HQ CP10 Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

9
NEDERLANDS
1. Om uw huidige positie te bepalen heeft u twee zichtbare
oriëntatiepunten nodig (berg, heuvel, eiland, enz.) waarvan
de locatie is aangegeven op een landkaart. Uw van een
lens voorziene kompas maakt het voor u mogelijk om
twee rechte lijnen te trekken op uw landkaart, van de
oriëntatiepunten naar uw eigen locatie. Het snijpunt van de
twee lijnen is uw huidige positie. Kies orntatiepunten die
ver uit elkaar liggen voor een grotere precisie.
2. Draai de lens zodat de langste lijn op de lens op één lijn
komt met het draad in de deksel zoals is afgebeeld in afb. 1,
houd dan het kompas dicht bij uw oog en kijk door de lens.
Gebruik de duimring om het kompas stabiel en horizontaal
te houden. Tuur door de spleet in de deksel en richt de
draad op het oriëntatiepunt, kijk dan omlaag op het kompas
door de lens en noteer de richting in graden waar de draad
zich bevind. Deze manier van kompas lezen wordt "peiling"
genoemd.
3. Herhaal stap 2 voor het tweede oriëntatiepunt.
4. Plaats uw landkaart op een plat oppervlak en plaats uw
kompas op uw landkaart, beweeg de kaart op dusdanige
wijze dat de kaart naar het noorden wijst. Uw kaart
is nu gericht. Zoek de plaatselijke variatie tussen het
geografi sche noorden en het magnetische noorden, wijzig
de resultaten van uw peiling uit de stappen 1 en 2 door de
lokale variatie er bij op te tellen dan wel er van af te trekken.
U moet de variatie aftrekken wanneer het magnetische
noorden ten westen is van het geografi sche noorden. Tel
de variatie bij uw peilingen op wanneer het magnetische
noorden ten oosten is van het geogra sche noorden.
5. Plaats een gradenboog op het eerste oriëntatiepunt op
uw landkaart, breng de gradenboog op één lijn met het
geografi sche noorden zoals is afgebeeld op afbeelding 2.
Trek een rechte lijn in de hoek van uw gecorrigeerde peiling
uit stap 4.
6. Herhaal stap 5 voor het tweede oriëntatiepunt. U bevind
zic h op d e locat ie waar deze twee lijnen elkaar kruisen zoals
is afgebeeld in afbeelding 3.
10
7. Wanneer u uw bestemming heeft bereikt kunt u deze
procedure herhalen met dezelfde oriëntatiepunten, of
eventuele nieuwe wanneer de omstandigheden daar om
vragen.
Onderhoud:
Uitsluitend reinigen met een droge doek. Gebruik geen
reinigingsmiddelen of schuurmiddelen.
Garantie:
Voor wijzigingen en veranderingen aan het product of schade
veroorzaakt door een verkeerd gebruik van dit product, kan
geen aansprakelijkheid worden geaccepteerd. Tevens vervalt
daardoor de garantie.
Algemeen:
Wijziging van ontwerp en specifi caties zonder voorafgaande
mededeling onder voorbehoud.
Alle logo's, merken en productnamen zijn handelsmerken
of geregistreerde handelsmerken van de respectievelijke
eigenaren en worden hierbij als zodanig erkend.
Copyright ©

Documenttranscriptie

NEDERLANDS 1. 2. 3. 4. 5. 6. Om uw huidige positie te bepalen heeft u twee zichtbare oriëntatiepunten nodig (berg, heuvel, eiland, enz.) waarvan de locatie is aangegeven op een landkaart. Uw van een lens voorziene kompas maakt het voor u mogelijk om twee rechte lijnen te trekken op uw landkaart, van de oriëntatiepunten naar uw eigen locatie. Het snijpunt van de twee lijnen is uw huidige positie. Kies oriëntatiepunten die ver uit elkaar liggen voor een grotere precisie. Draai de lens zodat de langste lijn op de lens op één lijn komt met het draad in de deksel zoals is afgebeeld in afb. 1, houd dan het kompas dicht bij uw oog en kijk door de lens. Gebruik de duimring om het kompas stabiel en horizontaal te houden. Tuur door de spleet in de deksel en richt de draad op het oriëntatiepunt, kijk dan omlaag op het kompas door de lens en noteer de richting in graden waar de draad zich bevind. Deze manier van kompas lezen wordt "peiling" genoemd. Herhaal stap 2 voor het tweede oriëntatiepunt. Plaats uw landkaart op een plat oppervlak en plaats uw kompas op uw landkaart, beweeg de kaart op dusdanige wijze dat de kaart naar het noorden wijst. Uw kaart is nu gericht. Zoek de plaatselijke variatie tussen het geografische noorden en het magnetische noorden, wijzig de resultaten van uw peiling uit de stappen 1 en 2 door de lokale variatie er bij op te tellen dan wel er van af te trekken. U moet de variatie aftrekken wanneer het magnetische noorden ten westen is van het geografische noorden. Tel de variatie bij uw peilingen op wanneer het magnetische noorden ten oosten is van het geografische noorden. Plaats een gradenboog op het eerste oriëntatiepunt op uw landkaart, breng de gradenboog op één lijn met het geografische noorden zoals is afgebeeld op afbeelding 2. Trek een rechte lijn in de hoek van uw gecorrigeerde peiling uit stap 4. Herhaal stap 5 voor het tweede oriëntatiepunt. U bevind zich op de locatie waar deze twee lijnen elkaar kruisen zoals is afgebeeld in afbeelding 3. 9 7. Wanneer u uw bestemming heeft bereikt kunt u deze procedure herhalen met dezelfde oriëntatiepunten, of eventuele nieuwe wanneer de omstandigheden daar om vragen. Onderhoud: Uitsluitend reinigen met een droge doek. Gebruik geen reinigingsmiddelen of schuurmiddelen. Garantie: Voor wijzigingen en veranderingen aan het product of schade veroorzaakt door een verkeerd gebruik van dit product, kan geen aansprakelijkheid worden geaccepteerd. Tevens vervalt daardoor de garantie. Algemeen: Wijziging van ontwerp en specificaties zonder voorafgaande mededeling onder voorbehoud. Alle logo's, merken en productnamen zijn handelsmerken of geregistreerde handelsmerken van de respectievelijke eigenaren en worden hierbij als zodanig erkend. Copyright © 10
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24

HQ CP10 Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor