Electrolux BPK55622YM Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

USER
MANUAL
NL Gebruiksaanwijzing
Oven
BD541P
BPK556220M
BPK55622YM
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE................................................................................. 2
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN........................................................................ 4
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT................................................................ 8
4. BEDIENINGSPANEEL..........................................................................................9
5. VOOR HET EERSTE GEBRUIK...........................................................................9
6. DAGELIJKS GEBRUIK....................................................................................... 10
7. KLOKFUNCTIES.................................................................................................13
8. GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES...................................................................15
9. EXTRA FUNCTIES............................................................................................. 18
10. TIPS EN TRICKS..............................................................................................19
11. ONDERHOUD EN REINIGING.........................................................................38
12. PROBLEEMOPLOSSING.................................................................................43
13. ENERGIEZUINIGHEID..................................................................................... 46
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om
vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven
gemakkelijker helpen maken – functies die gewone apparaten wellicht niet
hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal
van kunt profiteren.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, onderhouds- en
reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Registreer uw product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens
bij de hand hebt: Model, productnummer, serienummer.
De informatie staat op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu‑informatie
Wijzigingen voorbehouden.
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor
installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is
www.aeg.com2
niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die
voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste
gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige,
toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 De veiligheid van kinderen en kwetsbare
personen
Laat kinderen niet spelen met het apparaat.
Houd alle verpakkingen uit de buurt van kinderen en
verwijder ze op gepaste wijze.
WAARSCHUWING: Houd kinderen en huisdieren uit
de buurt van het apparaat als het in werking is of
afkoelt. Makkelijk toegankelijke onderdelen worden
heet tijdens gebruik.
Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient
dit te worden geactiveerd.
Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat
uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
Alleen een erkende installatietechnicus mag het
apparaat en de kabel vervangen.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke
onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient
te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires of
kookgerei te plaatsen of verwijderen.
Voordat u welke onderhoudshandeling dan ook
verricht, dient u de stekker van het apparaat uit het
stopcontact te trekken.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat is
uitgeschakeld voordat u de lamp vervangt om
elektrische schokken te voorkomen.
Gebruik het apparaat niet voordat u het in de
ingebouwde structuur installeert.
Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon
te maken.
NEDERLANDS 3
Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of
scherpe metalen schrapers om de glazen deur schoon
te maken, deze kunnen krassen veroorzaken op het
oppervlak, waardoor het glas zou kunnen breken.
Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een
erkende serviceverlener of een gekwalificeerd
persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties
te voorkomen.
Overtollige voedselresten moeten verwijderd worden
alvorens de pyrolytische reiniging te starten. Verwijder
alle onderdelen van de oven.
Om de inschuifrails te verwijderen trekt u eerst de
voorkant van de inschuifrail en dan de achterkant uit
de zijwanden. Installeer de inschuifrails in de
omgekeerde volgorde.
Gebruik alleen de vleesthermometer
(kerntemperatuursensor) die voor dit apparaat wordt
aangeraden.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende
installatietechnicus mag het
apparaat installeren.
Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
Installeer en gebruik geen beschadigd
apparaat.
Volg de installatie-instructies die zijn
meegeleverd met het apparaat.
Pas altijd op bij verplaatsing van het
apparaat, want het is zwaar. Gebruik
altijd veiligheidshandschoenen en
gesloten schoeisel.
Trek het apparaat nooit aan de
handgreep van zijn plaats.
Installeer het apparaat op een veilige
en geschikte plaats die aan alle
installatie-eisen voldoet.
Houd de minimumafstand naar
andere apparaten en units in acht.
Controleer voordat u het apparaat
monteert of de ovendeur
onbelemmerd opent.
Het apparaat is uitgerust met een
elektrisch koelsysteem. Het heeft
elektrische stroom nodig.
Minimumhoogte kast
(Minimumhoogte kast
onder werkblad)
600 (600) mm
Kastbreedte 550 mm
Kastdiepte 605 (580) mm
Hoogte van de voor‐
kant van het appa‐
raat
594 mm
Hoogte van de ach‐
terkant van het appa‐
raat
576 mm
Breedte van de voor‐
kant van het appa‐
raat
549 mm
www.aeg.com4
Breedte van de ach‐
terkant van het appa‐
raat
548 mm
Diepte van het appa‐
raat
567 mm
Ingebouwde diepte
van het apparaat
546 mm
Diepte met open deur 1017 mm
Minimumgrootte ven‐
tilatieopening. Ope‐
ning geplaatst aan de
onderkant van de
achterzijde
550 x 20 mm
Lengte netvoedings‐
kabel. Kabel wordt in
de rechterhoek van
de achterzijde ge‐
plaatst
1500 mm
Bevestigingsschroe‐
ven
4 x 12 mm
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.
Alle elektrische aansluitingen moeten
door een gediplomeerd
elektromonteur worden gemaakt.
Dit apparaat moet worden
aangesloten op een geaard
stopcontact.
Zorg ervoor dat de parameters op het
vermogensplaatje overeenkomen met
elektrische vermogen van de
netstroom.
Gebruik altijd een juist geïnstalleerd
schokbestendig stopcontact.
Gebruik geen adapters met meerdere
stekkers en verlengkabels.
Zorg dat u de netstekker en het
netsnoer niet beschadigt. Indien de
voedingskabel moet worden
vervangen, dan moet dit gebeuren
door onze Klantenservice.
Laat de stroomkabel niet in aanraking
komen met de deur van het apparaat
of de niche onder het apparaat, met
name niet als deze werkt of als de
deur heet is.
De schokbescherming van delen
onder stroom en geïsoleerde delen
moet op zo'n manier worden
bevestigd dat het niet zonder
gereedschap kan worden verplaatst.
Steek de stekker pas in het
stopcontact als de installatie is
voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer
na installatie bereikbaar is.
Als het stopcontact los zit, mag u de
stekker niet in het stopcontact steken.
Trek niet aan het netsnoer om het
apparaat los te koppelen. Trek altijd
aan de stekker.
Gebruik enkel correcte
isolatievoorzieningen:
stroomonderbrekers, zekeringen
(schroefzekeringen moeten uit de
houder worden verwijderd),
aardlekschakelaars en contactgevers.
De elektrische installatie moet een
isolatieapparaat bevatten waardoor
het apparaat volledig van het lichtnet
afgesloten kan worden. Het
isolatieapparaat moet een
contactopening hebben met een
minimale breedte van 3 mm.
Sluit de deur van het apparaat
volledig voordat u de stekker in het
stopcontact steekt.
Dit apparaat wordt geleverd met
stekker en netsnoer.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel,
brandwonden, elektrische
schokken of een explosie.
Dit apparaat is uitsluitend bestemd
voor huishoudelijk gebruik.
De specificatie van dit apparaat niet
wijzigen.
Zorg ervoor dat de
ventilatieopeningen niet geblokkeerd
zijn.
Laat het apparaat tijdens het gebruik
niet onbeheerd achter.
Schakel het apparaat telkens na
gebruik uit.
Wees voorzichtig met het openen van
de deur van het apparaat als het
NEDERLANDS 5
apparaat aan staat. Er kan hete lucht
ontsnappen.
Bedien het apparaat niet met natte
handen of als het contact maakt met
water.
Oefen geen kracht uit op een
geopende deur.
Het apparaat mag niet worden
gebruikt als werkblad of aanrecht.
Open de deur van het apparaat
voorzichtig. Als u alcoholische
toevoegingen gebruikt, kan er alcohol-
luchtmengsel ontstaan.
Houd vonken of open vlammen uit de
buurt van het apparaat bij het openen
van de deur.
Plaats geen ontvlambare producten of
items die vochtig zijn door
ontvlambare producten in, bij of op
het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het
apparaat.
Om schade of verkleuring van het
email te voorkomen:
zet geen kookgerei of andere
voorwerpen direct op de bodem
van het apparaat.
leg geen aluminiumfolie op de
bodem van de ruimte in het
apparaat.
plaats geen water direct in het
hete apparaat.
haal vochthoudende schotels en
eten uit het apparaat als u klaar
bent met koken.
wees voorzichtig bij het
verwijderen of bevestigen van
accessoires.
Verkleuring van het email of roestvrij
staal is niet van invloed op de werking
van het apparaat.
Gebruik een diepe pan voor vochtige
taarten. Fruitsappen kunnen
permanente vlekken maken.
Dit apparaat is uitsluitend bestemd
om mee te koken. Het mag niet
worden gebruikt voor andere
doeleinden, zoals het verwarmen van
een kamer.
Alle bereidingen moeten worden
uitgevoerd met gesloten ovendeur.
Als het apparaat achter een
meubelpaneel gemonteerd is (bijv.
een deur), zorg er dan voor dat de
deur nooit gesloten is als het apparaat
in werking is. Warmte en vocht
kunnen achter een gesloten
meubelpaneel ophopen en schade
aan het apparaat, de behuizing of de
vloer veroorzaken. Sluit het
meubelpaneel niet tot het apparaat
volledig afgekoeld is na gebruik.
2.4 Onderhoud en reiniging
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brand en
schade aan het apparaat.
Schakel het apparaat uit en trek de
stekker uit het stopcontact voordat u
onderhoudshandelingen verricht.
Zorg ervoor dat het apparaat is
afgekoeld. Er bestaat een risico dat
de glasplaten kunnen breken.
Vervang direct de glazen deurpanelen
als deze beschadigd zijn. Neem
contact op met een erkend
servicecentrum.
Wees voorzichtig als u de deur van
het apparaat verwijdert. De deur is
zwaar!
Reinig het apparaat regelmatig om te
voorkomen dat het materiaal van het
oppervlak achteruitgaat.
Maak het apparaat schoon met een
vochtige zachte doek. Gebruik alleen
neutrale schoonmaakmiddelen.
Gebruik geen schuurmiddelen,
schuursponsjes, oplosmiddelen of
metalen voorwerpen.
Volg als u een ovenspray gebruikt de
aanwijzingen op de verpakking.
2.5 Pyrolytische reiniging
WAARSCHUWING!
Risico op letsel / Brand /
Chemische uitstoot
(dampen) in pyrolitische
modus.
Start de pyrolysefunctie niet
als de Plus Steam-knop is
ingedrukt.
Voordat u de pyrolytische
zelfsreinigingsfunctie of de functie Het
eerste gebruik uitvoert, moet u eerst
de volgende items uit de binnenkant
oven verwijderen:
www.aeg.com6
eventueel grote hoeveelheden
etensresten, olie of gemorst vet /
afzetttingen.
eventueel verwijderbare objecten
(inclusief plateaus, zijrails, etc.,
die met het product zijn
meegeleverd), in het bijzonder
potten en pannen met
antiaanbaklaag, ovenroosters,
kookgerei, etc.
Lees zorgvuldig alle instructies voor
pyrolytische reiniging.
Houd kinderen uit de buurt van het
apparaat als de pyrolytische reiniging
in werking is.
Het apparaat wordt erg heet en er
komt hete lucht uit de
ventilatieopeningen aan de voorkant.
Pyrolytische reiniging wordt
uitgevoerd onder hoge temperaturen
waarbij er rook van kookresten en
constructiematerialen kan komen.
Daarom gelden de volgende
aanbevelingen voor consumenten:
zorg voor goede ventilatie tijdens
en na elke pyrolytische reiniging.
zorg tijdens en na het eerste
gebruik bij maximumtemperatuur
voor voldoende verluchting.
In tegenstelling tot mensen, kunnen
bepaalde vogels en reptielen zeer
gevoelig zijn voor mogelijke
rookgassen die tijdens het
reinigingsproces van alle pyrolytische
ovens worden uitgestoten.
Houd huisdieren (met name
vogels) uit de buurt van het
apparaat tijdens en na de
pyrolytische reiniging en gebruik
eerst een programma bij
maximale temperatuur in een
goed geventileerde ruimte.
Kleine huisdieren kunnen ook zeer
gevoelig zijn voor de plaatselijke
temperatuurwijzigingen in de
nabijheid van alle pyrolytische ovens
wanneer de pyrolytische reiniging in
werking is.
Anti-aanbaklagen in potten en
pannen, schalen, keukengerei, enz.
kunnen worden beschadigd door de
hoge temperatuur van het
pyrolytische reinigingsproces van alle
pyrolytische ovens en kunnen
mogelijk ook kleine hoeveelheden
schadelijke gassen veroorzaken.
Rookgassen die vrijkomen uit alle
pyrolytische ovens / kookresten zoals
beschreven, zijn niet schadelijk voor
mensen, inclusief kinderen of
personen met medische
aandoeningen.
2.6 Binnenverlichting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische
schokken.
Met betrekking tot de lamp(en) in dit
product en reservelampen die
afzonderlijk worden verkocht: Deze
lampen zijn bedoeld om bestand te
zijn tegen extreme fysieke
omstandigheden in huishoudelijke
apparaten, zoals temperatuur,
trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld
om informatie te geven over de
operationele status van het apparaat.
Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in
andere toepassingen en zijn niet
geschikt voor verlichting in
huishoudelijke ruimten.
Gebruik alleen lampjes met dezelfde
specificaties.
2.7 Service
Neem contact op met de erkende
servicedienst voor reparatie van het
apparaat.
Gebruik uitsluitend originele
reserveonderdelen.
2.8 Afvalverwerking
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of
verstikking.
Haal de stekker uit het stopcontact.
Snijd het netsnoer vlak bij het
apparaat af en gooi het weg.
Verwijder de deurvergrendeling om te
voorkomen dat kinderen of huisdieren
binnen in het apparaat vast komen te
zitten.
NEDERLANDS 7
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Algemeen overzicht
1
2
3
4
5
2 3 5
8
14
11
9
10
641
12
7
13
1
Bedieningspaneel
2
Knop voor verwarmingsfuncties
3
Stroomlampje/symbool
4
Scherm
5
Bedieningsknop (voor de
temperatuur)
6
Temperatuurindicator/symbool
7
Plus Steam
8
Opening voor de voedselsensor
9
Verwarmingselement
10
Lamp
11
Ventilator
12
Verwijderbare inschuifrail
13
Uitholling reliëf
14
Roosterhoogtes
3.2 Accessoires
Bakrooster
Voor kookgerei, bak- en braadvormen.
Bakplaat
Voor gebak en koekjes.
Braadpan
Voor braden en roosteren of als pan om
vet op te vangen
Voedselsensor
Om de temperatuur binnenin het voedsel
te meten.
www.aeg.com8
4. BEDIENINGSPANEEL
4.1 Toetsen
Sensorveld / Knop Beschrijving
De KOOKWEKKER instellen. Houd deze langer dan 3 se‐
conden vast om de ovenlamp aan of uit te zetten.
De klokfunctie instellen.
De oventemperatuur of de temperatuur van de vleesthermo‐
meter (indien van toepassing). Uitsluitend als een verwar‐
mingsfunctie in werking is.
Het activeren van de functie Multi-hetelucht PLUS.
4.2 Display
A B
DG EF C
A. Timer / Temperatuur
B. Opwarmings- en restwarmte-indicator
C. Voedselsensor (alleen geselecteerde
modellen)
D. Deurslot (alleen geselecteerde
modellen)
E. Uren/minuten
F. Demomodus
G. Klokfuncties
5. VOOR HET EERSTE GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
Stel de tijd in voordat u de oven gebruikt.
5.1 Eerste reiniging
Stap 1 Stap 2 Stap 3
Verwijder alle accessoires
en verwijderbare inschuif‐
rails uit de oven.
Maak de oven en de acces‐
soires schoon met een zach‐
te doek, warm water en een
mild reinigingsmiddel.
Plaats de accessoires en de
verwijderbare inschuifrails in
de oven.
NEDERLANDS 9
5.2 Eerste voorverwarming
Warm de lege oven voor het eerste gebruik voor.
Stap 1 Verwijder alle accessoires en verwijderbare inschuifrails uit de oven.
Stap 2
Stel de maximale temperatuur in voor de functie: .
Laat de oven één uur werken.
Stap 3
Stel de maximale temperatuur in voor de functie: .
Laat de oven 15 minuten werken.
De oven kan een vreemde geur en rook afgeven tijdens het voorverwarmen. Zorg er‐
voor dat de kamer wordt verlucht.
6. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
6.1 Verzonken knoppen
Om het apparaat te bedienen, moet u de
bedieningsknop indrukken. De knop
komt dan naar buiten.
6.2 Verwarmingsfuncties
Ovenfunctie Toepassing
Uit-stand
De oven staat uit.
Snel opwar‐
men
Om de opwarmtijd te ver‐
korten.
Ovenfunctie Toepassing
Hetelucht /
Hete lucht
PLUS
Bakken op maximaal drie
rekstanden tegelijkertijd
en voedsel drogen.
Stel de temperatuur
20 °C tot 40 °C lager in
dan voor Boven- /onder‐
warmte.
Om tijdens de bereiding
vocht toe te voegen. Om
tijdens het bakken de
juiste kleur en knapperig‐
heid te krijgen. Om bij het
opwarmen meer sappig‐
heid te geven.
Pizza-functie
Voor het bakken van piz‐
za. Voor intensieve brui‐
ning en een knapperige
bodem.
Boven- /onder‐
warmte
Voor het bakken en bra‐
den op één ovenniveau.
Onderwarmte
Voor het bakken van
taarten met een knappe‐
rige bodem en het inma‐
ken van voedsel.
www.aeg.com10
Ovenfunctie Toepassing
Ontdooien
Om voedsel te ontdooien
(groenten en fruit). De
ontdooitijd hangt af van
de hoeveelheid en dikte
van het voedsel.
Warmelucht
(vochtig)
Deze functie is ontwor‐
pen om tijdens de berei‐
ding energie te besparen.
Bij het gebruik van deze
functie kan de tempera‐
tuur in de ruimte verschil‐
len van de ingestelde
temperatuur. De rest‐
warmte wordt gebruikt.
Het verwarmingsvermo‐
gen kan worden vermin‐
derd. Raadpleeg voor
meer informatie het
hoofdstuk "Dagelijks ge‐
bruik", opmerkingen op:
Warmelucht (vochtig) .
Grill
Voor het roosteren van
dunne stukjes voedsel en
voor het maken van
toast.
Turbo grill
Voor het braden van gro‐
tere stukken vlees of ge‐
vogelte met botten op
één niveau. Voor gratine‐
ren en bruinen.
Pyrolyse
Voor inschakeling van
pyrolytische reiniging van
de oven. Hierdoor wor‐
den vuilresten in de oven
verbrand.
De lamp kan tijdens
bepaalde ovenfuncties
automatisch uitgaan bij een
temperatuur die lager is dan
60° C.
6.3 Toelichting van:
Warmelucht (vochtig)
Deze functie wordt gebruikt om te
voldoen aan de energie-efficiëntieklasse
en ecodesign-vereisten overeenkomstig
EU 65/2014 en EU 66/2014. Testen
volgens EN 60350-1.
De ovendeur dient tijdens de bereiding
gesloten te zijn zodat de functie niet
wordt onderbroken en de oven werkt op
de hoogst mogelijke energie-efficiëntie.
Bij gebruik van deze functie gaat de
verlichting na 30 seconden automatisch
uit.
Zie het hoofdstuk 'Hints en
tips’, Warmelucht (vochtig)
voor bereidingsinstructies.
Zie voor algemene
aanbevelingen voor
energiebesparing het
hoofdstuk ‘Energie-
efficiëntie’,
Energiebesparing.
6.4 Instellen:
Verwarmingsfunctie
Stap 1 Draai aan de knop voor de
verwarmingsfuncties om een
verwarmingsfunctie te selec‐
teren.
Stap 2 Draai aan de regelknop om de
temperatuur te selecteren.
De lamp gaat branden wan‐
neer de oven in werking is.
Stap 3 Draai aan de knop voor de
verwarmingsfuncties naar de
uit-stand om de oven uit te
schakelen.
6.5 De functie instellen:Hete
lucht PLUS
Deze functie verhoogt de vochtigheid tijdens het koken.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brandwonden en schade aan het apparaat.
NEDERLANDS 11
Stap 1 Zorg ervoor dat de oven is afgekoeld.
Stap 2 Vul de uitsparing in de oven‐
ruimte met kraanwater.
De maximumcapaciteit van
de uitsparing in de ovenruimte
is 250 ml. Vul de uitsparing in
de ovenruimte niet bij tijdens de
bereiding of als de oven heet is.
Stap 3
Stel de functie in: .
Druk op:
. Het indicatielampje gaat branden. Het werkt alleen met de func‐
tie: Hete lucht PLUS.
Stap 4 Draai aan de regelknop voor de temperatuur om de temperatuur in te stellen.
Stap 5 Verwarm de lege oven 10 minuten voor om vochtigheid te creëren.
Stap 6 Plaats het voedsel in de oven.
Zie het hoofdstuk 'Nuttige aanwijzingen en tips'. De ovendeur niet openen tij‐
dens het koken.
Stap 7 Draai de knop voor de verwarmingsfuncties naar de uit-stand om de oven uit
te schakelen.
- druk hierop om de oven uit te schakelen. Het controlelampje gaat uit.
Stap 8 Nadat de functie eindigt, dient u de deur voorzichtig te openen. Vrijgekomen
vocht kan brandwonden veroorzaken.
Stap 9 Zorg ervoor dat de oven is afgekoeld. Verwijder het resterende water uit de
uitsparing in de oven.
6.6 Snel opwarmen
De functie Snel opwarmen verkort de
opwarmtijd.
Leg geen voedsel in de oven
wanneer de functie Snel
opwarmen is ingeschakeld.
1. Draai de knop voor de ovenfuncties
om de functie Snel opwarmen in te
stellen.
2. Draai de knop voor de temperatuur
om de temperatuur in te stellen.
Wanneer de oven op de ingestelde
temperatuur is, hoort u een
geluidssignaal.
3. Ovenfunctie instellen.
6.7 Indicatielampje bij
voorverwarmen
Wanneer de ovenfunctie actief is,
verschijnen de balkjes in het display
één voor één wanneer de temperatuur in
de oven stijgt en verdwijnen ze wanneer
de temperatuur daalt.
www.aeg.com12
7. KLOKFUNCTIES
7.1 Tabel met klokfuncties
Klokfunctie Applicatie
Tijdstip van de dag
Om het tijdstip van de dag weer te geven en te wijzi‐
gen. U kunt het tijdstip van de dag op elk gewenst mo‐
ment wijzigen, ook als de oven uit staat.
Duur
De duur van het koken instellen. Uitsluitend gebruiken
als er een verwarmingsfunctie is ingesteld.
Eindtijd
Om de uitschakeltijd van de oven in te stellen. Uitslui‐
tend gebruiken als er een verwarmingsfunctie is inge‐
steld.
Vertragingstijd
Combinatie van functies: Duur, Eindtijd.
Kookwekker
Om een afteltijd in te stellen. Deze functie heeft geen
invloed op de werking van de oven.
Kookwekker - kan op elk gewenst moment worden in‐
gesteld, ook als de oven uit staat.
7.2 Instellen: Tijdstip van de
dag
Wacht bij eerste aansluiting op de
stroom totdat het display het volgende
weergeeft: hr, 12:00. 12 - knippert.
Stap 1 Draai de knop voor de temperatuur om het uur in te stellen.
Stap 2
- druk om te bevestigen.
Op het display wordt het ingestelde uur weergegeven, alsook: min. 00 - knip‐
pert.
Stap 3 Draai de knop voor de temperatuur om de minuten in te stellen.
Stap 4
- druk om te bevestigen.
Op het display verschijnt de ingestelde tijd.
- druk hier herhaaldelijk op om het tijdstip van de dag te wijzigen. - knippert op het
display.
7.3 Functie instellen: Duur
Stap 1 Stel de verwarmingsfunctie in.
NEDERLANDS 13
Stap 2
- druk herhaaldelijk. - begint te knipperen.
Stap 3
Draai de regelknop om de minuten in te stellen. - druk om te bevestigen.
Stap 4
Draai de knop voor de temperatuur om het uur in te stellen. - druk om te
bevestigen.
Wanneer de ingestelde tijdsduur eindigt, klinkt er gedurende 2 min een ge‐
luidssignaal. De tijdinstelling knippert op het display. De oven wordt automa‐
tisch uitgeschakeld.
Stap 5 Druk op een willekeurige toets om het signaal uit te zetten.
Stap 6 Draai de knop voor de verwarmingsfuncties naar de uit-stand.
7.4 Functie instellen: Eindtijd
Stap 1 Stel de verwarmingsfunctie in.
Stap 2
- druk herhaaldelijk. - begint te knipperen.
Stap 3
Draai de knop voor de temperatuur om het uur in te stellen. - druk om te
bevestigen.
Stap 4
Draai de knop voor de temperatuur om de minuten in te stellen. - druk om
te bevestigen.
Op de ingestelde eindtijd klinkt er gedurende 2 min een geluidssignaal. De tij‐
dinstelling knippert op het display. De oven wordt automatisch uitgeschakeld.
Stap 5 Druk op een willekeurige toets om het signaal uit te zetten.
Stap 6 Draai de knop voor de verwarmingsfuncties naar de uit-stand.
7.5 Functie instellen:
Vertragingstijd
Stap 1 Stel een verwarmingsfunctie in.
Stap 2
- druk herhaaldelijk. - begint te knipperen.
Stap 3 Draai de knop voor de temperatuur om de minuten in te stellen voor de func‐
tie: Duur.
Druk op: .
Stap 4 Draai de knop voor de temperatuur om het uur in te stellen voor de functie:
Duur.
Druk op: .
Op het display verschijnt: .
www.aeg.com14
Stap 5 Draai de knop voor de temperatuur om het uur in te stellen voor de functie:
Eindtijd.
Druk op: .
Stap 6 Draai de knop voor de temperatuur om de minuten in te stellen voor de func‐
tie: Eindtijd.
Druk op: .
Het display geeft weer: de ingestelde temperatuur, , .
De oven gaat later automatisch aan, werkt voor de ingestelde tijdsduur en
stopt op de ingestelde eindtijd.
Op de ingestelde eindtijd klinkt er gedurende 2 min een geluidssignaal. De tij‐
dinstelling knippert op het display. De oven gaat uit.
Stap 7 Druk op een willekeurige toets om het signaal uit te zetten.
Stap 8 Draai de knop voor de verwarmingsfuncties naar de uit-stand.
7.6 Functie instellen:
Kookwekker
De kookwekker kan zowel worden
ingesteld bij een ingeschakelde of
uitgeschakelde oven.
Stap 1
- druk herhaaldelijk. , 00 - knippert.
Stap 2 Draai aan de knop voor de temperatuur om de seconden en daarna de minu‐
ten in te stellen.
Als de ingestelde tijd langer is dan 60 min, knippert hr op het display.
Stap 3 Stel de uren in.
Kookwekker - start automatisch na 5 seconden.
Na 90% van de ingestelde tijd klinkt er een geluidssignaal.
Stap 4 Wanneer de ingestelde tijdsduur eindigt, klinkt er gedurende 2 min een ge‐
luidssignaal 00:00, - knippert op het display. Druk op een willekeurige toets
om het signaal uit te zetten.
8. GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
8.1 Vleesthermometer
De sensor van de vleesthermometer
meet de temperatuur binnenin het
voedsel. Wanneer het voedsel de
ingestelde temperatuur heeft bereikt,
wordt de oven uitgeschakeld.
Er worden twee temperaturen ingesteld:
de oventemperatuur (minimaal
120 °C),
de kerntemperatuur van het voedsel.
NEDERLANDS 15
LET OP!
Gebruik alleen de sensor
van de vleesthermometer
die is meegeleverd and de
originele reserveonderdelen.
Voor de beste kookresultaten:
Ingrediënten moeten op
kamertemperatuur zijn.
De sensor voor de vleesthermometer
kan niet worden gebruikt voor
vloeibare gerechten.
Tijdens de bereiding moet de sensor
van de vleesthermometer in het
gerecht stoken blijven en de stekker
in de houder.
Maak gebruik van de aanbevolen
vleesthermometerinstellingen voor
voedsel. Zie het hoofdstuk 'Nuttige
aanwijzingen en tips'.
Telkens u de
vleesthermometer in het
contact steekt, moet u de
kerntemperatuurtijd opnieuw
instellen. U kunt de duur en
de eindtijd niet instellen.
De oven berekent de
geschatte bereidingstijd,
maar dit kan veranderen
tijdens het koken.
Voedselcategorieën: vlees,
gevogelte en vis
1. Stel de ovenfunctie en temperatuur
in.
2. Plaats de punt van de
vleesthermometer in het midden van
het vlees of de vis, indien mogelijk in
het dikste gedeelde. Zorg ervoor dat
ten minste 3/4 van de
vleesthermometer in het gerecht zit.
3. Steek de stekker van de
vleesthermometer in de aansluiting
aan de voorkant van het apparaat.
Het display geeft het symbool van de
vleesthermometer weer.
Wanneer u de vleesthermometer voor de
eerste keer gebruikt, is de standaard
kerntemperatuur 60 °C.
Wanneer knippert, kunt u de
temperatuurknop gebruiken om de
standaard kerntemperatuur te wijzigen.
Het display toont het symbool van de
vleesthermometer en de standaard
kerntemperatuur.
4. Druk op om de nieuwe
kerntemperatuur op te slaan, of
wacht 10 seconden tot de instelling
automatisch wordt opgeslagen.
De nieuwe standaard kerntemperatuur
wordt weergegeven tijdens het volgende
gebruik van de vleesthermometer.
Wanneer het gerecht de ingestelde
kerntemperatuur heeft bereikt, gaan de
kerntemperatuur en knipperen. Er
klinkt gedurende twee minuten een
geluidssignaal.
5. Druk op een willekeurige toets of
open de ovendeur om het geluid te
stoppen.
6. Haal de stekker van de
vleesthermometer uit het stopcontact
en haal het gerecht uit het apparaat.
www.aeg.com16
WAARSCHUWING!
Er bestaat een risico op
verbrandingsgevaar
aangezien de
vleesthermometer heet
wordt. Wees voorzichtig
wanneer u de stekker eruit
haalt en de
vleesthermometer uit het
gerecht haalt.
Categorie levensmiddelen:
stoofschotel
1. Stel de ovenfunctie en temperatuur
in.
2. Plaats de helft van de ingrediënten in
de ovenschaal.
3. Plaats de punt van de
vleesthermometer precies in het
midden van de stoofschotel.De
vleesthermometer moet stevig op zijn
plaats blijven tijdens het bakproces.
Gebruik een solide ingrediënt om dat
te bereiken. Gebruik de rand van de
ovenschaal om het silicone handvat
van de vleesthermometer te
ondersteunen. De punt van de
vleesthermometer mag de bodem
van de ovenschaal niet aanraken.
4. Bedek de vleesthermometer met de
resterende ingrediënten.
5. Steek de stekker van de
vleesthermometer in de aansluiting
aan de voorkant van het apparaat.
Het display geeft het symbool van de
vleesthermometer weer.
6. Druk op
om de nieuwe
kerntemperatuur op te slaan, of
wacht 10 seconden tot de instelling
automatisch wordt opgeslagen.
De nieuwe standaard kerntemperatuur
wordt weergegeven tijdens het volgende
gebruik van de vleesthermometer.
Wanneer het gerecht de ingestelde
kerntemperatuur heeft bereikt, gaan de
kerntemperatuur en
knipperen. Er
klinkt gedurende twee minuten een
geluidssignaal.
7. Druk op een willekeurige toets of
open de ovendeur om het geluid te
stoppen.
8. Haal de stekker van de
vleesthermometer uit het stopcontact
en haal het gerecht uit het apparaat.
WAARSCHUWING!
Er bestaat een risico op
verbrandingsgevaar
aangezien de
vleesthermometer heet
wordt. Wees voorzichtig
wanneer u de stekker eruit
haalt en de
vleesthermometer uit het
gerecht haalt.
De temperatuur wijzigen
tijdens het koken
U kunt de temperatuur tijdens de
bereiding altijd wijzigen:
1. Druk op :
eenmaal - het display toont de
ingestelde kerntemperatuur die
NEDERLANDS 17
elke 10 seconden wisselt naar de
actuele kerntemperatuur.
tweemaal - het display toont de
actuele oventemperatuur die elke
10 seconden wisselt naar de
ingestelde oventemperatuur.
driemaal - het display toont de
ingestelde oventemperatuur.
2. Draai de knop voor de temperatuur
om de temperatuur in te stellen.
8.2 Accessoires plaatsen
Een kleine inkeping bovenaan verhoogt
de veiligheid. Deze inkepingen
voorkomen bovendien omkanteling. De
hoge rand rond het rooster voorkomt dat
het kookgerei van het rooster afglijdt.
Bakrooster:
Plaats het rooster tussen de geleides‐
tangen van de inschuifrail.
Bakplaat/ Diepe pan:
Schuif de bakplaat /diepe pan tussen de
geleidestangen van de roostersteun.
Bakrooster en bakplaat / diepe
pansamen:
Plaats de bakplaat /diepe pan tussen de
geleiders van de inschuifrails en het
bakrooster op de geleiders erboven.
9. EXTRA FUNCTIES
9.1 Kinderslot gebruiken
Als het Kinderslot aanstaat, kan de oven
niet per ongeluk worden geactiveerd.
1. Zorg ervoor dat de knop voor de
verwarmingsfuncties in de uit-stand
staat.
2. , - houd tegelijkertijd
gedurende 2 seconden ingedrukt.
www.aeg.com18
Het signaal klinkt. SAFE , - worden
weergegeven op het display. De deur
blijft vergrendeld.
- het symbool verschijnt
ook op het display wanneer
de pyrolysefunctie werkt.
Herhaal stap 2 om het Kinderslot uit te
schakelen.
9.2 Functievergrendeling
gebruiken
U kunt de functie Functievergrendeling
alleen inschakelen wanneer de oven
werkt.
Wanneer de Functievergrendeling is
ingeschakeld, kunnen de temperatuur-
en tijdinstellingen niet per ongeluk
worden gewijzigd.
1. Selecteer een ovenfunctie en stel
deze in volgens uw voorkeuren.
2. Houd
en gedurende 2
seconden tegelijkertijd ingedrukt.
Het signaal klinkt. Loc verschijnt 5
seconden op het display.
Loc verschijnt op het display
wanneer u de knop voor de
temperatuur draait of op een
willekeurige knop drukt
wanneer de
Functievergrendeling is
ingeschakeld.
Wanneer u aan de knop voor de
ovenfuncties draait, stopt de oven.
Wanneer u de oven uitschakelt terwijl de
Functievergrendeling is ingeschakeld,
schakelt de Functievergrendeling
automatisch over naar de Kinderslot.
Raadpleeg 'Aanvullende functies',
hoofdstuk 'Kinderslot gebruiken'.
Als de pyrolysefunctie werkt,
wordt de deur vergrendeld
en verschijnt op het
display.
Herhaal stap 2 om de
Functievergrendeling uit te schakelen.
9.3 Restwarmte-indicatie
Als u de oven uitschakelt, toont het
display de restwarmte-indicator bij
een oventemperatuur van boven de
40 °C.Draai de temperatuurknopnaar
links of rechts om de oventemperatuur te
controleren.
9.4 Automatische
uitschakeling
Om veiligheidsredenen schakelt de oven
na bepaalde tijd uit als er een
ovenfunctie in werking is en u geen
instellingen wijzigt.
(°C) (u)
30 - 115 12,5
120 - 195 8,5
200 - 245 5,5
250 - maximum 3
Druk na een automatische uitschakeling
op een willekeurige knop om de oven
opnieuw te bedienen.
De automatische uitschakeling werkt niet
met de functies: Binnenverlichting,
Voedselsensor, Duur, Eindtijd.
9.5 Koelventilator
Als de oven in werking is, wordt de
koelventilator automatisch ingeschakeld
om de oppervlakken van de oven koel te
houden. Na het uitschakelen van de
oven blijft de ventilatie doorgaan totdat
de oven is afgekoeld.
10. TIPS EN TRICKS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
NEDERLANDS 19
10.1 Kookadviezen
De temperatuur en kooktijden in de tabellen zijn slechts als richtlijn bedoeld. Deze zijn af‐
hankelijk van de recepten en de kwaliteit en de hoeveelheid van de gebruikte ingrediën‐
ten.
Uw oven kan anders bakken of roosteren dan de oven die u tot nu toe gebruikt heeft. De
onderstaande tabellen tonen aanbevolen instellingen voor temperatuur, kooktijd en rek‐
stand voor specifieke soorten voedsel.
Als u voor een speciaal recept de instelling niet kunt vinden, zoek dan naar een soortgelijk
recept.
10.2 Binnenzijde van de deur
Aan de binnenkant van de deur vindt
u het volgende:
de nummers van de inzetniveaus.
informatie over de ovenfuncties,
aanbevolen niveaus en temperaturen
voor gerechten.
10.3 Hete lucht PLUS
Gebruik de tweede rekstand.
Gebruik 150 ml water.
Gebruik een bakplaat.
CA‐
KE/GEBAK/
BROOD
(°C) (min)
Koekjes / Sco‐
nes / Crois‐
sants
150 - 180 10 - 20
Focaccia 200 - 210 10 - 20
Pizza 230 10 - 20
Broodjes 200 20 - 25
Brood 180 35 - 40
Pruimentaart /
Appeltaart /
Kaneelbrood‐
jes, gebakken
in een taart‐
vorm
160 - 180 30 - 60
Gebruik 200 ml water.
BEVROREN
KANT-EN-KLAAR‐
MAALTIJDEN
(°C) (min)
Pizza 200 -
210
10 -
20
Croissants 170 -
180
15 -
25
Lasagne 180 -
200
35 -
50
Gebruik 100 ml water.
Stel de temperatuur in op 110 °C.
VOEDSELHER‐
STEL (min)
Broodjes 10 - 20
Brood 15 - 25
Focaccia 15 - 25
Vlees 15 - 25
Pasta 15 - 25
Pizza 15 - 25
Rijst 15 - 25
Groenten 15 - 25
Gebruik 200 ml water.
Gebruik een glazen ovenschaal.
www.aeg.com20
BRA‐
DEN (°C) (min)
Rosbief 200 50 - 60
Kip 210 60 - 80
Geroosterd
varkensvlees
180 65 - 80
10.4 Bakken
Gebruik voor de eerste baksessie de
lagere temperatuur.
Bij het bereiden van cake op meerdere
niveaus kan de baktijd ca. 10 - 15
minuten langer zijn.
Als de cake niet overal even hoog is,
wordt de cake niet overal even bruin. Als
de cake niet overal even bruin wordt,
hoeft u de temperatuurinstelling niet te
wijzigen. De verschillen verminderen
tijdens het bakken.
Tijdens het bakken kunnen bakplaten in
de oven vervormen. Wanneer de
bakplaten weer afgekoeld zijn, verdwijnt
de vervorming.
10.5 Baktips
Bakresultaat Mogelijke oorzaak Oplossing
De onderkant van de
cake is niet voldoende
gebakken.
De rekstand is incorrect. Plaats de cake op een lagere rek‐
stand.
De cake zakt in en
wordt klef, of streperig.
De oventemperatuur is te
hoog.
Stel de volgende keer de oven‐
temperatuur iets lager in.
De oventemperatuur is te
hoog en de baktijd te kort.
Stel volgende keer een langere
baktijd en een lagere oventempe‐
ratuur in.
De cake is te droog. De oventemperatuur is te
laag.
Stel de volgende keer de oven‐
temperatuur hoger in.
Te lange baktijd. Stel volgende keer een kortere
baktijd in.
De cake wordt ongelijk‐
matig gebakken.
De oventemperatuur is te
hoog en de baktijd te kort.
Stel volgende keer een langere
baktijd en een lagere oventempe‐
ratuur in.
Het cakebeslag is niet ge‐
lijkmatig verdeeld.
Verspreid de volgende keer het
cakebeslag gelijkmatig over de
bakplaat.
De cake wordt niet gaar
binnen de in het recept
aangegeven baktijd.
De oventemperatuur is te
laag.
Stel de volgende keer de oven‐
temperatuur iets hoger in.
NEDERLANDS 21
10.6 Bakken op 1 rekniveau
BAKKEN IN BAKVORMEN
(°C)
(min)
Taartbodem -
zandtaartdeeg,
verwarm de
oven voor
Hetelucht 170 - 180 10 - 25 2
Taartbodem -
zacht cake‐
deeg
Hetelucht 150 - 170 20 - 25 2
Tulband / Brio‐
che
Hetelucht 150 - 160 50 - 70 1
Zandgebak /
Fruitgebak
Hetelucht 140 - 160 70 - 90 1
Kwarktaart Boven- /onderwarmte 170 - 190 60 - 90 1
CAKE/GEBAK/BROOD
Gebruik de derde rekstand.
Gebruik de functie: Hetelucht.
Gebruik een bakplaat.
(°C) (min)
Kruimeltaart, droog 150 - 160 20 - 40
Vruchtentaart (ge‐
maakt van gist‐
deeg/zacht cake‐
deeg), gebruik een
diepe pan
150 35 - 55
CAKE/GEBAK/BROOD
Gebruik de derde rekstand.
Gebruik de functie: Hetelucht.
Gebruik een bakplaat.
(°C) (min)
Vruchtencake van
zanddeeg
160 - 170 40 - 80
www.aeg.com22
CAKE/GEBAK/BROOD
Verwarm de lege oven voor.
Gebruik de functie: Boven- /onderwarmte.
Gebruik een bakplaat.
(°C) (min)
Koninginnenbrood
(opgerolde cake met
jam)
180 - 200 10 - 20 3
Roggebrood: eerst: 230 20 1
dan: 160 - 180 30 - 60
Beboterde amandel‐
taart / Suikerkoek
190 - 210 20 - 30 3
Roomsoezen /
Eclairs
190 - 210 20 - 35 3
Plaatbrood / Brood‐
krans
170 - 190 30 - 40 3
Vruchtentaart (ge‐
maakt van gistdeeg/
zacht cakedeeg), ge‐
bruik een diepe pan
170 35 - 55 3
Plaatkoek met deli‐
cate garnering (bij‐
voorbeeld kwark,
room, puddingvul‐
ling)
160 - 180 40 - 80 3
Christstollen 160 - 180 50 - 70 2
NEDERLANDS 23
KOEKJES EN BISCUITS
Gebruik de derde rekstand.
(°C) (min)
Zandkoekjes Hetelucht 150 - 160 10 - 20
Broodjes, verwarm de
oven voor
Hetelucht 160 10 - 25
Koekjes gemaakt van
sponsdeeg
Hetelucht 150 - 160 15 - 20
Koekjes van blader‐
deeg, verwarm de oven
voor
Hetelucht 170 - 180 20 - 30
Koekjes gemaakt van
gistdeeg
Hetelucht 150 - 160 20 - 40
Makarons Hetelucht 100 - 120 30 - 50
Eiwitgebak/schuimge‐
bak / Schuimgebakjes
Hetelucht 80 - 100 120 - 150
Broodjes, verwarm de
oven voor
Boven- /onder‐
warmte
190 - 210 10 - 25
10.7 Ovenschotels en gegratineerde gerechten
Gebruik de eerste rekstand.
(°C) (min)
Stokbroden bedekt met
gesmolten kaas
Hetelucht 160 - 170 15 - 30
Groentegratin, ver‐
warm de oven voor
Turbo grill 160 - 170 15 - 30
Lasagne Boven- /onderwarmte 180 - 200 25 - 40
Visschotels Boven- /onderwarmte 180 - 200 30 - 60
Gevulde groente Hetelucht 160 - 170 30 - 60
www.aeg.com24
Gebruik de eerste rekstand.
(°C) (min)
Zoete ovenschotels Boven- /onderwarmte 180 - 200 40 - 60
Pasta gebakken Boven- /onderwarmte 180 - 200 45 - 60
10.8 Bakken op meerdere
niveaus
Gebruik de functie: Hetelucht.
Gebruik de bakplaten.
CAKE/GEBAK
(°C)
(min)
2 posities
Roomsoezen /
Eclairs, verwarm de
oven voor
160 - 180 25 - 45 1 / 4
Kruimeltaart 150 - 160 30 - 45 1 / 4
KOEKJES/CAKEJES/GEBAK/BROODJES
(°C)
(min)
2 posities 3 posities
Broodjes 180 20 - 30 1 / 4 -
Zandkoekjes 150 - 160 20 - 40 1 / 4 1 / 3 / 5
Koekjes ge‐
maakt van
sponsdeeg
160 - 170 25 - 40 1 / 4 -
Koekjes van bla‐
derdeeg, ver‐
warm de oven
voor
170 - 180 30 - 50 1 / 4 -
NEDERLANDS 25
KOEKJES/CAKEJES/GEBAK/BROODJES
(°C)
(min)
2 posities 3 posities
Koekjes ge‐
maakt van gist‐
deeg
160 - 170 30 - 60 1 / 4 -
Makarons 100 - 120 40 - 80 1 / 4 -
Koekjes ge‐
maakt van ei‐
wit / Schuimge‐
bakjes
80 - 100 130 - 170 1 / 4 -
10.9 Tips voor braden
Gebruik hittebestendig kookgerei.
Geroosterd mager vlees bedekt (u kunt
aluminiumfolie gebruiken).
Braad grote vleesstukken direct in de
diepe bakplaat of op een bakrooster
boven de bakplaat.
Doe wat water in de bakplaat om te
voorkomen dat druipend vet verbrandt.
Draai het braadstuk na 1/2 - 2/3 van de
gaartijd.
Rooster vlees en vis in grote stukken (1
kg of meer).
Bedruip vleesstukken meerdere malen
met hun eigen sap tijdens het roosteren.
10.10 Braden
Gebruik de eerste rekstand.
RUNDVLEES
(°C) (min)
Stoofvlees 1 - 1,5 kg Boven- /onder‐
warmte
230 120 - 150
Rosbief of ossen‐
haas, rood, ver‐
warm de oven voor
per cm dikte Turbo grill 190 - 200 5 - 6
Rosbief of ossen‐
haas, medium, ver‐
warm de oven voor
per cm dikte Turbo grill 180 - 190 6 - 8
Rosbief of ossen‐
haas, gaar, ver‐
warm de oven voor
per cm dikte Turbo grill 170 - 180 8 - 10
www.aeg.com26
VARKENSVLEES
Gebruik de functie: Turbo grill.
(kg)
(°C) (min)
Schouder / Nek / Ham‐
lap
1 - 1,5 160 - 180 90 - 120
Karbonade / Spare ribs 1 - 1,5 170 - 180 60 - 90
Gehaktbrood 0,75 - 1 160 - 170 50 - 60
Varkensschenkel, voor‐
gekookt
0,75 - 1 150 - 170 90 - 120
KALFSVLEES
Gebruik de functie: Turbo grill.
(kg)
(°C) (min)
Geroosterd kalfs‐
vlees
1 160 - 180 90 - 120
Kalfsschenkel 1,5 - 2 160 - 180 120 - 150
LAMSVLEES
Gebruik de functie: Turbo grill.
(kg)
(°C) (min)
Lamsbout / Geroo‐
sterd lamsvlees
1 - 1,5 150 - 170 100 - 120
Lamsrugfilet 1 - 1,5 160 - 180 40 - 60
NEDERLANDS 27
WILD
Gebruik de functie: Boven- /onderwarmte.
(kg)
(°C) (min)
Rug / Hazenpoot,
verwarm de oven
voor
tot 1 230 30 - 40
Hert rugfilet 1,5 - 2 210 - 220 35 - 40
Reebout, hertenbout 1,5 - 2 180 - 200 60 - 90
GEVOGELTE
Gebruik de functie: Turbo grill.
(kg)
(°C) (min)
Gevogelte, porties 0,2 - 0,25 elk 200 - 220 30 - 50
Halve kip 0,4 - 0,5 elk 190 - 210 35 - 50
Kip, haantje 1 - 1,5 190 - 210 50 - 70
Eend 1,5 - 2 180 - 200 80 - 100
Gans 3,5 - 5 160 - 180 120 - 180
Kalkoen 2,5 - 3,5 160 - 180 120 - 150
Kalkoen 4 - 6 140 - 160 150 - 240
VIS (GESTOOMD)
Gebruik de functie: Boven- /onderwarmte.
(kg)
(°C) (min)
Hele vis 1 - 1,5 210 - 220 40 - 60
www.aeg.com28
10.11 Knapperig bakken
met:Pizza-functie
PIZZA
Gebruik de eerste rekstand.
(°C) (min)
Taarten 180 - 200 40 - 55
Spinazie‐
taart
160 - 180 45 - 60
Quiche Lor‐
raine / Zwit‐
serse flan
170 - 190 45 - 55
Kwarktaart 140 - 160 60 - 90
Groentetaart 160 - 180 50 - 60
PIZZA
Warm de lege oven voor het ko‐
ken voor.
Gebruik de tweede rekstand.
(°C) (min)
Pizza, dunne
korst, ge‐
bruik een
diepe pan
200 - 230 15 - 20
PIZZA
Warm de lege oven voor het ko‐
ken voor.
Gebruik de tweede rekstand.
(°C) (min)
Pizza, dikke
korst
180 - 200 20 - 30
Ongede‐
semd brood
230 - 250 10 - 20
Bladerdeeg‐
taart
160 - 180 45 - 55
Flammku‐
chen
230 - 250 12 - 20
Pierogi 180 - 200 15 - 25
10.12 Grill
Warm de lege oven voor het koken voor.
Alleen dunne stukken vlees of vis grillen.
Plaats een pan op de eerste rekstand om
vet op te vangen.
NEDERLANDS 29
GRILLEN
Gebruik de functie: Grill
(°C) (min)
1e kant
(min)
2e kant
Rosbief 210 - 230 30 - 40 30 - 40 2
Runderfilet 230 20 - 30 20 - 30 3
Varkenshaas 210 - 230 30 - 40 30 - 40 2
Kalfsvlees 210 - 230 30 - 40 30 - 40 2
Lamsrugfilet 210 - 230 25 - 35 20 - 25 3
Hele vis, 0,5 kg -
1 kg
210 - 230 15 - 30 15 - 30 3 / 4
10.13 Bevroren gerechten
ONTDOOIEN
Gebruik de functie: Hetelucht.
(°C) (min)
Pizza, bevroren 200 - 220 15 - 25 2
American pizza, bevroren 190 - 210 20 - 25 2
Pizza, gekoeld 210 - 230 13 - 25 2
Pizzasnacks, bevroren 180 - 200 15 - 30 2
Frietjes, dun 200 - 220 20 - 30 3
Frietjes, dik 200 - 220 25 - 35 3
Aardappelschijfjes / Kro‐
ketjes
220 - 230 20 - 35 3
Rösties 210 - 230 20 - 30 3
Lasagne / Cannelloni, vers 170 - 190 35 - 45 2
www.aeg.com30
ONTDOOIEN
Gebruik de functie: Hetelucht.
(°C) (min)
Lasagne / Cannelloni, be‐
vroren
160 - 180 40 - 60 2
Gebakken kaas 170 - 190 20 - 30 3
Vleugels van kippen 190 - 210 20 - 30 2
10.14 Ontdooien
Haal het gerecht uit de verpakking en
plaats het op een bord.
Dek het voedsel niet af, want dat kan de
ontdooitijd verlengen.
Plaats voor grote porties voedsel een
omgedraaid bord op de bodem van de
ovenruimte. Leg het voedsel op een
diepe schaal en zet deze bovenop het
bord in de oven. Verwijder indien nodig
de bakplaatsteunen.
Gebruik de eerste rekstand.
(kg)
(min)
Ontdooitijd
(min)
Verdere ont‐
dooitijd
Kip 1 100 - 140 20 - 30 Halverwege de be‐
reidingstijd om‐
draaien.
Vlees, halverwe‐
ge de berei‐
dingstijd om‐
draaien
1 100 - 140 20 - 30 Halverwege de be‐
reidingstijd om‐
draaien.
Forel 0,15 25 - 35 10 - 15 -
Aardbeien 0,3 30 - 40 10 - 20 -
Boter 0,25 30 - 40 10 - 15 -
NEDERLANDS 31
Gebruik de eerste rekstand.
(kg)
(min)
Ontdooitijd
(min)
Verdere ont‐
dooitijd
Room, klop de
nog licht bevro‐
ren slagroom
2 x 0,2 80 - 100 10 - 15 Klop de nog licht
bevroren slagroom.
Taart 1,4 60 60 -
10.15 Inmaken
Gebruik de functie Onderwarmte.
Gebruik alleen weckpotten van dezelfde
afmetingen.
Gebruik geen weckpotten met een draai-
of bajonetsluiting en metalen bakken.
Gebruik de eerste rekstand.
Zet niet meer dan zes weckflessen van 1
liter op het bakrooster.
Vul de glazen potten gelijkmatig en sluit
ze af met een klem.
De potten mogen elkaar niet aanraken.
Doe ongeveer 1/2 liter water in de
bakplaat om voldoende vocht in de oven
te geven.
Als de vloeistof in de weckpotten begint
te borrelen (na ca. 35 - 60 minuten bij
weckpotten van 1 liter), stop de oven of
verlaag de temperatuur tot 100 °C
(raadpleeg de tabel).
Stel de temperatuur in op 160 - 170 °C.
ZACHTE
VRUCHTEN (min)
Kooktijd tot het
sudderen begint
Aardbeien / Bosbes‐
sen / Frambozen / rij‐
pe kruisbessen
35 - 45
STEEN‐
VRUCHTEN
(min)
Kooktijd tot
het sudde‐
ren begint
(min)
Door blij‐
ven koken
op 100 °C
Perziken /
Kweeperen /
Pruimen
35 - 45 10 - 15
GROENTEN (min)
Kooktijd tot
het sudde‐
ren begint
(min)
Door blij‐
ven koken
op 100 °C
Wortelen 50 - 60 5 - 10
Komkom‐
mers
50 - 60 -
Gemengde
augurken
50 - 60 5 - 10
Koolrabi /
Erwten / As‐
perge
50 - 60 15 - 20
10.16 Dehydrateren -
Hetelucht
Gebruik hiervoor een met
boterhampapier of bakpapier belegde
plaat.
www.aeg.com32
Stop de oven voor een beter resultaat
halverwege de droogtijd, open de deur
en laat het één nacht afkoelen om het
drogen te voltooien.
Gebruik voor 1 bakplaat de derde
rekstand.
Gebruik voor 2 bakplaten de eerste en
de vierde rekstand.
GROEN‐
TEN (°C) (u)
Bonen 60 - 70 6 - 8
Paprika’s 60 - 70 5 - 6
Soepgroenten 60 - 70 5 - 6
Champignons 50 - 60 6 - 8
GROEN‐
TEN (°C) (u)
Kruiden 40 - 50 2 - 3
Stel de temperatuur in op 60 - 70 °C.
FRUIT
(u)
Pruimen 8 - 10
Abrikozen 8 - 10
Schijfjes appel 6 - 8
Peren 6 - 9
10.17 Voedselsensor
RUNDVLEES Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Saignant Medium Bien cuit
Rosbief 45 60 70
Entrecote 45 60 70
RUNDVLEES Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Gehaktbrood 80 83 86
VARKENSVLEES Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Ham / Braadstuk 80 84 88
Rugkotelet / Varkenshaas, gerookt /
Varkenshaas, gepocheerd
75 78 82
NEDERLANDS 33
KALFSVLEES Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Geroosterd kalfsvlees 75 80 85
Kalfsschenkel 85 88 90
SCHAPENVLEES/LAMS‐
VLEES
Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Schapenbout 80 85 88
Rugfilet schapenvlees 75 80 85
Geroosterd lamsvlees / Lamsbout 65 70 75
WILD Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Hazenrugfilet / Hert rugfilet 65 70 75
Hazenpoot / Haas, heel / Herten‐
bout
70 75 80
GEVOGELTE Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Kip 80 83 86
Eend, hele/halve / Kalkoen, hele/
halve
75 80 85
Eendenborst 60 65 70
VIS (ZALM, FOREL,
SNOEKBAARS)
Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Vis, hele/grote/gestoomde / Vis,
hele/grote/geroosterde
60 64 68
www.aeg.com34
OVENSCHOTELS - VOOR‐
GEKOOKTE GROENTEN
Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Ovenschotel courgette / Ovenscho‐
tel broccoli / Ovenschotel venkel
85 88 91
OVENSCHOTELS - HAR‐
TIG
Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Cannelloni / Lasagne / Pasta ge‐
bakken
85 88 91
OVENSCHOTELS - ZOET Kerntemperatuur (°C) van voedsel
Minder Medium Meer
Ovenschotel witbrood met/zonder
fruit / Ovenschotel rijstepap met/
zonder fruit / Ovenschotel zoete
noedels
80 85 90
10.18 Warmelucht (vochtig) -
aanbevolen accessoires
Gebruik de donkere en niet-reflecterende
bakjes en schalen. Ze nemen de warmte
beter op dan licht en reflecterend
servies.
Pizza pan
Ovenschotel
Ovenschaal‐
tjes
Blik voor flanbodem
Donker, niet-reflecte‐
rend
Diameter van 28 cm
Donker, niet-reflecterend
Diameter van 26 cm
Keramiek
8 cm diameter,
5 cm hoog
Donker, niet-reflecte‐
rend
Diameter van 28 cm
10.19 Warmelucht (vochtig)
Volg voor de beste resultaten de
volgende aanwijzingen op die hieronder
in de tabel staan.
Gebruik de derde rekstand.
NEDERLANDS 35
(°C) (min)
Pastagratin 200 - 220 45 - 55
Aardappelgratin 180 - 200 70 - 85
Moussaka 170 - 190 70 - 95
Lasagne 180 - 200 75 - 90
Cannelloni 180 - 200 70 - 85
Broodpudding 190 - 200 55 - 70
Rijstpudding 170 - 190 45 - 60
Appeltaart, gemaakt van zacht cakedeeg
(ronde taartvorm)
160 - 170 70 - 80
Witbrood 190 - 200 55 - 70
10.20 Aanwijzingen voor
testinstituten
Testen in overeenstemming met: EN
60350, IEC 60350.
BAKKEN OP ÉÉN NIVEAU. Bakken in een bakblik
(°C) (min)
Biscuittaart zonder vet Hetelucht 140 - 150 35 - 50 2
Biscuittaart zonder vet Boven- /onderwarm‐
te
160 35 - 50 2
Appeltaart, 2 blikken
Ø20 cm
Hetelucht 160 60 - 90 2
Appeltaart, 2 blikken
Ø20 cm
Boven- /onderwarm‐
te
180 70 - 90 1
www.aeg.com36
BAKKEN OP ÉÉN NIVEAU. Koekjes
Gebruik de derde rekstand.
(°C) (min)
Zandtaartdeeg / Dee‐
greepjes voor op vlaaien/
taarten
Hetelucht 140 25 - 40
Zandtaartdeeg / Dee‐
greepjes voor op vlaaien/
taarten, verwarm de oven
voor
Boven- /onderwarmte 160 20 - 30
Kleine cakes, 20 stuks per
bakplaat, verwarm de
oven voor
Hetelucht 150 20 - 35
Kleine cakes, 20 stuks per
bakplaat, verwarm de
oven voor
Boven- /onderwarmte 170 20 - 30
BAKKEN OP MEERDERE NIVEAUS. Koekjes
(°C) (min)
Zandtaartdeeg / Dee‐
greepjes voor op vlaai‐
en/taarten
Hetelucht 140 25 - 45 1 / 4
Kleine cakes, 20 stuks
per bakplaat, verwarm
de oven voor
Hetelucht 150 23 - 40 1 / 4
Biscuittaart zonder vet Hetelucht 160 35 - 50 1 / 4
NEDERLANDS 37
GRILLEN
Verwarm de lege oven 5 minuten voor.
Grill met de maximale temperatuurinstelling.
(min)
Geroosterd brood Grill 1 - 3 5
Biefstuk, halverwege de be‐
reidingstijd omdraaien
Grill 24 - 30 4
11. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
11.1 Opmerkingen over schoonmaken
Reinigings‐
middelen
Maak de voorkant van de oven schoon met een zachte doek, warm water
en een mild reinigingsmiddel.
Gebruik een reinigingsoplossing om metalen oppervlakken te reinigen.
Reinig vlekken met een mild reinigingsmiddel.
Dagelijks ge‐
bruik
Reinig de uitsparing telkens na gebruik. Vetophoping of andere resten
kunnen brand veroorzaken.
Droog de uitsparing na elk gebruik met een zachte doek.
Accessoires
Reinig alle accessoires na elk gebruik en laat ze drogen. Gebruik een
zachte doek met warm water en een mild reinigingsmiddel. De accessoi‐
res niet in de afwasmachine reinigen.
Reinig de antiaanbakaccessoires niet met agressieve reinigingsmiddelen
of scherpe voorwerpen.
www.aeg.com38
11.2 Hoe schoon te maken:
Uitsparing van de ovenruimte
Reinig de uitsparing van de ovenruimte
om kalksteenresten te verwijderen na het
koken met stoom.
Stap 1 Stap 2 Stap 3
Giet: 250 ml witte azijn in de
uitsparing van de ovenruim‐
te. Gebruik maximaal 6%
azijn zonder toevoegingen.
Laat de azijn de kalksteen‐
resten gedurende 30 minu‐
ten oplossen bij omgevings‐
temperatuur.
Maak de uitsparing schoon
met lauw water en een zach‐
te doek.
Voor de functie: Hete lucht PLUS reinig de oven elke 5-10 kookcycli.
11.3 Hoe te verwijderen:
Inschuifrails/
Verwijder de inschuifrails om de oven te
reinigen.
Stap 1 Schakel de oven uit en wacht
tot deze afgekoeld is.
Stap 2 Trek de inschuifrail bij de
voorkant uit de zijwand.
Stap 3 Trek de inschuifrail bij de ach‐
terkant uit de zijwand en ver‐
wijder deze.
2
1
Stap 4 Installeer de inschuifrails in
de omgekeerde volgorde.
11.4 Ga als volgt te werk voor
gebruik: Pyrolytische
reiniging
Reinig de oven met pyrolytische
reiniging.
WAARSCHUWING!
Er bestaat gevaar voor
brandwonden.
LET OP!
Gebruik als er andere
apparaten in dezelfde kast
zijn geïnstalleerd deze niet
tijdens deze functie. Dit kan
de oven beschadigen.
NEDERLANDS 39
Vóór de pyrolytische reiniging:
Schakel de oven uit en
wacht tot deze afgekoeld
is.
Verwijder alle accessoires en
verwijderbare inschuifrails.
Reinig de onderkant van de
oven en de glazen deur aan de
binnenkant met warm water,
een zachte doek en een mild
reinigingsmiddel.
Stap 1
Stel de functie in: . - knippert.
Stap 2 Draai aan de regelknop (voor de temperatuur) om de reinigingsmodus in te
stellen.
Optie Reinigingsmodus Duur
P1 Lichte reiniging 1 uur 30 min
P2 Normale reiniging 3 uur
Stap 3
- druk hierop om het reinigen te starten.
Stap 4 Draai na de reiniging de knop voor de verwarmingsfuncties naar de uit-stand.
Tijdens het reinigen is de ovenlamp uit. De ovendeur blijft vergrendeld. Als de oven
koud is, gaat de deur open.
Wanneer de oven op de ingestelde temperatuur is, vergrendelt de deur. Totdat de deur
ontgrendelt toont het display: de balken van het warmte-indicatielampje, .
Na afloop van de reiniging:
Schakel de oven uit en
wacht tot deze afgekoeld
is.
Maak de holte schoon met
een zachte doek.
Verwijder het residu van de bo‐
dem van de holte.
11.5 Reinigingsherinnering
De oven herinnert u eraan wanneer u de
oven moet reinigen met: pyrolytische
reiniging.
PYR Knippert in het display gedurende
10 seconden na elke in- en uitschakeling
van de oven.
, - druk hier tegelijkertijd op om
de herinnering uit te schakelen.
11.6 Hoe te verwijderen en
installeren: Deur
U kunt de deur en de binnenste
glasplaten verwijderen om ze schoon te
maken. Het aantal glasplaten verschilt
per model.
WAARSCHUWING!
De deur is zwaar.
LET OP!
Behandel het glas
voorzichtig, vooral rond de
randen van de voorplaat.
Het glas kan breken.
www.aeg.com40
Stap 1 Open de deur volledig.
A
A
Stap 2 Hef en duw de klemhendels
(A) volledig op de twee
scharnieren.
Stap 3 Sluit de ovendeur in de eerste openingsstand (in een hoek van ongeveer 70°).
Houd de deur aan beide kanten vast en trek deze onder een opwaartse hoek
weg van de oven. Plaats de ovendeur met de buitenkant omlaag op een zach‐
te en egale ondergrond.
Stap 4 Deurafdekking (B) aan de
bovenkant van de deur aan
beide kanten vastpakken en
naar binnen drukken om de
klemsluiting te ontgrende‐
len.
1
2
B
Stap 5 Trek de deurlijst naar voren
om hem te verwijderen.
Stap 6 Houd de glasplaten aan de
bovenkant vast en trek deze
een voor een omhoog uit de
geleiding.
Stap 7 Reinig de glasplaat met een
sopje. Droog de glasplaat
voorzichtig af. Reinig de
glasplaten niet in de vaat‐
wasser.
Stap 8 Voer na het reinigen de bo‐
venstaande stappen uit in
de omgekeerde volgorde.
Stap 9 Plaats de kleinste glasplaat eerst, daarna de grotere glasplaten en de deur.
Zorg ervoor dat de glasplaten op de juiste manier worden geplaatst, anders
kan het oppervlak van de deur oververhit raken.
NEDERLANDS 41
Stap 10 Zorg ervoor dat u de glas‐
platen (C, B en A) weer in
de juiste volgorde terug‐
plaatst. Plaats eerst glas‐
plaat C, die een opdruk van
een vierkant op de linker‐
kant en opdruk van een
driehoek op de rechterkant
heeft. U treft deze symbolen
ook in reliëf aan op het
deurframe. Het driehoek‐
symbool op het glas moet
overeenkomen met de drie‐
hoek op het deurframe en
het vierkantsymbool met het
vierkant. Plaats hierna de
twee andere glasplaten.
A B C
11.7 Hoe te vervangen: Lamp
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische
schokken.
Het lampje kan heet zijn.
Voordat u de lamp vervangt:
Stap 1 Stap 2 Stap 3
Schakel de oven uit. Wacht
tot de oven afgekoeld is.
Trek de oven uit het stop‐
contact.
Plaats een doek op de bo‐
dem van de holte.
Bovenlamp
Stap 1 Draai de glazen afdekking om
die te verwijderen.
Stap 2 Reinig het glazen deksel.
Stap 3 Vervang de lamp door een geschikte hittebestendige lamp van 300 °C.
Stap 4 Installeer het glazen deksel.
www.aeg.com42
12. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
12.1 Wat moet u doen als...
De oven gaat niet aan of warmt niet op
Mogelijke oorzaak Oplossing
De oven is niet aangesloten op een stop‐
contact of is niet goed geïnstalleerd.
Controleer of de oven goed is aangesloten
op het stopcontact (zie het aansluitdiagram
indien beschikbaar).
De oven is uitgeschakeld. Schakel de oven in.
De klok is niet ingesteld. Stel de klok in.
De benodigde kookstanden zijn niet inge‐
steld.
Zorg ervoor dat de instellingen correct zijn.
De automatische uitschakeling is actief. Raadpleeg 'Automatisch uitschakelen'.
De deur is niet goed gesloten. Sluit de deur volledig.
De zekering is doorgeslagen. Ga na of de zekering de oorzaak van de
storing is. Als de zekeringen keer op keer
doorslaan, neemt u contact op met een er‐
kende installateur.
Het Kinderslot van de oven is geactiveerd. Zie “Het Kinderslot gebruiken”.
Problemen met componenten
Omschrijving Mogelijke oorzaak Oplossing
Het lampje brandt niet. Het lampje is stuk. Vervang het lampje.
De voedselthermometer
werkt niet.
De stekker van de voedsel‐
thermometer is niet goed in
de aansluiting gestoken.
Steek de stekker van de
voedselthermometer zo ver
mogelijk in het stopcontact.
NEDERLANDS 43
Het scherm toont:
Omschrijving Mogelijke oorzaak Oplossing
Op het display verschijnt
"C2".
U wilt de pyrolyse- of ont‐
dooifunctie starten, maar u
hebt de voedselthermometer
niet uit de aansluiting ge‐
haald.
Haal de stekker van de
voedselthermometer uit de
aansluiting.
Op het display verschijnt
"C3".
De reinigingsfunctie werkt
niet. De deur is niet volledig
gesloten of het deurslot is
defect.
Sluit de deur volledig.
Op het display verschijnt
"F102".
U heeft de deur niet hele‐
maal gesloten.
De deurvergrendeling is
stuk.
Sluit de deur volledig.
Schakel de oven uit via
de huiszekering of de vei‐
ligheidsschakelaar in de
zekeringkast en schakel
deze weer in.
Neem contact op met de
klantenservice, wanneer
"F102" opnieuw wordt
weergegeven.
Het display toont een foutco‐
de die niet in deze tabel
staat.
Er is een elektrische fout. Schakel de oven uit via
de huiszekering of de vei‐
ligheidsschakelaar in de
zekeringkast en schakel
deze weer in.
Neem contact op met de
klantenservice wanneer
de foutcode opnieuw
wordt weergegeven.
Problemen met de reinigingsprocedure
Omschrijving Mogelijke oorzaak Oplossing
Stoom en condens slaan
neer op de gerechten en in
de ovenruimte.
Het gerecht heeft te lang in
de oven gestaan.
Laat gerechten na het berei‐
den niet langer dan 15 - 20
minuten in de oven staan.
U wilt de schoonmaakfunctie
activeren, maar het display
toont "C4".
De Plus Steam wordt inge‐
drukt.
Druk nogmaals op de Plus
Steam.
www.aeg.com44
Problemen met de reinigingsprocedure
Omschrijving Mogelijke oorzaak Oplossing
Het water in de uitholling van
de ovenruimte kookt niet.
De temperatuur is te laag. Stel de temperatuur min‐
stens in op 110 °C.
Zie het hoofdstuk 'Nuttige
aanwijzingen en tips'.
Het water komt uit de uithol‐
ling in de ovenruimte.
Er zit te veel water in de uit‐
holling van de ovenruimte.
Zet de oven uit en zorg dat
het apparaat koud is. Veeg
het water weg met een
spons of een doek. Voeg de
juiste hoeveelheid water toe
aan de uitholling van de
ovenruimte. Raadpleeg de
specifieke procedure.
Andere problemen
Omschrijving Mogelijke oorzaak Oplossing
Er worden geen goede koo‐
kresultaten verkregen met
de functie: Hete lucht PLUS.
U heeft de functie niet juist
ingeschakeld: Hete lucht
PLUS met de Plus Stoom-
toets.
Raadpleeg "De functie in‐
stellen: Hete lucht PLUS".
Er worden geen goede koo‐
kresultaten verkregen met
de functie: Hete lucht PLUS.
U heeft de uitholling van de
ovenruimte niet met water
gevuld.
Raadpleeg "De functie in‐
stellen: Hete lucht PLUS".
U wilt de Multi-hetelucht-
PLUS-functie inschakelen,
maar het indicatielampje van
de Plus Steam-knop staat
aan.
U hebt de verwarmingsfunc‐
tie die Plus Steam onder‐
steunt niet geselecteerd.
Raadpleeg "De functie in‐
stellen: Hete lucht PLUS".
U wilt de Multi-hetelucht-
PLUS-functie inschakelen,
maar het indicatielampje van
de Plus Steam-knop staat
aan.
De Plus Steam werkt niet. Schakel het apparaat uit via
de huiszekering of de veilig‐
heidsschakelaar in de zeke‐
ringkast en schakel het ap‐
paraat dan weer in.
Raadpleeg "De functie in‐
stellen: Hete lucht PLUS".
NEDERLANDS 45
Andere problemen
Omschrijving Mogelijke oorzaak Oplossing
Het apparaat staat aan maar
wordt niet warm. De ventila‐
tor werkt niet. Op het display
verschijnt "Demo".
De demofunctie is ingescha‐
keld.
1. Schakel de oven uit.
2. Houd te‐
gelijkertijd ingedrukt.
3. Het eerste nummer op
het display en het De‐
mo-indicatielampje be‐
ginnen te knipperen.
4. Voer de code 2468 in
door de temperatuur‐
knop naar rechts of links
te draaien en de waar‐
den te veranderen en
druk op om te beves‐
tigen.
5. Het volgende nummer
begint te knipperen.
6. Demo-modus schakelt
uit als u het laatste num‐
mer bevestigt en de co‐
de juist is.
12.2 Onderhoudsgegevens
Als u niet zelf het probleem kunt
verhelpen, neem dan contact op met uw
verkoper ofeen erkende serviceafdeling.
De contactgegevens van het
servicecentrum staan op het typeplaatje.
Het typeplaatje bevindt zich aan de
voorkant van de binnenkant van de oven.
Verwijder het typeplaatje niet uit de
ovenruimte.
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
Model (MOD.) .........................................
Productnummer (PNC) .........................................
Serienummer (S.N.) .........................................
13. ENERGIEZUINIGHEID
13.1 Productinformatie- en productinformatieblad*
Naam leverancier AEG
www.aeg.com46
Modelidentificatie
BD541P 944188131
BPK556220M 944188025,
944188162
BPK55622YM 944188164
Energie-efficiëntie-index 81.2
Energie-efficiëntieklasse A+
Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand bo‐
ven + onderwarmte
1.09 kWh/cyclus
Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand he‐
telucht
0.69 kWh/cyclus
Aantal holtes 1
Warmtebron Elektriciteit
Volume 71 l
Soort oven Inbouwoven
Massa
BD541P 37.0 kg
BPK556220M 36.0 kg
BPK55622YM 36.0 kg
* Voor de Europese Unie overeenkomstig EU-verordeningen 65/2014 en 66/2014.
Voor de Republiek Belarus overeenkomstig STB 2478-2017, aanhangsel G; STB
2477-2017, bijlagen A en B.
Voor Oekraïne overeenkomstig 568/32020.
De energie-efficiëntieklasse is niet van toepassing op Rusland.
EN 60350-1 - Elektrische huishoudelijke kookapparaten - Deel 1: Range-ovens, ovens,
stoomovens en grills - Methoden voor prestatiemeting.
13.2 Energiebesparing
Deze oven bevat functies die
u helpen energie te
besparen tijdens het
dagelijks koken.
Zorg ervoor dat de ovendeur goed
gesloten is als u de oven in werking stelt.
De deur niet openen tijdens de bereiding
met stoom. Houd het deurrubber schoon
en zorg ervoor dat het goed op zijn
plaats vastzit.
Gebruik metalen kookgerei om meer
energie te besparen.
Verwarm de oven indien mogelijk niet
voor het koken voor.
Houd de onderbrekingen tussen het
bakken zo kort mogelijk als u een aantal
gerechten tegelijkertijd bereidt.
Bereiding met hete lucht
Gebruik indien mogelijk de
bereidingsfuncties met hete lucht om
energie te besparen.
Restwarmte
Bij sommige ovenfuncties worden, als
een programma met tijdselectie (Duur of
Einde) in werking is en de bereidingstijd
langer is dan 30 minuten, de
verwarmingselementen automatisch
eerder uitgeschakeld.
De lamp en ventilator blijven wel werken.
Wanneer u de oven uitschakelt, geeft het
NEDERLANDS 47
display de restwarmte aan. U kunt die
warmte gebruiken om het eten warm te
houden.
Wanneer de kookduur langer is dan 30
minuten, verlaag dan de
oventemperatuur tot minimaal 3-10
minuten voor het einde van het koken.
De restwarmte in de oven zorgt ervoor
dat het gerecht wordt voltooid.
U kunt de restwarmte gebruiken om
andere maaltijden op te warmen.
Eten warm houden
Kies de laagst mogelijke
temperatuurinstelling om de restwarmte
te gebruiken en een maaltijd warm te
houden. Het indicatielampje van de
restwarmte of temperatuur verschijnt op
het display.
Warmelucht (vochtig)
Functie is ontworpen om tijdens de
bereiding energie te besparen.
Als u deze functie gebruikt, gaat de
verlichting na 30 seconden automatisch
uit.
14. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het
symbool . Gooi de verpakking in een
geschikte afvalcontainer om het te
recycleren. Bescherm het milieu en de
volksgezondheid en recycleer op een
correcte manier het afval van elektrische
en elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval.
Breng het product naar het milieustation
bij u in de buurt of neem contact op met
de gemeente.
*
www.aeg.com48
www.aeg.com/shop
867343629-D-322020
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52

Electrolux BPK55622YM Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor