Privileg PRC 913 A+ Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

29
Ingebruikneming van het apparaat
1. Steek de stekker in het stopcontact
2. Wanneer de stekker in het stopcontact
wordt gestoken is het apparaat gewoonlijk
van te voren in de fabriek afgesteld op een
temperatuur van 5 °C.
Regeling van de temperatuur
Raadpleeg het bijgeleverde
productinformatieblad voor de regeling van de
temperatuur.
Opmerking:
De omgevingstemperatuur, de frequentie
waarmee de deur geopend wordt, het plaatsen
van warme gerechten en een verkeerde
plaatsing van het apparaat kunnen van invloed
zijn op de interne temperatuur van de koelkast
die af kan wijken van de temperatuur die
aangegeven is op het paneel.
Bewaren van levensmiddelen in het
koelvak:
De levensmiddelen moeten worden
afgedekt om te voorkomen dat ze uitdrogen
De afstand tussen de schappen en de
achterwand van de koelkast zorgt voor een
vrije luchtcirculatie
Zet de levensmiddelen niet tegen de
achterwand van het koelvak
Zet geen levensmiddelen in de koelkast die
nog warm zijn
Bewaar vloeistoffen in gesloten houders
Let op:
Het bewaren van groenten met een
hoog watergehalte kan condensvorming
veroorzaken op de glazen schappen;
dit heeft geen invloed op het correct
functioneren van het apparaat.
GEBRUIK VAN HET KOELVAK
30
Het Vak voor Vlees & Vis is speciaal ontwikkeld om een
langduriger conservering van deze verse levensmiddelen te
garanderen, zonder de voedingswaarde en de oorspronkelijke
versheid ervan te wijzigen.
Het wordt afgeraden om in dit vak fruit of groenten te leggen,
aangezien de temperatuur ook onder 0 °C kan zakken, en het
vocht dat in de levensmiddelen zit zou kunnen bevriezen.
Temperatuurinstelling
De temperatuur in het Vak voor Vlees & Vis wordt aangegeven door de stand van het wijzertje op
de deur van het vak zelf en is afhankelijk van de algemene temperatuur van het koelvak.
Wij adviseren u de temperatuur van het koelvak in te stellen op tussen +2° en +6°.
Om de temperatuur in het Vak voor Vlees & Vis te weten te komen, de hierna volgende
afbeeldingen raadplegen:
Belangrijk: als de functie geactiveerd is en er levensmiddelen met een hoog watergehalte
aanwezig zijn, kan zich condens vormen op de schappen. Schakel de functie in dat geval tijdelijk
uit.
Verwijderen van het vlees- en visvak:
Als het symbool niet wordt weergegeven op het
bedieningspaneel (zie Beknopte Handleiding), wordt geadviseerd
het vlees- en visvak niet te verwijderen, teneinde een correcte
werking van het apparaat, een geschikte conservering van de
levensmiddelen en een optimaal energieverbruik te garanderen.
Voor meer ruimte in de koelkast kan in alle andere gevallen het
vlees- en visvak worden verwijderd.
Ga als volgt te werk:
1. Verwijder de lade van het vak (Afbeelding 1).
2. Verwijder de afdekking van de lade met behulp van de
koppelingen op de onderkant van de afdekking (Afbeelding 2)
Om het vlees- en visvak weer in gebruik te nemen, dient u ervoor te
zorgen dat de afdekplaat van de lade weer geplaatst wordt, voordat
u de lade zelf terugzet en de functie weer in werking stelt.
3. Druk drie seconden op de knop ‘Vlees- en visvak’ op het
bedieningspaneel totdat het gele lampje uitgaat.
Om het energieverbruik zo laag mogelijk te houden, wordt
aangeraden om het vlees- en visvak uit te schakelen en om de
onderdelen eruit te verwijderen (behalve het schap boven de
groente- en fruitladen).
(afhankelijk van het model)
Wanneer het wijzertje in het linker gebied
staat, moet de temperatuur van het
koelvak verhoogd worden.
Wanneer het wijzertje in het midden staat,
is de temperatuur precies goed.
Wanneer het wijzertje in het rechter
gebied staat, moet de temperatuur van
het koelvak verlaagd worden.
Afb. 1
Afb. 2
31
Het ‘nulgradenvak’ is speciaal ontwikkeld om een lage
temperatuur en een juiste vochtigheidsgraad te behouden
teneinde verse levensmiddelen langer te kunnen bewaren
(bijvoorbeeld vlees, vis, winterfruit en -groenten).
In- en uitschakelen van het vak
De temperatuur in het vak is ongeveer 0° als het vak ingeschakeld is.
Druk voor de inschakeling van het vak langer
dan één seconde op de knop die in de
afbeelding is weergegeven totdat het
symbool gaat branden.
Het brandende symbool geeft aan dat het vak
ingeschakeld is. Druk opnieuw langer dan een
seconden op de knop om het vak uit te schakelen
Voor een correcte werking van het ‘nulgradenvak’ is het volgende noodzakelijk:
- het koelvak moet ingeschakeld zijn
- de temperatuur in het koelvak moet tussen de +2 °C en +6 °C zijn
- de lade moet geplaatst zijn om de inschakeling mogelijk te maken
- er mogen geen speciale functies zijn geselecteerd (Stand-by, Cooling-Off, Vacation - indien
aanwezig).
Als één van deze speciale functies is geselecteerd, dan moet het ‘nulgradenvak’ handmatig
worden uitgeschakeld en moeten de verse levensmiddelen uit het vak worden verwijderd. Als
het vak niet handmatig wordt uitgeschakeld, zal het na ongeveer 8 uur automatisch worden
uitgeschakeld.
Opmerking:
- als het symbool bij inschakeling van het vak niet gaat branden, dient u te controleren of de lade
goed geplaatst is; neem contact op met een erkende klantenservice, als het probleem aanhoudt
- als het vak is ingeschakeld en de lade is geopend, dan kan het symbool van het
bedieningspaneel automatisch uitgaan. Als de lade weer wordt geplaatst, wordt het symbool
weer ingeschakeld
- ongeacht de status van het vak is een zacht geluid hoorbaar. Dit is normaal
- als het vak niet in werking is, is de temperatuur in het vak afhankelijk van de algemene
temperatuur in het koelvak. In dit geval wordt geadviseerd om fruit en groenten te bewaren die
niet gevoelig zijn voor koude (bosvruchten, appels, abrikozen, wortels, spinazie, sla, enz.).
Belangrijk: als de functie geactiveerd is en er levensmiddelen met een hoog watergehalte
aanwezig zijn, kan zich condens op de schappen vormen. Schakel in dat geval de functie tijdelijk
uit. Let goed op bij het plaatsen van kleine levensmiddelen en houders op het bovenste schap
van het ‘nulgradenvak’ om te voorkomen dat ze tussen de lade en de achterwand van het koelvak
kunnen vallen.
“NULGRADENVAK” (afhankelijk van het model)
32
Verwijderen van het ‘nulgradenvak’:
Voor meer ruimte in de koelkast kan het ‘nulgradenvak’ worden verwijderd. Ga in dat geval als
volgt te werk:
- wij adviseren om de twee onderste deurvakken leeg te maken (en eventueel te verwijderen) om
de lade gemakkelijker naar buiten te kunnen trekken.
- schakel het vak uit
- neem de lade en het witte plastic schap onder het vak weg.
Opmerking: het bovenste schap en de zijsteunen kunnen niet worden verwijderd.
Om het ‘nulgradenvak’ weer in gebruik te nemen, dient u ervoor te zorgen dat het witte plastic
schap onder het vak weer geplaatst wordt, voordat u de lade zelf terugzet en de functie weer in
werking stelt. Om het energieverbruik te optimaliseren wordt geadviseerd om het ‘nulgradenvak’
uit te schakelen en om het vak te verwijderen.
Reinig het vak en zijn onderdelen regelmatig met een doek en een oplossing van lauw water en
specifieke neutrale schoonmaakmiddelen die speciaal bestemd zijn voor het reinigen van de
binnenkant van een koelkast (zorg ervoor om het witte plastic schap onder de lade niet in het
water onder te dompelen).
Voordat u het vak schoonmaakt (ook de buitenkant), moet de lade zodanig worden
verwijderd dat het vak van het elektriciteitsnet is losgekoppeld.
Gebruik nooit schuurmiddelen.
33
In het vriesvak kunnen ook verse
levensmiddelen ingevroren worden. De hoeveelheid
verse levensmiddelen die in 24 uur kan worden
ingevroren staat aangegeven op het typeplaatje.
Invriezen van verse levensmiddelen
In Fig. 1 is de aanbevolen plaats aangegeven voor
levensmiddelen die ingevroren moeten worden, als
er een rooster aanwezig is, als er geen rooster is
bijgeleverd is de aanbevolen plaats aangegeven in
Fig. 2.
Plaats de levensmiddelen in het midden van het vak
zonder dat ze in aanraking komen met de
reeds ingevroren levensmiddelen, houd ze op een
afstand van ongeveer 20 mm (fig. 1 en 2).
In de tabel hiernaast kunt u zien hoeveel maanden
verse, ingevroren levensmiddelen bewaard kunnen
worden.
Bij de aankoop van diepvriesproducten moet u op de
volgende punten letten:
de verpakking of het pak moet onbeschadigd zijn,
omdat het product anders kan bederven. Als een pakje
bol staat of als er vochtplekken op zitten, is het niet
onder optimale omstandigheden bewaard en kan het al
gedeeltelijk zijn ontdooid.
De diepvriesproducten moeten als laatste worden
gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd.
Leg de diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in het
vriesvak.
De gedeeltelijk ontdooide diepvriesproducten mogen
niet opnieuw worden ingevroren, maar moeten binnen
24 uur worden geconsumeerd.
Variaties in temperatuur moeten vermeden worden
of tot een minimum worden beperkt. De uiterste
houdbaarheidsdatum op de verpakking moet worden
gerespecteerd.
De instructies op de verpakking voor het conserveren
van diepvriesproducten dienen altijd te worden
opgevolgd.
IJsblokjes maken
Vul het ijsbakje voor 2/3 met water en zet het in vak
.
Gebruik, indien het ijsbakje aan de bodem van het
vriesvak
is vastgevroren, geen puntige of
scherpe voorwerpen om het los te maken.
Om de ijsblokjes eenvoudig te verwijderen buigt u het
bakje om.
HET GEBRUIK VAN HET VRIESVAK
(indien aanwezig)
Fig. 2
Fig. 1
34
Trek de stekker uit het stopcontact of sluit
de stroomtoevoer af voordat u met het
ontdooien begint.
Het koelvak wordt geheel automatisch
ontdooid. De aanwezigheid van
waterdruppels op de achterwand aan de
binnenkant van de koelkast duidt erop
dat het apparaat bezig is automatisch
te ontdooien. Het dooiwater wordt
automatisch via een afvoeropening in een
opvangbak geleid, waar het verdampt.
Reinig regelmatig de afvoeropening van het
dooiwater met behulp van het bijgeleverde
gereedschap om een constante afvoer van het
dooiwater zeker te stellen. (Fig. 1)
Ontdooien van het vak
(indien aanwezig)
Wij raden u aan het vak een of twee
maal per jaar te ontdooien, of wanneer de
ijslaag te dik is geworden.
IJsvorming is een normaal verschijnsel. De
hoeveelheid en de snelheid waarmee zich het
ijs vormt, hangt af van de
omgeving waarin het apparaat zich bevindt en
van de frequentie waarmee de deur van het
vriesvak wordt geopend. De ijsvorming is het
grootst op het bovenste gedeelte van het vak.
Dit is normaal en heeft geen invloed op het
correct functioneren van het apparaat.
Het is raadzaam het vak te ontdooien wanneer
u weinig voorraad heeft.
Open de deur en haal alle levensmiddelen
uit het vriesvak, en zet ze op een heel koele
plaats of in een koeltas.
Laat de deur open zodat het ijs kan smelten.
Reinig de binnenkant van de vriezer met een
vochtige spons met lauw water en/of een
neutraal schoonmaakmiddel. Gebruik geen
schuurmiddelen.
Spoel goed en droog zorgvuldig af.
Plaats de levensmiddelen weer in het vak.
Sluit de deur.
Steek de stekker weer in het stopcontact en
start het apparaat volgens de aanwijzingen uit
hoofdstuk “In werking stellen van het koelvak”.
De instellingen en keuzes die gemaakt werden
voordat het apparaat ontdooid werd worden
hersteld.
ONTDOOIEN VAN HET APPARAAT
Fig. 1
35
Trek de stekker uit het stopcontact of
sluit de stroomtoevoer af, alvorens
onderhouds- en reinigingswerkzaamheden
te gaan verrichten.
Reinig de binnenkant van de koelkast met
een vochtige spons met lauw water en/of
een neutraal schoonmaakmiddel. Spoel en
droog het apparaat met een zachte doek.
Gebruik geen schuurmiddelen.
De scheidingselementen mogen niet in
water worden ondergedompeld, maar
moeten worden afgewassen met een niet al
te vochtige spons.
Reinig de binnenkant van het vriesvak
tijdens het ontdooien.
Maak de ventilatieroosters en de condensor
op de achterkant van het apparaat
regelmatig schoon met een stofzuiger of een
borstel.
Reinig de buitenkant met een met water
bevochtigde zachte doek. Gebruik geen
schuurmiddelen of schuursponsjes,
noch vlekkenmiddelen (bijv. aceton en
trichloorethyleen) of azijn.
Als u het apparaat langere tijd niet
gebruikt
1. Maak de koelkast helemaal leeg.
2. Haal de stekker uit het stopcontact.
3. Ontdooi het apparaat en reinig de
binnenwanden.
4. Om de vorming van schimmel,
onaangename luchtjes en roest te
voorkomen moet de deur van het apparaat
open blijven staan als het gedurende langere
tijd niet gebruikt wordt.
5. Het apparaat schoonmaken.
• Maak de binnenkant van het lage
temperatuurvak (bij modellen waar dit
aanwezig is) schoon tijdens het ontdooien.
• Reinig de binnenkant van de koelkast met
een vochtige spons met lauw water en/of
een neutraal schoonmaakmiddel. Spoel en
droog het apparaat met een zachte doek.
Gebruik geen schuurmiddelen.
REINIGING EN ONDERHOUD
36
Voordat u contact opneemt met de
klantenservice:
1. Ga na of u de storingen zelf kunt verhelpen
(zie “Storingen opsporen”).
2. Zet het apparaat opnieuw aan om te zien of
het ongemak is verholpen. Als dit niet het
geval is, schakel het apparaat dan opnieuw
uit en herhaal de handeling na een uur.
3. Als ook dat niet helpt, wend u dan tot onze
klantenservice.
Vermeld de volgende gegevens:
de aard van de storing
het model
het servicenummer (nummer achter het
woord SERVICE op het typeplaatje binnenin
het apparaat)
uw volledige adres
uw telefoonnummer
Opmerking:
Het omkeren van de deur van het apparaat
door onze klantenservice wordt niet
beschouwd als een ingreep die onder de
garantie valt.
KLANTENSERVICE
Installeer het apparaat niet in de buurt van
warmtebronnen. Installatie in een warme
omgeving, rechtstreekse blootstelling aan
de zon of opstelling van het apparaat in de
buurt van een warmtebron (kachel, fornuis)
verhogen het stroomverbruik en dienen te
worden vermeden.
Indien dit niet mogelijk is, moeten de
volgende minimumafstanden worden
aangehouden:
30 cm vanaf fornuizen die werken op kolen
of petroleum;
3 cm vanaf elektrische fornuizen en/of
gasfornuizen.
Monteer de afstandstukken (indien
bijgeleverd) op de achterkant van de
condensator die op de achterkant van het
apparaat zit.
Installeer het apparaat op een droge en
goed geventileerde plaats, zorg dat het op
een vlakke ondergrond staat en stel indien
nodig de poten aan de voorkant bij.
De binnenkant schoonmaken.
Breng de bijgeleverde accessoires aan.
Elektrische aansluiting
• Houd u aan de plaatselijke voorschriften
voor de elektrische aansluiting.
De gegevens met betrekking tot de spanning
en het opgenomen vermogen staan op het
typeplaatje in het apparaat.
• De aarding van het apparaat is wettelijk
verplicht. De fabrikant aanvaardt geen
enkele aansprakelijkheid voor eventueel
letsel aan personen, dieren of voor
schade aan voorwerpen die veroorzaakt
is door het niet in acht nemen van deze
voorschriften.
Als de stekker en het stopcontact niet van
hetzelfde type zijn, laat het stopcontact
dan vervangen door een gekwalificeerd
technicus.
Gebruik geen verlengsnoeren of
meervoudige adapters.
Afkoppeling van het elektriciteitsnet
Het moet mogelijk zijn het apparaat van
het elektriciteitsnet af te koppelen door de
stekker uit het stopcontact te halen of via een
tweepolige netschakelaar die bovenstrooms
van het stopcontact is geplaatst.
INSTALLATIE

Documenttranscriptie

GEBRUIK VAN HET KOELVAK Ingebruikneming van het apparaat 1. Steek de stekker in het stopcontact 2. Wanneer de stekker in het stopcontact wordt gestoken is het apparaat gewoonlijk van te voren in de fabriek afgesteld op een temperatuur van 5 °C. Regeling van de temperatuur Raadpleeg het bijgeleverde productinformatieblad voor de regeling van de temperatuur. Opmerking: De omgevingstemperatuur, de frequentie waarmee de deur geopend wordt, het plaatsen van warme gerechten en een verkeerde plaatsing van het apparaat kunnen van invloed zijn op de interne temperatuur van de koelkast die af kan wijken van de temperatuur die aangegeven is op het paneel. Bewaren van levensmiddelen in het koelvak: • De levensmiddelen moeten worden afgedekt om te voorkomen dat ze uitdrogen • De afstand tussen de schappen en de achterwand van de koelkast zorgt voor een vrije luchtcirculatie • Zet de levensmiddelen niet tegen de achterwand van het koelvak • Zet geen levensmiddelen in de koelkast die nog warm zijn • Bewaar vloeistoffen in gesloten houders Let op: Het bewaren van groenten met een hoog watergehalte kan condensvorming veroorzaken op de glazen schappen; dit heeft geen invloed op het correct functioneren van het apparaat. 29 VAK VOOR VLEES & VIS (afhankelijk van het model) Het Vak voor Vlees & Vis is speciaal ontwikkeld om een langduriger conservering van deze verse levensmiddelen te garanderen, zonder de voedingswaarde en de oorspronkelijke versheid ervan te wijzigen. Het wordt afgeraden om in dit vak fruit of groenten te leggen, aangezien de temperatuur ook onder 0 °C kan zakken, en het vocht dat in de levensmiddelen zit zou kunnen bevriezen. Temperatuurinstelling De temperatuur in het Vak voor Vlees & Vis wordt aangegeven door de stand van het wijzertje op de deur van het vak zelf en is afhankelijk van de algemene temperatuur van het koelvak. Wij adviseren u de temperatuur van het koelvak in te stellen op tussen +2° en +6°. Om de temperatuur in het Vak voor Vlees & Vis te weten te komen, de hierna volgende afbeeldingen raadplegen: Wanneer het wijzertje in het linker gebied staat, moet de temperatuur van het koelvak verhoogd worden. Wanneer het wijzertje in het midden staat, is de temperatuur precies goed. Wanneer het wijzertje in het rechter gebied staat, moet de temperatuur van het koelvak verlaagd worden. Belangrijk: als de functie geactiveerd is en er levensmiddelen met een hoog watergehalte aanwezig zijn, kan zich condens vormen op de schappen. Schakel de functie in dat geval tijdelijk uit. Verwijderen van het vlees- en visvak: Als het symbool niet wordt weergegeven op het bedieningspaneel (zie Beknopte Handleiding), wordt geadviseerd het vlees- en visvak niet te verwijderen, teneinde een correcte werking van het apparaat, een geschikte conservering van de levensmiddelen en een optimaal energieverbruik te garanderen. Voor meer ruimte in de koelkast kan in alle andere gevallen het vlees- en visvak worden verwijderd. Ga als volgt te werk: 1. Verwijder de lade van het vak (Afbeelding 1). 2. Verwijder de afdekking van de lade met behulp van de koppelingen op de onderkant van de afdekking (Afbeelding 2) Om het vlees- en visvak weer in gebruik te nemen, dient u ervoor te zorgen dat de afdekplaat van de lade weer geplaatst wordt, voordat u de lade zelf terugzet en de functie weer in werking stelt. 3. Druk drie seconden op de knop ‘Vlees- en visvak’ op het bedieningspaneel totdat het gele lampje uitgaat. Om het energieverbruik zo laag mogelijk te houden, wordt aangeraden om het vlees- en visvak uit te schakelen en om de onderdelen eruit te verwijderen (behalve het schap boven de groente- en fruitladen). 30 Afb. 1 Afb. 2 “NULGRADENVAK” (afhankelijk van het model) Het ‘nulgradenvak’ is speciaal ontwikkeld om een lage temperatuur en een juiste vochtigheidsgraad te behouden teneinde verse levensmiddelen langer te kunnen bewaren (bijvoorbeeld vlees, vis, winterfruit en -groenten). In- en uitschakelen van het vak De temperatuur in het vak is ongeveer 0° als het vak ingeschakeld is. Druk voor de inschakeling van het vak langer dan één seconde op de knop die in de afbeelding is weergegeven totdat het symbool gaat branden. Het brandende symbool geeft aan dat het vak ingeschakeld is. Druk opnieuw langer dan een seconden op de knop om het vak uit te schakelen Voor een correcte werking van het ‘nulgradenvak’ is het volgende noodzakelijk: - het koelvak moet ingeschakeld zijn - de temperatuur in het koelvak moet tussen de +2 °C en +6 °C zijn - de lade moet geplaatst zijn om de inschakeling mogelijk te maken - er mogen geen speciale functies zijn geselecteerd (Stand-by, Cooling-Off, Vacation - indien aanwezig). Als één van deze speciale functies is geselecteerd, dan moet het ‘nulgradenvak’ handmatig worden uitgeschakeld en moeten de verse levensmiddelen uit het vak worden verwijderd. Als het vak niet handmatig wordt uitgeschakeld, zal het na ongeveer 8 uur automatisch worden uitgeschakeld. Opmerking: - als het symbool bij inschakeling van het vak niet gaat branden, dient u te controleren of de lade goed geplaatst is; neem contact op met een erkende klantenservice, als het probleem aanhoudt - als het vak is ingeschakeld en de lade is geopend, dan kan het symbool van het bedieningspaneel automatisch uitgaan. Als de lade weer wordt geplaatst, wordt het symbool weer ingeschakeld - ongeacht de status van het vak is een zacht geluid hoorbaar. Dit is normaal - als het vak niet in werking is, is de temperatuur in het vak afhankelijk van de algemene temperatuur in het koelvak. In dit geval wordt geadviseerd om fruit en groenten te bewaren die niet gevoelig zijn voor koude (bosvruchten, appels, abrikozen, wortels, spinazie, sla, enz.). Belangrijk: als de functie geactiveerd is en er levensmiddelen met een hoog watergehalte aanwezig zijn, kan zich condens op de schappen vormen. Schakel in dat geval de functie tijdelijk uit. Let goed op bij het plaatsen van kleine levensmiddelen en houders op het bovenste schap van het ‘nulgradenvak’ om te voorkomen dat ze tussen de lade en de achterwand van het koelvak kunnen vallen. 31 Verwijderen van het ‘nulgradenvak’: Voor meer ruimte in de koelkast kan het ‘nulgradenvak’ worden verwijderd. Ga in dat geval als volgt te werk: - wij adviseren om de twee onderste deurvakken leeg te maken (en eventueel te verwijderen) om de lade gemakkelijker naar buiten te kunnen trekken. - schakel het vak uit - neem de lade en het witte plastic schap onder het vak weg. Opmerking: het bovenste schap en de zijsteunen kunnen niet worden verwijderd. Om het ‘nulgradenvak’ weer in gebruik te nemen, dient u ervoor te zorgen dat het witte plastic schap onder het vak weer geplaatst wordt, voordat u de lade zelf terugzet en de functie weer in werking stelt. Om het energieverbruik te optimaliseren wordt geadviseerd om het ‘nulgradenvak’ uit te schakelen en om het vak te verwijderen. Reinig het vak en zijn onderdelen regelmatig met een doek en een oplossing van lauw water en specifieke neutrale schoonmaakmiddelen die speciaal bestemd zijn voor het reinigen van de binnenkant van een koelkast (zorg ervoor om het witte plastic schap onder de lade niet in het water onder te dompelen). Voordat u het vak schoonmaakt (ook de buitenkant), moet de lade zodanig worden verwijderd dat het vak van het elektriciteitsnet is losgekoppeld. Gebruik nooit schuurmiddelen. 32 HET GEBRUIK VAN HET VRIESVAK (indien aanwezig) In het vriesvak kunnen ook verse levensmiddelen ingevroren worden. De hoeveelheid verse levensmiddelen die in 24 uur kan worden ingevroren staat aangegeven op het typeplaatje. Invriezen van verse levensmiddelen • In Fig. 1 is de aanbevolen plaats aangegeven voor levensmiddelen die ingevroren moeten worden, als er een rooster aanwezig is, als er geen rooster is bijgeleverd is de aanbevolen plaats aangegeven in Fig. 2. • Plaats de levensmiddelen in het midden van het vak zonder dat ze in aanraking komen met de reeds ingevroren levensmiddelen, houd ze op een afstand van ongeveer 20 mm (fig. 1 en 2). Fig. 1 In de tabel hiernaast kunt u zien hoeveel maanden verse, ingevroren levensmiddelen bewaard kunnen worden. Bij de aankoop van diepvriesproducten moet u op de volgende punten letten: • de verpakking of het pak moet onbeschadigd zijn, omdat het product anders kan bederven. Als een pakje bol staat of als er vochtplekken op zitten, is het niet onder optimale omstandigheden bewaard en kan het al gedeeltelijk zijn ontdooid. • De diepvriesproducten moeten als laatste worden gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd. • Leg de diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in het vriesvak. • De gedeeltelijk ontdooide diepvriesproducten mogen niet opnieuw worden ingevroren, maar moeten binnen 24 uur worden geconsumeerd. • Variaties in temperatuur moeten vermeden worden of tot een minimum worden beperkt. De uiterste houdbaarheidsdatum op de verpakking moet worden gerespecteerd. • De instructies op de verpakking voor het conserveren van diepvriesproducten dienen altijd te worden opgevolgd. Fig. 2 IJsblokjes maken • Vul het ijsbakje voor 2/3 met water en zet het in vak . • Gebruik, indien het ijsbakje aan de bodem van het is vastgevroren, geen puntige of vriesvak scherpe voorwerpen om het los te maken. • Om de ijsblokjes eenvoudig te verwijderen buigt u het bakje om. 33 ONTDOOIEN VAN HET APPARAAT Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de stroomtoevoer af voordat u met het ontdooien begint. Het koelvak wordt geheel automatisch ontdooid. De aanwezigheid van waterdruppels op de achterwand aan de binnenkant van de koelkast duidt erop dat het apparaat bezig is automatisch te ontdooien. Het dooiwater wordt automatisch via een afvoeropening in een opvangbak geleid, waar het verdampt. Reinig regelmatig de afvoeropening van het dooiwater met behulp van het bijgeleverde gereedschap om een constante afvoer van het dooiwater zeker te stellen. (Fig. 1) Ontdooien van het vak (indien aanwezig) Wij raden u aan het vak een of twee maal per jaar te ontdooien, of wanneer de ijslaag te dik is geworden. IJsvorming is een normaal verschijnsel. De hoeveelheid en de snelheid waarmee zich het ijs vormt, hangt af van de omgeving waarin het apparaat zich bevindt en van de frequentie waarmee de deur van het vriesvak wordt geopend. De ijsvorming is het grootst op het bovenste gedeelte van het vak. Dit is normaal en heeft geen invloed op het correct functioneren van het apparaat. Het is raadzaam het vak te ontdooien wanneer u weinig voorraad heeft. • Open de deur en haal alle levensmiddelen uit het vriesvak, en zet ze op een heel koele plaats of in een koeltas. • Laat de deur open zodat het ijs kan smelten. • Reinig de binnenkant van de vriezer met een vochtige spons met lauw water en/of een neutraal schoonmaakmiddel. Gebruik geen schuurmiddelen. • Spoel goed en droog zorgvuldig af. • Plaats de levensmiddelen weer in het vak. • Sluit de deur. Steek de stekker weer in het stopcontact en start het apparaat volgens de aanwijzingen uit hoofdstuk “In werking stellen van het koelvak”. De instellingen en keuzes die gemaakt werden voordat het apparaat ontdooid werd worden hersteld. Fig. 1 34 REINIGING EN ONDERHOUD Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de stroomtoevoer af, alvorens onderhouds- en reinigingswerkzaamheden te gaan verrichten. • Reinig de binnenkant van de koelkast met een vochtige spons met lauw water en/of een neutraal schoonmaakmiddel. Spoel en droog het apparaat met een zachte doek. Gebruik geen schuurmiddelen. • De scheidingselementen mogen niet in water worden ondergedompeld, maar moeten worden afgewassen met een niet al te vochtige spons. • Reinig de binnenkant van het vriesvak tijdens het ontdooien. • Maak de ventilatieroosters en de condensor op de achterkant van het apparaat regelmatig schoon met een stofzuiger of een borstel. • Reinig de buitenkant met een met water bevochtigde zachte doek. Gebruik geen schuurmiddelen of schuursponsjes, noch vlekkenmiddelen (bijv. aceton en trichloorethyleen) of azijn. Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt 1. Maak de koelkast helemaal leeg. 2. Haal de stekker uit het stopcontact. 3. Ontdooi het apparaat en reinig de binnenwanden. 4. Om de vorming van schimmel, onaangename luchtjes en roest te voorkomen moet de deur van het apparaat open blijven staan als het gedurende langere tijd niet gebruikt wordt. 5. Het apparaat schoonmaken. • Maak de binnenkant van het lage temperatuurvak (bij modellen waar dit aanwezig is) schoon tijdens het ontdooien. • Reinig de binnenkant van de koelkast met een vochtige spons met lauw water en/of een neutraal schoonmaakmiddel. Spoel en droog het apparaat met een zachte doek. Gebruik geen schuurmiddelen. 35 KLANTENSERVICE • het servicenummer (nummer achter het woord SERVICE op het typeplaatje binnenin het apparaat) • uw volledige adres • uw telefoonnummer Voordat u contact opneemt met de klantenservice: 1. Ga na of u de storingen zelf kunt verhelpen (zie “Storingen opsporen”). 2. Zet het apparaat opnieuw aan om te zien of het ongemak is verholpen. Als dit niet het geval is, schakel het apparaat dan opnieuw uit en herhaal de handeling na een uur. 3. Als ook dat niet helpt, wend u dan tot onze klantenservice. Opmerking: Het omkeren van de deur van het apparaat door onze klantenservice wordt niet beschouwd als een ingreep die onder de garantie valt. Vermeld de volgende gegevens: • de aard van de storing • het model INSTALLATIE • De gegevens met betrekking tot de spanning en het opgenomen vermogen staan op het typeplaatje in het apparaat. • Installeer het apparaat niet in de buurt van warmtebronnen. Installatie in een warme omgeving, rechtstreekse blootstelling aan de zon of opstelling van het apparaat in de buurt van een warmtebron (kachel, fornuis) verhogen het stroomverbruik en dienen te worden vermeden. • Indien dit niet mogelijk is, moeten de volgende minimumafstanden worden aangehouden: • 30 cm vanaf fornuizen die werken op kolen of petroleum; • 3 cm vanaf elektrische fornuizen en/of gasfornuizen. • Monteer de afstandstukken (indien bijgeleverd) op de achterkant van de condensator die op de achterkant van het apparaat zit. • Installeer het apparaat op een droge en goed geventileerde plaats, zorg dat het op een vlakke ondergrond staat en stel indien nodig de poten aan de voorkant bij. • De binnenkant schoonmaken. • Breng de bijgeleverde accessoires aan. • De aarding van het apparaat is wettelijk verplicht. De fabrikant aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor eventueel letsel aan personen, dieren of voor schade aan voorwerpen die veroorzaakt is door het niet in acht nemen van deze voorschriften. • Als de stekker en het stopcontact niet van hetzelfde type zijn, laat het stopcontact dan vervangen door een gekwalificeerd technicus. • Gebruik geen verlengsnoeren of meervoudige adapters. Afkoppeling van het elektriciteitsnet Het moet mogelijk zijn het apparaat van het elektriciteitsnet af te koppelen door de stekker uit het stopcontact te halen of via een tweepolige netschakelaar die bovenstrooms van het stopcontact is geplaatst. Elektrische aansluiting • Houd u aan de plaatselijke voorschriften voor de elektrische aansluiting. 36
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103

Privileg PRC 913 A+ Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor