Genius GEO 13 Handleiding

Type
Handleiding
GEO 13
NEDERLANDS
Gids voor de installateur
Pagina 26
CE VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING
Fabrikant: GENIUS S.p.A.
Adres: Via Padre Elzi, 32 - 24050 - Grassobbio - Bergamo - ITALIE
Verklaart dat: De elektronische apparatuur mod. GEO 13
in overeenstemming is met de fundamentele veiligheidseisen van de volgende EEG-richtlijnen:
2006/95/EG Laagspanningsrichtijn.
2004/108/EG richtlijn Elektromagnetische Compatibiliteit.
Aanvullende opmerking:
Dit product is getest in een specifieke homogene configuratie (alle door GENIUS S.p.A. vervaardigde producten).
Grassobbio, 1 juli, 2010
De Algemeen Directeur
D. Gianantoni
Opmerkingen voor het lezen van de instructies
Lees deze installatiehandleiding aandachtig door alvorens te beginnen met de installatie van het product.
Het symbool is een aanduiding voor belangrijke opmerkingen voor de veiligheid van personen en om het automatische systeem in
goede staat te houden.
Het symbool vestigt de aandacht op opmerkingen over de eigenschappen of de werking van het product.
INHOUDSOPGAVE
1. BESCHRIJVING pag.27
2. TECHNISCHE EIGENSCHAPPEN pag.27
3. VOORBEREIDINGEN pag.27
4. LAY-OUT KAART (Fig. 1) pag.27
5. BESCHRIJVING AANSLUITINGEN EN WERKING pag.27
5.1. KLEMMENBORD M1 (Fig. 2) pag.27
5.3. SNELCONNECTOR M3 pag.28
5.4. KLEMMENBORD M5 (Fig. 5) pag.28
6. WERKINGSDUUR INSTELLEN pag.28
7. DIPSCHAKELAARS INSTELLEN pag.29
8. CONTROLELEDS pag.30
9. ZEKERINGEN pag.30
10. BEDRIJFSLOGICA’S pag.30
GEO 13
NEDERLANDS
Gids voor de installateur
Pagina 27
1. BESCHRIJVING
Wij danken u dat u een van onze producten heeft gekozen. GENIUS weet zeker dat het alle prestaties zal verrichten die u
nodig heeft. Al onze producten zijn het resultaat van vele jaren ervaring op het gebied van automatische systemen, te meer
daar wij marktleider zijn in heel de wereld.
De besturingskaart GEO 13 is een besturingseenheid met een microprocessor voor het besturen van motorreductoren voor
rolluiken. Hiermee worden de motorreductor en de aangesloten veiligheidsvoorzieningen tijdens het openen en sluiten van
het rolluik bediend. Aangezien de besturingseenheid eenvoudig te installeren en te programmeren is, kan het product snel
worden geïnstalleerd. De belangrijkste bedrijfsparameters en werkingsmodi worden ingesteld door middel van dipschakelaars,
terwijl de werkingsduur wordt ingesteld met behulp van een trimmer.
2. TECHNISCHE EIGENSCHAPPEN
Voedingsspanning 230 V~ 50/60 Hz
Opgenomen vermogen 7 W
Max. belasting motor 1300 W
Max. belasting accessoires 500 mA
Bedrijfstemperatuur -20°C + 50°C
Veiligheidszekeringen 2 (Voeding en accessoires)
Bedrijfslogica’s Stap voor stap / Automatisch
Werkingsduur (opening / sluiting) Min. 8 seconden max. 90 seconden, instelbaar d.m.v. trimmer
Pauzetijd 7 pauzetijden instelbaar d.m.v. dipschakelaars
Ingangen op klemmenbord Netvoeding / Open / Stop / Obstakeldetectie
Snelconnector 5-pins connector voor ontvangerkaart
Uitgangen op klemmenbord Voeding motor / Voeding waarschuwingslamp / Voeding accessoires
Afmetingen houder 80 x 150 x 195 mm
Beschermingsgraad houder IP54
3. VOORBEREIDINGEN
Voor de persoonlijke veiligheid is het belangrijk dat alle waarschuwingen en instructies in dit boekje in acht worden
genomen. Een verkeerde installatie of verkeerd gebruik van het product kan ernstig persoonlijk letsel veroorzaken.
Bewaar de gebruiksaanwijzing voor raadpleging in de toekomst.
Controleer of er stroomopwaarts van de installatie een geschikte differentieelschakelaar aanwezig is, zoals voorgeschreven
door de geldende veiligheidsvoorschriften.
Installeer een alpolige magnetothermische schakelaar op het voedingsnet.
Controleer of er een geschikte aardingsinstallatie aanwezig is.
Gebruik geschikte harde en/of flexibele buizen bij het aanleggen van de kabels.
Houd de 230 V~-voedingskabels altijd gescheiden van de laagspanningskabels, en gebruik daarbij verschillende
beschermingsmantels om iedere interferentie te vermijden.
4. LAY-OUT KAART (Fig. 1)
Pos. Beschrijving Pos. Beschrijving
M1
Klemmenbord voeding motor en
waarschuwingslamp
FSW
Signaleringsled ingang voor
obstakeldetectie-voorzieningen
M2 Klemmenbord ingangen en voeding accessoires Power Led netvoeding aanwezig
M3 Snelconnector voor ontvangerkaart Time Work Signaleringsled werkingsduur
M5 Klemmenbord netvoeding TR1 Trimmer instellen werkingsduur
Stop Signaleringsled ingang Stop F1 Veiligheidszekering voeding
Open Signaleringsled ingang Open RV1 Veiligheidszekering accessoires (zelfherstellend)
5. BESCHRIJVING AANSLUITINGEN EN WERKING
5.1. KLEMMENBORD M1 (Fig. 2)
5.1.1. WAARSCHUWINGSLAMP
Klemmen “LAMP & LAMP”. Uitgang 230V~. Sluit op deze klemmen de voedingskabel van de waarschuwingslamp aan. De
waarschuwingslamp moet van het intermitterende type zijn, het knipperen wordt niet door de centrale geregeld.
De maximale belasting op deze klemmen bedraagt 15W
GEO 13
NEDERLANDS
Gids voor de installateur
Pagina 28
5.1.2. MOTOR
Klemmen “CL, COM & OP”. Uitgang 230V~. Sluit op deze klemmen de voedingskabels van de motor aan. Voor de
aansluitvolgorde van de kabels, zie de onderstaande tabel:
Klem Contact Kleur draad
CL Sluiten Bruin
COM
Gemeenschappelijk
contact
Blauw / Grijs
OP Openen Zwart
De kleur van de op de klemmen OP & CL aangesloten draden kan worden omgewisseld afhankelijk van de draairichting
van de motor.
De maximale belasting op deze klemmen bedraagt 1300 W. Bij een hogere belasting kan de besturingseenheid beschadigd
raken.
5.2. KLEMMENBORD M2 (Fig. 3)
5.2.1. STOP
Klemmen “STOP & COM”. Normaal gesloten contact. Sluit op deze klemmen een willekeurige impulsgever aan die, door
het contact te openen, het automatisch systeem onmiddellijk stopt, terwijl het eventueel automatisch hersluiten wordt
gedeactiveerd. Als dit commando is geactiveerd, moet om de normale werking te hervatten een OPEN-commando worden
gegeven. De status van deze ingang wordt gesignaleerd door de led “STOP”.
Als geen STOP-commando’s worden gebruikt, moet deze ingang worden doorverbonden, de led “STOP” moet altijd
branden.
Als er meerdere impulsgevers op deze klemmen zijn aangesloten, moeten ze in serie worden aangesloten.
5.2.2. OPEN
Klemmen “OPEN & COM”. Normaal open contact. Sluit op deze klemmen een willekeurige impulsgever aan die, door het
contact te sluiten, het commando moet geven voor het openen of sluiten van het rolluik. De status van deze ingang wordt
gesignaleerd door de led “OPEN”.
Als er meerdere impulsgevers op deze klemmen zijn aangesloten, moeten ze parallel worden geschakeld.
5.2.3. FOTOCELLEN
Klemmen “FSW & FSW”. Normaal gesloten contact. Sluit op deze klemmen de eventuele obstakeldetectie-voorzieningen
aan (fotocellen, pressostaat, enz.). Deze voorzieningen zijn actief gedurende de sluitingsbeweging van het rolluik en kunnen,
afhankelijk van hoe de dipschakelaars zijn ingesteld (zie paragraaf 7), de beweging onmiddellijk omkeren, of stopzetten en
hervatten zodra de inrichting vrij komt. De status van deze ingang wordt gesignaleerd door de led “FSW”.
Meerdere obstakeldetectie-voorzieningen moeten in serie worden geschakeld.
Als er geen voorziening wordt aangesloten, moet de ingang worden doorverbonden. De led “FSW” moet altijd
branden.
5.2.4. VOEDING ACCESSOIRES
Klemmen “- & +”. Uitgang met voeding 24 V. Sluit op deze klemmen de voedingskabels van de op de kaart aangesloten
accessoires aan. De maximale belasting van de op deze ingang aangesloten accessoires bedraagt 500 mA.
De uitgang van deze klemmen heeft gelijkstroom, neem bij het aansluiten van de accessoires de polen in acht.
5.3. SNELCONNECTOR M3
Deze connector dient voor het aansluiten van de 5-pins ontvangerkaart. De kaart mag er uitsluitend in worden geplaatst en
eventueel worden verwijderd na de spanning te hebben uitgeschakeld.
De ontvangerkaart kan er op slechts een manier worden ingestoken, zie fig. 4. Forceer niets.
5.4. KLEMMENBORD M5 (Fig. 5)
5.4.1. AARDING
Klemmen " ". Sluit op deze klem de geel-groene kabel van de voedingslijn aan om de besturingseenheid te aarden.
De aardaansluiting is absoluut noodzakelijk voor een correcte werking van de besturingseenheid.
5.4.2. VOEDING
Klemmen “F & N”. Sluit op deze klemmen de 220 V~-voedingskabels van de motor aan.
6. WERKINGSDUUR INSTELLEN
De werkingsduur van de besturingseenheid staat los van de daadwerkelijke werking van de motor. De eindschakelaars
dienen om de beweging van de motor te stoppen en de positie van het rolluik te bepalen.
GEO 13
NEDERLANDS
Gids voor de installateur
Pagina 29
De werkingsduur van de besturingseenheid wordt bepaald door het branden van de led “TIME WORK”.
De werkingsduur van het rolluik kan worden ingesteld van minimaal 8 tot maximaal 90 seconden. Als de trimmer TR1 met de
wijzers van de klok mee wordt gedraaid, wordt de werkingsduur van de besturingseenheid verlengd, en als hij tegen de wijzers
van de klok in wordt gedraaid, wordt de werkingsduur verkort. Handel als volgt om de werkingsduur in te stellen:
Selecteer de werkingslogica “stap voor stap” door de dipschakelaars in te stellen, zie paragraaf 7.
Controleer of de trimmer TR1 ongeveer halverwege staat.
Voer de procedure voor het instellen van de eindschakelaars uit zoals beschreven in de handleiding van de
motorreductor.
Als gedurende de afstelprocedure de led “TIME WORK” dooft voordat de motor de eindschakelaar heeft bereikt, moet
de werkingsduur worden verlengd door aan de trimmer TR1 te draaien, en herhaal vervolgens de procedure voor het
afstellen van de eindschakelaars
Als de procedure voor het instellen van de eindschakelaars is voltooid, kan de werkingsduur worden ingesteld.
Geef een commando voor het openen van het rolluik en controleer hoe lang de led “TIME WORK” op de besturingseenheid
blijft branden. Als hij nadat het rolluik tot stilstand is gekomen langer dan twee seconden blijft branden, moet de
werkingsduur worden verkort door de trimmer TR1 tegen de wijzers van de klok in te draaien.
De werkingsduur moet zo worden ingesteld dat de led “TIME WORK” op de besturingseenheid nog ongeveer twee
seconden nadat de motor is gestopt, blijft branden.
Geef een sluitingscommando en een openingscommando en controleer hoe lang de led blijft branden.
Herhaal indien nodig de handelingen vanaf punt 5 tot de led ongeveer twee seconden nadat de motor is gestopt,
dooft.
Met de bedrijfslogica stap voor stap kan het aftellen van de werkingsduur worden gestopt door de radioafstandsbediening
of een willekeurige andere op de OPEN-ingang aangesloten voorziening te bedienen.
7. DIPSCHAKELAARS INSTELLEN
De besturingseenheid heeft vier dipschakelaars waarmee de bedrijfslogica, de pauzetijd voor het automatisch hersluiten en
de wijze van ingrijpen door de obstakeldetectie-voorzieningen tijdens het sluiten van het rolluik, kunnen worden ingesteld. De
verschillende mogelijkheden zijn in de volgende tabel samengevat:
Dipschakelaar Beschrijving
Logica stap voor stap
Logica automatisch met 5 seconden pauze
Logica automatisch met 10 seconden pauze
Logica automatisch met 15 seconden pauze
Logica automatisch met 20 seconden pauze
Logica automatisch met 30 seconden pauze
Logica automatisch met 45 seconden pauze
Logica automatisch met 60 seconden pauze
Gedrag obstakeldetectie-voorzieningen
Blokkeert de beweging en keert de beweging om in opening
Blokkeert de werking en hervat de sluitingsbeweging na het vrijkomen
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
GEO 13
NEDERLANDS
Gids voor de installateur
Pagina 30
Het aftellen van de pauzetijd begint zodra de werkingsduur is verstreken, led “TIME WORK” gedoofd.
De dipschakelaars moeten altijd worden ingesteld met de besturingseenheid uitgeschakeld en het rolluik gesloten.
8. CONTROLELEDS
Op de centrale zitten 5 controleleds waarmee de status van de ingangen en de besturingseenheid kan worden bewaakt. In
de volgende tabel is de betekenis van iedere led weergegeven:
Led Aan Uit
Power Netvoeding aanwezig Geen netvoeding aanwezig
Time Work Besturingseenheid in werking Besturingseenheid in ruststand
Stop Commando niet actief Commando actief
Open Commando actief Commando niet actief
FSW Obstakeldetectie-voorzieningen vrij Obstakeldetectie-voorzieningen bezet
De gemarkeerde toestanden betreffen de situatie van besturingseenheid gevoed en rolluik gesloten.
9. ZEKERINGEN
Op de besturingseenheid zitten twee veiligheidszekeringen, waarvan er een zelfherstellend is. Anders dan normale zekeringen,
waarbij als de zekering doorslaat het element stuk gaat en de zekering moet worden vervangen om de werking te herstellen,
is het ingrijpen van zelfherstellende zekeringen alleen te merken doordat het deel dat zij beschermt niet werkt. Als dit soort
zekering ingrijpt, moet als volgt worden gehandeld:
Schakel de spanning naar de besturingseenheid uit.
Controleer of de niet werkende accessoires goed zijn aangesloten, en kijk met name of er geen kortsluiting is.
Controleer of de totale belasting van de aangesloten accessoires de in deze handleiding aangegeven limiet niet
overschrijdt.
Wacht minstens vijf minuten en schakel de stroomvoorziening weer in.
De onderstaande tabel bevat een overzicht met de waarde van de zekeringen en het deel van het stroomcircuit dat de
zekering beschermt:
Zekering Beveiliging
F1= T5A/250V 2x20 Voeding Kaart
RV1 = 500mA (zelfherstellend) Voeding accessoires
10. BEDRIJFSLOGICA’S
Logica Stap voor stap
Status rolluik
Impulsen
Open Stop
Obstakeldetectie
Dipschakelaar 4 = ON Dipschakelaar 4 = OFF
Gesloten Opent het rolluik
Geen effect, indien
ingedrukt onderdrukt
het OPEN-commando
Geen effect
Geopend Sluit het rolluik
Geen effect, indien bezet onderdrukt het
OPEN-commando
Wordt gesloten
Blokkeert de werking Blokkeert de werking
Blokkeert en hervat
de beweging na het
vrijkomen
Blokkeert en keert de
beweging om
Wordt geopend Geen effect
Logica Automatisch
Status rolluik
Impulsen
Open Stop
Obstakeldetectie
Dipschakelaar 4 = ON Dipschakelaar 4 = OFF
Gesloten
Opent het rolluik en
sluit hem weer na de
pauzetijd
Geen effect, indien
ingedrukt onderdrukt
het OPEN-commando
Geen effect
Geopend in pauze Sluit onmiddellijk
Geen effect, indien bezet onderdrukt het
OPEN-commando
Wordt gesloten Blokkeert de werking
Blokkeert de werking
Blokkeert en hervat
de beweging na het
vrijkomen
Blokkeert en keert de
beweging om
Wordt geopend Geen effect Geen effect
1.
2.
3.
4.
indicada en el presente manual. Cualquier uso diverso del previsto podría perjudicar
el funcionamiento del producto y/o representar fuente de peligro.
GENIUS declina cualquier responsabilidad derivada de un uso impropio o diverso
del previsto.
No instalen el aparato en atmósfera explosiva: la presencia de gas o humos infla-
mables constituye un grave peligro para la seguridad.
Los elementos constructivos mecánicos deben estar de acuerdo con lo establecido
en las Normas EN 12604 y EN 12605.
Para los países no pertenecientes a la CEE, además de las referencias normativas
nacionales, para obtener un nivel de seguridad adecuado, deben seguirse las
Normas arriba indicadas.
GENIUS no es responsable del incumplimiento de las buenas técnicas de fabricación
de los cierres que se han de motorizar, así como de las deformaciones que pudieran
intervenir en la utilización.
La instalación debe ser realizada de conformidad con las Normas EN 12453 y EN
12445. El nivel de seguridad de la automación debe ser C+D.
Quiten la alimentación eléctrica y desconecten las baterías antes de efectuar
cualquier intervención en la instalación.
Coloquen en la red de alimentación de la automación un interruptor omnipolar
con distancia de apertura de los contactos igual o superior a 3 mm. Se aconseja
usar un magnetotérmico de 6A con interrupción omnipolar.
Comprueben que la instalación disponga línea arriba de un interruptor diferencial
con umbral de 0,03 A.
Verifiquen que la instalación de tierra esté correctamente realizada y conecten
las partes metálicas del cierre.
La automación dispone de un dispositivo de seguridad antiaplastamiento constituido
por un control de par. No obstante, es necesario comprobar el umbral de interven-
ción según lo previsto en las Normas indicadas en el punto 10.
Los dispositivos de seguridad (norma EN 12978) permiten proteger posibles áreas
de peligro de Riesgos mecánicos de movimiento, como por ej. aplastamiento,
arrastre, corte.
Para cada equipo se aconseja usar por lo menos una señalización luminosa así
como un cartel de señalización adecuadamente fijado a la estructura del bastidor,
además de los dispositivos indicados en el “16”.
GENIUS declina toda responsabilidad relativa a la seguridad y al buen funciona-
miento de la automación si se utilizan componentes de la instalación que no sean
de producción GENIUS.
Para el mantenimiento utilicen exclusivamente piezas originales GENIUS
No efectúen ninguna modificación en los componentes que forman parte del
sistema de automación.
El instalador debe proporcionar todas las informaciones relativas al funcionamiento
del sistema en caso de emergencia y entregar al usuario del equipo el manual de
advertencias que se adjunta al producto.
No permitan que niños o personas se detengan en proximidad del producto
durante su funcionamiento.
La aplicación no puede ser utilizada por niños, personas con reducida capacidad
física, mental, sensorial o personas sin experiencia o la necesaria formación.
Mantengan lejos del alcance los niños los telemandos o cualquier otro emisor de
impulso, para evitar que la automación pueda ser accionada involuntariamente.
Sólo puede transitarse entre las hojas si la cancela está completamente abierta.
El usuario debe abstenerse de intentar reparar o de intervenir directamente, y
debe dirigirse exclusivamente a personal cualificado GENIUS o a centros de
asistencia GENIUS.
Todo lo que no esté previsto expresamente en las presentes instrucciones debe
entenderse como no permitido
DEUTSCH
HINWEISE FÜR DEN INSTALLATIONSTECHNIKER
ALLGEMEINE SICHERHEITSVORSCHRIFTEN
ACHTUNG! Um die Sicherheit von Personen zu gewährleisten, sollte die Anleitung
aufmerksam befolgt werden. Eine falsche Installation oder ein fehlerhafter
Betrieb des Produktes können zu schwerwiegenden Personenschäden
führen.
Bevor mit der Installation des Produktes begonnen wird, sollten die Anleitungen
aufmerksam gelesen werden.
Das Verpackungsmaterial (Kunststoff, Styropor, usw.) sollte nicht in Reichweite von
Kindern aufbewahrt werden, da es eine potentielle Gefahrenquelle darstellt.
Die Anleitung sollte aufbewahrt werden, um auch in Zukunft Bezug auf sie nehmen
zu können.
Dieses Produkt wurde ausschließlich für den in diesen Unterlagen angegebenen
Gebrauch entwickelt und hergestellt. Jeder andere Gebrauch, der nicht ausdrücklich
angegeben ist, könnte die Unversehrtheit des Produktes beeinträchtigen und/oder
eine Gefahrenquelle darstellen.
Die Firma GENIUS lehnt jede Haftung für Schäden, die durch unsachgemäßen oder
nicht bestimmungsgemäßen Gebrauch der Automatik verursacht werden, ab.
Das Gerät sollte nicht in explosionsgefährdeten Umgebungen installiert werden: das
Vorhandensein von entflammbaren Gasen oder Rauch stellt ein schwerwiegendes
Sicherheitsrisiko dar.
Die mechanischen Bauelemente müssen den Anforderungen der Normen EN 12604
und EN 12605 entsprechen.
Für Länder, die nicht der Europäischen Union angehören, sind für die Gewährleistung
eines entsprechenden Sicherheitsniveaus neben den nationalen gesetzlichen
Bezugsvorschriften die oben aufgeführten Normen zu beachten.
Die Firma GENIUS übernimmt keine Haftung im Falle von nicht fachgerechten Au-
sführungen bei der Herstellung der anzutreibenden Schließvorrichtungen sowie bei
Deformationen, die eventuell beim Betrieb entstehen.
Die Installation muß unter Beachtung der Normen EN 12453 und EN 12445 erfolgen.
Die Sicherheitsstufe der Automatik sollte C+D sein.
Vor der Ausführung jeglicher Eingriffe auf der Anlage sind die elektrische Versorgung
und die Batterie abzunehmen.
Auf dem Versorgungsnetz der Automatik ist ein omnipolarer Schalter mit Öffnun-
gsabstand der Kontakte von über oder gleich 3 mm einzubauen. Darüber hinaus
wird der Einsatz eines Magnetschutzschalters mit 6A mit omnipolarer Abschaltung
empfohlen.
Es sollte überprüft werden, ob vor der Anlage ein Differentialschalter mit einer
Auslöseschwelle von 0,03 A zwischengeschaltet ist.
Es sollte überprüft werden, ob die Erdungsanlage fachgerecht augeführt wurde. Die
Metallteile der Schließung sollten an diese Anlage angeschlossen werden.
Die Automation verfügt über eine eingebaute Sicherheitsvorrichtung für den Quetsch-
schutz, die aus einer Drehmomentkontrolle besteht. Es ist in jedem Falle erforderlich,
deren Eingriffsschwelle gemäß der Vorgaben der unter Punkt 10 angegebenen
Vorschriften zu überprüfen.
Die Sicherheitsvorrichtungen (Norm EN 12978) ermöglichen den Schutz eventueller
Gefahrenbereiche vor mechanischen Bewegungsrisiken, wie zum Beispiel Quet-
schungen, Mitschleifen oder Schnittverletzungen.
Für jede Anlage wird der Einsatz von mindestens einem Leuchtsignal empfohlen
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
19.
20.
21.
22.
23.
24.
25.
26.
27.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
sowie eines Hinweisschildes, das über eine entsprechende Befestigung mit dem
Aufbau des Tors verbunden wird. Darüber hinaus sind die unter Punkt “16” erwähnten
Vorrichtungen einzusetzen.
Die Firma GENIUS lehnt jede Haftung hinsichtlich der Sicherheit und des störungsfreien
Betriebs der Automatik ab, soweit Komponenten auf der Anlage eingesetzt werden,
die nicht im Hause GENIUS hergestellt urden.
Bei der Instandhaltung sollten ausschließlich Originalteile der Firma GENIUS ve-
rwendet werden.
Auf den Komponenten, die Teil des Automationssystems sind, sollten keine Verände-
rungen vorgenommen werden.
Der Installateur sollte alle Informationen hinsichtlich des manuellen Betriebs des
Systems in Notfällen liefern und dem Betreiber der Anlage das Anleitungsbuch, das
dem Produkt beigelegt ist, übergeben.
Weder Kinder noch Erwachsene sollten sich während des Betriebs in der unmittelbaren
Nähe der Automation aufhalten.
Die Anwendung darf nicht von Kindern, von Personen mit verminderter körperlicher,
geistiger, sensorieller Fähigkeit oder Personen ohne Erfahrungen oder der erforderli-
chen Ausbildung verwendet werden.
Die Funksteuerungen und alle anderen Impulsgeber sollten außerhalb der Rei-
chweite von Kindern aufbewahrt werden, um ein versehentliches Aktivieren der
Automation zu vermeiden.
Der Durchgang oder die Durchfahrt zwischen den Flügeln darf lediglich bei vollstän-
dig geöffnetem Tor erfolgen.
Der Benutzer darf direkt keine Versuche für Reparaturen oder Arbeiten vornehmen
und hat sich ausschließlich an qualifiziertes Fachpersonal GENIUS oder an Kunden-
dienstzentren GENIUS zu wenden.
Alle Vorgehensweisen, die nicht ausdrücklich in der vorliegenden Anleitung vorge-
sehen sind, sind nicht zulässig
NEDERLANDS
WAARSCHUWINGEN VOOR DE INSTALLATEUR
ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
LET OP! Het is belangrijk voor de veiligheid dat deze hele instructie zorgvuldig
wordt opgevolgd. Een onjuiste installatie of foutief gebruik van het product
kunnen ernstig persoonlijk letsel veroorzaken.
Lees de instructies aandachtig door alvorens te beginnen met de installatie van
het product.
De verpakkingsmaterialen (plastic, polystyreen, enz.) mogen niet binnen het bereik
van kinderen worden gelaten, want zij vormen een mogelijke bron van gevaar.
Bewaar de instructies voor raadpleging in de toekomst.
Dit product is uitsluitend ontworpen en gebouwd voor het doel dat in deze documen-
tatie wordt aangegeven. Elk ander gebruik, dat niet uitdrukkelijk wordt vermeld, zou
het product kunnen beschadigen en/of een bron van gevaar kunnen vormen.
GENIUS aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade die ontstaat uit
oneigenlijk gebruik of ander gebruik dan waarvoor het automatische systeem
is bedoeld.
Installeer het apparaat niet in een explosiegevaarlijke omgeving: de aanwezigheid
van ontvlambare gassen of dampen vormt een ernstig gevaar voor de veiligheid.
De mechanische bouwelementen moeten in overeenstemming zijn met de bepa-
lingen van de normen EN 12604 en EN 12605.
Voor niet-EEG landen moeten, om een goed veiligheidsniveau te bereiken,
behalve de nationale voorschriften ook de bovenstaande normen in acht worden
genomen.
GENIUS is niet aansprakelijk als de regels der goede techniek niet in acht genomen
zijn bij de bouw van het sluitwerk dat gemotoriseerd moet worden, noch voor
vervormingen die zouden kunnen ontstaan bij het gebruik.
De installatie dient te geschieden in overeenstemming met de normen EN 12453 en
EN 12445. Het veiligheidsniveau van het automatische systeem moet C+D zijn.
Alvorens ingrepen te gaan verrichten op de installatie moet de elektrische voeding
worden weggenomen en moeten de batterijen worden afgekoppeld.
Zorg op het voedingsnet van het automatische systeem voor een meerpolige
schakelaar met een opening tussen de contacten van 3 mm of meer. Het wordt
geadviseerd een magnetothermische schakelaar van 6A te gebruiken met
meerpolige onderbreking.
Controleer of er bovenstrooms van de installatie een differentieelschakelaar is
geplaatst met een limiet van 0,03 A.
Controleer of de aardingsinstallatie vakkundig is aangelegd en sluit er de metalen
delen van het sluitsysteem op aan.
Het automatische systeem beschikt over een intrinsieke beveiliging tegen inklem-
ming, bestaande uit een controle van het koppel. De inschakellimiet hiervan dient
echter te worden gecontroleerd volgens de bepalingen van de normen die worden
vermeld onder punt 10.
De veiligheidsvoorzieningen (norm EN 12978) maken het mogelijk eventuele gevaar-
lijke gebieden te beschermen tegen Mechanische gevaren door beweging, zoals
bijvoorbeeld inklemming, meesleuren of amputatie.
Het wordt voor elke installatie geadviseerd minstens één lichtsignaal te gebruiken
alsook een waarschuwingsbord dat goed op de constructie van het hang- en
sluitwerk dient te worden bevestigd, afgezien nog van de voorzieningen die ge-
noemd zijn onder punt “16”.
GENIUS aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor wat betreft de veiligheid
en de goede werking van het automatische systeem, als er in de installatie gebruik
gemaakt wordt van componenten die niet door GENIUS zijn geproduceerd.
Gebruik voor het onderhoud uitsluitend originele GENIUS-onderdelen.
Verricht geen wijzigingen op componenten die deel uitmaken van het automa-
tische systeem.
De installateur dient alle informatie te verstrekken over de handbediening van het
systeem in noodgevallen, en moet de gebruiker van de installatie het bij het product
geleverde boekje met aanwijzingen overhandigen.
De toepassing mag niet worden gebruikt door kinderen, personen met lichamelijke,
geestelijke en sensoriele beperkingen, of door personen zonder ervaring of de
benodigde training.
Sta het niet toe dat kinderen of volwassenen zich ophouden in de buurt van het
product terwijl dit in werking is.
Houd radio-afstandsbedieningen of alle andere impulsgevers buiten het bereik
van kinderen, om te voorkomen dat het automatische systeem onopzettelijk kan
worden aangedreven.
Ga alleen tussen de vleugels door als het hek helemaal geopend is.
De gebruiker mag zelf geen pogingen ondernemen tot reparaties of andere directe
ingrepen, en dient zich uitsluitend te wenden tot gekwalificeerd en geautoriseerd
GENIUS-personeel of een erkend GENIUS-servicecentrum.
Alles wat niet uitdrukkelijk in deze instructies wordt aangegeven, is niet toegestaan
18.
19.
20.
21.
22.
23.
24.
25.
26.
27.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
19.
20.
21.
22.
23.
24.
25.
26.
27.
Le descrizioni e le illustrazioni del presente manuale non sono impegnative. GENIUS si riserva il diritto, lasciando inalterate le
caratteristiche essenziali dell’apparecchiatura, di apportare in qualunque momento e senza impegnarsi ad aggiornare la
presente pubblicazione, le modifiche che essa ritiene convenienti per miglioramenti tecnici o per qualsiasi altra esigenza
di carattere costruttivo o commerciale.
The descriptions and illustrations contained in the present manual are not binding. GENIUS reserves the right, whils leaving
the main features of the equipments unaltered, to undertake any modifications to holds necessary for either technical or
commercial reasons, at any time and without revising the present publication.
Les descriptions et les illustrations du présent manuel sont fournies à titre indicatif. GENIUS se réserve le droit d’apporter à
tout moment les modifications qu’elle jugera utiles sur ce produit tout en conservant les caractéristiques essentielles, sans
devoir pour autant mettre à jour cette publication .
Las descripciones y las ilustraciones de este manual no comportan compromiso alguno. GENIUS se reserva el derecho,
dejando inmutadas las características esenciales de los aparatos, de aportar, en cualquier momento y sin comprometerse
a poner al día la presente publicación, todas las modificaciones que considere oportunas para el perfeccionamiento
técnico o para cualquier otro tipo de exigencia de carácter constructivo o comercial.
Die Beschreibungen und Abbildungen in vorliegendem Handbuch sind unverbindlich. GENIUS behält sich das Recht vor, ohne
die wesentlichen Eigenschaften dieses Gerätes zu verändern und ohne Verbindlichkeiten in Bezung auf die Neufassung der
vorliegenden Anleitungen, technisch bzw, konstruktiv / kommerziell bedingte Verbesserungen vorzunehmen.
De beschrijvingen in deze handleiding zijn niet bindend. GENIUS behoudt zich het recht voor op elk willekeurig moment de
veranderingen aan te brengen die het bedrijf nuttig acht met het oog op technische verbeteringen of alle mogelijke andere
productie- of commerciële eisen, waarbij de fundamentele eigenschappen van het apparaat gehandhaafd blijven, zonder
zich daardoor te verplichten deze publicatie bij te werken.
Timbro rivenditore: / Distributor’s stamp: / Timbre de l’agent: / Sello del revendedor: / Fachhändlerstempel: / Stempel
dealer:
Via Padre Elzi, 32 - 24050 - Grassobbio - BERGAMO-ITALY
tel. 0039.035.4242511 - fax. 0039.035.4242600
[email protected] - www.geniusg.com
00058I0889 Rev.0

Documenttranscriptie

Pagina 26 GEO 13 Gids voor de installateur INHOUDSOPGAVE 1. BESCHRIJVING pag.27 2. TECHNISCHE EIGENSCHAPPEN pag.27 3. VOORBEREIDINGEN pag.27 4. LAY-OUT KAART (Fig. 1) pag.27 5. BESCHRIJVING AANSLUITINGEN EN WERKING pag.27 5.1. KLEMMENBORD M1 (Fig. 2) pag.27 5.3. SNELCONNECTOR M3 pag.28 5.4. KLEMMENBORD M5 (Fig. 5) pag.28 6. WERKINGSDUUR INSTELLEN pag.28 7. DIPSCHAKELAARS INSTELLEN pag.29 8. CONTROLELEDS pag.30 9. ZEKERINGEN pag.30 10. BEDRIJFSLOGICA’S pag.30 CE VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING Fabrikant: GENIUS S.p.A. Adres: Via Padre Elzi, 32 - 24050 - Grassobbio - Bergamo - ITALIE Verklaart dat: De elektronische apparatuur mod. GEO 13 • in overeenstemming is met de fundamentele veiligheidseisen van de volgende EEG-richtlijnen: • 2006/95/EG Laagspanningsrichtijn. • 2004/108/EG richtlijn Elektromagnetische Compatibiliteit. NEDERLANDS Aanvullende opmerking: Dit product is getest in een specifieke homogene configuratie (alle door GENIUS S.p.A. vervaardigde producten). Grassobbio, 1 juli, 2010 De Algemeen Directeur D. Gianantoni Opmerkingen voor het lezen van de instructies Lees deze installatiehandleiding aandachtig door alvorens te beginnen met de installatie van het product. Het symbool is een aanduiding voor belangrijke opmerkingen voor de veiligheid van personen en om het automatische systeem in goede staat te houden. Het symbool vestigt de aandacht op opmerkingen over de eigenschappen of de werking van het product. GEO 13 Pagina 27 Gids voor de installateur 1. BESCHRIJVING Wij danken u dat u een van onze producten heeft gekozen. GENIUS weet zeker dat het alle prestaties zal verrichten die u nodig heeft. Al onze producten zijn het resultaat van vele jaren ervaring op het gebied van automatische systemen, te meer daar wij marktleider zijn in heel de wereld. De besturingskaart GEO 13 is een besturingseenheid met een microprocessor voor het besturen van motorreductoren voor rolluiken. Hiermee worden de motorreductor en de aangesloten veiligheidsvoorzieningen tijdens het openen en sluiten van het rolluik bediend. Aangezien de besturingseenheid eenvoudig te installeren en te programmeren is, kan het product snel worden geïnstalleerd. De belangrijkste bedrijfsparameters en werkingsmodi worden ingesteld door middel van dipschakelaars, terwijl de werkingsduur wordt ingesteld met behulp van een trimmer. 2. TECHNISCHE EIGENSCHAPPEN 230 V~ 50/60 Hz Voedingsspanning 7W Opgenomen vermogen 1300 W Max. belasting motor 500 mA Max. belasting accessoires -20°C + 50°C Bedrijfstemperatuur 2 (Voeding en accessoires) Veiligheidszekeringen Stap voor stap / Automatisch Bedrijfslogica’s Min. 8 seconden max. 90 seconden, instelbaar d.m.v. trimmer Werkingsduur (opening / sluiting) Pauzetijd 7 pauzetijden instelbaar d.m.v. dipschakelaars Ingangen op klemmenbord Netvoeding / Open / Stop / Obstakeldetectie 5-pins connector voor ontvangerkaart Snelconnector Voeding motor / Voeding waarschuwingslamp / Voeding accessoires Uitgangen op klemmenbord 80 x 150 x 195 mm Afmetingen houder IP54 Beschermingsgraad houder 3. VOORBEREIDINGEN Voor de persoonlijke veiligheid is het belangrijk dat alle waarschuwingen en instructies in dit boekje in acht worden genomen. Een verkeerde installatie of verkeerd gebruik van het product kan ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor raadpleging in de toekomst. • Controleer of er stroomopwaarts van de installatie een geschikte differentieelschakelaar aanwezig is, zoals voorgeschreven door de geldende veiligheidsvoorschriften. • Installeer een alpolige magnetothermische schakelaar op het voedingsnet. • Controleer of er een geschikte aardingsinstallatie aanwezig is. • Gebruik geschikte harde en/of flexibele buizen bij het aanleggen van de kabels. • Houd de 230 V~-voedingskabels altijd gescheiden van de laagspanningskabels, en gebruik daarbij verschillende beschermingsmantels om iedere interferentie te vermijden. 4. LAY-OUT KAART (Fig. 1) Beschrijving M1 Klemmenbord voeding motor en waarschuwingslamp M2 Klemmenbord ingangen en voeding accessoires M3 Snelconnector voor ontvangerkaart M5 Stop Open Pos. FSW Power Beschrijving Signaleringsled ingang voor obstakeldetectie-voorzieningen Led netvoeding aanwezig Time Work Signaleringsled werkingsduur Klemmenbord netvoeding TR1 Trimmer instellen werkingsduur Signaleringsled ingang Stop F1 Veiligheidszekering voeding Signaleringsled ingang Open RV1 Veiligheidszekering accessoires (zelfherstellend) 5. BESCHRIJVING AANSLUITINGEN EN WERKING 5.1. KLEMMENBORD M1 (Fig. 2) 5.1.1. WAARSCHUWINGSLAMP Klemmen “LAMP & LAMP”. Uitgang 230V~. Sluit op deze klemmen de voedingskabel van de waarschuwingslamp aan. De waarschuwingslamp moet van het intermitterende type zijn, het knipperen wordt niet door de centrale geregeld. De maximale belasting op deze klemmen bedraagt 15W NEDERLANDS Pos. Pagina 28 GEO 13 Gids voor de installateur 5.1.2. MOTOR Klemmen “CL, COM & OP”. Uitgang 230V~. Sluit op deze klemmen de voedingskabels van de motor aan. Voor de aansluitvolgorde van de kabels, zie de onderstaande tabel: Klem CL COM OP Contact Sluiten Gemeenschappelijk contact Openen Kleur draad Bruin Blauw / Grijs Zwart De kleur van de op de klemmen OP & CL aangesloten draden kan worden omgewisseld afhankelijk van de draairichting van de motor. De maximale belasting op deze klemmen bedraagt 1300 W. Bij een hogere belasting kan de besturingseenheid beschadigd raken. 5.2. KLEMMENBORD M2 (Fig. 3) 5.2.1. STOP Klemmen “STOP & COM”. Normaal gesloten contact. Sluit op deze klemmen een willekeurige impulsgever aan die, door het contact te openen, het automatisch systeem onmiddellijk stopt, terwijl het eventueel automatisch hersluiten wordt gedeactiveerd. Als dit commando is geactiveerd, moet om de normale werking te hervatten een OPEN-commando worden gegeven. De status van deze ingang wordt gesignaleerd door de led “STOP”. Als geen STOP-commando’s worden gebruikt, moet deze ingang worden doorverbonden, de led “STOP” moet altijd branden. Als er meerdere impulsgevers op deze klemmen zijn aangesloten, moeten ze in serie worden aangesloten. 5.2.2. OPEN Klemmen “OPEN & COM”. Normaal open contact. Sluit op deze klemmen een willekeurige impulsgever aan die, door het contact te sluiten, het commando moet geven voor het openen of sluiten van het rolluik. De status van deze ingang wordt gesignaleerd door de led “OPEN”. Als er meerdere impulsgevers op deze klemmen zijn aangesloten, moeten ze parallel worden geschakeld. 5.2.3. FOTOCELLEN Klemmen “FSW & FSW”. Normaal gesloten contact. Sluit op deze klemmen de eventuele obstakeldetectie-voorzieningen aan (fotocellen, pressostaat, enz.). Deze voorzieningen zijn actief gedurende de sluitingsbeweging van het rolluik en kunnen, afhankelijk van hoe de dipschakelaars zijn ingesteld (zie paragraaf 7), de beweging onmiddellijk omkeren, of stopzetten en hervatten zodra de inrichting vrij komt. De status van deze ingang wordt gesignaleerd door de led “FSW”. Meerdere obstakeldetectie-voorzieningen moeten in serie worden geschakeld. Als er geen voorziening wordt aangesloten, moet de ingang worden doorverbonden. De led “FSW” moet altijd branden. 5.2.4. VOEDING ACCESSOIRES Klemmen “- & +”. Uitgang met voeding 24 V. Sluit op deze klemmen de voedingskabels van de op de kaart aangesloten accessoires aan. De maximale belasting van de op deze ingang aangesloten accessoires bedraagt 500 mA. De uitgang van deze klemmen heeft gelijkstroom, neem bij het aansluiten van de accessoires de polen in acht. 5.3. SNELCONNECTOR M3 Deze connector dient voor het aansluiten van de 5-pins ontvangerkaart. De kaart mag er uitsluitend in worden geplaatst en eventueel worden verwijderd na de spanning te hebben uitgeschakeld. De ontvangerkaart kan er op slechts een manier worden ingestoken, zie fig. 4. Forceer niets. 5.4. KLEMMENBORD M5 (Fig. 5) NEDERLANDS 5.4.1. AARDING Klemmen " ". Sluit op deze klem de geel-groene kabel van de voedingslijn aan om de besturingseenheid te aarden. De aardaansluiting is absoluut noodzakelijk voor een correcte werking van de besturingseenheid. 5.4.2. VOEDING Klemmen “F & N”. Sluit op deze klemmen de 220 V~-voedingskabels van de motor aan. 6. WERKINGSDUUR INSTELLEN De werkingsduur van de besturingseenheid staat los van de daadwerkelijke werking van de motor. De eindschakelaars dienen om de beweging van de motor te stoppen en de positie van het rolluik te bepalen. GEO 13 Pagina 29 Gids voor de installateur De werkingsduur van de besturingseenheid wordt bepaald door het branden van de led “TIME WORK”. De werkingsduur van het rolluik kan worden ingesteld van minimaal 8 tot maximaal 90 seconden. Als de trimmer TR1 met de wijzers van de klok mee wordt gedraaid, wordt de werkingsduur van de besturingseenheid verlengd, en als hij tegen de wijzers van de klok in wordt gedraaid, wordt de werkingsduur verkort. Handel als volgt om de werkingsduur in te stellen: 1. Selecteer de werkingslogica “stap voor stap” door de dipschakelaars in te stellen, zie paragraaf 7. 2. Controleer of de trimmer TR1 ongeveer halverwege staat. 3. Voer de procedure voor het instellen van de eindschakelaars uit zoals beschreven in de handleiding van de motorreductor. Als gedurende de afstelprocedure de led “TIME WORK” dooft voordat de motor de eindschakelaar heeft bereikt, moet de werkingsduur worden verlengd door aan de trimmer TR1 te draaien, en herhaal vervolgens de procedure voor het afstellen van de eindschakelaars 4. 5. Als de procedure voor het instellen van de eindschakelaars is voltooid, kan de werkingsduur worden ingesteld. Geef een commando voor het openen van het rolluik en controleer hoe lang de led “TIME WORK” op de besturingseenheid blijft branden. Als hij nadat het rolluik tot stilstand is gekomen langer dan twee seconden blijft branden, moet de werkingsduur worden verkort door de trimmer TR1 tegen de wijzers van de klok in te draaien. De werkingsduur moet zo worden ingesteld dat de led “TIME WORK” op de besturingseenheid nog ongeveer twee seconden nadat de motor is gestopt, blijft branden. 6. 7. Geef een sluitingscommando en een openingscommando en controleer hoe lang de led blijft branden. Herhaal indien nodig de handelingen vanaf punt 5 tot de led ongeveer twee seconden nadat de motor is gestopt, dooft. Met de bedrijfslogica stap voor stap kan het aftellen van de werkingsduur worden gestopt door de radioafstandsbediening of een willekeurige andere op de OPEN-ingang aangesloten voorziening te bedienen. 7. DIPSCHAKELAARS INSTELLEN De besturingseenheid heeft vier dipschakelaars waarmee de bedrijfslogica, de pauzetijd voor het automatisch hersluiten en de wijze van ingrijpen door de obstakeldetectie-voorzieningen tijdens het sluiten van het rolluik, kunnen worden ingesteld. De verschillende mogelijkheden zijn in de volgende tabel samengevat: Dipschakelaar Beschrijving Logica stap voor stap Logica automatisch met 5 seconden pauze Logica automatisch met 10 seconden pauze Logica automatisch met 15 seconden pauze Logica automatisch met 20 seconden pauze Logica automatisch met 30 seconden pauze Logica automatisch met 60 seconden pauze Gedrag obstakeldetectie-voorzieningen Blokkeert de beweging en keert de beweging om in opening Blokkeert de werking en hervat de sluitingsbeweging na het vrijkomen NEDERLANDS Logica automatisch met 45 seconden pauze Pagina 30 GEO 13 Gids voor de installateur Het aftellen van de pauzetijd begint zodra de werkingsduur is verstreken, led “TIME WORK” gedoofd. De dipschakelaars moeten altijd worden ingesteld met de besturingseenheid uitgeschakeld en het rolluik gesloten. 8. CONTROLELEDS Op de centrale zitten 5 controleleds waarmee de status van de ingangen en de besturingseenheid kan worden bewaakt. In de volgende tabel is de betekenis van iedere led weergegeven: Led Power Time Work Stop Open FSW Aan Uit Netvoeding aanwezig Besturingseenheid in werking Commando niet actief Commando actief Obstakeldetectie-voorzieningen vrij Geen netvoeding aanwezig Besturingseenheid in ruststand Commando actief Commando niet actief Obstakeldetectie-voorzieningen bezet De gemarkeerde toestanden betreffen de situatie van besturingseenheid gevoed en rolluik gesloten. 9. ZEKERINGEN Op de besturingseenheid zitten twee veiligheidszekeringen, waarvan er een zelfherstellend is. Anders dan normale zekeringen, waarbij als de zekering doorslaat het element stuk gaat en de zekering moet worden vervangen om de werking te herstellen, is het ingrijpen van zelfherstellende zekeringen alleen te merken doordat het deel dat zij beschermt niet werkt. Als dit soort zekering ingrijpt, moet als volgt worden gehandeld: 1. Schakel de spanning naar de besturingseenheid uit. 2. Controleer of de niet werkende accessoires goed zijn aangesloten, en kijk met name of er geen kortsluiting is. 3. Controleer of de totale belasting van de aangesloten accessoires de in deze handleiding aangegeven limiet niet overschrijdt. 4. Wacht minstens vijf minuten en schakel de stroomvoorziening weer in. De onderstaande tabel bevat een overzicht met de waarde van de zekeringen en het deel van het stroomcircuit dat de zekering beschermt: Zekering Beveiliging F1= T5A/250V 2x20 Voeding Kaart RV1 = 500mA (zelfherstellend) Voeding accessoires 10. BEDRIJFSLOGICA’S Logica Stap voor stap Impulsen Status rolluik Open Stop Gesloten Opent het rolluik Geopend Sluit het rolluik Geen effect, indien ingedrukt onderdrukt het OPEN-commando Blokkeert de werking Blokkeert de werking Wordt gesloten Wordt geopend Obstakeldetectie Dipschakelaar 4 = ON Dipschakelaar 4 = OFF Geen effect Geen effect, indien bezet onderdrukt het OPEN-commando Blokkeert en hervat Blokkeert en keert de de beweging na het beweging om vrijkomen Geen effect Logica Automatisch Impulsen NEDERLANDS Status rolluik Open Gesloten Opent het rolluik en sluit hem weer na de pauzetijd Geopend in pauze Sluit onmiddellijk Wordt gesloten Blokkeert de werking Wordt geopend Geen effect Stop Geen effect, indien ingedrukt onderdrukt het OPEN-commando Blokkeert de werking Obstakeldetectie Dipschakelaar 4 = ON Dipschakelaar 4 = OFF Geen effect Geen effect, indien bezet onderdrukt het OPEN-commando Blokkeert en hervat Blokkeert en keert de de beweging na het beweging om vrijkomen Geen effect indicada en el presente manual. Cualquier uso diverso del previsto podría perjudicar el funcionamiento del producto y/o representar fuente de peligro. 5. GENIUS declina cualquier responsabilidad derivada de un uso impropio o diverso del previsto. 6. No instalen el aparato en atmósfera explosiva: la presencia de gas o humos inflamables constituye un grave peligro para la seguridad. 7. Los elementos constructivos mecánicos deben estar de acuerdo con lo establecido en las Normas EN 12604 y EN 12605. 8. Para los países no pertenecientes a la CEE, además de las referencias normativas nacionales, para obtener un nivel de seguridad adecuado, deben seguirse las Normas arriba indicadas. 9. GENIUS no es responsable del incumplimiento de las buenas técnicas de fabricación de los cierres que se han de motorizar, así como de las deformaciones que pudieran intervenir en la utilización. 10. La instalación debe ser realizada de conformidad con las Normas EN 12453 y EN 12445. El nivel de seguridad de la automación debe ser C+D. 11. Quiten la alimentación eléctrica y desconecten las baterías antes de efectuar cualquier intervención en la instalación. 12. Coloquen en la red de alimentación de la automación un interruptor omnipolar con distancia de apertura de los contactos igual o superior a 3 mm. Se aconseja usar un magnetotérmico de 6A con interrupción omnipolar. 13. Comprueben que la instalación disponga línea arriba de un interruptor diferencial con umbral de 0,03 A. 14. Verifiquen que la instalación de tierra esté correctamente realizada y conecten las partes metálicas del cierre. 15. La automación dispone de un dispositivo de seguridad antiaplastamiento constituido por un control de par. No obstante, es necesario comprobar el umbral de intervención según lo previsto en las Normas indicadas en el punto 10. 16. Los dispositivos de seguridad (norma EN 12978) permiten proteger posibles áreas de peligro de Riesgos mecánicos de movimiento, como por ej. aplastamiento, arrastre, corte. 17. Para cada equipo se aconseja usar por lo menos una señalización luminosa así como un cartel de señalización adecuadamente fijado a la estructura del bastidor, además de los dispositivos indicados en el “16”. 18. GENIUS declina toda responsabilidad relativa a la seguridad y al buen funcionamiento de la automación si se utilizan componentes de la instalación que no sean de producción GENIUS. 19. Para el mantenimiento utilicen exclusivamente piezas originales GENIUS 20. No efectúen ninguna modificación en los componentes que forman parte del sistema de automación. 21. El instalador debe proporcionar todas las informaciones relativas al funcionamiento del sistema en caso de emergencia y entregar al usuario del equipo el manual de advertencias que se adjunta al producto. 22. No permitan que niños o personas se detengan en proximidad del producto durante su funcionamiento. 23. La aplicación no puede ser utilizada por niños, personas con reducida capacidad física, mental, sensorial o personas sin experiencia o la necesaria formación. 24. Mantengan lejos del alcance los niños los telemandos o cualquier otro emisor de impulso, para evitar que la automación pueda ser accionada involuntariamente. 25. Sólo puede transitarse entre las hojas si la cancela está completamente abierta. 26. El usuario debe abstenerse de intentar reparar o de intervenir directamente, y debe dirigirse exclusivamente a personal cualificado GENIUS o a centros de asistencia GENIUS. 27. Todo lo que no esté previsto expresamente en las presentes instrucciones debe entenderse como no permitido DEUTSCH HINWEISE FÜR DEN INSTALLATIONSTECHNIKER ALLGEMEINE SICHERHEITSVORSCHRIFTEN ACHTUNG! Um die Sicherheit von Personen zu gewährleisten, sollte die Anleitung aufmerksam befolgt werden. Eine falsche Installation oder ein fehlerhafter Betrieb des Produktes können zu schwerwiegenden Personenschäden führen. 1. Bevor mit der Installation des Produktes begonnen wird, sollten die Anleitungen aufmerksam gelesen werden. 2. Das Verpackungsmaterial (Kunststoff, Styropor, usw.) sollte nicht in Reichweite von Kindern aufbewahrt werden, da es eine potentielle Gefahrenquelle darstellt. 3. Die Anleitung sollte aufbewahrt werden, um auch in Zukunft Bezug auf sie nehmen zu können. 4. Dieses Produkt wurde ausschließlich für den in diesen Unterlagen angegebenen Gebrauch entwickelt und hergestellt. Jeder andere Gebrauch, der nicht ausdrücklich angegeben ist, könnte die Unversehrtheit des Produktes beeinträchtigen und/oder eine Gefahrenquelle darstellen. 5. Die Firma GENIUS lehnt jede Haftung für Schäden, die durch unsachgemäßen oder nicht bestimmungsgemäßen Gebrauch der Automatik verursacht werden, ab. 6. Das Gerät sollte nicht in explosionsgefährdeten Umgebungen installiert werden: das Vorhandensein von entflammbaren Gasen oder Rauch stellt ein schwerwiegendes Sicherheitsrisiko dar. 7. Die mechanischen Bauelemente müssen den Anforderungen der Normen EN 12604 und EN 12605 entsprechen. 8. Für Länder, die nicht der Europäischen Union angehören, sind für die Gewährleistung eines entsprechenden Sicherheitsniveaus neben den nationalen gesetzlichen Bezugsvorschriften die oben aufgeführten Normen zu beachten. 9. Die Firma GENIUS übernimmt keine Haftung im Falle von nicht fachgerechten Ausführungen bei der Herstellung der anzutreibenden Schließvorrichtungen sowie bei Deformationen, die eventuell beim Betrieb entstehen. 10. Die Installation muß unter Beachtung der Normen EN 12453 und EN 12445 erfolgen. Die Sicherheitsstufe der Automatik sollte C+D sein. 11. Vor der Ausführung jeglicher Eingriffe auf der Anlage sind die elektrische Versorgung und die Batterie abzunehmen. 12. Auf dem Versorgungsnetz der Automatik ist ein omnipolarer Schalter mit Öffnungsabstand der Kontakte von über oder gleich 3 mm einzubauen. Darüber hinaus wird der Einsatz eines Magnetschutzschalters mit 6A mit omnipolarer Abschaltung empfohlen. 13. Es sollte überprüft werden, ob vor der Anlage ein Differentialschalter mit einer Auslöseschwelle von 0,03 A zwischengeschaltet ist. 14. Es sollte überprüft werden, ob die Erdungsanlage fachgerecht augeführt wurde. Die Metallteile der Schließung sollten an diese Anlage angeschlossen werden. 15. Die Automation verfügt über eine eingebaute Sicherheitsvorrichtung für den Quetschschutz, die aus einer Drehmomentkontrolle besteht. Es ist in jedem Falle erforderlich, deren Eingriffsschwelle gemäß der Vorgaben der unter Punkt 10 angegebenen Vorschriften zu überprüfen. 16. Die Sicherheitsvorrichtungen (Norm EN 12978) ermöglichen den Schutz eventueller Gefahrenbereiche vor mechanischen Bewegungsrisiken, wie zum Beispiel Quetschungen, Mitschleifen oder Schnittverletzungen. 17. Für jede Anlage wird der Einsatz von mindestens einem Leuchtsignal empfohlen 18. 19. 20. 21. 22. 23. 24. 25. 26. 27. sowie eines Hinweisschildes, das über eine entsprechende Befestigung mit dem Aufbau des Tors verbunden wird. Darüber hinaus sind die unter Punkt “16” erwähnten Vorrichtungen einzusetzen. Die Firma GENIUS lehnt jede Haftung hinsichtlich der Sicherheit und des störungsfreien Betriebs der Automatik ab, soweit Komponenten auf der Anlage eingesetzt werden, die nicht im Hause GENIUS hergestellt urden. Bei der Instandhaltung sollten ausschließlich Originalteile der Firma GENIUS verwendet werden. Auf den Komponenten, die Teil des Automationssystems sind, sollten keine Veränderungen vorgenommen werden. Der Installateur sollte alle Informationen hinsichtlich des manuellen Betriebs des Systems in Notfällen liefern und dem Betreiber der Anlage das Anleitungsbuch, das dem Produkt beigelegt ist, übergeben. Weder Kinder noch Erwachsene sollten sich während des Betriebs in der unmittelbaren Nähe der Automation aufhalten. Die Anwendung darf nicht von Kindern, von Personen mit verminderter körperlicher, geistiger, sensorieller Fähigkeit oder Personen ohne Erfahrungen oder der erforderlichen Ausbildung verwendet werden. Die Funksteuerungen und alle anderen Impulsgeber sollten außerhalb der Reichweite von Kindern aufbewahrt werden, um ein versehentliches Aktivieren der Automation zu vermeiden. Der Durchgang oder die Durchfahrt zwischen den Flügeln darf lediglich bei vollständig geöffnetem Tor erfolgen. Der Benutzer darf direkt keine Versuche für Reparaturen oder Arbeiten vornehmen und hat sich ausschließlich an qualifiziertes Fachpersonal GENIUS oder an Kundendienstzentren GENIUS zu wenden. Alle Vorgehensweisen, die nicht ausdrücklich in der vorliegenden Anleitung vorgesehen sind, sind nicht zulässig NEDERLANDS WAARSCHUWINGEN VOOR DE INSTALLATEUR ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN LET OP! Het is belangrijk voor de veiligheid dat deze hele instructie zorgvuldig wordt opgevolgd. Een onjuiste installatie of foutief gebruik van het product kunnen ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. 1. Lees de instructies aandachtig door alvorens te beginnen met de installatie van het product. 2. De verpakkingsmaterialen (plastic, polystyreen, enz.) mogen niet binnen het bereik van kinderen worden gelaten, want zij vormen een mogelijke bron van gevaar. 3. Bewaar de instructies voor raadpleging in de toekomst. 4. Dit product is uitsluitend ontworpen en gebouwd voor het doel dat in deze documentatie wordt aangegeven. Elk ander gebruik, dat niet uitdrukkelijk wordt vermeld, zou het product kunnen beschadigen en/of een bron van gevaar kunnen vormen. 5. GENIUS aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade die ontstaat uit oneigenlijk gebruik of ander gebruik dan waarvoor het automatische systeem is bedoeld. 6. Installeer het apparaat niet in een explosiegevaarlijke omgeving: de aanwezigheid van ontvlambare gassen of dampen vormt een ernstig gevaar voor de veiligheid. 7. De mechanische bouwelementen moeten in overeenstemming zijn met de bepalingen van de normen EN 12604 en EN 12605. 8. Voor niet-EEG landen moeten, om een goed veiligheidsniveau te bereiken, behalve de nationale voorschriften ook de bovenstaande normen in acht worden genomen. 9. GENIUS is niet aansprakelijk als de regels der goede techniek niet in acht genomen zijn bij de bouw van het sluitwerk dat gemotoriseerd moet worden, noch voor vervormingen die zouden kunnen ontstaan bij het gebruik. 10. De installatie dient te geschieden in overeenstemming met de normen EN 12453 en EN 12445. Het veiligheidsniveau van het automatische systeem moet C+D zijn. 11. Alvorens ingrepen te gaan verrichten op de installatie moet de elektrische voeding worden weggenomen en moeten de batterijen worden afgekoppeld. 12. Zorg op het voedingsnet van het automatische systeem voor een meerpolige schakelaar met een opening tussen de contacten van 3 mm of meer. Het wordt geadviseerd een magnetothermische schakelaar van 6A te gebruiken met meerpolige onderbreking. 13. Controleer of er bovenstrooms van de installatie een differentieelschakelaar is geplaatst met een limiet van 0,03 A. 14. Controleer of de aardingsinstallatie vakkundig is aangelegd en sluit er de metalen delen van het sluitsysteem op aan. 15. Het automatische systeem beschikt over een intrinsieke beveiliging tegen inklemming, bestaande uit een controle van het koppel. De inschakellimiet hiervan dient echter te worden gecontroleerd volgens de bepalingen van de normen die worden vermeld onder punt 10. 16. De veiligheidsvoorzieningen (norm EN 12978) maken het mogelijk eventuele gevaarlijke gebieden te beschermen tegen Mechanische gevaren door beweging, zoals bijvoorbeeld inklemming, meesleuren of amputatie. 17. Het wordt voor elke installatie geadviseerd minstens één lichtsignaal te gebruiken alsook een waarschuwingsbord dat goed op de constructie van het hang- en sluitwerk dient te worden bevestigd, afgezien nog van de voorzieningen die genoemd zijn onder punt “16”. 18. GENIUS aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor wat betreft de veiligheid en de goede werking van het automatische systeem, als er in de installatie gebruik gemaakt wordt van componenten die niet door GENIUS zijn geproduceerd. 19. Gebruik voor het onderhoud uitsluitend originele GENIUS-onderdelen. 20. Verricht geen wijzigingen op componenten die deel uitmaken van het automatische systeem. 21. De installateur dient alle informatie te verstrekken over de handbediening van het systeem in noodgevallen, en moet de gebruiker van de installatie het bij het product geleverde boekje met aanwijzingen overhandigen. 22. De toepassing mag niet worden gebruikt door kinderen, personen met lichamelijke, geestelijke en sensoriele beperkingen, of door personen zonder ervaring of de benodigde training. 23. Sta het niet toe dat kinderen of volwassenen zich ophouden in de buurt van het product terwijl dit in werking is. 24. Houd radio-afstandsbedieningen of alle andere impulsgevers buiten het bereik van kinderen, om te voorkomen dat het automatische systeem onopzettelijk kan worden aangedreven. 25. Ga alleen tussen de vleugels door als het hek helemaal geopend is. 26. De gebruiker mag zelf geen pogingen ondernemen tot reparaties of andere directe ingrepen, en dient zich uitsluitend te wenden tot gekwalificeerd en geautoriseerd GENIUS-personeel of een erkend GENIUS-servicecentrum. 27. Alles wat niet uitdrukkelijk in deze instructies wordt aangegeven, is niet toegestaan Le descrizioni e le illustrazioni del presente manuale non sono impegnative. GENIUS si riserva il diritto, lasciando inalterate le caratteristiche essenziali dell’apparecchiatura, di apportare in qualunque momento e senza impegnarsi ad aggiornare la presente pubblicazione, le modifiche che essa ritiene convenienti per miglioramenti tecnici o per qualsiasi altra esigenza di carattere costruttivo o commerciale. The descriptions and illustrations contained in the present manual are not binding. GENIUS reserves the right, whils leaving the main features of the equipments unaltered, to undertake any modifications to holds necessary for either technical or commercial reasons, at any time and without revising the present publication. Les descriptions et les illustrations du présent manuel sont fournies à titre indicatif. GENIUS se réserve le droit d’apporter à tout moment les modifications qu’elle jugera utiles sur ce produit tout en conservant les caractéristiques essentielles, sans devoir pour autant mettre à jour cette publication . Las descripciones y las ilustraciones de este manual no comportan compromiso alguno. GENIUS se reserva el derecho, dejando inmutadas las características esenciales de los aparatos, de aportar, en cualquier momento y sin comprometerse a poner al día la presente publicación, todas las modificaciones que considere oportunas para el perfeccionamiento técnico o para cualquier otro tipo de exigencia de carácter constructivo o comercial. Die Beschreibungen und Abbildungen in vorliegendem Handbuch sind unverbindlich. GENIUS behält sich das Recht vor, ohne die wesentlichen Eigenschaften dieses Gerätes zu verändern und ohne Verbindlichkeiten in Bezung auf die Neufassung der vorliegenden Anleitungen, technisch bzw, konstruktiv / kommerziell bedingte Verbesserungen vorzunehmen. De beschrijvingen in deze handleiding zijn niet bindend. GENIUS behoudt zich het recht voor op elk willekeurig moment de veranderingen aan te brengen die het bedrijf nuttig acht met het oog op technische verbeteringen of alle mogelijke andere productie- of commerciële eisen, waarbij de fundamentele eigenschappen van het apparaat gehandhaafd blijven, zonder zich daardoor te verplichten deze publicatie bij te werken. Timbro rivenditore: / Distributor’s stamp: / Timbre de l’agent: / Sello del revendedor: / Fachhändlerstempel: / Stempel dealer: Via Padre Elzi, 32 - 24050 - Grassobbio - BERGAMO-ITALY tel. 0039.035.4242511 - fax. 0039.035.4242600 [email protected] - www.geniusg.com 00058I0889 Rev.0
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36

Genius GEO 13 Handleiding

Type
Handleiding