HP Latex 1500 Printer Handleiding

Type
Handleiding
HP Latex 1500 printer
Handleiding voor plaatsing
© Copyright 2016–2020 HP Development
Company, L.P.
Versie 2
Wettelijke kennisgevingen
De informatie in dit document kan zonder
vooraankondiging worden gewijzigd.
De enige garanties voor producten en diensten
van HP worden vermeld in de specieke
garantieverklaring die bij dergelijke producten en
diensten is meegeleverd. Niets in dit document
mag worden opgevat als aanvullende garantie.
HP kan niet aansprakelijk worden gesteld voor
technische of redactionele fouten of
weglatingen in dit document.
Inhoudsopgave
1 Inleiding ...................................................................................................................................................................................................... 1
Systeemconguratie ................................................................................................................................................................ 1
Documentatie ............................................................................................................................................................................ 1
Overzicht voor plaatsing .......................................................................................................................................................... 1
Verantwoordelijkheid van de klant ........................................................................................................................................ 2
2 De locatie voorbereiden ........................................................................................................................................................................... 5
De installatie van de printer plannen .................................................................................................................................... 5
Tijdschema van installatie ....................................................................................................................................................... 5
Vereisten voor systeemgebruik ............................................................................................................................................. 6
Vereisten voor luchttoevoer (pneumatische as) ............................................................................................................... 12
Vereisten voor ruimte en omgeving .................................................................................................................................... 12
De printerproductieruimte ontwerpen ............................................................................................................................... 15
Computer- en netwerkvereisten .......................................................................................................................................... 17
3 Voorbereiding van de aankomst van de zending .............................................................................................................................. 21
Losplaats ................................................................................................................................................................................. 21
Route van de losplaats tot de installatielocatie ................................................................................................................ 21
Verzenditems .......................................................................................................................................................................... 22
Gereedschappen en mankracht vereist voor installatie .................................................................................................. 22
Verhuisapparatuur ................................................................................................................................................................. 22
Afvalverwijdering .................................................................................................................................................................... 25
NLWW iii
iv NLWW
1 Inleiding
Systeemconguratie
Uw printer wordt vrijwel volledig gemonteerd geleverd en is gereed voor de eenvoudige installatieprocedures die
in detail worden beschreven in de installatiehandleiding. Het apparaat wordt compleet met printkoppen en een
rol voor het reinigen van de printkoppen geleverd.
Documentatie
De volgende handleidingen worden geleverd bij uw printer en kunnen ook worden gedownload van
http://www.hp.com/go/Latex1500/manuals/:
Inleidende informatie
Beperkte garantie
Juridische informatie
Handleiding voor locatievoorbereiding
Checklist voor plaatsing
Installatiehandleiding
Gebruikershandleiding
Overzicht voor plaatsing
Deze handleiding zou ondersteuning moeten bieden bij de volgende planningsoverwegingen:
Aanpassingen aan het installatiegebied
Toegankelijkheid van de locatie
Nooduitgangen
Planning van de printerruimte
Mechanische, elektrische en milieutechnische specicaties
Computer- en netwerkaansluitingen
Een gespecialiseerd verhuisbedrijf inschakelen met een vorkheftruck en/of geschikte verhuisuitrusting;
alleen vereist als de locatie niet voldoet aan de voorwaarden om de printer met de steunrails te laten
zakken
Een elektricien inschakelen
NLWW Systeemconguratie 1
Alle informatie in deze handleiding wordt geleverd op basis van de aanname dat de installatieplanners en het
personeel vertrouwd zijn met:
Vereisten op het gebied van architectuur en planning
Van toepassing zijnde wetten, voorschriften en normen
OPMERKING: Het is belangrijk de informatie die in deze handleiding wordt verstrekt zorgvuldig door te lezen en
ervoor te zorgen dat u aan alle installatie- en bedieningsvereisten, veiligheidsprocedures, waarschuwingen en
lokale voorschriften voldoet.
Verantwoordelijkheid van de klant
De locatie en de printeromgeving plannen
U bent verantwoordelijk voor alle voorbereidingen op de fysieke locatie en u moet de volgende taken uitvoeren:
De locatie voor het uitladen voorbereiden. Zie Losplaats op pagina 21.
Ervoor zorgen dat de route van de locatie voor uitladen naar de plaats van installatie aan de specicaties
voldoet. Zie Route van de losplaats tot de installatielocatie op pagina 21.
Ervoor zorgen dat u over de noodzakelijke apparatuur beschikt om de printer te hanteren en dat er een
gespecialiseerde verhuizer ter plaatse is die vertrouwd is met uw locatie en met de informatie die in deze
handleiding wordt verstrekt. Zie Verhuisapparatuur op pagina 22.
Voldoen aan de vereisten voor installaties op een hogere verdieping (indien noodzakelijk). Zie Installatie op
een hogere verdieping op pagina 24.
Het elektrische systeem van het gebouw dat wordt gebruikt om de printer van stroom te voorzien zodanig
congureren dat wordt voldaan aan de vereisten voor de printer en aan de voorschriften op
elektriciteitsgebied in het lokale rechtsgebied van het land waar de apparatuur wordt geïnstalleerd. De
printer moet op de dag van installatie worden opgestart door een bevoegde elektricien. Zie Elektrische
conguratie op pagina 6.
Een adequate luchttoevoer voor de pneumatische assen verzorgen. Zie Vereisten voor luchttoevoer
(pneumatische as) op pagina 12.
Voldoe aan de vereisten voor temperatuur en vochtigheid en zorg voor een juiste ventilatie van de printer.
Zie Ventilatie op pagina 13 en Omgevingsspecicaties op pagina 12.
Alle noodzakelijk noodhulpapparatuur verstrekken. Zie Veiligheidsinstallaties op pagina 15.
RIP-installatie
Als u HP RIP-software hebt aangeschaft voor uw printer:
U moet ervoor zorgen dat een computer beschikbaar is waarop de RIP kan worden geïnstalleerd.
Als u over de volledige functionaliteit wilt beschikken, wordt aanbevolen ervoor te zorgen dat de computer
verbonden is met internet.
U moet ervoor zorgen dat de HP RIP-software is gearriveerd op de overeengekomen installatiedatum voor
de printer.
2 Hoofdstuk 1 Inleiding NLWW
Als u RIP-software van een andere producent dan HP hebt aangeschaft voor uw printer:
OPMERKING: Deze handleiding bevat geen informatie over uw RIP-oplossing.
U moet de RIP installeren op een geschikte computer en ervoor zorgen dat deze volledig functioneel is op
de overeengekomen installatiedatum voor de printer.
Als u over de volledige functionaliteit wilt beschikken, wordt aanbevolen ervoor te zorgen dat de computer
verbonden is met internet.
U moet ervoor zorgen dat een RIP-specialist en een netwerkspecialist aanwezig zijn op de
overeengekomen installatiedatum voor de printer.
Netwerken
U bent verantwoordelijk voor alle netwerkvereisten en u moet de volgende taken voltooien:
OPMERKING: Teneinde ondersteuning op afstand te kunnen bieden, moet de printer toegang tot internet
hebben via de LAN-verbinding.
Beschikken over een adequaat netwerk op de dag van installatie. Zie Computer- en netwerkvereisten
op pagina 17.
Een CAT-6 LAN-kabel verstrekken om de printer met uw LAN te verbinden op de dag van installatie.
Afdrukbenodigdheden voor test- en trainingsdoeleinden
U bent verantwoordelijk voor de levering van de volgende afdrukbenodigdheden:
Zeven inktcartridges, voor de zes kleuren en de optimizer (er zijn geen cartridges bij de printer
meegeleverd)
OPMERKING: Bovendien wordt u geadviseerd om een tweede set van zeven inktpatronen, vier
printkoppen en één HP 871 Latex-schoonmaakrol bij de hand te houden, voor het geval vervangingen
noodzakelijk zijn.
Toevoer van perslucht voor de pneumatische as. Zie Persluchtvoorziening op pagina 12.
Enkele substraatrollen om te printen; bij voorkeur het substraattype dat u in de toekomst het meest denkt
te gebruiken
De checklist voor plaatsing terugsturen
De checklist moet volledig worden ingevuld en minstens twee weken vóór de leverdatum worden teruggestuurd
naar de leverancier of servicevertegenwoordiger.
OPMERKING: Eventuele vertragingen tijdens de installatie die worden veroorzaakt doordat de locatie niet
gereed is worden in rekening gebracht aan de klant. Zorg ervoor dat uw locatie op de juiste wijze is voorbereid
om een soepele en gemakkelijke installatie te waarborgen.
Recycle de wegwerpbare inktzak en HP 871 Latex-schoonmaakrol
Deze items moeten in overeenstemming met de lokale voorschriften worden afgevoerd. Raadpleeg voor verdere
informatie het document met het veiligheidsinformatieblad (MSDS) voor de inkt van uw printer, dat beschikbaar
is op http://www.hp.com/hpinfo/community/environment/productinfo/psis_inkjet.htm.
De printkoppen recyclen
De printkoppen moeten in overeenstemming met de lokale voorschriften worden afgevoerd. Raadpleeg voor
verdere informatie het document met het veiligheidsinformatieblad (MSDS) voor de inkt van uw printer, dat
NLWW Verantwoordelijkheid van de klant 3
beschikbaar is op http://www.hp.com/hpinfo/community/environment/productinfo/psis_inkjet.htm. In sommige
landen, die onder de 'HP Planet Partners Returns' vallen, biedt HP een recyclingprogramma aan. Voor de
volledige details van dit programma kunt u terecht op http://www.hp.com/recycle/.
Wegwerpen van vloeibaar afval
Werp vloeibaar afval weg conform nationale en plaatselijke wetgeving.
Het datasheet over afvalproelen bevat de vereiste informatie voor een adequate verwijdering. Dit document
vindt u hier: https://hplatexknowledgecenter.com/applications/wasteproles/.
4 Hoofdstuk 1 Inleiding NLWW
2 De locatie voorbereiden
De installatie van de printer plannen
In dit hoofdstuk komen de belangrijkste onderwerpen aan de orde met betrekking tot een eiciënte planning en
voorbereiding van de locatie. Houd rekening met eventuele bouwkundige aanpassingen die zijn vereist en met de
tijd die nodig is voor het indienen van plannen en het laten goedkeuren hiervan door de relevante lokale
autoriteiten. Tevens is mogelijk een veilige tijdelijke opslag van het verzendkrat vóór de installatie van de
apparatuur noodzakelijk.
VOORZICHTIG: Alle kabels die met de printer worden aangesloten, moeten door geschikte leidingen lopen; deze
kuinnen bovenshoofds of door de grond lopen. Als mensen struikelen over losse draden of kabels kan dit leiden
tot persoonlijk letsel en/of schade aan de apparatuur.
Tijdschema van installatie
Een juist voorbereide locatie vormt de beste waarborg voor een soepele en gemakkelijke installatie. Het
volgende geschatte tijdschema is gebaseerd op de aanname dat alle systeemonderdelen correct werkend zijn
aangeleverd en dat aan alle vereisten voor het voorbereiden en plannen van de locatie is voldaan, in
overeenstemming met de specicaties in deze handleiding. Het installatieproces bestaat uit twee fasen:
Voltooiingstijd
Installatie en systeemconguratie 1,5 volledige werkdag
Gebruiks- en onderhoudstraining 2,5 volledige werkdag
Voor het optimale tijdschema zijn ongeveer vier werkdagen nodig. Het kan echter nodig zijn om voor een van de
fases extra tijd te plannen. Houd bij het plannen rekening met eventuele bijzondere omstandigheden die zich
kunnen voordoen tijdens het installatieproces en plan geen productiewerk in tijdens de installatie en training.
Als de RIP-software is aangeschaft bij HP, omvat de training het normale gebruik van de RIP. De volgende
aspecten van RIP-gebruik komen aan bod:
HP Scitex ONYX Thrive 211 RIP
RIP-wachtrij
Congureer de printer (Quickset, apparaat-uitvoer, media, paginaformaat, eigenschappen)
Hoofditems van de Job Editor (Printer and Media Selection, Preview and Size, Tiling Setup, Color Correction,
Print)
De Media Manager komt niet aan bod.
NLWW De installatie van de printer plannen 5
HP Scitex CALDERA GRAND RIP V10
Serverbeheer (Server, Congure, Connection)
GrandRIP+ (Programma, hulpmiddel, instellingen)
Spooler
Image Work Directory (Image Positioning en schaalinstelling op de pagina, enz.)
Het maken van proelen komt niet aan bod.
Vereisten voor systeemgebruik
Elektrische conguratie
OPMERKING: Voor het instellen en congureren van het elektriciteitssysteem dat wordt gebruikt om de printer
te voeden en voor de printerinstallatie is een elektricien vereist. Zorg ervoor dat de elektricien over de juiste
certicaten beschikt conform de plaatselijke verordeningen en dat hij alle informatie krijgt met betrekking tot de
elektriciteitsconguratie.
De HP Internal Print Server wordt van stroom voorzien via een enkelfasige lijn die kan worden gebruikt met een
ononderbroken stroomvoorziening (UPS). De ononderbroken stroomvoorziening moet voldoen aan de
stroomvereisten van de printer en aan de bedradingsnormen in het land van installatie.
Voor de printer moeten de volgende elektrische onderdelen worden geleverd en geïnstalleerd door de klant,
volgens de vereisten van de Elektrische Code van het plaatselijke rechtsgebied van het land waar de apparatuur
wordt geïnstalleerd.
1. Ononderbroken stroomvoorziening (UPS) voor enkelfasige lijn (optioneel)
6 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
OPMERKING: De voeding voor de HP Internal Print Server power kan worden verzorgd via een verbinding
binnen de elektrische kast.
2. Eenheid voor stroomdistributie, met inbegrip van eenfasige aansluiting van de stroomonderbreker
(optioneel)
3. Eenheid voor stroomdistributie inclusief driefasige aansluiting van de stroomonderbreker, afhankelijk van
de voedingsconguratie
OPMERKING: Onthoud dat u zich bij de installatie van uw printer aan de lokale wetten, voorschriften en
elektrische normen moet houden.
OPMERKING: Bij de printer worden geen stroomkabels geleverd.
Eenheid voor stroomdistributie
De eenheid voor stroomdistributie moet voldoen aan de stroomvereisten van de printer en aan de voorschriften
op elektriciteitsgebied in het lokale rechtsgebied van het land waar de apparatuur wordt geïnstalleerd.
Voedingsspecicaties
Conguratie 1: 380–415 V driefasige lijn-naar-lijn line-conguratie
Voedingsspecicaties
Aantal voedingsdraden 5 (L1/L2/L3/N/PE)
Invoerspanning (lijn tot lijn) 380 – 415 V
Ingangsfrequentie 50/60 Hz
Energieverbruik (typisch): 8–10 kW
Maximale belasting (per fase) 30 A
Specicaties voor aparte stroomonderbreker
Driefase 4-polig, 32/40 A
Specicaties stroomkabel
Conguratie 5 draden, L1/L2/L3/N/PE
Draad Koper, met trekontlasting, minimaal 6 mm² of 10 AWG
Aansluitingen Lijnen, ferrule-aansluitingen, PE, M8-ringaansluiting
Bereik externe diameter 22.0–33.0 mm
NLWW Vereisten voor systeemgebruik 7
Conguratie 2: 200–240 V driefasige lijn-naar-lijn line-conguratie
Voedingsspecicaties
Aantal netsnoeren) 4 (L1/L2/L3/PE)
Invoerspanning (lijn tot lijn) 200–240V
Ingangsfrequentie 50/60 Hz
Energieverbruik (typisch): 8–10 kW
Maximale belasting (per fase) 48 A
Specicaties voor aparte stroomonderbreker
Driefase 3-polig, 50/60 A
Specicatie stroomkabel wisselstroom
Conguratie 4 draden, L1/L2/L3/PE
Draad Koper, met trekontlasting, minimaal 10 mm² of 6 AWG
Aansluitingen Lijnen, ferrule-aansluitingen, PE, M8-ringaansluiting
Bereik externe diameter 22.0–33.0 mm
8 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
Conguratie 3: 380–415 V driefasige lijn-naar-lijn line-conguratie met enkelfasige regeling
Voedingsspecicaties
Driefasige lijn Enkelfasige regeling
Aantal voedingsdraden 5 (L1/L2/L3/N/PE) 3 (L/N/PE)
Invoerspanning (lijn tot lijn) 380 – 415 V 100–240 V
Ingangsfrequentie 50/60 Hz 50/60 Hz
Energieverbruik (typisch): 8–10 kW 0,5 kW
Maximale belasting (per fase) 30 A 10 A
Specicaties voor aparte stroomonderbreker
Driefase 4-polig, 32/40 A
Tweefase-regeling: 2-polig, 15/16/20 A
Specicaties stroomkabel
Driefasige lijn Enkelfasige lijn
Conguratie 5 draden, L1/L2/L3/N/PE 3 draden, L/N/PE
Draad Koper, met trekontlasting, minimaal 6 mm²
of 10 AWG
Koper, met trekontlasting, minimaal
1,5 mm² of 16 AWG
Aansluitingen Lijnen, ferrule-aansluitingen, PE, M8-
ringaansluiting
Lijnen, ferrule-aansluitingen, PE, M4-
ringaansluiting
Bereik externe diameter 22.0–33.0 mm 5.0–11.0 mm
Conguratie 4 200–240 V driefasige lijn-naar-lijn line-conguratie met enkelfasige regeling
Voedingsspecicaties
Driefasige lijn Enkelfasige regeling
Aantal voedingsdraden 4 (L1/L2/L3/PE) 3 (L/N/PE)
Invoerspanning (lijn tot lijn) 200-240 V 100–240 V
Ingangsfrequentie 50/60 Hz 50/60 Hz
NLWW Vereisten voor systeemgebruik 9
Voedingsspecicaties (vervolg)
Driefasige lijn Enkelfasige regeling
Energieverbruik (typisch): 8–10 kW 0,5 kW
Maximale belasting (per fase) 48 A 10 A
Specicaties voor aparte stroomonderbreker
Driefase 3-polig, 50/60 A
Tweefase-regeling: 2-polig, 15/16/20 A
Specicaties stroomkabel
Driefasige lijn Enkelfasige lijn
Conguratie 4 draden, L1/L2/L3/PE 3 draden, L/N/PE
Draad Koper, met trekontlasting, minimaal 10 mm²
of 6 AWG
Koper, met trekontlasting, minimaal
2,5 mm² of 16 AWG
Aansluitingen Lijnen, ferrule-aansluitingen, PE, M8-
ringaansluiting
Lijnen, ferrule-aansluitingen, PE, M4-
ringaansluiting
Bereik externe diameter 22.0–33.0 mm 5.0–11.0 mm
Circuitonderbrekers (vereist)
De stroomonderbrekers moeten voldoen aan de vereisten van de printer en aan de voorschriften op
elektriciteitsgebied in het lokale rechtsgebied van het land waar de apparatuur wordt geïnstalleerd.
Afhankelijk van de installatie zijn er een of twee groepstroomonderbrekers nodig.
OPMERKING: De printer heeft ingebouwde aardlekschakelaars met een gevoeligheid van 30 m. Indien de
plaatselijke wetgeving aardlekschakelaars voorschrijft, installeer dan een apparaat met een gevoeligheid van
100 mA of hoger, en zorg ervoor dat de gevoeligheid van aardlekbeveiligingen na de toevoer van de printer
groter is dan die voor de printer.
WAARSCHUWING! De kortsluitingscapaciteit van de stroomonderbrekers in de printer is 6 kA. Dit wordt
gecoördineerd met de groepstroomonderbreker in de stroomverdelingseenheid indien voorgeschreven door de
plaatselijk geldende elektrische code.
WAARSCHUWING! Zorg ervoor dat de ingebouwde aardlekschakelaar van de printer in werking treedt in geval
van storing door stroomlekkage aan het productchassis, zelfs wanneer er een isolatieapparaat (zoals een
scheidingstransformator) wordt gebruikt om de printer van stroom te voorzien.
10 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
Voedingskabels
Er wordt geen stroomkabel bij de printer geleverd. De kabels die u gebruikt, moeten voldoen aan de minimale
specicaties voor de gekozen conguratie.
PE-verbindingen moeten worden gemaakt via een M8 stub.
De voedingskabel kan worden geleid van boven de rechterkant van de bovenklep of vanaf het plafond.
Stroomstoringen
Een betrouwbare werking van uw printer is afhankelijk van de beschikbaarheid van relatief storingsvrije
wisselstroom.
Teneinde de optimale prestaties en betrouwbaarheid te waarborgen, moet uw printer worden beschermd
tegen schommelingen in de lijnspanningen, die veel voorkomen in productieomgevingen in de
drukwerksector. Bliksem, lijnstoringen of de stroomomschakelingen die veel voorkomen in machines in
fabrieksomgevingen kunnen schakelpieken genereren die de piekwaarde van de aangelegde spanning ver
te boven gaan. Als deze pulsen, die slechts enkele microseconden duren, niet worden gereduceerd, kan dit
tot een onderbreking van de werking van het systeem leiden.
Als de voedingsleiding voor de installatielocatie een laagspanningslijn is die wordt gedeeld met andere
gebruikers, dan moet de impedantie-Zmax van de voedingsleiding minder zijn dan 51 mΩ om te voldoen
aan de Europese norm EN/IEC 61000-3-12. Als andere gebruikers op dezelfde voedingslijn ikkerend of
instabiel licht van gloeilampen waarnemen, neem dan contact op met uw elektriciteitsleverancier om te
controleren of het elektriciteitsnetwerk een impedantie heeft die lager is dan hierboven genoemd.
Deze apparatuur voldoet aan EN/IEC 61000-3-12 mits het kortsluitingsvermogen Ssc gelijk is aan of meer
dan 3 MVA bedraagt op het aansluitpunt tussen de voeding van de gebruiker en het publieke systeem. Het
is de verantwoordelijkheid van de installateur of gebruiker van de apparatuur om, indien nodig in overleg
met de distributienetwerkoperator, ervoor te zorgen dat de apparatuur alleen wordt aangesloten op een
voedingsaansluiting met een kortsluitsingsvermogen Ssc gelijk aan of meer dan 3 MVA.
Het wordt aanbevolen overspannings- en piekbescherming op te nemen in de stroomvoorziening van de
printer.
Alle apparaten die elektrische ruis genereren, zoals ventilatoren, neonlicht en airconditioners, dienen
gescheiden te worden gehouden van de voedingsbron die wordt gebruikt voor uw printer.
Aarding
De printer moet worden op een speciaal voor dit doel bestemde, kwalitatief hoogwaardige aardelijn om
elektrische risico's te vermijden. Houd rekening met uw verplichting om te voldoen aan de nationale
elektrotechnische voorschriften in het land van installatie.
NLWW Vereisten voor systeemgebruik 11
De volgende aardingstaken moeten worden uitgevoerd om te voldoen aan de vereisten van de
locatievoorbereiding:
Aarddraden moeten geïsoleerd en minimaal even groot zijn dan de fasegeleiders.
De aardimpedantie moet minder zijn dan 0,5 Ω.
De installatie van een enkel punt en een speciale aarde.
Apparatuur voor stroomstabilisatie die wordt geleverd door drie ononderbroken fasedraden en één
ononderbroken koperen aardedraad vanaf het servicepaneel in het hoofdgebouw. Deze moeten door
dezelfde leiding lopen en minimaal hetzelfde formaat hebben als de fasedraden.
Vereisten voor luchttoevoer (pneumatische as)
Persluchtvoorziening
De pneumatische as vereist een luchtcompressor of persluchtleiding die door de klant moet worden verstrekt.
TIP: HP adviseert u gebruik te maken van een luchtcompressor met een drukmeter die de druk aangeeft in bar.
Luchttoevoerspecicaties
Luchtdruk 5,5 bar (vereist)
Minimale luchtstroom 30 liter/minuut
Smeerapparaat (niet vereist) Niet aanbevolen
Luchtlter (aanbevolen) Aanbeveling: 5 µm, automatische afvoer, 99,97% coalescentie-eiciëntie
Regulateur (vereist) Regulateur met drukmeter
Pneumatische aansluiting
De printer wordt geleverd met een luchtpistool dat u op uw luchttoevoer moet aansluiten. Als u de luchttoevoer
wilt aansluiten op het luchtpistool, dan moet u aan de volgende vereisten voldoen:
6,35 mm vrouwelijke connector, BSP- of NPT-draad
PTFE-tape voor een goede aansluiting en het voorkomen van luchtlekken
WAARSCHUWING! Wees voorzichtig bij het gebruik van het luchtpistool. Zorg ervoor dat u de lokale
voorschriften opvolgt bij gebruik voor reinigingsdoeleinden, aangezien mogelijk extra veiligheidsbepalingen van
kracht zijn
Vereisten voor ruimte en omgeving
Omgevingsspecicaties
De temperatuur, luchtvochtigheid en temperatuurgradiënt tijdens het gebruik en tijdens de opslag moeten
binnen de standaardbereiken worden gehouden om de juiste werking van de printer te kunnen waarborgen. Als
deze omgevingscondities niet binnen het standaardbereik worden gehouden, kan dit leiden tot problemen met
de beeldkwaliteit of tot schade aan gevoelige elektronische onderdelen.
Temperatuurbereik
Vochtigheidsbereik Temperatuur verloop
Bedrijfscondities voor optimale
afdrukkwaliteit
20 tot 25 °C 30 tot 60% relatieve vochtigheid 10 °C/u of minder
12 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
Temperatuurbereik Vochtigheidsbereik Temperatuur verloop
Bedrijfscondities voor
standaardafdrukken
15 tot 30ºC 20 tot 70% 10 °C/u of minder
Niet in bedrijf (bij transport of
opslag), inkt in slangen
5 tot 55 °C 90% relatieve vochtigheid bij
55°C
10 °C/u of minder
Niet in bedrijf (bij transport of
opslag), geen inkt in slangen
–25 tot 55°C 90% relatieve vochtigheid bij
55°C
10 °C/u of minder
Maximale bedrijfshoogte: 3000 m
Naast het controleren van de temperatuur, de luchtvochtigheid en de temperatuurgradiënt zijn er andere
omgevingscondities waar tijdens de locatievoorbereiding aan tegemoet moet worden gekomen:
Installeer de printer niet waar deze bloot zal staan aan direct zonlicht of een sterke lichtbron.
Installeer de printer niet in een stoige omgeving. Verwijder opgehoopt stof voor u de printer in de
omgeving plaatst.
Ventilatie
Zorg ervoor dat de ruimte waarin het systeem wordt geïnstalleerd, voldoet aan de lokale richtlijnen en
voorschriften voor milieu, gezondheid en veiligheid.
Er moet voldoende ventilatie aanwezig zijn om ervoor te zorgen dat mogelijke blootstelling via de lucht actief
wordt beheerd conform de Safety Data Sheets (veiligheidsinformatiebladen). Raadpleeg de
veiligheidsinformatiebladen die beschikbaar zijn op http://www.hp.com/go/msds/ voor het identiceren van de
chemische ingrediënten van uw inktbenodigdheden. Rondvliegende deeltjes kunnen gemakkelijk worden
geïdenticeerd en gekwanticeerd met behulp van gevestigde testprotocollen voor binnenluchtkwaliteit.
HP voert deze beoordelingen uit tijdens de ontwikkelingsfase van alle producten. Testen van HP tonen aan dat
tijdens de werking van de printer de concentraties van door de lucht verspreide verontreinigingen gemeten in de
werkruimte altijd ruim onder de belangrijkste grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling liggen. Deze
waarneming is gebaseerd op blootstellingsbeoordelingen die een zeer actieve productiviteit bij klantfaciliteiten
voorstellen.
Klanten moeten erkennen dat de werkelijke niveaus in hun faciliteiten afhankelijk zijn van de omstandigheden in
de werkruimte die ze kunnen aanpassen, zoals de grootte van de ruimte, de ventilatieprestaties en de
gebruiksduur van de apparatuur.
De beoordeling van HP toonde aan dat, op basis van de beschikbare wetenschappelijke informatie,
rondvliegende deeltjes naar verwachting geen gevaar voor de gezondheid opleveren bij een minimum van 10
luchtwisselingen per uur van ventilatie met verse lucht en een minimaal kamervolume van 100 m³ voorziet.
Deze specicaties gelden voor één HP printer die een afdruk met een zwart vulgebied (hoge ink density) en
snelle afdrukmodi afdrukt. Als zich andere apparatuur in de ruimte bevindt of andere afdrukomstandigheden van
toepassing zijn, moet de ventilatiesnelheid worden herberekend.
Naast het voordeel van de werkruimte door algemene kamerventilatie, kan intensief gebruik van de printer het
gebruik van lokale ventilatie noodzakelijk maken om een gemakkelijk acceptabele werkomgeving te bieden. Zie
ook Lokale luchtuitlaat op pagina 14.
Airconditioning
Naast de ventilatie met frisse lucht om gezondheidsrisico's te voor komen De, moet u de
gebruiksomstandigheden opgegeven in Omgevingsspecicaties op pagina 12 in acht nemen om ongemak en
storingen te voorkomen. Als er klimaatregeling in het werkgebied wordt geïnstalleerd, moet er rekening worden
gehouden met de warmte die het apparaat produceert. Doorgaans is de vermogensdissipatie van de printer: 10
kW.
NLWW Vereisten voor ruimte en omgeving 13
VOORZICHTIG: De airconditioningeenheden mogen niet rechtstreeks op de apparatuur blazen.
Lokale luchtuitlaat
Intensief gebruik van dit printersysteem kan het gebruik van plaatselijke ventilatie vereisen om een
comfortabelere werkomgeving te bieden. Met deze installatie van een a lokale luchtuitlaat voor een printer
kunnen in de lucht rondvliegende verontreinigingen en warmte worden opgevangen nabij hun bron van
opwekking en kunnen ze eiciënt uit het gebouw worden verwijderd door een ingesloten en relatief kleine
luchtstroom.
Een gezondheids- en veiligheidsdeskundige kan advies geven over het ontwerp en gebruik van deze
hulpventilatieapparatuur.
Specicaties lokale luchtuitlaat
Luchtstroom: 325 m³/u ±5%
Druk: −30 Pa tot −10 Pa
Deze parameters moeten worden gemeten voor elke lokale aansluiting van de printer.
HP raadt aan geen ABS-, PC-, staal- of EG-staalmaterialen te gebruiken voor de lokale uitlaatinstallatie. PVC, SS,
PP of aluminium wordt aanbevolen.
Belasting
De belastingseigenschappen van de vloer in de printerruimte moeten voldoende zijn om het gewicht van uw
printer te kunnen dragen. Laat de belastingseigenschappen van de vloer in de printerruimte berekenen door een
bouwkundig ingenieur.
Gewicht printer met bekisting 2000 kg
Printergewicht zonder substraat 1200 kg
Belasting op iedere voet 600 kg
Uw printer heeft vier wielen die worden gebruikt om de printer te verplaatsen en drie voeten die omlaag moeten
worden geklapt zodat zij de grond raken en de printer ondersteunen. In het volgende diagram wordt aangegeven
waar de voeten en wielen de grond raken, in het geval u extra versterking nodig hebt.
In de onderstaande tabel komt het cijfer of de letter in de linkerkolom overeen met het bovenstaande diagram.
A
5,7 m
B 3,73 m
C 1,12 m
D 1,37 m
14 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
E 0,25 m
F 0,60 m
Vloeroppervlak
Het vloeroppervlak moet de volgende eigenschappen hebben:
Horizontaal oppervlak
Stabiel, glad en waterpas
Geen gaten of putjes
Oppervlak vrij van statische elektriciteit (geen tapijt)
Gemakkelijk schoon te maken
Duurzaam
Vrij van krachtige trillingen
Beton
Verlichting
Telkens wanneer uw printer aan het werk is, moet de printerruimte goed verlicht zijn om de gebruiker optimale
condities te bieden voor het controleren van de kleur en uitlijning tijdens het productieproces. Als er niet
voldoende natuurlijk licht is, moet voor kunstlicht worden gezorgd.
De printerproductieruimte ontwerpen
Veiligheidsinstallaties
Brandblusapparatuur
U moet zorgen voor twee brandblusapparaten voor de locatie. Zorg ervoor dat de brandblussers worden
geplaatst op een plek waar zij gemakkelijk toegankelijk zijn in het geval van brand.
In de printerruimte moet een brandblusser aanwezig zijn die is goedgekeurd voor elektrische branden.
In de opslagruimte voor substraten moet eveneens een brandblusser worden geïnstalleerd vanwege de
grote hoeveelheid vaste brandbare stoen (substraten).
Nooduitgangen en eerstehulpstations dienen eveneens in overweging te worden genomen.
Optimale ruimte-indeling
Uw printer heeft voldoende ruimte nodig om de volgende taken te kunnen uitvoeren:
Afdrukken
De HP Internal Print Server gebruiken
Een substraatrol vervangen
Onderhoud uitvoeren op de printer of printeronderdelen vervangen
Een goede ventilatie van de printer verzorgen
NLWW De printerproductieruimte ontwerpen 15
Uw printer heeft de volgende afmetingen:
Gewicht 1200 kg
Breedte 5,72 m
Diepte 1,37 m
Hoogte 1,53 m
1. Elektrische verbinding.
In de onderstaande tabel komt het cijfer in de linkerkolom overeen met de bovenstaande afbeelding van de
ruimte-indeling.
Maat
A 8,725 m
B 1,5 m
C 1,5 m
D 4,27 m
E 1,5 m
F 1,5 m
Het plafond van de ruimte moet zich minimaal 2,5 m boven de vloer bevinden.
WAARSCHUWING! De ruimte rondom de printer moet als gebied met beperkte toegang worden beschouwd en
als zodanig aangeduid. Alleen getraind personeel mag binnen dit gebied actief zijn.
16 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
Opslaggebied voor materialen
Bij het plannen van een opslaggebied voor materialen die met de printer worden gebruikt, moet niet alleen
worden nagedacht over veiligheid en gemak, maar ook over het feit dat als inkt en substraten niet bij de juiste
temperatuur en luchtvochtigheid worden opgeslagen, de afdrukresultaten negatief kunnen worden beïnvloed.
Het opslaggebied moet voldoende groot zijn om adequate voorraden van substraatrollen en inkt te kunnen
herbergen. Het opslaggebied moet zich in de buurt van het productiegebied bevinden om het tillen en
manoeuvreren van zware materialen tot een minimum te beperken.
Het opslaggebied moet overdekt zijn. Het moet droog en goed geventileerd zijn en bescherming bieden tegen
direct licht. Het is belangrijk dat temperatuur en luchtvochtigheid binnen de waarden worden gehouden die zijn
gespeciceerd voor elk papiertype.
OPMERKING: Zorg voor voldoende ruimte (met klimaatregeling) om de printkoppen op te slaan. Dit wordt
aangegeven met richtingspijlen op de dozen van de printkoppen.
Opslagcondities voor substraatrollen
Bewaar substraatrollen in hun verzegelde verpakkingsmateriaal terwijl deze zich in het opslaggebied bevinden.
Sla substraatrollen in verticale positie op om de migratie van plasticeermiddelen in sommige materialen te
vermijden.
Breng substraten minimaal 24 uur vóór gebruik vanuit het opslaggebied over naar de productieruimte, zodat
deze de vereiste luchtvochtigheid en bedrijfstemperatuur kunnen bereiken.
OPMERKING: Voor substraatrollen van HP geldt een garantie van 12 maanden als de substraatrollen onder
optimale condities zijn opgeslagen. De garantietermijn varieert afhankelijk van het materiaal en de fabrikant.
Computer- en netwerkvereisten
Vereisten
Print Care-netwerkfunctionaliteit vereist een Outbound (uitgaande) verbinding naar elk van de volgende
adressen without (zonder) proxy. Dit betekent dat een open internetverbinding die verkeer op de poorten
80, 443 en 21 toestaat nodig is.
URL HTTPS 443 HTTPS 80 FTP 21 Gebruikt voor
http://www.hp.com X X
Print Care / Production Analyzer
Content en Data Connectivity
https://spcastweb01p.saas.hp.com X X
http://spcw01.saas.hp.com X
OPMERKING: Instrueer IT bij de klant indien nodig om rutingregels te maken die om de proxy heen routen
voor deze adressen.
ActiveX moet op de computer zijn geïnstalleerd. Installeer ActiveX indien daartoe verzocht.
De anti-virustoepassing moet worden gecongureerd om geen ActiveX-controls te blokkeren.
ActiveX moet zijn ingeschakeld in Internet Explorer:
Selecteer Tools (Extra) > Internet Options (Internet-opties) > Security tab (Beveiliging). Selecteer vervolgens
de internetzone en klik op Custom Level (Aangepast niveau).
Stel onder ActiveX (ActiveX-besturnigselementen) en plug-ins het volgende in:
NLWW Computer- en netwerkvereisten 17
Eerder ongebruikte ActiveX-besturingselementen uitvoeren zonder waarschuwing
Automatisch vragen om ActiveX-besturingselementen
Er is een minimale uploadsnelheid van 256 bps vereist.
HP biedt de volgende systeemcomponenten:
Door HP geleverde componenten
HP Internal Print Server
Pc en netsnoer. PC LAN-kaartverbindingen: 2 ethernet-aansluitingen, één voor de LAN-kabel van de
LAN-kabel om de printer met de pc te verbinden en de andere om op het netwerk aan te sluiten
Beeldscherm en netsnoer
Toetsenbord
Muis
Windows 7 Embedded
HP Internal Print Server-software
HP Scitex Print Care-software
Symantec Antivirus
Webcam
1Gb Ethernet-kabels
Door klant geleverde componenten
Ethernet LAN (minimaal 100Mbps, optimaal 1Gbps)-verbinding
RIP-station en -software
CAT-6 LAN-kabel die lang genoeg is om de printer met het netwerk te verbinden
RIP-vereisten
Er worden twee RIP's aangeboden door HP die kunnen worden gebruikt met de printer:
HP Scitex ONYX Thrive 211 RIP: productnummer D9Z41A
HP Scitex Caldera Grand RIP v10-software: productnummer L5E74A
Voor deze RIP's gelden de volgende software- en hardwarevereisten.
HP Scitex ONYX Thrive 211 RIP (v 12)
Vereisten workstation:
Besturingssysteem: Microsoft Windows 7 Professional besturingssysteem (SP1 of hoger) Windows 8
Professional
OPMERKING: 32-bits besturingssystemen hebben een hardwarelimiet van 4 GB aan RAM. Het wordt
aanbevolen om 64-bits besturingssystemen te gebruiken voor workows met grote volumes.
Processor: Intel Core i7 of equivalent
RAM: 4 GB/processorkern
18 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
Vaste schijf
Meerdere vaste schijven
1: Speciaal systeemstation
1: Speciaal station voor ONYX Thrive (500+ GB vrije ruimte)
Netwerkconnectiviteit: Gigabit-ethernet voor TCP/IP-printers
OPMERKING: Firewall en antivirus moeten worden uitgeschakeld of gecongureerd om ONYX-
toepassingen en printerpoorten toe te staan (515, 1947, 8889, 9100 en 10000). Er zijn mogelijk
andere poorten nodig. Raadpleeg de fabrikant van het apparaat voor meer informatie.
Monitor: 1280 × 1024 pixels, 16-bits kleur
USB-poort voor beveiligingssleutel
Dvd-rom-station
Vereisten verspreid workstation:
Microsoft Windows 7 Professional besturingssysteem (SP1 of hoger) Windows 8 Professional
OPMERKING: 32-bits besturingssystemen hebben een hardwarelimiet van 4 GB aan RAM. Het wordt
aanbevolen om 64-bits besturingssystemen te gebruiken voor workows met grote volumes.
Processor: Intel Core i7 of equivalent
RAM: 4 GB/processorkern
Vaste schijf: 250 GB vrij
Netwerkverbinding: Gigabit-ethernet voor TCP/IP-printers
OPMERKING: Firewall en antivirus moeten worden uitgeschakeld of gecongureerd om ONYX-
toepassingen en printerpoorten toe te staan (515, 1947, 8889, 9100 en 10000). Er zijn mogelijk
andere poorten nodig, raadpleeg de fabrikant van het apparaat voor meer informatie.
Thrive Production Manager-vereisten:
Macintosh, Windows-pc of mobiel apparaat met HTML-webbrowser
Zie voor nadere informatie over Onyx-conguratie. http://www.onyxgfx.com/system-specications/
HP Scitex CALDERA GRAND RIP V10 (minimumconguratie)
Linux:
Besturingssysteem: Caldera Debian x64 (aanbevolen)
Processor: Intel Core i3, i5 of i7
RAM: 4 GB of 8 GB (aanbevolen). Minimaal 1 GB per kern, ten minste 2 GB per kern aanbevolen.
Vaste schijf: 250 GB
Monitor/videokaart: 1280 x 1024-resolutie
Mac:
NLWW Computer- en netwerkvereisten 19
Besturingssysteem: OS 10.8, 10.9, 10.10
Hardware: Op Intel Core i3, i5 of i7 gebaseerde Mac mini, iMac of Mac Pro. MacBook Air en MacBook
Pro worden niet ondersteund. Hardware op PPC-basis (G5, G4, enz.) wordt niet ondersteund.
4 GB of meer. Minimaal 1 GB per kern, ten minste 2 GB per kern aanbevolen.
Vaste schijf: 250 GB
Monitor: Resolutie minstens 1280 x 1024
Voor nadere informatie over Caldera-conguratie zie:
http://www.caldera.eu/en/support.php?page=operating_system
http://www.caldera.com/product/grandrip/
Externe kleurproelen
Teneinde kleurenproelen voor uw printer te kunnen bouwen, is een externe kleurensensor benodigd. Kies een
externe spectrofotometer die compatibel is met uw RIP.
Tijdens de installatietraining is het de verantwoordelijkheid van de klant om een RIP-specialist beschikbaar te
hebben voor het maken van
kleurenproelen.
20 Hoofdstuk 2 De locatie voorbereiden NLWW
3 Voorbereiding van de aankomst van de
zending
Losplaats
Er moet een geschikte losplaats worden aangewezen die gemakkelijk toegankelijk is voor de vrachtwagen die de
levering verzorgt. Dit vereist voldoende ruimte voor het lossen van het grote krat waarin uw printer wordt
verzonden. Houd, bij het plannen van deze ruimte, rekening met het volgende:
Hoogte en breedte van toegang tot losplaats
Steunrails die worden gebruikt om toegang te krijgen tot de losplaats
Hoogte en grootte van de loskade (indien van toepassing)
Route van de losplaats tot de installatielocatie
De route van de losplaats van de printer naar de installatielocatie, met inbegrip van eventuele gangen en deuren
waardoor de printer moet worden getransporteerd, is belangrijk voor een goede voorbereiding van de locatie en
moet worden gepland voordat de printer arriveert. Dit pad moet vrij zijn wanneer de printer arriveert. Met
betrekking tot de toegang tot ruimten op de begane grond, stelt het transport van de omvangrijke
printeronderdelen de volgende eisen:
Specicaties
voor deuren, plafonds en gangen
Printer Krat
Minimale deurbreedte 1,55 m 1,9 m
Minimale plafondhoogte 1,85 m 2 m
Minimale gangbreedte 1,55 m 1,9 m
Minimale gangbreedte voor een hoek van 90° 3,9 m 3,9 m
WAARSCHUWING! De printer mag niet meer omhoog of omlaag worden verplaatst langs een helling van meer
dan 3% nadat het apparaat uit het krat is gehaald.
TIP: Beslis wanneer u de printer uit het krat gaat halen. Het wordt aanbevolen het verzendkrat zo dicht
mogelijk bij de uiteindelijke bestemming van de printer uit te pakken. Gewoonlijk wordt de printer uit het krat
gehaald voordat het apparaat naar de installatielocatie wordt verplaatst.
Het demonteren van het krat vereist een elektrische schroevendraaier die moet worden aangesloten op een
stopcontact. Zorg er dus voor dat een stopcontact beschikbaar is in de buurt van de locatie waar u het krat wilt
demonteren.
NLWW Losplaats 21
Verzenditems
Alle printeronderdelen worden in één krat geleverd. De afmetingen en het gewicht van het krat en de printer zijn
als volgt:
Breedte Diepte Hoogte Gewicht
Bekisting (printer
binnenin)
5,86 m 1,81 m 1,91 m 2000 kg
Printer 5,72 m 1,37 m 1,67 m / 1,53 m, geen
baken
1200 kg
Gereedschappen en mankracht vereist voor installatie
Het installatieproces vereist 4 personen wanneer er steunrails worden gebruikt. Wanneer er een vorkheftruck
wordt gebruikt, zijn 2 personen voldoende, doorgaans de installateur en de operator. Er is een gecerticeerd
elektricien nodig om het elektrische systeem te congureren.
Controleer vóór de levering bij de installatiespecialist of u nog gereedschappen moet leveren.
Verhuisapparatuur
Installatie op de begane grond
Het wordt sterk aanbevolen om de printer met behulp van de steunrails te laten zakken, zoals staat aangegeven
in de installatiehandleiding. In uitzonderlijke situaties, waarbij de steunrails niet kunnen worden gebruikt als
gevolg van een fysieke barrière, dient u nauwkeurig de alternatieve instructies te volgen.
VOORZICHTIG: Het lossen en verplaatsen van de printer en alle systeemonderdelen is de verantwoordelijkheid
van de klant en niet van HP. Als niet de vereiste transport- en tilapparatuur wordt geleverd, kan dit resulteren in
persoonlijk letsel of schade aan de printer tijdens de installatie.
Lat de printer zakken met behulp van de steunrails
Voor het laten zakken van de printer is naast de kist minimaal 4,5 m vereist; 6,4 m in totaal
Minimale mankracht: Er zijn 4 personen
Vlakke ondergrond of een maximale helling van 3%
Als niet aan deze voorwaarde kan worden voldaan, moet u een vorkheftruck gebruiken om de printer te laten
zakken. Volg de instructies nauwgezet:
De vorkheftruck kan worden besteld als een serviceset (K4T88-67290) en is ook inbegrepen bij de
leverancierset.
Het gebruik van gespecialiseerde transport- en tilapparatuur is vereist tijdens het lossen, uitpakken en installeren
van uw printer.
Boek vooraf de diensten van een onderaannemer die machines kan helpen verplaatsen. Het is belangrijk om te
controleren of de ingehuurde verhuisspecialist en de transportapparatuur beschikbaar zullen zijn bij levering van
de printer.
De volgende apparatuur wordt aanbevolen:
Brede, extra zware vorkheftruck (vereist)
22 Hoofdstuk 3 Voorbereiding van de aankomst van de zending NLWW
Specicaties voor vorkheftruck
Gewicht Minimale vorklengte Binnenste afstand tussen
vorkpinten
Vorkheftruck 6000 kg 2 m voor printer in bekisting
1,5 m alleen voor printer
1,3 m
Twee skates om het krat te verplaatsen (optioneel)
NLWW Verhuisapparatuur 23
Elektrische palletwagen (optioneel)
Handmatige palletwagen (optioneel)
Installatie op een hogere verdieping
VOORZICHTIG: Het lossen en verplaatsen van de printer en alle systeemonderdelen is de verantwoordelijkheid
van de klant en niet van HP. Als niet de vereiste transport- en tilapparatuur wordt geleverd, kan dit resulteren in
persoonlijk letsel of schade aan de printer tijdens de installatie.
Voor installatie op een hogere verdieping is een kraan en speciale tiluitrusting vereist als aanvulling op de
standaard transportapparatuur. Op sommige installatielocaties is het wellicht nodig om de verpakking van het
krat te verwijderen voordat u de printer omhoog tilt met de kraan. In het volgende gedeelte worden de apparaten
en conguraties beschreven die nodig zijn om de printer omhoog te tillen met een kraan.
Kraanuitbreiding om de printer omhoog te tillen met schoorbalk
Als u de printer omhoog tilt met een schoorbalk, moeten de tilbalken en de schoorbalk lang genoeg zijn om
ervoor te zorgen dat de tilkabels de printer niet raken. In het volgende afbeelding wordt geïllustreerd hoe de
printer omhoog moet worden getild met een schoorbalk.
VOORZICHTIG: Bij het omhoog tillen van de printer met een kraan moet extra goed worden opgelet dat de
kabels geen druk uitoefenen op de scanbalk of enig ander onderdeel van de printer.
24 Hoofdstuk 3 Voorbereiding van de aankomst van de zending NLWW
Afvalverwijdering
Printerverpakking mag opnieuw worden gebruikt om de printer op een later moment te verplaatsen.
De bekisting en het verpakkingsmateriaal dat bij de printer wordt geleverd kan ook worden weggeworpen. Het
grootste deel van het afval bestaat uit hout. Raadpleeg de plaatselijke autoriteiten voor de juiste manier om
afval weg te werpen.
NLWW Afvalverwijdering 25
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29

HP Latex 1500 Printer Handleiding

Type
Handleiding