Whirlpool WNF8 T1I W Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

Handleiding
www.whirlpool.eu/register
2
HANDLEIDING
DANK U WEL VOOR UW AANKOOP VAN EEN WHIRLPOOL PRODUCT.
Voor verdere assistentie kunt u het apparaat
registeren op www.whirlpool.eu/register
INDEX
GIDS GEZONDHEID & VEILIGHEID ......................................................... 3
Veiligheidsvoorschriften .................................................................................3
GIDS GEBRUIK & ONDERHOUD ........................................................... 5
Productbeschrijving ......................................................................................5
Accessoires* ...............................................................................................5
Bedieningspaneel en temperatuurinstelling ................................................................6
IJsvrij koelkastcompartiment ...............................................................................7
IJsvrij vriescompartiment ...................................................................................7
Compartiment 3 in 1 zone .................................................................................. 7
Chillersysteem (ijsvrij) ......................................................................................7
Temperatuurlampje* .......................................................................................7
Groenten- en fruitbak ......................................................................................7
Humidity control (Vochtregelaar)* ..........................................................................8
Koelkastverlichting ........................................................................................8
Schappen ..................................................................................................8
Deur ....................................................................................................... 8
Gebruik van het apparaat ................................................................................9
Eerste gebruik .............................................................................................9
Koelvak en bewaren voedsel ...............................................................................9
Opslaan van verse etenswaar en dranken ...................................................................9
Diepvriescompartiment en bewaren voedsel ..............................................................10
Verwijderen van de vriesladecontainer ....................................................................10
Tips voor het invriezen en bewaren van verse levensmiddelen ..............................................10
Diepgevroren etenswaar: winkeltips .......................................................................10
Bewaartijd van bevroren levensmiddelen ..................................................................11
Functionele geluiden .....................................................................................11
Alarmtabel ................................................................................................12
Aanbevelingen wanneer het apparaat niet wordt gebruikt .................................................12
Reinigen en onderhoud. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
Probleemoplossing ......................................................................................13
Consumentenservice ....................................................................................14
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
INSTALLATIEGIDS ....................................................................... 15
NL
3
Gids Gezondheid & Veiligheid
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
BELANGRIJK MOET WORDEN GELEZEN EN IN
ACHT GENOMEN
Lees voordat u het apparaat gaat gebruiken deze
veiligheidsinstructies. Bewaar ze in de buurt voor toekomstige
raadpleging.
Deze instructies en het apparaat zelf zijn voorzien van
belangrijke veiligheidsaanwijzingen, die te allen tijde moeten
worden opgevolgd. De fabrikant kan niet aansprakelijk
gesteld worden voor schade die het gevolg is van het niet
opvolgen van deze veiligheidsinstructies, oneigenlijk gebruik
of een foute programmering van de regelknoppen.
Heel kleine kinderen (0-3jaar) moeten uit de buurt van
het apparaat blijven. Jonge kinderen (3-8jaar) moeten uit de
buurt van het apparaat blijven, tenzij ze de hele tijd onder
toezicht staan. Kinderen vanaf 8 jaar en personen met
verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of
gebrek aan ervaring en kennis, mogen dit apparaat gebruiken
indien ze onder toezicht staan of instructies hebben
ontvangen over veilig gebruik en de mogelijke gevaren
ervan begrijpen. Kinderen mogen niet spelen met het
apparaat. De reiniging en het onderhoud mogen niet door
kinderen worden uitgevoerd zonder toezicht.
TOEGESTAAN GEBRUIK
VOORZICHTIG: Het apparaat is niet geschikt voor
inwerkingstelling met een externe schakelaar zoals een timer,
of een afzonderlijk systeem met afstandsbediening.
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke en
gelijkaardige toepassingen zoals: personeelskeukens in
winkels, kantoren en overige werkomgevingen; in
landbouwbedrijven; door klanten in hotels, motels, bed &
breakfast en andere verblijfsomgevingen.
Dit apparaat is niet geschikt voor een professioneel
gebruik. Gebruik het apparaat niet buitenshuis.
De lamp die in het apparaat wordt gebruikt is speciek
ontworpen voor huishoudapparaten en is niet geschikt voor
ruimteverlichting (EG Verordening 244/2009).
Het apparaat is bedoeld voor gebruik op plaatsen waar de
temperatuur binnen het volgende bereik komt, conform de
klimaatklasse op het typeplaatje. Mogelijk werkt het apparaat
niet correct indien het lange tijd op een temperatuur buiten
het aangegeven bereik wordt gebruikt.
Omgevingstemperaturen van klimaatklasse:
SN: SN: van 10°C tot 32°C; N: van 16°C tot 32°C
ST: van 16°C tot 38°C; T: van 16°C tot 43°C
Dit apparaat bevat geen CFK. Het koelcircuit bevat R600a
(HC). Apparaten met Isobutaan (R600a): isobutaan is een
natuurlijk gas dat geen schadelijke invloed heeft op het
milieu, maar wel ontvlambaar is. Zorg er daarom voor dat
de koelcircuitleidingen niet beschadigd raken, vooral
wanneer het koelcircuit geledigd wordt.
WAARSCHUWING: Beschadig de koelcircuitleidingen van
het apparaat niet.
WAARSCHUWING: Houd de ventilatieopeningen in de
behuizing van het apparaat of in de ingebouwde structuur
vrij van obstakels.
WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische, elektrische
of chemische middelen behalve de middelen aanbevolen
door de fabrikant om het ontdooiproces te versnellen.
WAARSCHUWING: Gebruik of plaats geen elektrische
apparaten binnenin de apparaatcompartimenten indien
deze niet het type zijn dat uitdrukkelijk is goedgekeurd door
de Fabrikant.
WAARSCHUWING: IJsmakers en/of waterdispensers die
niet rechtstreeks op het waterleidingnet zijn aangesloten,
mogen uitsluitend met drinkwater worden gevuld.
WAARSCHUWING: Automatische ijsmakers en/of
waterdispensers moeten worden aangesloten op een
waterleidingnet dat uitsluitend drinkwater levert, met een
waterdruk tussen 0,17 en 0,81MPa (1,7 en 8,1 bar).
Sla geen ontplofbare stoen zoals spuitbussen op en
gebruik geen benzine of andere brandbare materialen in of
in de buurt van het apparaat.
Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de vrieselementen niet in
(bij enkele modellen). Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die
net uit de vriezer komen, aangezien deze vriesbrandwonden
kunnen veroorzaken.
Bij producten ontworpen voor gebruik met een luchtlter
in een toegankelijke ventilatorafdekking, moet het lter
altijd zijn aangebracht wanneer de koelkast in bedrijf is.
Bewaar geen glazen verpakkingsmiddelen met
vloeistoen in het diepvriescompartiment, omdat ze kunnen
breken.
Blokkeer de ventilator (indien aanwezig) niet met
levensmiddelen.
Nadat de levensmiddelen in het apparaat zijn geplaatst dient
gecontroleerd te worden of de deuren van de vakken goed
sluiten, met name de deur van het vriesvak.
Een beschadigde afdichting dient zo snel mogelijk
vervangen te worden.
Gebruik het koelkastcompartiment uitsluitend voor het
bewaren van vers voedsel en het diepvriescompartiment
uitsluitend voor het bewaren van bevroren voedsel, het
invriezen van vers voedsel en het maken van ijsblokjes.
Vermijd het bewaren van onverpakt voedsel in direct
contact met interne oppervlakken van de koelkast- of
diepvriescompartimenten.
Apparaten kunnen over speciale compartimenten
beschikken (vak voor verse etenswaar, nul graden-vak,...).
Indien niet anders gespeciceerd in de productbeschrijving,
kunnen deze compartimenten verwijderd worden zonder
dat hierdoor de prestaties veranderen.
C-pentaan wordt gebruikt als blaasmiddel in het
isolatieschuim en is een licht ontvlambaar gas.
INSTALLATIE
Het apparaat moet gehanteerd en geïnstalleerd worden
door twee of meer personen - risico van verwondingen.
Gebruik beschermende handschoenen om uit te pakken en
te installeren - risico van snijwonden.
4
Gids Gezondheid & Veiligheid
Laat de installatie, m.i.v. de aansluiting op het waternet (indien
van toepassing), de elektrische aansluitingen en reparaties door
een gekwaliceerd technicus verrichten. Repareer of vervang
geen enkel onderdeel van het apparaat, behalve als dit expliciet
aangegeven wordt in de gebruikershandleiding. Houd kinderen
uit de buurt van de installatieplaats. Controleer na het uitpakken
van het apparaat of het tijdens het transport geen beschadigingen
heeft opgelopen. Neem in geval van twijfel contact op met uw
leverancier of de dichtstbijzijnde Whirlpool Consumentenservice.
Na de installatie moet het verpakkingsmateriaal (plastic,
piepschuim enz.) buiten het bereik van kinderen bewaard
worden - risico voor verstikking. Het apparaat moet worden
losgekoppeld van het elektriciteitsnet voordat u
installatiewerkzaamheden uitvoert - risico voor elektrocutie.
Tijdens de installatie dient u ervoor te zorgen dat het apparaat de
voedingskabel niet beschadigd - risico voor brand of elektrocutie.
Activeer het apparaat alleen als de installatie is voltooid.
Zorg dat u de vloer (bijv. parket) niet beschadigt tijdens het
verplaatsen van het apparaat. Installeer het apparaat op een
vloer of steun die sterk genoeg is om het gewicht te kunnen
hebben, en op een plaats die geschikt is voor grootte en
gebruik. Controleer of het apparaat niet vlak naast een
warmtebron staat en of de vier pootjes stevig op de vloer
rusten, stel ze naar wens af en controleer of het apparaat exact
horizontaal staat en gebruik hiervoor een waterpas. Wacht
minstens twee uur alvorens het apparaat in te schakelen, om
zeker te stellen dat het koelcircuit volledig eciënt is.
Om voor voldoende ventilatie te zorgen, dient er aan
beide zijkanten en aan de bovenkant van het apparaat
ruimte vrijgelaten te worden. De afstand tussen de achterzijde
van het apparaat en de muur achter het apparaat dient
minimaal 50 mm te bedragen, om contact met hete
oppervlakken te voorkomen. Bij minder ruimte aan de
achterzijde neemt het energieverbruik van het product toe.
WAARSCHUWING: Zorg er bij het plaatsen van het apparaat
voor dat de voedingssnoer niet geklemd zit of beschadigd is.
WAARSCHUWING: Om gevaar als gevolg van instabiliteit te
voorkomen, moet de positionering of bevestiging van het apparaat
worden uitgevoerd volgens de instructies van de fabrikant.
Het is verboden de koelkast dusdanig te plaatsen dat de
metalen slang van de gaskachel, de metalen gas- of
waterleidingen of de elektrische draden in contact komen
met de achterwand van de koelkast (condensatorspoel).
ELEKTRISCHE WAARSCHUWINGEN
Het moet mogelijk zijn het apparaat van het elektriciteitsnet
af te koppelen door de stekker uit het stopcontact te halen of
via een meerpolige netschakelaar die bovenstrooms van het
stopcontact is geplaatst conform de bedradingsvoorschriften
en het apparaat dient geaard te zijn conform de nationale
veiligheidsnormen voor elektriciteit.
Gebruik geen verlengsnoeren, meervoudige
stopcontacten of adapters. Als de installatie voltooid is,
mogen de elektrische onderdelen niet meer toegankelijk zijn
voor de gebruiker. Gebruik het apparaat niet wanneer u
natte voeten hebt of blootsvoets bent.
Gebruik het apparaat niet als de stroomkabel of de stekker
beschadigd is, als het apparaat niet goed werkt of als het
beschadigd of gevallen is.
Als de voedingskabel beschadigd is, moet het door de
fabrikant, zijn technicus of een gelijkaardig gekwaliceerd
persoon vervangen worden door een identieke kabel, om
gevaarlijke situaties en risico van elektrocutie te voorkomen.
WAARSCHUWING: Meerdere draagbare stopcontacten of
draagbare voedingen mogen niet aan de achterkant van het
apparaat worden geplaatst.
REINIGING EN ONDERHOUD
WAARSCHUWING: Het apparaat moet worden losgekoppeld
van het elektriciteitsnet voordat u installatiewerkzaamheden
uitvoert; gebruik nooit stoomreinigers - risico van elektrocutie.
Gebruik op kunststof onderdelen, binnen- en deurranden of
afdichtingen geen schurende of agressieve schoonmaakmiddelen
zoals ruitensprays, schurende reinigingsmiddelen, brandbare
vloeistoen, schoonmaakwassen, geconcentreerde
schoonmaakmiddelen, bleekmiddelen en reinigingsmiddelen die
aardolieproducten bevatten. Gebruik geen papieren handdoeken,
schuursponsjes of ander hard schoonmaakmateriaal.
VERWERKING VAN DE VERPAKKING
De verpakking kan volledig gerecycled worden, zoals door het
recyclingssymbool wordt aangegeven .
De diverse onderdelen van de verpakking mogen daarom niet bij het
gewone huisvuil worden weggegooid, maar moeten worden afgevoerd
volgens de plaatselijke voorschriften.
AFDANKEN VAN HUISHOUDELIJKE APPARATUUR
Dit apparaat is vervaardigd van recyclebaar of herbruikbaar materiaal.
Dank het apparaat af in overeenstemming met plaatselijke
milieuvoorschriften voor afvalverwerking.
Voor meer informatie over behandeling, terugwinning en recycling van
huishoudelijke apparaten kunt u contact opnemen met uw plaatselijke
instantie, de vuilnisophaaldienst of de winkel waar u dit apparaat hebt
gekocht. Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese
Richtlijn 2012/19/EU inzake Afgedankte elektrische en elektronische
apparaten (AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit product correct wordt afgedankt, helpt u mogelijke
schadelijke gevolgen voor het milieu en de gezondheid te voorkomen.
Het symbool op het product of op de begeleidende documentatie geeft
aan dat dit apparaat niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden,
maar dat het ingeleverd moet worden bij een speciaal inzamelingscentrum
voor de recycling van elektrische en elektronische apparatuur.
TIPS OM ENERGIE TE BESPAREN
Installeer het apparaat in een droge, goed geventileerde ruimte, ver bij eventuele
warmtebronnen vandaan (bijv. radiator, fornuis, etc.) en op een plek die niet aan
direct zonlicht wordt blootgesteld. Gebruik indien nodig een isolatieplaat.
Volg de installatie-instructies om voldoende ventilatie te garanderen.
Door onvoldoende ventilatie aan de achterzijde van het product neemt
het energieverbruik toe en neemt de koeleciëntie af.
Wanneer de deur vaak wordt geopend kan dit leiden tot een verhoogd
Energieverbruik.
De interne temperatuur van het apparaat en het Energieverbruik worden
beïnvloed door de omgevingstemperatuur en de plaats waar het apparaat
opgesteld is. Bij het instellen van de temperatuur moet rekening gehouden
worden met deze factoren. Beperk het openen van deuren tot een minimum.
Plaats diepgevroren etenswaren die u wilt ontdooien in de koelkast. De lage
temperatuur van de diepgevroren etenswaar koelt de etenswaar in de koelkast.
Laat warme gerechten en dranken eerst afkoelen voordat ze in het
apparaat geplaatst worden.
De positionering van de platen in de koelkast heeft geen invloed op
het eciënte energiegebruik. De etenswaar dient zodanig op de platen
geplaatst te worden om voor voldoende luchtcirculatie te zorgen
(de verschillende etenswaar dient elkaar niet te raken en de afstand
tussen de etenswaar en de achterwand moet behouden blijven).
U kunt de opslagcapaciteit voor ingevroren etenswaar vergroten door
opslagmanden en, indien aanwezig, de Stop Frost-plaat te verwijderen.
Wees niet verontrust over geluiden die van de compressor komen want
dat zijn de normale geluiden van werking.
NL
5
Gids Gebruik & Onderhoud
PRODUCTBESCHRIJVING
Koelvak
1. Stelpootjes
2. Conserveringszone
3. Vriezer en Opbergvak
4. Groenten- en fruitbak
5. Compartiment 3 in 1 zone
6. Bedieningspaneel
7. Wijnrek*
8. Schappen
9. Lampje
10. Uittrekbaar opslagschap met
deksel*
11. Uitneembare polyvalente schappen
12. Flessenvak
13. Eierhouder
14. Easy ice/ijsbakje*
* Afhankelijk van aantal en/of positie, alleen
voor bepaalde modellen verkrijgbaar.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
ACCESSOIRES*
EIERHOUDER FLESSENHOUDER EASY ICE
LADENVERDELER KOELKAST FLESSENREK IJSBAKJE
6
Gids Gebruik & Onderhoud
BEDIENINGSPANEEL EN TEMPERATUURINSTELLING
1. AAN/UIT
2. Temperatuurlampje koelkast
3. Temperatuurinstelling koelkast
4. Super indicatorlampje (snelvriezen)
5. Super toets (snelvriezen)
6. Indicatorlampje 6
th
Sense Fresh
control
6235
4
1
AAN/UIT
Het hele product (zowel koel- als diepvriescompartimenten)
kan worden ingeschakeld door deze toets 2 seconden in te
drukken.
De laatste ingestelde waarde wordt aangegeven op
de interface. Druk deze toets in om het apparaat uit te
schakelen. Een geluidssignaal zal de omschakeling naar uit
van het product” bevestigen.
KOELKAST TEMPERATUURLAMPJE
De temperatuur van het koelkastvak wordt getoond.
KOELKAST TEMPERATUURINSTELLING
Hiermee kunt u de waarde van de koelkasttemperatuur
wijzigen, op een cyclische manier; ook de geselecteerde
temperatuur op de interface wordt bevestigd.
SUPER INDICATORLAMPJE SNELVRIEZEN
Gaat branden wanneer op de toets SUPER FREEZE
(supervriezen) wordt gedrukt.
SUPER TOETS SNELVRIEZEN
Wordt gebruikt voor het invriezen van verse
levensmiddelen. Wanneer op de toets wordt gedrukt, gaat
het indicatorlampje van SUPER FREEZE (supervriezen)
branden (zie Start en gebruik).
Schakel LUCHT in het koelvak NIET in tijdens de SUPER
functie, dat kan te koude temperaturen veroorzaken. Voor
de beste conservering van levensmiddelen wordt de stand
MED aanbevolen.
Opmerking: De weergegeven temperatuurinstelling komt
overeen met de gemiddelde temperatuur in de hele koelkast.
6
TH
SENSE
Deze functie werkt automatisch om optimale
omstandigheden te behouden voor het bewaren van de
levensmiddelen. De functie “6
th
Sense” wordt automatisch
geactiveerd wanneer:
een grote hoeveelheid levensmiddelen in de koelkast
wordt geplaatst
de koelkastdeur gedurende een langere periode
geopend blijft
er een langdurige stroomuitval is geweest en de
binnentemperatuur van het apparaat is geworden voor
de juiste conservering van de voedingsmiddelen.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
NL
7
Gids Gebruik & Onderhoud
IJSVRIJ KOELKASTCOMPARTIMENT
Het ontdooien van het koelkastcompartiment vindt volledig
automatisch plaats
Waterdruppels aan de achterwand in het
koelkastcompartiment duiden er op dat het automatische
ontdooien aan de gang is.
IJSVRIJ VRIESCOMPARTIMENT
IJsvrije diepvriezers zorgen voor gekoelde luchtcirculatie
rond de opslagplaatsen en gaan ijsvorming tegen, waardoor
de noodzaak voor het ontdooien volledig wordt weg
genomen.
Ingevroren levensmiddelen blijven niet aan de wanden
kleven, de labels blijven leesbaar en de opslagruimte blijft
netjes.
COMPARTIMENT 3 IN 1 ZONE
Dit is de nieuwe bak met maximale exibiliteit om uw
etenswaren op excellente wijze te bewaren.
bewaren van vlees, vis en kwetsbaar voedsel;
snel koelen van heet voedsel van 70°C tot 3°C en van
andere verse etenswaren en restjes;
ontdooien op lage temperatuur (het remt de verspreiding
van micro-organismen).
Onder normale omstandigheden kunt u de temperatuur van
0° C krijgen wanneer de koelvaktemperatuur is ingesteld op
ongeveer 4°C.
Als u de koelkasttemperatuur verlaagt, verlaagt u ook de
temperatuur van het KOELcompartiment.
CHILLERSYSTEEM IJSVRIJ
Het ijsvrije systeem laat ononderbroken koude lucht
circuleren om vocht te verzamelen en de vorming van
ijs en vorst te voorkomen. Het systeem zorgt voor een
optimaal vochtigheidsniveau in het compartiment, zodat de
oorspronkelijke kwaliteit van de etenswaren wordt behouden
en de etenswaren niet aan elkaar plakken, en ontdooien
denitief tot het verleden behoort. Dek de verluchtingscellen
niet af door voedsel of bakjes tegen het koelpaneel aan de
achterzijde te plaatsen. Sluit de essen en omwikkel het
voedsel goed.
HET POTENTIEEL VAN DE KOELKAST OPTIMAAL
BENUTTEN
Zet enkel koude of lauwe etenswaren in het
compartiment
Bedenk dat gekookt voedsel niet langer duurt dan rauw
voedsel.
Sla geen vloeistoen op in open containers: ze verhogen
de vochtigheidsgraad in de koelkast en veroorzaken
condensvorming.
TEMPERATUURLAMPJE*
Voor het vaststellen van de koelste plek in de koelkast.
1. Controleer of er duidelijk OK op het lampje verschijnt
(zie schets).
2. Als het woord “OK” niet verschijnt betekent dit
dat de temperatuur te hoog is: zet de knop van
KOELKASTWERKING op een hogere positie (kouder) en
wacht ongeveer 10 uren tot de temperatuur stabiel is.
3. Controleer het controlelampje opnieuw: stel eventueel
opnieuw af na de eerste procedure. Als er grote
hoeveelheden voedsel zijn toegevoegd, of als de
koelkastdeur vaak is geopend, is het normaal dat het
lampje geen OK aangeeft. Wacht ten minste 10 uur
voordat de knop KOELKASTWERKING naar een hogere
instelling wordt gezet.
GROENTEN EN FRUITBAK
De salade crispers die in de koelkast zijn gemonteerd zijn
speciaal ontworpen om fruit en groenten fris en knapperig te
houden.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
8
Gids Gebruik & Onderhoud
HUMIDITY CONTROL VOCHTREGELAAR*
Open de vochtregelaar (positie B) voor het opslaan van
voedsel in een minder vochtige omgeving, zoals fruit, of sluit
het (positie A) voor het opslaan van voedsel in een vochtiger
omgeving, zoals groente.
KOELKASTVERLICHTING
Het verlichtingssysteem in het koelkastcompartiment maakt
gebruik van Led-verlichting voor een betere verlichting en
een zeer laag energieverbruik.
Als het LED verlichtingssysteem niet werkt, contact opnemen
met de Consumentenservice om het te laten vervangen.
Belangrijk: De binnenverlichting van het
koelkastcompartiment gaat branden wanneer de deur van de
koelkast geopend wordt.
Als de deur langer dan 8 minuten geopend blijft, wordt de
verlichting automatisch uitgeschakeld.
SCHAPPEN
Alle schappen, kleppen en schuifmandjes zijn uitneembaar.
DEUR
OMKEREN VAN DE DEUR
Opmerking: De richting waarin de deur opengaat, kan
worden veranderd. Indien deze actie wordt uitgevoerd door
Consumentenservice valt dit niet onder de garantie.
Het wordt aanbevolen om de scharnierzijde van de deur met twee
personen om te keren. Volg de handleiding.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
NL
9
Gids Gebruik & Onderhoud
GEBRUIK VAN HET APPARAAT
EERSTE GEBRUIK
Alvorens het apparaat aan te sluiten maakt u de
compartimenten en de accessoires goed schoon met lauw
water en bicarbonaat. Nadat het apparaat is aangesloten op
het stroomnet, wordt de werking ervan automatisch gestart.
Wacht nadat u het apparaat heeft ingeschakeld, minstens 4-6
uur voordat u levensmiddelen in het apparaat legt.
Wanneer het apparaat wordt aangesloten op de
netvoeding wordt het display verlicht en worden alle
pictogrammen gedurende circa 1 seconde weergegeven. De
standaardwaarden (fabriekswaarden) van de instellingen van
de koelkast lichten op.
KOELVAK EN BEWAREN VOEDSEL
In het koelkastcompartiment kunnen verse etenswaar
en dranken bewaard worden. Het ontdooien van het
koelkastcompartiment vindt geheel automatisch plaats.
De aanwezigheid van waterdruppels op de achterste
binnenwand van het koelkastcompartiment is een teken van
de automatische ontdooifase. Het dooiwater loopt weg in een
afvoeropening en vervolgens in een bak, waar het verdampt.
Opmerking: de omgevingstemperatuur, hoe vaak de deur
wordt geopend en de plaats van het apparaat kan een invloed
hebben op de interne temperatuur van de twee vakken. Stel de
temperatuur in aan de hand van deze factoren.
Bij veel vocht in het koelkastcompartiment kan er condensvorming
ontstaan, vooral op de glasplaten.
In dit geval wordt geadviseerd dat u vloeistoffen in open
pannen afsluit (bijv. een pan bouillon), etenswaar met een hoog
watergehalte (bijv. groenten) in folie wikkelt en de ventilator
inschakelt (indien hiermee uitgerust).
Alle laden, deurvakken en schappen kunnen worden verwijderd.
VENTILATIE
De natuurlijke circulatie van lucht in het koelvak resulteert in
zones met verschillende temperaturen. Het koudste gedeelte
bevindt zich direct boven de crisperlade voor groente en fruit
en bij de achterwand. Het warmste gedeelte bevindt zich
bovenaan de voorzijde van het koelvak.
Onvoldoende ventilatie resulteert in een hoger
energieverbruik en lagere koelprestaties.
OPSLAAN VAN VERSE ETENSWAAR EN DRANKEN
Levensmiddelen die een grote hoeveelheid ethyleengas afgeven
en de levensmiddelen die gevoelig zijn voor dit gas, zoals fruit,
groenten en salade, moeten altijd worden zodanig worden
gescheiden of verpakt dat de houdbaarheid niet achteruit gaat;
bijvoorbeeld geen tomaten samen met kiwi's of kool bewaren.
Bewaar verschillende etenswaar niet te dicht bij elkaar om
voor voldoende luchtcirculatie te zorgen. Gebruik houders
van recyclebaar plastic, metaal, aluminium en glas, of wikkel
de levensmiddelen in folie.
Indien u een kleine hoeveelheid etenswaar in de koelkast
opslaat, raden wij aan de platen boven de crisperlade voor
groente en fruit te gebruiken, aangezien dit de koelste plek
in het koelvak is. Gebruik altijd afsluitbare houders voor
vloeistoen en etenswaar die geuren of smaken kunnen
afgeven of opnemen, of dek de vloeistoen of etenswaar af.
Om te voorkomen dat essen omvallen, kunt u gebruik maken
van de essenhouder (beschikbaar op bepaalde modellen).
Legenda
GEMATIGDE ZONE
Aanbevolen voor het bewaren van tropisch
fruit, blikjes, dranken, eieren, sauzen, augurken,
boter, jam
FRUIT & GROENTELADE
KOELZONE
Aanbevolen voor het bewaren van kaas, melk,
zuivelproducten, delicatessen, yoghurt
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
10
Gids Gebruik & Onderhoud
DIEPVRIESCOMPARTIMENT EN BEWAREN VOEDSEL
In het diepvriescompartiment kan diepgevroren
etenswaar (gedurende de op de verpakking aangegeven
periode) bewaard en verse etenswaar ingevroren worden.
De hoeveelheid verse etenswaar die in 24 uur kan worden
ingevroren, staat aangegeven op het typeplaatje.
Schik de verse etenswaar in het vriesvak in het
diepvriescompartiment (zie de Beknopte Handleiding) en
zorg voor voldoende ruimte rondom elke verpakking zodat de
lucht kan circuleren. Geadviseerd wordt gedeeltelijk ontdooide
etenswaar niet opnieuw in te vriezen. Het is belangrijk om
etenswaar zodanig te verpakken dat het binnendringen van
water, vocht of condens wordt voorkomen.
Voor meer opslagcapaciteit kan het diepvriescompartiment
zonder de diepvriesladen worden gebruikt. Zorg ervoor dat
de deur goed gesloten is.
IJSBLOKJES
Vul het ijsbakje voor 2/3 met water en plaats het in het
diepvriescompartiment. Gebruik nooit puntige of scherpe
voorwerpen om het ijs te verwijderen.
Legenda
LADE DIEPVRIESGEDEELTE
(MAX KOELZONE) Aanbevolen voor het
invriezen van verse/gekookte levensmiddelen.
VRIEZERLADE
VERWIJDEREN VAN DE VRIESLADECONTAINER
Open de vriezerdeur
Trek de bovenste container aan de rechter en linker
hoeken naar boven (1)
Verwijder de lade (2)
Installeer de bovenste container in de omgekeerde volgorde
1
2
TIPS VOOR HET INVRIEZEN EN BEWAREN VAN VERSE LEVENSMIDDELEN
Er wordt aanbevolen om al uw ingevroren levensmiddelen van
een label en datum te voorzien. Door een label aan te brengen
kunt u levensmiddelen makkelijker herkennen en weet u
wanneer deze gebruikt moet worden voordat de kwaliteit ervan
afneemt. Vries ontdooide levensmiddelen niet opnieuw in.
Alvorens verse levensmiddelen in te vriezen dient u het
te wikkelen en verzegelen in: aluminiumfolie, plastic
folie, lucht- en waterdichte plastic zakken, polytheen
containers met deksel of diepvriescontainers die geschikt
zijn voor het invriezen van verse levensmiddelen.
De levensmiddelen moeten vers, rijp en van een zeer
goede kwaliteit zijn.
Vries verse groenten en fruit zo mogelijk direct na de oogst in,
om de voedingsstoen, de consistentie, de kleur en de smaak
te behouden. Enkele vleessoorten (vooral wild) moeten
worden opgehangen voordat deze worden ingevroren.
Laat warme levensmiddelen altijd afkoelen voordat u ze
in de vriezer legt.
Ontdooide of gedeeltelijk ontdooide levensmiddelen
moeten onmiddellijk worden geconsumeerd.
Vries ze niet opnieuw in, tenzij het voedsel na het
ontdooien gekookt is. Nadat het gekookt is, mag het
opnieuw worden ingevroren.
Flessen met vloeistof mogen niet worden ingevroren.
DIEPGEVROREN ETENSWAAR: WINKELTIPS
Bij de aankoop van diepvriesproducten moet u op de
volgende punten letten:
Controleer of de verpakking niet beschadigd is
(diepgevroren levensmiddelen in beschadigde
verpakkingen kan een verminderde kwaliteit hebben).
Indien de verpakking bol staat of vochtplekken heeft,
werd het mogelijk niet bij optimale omstandigheden
bewaard en het ontdooien is mogelijk al begonnen.
Koop tijdens het winkelen bevroren voedsel aan het
einde van uw trip en vervoer het in een thermisch
geïsoleerde koeltas.
Leg bij thuiskomst het bevroren voedsel onmiddellijk in
de vriezer.
Als het voedsel ook maar gedeeltelijk is ontdooid, vries
het niet opnieuw in. Eet binnen 24 uur op.
Voorkom temperatuurschommelingen of beperk tot
een minimum. De uiterste houdbaarheidsdatum op de
verpakking moet worden gerespecteerd.
Houd steeds rekening met de opslaginformatie op de
verpakking.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
NL
11
Gids Gebruik & Onderhoud
BEWAARTIJD VAN BEVROREN LEVENSMIDDELEN
Product Bewaartijd
Boter of margarine 6 maanden
Kaas 3 maanden
Vis
Schaaldieren
2/3 maanden
1 maand
Fruit (behalve citrus) 8-12 maanden
Roomijs of sorbet 2/3 maanden
Vlees
Ham-worst
Gebraad (rund-varken-lam)
Biefstuk of koteletten (rund-lam-varken)
2 maanden
8/12 maanden
4 maanden
Melk, verse vloeistoen 1-3 maanden
Gevogelte (kip-kalkoen) 5- 7 maanden
Groente 8-12 maanden
FUNCTIONELE GELUIDEN
Geluiden afkomstig van het apparaat zijn normaal, omdat
er een aantal ventilatoren en motoren voor het regelen
van prestaties aanwezig zijn die automatisch worden in- en
uitgeschakeld.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN KUNNEN
WORDEN VERMINDERD DOOR MIDDEL VAN:
Optillen van het apparaat en op een egaal oppervlak
installeren.
Scheiden en vermijden van contact tussen het apparaat
en meubilair.
Controleren of de interne onderdelen correct zijn
geplaatst.
Controleren of de essen en houders niet tegen elkaar
komen.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN DIE U ZOU
KUNNEN HOREN
1. Een sisgeluid bij het voor de eerste keer of na een lange
pauze inschakelen van het apparaat.
2. Een borrelgeluid wanneer koelmiddel de leidingen
instroomt.
3. BRRR-geluid van de compressor die loopt.
4. Een zoemgeluid wanneer de waterklep of de ventilator
begint te werken.
5. Een kraakgeluid wanneer de compressor start.
6. De KLIK is van de thermostaat die afstelt hoe vaak de
compressor draait.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
12
Gids Gebruik & Onderhoud
ALARMTABEL
ALARMTYPE SIGNAAL OORZAAK OPLOSSING
Alarm deur open. Koelkastverlichting knippert. De deur heeft langer dan 3
minuten open gestaan.
Sluit de deur.
Functiestoring. Alle temperatuurlampjes
knipperen.
Storing in het product. Neem contact op met de
consumentenservice.
AANBEVELINGEN WANNEER HET APPARAAT NIET WORDT GEBRUIKT
BIJ GEEN GEBRUIK
Ontkoppel het apparaat van het elektriciteitsnet en leeg,
ontdooi (indien nodig) en reinig het apparaat.
Laat de deuren op een kier staan, zodat lucht in de
compartimenten kan circuleren. Hierdoor voorkomt u de
ontwikkeling van schimmel en onaangename geuren.
BIJ EEN STROOMSTORING
Houd de deuren gesloten, zodat de etenswaar zo lang
mogelijk koel blijft. Vries gedeeltelijk ontdooide etenswaar
niet opnieuw in. Bij een langdurige stroomstoring is het
mogelijk dat het blackout-alarm geactiveerd wordt (bij
producten met elektronica).
REINIGEN EN ONDERHOUD
Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
Gebruik geen reinigings- of schuurmiddelen. Maak de onderdelen van de koelkast nooit schoon met licht
ontvlambare vloeistoen.
Gebruik geen stoomreinigers.
De toetsen en het display van het bedieningspaneel mogen niet gereinigd worden met middelen op basis van
alcohol of daarvan afgeleide stoen; gebruik in plaats daarvan een droge doek.
Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige
doek met een oplossing van lauw water en neutrale
schoonmaakmiddelen die speciaal bestemd zijn voor het
reinigen van de binnenkant van een koelkast.
De uitneembare accessoires kunnen in warm water en
zeep of afwasmiddel ondergedompeld worden. Spoel ze
en droog ze zorgvuldig af.
Reinig de buitenkant en de deurafdichting met een
vochtige doek en droog ze af met een zachte doek.
De condensor aan de achterkant van het apparaat moet
regelmatig met behulp van een stofzuiger worden
schoongemaakt.
Behalve als anders wordt gespeciceerd, zijn de
apparaataccessoires
niet vaatwasmachineveilig.
Belangrijk:
De toetsen en het display van het bedieningspaneel
mogen niet gereinigd worden met middelen op basis van
alcohol of daarvan afgeleide stoen; gebruik in plaats
daarvan een droge doek.
De buizen van het koelsysteem zitten in de buurt van de
ontdooibak en kunnen heet worden. Maak ze regelmatig
schoon met een stofzuiger.
Om de constante en correcte afvoer van het dooiwater te
garanderen, maakt u regelmatig het afvoergaatje op de
achterwand van het koelvak, in de buurt van de groente-
en fruitlade, schoon met behulp van het bijgeleverde
gereedschap*.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
NL
13
Gids Gebruik & Onderhoud
PROBLEEMOPLOSSING
Wat moet u doen als... Mogelijke oorzaken Oplossingen
Het apparaat werkt niet. Er kan een probleem zijn met
de stroomtoevoer naar het
apparaat zijn.
Controleer of het netsnoer met de juiste spanning in een
stopcontact zit.
Controleer de beveiligingen en zekeringen van het
elektrische systeem in uw huis
Er zit water in de
ontdooibak.
Dit is normaal bij heet, vochtig
weer. De bak kan zelfs tot
halverwege gevuld raken.
Controleer of het apparaat goed horizontaal staat, om te
voorkomen dat het water uit de bak loopt.
De randen van het
apparaat die in contact
met de deurafdichting
komen zijn warm bij
aanraking.
Dit is geen defect.
Dit is normaal bij een warm
klimaat en als de compressor in
werking is.
Het lampje werkt niet. Het lampje moet mogelijk
vervangen worden.
Het apparaat kan in Aan/Stand-by
modus staan.
Controleer of de beveiligingen en zekeringen van het
elektrische systeem in uw huis goed werken.
Controleer of het netsnoer met de juiste spanning in een
stopcontact zit
Wanneer LED's zijn gebroken moet de gebruiker contact
opnemen met de Klantenservice voor vervanging
van hetzelfde type LED, alleen verkrijgbaar bij de
Klantenservice of erkende dealers.
De motor lijkt te lang in
werking te blijven.
De tijd dat de motor draait
hangt van verschillende
factoren af: het aantal keren
dat de deur wordt geopend, de
hoeveelheid levensmiddelen die
in de koelkast wordt bewaard, de
kamertemperatuur en de instelling
van de thermostaten.
Zorg ervoor dat controles van het apparaat correct zijn
ingesteld.
Controleer of er niet een grote hoeveelheid voedsel aan
het apparaat is toegevoegd.
Controleer of de deur niet te vaak wordt geopend.
Controleer of de deur perfect sluit.
De temperatuur van het
apparaat is te hoog.
Dit kan verschillende oorzaken
hebben (zie 'Oplossingen').
Zorg ervoor dat de condensor (achter het apparaat) vrij is
van stof en pluizen.
Zorg ervoor dat de deur goed gesloten is.
Zorg ervoor dat de deurafdichtingen goed vastzitten.
Op warme dagen, of als het warm is in het vertrek, zal de
motor langer draaien.
Wanneer de deur lang open heeft gestaan, of indien er
grote hoeveelheden levensmiddelen in het apparaat
zijn geplaatst, blijft de motor langer werken om de
binnenkant van het apparaat goed te koelen.
De deuren gaan niet
goed open en dicht.
Dit kan verschillende oorzaken
hebben (zie 'Oplossingen').
Controleer of de deur niet geblokkeerd wordt door
levensmiddelen.
Controleer of de binnenste onderdelen of de
automatische ijsmaker allemaal goed op hun plaats zitten.
Controleer of de deurafdichtingen niet vuil of kleverig zijn.
Controleer of het apparaat horizontaal staat.
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
14
Gids Gebruik & Onderhoud
CONSUMENTENSERVICE
VOORDAT U DE CONSUMENTENSERVICE BELT
1. Controleer of u het probleem zelf kunt oplossen
aan de hand van de punten die beschreven zijn in
“PROBLEEMOPLOSSING”.
2. Zet het apparaat aan en uit om te controleren of het
probleem is opgelost.
ALS NA HET UITVOEREN VAN DEZE CONTROLES DE
STORING NOG STEEDS
AANWEZIG IS, NEEM CONTACT OP MET DE
DICHTSTBIJZIJNDE
CONSUMENTENSERVICE
Bel voor assistentie het nummer dat in het garantieboekje
staat, of volg de instructies op de website www.whirlpool.eu
Wanneer u contact opneemt met de Klantenservice, vermeld
altijd:
een korte beschrijving van de storing;
het type en het exacte model van het apparaat;
het servicenummer (nummer na het woord Service op
het typeplaatje). Het servicenummer staat ook in het
garantieboekje;
uw volledige adres;
uw telefoonnummer.
Wend u tot een erkend Servicecentrum indien reparatie
noodzakelijk is (alleen dan heeft u zekerheid dat originele
vervangingsonderdelen worden gebruikt en de reparatie
correct wordt uitgevoerd).
* Alleen beschikbaar op bepaalde modellen
15
400011230239
1
2
2
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15

Whirlpool WNF8 T1I W Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor