Whirlpool GTE 275 Turbo A2+ Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
GEBRUIKSAANWIJZING
1
NL
SCHEMA VAN HET APPARAAT (Fig. 1)
A. Handgreep.
B. Veiligheidssluiting (indien aanwezig).
C. Afdichting.
D. Scheider (indien aanwezig).
E. Dop afvoerkanaal.
F. Bedieningspaneel.
G. Zijrooster afkoeling motor.
SCHEMA VAN HET BEDIENINGSPANEEL (Fig. 2)
1. Rood indicatorlampje: een knipperend lampje geeft een
alarmsituatie aan (zie paragraaf "HANDLEIDING VOOR
PROBLEEMOPLOSSING").
2. Geel indicatorlampje: als het lampje brandt, is de functie
Turbo Freeze ingeschakeld is (zie paragraaf "FUNCTIE
TURBO FREEZE").
3. Groene indicatorlampjes: geven aan dat het apparaat
in werking is, de ingestelde temperatuur en de eventuele
inschakeling van de functie Fast Freeze ("Shopping").
4. Programmeertoets: voor het aanpassen van de ingestelde
temperatuur en voor het in-/uitschakelen van de functies
Fast Freeze ("Shopping") en Turbo Freeze.
INSTALLATIE
Haal het apparaat uit de verpakking.
Verwijder de vier beschermdelen tussen de deur en het
apparaat. (Fig. 3)
Zorg ervoor dat de dop van het afvoerkanaal voor
dooiwater (indien aanwezig) correct gepositioneerd is (E).
Om de maximale prestaties te verkrijgen en schade te
voorkomen bij het openen van de deur van het apparaat,
dient een afstand van tenminste 7 cm van de achterwand
en 7 cm van de zijkanten te worden vrijgelaten. (Fig.4)
Breng de accessoires aan (indien aanwezig).
Reinig de binnenkant van het apparaat alvorens het te
gebruiken.
INSCHAKELEN VAN HET APPARAAT
Steek de stekker van het apparaat in het stopcontact.
Het groene indicatorlampje ("Normal") gaat branden.
Het rode indicatorlampje (1) knippert, omdat de temperatuur
in het apparaat nog niet laag genoeg is om er levensmiddelen
in te plaatsen. Dit indicatorlampje gaat normaal gesproken
binnen zes uur na het inschakelen van het apparaat uit.
Leg de levensmiddelen alleen in het apparaat als het rode
indicatorlampje gedoofd is.
Opmerking: de afdichting sluit de vriezer hermetisch af, dus
u kunt de deur van het apparaat niet onmiddellijk na sluiting
weer openen. Wacht enkele minuten voordat u de deur van
het apparaat opnieuw opent.
Dit apparaat beschikt over “skin condensor”-
technologie: de condensoreenheid is in de
wanden van de vriezer geïntegreerd. Om die
reden kunnen de zijkanten en voorzijde van het
product warm worden wanneer het product in
bedrijf is. Dit is normaal en vermindert het risico op
condensvorming bij zeer kritische omstandigheden
(zie de paragraaf “Opsporen van storingen”).
INSTELLEN VAN DE TEMPERATUUR
Stel de gewenste temperatuur in met toets (4).
Ga, om de temperatuur van het apparaat in te stellen, als volgt
te werk:
Druk meerdere malen op toets (4). Bij elke druk op de
toets wordt de ingestelde temperatuur bijgewerkt tussen
de waarden "Optimum", "Normal", "Max" en "Shopping".
Kies "Max" als u een lagere bewaartemperatuur wenst.
Als het apparaat slechts gedeeltelijk gevuld is, adviseren
wij u "Optimum" te kiezen om het energieverbruik te
optimaliseren.
De groene indicatorlampjes (3) geven de gekozen instelling
aan volgens het volgende schema:
Optimum: hoogste temperatuur
(linker indicatorlampje brandt).
Normal.: gemiddelde temperatuur
(rechter indicatorlampje brandt).
Max.: extra lage temperatuur
(beide indicatorlampjes branden).
Shopping: Snelvriezen
(beide indicatorlampjes branden).
Zie paragraaf "Invriezen van verse
levensmiddelen".
Opmerking: Als de stroom uitvalt, blijven de instellingen
(behalve die van de functie "Turbo Freeze") in het
geheugen staan. De tijd die de vriezer nodig heeft om
de ingestelde temperatuur te bereiken, hangt af van de
klimaatomstandigheden en de gekozen temperatuurinstelling.
FUNCTIE TURBO FREEZE
Met de functie Turbo Freeze kan de invriestijd van levensmiddelen
die in de bijgeleverd korf gelegd zijn met 50% verkort worden.
Om deze functie te gebruiken, gaat u als volgt te werk:
1) Zet de bijgeleverde korf aan de rechterkant van de sticker
die is weergegeven in de afbeelding.
2)
De korf is voorzien van een scheidingswand, waardoor er 2 zones
ontstaan. De kleinste zone van de korf (die onder de ventilator
geplaatst moet worden), moet leeg gelaten worden, om de
correcte werking van de ventilator mogelijk te maken. Leg de in te
vriezen levensmiddelen in de grootste zone van de korf (die in de
richting van de voorkant van het apparaat gezet moet worden).
3) Sluit de deur.
4)
Schakel de functie Turbo Freeze in door op het
bedieningspaneel de toets (4) gedurende ongeveer 3 seconden
ingedrukt te houden. Het gele indicatorlampje (2) gaat
branden. Als het gele indicatorlampje (2) brandt, is de functie
ingeschakeld. De functie wordt automatisch uitgeschakeld
nadat de tijd die nodig is om de levensmiddelen correct in te
vriezen verstreken is (ongeveer 6 uur).
Als het indicatorlampje Turbo Freeze uit gaat, is de functie niet
langer ingeschakeld en kunnen de levensmiddelen uit de korf
gehaald worden. Wanneer de functie wordt uitgeschakeld,
dooft het gele indicatorlampje (2) en wordt de eerder gekozen
temperatuursinstelling hersteld.
Opmerking:
- Wanneer de functie is ingeschakeld, is het normaal dat het
apparaat iets meer lawaai maakt.
- Na het inschakelen van de functie kan deze handmatig
worden uitgeschakeld door opnieuw de toets (4) gedurende
ongeveer 3 seconden ingedrukt te houden.
2
Sticker die de
plaats voor de korf
aangeeft
Plaats waar de
korf gezet moet
worden
Ventilator Turbo Freeze
Kleine zone van de korf
(alleen voor ventilator)
Interne scheidingswand van
de korf
Grote zone van de korf
(voor in te vriezen voedsel)
INVRIEZEN VAN LEVENSMIDDELEN
Klaarmaken van verse levensmiddelen om in te vriezen
Wikkel en verzegel de in te vriezen verse levensmiddelen
in: aluminiumfolie, plastic folie, lucht- en waterdichte
plastic zakken, polytheen containers met deksel die
geschikt zijn voor het invriezen van levensmiddelen.
De levensmiddelen moeten vers, rijp en van een zeer
goede kwaliteit zijn.
Verse groenten en fruit zo mogelijk direct na de oogst
invriezen, om de voedingsstoen, de consistentie, de
kleur en de smaak te behouden.
Laat warme levensmiddelen altijd afkoelen voordat u
ze in het apparaat legt.
Invriezen van verse levensmiddelen
Plaats de in te vriezen levensmiddelen direct tegen
de verticale wanden van het apparaat:
A) - in te vriezen levensmiddelen,
B) - reeds ingevroren levensmiddelen.
Plaats in te vriezen levensmiddelen niet direct tegen
al ingevroren levensmiddelen aan.
Voor beter en sneller invriezen raden wij u aan de
levensmiddelen in kleine pakjes te verdelen; dit
is ook nuttig op het moment van gebruik van het
ingevroren voedsel.
1. Schakel, minstens 24 uur voordat u verse
levensmiddelen invriest, de functie Fast Freeze
("Shopping") in door herhaaldelijk op de toets (4)
te drukken, totdat beide groene indicatorlampjes
(3) gaan knipperen.
2. Plaats de in te vriezen levensmiddelen in het
apparaat en houd de deur 24 uur lang gesloten.
Na verloop van die tijdsperiode kunnen de
levensmiddelen als ingevroren worden beschouwd.
De functie Fast Freeze ("Shopping") kan uitgeschakeld
worden door op toets (4) te drukken en een andere
temperatuursinstelling te kiezen.
Als de functie niet handmatig wordt uitgeschakeld, wordt
deze na ongeveer 50 uur automatisch uitgeschakeld,
waarbij de laatst gekozen instelling (die gedurende
minstens 1 minuut ingeschakeld is geweest) voordat de
instelling "Shopping" werd gekozen, wordt hersteld.
CONSERVERING VAN LEVENSMIDDELEN
Raadpleeg de tabel op het apparaat.
Indeling van de ingevrorenlevensmiddelen
Laad het diepgevroren voedsel en deel het in; het is
raadzaam de datum waarop het voedsel is ingevroren
te vermelden op de verpakkingen, om ervoor te zorgen
dat het voedsel gebruikt wordt binnen de vervaldatums
aangegeven in maanden in Fig. 6 voor elk type van
voedsel.
Tips voor het bewaren van diepvriesproducten
Wanneer u bevroren levensmiddelen koopt, zorg dan
dat:
De verpakking moet intact zijn, omdat voedsel
in beschadigde verpakkingen bedorven kan zijn.
Indien de verpakking bol staat of vochtplekken
heeft, werd het product mogelijk niet bij optimale
omstandigheden bewaard en is mogelijk al deels
ontdooid.
Diepvriesproducten moeten als laatste worden
gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd.
Plaats diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in
het apparaat.
Variaties in temperatuur moeten vermeden worden
of tot een minimum worden beperkt. Neem de
uiterste houdbaarheidsdatum op de verpakking in
acht.
Volg altijd de bewaarinstructies op de verpakking van
diepvriesproducten.
Opmerking:
Ontdooide of gedeeltelijk ontdooide
levensmiddelen moeten onmiddellijk worden
geconsumeerd. Vries ze niet opnieuw in, tenzij het
voedsel na het ontdooien gekookt is. Nadat het
levensmiddel gekookt is, mag het opnieuw worden
ingevroren.
Als de stroom gedurende langere tijd uitvalt:
Open de deur van de vriezer niet, behalve om de
vrieselementen (indien beschikbaar) boven op het
ingevroren voedsel aan de rechter- en linkerkant van
het apparaat te plaatsen. Op deze manier kunt u de
snelheid waarmee de temperatuur stijgt beperken.
3
ONTDOOIEN APPARAAT
Het apparaat moet ontdooid worden wanneer de laag
ijs op de wanden 5-6 mm dik geworden is.
Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
Haal alle levensmiddelen uit het apparaat en bewaar
ze op een koele plek of in thermisch isolerende
zakken.
Laat de deur van het apparaat openstaan.
Verwijder de binnendop van het afvoerkanaal voor
dooiwater (afhankelijk van model) (Fig. 8).
Verwijder de buitendop van het afvoerkanaal voor
dooiwater (afhankelijk van model) en plaats hem zoals
aangegeven op g. 8).
Gebruik de scheider (afhankelijk van model) in het
product voor het opvangen van resterend water (D),
zoals aangegeven in g. 8. Als er geen scheider is,
gebruik dan een ondiepe kom.
U kunt het ontdooien versnellen door met een spatel
het ijs op de wanden van het apparaat los te maken.
Verwijder het ijs van de bodem van het apparaat.
Gebruik, om onherstelbare schade aan de
binnenkant van het apparaat te voorkomen, geen
puntige of scherpe metalen voorwerpen om het ijs
te verwijderen.
Gebruik geen schuurmiddelen en verhit de
binnenkant niet kunstmatig.
Maak de binnenkant van het apparaat zorgvuldig
droog.
Plaats na het ontdooien de dop terug.
VERVANGEN VAN HET DEURLAMPJE (indien aanwezig)
Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
Verwijder de melkglazen kap door de stappen die op
afbeelding zijn aangegeven te volgen.
Draai het lampje los en vervang het door een
nieuw lampje met dezelfde spanning en hetzelfde
vermogen.
Breng de melkglazen kap weer aan en stop de stekker
weer in het stopcontact.
HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING
1. Het rode indicatorlampje knippert.
Is de stroom uitgevallen?
Heeft de ontdooiing plaatsgevonden?
Zit de deur van het apparaat goed dicht?
Is het apparaat in de buurt van een warmtebron
geplaatst?
Zijn het ventilatierooster en de condensor schoon?
2. Alle indicatorlampjes knipperen gelijktijdig.
Neem contact op met de Klantenservice.
3. Het apparaat maakt erg veel lawaai.
Staat het apparaat perfect waterpas?
Staat het apparaat tegen andere meubels of
voorwerpen die trillingen kunnen veroorzaken?
Is de verpakking van het onderstel van de vriezer
verwijderd?
Opmerking: Een zacht geluid dat veroorzaakt wordt door
de circulatie van het koelgas, ook nadat de compressor is
gestopt, moet als absoluut normaal beschouwd worden.
4. De indicatorlampjes zijn uit en het apparaat
werkt niet.
Is de stroom uitgevallen?
Zit de stekker goed in het stopcontact?
Is het netsnoer intact?
5. De indicatorlampjes zijn uit en het apparaat
werkt.
Neem contact op met de klantenservice.
6. De compressor werkt onafgebroken.
Heeft u warm voedsel in het apparaat gezet?
Heeft de deur van het apparaat lange tijd open
gestaan?
Is het apparaat in een te warme ruimte of in de
buurt van een warmtebron gezet?
Is de functie "Shopping" ingeschakeld? (groene
indicatorlampjes (3) knipperen) en/of de functie
Turbo Freeze (geel indicatorlampje brandt)?
7. Overmatige ijsvorming op de bovenste randen.
Zijn de doppen van het afvoerkanaal voor het
dooiwater correct geplaatst?
Zit de deur van het apparaat goed dicht?
Is de afdichting van de deur van het apparaat
beschadigd of vervormd? (Zie hoofdstuk
"Installatie")
Zijn de vier beschermdelen verwijderd? (Zie
hoofdstuk "Installatie")
8. Er vormt zich condens aan de buitenkant van het
apparaat.
Condensvorming is normaal onder
bepaalde klimatologische omstandigheden
(luchtvochtigheid hoger dan 85%) of als het
apparaat in een vochtig en slecht geventileerd
ruimte staat. Dit heeft echter geen negatieve
invloed op de prestaties van het apparaat.
9. De ijslaag op de binnenwanden van de vriezer is
niet overal even dik.
Dit is normaal.
CONSUMENTENSERVICE
Voordat u contact opneemt met de
Consumentenservice:
1. Ga na of u de storingen niet zelf kunt verhelpen.
2. Schakel het apparaat opnieuw in en controleer of
het probleem is opgelost. Indien niet, koppelt u
het apparaat los van de stroomtoevoer en wacht
ongeveer een uur voordat u het opnieuw inschakelt.
3. Indien het probleem aanhoudt na deze actie, neemt u
contact op met de Klantenservice.
Vermeld het volgende:
de aard van de storing,
het model,
het servicenummer (nummer achter het woord
SERVICE op het typeplaatje op de achterkant van het
apparaat),
uw volledige adres;
uw telefoonnummer en zonecode.
4
400011232647
1
3
4 5
1
2
3
4
2
6
8
9
CLASE/KLASSE
CLASSE/CLASS
°C °F
SN 10 - 32 50 - 90
N 16 - 32 61 - 90
ST 16 - 38 61 - 100
T 16 - 43 61 - 110
7
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4

Whirlpool GTE 275 Turbo A2+ Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding