HOTPOINT/ARISTON H8 A2E SB H O3 Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

Gezondheid & Veiligheid,
GebruiksaanwijzingenInstallatiegids
www.hotpoint-ariston.com/register
2
NEDERLANDS .............................. 3
NL
3
Gids voor Gebruik en Verzorging
Index
Gids voor Gezondheid en Veiligheid
VEILIGHEIDSAANBEVELINGEN ................................................................ 4
MILIEUTIPS ................................................................................. 6
CONFORMITEITSVERKLARING ................................................................ 6
PRODUCTBESCHRIJVING ..................................................................... 7
APPARAAT ............................................................................................7
BEDIENINGSPANEEL ...................................................................................7
DEUR .................................................................................................8
KOELKASTVERLICHTING ...............................................................................8
SCHAPPEN ............................................................................................8
VENTILATOR ..........................................................................................8
IJSVRIJ KOELKASTCOMPARTIMENT .....................................................................8
IJSVRIJ VRIESCOMPARTIMENT ..........................................................................9
ACCESSOIRES .........................................................................................9
GEBRUIK VAN HET APPARAAT ...............................................................10
EERSTE GEBRUIK .....................................................................................10
INSTALLATIE .........................................................................................10
DAGELIJKS GEBRUIK ..................................................................................11
TIPS VOOR OPSLAG VAN LEVENSMIDDELEN ...........................................................14
AANBEVELINGEN WANNEER HET APPARAAT NIET WORDT GEBRUIKT ...................................18
ONDERHOUD EN REINIGING .................................................................19
HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING EN CONSUMENTENSERVICE ......................20
FUNCTIONELE GELUIDEN .............................................................................20
HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING ..........................................................21
CONSUMENTENSERVICE ..............................................................................23
Installatiegids .......................................................................................24
NEDERLANDS
GEZONDHEID & VEILIGHEID,
GEBRUIKSAANWIJZINGenINSTALLATIEGIDS
DANK U WEL VOOR UW AANKOOP VAN EEN HOTPOINT ARISTON PRODUCT.
Voor verdere assistentie kunt u het apparaat registeren op
www.hotpoint-ariston.com/register
4
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
BELANGRIJK MOET WORDEN
GELEZEN EN IN ACHT GENOMEN
Lees voordat u het apparaat gaat
gebruiken zorgvuldig deze
veiligheidsinstructies.
Bewaar ze dicht bij de hand voor
toekomstige raadpleging.
Deze instructies en het apparaat
zelf zijn voorzien van belangrijke
veiligheidsaanwijzingen, die te
allen tijde moeten worden
opgevolgd.
De fabrikant kan niet aansprakelijk
gesteld worden voor schade die het
gevolg is van het niet opvolgen van
deze veiligheidsinstructies, onei-
genlijk gebruik of een foute pro-
grammering van de regelknoppen.
VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN
Heel jonge (0-3 jaar) en jonge kinderen
(3-8 jaar) dienen op afstand van het
apparaat gehouden te worden, tenzij
ze onder voortdurend toezicht staan.
Kinderen vanaf 8 jaar en personen
met verminderde fysieke, sensorische
of mentale vermogens of gebrek aan
ervaring en kennis, mogen dit appa
-
raat gebruiken indien ze onder
toezicht staan of instructies hebben
ontvangen over veilig gebruik en de
mogelijke gevaren ervan begrijpen.
Kinderen mogen niet spelen met het
apparaat. De reiniging en het onder
-
houd mogen niet door kinderen
worden uitgevoerd zonder toezicht.
TOEGESTAAN GEBRUIK
Het apparaat is uitsluitend
bestemd voor huishoudelijk, niet
professioneel gebruik.
Gebruik het apparaat niet
buitenshuis.
Geen ontplofbare brandbare
stoen, zoals spuitbussen opslaan
en geen benzine of andere brand-
bare materialen gebruiken in of in
de buurt van het apparaat: er kan
brand ontstaan vliegen als het
apparaat per ongeluk wordt inge-
schakeld.
VOORZICHTIG: Het apparaat is
niet geschikt voor
inwerkingstelling met een externe
timer of afzonderlijk systeem met
afstandsbediening.
• Dit apparaat is bedoeld voor gebruik
in huishoudelijke en gelijkaardige
toepassingen zoals:
– personeelskeukens in winkels,
kantoren en andere werkomgevingen;
- cottages en door klanten in hotels,
motels en andere residentiële
omgevingen;
- bed- and breakfast omgevingen;
- catering en soortgelijke non-retail
toepassingen .
De lamp die in het apparaat wordt
gebruikt is speciek ontworpen voor
huishoudapparaten en is niet geschikt
voor ruimteverlichting (EC Richtlijn Nr.
244/2009).
Het apparaat is bedoeld voor gebruik
op plaatsen waar de temperatuur
binnen het volgende bereik komt,
conform de klimaatklasse op het
typeplaatje. Mogelijk werkt het
apparaat niet correct indien het lange
tijd op een temperatuur buiten het
aangegeven bereik wordt gebruikt.
Klimaatklasse Omg. (°C)
SN Van 10 tot 32
N Van 16 tot 32
ST Van 16 tot 38
T Van 16 tot 43
Dit apparaat bevat geen CFK. Het
koelcircuit bevat R600a (HC).
Apparaten met Isobutaan (R600a):
isobutaan is een natuurlijk gas dat
geen schadelijke invloed heeft op het
milieu, maar wel ontvlambaar is.
Zorg er daarom voor dat de
koelcircuitleidingen niet beschadigd
raken. Let vooral op beschadigde
leidingen die tot het leegraken van
het koelcircuit leiden.
WAARSCHUWING: Beschadig de
koelcircuitleidingen van het apparaat
niet.
WAARSCHUWING: Houd de
ventilatieopeningen in de behuizing
van het apparaat of in de ingebouwde
structuur vrij van obstakels.
WAARSCHUWING: Gebruik geen
mechanische, elektrische of
chemische middelen behalve de
middelen aanbevolen door de
fabrikant om het ontdooiproces te
versnellen.
WAARSCHUWING: Gebruik of plaats
geen elektrische apparaten binnenin
de apparaatcompartimenten indien
deze niet het type zijn dat uitdrukke
-
lijk is goedgekeurd door de Fabrikant.
WAARSCHUWING: IJsmakers en/of
waterdispensers die niet rechtstreeks
op het waterleidingnet zijn
aangesloten, mogen uitsluitend met
drinkwater worden gevuld
WAARSCHUWING: Automatische
ijsmakers en/of waterdispensers
moeten worden aangesloten op een
waterleidingnet dat uitsluitend
drinkwater levert, met een waterdruk
tussen 0,17 en 0,81 MPa (1,7 en 8,1bar).
Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de
vrieselementen niet in (bij enkele
modellen).
Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die
net uit de vriezer komen, aangezien
deze vriesbrandwonden kunnen
veroorzaken.
Bij producten ontworpen voor
gebruik met een luchtlter in een
toegankelijke ventilatorafdekking,
moet het lter altijd zijn aangebracht
wanneer de koelkast in bedrijf is.
Bewaar geen glazen containers met
vloeistoen in het
diepvriescompartiment, omdat ze
kunnen breken.
Blokkeer de ventilator (indien
aanwezig) niet met levensmiddelen.
Nadat de levensmiddelen in het
apparaat zijn geplaatst dient
gecontroleerd te worden of de
deuren van de vakken goed sluiten,
met name de deur van het vriesvak.
Een beschadigde afdichting dient zo
snel mogelijk vervangen te worden.
Gebruik het koelkastcompartiment
uitsluitend voor het bewaren van vers
voedsel en het diepvriescomparti
-
ment uitsluitend voor het bewaren
van bevroren voedsel, het invriezen
van vers voedsel en het maken van
ijsblokjes.
Vermijd het bewaren van onverpakt
voedsel in direct contact met interne
NL
5
oppervlakken van de koelkast- of
diepvriescompartimenten.
Apparaten kunnen over speciale
compartimenten beschikken (vak voor
verse etenswaar, nul graden-vak,...).
Indien niet anders gespeciceerd in
het betreende productboekje
kunnen deze compartimenten
verwijderd worden en blijven daarbij
vergelijkbare prestaties behouden.
C-pentaan wordt gebruikt als
blaasmiddel in het isolatieschuim en
is een licht ontvlambaar gas.
INSTALLATIE
Installatie en reparaties moeten
worden uitgevoerd door een
gespecialiseerd monteur, volgens
de instructies van de fabrikant en in
overeenstemming met de plaatse-
lijke veiligheidsvoorschriften.
Repareer of vervang geen enkel
onderdeel van het apparaat, behal-
ve als dit expliciet aangegeven
wordt in de gebruikershandleiding.
De installatie mag niet door kinde-
ren worden uitgevoerd. Tijdens het
installeren moeten kinderen er
vandaan worden gehouden. Houd,
tijdens en na de installatie, het
verpakkingsmateriaal (plastic
zakken, onderdelen van polys-
tyreen, enz.) buiten het bereik van
kinderen.
Het apparaat moet gehanteerd en
geïnstalleerd worden door twee of
meer personen. Gebruik bescher-
mende handschoenen bij het
uitpakken en installeren van het
apparaat.
Zorg dat u de vloer (bijv. parket)
niet beschadigt tijdens het
verplaatsen van het apparaat.
Installeer het apparaat op een
vloer of steun die sterk genoeg is
om het gewicht te kunnen hebben,
en op een plaats die geschikt is
voor grootte en gebruik.
Controleer na het uitpakken van
het apparaat of deze tijdens het
transport geen beschadigingen
heeft opgelopen. Neem in geval
van twijfel contact op met uw
leverancier of de dichtstbijzijnde
Whirlpool Consumentenservice.
Het apparaat moet worden
losgekoppeld van het
elektriciteitsnet, voordat u
installatiewerkzaamheden uitvoert.
Zorg er tijdens de installatie voor
dat het apparaat het netsnoer niet
beschadigt.
Om voor voldoende ventilatie te
zorgen, dient er aan beide
zijkanten en aan de bovenkant van
het apparaat ruimte vrijgelaten te
worden.
De afstand tussen de achterzijde
van het apparaat en de muur
achter het apparaat dient 50 mm
te bedragen, om contact met hete
oppervlakken te voorkomen. Bij
minder ruimte aan de achterzijde
neemt het energieverbruik van het
product toe.
Het apparaat alleen activeren als
de installatie is voltooid.
Wacht minstens twee uur alvorens
het apparaat in te schakelen, om
zeker te stellen dat het koelcircuit
volledig eciënt is.
Installeer het product niet in de
buurt van een warmtebron.
ELEKTRISCHE
WAARSCHUWINGEN
Om ervoor te zorgen dat de
installatie voldoet aan de geldende
veiligheidsvoorschriften moet er
een multipolaire schakelaar met
een afstand van minstens 3 mm
worden gebruikt en moet het
apparaat geaard worden.
Als de bijgeleverde stekker niet
geschikt is voor uw stopcontact
neem dan contact op met een
erkende monteur.
De stroomkabel moet lang genoeg
zijn om het apparaat, nadat dit is
ingebouwd in het meubel, te
kunnen aansluiten op het
stopcontact van de netvoeding.
Trek niet aan het netsnoer.
Vervang een beschadigde stroomka-
bel door een soortgelijk exemplaar.
De stroomkabel mag alleen worden
vervangen door een gespecialiseerd
technicus, in overeenstemming met
de aanwijzingen van de fabrikant en
in naleving van de geldende
veiligheidsnormen.
Neem contact op met een erkend
servicecentrum.
Voor apparaten voorzien van een
stekker, als de stekker niet geschikt
voor uw wandcontactdoos is,
contact opnemen met een
gekwaliceerde technicus.
Gebruik geen verlengkabels,
meervoudige stopcontacten of
adapters.
Gebruik het apparaat niet als het
netsnoer of de stekker beschadigd
is, als het apparaat niet goed werkt
of als het beschadigd of gevallen is.
Houd het snoer uit de buurt van
hete oppervlakken.
Als de installatie voltooid is, mogen
de elektrische onderdelen niet meer
toegankelijk zijn voor de gebruiker.
Raak het apparaat niet aan met
vochtige lichaamsdelen en gebruik
het niet op blote voeten.
REINIGING EN ONDERHOUD
Draag bij reiniging en onderhoud
beschermende handschoenen.
Het apparaat moet worden losge
-
koppeld van het elektriciteitsnet
voordat u onderhoudswerkzaamhe-
den uitvoert.
Gebruik geen stoomreinigers.
Gebruik op kunststof onderdelen,
binnen- en deurranden of afdichtin
-
gen geen schurende of agressieve
schoonmaakmiddelen zoals ruiten-
sprays, schurende reinigingsmidde-
len, brandbare vloeistoen, schoon-
maakwassen, geconcentreerde
schoonmaakmiddelen, bleekmidde-
len en reinigingsmiddelen die
aardolieproducten bevatten. Ge-
bruik geen papieren handdoeken,
schuursponsjes of ander hard
schoonmaakmateriaal.
6
CONFORMITEITSVERKLARING
Dit apparaat is ontworpen,
vervaardigd en gedistribueerd in
overeenstemming met de
veiligheidsvoorschriften van de
Europese Richtlijnen:
LVD 2004/35/EU, EMC 2014/30/EU en
RoHS 2011/65/EU.
MILIEUTIPS
VERWERKING VAN DE
VERPAKKING
De verpakking kan volledig gerecycled
worden, zoals door het recyclingssym
-
bool wordt aangegeven .
De diverse onderdelen van de
verpakking mogen daarom niet bij het
gewone huisvuil worden weggegooid,
maar moeten worden afgevoerd
volgens de plaatselijke voorschriften.
AFVALVERWERKING VAN
HUISHOUDELIJKE
APPARATEN
Bij het afdanken van het apparaat
dient u het onbruikbaar te maken
door de stroomkabel af te snijden en
de deuren en schappen te verwijderen
(indien aanwezig), zodat kinderen niet
in het apparaat kunnen klauteren en
vast komen te zitten.
Dit apparaat is vervaardigd van
recyclebaar
of herbruikbaar
materiaal. Dank het apparaat af in
overeenstemming met plaatselijke
milieuvoorschriften voor
afvalverwerking.
Voor meer informatie over
behandeling, terugwinning en
recycling van dit apparaat kunt u
contact opnemen met uw plaatselijke
instantie, de vuilnisophaaldienst of de
winkel waar u dit product hebt
gekocht.
Dit apparaat is voorzien van het
merkteken volgens de Europese
Richtlijn 2012/19/EU inzake
Afgedankte elektrische en
elektronische apparaten (AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit product
op de juiste manier als afval wordt
verwerkt helpt u mogelijke schadelijke
gevolgen voor het milieu en de
volksgezondheid te voorkomen, die
veroorzaakt zouden kunnen worden
door onjuiste verwerking van dit
product als afval.
Het symbool
op het product of
op de begeleidende documentatie
geeft aan dat dit apparaat niet als
huishoudelijk afval behandeld mag
worden, maar dat het ingeleverd moet
worden bij een speciaal
inzamelingscentrum voor de recycling
van elektrische en elektronische
apparatuur.
TIPS VOOR
ENERGIEBESPARING
Installeer het apparaat in een droge,
goed geventileerde ruimte, ver bij
eventuele warmtebronnen vandaan
(bijv. radiator, fornuis, etc.) en op een
plek die niet aan direct zonlicht wordt
blootgesteld. Gebruik indien nodig
een isolatieplaat.
Volg de installatie-instructies om
voldoende ventilatie te garanderen.
Door onvoldoende ventilatie aan de
achterzijde van het product neemt
het energieverbruik toe en neemt de
koeleciëntie af.
De binnentemperatuur van het
apparaat kan beïnvloed worden door
de omgevingstemperatuur, hoe vaak
de deur wordt geopend en de plaats
van het apparaat. Bij het instellen van
de temperatuur moet rekening
gehouden worden met deze factoren.
Beperk het openen van deuren tot
een minimum. Plaats diepgevroren
etenswaar die u wilt ontdooien in de
koelkast. De lage temperatuur van de
diepgevroren etenswaar koelt de
etenswaar in de koelkast.
Laat warme gerechten en dranken
eerst afkoelen voordat ze in het
apparaat geplaatst worden.
De positionering van de platen in de
koelkast heeft geen invloed op het
eciënte energiegebruik.
Deetenswaar dient zodanig op de
platen geplaatst te worden om voor
voldoende luchtcirculatie te zorgen
(de verschillende etenswaar dient
elkaar niet te raken en de afstand
tussen de etenswaar en de
achterwand moet behouden blijven).
U kunt de opslagcapaciteit voor
ingevroren etenswaar vergroten door
opslagmanden en, indien aanwezig,
de Stop Frost-plaat te verwijderen en
daarbij een vergelijkbaar
energieverbruik behouden.
Producten van een hoge
energieklasse zijn uitgerust met een
hoogrendementsmotor die langer
blijft werken, maar een laag
energieverbruik hebben. Maakt u zich
dus geen zorgen als de motor langere
tijd blijft werken.
Dit apparaat is ontworpen,
vervaardigd en gedistribueerd in
overeenstemming met de
voorschriften voor Ecodesign en
Energielabel van de EG-richtlijnen:
2009/125/EG en 2010/30/ EU.
NL
7
PRODUCT-
BESCHRIJVING
APPARAAT
Gids voor Gebruik en Verzorging
Koelkastcompartiment
1. Ventilator
2. Active Oxygen
3. Elektronisch bedieningspaneel/
verlichting
4. Schappen
5. Flessenrek
6. Koude zone (ideaal voor vlees en vis)
7. Typeplaatje met handelsnaam Naam
8. Ultra fresh crisper
9. Vochtregelaar
10. Ladenverdeler koelkast
11. Koelhouder (Anti-ethyleen lter)
12. Set om de deuren om te draaien
13. Deurvakken
14. Eierhouder
15. Vakhoogte essen
16. Deurafdichting
Diepvriescompartiment
16. Deurafdichtingen
17. Laden vriesvak
18. Schappen
19. Easy ice
20. Onderste lade: koudste zone ideaal voor
het invriezen van verse levensmiddelen
5
16
8
13
15
14
7
2
9
6
4
10
11
12
1
17
20
18
19
3
BEDIENINGSPANEEL
1. Led-controlelampjes
(voor het weergeven van de huidige
temperatuurwaarde of de functie Super
Koelen)
2. Knop Aan/Stand-by / Temperatuurknop
2
1
8
DEUR
OMKEREN VAN DE DEUR Opmerking: De richting waarin de deur opengaat kan
worden veranderd. Indien deze actie wordt uitgevoerd
door Consumentenservice valt dit niet onder de
garantie.
Het wordt aanbevolen om de scharnierzijde van de
deur met twee personen om te keren.
Volg de instructies in de Installatiegids.
Alle schappen, kleppen en schuifmandjes zijn
uitneembaar.
De Ventilator verbetert de temperatuurverdeling in
het product, waardoor de levensmiddelen beter
geconserveerd worden.
De ventilator is standaard ingeschakeld. Geadviseerd
wordt de ventilator ingeschakeld te laten als u
waterdruppels op de glasplaten ziet of onder zeer
vochtige omstandigheden.
Het is raadzaam om de ventilator uit te schakelen bij
extreem koude kamertemperatuur (d.w.z. 10°C).
Vergeet niet dat als de ventilator is ingeschakeld, deze
niet continu zal werken.
De ventilator start/stopt met werken afhankelijk van
de temperatuur en/of de vochtigheidsgraad in het
product.
Het is dus helemaal normaal als de ventilator niet
werkt, ook al is hij ingeschakeld.
Zie de meegeleverde Snelle handleiding voor het
inschakelen of uitschakelen van deze functie.
Opmerking: Blokkeer het gebied van de luchtinlaat
niet met levensmiddelen.
Het ontdooien van het koelvak vindt volledig
automatisch plaats.
De aanwezigheid van waterdruppels op de
achterwand aan de binnenkant van de koelkast geeft
aan dat de automatische ontdooifase bezig is.
Hetdooiwater loopt automatisch weg in een
afvoeropening en vervolgens in een bak, waar het
verdampt.
SCHAPPEN
VENTILATOR
IJSVRIJ KOELKAST
COMPARTIMENT
KOELKAST
VERLICHTING
Het verlichtingssysteem in het koelkastcompartiment
maakt gebruik van Led-verlichting voor een betere
verlichting en een zeer laag energieverbruik.
Als het systeem met ledverlichting niet werkt, contact
opnemen met de Consumentenservice om het te
laten vervangen.
Belangrijk: De binnenverlichting van het
koelkastcompartiment gaat branden wanneer de deur
van de koelkast geopend wordt. Als de deur langer
dan 4 minuten geopend blijft, wordt de verlichting
automatisch uitgeschakeld.
NL
9
ACCESSOIRES
EIERHOUDER KOELHOUDER FLESSENREK
LADENVERDELER KOELKAST EASY ICE
Het vriesvak moet een of tweemaal per jaar of als de
ijslaag te dik geworden is (3 mm dik) ontdooid
worden. De vorming van ijs is normaal.
De hoeveelheid en de mate waarin het ijs zich
ophoopt hangt af van de omstandigheden in de
ruimte en hoe vaak de deur geopend wordt.
Om de vriezer te ontdooien, het apparaat uitschakelen
en alle levensmiddelen verwijderen.
Laat de deur van de vriezer open, zodat het ijs kan
smelten.
Voor apparaten zoals afgebeeld
hoeft u alleen de waterafvoer naar
buiten te trekken en er een bak
onder te zetten.
Na aoop van de handeling, de
waterafvoer weer op zijn plaats zetten.
Maak de binnenkant van het vriesvak schoon.
Goedafspoelen en afdrogen.
Schakel het apparaat weer in en leg de levensmiddelen
terug.
HET VRIESVAK
ONTDOOIEN
10
EERSTE GEBRUIK
INSTALLATIE
GEBRUIK VAN
HET APPARAAT
Nadat de stekker in het stopcontact is gestoken,
begint het apparaat automatisch te werken.
Wacht nadat u het apparaat heeft ingeschakeld,
minstens 4-6 uur voordat u levensmiddelen in het
apparaat legt.
Het apparaat wordt normaal in de fabriek ingesteld op
de aanbevolen medium temperatuur.
Voor details over het instellen van de temperatuur -
zie de SnelleReferentiegids.
Opmerking: De weergegeven temperatuurinstelling
komt overeen met de gemiddelde temperatuur in de
hele koelkast
Wanneer het apparaat wordt aangesloten op de
netvoeding wordt het display verlicht en worden alle
pictogrammen gedurende circa 1 seconde
weergegeven. De standaardwaarden
(fabriekswaarden) van de instellingen van de koelkast
lichten op.
IN WERKING STELLEN VAN HET APPARAAT
EEN APPARAAT INSTALLEREN
Om voor voldoende ventilatie te zorgen, dient er aan
beide zijkanten en aan de bovenkant van het apparaat
ruimte vrijgelaten te worden.
De afstand tussen de achterzijde van het apparaat en
de muur achter het apparaat dient minimaal 50 mm te
bedragen.
Bij minder ruimte aan de achterzijde neemt het
energieverbruik van het product toe.
TEMPERATUURINSTELLING
50mm
50mm
NL
11
DE OPSLAGRUIMTE VAN DE VRIEZER VERGROTEN het verwijderen van de opslagmanden, voor het
opslaan van grote producten.
de voedselproducten rechtstreeks op de schappen
van de vriezer leggen.
het verwijderen van extra verwisselbare accessoires.
DAGELIJKS GEBRUIK
Het luchtuitlaatgebied (aan de achterwand en aan
de onderkant in het product) niet blokkeren met
voedingsmiddelen.
Alle schappen en schuifmandjes zijn uitneembaar.
De binnentemperatuur van het apparaat kan
beïnvloed worden door de omgevingstemperatuur,
hoe vaak de deur wordt geopend en de plaats van
het apparaat. Bij het instellen van de temperatuur
moet rekening gehouden worden met deze factoren.
Tenzij anders gespeciceerd zijn de accessoires van
het apparaat niet geschikt voor een vaatwasser.
FUNCTIES
Deze functie dient om de koelkast Aan
of in Stand-by te zetten. Om het
product in Stand-by te zetten, houdt u
de knop On/Stand-by 3 seconden
ingedrukt.
Alle temperatuurcontrolelampjes
worden uitgeschakeld.
Als het apparaat in Stand-by staat,
werkt de binnenverlichting van de
koelkast niet.
Bedenk wel dat het apparaat op deze
manier niet van de elektrische voeding
wordt afgekoppeld.
Om het apparaat weer in te schakelen
drukt u op de knop Aan/Stand-by .
Het gebruik van deze functie wordt
aanbevolen als u zeer veel
levensmiddelen in de koelkast en
diepvriescompartimenten plaatst.
Met de functie Super Koelen is het
mogelijk de koelcapaciteit in de koelkast
en vriescompartimenten te verhogen.
Opmerking: De functie Super Koelen
moet ook op AAN worden gezet voordat
u vers voedsel in het vriesvak zet, om de
vriescapaciteit zo groot mogelijk te
maken.
AAN/STANDBY
SUPER KOELEN
VERWIJDEREN VAN DE VRIESLADECONTAINER
Open de vriezerdeur
De bovenste container aan de rechter en linker
hoeken naar boven trekken (1)
De lade verwijderen (2)
1
2
De bovenste container in de omgekeerde volgorde
installeren
12
Door kleine hoeveelheden ozon af te
geven, is het met deze functie mogelijk
om de verspreiding van bacteriën en
micro-organismen in de koellade en het
ontstaan van vieze geuren te beperken.
De hoeveelheid ozon die afgegeven
wordt door de inrichting is echt heel
miniem en wordt snel opgebruikt door
de bacteriewerende werking.
Druk op de toets "Active Oxygen" (zie
de afbeelding) om de functie in- en uit
te schakelen.
Wanneer de functie geactiveerd is, zal
een gekleurd lampje oplichten op de
inrichting in de koellade, in functie van
de volgende cyclische karakteristieken:
- Groen lampje: fase ozonafgifte
- Blauw lampje: fase bacteriewerende
en antigeurwerking (zonder
ozonafgifte).
Druk op de toets "Active Oxygen" (zie
de afbeelding) om de functie uit te
schakelen.
Opmerking: wanneer de functie Actieve
Zuurstof geactiveerd is, kan een licht
geurtje waargenomen worden in de
koellade (dezelfde geur die soms een
storm vergezeld, omwille van de ozon
geproduceerd door de bliksem): dit is
volkomen normaal.
Opmerking: Door de uitschakeling van
deze functie wordt het energieverbruik
geoptimaliseerd.
ACTIVE OXYGEN
Bepaalde groenten en fruit maken
ethyleen aan, als natuurlijk onderdeel
van hun rijpingscyclus . Andere
groenten en fruit zijn zeer gevoelig voor
de aanwezigheid van ethyleen, maar
kunnen de ethyleen al dan niet zelf
produceren. Koelhouder onderhoudt
een langere houdbaarheid met betere
kwaliteit van de levensmiddelen en
frissere bederfelijke waren, doordat het
ethyleengas dat voortijdige rijping en
verval veroorzaakt wordt verwijderd.
Een hoge relatieve vochtigheid is goed
voor de meeste bederfelijke
levensmiddelen, maar condensatie is
dat niet. Koelhouder verwijdert
bovenmatige condensatie, die zorgt
voor schimmels, meeldauw en
bacteriologische groei op voedsel.
Koelhouder voorkomt ook het
overbrengen van geuren en biedt een
ideale omgeving in de koelkast.
Koelhouder is een 100% natuurlijk
anorganisch mineraal en behoudt haar
volledige goede werking voor meerdere
jaren.
Gezien het stof en de vochtigheid rond
de Koelhouder tijdens het normale
gebruik van de koelkast is het raadzaam
om de Koelhouder regulier elke 6
maanden te reviseren, voor een volledig
goede werking. Reviseren is een proces
van reinigen van de zak van de
Koelhouder met een stofzuiger en
vervolgens ongeveer 6 uur in het
zonlicht zetten of een uur in een oven
op 80 ˚C. Voor het behouden van de
maximale eectiviteit en het opslaan
van de prestaties moet worden
voorkomen dat de Koelhouder in
aanraking komt met stof, olie of andere
vloeistoen. Een dergelijke aanraking
met deze materialen zal leiden tot
vermindering of volledig verlies van de
eectiviteit van de Koelhouder
mineralen en moet het mogelijk
worden vervangen door een nieuwe.
KOELHOUDER
NL
13
Het alarmsymbool gaat knipperen en
het akoestisch alarm klinkt. Het alarm
wordt geactiveerd als de deur langer
dan 2 minuten open blijft staan.
Om de deuralarmen uit te schakelen de
deur sluiten en eenmaal op de toets
Alarmstop drukken om het
geluidsalarm te stoppen.
ALARM DEUR OPEN
VOCHTGESTUURDE CRISPER
De salade crispers die in de koelkast zijn gemonteerd
zijn speciaal ontworpen om fruit en groenten fris en
knapperig te houden. Open de vochtregelaar (positie
B) voor het opslaan van voedsel in een minder
vochtige omgeving, zoals fruit, of sluit het (positie A)
voor het opslaan van voedsel in een vochtiger
omgeving, zoals groente.
A
B
EASY ICE
Het dubbele bad is ontworpen om de ruimte in het
vriesvak te optimaliseren en om ervoor te zorgen dat
het ijs altijd klaar voor gebruik is. De laden kunnen
worden gestapeld of gevuld en afzonderlijk worden
gebruikt.
14
KOELVAK
De koelkast is de ideale opslagplek voor kant-en-klare
maaltijden, verse en geconserveerde voedingswaren,
zuivelproducten, groente/fruit en dranken.
VENTILATIE
De natuurlijke circulatie van lucht in het koelvak
resulteert in zones met verschillende temperaturen.
Het koudste gedeelte bevindt zich direct boven de
crisperlade voor groente en fruit en bij de
achterwand. Het warmste gedeelte bevindt zich
bovenaan de voorzijde van het koelvak.
Onvoldoende ventilatie resulteert in een hoger
energieverbruik en lagere koelprestaties.
De luchtslots niet met voedsel bedekken - ze zijn
geoptimaliseerd voor goede luchtcirculatie en
voedselbewaring.
TIPS VOOR OPSLAG VAN LEVENSMIDDELEN
OPSLAAN VAN VERSE ETENSWAAR EN DRANKEN
› Gebruik houders van recyclebaar plastic, metaal,
aluminium en glas, of wikkel de levensmiddelen in
folie.
› Gebruik altijd afsluitbare houders voor vloeistoen
en etenswaar die geuren of smaken kunnen afgeven
of opnemen, of dek de vloeistoen of etenswaar af.
› Levensmiddelen die een grote hoeveelheid
ethyleengas afgeven en de levensmiddelen die
gevoelig zijn voor dit gas, zoals fruit, groenten en
salade, moeten altijd worden zodanig worden
gescheiden of verpakt dat de houdbaarheid niet
achteruit gaat; bijvoorbeeld geen tomaten samen met
kiwi's of kool bewaren.
› Bewaar verschillende etenswaar niet te dicht bij
elkaar om voor voldoende luchtcirculatie te zorgen.
› Om te voorkomen dat essen omvallen, kunt u
gebruik maken van de essenhouder.
› Indien u een kleine hoeveelheid etenswaar in de
koelkast opslaat, raden wij aan de platen boven de
crisperlade voor groente en fruit te gebruiken,
aangezien dit de koelste plek in het koelvak is. Let er
op dat de luchtslots niet door het voedsel worden
afgesloten.
› Let er op dat de luchtslots niet door het voedsel
worden afgesloten.
DE JUISTE PLEK VOOR VERSE ETENSWAAR
ENDRANKEN
› Op de schappen van de koelkast: kant-en-klare
maaltijden, tropisch fruit, kazen, delicatessen.
› Op de koelste plek (boven de crisperlade voor fruit
en groenten): vlees, vis, vleeswaren, gebak
› In de crisperlade voor fruit en groenten: fruit, sla,
groente.
› In de deur: boter, jam, sauzen, augurken, blikjes,
essen, drankkartons, eieren.
NL
15
GEMATIGDE ZONE Aanbevolen
voor het bewaren van tropisch
fruit,blikjes, dranken, eieren,
sauzen, augurken, boter, jam.
KOUDE ZONE Aanbevolen voor
het bewaren van kaas, melk,
dagelijks voedsel, delicatessen,
yoghurt.
KOUDSTE ZONE Aanbevolen
voor het bewaren van vleeswaren,
desserts.
FRUIT & GROENTELADE
LADE DIEPVRIESGEDEELTE
((MAX KOELZONE) Aanbevolen
voor het invriezen van verse/
gekookte levensmiddelen.
NORMALE DIEPVRIESLADEN
Waarschuwing
De grijsschakering van de legenda
komt niet overeen met de kleur
van de laden
Legenda
16
TIPS VOOR HET INVRIEZEN EN BEWAREN VAN
VERSE LEVENSMIDDELEN
› Wij raden aan om de bevroren levensmiddelen van
een etiket en datum te voorzien. Door een label aan te
brengen, kunt u levensmiddelen makkelijker
herkennen en weet u wanneer deze gebruikt moet
worden voordat de kwaliteit ervan afneemt. Vries
ontdooide levensmiddelen niet opnieuw in.
› Voor het invriezen de verse levensmiddelen wikkelen
en luchtdicht verpakken in: aluminiumfolie, plastic
folie, lucht- en waterdichte plastic zakken, polytheen
containers met deksel of diepvriescontainers die
geschikt zijn voor het invriezen van verse
levensmiddelen.
› Het voedsel moet vers, rijp en van uitstekende
kwaliteit zijn voor het verkrijgen van een hoge
kwaliteit bevroren voedsel.
› Verse groenten en fruit moeten bij voorkeur zo snel
mogelijk worden bevroren, zodra ze zijn uitgekozen,
om de volledige oorspronkelijke voedingswaarde,
consistentie, kleur en smaak te bewaren. Enkele
vleessoorten (vooral wild) moet worden opgehangen
voordat dit wordt ingevroren.
› Warm voedsel altijd laten afkoelen voordat het in de
vriezer wordt geplaatst.
› Volledig of gedeeltelijk ontdooid voedsel meteen
opeten.
Vries ze niet opnieuw in, tenzij het voedsel na het
ontdooien gekookt is. Nadat het gekookt is, mag het
opnieuw worden ingevroren.
› Geen essen met vloeistof invriezen.
› Gebruik de functie Super Koelen om het koel- of
vriesproces te versnellen (zie Snelle Handleiding).
DIEPGEVROREN ETENSWAAR: WINKELTIPS
Bij de aankoop van diepvriesproducten moet u op de
volgende punten letten:
› Let op dat de verpakking niet beschadigd is
(bevroren voedsel in beschadigde verpakkingen kan
achteruit gaan). Indien de verpakking bol staat of
vochtplekken heeft, werd het mogelijk niet bij
optimale omstandigheden bewaard en het ontdooien
is mogelijk al begonnen.
› Koop tijdens het winkelen bevroren voedsel aan het
einde van uw trip en vervoer het in een thermisch
geïsoleerde koeltas.
› Bij thuiskomst het bevroren voedsel onmiddellijk in
de vriezer leggen.
› Als het voedsel ook maar gedeeltelijk is ontdooid
niet opnieuw invriezen. Consumeer binnen 24 uur.
› Temperatuurschommelingen voorkomen of tot een
minimum beperken. Respecteer de vervaldatum op
de verpakking.
› Altijd kijken naar de opslaginformatie op de
verpakking.
DIEPVRIESCOMPARTIMENT
De vriezer is de ideale opslagplaats voor het opslaan
van ingevroren levensmiddelen, het maken van
ijsblokjes en het invriezen van verse levensmiddelen
in het vriesvak.
De maximale hoeveelheid verse levensmiddelen die in
24 uur kan worden ingevroren wordt aangegeven op
het typeplaatje (kg/24h).
Wanneer u een kleine hoeveelheid voedsel heeft om
in de vriezer te bewaren is het aan te bevelen om de
koudste gedeeltes van uw diepvriescompartiment te
gebruiken, het onderste gebied.
NL
17
VLEES
maanden
STOOFVLEES
maanden
FRUIT
maanden
Rundvlees 8 - 12 Vlees, gevogelte 2 - 3 Appels 12
Varkensvlees,
kalfsvlees
6 - 9
ZUIVELPRODUCTEN
Abrikozen 8
Lamsvlees 6 - 8 Boter 6 Bramen 8 - 12
Konijnenvlees 4 - 6 Kaas 3 Zwarte/rode bessen 8 - 12
Gehakt/Orgaanvlees 2 - 3 Room 1 - 2 Kersen 10
Worstjes 1 - 2 IJs 2 - 3 Perziken 10
GEVOGELTE
Eieren 8 Peren 8 - 12
Kip 5 - 7
SOEP EN SAUZEN
Pruimen 10
Kalkoen 6 Soep 2 - 3 Frambozen 8 - 12
Eetbare organen
gevogelte
2 - 3 Jus 2 - 3 Aardbeien 10
KREEFTACHTIGEN
Pastei 1 Rabarber 10
Weekdieren, kreeft 1 - 2 Ratatouille 8 Vruchtensap
(sinaasappelsap,
citroensap,
grapefruitsap)
4 - 6
Krab, kreeft 1 - 2
GEBAK EN BROOD GROENTE
SCHAALDIEREN
Brood 1 - 2 Asperges 8 - 10
Oesters, zonder schaal 1 - 2 Taart (normaal) 4 Basilicum 6 - 8
VIS
Gateaux (gebak) 2 - 3 Bonen 12
"vette vissoorten"
(zalm, haring, makreel)
2 - 3 Crêpes 1 - 2 Artisjok 8 - 10
"magere vissoorten"
(tong)
3 - 4 Ongebakken gebak 2 - 3 Broccoli 8 - 10
Quiche 1 - 2 Spruiten 8 - 10
Pizza 1 - 2 Bloemkool 8 - 10
Wortelen 10 - 12
Selderij 6 - 8
Paddenstoelen 8
Peterselie 6 - 8
Pepers 10 - 12
Erwten 12
Pronkbonen 12
Spinazie 12
Tomaten 8 - 10
Courgette 8 - 10
BEWAARTIJD
VAN BEVROREN LEVENSMIDDELEN
18
AFWEZIGHEID/VAKANTIE Bij langere afwezigheid wordt aanbevolen
levensmiddelen te consumeren en het apparaat te
ontkoppelen om energie te besparen.
VERHUIZEN
STROOMUITVAL
Als de stroom uitvalt,dient u zich tot het plaatselijke
elektriciteitsbedrijf te wenden om te vragen hoe lang
de stroomuitval zal duren.
Opmerking: Houd er rekening mee dat een vol vriesvak
langer koud blijft dan een halfvol vak.
Als er op de voedingsmiddelen ijskristallen zichtbaar
zijn, kunnen ze zonder enig risico opnieuw worden
ingevroren, ook al zullen de smaak en het aroma
waarschijnlijk anders zijn.
Wanneer de levensmiddelen duidelijk in een slechte
staat verkeren, kunt u deze beter weggooien.
Als de stroomuitval korter dan 24 uur duurt.
Houd de deur van het apparaat gesloten. Op deze
manier blijven de levensmiddelen in de koelkast zo
lang mogelijk koud.
Als de stroomuitval langer dan 24 uur duurt.
Haal alle bevroren levensmiddelen uit het vriesvak en
zet deze in een draagbare vriezer. Als dit type vriezer
niet voorhanden is en als er geen pakken kunstijs
beschikbaar zijn, probeer dan de levensmiddelen die
het snelst bederven te consumeren.
Maak de easy ice leeg.
AANBEVELINGEN WANNEER HET
APPARAATNIET WORDT GEBRUIKT
1. Haal alle uitneembare elementen uit het apparaat.
4. Sluit de deur en plak deze met plakband dicht
en plak ook de voedingskabel met plakband aan
het apparaat vast.
2. Verpak ze zorgvuldig en zet ze aan elkaar vast met
plakband om te voorkomen dat ze tegen elkaar
klapperen of kwijtraken.
3. Schroef de stelvoetjes zodanig aan dat ze het
steunvlak niet raken.
NL
19
ONDERHOUD
EN REINIGING
› Reinig het apparaat regelmatig met een doek en een
oplossing van lauw water en een neutraal
schoonmaakmiddel, speciaal voor de binnenkant van
koelkasten.
› Reinig regelmatig de buitenkant van het apparaat en
de deurafdichting met een vochtige doek en droog
het met een zachte doek.
› De condensor aan de achterkant van het apparaat
moet regelmatig met behulp van een stofzuiger
worden schoongemaakt.
Belangrijk:
› De toetsen en het display van het bedieningspaneel
mogen niet gereinigd worden met middelen op basis
van alcohol of daarvan afgeleide stoen; gebruik in
plaats daarvan een droge doek.
› De buizen van het koelsysteem zitten in de buurt van
de ontdooibak en kunnen heet worden. Maak ze
regelmatig schoon met een stofzuiger.
Om de constante en correcte afvoer van het
dooiwater te garanderen, regelmatig het afvoergaatje
op de achterwand van het koelvak, in de buurt van de
groente- en fruitlade, schoonmaken met behulp van
het bijgeleverde gereedschap.
Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
Gebruik geen reinigings- of schuurmiddelen.
Maak de onderdelen van de koelkast nooit
schoon met licht ontvlambare vloeistoen.
Gebruik geen stoomreinigers.
De toetsen en het display van het
bedieningspaneel mogen niet gereinigd worden
met middelen op basis van alcohol of daarvan
afgeleide stoen; gebruik in plaats daarvan een
droge doek.
WAARSCHUWING
WAARSCHUWING
20
HANDLEIDING VOOR
PROBLEEMOPLOSSING EN
CONSUMENTENSERVICE
VOORDAT U DE CONSUMENTENSERVICE BELT...
De problemen bij het gebruik worden vaak veroorzaakt
door kleinigheden die u zelf kunt opsporen en
verhelpen, zonder dat hiervoor gereedschap nodig is.
Geluiden afkomstig van het apparaat zijn normaal,
omdat er een aantal ventilatoren en motoren voor het
regelen van prestaties aanwezig zijn die automatisch
worden in- en uitgeschakeld.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN KUNNEN
WORDEN VERMINDERD DOOR MIDDEL VAN:
› Optillen van het apparaat en op een egaal oppervlak
installeren.
› Scheiden en vermijden van contact tussen het
apparaat en meubilair.
› Controleren of de interne onderdelen correct zijn
geplaatst.
› Controleren of de essen en houders niet tegen
elkaar komen.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN DIE U
ZOUKUNNEN HOREN
Een sisgeluid bij het voor de eerste
keer of na een lange pauze
inschakelen van het apparaat.
Een borrelgeluid wanneer koelmiddel
de leidingen instroomt.
BRRR geluid van de compressor die
loopt.
FUNCTIONELE GELUIDEN
Een zoemgeluid wanneer de
waterklep of de ventilator begint
tewerken.
Een kraakgeluid wanneer de
compressor start.
De KLIK is van de thermostaat die
afstelt hoe vaak de compressor draait.
NL
21
HANDLEIDING VOOR
PROBLEEMOPLOSSING
Probleem Mogelijke oorzaken Oplossing
HET APPARAAT WERKT NIET Er kan een probleem zijn met de
stroomtoevoer naar het apparaat
zijn.
› Controleer of het netsnoer
met de juiste spanning in een
stopcontact zit.
› Controleer de beveiligingen
en zekeringen van het
elektrische systeem in uw huis
ER ZIT WATER IN DE
ONTDOOIBAK
Dit is normaal bij heet, vochtig
weer. De bak kan zelfs tot
halverwege gevuld raken.
› Zorg ervoor dat het apparaat
op niveau is, zodat het water
niet kan overlopen.
DE RANDEN VAN HET
APPARAAT DIE IN CONTACT
MET DE DEURAFDICHTING
KOMEN ZIJN WARM BIJ
AANRAKING
Dit is geen defect.
Dit is normaal bij een warm
klimaat en als de compressor in
werking is.
HET LAMPJE WERKT NIET Het lampje moet mogelijk
vervangen worden.
Het apparaat kan in Aan/Stand-by
modus staan
› Controleer of de beveiligingen
en zekeringen van het
elektrische systeem in uw huis
goed werken.
› Controleer of het netsnoer
met de juiste spanning in een
stopcontact zit
› Mochten de Leds gebroken
zijn moet de gebruiker de
Servicedienst bellen om ze voor
hetzelfde type om te wisselen,
dat alleen te verkrijgen is bij
onze Servicecentra of bij
erkende dealers.
DE MOTOR LIJKT TE LANG IN
WERKING TE BLIJVEN
De tijd dat de motor draait hangt
van verschillende factoren af: het
aantal keren dat de deur wordt
geopend, de hoeveelheid
levensmiddelen die in de koelkast
wordt bewaard, de
kamertemperatuur en de
instelling van de thermostaten.
› Zorg ervoor dat controles van
het apparaat correct zijn
ingesteld.
› Controleer of er is niet een
grote hoeveelheid voedsel aan
het apparaat is toegevoegd.
› Controleer of de deur niet te
vaak geopend is.
› Controleer of de deur goed
gesloten is.
22
DE TEMPERATUUR VAN HET
APPARAAT IS TE HOOG
Er kunnen verschillende oorzaken
(Zie 'Oplossingen')
› Zorg ervoor dat de condensor
(achter het apparaat) vrij is van
stof en pluizen.
› Zorg ervoor dat de deur goed
gesloten is.
› Zorg ervoor dat de
deurafdichtingen goed
vastzitten.
› Op warme dagen of als het in
de kamer warm is draait de
motor natuurlijk langer.
› Als de deur van het apparaat
een tijdje open is geweest of als
er grote hoeveelheden voedsel
zijn opgeslagen zal de motor
langer lopen, om de
binnenkant van het apparaat af
te laten koelen..
DE DEUREN GAAN NIET
GOED OPEN EN DICHT
Er kunnen verschillende oorzaken
(Zie 'Oplossingen')
› Controleer of de
voedselpakketten niet de deur
blokkeren.
› Controleer of de interne
onderdelen of de automatische
ijsmaker niet uit positie zijn.
› Controleer of de
deurafdichtingen niet vuil of
kleverig zijn.
› Controleer of het apparaat op
niveau is.
NL
23
CONSUMENTENSERVICE
VOORDAT U DE
CONSUMENTENSERVICE BELT
ALS NA HET UITVOEREN VAN DEZE CONTROLES DE
STORING NOG STEEDS AANWEZIG IS, CONTACT
OPNEMEN MET DE DICHTSTBIJZIJNDE
CONSUMENTENSERVICE
1. Controleer of u het probleem zelf kunt oplossen
aan de hand van de punten die beschreven zijn in
OPSPOREN VAN STORINGEN”.
Bel voor assistentie het nummer dat in het
garantieboekje staat, of volg de instructies
opdewebsite www.whirlpool.eu
Vermeld altijd:
•een korte beschrijving van de storing;
•het type en het exacte model van het apparaat;
• het servicenummer (nummer na het woord Service
op het typeplaatje). Het servicenummer staat ook in
het garantieboekje;
•uw volledige adres;
• uw telefoonnummer.
Wend u tot een erkend Servicecentrum indien
reparatie noodzakelijk is (alleen dan heeft u
zekerheid dat originele vervangingsonderdelen
worden gebruikt en de reparatie correct wordt
uitgevoerd).
2. Het apparaat aan- en uitzetten om te
controleren of het probleem is opgelost
Fabrikant:
Whirlpool Europe S.r.l. - Socio Unico
Viale Guido Borghi 27
21025 Comerio (VA)
Italië
24
2
1
6
c
5
1x 1x4x
c
a
b
c
C
A
B
1x
D
50mm
c
a
c
a
c
3
2
b
4
NL
25
12
15
10
9
B
b
A
B
b
11
b
D
13
14
a
7
8
c
a
c
26
Whirlpool® is een geregistreerd handelsmerk van Whirlpool USA
400010852598
n
011
NL
1
2
2
1
1
2
45
o
1
2
1
45
o
1
2
3
1
2
3
1
2
34
56
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26

HOTPOINT/ARISTON H8 A2E SB H O3 Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor