Dometic RF60 (Type: A30-100C) Handleiding

Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

37
NL
Afbeelding 1
AE B C D
Opmerking:
De koelkast werkt zowel op netstroom, gelijkstroom of vloeibaar gas.
Met de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) kan de gewenste mogelijkheid
geselecteerd worden.
De keuzeschakelaar voor de energiebron (A) heeft vier standen: wisselstroom
netstroom (AC), gelijkstroom (DC - 12 V), gas (vloeibaar gas), O (uit).
Afbeelding 2
A. Keuzeschakelaar voor de energiebron D. Met de hand bediende aanmaakknop
B. Vlamsignalering (galvanometer) E. Deurslot
C. Thermostaat (gas/elektrisch)
Uit
AC
DC
Gas
A
38
1. Waarschuwingen en instructies
Deze waarschuwingen worden vanwege veiligheidsoverwegingen opgesomd.
Lees deze zorgvuldig voor het opstellen en het gebruik van het toestel door.
Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met
verminderde lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen of gebrek aan ervaring
en kennis, tenzij aan hen toezicht of instructie is gegeven, over het gebruik van het
apparaat, door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
Er moet worden opgelet dat kinderen niet spelen met het apparaat.
Ruikt u gaslucht:
- Draai dan het afsluitventiel van de gasleiding of van de gasfles dicht.
- Open de ramen en verlaat de ruimte.
- Zet geen elektrische apparatuur aan.
- Doof open vuur.
Elektrische montagewerkzaamheden bij het opstellen van het toestel moeten
door een hiervoor opgeleide elektricien uitgevoerd worden.
Wijziging van de specificaties of wat voor veranderingen dan ook aan het
product zijn gevaarlijk.
De absorptiekoelkast is uitdrukkelijk en uitsluitend voor het bewaren van
voedsel en drank ontworpen.
Het product beschikt over werkzame onderdelen die warm worden. Zorg voor
voldoende ventilatie, want de onderdelen van het toestel kunnen het anders
begeven en dan kan het voedsel bederven (zie de instructies onder punt 4
voor het opstellen van de eenheid).
Voor ontdooien, reinigen of onderhoudswerkzaamheden dient u zich ervan te
vergewissen dat het toestel uitgeschakeld is en van de netstroom
afgeschakeld is. Het gas moet altijd afgesloten worden.
Houdt u zich aan de instructies van de producent met betrekking tot het
bewaren van levensmiddelen. Zie de instructies onder punt 13 over het
bewaren van voedsel en drank.
Probeer onder geen enkele omstandigheid het toestel zelf te repareren. Door
niet competente personen uitgevoerde reparaties kunnen leiden tot
persoonlijke verwondingen en ernstige mankementen. Laat het product
onderhouden door een hiertoe bevoegde servicemonteur, waarbij alleen
maar originele onderdelen gebruikt mogen worden.
Open nooit de koeleenheid, want deze functioneert onder hoge druk.
Geachte klant,
Voordat u uw koelkast in bedrIjf neemt, dient u deze
gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen !
NL
39
2. Toepassingsbereik
In weg- en watervoertuigen mag het apparaat niet voor gastoepassing worden
geïnstalleerd!
Het gebruik van het apparaat met vloeibaar gas is alleen toegelaten in
goed geventileerde ruimten die een volume (lengte x breedte x hoogte)
hebben van tenminste 20m
3
en over een venster (dat geopend kan worden) of
een buitendeur beschikken. Het gebruik is bovendien toegelaten in openlucht.
Het gebruik in de openlucht betekent: ook tenten (voortenten), die tijdens het
bedrijf van het apparaat goed geventileerd zijn, alsmede terrassen op de
begane grond.
Elektrische toepassing is onbeperkt toegestaan.
De locatie dient in ieder geval tegen regen en spatwater te worden beschermd.
3. Het bewaren van gasflessen
Flessen met vloeibaar gas nooit op ongeventileerde plekken of onder het
maaiveld (trechtervormige kuilen in de aarde) bewaren. Beschermende
maatregelen tegen direct zonlicht nemen. De gasfles mag niet op meer dan
50°C worden verhit.
4. Plaatsing
Horizontaal op een gladde, vaste vloer of overeenkomstige ondergrond.
Desgewenst met waterpas of een met water gevuld reservoir richten.
De afstand tussen de achterkant van het apparaat en een begrenzing aan de
achterkant (muur) dient ten minste 10 cm te bedragen en aan de zijkant ten
minste 5 cm.
Standplaatsen in de volle zon en dicht bij warmtebronnen dienen te worden
voorkomen.
Ventilatiegleuven zowel aan de boven- en onderkant als aan de achterkant van
de koelkast ten behoeve van een goede luchtcirculatie van het koelaggregaat
vrijhouden.
Een goede, energiebesparende koelcapaciteit zal hiervan het gevolg zijn.
5. Reiniging
Voor de eerste inbedrijfstelling, later na het ontdooien of voor langdurige
bedrijfsonderbrekingen dient u het compartiment en het deksel met lauw water
en eventueel huishoudelijke reinigingsmiddelen schoon te maken. Gebruik in
geen geval schurende of bijtende middelen als additief. Gereinigde
oppervlakken met een zachte vaatdoek droogwrijven. De deurafdichting alleen
met schoon water reinigen en van tijd tot tijd met talkpoeder inwrijven.
NL
40
6. Toepassing met netstroom (AC)
Controleer of de netspanning en de gegevens van de bedrijfsspanning op het
typeplaatje overeenstemmen. (links in het binnenreservoir)
Bij overeenstemming dient u de geaarde stekker in het volgens de voorschriften
geïnstalleerde geaarde stopcontact te steken. In het buitenland kan vanwege
andere stopcontacten een adapter noodzakelijk zijn.
Inschakelen (Afb. 3)
- Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) in stand „AC”.
- Draai de knop van de elektrische/gas thermostaat (C) in de richting van de
wijzers van de knop tot aan de stand MAX. Pas na verloop van 1 uur wordt
de eenheid merkbaar koud (ijsvorming op de verdamper).
- De temperatuur kan met behulp van de elektrische/gas thermostaat
ingesteld worden: '0' = uit, de markering geeft een steeds koudere stand
aan.
- Nadat de koelkast goed is afgekoeld (ongeveer 5 uur) kan de thermostaat
op de laagste temperatuurstand (middelste stand) gezet worden. De
thermostaat reguleert hierna automatisch de ingestelde temperatuur.
Het toestel voldoet aan de vereisten betreffende de koelprestatie
overeenkomstig categorie EN/ISO 7371 en wel in het bereik van de
omgevingstemperatuur tussen ongeveer +16°C 32°C.
Uitschakelen (Afb. 3)
- Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) op stand '0'. (Het toestel is
compleet uitgeschakeld.)
- Draai de thermostaatknop (C) tegen de wijzers van de klok in op stand '0'.
7. Toepassing met batterijstroom (DC)
Gelijkstroomapparaten op 12V worden geleverd met draden met onbeklede
uiteinden. De uiteinden moeten verbonden worden met een klemmenstrook, die
op zijn beurt via een zekering (15A). In de stroomvoedingskabel tussen batterij
en koelkast moet in een kabel een zekering zijn of worden ingebouwd.
NL
Afbeelding
middelste stand
max
stand
A
C
41
Bij aansluiten van de apparaten met de aansluitpolen geen rekening te
worden gehouden.
Controleer of de batterijspanning en de weergegeven bedrijfsspanning op het
typeplaatje overeenstemmen.
Als er geen van het voertuig onafhankelijke batterij wordt gebruikt, mag de
koelkast uitsluitend tijdens het rijden worden gebruikt omdat bij stilstand van de
motor de accu zover kan worden ontladen, dat de motor van de auto bij het
starten niet meer aanspringt. Bij het gebruik met accu kan de koelkast-
temperatuur niet met de thermostaatknop worden geregeld.
Advies:
Voordat u begint te rijden dient u het apparaat via netstroom-toepassing voor te
koelen.
Inschakelen: (Afb. 4)
- Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) in stand „DC”.
Bij accustroom-toepassing kan de koelcapaciteit niet met thermostaat worden
geregeld, de knop C werkt dus niet. Als de knop C gedeactiveerd is, de
temperatuur in de koelkast echter te laag is:
Apparaat uitschakelen:
- Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) op stand '0'. (Het toestel is
compleet uitgeschakeld.)
8. Toepassing met vloeibaar gas
Het apparaat mag niet op stads- of aardgas worden aangesloten. Het is
uitsluitend geschikt voor propaan-/butaangas-toepassing.
NL
Max. kabellengte
Kabeldiameters Bij 12 V
2.5 mm
2
tot 2.5 m
4.0 mm
2
tot 4.0 m
6.0 mm
2
tot 6.0 m
Afbeelding 4.
A
42
Op het typeplaatje (zie achterwand van het apparaat) is de voorgeschreven
gasaansluitdruk in mbar vermeld (normdruk in Duitsland, Oostenrijk,
Zwitserland 50 mbar en in Nederland: 30 mbar). Het apparaat mag met geen
andere dan de op het typeplaatje vermelde druk worden toegepast. Er dient een
dienovereenkomstige drukregelaar te worden gebruikt.
9. Aansluiting van de koelkast op de gasfles (Afb. 6, 7)
Sluit de koelkast in deze volgorde aan:
gasfles
drukregelaar
gasslang
apparaat
Het kopstuk voor de gasaansluiting (D, fig. 6) is bedoeld voor slangaansluiting
volgens de Nederlandse voorschriften:
I. Uitvoering als aansluitopening met R 1/4 linkse schroefdraad voor het
bevestigen van een slang met kogelpenaansluiting, slangbuisje en
wartelmoer of
II. Uitvoering als nippel ter bevestiging van een voor dit doel goedgekeurde
rubberen slang en slangklembevestiging.
Opmerking bij I: om ervoor te zorgen dat bij het vastdraaien van de wartelmoer
een te hoge krachtoverbrenging op de aansluitopening van de koelkast wordt
voorkomen, moet de aansluitopening met een steeksleutel met sleutelmaat
13mm worden tegengehouden.
Controleer of er zowel in de gasflesaansluiting als in de drukregelaar een in
goede staat verkerende afdichting zit. Geen extra afdichtingen gebruiken!
Controleer of het ventiel van de drukregelaar gesloten is. Schroef de
drukregelaar met de hand, dus zonder gebruik van gereedschap, rechtsom in
de schroefdraad van de fles vast. Verbind de gasslang met het uiteinde van de
drukregelaar. Het andere uiteinde van de slang verbindt u met de box. U opent
nu het ventiel van de drukregelaar en controleert alle verbindingen op dichtheid
met behulp van het schuimvormend middel.
De aansluiting is dicht, als er op de verbindingspunten geen luchtbelletjes
ontstaan.
NL
Aansluitingen - en sleutel-wijdte
van de steeksleutel - op de
drukregelaarzijde zijn afhankelijk
van de uitvoering van de
drukregelaar; vraag hieromtrent
a.u.b. uw vak-handelaar
43
EEN DICHTHEIDSCONTROLE MET OPEN VLAM IS NIET TOEGESTAAN!
NIET ROKEN! ONTPLOFFINGS- EN VERBRANDINGSGEVAAR!
Bij een gasfleswissel en/of demontage van de slangleiding moet het kraantje op
de gasfles of drukregelaar steeds eerst worden gesloten.
Poreuze of beschadigde slangleidingen dienen door nieuwe te worden
vervangen.
10. Gasarmatuur (Afb. 1)
Bij het toestel hoort een gas/elektrische thermostaatknop (C) met ingebouwd
veiligheidscontrolesignaal, met ontstekingsbougie, een piëzo-gasontsteker (D)
en een vlamsignalering (galvanometer)(B).
De ontstekingsbeveiliging houdt de gastoevoer naar de brander automatisch
open zolang de vlam brandt, de gastoevoer worden automatisch afgesloten,
indien de vlam uitgaat.
11. Het ontsteken van de gasbrander (Afb. 5)
1. Zet de keuzeschakelaar van de energiebron (A) op de stand 'Gas'.
2. Draai de gasfles of de drukregelaar open.
3. Draai de gas/elektrische thermostaat (C) in de stand MAX, druk en houd de
knop ingedrukt.
4. Na 10 seconden druk meerdere keren op de knop (D). (Dit kan ook langer
dan 10 seconden duren, als het toestel langere tijd niet gebruikt is of als de
gasfles is vervangen. Reden: lucht in de slang.)
5. Na ontsteking houd de knop (C) nog zo'n 20 tot 30 seconden ingedrukt,
voordat u deze loslaat.
De vlam kan met de vlamsignalering (B) geregeld worden. De naald van de
galvanometer treedt uit het groene vlak.
6. Als de ontsteking van de gasvlam niet is gelukt, mag het ontsteken pas na
afloop van een wachttijd van ongeveer 1 minuut worden herhaald.
NL
Afbeelding 5
middelste stand
D
A
max
stand
C
44
7. Nadat de koelkast goed is afgekoeld (ongeveer 5 uur) kan de thermostaat
op de laagste temperatuurstand (middelste stand) gezet worden. De
thermostaat reguleert hierna automatisch de ingestelde temperatuur.
12. Gastoepassing uitschakelen (Afb. 2, 6, 7)
- Kraantje van de gasfles resp. drukregelaar sluiten.
- Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) op stand '0'. (Het toestel is
compleet uitgeschakeld.)
13. Het bewaren van te koelen produkten
- levensmiddelen en dranken steeds gesloten in het apparaat bewaren.
Hierdoor voorkomt u een nadelige beïnvloeding van de smaak en geur.
- Te koelen produkten bij voorkeur zo bewaren dat de lucht in de koelkast in
de koelruimte van het apparaat kan circuleren.
- Geen hete gerechten of dranken deponeren!
- In geen geval brandbare vloeistoffen en/of gassen in het koelapparaat
bewaren! Ontploffingsgevaar!
14. Ontdooien en maatregelen voor langdurige
bedrijfsonderbrekingen
Een te sterke ijsvorming van de verdamper bemoeilijkt het overbrengen van de
koellucht naar de koelruimte van het apparaat waardoor de koelcapaciteit wordt
verminderd. Als er dus een ca. 5 mm dikke ijslaag is gevormd, verdient het
aanbeveling de koelkast te ontdooien. Hiervoor wordt het apparaat uitgezet en
het te koelen produkt verwijderd. Om het ontdooien eventueel te versnellen mag
u nooit verwarmingstoestellen, hoogtezonnen en dergelijke gebruiken! Indien
noodzakelijk kan er een in heet water verhitte doek als hulpmiddel worden
opgelegd. Na het ontdooien dient u het dooiwater met een schone doek af te
nemen en de koeleenheid zoals onder hoofdstuk 4 beschreven te reinigen.
Als het apparaat gedurende een langere periode niet wordt gebruikt, dan wordt
het uitgeschakeld en het te koelen produkt verwijderd. Na het ontdooien moet
de koelruimte zorgvuldig worden gereinigd en worden afgedroogd.
Om ervoor te zorgen dat er geen onaangename geurtjes in de koelruimte
kunnen ontstaan, dient men het deksel op een kiertje te laten staan.
NL
45
15. Afsluiten van de deur
Sluit tijdens het transport de deur (E), zodat deze veilig dicht zit.
16. Omdraaien deurscharnier
Met behulp van onderstaande stappen kan de openingsrichting van de deur
omgedraaid worden:
Ontkoppel het toestel van het net.
Verwijder het deurslot (E).
Verwijder de schroef uit het bovenste deurscharnier met een
schroevendraaier.
Hang de deur uit.
Leg de koelkast voorzichtig op zijn achterkant.
Verwijder de schroef uit het onderste deurscharnier met een
schroevensleutel nr. 10.
NL
Sluiten
Midden / ventillatie stand
Openen
46
Schroef het onderste scharnier op de andere kant.
Stel de deur in op het scharnier op de andere kant.
Plaats het toestel rechtop en schroef het bovenste scharnier boven vast.
Monteer het deurslot op het deurscharnier aan de andere kant.
17. Maatregelen na langdurige
bedrijfsonderbrekingen
Als de koelkast na een langdurige bedrijfspauze na het inschakelen niet koelt, zet
het apparaat dan ZONDER AANGESLOTEN ENERGIETOEVOER op de knop. Na
enkele minuten zet u de koelkast weer op de poten en schakelt hem opnieuw in.
Als het resultaat dan nog niet beter is, dient u deze procedure eventueel
meerdere keren te herhalen.
18. Onderhoud
Verwisselen van de gasfilter: de gasfilter van cellulose bevindt zich achter in de
gasaansluitopening (D). Als de gasfilter dient te worden vervangen, dient u de
filter uit de boring te trekken en door een nieuwe te vervangen. Verdere
onderhouds- resp. reparatie-werkzaamheden, in het bijzonder aan het
koelaggregaat en het gasbrandersysteem, mogen uitsluitend door
geautoriseerde klantenservice-diensten worden uitgevoerd.
19. Klantenservice
Garantiebepalingen zijn conform EU-richtlijn 44/1999/CE en de wettelijke
bepalingen van het land waarin het product wordt gebruikt.
Voor vragen over garantie, klantenservice en onderdelen kunt u contact
opnemen met Dometic servicedienst.
Schade veroorzaakt door verkeerd gebruik, valt niet onder de garantie.
Schade als gevolg van modificaties of gebruik van onjuiste onderdelen valt niet
onder de garantie.
Als het apparaat niet is ingebouwd conform onze richtlijnen of onjuist wordt
gebruikt, vervalt de garantie.
Als u contact opneemt met onze servicedienst, dient u altijd het model, produkt-
en serienummer van de koelkast bij de hand te hebben. De gegevens vindt u op
het typeplaatje aan de binnenzijde van de koelkast.
Mocht er aan het apparaat een storing optreden, controleer dan het volgende
voordat u contact opneemt met de klantenservice:
- Staat het apparaat de een geschikte plaats en is het voldoende
geventileerd?
- Staat het apparaat horizontaal?
- Heeft de contactdoos stroom?
- Is de aansluitkabel beschadigd?
NL
47
- Is er een contactverbinding losgeraakt?
- Werd de stekker correct in het stopcontact gestoken?
- Is de elektrothermostaat bij nettoepassing ingeschakeld?
- Is voor gastoepassing de knop van de ontstekingsbeveiliging ( gasregelknop)
lang genoeg ingedrukt?
- Is de gasregelknop in de juiste positie gedraaid?
- Is het kraantje van de gasfles resp. van de drukregelaar opengedraaid?
- Is er nog gas in de vloeibaargas-fles? Als er bij het schudden van de gasfles
geen vloeistofbeweging kan worden vastgesteld, dan is de glasfles leeg.
- Werden er warme voedingsmiddelen in de koelkast gelegd?
- Werd er een te grote hoeveelheid te koelen produkten in één keer in de
koelkast gelegd? Breng de te koelen produkten zo aan dat de lucht in de
koelruimte vrij kan circuleren. Geen pkarton of plastic platen als
tussenschotten gebruiken. Houd de vloeistofreservoirs steeds gesloten.
Mocht het apparaat ondanks deze controles niet correct functioneren, bel dan
onze klantenservice. Vermeld a.u.b. de aard van het defect, het apparatuurtype,
het produktnummer en het serienummer (op het typeplaatje in de koelkast).
Voor dit apparaat bieden wij garantie voor een correcte hoedanigheid op grond
van onze garantievoorwaarden.
www.dometic.com
20. Recyclage
Nadat u het toestel uitgepakt heeft, brengt u het verpakkingsmateriaal best naar
een inzamelpunt in uw buurt. Na afloop van de nuttige levensduur moet het
toestel afgeleverd worden bij een gespecialiseerd inzamel- en recyclagebedrijf,
dat de nog bruikbare materialen terugwint. De rest wordt zorgvuldig vernietigd.
Apparaten, die met dit symbool zijn voorzien, moeten bij het
gemeentelijk verzamelpunt voor afgedankte elektrische en
electronische apparatuur worden afgegeven.
Ze mogen niet via het gewone huisafval worden weggegooid.
Bij koelkasten van Dometic staat het symbool op het typeplaatje
aan de binnenkant van het apparaat.
21. Informatie inzake milieubescherming
Het toestel bevat geen CFK's/HCFK's.
Als koelmiddel in het koelapparaat wordt ammoniakgas (natuurlijke waterstof-
en stikstofverbinding) gebruikt.
Het ozonvriendelijke cyclopentaan dient als agens voor de polyurethaan
schuimisolatie.
NL
48
Natriumchromaat wordt gebruikt als bescherming tegen corrosie (minder dan 2
procent gewicht van het koelmiddel).
22. Technische gegevens
Gebruik op gas butaan (propaan):
Nominale warmtebelasting: 151 W (110 W)
Minimale warmtebelasting: 143 W (191 W)
Aansluitwaarde gas: 11 g/u (13,6 g/u)
Aansluitdruk: kat I
3 B/P
,30 mbar
Uitvoering: „N"
Gebr
uik op elektriciteit:
230V(net) 50 Hz: 110 W
12V (auto): 110 W
Bruto-inhoud: 61 L
Koelmiddel: 357g H
2
O + 168g NH
3
Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.
Dit apparaat voldoet aan de volgende EEG-richtlijnen:
LVD-Richtlijn 2006/95/EG
EMC-Richtlijn 2004/108/EG
CE-Richtlijn 93/68/EEG
Gas-Richtlijn 90/396/EEG
RoHS-Richtlijn 2002/95/EG
WEEE-Richtlijn 2002/96/EG
NL

Documenttranscriptie

NL E A B C D Afbeelding 1 A. Keuzeschakelaar voor de energiebron D. Met de hand bediende aanmaakknop B. Vlamsignalering (galvanometer) E. Deurslot C. Thermostaat (gas/elektrisch) Opmerking: De koelkast werkt zowel op netstroom, gelijkstroom of vloeibaar gas. Met de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) kan de gewenste mogelijkheid geselecteerd worden. De keuzeschakelaar voor de energiebron (A) heeft vier standen: wisselstroom netstroom (AC), gelijkstroom (DC - 12 V), gas (vloeibaar gas), O (uit). Uit AC DC A Gas Afbeelding 2 37 NL Geachte klant, Voordat u uw koelkast in bedrIjf neemt, gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen ! dient u deze 1. Waarschuwingen en instructies Deze waarschuwingen worden vanwege veiligheidsoverwegingen opgesomd. Lees deze zorgvuldig voor het opstellen en het gebruik van het toestel door. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met verminderde lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen of gebrek aan ervaring en kennis, tenzij aan hen toezicht of instructie is gegeven, over het gebruik van het apparaat, door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Er moet worden opgelet dat kinderen niet spelen met het apparaat. Ruikt u gaslucht: - Draai dan het afsluitventiel van de gasleiding of van de gasfles dicht. - Open de ramen en verlaat de ruimte. - Zet geen elektrische apparatuur aan. - Doof open vuur. Elektrische montagewerkzaamheden bij het opstellen van het toestel moeten door een hiervoor opgeleide elektricien uitgevoerd worden. Wijziging van de specificaties of wat voor veranderingen dan ook aan het product zijn gevaarlijk. De absorptiekoelkast is uitdrukkelijk en uitsluitend voor het bewaren van voedsel en drank ontworpen. Het product beschikt over werkzame onderdelen die warm worden. Zorg voor voldoende ventilatie, want de onderdelen van het toestel kunnen het anders begeven en dan kan het voedsel bederven (zie de instructies onder punt 4 voor het opstellen van de eenheid). Voor ontdooien, reinigen of onderhoudswerkzaamheden dient u zich ervan te vergewissen dat het toestel uitgeschakeld is en van de netstroom afgeschakeld is. Het gas moet altijd afgesloten worden. Houdt u zich aan de instructies van de producent met betrekking tot het bewaren van levensmiddelen. Zie de instructies onder punt 13 over het bewaren van voedsel en drank. Probeer onder geen enkele omstandigheid het toestel zelf te repareren. Door niet competente personen uitgevoerde reparaties kunnen leiden tot persoonlijke verwondingen en ernstige mankementen. Laat het product onderhouden door een hiertoe bevoegde servicemonteur, waarbij alleen maar originele onderdelen gebruikt mogen worden. Open nooit de koeleenheid, want deze functioneert onder hoge druk. 38 NL 2. Toepassingsbereik In weg- en watervoertuigen mag het apparaat niet voor gastoepassing worden geïnstalleerd! Het gebruik van het apparaat met vloeibaar gas is alleen toegelaten in goed geventileerde ruimten die een volume (lengte x breedte x hoogte) hebben van tenminste 20m3 en over een venster (dat geopend kan worden) of een buitendeur beschikken. Het gebruik is bovendien toegelaten in openlucht. Het gebruik in de openlucht betekent: ook tenten (voortenten), die tijdens het bedrijf van het apparaat goed geventileerd zijn, alsmede terrassen op de begane grond. Elektrische toepassing is onbeperkt toegestaan. De locatie dient in ieder geval tegen regen en spatwater te worden beschermd. 3. Het bewaren van gasflessen Flessen met vloeibaar gas nooit op ongeventileerde plekken of onder het maaiveld (trechtervormige kuilen in de aarde) bewaren. Beschermende maatregelen tegen direct zonlicht nemen. De gasfles mag niet op meer dan 50°C worden verhit. 4. Plaatsing Horizontaal op een gladde, vaste vloer of overeenkomstige ondergrond. Desgewenst met waterpas of een met water gevuld reservoir richten. De afstand tussen de achterkant van het apparaat en een begrenzing aan de achterkant (muur) dient ten minste 10 cm te bedragen en aan de zijkant ten minste 5 cm. Standplaatsen in de volle zon en dicht bij warmtebronnen dienen te worden voorkomen. Ventilatiegleuven zowel aan de boven- en onderkant als aan de achterkant van de koelkast ten behoeve van een goede luchtcirculatie van het koelaggregaat vrijhouden. Een goede, energiebesparende koelcapaciteit zal hiervan het gevolg zijn. 5. Reiniging Voor de eerste inbedrijfstelling, later na het ontdooien of voor langdurige bedrijfsonderbrekingen dient u het compartiment en het deksel met lauw water en eventueel huishoudelijke reinigingsmiddelen schoon te maken. Gebruik in geen geval schurende of bijtende middelen als additief. Gereinigde oppervlakken met een zachte vaatdoek droogwrijven. De deurafdichting alleen met schoon water reinigen en van tijd tot tijd met talkpoeder inwrijven. 39 NL 6. Toepassing met netstroom (AC) Controleer of de netspanning en de gegevens van de bedrijfsspanning op het typeplaatje overeenstemmen. (links in het binnenreservoir) Bij overeenstemming dient u de geaarde stekker in het volgens de voorschriften geïnstalleerde geaarde stopcontact te steken. In het buitenland kan vanwege andere stopcontacten een adapter noodzakelijk zijn. Inschakelen (Afb. 3) - Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) in stand „AC”. - Draai de knop van de elektrische/gas thermostaat (C) in de richting van de wijzers van de knop tot aan de stand MAX. Pas na verloop van 1 uur wordt de eenheid merkbaar koud (ijsvorming op de verdamper). - De temperatuur kan met behulp van de elektrische/gas thermostaat ingesteld worden: '0' = uit, de markering geeft een steeds koudere stand aan. - Nadat de koelkast goed is afgekoeld (ongeveer 5 uur) kan de thermostaat op de laagste temperatuurstand (middelste stand) gezet worden. De thermostaat reguleert hierna automatisch de ingestelde temperatuur. Het toestel voldoet aan de vereisten betreffende de koelprestatie overeenkomstig categorie EN/ISO 7371 en wel in het bereik van de omgevingstemperatuur tussen ongeveer +16°C 32°C. max stand C A Afbeelding middelste stand Uitschakelen (Afb. 3) - Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) op stand '0'. (Het toestel is compleet uitgeschakeld.) - Draai de thermostaatknop (C) tegen de wijzers van de klok in op stand '0'. 7. Toepassing met batterijstroom (DC) Gelijkstroomapparaten op 12V worden geleverd met draden met onbeklede uiteinden. De uiteinden moeten verbonden worden met een klemmenstrook, die op zijn beurt via een zekering (15A). In de stroomvoedingskabel tussen batterij en koelkast moet in een kabel een zekering zijn of worden ingebouwd. 40 NL Max. kabellengte Kabeldiameters 2.5 mm2 tot 2 4.0 mm tot Bij 12 V 6.0 mm2 6.0 m tot 2.5 m 4.0 m Bij aansluiten van de apparaten met de aansluitpolen geen rekening te worden gehouden. Controleer of de batterijspanning en de weergegeven bedrijfsspanning op het typeplaatje overeenstemmen. Als er geen van het voertuig onafhankelijke batterij wordt gebruikt, mag de koelkast uitsluitend tijdens het rijden worden gebruikt omdat bij stilstand van de motor de accu zover kan worden ontladen, dat de motor van de auto bij het starten niet meer aanspringt. Bij het gebruik met accu kan de koelkasttemperatuur niet met de thermostaatknop worden geregeld. Advies: Voordat u begint te rijden dient u het apparaat via netstroom-toepassing voor te koelen. Inschakelen: (Afb. 4) A Afbeelding 4. - Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) in stand „DC”. Bij accustroom-toepassing kan de koelcapaciteit niet met thermostaat worden geregeld, de knop C werkt dus niet. Als de knop C gedeactiveerd is, de temperatuur in de koelkast echter te laag is: Apparaat uitschakelen: - Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) op stand '0'. (Het toestel is compleet uitgeschakeld.) 8. Toepassing met vloeibaar gas Het apparaat mag niet op stads- of aardgas worden aangesloten. Het is uitsluitend geschikt voor propaan-/butaangas-toepassing. 41 NL Op het typeplaatje (zie achterwand van het apparaat) is de voorgeschreven gasaansluitdruk in mbar vermeld (normdruk in Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland 50 mbar en in Nederland: 30 mbar). Het apparaat mag met geen andere dan de op het typeplaatje vermelde druk worden toegepast. Er dient een dienovereenkomstige drukregelaar te worden gebruikt. 9. Aansluiting van de koelkast op de gasfles (Afb. 6, 7) Sluit de koelkast in deze volgorde aan: gasfles → drukregelaar → gasslang → apparaat Het kopstuk voor de gasaansluiting (D, fig. 6) is bedoeld voor slangaansluiting volgens de Nederlandse voorschriften: I. Uitvoering als aansluitopening met R 1/4 linkse schroefdraad voor het bevestigen van een slang met kogelpenaansluiting, slangbuisje en wartelmoer of II. Uitvoering als nippel ter bevestiging van een voor dit doel goedgekeurde rubberen slang en slangklembevestiging. Opmerking bij I: om ervoor te zorgen dat bij het vastdraaien van de wartelmoer een te hoge krachtoverbrenging op de aansluitopening van de koelkast wordt voorkomen, moet de aansluitopening met een steeksleutel met sleutelmaat 13mm worden tegengehouden. Aansluitingen - en sleutel-wijdte van de steeksleutel - op de drukregelaarzijde zijn afhankelijk van de uitvoering van de drukregelaar; vraag hieromtrent a.u.b. uw vak-handelaar Controleer of er zowel in de gasflesaansluiting als in de drukregelaar een in goede staat verkerende afdichting zit. Geen extra afdichtingen gebruiken! Controleer of het ventiel van de drukregelaar gesloten is. Schroef de drukregelaar met de hand, dus zonder gebruik van gereedschap, rechtsom in de schroefdraad van de fles vast. Verbind de gasslang met het uiteinde van de drukregelaar. Het andere uiteinde van de slang verbindt u met de box. U opent nu het ventiel van de drukregelaar en controleert alle verbindingen op dichtheid met behulp van het schuimvormend middel. De aansluiting is dicht, als er op de verbindingspunten geen luchtbelletjes ontstaan. 42 NL EEN DICHTHEIDSCONTROLE MET OPEN VLAM IS NIET TOEGESTAAN! NIET ROKEN! ONTPLOFFINGS- EN VERBRANDINGSGEVAAR! Bij een gasfleswissel en/of demontage van de slangleiding moet het kraantje op de gasfles of drukregelaar steeds eerst worden gesloten. Poreuze of beschadigde slangleidingen dienen door nieuwe te worden vervangen. 10. Gasarmatuur (Afb. 1) Bij het toestel hoort een gas/elektrische thermostaatknop (C) met ingebouwd veiligheidscontrolesignaal, met ontstekingsbougie, een piëzo-gasontsteker (D) en een vlamsignalering (galvanometer)(B). De ontstekingsbeveiliging houdt de gastoevoer naar de brander automatisch open zolang de vlam brandt, de gastoevoer worden automatisch afgesloten, indien de vlam uitgaat. 11. Het ontsteken van de gasbrander (Afb. 5) max stand D A C Afbeelding 5 middelste stand 1. Zet de keuzeschakelaar van de energiebron (A) op de stand 'Gas'. 2. Draai de gasfles of de drukregelaar open. 3. Draai de gas/elektrische thermostaat (C) in de stand MAX, druk en houd de knop ingedrukt. 4. Na 10 seconden druk meerdere keren op de knop (D). (Dit kan ook langer dan 10 seconden duren, als het toestel langere tijd niet gebruikt is of als de gasfles is vervangen. Reden: lucht in de slang.) 5. Na ontsteking houd de knop (C) nog zo'n 20 tot 30 seconden ingedrukt, voordat u deze loslaat. De vlam kan met de vlamsignalering (B) geregeld worden. De naald van de galvanometer treedt uit het groene vlak. 6. Als de ontsteking van de gasvlam niet is gelukt, mag het ontsteken pas na afloop van een wachttijd van ongeveer 1 minuut worden herhaald. 43 NL 7. Nadat de koelkast goed is afgekoeld (ongeveer 5 uur) kan de thermostaat op de laagste temperatuurstand (middelste stand) gezet worden. De thermostaat reguleert hierna automatisch de ingestelde temperatuur. 12. Gastoepassing uitschakelen - (Afb. 2, 6, 7) Kraantje van de gasfles resp. drukregelaar sluiten. Zet de keuzeschakelaar voor de energiebron (A) op stand '0'. (Het toestel is compleet uitgeschakeld.) 13. Het bewaren van te koelen produkten - levensmiddelen en dranken steeds gesloten in het apparaat bewaren. Hierdoor voorkomt u een nadelige beïnvloeding van de smaak en geur. Te koelen produkten bij voorkeur zo bewaren dat de lucht in de koelkast in de koelruimte van het apparaat kan circuleren. Geen hete gerechten of dranken deponeren! In geen geval brandbare vloeistoffen en/of gassen in het koelapparaat bewaren! Ontploffingsgevaar! 14. Ontdooien en maatregelen voor langdurige bedrijfsonderbrekingen Een te sterke ijsvorming van de verdamper bemoeilijkt het overbrengen van de koellucht naar de koelruimte van het apparaat waardoor de koelcapaciteit wordt verminderd. Als er dus een ca. 5 mm dikke ijslaag is gevormd, verdient het aanbeveling de koelkast te ontdooien. Hiervoor wordt het apparaat uitgezet en het te koelen produkt verwijderd. Om het ontdooien eventueel te versnellen mag u nooit verwarmingstoestellen, hoogtezonnen en dergelijke gebruiken! Indien noodzakelijk kan er een in heet water verhitte doek als hulpmiddel worden opgelegd. Na het ontdooien dient u het dooiwater met een schone doek af te nemen en de koeleenheid zoals onder hoofdstuk 4 beschreven te reinigen. Als het apparaat gedurende een langere periode niet wordt gebruikt, dan wordt het uitgeschakeld en het te koelen produkt verwijderd. Na het ontdooien moet de koelruimte zorgvuldig worden gereinigd en worden afgedroogd. Om ervoor te zorgen dat er geen onaangename geurtjes in de koelruimte kunnen ontstaan, dient men het deksel op een kiertje te laten staan. 44 NL 15. Afsluiten van de deur Sluit tijdens het transport de deur (E), zodat deze veilig dicht zit. Sluiten Midden / ventillatie stand Openen 16. Omdraaien deurscharnier Met behulp van onderstaande stappen kan de openingsrichting van de deur omgedraaid worden: Ontkoppel het toestel van het net. Verwijder het deurslot (E). Verwijder de schroef uit het bovenste deurscharnier met een schroevendraaier. Hang de deur uit. Leg de koelkast voorzichtig op zijn achterkant. Verwijder de schroef uit het onderste deurscharnier met een schroevensleutel nr. 10. 45 NL Schroef het onderste scharnier op de andere kant. Stel de deur in op het scharnier op de andere kant. Plaats het toestel rechtop en schroef het bovenste scharnier boven vast. Monteer het deurslot op het deurscharnier aan de andere kant. 17. Maatregelen na langdurige bedrijfsonderbrekingen Als de koelkast na een langdurige bedrijfspauze na het inschakelen niet koelt, zet het apparaat dan ZONDER AANGESLOTEN ENERGIETOEVOER op de knop. Na enkele minuten zet u de koelkast weer op de poten en schakelt hem opnieuw in. Als het resultaat dan nog niet beter is, dient u deze procedure eventueel meerdere keren te herhalen. 18. Onderhoud Verwisselen van de gasfilter: de gasfilter van cellulose bevindt zich achter in de gasaansluitopening (D). Als de gasfilter dient te worden vervangen, dient u de filter uit de boring te trekken en door een nieuwe te vervangen. Verdere onderhouds- resp. reparatie-werkzaamheden, in het bijzonder aan het koelaggregaat en het gasbrandersysteem, mogen uitsluitend door geautoriseerde klantenservice-diensten worden uitgevoerd. 19. Klantenservice Garantiebepalingen zijn conform EU-richtlijn 44/1999/CE en de wettelijke bepalingen van het land waarin het product wordt gebruikt. Voor vragen over garantie, klantenservice en onderdelen kunt u contact opnemen met Dometic servicedienst. Schade veroorzaakt door verkeerd gebruik, valt niet onder de garantie. Schade als gevolg van modificaties of gebruik van onjuiste onderdelen valt niet onder de garantie. Als het apparaat niet is ingebouwd conform onze richtlijnen of onjuist wordt gebruikt, vervalt de garantie. Als u contact opneemt met onze servicedienst, dient u altijd het model, produkten serienummer van de koelkast bij de hand te hebben. De gegevens vindt u op het typeplaatje aan de binnenzijde van de koelkast. Mocht er aan het apparaat een storing optreden, controleer dan het volgende voordat u contact opneemt met de klantenservice: - Staat het apparaat de een geschikte plaats en is het voldoende geventileerd? - Staat het apparaat horizontaal? - Heeft de contactdoos stroom? - Is de aansluitkabel beschadigd? 46 NL - Is er een contactverbinding losgeraakt? Werd de stekker correct in het stopcontact gestoken? Is de elektrothermostaat bij nettoepassing ingeschakeld? Is voor gastoepassing de knop van de ontstekingsbeveiliging ( gasregelknop) lang genoeg ingedrukt? - Is de gasregelknop in de juiste positie gedraaid? - Is het kraantje van de gasfles resp. van de drukregelaar opengedraaid? - Is er nog gas in de vloeibaargas-fles? Als er bij het schudden van de gasfles geen vloeistofbeweging kan worden vastgesteld, dan is de glasfles leeg. - Werden er warme voedingsmiddelen in de koelkast gelegd? - Werd er een te grote hoeveelheid te koelen produkten in één keer in de koelkast gelegd? Breng de te koelen produkten zo aan dat de lucht in de koelruimte vrij kan circuleren. Geen pkarton of plastic platen als tussenschotten gebruiken. Houd de vloeistofreservoirs steeds gesloten. Mocht het apparaat ondanks deze controles niet correct functioneren, bel dan onze klantenservice. Vermeld a.u.b. de aard van het defect, het apparatuurtype, het produktnummer en het serienummer (op het typeplaatje in de koelkast). Voor dit apparaat bieden wij garantie voor een correcte hoedanigheid op grond van onze garantievoorwaarden. www.dometic.com 20. Recyclage Nadat u het toestel uitgepakt heeft, brengt u het verpakkingsmateriaal best naar een inzamelpunt in uw buurt. Na afloop van de nuttige levensduur moet het toestel afgeleverd worden bij een gespecialiseerd inzamel- en recyclagebedrijf, dat de nog bruikbare materialen terugwint. De rest wordt zorgvuldig vernietigd. Apparaten, die met dit symbool zijn voorzien, moeten bij het gemeentelijk verzamelpunt voor afgedankte elektrische en electronische apparatuur worden afgegeven. Ze mogen niet via het gewone huisafval worden weggegooid. Bij koelkasten van Dometic staat het symbool op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. 21. Informatie inzake milieubescherming Het toestel bevat geen CFK's/HCFK's. Als koelmiddel in het koelapparaat wordt ammoniakgas (natuurlijke waterstofen stikstofverbinding) gebruikt. Het ozonvriendelijke cyclopentaan dient als agens voor de polyurethaan schuimisolatie. 47 NL Natriumchromaat wordt gebruikt als bescherming tegen corrosie (minder dan 2 procent gewicht van het koelmiddel). 22. Technische gegevens Gebruik op gas Nominale warmtebelasting: Minimale warmtebelasting: Aansluitwaarde gas: Aansluitdruk: Uitvoering: Gebruik op elektriciteit: 230V(net) 50 Hz: 12V (auto): Bruto-inhoud: Koelmiddel: Het koelcircuit is op dichtheid butaan (propaan): 151 W (110 W) 143 W (191 W) 11 g/u (13,6 g/u) kat I3 B/P,30 mbar „N" 110 W 110 W 61 L 357g H2O + 168g NH3 gecontroleerd. Dit apparaat voldoet aan de volgende EEG-richtlijnen: LVD-Richtlijn 2006/95/EG EMC-Richtlijn 2004/108/EG CE-Richtlijn 93/68/EEG Gas-Richtlijn 90/396/EEG RoHS-Richtlijn 2002/95/EG WEEE-Richtlijn 2002/96/EG 48
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64

Dometic RF60 (Type: A30-100C) Handleiding

Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor