Whirlpool U 12 A1 D/HA Gebruikershandleiding

Categorie
Koelkast-diepvriezers
Type
Gebruikershandleiding
DEUTSCH Gebrauchsanweisung Seite 4
ENGLISH Instructions for use Page 13
FRANÇAIS Mode d’emploi Page 23
NEDERLANDS Gebruiksaanwijzing Página 32
PORTUGUÊS Manual de utilização Pagina 41
ITALIANO Istruzioni per l’uso Pagina 50
32
WAARSCHUWING: om gevaar
als gevolg van instabiliteit te
voorkomen, moet de positionering
of bevestiging van het apparaat
worden uitgevoerd volgens de
instructies van de fabrikant.
WAARSCHUWING: houd de
ventilatieopeningen van het
apparaat vrij van obstakels.
WAARSCHUWING: beschadig
de koelcircuitleidingen van het
apparaat niet.
WAARSCHUWING: Gebruik
geen mechanische, elektrische of
chemische middelen behalve de
m
iddelen aanbevolen door de
fabrikant om het ontdooiproces te
versnellen.
WAARSCHUWING: Gebruik of
plaats geen elektrische apparaten
binnenin de
apparaatcompartimenten indien
deze niet het type zijn dat
uitdrukkelijk is goedgekeurd door
de Fabrikant.
WAARSCHUWING: ijsmakers
en/of waterdispensers die niet
rechtstreeks op het
waterleidingnet zijn aangesloten,
mogen uitsluitend met drinkwater
worden gevuld.
Informatie: D
it apparaat bevat
geen CFC's. Het koelcircuit bevat
R134a (HFC) of R600a (HC)
(raadpleeg het typeplaatje binnenin
het apparaat).
Apparaten met Isobutaan (R600a):
isobutaan is een natuurlijk gas
zonder impact op het milieu, maar
het is brandbaar. Zorg er daarom
voor dat de koelcircuitleidingen
niet beschadigd raken. Let vooral
op beschadigde leidingen die tot
het leegraken van het koelcircuit
leiden.
Dit p
roduct bevat mogelijk
fluorhoudende broeikasgassen
onder het Kyoto Protocol; het
koelgas zit binnenin een
hermetisch afgesloten systeem.
Koelgas: R134a heeft een
aardopwarmingspotentieel (GWP)
van 1.300.
C-pentaan wordt gebruikt als
blaasmiddel in het isolatieschuim
en is een licht ontvlambaar gas.
Ga zorgvuldig te werk bij het
weggooien.
Dit apparaat is bedoeld voor
gebruik in huishoudelijke en
gelijkaardige to
epassingen zoals
- personeelskeukens in winkels,
kantoren en overige
werkomgevingen;
- cottages en door klanten in
hotels, motels en andere
residentiële omgevingen;
- bed- and breakfast omgevingen;
- catering en soortgelijke non-
retail toepassingen
Bewaar geen explosieve stoffen
zoals aerosolspuitbussen met een
ontvlambaar drijfgas in dit
apparaat.
Dit apparaat mag worden gebruikt
door kinderen vanaf 8 jaar en
B
ELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
33
door personen met verminderde
fysieke, sensorische of mentale
vermogens of gebrek aan ervaring
en kennis, indien ze onder
toezicht staan of instructies
hebben ontvangen over het
gebruik van het apparaat en de
mogelijke gevaren ervan begrijpen.
Reiniging en gebruikersonderhoud
mogen niet door kinderen zonder
toezicht worden uitgevoerd.
Laat kinderen niet spelen met of
zich verstoppen binnenin het
apparaat om h
et risico te
vermijden dat kinderen vast
komen te zitten en verstikken.
Het moet mogelijk zijn het
apparaat van het elektriciteitsnet
af te koppelen door de stekker uit
het stopcontact te halen of via een
tweepolige netschakelaar die
bovenstrooms van het stopcontact
is geplaatst conform de nationale
veiligheidsnormen.
Steek de stekker van het apparaat
in een geaard stopcontact: het
apparaat moet correct worden
a
angesloten op een goedgekeurd
aardingssysteem.
Gebruik voor de aansluiting geen
meervoudige contactdozen of
verlengsnoeren.
Zorg er tijdens de installatie voor
dat het apparaat het netsnoer niet
beschadigt.
Trek niet aan het netsnoer.
Het apparaat moet gehanteerd en
geïnstalleerd worden door twee of
meer personen.
Om gevaar te voorkomen,
moeten installatie en onderhoud,
inclusief vervanging van het
nets
noer, worden uitgevoerd door
gekwalificeerd personeel aan de
hand van de aanwijzingen van de
fabrikant en conform de lokaal
geldende veiligheidsvoorschriften.
Repareer of vervang geen enkel
onderdeel van het apparaat,
behalve als dit expliciet
aangegeven wordt in de
gebruikershandleiding.
34
MILIEUTIPS
1. Verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn 100% recyclebaar en zijn
gemerkt met het recyclingsymbool . Leef de
plaatselijke afvalverwerkingsreglementen na.
Bewaar het verpakkingsmateriaal (plastic zakken,
polystyreen enz.) buiten bereik van kinderen; het kan
een bron van gevaar vormen.
2. Slopen/afdanken
Het apparaat is vervaardigd van recyclebaar materiaal.
Dit apparaat is voorzien van het merkte
ken volgens de
Europese Richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte
elektrische en elektronische apparaten (AEEA). Door
ervoor te zorgen dat dit apparaat op de juiste manier
wordt afgedankt, helpt u mogelijk schadelijke gevolgen
voor het milieu en de gezondheid te voorkomen.
Het symbool op het product of op de
begeleidende documentatie geeft aan dat dit apparaat
niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden, m
aar
dat het ingeleverd moet worden bij een speciaal
inzamelingscentrum voor de recycling van elektrische en
elektronische apparatuur. Bij het afdanken van het
apparaat dient u het onbruikbaar te maken door de
stroomkabel af te snijden en de deuren en schappen te
verwijderen zodat kinderen niet in het apparaat kunnen
klauteren en vast komen te zitten. Dank het apparaat af
conform de plaatselijke voorschrif
ten voor
afvalverwerking en breng het naar een speciaal
inzamelpunt; laat het apparaat niet onbewaakt achter,
zelfs niet voor een paar dagen, aangezien het een
potentieel gevaar vormt voor kinderen.
Voor meer informatie over behandeling, terugwinning en
recycling van dit product kunt u contact opnemen met
uw plaatselijke instantie, de vuilnisophaaldienst of de
winkel waar u dit product hebt gekocht.
C
onformiteitsverklaring
Dit apparaat werd ontwikkeld voor het bewaren van
voedsel en werd geproduceerd conform Richtlijn (EC)
nr. 1935/2004.
Dit apparaat werd ontworpen, geproduceerd en op
de markt gebracht conform:
- veiligheidsobjectieven van de richtlijn “Laagspanning”
2006/95/CE (ter vervanging van 73/23/CEE en
daaropvolgende wijzigingen);
- de beschermingsvoorwaarden van Richtlijn “EMC
2004/108/EC.
VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT
Lees aandachtig de gebruiksaanwijzingen met een
beschrijving van het product en nuttig advies om
het meeste te halen uit uw apparaat.
Bewaar deze instructies voor toekomstige
referentie.
1. Na het uitpakken van het apparaat controleert u of
het niet beschadigd is en dat de deur goed sluit.
Binnen de 24 uur na levering van het apparaat dient
alle schade gerapporte
erd te worden aan de verdeler.
2. Wacht minstens twee uur alvorens het apparaat in te
schakelen om zeker te stellen dat het koelcircuit
volledig efficiënt is.
3. Maak de binnenkant van het apparaat schoon alvorens
het te gebruiken.
ALGEMENE EN VEILIGHEIDSADVIEZEN
INSTALLATIE
Zorg dat u de vloer (bijv. parket) niet beschadigt
tijdens het verplaatsen van het apparaat.
Installeer het product niet in de buurt van een
warmtebron.
Installeer het apparaat op een vloer die voldoende
stevig is om het gewicht te dragen en op een plaats
die geschikt is voor de omvang en toepassing van
het apparaat.
Het apparaat is bedoeld voor gebruik op plaatsen
waar de temperatuur binnen het volgende bereik
komt, conform de klimaatklasse op het typeplaatje.
Mogelijk werkt het apparaat niet correct indien het
lange tijd op een te
mperatuur buiten het
aangegeven bereik wordt gebruikt.
Zorg dat de spanning op het typeplaatje
overeenkomt met de spanning in uw woning.
Klimaatklasse Omgeving T. (°C)
SN Van 10 tot 32
N Van 16 tot 32
ST Van 16 tot 38
T Van 16 tot 43
35
TIPS VOOR ENERGIESBESPARING
Installeer het apparaat in een droge, goed
geventileerde ruimte, ver bij eventuele
warmtebronnen vandaan (bijv. radiator, fornuis,
etc.) en op een plek die niet aan direct zonlicht
wordt blootgesteld. Gebruik indien nodig een
isolatieplaat.
Volg de installatie-instructies om voldoende
ventilatie te garanderen.
Door onvoldoende ventilatie aan de achterzijde van
het product neemt het energieverbruik toe en
neemt de koelefficiëntie af.
De binnentemperatuur van het apparaat kan
beïnvloed worden door de omgevingstemperatuur,
hoe vaak de deur wordt geopend en de plaats van
het apparaat. Bij het instellen van de temperatuur
moet rekening gehouden worden met deze
factoren.
Laat warme gerechten en dranken eerst afkoelen
voordat ze in het apparaat geplaatst worden.
Blokkeer de ventilator (indien aanwezig) niet met
levensmiddelen.
Nadat de levensmiddelen in het apparaat zijn
geplaatst, dient gecontroleerd te worden of de
deuren van de vakken goed sluiten, met name de
deur van het vriesvak.
Beperk het openen van deuren tot een minimum.
Plaats diepgevroren etenswaar die u wilt ontdooien
in de koelkast. De lage temperatuur van de
diepgevroren etenswaar koelt de etenswaar in de
koelkast.
A
pparaten kunnen over speciale compartimenten
beschikken (vak voor verse etenswaar, nul graden-
vak,...). Indien niet anders gespecificeerd in het
betreffende productboekje, kunnen deze
compartimenten verwijderd worden en blijven
daarbij vergelijkbare prestaties behouden.
De positionering van de platen in de koelkast heeft
geen invloed op het efficiënte energiegebruik. De
etenswaar dient zodanig op de platen geplaatst te
worden om voor voldoende luchtcirculatie te
zorgen (de verschillende etenswaar dient elkaar
niet te raken en de afstand tussen de etenswaar en
de achterwand moet behouden blijven).
U kunt de opslagcapaciteit voor ingevroren
etenswaar vergroten door opslagmanden en, indien
aanwezig, de Stop Frost-plaat te verwijderen en
daarbij een vergelijkbaar energieverbruik
behouden.
Een beschadigde afdic
hting dient zo snel mogelijk
vervangen te worden.
Producten van een hoge energieklasse zijn uitgerust
met een hoogrendementsmotor die langer blijft
werken, maar een laag energieverbruik hebben.
Maakt u zich dus geen zorgen als de motor langere
tijd blijft werken.
VEILIG GEBRUIK
Bewaar geen benzine, ontvlambare vloeistoffen of
gas in de buurt van dit apparaat of andere
elektrische apparaten. De dampen ku
nnen brand of
explosies veroorzaken.
De inhoud (niet toxisch) van de icepacks (in
sommige modellen) niet inslikken.
Eet geen ijsblokjes of ijslolly's onmiddellijk nadat u
deze uit de diepvriezer hebt gehaald omdat deze
koude brandwonden kunnen veroorzaken.
Bij producten ontworpen voor gebruik met een
luchtfilter in een toegankelijke ventilatorafdekking,
moet het filter altijd zijn aangebracht wanneer d
e
koelkast in bedrijf is.
Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
Gebruik het koelkastcompartiment uitsluitend voor
het bewaren van vers voedsel en het
diepvriezercompartiment uitsluitend voor het
bewaren van bevroren voedsel, het invriezen van
vers voedsel en het maken van ijsblokjes.
Bewaar geen glazen containers met v
loeistoffen in
het diepvriezercompartiment omdat ze kunnen
breken.
Vermijd het bewaren van onverpakt voedsel in
direct contact met interne oppervlakken van de
koelkast- of diepvriezercompartimenten.
De lamp die in het apparaat wordt gebruikt is
specifiek ontworpen voor huishoudapparaten en is
niet geschikt voor ruimteverlichting (EC Richtlijn nr.
244/2009).
De fabrikant aanvaardt geen enkele
aansprakelijkheid v
oor schade aan voorwerpen
of letsel aan personen of dieren die/dat
veroorzaakt is door het niet in acht nemen van
bovenstaand advies en de
voorzorgsmaatregelen.
36
In deze vriezer kunnen al ingevroren voedingsmiddelen
worden geplaatst en verse voedingsmiddelen worden
ingevroren. Op het typeplaatje van het apparaat staat
vermeld hoeveel verse levensmiddelen kunnen worden
ingevroren in 24 uur. De vriezer kan functioneren bij
omgevingstemperaturen tussen +10° C en + +38° C.
Optimale prestaties worden verkregen bij temperaturen
tussen +16° C en +38° C.
Inwerkingstelli
ng
van de vriezer
Het is niet nodig de temperatuur van de vriezer in te stellen
met de thermostaat, aangezien het apparaat al ingesteld is in
de fabriek.
Steek de stekker in het stopcontact. Het groene lampje gaat
branden, wat aangeeft dat het apparaat aan staat, en het rode
lampje, dat aangeeft dat de temperatuur te laag is in de
vriezer; dit lampje gaat na enkele minuten automatisch uit.
Instellen van
de
thermostaat
Met de instelknop kunt u de temperatuur van de vriezer
selecteren:
1 = Minimale koeling
5 = Maximale koeling
De thermostaatinstelling van de vriezer is afhankelijk
van variaties in de omgevingstemperatuur, de frequentie
waarmee de deur wordt geopend en de hoeveelheid in
te vriezen levensmiddelen.
Wij adviseren om eerst een gemiddelde instelling van 2 - 3 te gebruiken.
Functie van de lampjes
Het gr
oene lampje geeft aan dat het apparaat in werking is.
Het rode lampje (en bij sommige modellen ook een geluidstoon) geeft aan dat het apparaat niet de ideale
temperatuur heeft voor het conserveren van levensmiddelen.
Dit gebeurt:
Tijdens het in werking stellen van het product.
Bij het weer inschakelen na ontdooien of schoonmaken van de vriezer.
Wanneer er te veel levensmiddelen om in te vriezen
in
de vriezer zijn gelegd.
Wanneer de deur niet hermetisch is gesloten.
Wanneer de koelinstallatie defect is (zie "Storingen opsporen").
Wanneer de thermostaat op hogere waarden wordt ingesteld (lagere temperaturen).
Het gele lampje geeft de activering van de snelvriesfunctie aan.
Activeren van de snelvriesfunctie
Om een zo groot mogelijke hoeveelheid voedsel in te vriezen, moet de snelvriesschakelaa
r 24 u
ur voordat
het voedsel in de vriezer wordt gelegd, worden ingeschakeld. De maximaal aanbevolen hoeveelheid staat
vermeld op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. Als u de levensmiddelen in de vriezer legt,
kan het rode signaleringslampje gaan branden totdat de benodigde temperatuur bereikt is.
24 uur na het plaatsen van de levensmiddelen moet de schakelaar van de snelvriesfunctie w
eer
u
itgeschakeld worden.
Adviezen voor het invriezen en conserveren van verse levensmiddelen
Wikkel en verzegel de in te vriezen verse levensmiddelen in: aluminiumfolie, plastic folie, waterdichte
plastic verpakking, polyethyleen bakjes met deksel, diepvriesbakjes die geschikt zijn voor het invriezen
van levensmiddelen.
Het voedsel (met uitzondering van vlees, zie onder) moet vers, rijp en van goede
kw
aliteit zijn.
Alleen zo worden optimale ingevroren producten verkregen.
54
3
2
1
GEBRUIK VAN DE VRIEZER
bedieningspaneel
met cursor voor
de snelvriesfunctie
37
Verse groenten en fruit zo mogelijk direct na de oogst invriezen, om de voedingsstoffen, de structuur,
de consistentie, de kleur en de smaak te behouden.
Het verdient de voorkeur vlees en wild vóór het invriezen voldoende lang te laten besterven.
Opmerking:
Warme levensmiddelen altijd laten afkoelen alvorens ze in te vriezen.
Ontdooide of gedeeltelijk ontdooide levensmiddelen moeten onmiddellijk worden ge
consumeerd,
ofwel mogen niet opnieuw worden ingevroren, tenzij het ontdooide levensmiddel gebruikt wordt voor
de bereiding van een gerecht dat gekookt wordt.
Nadat het ontdooide levensmiddel gekookt is, mag het opnieuw worden ingevroren.
Invriezen en conserveren van levensmiddelen
Leg de in te vriezen levensmiddelen in de bovenste twee korven.
Belangrijk:
In de tabel hiernaast kunt u zien hoevee
l m
aanden verse ingevroren levensmiddelen bewaard
kunnen worden.
Classificatie van de ingevroren levensmiddelen
Leg de ingevroren producten in de laden (korven) en classificeer
ze. Gebruik de bewaarkalender waarmee de voedingsmiddelen
stipt kunnen worden verbruikt, afhankelijk van hun
houdbaarheid.
Tip voor het controleren van ingevroren levensmiddelen
Steek een thermometer voor lage temperaturen tussen de
d
iepvriesproducten, om de temperatuur ervan te controleren.
Als de thermometer op het diepvriesproduct zou worden
gelegd, wordt de luchttemperatuur aangegeven, die niet
overeenkomt met de temperatuur van het product zelf.
Adviezen voor het bewaren van diepvriesproducten
Let bij het kopen van diepvriesproducten op de volgende punten:
De verpakking of het pak moet onbeschadigd zijn, omdat het product an
ders ka
n bederven. Als een
pakje bol staat of als er vochtplekken op zitten, is het niet onder optimale omstandigheden bewaard en
kan het al gedeeltelijk zijn ontdooid.
De diepvriesproducten moeten als laatste worden gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd.
Zet de diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in de vriezer.
De gedeeltelijk ontdooide diepvriesproducten mogen niet opnieuw worden in
ge
vroren, maar moeten
binnen 24 uur worden geconsumeerd.
Variaties in temperatuur moeten vermeden worden of tot een minimum worden beperkt.
De uiterste houdbaarheidsdatum op de verpakking moet worden gerespecteerd.
De aanwijzingen op de verpakking voor het conserveren van diepvriesproducten moeten altijd worden
opgevolgd.
Verwijderen van de laden
Trek de laden zo ver mogelijk naar buiten, til ze een s
tu
kje op en haal ze weg.
Opmerking over de bruikbare capaciteit
De bruikbare capaciteit is berekend zonder de vier bovenste korven. De vriezer kan ook zonder de
korven worden gebruikt om een groter volume te krijgen, bijvoorbeeld voor het invriezen van gevogelte
en dergelijke.
Maken van ijsblokjes
Vul het ijsbakje voor 2/3 met water en zet het in de bak of in een korf.
Gebruik eventueel het handvat van
e
en lepel om het bakje los te maken, als dat aan de bodem van de
vriezer is vastgevroren. Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen.
Om de ijsblokjes eenvoudig te verwijderen buigt u het bakje om.
Opmerking:
Als de deur van de vriezer niet meteen geopend kan worden nadat hij gesloten is, wordt u verzocht twee
tot drie minuten te wachten, om de lage druk die zich gevormd heeft, te laten compenseren.
U
itschakeling
van de vriezer
Haal de stekker uit het stopcontact. Het groene lampje gaat uit, en ook alle andere lampjes die aan
waren.
MAANDEN VOEDSEL
38
Verwijder altijd de stekker uit het stopcontact of koppel hoe dan ook het apparaat af van de
stroomtoevoer, alvorens onderhouds- en reinigingswerkzaamheden te gaan plegen. Wij raden u
aan de vriezer een of twee maal per jaar te ontdooien, of wanneer de ijsvorming op de wanden
drie 3 mm dik is geworden.
Het is raadzaam het vak te ontdooien wanneer u weinig voorraad heeft.
Als er nog diepvriesproducten in
de vriezer aanwezig zijn, moet de snelvriesschakelaar enkele uren
voordat tot ontdooien wordt overgegaan worden ingeschakeld, om de voedingsmiddelen nog verder af
te koelen.
Open de deur en haal alle levensmiddelen uit de vriezer, wikkel ze dicht tegen elkaar in krantenpapier
en bewaar ze op een koele plaats of in een koeltas.
Haal de stekker van de vriezer uit het stopcontact.
Laat de deur van de vriezer open zodat ijs kan smelten.
Verwijder het afvoerkanaal voor dooiwater en zet een bakje onder de afvoer.
Reinig de binnenkant van de vriezer met een vochtige spons met lauw water en/of een neutraal
schoonmaakmiddel.
Gebruik geen schuurmiddelen.
Spoel goed en droog zorgvuldig af.
Sluit de vriezer en schakel de snelvriesfunctie in. Plaats de voedingsmiddelen en schakel het snelvriezen
na enkele uren uit.
Als u de vriezer langere tijd niet gebruikt
Maak de vriezer leeg.
Haal de stekker van de vriezer uit het stopcontact.
Ontdooi het apparaat en reinig de binnenwanden.
Laat de deur open om te voorkomen dat er onaangename geuren ontstaan.
Deurafdichting
Maak de deurafdichting geregeld schoon met water, en wrijf hem daarna zorgvuldig droog.
Behandel hem nooit met olie of vet.
Belangrijk
Controleer o
f de ventilatie- en ontluchtingsopeningen open zijn, om een regelmatige luchtcirculatie toe
te staan.
DE VRIEZER ONTDOOIEN EN REINIGEN
Reinig de condensator aan de achterkant van het apparaat regelmatig met
een stofzuiger of een borstel.
Bij lange afwezigheid
Maak de vriezer leeg.
Haal de stekker uit het stopcontact.
Ontdooi het apparaat en reinig de binnenkant.
Laat de deur open om te voorkomen dat er onaangename
geuren ontstaan en om het apparaat te laten drogen.
REINIGING EN ONDERHOUD
39
1. Het apparaat werkt niet.
• Is de stroom uitgevallen?
• Zit de stekker wel goed in het stopcontact?
• Is de zekering doorgebrand?
• Is de voedingskabel beschadigd?
2. De temperatuur in de vakken is te hoog.
• Sluiten de deuren wel goed?
• Staat het apparaat dicht bij een warmtebron?
• Staat de thermostaat in de goede stand?
• Wordt de luchtcirculatie door de ventilatieopeningen gehinderd?
3. De temperatuur
i
n de vriezer is te laag.
• Staat de thermostaat in de goede stand?
4. Er staat water op de bodem van de vriezer.
• Is de vriezer goed schoongemaakt voordat hij is ingeschakeld?
• Is het apparaat aangesloten en werkt het correct?
• Zit de deur goed dicht?
5. De gele, rode en groene controlelampjes gaan niet branden. Controleer eerst de
aanwijzingen onder punt 1 en neem daarna pas contact op met de klanten
service.
6
. Het rode lampje blijft branden
Controleer het volgende:
• Is het apparaat op de juiste manier in werking gesteld?
• Zijn er te veel voedingsmiddelen tegelijkertijd ingevroren?
• Zit de deur goed dicht?
• Is de vriezer defect?
• Staat de thermostaat op een te hoge stand?
Opmerkingen:
Het feit dat de rand aan de voorkant van de koelkast warm is wijst niet op een defect maar
dient om condensvorming t
e voorkomen.
Het koelcircuit kan borrelen of expansiegeluiden maken; dat is normaal.
STORINGEN OPSPOREN
Voordat u contact opneemt met de
Klantenservice:
1. Ga na of u de storingen niet zelf kunt verhelpen
(zie “Storingen opsporen”).
2. Zet het apparaat opnieuw aan om te zien of het
ongemak is verholpen. Als dit niet het geval is,
schakel het apparaat dan opnieuw uit en
herhaal de handeling na een uur.
3. Al
s o
ok dat niet helpt, wend u dan tot onze
Klantenservice.
Vermeld de volgende gegevens:
de aard van de storing,
het model,
het servicenummer (nummer achter het woord
SERVICE op het typeplaatje),
uw volledige adres,
uw telefoonnummer en netnummer.
Opmerking:
Het verwijderen van de deur van het
apparaat door onze Klantenservice wordt
niet beschouwd als een ingreep die onder de
garantie valt.
KLANTENSERVICE
40
Installeer de vriezer niet in de buurt van warmtebronnen.
Installatie in een hete omgeving, rechtstreekse blootstelling
aan de zon of opstelling van het apparaat in de buurt van een
warmtebron (kachel, fornuis) verhogen het stroomverbruik
en dienen te worden vermeden.
Als dit niet mogelijk is, neem dan de volgende minimum
afstanden in acht:
- 30 cm vanaf fornuizen die werken op kolen of petroleum
- 3 cm v
anaf elektrische fornuizen.
Installeer het apparaat op een droge en goed geventileerde
plaats.
Reinig de binnenkant (zie hoofdstuk "De vriezer ontdooien en
reinigen").
Controleer de afdichting van de deur, in het bijzonder na
montage of eventuele omkering van de opening van de deur.
Elektrische aansluiting
Houd u aan de plaatselijke voorschriften voor de
elektrische aansluiting.
De gegevens met betrekking tot de spanning en het
opgenomen vermogen staan op het typeplaatje in het
apparaat.
De aarding van het apparaat is wettelijk verplicht.
De fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid
voor eventueel letsel aan personen, dieren of voor
schade aan voorwerpen, die veroorzaakt is door het
niet in acht nemen van deze voorschriften.
Als de stekker en het stopcontact niet van hetzelfde type
zijn, laat h
et stopcontact dan vervangen door een
gekwalificeerd technicus.
Gebruik geen verlengsnoeren of meervoudige adapters.
Afkoppeling van het elektriciteitsnet
Moet mogelijk zijn door de stekker uit het stopcontact te
halen of via een tweepolige schakelaar bovenstrooms van
het stopcontact.
Omkeren van de deur
1) Draai de twee schroeven van het bovenste scharnier los (links of rechts)
2) Haal het bovenste scharnier weg
3) Haal de deur weg
4) Draai de twee schroeven van het onderste scharnier los (links of rechts)
5) Plaats de twee bovenste dopjes aan de tegenoverliggende kant
6) Plaats de twee onderste dopjes aan de tegenoverliggende kant
7) Plaats het bovenste scharnier aan de onderkant van de tegenoverliggende
kant
8) Plaats de deur op de pen van het onderste scharnier
9) Plaats het onderste scharnier aan de bovenkant van de tegenoverliggende
kant
10) Draai de twee scharnieren vast.
Gebruik hiervoor een geschikte schroevendraaier.
INSTALLATIE
min 200 cm
2
1224
1225 - 1233
1126
540
540
560
58
58
min 550
min 50

Documenttranscriptie

DEUTSCH Gebrauchsanweisung Seite 4 ENGLISH Instructions for use Page 13 Mode d’emploi Page 23 FRANÇAIS NEDERLANDS Gebruiksaanwijzing Página 32 PORTUGUÊS Manual de utilização Pagina 41 Istruzioni per l’uso Pagina 50 ITALIANO BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES zonder impact op het milieu, maar • WAARSCHUWING: om gevaar het is brandbaar. Zorg er daarom als gevolg van instabiliteit te voor dat de koelcircuitleidingen voorkomen, moet de positionering niet beschadigd raken. Let vooral of bevestiging van het apparaat op beschadigde leidingen die tot worden uitgevoerd volgens de het leegraken van het koelcircuit instructies van de fabrikant. leiden. • WAARSCHUWING: houd de • Dit product bevat mogelijk ventilatieopeningen van het apparaat vrij van obstakels. fluorhoudende broeikasgassen • WAARSCHUWING: beschadig onder het Kyoto Protocol; het de koelcircuitleidingen van het koelgas zit binnenin een apparaat niet. hermetisch afgesloten systeem. • WAARSCHUWING: Gebruik Koelgas: R134a heeft een geen mechanische, elektrische of aardopwarmingspotentieel (GWP) chemische middelen behalve de van 1.300. middelen aanbevolen door de • C-pentaan wordt gebruikt als fabrikant om het ontdooiproces te blaasmiddel in het isolatieschuim versnellen. en is een licht ontvlambaar gas. • WAARSCHUWING: Gebruik of Ga zorgvuldig te werk bij het plaats geen elektrische apparaten weggooien. binnenin de • Dit apparaat is bedoeld voor apparaatcompartimenten indien gebruik in huishoudelijke en deze niet het type zijn dat gelijkaardige toepassingen zoals - personeelskeukens in winkels, uitdrukkelijk is goedgekeurd door kantoren en overige de Fabrikant. werkomgevingen; • WAARSCHUWING: ijsmakers - cottages en door klanten in en/of waterdispensers die niet hotels, motels en andere rechtstreeks op het residentiële omgevingen; waterleidingnet zijn aangesloten, - bed- and breakfast omgevingen; mogen uitsluitend met drinkwater - catering en soortgelijke nonworden gevuld. retail toepassingen Informatie: Dit apparaat bevat geen CFC's. Het koelcircuit bevat • Bewaar geen explosieve stoffen R134a (HFC) of R600a (HC) zoals aerosolspuitbussen met een (raadpleeg het typeplaatje binnenin ontvlambaar drijfgas in dit het apparaat). apparaat. • Apparaten met Isobutaan (R600a): • Dit apparaat mag worden gebruikt isobutaan is een natuurlijk gas door kinderen vanaf 8 jaar en 32 • Gebruik voor de aansluiting geen meervoudige contactdozen of verlengsnoeren. • Zorg er tijdens de installatie voor dat het apparaat het netsnoer niet beschadigt. • Trek niet aan het netsnoer. • Het apparaat moet gehanteerd en geïnstalleerd worden door twee of meer personen. • Om gevaar te voorkomen, moeten installatie en onderhoud, inclusief vervanging van het netsnoer, worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel aan de hand van de aanwijzingen van de fabrikant en conform de lokaal geldende veiligheidsvoorschriften. Repareer of vervang geen enkel onderdeel van het apparaat, behalve als dit expliciet aangegeven wordt in de gebruikershandleiding. door personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, indien ze onder toezicht staan of instructies hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat en de mogelijke gevaren ervan begrijpen. • Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd. • Laat kinderen niet spelen met of zich verstoppen binnenin het apparaat om het risico te vermijden dat kinderen vast komen te zitten en verstikken. • Het moet mogelijk zijn het apparaat van het elektriciteitsnet af te koppelen door de stekker uit het stopcontact te halen of via een tweepolige netschakelaar die bovenstrooms van het stopcontact is geplaatst conform de nationale veiligheidsnormen. • Steek de stekker van het apparaat in een geaard stopcontact: het apparaat moet correct worden aangesloten op een goedgekeurd aardingssysteem. 33 MILIEUTIPS stroomkabel af te snijden en de deuren en schappen te verwijderen zodat kinderen niet in het apparaat kunnen klauteren en vast komen te zitten. Dank het apparaat af conform de plaatselijke voorschriften voor afvalverwerking en breng het naar een speciaal inzamelpunt; laat het apparaat niet onbewaakt achter, zelfs niet voor een paar dagen, aangezien het een potentieel gevaar vormt voor kinderen. Voor meer informatie over behandeling, terugwinning en recycling van dit product kunt u contact opnemen met uw plaatselijke instantie, de vuilnisophaaldienst of de winkel waar u dit product hebt gekocht. 1. Verpakking De verpakkingsmaterialen zijn 100% recyclebaar en zijn gemerkt met het recyclingsymbool . Leef de plaatselijke afvalverwerkingsreglementen na. Bewaar het verpakkingsmateriaal (plastic zakken, polystyreen enz.) buiten bereik van kinderen; het kan een bron van gevaar vormen. 2. Slopen/afdanken Het apparaat is vervaardigd van recyclebaar materiaal. Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese Richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte elektrische en elektronische apparaten (AEEA). Door ervoor te zorgen dat dit apparaat op de juiste manier wordt afgedankt, helpt u mogelijk schadelijke gevolgen voor het milieu en de gezondheid te voorkomen. Conformiteitsverklaring • Dit apparaat werd ontwikkeld voor het bewaren van voedsel en werd geproduceerd conform Richtlijn (EC) nr. 1935/2004. • Dit apparaat werd ontworpen, geproduceerd en op de markt gebracht conform: - veiligheidsobjectieven van de richtlijn “Laagspanning” 2006/95/CE (ter vervanging van 73/23/CEE en daaropvolgende wijzigingen); - de beschermingsvoorwaarden van Richtlijn “EMC” 2004/108/EC. Het symbool op het product of op de begeleidende documentatie geeft aan dat dit apparaat niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden, maar dat het ingeleverd moet worden bij een speciaal inzamelingscentrum voor de recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Bij het afdanken van het apparaat dient u het onbruikbaar te maken door de VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT Lees aandachtig de gebruiksaanwijzingen met een beschrijving van het product en nuttig advies om het meeste te halen uit uw apparaat. Bewaar deze instructies voor toekomstige referentie. 1. Na het uitpakken van het apparaat controleert u of het niet beschadigd is en dat de deur goed sluit. Binnen de 24 uur na levering van het apparaat dient alle schade gerapporteerd te worden aan de verdeler. 2. Wacht minstens twee uur alvorens het apparaat in te schakelen om zeker te stellen dat het koelcircuit volledig efficiënt is. 3. Maak de binnenkant van het apparaat schoon alvorens het te gebruiken. ALGEMENE EN VEILIGHEIDSADVIEZEN INSTALLATIE • Zorg dat u de vloer (bijv. parket) niet beschadigt tijdens het verplaatsen van het apparaat. • Installeer het product niet in de buurt van een warmtebron. • Installeer het apparaat op een vloer die voldoende stevig is om het gewicht te dragen en op een plaats die geschikt is voor de omvang en toepassing van het apparaat. • Het apparaat is bedoeld voor gebruik op plaatsen waar de temperatuur binnen het volgende bereik komt, conform de klimaatklasse op het typeplaatje. Mogelijk werkt het apparaat niet correct indien het lange tijd op een temperatuur buiten het aangegeven bereik wordt gebruikt. Klimaatklasse SN N ST T Omgeving T. (°C) Van 10 tot 32 Van 16 tot 32 Van 16 tot 38 Van 16 tot 43 • Zorg dat de spanning op het typeplaatje overeenkomt met de spanning in uw woning. 34 • Bewaar geen glazen containers met vloeistoffen in het diepvriezercompartiment omdat ze kunnen breken. • Vermijd het bewaren van onverpakt voedsel in direct contact met interne oppervlakken van de koelkast- of diepvriezercompartimenten. • De lamp die in het apparaat wordt gebruikt is specifiek ontworpen voor huishoudapparaten en is niet geschikt voor ruimteverlichting (EC Richtlijn nr. 244/2009). VEILIG GEBRUIK • Bewaar geen benzine, ontvlambare vloeistoffen of gas in de buurt van dit apparaat of andere elektrische apparaten. De dampen kunnen brand of explosies veroorzaken. • De inhoud (niet toxisch) van de icepacks (in sommige modellen) niet inslikken. • Eet geen ijsblokjes of ijslolly's onmiddellijk nadat u deze uit de diepvriezer hebt gehaald omdat deze koude brandwonden kunnen veroorzaken. • Bij producten ontworpen voor gebruik met een luchtfilter in een toegankelijke ventilatorafdekking, moet het filter altijd zijn aangebracht wanneer de koelkast in bedrijf is. • Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of onderhoudswerkzaamheden begint. • Gebruik het koelkastcompartiment uitsluitend voor het bewaren van vers voedsel en het diepvriezercompartiment uitsluitend voor het bewaren van bevroren voedsel, het invriezen van vers voedsel en het maken van ijsblokjes. De fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade aan voorwerpen of letsel aan personen of dieren die/dat veroorzaakt is door het niet in acht nemen van bovenstaand advies en de voorzorgsmaatregelen. TIPS VOOR ENERGIESBESPARING • Installeer het apparaat in een droge, goed geventileerde ruimte, ver bij eventuele warmtebronnen vandaan (bijv. radiator, fornuis, etc.) en op een plek die niet aan direct zonlicht wordt blootgesteld. Gebruik indien nodig een isolatieplaat. • Volg de installatie-instructies om voldoende ventilatie te garanderen. • Door onvoldoende ventilatie aan de achterzijde van het product neemt het energieverbruik toe en neemt de koelefficiëntie af. • De binnentemperatuur van het apparaat kan beïnvloed worden door de omgevingstemperatuur, hoe vaak de deur wordt geopend en de plaats van het apparaat. Bij het instellen van de temperatuur moet rekening gehouden worden met deze factoren. • Laat warme gerechten en dranken eerst afkoelen voordat ze in het apparaat geplaatst worden. • Blokkeer de ventilator (indien aanwezig) niet met levensmiddelen. • Nadat de levensmiddelen in het apparaat zijn geplaatst, dient gecontroleerd te worden of de deuren van de vakken goed sluiten, met name de deur van het vriesvak. • Beperk het openen van deuren tot een minimum. • Plaats diepgevroren etenswaar die u wilt ontdooien in de koelkast. De lage temperatuur van de diepgevroren etenswaar koelt de etenswaar in de koelkast. • Apparaten kunnen over speciale compartimenten beschikken (vak voor verse etenswaar, nul gradenvak,...). Indien niet anders gespecificeerd in het betreffende productboekje, kunnen deze compartimenten verwijderd worden en blijven daarbij vergelijkbare prestaties behouden. • De positionering van de platen in de koelkast heeft geen invloed op het efficiënte energiegebruik. De etenswaar dient zodanig op de platen geplaatst te worden om voor voldoende luchtcirculatie te zorgen (de verschillende etenswaar dient elkaar niet te raken en de afstand tussen de etenswaar en de achterwand moet behouden blijven). • U kunt de opslagcapaciteit voor ingevroren etenswaar vergroten door opslagmanden en, indien aanwezig, de Stop Frost-plaat te verwijderen en daarbij een vergelijkbaar energieverbruik behouden. • Een beschadigde afdichting dient zo snel mogelijk vervangen te worden. • Producten van een hoge energieklasse zijn uitgerust met een hoogrendementsmotor die langer blijft werken, maar een laag energieverbruik hebben. Maakt u zich dus geen zorgen als de motor langere tijd blijft werken. 35 GEBRUIK VAN DE VRIEZER In deze vriezer kunnen al ingevroren voedingsmiddelen worden geplaatst en verse voedingsmiddelen worden ingevroren. Op het typeplaatje van het apparaat staat vermeld hoeveel verse levensmiddelen kunnen worden ingevroren in 24 uur. De vriezer kan functioneren bij omgevingstemperaturen tussen +10° C en + +38° C. Optimale prestaties worden verkregen bij temperaturen tussen +16° C en +38° C. Inwerkingstelling van de vriezer • Het is niet nodig de temperatuur van de vriezer in te stellen met de thermostaat, aangezien het apparaat al ingesteld is in de fabriek. • Steek de stekker in het stopcontact. Het groene lampje gaat branden, wat aangeeft dat het apparaat aan staat, en het rode lampje, dat aangeeft dat de temperatuur te laag is in de vriezer; dit lampje gaat na enkele minuten automatisch uit. Instellen van de thermostaat Met de instelknop kunt u de temperatuur van de vriezer selecteren: 1 = Minimale koeling 4 5 5 = Maximale koeling 3 De thermostaatinstelling van de vriezer is afhankelijk van variaties in de omgevingstemperatuur, de frequentie 2 1 waarmee de deur wordt geopend en de hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen. Wij adviseren om eerst een gemiddelde instelling van 2 - 3 te gebruiken. bedieningspaneel met cursor voor de snelvriesfunctie Functie van de lampjes Het groene lampje geeft aan dat het apparaat in werking is. Het rode lampje (en bij sommige modellen ook een geluidstoon) geeft aan dat het apparaat niet de ideale temperatuur heeft voor het conserveren van levensmiddelen. Dit gebeurt: • Tijdens het in werking stellen van het product. • Bij het weer inschakelen na ontdooien of schoonmaken van de vriezer. • Wanneer er te veel levensmiddelen om in te vriezen in de vriezer zijn gelegd. • Wanneer de deur niet hermetisch is gesloten. • Wanneer de koelinstallatie defect is (zie "Storingen opsporen"). • Wanneer de thermostaat op hogere waarden wordt ingesteld (lagere temperaturen). Het gele lampje geeft de activering van de snelvriesfunctie aan. Activeren van de snelvriesfunctie Om een zo groot mogelijke hoeveelheid voedsel in te vriezen, moet de snelvriesschakelaar 24 uur voordat het voedsel in de vriezer wordt gelegd, worden ingeschakeld. De maximaal aanbevolen hoeveelheid staat vermeld op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. Als u de levensmiddelen in de vriezer legt, kan het rode signaleringslampje gaan branden totdat de benodigde temperatuur bereikt is. 24 uur na het plaatsen van de levensmiddelen moet de schakelaar van de snelvriesfunctie weer uitgeschakeld worden. Adviezen voor het invriezen en conserveren van verse levensmiddelen • Wikkel en verzegel de in te vriezen verse levensmiddelen in: aluminiumfolie, plastic folie, waterdichte plastic verpakking, polyethyleen bakjes met deksel, diepvriesbakjes die geschikt zijn voor het invriezen van levensmiddelen. • Het voedsel (met uitzondering van vlees, zie onder) moet vers, rijp en van goede kwaliteit zijn. Alleen zo worden optimale ingevroren producten verkregen. 36 • Verse groenten en fruit zo mogelijk direct na de oogst invriezen, om de voedingsstoffen, de structuur, de consistentie, de kleur en de smaak te behouden. Het verdient de voorkeur vlees en wild vóór het invriezen voldoende lang te laten besterven. Opmerking: • Warme levensmiddelen altijd laten afkoelen alvorens ze in te vriezen. • Ontdooide of gedeeltelijk ontdooide levensmiddelen moeten onmiddellijk worden geconsumeerd, ofwel mogen niet opnieuw worden ingevroren, tenzij het ontdooide levensmiddel gebruikt wordt voor de bereiding van een gerecht dat gekookt wordt. Nadat het ontdooide levensmiddel gekookt is, mag het opnieuw worden ingevroren. Invriezen en conserveren van levensmiddelen • Leg de in te vriezen levensmiddelen in de bovenste twee korven. Belangrijk: In de tabel hiernaast kunt u zien hoeveel maanden verse ingevroren levensmiddelen bewaard kunnen worden. Classificatie van de ingevroren levensmiddelen MAANDEN VOEDSEL Leg de ingevroren producten in de laden (korven) en classificeer ze. Gebruik de bewaarkalender waarmee de voedingsmiddelen stipt kunnen worden verbruikt, afhankelijk van hun houdbaarheid. Tip voor het controleren van ingevroren levensmiddelen Steek een thermometer voor lage temperaturen tussen de diepvriesproducten, om de temperatuur ervan te controleren. Als de thermometer op het diepvriesproduct zou worden gelegd, wordt de luchttemperatuur aangegeven, die niet overeenkomt met de temperatuur van het product zelf. Adviezen voor het bewaren van diepvriesproducten Let bij het kopen van diepvriesproducten op de volgende punten: • De verpakking of het pak moet onbeschadigd zijn, omdat het product anders kan bederven. Als een pakje bol staat of als er vochtplekken op zitten, is het niet onder optimale omstandigheden bewaard en kan het al gedeeltelijk zijn ontdooid. • De diepvriesproducten moeten als laatste worden gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd. • Zet de diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in de vriezer. • De gedeeltelijk ontdooide diepvriesproducten mogen niet opnieuw worden ingevroren, maar moeten binnen 24 uur worden geconsumeerd. • Variaties in temperatuur moeten vermeden worden of tot een minimum worden beperkt. De uiterste houdbaarheidsdatum op de verpakking moet worden gerespecteerd. • De aanwijzingen op de verpakking voor het conserveren van diepvriesproducten moeten altijd worden opgevolgd. Verwijderen van de laden • Trek de laden zo ver mogelijk naar buiten, til ze een stukje op en haal ze weg. Opmerking over de bruikbare capaciteit De bruikbare capaciteit is berekend zonder de vier bovenste korven. De vriezer kan ook zonder de korven worden gebruikt om een groter volume te krijgen, bijvoorbeeld voor het invriezen van gevogelte en dergelijke. Maken van ijsblokjes • Vul het ijsbakje voor 2/3 met water en zet het in de bak of in een korf. • Gebruik eventueel het handvat van een lepel om het bakje los te maken, als dat aan de bodem van de vriezer is vastgevroren. Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen. • Om de ijsblokjes eenvoudig te verwijderen buigt u het bakje om. Opmerking: Als de deur van de vriezer niet meteen geopend kan worden nadat hij gesloten is, wordt u verzocht twee tot drie minuten te wachten, om de lage druk die zich gevormd heeft, te laten compenseren. Uitschakeling van de vriezer • Haal de stekker uit het stopcontact. Het groene lampje gaat uit, en ook alle andere lampjes die aan waren. 37 DE VRIEZER ONTDOOIEN EN REINIGEN Verwijder altijd de stekker uit het stopcontact of koppel hoe dan ook het apparaat af van de stroomtoevoer, alvorens onderhouds- en reinigingswerkzaamheden te gaan plegen. Wij raden u aan de vriezer een of twee maal per jaar te ontdooien, of wanneer de ijsvorming op de wanden drie 3 mm dik is geworden. Het is raadzaam het vak te ontdooien wanneer u weinig voorraad heeft. • Als er nog diepvriesproducten in de vriezer aanwezig zijn, moet de snelvriesschakelaar enkele uren voordat tot ontdooien wordt overgegaan worden ingeschakeld, om de voedingsmiddelen nog verder af te koelen. • Open de deur en haal alle levensmiddelen uit de vriezer, wikkel ze dicht tegen elkaar in krantenpapier en bewaar ze op een koele plaats of in een koeltas. • Haal de stekker van de vriezer uit het stopcontact. • Laat de deur van de vriezer open zodat ijs kan smelten. • Verwijder het afvoerkanaal voor dooiwater en zet een bakje onder de afvoer. • Reinig de binnenkant van de vriezer met een vochtige spons met lauw water en/of een neutraal schoonmaakmiddel. Gebruik geen schuurmiddelen. • Spoel goed en droog zorgvuldig af. • Sluit de vriezer en schakel de snelvriesfunctie in. Plaats de voedingsmiddelen en schakel het snelvriezen na enkele uren uit. Als u de vriezer langere tijd niet gebruikt • Maak de vriezer leeg. • Haal de stekker van de vriezer uit het stopcontact. • Ontdooi het apparaat en reinig de binnenwanden. • Laat de deur open om te voorkomen dat er onaangename geuren ontstaan. Deurafdichting • Maak de deurafdichting geregeld schoon met water, en wrijf hem daarna zorgvuldig droog. Behandel hem nooit met olie of vet. Belangrijk • Controleer of de ventilatie- en ontluchtingsopeningen open zijn, om een regelmatige luchtcirculatie toe te staan. REINIGING EN ONDERHOUD Reinig de condensator aan de achterkant van het apparaat regelmatig met een stofzuiger of een borstel. Bij lange afwezigheid • Maak de vriezer leeg. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Ontdooi het apparaat en reinig de binnenkant. • Laat de deur open om te voorkomen dat er onaangename geuren ontstaan en om het apparaat te laten drogen. 38 STORINGEN OPSPOREN 1. Het apparaat werkt niet. • Is de stroom uitgevallen? • Zit de stekker wel goed in het stopcontact? • Is de zekering doorgebrand? • Is de voedingskabel beschadigd? 2. De temperatuur in de vakken is te hoog. • Sluiten de deuren wel goed? • Staat het apparaat dicht bij een warmtebron? • Staat de thermostaat in de goede stand? • Wordt de luchtcirculatie door de ventilatieopeningen gehinderd? 3. De temperatuur in de vriezer is te laag. • Staat de thermostaat in de goede stand? 4. Er staat water op de bodem van de vriezer. • Is de vriezer goed schoongemaakt voordat hij is ingeschakeld? • Is het apparaat aangesloten en werkt het correct? • Zit de deur goed dicht? 5. De gele, rode en groene controlelampjes gaan niet branden. Controleer eerst de aanwijzingen onder punt 1 en neem daarna pas contact op met de klantenservice. 6. Het rode lampje blijft branden Controleer het volgende: • Is het apparaat op de juiste manier in werking gesteld? • Zijn er te veel voedingsmiddelen tegelijkertijd ingevroren? • Zit de deur goed dicht? • Is de vriezer defect? • Staat de thermostaat op een te hoge stand? Opmerkingen: • Het feit dat de rand aan de voorkant van de koelkast warm is wijst niet op een defect maar dient om condensvorming te voorkomen. • Het koelcircuit kan borrelen of expansiegeluiden maken; dat is normaal. KLANTENSERVICE Voordat u contact opneemt met de Klantenservice: Vermeld de volgende gegevens: • de aard van de storing, • het model, • het servicenummer (nummer achter het woord SERVICE op het typeplaatje), • uw volledige adres, • uw telefoonnummer en netnummer. 1. Ga na of u de storingen niet zelf kunt verhelpen (zie “Storingen opsporen”). 2. Zet het apparaat opnieuw aan om te zien of het ongemak is verholpen. Als dit niet het geval is, schakel het apparaat dan opnieuw uit en herhaal de handeling na een uur. 3. Als ook dat niet helpt, wend u dan tot onze Klantenservice. Opmerking: Het verwijderen van de deur van het apparaat door onze Klantenservice wordt niet beschouwd als een ingreep die onder de garantie valt. 39 INSTALLATIE • Installeer de vriezer niet in de buurt van warmtebronnen. Installatie in een hete omgeving, rechtstreekse blootstelling aan de zon of opstelling van het apparaat in de buurt van een warmtebron (kachel, fornuis) verhogen het stroomverbruik en dienen te worden vermeden. • Als dit niet mogelijk is, neem dan de volgende minimum afstanden in acht: - 30 cm vanaf fornuizen die werken op kolen of petroleum - 3 cm vanaf elektrische fornuizen. • Installeer het apparaat op een droge en goed geventileerde plaats. • Reinig de binnenkant (zie hoofdstuk "De vriezer ontdooien en reinigen"). • Controleer de afdichting van de deur, in het bijzonder na montage of eventuele omkering van de opening van de deur. mi n5 0 54 n5 50 40 0 0 1126 1224 cm 58 n mi 0 20 Omkeren van de deur 1) Draai de twee schroeven van het bovenste scharnier los (links of rechts) 2) Haal het bovenste scharnier weg 3) Haal de deur weg 4) Draai de twee schroeven van het onderste scharnier los (links of rechts) 5) Plaats de twee bovenste dopjes aan de tegenoverliggende kant 6) Plaats de twee onderste dopjes aan de tegenoverliggende kant 7) Plaats het bovenste scharnier aan de onderkant van de tegenoverliggende kant 8) Plaats de deur op de pen van het onderste scharnier 9) Plaats het onderste scharnier aan de bovenkant van de tegenoverliggende kant 10) Draai de twee scharnieren vast. Gebruik hiervoor een geschikte schroevendraaier. 54 56 2 Afkoppeling van het elektriciteitsnet • Moet mogelijk zijn door de stekker uit het stopcontact te halen of via een tweepolige schakelaar bovenstrooms van het stopcontact. 0 58 mi 1225 - 1233 Elektrische aansluiting • Houd u aan de plaatselijke voorschriften voor de elektrische aansluiting. • De gegevens met betrekking tot de spanning en het opgenomen vermogen staan op het typeplaatje in het apparaat. • De aarding van het apparaat is wettelijk verplicht. De fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor eventueel letsel aan personen, dieren of voor schade aan voorwerpen, die veroorzaakt is door het niet in acht nemen van deze voorschriften. • Als de stekker en het stopcontact niet van hetzelfde type zijn, laat het stopcontact dan vervangen door een gekwalificeerd technicus. • Gebruik geen verlengsnoeren of meervoudige adapters.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60

Whirlpool U 12 A1 D/HA Gebruikershandleiding

Categorie
Koelkast-diepvriezers
Type
Gebruikershandleiding