Siemens KGP76320/21 de handleiding

Categorie
Koelkast-diepvriezers
Type
de handleiding
45
nl
Aanwijzingen over
de afvoer
Afvoer van het oude
apparaat
Van toepassing als uw nieuwe apparaat
een oud apparaat vervangt.
Oude apparaten zijn geen waardeloos
afval! Door een milieuvriendelijke afvoer
kunnen waardevolle grondstoffen
worden teruggewonnen.
Het afgedankte apparaat onbruikbaar
maken:
1. stekker uit het stopcontact trekken;
2. aansluitkabel doorknippen en samen
met de stekker verwijderen;
3. deurslot verwijderen of onklaar
maken. Hiermee voorkomt u dat
kinderen zichzelf tijdens het spelen
in het apparaat opsluiten en in
levensgevaar geraken.
Koelapparaten bevatten koelmiddel en in
de isolatie gas. die zorgvuldig moeten
worden afgevoerd. Met het oog op een
doelmatige en milieuvriendelijke afvoer
mogen de leidingen van het koelcircuit
tot het moment van transport niet
beschadigd worden.
Afvoeren van de
verpakking van uw
nieuwe apparaat
Attentie!
Verpakkingsmateriaal is geen
speelgoed voor kinderen – gevaar voor
verstikking door vouwkarton en folie!
Uw nieuwe apparaat is op weg naar
u beschermd door de verpakking.
De gebruikte materialen zijn onschadelijk
voor het milieu en kunnen opnieuw
worden gebruikt. Help daarom mee en
zorg dat de verpakking milieuvriendelijk
wordt afgevoerd.
U kunt bij uw leverancier of bij de
reinigingsdienst in uw gemeente
informeren hoe u uw oude apparaat en
het verpakkingsmateriaal van het nieuwe
apparaat kunt (laten) afvoeren voor een
milieuvriendelijke verwerking.
Dit apparaat is gekenmerkt in
overeenstemming met de Europese
richtlijn 2002/96/EG betreffende
afgedankte elektrische en elektronische
apparatuur (waste electrical and
electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de
in de EU geldige terugneming en
verwerking van oude apparaten.
Aanwijzingen voor
uw veiligheid
Voordat u het apparaat
in gebruik neemt
Lees de gebruiksaanwijzing en het
installatievoorschrift nauwkeurig door.
U vindt daarin belangrijke informatie over
plaatsing, gebruik en onderhoud van het
apparaat.
De fabrikant aanvaardt geen aanspra-
kelijkheid als de aanwijzingen en waar-
schuwingen in de gebruiksaanwijzing
niet in acht worden genomen. Bewaar de
gebruiksaanwijzing en het
installatievoorschrift voor een eventuele
latere bezitter van het apparaat.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 45
46
nl
Attentie!
• Het apparaat bevat een geringe
hoeveelheid van het milieuvriendelijke
maar brandbare koelmiddel R600a.
Let erop dat de leidingen van het
koelcircuit bij het transport of de
installatie niet beschadigd worden.
Koelmiddel dat naar buiten spuit kan
vlam vatten of tot oogletsel leiden.
Let erop als er koelmiddel naar buiten
komt
– dat zich geen open vuur of
ontstekingsbronnen in de buurt van
het lek bevinden.
– Stekker uit het stopcontact trekken
en de ruimte een paar minuten goed
luchten.
• Hoe meer koelmiddel het apparaat
bevat, des te groter moet de ruimte
zijn waarin het apparaat wordt
opgesteld. In een te kleine ruimte kan
bij een lek een ontvlambaar mengsel
van gas en lucht ontstaan.
• Per 8 g koelmiddel moet de ruimte
minimaal 1 m3 groot zijn. De
hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat
vindt u op het typeplaatje aan de
binnenkant van het apparaat.
• In noodgevallen
– Ogen uitspoelen en een arts
raadplegen.
– Vonken en open vuur buiten bereik
van het apparaat houden.
– Stekker uit het stopcontact trekken
en de ruimte een paar minuten goed
luchten.
• In de volgende gevallen de stekker uit
het stopcontact trekken resp. de
zekering uitschakelen of losdraaien:
– ontdooien
– schoonmaken
Altijd aan de stekker trekken, nooit aan
de aansluitkabel.
• Een (bijv. tijdens het transport)
beschadigd of defect apparaat niet in
gebruik nemen. In geval van twijfel
eerst contact opnemen met uw
leverancier.
• Nooit elektrische apparaten in het
apparaat gebruiken (bijv.
verwarmingsapparaten, elektrische
ijsmaker etc.).
• Geen producten met brandbare
drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen
explosieve stoffen in het apparaat
opslaan – Explosiegevaar!
• Het apparaat is geen speelgoed voor
kinderen!
• Het apparaat nooit met een stoom-
reiniger ontdooien of schoonmaken!
De hete stoom kan in de onder
spanning staande onderdelen van het
apparaat terechtkomen en kortsluiting
of een elektrische schok veroorzaken.
In acht nemen tijdens het gebruik
• De luchtaanvoer- en luchtafvoerope-
ningen nooit afdekken of dichtmaken!
• Reparaties mogen alleen door een
vakkundig monteur worden uitgevoerd.
Door ondeskundige reparatie kan er
gevaar voor de gebruiker ontstaan.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 46
47
nl
• Plint, uittrekbare manden of laden,
deuren etc. niet als opstapje gebruiken
of om op te leunen.
• Dranken met een hoog alcoholpercen-
tage altijd goed afgesloten en staand
bewaren.
• Bij een apparaat met deurslot: sleutel
buiten het bereik van kinderen
bewaren!
• Zorg dat de kunststof delen en de
deurafdichting niet met olie of vet in
aanraking komen. Ze kunnen poreus
worden.
• Flessen en blikjes met vloeistoffen –
vooral koolzuurhoudende dranken –
niet in de diepvriesruimte opslaan.
De flessen en blikjes springen!
• IJslollies en ijsblokjes niet direct uit de
diepvriesruimte in de mond nemen.
(gevaar voor verbranding door de
zeer lage temperatuur).
• Diepvrieswaren niet met natte handen
aanraken. Uw handen kunnen eraan
vastvriezen.
• Een laag rijp en vastgevroren
diepvrieswaren niet met een mes of
een scherp voorwerp afschrapen of
losmaken. Hierdoor kunt u de
koelleidingen beschadigen. Koelmiddel
dat naar buiten spuit, kan vlam vatten
of tot oogletsel leiden.
• Om het ontdooiproces te versnellen
alleen de door de fabrikant aanbevolen
middelen gebruiken.
Waarschuwingen
• Draagt u er zorg voor de
ventilatieroosters van de structuur van
de koelkast niet te versperren.
• Gebruikt u geen mechanische
voorzieningen noch enig ander middel
ter versnelling van het ontdooiproces,
anders dan die welke worden
aanbevolen door de fabrikant.
• Draagt u er zorg voor het koelcircuit
niet te beschadigen.
• Gebruikt u voor de koelkast/vriezer
altijd het type inwendige elektrische
componenten als aanbevolen door de
fabrikant.
Algemene bepalingen
Het apparaat is geschikt
• voor het koelen en invriezen van
levensmiddelen,
• voor het bereiden van ijs.
Het apparaat is bedoeld voor
huishoudelijk gebruik.
Bij gebruik voor bedrijfsdoeleinden de
daarvoor geldende normen en
voorschriften in acht nemen.
Het apparaat is ontstoord volgens
E-U richtlijn 89/336/EEC.
Het koelmiddelsysteem is gecontroleerd
op dichtheid.
Dit apparaat voldoet aan de veiligheids-
bepalingen voor elektrische apparaten
(EN 60335/2/24).
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 47
48
nl
Uw nieuwe apparaat
Afhankelijk van het model zijn kleine
afwijkingen mogelijk – vooral wat betreft
de uitvoering van het interieur.
Afb. Q
A Koelruimte
B Diepvriesruimte
1–9 Bedieningspaneel
10 Binnenverlichting
11 Legrooster/plateau
12 Groentelade
13 Voorraadvakken
14 Boter- en kaasvak
15 Eierrekje
16 Flessenvak
17 Diepvrieslade
18 Ventilator
19 Sensor koelruimte
Bedieningspaneel
Afb. W
1 Toets Aan/Uit voor
de koelruimte
Om de koelruimte apart in en uit te
schakelen.
2 Insteltoets ºC voor de
temperatuur in de koelruimte
De temperatuur in de koelruimte is
instelbaar van +2 ºC tot +8 ºC.
De insteltoets een aantal keren
indrukken of ingedrukt houden tot
de gewenste temperatuur door het
brandende lampje wordt
aangegeven.
+8 geeft de hoogste temperatuur
in de koelruimte aan (+8 ºC).
+2 geeft de laagste temperatuur
in de koelruimte aan (+2 ºC).
Het lampje bij de gekozen
temperatuur knippert tot de
ingestelde temperatuur is bereikt.
3 Indicatie „super“ voor de
koelruimte
Tijdens het „super“-koelen wordt
koelruimte gedurende ca. 6 uur met
de laagste temperatuur gekoeld.
Daarna wordt automatisch
omgeschakeld naar de ingestelde
temperatuur in de koelruimte. Het
superkoelsysteem is ideaal om
dranken snel te koelen en bij het
inladen van grotere hoeveelheden
levensmiddelen.
Om het superkoelsysteem in te
schakelen:
toets (2) een aantal keren indrukken
of ingedrukt houden tot de indicatie
„super“ brandt.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 48
49
nl
4 Insteltoets ºC voor de temperatuur
in de diepvriesruimte
De temperatuur in de
diepvriesruimte is instelbaar van –16
ºC tot –32 ºC.
De insteltoets een aantal keren
indrukken of ingedrukt houden tot
de gewenste temperatuur door het
brandende lampje wordt
aangegeven.
–16 geeft de hoogste temperatuur in
de diepvriesruimte aan (–16 ºC).
–32 geeft de laagste temperatuur in
de diepvriesruimte aan (–32 ºC).
Het lampje knippert tot de ingestelde
temperatuur is bereikt.
5 „ “ Alarmindicatie
Alarmindicatie voor te hoge
temperaturen in de diepvriesruimte.
Kans op ontdooien van de
ingevroren levensmiddelen.
Zonder gevaar voor de
diepvrieswaren kan de alarmindicatie
branden:
• bij het in gebruik nemen van het
apparaat;
• bij het inladen van grote
hoeveelheden verse
levensmiddelen;
• als de deur van de diepvriesruimte
te lang geopend werd.
6 Toets/indicatie „super“ voor
de diepvriesruimte
Om het supervriessysteem in en uit
te schakelen. Het brandende lampje
geeft aan dat het supervriessysteem
is ingeschakeld.
Het supervriessysteem dient voor
het invriezen van grote hoeveelheden
verse levensmiddelen en moet,
afhankelijk van de hoeveelheid, tot
24 uur vóór het inladen van de
verse levensmiddelen worden
ingeschakeld.
Na het inschakelen van het super-
vriessysteem loopt de koelmachine
permanent. In de diepvriesruimte
wordt een zeer lage temperatuur
bereikt.
Het supervriessysteem wordt
automatisch uitgeschakeld als de
vers ingeladen levensmiddelen
door en door bevroren zijn (bij
kleine hoeveelheden
levensmiddelen na een paar uur,
bij grote hoeveelheden na
maximaal twee dagen).
Door de toets (6) een aantal keren
in te drukken wordt het
supervriessysteem, indien nodig,
met de hand uitgeschakeld.
7 Toets Aan/Uit voor
de diepvriesruimte
Om de diepvriesruimte apart in en
uit te schakelen.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 49
50
nl
Let op de omge-
vingstemperatuur
en de beluchting
De klimaatklasse staat op het typeplaatje
(Afb. !0). Hierdoor wordt aangegeven
binnen welke omgevingstemperaturen
het apparaat gebruikt kan worden.
klimaatklasse toegestane
kamertemperatuur
SN +10 °C tot 32 °C
N +16 °C tot 32 °C
ST +18 °C tot 38 °C
T +18 °C tot 43 °C
Beluchting
Afb. E
De lucht aan de achterzijde van het
apparaat wordt warm. De verwarmde
lucht moet ongehinderd afgevoerd
kunnen worden. Anders moet de
koelmachine meer presteren waardoor
het energieverbruik toeneemt.
De be- en ontluchtingsopeningen mogen
dan ook nooit worden afgedekt!
Netto-inhoud
De gegevens over de netto-inhoud vindt
u op het typeplaatje in uw apparaat.
Apparaat aansluiten
Na het opstellen van het apparaat dient
men minstens
1
/
2
uur wachten voordat
u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens
het transport kan het gebeuren dat de
olie van de compressor in het
koelsysteem terecht komt.
Voordat u het apparaat voor het eerst
in gebruik neemt de binnenkant van
het apparaat schoonmaken
(zie Schoonmaken).
Het stopcontact moet gemakkelijk te
bereiken zijn. Het apparaat uitsluitend
via een volgens de voorschriften aange-
bracht, randgeaard stopcontact met
een zekering van 10 ampère of meer,
op 220–240 V/50 Hz wisselstroom aan-
sluiten.
Bij apparaten die in niet Europese
landen worden gebruikt op het
typeplaatje controleren of de aan-
sluitspanning en de stroomsoort
overeenkomen met de waarden van
uw elektriciteitsnet. Het typeplaatje
bevindt zich links onderaan in het
apparaat. Een eventueel
noodzakelijke vervanging van de
aansluitkabel mag alleen door een
vakkundig monteur worden
uitgevoerd.
Waarschuwing!
Het apparaat mag nooit worden aan-
gesloten op elektronische energiebe-
sparende stekkers (bijv. Ecoboy; Sava
Plug) of op omvormers die
gelijkstroom omzetten in 230 V
wisselstroom (bijv. installaties voor
zonneënergie of netwerken voor
schepen).
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 50
51
nl
Inschakelen van het
apparaat
Afb. W
De koel- en diepvriesruimte kunnen
apart worden ingeschakeld.
• Voor het in gebruik nemen van de
koelruimte: de toets Aan/Uit (1)
indrukken.
De binnenverlichting in de koelruimte
brandt bij het openen van de deur.
• Voor het in gebruik nemen van de
diepvriesruimte: de toets Aan/Uit
(7) indrukken.
• De alarmindicatie (afb. W/5) brandt tot
de bedrijfstemperatuur is bereikt.
Instellen van de
temperatuur
Afb. W
In de fabriek zijn de volgende
basisinstellingen ingesteld:
temperatuur in de koelruimte +4 ºC
temperatuur in de diepvriesruimte–20 ºC
De instelwaarden kunnen gewijzigd
worden, zie de beschrijving bij het
bedieningspaneel:
2 temperatuur voor de koelruimte
instellen
4 temperatuur voor de diepvriesruimte
instellen
Aanwijzingen bij het
gebruik
• De voorzijde van het apparaat achter
de deur wordt gedeeltelijk licht
verwarmd waardoor de vorming van
condenswater in de buurt van de
deurafdichting wordt voorkomen.
• Terwijl de koelmachine loopt, vormen
zich dooiwaterdruppels of een laagje
rijp op de achterwand van de
koelruimte. Dit is normaal. U hoeft de
dooiwaterdruppels niet af te wissen of
de rijp af te schrapen. De achterwand
wordt automatisch ontdooid. Het
dooiwater loopt via het afvoergootje
(afb. I/A) naar de koelmachine, waar
het verdampt.
• Bij een hoge luchtvochtigheid kan zich
condenswater vormen in de
koelruimte, vooral op glazen
legplateaus. Als dit het geval is, dient u
de levensmiddelen verpakt te bewaren
en een lagere koelruimtetemperatuur
te kiezen.
• Als de deur van de diepvriesruimte na
het sluiten niet meteen weer geopend
kan worden: twee tot drie minuten
wachten tot de ontstane onderdruk is
opgeheven.
• Door het koelsysteem kan zich op de
vriesroosters op sommige plaatsen al
snel een laagje rijp afzetten. Dit heeft
geen invloed op het functioneren van
het apparaat of op het stroomverbruik.
Ontdooien is pas nodig als zich op het
hele oppervlak van het vriesrooster
een laag rijp of ijs met een dikte van
meer dan 5 mm heeft gevormd.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 51
52
nl
Apparaat
uitschakelen en
buiten werking stellen
Apparaat uitschakelen
Afb. W
De koel- en diepvriesruimte kunnen
apart worden uitgeschakeld.
• Om de koelruimte uit te schakelen:
toets Aan/Uit (1) indrukken.
De binnenverlichting in de koelruimte
gaat uit.
• Om de diepvriesruimte uit te
schakelen: toets Aan/Uit (7)
indrukken.
Apparaat buiten werking
stellen
Als het apparaat lange tijd niet wordt
gebruikt:
• Koel- en diepvriesruimte uitschakelen
zoals hierboven beschreven.
• Stekker uit het stopcontact trekken.
• Het apparaat laten ontdooien en
schoonmaken.
• deur van het apparat open laten.
Variabele indeling
van de binnenruimte.
Bij het inzetten de laden op de
uittrekbare rails plaatsen en naar binnen
schuiven. Glasplaat naar voren trekken,
iets laten zakken en aan de zijkant
uitzwenken
(afb. R). Voorraadvak iets optillen en
eruit halen (afb. T).
Speciale uitvoering
(niet bij alle modellen)
Flessenhouder
Afb. Y
De flessenhouder voorkomt dat de
flessen kantelen bij het openen en
sluiten van de deur.
Levensmiddelen
inruimen
Let op de koudezones in
de koelruimte!
Door de luchtcirculatie in de koelruimte
verschillende koudezones.
• De koudste zones
bevinden zich aan de achterwand tussen
de aan de zijkant afgebeelde pijl en de
glasplaat eronder (afb. !1) of tussen de
twee pijlen (afb. !2), afhankelijk van het
model.
Attentie:
in de koudste zones gevoelige
levensmiddelen opslaan zoals vis, worst
en vlees.
• De warmste zone
bevindt zich helemaal bovenaan in de
deur.
Attentie! In de warmste zone bijv. boter
en kaas bewaren. Tijdens het serveren
behoudt de kaas zijn aroma en de boter
blijft smeerbaar.
Attentie bij het inruimen
De levensmiddelen goed verpakt of
afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur,
kleur en versheid behouden. Bovendien
wordt voorkomen dat de levensmiddelen
naar elkaar gaan smaken en de
kunststof onderdelen verkleuren.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 52
53
nl
Levensmiddelen als volgt
inruimen:
• Op de legroosters/plateaus in de
koelruimte (van boven naar beneden):
brood en gebak, klaargemaakte
gerechten, zuivelproducten, vlees en
worst.
• In de groentelade: groente, sla, fruit.
• In de deur (van boven naar beneden):
boter, kaas, eieren, tubes, kleine
flesjes, grote flessen, melk, pakken
vruchtensap.
Levensmiddelen
invriezen
Invriescapaciteit:
Gegevens over de maximale
invriescapaciteit volgens de actuele
norm vindt u op het typeplaatje.
De maximale capaciteit voor het
diepvriezen van verse levensmiddelen
in 24 uur (verdeeld over de diepvries
roosters) vindt men op de plaat met
de kenmerken (in kg/24uur),
zie figuur !0.
De levensmiddelen moeten zo snel
mogelijk door en door worden
ingevroren. De maximale
invriescapaciteit niet overschrijden zodat
vitamine, voedingswaarde, uiterlijk en
smaak behouden blijven.
Tijdens het invriezen in de
diepvriesladen neemt de maximale
invriescapaciteit iets af.
Verse levensmiddelen
invriezen
Als er al levensmiddelen in de diepvries-
ruimte liggen, dan moet een paar uur
vóór het inladen van verse
levensmiddelen het supervriessysteem
worden ingeschakeld.
Gebruik uitsluitend verse
levensmiddelen. De levensmiddelen
luchtdicht verpakken zodat ze niet
uitdrogen of hun smaak verliezen.
Zo verpakt u op de juiste
manier:
1. Levensmiddelen in de verpakking
leggen.
2. De lucht eruit persen.
3. Het geheel van een goede sluiting
voorzien.
4. Vermeld op de pakjes inhoud en
datum.
Niet geschikt voor verpakking:
pakpapier, vetvrij papier, cellofaan,
vuilniszakken en gebruikte
boodschappentasjes.
Voor verpakking geschikt:
kunststof-, polyetheen- en
aluminiumfolie, diepvriesdozen.
Deze producten zijn in de handel
verkrijgbaar.
Als sluiting geschikt:
elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes,
koudebestendig plakband e.d.
Zakjes en folie van polyetheen kunnen
met een folie-lasapparaat worden
dichtgelast.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 53
54
nl
Inkopen van
diepvriesproducten
De verpakking mag niet beschadigd zijn.
Let op de houdbaarheidsdatum.
In de winkel moet de temperatuur in
de diepvrieskist –18 °C of lager zijn.
De diepvriesproducten liefst in een
koeltas transporteren en snel in de
diepvriesruimte leggen.
Diepvrieswaren opslaan
• Belangrijk voor een optimale
luchtcirculatie in de diepvriesruimte:
de diepvriesladen tot de aanslag erin
schuiven.
• Als er zeer veel levensmiddelen
moeten worden ondergebracht, dan
kan men alle diepvriesladen, behalve
de onderste, uit het apparaat halen en
de levensmiddelen direct op de
vriesroosters stapelen. Om de
diepvriesladen eruit te halen: de laden
tot aan de aanslag uittrekken, aan de
voorkant iets optillen en eruit halen.
Bewaartijd
Om vermindering van de kwaliteit van de
diepvrieswaren te voorkomen mag de
toelaatbare bewaartijd bij –18 ºC niet
overschreden worden.
De bewaartijd is afhankelijk van het soort
levensmiddelen. Bij kant en klaar
gekochte diepvriesproducten altijd letten
op de op de verpakking aangegeven
invriesdatum of de houdbaarheidsdatum.
vis, worst,
klaargemaakte
gerechten, brood
en banket tot 6 maanden;
kaas, gevogelte,
vlees tot 8 maanden;
groente en fruit tot 12 maanden.
IJsblokjes maken
Attentie!
Geen elektrische ijsmachine in de
diepvriesruimte gebruiken.
IJsblokjes maken
(niet bij alle modellen)
IJsbakjes zijn in de winkel verkrijgbaar.
Het ijsbakje voor
3
/
4
met water vullen en
in de diepvriesruimte zetten. Om het
vriesproces te versnellen de bovenste
diepvrieslade gebruiken.
Om de ijsblokjes los te maken: het
ijsbakje iets verbuigen of kort onder
stromend water houden (Afb. U).
Ontdooien van de
diepvriesruimte
Kans op een elektrische schok
Geen stoomreiniger gebruiken. Door de
hete stoom kunnen de onder spanning
staande onderdelen kortsluiting of een
elektrische schok veroorzaken.
Voor het verwijderen van rijp geen mes
of scherp voorwerp gebruiken.
De leidingen van het koelcircuit niet
beschadigen.
Koelmiddel dat naar buiten spuit, kan tot
oogletsel leiden en is brandbaar.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 54
55
nl
Geen elektrische apparaten of open vuur
in het apparaat gebruiken.
Attentie!
Een dikke laag ijs op de vriesroosters
vermindert de vriescapaciteit van het
apparaat waardoor het energieverbruik
toeneemt.
Is de laag ijs ca.
1
/
2
cm dik, dan moet de
diepvriesruimte ontdooid worden. In elk
geval één tot twee keer per jaar, het
liefst als er weinig of geen
diepvrieswaren in het apparaat liggen.
Ca. 4 uur vóór het ontdooien het super-
vriessysteem inschakelen zodat de
levensmiddelen een zeer lage tempera-
tuur bereiken waardoor ze langere tijd bij
omgevingstemperatuur bewaard kunnen
worden.
Zo gaat u te werk
• Stekker uit het stopcontact trekken.
• Diepvriesladen met de levensmiddelen
op een koele plaats bewaren. Koude-
accu (indien aanwezig) op de
levenmiddelen leggen.
• Om het dooiwater op te vangen de
middelste lade uitruimen maar in het
apparaat laten.
• Na het ontdooien het opgevangen
dooiwater weggieten. Het resterende
dooiwater op de bodem van de
diepvriesruimte met een spons
afwissen.
• Diepvriesruimte weer inschakelen.
• Diepvrieswaren er weer in leggen.
Tip bij het ontdooien
Een pan met heet water op een
onderzetter in de diepvriesruimte zetten.
Ontdooisprays
Let op de aanwijzingen van de fabrikant
op de verpakking.
Attentie!
Ontdooisprays kunnen explosieve
gassen ontwikkelen, oplosmiddelen die
kunststof beschadigen of drijfgassen
bevatten of schadelijk zijn voor de
gezondheid.
Apparaat reinigen
• Stekker uit het stopcontact trekken.
• Met water en een scheutje
afwasmiddel schoonmaken.
• Na het schoonmaken de stekker weer
in het stopcontact steken of de
zekering inschakelen resp.
vastdraaien.
Geen schoonmaakmiddelen gebruiken
die zand of zuren resp. oplosmiddelen
bevatten.
Deurdichting uitsluitend reinigen met
schoon water en goed afdrogen!
Het sop mag niet in het
bedieningspaneel of in de verlichting
terechtkomen en ook niet door het
afvoergaatje (afb. I/B) van het
dooiwatergootje lopen.
De legroosters/plateaus,
voorraadvakken en laden mogen niet in
de afwasautomaat gereinigd worden. Ze
kunnen vervormen.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 55
56
nl
Energie besparen
• Het apparaat in een droge, goed te
ventileren ruimte plaatsen. Niet direct
in de zon of in de buurt van een
warmtebron (verwarmingsradiator,
fornuis etc.). Anders een isolerende
plaat gebruiken.
• Warme gerechten en dranken buiten
het apparaat laten afkoelen.
• De diepvrieswaren om te ontdooien in
de koelkast leggen. De koude van de
diepvrieswaren benutten om
levensmiddelen te koelen.
• Deur van het apparaat zo kort mogelijk
openen.
• De achterkant van het apparaat af en
toe met met een stofzuiger of borstel
reinigen om toename van het
energieverbruik te voorkomen.
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Gebrom – de koelmachine loopt
Geborrel, gebruis of geklok – het
koelmiddel stroomt door de leidingen.
Geklik – de motor wordt in- of
uitgeschakeld.
Geluiden die gemakkelijk
verholpen kunnen
worden
Het apparaat staat niet waterpas
Het apparaat met behulp van een
waterpas stellen. Gebruik hiervoor de
schroefvoetjes of leg iets onder het
apparaat.
Het apparaat staat tegen een ander
meubel of apparaat
Het apparaat van het meubel of
apparaat ernaast wegschuiven.
Laden, manden of legroosters/-
plateaus wiebelen of klemmen
Controleer de delen die eruit gehaald
kunnen worden en zet ze eventueel
opnieuw in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van
elkaar zetten.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 56
57
nl
Kleine storingen zelf verhelpen
Voordat u de klantenservice belt:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de
bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen,
dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen.
Storing
Geen enkele
indicatie brandt
De indicatie
„ “ brandt
(afb. W/5).
De binnenverlichting
functioneert niet; de
koelmachine loopt.
De bodem van de
koelruimte is nat.
Mogelijke oorzaak
Stroomuitval; de zekering is
uitgeschakeld; de stekker zit
niet goed in het stopcontact.
Storing – in de diepvriesruimte
is het te warm!
• De be- en ontluchtings-
openingen zijn afgedekt.
• Er werden te veel levensmid-
delen in één keer ingeladen
om in te vriezen.
• De deur van de diepvries-
ruimte is open.
Na het verhelpen van de
storing gaat na een tijdje de
alarmindicatie uit.
Het lampje is kapot.
De lichtschakelaar klemt
(afb. O/A).
De dooiwaterafvoerbuis
(afb. I/B) is verstopt.
Oplossing
Controleer of er stroom is. De zekering moet zijn
ingeschakeld.
Afdekking verwijderen.
Max. invriescapacitiet niet overschrijden.
Deur sluiten.
Gloeilampje vervangen (afb. O)
1. Stekker uit het stopcontact trekken resp.
zekering uitschakelen of losdraaien.
2. Schijfje (C) aan de binnenverlichting tegen
de wijzers van de klok in draaien en de
afdekking (B) eraf halen.
3. Gloeilampje vervangen (220–240 V wissel-
stroom, fitting E14, voor wattage zie het
kapotte lampje.
Controleer of er beweging in zit.
Dooiwatergootje en afvoergaatje (afb. I/B)
schoonmaken.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 57
58
nl
Inschakelen van de
Servicedienst
Adres en telefoonnummer van de
Servicedienst in uw omgeving kunt
u vinden in het telefoonboek of in de
meegeleverde brochure met service-
adressen. Geef a.u.b. aan de
Servicedienst het E-nummer en het
FD-nummer van het apparaat op.
U vindt deze gegevens op het
typeplaatje (afb. !0).
Door deze nummers aan de
Servicedienst door te te geven voorkomt
u onnodig heen en weer rijden van de
monteur en de hieraan verbonden
kosten.
9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 58

Documenttranscriptie

9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 45 nl Aanwijzingen over de afvoer Afvoer van het oude apparaat Van toepassing als uw nieuwe apparaat een oud apparaat vervangt. Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen. Het afgedankte apparaat onbruikbaar maken: 1. stekker uit het stopcontact trekken; 2. aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen; 3. deurslot verwijderen of onklaar maken. Hiermee voorkomt u dat kinderen zichzelf tijdens het spelen in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken. Koelapparaten bevatten koelmiddel en in de isolatie gas. die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijke afvoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport niet beschadigd worden. Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat Attentie! Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen – gevaar voor verstikking door vouwkarton en folie! Uw nieuwe apparaat is op weg naar u beschermd door de verpakking. De gebruikte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Help daarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd. U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal van het nieuwe apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijke verwerking. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten. Aanwijzingen voor uw veiligheid Voordat u het apparaat in gebruik neemt Lees de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift nauwkeurig door. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid als de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing niet in acht worden genomen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift voor een eventuele latere bezitter van het apparaat. 45 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 46 nl Attentie! • Het apparaat bevat een geringe hoeveelheid van het milieuvriendelijke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installatie niet beschadigd worden. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden. Let erop als er koelmiddel naar buiten komt – dat zich geen open vuur of ontstekingsbronnen in de buurt van het lek bevinden. – Stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte een paar minuten goed luchten. • Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan. • Per 8 g koelmiddel moet de ruimte minimaal 1 m3 groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. • In noodgevallen – Ogen uitspoelen en een arts raadplegen. – Vonken en open vuur buiten bereik van het apparaat houden. – Stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte een paar minuten goed luchten. 46 • In de volgende gevallen de stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien: – ontdooien – schoonmaken Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel. • Een (bijv. tijdens het transport) beschadigd of defect apparaat niet in gebruik nemen. In geval van twijfel eerst contact opnemen met uw leverancier. • Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsmaker etc.). • Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan – Explosiegevaar! • Het apparaat is geen speelgoed voor kinderen! • Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De hete stoom kan in de onder spanning staande onderdelen van het apparaat terechtkomen en kortsluiting of een elektrische schok veroorzaken. In acht nemen tijdens het gebruik • De luchtaanvoer- en luchtafvoeropeningen nooit afdekken of dichtmaken! • Reparaties mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Door ondeskundige reparatie kan er gevaar voor de gebruiker ontstaan. 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 47 nl • Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. niet als opstapje gebruiken of om op te leunen. • Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren. • Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren! • Zorg dat de kunststof delen en de deurafdichting niet met olie of vet in aanraking komen. Ze kunnen poreus worden. • Flessen en blikjes met vloeistoffen – vooral koolzuurhoudende dranken – niet in de diepvriesruimte opslaan. De flessen en blikjes springen! • IJslollies en ijsblokjes niet direct uit de diepvriesruimte in de mond nemen. (gevaar voor verbranding door de zeer lage temperatuur). • Diepvrieswaren niet met natte handen aanraken. Uw handen kunnen eraan vastvriezen. • Een laag rijp en vastgevroren diepvrieswaren niet met een mes of een scherp voorwerp afschrapen of losmaken. Hierdoor kunt u de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat naar buiten spuit, kan vlam vatten of tot oogletsel leiden. • Om het ontdooiproces te versnellen alleen de door de fabrikant aanbevolen middelen gebruiken. Waarschuwingen • Draagt u er zorg voor de ventilatieroosters van de structuur van de koelkast niet te versperren. • Gebruikt u geen mechanische voorzieningen noch enig ander middel ter versnelling van het ontdooiproces, anders dan die welke worden aanbevolen door de fabrikant. • Draagt u er zorg voor het koelcircuit niet te beschadigen. • Gebruikt u voor de koelkast/vriezer altijd het type inwendige elektrische componenten als aanbevolen door de fabrikant. Algemene bepalingen Het apparaat is geschikt • voor het koelen en invriezen van levensmiddelen, • voor het bereiden van ijs. Het apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik. Bij gebruik voor bedrijfsdoeleinden de daarvoor geldende normen en voorschriften in acht nemen. Het apparaat is ontstoord volgens E-U richtlijn 89/336/EEC. Het koelmiddelsysteem is gecontroleerd op dichtheid. Dit apparaat voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335/2/24). 47 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 48 nl Uw nieuwe apparaat Bedieningspaneel Afb. W 1 2 Afhankelijk van het model zijn kleine afwijkingen mogelijk – vooral wat betreft de uitvoering van het interieur. Afb. Q A Koelruimte B Diepvriesruimte 1–9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 48 Bedieningspaneel Binnenverlichting Legrooster/plateau Groentelade Voorraadvakken Boter- en kaasvak Eierrekje Flessenvak Diepvrieslade Ventilator Sensor koelruimte 3 Toets Aan/Uit voor de koelruimte Om de koelruimte apart in en uit te schakelen. Insteltoets ºC voor de temperatuur in de koelruimte De temperatuur in de koelruimte is instelbaar van +2 ºC tot +8 ºC. De insteltoets een aantal keren indrukken of ingedrukt houden tot de gewenste temperatuur door het brandende lampje wordt aangegeven. +8 geeft de hoogste temperatuur in de koelruimte aan (+8 ºC). +2 geeft de laagste temperatuur in de koelruimte aan (+2 ºC). Het lampje bij de gekozen temperatuur knippert tot de ingestelde temperatuur is bereikt. Indicatie „super“ voor de koelruimte Tijdens het „super“-koelen wordt koelruimte gedurende ca. 6 uur met de laagste temperatuur gekoeld. Daarna wordt automatisch omgeschakeld naar de ingestelde temperatuur in de koelruimte. Het superkoelsysteem is ideaal om dranken snel te koelen en bij het inladen van grotere hoeveelheden levensmiddelen. Om het superkoelsysteem in te schakelen: toets (2) een aantal keren indrukken of ingedrukt houden tot de indicatie „super“ brandt. 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 49 nl 4 Insteltoets ºC voor de temperatuur in de diepvriesruimte De temperatuur in de diepvriesruimte is instelbaar van –16 ºC tot –32 ºC. De insteltoets een aantal keren indrukken of ingedrukt houden tot de gewenste temperatuur door het brandende lampje wordt aangegeven. –16 geeft de hoogste temperatuur in de diepvriesruimte aan (–16 ºC). –32 geeft de laagste temperatuur in de diepvriesruimte aan (–32 ºC). Het lampje knippert tot de ingestelde temperatuur is bereikt. 5 „ “ Alarmindicatie Alarmindicatie voor te hoge temperaturen in de diepvriesruimte. Kans op ontdooien van de ingevroren levensmiddelen. Zonder gevaar voor de diepvrieswaren kan de alarmindicatie branden: • bij het in gebruik nemen van het apparaat; • bij het inladen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen; • als de deur van de diepvriesruimte te lang geopend werd. 6 7 Toets/indicatie „super“ voor de diepvriesruimte Om het supervriessysteem in en uit te schakelen. Het brandende lampje geeft aan dat het supervriessysteem is ingeschakeld. Het supervriessysteem dient voor het invriezen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen en moet, afhankelijk van de hoeveelheid, tot 24 uur vóór het inladen van de verse levensmiddelen worden ingeschakeld. Na het inschakelen van het supervriessysteem loopt de koelmachine permanent. In de diepvriesruimte wordt een zeer lage temperatuur bereikt. Het supervriessysteem wordt automatisch uitgeschakeld als de vers ingeladen levensmiddelen door en door bevroren zijn (bij kleine hoeveelheden levensmiddelen na een paar uur, bij grote hoeveelheden na maximaal twee dagen). Door de toets (6) een aantal keren in te drukken wordt het supervriessysteem, indien nodig, met de hand uitgeschakeld. Toets Aan/Uit voor de diepvriesruimte Om de diepvriesruimte apart in en uit te schakelen. 49 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 50 nl Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting De klimaatklasse staat op het typeplaatje (Afb. !0). Hierdoor wordt aangegeven binnen welke omgevingstemperaturen het apparaat gebruikt kan worden. klimaatklasse SN N ST T toegestane kamertemperatuur +10 °C tot 32 °C +16 °C tot 32 °C +18 °C tot 38 °C +18 °C tot 43 °C Beluchting Afb. E De lucht aan de achterzijde van het apparaat wordt warm. De verwarmde lucht moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden. Anders moet de koelmachine meer presteren waardoor het energieverbruik toeneemt. De be- en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt! Netto-inhoud De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat. 50 Apparaat aansluiten Na het opstellen van het apparaat dient men minstens 1/2 uur wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteem terecht komt. Voordat u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt de binnenkant van het apparaat schoonmaken (zie Schoonmaken). Het stopcontact moet gemakkelijk te bereiken zijn. Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften aangebracht, randgeaard stopcontact met een zekering van 10 ampère of meer, op 220–240 V/50 Hz wisselstroom aansluiten. Bij apparaten die in niet Europese landen worden gebruikt op het typeplaatje controleren of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet. Het typeplaatje bevindt zich links onderaan in het apparaat. Een eventueel noodzakelijke vervanging van de aansluitkabel mag alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Waarschuwing! Het apparaat mag nooit worden aangesloten op elektronische energiebesparende stekkers (bijv. Ecoboy; Sava Plug) of op omvormers die gelijkstroom omzetten in 230 V wisselstroom (bijv. installaties voor zonneënergie of netwerken voor schepen). 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 51 nl Inschakelen van het apparaat Afb. W De koel- en diepvriesruimte kunnen apart worden ingeschakeld. • Voor het in gebruik nemen van de koelruimte: de toets Aan/Uit (1) indrukken. De binnenverlichting in de koelruimte brandt bij het openen van de deur. • Voor het in gebruik nemen van de diepvriesruimte: de toets Aan/Uit (7) indrukken. • De alarmindicatie (afb. W/5) brandt tot de bedrijfstemperatuur is bereikt. Instellen van de temperatuur Afb. W In de fabriek zijn de volgende basisinstellingen ingesteld: temperatuur in de koelruimte +4 ºC temperatuur in de diepvriesruimte–20 ºC De instelwaarden kunnen gewijzigd worden, zie de beschrijving bij het bedieningspaneel: 2 temperatuur voor de koelruimte instellen 4 temperatuur voor de diepvriesruimte instellen Aanwijzingen bij het gebruik • De voorzijde van het apparaat achter de deur wordt gedeeltelijk licht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting wordt voorkomen. • Terwijl de koelmachine loopt, vormen zich dooiwaterdruppels of een laagje rijp op de achterwand van de koelruimte. Dit is normaal. U hoeft de dooiwaterdruppels niet af te wissen of de rijp af te schrapen. De achterwand wordt automatisch ontdooid. Het dooiwater loopt via het afvoergootje (afb. I/A) naar de koelmachine, waar het verdampt. • Bij een hoge luchtvochtigheid kan zich condenswater vormen in de koelruimte, vooral op glazen legplateaus. Als dit het geval is, dient u de levensmiddelen verpakt te bewaren en een lagere koelruimtetemperatuur te kiezen. • Als de deur van de diepvriesruimte na het sluiten niet meteen weer geopend kan worden: twee tot drie minuten wachten tot de ontstane onderdruk is opgeheven. • Door het koelsysteem kan zich op de vriesroosters op sommige plaatsen al snel een laagje rijp afzetten. Dit heeft geen invloed op het functioneren van het apparaat of op het stroomverbruik. Ontdooien is pas nodig als zich op het hele oppervlak van het vriesrooster een laag rijp of ijs met een dikte van meer dan 5 mm heeft gevormd. 51 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 52 nl Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen Apparaat uitschakelen Afb. W De koel- en diepvriesruimte kunnen apart worden uitgeschakeld. • Om de koelruimte uit te schakelen: toets Aan/Uit (1) indrukken. De binnenverlichting in de koelruimte gaat uit. • Om de diepvriesruimte uit te schakelen: toets Aan/Uit (7) indrukken. Apparaat buiten werking stellen Als het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt: • Koel- en diepvriesruimte uitschakelen zoals hierboven beschreven. • Stekker uit het stopcontact trekken. • Het apparaat laten ontdooien en schoonmaken. • deur van het apparat open laten. Variabele indeling van de binnenruimte. Bij het inzetten de laden op de uittrekbare rails plaatsen en naar binnen schuiven. Glasplaat naar voren trekken, iets laten zakken en aan de zijkant uitzwenken (afb. R). Voorraadvak iets optillen en eruit halen (afb. T). 52 Speciale uitvoering (niet bij alle modellen) Flessenhouder Afb. Y De flessenhouder voorkomt dat de flessen kantelen bij het openen en sluiten van de deur. Levensmiddelen inruimen Let op de koudezones in de koelruimte! Door de luchtcirculatie in de koelruimte verschillende koudezones. • De koudste zones bevinden zich aan de achterwand tussen de aan de zijkant afgebeelde pijl en de glasplaat eronder (afb. !1) of tussen de twee pijlen (afb. !2), afhankelijk van het model. Attentie: in de koudste zones gevoelige levensmiddelen opslaan zoals vis, worst en vlees. • De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur. Attentie! In de warmste zone bijv. boter en kaas bewaren. Tijdens het serveren behoudt de kaas zijn aroma en de boter blijft smeerbaar. Attentie bij het inruimen De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur, kleur en versheid behouden. Bovendien wordt voorkomen dat de levensmiddelen naar elkaar gaan smaken en de kunststof onderdelen verkleuren. 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 53 nl Levensmiddelen als volgt inruimen: Verse levensmiddelen invriezen • Op de legroosters/plateaus in de koelruimte (van boven naar beneden): brood en gebak, klaargemaakte gerechten, zuivelproducten, vlees en worst. • In de groentelade: groente, sla, fruit. • In de deur (van boven naar beneden): boter, kaas, eieren, tubes, kleine flesjes, grote flessen, melk, pakken vruchtensap. Als er al levensmiddelen in de diepvriesruimte liggen, dan moet een paar uur vóór het inladen van verse levensmiddelen het supervriessysteem worden ingeschakeld. Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen. De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze niet uitdrogen of hun smaak verliezen. Levensmiddelen invriezen 1. Levensmiddelen in de verpakking leggen. Invriescapaciteit: Gegevens over de maximale invriescapaciteit volgens de actuele norm vindt u op het typeplaatje. De maximale capaciteit voor het diepvriezen van verse levensmiddelen in 24 uur (verdeeld over de diepvries roosters) vindt men op de plaat met de kenmerken (in kg/24uur), zie figuur !0. De levensmiddelen moeten zo snel mogelijk door en door worden ingevroren. De maximale invriescapaciteit niet overschrijden zodat vitamine, voedingswaarde, uiterlijk en smaak behouden blijven. Tijdens het invriezen in de diepvriesladen neemt de maximale invriescapaciteit iets af. Zo verpakt u op de juiste manier: 2. De lucht eruit persen. 3. Het geheel van een goede sluiting voorzien. 4. Vermeld op de pakjes inhoud en datum. Niet geschikt voor verpakking: pakpapier, vetvrij papier, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte boodschappentasjes. Voor verpakking geschikt: kunststof-, polyetheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen. Deze producten zijn in de handel verkrijgbaar. Als sluiting geschikt: elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d. Zakjes en folie van polyetheen kunnen met een folie-lasapparaat worden dichtgelast. 53 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 54 nl Inkopen van diepvriesproducten De verpakking mag niet beschadigd zijn. Let op de houdbaarheidsdatum. In de winkel moet de temperatuur in de diepvrieskist –18 °C of lager zijn. De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in de diepvriesruimte leggen. Diepvrieswaren opslaan • Belangrijk voor een optimale luchtcirculatie in de diepvriesruimte: de diepvriesladen tot de aanslag erin schuiven. • Als er zeer veel levensmiddelen moeten worden ondergebracht, dan kan men alle diepvriesladen, behalve de onderste, uit het apparaat halen en de levensmiddelen direct op de vriesroosters stapelen. Om de diepvriesladen eruit te halen: de laden tot aan de aanslag uittrekken, aan de voorkant iets optillen en eruit halen. Bewaartijd Om vermindering van de kwaliteit van de diepvrieswaren te voorkomen mag de toelaatbare bewaartijd bij –18 ºC niet overschreden worden. De bewaartijd is afhankelijk van het soort levensmiddelen. Bij kant en klaar gekochte diepvriesproducten altijd letten op de op de verpakking aangegeven invriesdatum of de houdbaarheidsdatum. 54 vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket kaas, gevogelte, vlees groente en fruit tot 6 maanden; tot 8 maanden; tot 12 maanden. IJsblokjes maken Attentie! Geen elektrische ijsmachine in de diepvriesruimte gebruiken. IJsblokjes maken (niet bij alle modellen) IJsbakjes zijn in de winkel verkrijgbaar. Het ijsbakje voor 3/4 met water vullen en in de diepvriesruimte zetten. Om het vriesproces te versnellen de bovenste diepvrieslade gebruiken. Om de ijsblokjes los te maken: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden (Afb. U). Ontdooien van de diepvriesruimte Kans op een elektrische schok Geen stoomreiniger gebruiken. Door de hete stoom kunnen de onder spanning staande onderdelen kortsluiting of een elektrische schok veroorzaken. Voor het verwijderen van rijp geen mes of scherp voorwerp gebruiken. De leidingen van het koelcircuit niet beschadigen. Koelmiddel dat naar buiten spuit, kan tot oogletsel leiden en is brandbaar. 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 55 nl Geen elektrische apparaten of open vuur in het apparaat gebruiken. Attentie! Een dikke laag ijs op de vriesroosters vermindert de vriescapaciteit van het apparaat waardoor het energieverbruik toeneemt. Is de laag ijs ca. 1/2 cm dik, dan moet de diepvriesruimte ontdooid worden. In elk geval één tot twee keer per jaar, het liefst als er weinig of geen diepvrieswaren in het apparaat liggen. Ca. 4 uur vóór het ontdooien het supervriessysteem inschakelen zodat de levensmiddelen een zeer lage temperatuur bereiken waardoor ze langere tijd bij omgevingstemperatuur bewaard kunnen worden. Zo gaat u te werk • Stekker uit het stopcontact trekken. • Diepvriesladen met de levensmiddelen op een koele plaats bewaren. Koudeaccu (indien aanwezig) op de levenmiddelen leggen. • Om het dooiwater op te vangen de middelste lade uitruimen maar in het apparaat laten. • Na het ontdooien het opgevangen dooiwater weggieten. Het resterende dooiwater op de bodem van de diepvriesruimte met een spons afwissen. • Diepvriesruimte weer inschakelen. • Diepvrieswaren er weer in leggen. Tip bij het ontdooien Een pan met heet water op een onderzetter in de diepvriesruimte zetten. Ontdooisprays Let op de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking. Attentie! Ontdooisprays kunnen explosieve gassen ontwikkelen, oplosmiddelen die kunststof beschadigen of drijfgassen bevatten of schadelijk zijn voor de gezondheid. Apparaat reinigen • Stekker uit het stopcontact trekken. • Met water en een scheutje afwasmiddel schoonmaken. • Na het schoonmaken de stekker weer in het stopcontact steken of de zekering inschakelen resp. vastdraaien. Geen schoonmaakmiddelen gebruiken die zand of zuren resp. oplosmiddelen bevatten. Deurdichting uitsluitend reinigen met schoon water en goed afdrogen! Het sop mag niet in het bedieningspaneel of in de verlichting terechtkomen en ook niet door het afvoergaatje (afb. I/B) van het dooiwatergootje lopen. De legroosters/plateaus, voorraadvakken en laden mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden. Ze kunnen vervormen. 55 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 56 nl Energie besparen Bedrijfsgeluiden • Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen. Niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron (verwarmingsradiator, fornuis etc.). Anders een isolerende plaat gebruiken. • Warme gerechten en dranken buiten het apparaat laten afkoelen. • De diepvrieswaren om te ontdooien in de koelkast leggen. De koude van de diepvrieswaren benutten om levensmiddelen te koelen. • Deur van het apparaat zo kort mogelijk openen. • De achterkant van het apparaat af en toe met met een stofzuiger of borstel reinigen om toename van het energieverbruik te voorkomen. Heel normale geluiden 56 Gebrom – de koelmachine loopt Geborrel, gebruis of geklok – het koelmiddel stroomt door de leidingen. Geklik – de motor wordt in- of uitgeschakeld. Geluiden die gemakkelijk verholpen kunnen worden Het apparaat staat niet waterpas Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat. Het apparaat staat tegen een ander meubel of apparaat Het apparaat van het meubel of apparaat ernaast wegschuiven. Laden, manden of legroosters/plateaus wiebelen of klemmen Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. Flessen of serviesgoed raken elkaar De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten. 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 57 nl Kleine storingen zelf verhelpen Voordat u de klantenservice belt: Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen. Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen. Storing Geen enkele indicatie brandt Mogelijke oorzaak Stroomuitval; de zekering is uitgeschakeld; de stekker zit niet goed in het stopcontact. Storing – in de diepvriesruimte De indicatie is het te warm! „ “ brandt (afb. W/5). • De be- en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. • Er werden te veel levensmiddelen in één keer ingeladen om in te vriezen. • De deur van de diepvriesruimte is open. Na het verhelpen van de storing gaat na een tijdje de alarmindicatie uit. De binnenverlichting Het lampje is kapot. functioneert niet; de koelmachine loopt. De bodem van de koelruimte is nat. De lichtschakelaar klemt (afb. O/A). De dooiwaterafvoerbuis (afb. I/B) is verstopt. Oplossing Controleer of er stroom is. De zekering moet zijn ingeschakeld. Afdekking verwijderen. Max. invriescapacitiet niet overschrijden. Deur sluiten. Gloeilampje vervangen (afb. O) 1. Stekker uit het stopcontact trekken resp. zekering uitschakelen of losdraaien. 2. Schijfje (C) aan de binnenverlichting tegen de wijzers van de klok in draaien en de afdekking (B) eraf halen. 3. Gloeilampje vervangen (220–240 V wisselstroom, fitting E14, voor wattage zie het kapotte lampje. Controleer of er beweging in zit. Dooiwatergootje en afvoergaatje (afb. I/B) schoonmaken. 57 9000123934-132925.qxd 09/11/05 9:21 Page 58 nl Inschakelen van de Servicedienst Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met serviceadressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer en het FD-nummer van het apparaat op. U vindt deze gegevens op het typeplaatje (afb. !0). Door deze nummers aan de Servicedienst door te te geven voorkomt u onnodig heen en weer rijden van de monteur en de hieraan verbonden kosten. 58
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64

Siemens KGP76320/21 de handleiding

Categorie
Koelkast-diepvriezers
Type
de handleiding