Electrolux EUC1523 Handleiding

Type
Handleiding
11
Türanschlagwechsel
Bevor Sie die nachstehenden Arbeitsvorgänge
durchführen, das Gerät unbedingt spannungslos
machen.
Vorgehensweise:
1. Entlüftungsgitter (D) abnehmen.
2. Unteres Scharnier (E) abschrauben.
3. Tür vom oberen Stift (G) abnehmen.
4. Oberen Stift ab und an der gegenüberliegenden
Seite montieren.
5. Die Abdeckstöpsel herausnehmen, dadurch die
Bohrlöcher für die Scharnierstifte freimachen;
und auf der gegenüberliegenden Seite wieder
montieren.
6. Tür wieder einsetzen.
7. Mit Hilfe eines 10 mm Schlüssel den unteren
Scharnierstift abschrauben und auf
gegenüberliegenden Scharnierseite wieder
anschrauben.
8. Unteres Scharnier (E) auf gegenüberliegende
Türseite montieren und mittels der vorher
entnommenen Schrauben befestigen.
9. Abdeckung (F) vom Entlüftungsgitter (D)
herausschieben und auf gegenüberliegende
Seite montieren.
10.Entlüftungsgitter wieder einsetzen.
11.Griff(e) abnehmen und auf der
gegenüberliegenden Seite befestigen. Mit einem
Senkstift die Plastikstöpsel auf der
gegenüberliegenden Seite der Griffe
durchlöchern. Mit den im Beipack enthaltenen
Plastikstöpseln, die freigebliebenen Löcher
abdecken.
.
Achtung
Vergewissern Sie sich nach Ausführung des
Anschlagwechsels der Türen, daß alle Schrauben
fest angezogen sind und überprüfen Sie auch,
ob die Magnetdichtung am Möbel perfekt anliegt.
Bei einer niedrigen Raumtemperatur (z.B. im
Winter) kann es vorkommen, dass die Dichtung
nicht perfekt am Schrank haftet. Die
Wiederherstellung der Dichtung erfolgt
automatisch nach gewisser Zeit.Wollen Sie aber
diesen Prozess beschleunige, so genögt es die
Dichtung mit einem Fön zu erwärmen.
G
F
F
D
F
F
E
E
22
Deze garantievoorwaarden gelden voor in Nederland gekochte en/of in gebruik zijnde producten. Indien een
product naar het buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het product voldoet aan de
technische voorwaarden ( o.a. spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden)
in het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte producten dient de gebruiker zich te vergewissen
van de bepalingen in Nederland. Noodzakelijke of gewenste aanpassingen vallen niet onder de garantie, en
kunnen niet altijd worden aangebracht.
Ook na afloop van de garantietermijn staat onze servicedienst u ter beschikking.
Adres Servicedienst:
Electrolux Service
Vennootsweg 1
2404 CG ALPHEN AAN DEN RIJN
Reparatievoorwaarden
Onze reparatievoorwaarden zijn conform de afspraak tussen de Consumentenbond en Vlehan*.
Art. 1 Aan de consument zal na een melding van een storing zo mogelijk direct, doch uiterlijk binnen één werkdag
worden medegedeeld op welke dag het bezoek van de technicus zal plaatsvinden. De reparatie zal als regel
binnen zeven werkdagen na de melding zijn uitgevoerd.
Art. 2 a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal de technicus een onderzoek uitvoeren naar de vermoedelijke
oorzaak van de gemelde storing. Aan de hand hiervan zal hij een zo nauwkeurig mogelijke, gespecificeerde
begroting maken van de totale reparatiekosten inclusief voorrijkosten en diagnose-kosten. Desgevraagd zal
deze begroting door de technicus schriftelijk worden vastgelegd.
b) Indien de consument met het begrote bedrag niet akkoord gaat, zal op verzoek het te repareren toestel
worden teruggebracht in de staat waarin het aan de technicus werd aangeboden. Nadat dit is geschied,
zullen alleen de kosten van voorrijden en arbeidsloon in rekening worden gebracht op basis van de
werkelijke bestede tijd, danwel van een vooraf vastgesteld tarief.
Art. 3 Indien tijdens het uitvoeren van de reparatie duidelijk wordt dat:
a) de oorspronkelijke reparatie door redelijkerwijs niet te voorziene omstandigheden niet tegen het begrote
bedrag kan worden uitgevoerd, of
b) ook andere dan in de begroting voorziene reparaties noodzakelijk zijn, zal overleg met de consument
plaatsvinden en een herziene kostenbegroting worden gemaakt.
In geval de consument daarmee alsnog niet akkoord gaat, geldt eveneens het in artikel 2b bepaalde.
Art. 4 De reparatie zal zoveel mogelijk tijdens het eerste bezoek worden uitgevoerd. Indien om het toestel in
werkende staat te brengen een tweede bezoek noodzakelijk is, zal:
a) direct, doch uiterlijk binnen één werkdag door de betreffende service-organisatie of door de technicus met de
consument de datum voor een tweede bezoek worden afgesproken.
b) een herhalingsbezoek zal als regel binnen tien werkdagen na de melding plaatsvinden.
c) voor een tweede of daaropvolgend bezoek zal geen voorrijtarief in rekening worden gebracht, tenzij de
noodzaak voor een herhalingsbezoek aan de consument is toe te schrijven.
Art. 5 De consument ontvangt een gespecificeerde rekening met vermelding van type en serienummer van het
apparaat, omschrijving van de diagnose, toegepaste tarieven, gebruikte onderdelen en materialen en een
korte omschrijving van de verrichte werkzaamheden. De betaling van de rekening dient tegen afgifte van een
reparatienota direct contant of door middel van een gegarandeerd betaalmiddel plaats te vinden.
Art. 6 Op elke uitgevoerde en betaalde reparatie zal bij normaal huishoudelijk gebruik een volledige garantie van
minimaal 3 maanden worden gegeven. Deze garantie omvat het kosteloos uitvoeren van een hernieuwde
reparatie. Op de uitgewisselde en betaalde onderdelen geldt een garantietermijn van 12 maanden. Bij een
beroep op garantie op de reparatie dient de consument op verzoek de gespecificeerde rekening van de
voorgaande reparatie aan de technicus te overleggen.
Art. 7 Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfde reparatie hetzelfde defect bij normaal huishoudelijk gebruik
opnieuw optreedt binnen de onder art. 6 bedoelde garantietermijn en redelijkerwijs een afdoend resultaat bij
het opnieuw uitvoeren van de reparatie niet verwacht kan worden, zal aan de consument een nieuw exemplaar
of soortgelijk toestel van hetzelfde merk worden aangeboden tegen bijbetaling op basis van een per product te
bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage.
Art. 8 Vervangen onderdelen stelt de technicus weer ter beschikking van de consument, met uitzondering van
de onder garantie of tegen een gereduceerde prijs vervangen onderdelen.
12
VEILIGHEID
Het is uiterst belangrijk dat het bij het apparaat behorende instructieboekje bewaard blijft. Zou het
apparaat door u aan iemand anders gegeven of verkocht worden, of zou het apparaat in het huis van
waaruit u verhuist achterblijven, dan dient de nieuwe gebruik(st)er over het instructieboekje en de
daarin opgenomen waarschuwingen te kunnen beschikken.
Indien dit apparaat in de plaats van een oud model met haak- of veersluiting opgesteld wordt, dan is
het raadzaam de sluiting van het oude apparaat, dat terzijde gezet wordt, onbruikbaar te maken.
Hiermee wordt voorkomen dat spelende kinderen zich erin opsluiten, hetgeen levensgevaarlijk is.
Deze waarschuwingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te
hebben, alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.
Algemene veiligheid
Dit apparaat is bedoeld en gemaakt voor het
gebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om
kinderen het apparaat te laten bedienen of als
speelgoed te laten gebruiken.
Het is gevaarlijk om, in welke vorm dan ook, dit
apparaat of de eigenschappen daarvan te
veranderen.
Neem vóór u aan ontdooien, schoonmaak-
werkzaamheden of het verwisselen van het,
eventueel aanwezige, verlichtingslampje begint
altijd de stekker uit het stopcontact.
Dit apparaat is zwaar. Delen van randen aan
achter- en onderkant kunnen scherp zijn. Wees
voorzichtig bij het tillen.
Plaats NOOIT explosieve stoffen in het apparaat,
zoals gasvullingen, benzine, ether, aceton
enzovoorts.
Het direct vanuit een vriesvak, vriesgedeelte of
vriezer consumeren van ijslollies en dergelijke,
kan verbranding van de mondhuid tot gevolg
hebben; wacht even.
AFDANKEN. Verwijder de deur(en) of het deksel en
knip het aansluitsnoer af, zodat, in afwachting van
wegbrengen of weghalen, spelende kinderen er zich
niet in op kunnen sluiten of aan een elektrische
schok bloot kunnen staan.
Heel goed oppassen, tijdens het verplaatsen, dat
de delen van het koelcircuit niet zodanig worden
beschadigd, dat de koelvloeistof naar buiten zou
kunnen lekken.
Plaats het apparaat niet in de nabijheid van een
centrale verwarming of een gasfornuis.
Laat het apparaat niet langdurig in direct
zonlicht staan.
Zorg dat er voldoende lucht aan de achterkant
van het apparaat kan circuleren. Vermijd schade
aan de koelkringloop.
Alléén voor diepvrieskasten (uitgezonderd
ingebouwde): het apparaat kan zeer goed in de
kelder geplaatst worden.
Plaats elektrische apparaten (bijv. ijsmachines)
nooit in de kast, tenzij dat door de fabrikant
goedgekeurd is.
Onderhoud / Reparatie
Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de
elektrische huisinstallatie of het aansluitsnoer,
ten behoeve van de installatie van dit apparaat,
mag uitsluitend door een daartoe bevoegd
persoon uitgevoerd worden. Het betreffende
stopcontact dient, ook na eventuele onder- of
inbouw, gemakkelijk bereikbaar te zijn.
Werkzaamheden welke door personen zonder de
noodzakelijke kennis uitgevoerd worden, kunnen
schade of letsel tot gevolg hebben.
Laat inspectie- en/of herstelwerkzaamheden
uitvoeren door ELECTROLUX SERVICE en laat
geen andere dan originele DISTRIPARTS
onderdelen plaatsen.
Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in de
koudekringloop; het onderhoud en het bijvullen
dient daarom uitsluitend door door het bedrijf
aangewezen deskundig personeel uitgevoerd te
worden.
Tracht, in geval van storing of een defect, dit
apparaat niet zelf te repareren. Reparaties welke
door niet-deskundige personen uitgevoerd
worden, kunnen tot schade of letsel leiden.
Raadpleeg ELECTROLUX SERVICE.
Gebruik
Huishoudelijke koel- en/of vriesapparaten zijn
uitsluitend bedoeld voor het bewaren en/of
invriezen van eet- of drinkbare producten.
De beste resultaten worden bereikt bij een
omgevingstemperatuur tussen +18°C en +43°C
21
Garantievoorwaarden
Onze producten worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het
voorkomen dat er een defect optreedt. Onze servicedienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als
buiten de garantietermijn. De levensduur van het product wordt daardoor niet negatief beïnvloed.
Onderstaande garantievoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De
daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet.
Ook de garantieverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast.
Voor dit product verlenen wij garantie volgens onderstaande voorwaarden:
1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het product
die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker. In geval van
professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik is de garantie beperkt tot 12 maanden. Voor tweedehands
producten geldt eveneens een termijn van 12 maanden.
2. De garantieprestatie houdt in dat het product kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor
het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen
worden ons eigendom.
3. Het gebrek moet terstond gemeld worden om mogelijke verdere schade te voorkomen. De
garantieaanspraak vervalt indien het gebrek niet binnen twee maanden na vaststelling is gemeld.
4. Voor een beroep op garantie dient het aankoopbewijs met aankoop- en/of leveringsdatum te worden
overlegd. Bij ontbreken daarvan dient ander overtuigend bewijs te worden overlegd.
5. De garantie heeft geen betrekking op schade aan kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch) glas,
kunststof, rubber, die ontstaan is door onzorgvuldig gebruik.
6. De garantie heeft geen betrekking op kleine afwijkingen van de gestelde kwaliteit die voor de waarde en
deugdelijkheid van het product onbeduidend zijn.
7. De garantie geldt evenmin voor schade veroorzaakt door:
a. chemische en elektrochemische inwerking van water,
b. abnormale milieuomstandigheden in het algemeen,
c. voor het product oneigenlijke bedrijfsomstandigheden,
d. contact met agressieve stoffen.
8. De garantie heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid
is ontstaan, niet-vakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in
acht nemen van de gebruiks- of montageaanwijzingen.
9. Het recht op garantie vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden
die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het product voorzien werd van toebehoren of
onderdelen die niet origineel zijn en daardoor een defect veroorzaken.
10.Producten die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd aan of gezonden naar
onze servicedienst. Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of ingebouwde
producten.
11.Indien het product zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd
voor het in- en uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, worden de hierdoor ontstane extra kosten
aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale in- of uitbouw komt ten laste
van de gebruiker.
12.Indien binnen de garantieperiode de herstelling van hetzelfde defect herhaaldelijk mislukt of de
herstellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging
geleverd. In geval van vervanging behouden we ons het recht voor om een vergoeding te rekenen naar rato
van de verstreken gebruiksperiode.
13.Herstelling onder garantie heeft geen verlenging van de garantietermijn noch aanvang van een nieuwe
garantietermijn tot gevolg.
14.Op herstellingen geven wij een garantie van 12 maanden, uitsluitend op hetzelfde gebrek.
15.Verdere of andere aanspraken, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het product, zijn
uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd.
16.In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het product niet overtreffen, tenzij
wettelijk anders is bepaald.
(NL)
13
(klasse T); tussen +18°C en 38°C (klasse ST);
tussen +16°C en 32°C (klasse N); +10°C en
32°C (klasse SN); de klasse staat op het
kenplaatje vermeld.
Attentie: u dient niet alleen rekening te houden
met de omgevingstemperatuur voor dit type
product maar tevens met de volgende
aanwijzingen: wanneer de
omgevingstemperatuur onder de aangeduide
minimum waarde daalt, wordt de
conserveringstemperatuur in het vriesvak niet
meer gegarandeerd; u kunt de bewaarde
levensmiddelen dan het beste zo snel mogelijk
nuttigen.
Volg de raadgevingen van de fabrikant op met
betrekking tot waar en hoe u spijzen en dranken
bewaart of invriest. Ontdooide diepvriesproduc-
ten mogen, om gezondheidsredenen, niet
wederom ingevroren worden.
De vriezende binnenwanden of -vlakken in het
apparaat bevatten koelmiddel. Plaats geen
scherpe voorwerpen tegen zo’n wand of vlak en
schraap evenmin met metalen voorwerpen rijp of
ijs af. Lekkage kan het gevolg zijn, hetgeen een
onherstelbare schade aan het apparaat en
bederf van de levensmiddelen veroorzaakt.
Plaats geen koolzuurhoudende of mousserende
dranken in het vriesvak, het vriesgedeelte of de
vriezer; de blikjes of flesjes kunnen door
bevriezing van de inhoud exploderen.
Installatie
Overtuig u er van dat het apparaat niet op het
aansluitsnoer staat.
Belangrijk: als het aansluitsnoer beschadigd
raakt, moet het snoer, eventueel met stekers,
vervangen worden; deze onderdelen zijn
verkrijgbaar bij onze service-afdeling.
De warmte welke het apparaat aan de spijzen en
dranken onttrekt, moet onbelemmerd aan de
omgeving afgestaan kunnen worden. Slechte
ventilatie onder, achter en boven het apparaat
resulteert in slechte koel-en/of vriesprestaties
door ongewild tijdelijk uitschakelen van de
compressor of onjuiste werking van de
absorptieunit .
Plaats het apparaat met z’n achterkant zo dicht
mogelijk bij een muur. Hiermee voorkomt u
verbrandingsletsel door aanraking van hete tot
zeer hete delen.
Afhankelijk van de wijze van transport kan olie
vanuit de compressor in het koelcircuit gevloeid
zijn. Wacht, na het plaatsen van het apparaat, ten
minste een half uur alvorens de stekker in het
stopcontact te steken. Na achteroverliggend
vervoer ten minste een halve dag. Daarmee geeft
u de olie de gelegenheid in de compressor terug
te vloeien. Apparaten welke van een absorptie-
unit voorzien zijn kunnen direct in bedrijf
genomen worden. Controleer cirka 24 uur na het
in bedrijf stellen of het apparaat naar behoren
werkt.
Milieubescherming
Belangrijk: Dit apparaat bevat, zowel in het
koelcircuit als in de isolatie, geen
ozononvriendelijke stoffen. Het apparaat moet
niet weggegooid worden samen met het huisvuil
of met gesloopte apparaten. Afgedankte koel- en
vriesapparaten moeten volgens de plaatselijke
regelingen op deskundige wijze verwerkt worden.
Informeer bij uw gemeente naar de mogelijkheden
in uw woonplaats.Vermijden dat het koelcircuit
wordt beschadigd, vooral aan de achterkant in de
buurt van de warmtewisselaar. De materialen in
dit apparaat die voorzien zijn van het symbool
zijn geschikt voor recycling.
20
G
Het wijzigen van de
deurdraairichting
Neem vóór het wijzigen van de deurdraairichting
de stekker uit de wandcontactdoos.
Ga nu verder als volgt te werk:
1. Ventilatierooster (D) verwijderen.
2. Onderscharnier (E) losschroeven en verwijderen.
3. Deur van bovenscharnierpen (G) trekken.
4. Bovenste scharnierpen verwijderen en aan de
tegenovergestelde kant weer monteren.
5. Verwijder de twee beschermdopjes van de
gaatjes voor de scharnierpinnen en monteer ze
aan de andere kant.
6. Deur herplaatsen.
7. Draai met een sleutel van 10 mm de
scharnierpen (E) los en breng deze aan de
andere kant van het scharnier aan.
8. Onderscharnier (E) aan de tegenovergestelde
kant monteren met behulp van de eerder
verwijderde schroeven.
9. Afdekstopsel (F) van het ventilatierooster (D)
nemen en aan de tegenovergestelde kant weer
monteren.
10.Ventilatierooster weer terugplaatsen (D).
11.De handgreep losschroeven. Aan de andere kant
van de deur bevestigen nadat u de dopjes met
een priem doorgeprikt heeft. De vrijgekomen
gaatjes afsluiten met de bijgeleverde dopjes;
deze vindt u in het zakje van de documentatie.
Belangrijk:
Controleer na de richting van de deuren gewijzigd te
hebben, dat alle schroeven goed vastgedraaid zitten
en dat het deurrubber goed op de sponning sluit. In
een koud vertrek (in de winter) kan het gebeuren dat
dat niet het geval is. Na enkele dagen zal het rubber
zich echter aangepast hebben. Wilt u dat bespoedi-
gen, dan kunt u het rubber warm maken met een
föhn.
F
F
D
F
F
E
E
14
INHOUD
WEGWERPEN VAN VERPAKKINGSMATERIAAL
Het verpakkingsmateriaal van onze grote elektrische
huishoudelijke apparaten kan met uitzondering van
houten onderdelen, gerecycled worden en dus bij
het kringloopafval worden gezet.
Wij raden u aan om:
Papier, karton en golfkarton in de speciale
papierbakken te werpen.
Plastic verpakkingsmateriaal in de speciaal
daarvoor bestemde plastic-containers te gooien.
Indien dit soort bakken in uw buurt nog niet
voorkomen mag u het materiaal aan de
vuilnisman meegeven.
Als verpakkingsmateriaal gebruiken wij slechts
recycleerbare kunststoffen, zoals bijv.:
In de voorbeelden staat:
PE voor Polyethyleen** 02 = ^ PE-HD;
04 = ^ PE-LD
PP voor Polypropyleen
PS voor Polystyrol
PLASTIC BESTANDDELEN
Om er gemakkelijker achter te komen hoe u het
materiaal van dit apparaat moet wegwerpen en /of
recycleren zijn er op verschillende punten
herkenbare symbolen op aangebracht.
PS
SAN
ABS
02**
PE
05
PP
06
PS
Waarschuwingen en Belangrijke adviezen 12
Wegwerpen van verpakkingsmateriaal 14
Het gebruik 15
Reiniging van de binnenkant 15
Het nedieningspaneel 15
Ingebruikname 15
Temperatuurinstelling 15
Snelvriezen 15
Het
Controlelampie “te warm” 15
Het invriezen van verse levensmiddelen 15
Bewaren van diepvriesproducten 16
Het ontdooien van ingevroren producten 16
Binnenthermometer 16
IJslaatjes 16
Koude akkus
16
Tips 16
Tips het invriezen 16
Tips het diepvriesprodukten 17
Onderhoud 17
Periodieke reiniging 17
Geprolongeerde stilstand 17
Het ontdooien 17
Storingen 18
Technische Gegevens 18
Installatie 19
Plaats van opstelling 19
Muur-afstandshouders
19
Elektrische aansluiting 19
Het omdraaien van de deur 20
Garantiebepalingen 21
19
Elektrische aansluiting
Overtuig u ervan dat de netspanning en de
netfrequentie, welke op het typeplaatje in de kast
staan aangegeven, overeenkomen met de
netspanning en de netfrequentie in uw woning.
Een afwijking op de netspanning tot plus of minus
6% is toegestaan.
Bij aansluiting op een andere spanning dient u een
geschikte transformator te gebruiken.
De stekker mag alleen geplaatst worden in een
geaard stopcontact. De kast is daarom voorzien van
een speciaal drieaderig snoer, geschikt voor een
geaard stopcontact. Mocht het stopcontact in uw
woning niet geaard zijn, dan dient een erkend
installateur het apparaat volgens de geldende
normen te aarden.
Wij wijzen u er op dat schade of letsel, veroor-
zaakt door het niet voldoen aan dit veiligheids-
voorschrift, niet onder de verantwoordelIjkheid
van de fabrikant valt.
Dit apparaat voldoet aan de volgende EU-
richtlIjnen:
- 87/308/EG-richtlijn van 2/6/87 met betrekking
tot de radio-ontstoring
- 73/23/ EG-richtlijn van 19/02/73 (Laagspanning)
en opeenvolgende wijzigingen;
- 89/336/EG-richtlijn van 03/05/89
(Elektromagnetische compatibiliteit) en
opeenvolgende wijzigingen;
INSTALLATIE
D594
100 mm10 mm
10 mm
A
B
NP007
Plaats van opstelling
Plaats het apparaat uit de buurt van
warmtebronnen: centrale verwarming, kachels, felle
zonne-stralen enz.
Om veiligheidsredenen moet de ventilatie zodanig
zijn als aangegeven in de afbeelding:
Attentie: zorg ervoor dat de ventilatie openingen
tijdens gebruik niet worden afgedekt.
Teneinde oneffenheden in de vloer op te heffen is de
kast voorzien van één of meer verstelbare voetjes.
Muur-afstandshouders
In het documentenzakje bevinden zich twee af-
standshouders die volgens de afbeelding geplaatst
dienen te worden.
Draai de schroeven los, steek de afstandshouders
onder de schroefkop en draai de schroeven weer
vast.
15
Reiniging van de binnenkant
Voor u de kast in gebruik neemt, dient u de binnen-
kant met lauw water en een neutraal schoonmaak-
middel te reinigen om de typische geur van een
nieuw apparaat weg te nemen. Droog vervolgens de
wanden goed af.
Ingebruikname
Steek de stekker in het stopcontact. Het
controlelampje (D) licht op. Draai de
thermostaatknop (E) rechtsom uit de
-stand
De werking van de vriezer kan geheel gestopt
worden door de temperatuurregelaar in de stand
«
» te draaien.
HET GEBRUIK
Temperatuurinstelling
De temperatuur wordt automatisch geregeld en kan
verhoogd worden (minder koud) door de knop naar
een lager cijfer te draaien of verlaagd worden
(kouder) door de knop naar een hoger cijfer te
draaien. Bij het instellen van de juiste stand dient u
er rekening mee te houden dat de temperatuur in
het apparaat afhankelijk is van:
de kamertemperatuur;
de frequentie waarmee de deuren geopend
worden;
de hoeveelheid levensmiddelen in de kast;
de plaats van het apparaat.
Wij adviseren u de knop aanvankelijk op de
middenstand te draaien.
Het bedieningspaneel
A. Controlelampje “te warm”
B. Controlelampje Snelvriezen
C. Snelvriezenschakelaar
D. Controlelampje «in bedrijf»
E. Temperatuurregelaar
Snelvriezen
Druck voor het snelvriezen de knop (C) . Het lampje
(B) licht op.
Het controlelampje “te warm”
Indien het controlelampje (A) oplicht, dan wordt
hierdoor aangegeven dat de inwendige temperatuur
onveilig voor het bewaren van diepvriesartikelen
geworden is. Bij de eerste ingebruikname, of na een
schoonmaakbeurt, blijft het controlelampje branden
totdat de inwendige temperatuur het veilige niveau
bereikt heeft.
Gebruik geen schurende schoonmaak-
middelen, waarmee u de afwerkingen van het
apparaat zou kunnen beschadigen.
Het invriezen van verse
levensmiddelen
In het diepvriesvak kunt u verse
levensmiddelen invriezen en diepvriesprodukten
bewaren.
Indien het invriezen van verse levensmiddelen direkt
na de eerste in gebruikname of na een
schoonmaakbeurt gaat plaatsvinden, draai dan de
Super-(invries)-schakelaar en laat de vriezer
tenminste 12 uur leeg vriezen.
Plaats de in te vriezen levensmiddelen in het vak als
in Figur aangegeven; daar is de temperatuur het
laagst.
Om de op het typeplaatje aangegeven hoeveelheid
levensmiddelen in te vriezen dient u deze op het
vriezende vlak te plaatsen.
Bij invriezn in de laden , is de max. hoeveelheid
kleiner.
D
A
C
E
ON
ALARM
SUPER
minMAX
B
18
ALS ER IETS NIET IN ORDE IS
Indien het apparaat niet functioneert of ook de lamp-
jes niet branden, controleer dan:
of de stekker goed in het stopcontact zit;
of de elektriciteit soms uitgevallen is;
of de thermostaatknop op de juiste stand staat;
Kunt u de storing niet zelf lokaliseren en verhelpen,
raadpleeg dan ELECTROLUX SERVICE.
TECHNISCHE GEGEVENS
129
0,47
172
20
35
1200
600
625
Energieverbruik in kWh/24h
Energieverbruik in kWh/jaar
Invriescapaciteit in kg/24h
Tijd om van -18°C naar -9°C te gaan per uur
Netto inhoud in liter van het vriesgedeelte
Afmetingen in mm
hoogte
breedte
diepte
Deze gegevens vindt u op het garantiebewijs of op het typeplaatje van het apparaat.
16
IJslaatjes
Bij het apparaat worden 1 of meerdere ijslaatjes
voor het maken van ijsblokjes geleverd.
Vul ze met drinkwater en plaats ze in het apparaat.
Gebruik geen metalen voorwerpen om de laatjes
los te wrikken!
Het ontdooien van ingevroren
producten
De diepvriesproducten moet u vóór gebruik in de
koelkast of bij kamertemperatuur laten ontdooien, al
naar gelang de beschikbare tijd.
Kleine of in stukken ingevroren producten kunnen
onmiddellijk gekookt of gebakken worden. De kook-
of baktijd zal dan natuurlijk iets langer zijn.
Bewaren van diepvriesproducten
Indien u de koelkast voor het eerst in gebruik neemt
of haar weer gebruikt na een periode van stilstand,
dient u de thermostaatknop op de koudste stand te
draaien. Plaats vervolgens de diepvriesprodukten na
twee uur in de kast en draai de thermistaat terug
naar de gebruikelijke stand.
Neem de volgende regels in acht:
als u grote hoeveelheden voedsel moet invriezen,
kunt u alle laden en manden (behalve de onderste)
uit het apparaat verwijderen en het voedsel direct op
de koelplaten leggen. Let erop dat u de maximum
belading niet overschrijdt, deze vindt u op de
zijkant van het bovengedeelte (indien voorzien).
10 kg
10 kg
Koude accus
De vriezer is van 2 thermische accus (eutektische
massa) voorzien,die de bewaartijd verlengt in geval
van stroomuitval of storing. De accu bevindt zich in
de bovenla.
Invriezen: tips
verdeel de levensmiddelen in handzame porties.
Deze vriezen sneller in en bij later gebruik hoeft u
slechts de benodigde hoeveelheid te ontdooien;
verpak de levensmiddelen in aluminium- of kunst-
stoffolie. Sluit de pakjes goed en luchtdicht af;
zorg ervoor dat in te vriezen pakjes niet in
aanraking komen met reeds ingevroren
producten; de temperatuur van deze laatste zou
daardoor kunnen stijgen;
TIPS
vermijd rechtstreekse consumptie van ijslollies uit
het vriesvak; u zou uw mondhuid kunnen
verbranden;
schrijf de invriesdatum op de pakjes zodat u de
houdbaarheidsduur kunt controleren;
De symbolen op de laden geven de diverse
soorten diepvriesproducten aan.
De getallen geven voor iedere soort
diepvriesproduct de opslagtijd in maanden aan.
Of de hoogste of de laagste waarde van de
Binnenthermometer
Een thermometer geeft de binnentemperatuur van
de vriezer aan. Hij kan een hogere temperatuur dan
- 18°C (warmer) aangegeven indien u een grote
hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen erin
plaatst of wanneer de deur lange tijd open blijft.
Belangrijk
Als, bijvoorbeeld door stroomuitval die langer
duurt dan aangegeven wordt in de tabel
technische gegevens bij ‘tijd om van –18°C naar
–9°C te gaan per uur’ , de opgeslagen producten
onopzettelijk ontdooid worden, moeten deze
direct geconsumeerd worden of onmiddellijk
toebereid en na afkoeling opnieuw ingevroren.
17
Diepvriezen: tips
Neem de volgende regels in acht:
breng de diepvriesproducten na aankoop zo snel
mogelijk over naar het vriesvak;
open de deur altijd zo weinig en zo kort mogelijk;
wees heel voorzichtig bij aankoop van
diepvriesproducten, want gedeeltelijk ontdooide
waren mag u niet opnieuw invriezen;
aangegeven opslagtijd geldt, hangt af van de
kwaliteit van de levensmiddelen en de
behandeling voorafgaand aan het invriezen.
plaats geen koolzuurhoudende of
mousserende dranken in het vriesvak; de
blikjes of flessen zouden kunnen ontploffen.
ONDERHOUD
Neem vóór iedere handeling altijd eerst de
stekker uit het stopcontact.
Belangrijk
Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in het koelcircuit;
onderhoud en bijvulling dient daarom uitsluitend
door bevoegd personeel uitgevoerd te worden.
Schoonmaken
Gebruik nooit metalen voorwerpen voor het
schoonmaken van het apparaat; dit zou
beschadigingen tot gevolg kunnen hebben.
Reinig de binnenkant van de kast regelmatig met
lauw sodawater. Lap de wanden na met schoon
water en droog ze zorgvuldig.
Stof op de condensor verhoogt het energieverbruk.
Daarom eenmaal per jaar de condensor aan de
achterkant van het apparaat met een zachte borstel
of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken.
Geprolongeerde stilstand
Wij adviseren u vóór de periode dat de apparaat
niet gebruikt wordt de volgende handelingen uit te
voeren:
neem de stekker uit het stopcontact;
verwijder alle spijzen en dranken uit de kast;
laat de kast geheel ontdooien en maak de
binnenwanden, rekken, korven en dergelijke goed
schoon;
laat de deuren open staan, teneinde het ontstaan
van onaangename geur te voorkomen.
Het ontdooien
U echter de rijp in de vriezer te verwijderen,
wanneer deze een laag van circa 4 mm vormt.
Gebruik hiervoor de meegeleverde plastic spatel.
Voor het uitvoeren van deze handeling hoeft u het
apparaat niet uit te schakelen of leeg te maken.
Wanneer zich een dikke laag ijs gevormd heeft,
dient u het apparaat te ontdooien.
Ga als volgt te werk:
1. draai de thermostaatknop op «
» of trek de
stekker uit het stopcontact;
2. omwikkel de levensmiddelen met meerdere
kranten en bewaar ze op een koele plaats;
3. laat de deur openstaan en schuif de schraper,
als een verlenggootje, in de daarvoor bestemde
opening. Plaats onder het gootje een schaaltje
om het water op te vangen.
4. droog na het ontdooien de vriezer zorgvuldig en
sluit het gaatje weer af met de dop; bewaar de
schraper zodat u hem opnieuw kunt gebruiken;
5. draai de thermostaatknop in de gewenste stand
of steek de stekker weer in het stopcontact.
6. Na twee of drie uur kunt u de diepvriesproducten
weer terugplaatsen.
Belangrijk:
Gebruik voor het verwijderen van de rijp nooit
metalen voorwerpen; u zou uw vrieskast kunnen
beschadigen.
Geen voorwerpen of methodes gebruiken om het
ontdooiproces te versnellen die niet door de
fabrikant zijn aangegeven.
Temperatuurstijging van diepvriesproducten kan
hun houdbaarheidsduur verkorten.
D068

Documenttranscriptie

Deze garantievoorwaarden gelden voor in Nederland gekochte en/of in gebruik zijnde producten. Indien een product naar het buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het product voldoet aan de technische voorwaarden ( o.a. spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden) in het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte producten dient de gebruiker zich te vergewissen van de bepalingen in Nederland. Noodzakelijke of gewenste aanpassingen vallen niet onder de garantie, en kunnen niet altijd worden aangebracht. Ook na afloop van de garantietermijn staat onze servicedienst u ter beschikking. Adres Servicedienst: Electrolux Service Vennootsweg 1 2404 CG ALPHEN AAN DEN RIJN Reparatievoorwaarden Onze reparatievoorwaarden zijn conform de afspraak tussen de Consumentenbond en Vlehan*. Art. 1 Aan de consument zal na een melding van een storing zo mogelijk direct, doch uiterlijk binnen één werkdag worden medegedeeld op welke dag het bezoek van de technicus zal plaatsvinden. De reparatie zal als regel binnen zeven werkdagen na de melding zijn uitgevoerd. Art. 2 a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal de technicus een onderzoek uitvoeren naar de vermoedelijke oorzaak van de gemelde storing. Aan de hand hiervan zal hij een zo nauwkeurig mogelijke, gespecificeerde begroting maken van de totale reparatiekosten inclusief voorrijkosten en diagnose-kosten. Desgevraagd zal deze begroting door de technicus schriftelijk worden vastgelegd. b) Indien de consument met het begrote bedrag niet akkoord gaat, zal op verzoek het te repareren toestel worden teruggebracht in de staat waarin het aan de technicus werd aangeboden. Nadat dit is geschied, zullen alleen de kosten van voorrijden en arbeidsloon in rekening worden gebracht op basis van de werkelijke bestede tijd, danwel van een vooraf vastgesteld tarief. Art. 3 Indien tijdens het uitvoeren van de reparatie duidelijk wordt dat: a) de oorspronkelijke reparatie door redelijkerwijs niet te voorziene omstandigheden niet tegen het begrote bedrag kan worden uitgevoerd, of b) ook andere dan in de begroting voorziene reparaties noodzakelijk zijn, zal overleg met de consument plaatsvinden en een herziene kostenbegroting worden gemaakt. In geval de consument daarmee alsnog niet akkoord gaat, geldt eveneens het in artikel 2b bepaalde. Art. 4 De reparatie zal zoveel mogelijk tijdens het eerste bezoek worden uitgevoerd. Indien om het toestel in werkende staat te brengen een tweede bezoek noodzakelijk is, zal: a) direct, doch uiterlijk binnen één werkdag door de betreffende service-organisatie of door de technicus met de consument de datum voor een tweede bezoek worden afgesproken. b) een herhalingsbezoek zal als regel binnen tien werkdagen na de melding plaatsvinden. c) voor een tweede of daaropvolgend bezoek zal geen voorrijtarief in rekening worden gebracht, tenzij de noodzaak voor een herhalingsbezoek aan de consument is toe te schrijven. Art. 5 De consument ontvangt een gespecificeerde rekening met vermelding van type en serienummer van het apparaat, omschrijving van de diagnose, toegepaste tarieven, gebruikte onderdelen en materialen en een korte omschrijving van de verrichte werkzaamheden. De betaling van de rekening dient tegen afgifte van een reparatienota direct contant of door middel van een gegarandeerd betaalmiddel plaats te vinden. Art. 6 Op elke uitgevoerde en betaalde reparatie zal bij normaal huishoudelijk gebruik een volledige garantie van minimaal 3 maanden worden gegeven. Deze garantie omvat het kosteloos uitvoeren van een hernieuwde reparatie. Op de uitgewisselde en betaalde onderdelen geldt een garantietermijn van 12 maanden. Bij een beroep op garantie op de reparatie dient de consument op verzoek de gespecificeerde rekening van de voorgaande reparatie aan de technicus te overleggen. Art. 7 Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfde reparatie hetzelfde defect bij normaal huishoudelijk gebruik opnieuw optreedt binnen de onder art. 6 bedoelde garantietermijn en redelijkerwijs een afdoend resultaat bij het opnieuw uitvoeren van de reparatie niet verwacht kan worden, zal aan de consument een nieuw exemplaar of soortgelijk toestel van hetzelfde merk worden aangeboden tegen bijbetaling op basis van een per product te bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage. Art. 8 Vervangen onderdelen stelt de technicus weer ter beschikking van de consument, met uitzondering van de onder garantie of tegen een gereduceerde prijs vervangen onderdelen. 22 Türanschlagwechsel Bevor Sie die nachstehenden Arbeitsvorgänge durchführen, das Gerät unbedingt spannungslos machen. E E F F Vorgehensweise: F 1. Entlüftungsgitter (D) abnehmen. D 2. Unteres Scharnier (E) abschrauben. 3. Tür vom oberen Stift (G) abnehmen. 4. Oberen Stift ab und an der gegenüberliegenden Seite montieren. F 5. Die Abdeckstöpsel herausnehmen, dadurch die Bohrlöcher für die Scharnierstifte freimachen; und auf der gegenüberliegenden Seite wieder montieren. 6. Tür wieder einsetzen. 7. Mit Hilfe eines 10 mm Schlüssel den unteren Scharnierstift abschrauben und auf gegenüberliegenden Scharnierseite wieder anschrauben. G 8. Unteres Scharnier (E) auf gegenüberliegende Türseite montieren und mittels der vorher entnommenen Schrauben befestigen. 9. Abdeckung (F) vom Entlüftungsgitter (D) herausschieben und auf gegenüberliegende Seite montieren. 10.Entlüftungsgitter wieder einsetzen. 11.Griff(e) abnehmen und auf der gegenüberliegenden Seite befestigen. Mit einem Senkstift die Plastikstöpsel auf der gegenüberliegenden Seite der Griffe durchlöchern. Mit den im Beipack enthaltenen Plastikstöpseln, die freigebliebenen Löcher abdecken. . Achtung Vergewissern Sie sich nach Ausführung des Anschlagwechsels der Türen, daß alle Schrauben fest angezogen sind und überprüfen Sie auch, ob die Magnetdichtung am Möbel perfekt anliegt. Bei einer niedrigen Raumtemperatur (z.B. im Winter) kann es vorkommen, dass die Dichtung nicht perfekt am Schrank haftet. Die Wiederherstellung der Dichtung erfolgt automatisch nach gewisser Zeit. Wollen Sie aber diesen Prozess beschleunige, so genögt es die Dichtung mit einem Fön zu erwärmen. 11 Garantievoorwaarden VEILIGHEID Het is uiterst belangrijk dat het bij het apparaat behorende instructieboekje bewaard blijft. Zou het apparaat door u aan iemand anders gegeven of verkocht worden, of zou het apparaat in het huis van waaruit u verhuist achterblijven, dan dient de nieuwe gebruik(st)er over het instructieboekje en de daarin opgenomen waarschuwingen te kunnen beschikken. Indien dit apparaat in de plaats van een oud model met haak- of veersluiting opgesteld wordt, dan is het raadzaam de sluiting van het oude apparaat, dat terzijde gezet wordt, onbruikbaar te maken. Hiermee wordt voorkomen dat spelende kinderen zich erin opsluiten, hetgeen levensgevaarlijk is. Deze waarschuwingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben, alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt. Algemene veiligheid Dit apparaat is bedoeld en gemaakt voor het gebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om kinderen het apparaat te laten bedienen of als speelgoed te laten gebruiken. • Het is gevaarlijk om, in welke vorm dan ook, dit apparaat of de eigenschappen daarvan te veranderen. • Neem vóór u aan ontdooien, schoonmaakwerkzaamheden of het verwisselen van het, eventueel aanwezige, verlichtingslampje begint altijd de stekker uit het stopcontact. • Dit apparaat is zwaar. Delen van randen aan achter- en onderkant kunnen scherp zijn. Wees voorzichtig bij het tillen. • Plaats NOOIT explosieve stoffen in het apparaat, zoals gasvullingen, benzine, ether, aceton enzovoorts. • Het direct vanuit een vriesvak, vriesgedeelte of vriezer consumeren van ijslollies en dergelijke, kan verbranding van de mondhuid tot gevolg hebben; wacht even. AFDANKEN. Verwijder de deur(en) of het deksel en knip het aansluitsnoer af, zodat, in afwachting van wegbrengen of weghalen, spelende kinderen er zich niet in op kunnen sluiten of aan een elektrische schok bloot kunnen staan. Heel goed oppassen, tijdens het verplaatsen, dat de delen van het koelcircuit niet zodanig worden beschadigd, dat de koelvloeistof naar buiten zou kunnen lekken. Plaats het apparaat niet in de nabijheid van een centrale verwarming of een gasfornuis. Laat het apparaat niet langdurig in direct zonlicht staan. Zorg dat er voldoende lucht aan de achterkant van het apparaat kan circuleren. Vermijd schade aan de koelkringloop. Alléén voor diepvrieskasten (uitgezonderd • 12 ingebouwde): het apparaat kan zeer goed in de kelder geplaatst worden. Plaats elektrische apparaten (bijv. ijsmachines) nooit in de kast, tenzij dat door de fabrikant goedgekeurd is. Onderhoud / Reparatie • • • • Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de elektrische huisinstallatie of het aansluitsnoer, ten behoeve van de installatie van dit apparaat, mag uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden. Het betreffende stopcontact dient, ook na eventuele onder- of inbouw, gemakkelijk bereikbaar te zijn. Werkzaamheden welke door personen zonder de noodzakelijke kennis uitgevoerd worden, kunnen schade of letsel tot gevolg hebben. Laat inspectie- en/of herstelwerkzaamheden uitvoeren door ELECTROLUX SERVICE en laat geen andere dan originele DISTRIPARTS onderdelen plaatsen. Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in de koudekringloop; het onderhoud en het bijvullen dient daarom uitsluitend door door het bedrijf aangewezen deskundig personeel uitgevoerd te worden. Tracht, in geval van storing of een defect, dit apparaat niet zelf te repareren. Reparaties welke door niet-deskundige personen uitgevoerd worden, kunnen tot schade of letsel leiden. Raadpleeg ELECTROLUX SERVICE. Gebruik • • Huishoudelijke koel- en/of vriesapparaten zijn uitsluitend bedoeld voor het bewaren en/of invriezen van eet- of drinkbare producten. De beste resultaten worden bereikt bij een omgevingstemperatuur tussen +18°C en +43°C (NL) Onze producten worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het voorkomen dat er een defect optreedt. Onze servicedienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de garantietermijn. De levensduur van het product wordt daardoor niet negatief beïnvloed. Onderstaande garantievoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet. Ook de garantieverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast. Voor dit product verlenen wij garantie volgens onderstaande voorwaarden: 1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het product die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker. In geval van professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik is de garantie beperkt tot 12 maanden. Voor tweedehands producten geldt eveneens een termijn van 12 maanden. 2. De garantieprestatie houdt in dat het product kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen worden ons eigendom. 3. Het gebrek moet terstond gemeld worden om mogelijke verdere schade te voorkomen. De garantieaanspraak vervalt indien het gebrek niet binnen twee maanden na vaststelling is gemeld. 4. Voor een beroep op garantie dient het aankoopbewijs met aankoop- en/of leveringsdatum te worden overlegd. Bij ontbreken daarvan dient ander overtuigend bewijs te worden overlegd. 5. De garantie heeft geen betrekking op schade aan kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch) glas, kunststof, rubber, die ontstaan is door onzorgvuldig gebruik. 6. De garantie heeft geen betrekking op kleine afwijkingen van de gestelde kwaliteit die voor de waarde en deugdelijkheid van het product onbeduidend zijn. 7. De garantie geldt evenmin voor schade veroorzaakt door: a. chemische en elektrochemische inwerking van water, b. abnormale milieuomstandigheden in het algemeen, c. voor het product oneigenlijke bedrijfsomstandigheden, d. contact met agressieve stoffen. 8. De garantie heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid is ontstaan, niet-vakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in acht nemen van de gebruiks- of montageaanwijzingen. 9. Het recht op garantie vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het product voorzien werd van toebehoren of onderdelen die niet origineel zijn en daardoor een defect veroorzaken. 10.Producten die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd aan of gezonden naar onze servicedienst. Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of ingebouwde producten. 11.Indien het product zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd voor het in- en uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, worden de hierdoor ontstane extra kosten aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale in- of uitbouw komt ten laste van de gebruiker. 12.Indien binnen de garantieperiode de herstelling van hetzelfde defect herhaaldelijk mislukt of de herstellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging geleverd. In geval van vervanging behouden we ons het recht voor om een vergoeding te rekenen naar rato van de verstreken gebruiksperiode. 13.Herstelling onder garantie heeft geen verlenging van de garantietermijn noch aanvang van een nieuwe garantietermijn tot gevolg. 14.Op herstellingen geven wij een garantie van 12 maanden, uitsluitend op hetzelfde gebrek. 15.Verdere of andere aanspraken, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het product, zijn uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd. 16.In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het product niet overtreffen, tenzij wettelijk anders is bepaald. 21 Het wijzigen van de deurdraairichting Neem vóór het wijzigen van de deurdraairichting de stekker uit de wandcontactdoos. G Ga nu verder als volgt te werk: 1. Ventilatierooster (D) verwijderen. 2. Onderscharnier (E) losschroeven en verwijderen. 3. Deur van bovenscharnierpen (G) trekken. 4. Bovenste scharnierpen verwijderen en aan de tegenovergestelde kant weer monteren. 5. Verwijder de twee beschermdopjes van de gaatjes voor de scharnierpinnen en monteer ze aan de andere kant. F F F 6. Deur herplaatsen. Draai met een sleutel van 10 mm de scharnierpen (E) los en breng deze aan de andere kant van het scharnier aan. 8. Onderscharnier (E) aan de tegenovergestelde kant monteren met behulp van de eerder verwijderde schroeven. 7. 9. Afdekstopsel (F) van het ventilatierooster (D) nemen en aan de tegenovergestelde kant weer monteren. • E E D • F • 10.Ventilatierooster weer terugplaatsen (D). 11.De handgreep losschroeven. Aan de andere kant van de deur bevestigen nadat u de dopjes met een priem doorgeprikt heeft. De vrijgekomen gaatjes afsluiten met de bijgeleverde dopjes; deze vindt u in het zakje van de documentatie. • • • 20 • zeer hete delen. Afhankelijk van de wijze van transport kan olie vanuit de compressor in het koelcircuit gevloeid zijn. Wacht, na het plaatsen van het apparaat, ten minste een half uur alvorens de stekker in het stopcontact te steken. Na achteroverliggend vervoer ten minste een halve dag. Daarmee geeft u de olie de gelegenheid in de compressor terug te vloeien. Apparaten welke van een absorptieunit voorzien zijn kunnen direct in bedrijf genomen worden. Controleer cirka 24 uur na het in bedrijf stellen of het apparaat naar behoren werkt. Milieubescherming Belangrijk: Dit apparaat bevat, zowel in het koelcircuit als in de isolatie, geen ozononvriendelijke stoffen. Het apparaat moet niet weggegooid worden samen met het huisvuil of met gesloopte apparaten. Afgedankte koel- en vriesapparaten moeten volgens de plaatselijke regelingen op deskundige wijze verwerkt worden. Informeer bij uw gemeente naar de mogelijkheden in uw woonplaats. Vermijden dat het koelcircuit wordt beschadigd, vooral aan de achterkant in de buurt van de warmtewisselaar. De materialen in dit apparaat die voorzien zijn van het symbool zijn geschikt voor recycling. Installatie Belangrijk: Controleer na de richting van de deuren gewijzigd te hebben, dat alle schroeven goed vastgedraaid zitten en dat het deurrubber goed op de sponning sluit. In een koud vertrek (in de winter) kan het gebeuren dat dat niet het geval is. Na enkele dagen zal het rubber zich echter aangepast hebben. Wilt u dat bespoedigen, dan kunt u het rubber warm maken met een föhn. (klasse T); tussen +18°C en 38°C (klasse ST); tussen +16°C en 32°C (klasse N); +10°C en 32°C (klasse SN); de klasse staat op het kenplaatje vermeld. Attentie: u dient niet alleen rekening te houden met de omgevingstemperatuur voor dit type product maar tevens met de volgende aanwijzingen: wanneer de omgevingstemperatuur onder de aangeduide minimum waarde daalt, wordt de conserveringstemperatuur in het vriesvak niet meer gegarandeerd; u kunt de bewaarde levensmiddelen dan het beste zo snel mogelijk nuttigen. Volg de raadgevingen van de fabrikant op met betrekking tot waar en hoe u spijzen en dranken bewaart of invriest. Ontdooide diepvriesproducten mogen, om gezondheidsredenen, niet wederom ingevroren worden. De vriezende binnenwanden of -vlakken in het apparaat bevatten koelmiddel. Plaats geen scherpe voorwerpen tegen zo’n wand of vlak en schraap evenmin met metalen voorwerpen rijp of ijs af. Lekkage kan het gevolg zijn, hetgeen een onherstelbare schade aan het apparaat en bederf van de levensmiddelen veroorzaakt. Plaats geen koolzuurhoudende of mousserende dranken in het vriesvak, het vriesgedeelte of de vriezer; de blikjes of flesjes kunnen door bevriezing van de inhoud exploderen. Overtuig u er van dat het apparaat niet op het aansluitsnoer staat. Belangrijk: als het aansluitsnoer beschadigd raakt, moet het snoer, eventueel met stekers, vervangen worden; deze onderdelen zijn verkrijgbaar bij onze service-afdeling. De warmte welke het apparaat aan de spijzen en dranken onttrekt, moet onbelemmerd aan de omgeving afgestaan kunnen worden. Slechte ventilatie onder, achter en boven het apparaat resulteert in slechte koel-en/of vriesprestaties door ongewild tijdelijk uitschakelen van de compressor of onjuiste werking van de absorptieunit . Plaats het apparaat met z’n achterkant zo dicht mogelijk bij een muur. Hiermee voorkomt u verbrandingsletsel door aanraking van hete tot 13 WEGWERPEN VAN VERPAKKINGSMATERIAAL Plaats van opstelling In de voorbeelden staat: 06 PE PP PS PE voor Polyethyleen** 02 = ^ PE-HD; 04 = ^ PE-LD PP voor Polypropyleen PS voor Polystyrol Teneinde oneffenheden in de vloer op te heffen is de kast voorzien van één of meer verstelbare voetjes. PLASTIC BESTANDDELEN Om er gemakkelijker achter te komen hoe u het materiaal van dit apparaat moet wegwerpen en /of recycleren zijn er op verschillende punten herkenbare symbolen op aangebracht. PS SAN ABS 12 Wegwerpen van verpakkingsmateriaal 14 Het gebruik 15 14 Elektrische aansluiting Overtuig u ervan dat de netspanning en de netfrequentie, welke op het typeplaatje in de kast staan aangegeven, overeenkomen met de netspanning en de netfrequentie in uw woning. Een afwijking op de netspanning tot plus of minus 6% is toegestaan. Bij aansluiting op een andere spanning dient u een geschikte transformator te gebruiken. De stekker mag alleen geplaatst worden in een geaard stopcontact. De kast is daarom voorzien van een speciaal drieaderig snoer, geschikt voor een geaard stopcontact. Mocht het stopcontact in uw woning niet geaard zijn, dan dient een erkend installateur het apparaat volgens de geldende normen te aarden. Wij wijzen u er op dat schade of letsel, veroorzaakt door het niet voldoen aan dit veiligheidsvoorschrift, niet onder de verantwoordelIjkheid van de fabrikant valt. Dit apparaat voldoet aan de volgende EUrichtlIjnen: Muur-afstandshouders Waarschuwingen en Belangrijke adviezen Ingebruikname Temperatuurinstelling Snelvriezen Het Controlelampie “te warm” Het invriezen van verse levensmiddelen Bewaren van diepvriesproducten Het ontdooien van ingevroren producten Binnenthermometer IJslaatjes Koude akkus Tips B NP007 INHOUD Reiniging van de binnenkant Het nedieningspaneel A 10 mm 05 100 mm 02** Plaats het apparaat uit de buurt van warmtebronnen: centrale verwarming, kachels, felle zonne-stralen enz. Om veiligheidsredenen moet de ventilatie zodanig zijn als aangegeven in de afbeelding: Attentie: zorg ervoor dat de ventilatie openingen tijdens gebruik niet worden afgedekt. 10 mm Het verpakkingsmateriaal van onze grote elektrische huishoudelijke apparaten kan met uitzondering van houten onderdelen, gerecycled worden en dus bij het kringloopafval worden gezet. Wij raden u aan om: • Papier, karton en golfkarton in de speciale papierbakken te werpen. • Plastic verpakkingsmateriaal in de speciaal daarvoor bestemde plastic-containers te gooien. Indien dit soort bakken in uw buurt nog niet voorkomen mag u het materiaal aan de vuilnisman meegeven. Als verpakkingsmateriaal gebruiken wij slechts recycleerbare kunststoffen, zoals bijv.: INSTALLATIE 15 15 15 15 15 15 15 16 16 16 16 16 16 Tips het invriezen Tips het diepvriesprodukten Onderhoud 16 17 17 Periodieke reiniging Geprolongeerde stilstand Het ontdooien Storingen 17 17 17 18 Technische Gegevens 18 Installatie 19 Plaats van opstelling Muur-afstandshouders Elektrische aansluiting Het omdraaien van de deur Garantiebepalingen 19 19 19 20 21 In het documentenzakje bevinden zich twee afstandshouders die volgens de afbeelding geplaatst dienen te worden. Draai de schroeven los, steek de afstandshouders onder de schroefkop en draai de schroeven weer vast. - 87/308/EG-richtlijn van 2/6/87 met betrekking tot de radio-ontstoring - 73/23/ EG-richtlijn van 19/02/73 (Laagspanning) en opeenvolgende wijzigingen; - 89/336/EG-richtlijn van 03/05/89 (Elektromagnetische compatibiliteit) en opeenvolgende wijzigingen; D594 19 ALS ER IETS NIET IN ORDE IS HET GEBRUIK Indien het apparaat niet functioneert of ook de lampjes niet branden, controleer dan: • of de stekker goed in het stopcontact zit; • of de elektriciteit soms uitgevallen is; Reiniging van de binnenkant • of de thermostaatknop op de juiste stand staat; Kunt u de storing niet zelf lokaliseren en verhelpen, raadpleeg dan ELECTROLUX SERVICE. TECHNISCHE GEGEVENS Voor u de kast in gebruik neemt, dient u de binnenkant met lauw water en een neutraal schoonmaakmiddel te reinigen om de typische geur van een nieuw apparaat weg te nemen. Droog vervolgens de wanden goed af. Gebruik geen schurende schoonmaakmiddelen, waarmee u de afwerkingen van het apparaat zou kunnen beschadigen. Het bedieningspaneel Netto inhoud in liter van het vriesgedeelte 129 Energieverbruik in kWh/24h 0,47 Energieverbruik in kWh/jaar 172 Invriescapaciteit in kg/24h 20 Tijd om van -18°C naar -9°C te gaan per uur 35 MAX ALARM SUPER A BC min ON D E A. Controlelampje “te warm” B. Controlelampje Snelvriezen Afmetingen in mm hoogte 1200 breedte 600 diepte 625 Deze gegevens vindt u op het garantiebewijs of op het typeplaatje van het apparaat. C. Snelvriezenschakelaar D. Controlelampje «in bedrijf» E. Temperatuurregelaar Ingebruikname Het controlelampje “te warm” Steek de stekker in het stopcontact. Het controlelampje (D) licht op. Draai de thermostaatknop (E) rechtsom uit de ■-stand De werking van de vriezer kan geheel gestopt worden door de temperatuurregelaar in de stand «■» te draaien. Indien het controlelampje (A) oplicht, dan wordt hierdoor aangegeven dat de inwendige temperatuur onveilig voor het bewaren van diepvriesartikelen geworden is. Bij de eerste ingebruikname, of na een schoonmaakbeurt, blijft het controlelampje branden totdat de inwendige temperatuur het veilige niveau bereikt heeft. Temperatuurinstelling Het invriezen van verse levensmiddelen De temperatuur wordt automatisch geregeld en kan verhoogd worden (minder koud) door de knop naar een lager cijfer te draaien of verlaagd worden (kouder) door de knop naar een hoger cijfer te draaien. Bij het instellen van de juiste stand dient u er rekening mee te houden dat de temperatuur in het apparaat afhankelijk is van: • de kamertemperatuur; • de frequentie waarmee de deuren geopend worden; • de hoeveelheid levensmiddelen in de kast; • de plaats van het apparaat. Wij adviseren u de knop aanvankelijk op de middenstand te draaien. Snelvriezen In het diepvriesvak kunt u verse levensmiddelen invriezen en diepvriesprodukten bewaren. Indien het invriezen van verse levensmiddelen direkt na de eerste in gebruikname of na een schoonmaakbeurt gaat plaatsvinden, draai dan de Super-(invries)-schakelaar en laat de vriezer tenminste 12 uur leeg vriezen. Plaats de in te vriezen levensmiddelen in het vak als in Figur aangegeven; daar is de temperatuur het laagst. Om de op het typeplaatje aangegeven hoeveelheid levensmiddelen in te vriezen dient u deze op het vriezende vlak te plaatsen. Bij invriezn in de laden , is de max. hoeveelheid kleiner. Druck voor het snelvriezen de knop (C) . Het lampje (B) licht op. 18 15 Belangrijk 10 kg 10 kg Als, bijvoorbeeld door stroomuitval die langer duurt dan aangegeven wordt in de tabel technische gegevens bij ‘tijd om van –18°C naar –9°C te gaan per uur’ , de opgeslagen producten onopzettelijk ontdooid worden, moeten deze direct geconsumeerd worden of onmiddellijk toebereid en na afkoeling opnieuw ingevroren. • Binnenthermometer ONDERHOUD Een thermometer geeft de binnentemperatuur van de vriezer aan. Hij kan een hogere temperatuur dan - 18°C (warmer) aangegeven indien u een grote hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen erin plaatst of wanneer de deur lange tijd open blijft. Bewaren van diepvriesproducten Indien u de koelkast voor het eerst in gebruik neemt of haar weer gebruikt na een periode van stilstand, dient u de thermostaatknop op de koudste stand te draaien. Plaats vervolgens de diepvriesprodukten na twee uur in de kast en draai de thermistaat terug naar de gebruikelijke stand. Neem de volgende regels in acht: als u grote hoeveelheden voedsel moet invriezen, kunt u alle laden en manden (behalve de onderste) uit het apparaat verwijderen en het voedsel direct op de koelplaten leggen. Let erop dat u de maximum belading niet overschrijdt, deze vindt u op de zijkant van het bovengedeelte (indien voorzien). Het ontdooien van ingevroren producten De diepvriesproducten moet u vóór gebruik in de koelkast of bij kamertemperatuur laten ontdooien, al naar gelang de beschikbare tijd. Kleine of in stukken ingevroren producten kunnen onmiddellijk gekookt of gebakken worden. De kookof baktijd zal dan natuurlijk iets langer zijn. IJslaatjes Bij het apparaat worden 1 of meerdere ijslaatjes voor het maken van ijsblokjes geleverd. Vul ze met drinkwater en plaats ze in het apparaat. Gebruik geen metalen voorwerpen om de laatjes los te wrikken! Koude accus De vriezer is van 2 thermische accus (eutektische massa) voorzien,die de bewaartijd verlengt in geval van stroomuitval of storing. De accu bevindt zich in de bovenla. TIPS Invriezen: tips • • • 16 verdeel de levensmiddelen in handzame porties. Deze vriezen sneller in en bij later gebruik hoeft u slechts de benodigde hoeveelheid te ontdooien; verpak de levensmiddelen in aluminium- of kunststoffolie. Sluit de pakjes goed en luchtdicht af; zorg ervoor dat in te vriezen pakjes niet in aanraking komen met reeds ingevroren producten; de temperatuur van deze laatste zou daardoor kunnen stijgen; aangegeven opslagtijd geldt, hangt af van de kwaliteit van de levensmiddelen en de behandeling voorafgaand aan het invriezen. plaats geen koolzuurhoudende of mousserende dranken in het vriesvak; de blikjes of flessen zouden kunnen ontploffen. • • • vermijd rechtstreekse consumptie van ijslollies uit het vriesvak; u zou uw mondhuid kunnen verbranden; schrijf de invriesdatum op de pakjes zodat u de houdbaarheidsduur kunt controleren; De symbolen op de laden geven de diverse soorten diepvriesproducten aan. De getallen geven voor iedere soort diepvriesproduct de opslagtijd in maanden aan. Of de hoogste of de laagste waarde van de Diepvriezen: tips Neem de volgende regels in acht: • breng de diepvriesproducten na aankoop zo snel mogelijk over naar het vriesvak; • open de deur altijd zo weinig en zo kort mogelijk; • wees heel voorzichtig bij aankoop van diepvriesproducten, want gedeeltelijk ontdooide waren mag u niet opnieuw invriezen; Neem vóór iedere handeling altijd eerst de stekker uit het stopcontact. Belangrijk Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in het koelcircuit; onderhoud en bijvulling dient daarom uitsluitend door bevoegd personeel uitgevoerd te worden. Schoonmaken Gebruik nooit metalen voorwerpen voor het schoonmaken van het apparaat; dit zou beschadigingen tot gevolg kunnen hebben. Reinig de binnenkant van de kast regelmatig met lauw sodawater. Lap de wanden na met schoon water en droog ze zorgvuldig. Stof op de condensor verhoogt het energieverbruk. Daarom eenmaal per jaar de condensor aan de achterkant van het apparaat met een zachte borstel of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken. 1. draai de thermostaatknop op «■» of trek de stekker uit het stopcontact; 2. omwikkel de levensmiddelen met meerdere kranten en bewaar ze op een koele plaats; 3. laat de deur openstaan en schuif de schraper, als een verlenggootje, in de daarvoor bestemde opening. Plaats onder het gootje een schaaltje om het water op te vangen. 4. droog na het ontdooien de vriezer zorgvuldig en sluit het gaatje weer af met de dop; bewaar de schraper zodat u hem opnieuw kunt gebruiken; Geprolongeerde stilstand Wij adviseren u vóór de periode dat de apparaat niet gebruikt wordt de volgende handelingen uit te voeren: neem de stekker uit het stopcontact; verwijder alle spijzen en dranken uit de kast; laat de kast geheel ontdooien en maak de binnenwanden, rekken, korven en dergelijke goed schoon; laat de deuren open staan, teneinde het ontstaan van onaangename geur te voorkomen. Het ontdooien U echter de rijp in de vriezer te verwijderen, wanneer deze een laag van circa 4 mm vormt. Gebruik hiervoor de meegeleverde plastic spatel. Voor het uitvoeren van deze handeling hoeft u het apparaat niet uit te schakelen of leeg te maken. Wanneer zich een dikke laag ijs gevormd heeft, dient u het apparaat te ontdooien. Ga als volgt te werk: D068 5. draai de thermostaatknop in de gewenste stand of steek de stekker weer in het stopcontact. 6. Na twee of drie uur kunt u de diepvriesproducten weer terugplaatsen. Belangrijk: Gebruik voor het verwijderen van de rijp nooit metalen voorwerpen; u zou uw vrieskast kunnen beschadigen. Geen voorwerpen of methodes gebruiken om het ontdooiproces te versnellen die niet door de fabrikant zijn aangegeven. Temperatuurstijging van diepvriesproducten kan hun houdbaarheidsduur verkorten. 17
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8

Electrolux EUC1523 Handleiding

Type
Handleiding