebTools vanaf een ondersteunde internetbrowser
Command WorkStation, Windows Edition
CONFIGURE OPENEN VANAF EEN INTERNETBROWSER
1 Start uw internetbrowser en voer het IP-adres van de Integrated Fiery Color Server in.
2 Klik op het tabblad Configureren op de homepage van de Integrated Fiery Color Server.
3 Klik op Configure starten.
4 Meld u als Beheerder aan en typ het juiste wachtwoord.
CONFIGURE OPENEN VANUIT COMMAND WORKSTATION, WINDOWS EDITION
1 Start Command WorkStation.
2 Meld u als Beheerder aan en typ het juiste wachtwoord.
3 Kies Instelling in het menu Server.
Het volgende dialoogvenster wordt altijd weergegeven, ongeacht de methode die u gebruikt.
BESCHRIJVING VAN DE OPTIES VAN INSTELLING 54
BESCHRIJVING VAN DE OPTIES VAN INSTELLING
In dit hoofdstuk worden de standaardinstellingen beschreven die u kunt instellen voor
de volgende groepen instellingsopties:
PS (PostScript)-instellingen
•PCL-instellingen
Het is mogelijk dat niet alle opties beschikbaar zijn. Dat hangt af van de instellingsmethode
die u gebruikt (WebTools Configure of bedieningspaneel van de digitale pers). Raadpleeg
Afdrukopties voor meer informatie over afdrukopties.
Opties van Instelling
Druk de configuratiepagina af vanuit Command WorkStation om te controleren wat de
huidige standaardinstellingen zijn.
Optie Instellingen
(standaardinstelling is
onderstreept)
Beschrijving
Afdrukken tot PS-fout Ja, Nee
Geef aan of de Integrated Fiery Color Server het beschikbare gedeelte van
een afdruktaak moet afdrukken wanneer een PostScript-fout optreedt.
Selecteer Ja om het deel van de taak af te drukken dat vóór het optreden
van de fout was verwerkt. Selecteer Nee om de afdruktaak helemaal te
annuleren wanneer een PostScript-fout optreedt. Laat deze optie
ingesteld op Nee, tenzij u problemen hebt met afdrukken.
Automatisch overvullen Aan
, Uit
Bedrukte zijde omlaag Bedrukte zijde omlaag
, Bedrukte
zijde omhoog
Kies hoe de uitvoer de digitale pers moet verlaten.
Beeldkwaliteit Normaal
, Best
Courier-vervanging
toestaan
Ja, Nee Geef aan of het lettertype Courier moet worden gebruikt voor
lettertypen die niet beschikbaar zijn, wanneer bestanden naar de
Integrated Fiery Color Server worden gedownload of wanneer u een
document afdrukt zonder over het corresponderende printerlettertype
te beschikken. Als deze optie is ingesteld op Nee, produceren taken met
lettertypen die niet beschikbaar zijn op de vaste schijf van de Integrated
Fiery Color Server een PostScript-fout en worden deze niet afgedrukt.
Deze instelling is niet van toepassing op PDF-bestanden omdat bij dit
type bestanden lettertypevervanging automatisch wordt uitgevoerd.
CR toevoegen aan LF Ja
, Nee Geef op of aan elke nieuwe regel een regelterugloop moet worden
toegevoegd.
BESCHRIJVING VAN DE OPTIES VAN INSTELLING 55
Form. lengte (rgls) 5-128 (standaardinstelling is 60) Deze optie bepaalt het aantal regels dat op een pagina wordt afgedrukt
voor PCL-taken.
Kleurmodus CMYK
, Grijswaarden Geef op of u standaardkleurenafbeeldingen (CMYK) of afbeeldingen in
grijstinten wilt afdrukken naar de Integrated Fiery Color Server.
CMYK geeft u fullcolourafdrukken. Selecteer CMYK als de
kleurenmodus voordat u de Integrated Fiery Color Server kalibreert.
Wanneer u Grijswaarden kiest, worden alle kleuren omgezet in
grijstinten.
Kwaliteit tekst/
lijntekeningen
Normaal
, Beste
Lettertypebron Intern
, Laadbaar lettertype Geef de PCL-lettertypebron op die u wilt inschakelen.
Lettertypenummer 0-999 Het lettertypenummer geeft het standaardlettertype aan dat moet
worden gebruikt door de Integrated Fiery Color Server. Druk de interne
PCL-lettertypenlijst af om de lettertypenummers te bepalen. De
standaardlettertypen worden in volgorde weergegeven. De
lettertypenummers worden echter niet weergegeven.
Master afdrukken Ja, Nee Selecteer Ja om een FreeForm-model af te drukken wanneer dit wordt
gemaakt en afgedrukt naar de Integrated Fiery Color Server. Het model
blijft bewaard op de Integrated Fiery Color Server na het afdrukken,
tenzij het later wordt verwijderd. Selecteer Nee om een FreeForm-model
alleen te verwerken en te blokkeren op de Integrated Fiery Color Server.
Omslagpagina Aan, Uit Drukt een omslagpagina af (taakoverzicht) met de naam van de
gebruiker die de taak heeft verstuurd, de naam van het document,
de naam van de server, de tijd waarop de taak is afgedrukt, het aantal
afgedrukte paginas en de status van de taak. Als een PostScript-fout is
opgetreden en de optie Afdrukken tot PS-fout is ingesteld op Ja, geeft de
omslagpagina het PostScript-foutbericht weer in plaats van de statusbalk.
Paginavolgorde Vooruit
, Achteruit Selecteer Vooruit om de taak vanaf de eerste pagina tot de laatste pagina
af te drukken. Selecteer Achteruit om de taak vanaf de laatste pagina
tot de eerste pagina af te drukken.
Papierform. convert. Nee
, Letter/Tabloid->A4/A3,
A4/A3->Letter/Tabloid
Converteert papierformaten in documenten automatisch in de
standaardpapierformaten die zijn opgegeven. Als u bijvoorbeeld Letter/
Tabloid->A4/A3 selecteert, worden documenten met Letter-formaat
automatisch op A4-papier afgedrukt.
Deze optie werkt in combinatie met de optie Stnd. papierformaten.
Als de optie Papierform. convert. bijvoorbeeld is ingesteld op Letter/
Tabloid->A4/A3 en Standaard papierformaten is ingesteld op VS,
worden taken afgedrukt op het formaat A4/A3. Dit geldt ook voor
de systeempaginas van de Integrated Fiery Color Server, zoals de
startpagina, de testpagina en het takenlogboek.
Optie Instellingen
(standaardinstelling is
onderstreept)
Beschrijving
BESCHRIJVING VAN DE OPTIES VAN INSTELLING 56
Papierformaat voor
systeempaginas
VS, Metrisch (standaardinstelling
is VS in de Verenigde Staten,
Metrisch elders)
Geef het papierformaat op waarop PCL-systeempaginas worden
afgedrukt. Systeempaginas zijn paginas die u afdrukt vanaf het
bedieningspaneel van de digitale pers, bijvoorbeeld de PCL-
lettertypenlijst.
Passend maken Aan, Uit
Geef op of een documentformaat moet worden geschaald naar een
geselecteerd papierformaat als het documentformaat verschilt van het
papierformaat. Als de instelling Uit is geselecteerd en het
documentformaat groter is dan het geselecteerde papierformaat, wordt
het document bijgesneden tot het papierformaat wanneer het wordt
afgedrukt.
PDF XObjects gebruiken Aan, Uit
Kies of afbeeldingen in PDF-bestanden in het cachegeheugen worden
bewaard, om het opnieuw verwerken van dezelfde afbeelding in een
bestand te beperken.
Printerrastermodus 200 punten gegroepeerd, 200
lijnen gedraaid, Verbeterde tekst
,
Verbeterde tekst & lijntekeningen
Randen tekst/lijntek.
verfijnen
Aan, Uit
Geef op of “blasting”-effecten moeten worden beperkt. Die treden op
wanneer door een overmatige hoeveelheid toner op bepaalde
mediasoorten de densiteitsgrenzen die in de afdruktaak zijn gedefinieerd,
sterk worden overschreden.
Standaard afdrukstand Staand
, Liggend Deze PCL-optie bepaalt of de tekst of afbeelding langs de korte kant
van het papier (staand) of de lange kant van het papier (liggend) wordt
afgedrukt.
Symbolenset ASCII, Roman_8
, ECMA-94_L1,
PC_8 ...
Kies de PCL-symbolenset die het best voldoet aan de eisen van
gebruikers die afdrukken naar de Integrated Fiery Color Server.
Tekenbreedte (tk/in) 0,44-99,99 (standaardinstelling is
10,00)
Als het standaard PCL-lettertype dat is geselecteerd bij
Lettertypenummer een schaalbaar lettertype met een vaste tekenafstand
aangeeft, bepaalt u hiermee de breedte van het schaalbare lettertype.
De tekenbreedte wordt uitgedrukt in tekens per inch. Als u bijvoorbeeld
de tekenafstand 10 kiest voor een lettertype, worden per inch tien tekens
afgedrukt.
Tekengrootte (pnt) 4,0-999,75 (standaardinstelling is
12,00)
Als het standaard PCL-lettertype dat is geselecteerd bij
Lettertypenummer een proportioneel schaalbaar lettertype aangeeft,
bepaalt u hiermee de puntgrootte (hoogte) van het lettertype.
Verschuivingsmodus Aan, Uit
Geef op of taken moeten worden verschoven na het afdrukken. Hiervoor
moet een afwerkeenheid geïnstalleerd zijn.
Optie Instellingen
(standaardinstelling is
onderstreept)
Beschrijving
WEBTOOLS CONFIGUREREN 57
WEBTOOLS CONFIGUREREN
Met WebTools kunt u de Integrated Fiery Color Server op afstand beheren via het internet of
uw bedrijfsintranet. De Integrated Fiery Color Server heeft een eigen homepage, waarop u de
WebTool kunt selecteren die u wilt gebruiken.
Raadpleeg Hulpprogrammas voor meer informatie over het gebruik van WebTools. Voor
de meeste WebTools kunt u ook de Help raadplegen.
De Integrated Fiery Color Server en computers configureren
voor
WebTools
WebTools bieden toegang tot een groot aantal Integrated Fiery Color Server-functies via het
internet (of een intranet). Hierdoor krijgt u extra flexibiliteit in beheer op afstand. Nadat
WebTools zijn ingeschakeld, hebt u er toegang toe vanaf een netwerkcomputer.
OM TOEGANG TOT WEBTOOLS IN TE SCHAKELEN, MOET U DE VOLGENDE ELEMENTEN INSCHAKELEN:
Een geldig, uniek IP-adres, subnetmasker en gatewayadres voor de Integrated Fiery
Color Server
•Webservices
EEN COMPUTER INSTELLEN VOOR HET GEBRUIK VAN WEBTOOLS
1 Schakel TCP/IP-netwerk in op de computer van de gebruiker.
2 Wijs aan de computer een geldig, uniek IP-adres en subnetmasker toe en indien nodig een
gatewayadres.
3 Installeer een internetbrowser die Java en frames ondersteunt.
Zorg dat Java is ingeschakeld. Raadpleeg Welkom voor meer informatie over ondersteunde
browsers en de vereisten voor WebTools.
WEBTOOLS OPENEN
1 Start uw internetbrowser en typ het IP-adres of de DNS-naam van de Integrated Fiery
Color Server.
De homepage van de Integrated Fiery Color Server wordt weergegeven.
2 Klik op het tabblad van de WebTool die u wilt gebruiken.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 58
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN
Dit hoofdstuk bevat aanwijzingen voor het beheren van de afdrukmogelijkheden, de prestaties
en de beveiliging van de Integrated Fiery Color Server.
Beheerdersfuncties
Beheersfuncties worden geleverd bij de gebruikerssoftware en zijn ingebouwd in de
Integrated Fiery Color Server. In de volgende tabel wordt beschreven waar u informatie vindt
over deze functies.
Voor deze informatie Raadpleeg
Adresboeken voor e-mailafdrukken pagina 64
Beheerders- en operatorwachtwoorden pagina 59
Configuratie-instellingen van de Integrated Fiery Color Server opslaan en
herstellen
pagina 62
Configuratiepagina pagina 69
De directe verbinding, de afdrukwachtrij of de blokkeringswachtrij voor
gebruikers publiceren
Help van WebTools
Configure
De Integrated Fiery Color Server aansluiten op het netwerk pagina 20
De Integrated Fiery Color Server afsluiten, rebooten en opnieuw opstarten pagina 71
De Integrated Fiery Color Server wissen pagina 60
De prestaties van de Integrated Fiery Color Server optimaliseren pagina 70
Het afdrukken instellen, printerstuurprogrammas installeren,
gebruikerssoftware installeren
Afdrukken uit Windows
Afdrukken uit Mac OS
Netwerkservers, instellen met specifieke informatie voor de
Integrated Fiery Color Server
pagina 9
Netwerkservers, instellen voor het beheren en delen van afdrukservices Documentatie van uw
netwerkservers
Problemen oplossen met de instelling van de Integrated Fiery Color Server pagina 73
Standaardinstellingen printer pagina 54
Afdrukken uit Windows
Afdrukken uit Mac OS
Takenlogboek instellen pagina 33
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 59
Wachtwoorden instellen
U kunt de wachtwoorden voor de Integrated Fiery Color Server instellen of wijzigen.
Alle leden van de beheerdersgroep kunnen de opties in Instelling wijzigen en de stroom en
volgorde van afdruktaken beheren met de hulpmiddelen voor taakbeheer.
Voor het maken van gebruikers, toewijzen van wachtwoorden en toevoegen van gebruikers
aan groepen gebruikt u Configure. Raadpleeg de Help van WebTools Configure voor meer
informatie.
Raadpleeg pagina 15 voor meer informatie over beheerders- en operatorwachtwoorden en
de rechten die eraan gekoppeld zijn.
Houd goed bij welke wachtwoorden u instelt.
Wachtwoorden vanaf het bedieningspaneel van de digitale pers
Wijzig regelmatig het beheerderswachtwoord om ongeoorloofde toegang te voorkomen.
HET BEHEERDERSWACHTWOORD WIJZIGEN
1 Druk op Setup op het bedieningspaneel van de digitale pers.
2 Meld u als beheerder aan en typ het beheerderswachtwoord.
3 Druk op Wachtwoord wijzigen.
4 Typ het wachtwoord en bevestig dit als volgt.
Nieuw wachtwoord invoeren
Gebruik het venster van het bedieningspaneel van de digitale pers om informatie in te voeren
(zie “Soorten instellingenschermen op pagina 25 ). Het wachtwoord kan elke combinatie van
maximaal negentien letters en cijfers zijn.
Nieuw wachtwoord bevestigen
Typ het wachtwoord opnieuw, precies op dezelfde manier als de eerste keer. Sla de wijzigingen
op en start de Integrated Fiery Color Server opnieuw op om het nieuwe wachtwoord te
bevestigen.
Updates van systeemsoftware pagina 60
USB-afdrukken pagina 63
Variabele gegevens afdrukken, het zoekpad instellen voor courante objecten pagina 67
Verbinding met extern bureaublad pagina 61
WebTools pagina 57
Voor deze informatie Raadpleeg
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 60
Time-out voor aanmelden
Selecteer hoe lang de huidige beheerder of operator aangemeld kan blijven op de Integrated
Fiery Color Server zonder actief te zijn. Wanneer de time-out verstreken is, moet u opnieuw
aanmelden.
Wachtwoorden op een netwerkcomputer
U kunt het beheerderswachtwoord en het operatorwachtwoord wijzigen in WebTools
Configure of Command WorkStation, Windows Edition. Raadpleeg de Help van Configure
voor meer informatie.
Systeemsoftware bijwerken
De Integrated Fiery Color Server maakt gebruik van unieke systeemsoftware om taken te
ontvangen en te verwerken en taakgegevens te versturen naar de digitale pers. De
systeemsoftware bevindt zich op de vaste schijf van de Integrated Fiery Color Server en
verwerkt en bestuurt het in de wachtrij plaatsen, rasteren en afdrukken van taken, alsook de
administratie (het takenlogboek), de opslag en het ophalen van taken.
U kunt controleren of er updates voor de systeemsoftware beschikbaar zijn via een beveiligde
internetsite. Daarnaast kunnen ook updates voor de gebruikerssoftware beschikbaar zijn. Er
zijn verschillende methoden voorzien voor kennisgeving en installatie.
Raadpleeg de Help van WebTools Configure voor het zoeken naar updates of het configureren
van de Integrated Fiery Color Server om updates automatisch te ontvangen.
De Integrated Fiery Color Server wissen
Met de opdracht Server wissen kunt u alle afdruktaken verwijderen uit de afdrukwachtrij,
blokkeringswachtrij en de wachtrij Afgedrukt van de Integrated Fiery Color Server. U kunt
taken ook afzonderlijk of groepsgewijs verwijderen met Command WorkStation. Met de optie
Server wissen verwijdert u ook alle taken die gearchiveerd zijn op de vaste schijf van de
Integrated Fiery Color Server, de index van gearchiveerde taken en alle FreeForm-
modelbestanden.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER WISSEN
1 Druk op de knop Web Applications (Webtoepassingen) op het bedieningspaneel van de
digitale pers.
2 Druk op Instelling.
3 Meld u als beheerder aan en typ het beheerderswachtwoord.
4 Druk op Server wissen.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 61
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER WISSEN VIA COMMAND WORKSTATION
Kies in Command WorkStation de optie Server wissen in het menu Server.
Raadpleeg de Help van Command WorkStation voor meer informatie.
Maak altijd een reservekopie van de oorspronkelijke gegevens op uw media wanneer u
informatie op de vaste schijf van de Integrated Fiery Color Server opslaat en bewaart.
Beschadig de vaste schijf van de Integrated Fiery Color Server nooit en schakel het systeem
niet uit terwijl het de vaste schijf gebruikt. Op pagina 71 wordt uitgelegd hoe u de Integrated
Fiery Color Server in- en uitschakelt.
Technische problemen met de harde schijf of systeemsoftware van de Integrated Fiery Color
Server kunnen leiden tot onherroepelijk verlies van de gegevens die u op de harde schijf van de
Integrated Fiery Color Server hebt bewaard en opgeslagen. Als problemen met de vaste schijf
optreden, is de blijvende opslag van de volgende gegevens niet gegarandeerd:
Lettertypen van derden
•Afdruktaken
Kleurprofielen, inclusief profielen die zijn gedownload of bewerkt met Spot-On
Taakopmerkingen en instructies
Gegevens van gescande afbeeldingen
Met Impose bewerkte taken
Documenten met variabele gegevens
Adresboeken van de e-mailservice
Configuratiegegevens van de Integrated Fiery Color Server (lijst van alle actieve
instellingen in de huidige Instelling)
Externe verbinding met de Integrated Fiery Color Server
U kunt de Integrated Fiery Color Server vanaf een externe Windows-computer bereiken.
VERBINDING MAKEN MET DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER VANAF EEN EXTERNE COMPUTER
1 De optie Extern bureaublad inschakelen in Instelling.
Kies Server > Algemeen > Extern bureaublad inschakelen in Configure.
2 Kies op de externe computer Start > Programma’s > Bureau-accessoires > Communicatie >
Verbinding met extern bureaublad.
3 Typ het IP-adres of de DNS-naam van de Integrated Fiery Color Server en klik op Verbinden.
4 Voer het beheerderswachtwoord in als u daarom gevraagd wordt.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 62
Instellingen van de Integrated Fiery Color Server herstellen
U kunt de Integrated Fiery Color Server terugzetten naar de standaardinstellingen of naar een
groep van instellingen die u al hebt opgeslagen.
De standaardinstellingen van de Integrated Fiery Color Server
herstellen
Wanneer u de standaardinstellingen van de Integrated Fiery Color Server herstelt, worden alle
in wachtrij geplaatste taken van de Integrated Fiery Color Server en uit het takenlogboek
gewist. U moet de Instelling opnieuw uitvoeren omdat de Integrated Fiery Color Server wordt
hersteld met de standaardinstellingen.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER HERSTELLEN
1 Druk op de knop Web Applications (Webtoepassingen) op het bedieningspaneel van de
digitale pers.
2 Druk op Instelling.
3 Meld u als beheerder aan en typ het beheerderswachtwoord.
4 Druk op Fabrieksinstellingen.
De configuratie van de Integrated Fiery Color Server opslaan en
herstellen
U kunt de huidige configuratie van de Integrated Fiery Color Server opslaan en indien nodig
later herstellen. Gebruik Configureren om instellingen op te slaan en te herstellen. Raadpleeg
de Help van Configure voor meer informatie.
De volgende instellingen worden opgeslagen (als de Integrated Fiery Color Server deze
ondersteunt):
Instellingen die zijn uitgevoerd in Instelling (met uitzondering van Servernaam)
Inslagsjablonen die zijn opgeslagen in de standaarddirectory voor deze bestanden op
de Integrated Fiery Color Server
Adresboeken
Instellingen van virtuele printers
Gebruikers- en groepsinformatie (aanmeldnamen en wachtwoorden)
Aangepaste steunkleuren
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 63
USB-afdrukken
Gebruikers kunnen PS-, EPS-, PCL-, TIFF- en PDF-bestanden opslaan op een USB-apparaat
en deze bestanden afdrukken op de Integrated Fiery Color Server. Als u bestanden
automatisch wilt afdrukken wanneer u het USB-apparaat aansluit op de Integrated Fiery
Color Server, moet u de bestanden opslaan in specifieke mappen op het USB-apparaat.
Gebruikers kunnen ook afdrukken via het bedieningspaneel van de digitale pers. Raadpleeg
Afdrukken uit Windows en Afdrukken uit Mac OS voor meer informatie over afdrukken.
HET USB-APPARAAT INSTELLEN VOOR AUTOMATISCH AFDRUKKEN
1 Configureer minstens de volgende USB-afdrukopties in WebTools Configure > Netwerk >
Poort > USB:
Selecteer USB-poort inschakelen.
Selecteer voor de standaardwachtrij de verbinding waarnaar de Integrated Fiery Color
Server bestanden die geen verbinding opgeven, downloadt.
Stel Aut. afdr. USB-med. in op Alle afdrukken.
2 Maak op een computer mappen in het hoofdniveau van het USB-apparaat met de namen Print,
Hold en Direct.
3 Sla de bestanden van de computer op het USB-apparaat op.
Bestanden die zijn gekopieerd naar de mappen Print, Hold en Direct worden gedownload
naar de overeenkomstige afdrukverbinding op de Integrated Fiery Color Server wanneer u
het USB-apparaat aansluit op de Integrated Fiery Color Server.
Bestanden die naar het hoofdniveau van het apparaat zijn gekopieerd (en elke map onder
het hoofdniveau die niet is genoemd voor een afdrukverbinding) worden gedownload naar
de wachtrij die u voor USB-afdrukken hebt geconfigureerd.
Bereid het USB-apparaat voor met de correcte mapstructuur en de geschikte bestanden
voordat het apparaat wordt verbonden met de Integrated Fiery Color Server. Omdat de
bestandsverwerking wordt gestart zodra u het apparaat op de Integrated Fiery Color Server
aansluit, is er geen tijd voor bestandsbeheertaken, zoals het verplaatsen van bestanden naar
een andere map of het verwijderen van bestanden.
4 Verwijder het USB-apparaat van de computer en sluit het aan op de USB-poort op
deIntegrated Fiery Color Server.
Zie pagina 20 voor de plaats van de USB-poort.
Zorg ervoor dat het USB-apparaat correct is gestopt voordat u het loskoppelt van
de computer.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 64
E-mailadresboeken beheren
U kunt e-mail-/internetfaxadressen beheren op de Integrated Fiery Color Server door e-
mailberichten in een specifieke opmaak te verzenden naar de Integrated Fiery Color Server.
De beheerfuncties overschrijving het adresboek, voegen nieuwe adressen toe, verwijderen
adressen en halen huidige adressen op de Integrated Fiery Color Server op.
Gebruikers maken gebruik van de adresboeken wanneer deze bestanden in bijlage verzenden
naar een specifiek e-mail-/internetfaxadres.
OPMERKING: E-mailberichten kunnen alleen vanaf een beheerdersaccount worden verstuurd.
De Integrated Fiery Color Server ondersteunt de volgende adresboeken:
Met
Admin kunnen leden het adresboek wijzigen, het huidige adresboek ophalen van de
Integrated Fiery Color Server, een taak annuleren of de status van de taak ontvangen.
Lidmaatschap in dit adresboek biedt echter niet dezelfde privileges als het
beheerderwachtwoord (pagina 59).
Print bevat gebruikers met afdrukrechten. Alleen gebruikers van wie het e-mailadres in
het adresboek Print staat, mogen taken via e mail verzenden naar de Integrated Fiery Color
Server. Onbevoegde gebruikers krijgen antwoord per e-mail met het bericht dat de hun taak
niet is geaccepteerd door de Integrated Fiery Color Server voor het afdrukken.
User bevat gebruikers met scanrechten.
Fax wordt gebruikt voor scannen naar internetfax. Dit adresboek wordt gebruikt om
scanbestanden via internetfax naar de Integrated Fiery Color Server te verzenden. U kunt
adressen in het adresboek niet gebruiken om een e-mail naar de Integrated Fiery Color Server
te verzenden.
Corporate (Zakelijk) is een LDAP-adresboek dat wordt gebruikt voor scannen naar e-mail.
Het wordt gebruikt om bestanden met Remote Scan naar een lijst van adressen te sturen
die op een LDAP-server geregistreerd zijn.
OPMERKING: Voer LDAP-instellingen uit voordat u deze adresboeken instelt. Raadpleeg
de Help van WebTools Configure voor meer informatie.
Als een afdruktaak via e-mail wordt verstuurd, controleert de Integrated Fiery Color Server
eerst het adresboek Print. Als het e-mailadres van de gebruiker niet overeenkomt met de
vermelding in het adresboek Print, dan wordt de taak niet afgedrukt. De gebruiker ontvangt
in dat geval een e-mail met het bericht dat de afdruktaak niet is geaccepteerd.
Het standaardjokerteken “@” wordt opgeslagen in het adresboek voor afdrukken. Hiermee
kan elke gebruiker afdrukken naar de Integrated Fiery Color Server tot de beheerder de eerste
vermelding aan het adresboek voor afdrukken toevoegt.
Om adressen te beheren, moet u een e-mail verzenden naar de Integrated Fiery Color Server
met de opdrachten in de velden Onderwerp en Bericht. De Integrated Fiery Color Server
antwoordt via e-mail met informatie over elke aanvraag, zoals beschreven in de volgende
tabel.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 65
Als u meerdere adressen tegelijk wilt toevoegen of verwijderen, moet u de adressen op aparte
regels weergeven in het berichtveld van de e-mail.
Taak Onderwerpveld
beheerder
Berichtveld
beheerder
Onderwerpveld
e-mailantwoord
Berichtveld
e-mailantwoord
Een specifiek
adres boek
ophalen
#GetAddressBook
adresboeknaam
Voorbe eld:
#GetAddressBook Admin
Address Book
adresboeknaam
Voorbe eld:
Address Book Admin
Lijst met adressen in het
opgegeven adresboek
Een adres
toevoegen aan een
adresboek
#AddAddressTo
adresboeknaam
Voorbe eld:
#AddAddressTo Print
naam@domein
of
weergavenaam” <naam@domein>
Added to Address Book
adresboeknaam
Voorbe eld:
Added to Address Book
Print
Lijst met aan het
adresboek toegevoegde
adressen
De Integrated Fiery
Color Server toont ook
adressen die niet
toegevoegd kunnen
worden, met
vermelding van de
reden
Een adresboek
wissen
#ClearAddressBook
adresboeknaam
Voorbe eld:
#ClearAddressBook User
Address Book
adresboeknaam cleared
of
Address Book
adresboeknaam not
cleared
Voorbe eld:
Address Book User
cleared
Als het adresboek niet is
gewist, wordt de reden
opgegeven
Een adres
verwijderen uit een
adresboek
#DeleteAddressFrom
adresboeknaam
Voorbe eld:
#DeleteAddressFrom User
naam@domein
of
weergavenaam” <naam@domein>
Removed from Address
Book adresboeknaam
Voorbe eld:
Removed from
Address Book User
Adres 1 verwijderd
Adres 2 verwijderd
De Integrated Fiery
Color Server toont ook
adressen die niet
verwijderd kunnen
worden, met
vermelding van de
reden
Help opvragen
voor de e-mail-
services van de
Integrated Fiery
Color Server
#Help RE: Help Syntaxis van e-mail voor
probleemoplossing
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 66
EEN ADRESBOEK OPHALEN VANAF DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER
1 Start uw e-mailtoepassing.
2 Open een nieuw berichtvenster.
3 Typ in de Aan-regel het e-mailadres van de Integrated Fiery Color Server.
4 Typ in de onderwerpregel de opdracht en de naam van het adresboek.
Om bijvoorbeeld het adresboek van de gebruiker op te halen, typt u “#GetAddressBook
User.
5 Verzend het bericht.
Het antwoordbericht bevat de adressen van het opgegeven adresboek.
6 Kopieer de adressen naar een tekstbestand of sla het bericht op.
EEN ADRESBOEK TERUGZETTEN OP DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER
1 Start uw e-mailtoepassing.
2 Open een nieuw berichtvenster.
3 Typ in de Aan-regel het e-mailadres van de Integrated Fiery Color Server.
4 Typ in de onderwerpregel de opdracht en de naam van het adresboek.
Om bijvoorbeeld het adresboek van de gebruiker terug te zetten, typt u
“#GetAddressTo User”.
5 Kopieer de adressen van de inhoud van de e-mail met elk adres op een afzonderlijke regel.
U kunt ook bijnamen opslaan. Als een bijnaam of een adres langer is dan een regel, moet u
het verkorten tot het op de regel past.
6 Verzend het bericht.
7 Controleer in het e-mailbericht dat u als antwoord hebt ontvangen, of de adressen correct
zijn teruggezet.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 67
VDP-zoekpad
Gebruik de volgende informatie in Configure > PDL > VDP om het bestandszoekpad in te
stellen voor VDP-objecten.
Courante algemene zoekpaden instellen
Het zoekpad van een bestand bepaalt waar algemene VDP-bronnen (bijvoorbeeld: PostScript-
afbeeldingen en -lettertypen) zijn opgeslagen. Dit kan op een netwerkcomputer of op de
Integrated Fiery Color Server zijn. De Integrated Fiery Color Server doorzoekt vooraf
gedefinieerde paden tot de benodigde bronnen zijn gevonden. Als de bron niet wordt
gevonden, mislukt de taak. Breng gebruikers op de hoogte van de paden die u opgeeft,
zodat hun taken toegang krijgen tot de bronnen.
De Integrated Fiery Color Server doorzoekt paden voor VDP-bronnen in de onderstaande
volgorde:
1 Pad dat de gebruiker opgeeft in de taak
Zie “Gebruikers toestaan om een zoekpad voor één taak te definiëren op pagina 68.
2 Paden die u definieert in Configure voor courante algemene objecten
3 Pad dat de toepassing opgeeft voor VPS- of PPML-bronnen wanneer het de gegevensstroom
genereert
Voor elk van deze paden doorzoekt de Integrated Fiery Color Server de map en vervolgens
de submappen binnen die map. Nadat de Integrated Fiery Color Server de eerste bron heeft
gevonden, probeert het apparaat de tweede bron in dezelfde map te vinden. Als de tweede
bron niet in dezelfde map wordt gevonden, doorzoekt de Integrated Fiery Color Server in
de oorspronkelijke volgorde.
EEN ALGEMEEN PAD VOOR COURANTE VDP-OBJECTEN OPGEVEN
1 Kies PDL > VDP in Configure.
Ziepagina 53 voor meer informatie over het openen van Configure.
2 Klik op Toevoegen.
3 Geef de padnaam op in het venster dat verschijnt of klik op Bladeren om het pad
te doorzoeken.
Als u de padnaam typt, gebruikt u de notatie van een toegewezen station (bijvoorbeeld:
Z:\map) of een UNC (bijvoorbeeld: \\computernaam\\map).
4 Als het pad zich bevindt op een computer die verificatie vereist, selecteert u Authenticatie
via externe server en voert u de juiste gebruikersnaam en het juiste wachtwoord in.
5 Klik op OK.
6 Klik op Toevoegen om meer paden toe te voegen en herhaal deze stappen.
7 Klik op Toepassen.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 68
Gebruikers toestaan om een zoekpad voor één taak te definiëren
Een gebruiker kan één zoekpad invoeren wanneer de gebruiker de taak verzendt vanaf een
Windows-printerstuurprogramma of wanneer iemand achteraf de taak overschrijft om een
zoekpad op te nemen. Als u de padnaam typt, gebruikt u de notatie van een toegewezen
station (bijvoorbeeld: Z:\map) of een UNC (bijvoorbeeld: \\computernaam\\map).
Om een toegewezen station te gebruiken, moet het worden herkend door de Integrated Fiery
Color Server. Als de gebruiker bijvoorbeeld een pad opgeeft op de computer van de gebruiker
(bijvoorbeeld: C:\Mijn documenten\VDP), de Integrated Fiery Color Server, wordt er
verondersteld dat dit het station C:\ is op de Integrated Fiery Color Server. Als, in een ander
voorbeeld, “Z:” een netwerkstation is dat toegankelijk is voor gebruikers op hun netwerk,
kent de Integrated Fiery Color Server de locatie waarnaar “Z:” verwijst niet. Daarom moet u
een station toewijzen, zodat de Integrated Fiery Color Server ook de locatie waar de bronnen
zijn opgeslagen, kan herkennen.
Als u Extern bureaublad in Instelling hebt ingeschakeld, verbindt u de Integrated Fiery Color
Server met Extern bureaublad en gebruikt u de volgende procedure.
EEN STATION AAN EEN LETTER TOEWIJZEN DIE WORDT HERKEND DOOR DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER
1 Kies in het venster Verkenner het menu Extra > Netwerkverbinding maken.
2 Voer in het veld Station een letter in die nog niet is toegewezen.
3 Typ in het veld Pad de UNC van de netwerkcomputer die de gedeelde bronnen bevat of klik op
Bladeren en zoek de computer op het netwerk.
4 Klik op Voltooien.
5 Als u wordt gevraagd een netwerkwachtwoord in te voeren, typt u Beheerder in het veld
Verbinden als en typt ui het wachtwoord in het veld Wachtwoord. Klik vervolgens op OK.
6 Laat de gebruiker weten welke stationsletter moet worden gebruikt in het VDP-zoekpad
wanneer de gebruiker de taak naar de Integrated Fiery Color Server verzendt.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 69
De configuratiepagina afdrukken
De configuratiepagina bevat alle actieve instellingen in de huidige Instelling. Als u klaar bent
met de instelling, drukt u een configuratiepagina af om de instellingen te controleren. Bewaar
de huidige configuratiepagina dicht bij de Integrated Fiery Color Server zodat u deze snel
kunt raadplegen. Gebruikers hebben de informatie op deze pagina nodig, bijvoorbeeld de
huidige standaardinstellingen van de printer.
DE CONFIGURATIEPAGINA AFDRUKKEN UIT COMMAND WORKSTATION
1 Kies in Command WorkStation de optie Pagina’s afdrukken in het menu Server.
2 Klik op Configuratie.
3 Klik op Afdrukken.
4 Typ of kies het aantal exemplaren en klik op OK.
DE CONFIGURATIEPAGINA AFDRUKKEN VIA HET BEDIENINGSPANEEL VAN DE DIGITALE PERS
1 Druk op de knop Web Applications (Webtoepassingen) op het bedieningspaneel van de
digitale pers.
2 Druk op Info.
3 Druk op Configuratie.
4 Druk op Ja in het bevestigingsscherm.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 70
Optimale prestaties van de Integrated Fiery Color Server onderhouden
De Integrated Fiery Color Server vereist geen onderhoud. Naast de voor de hand liggende
eisen van service en onderhoud van de digitale pers en het bijvullen van verbruiksartikelen,
zijn er nog enkele maatregelen die u kunt nemen om de algehele prestaties van het systeem te
verbeteren:
Gebruik uw netwerkverbindingen op een zo goed mogelijke manier.
Publiceer alleen verbindingen die gebruikt zullen worden. De Integrated Fiery Color Server
controleert voortdurend alle gepubliceerde verbindingen, zelfs als deze niet actief zijn.
Controleer de gepubliceerde verbindingen door een configuratiepagina af te drukken.
Verwijder verbindingen die niet worden gebruikt. U kunt deze eenvoudig op elk gewenst
moment weer instellen.
Stel het afdrukken van minder urgente taken uit totdat er minder netwerkverkeer is of er
minder wordt afgedrukt.
U kunt terugkerende of minder urgente afdruktaken in de blokkeringswachtrij plaatsen.
De beheerder of een gebruiker van de hulpmiddelen voor taakbeheer met operatorrechten kan
dan bij minder verkeer alle taken van de blokkeringswachtrij verplaatsen (of kopiëren) naar de
afdrukwachtrij.
Beperk onnodige netwerkcommunicatie.
Grote aantallen gebruikers die Fiery-hulpprogrammas uitvoeren kunnen, met name als er
regelmatig updates plaatsvinden, de prestaties van de Integrated Fiery Color Server sterk
beïnvloeden.
Zorg ervoor dat u voldoende schijfruimte hebt op de Integrated Fiery Color Server.
Controleer regelmatig de lijst van afdruktaken in de blokkeringswachtrij en het aantal
afdruktaken dat zich in de wachtrij Afgedrukt bevindt.
Een beheerder kan taken in de wachtrij Afgedrukt en de blokkeringswachtrij afdrukken of
verwijderen. U kunt overwegen niet-actieve taken af te drukken of te verwijderen. Als er vaak
weinig schijfruimte op de Integrated Fiery Color Server is, kunt u de wachtrij Afgedrukt
uitschakelen en ervoor kiezen de blokkeringswachtrij niet te publiceren in Printerinstellingen.
Voor het verplaatsen of verwijderen van afdruktaken uit wachtrijen gebruikt u de
hulpmiddelen voor taakbeheer. Als u schijfruimte vrijmaakt door niet-actieve taken te
verwijderen, worden nieuwe taken sneller in wachtrijen geplaatst en afgedrukt.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 71
De Integrated Fiery Color Server afsluiten, rebooten en opnieuw
opstarten
Meestal kunt u de Integrated Fiery Color Server en de digitale pers altijd laten aanstaan. In dit
deel wordt uitgelegd hoe u de Integrated Fiery Color Server indien nodig kunt afsluiten,
rebooten en opnieuw opstarten.
De Integrated Fiery Color Server afsluiten
Wanneer u de Integrated Fiery Color Server moet afsluiten, worden naar de Integrated Fiery
Color Server gedownloade lettertypen niet verwijderd. Taken in de blokkeringswachtrij en
de afdrukwachtrij en taken die verwerkt maar niet afgedrukt zijn, worden niet verwijderd en
kunnen worden afgedrukt na het rebooten of opnieuw starten van de Integrated Fiery Color
Server.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER AFSLUITEN
1 Zorg dat de Integrated Fiery Color Server niet bezig is met het ontvangen, verwerken of
afdrukken van bestanden.
Als het systeem net klaar is met het verwerken van een taak, moet u minstens 5 seconden
wachten nadat het systeem de stand Niet actief heeft bereikt alvorens de afsluitprocedure
te starten.
2 Druk op de Aan/Uitknop van de digitale pers.
De Integrated Fiery Color Server rebooten of opnieuw starten
Als u de Integrated Fiery Color Server opnieuw opstart, wordt de systeemsoftware van de
Integrated Fiery Color Server opnieuw ingesteld zonder het volledige systeem te rebooten.
Netwerktoegang tot de Integrated Fiery Color Server is tijdelijk onderbroken en alle op dit
moment verwerkte taken worden beëindigd.
Als u een USB-stick gebruikt, moet u deze verwijderen voordat u opnieuw start. Anders zal
de Integrated Fiery Color Server niet opnieuw starten.
DE FIERY CONTROLLER BEHEREN 72
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER REBOOTEN OF OPNIEUW OPSTARTEN VIA HET BEDIENINGSPANEEL VAN DE
DIGITALE PERS
1 Zorg dat de Integrated Fiery Color Server niet bezig is met het ontvangen, verwerken of
afdrukken van bestanden.
2 Druk op Web Applications (Webtoepassingen) > Instelling > Server herstarten en selecteer
Systeem rebooten of Server herstarten.
3 Druk op de knop All Services (Alle services) om af te sluiten.
DE INTEGRATED FIERY COLOR SERVER REBOOTEN OF OPNIEUW OPSTARTEN VIA COMMAND WORKSTATION
1 Zorg dat de Integrated Fiery Color Server niet bezig is met het ontvangen, verwerken of
afdrukken van bestanden.
2 Kies Server herstarten of Server rebooten in het menu Server van Command WorkStation.
PROBLEMEN OPLOSSEN 73
PROBLEMEN OPLOSSEN
In dit hoofdstuk vindt u tips voor het oplossen van problemen.
Problemen met de Integrated Fiery Color Server oplossen
De opstartdiagnose wordt beschreven in de documentatie voor onderhoudstechnici. Neem
contact op met uw geautoriseerde Service/Support Center als u opstart-foutberichten krijgt
op Command WorkStation of als de Integrated Fiery Color Server niet de stand Niet actief
bereikt.
Runtime-foutberichten
Raadpleeg de Help van Command WorkStation voor foutmeldingen in verband met
het annuleren van taken en het afdrukken, met inbegrip van Schijf vol-meldingen en
waarschuwingen over het laden van media.
Gebruikers van Mac OS-toepassingen kunnen PostScript-foutrapportage inschakelen als een
afdrukoptie.
Printer niet gevonden
Als een printer niet kan worden gevonden in het netwerk, is de oorzaak meestal dat naam- of
adresinstellingen voor de Integrated Fiery Color Server met elkaar in conflict zijn of
ontbreken. U moet op bepaalde plaatsen bepaalde namen typen. De volgende namen zijn
vereist:
TCP/IP-hostnaam (wordt ook de DNS-naam genoemd), die door uw organisatie wordt
gedefinieerd.
Typ de hostnaam als de servernaam in Instelling van de Integrated Fiery Color Server.
Externe printernaam (interne naam). Gebruik een van de volgende namen:
print
hold
direct
O
PMERKING: Als u de DNS-naam (TCP/IP-hostnaam) van de Integrated Fiery Color Server
wijzigt, moet u een van de hulpprogrammas op elke computer opnieuw configureren.
PROBLEMEN OPLOSSEN 74
Raadpleeg de onderstaande tabel voor de juiste naam.
Kan geen verbinding met de Integrated Fiery Color Server maken met
hulpprogramma’s
Controleer de volgende punten als gebruikers geen verbinding kunnen maken met de
Integrated Fiery Color Server:
Instelling van Integrated Fiery Color Server: het juiste netwerkprotocol moet zijn
ingeschakeld, met de juiste parameters (voor TCP/IP is dit bijvoorbeeld het IP-adres). Verder
moet u de afdrukwachtrij of de blokkeringswachtrij publiceren.
U kunt deze instellingen snel controleren door een configuratiepagina af te drukken.
Op de clientcomputer: de juiste netwerkprotocollen moeten geladen zijn.
Op deze locatie Voor dit item TCP/IP-netwerken Raadpleeg
Algemene serverinstellingen servernaam Beheerder definieert
naam
Help van
Configure
Hosts-bestand van
Windows
hostnaam DNS-naam
(TCP/IP-hostnaam)
pagina 9
Windows Setup voor
TCP/IP
LPD-hostnaam DNS-naam
(TCP/IP-hostnaam)
pagina 12
naam van printer op
LPD-hostcomputer
print, hold of direct
UNIX /etc/
printcap-bestand (BSD)
rp-regel print, hold of direct pagina 13
Solaris lpadmin-wachtrijnaam print, hold of direct
Dialoogvenster Nieuwe
server toevoegen, bij de
configuratie van een
hulpprogramma
servernaam DNS-naam
(TCP/IP-hostnaam)
Hulpprogramma’s
PROBLEMEN OPLOSSEN 75
Kan geen verbinding met de Integrated Fiery Color Server maken met
Command WorkStation
Als er een probleem optreedt met het maken van verbinding met de Integrated Fiery Color
Server, wordt een foutbericht weergegeven.
Het probleem kan in de volgende situaties optreden:
De Integrated Fiery Color Server wordt het eerst ingeschakeld.
De Integrated Fiery Color Server wordt opnieuw gestart.
Wanneer u instellingen hebt gewijzigd die van invloed zijn op het serveradres, maar u de
verbinding met de server niet opnieuw hebt geconfigureerd.
Als u dit probleem tegenkomt, probeer dan de volgende oplossingen, in deze volgorde:
Een externe computer die de hulpprogrammas of WebTools gebruikt, kan storend werken
door statusinformatie op te vragen. Sluit indien mogelijk de externe toepassing en probeer
opnieuw verbinding te maken.
Start het programma Command WorkStation opnieuw en probeer opnieuw verbinding te
maken.
Start de Integrated Fiery Color Server opnieuw.
INDEX 77
1000BaseT 21
100BaseTX 21
10BaseT 21
A
aanraakscherm
afbeelding 25
toegang tot Instelling 25
Accountnaam, optie 51
Actie bij verkeerde combinatie, optie 31
Active Directory 12
afdrukken
CMYK, standaard 55
configuratiepagina 27
lettertypenlijst 27
Microsoft Office-bestanden 32
omslagpagina voor elke taak 55
opnieuw afdrukken van eerder afgedrukte
taken 17
paginas met serverinformatie 27
PostScript-bestanden 35
startpagina bij opstarten 30
takenlogboek, automatisch 33
verbindingen 17
verbindingen en wachtrijen 29
Afdrukken hervatten, opdracht 26
Afdrukken onderbrek., opdracht 26
Afdrukken toestaan voor, optie 31
Afdrukken tot PS-fout, optie 54
Afdrukken via e-mail inschakelen, optie 50
Afdrukstand, optie 56
Afdrukwachtrij
opnieuw afdrukken van taken 31
publiceren 30
Afdrukwachtrij publiceren, optie 30
afdrukwachtrij, beschrijving 17
afdrukwachtrijen 31
Afgedrukt, wachtrij 17, 31
anonymous, LDAP-authenticatiemethode 46
AppleTalk inschak., optie 43
AppleTalk-instellingen 43
AppleTalk-zone, optie 43
Aut. afdr. USB-med., optie 35
authenticatie
vereist voor algemeen afdrukken 31
vereist voor FTP-afdrukken 45
Authenticatiewachtwoord, optie (SNMP) 49
Auto IP-configuratie inschakelen, optie 36
Autom. configuratie gebruiken, optie 39
Automatisch overvullen, optie 54
B
Bedrukte zijde omlaag, optie 54
Begin, WebTool 18
beheerder
functies 58
installeren van de server 10
rechten 16
wachtwoord 59
bestandseindeteken (EOF), USB-
communicatie 35
Bestandseindeteken negeren, optie 35
bestandstypen en USB-poortinstellingen 35
Beveiligd afdrukken, opdracht 26
Beveiligingsniveau (SNMP), optie 47
binaire gegevens, afdrukken via USB-poort 35
Blokkeringswachtrij
beschrijving 17
publiceren 30
Blokkeringswachtrij publiceren, optie 30
BOOTP-protocol 36, 37
C
client instellen
overzicht 10
WebTools 57
CMYK standaard afdrukken 55
Command WorkStation
configuratiepagina 69
Instelling vanuit 53
problemen bij verbinding met server 75
configuratiepagina
afdrukken 27, 69
problemen met verbindingen oplossen 74
Configure, WebTool 19
INDEX
INDEX 78
contactinformatie voor de ondersteuning van de
afdrukserver 30
Courier-lettertype, automatisch gebruiken 54
Courier-vervanging toestaan, optie 54
CR toevoegen aan LF, optie 54
D
DHCP-protocol 36, 37
directe verbinding
beschrijving 17
publiceren 30
vereist voor downloaden van lettertypen 18
Directe verbinding publiceren, optie 30
DNS (Domain Name Server)
implicaties van een wijziging 73
instelling 38
naam van de lijstserver 12
DNS inschakelen, optie 38
DNS-adres, optie 38
Documenten, WebTool 18
Domeinnaam, optie in DNS-instellingen 38
downloaden van lettertypen, directe verbinding
vereist 18
Downloads, WebTool 18
E
E-mail-instelling 50
E-mail-logboek 27
E-mailadres beheerder, optie 52
E-mailadres, optie in E-mailinstelling 51
E-mailservices inschakelen, optie 50
eenvoudig, LDAP-authenticatiemethode 46
Elke scantaak wissen, optie 49
ethernet
Poortinstellingen 34
speed 34
Ethernetconnector 21
F
Fabrieksinstellingen 62
Filter bewerken, optie in
Beveiligingsinstellingen 41
Filter toevoegen, optie in
Beveiligingsinstellingen 41
Filter verwijderen, optie in
Beveiligingsinstellingen 41
Filterbeleid, optie 41
Form. lengte, optie 55
foutberichten
“Geen AppleTalk-zones gevonden” 43
PostScript 55
runtime 73
FreeForm-model 55
FTP-logboek 27
Functies, menu 26
G
gateway, adres automatisch toewijzen 37
Gateway-adres, optie 37
GSSAPI, LDAP-authenticatiemethode 46
H
herstellen van serverconfiguratie 62
hostnaam 12, 73
hulpmiddelen voor taakbeheer
taken verwijderen met 60
takenlogboek afdrukken 33
hulpprogrammas
vereiste afdrukverbindingen 30
I
Informatie, opdracht 27
instelling
beheersfuncties 58
netwerkinstellingen 34
openen 25
overzicht 22
poortinstellingen 34
printerinstellingen 29
protocolinstellingen 36
PS (PostScript)-instellingen 32
schermsoorten 25
server op een netwerk 10
service-instellingen 43
takenlogboek instellen 33
vanaf een netwerkcomputer 53
instelling oorspronkelijke documenten 32
internet, server benaderen met WebTools 18
IP-adres
automatisch toewijzen 36, 37
handmatig toewijzen 37
statisch 37
voor ethernet-instelling 37, 38
IP-filter inschakelen, optie 41
IP-filters 41
IP-poorten configureren, optie 40
IPP inschakelen, optie 44
INDEX 79
IPSec-instelling 42
IPv4, TCP/IP 36
IPv6 inschakelen, optie 37
IPv6, TCP/IP 37
J
Java-ondersteuning internetbrowser 57
K
Kalibreren, opdracht 28
Kleurendiagrammen 27
Kleurmodus, optie 55
L
Lade uitlijnen, opdracht 28
LDAP-instellingen 45
lettertypen
bron 55
lijst met lettertypen afdrukken 27
printerlettertypen op server 27
tekenbreedte 56
tekengrootte 56
Lettertypenummer (PCL), optie 55
lettertypevervanging 54
Logboek automatisch afdrukken na 55 taken,
optie 33
LPD (TCP/IP) 44
LPD inschakelen, optie 44
LPR (TCP/IP), UNIX 13
M
MAC-adresfilter inschakelen, optie 35
Master afdrukken, optie 55
Max. aantal resultaten, optie (LDAP) 47
Maximumgrootte bijlage, optie 49
Microsoft Office 32
N
naam geven aan server 29, 73
Naam van SNMP Community, optie 48
Navraaginterval, optie in E-mailinstelling 51
netwerk
ondersteunde protocollen 9
samenvatting installatie 10, 11
TCP/IP 11
netwerkinstellingen 34
netwerkkabel aansluiten 20
netwerkservers configureren 34
O
Omslagpagina, optie 55
onderhouden van serverprestaties 70
Ontvangstserver, optie in E-mailinstelling 51
Onveilige gebruikersnaam, optie (SNMP) 48
Operatorwachtwoord
rechten 16
wijzigen 59
Opmerking, optie in Windows-afdrukken 39
opnieuw afdrukken van taken 17
Overzicht bed.paneel 24
Overzicht van instellingen, opdracht 28
P
Paginataal, optie 31
Paginavolgorde, optie 55
PANTONE 27
Papierform. convert., optie 55
Papierformaat voor systeempaginas, optie 56
Passend maken, optie 56
PDF XObjects gebruiken, optie 56
PDF-bestanden, lettertypevervanging in 54
Poort 9100 inschak., optie in afdrukservices 44
Poort 9100-wachtrij, optie 44
Poort 9100-instellingen 44
Poortfilterinstelling 40
Poortinstellingen, Ethernet-instelling 34
Poorttime-out in seconden, optie 35
PostScript-bestanden, afdrukken 35
PostScript-fout 54
PostScript-instellingen, zie PS-instellingen
Primaire DNS-server, optie 38
printer
fout bij verbinden 73
niet gevonden 73
niet in Kiezer 73
Printerinstellingen 29
Printerrastermodus, optie 56
Privacywachtwoord, optie (SNMP) 49
problemen oplossen
Command WorkStation, problemen met
verbinding 75
Printer niet gevonden in de selectielijst met
hulpprogrammas 74
Printer niet gevonden op het netwerk 73
verbinden met printer mislukt 73
INDEX 80
protocollen
instellen 36
voor automatisch toewijzen van IP-
adressen 37
protocollen, netwerk 9
Proxy-instellingen inschakelen, optie 50
Proxy-instellingen, FTP
gebruikersnaam 50
gebruikerswachtwoord 50
inschakelen 49, 50
IP-adres 50
poortnummer 50
PS (PostScript)-instellingen 32
publiceren van verbindingen, overzicht 17
Punten, optie 56
R
Randen tekst/lijntek. verfijnen, optie 56
Recordlengte FreeForm 1, optie 32
regelterugloop, PCL-taken 54
RJ-45-connector 21
S
Scaninstellingen, WebTool 19
schijfruimte 70
Scope (SLP-instelling) 52
Secundaire DNS-server, optie 38
Selecteer een protocoloptie voor de toewijzing
van een IP-adres 37
Server herstarten, opdracht 28
Server wissen, opdracht 60
Servernaam, optie
Serverinstellingen 29
Windows-afdrukken 39
servers
aanraakscherm 25
achteraanzicht met connectoren 20
configuratie opslaan en herstellen 62
instelling 21
naam geven 29
prestaties onderhouden en verbeteren 70
Servertype, optie in E-mailinstelling 51
Service-instellingen 43
Services
IP-filterinstellingen 41
Poortfilterinstelling 40
SLP-instelling (Service Location Protocol) 52
SMB inschakelen, optie 43
SNMP inschakelen, optie 47
SNMP-setup 47
SNMP-standaardinst. herstellen, optie 47
SNTP inschakelen, optie 29
Standaard LPD-wachtrij, optie 44
standaardinstellingen 62
Startpagina afdrukken, optie 30
Startpagina, afdrukken 30
stuurprogrammas Aanwijzen en afdrukken 44
Stuurprogrammatype instellen, optie 44
Subnetmasker, optie 37
Symbolenset, optie 56
systeemsoftware, update 60
T
Taakvoorbeeld weergeven tijdens verwerking,
optie 30
Taken opgeslagen in wachtrij Afgedrukt,
optie 31
Ta ke n logbo ek
automatisch afdrukken 33
automatisch wissen 33
definitie 33
handmatig afdrukken 27
instelling 33
paginagrootte instellen 33
Takenlogboek automatisch afdrukken (elke 55
taken), optie 33
Takenlogboek automatisch wissen (elke 55
taken), optie 33
Takenlogboek elke 55 taken automatisch wissen,
optie 33
takenlogboek, taken wissen uit 60
TCP/IP
Ethernet-instelling 36
gepubliceerde verbindingen 30
hostnaam 73
met UNIX-werkstations 13
protocol instellen 36
Tekenbreedte, optie 56
tekens per inch 56
tekens, gebruikt in Command WorkStation 29
Tekenset gebruiken, optie 29
terminologie, algemeen 7
testpagina, afdrukken 27
Tijdserver, optie 29
Tijdzone, optie 29
INDEX 81
Time-out, optie
E-mail-instelling 51
FTP-instellingen 45
LDAP-instellingen 46
toegangsniveaus, instelling 14
Twisted Pair-kabel 21
Type authenticatie, optie (SNMP) 48
Type gateway, optie 37
Type privacy, optie (SNMP) 49
U
UNIX
externe printernaam 74
in TCP/IP-netwerk 13
printcap-bestand 74
USB-afdrukken 63
USB-instellingen 35
USB-poort inschakelen, optie 35
USB-poortinstell. 35
USB-poortinstellingen 35
V
VDP-instellingen 32
Veilige gebruikersnaam, optie (SNMP) 48
verbeteren van serverprestaties 70
verbinding met extern bureaublad 61
Verkeerde combinatie in taak inschakelen,
optie 31
Verkeerde combinatietime-out, optie 32
Verschuivingsmodus, optie 56
Verzendserver, optie in E-mailinstelling 51
W
Wachtrij Afgedrukt inschakelen, optie 31
wachtrijen
alles wissen 60
publiceren 30
Wachtwoord invoeren, optie,
beheerderswachtwoord 59
Wachtwoord vereisen voor afdrukken (FTP),
optie 45
Wachtwoord vereisen voor afdrukken van
takenlogboek, optie 33
wachtwoorden
beheerder, wijzigen 59
beheerdersrechten 16
E-mail-instelling 51
instellen 15
operatorrechten 16
WebTools
Begin 18
Configure 19
Documenten 18
Downloads 18
Werkgroep of domein, optie 39
wijzigen
Beheerderswachtwoord 59
hostnaam of DNS-naam 73
Windows-afdrukken
inschakelen 43
stuurprogrammas selecteren voor 44
Windows-afdrukken, domeinkwesties 12
Windows-instellingen 39
WINS IP-adres, optie 39
wissen van takenlogboek 33
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81

Xerox 700i/700 Installatie gids

Type
Installatie gids