HP Latex 115 Printer Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

HP Latex 115-printer
Handleiding voor locatievoorbereiding
© Copyright 2017-2020 HP Development
Company, L.P.
Uitgave 4
Wettelijke kennisgevingen
De informatie in dit document kan zonder
vooraankondiging worden gewijzigd.
De enige garanties voor HP producten en
diensten worden vermeld in de specieke
garantieverklaring bij dergelijke producten en
diensten. Niets in dit document mag worden
opgevat als aanvullende garantie. HP stelt zich
niet aansprakelijk voor technische of
redactionele fouten of weglatingen in dit
document.
Inhoudsopgave
1 Overzicht .................................................................................................................................................................................................... 1
Inleiding ...................................................................................................................................................................................... 1
Documentatie ............................................................................................................................................................................ 1
Verantwoordelijkheid van de klant ........................................................................................................................................ 1
Tijdschema van installatie ....................................................................................................................................................... 2
2 Vereisten voor locatievoorbereiding ...................................................................................................................................................... 3
Vereisten voor fysieke locatie ................................................................................................................................................. 3
Ontlaadroute ......................................................................................................................................................... 3
Omgevingsspecicaties ...................................................................................................................................... 3
Ventilatie ............................................................................................................................................................... 4
Airconditioning ...................................................................................................................................................... 4
De optimale printerruimte ontwerpen .................................................................................................................................. 5
Kenmerken RIP-werkstation ................................................................................................................................................... 5
Netwerken ................................................................................................................................................................................. 6
Afdrukbenodigdheden ............................................................................................................................................................. 6
De checklist voor locatievoorbereiding terugsturen ........................................................................................................... 7
Elektrische conguratie ........................................................................................................................................................... 7
Enkelfasige stroom .............................................................................................................................................. 7
Stroomonderbrekers ........................................................................................................................................... 7
Wandcontactdozen en netsnoeren ................................................................................................................... 8
Stroomstoringen .................................................................................................................................................................... 11
Aarding ..................................................................................................................................................................................... 11
3 Checklist voor plaatsing ........................................................................................................................................................................ 12
NLWW iii
iv NLWW
1 Overzicht
Inleiding
De printer wordt zo geleverd dat deze klaar voor gebruik is na enkele eenvoudige installatieprocedures, zoals in
detail wordt beschreven in de assemblage-instructies. Het is belangrijk dat u de in deze handleiding geleverde
informatie grondig doorneemt en ervoor zorgt dat u aan alle installatie- en bedieningsvereisten,
veiligheidsprocedures, waarschuwingen en lokale voorschriften voldoet. Een goed voorbereide locatie helpt bij
een soepele en gemakkelijke installatie.
Documentatie
De volgende handleidingen worden geleverd bij uw printer en kunnen ook worden gedownload van
http://www.hp.com/go/latex115/manuals/.
Inleidende informatie
Beperkte garantie
Juridische informatie
Handleiding voor locatievoorbereiding (deze handleiding)
Montagehandleiding
Gebruikershandleiding
Verantwoordelijkheid van de klant
U bent verantwoordelijk voor het voorbereiden van de fysieke locatie voor de installatie van de printer.
Bereid het elektrisch systeem van het gebouw voor zodat het voldoet aan de printervereisten en aan de
plaatselijke elektrische regelgeving van het land waar de apparatuur wordt geïnstalleerd. Zie Elektrische
conguratie op pagina 7.
OPMERKING: Zorg ervoor dat een bevoegde elektricien de instelling en conguratie van het elektrische
systeem bekijkt dat wordt gebruikt om de printer van stroom te voorzien. Zie Elektrische conguratie
op pagina 7.
Voldoe aan de vereisten voor temperatuur en vochtigheid en zorg voor een juiste ventilatie van de printer.
Zie Omgevingsspecicaties op pagina 3.
Voldoe aan alle vereisten voor RIP, netwerken en afdrukbenodigdheden. Zie Kenmerken RIP-werkstation
op pagina 5, Netwerken op pagina 6 en Afdrukbenodigdheden op pagina 6.
Bereid de ontlaadroute voor zodat de printer kan worden ontladen en op zijn plaats worden gezet. Zie
Ontlaadroute op pagina 3.
NLWW Inleiding 1
Tijdschema van installatie
Maak minimaal drie uur vrij voor de installatie. Degene die de printer installeert, heeft wellicht hulp nodig van drie
mensen om tijdens de installatie bepaalde taken uit te voeren.
2 Hoofdstuk 1 Overzicht NLWW
2 Vereisten voor locatievoorbereiding
Vereisten voor fysieke locatie
Ontlaadroute
De route tussen het ontlaadgebied van de printer en de installatielocatie, inclusief gangen en deuropeningen
waardoor de printer moet worden vervoerd, is belangrijk voor een juiste locatievoorbereiding en moet voor de
aankomst van de printer worden gecontroleerd. Dit pad moet vrij zijn wanneer de printer arriveert.
Fysieke specicaties van de printer
Breedte 2307 mm
Diepte 840 mm
Hoogte 1380 mm
Gewicht 174 kg
Breedte met verpakking 2541 mm
Diepte met verpakking 765 mm
Hoogte met verpakking 1239 mm
Gewicht met verpakking 290 kg
Deuropeningen: minimumbreedte 1,01 m × minimumhoogte 1,67 m vereist.
De voor de assemblage vereiste ruimte is 3 m aan de voorkant en 1 m aan de zijkanten en achterkant.
Voor bijna het hele installatieproces is één persoon nodig, maar voor het uitvoeren van bepaalde taken zijn vier
mensen nodig.
Omgevingsspecicaties
Deze omgevingscondities moeten binnen het aangegeven bereik blijven om de juiste werking van de printer te
garanderen. Nalaten dit te doen, kan problemen met de afdrukkwaliteit veroorzaken of gevoelige elektronische
onderdelen beschadigen.
NLWW Vereisten voor fysieke locatie 3
Milieuspecicaties voor de printer
Relatieve luchtvochtigheid voor optimale afdrukkwaliteit 40-60%, afhankelijk van substraattype
Relatieve luchtvochtigheid voor afdrukken 20-80%, afhankelijk van substraattype
Temperatuurbereik voor optimale afdrukkwaliteit 20 tot 25 °C, afhankelijk van substraattype
Temperatuurbereik voor afdrukken 15 tot 30 °C
Temperatuurbereik wanneer niet in gebruik -25 tot +55 °C
Temperatuurverloop Niet meer dan 10 °C/u
Maximumhoogte bij afdrukken 3000 m
OPMERKING: De printer moet binnen worden gehouden.
OPMERKING: Als de printer of de inktpatronen van een koude naar een warme en vochtige plaats worden
gebracht, kan het water uit de atmosfeer op de printeronderdelen en de patronen condenseren wat kan
resulteren in inktlekken en printerfouten. In dit geval raadt HP aan dat u minimaal 3 uur wacht voordat u de
printer aanzet of de inktpatronen installeert om het condensaat te laten verdampen.
Naast het controleren van de temperatuur, de luchtvochtigheid en de temperatuurgradiënt zijn er andere
omgevingscondities waar tijdens de locatievoorbereiding aan tegemoet moet worden gekomen.
Installeer de printer niet waar deze bloot zal staan aan direct zonlicht of een sterke lichtbron.
Installeer de printer niet in een stoige omgeving. Verwijder opgehoopt stof voor u de printer in de
omgeving plaatst.
Ventilatie
Zorg ervoor dat de ruimte waarin het systeem wordt geïnstalleerd, voldoet aan de lokale richtlijnen en
voorschriften voor milieu, gezondheid en veiligheid.
Er moet voor adequate ventilatie worden gezorgd, zodat mogelijke blootstelling adequaat aan banden wordt
gelegd. Raadpleeg de veiligheidsinformatiebladen die beschikbaar zijn op http://www.hp.com/go/msds voor het
identiceren van de chemische ingrediënten van uw inktbenodigdheden.
De niveaus van bepaalde stoen in uw faciliteiten zijn afhankelijk van de omstandigheden in de werkruimte die u
bepaalt, zoals de grootte van de ruimte, de ventilatie en de gebruiksduur van de apparatuur. Raadpleeg uw
specialist op het gebied van milieu, gezondheid en veiligheid (EHS) voor advies over de juiste maatregelen voor
uw locatie.
Airconditioning
Naast ventilatie met frisse lucht om risicos voor de gezondheid te voorkomen, moet u ook rekening houden met
de omgeving op de werkplek door de klimatologische werkomstandigheden die zijn opgegeven in dit document
(zie Omgevingsspecicaties op pagina 3) te garanderen, zodat kan worden voorkomen dat de gebruiker zich
onwel voelt en de apparatuur defect raakt. Als er klimaatregeling in het werkgebied wordt geïnstalleerd, moet er
rekening worden gehouden met de warmte die het apparaat produceert. De vermogensdissipatie van de printer
bedraagt gewoonlijk 2,2 kW.
Airconditioning moet overeenkomen met plaatselijke richtlijnen en regelgeving op het gebied van milieu,
gezondheid en veiligheid (EHS).
OPMERKING: De airconditioningeenheden mogen geen lucht op de apparatuur blazen.
4 Hoofdstuk 2 Vereisten voor locatievoorbereiding NLWW
De optimale printerruimte ontwerpen
Uw printer heeft voldoende ruimte nodig om de volgende taken te kunnen uitvoeren:
Afdrukken
Een substraatrol vervangen
Onderhoud uitvoeren op de printer of printeronderdelen vervangen
Een goede ventilatie van de printer verzorgen
Uw printer heeft de volgende afmetingen:
Fysieke specicaties van de printer
Breedte 2307 mm
Diepte 840 mm
Hoogte 1380 mm
De vereiste ruimte wordt in het volgende diagram weergegeven:
Kenmerken RIP-werkstation
Elke RIP heeft specieke vereisten. Controleer bij uw RIP-verkoper welke vereisten gelden voor de pc die u voor
het RIP-station gaat gebruiken. Zie http://www.hp.com/go/latexrips voor een volledige lijst van gecerticeerde
RIP-stations die voor deze printer beschikbaar zijn. Zorg ervoor dat het RIP-station volledig functioneel is en
klaar voor installatie.
Werkstationvereisten:
Ondersteunde besturingssystemen: Windows 7, 8 en 10
RAM: 8 GB
Installatieruimte op de schijf: 1 GB
Werkruimte op de schijf: 10 GB
Internetverbinding naar het werkstation om de licentie te valideren
U wordt aangeraden om de slaapstand van het werkstation op Never (Nooit) te congureren.
NLWW De optimale printerruimte ontwerpen 5
Netwerken
U bent verantwoordelijk voor alle netwerkvereisten en u moet de volgende taken voltooien:
OPMERKING: Om ondersteuning op afstand uit te voeren, moet de printer toegang hebben tot internet via een
LAN-verbinding.
Zorg ervoor dat er een Gigabit-Ethernet-netwerk klaar is op de dag van installatie.
Zorg voor een CAT-6 LAN-kabel om de printer te verbinden met uw LAN- en RIP-werkstation.
Zorg voor een Gigabit-Ethernetschakelaar.
Om de volledige functies van uw printer te benutten, moet deze worden verbonden met internet. De meeste
onbeheerde netwerken zijn rechtstreeks verbonden met internet. Sommige netwerken vereisen echter een
webproxy. Een proxy is een server die fungeert als tussenstap tussen computers op uw lokale netwerk en
servers op internet. Controleer voordat u de printer installeert of het netwerk een webproxy vereist.
Om dit te controleren, opent u Internet Explorer of Safari op een computer in uw netwerk en gaat u naar de
website http://hp.com. Als u geen verbinding kunt maken met hp.com, heeft uw netwerk geen toegang tot
internet en moet u contact opnemen met uw IT-leverancier om de internettoegang te congureren. Als u
verbinding kunt maken met hp.com, kunt u de browserinstellingen voor de proxy-conguratie als volgt
controleren:
Voor Internet Explorer gaat u naar Tools (Extra) > Internet Options (Internetopties) > Connections
(Verbindingen) > Local Area Network (LAN) Settings (LAN-instellingen). U hebt geen webproxy nodig als het
vakje Use a proxy server (Proxy server gebruiken) niet is aangevinkt in het vensterdeel Proxy server
(Proxyserver). Als het wel is aangevinkt, noteert u dan de adres- en poortinstellingen in het hoofdvenster of
in het HTTP-deel van het venster Advanced settings (Geavanceerde instellingen).
In Safari gaat u naar Preferences (Voorkeuren) > Advanced (Geavanceerd) > Proxies (Proxy's) > Change
settings (Instellingen wijzigen). Als het vakje Web proxy (HTTP) (Webproxy (HTTP)) niet is aangevinkt, hebt u
geen webproxy nodig. Als het wel is aangevinkt, noteert u de naam (vóór de ":") en de poort (na de ":") van
de webproxyserver.
Proxyservernamen worden meestal geschreven als ‘proxy.mycompany.com’ en de proxypoort is meestal
80, maar de details zijn afhankelijk van het netwerk.
Als u niet in staat bent om te bepalen of u een webproxy nodig hebt of als u niet weet hoe u deze congureert,
raadpleegt u dan uw netwerkbeheerder of internetprovider. In geval van twijfel hebt uw waarschijnlijk geen
webproxy nodig.
Afdrukbenodigdheden
Naast de printer zelf moeten de volgende benodigdheden worden aangeschaft en beschikbaar zijn op de dag
van installatie:
Zes HP 821-inktpatronen, één voor elke kleur: zwart, cyaan, magenta, geel, lichtcyaan en lichtmagenta en
één HP 821-optimalisatiecartridge.
Minstens één rol substraat voor het uitvoeren van kalibraties en het uitlijnen van de printkoppen tijdens het
instellen van de printer.
6 Hoofdstuk 2 Vereisten voor locatievoorbereiding NLWW
De checklist voor locatievoorbereiding terugsturen
De checklist moet volledig worden ingevuld en minstens twee weken vóór de dag van installatie worden
teruggestuurd naar de leverancier of servicevertegenwoordiger.
OPMERKING: Eventuele vertragingen tijdens de installatie die worden veroorzaakt doordat de locatie niet
gereed is, worden in rekening gebracht aan de klant. Zorg ervoor dat uw locatie op de juiste wijze is voorbereid
om een soepele en gemakkelijke installatie te waarborgen.
Elektrische conguratie
OPMERKING: Er is een elektricien nodig als de conguratie van het elektrisch systeem van een gebouw die
gebruikt wordt om aan de vereisten van de printer te voldoen, moet worden aangepast. Zorg ervoor dat de
elektricien over de juiste certicaten beschikt conform de plaatselijke voorschriften en dat hij alle informatie krijgt
met betrekking tot de elektrische conguratie.
Voor de printer moeten de volgende elektrische onderdelen worden geleverd en geïnstalleerd door de klant,
volgens de vereisten van de Elektrische Code van het plaatselijke rechtsgebied van het land waar de apparatuur
wordt geïnstalleerd.
Enkelfasige stroom
Enkelfasige
lijnspecicaties
Printer Uitharding
Aantal netsnoeren 2
Ingangsspanning ~200-240 V ± 10% (twee draden en beschermende
aarding)
Ingangsfrequentie 50/60 Hz
Maximale stroombelasting (per netsnoer) 3 A 13 A
Energieverbruik per netsnoer in afdrukmodus 200 W 2,0 kW
Energieverbruik in de modus Gereed 70 W
Stroomonderbrekers
OPMERKING: De stroomonderbrekers moeten voldoen aan de vereisten van de printer en aan de voorschriften
op elektriciteitsgebied in het lokale rechtsgebied van het land waar de apparatuur wordt geïnstalleerd.
De printer vereist twee netsnoeren, die aan de volgende eisen moeten voldoen.
Toegewezen lijnen per SKU (verhandelbare eenheid)
Toegewezen lijn Niet vereist. Overbelast de lijnen niet. Zie Enkelfasige stroom op pagina 7.
Vertakte stroomonderbreker 2 polen, 16 A/20 A volgens de lokale wetten en de maximale belastingsstroom van
de printer
Foutstroomveiligheidsschakelaar * Aanbevolen
2 polen, 30 mA foutstroom, ten minste 20 A capaciteit
* Ook bekend als aardlekschakelaar (GFCI)
NLWW De checklist voor locatievoorbereiding terugsturen 7
Elektrisch conguratiediagram (alleen ter referentie)
OPMERKING: De stroomverdeeleenheid (PDU) moet een vermogen hebben dat voldoet aan de stroomvereisten
van de printer en moet in overeenstemming zijn met de vereisten van de Elektrische Code van het plaatselijke
rechtsgebied van het land waar de apparatuur wordt geïnstalleerd.
WAARSCHUWING! Gebruik geen verdeeldoos (verlengsnoer) om de netsnoeren aan te sluiten.
Wandcontactdozen en netsnoeren
Met de printer worden twee stroomkabels meegeleverd, volgens de elektrische specicaties van de printer. Als
deze kabels uw eenheid voor stroomdistributie en/of ononderbroken stroomvoorziening niet bereiken, moet een
bevoegde elektricien op de dag van installatie geschikte verlengkabels installeren.
Om er zeker van te zijn dat u de juiste wandstopcontacten (wandcontactdozen) gereed hebt voor installatie,
moet u het volgende controleren:
1. De wandstopcontacten moeten geschikt zijn voor de invoervermogens van de printer. Zie Enkelfasige
stroom op pagina 7.
2. De wandstopcontacten moeten geschikt zijn voor het stekkertype van het netsnoer dat wordt gebruikt in
het land van installatie. In onderstaande tabel ziet u voorbeelden van netsnoeren en de met de printer
meegeleverde stekkers per land. Zoek uw land op in de juiste tabel om er zeker van te zijn dat u de juiste
wandcontactdoos hebt en controleer het type stekker.
WAARSCHUWING! Gebruik uitsluitend het netsnoer dat door HP is meegeleverd met de printer. Gebruik
geen verdeeldoos (verlengsnoer) om de netsnoeren aan te sluiten. Beschadig, snij of repareer het netsnoer
niet. Bij een beschadigd netsnoer bestaat er een risico op brand en elektrische schokken. Vervang een
beschadigd netsnoer altijd door een netsnoer dat door HP is goedgekeurd.
Netsnoerspecicaties per regio
OPMERKING: Gebruik twee van de hieronder beschreven netsnoeren
Land Artikelnummer van HP * Lengte Type stekker Stekker
Noord-Amerikaanse regio
Argentinië 8121-0925 2,5 m IRAM 2073
8 Hoofdstuk 2 Vereisten voor locatievoorbereiding NLWW
Netsnoerspecicaties per regio (vervolg)
OPMERKING: Gebruik twee van de hieronder beschreven netsnoeren
Land Artikelnummer van HP * Lengte Type stekker Stekker
Brazilië 8121-1101 2,5 m NBR 14136
Chili, Uruguay 8121-0923 2,5 m CEI 23-50
VS, Canada, Mexico 8120-6360 2,5 m NEMA 6-20P, 240 V, 20 A,
niet-vergrendelbaar
Azië, het Pacisch gebied en Japan
Australië/Nieuw-Zeeland 8120-6351 2,5 m AS/NZS 3112-3 (15 A)
China 8121-0924 2,5 m GB 1002 (16 A)
Korea, Indonesië 8120-6352 2,5 m CEE 7-VII
India 8121-1074 2,5 m IS 1293
Taiwan 8121-1033 4,5 m CNS 690
Hongkong, Singapore 8121–0907 2,5 m BS 1363/A (13 A
afgezekerd)
Japan, Filipijnen, Thailand 8120-6360 2,5 m NEMA 6-20P, 240 V, 20 A,
niet-vergrendelbaar
Europa, Midden-Oosten en Afrika
Europees Rusland 8120-6352 2,5 m CEE 7-VII
Denemarken 8121-1077 2,5 m DK 2-5A
NLWW Elektrische conguratie 9
Netsnoerspecicaties per regio (vervolg)
OPMERKING: Gebruik twee van de hieronder beschreven netsnoeren
Land Artikelnummer van HP * Lengte Type stekker Stekker
Israël 8121-1010 2,5 m SI 32
Zuid-Afrika 8121-0915 2,5 m SABS 164
Zwitserland,
Liechtenstein
8121-1287 2,5 m IEC 60309, 240 V, 16 A,
2L+PE
VK 8121–0907 2,5 m BS 1363/A (13 A
afgezekerd)
Midden-Oosten 8120-6360 2,5 m NEMA 6-20P, 240 V, 20 A,
niet-vergrendelbaar
Koppelmechanisme (printerverbinding)
Land Koppelmechanisme (stroomkabel) Ingang van koppelmechanisme (printer)
Alle Afneembare terminal overeenkomstig IEC60320-1
C19 (vierkant type)
Afneembare inlaat overeenkomstig IEC60320-1 C20
(vierkant type)
OPMERKING: Plaats de wandcontactdoos zo dicht bij de printer dat de stekker gemakkelijk aangesloten en
losgekoppeld kan worden.
10 Hoofdstuk 2 Vereisten voor locatievoorbereiding NLWW
Stroomstoringen
Zoals bij alle computer- en elektronische apparatuur hangt de betrouwbare werking van de printer af van de
beschikbaarheid van relatief geluidsvrije wisselstroom.
Om optimale prestaties en betrouwbaarheid te garanderen, dient de printer te zijn beschermd tegen
schommelingen in de lijnspanning. Bliksem, lijnstoringen of het aan- of uitschakelen van verlichting of
machines kan spanningspieken genereren die de piekwaarde van de toegepaste spanning ver
overschrijden. Als deze impulsen van microseconden niet worden gereduceerd, kunnen ze de werking van
het systeem verstoren en de printer beschadigen.
Aanbevolen wordt overspanning en bescherming daartegen mee te nemen in de voeding naar de printer.
Alle apparatuur die elektrische ruis genereert, zoals ventilatoren, uorescerende verlichting en systemen
voor airconditioning, moet op afstand worden gehouden van de voedingsbron die voor de printer wordt
gebruikt.
Aarding
De printer moet verbonden zijn met een geaarde lijn van goede kwaliteit om elektrische risico's te vermijden. Let
op uw verplichting om te voldoen aan de vereisten van de plaatselijke elektrische regelgeving van het land waar
de apparatuur wordt geïnstalleerd.
De volgende taken om te aarden moeten worden uitgevoerd om te voldoen aan de vereisten van de
locatievoorbereiding:
Geaarde kabels moeten zijn geïsoleerd en minstens dezelfde grootte hebben als de fasegeleiders.
De aardimpedantie moet minder zijn dan 0.5 Ω of moet voldoen aan de stroomvereisten van de printer en
aan de vereisten van de plaatselijke elektrische regelgeving van het land waar de apparatuur wordt
geïnstalleerd.
NLWW Stroomstoringen 11
3 Checklist voor plaatsing
Veiligheidsvoorschriften Ja Nee Opmerkingen
Zijn degenen die de printer gaan bedienen, technisch getraind en hebben ze de
nodige ervaring om zich bewust te zijn van de gevaren waaraan ze bloot kunnen
staan bij het uitvoeren van een opdracht en om de nodige maatregelen te nemen
om de risicos te minimaliseren?
(Vereist)
Heeft de printerruimte een nooduitgang die goed bereikbaar en vrij van obstakels
is?
Vereisten elektrische installatie Ja Nee Opmerkingen
Is de elektricien op de hoogte van alle vereisten en specicaties in deze
handleiding?
(Vereist)
Ligt de eenfasige lijnspanning binnen het voorgeschreven spanningsbereik van
200–240 V
(Vereist)
Geef de nominale netspanning op:
Zijn er toegewezen lijnen beschikbaar om de twee stroomkabels van de printer te
verbinden?
OPMERKING: Gebruik geen verdeeldoos (verlengsnoer) om de netsnoeren aan te
sluiten.
(Vereist)
Zijn de circuitonderbrekers (2 polen, 16 A/20 A algemeen) correct geïnstalleerd
voor elke toegewezen lijn?
(Vereist)
Is de foutstroomveiligheidsschakelaar (ook bekend als aardlekschakelaar) (2 polen,
30 mA foutieve stroom, minstens 20 A capaciteit) correct geïnstalleerd zoals
vereist of aanbevolen?
(Vereist)
Is de eenheid voor stroomdistributie (PDU) correct geïnstalleerd? (Vereist)
Zijn de aardleidingen correct geïnstalleerd voor elke wandcontactdoos
(stopcontact)?
(Vereist)
Zijn de wandcontactdozen (stopcontacten) geschikt voor het door HP geleverde
type stekker van het netsnoer?
(Vereist)
Zijn de wandcontactdozen (stopcontacten) en elektrische installatie geschikt voor
de nominale stroom van de printer?
OPMERKING: Zie Enkelfasige stroom op pagina 7 voor specieke informatie.
(Vereist)
Zijn de wandcontactdozen (stopcontacten) zo dicht bij de printer geplaatst dat de
stekkers gemakkelijk aangesloten en losgekoppeld kunnen worden?
OPMERKING: Zie Wandcontactdozen en netsnoeren op pagina 8 voor specieke
informatie.
(Vereist)
12 Hoofdstuk 3 Checklist voor plaatsing NLWW
Vereisten elektrische conguratie Ja Nee Opmerkingen
Hebt u een ononderbroken stroomvoorziening (UPS) of verhogingstransformator
nodig? Zo ja, is deze correct geïnstalleerd?
Vereisten voor netwerken en computers Ja Nee Opmerkingen
Is de RIP-computer en -software klaar voor installatie?
Zijn de netwerkaansluitingen geleverd?
Hebt u een webproxy nodig? Als dit het geval is, noteer dan de naam en de poort
van de proxyserver.
Hebt u een kleurensensor die compatibel is met uw RIP?
Hebt u een LAN-kabel die lang genoeg is om de printer met het netwerk te
verbinden?
Omgevingsvereisten Ja Nee Opmerkingen
Voldoen de temperatuur en de luchtvochtigheidsgraad in de printerruimte aan de
vereisten?
Voldoen de temperatuur en de luchtvochtigheidsgraad in de opslagruimte aan de
vereisten?
Is de printerruimte vrij van vuil en stof?
Is de printerruimte goed verlicht?
Hebt u een expert geraadpleegd over de vereiste specicaties voor ventilatie en
airconditioning?
Andere vereisten Ja Nee Opmerkingen
Hebt u geregeld dat benodigdheden, zoals substraten en inktpatronen,
beschikbaar zijn op de dag van installatie?
Hebt u voldaan aan de vereisten die zijn uiteengezet in deze handleiding? (Vereist)
Datum waarop de locatievoorbereiding gereed is
Editienummer of datum van copyright van handleiding voor locatievoorbereiding
Handtekening klant
NLWW 13
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17

HP Latex 115 Printer Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor