Electrolux EWW1686HDW Handleiding

Type
Handleiding
EWW 1686 HDW
NL WAS-
DROOGCOMBINATIE
GEBRUIKSAANWIJZING
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE...................................................................................3
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.......................................................................... 5
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT................................................................. 7
4. BEDIENINGSPANEEL..........................................................................................8
5. PROGRAMMA’S .................................................................................................9
6. VERBRUIKSWAARDEN..................................................................................... 13
7. OPTIES..............................................................................................................14
8. INSTELLINGEN..................................................................................................15
9. VOOR HET EERSTE GEBRUIK.......................................................................... 16
10. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN WASSEN..................................................... 16
11. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN.....................................................20
12. DAGELIJKS GEBRUIK - WASSEN & DROGEN................................................21
13. AANWIJZINGEN EN TIPS................................................................................ 22
14. ONDERHOUD EN REINIGING......................................................................... 24
15. PROBLEEMOPLOSSING.................................................................................29
16. NOODDEUROPENING.................................................................................... 31
17. TECHNISCHE GEGEVENS.............................................................................. 32
WE DENKEN AAN U
Bedankt voor het kopen van een Electrolux-apparaat. U koos voor een product dat
jaren professionele ervaring en innovatie bevat. Ingenieus en stijlvol, het werd
ontworpen met u in het achterhoofd. Wanneer u het gebruikt, kunt u er op
vertrouwen dat u keer op keer fantastische resultaten zult krijgen.
Welkom bij Electrolux.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en
onderhoudsinformatie:
www.electrolux.com
Registreer uw product voor een betere service:
www.registerelectrolux.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
apparaat:
www.electrolux.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens bij
de hand hebt: model, productnummer, serienummer.
Deze informatie wordt vermeld op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
www.electrolux.com2
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor
installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet
verantwoordelijk voor letsel en schade veroorzaakt door
een foutieve installatie. Bewaar de instructies van het
apparaat voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
WAARSCHUWING!
Gevaar voor verstikking, letsel of permanente
invaliditeit.
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8
jaar en ouder en door mensen met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of
een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder
toezicht staan of instructies hebben gekregen over het
veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder
permanent toezicht.
Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van
kinderen.
Houd alle reinigingsmiddelen uit de buurt van kinderen.
Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het
apparaat als de deur open is.
Als het apparaat is uitgerust met een kinderbeveiliging,
raden wij aan dit te activeren.
Reiniging en onderhoud mag niet worden uitgevoerd
door kinderen zonder toezicht.
1.2 Algemene veiligheid
De specificatie van het apparaat mag niet worden
veranderd.
Het apparaat kan losstaand of onder het aanrecht in de
keuken met correcte ruimte worden geïnstalleerd.
NEDERLANDS
3
Installeer het apparaat niet achter een vergrendelbare
deur, een schuifdeur of een deur met een scharnier aan
de tegenovergestelde zijde, waardoor de deur van het
apparaat niet volledig geopend kan worden.
Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie
is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie
bereikbaar is.
De ventilatie-openingen in de onderkant (indien van
toepassing) mogen niet worden afgedekt door tapijt.
Zorg voor een goede ventilatie in de ruimte waar het
apparaat geïnstalleerd is, om te voorkomen dat gassen
uit apparaten die op andere brandstoffen werken, zoals
open haarden, in de ruimte terugstromen.
De lucht mag niet worden afgevoerd via een kanaal dat
wordt gebruikt voor uitlaatgassen van apparaten die gas
of andere brandstoffen verbranden (indien van
toepassing).
De waterdruk (minimaal en maximaal) moet liggen
tussen 0,5 bar (0,05 MPa) en 8 bar (0,8 MPa)
Respecteer het maximale laadvermogen van 8 kg
(raadpleeg hoofdstuk “Programmaschema”).
Het apparaat moet met de nieuwe slangset worden
aangesloten op een kraan. Oude slangsets mogen niet
opnieuw worden gebruikt.
Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant,
een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd
persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties te
voorkomen.
Veeg eventuele pluisjes die zich rondom het apparaat
hebben opgehoopt, weg.
Artikelen die zijn bevuild met stoffen als spijsolie,
aceton, benzine, petroleum, kerosine,
vlekkenverwijderaars , terpentine, boenwas en
boenwasverwijderaars dienen alvorens in de
droogtrommel te worden gedroogd, te worden
gewassen in heet water met een extra hoeveelheid
wasmiddel.
www.electrolux.com4
Gebruik het apparaat niet als er industriële chemische
reinigingsmiddelen zijn gebruikt.
Droog geen ongewassen artikelen in de wasdroger.
Artikelen van schuimrubber (latexschuim),
douchemutsjes, waterdichte kleding, artikelen met een
rubberen binnenkant en kleding of kussens met een
vulling van schuimrubber dienen niet in de
droogtrommel te worden gedroogd.
Wasverzachters of soortgelijke producten dienen te
worden gebruikt zoals aangegeven in de
wasverzachterinstructies.
Verwijder alle objecten, zoals aanstekers en lucifers, uit
broek-, rok- of jaszakken.
Stop een wasdroger nooit voor het einde van een
droogcyclus, tenzij alle voorwerpen snel uit de trommel
verwijderd en uitgehangen worden, zodat de hitte snel
verdwijnt.
Het laatste deel van een droogtrommelcyclus vindt
plaats zonder warmte (koelcyclus) om ervoor te zorgen
dat de artikelen uiteindelijk een temperatuur hebben
waarbij is gewaarborgd dat de artikelen niet worden
beschadigd.
Gebruik geen waterstralen of stoom om het apparaat te
reinigen.
Maak het apparaat schoon met een vochtige, zachte
doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen.
Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het
stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Montage
Verwijder de verpakking en de
transportbouten.
Bewaar de transportbouten. Als u het
apparaat gaat verplaatsen, moet de
trommel worden geblokkeerd.
Wees voorzichtig met het verplaatsen
van het apparaat, het is zwaar. Draag
altijd veiligheidshandschoenen.
Installeer en gebruik geen beschadigd
apparaat.
Volg de installatie-instructies op die zijn
meegeleverd met het apparaat.
NEDERLANDS
5
Gebruik of installeer het apparaat niet
als de temperatuur lager is dan 0 °C of
als het is blootgesteld aan het weer.
Zorg ervoor dat de vloer van de plaats
waar u het apparaat installeert, vlak,
stabiel, hittebestendig en schoon is.
Plaats het apparaat niet op een plek
waar de deur niet helemaal open kan.
Het apparaat mag alleen verticaal
worden verplaatst.
De achterkant van het apparaat moet
tegen de muur worden geplaatst.
Zorg dat er lucht tussen het apparaat
en de vloer kan circuleren.
Pas de stelvoeten aan om de nodige
ruimte tussen het apparaat en de
vloerbedekking te creëren.
Als het apparaat op zijn permanente
plaats wordt geplaatst, moet u nagaan
of het waterpas staat. Is dit niet het
geval, stel dan de stelpootjes af totdat
dit wel het geval is.
2.2 Aansluiting aan het
elektriciteitsnet
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.
Dit apparaat moet worden aangesloten
op een geaard stopcontact.
Gebruik altijd een correct geïnstalleerd,
schokbestendig stopcontact.
Gebruik geen meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
Trek niet aan het netsnoer om het
apparaat los te koppelen. Trek altijd
aan de stekker.
Raak de stroomkabel of stekker niet
aan met natte handen.
Alleen voor het VK en Ierland: Het
apparaat heeft een 13 amp. stekker.
Als het noodzakelijk is om de zekering
in de stekker te verwisselen, gebruik
dan een 13 amp. ASTA (BS1362)
zekering.
Dit apparaat voldoet aan de EEG-
richtlijnen.
2.3 Wateraansluiting
Zorg dat u de waterslangen niet
beschadigt.
Laat het water stromen tot het schoon
is voordat u het apparaat aansluit op
nieuwe leidingen of leidingen die lang
niet zijn gebruikt.
Zorg dat er geen lekkages zijn als u het
apparaat de eerste keer gebruikt.
2.4 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, elektrische
schokken, brand,
brandwonden en schade aan
het apparaat.
Gebruik dit apparaat uitsluitend in een
huishoudelijke omgeving.
De specificatie van het apparaat mag
niet worden veranderd.
Plaats geen ontvlambare producten of
items die vochtig zijn door ontvlambare
producten in, bij of op het apparaat.
Raak het glas van de deur niet aan als
een programma in werking is. Het glas
kan heet worden.
Droog geen beschadigde kleding met
vulling of voering.
Als u het wasgoed heeft gewassen met
een vlekverwijderaar, voer dan een
extra spoelcyclus uit voordat u de
droogcyclus start.
Zorg dat u alle metalen onderdelen uit
het wasgoed verwijdert.
Droog uitsluitend textiel dat in de
wasdroogcombinatie mag worden
gedroogd. Volg de instructies op het
wasvoorschrift in de kleding.
Voorwerpen van kunststof die niet
hittebestendig zijn.
Als u gebruik maakt van een
wasmiddelbal, verwijdert u de bal
voordat u het droogprogramma
instelt.
Gebruik geen wasmiddelbal
wanneer u een non-
stopprogramma instelt.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade
aan het apparaat.
Ga niet op de open deur zitten of
staan.
Droog geen druipnatte kledingstukken
in het apparaat.
2.5 Verwijdering
Haal de stekker uit het stopcontact.
www.electrolux.com6
Snij het netsnoer van het apparaat af
en gooi dit weg.
Verwijder de deurgreep om te
voorkomen dat kinderen en huisdieren
opgesloten raken in het apparaat.
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Apparaatoverzicht
1
2
3
5
6
7
4
1
Werkblad
2
Wasmiddeldoseerbakje
3
Bedieningspaneel
4
Handgreep
5
Typeplaatje
6
Filter afvoerpomp
7
Stelvoetjes
3.2 De kinderbeveiliging
inschakelen
Dit voorkomt dat kinderen of huisdieren in
de trommel worden opgesloten.
Draai het draaigedeelte rechtsom totdat
de groef horizontaal staat.
U kunt de deur niet sluiten.
Om de deur te sluiten draait u het
draaigedeelte linksom totdat de groef
weer verticaal staat.
3.3 Set bevestigingsplaatjes
(4055171146)
Verkrijgbaar bij uw geautoriseerde
verkooppunt.
Zet het apparaat goed vast met de
bevestigingsplaatjes als u het apparaat op
een plint plaatst.
Lees de met het accessoire meegeleverde
instructies zorgvuldig door.
NEDERLANDS
7
4. BEDIENINGSPANEEL
4.1 Beschrijving bedieningspaneel
53 4
1011
8
7
9
6
1 2
1
Aan-/Uittoets (Aan/Uit)
2
Programmaknop
3
Tiptoets Centrifugeersnelheid
reducerend (Centrif.)
4
Tiptoets Temperatuur (Temp.)
5
Display
6
Droogtijd-tiptoets (Droogtijd)
7
Tiptoets Startuitstel (Startuitstel)
8
Tiptoets Extra spoelen (Extra
Spoelen)
9
Droogniveau-tiptoets
(Droogtegraad)
10
Tiptoets Start/Pauze (Start/Pauze)
11
Time Manager-tiptoetsen
(TimeManager)
4.2 Weergave
A B C
D
E
F
GH
I
J
K
A) Het temperatuurgedeelte:
: Temperatuuraanduiding
: Aanduiding koud water
B) : Time Manager-aanduiding.
C) Het tijdgedeelte:
: de programmaduur
: het startuitstel
: de alarmcodes
: de foutmelding
www.electrolux.com8
: het programma is voltooid.
D) : De droogfase.
E) : De stoomfase.
F) : De permanente optie Extra
spoelen.
G) , , : De aanduidingen van het
droogheidsniveau.
H) Het centrifugeergedeelte:
: aanduiding toerental
: aanduiding Niet
centrifugeren
: aanduiding Spoelstop
I) : De wasfase.
J) : Aanduiding kinderslot.
K) : De aanduiding deur vergrendeld
5. PROGRAMMA’S
5.1 Programmatabel
Programma
Temperatuurbereik
Maximale be-
lading
Maximale cen-
trifugeersnel-
heid
Programmabeschrijving
(Type lading en vervuiling)
Wasprogramma's
Katoen
90°C - Koud
8 kg
1600 tpm
Wit en bont katoen. Normaal vervuild en
licht vervuild.
Katoen + Voorwas
90°C - Koud
8 kg
1600 tpm
Wit en bont katoen. Sterke en normale
vervuiling.
Katoen Eco
1)
60°C - 40°C
8 kg
1600 tpm
Wit katoen en kleurvast katoen. Nor-
male vervuiling. Het energieverbruik daalt
en de duurtijd van het wasprogramma
neemt toe.
Synthetica
60°C - Koud
4 kg
1200 tpm
Synthetische of gemengde stoffen.
Normale vervuiling.
Fijne Was
40°C - Koud
4 kg
1200 tpm
Delicate stoffen zoals acryl, viscose
en polyester. Normale vervuiling.
Wol/Handwas
40°C - Koud
1.5 kg
1200 tpm
Machinewasbestendige wol, hand-
wasbestendige wol en delicate stof-
fen met het «handwas» symbool.
2)
Dekbed
60°C - 30°C
3 kg
800 tpm
Speciaal programma voor één syntheti-
sche deken, dekbed, sprei enz.
Spoelen
Koud
8 kg
1600 tpm
Om het wasgoed te spoelen en te centri-
fugeren. Alle stoffen.
NEDERLANDS
9
Programma
Temperatuurbereik
Maximale be-
lading
Maximale cen-
trifugeersnel-
heid
Programmabeschrijving
(Type lading en vervuiling)
Centrif./Pompen
3)
8 kg
1600 tpm
Om het wasgoed te centrifugeren en het
water uit de trommel af te voeren. Alle
stoffen.
Droogprogramma's
Wol Drogen
1 kg Droogprogramma voor wol.
Synthetica Drogen
3 kg Droogprogramma voor synthetische
stoffen.
Katoen Drogen
7 kg Droogprogramma voor katoenen stof-
fen.
Stoomprogramma's
4)
Stoom kan worden gebruikt voor droge, gewassen of eenmaal gedragen wasgoed.
Deze programma's kunnen kreukels en luchtjes verminderen en het wasgoed zachter
maken.
Gebruik nooit een schoonmaakmiddel. Verwijder vlekken indien nodig door te wassen
of plaatselijk vlekverwijderaar te gebruiken.
Stoomprogramma's hebben geen hygiënische cyclus.
Stel het stoomprogramma niet in voor dit type kleding:
kleding waar op het wasvoorschrift niet staat of het geschikt is voor de droger.
kleding met stukjes plastic, metaal, hout of iets dergelijks.
Opfrissen
40°C
1,5 kg Stoomprogramma voor katoen en syn-
thetica. Dit programma verwijdert
luchtjes uit het wasgoed.
5)
www.electrolux.com10
Programma
Temperatuurbereik
Maximale be-
lading
Maximale cen-
trifugeersnel-
heid
Programmabeschrijving
(Type lading en vervuiling)
Ontkreuken
40°C
1,5 kg Stoomprogramma voor katoen en syn-
thetica. Dit programma helpt bij het ontk-
reuken van het wasgoed.
1)
Het wasprogramma Katoen Eco bij 60ºC met een lading van 8 en het droogprogramma
Katoen Drogen zijn de referentieprogramma's voor de gegevens die op het energielabel staan,
in overeenstemming met de EG 92/75 normen.
De watertemperatuur van de wasfase kan verschillen van de temperatuur die is
aangegeven voor het geselecteerde programma.
2)
Tijdens deze cyclus draait de trommel zeer traag. Het kan lijken of de trommel niet draait of
niet goed draait. Dit is normaal gedrag van het apparaat.
3)
Stel de centrifugeersnelheid in. Zorg ervoor dat het geschikt is voor het soort wasgoed. Als
u de optie Niet centrifugeren instelt, is de enige afvoerfase beschikbaar.
4)
Als u een stoomprogramma instelt met gedroogde was, zal de was aan het eind van de cy-
clus vochtig aanvoelen. Het is beter om de kleren ongeveer 10 minuten in de frisse lucht te
drogen om de vochtigheid te laten verdampen. Voor optimaal resultaat dient u het wasgoed na
afloop van het programma meteen uit de trommel te halen. Na een stoomcyclus kunt u de
items toch nog strijken, maar dan uiteraard met veel minder moeite!
5)
Stoom verwijdert geen dierenluchtjes.
Toepasbaarheid programma-opties
Programma
+ Voorwas
Zuinig
1)
1)
Stel de centrifugeersnelheid in. Zorg ervoor dat het geschikt is voor het soort wasgoed. Als
u de optie Niet centrifugeren instelt, is de enige afvoerfase beschikbaar.
NEDERLANDS
11
5.2 Programma's voor automatisch drogen
Droogheidsniveau Soort stof Lading
Extra Droog
Artikelen van badstof
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoek-
en, etc.)
tot 7 kg
Kastdroog
1)
Voor op te bergen kledingstukken
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoek-
en, etc.)
tot 7 kg
Synthetische en ge-
mengde stoffen
(truien, blouses, ondergoed,
huishoudlinnen)
tot 3 kg
Strijkdroog
Geschikt voor artikelen die ges-
treken moeten worden
Katoen en linnen
(lakens, tafellakens, over-
hemden, etc.)
tot 7 kg
1)
Aanwijzingen voor testinstituten Testprestaties, volgens EN 50229, moeten worden uit-
gevoerd met een EERSTE drooglading van 5 kg (samenstelling: kussenovertrekken en hand-
toeken) door instelling van het AUTOMATISCH KASTDROOG-programma voor katoen. De
TWEEDE drooglading van 3 kg (samenstelling: 3 lakens en handdoeken) moet worden getest
door selectie van het programma AUTOMATISCH KASTDROOG voor katoen.
5.3 Programma's voor tijddrogen
Droogheidsniveau Soort stof Lading
(kg)
Centri-
fuges-
nelheid
(tpm)
Voorges-
telde duur
(min)
Extra Droog
Artikelen van badstof
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoek-
en, etc.)
7 1600 240 - 250
5 1600 140 - 160
2 1600 85 - 95
Kastdroog
Voor op te bergen kle-
dingstukken
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoek-
en, etc.)
7 1600 230 - 240
5 1600 130 - 150
2 1600 75 - 85
Kastdroog
Voor op te bergen kle-
dingstukken
Synthetische en ge-
mengde stoffen
(truien, blouses, ondergoed,
huishoudlinnen)
3 1200 135 - 145
1 1200 40 - 50
Strijkdroog
Geschikt voor artike-
len die gestreken
moeten worden
Katoen en linnen
(lakens, tafellakens, over-
hemden, etc.)
7 1600 210 - 230
5 1600 100 - 120
2 1600 65 - 75
Wol droog Wol
(wollen truien)
1 1200 110 - 130
www.electrolux.com12
5.4 Woolmark Apparel Care -
Blauw
De wolwascyclus van de machine is
goedgekeurd door Woolmark voor het
wassen van wollen kleding waarvan in
het label staat dat het handwas is, op
voorwaarde dat de kledingstukken
worden gewassen volgens de
instructies op het label in het
kledingstuk en die van de fabrikant van
deze wasmachine. Volg de instructies
op het wasvoorschrift in de kleding.
M1230
De woldroogcyclus van de machine is
goedgekeurd door Woolmark voor het
drogen van wollen kleding waarvan in
het label staat dat het handwas is, op
voorwaarde dat de kledingstukken
worden gedroogd volgens de
instructies op het label in het
kledingstuk en die van de fabrikant van
deze wasmachine. Volg de instructies
op het voorschrift in de kleding. M1224
In het VK, Ierland, Hong Kong en India is
het Woolmark-symbool is een
certificeringshandelsmerk.
6. VERBRUIKSWAARDEN
De gegevens van deze tabel zijn gemiddelden. Verschillende oorzaken
kunnen de gegevens wijzigen: de hoeveelheid en het type wasgoed, het
water en de omgevingstemperatuur.
Bij start van het programma toont het display de programmaduur voor de
maximale laadcapaciteit.
Tijdens de wasfase wordt de programmaduur automatisch berekend en
deze kan flink worden verlaagd als de wasgoedlading lager is dan de maxi-
male laadcapaciteit (bijv. katoen 60°C, maximale laadcapaciteit 8 kg, de
programmaduur is langer dan 2 uur, lading 1 kg, de programmaduur is
nog geen uur).
Als het apparaat de echte programmaduur berekent, knippert er een punt
in het display.
Programma’s Lading
(kg)
Energie-
verbruik
(kWh)
Waterver-
bruik (liter)
Gemiddelde pro-
grammaduur (mi-
nuten)
Katoen 60 °C 8 1.60 72 168
Katoen Eco
Katoen ECO programma
60 °C
1)
8 1.04 59 225
Katoen 40 °C 8 1.00 72 164
Synthetische stoffen 40 °C 4 0.60 50 110
NEDERLANDS
13
Programma’s Lading
(kg)
Energie-
verbruik
(kWh)
Waterver-
bruik (liter)
Gemiddelde pro-
grammaduur (mi-
nuten)
Fijne was 40 °C 4 0.70 60 91
Wol/Handwas 30 °C 1.5 0.35 57 58
1)
«Katoen ECO programma» 60 °C met een belading van 8 kg is het referentieprogramma
voor de gegevens die op het energielabel staan, overeenkomstig de richtlijnen 92/75/EEG.
7. OPTIES
7.1 Temp.
Stel deze optie in om de
standaardtemperatuur te wijzigen.
Aanduiding = koud water.
Het display toont de ingestelde
temperatuur.
7.2 Centrif.
Met deze optie kunt u de
standaardcentrifugeersnelheid verlagen.
Het indicatielampje van de ingestelde
snelheid wordt op het display
weergegeven.
Extra centrifugeeropties:
Niet centrifugeren
Stel deze optie in om alle
centrifugeerfasen te verwijderen.
Instellen voor fijne was.
De spoelfase verbruikt meer water voor
sommige wasprogramma's.
Op het display verschijnt het
indicatielampje .
Spoelstop
Stel deze optie in om kreukvorming in
stoffen te voorkomen.
Het wasprogramma stopt met water in
de trommel. De trommel draait
regelmatig om kreukvorming van het
wasgoed te voorkomen.
De deur blijft vergrendeld. U moet het
water afvoeren om de deur te kunnen
openen.
Op het display verschijnt het
indicatielampje
.
Zie om het water weg te
pompen 'Aan het einde van
het programma'.
7.3 Droogtijd
Met deze optie kunt u de tijd instellen voor
de stoffen die u moet drogen. De
ingestelde waarde wordt in het display
weergegeven.
Telkens als u deze toets indrukt wordt de
droogtijd met 5 minuten verlengd.
U kunt niet alle tijdwaarden
voor de verschillende
stofsoorten instellen.
7.4 Startuitstel
Met deze optie kunt u de start van een
programma uitstellen van 30 minuten tot
20 uur.
Op het display verschijnt het bijbehorende
symbool.
7.5 Extra Spoelen
Met deze optie kunt u spoelingen
toevoegen aan een wasprogramma.
Gebruik deze optie voor personen die
allergisch zijn voor wasmiddelen en in
gebieden waar het water erg zacht is.
Het bijbehorende indicatielampje gaat
branden.
7.6 Droogtegraad
Gebruik deze optie om automatisch het
droogniveau van uw wasgoed in te stellen.
www.electrolux.com14
Het symbool van het ingestelde niveau
wordt op het display weergegeven.
Extra droog-niveau voor katoen
Kastdroog-niveau voor katoen en
synthetica
Strijkdroog-niveau voor katoen
7.7 Tijdsinstelling
Als u een wasprogramma instelt, toont het
display de standaardduur.
Druk op of om de programmaduur
te verlengen of in te korten.
Het symbool Time Manager is alleen
beschikbaar bij de programma's in de
tabel.
Aanduiding
Katoen Eco
1) 1)
2)
Aanduiding
Katoen Eco
1) 1)
3)
3)
3)
4)
3)
3)
3)
1)
Indien van toepassing.
2)
Kort: om het wasgoed om te frissen.
3)
Standaardduur programma.
4)
Langste: De programmaduur verlengen,
zal het energieverbruik laten toenemen. De
geoptimaliseerde opwarmfase bespaart en-
ergie en de lagere duur heeft dezelfde wasre-
sultaten (vooral voor normaal bevuild).
8. INSTELLINGEN
8.1 Kinderslot
Met deze optie kunt u voorkomen dat
kinderen met het bedieningspaneel
spelen.
Voor het inschakelen/uitschakelen
van deze optie, drukt u tegelijkertijd op
en tot het indicatielampje
aan/uit gaat.
U kunt deze optie inschakelen:
Nadat u op heeft gedrukt: worden
de opties en de programmaknop
vergrendeld.
Voordat u op heeft gedrukt: kan
het apparaat niet starten.
8.2 Permanent extra spoelen
Met deze optie kunt bij elke programma
automatisch een extra spoelbeurt
instellen.
Voor het inschakelen/uitschakelen
van deze optie, drukt u tegelijkertijd op
en tot het indicatielampje
aan/uit gaat.
8.3 Geluidssignalen
De geluidssignalen weerklinken wanneer:
Het programma is voltooid
Er een storing in het apparaat optreedt.
Voor het uitschakelen/inschakelen van
de geluidssignalen, drukt u tegelijkertijd op
en gedurende 6 seconden.
Als u de geluidssignalen
uitschakelt, werken ze wel als
er een storing optreedt.
NEDERLANDS
15
9. VOOR HET EERSTE GEBRUIK
1. Giet 2 liter water in het
wasmiddeldoseerbakje voor de
wasfase.
Dit activeert het afvoersysteem.
2. Doe een klein beetje wasmiddel in het
doseervakje voor de wasfase.
3. Stel het programma voor katoen in op
de hoogste temperatuur zonder
wasgoed en start het programma.
Dit verwijdert al het mogelijke vuil uit de
trommel en de kuip.
10. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN WASSEN
10.1 Wasgoed in de machine
doen
1. Open de deur van het apparaat
2. Plaats het wasgoed een voor een in
de trommel.
3. Schud de items voor u ze in de
wasautomaat plaatst.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de
trommel plaatst.
4. Sluit de vuldeur.
LET OP!
Zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen
de deur blijft klemmen. Er kan
waterlekkage of beschadigd wasgoed
ontstaan.
10.2 Wasmiddel en
toevoegingen gebruiken
1. Meet het wasmiddel en wasverzachter
af.
2. Sluit de wasmiddeldoseerlade
voorzichtig.
10.3 Wasmiddeldoseerbakjes
LET OP!
Gebruik alleen wasmiddel voor wasmachines.
Volg altijd de instructies op de verpakking van de wasmiddelen.
Wasmiddelvakje voor voorwasfase.
www.electrolux.com16
Wasmiddelvakje voor wasfase.
Vakje voor vloeibare toevoegingen (wasverzachter, stijfsel).
Klep voor waspoeder of vloeibaar wasmiddel.
10.4 Vloeibaar wasmiddel of
poeder
1.
A
2.
3.
B
4.
Positie A voor poederwasmiddel (fabrieksinstelling).
Positie B voor vloeibaar wasmiddel.
Wanneer u vloeibaar wasmiddel gebruikt:
Gebruik geen gelatineachtige of dikke vloeibare wasmiddelen.
Gebruik niet meer vloeibaar wasmiddel dan het maximale niveau.
Stel de voorwasfase niet in.
Stel de startuitstelfunctie niet in.
10.5 Het apparaat inschakelen
Druk op de toets om het apparaat in of
uit te schakelen. Er klinkt een geluid als
het apparaat wordt ingeschakeld.
10.6 Een programma instellen
1. Draai de programmaschakelaar om
het programma in te stellen:
Het bijbehorende programma-
indicatielampje gaat branden.
NEDERLANDS
17
Het indicatielampje van
knippert.
Het display vermeldt het niveau
van de Time Manager, de
programmaduur en welke
programmafase actief is.
2. Indien nodig, wijzig de temperatuur,
de centrifugeersnelheid, de cyclusduur
of voeg extra opties toe. Als u een
optie activeert, gaat het
indicatielampje van de ingestelde optie
branden.
Als u iets niet goed instelt,
toont het display de melding
.
10.7 Een programma starten
zonder een uitgestelde start
Druk op .
Het indicatielampje stopt met
knipperen en blijft branden.
Het indicatielampje begint te
knipperen.
Het programma start, de deur is
vergrendeld en het display toont de
weergave .
De afvoerpomp kan even werken
als het apparaat gevuld wordt met
water.
Na ongeveer 15 minuten na
de start van het programma:
Het apparaat past
automatisch de
programmaduur aan aan
de wasgoedbelading.
Op de display verschijnt
de nieuwe waarde.
10.8 Een programma starten
met een uitgestelde start
1. Druk nogmaals op tot op het
display het gewenste startuitstel
verschijnt.
Het bijbehorende indicatielampje gaat
branden op het display.
2. Druk op :
De machine begint de tijd af te
tellen.
Nadat het aftelproces voltooid is,
wordt het wasprogramma
automatisch gestart.
U kunt de instelling van het
startuitstel annuleren of
wijzigen voordat u op
drukt. De uitgestelde start
annuleren:
Druk op om het
apparaat op pauze te
zetten.
Druk op tot op het
' verschijnt.
Druk weer op
om
het programma direct
te starten.
10.9 Een programma
onderbreken en de opties
wijzigen
U kunt slechts enkele functies wijzigen
voordat ze gaan werken.
1. Druk op .
Het indicatielampje knippert.
2. Wijzig de opties.
3. Druk weer op
.
Het wasprogramma gaat verder.
10.10 Een actief programma
annuleren
1. Druk een paar seconden op de toets
om het programma te annuleren
en om het apparaat uit te schakelen.
2. Druk weer op dezelfde toets om het
apparaat in te schakelen. U kunt nu
een nieuw wasprogramma kiezen.
Het apparaat voert het water
af voordat u een nieuw
programma start. Zorg er in
dit geval voor dat het
wasmiddel nog in het
doseerbakje zit, zo niet vul
het dan bij.
www.electrolux.com18
10.11 De deur openen
LET OP!
Als de temperatuur en het
waterniveau in de trommel te
hoog zijn en de trommel nog
draait, kunt u de deur niet
openen.
Als een programma of het startuitstel in
werking is, is de deur van het apparaat
vergrendeld en op het display staat het
symbool .
De deur van het apparaat openen
wanneer het programma of het
startuitstel in werking is:
1. Druk op
om het apparaat te
pauzeren.
2. Wacht tot het indicatielampje van de
deurvergrendeling dooft.
3. Open de deur.
4. Sluit de deur en druk weer op de toets
.
Het programma of het startuitstel blijft
werken.
10.12 Aan het einde van het
programma
Het apparaat stopt automatisch.
Als het geluidssignaal actief is,
weerklinkt het signaal.
In het display gaat het symbool aan.
Het lampje van gaat uit.
Het deurvergrendelingssymbool
gaat uit.
U kunt de deur openen.
Haal het wasgoed uit het apparaat.
Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
Draai de waterkraan dicht.
Druk een paar seconden op de knop
voor om het apparaat uit te
schakelen.
Laat de deur iets open staan om de
vorming van schimmel en
onaangename luchtjes te voorkomen.
Het wasprogramma is voltooid, maar
er staat water in de trommel:
De trommel draait regelmatig om
kreukvorming van het wasgoed te
voorkomen.
Het indicatielampje van de deur
brandt. De deur blijft vergrendeld.
U moet het water afvoeren om de deur
te kunnen openen.
Om het water weg te pompen:
1. Druk op . Het apparaat voert het
water af en centrifugeert.
2. Als u instelt, pompt het
apparaat alleen. De
centrifugeersnelheid zo nodig
verlagen.
3. Als het programma is voltooid, gaat
het deurvergrendelingssymbool uit
en kunt u de deur openen.
4. Druk een paar seconden op de knop
voor om het apparaat uit te
schakelen.
Na ongeveer 18 uur begint
het apparaat automatisch
met het afvoeren van water
en centrifugeren (behalve bij
het wolprogramma).
10.13 AUTO Stand-by-optie
De AUTO Stand-by-optie schakelt het
apparaat automatisch uit om stroom te
besparen als:
Er een programma is geselecteerd,
maar na 5 minuten van de instelling
nog niet op de
toets is gedrukt.
Druk opnieuw op de toets om het
apparaat in te schakelen.
5 minuten na afloop van het
wasprogramma
Druk opnieuw op de toets om het
apparaat in te schakelen.
De tijd van het laatst ingestelde
programma wordt weergegeven op het
display
Draai aan de programmaknop om een
nieuwe cyclus in te stellen.
NEDERLANDS
19
11. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
11.1 Instelling voor drogen
WAARSCHUWING!
Controleer of de
waterkraan is geopend.
1. Druk een paar seconden op de knop
Aan/Uit om het apparaat in te
schakelen.
2.
Steek de was één voor één in het
apparaat.
3. Draai de programmaknop naar het
programma dat geschikt is voor het
drogen van het wasgoed. Op het
display verschijnt het symbool
.
Overschrijd voor goede
droogprestaties niet de
maximale laadcapaciteit die in
de gebruikershandleiding
wordt aanbevolen. De
ingestelde
centrifugeersnelheid mag niet
lager zijn dan de
automatische snelheid van
het ingestelde programma.
11.2 Drogen op automatische
niveaus
Het wasgoed kan worden gedroogd op
vooraf bepaalde droogniveaus:
1. Druk herhaaldelijk op tot het
display een van volgende
droogheidniveaus aangeeft:
: Aanduiding STRIJKDROOG-
niveau voor katoen
: Aanduiding KASTDROOG-
niveau voor katoen en synthetica
: Aanduiding EXTRA DROOG-
niveau voor katoen
Op het display verschijnt een tijdswaarde,
berekend aan de hand van een standaard
wasgoedlading. Als er meer of minder
wasgoed in de trommel zit, past het
apparaat de tijdswaarde tijdens de cyclus
automatisch aan.
2. Druk op om het programma te
starten.
Op het display verschijnt de aanduiding
voor gesloten deur . Het
droogsymbool begint te knipperen.
U kunt niet alle niveaus voor
alle soorten wasgoed
instellen.
11.3 Ingestelde droogtijd
Het wasgoed kan ook worden gedroogd
met een handmatig instelde droogtijd:
1. Druk herhaaldelijk op
om de
tijdswaarde in te stellen (zie de tabel
«Programma´s voor tijdsingesteld
drogen»).
Op het display verschijnt 10
minuten. Telkens als u deze toets
indrukt wordt de droogtijd met 5
minuten verlengd.
De ingestelde waarde wordt in het
display weergegeven: bijvoorbeeld
.
Na enkele seconden geeft het
display een nieuwe tijdwaarde
weer: . Het apparaat berekent
ook de duur van de anti-
kreukbeveiliging en de koelfase.
2. Druk op om het programma te
starten.
Op het display verschijnt
regelmatig een nieuwe tijdwaarde.
Het droogsymbool begint te
knipperen.
Op het display verschijnt de
aanduiding voor gesloten deur
.
Als u een tijdswaarde van slechts 10
minuten instelt, voert het apparaat alleen
een afkoelfase uit.
Als het wasgoed niet droog genoeg is, stel
opnieuw een korte droogtijd in.
www.electrolux.com20
11.4 Einde van het
droogprogramma
Het apparaat stopt automatisch.
De geluidssignalen weerklinken (als ze
actief zijn).
In het display gaat het symbool aan.
Het indicatielampje gaat uit.
De laatste minuten van de droogcyclus
voert het apparaat een koel- en anti-
kreukfase uit. De deur blijft
vergrendeld.
Wanneer het deursymbool voor de
vergrendeling
uit gaat, kunt u de deur
openen.
1. Druk een paar seconden op de knop
voor om het apparaat uit te
schakelen.
Een paar minuten na afloop van het
programma schakelt de
energiebesparende functie het apparaat
automatisch uit.
2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
3. Laat de deur iets open staan om de
vorming van schimmel en
onaangename luchtjes te voorkomen.
4. Draai de waterkraan dicht.
12. DAGELIJKS GEBRUIK - WASSEN & DROGEN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
12.1 NON-Stop-programma
1. Druk een paar seconden op de knop
Aan/Uit om het apparaat in te
schakelen.
2. Steek de was een voor een in het
apparaat.
Overschrijd voor goede
droogprestaties niet de
maximale laadcapaciteit die in
de gebruikershandleiding
wordt aanbevolen. De
ingestelde
centrifugeersnelheid mag niet
lager zijn dan de
automatische snelheid van
het ingestelde programma.
3. Vul de bakjes met wasmiddel en
additieven.
4. Draai de programmaknop op het
wasprogramma.
De symbolen van de verschillende
wasfasen worden op het display
weergegeven.
5. Stel de beschikbare opties in.
12.2 Wassen & Automatisch
drogen
1. Druk herhaaldelijk op tot het
display een van volgende
droogheidniveaus aangeeft:
: Aanduiding STRIJKDROOG-
niveau voor katoen
: Aanduiding KASTDROOG-
niveau voor katoen en synthetica
: Aanduiding EXTRA DROOG-
niveau voor katoen
Op het display verschijnt het
indicatielampje . De tijdswaarde op het
display is de duur van de was- en
droogfasen, berekend aan de hand van
een standaard wasgoedlading.
Voor een goede droging laat
het apparaat u niet toe een
lage centrifugeersnelheid in te
stellen voor de te wassen en
drogen items.
2. Druk op om het programma te
starten.
In het display blijft de aanduiding van de
ingestelde droogheid aan.
Het deurvergrendelingssymbool gaat
aan.
Op het display verschijnt regelmatig een
nieuwe tijdwaarde.
NEDERLANDS
21
De laatste minuten van de
droogcyclus voert het
apparaat een anti-
kreukbeveiliging en de
afkoelfasen uit.
12.3 Wassen & Tijddrogen
Voor een goede droging laat het apparaat
u niet toe een lage centrifugeersnelheid in
te stellen voor de te wassen en drogen
items.
1. Druk op toets om de droogtijd in te
stellen. Op het display verschijnt 10
minuten.
verschijnt op het display. De ingestelde
droogtijdwaarde wordt in het display
weergegeven. bijvoorbeeld: . Na
enkele seconden toont het display de
definitieve tijdwaarde , d.w.z. de
totale duurtijd van de was- en droogcycli
(wassen + drogen + anti-kreuk +
koelfasen).
Als u pas na het wassen 10
minuten droogtijd instelt,
berekent het apparaat ook de
duurtijd van de anti-kreuk- en
koelfasen.
2. Druk op om het programma te
starten.
In het display gaat het symbool aan.
De deur blijft vergrendeld. Op het display
verschijnt regelmatig een nieuwe
tijdwaarde.
12.4 Einde van het programma
Het apparaat stopt automatisch. De
geluidssignalen weerklinken (als ze actief
zijn).
Voor meer informatie, raadpleeg ‘Aan het
einde van het droogprogramma " van het
vorige hoofdstuk.
1. Haal het wasgoed uit het apparaat.
Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
2. Laat de deur iets open staan om de
vorming van schimmel en
onaangename luchtjes te voorkomen.
3. Draai de waterkraan dicht.
12.5 Pluisjes op kleding
Tijdens de was- en/of droogfase geven
bepaalde soorten stoffen (spons, wol,
sweaterstof) pluisjes af.
Deze afgegeven pluisjes kunnen tijdens de
volgende cyclus aan de stoffen kleven.
Dit nadeel verergert bij technische stoffen.
Ter voorkoming van pluisjes in uw
wasgoed, bevelen wij u het volgende aan:
Was geen donkere stoffen na het
wassen en drogen van lichte stoffen
(nieuwe spons, wol en sweaterstof) en
vice versa.
Laat dit soort stoffen in de openlucht
drogen wanneer ze voor het eerst
gewassen zijn.
Reinig het afvoerfilter.
Na de droogfase reinigt u de lege
trommel, de pakking en de deur
grondig met een natte doek.
12.6 Hoe verwijdert u pluisjes
van kledingstukken?
Voor het verwijderen van pluisjes in de
trommel, stelt u een speciaal programma
in:
1. Maak de trommel leeg.
2. Maak de trommel, pakking en deur
grondig schoon met een natte doek.
3. Stel het spoelprogramma in.
4. Druk om de reinigingsfunctie in te
schakelen, tegelijkertijd toets
en
in totdat CLE op het display
verschijnt.
5. Druk op om het programma te
starten.
13. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
www.electrolux.com22
13.1 Voor u het wasgoed in de
trommel doet
Verdeel het wasgoed in: wit, bont,
synthetisch, fijne was en wol.
Volg de wasinstructies die u op de
waslabels van het wasgoed vindt.
Was witte en bonte artikelen niet
samen.
Sommige bonte weefsels kunnen
uitlopen als zij de eerste keer worden
gewassen. We raden daarom aan om
dit soort kleding de eerste keer dan
ook apart te wassen.
Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen,
haakjes en drukknopen. Rol riemen op.
Maak alle zakken leeg en vouw alle
artikelen open.
Draai meerlagige stoffen, wollen en
kleding met geverfde opdrukken
binnenstebuiten.
Verwijder hardnekkige vlekken.
Was delen met zware vervuiling met
een speciaal wasmiddel.
Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de
gordijnen in een zak of kussensloop.
Was geen wasgoed in het apparaat
zonder zomen of met scheuren.
Gebruik een waszakje om kleine items
te wassen (Bijv. beugelbh's, riemen,
panty's, etc.).
Een zeer kleine lading kan problemen
veroorzaken bij de centrifugefase. Als
dit gebeurt, kunt u de artikelen
handmatig verdelen in de trommel en
de centrifugefase opnieuw starten.
13.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en
wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te
verwijderen voordat u deze artikelen in de
machine stopt.
Er zijn speciale vlekverwijderaars
verkrijgbaar. Gebruik een speciale
vlekverwijderaar die geschikt is voor het
type vlek en stof.
13.3 Wasmiddelen en
nabehandelingsmiddelen
Gebruik alleen wasmiddelen en
nabehandelingsproducten die bedoeld
zijn voor gebruik in een wasautomaat:
waspoeder voor alle soorten
weefsels,
waspoeder voor delicate stoffen
(40 °C max) en wol,
vloeibare wasmiddelen, bij
voorkeur voor wasprogramma's op
lage temperatuur (60 °C max.) voor
alle soorten weefsels, of speciaal
voor alleen wol.
Vermeng geen verschillende soorten
wasmiddel met elkaar.
Gebruik niet meer dan de benodigde
hoeveelheid wasmiddel om het milieu
te beschermen.
Volg altijd de instructies die u vindt op
de verpakking van deze producten.
Gebruik de juiste producten voor het
type en de kleur stof, de
programmatemperatuur en de mate
van vervuiling.
Als uw machine geen
wasmiddeldoseerbakje heeft met
klepje, voeg dan het vloeibare
wasmiddel toe met een doseerbol
(meegeleverd bij het wasmiddel).
13.4 Milieutips
Stel een programma in zonder de
voorwasfase om wasgoed dat normaal
vervuild is te wassen.
Start een wasprogramma altijd met de
maximum hoeveelheid wasgoed.
Gebruik indien nodig een
vlekkenverwijderaar als u een
programma met een lage temperatuur
instelt.
Controleer de waterhardheid van uw
plaatselijke systeem om de juiste
hoeveelheid wasmiddel te gebruiken
13.5 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog
of gemiddeld is, raden we u het gebruik
van waterverzachter voor wasautomaten
aan. In gebieden waar de waterhardheid
zacht is, is het gebruik van een
waterverzachter niet nodig.
NEDERLANDS
23
Neem contact op met het plaatselijke
waterleidingbedrijf voor de waterhardheid
in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de
waterverzachter. Volg altijd de instructies
die u vindt op de verpakking van het
product.
13.6 Tips voor het drogen
De droogfase voorbereiden
Draai de waterkraan open.
Controleer of de afvoerslang goed is
aangesloten. Zie het hoofdstuk over de
installatie voor meer informatie.
Raadpleeg voor informatie over de
maximale wasgoedlading bij
droogprogramma's de
droogprogrammatabel.
13.7 Items die niet gedroogd
mogen worden
Stel voor dit wasgoed geen
droogprogramma in:
Zeer fijne was.
Synthetische gordijnen.
Kledingstukken met metalen
invoegstukken.
Nylon kousen.
Dekbedden.
Bedspreien.
Dekbedovertrekken.
Anoraks.
Slaapzakken
Stoffen met restjes haarspray,
nagelremover of iets dergelijks.
Kledingstukken met schuimrubber of
met materialen die hierop lijken.
13.8 Wasvoorschriften in de
kleding
Bij het drogen van uw wasgoed moet u
zich houden aan de voorschriften van de
fabrikant:
= Het artikel is geschikt voor de
droogtrommel
= Droogprogramma op hoge
temperatuur
= Droogprogramma op lage
temperatuur
= Het artikel is niet geschikt voor de
droogtrommel.
13.9 Duur van het
droogprogramma
De droogtijd kan variëren afhankelijk van:
snelheid van de laatste keer
centrifugeren
droogheidsniveau
Soort wasgoed
Gewicht van de hoeveelheid wasgoed
13.10 Extra drogen
Als het wasgoed aan het einde van het
droogprogramma nog steeds vochtig is,
stelt u nogmaals een korte droogfase in.
WAARSCHUWING!
Om kreuken in stof of
krimpen van kleding te
voorkomen, moet u de
was niet te droog maken.
13.11 Algemene tips
Raadpleeg de tabel "Droogprogramma's"
om de gemiddelde droogtijden op te
zoeken.
U zult uit ervaring merken wat de beste
manier is om uw wasgoed goed droog te
krijgen. Houd bij hoe lang uw
droogprogramma's duren.
Statische lading na het drogen
voorkomen:
1. Gebruik wasverzachter tijdens de
wasfase.
2. Gebruik speciale wasverzachter voor
droogautomaten.
Zorg dat u uw wasgoed aan het einde van
het droogprogramma zo snel mogelijk uit
het apparaat haalt.
14. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
www.electrolux.com24
14.1 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met
zeep en warm water. Maak alle
oppervlakken volledig droog.
LET OP!
Gebruik geen brandspiritus,
oplosmiddelen of chemische
producten.
14.2 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog
of gemiddeld is, raden we u het gebruik
van waterontharder voor wasautomaten
aan.
Controleer de trommel regelmatig om kalk
en roestdeeltjes te voorkomen.
Gebruik alleen speciale producten voor
wasmachines om roestdeeltjes te
verwijderen. Doe dit apart van het wassen
van wasgoed.
Volg altijd de instructies die u
vindt op de verpakking van
het product.
14.3 Onderhoudswasbeurt
Bij programma's met lage temperaturen is
het mogelijk dat er wat wasmiddel
achterblijft in de trommel. Voer regelmatig
een onderhoudswas uit. Om dit te doen:
Haal al het wasgoed uit de trommel.
Stel het katoenprogramma in met de
hoogste temperatuur met een kleine
hoeveelheid wasmiddel.
14.4 Deurrubber
Controleer het deurrubber regelmatig en
verwijder voorwerpen uit de binnenkant.
14.5 Het afwasmiddeldoseerbakje reinigen
1.
1
2
2.
NEDERLANDS
25
3. 4.
14.6 Het afvoerfilter schoonmaken
WAARSCHUWING!
Reinig het afvoerfilter niet als
het water in de machine heet
is.
1.
1
2
2.
2
11
3. 4.
1
2
www.electrolux.com26
5.
1
2
6.
7. 8.
1
2
9.
1
2
NEDERLANDS
27
14.7 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen
1.
1
2
3
2.
3. 4.
14.8 Noodafvoer
Het apparaat kan geen water afvoeren
door een storing.
Als dit optreedt, voert u stappen (1) tot (9)
uit van 'Het afvoerfilter reinigen'. Maak de
pomp zo nodig schoon.
Als u het water afvoert met de
noodafvoerprocedure, dient u het
afvoersysteem opnieuw te activeren:
1. Als u het water afvoert met de
noodafvoerprocedure, dient u het
afvoersysteem opnieuw te activeren:
Giet 2 liter water in het vakje voor het
hoofdwasmiddel van de
wasmiddeldoseerbakje.
2. Start het programma om water af te
voeren.
14.9 Voorzorgsmaatregelen bij
vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd in een
gebied waar de temperatuur lager is dan
0° C, dan dient u het resterende water uit
de afvoerslang en de afvoerpomp te
verwijderen.
1. Trek de stekker uit het stopcontact.
2. Draai de waterkraan dicht.
3. Plaats de twee uiteinden van de
toevoerslang in een bak en laat het
water uit de slang stromen.
4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de
noodafvoerprocedure.
5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert u
de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de
temperatuur hoger is dan 0
°C voordat u het apparaat
opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet
verantwoordelijk voor schade
die door lage temperaturen is
veroorzaakt.
www.electrolux.com28
15. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
15.1 Introductie
Het apparaat start niet of stopt niet tijdens
de werking.
Probeer eerst het probleem zelf op te
lossen (zie tabel). Neem indien dit niet lukt
contact op met de Servicedienst.
Bij sommige problemen werken de
geluidssignalen en toont de display
een alarmcode:
- Het apparaat wordt niet goed
gevuld met water.
- Het apparaat pompt geen
water weg.
- De deur is open of niet goed
gesloten. Controleer de deur!
- De stroomtoevoer is onstabiel.
Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is.
- Geen communicatie tussen de
elektronische elementen van het
apparaat. Schakel uit en terug aan.
WAARSCHUWING!
Schakel het apparaat uit
voordat u controles uitvoert.
15.2 Mogelijke storingen
Probleem Mogelijke oplossing
Het programma start
niet.
Zorg dat de stekker in het stopcontact zit.
Zorg dat de deur van het apparaat is gesloten.
Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorge-
brand.
Zorg ervoor dat de toets Start/Pause is ingedrukt.
Als de starttijdkeuze is ingesteld, annuleert u deze functie of
wacht u tot de afloop van de uitgestelde start.
Schakel het kinderslot uit.
Het apparaat wordt niet
goed gevuld met water.
Controleer of de waterkraan is geopend.
Zorg dat de waterdruk niet te laag is. Neem hiervoor zo no-
dig contact op met uw lokale waterleidingbedrijf.
Controleer of de waterkraan niet verstopt is.
Zorg ervoor dat de filter van de toevoerslang en de filter van
de klep niet verstopt zijn. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en
reiniging".
Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoer-
slang aanwezig zijn.
Zorg ervoor dat de positie van de watertoevoerslang correct
is.
NEDERLANDS
29
Probleem Mogelijke oplossing
Het apparaat vult zich
niet met water en pompt
dit direct weg.
Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt. De
slang kan te laag hangen.
Het apparaat pompt
geen water weg.
Controleer of de gootsteenafvoer niet verstopt is.
Controleer of er geen knikken of bochten in de waterafvoer-
slang aanwezig zijn.
Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien no-
dig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
Zorg ervoor dat de aansluiting van de waterafvoerslang cor-
rect is.
Stel het afvoerprogramma in als u een programma zonder af-
voerfase instelt.
Stel het afvoerprogramma in als u een optie heeft gekozen
waarbij water in de kuip blijft.
De centrifugeerfase
werkt niet of de wascy-
clus duurt langer dan
normaal.
Stel het centrifugeprogramma in.
Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig indien no-
dig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
Verdeel het wasgoed handmatig in de trommel en start de
centrifugefase opnieuw. Dit probleem wordt mogelijk veroor-
zaakt door problemen met de balans.
Er ligt water op de vloer. Zorg ervoor dat de aansluitingen van de waterslangen goed
vast zitten en dat er geen lekken zijn.
Controleer of de waterafvoerslang niet is beschadigd.
Zorg ervoor dat u het juiste wasmiddel en de juiste hoeveel-
heid gebruikt.
U kunt de deur van het
apparaat niet openen.
Zorg ervoor dat het wasprogramma voltooid is.
Stel het afvoer- of centrifugeerprogramma in als er zich water
in de trommel bevindt.
Zorg ervoor dat het apparaat stroom krijgt.
Dit probleem kan veroorzaakt worden door een storing van
het apparaat. Neem contact op met de Servicedienst. Als u
de deur moet openen, lees dan zorgvuldig “Nooddeuropen-
ing”.
Het apparaat maakt een
abnormaal geluid.
Zorg dat het apparaat waterpas staat. Raadpleeg "Montage".
www.electrolux.com30
Probleem Mogelijke oplossing
Zorg ervoor dat de verpakking en/of de transportbouten ver-
wijderd zijn. Raadpleeg "Montage".
Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. De lading is te
klein.
De cyclus is korter dan
de weergegeven tijd.
Het apparaat berekent een nieuwe tijd aan de hand van de
wasgoedlading. Zie het hoofdstuk ‘Verbruikswaarden’.
De cyclus is langer dan
de weergegeven tijd.
Een wasgoedlading die niet in balans is verlengt de duur. Dit
is normaal gedrag van het apparaat.
Het wasresultaat is niet
bevredigend.
Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel.
Gebruik voor het verwijderen van hardnekkige vlekken spe-
ciale producten voordat u het wasgoed wast.
Zorg dat u de juiste temperatuur instelt.
Verminder de hoeveelheid wasgoed.
U kunt geen optie in-
stellen.
Zorg dat u alleen op de gewenste knop(pen) drukt.
Het apparaat droogt niet
of droogt niet goed.
Draai de waterkraan open.
Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is.
Haal wat wasgoed uit de trommel.
Zorg ervoor dat u de juiste cyclus ingesteld hebt. Indien no-
dig, stel een kortere droogtijd in.
Het wasgoed zit vol met
pluisjes van verschil-
lende kleuren.
De stof gewassen in de vorige cyclus heeft pluisjes met een
andere kleur afgegeven:
De droogfase helpt een deel van deze pluisjes te verwijde-
ren.
Reinig de kleding met een pluisjesverwijderaar.
Laat bij veel pluizen in de trommel het speciale reiniging-
sprogramma lopen (zie “Pluisjes op kleding” voor meer de-
tails).
Schakel het apparaat na de controle in. Het programma gaat verder vanaf het punt waar het
werd onderbroken.
Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
Als de display andere alarmcodes aangeeft. Het apparaat uit en weer aanzetten. Als het
probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
16. NOODDEUROPENING
In het geval van een stroomstoring of
apparaatstoring blijft de deur van het
apparaat vergrendeld. Het wasprogramma
gaat verder als er weer stroom is. Als de
deur door een storing vergrendeld blijft, is
het mogelijk om de deur te openen met
een noodontgrendeling.
NEDERLANDS
31
Voor het openen van de deur:
LET OP!
Zorg ervoor dat de
watertemperatuur en het
wasgoed niet heet zijn.
Wacht indien nodig tot de
watertemperatuur en het
wasgoed zijn afgekoeld.
LET OP!
Zorg ervoor dat de
trommel niet draait. Wacht
indien nodig tot de
trommel stopt met
draaien.
Zorg ervoor dat het
waterpeil in de trommel
niet te hoog is. Voer indien
nodig een
noodafvoerprocedure uit
(zie “Water afvoeren in een
noodgeval” in het
hoofdstuk “Onderhoud en
reiniging”).
Ga als volgt te werk om de deur te
openen:
1. Druk op de knop Aan/Uit om het
apparaat uit te schakelen.
2. Trek de stekker uit het stopcontact.
3. Open de filterklep.
4. Trek de noodontgrendeling omlaag en
open tegelijkertijd de deur van het
apparaat.
5. Haal het wasgoed uit de trommel en
sluit de deur van het apparaat.
6. Sluit het klepje.
17. TECHNISCHE GEGEVENS
Afmetingen Breedte / hoogte / die-
pte / totale diepte
600 mm/ 850 mm/ 605 mm/ 639
mm
Aansluiting op het elek-
triciteitsnet
Spanning
Totale stroom
Zekering
Frequentie
230 V
2200 W
10 A
50 Hz
Het beschermdeksel biedt bescherming tegen
vaste stoffen en vochtigheid, behalve op plaatsen
waar de laagspanningsapparatuur geen be-
scherming tegen vocht biedt
IPX4
Watertoevoerdruk Minimum
Maximum
0,5 bar (0,05 MPa)
8 bar (0,8 MPa)
Maximale belading
wasgoed
Cotton (Katoen) 8 kg
Maximale belading
droog wasgoed
Cotton (Katoen)
Synthetica
7 kg
3 kg
Centrifugeersnelheid Maximum 1600 tpm
www.electrolux.com32
18. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte
verzamelcontainer om het te recyclen.
Help om het milieu en de volksgezondheid
te beschermen en recycle het afval van
elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het
symbool niet weg met het huishoudelijk
afval. Breng het product naar het
milieustation bij u in de buurt of neem
contact op met de gemeente.
*
NEDERLANDS
33
www.electrolux.com34
NEDERLANDS
35
www.electrolux.com/shop
132917462-A-482014
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36

Electrolux EWW1686HDW Handleiding

Type
Handleiding