Redexim Carrier de handleiding

Type
de handleiding
Gebruikershandleiding
CARRIER
Oorspronkelijke gebruikershandleiding
2227 Dutch 951.120.200 NL
Kwekerijweg 8 | 3709JA | Zeist | The Netherlands |
T: +31 (0)306 933 227
E: redexim@redexim.com
W: www.redexim.com
2
EU - VERKLARING VAN CONFORMITEIT
Wij,
Redexim Handel- en Exploitatie Maatschappij B.V.
Kwekerijweg 8
3709 JA Zeist, The Netherlands
verklaren dat deze EU - VERKLARING VAN CONFORMITEIT” is uitgegeven onder onze
volledige verantwoordelijkheid en behoort tot het volgende product:
CARRIER MET MACHINE NUMMER ALS AANGEGEVEN OP DE MACHINE EN IN DEZE
HANDLEIDING,
waarop deze verklaring betrekking heeft, in overeenstemming is met de bepaling van:
2006/42/EC Machinery Directive
en met de normen:
ISO 12100-1:2010 Safety of machinery - General principles for design - Risk assessment and
risk reduction
ISO 13857:2019 Safety of machinery - Safety distances to prevent hazard zones being
reached by upper and lower limbs
ISO 26322-1:2008 Tractors for agriculture and forrestry- safety
Zeist, 03-01-2022
C.H.G. de Bree
Redexim Handel- en Exploitatie Maatschappij B.V.
3
UK - VERKLARING VAN CONFORMITEIT
Wij,
Redexim Handel- en Exploitatie Maatschappij B.V.
Kwekerijweg 8
3709 JA Zeist, The Netherlands
verklaren dat deze “UK - VERKLARING VAN CONFORMITEIT” is uitgegeven onder onze
volledige verantwoordelijkheid en behoort tot het volgende product:
CARRIER MET MACHINE NUMMER ALS AANGEGEVEN OP DE MACHINE EN IN DEZE
HANDLEIDING,
waarop deze verklaring betrekking heeft, in overeenstemming is met de bepaling van:
S.I. 2008 No. 1597 HEALTH AND SAFETY The Supply of Machinery (Safety) Regulations
2008
en met de normen:
ISO 12100-1:2010 Safety of machinery - General principles for design - Risk assessment and
risk reduction
ISO 13857:2019 Safety of machinery - Safety distances to prevent hazard zones being
reached by upper and lower limbs
ISO 26322-1:2008 Tractors for agriculture and forrestry- safety
Zeist, 03-01-2022
C.H.G. de Bree
Redexim Handel- en Exploitatie Maatschappij B.V.
4
VOORWOORD
Gefeliciteerd met uw Carrier aankoop. Voor een veilige en langdurige werking met deze
Carrier is het noodzakelijk deze gebruikershandleiding te (laten) lezen en begrijpen.
Zonder volledige kennis van de inhoud kan men niet veilig met deze machine werken.
De Carrier is geen zelfstandig grond bewerkende machine. Het is de verantwoordelijkheid
van de gebruiker hiervoor de juiste machine te gebruiken. Ook zal de gebruiker de
combinatie Carrier /bewerkingsmachine moeten controleren op veiligheidsaspecten als
geluidsniveau, gebruikersinstructies en risicoanalyse. De Carrier kan worden uitgerust met
de Verti-Drain 1513. De handleiding van deze machine is ook meegeleverd met de Carrier/
Verti-Drain combinatie en dient ook gelezen en begrepen te worden alvorens er met de
Carrier/ Verti-Drain gewerkt wordt. Voor andere bewerkingsmachines, in combinatie met de
Carrier, dient ook eerst de handleiding gelezen en begrepen te worden voordat er met de
combinatie gewerkt gaat worden. Voor andere machines die gebruikt worden, lees de
desbetreffende handleiding.
Op de volgende pagina komen eerst de algemene veiligheidsinstructies ter sprake. Iedere
gebruiker dient deze te kennen en toe te passen. Hierna is een registratie kaart opgenomen,
die retour gestuurd dient te worden om latere claims te kunnen afhandelen.
In deze gebruikershandleiding worden vele instructies gegeven, die in volgorde genummerd
zijn. Men dient overeenkomstig deze volgorde te handelen.
Indien een vermeld wordt duidt dit op veiligheidsinstructies. Indien een wordt
gebruikt, betekent dit een tip en/of notitie.
Alle informatie en technische specificaties zijn de meest recente op het moment dat dit
document wordt gepubliceerd. Ontwerp specificaties kunnen zonder aankondiging worden
gewijzigd.
GARANTIE BEPALINGEN
DEZE CARRIER WORDT GELEVERD MET GARANTIE TEGEN DEFECTEN IN MATERIALEN.
DEZE GARANTIE GELDT VOOR EEN PERIODE VAN 12 MAANDEN VANAF DE
AANKOOPDATUM.
CARRIER GARANTIES ZIJN ONDERWORPEN AAN DE “GENERAL CONDITIONS FOR SUPPLY
OF PLANT AND MACHINERY FOR EXPORT, NUMBER 188”, DIE GEPUBLICEERD ZIJN ONDER
AUSPICIEN OF DE UNITED NATIONS ECONOMIC COMMISSION FOR EUROPE.
REGISTRATIE KAART
Voor uw eigen informatie, vul onderstaande tabel in:
Serienummer machine
Dealer naam
Datum van aankoop
Opmerkingen
5
! VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN !
Fig. 1
De Carrier is ontworpen voor een veilig gebruik.
Dit kan alleen als de in deze handleiding
beschreven veiligheidsinstructies volledig worden
opgevolgd.
Lees en begrijp (Fig. 1) de handleiding voordat u
begint met het gebruiken van de Carrier.
Als de machine niet wordt gebruikt zoals in de
handleiding beschreven kan er letselgevaar
ontstaan en/of schade aan de Carrier.
1. Bij het gebruik van de machine dient de gebruiker deskundig te zijn en de machine/
combinatie deskundig te hebben afgesteld op de te bewerken ondergrond.
Voor ondeskundig gebruik en hieruit voortvloeiende schade aanvaardt de fabrikant
geen enkele verantwoordelijkheid; alle daarbij optredende risico’s zijn volkomen voor
rekening van de gebruiker.
Tot deskundig gebruik wordt ook gerekend het op tijd en juist uitvoeren van de door
de fabrikant voorgeschreven gebruiks-, onderhouds- en reparatie aanwijzingen.
Inspecteer alvorens de Carrier te gebruiken het te behandelen gebied.
Verwijder losse obstakels en vermijdt onregelmatigheden.
2. De Carrier is vervaardigd volgens de laatste technische inzichten en veilig te
gebruiken.
Wanneer de machine door ondeskundige personen wordt gebruikt, onderhouden of
gerepareerd kan letselgevaar ontstaan voor zowel de gebruiker als voor derden. Dit
moet vermeden worden!
Gebruik de Carrier altijd in combinatie met grond bewerkingsmachines die hiervoor
geschikt zijn. Zie technische gegevens of vraag uw dealer naar de mogelijkheden.
3. Alle personen die door de eigenaar met de bediening, het onderhoud of de reparatie
van de Carrier zijn aangewezen moeten de bedieningshandleiding en met name het
hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften gelezen en volledig begrepen hebben.
De gebruiker is verantwoordelijk voor een Carrier/ bewerkingsmachine combinatie.
Dit geheel moet getest worden op geluid, veiligheid, risico en gebruiksgemak. Ook
dienen gebruikersinstructies opgemaakt te worden.
4. De gebruiker is verplicht om, voordat hij/ zij de Carrier combinatie in gebruik neemt,
deze op zichtbare schades en defecten te controleren.
Veranderingen aan de Carrier (inclusief de werking) die de veiligheid nadelig
beïnvloeden, moeten onmiddellijk worden verholpen.
Het aanbrengen van wijzigingen of aanvullingen op de Carrier (met uitzondering van
de door de fabrikant goedgekeurde) zijn uit veiligheidsoverwegingen in principe niet
toegestaan.
Indien er modificaties aan de Carrier zijn aangebracht dan vervalt de huidige CE-
markering en dient degene die deze modificaties aangebracht heeft zelf te zorgen
voor een nieuwe CE-markering.
6
Controleer voor elke ingebruikname de Carrier op loszittende bouten/ moeren/
onderdelen.
Indien aanwezig controleer de hydraulische slangen regelmatig en vervang deze
wanneer deze beschadigd zijn of verouderingsverschijnselen vertonen. De
vervangende slangen moeten voldoen aan de technische eisen van de fabrikant.
Indien aanwezig moet de hydraulische installatie, voordat daaraan werkzaamheden
worden verricht, altijd drukloos worden gemaakt.
Bij afwezigheid van veiligheidsstickers mag de Carrier NOOIT gebruikt worden.
Kruip NOOIT onder de Carrier.
Controleer NOOIT de bewerkingsmachine als de motor van de Carrier nog draait.
Bij onderhoud, afstellen en reparaties is het noodzakelijk de Carrier te blokkeren
tegen zakken/ wegrijden/ wegschuiven.
Bij onderhoud, afstellen en reparaties altijd de motor uitschakelen en de sleutel uit
het contact halen (Fig.2)
Fig. 2
Gebruik voor onderhoud of reparaties uitsluitend originele Carrier onderdelen in
verband met de veiligheid van de machine en gebruiker.
Reparatiewerkzaamheden aan de Carrier mogen uitsluitend door geautoriseerd
technisch personeel worden uitgevoerd.
Houdt een overzicht van reparaties bij.
5. Naast de aanwijzingen in deze gebruikshandleiding moeten ook de algemene
geldende veiligheids- en ARBO-voorschriften worden opgevolgd.
Bij gebruik op de openbare weg zijn ook de betreffende voorschriften van het
verkeersreglement van toepassing.
Het vervoer van personen is niet toegestaan!
Gebruik de Carrier niet in de duisternis, bij hevige regen/ storm of hellingen met een
hoek groter dan 20 graden.
6. Voor het begin van de werkzaamheden moeten alle personen die de Carrier gaan
bedienen bekend zijn met alle functies en bedieningselementen ervan.
Koppel de bewerkingsmachine volgens de voorschriften aan de Carrier.
(Gevaar voor letsel!)
7
Contoleer voordat u vertrekt of u zowel dichtbij als veraf goed zicht heeft.
7. Gevaar voor beknelling!
Kijk ten alle tijden in dezelfde richting als de bewegingsrichting van de machine. Dus
loopt u naar voren, kijk dan naar voren. Loopt u achteruit, kijk dan ook naar achteren.
Plan uw bewerkingsroute vooraf en weet waar de obstakels staan om contact met u
en de obstakels te voorkomen. Voorkom het te dicht werken langs omheiningen,
hekwerken, gebouwen, andere machines en obstakels in het algemeen.
Aan weerszijden van de Carrier, aan de stuurboom en bij de uitlaat zijn
veiligheidsstickers (Fig. 2,3,4,5,6,6a) aanwezig met een gelijkluidende betekenis.
Deze veiligheidsstickers moeten altijd goed zichtbaar en leesbaar zijn en moeten,
wanneer deze beschadigd zijn, worden vervangen.
Fig. 3
Fig.5
Fig.6a
Tijdens bedrijf mogen er GEEN personen, ander dan de bestuurder, in het
gevarengebied van de carrier aanwezig zijn, omdat daar gevaar bestaat voor
lichamelijk letsel door bewegende delen. (Fig. 3)
Houdt minimaal 4 meter afstand!(Fig. 4)
Draag gecertificeerde gehoorbescherming bij gebruik van de machine! (Fig. 5)
Pas op, heet oppervlak!(Fig. 6)
Pas op, gevaar voor beknelling!(Fig. 6a)
Let op het toegestane hefvermogen van het trekkende voertuig.
8
Wees doelmatig gekleed. Draag stevige schoenen met stalen neus, een lange broek,
lang haar opgebonden en geen losse kledingstukken.
Gebruik de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen volgens de geldende ARBO-
en veiligheidsvoorschriften.
Fig. 7
8. Plaatsing veiligheidsstickers. (Fig. 7)
9
INHOUDSOPGAVE
EU - VERKLARING VAN CONFORMITEIT ...........................................................................2
UK - VERKLARING VAN CONFORMITEIT ...........................................................................3
GARANTIE BEPALINGEN ....................................................................................................4
REGISTRATIE KAART ..........................................................................................................4
! VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ! ............................................................................5
1.0 TECHNISCHE GEGEVENS ...................................................................................... 10
2.0 ALGEMENE BESCHRIJVING .................................................................................. 11
3.0 EERSTE INSTALLATIE, DE MACHINE VAN DE PALLET HALEN ......................... 12
4.0 BEDIENING CARRIER ............................................................................................. 13
5.0 MACHINE AAN CARRIER KOPPELEN ................................................................... 16
5.1 VERTI-DRAIN 1513 AANKOPPELEN ...................................................................... 17
5.2 WIELEN VERZWAREN ............................................................................................ 17
6.0 TRANSPORT VAN DE CARRIER ............................................................................ 18
7.0 DE WERKSNELHEID ............................................................................................... 19
8.0 HET GEBRUIK VAN DE CARRIER .......................................................................... 19
9.0 START/STOP PROCEDURE ................................................................................... 19
10.0 MACHINE VAN DE CARRIER AFKOPPELEN ........................................................ 22
11.0 V-SNAAR SPANNING VERSTELLEN ..................................................................... 23
11.1 FIJNINSTELLING RIJSNELHEID ............................................................................ 25
11.2 INSCHAKELMOMENT PTO .................................................................................... 26
12.0 PROBLEEM ANALYSE ........................................................................................... 27
13.0 ONDERHOUD .......................................................................................................... 28
14.0 OPTIONEEL: SAFETY BUTTON KIT ...................................................................... 29
10
1.0 TECHNISCHE GEGEVENS
Model
Carrier
Rijsnelheid
Max. 3,8 Km/h (2,4 mph)
Gewicht
618 kg (1362,5 lbs)
Afmetingen (L x W x H)
2615mm x 1380mm x 1135 mm
103” x 54,3” x 44,7”
Motor
Briggs and Stratton B&S 31HP
Brandstof
Benzine
Tank Inhoud
22.7 liter (6 gallon)
Motor Olie
Zie handleiding motor
Hydraulische Olie
Tellus 46
Tank Inhoud Hydraulisch Olie
7.5 liter (2 gallon)
Tandwielkast Olie
SAE 90 (0.5 liter / 0.13 gallon)
3-Punts
Cat. 1
Hef Capaciteit
475 kg (1047 lbs)
Emissie van geluid*
(A-gewogen meting conform
EN-ISO 4781 en
EN-13684:2004+A3:2010)
A-gewogen emissie geluidsdruk LpAd gemeten in werkpositie
re. 20 µPa: 91 dB
Afwijking KpA: 2 dB
A-gewogen emissie geluidsvermogen gemeten in de
werkpositie LWAd re. 1pW: 99 dB
Afwijking KWA: 2 dB
Emissie van hand- armtrillingen*
(Meting conform EN-12069 en
EN-13684:2004+A3:2010)
Hand- armtrillingen ahv: 1.4 m/s2
Afwijking K: 0.2 m/s2
* Emissiegetallen voor geluid en trilling zijn beide bepaald bij referentie omstandigheden
zoals beschreven in EN-13684. In de praktijk zullen de emissies (of beter: de gedeeltelijke
blootstelling) misschien anders liggen door specifieke omstandigheden en condities.
Emissiegetallen zijn hoofdzakelijk bedoelt voor vergelijking tussen verschillende machines en
kunnen gebruikt worden als indicatie voor gedeeltelijke blootstelling, maar wel met beperkte
validiteit door bovenstaande redenen.
De gemeten waarden zijn van toepassing op de Carrier zonder werktuigen.
11
2.0 ALGEMENE BESCHRIJVING
De Carrier is een machine/ voertuig die in combinatie met een bewerkingsmachine voor
verschillende toepassingen gebruikt kan worden, afhankelijk van de bewerkingsmachine. Dit
kan bijvoorbeeld zijn voor grasbeluchting in combinatie met de Verti-Drain 1513.
12
3.0 EERSTE INSTALLATIE, DE MACHINE VAN DE PALLET HALEN
1
9
2
374
5
7 7
8
6
Fig. 8
De machine staat horizontaal op de pallet. Om de pallet te verwijderen en de machine
horizontaal op de grond te krijgen, handel als volgt (Zie Fig.8):
!! KRUIP NOOIT ONDER DE MACHINE !!
1. Verwijder de wielen (1) van de wielpallet (2).
2. Verwijder de bouten en moeren (3) waarmee de wielpallet (2) aan de hoofdpallet (4) is
bevestigd en verwijder de wielpallet (2).
3. Monteer de onderste hefarmen (5). (zie onderdelen handleiding voor correcte montage)
4. Bevestig een kabel (6) aan de machine.
5. Verwijder de bouten, moeren en zekeringstrippen (7) waarmee de machine aan de pallet (4)
is bevestigd.
Verzeker u ervan dat de kabel/kraan/lift minimaal 2x het gewicht van de
machine kan heffen. (voor het gewicht zie hoofdstuk 1.0 technische gegevens)
6. Til de machine van de pallet (4).
7. Trek de pallet (4) onder de machine vandaan.
8. Monteer de wielen (1). (zie onderdelen handleiding voor correcte montage)
9. Laat de machine gecontroleerd en rustig zakken tot deze volledig op de ondergrond staat.
!! PAS OP HOUDT AFSTAND DE MACHINE KAN GAAN SCHUIVEN !!
10. Verwijder de bouten en moeren (8) en monteer de stuurboom (9) in de juiste positie. (zie
onderdelen handleiding voor correcte montage)
11. Controleer het oliepeil van de motor. Indien nodig, vul deze bij.
12. Controleer het oliepeil van de hydraulische olietank. Indien nodig, vul deze bij.
13. Vul de benzinetank.
14. Koppel een machine achter het voertuig (zie hfst 5).
!!Zet de Carrier uit en zeker het voertuig/ Carrier combinatie tegen
wegrijden !!
13
1
3
6
5
42
2
Later models:
4.0 BEDIENING CARRIER
Fig. 9
De Carrier wordt d.m.v. een aantal hendels bediend die zich op het stuurboom bevinden.
De parkeerrem (1).
De parkeerrem dient er uitsluitend voor om de machine te blokkeren. Wanneer men de
Carrier niet met de stuurboom gebruikt dient de machine altijd in de parkeerstand (naar het
motorblok toe bewogen) te staan.
De gashendel (2).
Met de gashendel wordt het motorvermogen bediend. Tijdens de bewerking dient het
vermogen altijd maximaal te zijn! De gashendel is aan beide kanten van de stuurboom te
monteren, afhankelijk van aan welke kant van de stuurboom de bestuurder loopt.
De snelheidshendel (3).
Met de snelheidshendel wordt de rijsnelheid van de Carrier ingesteld. Met de vijf instellingen
kan de Carrier dus op vijf verschillende snelheden ingesteld worden, dit afhankelijk er met de
bewerkingsmachine noodzakelijk is. Van te voren staat deze al ingesteld waarbij de
maximale snelheid 3,8 km/h (2,4 mph) is.
Stand
Gat
afstand
Snelheid
1
27.5mm
(1.1”)
Half gat
0,9 km/h
(0,6 mph)
2
55 mm
(2.1”)
Vierkant gat
1,8 km/h
(1,1 mph)
3
75mm
(2.9”)
2,5 km/h
(1,6 mph)
4
82.5mm
(3.2”)
1 ½ gat
2,7 km/h
(1,7 mph)
5
115mm
(4.5”)
3,8 km/h
(2,4 mph)
14
De PTO schakelaar (4).
De hoofdschakelaar schakelt de elektrische koppeling in en dus de PTO die naar de
bewerkingsmachine leidt.
Schakel voor de bewerking de hoofdschakelaar aan. Wanneer de carrier nu in een
voorwaartse beweging is en de bewerkingsmachine gezakt wordt, zal de PTO pas
inschakelen. Dit wordt geregeld door schakelaars in de machine.
Schakel de hoofdschakelaar ALTIJD uit wanneer er geen bewerking plaats vindt.
De Rijhendel (5).
Met de rijhendel wordt de Carrier van z’n plek bewogen, zowel achter- als vooruit. Om de
Carrier te laten volgen dient de hendel naar beneden geduwd te worden. Bij het
omhoogduwen van de hendel beweegt ook de Carrier van u af. Bedien de verplaatsing altijd
rustig en geleidelijk tot de maximale uitslag om zo beschadigingen aan de pomp te
voorkomen.
De hefhendel (6).
Met de hefhendel wordt de hefcilinder bedient om de bewerkingsmachines te heffen die in de
3-puntsverbinding van de Carrier gemonteerd zit.
De volgende onderdelen zijn nodig om correct en veilig met de machine te kunnen werken:
Daalsnelheid instellen (7)
Met behulp van dit ventiel kan de daalsnelheid van de attachment van de Carrier worden
ingesteld. (fig. 10)
+-
7
Fig. 10
15
Line marker (8)
De machine is voorzien van een line marker. In combinatie met de Verti-Drain 1513 zal als
de voorgaande baan met gaten wordt gevolgd, op 55mm (2.1”) tussen afstand de nieuwe
baan geprikt worden. Op deze manier kan de gebruiker de machine op de meest efficiënte
manier gebruiken. Wanneer de line marker niet nodig is. Kan de deze tegen het frame
worden geklapt, richting motor
Choke (9)
De choke voor hulp bij het starten van de motor. Exacte bediening staat beschreven in de
handleiding van de motor
Toerenteller (10)
De digitale torenteller geeft het motortoerental aan. Bij een motortoerental van 3600 rpm
heeft de PTO een toerental van ±540 rpm.
Motor starten (11)
De sleutel voor het starten en stoppen van de motor. Exacte bediening staat beschreven in
de handleiding van de motor
8
3000
RPM
OFF
RUN
START
910 11
Fig. 11
16
5.0 MACHINE AAN CARRIER KOPPELEN
De Carrier mag alleen gebruikt worden met door Redexim goedgekeurde
machines.
Bij gebruik van niet goedgekeurde machines vervalt de garantie en is Redexim
niet verantwoordelijk voor enige vervolgschade of letsel.
Controleprocedure alvorens te beginnen met het aankoppelen van de Carrier.
Controleer de Carrier op visueel waarneembare beschadigingen en repareer
deze indien een veilige werking van de machine niet meer gewaarborgd is.
Controleer of alle moeren en bouten vastzitten.
Controleer of alle veiligheidsstickers aanwezig zijn op de machine en
onbeschadigd zijn.
Zonder mag de machine NOOIT gebruikt worden.
1
3
454
4
2
Fig. 12
17
De methode is als volgt: (Fig12.)
1. Laat m.b.v. de cilinder (1) de onderste hefarmen (2) van de Carrier zakken of heffen
tot de hoogte van de onderste bevestigingspunten van de bewerkingsmachine.
2. Rijdt het voertuig voorzichtig achteruit, zodat de onderste hefarmen (2) van de Carrier
aan de bewerkingsmachine te koppelen is.
3. Koppel de PTO (3) aan de Carrier.
!! Verzeker u ervan dat de Carrier goed geblokkeerd staat en zich niet uit
eigen beweging kan verplaatsen !!
!! Schakel de Carrier uit alvorens er een machine aan te koppelen !!
!! Wees ervan verzekerd dat de bewerkingsmachine stabiel staat en niet
kan wegrollen/glijden!!
4. Koppel de onderste hefarmen (2) van de Carrier aan de bewerkingsmachine en borg
deze met de zekeringspennen (4).
5. Bevestig nu de topstang (5) van de Carrier aan de bewerkingsmachine en borg deze
met de zekeringspennen (4).
6. Koppel de PTO (3) aan de bewerkingsmachine.
!! Verzeker u ervan dat alle bevestigingspennen geborgd zijn!!
Stel met de topstang de bewerkingsmachine zo bij zo dat deze tijdens de
bewerking loodrecht op de te bewerken ondergrond staat.
7. Verwijder alle mogelijke delen van de bewerkingsmachine die het gebruik ervan in de
weg staan zoals bv. steunpoten en andere mogelijke delen bedoeld voor het
wegzetten van de bewerkingsmachine.
8. Start het voertuig en rijd weg.
5.1 VERTI-DRAIN 1513 AANKOPPELEN
In geval de Verti-Drain 1513 wordt gebruikt
Koppel de onderste 3-punts ophanging van de Verti-Drain 1513 altijd aan in het laagste
punten, welke het dichts bij de Verti-Drain geplaatst zijn. (Fig. 13)
Fig. 13
5.2 WIELEN VERZWAREN
Bij wijze van ballast kan de gestuurde band gevuld worden met water. Aan het water kan
antivries worden toegevoegd.
Het wiel wordt zo gedraaid dat het ventiel zich bovenaan bevindt. Vervolgens wordt het in- of
opdraaiventiel losgeschroefd, in de opening wordt de vulnippel geplaatst. Deze wordt op een
18
waterslang aangesloten. De vulnippel voert lucht af tijdens de watertoevoer. Na het vullen
wordt de nippel verwijdert en het ventiel teruggeplaatst.
Het vulvolume
Het maximaal toegelaten watervolume is 75% van het totale volume van de band. 25 % van
de band blijft met lucht gevuld. Hiermee kan de band op de normale manier op spanning
worden gebracht. Het gewicht van de band neemt met ±30kg (66 lbs) toe.
6.0 TRANSPORT VAN DE CARRIER
De Carrier mag niet op zichzelf op de openbare weg rijden. De Carrier (met of zonder
bewerkingsmachine) dient dus altijd naar de plek van bewerking getransporteerd te worden
waarna de Carrier gebruikt kan worden. Gezien het gewicht en de balans van de Carrier is
het verstandig om de Carrier zonder bewerkingsmachine in de 3-punt uit te laden.
A
90°
Fig. 14
In geval van een defect aan bijvoorbeeld de motor kan de carrier verplaatst worden zonder
deze te starten.
Om de Carrier te verplaatsen zonder deze in bedrijf te stellen, is het mogelijk om de Carrier
in vrijloop stand te zetten. Verwijder indien nodig de hoofdkap/ main cover en zet de pomp in
de vrijloop stand door hendel “A” 90° te verdraaien (Zie Fig. 14.)
19
!!Om schade aan de carrier te voorkomen is het alleen geoorloofd in
geval van nood de carrier te slepen en NIET voor transport van en naar
de werkplek!!
!! De maximale sleepsnelheid is 2,5 km/h (1.5 mph) om schade aan het
hydraulische circuit te voorkomen !!
7.0 DE WERKSNELHEID
De Carrier heeft verschillende rijsnelheidinstellingen waarvan de maximale werksnelheid is
gelimiteerd tot 3.8 km/h (2.4mph). Dit komt overeen met de gemiddelde loopsnelheid en het
is dus niet aanbevolen om dit te veranderen en daarmee te verhogen. Zie tabel (3) hfst4.0
voor de exacte snelheid.
8.0 HET GEBRUIK VAN DE CARRIER
Voordat de Carrier op een plaats gebruikt kan gaan worden, dient met het volgende na te
gaan:
1. Zijn er losse objecten aanwezig op het veld? Verwijder deze eerst.
2. Zijn er hellingen? De maximale helling waarop gewerkt mag worden met deze
machine is 20 graden.
Werk altijd van boven naar beneden.
3. Is er gevaar voor rondvliegende objecten als bijvoorbeeld ballen, die de aandacht
van de bestuurder afleiden? Zo ja, de Carrier kan NIET gebruikt worden.
4. Is er gevaar voor wegzakken, wegglijden? Zo ja, stel de bewerking uit totdat de
omstandigheden beter zijn.
5. Wanneer het veld nat is, stel de werkzaamheden uit totdat de omstandigheden
beter zijn.
6. Maak geen korte bochten, rij bij voorkeur rechtlijnig; de ondergrond kan
beschadigd worden.
9.0 START/STOP PROCEDURE
De start procedure is ZEER belangrijk. Als deze procedure niet wordt uitgevoerd als hieronder is
beschreven, kunnen er serieuze beschadigingen aan de te bewerken ondergrond / machine
ontstaan(Zie Fig.15).
De start procedure is als volgt:
1. Controleer de Carrier goed op loszittende onderdelen en kijk of alle onderdelen goed
functioneren.
!!Indien er losse onderdelen zijn geconstateerd of onderdelen niet goed werken
dan dienen de problemen eerst verholpen te worden alvorens de Carrier te
gebruiken!!
2. Rij naar de plek waar de bewerking moet plaatsvinden.
3. Schakel de motor uit.
4. Bedien de parkeerrem (1) zodat de Carrier geblokkeerd staat.
5. Stel de werkdiepte van de bewerkingsmachine statisch in. Zie handleiding van desbetreffende
machine.
20
1
3
6
5
42
2
Later models:
!! Verzeker u ervan dat het voertuig d.m.v. de parkeerrem goed geblokkeerd staat en
zich niet uit eigen beweging kan verplaatsen !!
!! Schakel het voertuig uit alvorens de bewerkingsmachine af te stellen !!
!! Verzeker u ervan dat de aan/uit schakelaar voor het bedienen van de
elektrische koppeling uit staat !!
Fig. 15
6. Start de motor van de Carrier.
7. Zet de gashendel (2)in de midden stand.
8. Stel de gewenste rijsnelheid in d.m.v. het bedienen van de snelheidshendel (3).
Zie tabel (3) hfst 4.0 voor de exacte snelheid
9. Schakel de elektrische koppeling in d.m.v. de hoofdschakelaar (4) te bedienen.
10. Duw de bedieningshendel (5) omlaag en laat de Carrier volgen.
11. Laat de bewerkingsmachine zakken door de hefhendel (6) die de cilinder aanstuurt te bedienen.
12. Zet de gashendel (2)in de hoogste stand.
13. Indien gewenst, pas de snelheid aan door de snelheidshendel (3) te bedienen. Hef hiervoor wel
eerst de machine omhoog, laat de combinatie stoppen, schakel de bewerkingsmachine uit. Stel
daarna pas de nieuwe snelheidsinstelling in. Ga nu verder met de bewerking, volg de
procedure zoals hierboven omschreven.
Stoppen geschiedt als volgt:
1. Bedien al rijdend de cilinder zodat de bewerkingsmachine omhoog geheven wordt.
2. Schakel de hoofdschakelaar uit.
3. Rijd de Carrier combinatie nu naar de volgende te bewerken plek.
21
4. Indien er geen bewerking meer volgt, zet het voertuig stil en gebruik de parkeerrem om de
Carrier te blokkeren.
!! Verzeker u ervan dat het voertuig goed geblokkeerd staat en zich niet uit eigen
beweging kan verplaatsen !!
5. Zet de gashendel uit.
6. Schakel de motor uit.
22
10.0 MACHINE VAN DE CARRIER AFKOPPELEN
1
3
454
4
2
Fig. 16
De machine kan van het voertuig losgekoppeld worden op de volgende manier (Zie Fig16):
1. Rij de Carrier naar een stalplek met een stabiele/vlakke ondergrond.
!! Verzeker u ervan dat de Carrier goed geblokkeerd staat en zich niet uit
eigen beweging kan verplaatsen !!
!! Schakel de Carrier uit alvorens de bewerkingsmachine af te koppelen !!
2. Laat m.b.v. de cilinder (1) de bewerkingsmachine zakken. Doe dit op een manier dat
de bewerkingsmachine niet beschadigd raakt.
3. Verwijder de zekeringspennen (4) en daarna de topstang (5).
4. Verwijder de PTO (3).
5. Verwijder de onderste zekeringspennen (4) en koppel de onderste hefarmen (2) van
de Carrier los van de bewerkingsmachine.
!! Wees ervan verzekerd dat de bewerkingsmachine stabiel staat en niet
kanwegrollen/glijden!!
23
!! Raadpleeg de handleiding van uw bewerkingsmachine hoe deze
correct af te koppelen!!
6. Start de Carrier en rij deze weg.
11.0 V-SNAAR SPANNING VERSTELLEN
De Carrier heeft twee systemen die via V-snaren aangedreven worden.
A
Standard setting
A = 8mm (0.3")
B = 13mm (0.5")
B
6
5
8
7
1
2
4
2
3
A
A
A
A
Fig. 17
24
Ten eerste drijft de motor via één V-snaar de pomp aan. Om de V-snaar op spanning te
brengen dient de hele pompunit van de motor af bewogen te worden totdat de V-snaar op
spanning staat(Zie Fig. 17):
1. Verwijder de beschermkap(1).
2. Draai eerst de moeren van de pompunit (3) een slag los.
3. Verplaats de pompunit naar buiten toe (dus van de motor af) door aan de moeren (4)
te draaien om zo de V-snaar (2) te spannen.
4. Controleer de v-snaar spanning door aan punt A een gewicht van 2,5Kg (5,5lbs) te
hangen. De indrukking van de v-snaar moet dan 3,7 mm (0.14”) bedragen.
5. Draai vervolgen de moeren (3) weer vast.
6. Monteer vervolgens de beschermkap (1) weer op de originele plaats
3
A
1
2
Fig. 18
Ten tweede gaan er twee V-snaren van de elektrische koppeling naar de versnellingsbak die
de PTO aandrijft. Om de V-snaren aan te spannen dient de versnellingsbak van de koppeling
af verplaatst te worden(Zie Fig. 18):
1. Draai eerst de bouten en moeren (1) waarmee de beugel aan het hoofdframe
bevestigd zit een slag los.
2. Verplaats de versnellingsbak van de koppeling af door aan de moeren (2) te draaien
om zo de twee V-snaren (3) te spannen.
3. Controleer de V-snaar spanning door aan punt A een gewicht van 2,5Kg (5,5lbs) te
hangen. De indrukking van de v-snaar moet dan 2,1 mm (0.1”) bedragen.
4. Zet de moeren (2) bij de juiste V-snaar spanning weer vast.
5. Draai nu vervolgens de bouten en moeren (1) weer vast die de versnellingsbak met
het hoofdframe verbindt.
25
11.1 FIJNINSTELLING RIJSNELHEID
Indien de rijsnelheid van de carrier bijgesteld dient te worden kan men dit doen door de
aanslagbout van de pomp bij te stellen. (Zie Fig. 17):
1. Verwijder de beschermkap (1).
INSTELLING VOLLEDIG BEREIK:
2. Draai de moeren (5) los en verplaats de aanslagbout (6) tot de gewenste instelling is
bereikt.
3. Draai de moeren (5) vast.
INSTELLING PER WERKSTAND: (Vanaf latere modellen, controleer op machine)
4. Los moer 7 van de te wijzigen stand.
5. Verdraai stelschroef 8 van de corresponderende stand tot de gewenste instelling is
bereikt.
6. Draai moer 7 weer vast.
7. Monteer de beschermkap (1)
26
11.2 INSCHAKELMOMENT PTO
Het inschakelmoment van de PTO is bij de carrier automatisch geregeld als het
aangehangen werktuig naar beneden bewogen wordt.
Als het inschakelmoment verandert moet worden kan dit als volgt: (Zie Fig. 19)
Fig. 19
1. Laat het werktuig zakken tot op het punt waarop de PTO moet worden ingeschakeld.
2. Zet de carrier uit en activeer de parkeerrem.
3. Open de accubak (1) en verwijder de accu.
4. Draai bout (2) los en verdraai schijf (3) rechtsom totdat deze de schakelaar (4) net
indrukt.
5. Draai bout (2) vast en plaats de accu terug.
27
12.0 PROBLEEM ANALYSE
Probleem
Mogelijke oorzaak
Oplossing
Motor start/loopt niet.
Accu leeg.
Controleer de toestand van de accu.
Laad de accu op of vervang de
accu.
Bedrading beschadigd.
Controleer de bedrading op
kortsluiting.
Controleer accuaansluitingen.
Geen brandstof.
Controleer het brandstofpeil.
Gebruik de choke.
Controleer brandstoffilter.
Geen ontsteking.
Controleer de schakelaars.
Controleer de bedrading.
Controleer ontsteking.
Hydraulische storingen.
Lekkages
Controleer de onderdelen.
Geen druk (hefcapaciteit)
Pomp beschadigd.
Niet voldoende olie.
Overdrukklep niet goed afgesteld.
Geen aandrijving van de pomp.
Motor loopt niet.
Controleer of alle hydraulische
onderdelen correct aangesloten zijn.
Hef zakt niet snel genoeg.
Regelventiel staat verkeerd
afgesteld.
Stel het regelventiel af naar de
gewenste snelheid.
Voorwaartse beweging.
Rij-handel werkt niet
optimaal.
Controleer of de verstelling goed
afgesteld is.
Parkeerrem werkt niet.
Controleer de afstelling van de rem.
Kabel gebroken, vervang kabel.
Wielen slippen.
Geen grip.
Terrein te nat. Wacht tot betere
omstandigheden.
Terrein te golvend. Bewerk terrein
op een manier met de minste
golving.
V-snaar slipt.
V-snaar versleten.
Vervang de V-snaren.
Spanning V-snaar niet
goed.
Controleer de v-snaar spanning.
Overbelasting van de
aandrijving.
Verlaag de gevraagde belasting van
de aangekoppelde machine.
Machine stuurt zwaar.
Bandenspanning te laag.
Verhoog de bandenspanning.
Krakende geluiden tijdens het in
bedrijf zijn van de machine.
Lagers hebben smering
nodig/ zijn versleten.
Smeer de lagers met een EP2 vet /
vervang de lagers.
28
13.0 ONDERHOUD
Tijdpad
Controlepunt/
Smeerpunt
Methode
Voor elke ingebruikname.
Controleer op loszittende
bouten/ moeren.
Draai de loszittende bouten/
moeren vast met het juiste
moment.
Controleer oliepeil motor +
hydrauliek
Aanvullen indien nodig
Aanwezigheid en Leesbaarheid
van de veiligheidsstickers. (Fig. 5)
Vervang deze indien niet
aanwezig/ beschadigd.
Na eerste 50 werkuren
(nieuw of gerepareerd).
Smeer lagers bij voorwiel.
Gebruik EP 2 smeervet.
Controleer op loszittende
bouten/ moeren.
Draai de loszittende bouten/
moeren vast met het juiste
moment.
Controleer de spanning van de
V-snaren.
Pas indien nodig de spanning
van de V-snaren aan.
(zie hst. 11.0)
Vervang filters (brandstof- &
hydrauliekfilter).
Gebruik originele filters.
(zie Parts Manual)
Na elke 100 werkuren of
jaarlijks.
Smeer lagers bij voorwiel.
Gebruik EP 2 smeervet.
Controleer op loszittende
bouten/ moeren.
Draai de loszittende bouten/
moeren vast met het juiste
moment.
Controleer bandenspanning.
Zorg dat de bandenspanning
0,5 bar is.
Controleer de spanning van de
V-snaren / slijtage.
Pas de spanning van de V-
snaren aan. (zie hst. 11.0)
Of indien nodig vervang de V-
snaren.
Controleer de slijtage van de
glijlagers van de 3-punt
ophanging.
Indien nodig, vervang deze.
Na elke 500 werkuren of
jaarlijks.
Vervang hydraulisch filter.
Gebruik originele filter.
Vervang hydraulisch olie.
Voer oude olie af volgens
lokale wetgeving.
Voor onderhoud Briggs&Stratton motor, zie handleiding van de motor. Deze is met de Carrier
meegeleverd.
Zie de onderdelen handleiding voor onderdelennummers en schematische tekeningen.
29
14.0 OPTIONEEL: SAFETY BUTTON KIT
Belangrijk!
Allereerst moeten de volgende veiligheidsmaatregels altijd worden nageleefd:
Kijk ten alle tijden in dezelfde richting als de bewegingsrichting van de machine. Dus loopt u
naar voren, kijk dan naar voren. Loopt u achteruit, kijk dan ook naar achteren.
Plan uw bewerkingsroute vooraf en weet waar de obstakels staan om contact met u en de
obstakels te voorkomen. Voorkom het te dicht werken langs omheiningen, hekwerken,
gebouwen, andere machines en obstakels in het algemeen.
De Carrier kan optioneel voorzien worden van een extra veiligheidsknop (Zie Fig. 20).
Deze knop is zo gepositioneerd dat bij een mogelijke beknelling de knop als eerste door het
lichaam zal worden ingedrukt. De Carrier zal hierdoor direct uitgaan om verdere beknelling te
voorkomen.
Om de Carrier weer te kunnen starten moet de veiligheidsknop een slag naar links gedraaid
worden. Het systeem is nu vrij om de normale startprocedure uit te voeren.
Fig. 20
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29

Redexim Carrier de handleiding

Type
de handleiding