MARYNEN CM2826DT Handleiding

Type
Handleiding
2222 312-31
DUBBELDEURS - KOELKAST
FRIDGE - FREEZER
CM 2826 DT
Gebruiksaanwijzing
Instruction booklet
2
VEILIGHEID
Het is uiterst belangrijk dat het bij het apparaat behorende instructieboekje bewaard blijft. Zou het
apparaat door u aan iemand anders gegeven of verkocht worden, of zou het apparaat in het huis van
waaruit u verhuist achterblijven, dan dient de nieuwe gebruik(st)er over het instructieboekje en de
daarin opgenomen waarschuwingen te kunnen beschikken.
Indien dit apparaat in de plaats van een oud model met haak- of veersluiting opgesteld wordt, dan is
het raadzaam de sluiting van het oude apparaat, dat terzijde gezet wordt, onbruikbaar te maken.
Hiermee wordt voorkomen dat spelende kinderen zich erin opsluiten, hetgeen levensgevaarlijk is. Deze
waarschuwingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben,
alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.
Algemene veiligheid
Dit apparaat is bedoeld en gemaakt voor het
gebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om
kinderen het apparaat te laten bedienen of als
speelgoed te laten gebruiken.
Het is gevaarlijk om, in welke vorm dan ook, dit
apparaat of de eigenschappen daarvan te veran-
deren.
Neem vóór u aan ontdooien, schoonmaak-
werkzaamheden of het verwisselen van het,
eventueel aanwezige, verlichtingslampje begint
altijd de stekker uit het stopcontact.
Dit apparaat is zwaar. Delen van randen aan
achter- en onderkant kunnen scherp zijn. Wees
voorzichtig bij het tillen.
Plaats NOOIT explosieve stoffen in het apparaat,
zoals gasvullingen, benzine, ether, aceton
enzovoorts.
Het direct vanuit een vriesvak, vriesgedeelte of
vriezer consumeren van ijslollies en dergelijke,
kan verbranding van de mondhuid tot gevolg
hebben; wacht even.
AFDANKEN. Verwijder de deur(en) of het deksel en
knip het aansluitsnoer af, zodat, in afwachting van
wegbrengen of weghalen, spelende kinderen er zich
niet in op kunnen sluiten of aan een elektrische
schok bloot kunnen staan.
Heel goed oppassen, tijdens het verplaatsen, dat
de delen van het koelcircuit niet zodanig worden
beschadigd, dat de koelvloeistof naar buiten zou
kunnen lekken.
Plaats het apparaat niet in de nabijheid van een
centrale verwarming of een gasfornuis.
Laat het apparaat niet langdurig in direct zon-
licht staan.
Zorg dat er voldoende lucht aan de achterkant
van het apparaat kan circuleren. Vermijd schade
aan de koelkringloop.
Alléén voor diepvrieskasten (uitgezonderd inge-
bouwde): het apparaat kan zeer goed in de
kelder geplaatst worden.
Plaats elektrische apparaten (bijv. ijsmachines)
nooit in de kast, tenzij dat door de fabrikant
goedgekeurd is.
Onderhoud / Reparatie
Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de
elektrische huisinstallatie of het aansluitsnoer,
ten behoeve van de installatie van dit apparaat,
mag uitsluitend door een daartoe bevoegd per-
soon uitgevoerd worden. Het betreffende stop-
contact dient, ook na eventuele onder- of inbouw,
gemakkelijk bereikbaar te zijn. Werkzaamheden
welke door personen zonder de noodzakelijke
kennis uitgevoerd worden, kunnen schade of let-
sel tot gevolg hebben.
Laat inspectie- en/of herstelwerkzaamheden
uitvoeren door ELECTROLUX SERVICE en laat
geen andere dan originele DISTRIPARTS
onderdelen plaatsen.
Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in de
koudekringloop; het onderhoud en het bijvullen
dient daarom uitsluitend door door het bedrijf
aangewezen deskundig personeel uitgevoerd te
worden.
Tracht, in geval van storing of een defect, dit
apparaat niet zelf te repareren. Reparaties welke
door niet-deskundige personen uitgevoerd wor-
den, kunnen tot schade of letsel leiden.
Raadpleeg ELECTROLUX SERVICE.
Gebruik
Huishoudelijke koel- en/of vriesapparaten zijn uit-
sluitend bedoeld voor het bewaren en/of
invriezen van eet- of drinkbare producten.
De beste resultaten worden bereikt bij een
omgevingstemperatuur tussen +18°C en +43°C
(klasse T); tussen +18°C en 38°C (klasse ST);
tussen +16°C en 32°C (klasse N); +10°C en
32°C (klasse SN); de klasse staat op het type-
plaatje vermeld.
Gedrukt op kringloopapier
3
Attentie: u dient niet alleen rekening te houden
met de omgevingstemperatuur voor dit type
product maar tevens met de volgende aanwijzin-
gen: wanneer de bewaartemperatuur onder de
aangeduide minimum waarde daalt, wordt de
bewaartemperatuur in het vriesvak niet meer
gegarandeerd; u kunt de bewaarde levensmidde-
len dan het beste zo snel mogelijk nuttigen.
Volg de raadgevingen van de fabrikant op met
betrekking tot waar en hoe u spijzen en dranken
bewaart of invriest. Ontdooide diepvriesproduc-
ten mogen, om gezondheidsredenen, niet
wederom ingevroren worden.
De vriezende binnenwanden of -vlakken in het
apparaat bevatten koelmiddel. Plaats geen
scherpe voorwerpen tegen zo’n wand of vlak en
schraap evenmin met metalen voorwerpen rijp of
ijs af. Lekkage kan het gevolg zijn, hetgeen een
onherstelbare schade aan het apparaat en be-
derf van de levensmiddelen veroorzaakt.
Geen voorwerpen of methodes gebruiken om het
ontdooiproces te versnellen die niet door de fa-
brikant zijn aangegeven.
Nooit metalen voorwerpen gebruiken om het
apparaat schoon te maken; dit zou het apparaat
kunnen beschadigen.
Plaats geen koolzuurhoudende of mousserende
dranken in het vriesvak, het vriesgedeelte of de
vriezer; de blikjes of flesjes kunnen door bevrie-
zing van de inhoud exploderen.
Installatie
Overtuig u er van dat het apparaat niet op het
aansluitsnoer staat.
Belangrijk: Als het aansluitsnoer beschadigd
raakt, moet het snoer, eventueel met stekkers,
vervangen worden; deze onderdelen zijn verkrijg-
baar bij onze service-afdeling.
Tijdens normaal gebruik worden de condensor
en de compressor die zich op de achterkant van
het apparaat bevinden, warm. Om veiligheidsre-
denen moet de ventilatie zodanig zijn als
aangegeven in de speciale afbeelding.
Attentie: zorg ervoor dat de ventilatie-openin-
gen tijdens gebruik niet worden afgedekt.
Plaats het apparaat met z’n achterkant zo dicht
mogelijk bij een muur. Hiermee voorkomt u ver-
brandingsletsel door aanraking van hete tot zeer
hete delen.
Afhankelijk van de wijze van transport kan olie
vanuit de compressor in het koelcircuit gevloeid
zijn. Wacht, na het plaatsen van het apparaat,
ten minste een half uur alvorens de stekker in
het stopcontact te steken. Na achteroverliggend
vervoer ten minste een halve dag. Daarmee
geeft u de olie de gelegenheid in de compressor
terug te vloeien. Apparaten welke van een
absorptie-unit voorzien zijn kunnen direct in
bedrijf genomen worden. Controleer circa 24 uur
na het in bedrijf stellen of het apparaat naar
behoren werkt.
Milieubescherming
Belangrijk: Dit apparaat bevat, zowel in het koel-
circuit als in de isolatie, geen ozononvriendelijke
stoffen. Het apparaat moet niet weggegooid wor-
den samen met het huisvuil of met gesloopte
apparaten. Afgedankte koel- en vriesapparaten
moeten volgens de plaatselijke regelingen op
deskundige wijze verwerkt worden. Informeer bij
uw gemeente naar de mogelijkheden in uw woon-
plaats. Vermijden dat het koelcircuit wordt
beschadigd, vooral aan de achterkant in de buurt
van de warmtewisselaar. De materialen in dit
apparaat die voorzien zijn van het symbool zijn
geschikt voor recycling.
4
INHOUD
Veiligheid 2
Wegwerpen van verpakkingsmateriaal 4
Het gebruik 5
Reiniging van de binnenkant 5
Ingebruikname 5
Temperatuurinstelling 5
Koelen van levensmiddelen 5
Het invriezen van verse levensmiddelen, 5
Bewaren van diepvriesproducten 5
Het ontdooien van diepvriesproducten 6
IJslaatjes 6
Plaatblokkering 6
Verplaatsbare platen 6
Het verplaatsen van deurvakken 6
Tips 6
Koelen tips 6
Invriezen tips 6
Diepvriezen tips 7
Diepvrieskalender 7
Onderhoud 7
Schoonmaken 7
Geprolongeerde stilstand 7
Vervangen van de lamp 8
Het ontdooien 8
Als er iets niet in orde is 8
Technische gegevens 9
Installatie 9
Plaats van opstelling 9
Muur-afstandshouders 9
Elektrische aansluiting 9
Het wijzigen van de deurdraairichting 10
Garantiebepalingen en Service 11
WEGWERPEN VAN VERPAKKINGSMATERIAAL
Het verpakkingsmateriaal van onze grote elek-
trische huishoudelijke apparaten kan met uitzonde-
ring van houten onderdelen, gerecycled worden en
dus bij het kringloopafval worden gezet.
Wij raden u aan om:
Papier, karton en golfkarton in de speciale
papierbakken te werpen.
Plastic verpakkingsmateriaal in de speciaal daar-
voor bestemde plastic-containers te gooien.
Indien dit soort bakken in uw buurt nog niet
voorkomen mag u het materiaal aan de vuilnis-
man meegeven.
Als verpakkingsmateriaal gebruiken wij slechts recy-
cleerbare kunststoffen, zoals bijv.:
In de voorbeelden staat:
PE voor Polyethyleen** 02 = ^ PE-HD;
04 = ^ PE-LD
PP voor Polypropyleen
PS voor Polystyrol
PLASTIC BESTANDDELEN
Om er gemakkelijker achter te komen hoe u het
materiaal van dit apparaat moet wegwerpen en /of
recycleren zijn er op verschillende punten herken-
bare symbolen op aangebracht.
PS
SAN
ABS
02**
PE
05
PP
06
PS
5
Reiniging van de binnenkant
Voor u de kast in gebruik neemt, dient u de binnen-
kant met lauw water en een neutraal schoonmaak-
middel te reinigen om de typische geur van een
nieuw apparaat weg te nemen. Droog vervolgens de
wanden goed af.
Gebruik geen schurende schoonmaak-
middelen, waarmee u de afwerkingen van het
apparaat zou kunnen beschadigen.
Ingebruikname
Steek de stekker in het stopcontact. Open de deur
en draai de thermostaatknop, rechtsom uit de stand
“0” (Stop-stand).
U schakelt het apparaat uit door de thermostaat-
knop op stand “0” te draaien.
Temperatuurinstelling
De temperatuur wordt automatisch geregeld en kan
verhoogd worden (minder koud) door de knop naar
een lager cijfer te draaien of verlaagd worden (koud-
er) door de knop naar een hoger cijfer te draaien.
Bij het instellen van de juiste stand dient u er reken-
ing mee te houden dat de temperatuur in het appa-
raat afhankelijk is van:
de kamertemperatuur;
de frequentie waarmee de deuren geopend wor-
den;
de hoeveelheid levensmiddelen in de kast;
de plaats van het apparaat.
Wij adviseren u de knop aanvankelijk op de mid-
denstand te draaien.
Attentie
Het kan voorkomen dat, indien de thermostaat-
knop in de koudste stand gedraaid is, bijvoor-
beeld ten gevolge van zeer warme omgevings-
temperatuur of het snel willen koelen van grote
hoeveelheden dranken, de compressor continu
loopt, waardoor automatische ontdooiing van de
koelverdamper niet plaatsvindt en zich daarop
ijs afzet. Draai, in dat geval, de thermostaatknop
naar een wat minder koude stand, zodat automa-
tische ontdooiing kan plaatsvinden; hierdoor
spaart u tevens energie.
Koelen van levensmiddelen
Voor een optimaal gebruik van de koelruimte advi-
seren wij u de volgende eenvoudige regels in acht
te nemen:
Plaats geen warme of dampende spijzen of
dranken in de koelruimte;
plaats de levensmiddelen zo, dat de lucht vrij
eromheen kan circuleren.
HET GEBRUIK
Het invriezen van verse levensmid-
delen
In het diepvriesvak kunt u verse levensmiddelen
invriezen en diepvriesproducten bewaren.
Voor het invriezen kunt u de thermostaatknop op de
gebruikelijke stand laten staan. Wilt u sneller
invriezen, dan dient u de thermostaatknop op de
koudste stand draaien. In deze stand kan de tem-
peratuur in de koelruimte echter beneden 0°C
dalen. in dat geval moet u de knop op een minder
koude stand draaien.
Plaats de in te vriezen levensmiddelen op het rek;
daar is de temperatuur het laagst.
Bewaren van diepvriesproducten
Indien u de koelkast voor het eerst in gebruik neemt
of haar weer gebruikt na een periode van stilstand,
dient u de thermostaatknop op de koudste stand te
draaien. Plaats vervolgens de diepvriesproducten
na drie uur in de kast.
Belangrijk
Als, bijvoorbeeld door stroomuitval die langer
duurt dan aangegeven wordt, de opgeslagen
producten onopzettelijk ontdooid worden,
moeten deze direct worden geconsumeerd of
onmiddellijk toebereid en na afkoeling opnieuw
ingevroren.
Het ontdooien van diepvriesproducten
De diepvriesproducten moet u vóór gebruik in de
koelkast of bij kamertemperatuur laten ontdooien, al
naar gelang de beschikbare tijd.
Kleine of in stukken ingevroren producten kunnen
onmiddellijk gekookt of gebakken worden. De kook-
of baktijd zal dan natuurlijk iets langer zijn.
6
Het verplaatsen van deurvakken
De ruimte tussen deurvakken kan naar behoefte
aangepast worden.
Ga daartoe als volgt te werk:
Trek het vak geleidelijk naar de door de pijlen
aangegeven richting totdat het loskomt. Verplaats
daarna het vak naar de gewenste hoogte.
PR187
D338
Verplaatsbare platen
De koelkastwanden zijn van richels voorzien, zodat
u de platen naar wens op verschillende hoogten
kunt plaatsen.
U krijgt meer ruimte in de koeler, wanneer u het
voorste deel van de rekjes omklapt.
IJslaatjes
Bij het apparaat worden 1 of meerdere ijslaatjes
voor het maken van ijsblokjes geleverd.
Vul ze met drinkwater en plaats ze in het vriesvak.
Gebruik geen metalen voorwerpen om de laatjes los
te wrikken.
TIPS
Koelen: tips
Vlees (alle soorten): wordt in plastic zakjes op de
glazen plaat boven de groentelade geplaatst.
Bewaar vlees niet langer dan één of twee dagen.
Gekookt voedsel, koude schotels enz.: kunnen,
goed afgedekt, op elk rooster geplaatst worden.
Fruit en groente: worden schoongemaakt in de
groentelade(n) gelegd.
Boter en kaas: worden, om blootstelling aan de
lucht te voorkomen, in speciale koeldozen bewaard
of in plastic- of aluminiumfolie verpakt .
Invriezen: tips
de max. hoeveelheid levensmiddelen die u
kunt invriezen in 24 uur staat aangegeven op
het “typeplaatje”;
Flessen melk: worden, goed gesloten, in het
flessenrek geplaatst.
Bewaar niet-luchtdicht verpakte bananen, aard-
appelen, uien of knoflook niet in de koelkast.
A
C
B
Plaatblokkering
Uw apparatuur is voorzien van blokkeringen, waar-
door de platen tijdens het transport op hun plaats
blijven.
Handel als volgt om deze te verwijderen:
Beweeg de blokkeringen in de richting van de pijl, til
de glasplaat aan de achterkant op en duw deze in
de richting van de pijl tot deze los raakt en verwijder
de blokkeringen.
7
het invriezen duurt 24 uur. Voeg gedurende deze
tijd geen andere in te vriezen levensmiddelen toe;
verdeel de levensmiddelen in handzame porties.
Deze vriezen sneller in en bij later gebruik hoeft u
slechts de benodigde hoeveelheid te ontdooien;
verpak de levensmiddelen in aluminium- of kunst-
stoffolie. Sluit de pakjes goed en luchtdicht af;
zorg ervoor dat in te vriezen pakjes niet in aan-
raking komen met reeds ingevroren producten;
de temperatuur van deze laatste zou daardoor
kunnen stijgen;
vermijd rechtstreekse consumptie van ijslollies
uit het vriesvak; u zou uw mondhuid kunnen ver-
branden;
schrijf de invriesdatum op de pakjes zodat u de
houdbaarheidsduur kunt controleren;
plaats geen koolzuurhoudende of
mousserende dranken in het vriesvak; de
blikjes of flessen zouden kunnen ontploffen.
ONDERHOUD
Diepvrieskalender
De symbolen geven de diverse soorten diep-vrie-
sproducten aan.
De getallen geven voor iedere soort diepvriesproduct
de opslagtijd in maanden aan. Of de hoogste of de
laagste waarde van de aangegeven opslagtijd geldt,
hangt af van de kwaliteit van de levensmiddelen en de
behandeling voorafgaand aan het invriezen.
10 - 1210 - 1210 - 1210 - 123-63-63-63-63-41-2
Diepvriezen: tips
Neem de volgende regels in acht:
breng de diepvriesproducten na aankoop zo snel
mogelijk over naar het vriesvak;
open de deur altijd zo weinig en zo kort mogelijk;
wees heel voorzichtig bij aankoop van
diepvriesproducten, want gedeeltelijk ontdooide
waren mag u niet opnieuw invriezen;
Neem vóór iedere handeling altijd eerst de
stekker uit het stopcontact.
Belangrijk
Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in het koelcir-
cuit; onderhoud en bijvulling dient daarom uitslui-
tend door bevoegd personeel uitgevoerd te worden.
Schoonmaken
Gebruik nooit metalen voorwerpen voor het
schoonmaken van het apparaat; dit zou
beschadigingen tot gevolg kunnen hebben.
Reinig de binnenkant van de kast regelmatig met
lauw sodawater. Lap de wanden na met schoon
water en droog ze zorgvuldig.
Stof op de condensor verhoogt het energieverbruk.
Daarom eenmaal per jaar de condensor aan de
achterkant van het apparaat met een zachte borstel
of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken.
Geprolongeerde stilstand
Wij adviseren u vóór de periode dat de koelkast niet
gebruikt wordt de volgende handelingen uit te
voeren:
neem de stekker uit het stopcontact;
verwijder alle spijzen en dranken uit de kast;
laat de kast geheel ontdooien en maak de binnen-
wanden, rekken, korven en dergelijke goed schoon;
laat de deuren open staan, teneinde het ontstaan
van onaangename geur te voorkomen.
Het ontdooien
Koelruimte
Het ontdooien van de koelruimte heeft automatisch
plaats elke keer dat de compressor stopt. Het dooi-
water wordt via een afvoerkanaaltje opgevangen in
een bakje dat zich aan de achterkant van het
appraat boven de compressor bevindt. Hier ver-
dampt het water.
Wij raden u aan het gaatje dat zich in het mid-
den van het afvoerkanaal in de koelruimte bevin-
dt, regelmatig schoon te maken, teneinde te
voorkomen dat het dooiwater de levensmiddelen
nat maakt. Gebruik voor het doorprikken het
staafje dat zich in het gaatje bevindt.
Vriesvak
In het vriesvak dient u de rijp te verwijderen, wan-
neer deze een laag van circa 4 mm vormt. Gebruik
hiervoor het plastic spatel. Voor het uitvoeren van
deze handeling hoeft u het apparaat niet uit te
schakelen of het vriesvak leeg te maken. Wanneer
zich echter een dikke ijslaag gevormd heeft, dient u
het gehele apparaat te ontdooien.
Ga als volgt te werk:
1. draai de thermostaatknop op «O» of trek de
stekker uit het stopcontact;
2. omwikkel de levensmiddelen met meerdere kran-
ten en bewaar ze op een koele plaats;
3. laat de deur openstaan.
D037
8
4. droog na het ontdooien het vriesvak zorgvuldig;
5. draai de thermostaatknop in de gewenste stand
of steek de stekker weer in het stopcontact. Na
twee of drie uur kunt u de diepvriesproducten
weer terugplaatsen.
Belangrijk
Gebruik voor het verwijderen van de rijp nooit
metalen voorwerpen; u zou uw koelkast kunnen
beschadigen.
Geen voorwerpen of methodes gebruiken om
het ontdooiproces te versnellen die niet door de
fabrikant zijn aangegeven.
Temperatuurstijging van diepvriesproducten kan
hun houdbaarheidsduur verkorten.
D411
Vervangen van de lamp
Indien met open deur het lampje niet brandt, kijk
dan eerst of het soms los in de fitting zit.
ls het lampje dan nog niet brandt, vervang het dan
door een lampje met hetzelfde vermogen.
Het lampje van de koelkast is zoals in de abeelding
bereikbaar.
Het maximale vermogen is op het
afschermkapje aangegeven.
ALS ER IETS NIET IN ORDE IS
Indien het apparaat niet functioneert of ook de lamp-
jes niet branden, controleer dan:
of de stekker goed in het stopcontact zit;
of de elektriciteit soms uitgevallen is;
of de thermostaatknop op de juiste stand staat;
en indien er water op de bodem van de koeler
ligt, of het afvoerkanaaltje soms verstopt is (zie
hoofdstuk “Het ontdooien”).
Kunt u de storing niet zelf lokaliseren en verhelpen,
raadpleeg dan ELECTROLUX SERVICE.
9
INSTALLATIE
A
B
NP005
100 mm10 mm
10 mm
- 87/308/EG-richtlijn van 2/6/87 met betrekking
tot de radio-ontstoring
- 73/23/ EG-richtlijn van 19/02/73
(Laagspanning) en opeenvolgende wijzigingen;
- 89/336/EG-richtlijn van 03/05/89
(Elektromagnetische compatibiliteit) en opeenvol-
gende wijzigingen;
Plaats van opstelling
Plaats het apparaat uit de buurt van warmtebron-
nen: centrale verwarming, kachels, felle zonne-
stralen enz.
Om veiligheidsredenen moet de ventilatie zodanig
zijn als aangegeven in de afbeelding:
Attentie: zorg ervoor dat de ventilatie openingen
tijdens gebruik niet worden afgedekt.
Teneinde oneffenheden in de vloer op te heffen is de
kast voorzien van één of meer verstelbare voetjes.
Elektrische aansluiting
Overtuig u ervan dat de netspanning en de net-
frequentie, welke op het typeplaatje in de kast
staan aangegeven, overeenkomen met de
netspanning en de netfrequentie in uw woning.
Een afwijking op de netspanning tot plus of minus
6% is toegestaan.
Bij aansluiting op een andere spanning dient u een
geschikte transformator te gebruiken.
De stekker mag alleen geplaatst worden in een
geaard stopcontact. De kast is daarom voorzien van
een speciaal drieaderig snoer, geschikt voor een
geaard stopcontact. Mocht het stopcontact in uw
woning niet geaard zijn, dan dient een erkend instal-
lateur het apparaat volgens de geldende normen te
aarden.
Wij wijzen u er op dat schade of letsel, veroor-
zaakt door het niet voldoen aan dit veiligheids-
voorschrift, niet onder de verantwoordelIjkheid
van de fabrikant valt.
Dit apparaat voldoet aan de volgende EU-
richtlIjnen:
PR153
Muur-afstandshouders
In het documentenzakje bevinden zich twee af-
standshouders die volgens de afbeelding geplaatst
dienen te worden.
Draai de schroeven los, steek de afstandshouders
onder de schroefkop en draai de schroeven weer
vast.
10
H
D419
D
D590
F
D
PR18
F
F
F
E
E
G
Het wijzigen van de deurdraairicht-
ing
Neem vóór het wijzigen van de deurdraairichting
de stekker uit het stopcontact.
Ga nu verder als volgt te werk:
1. Ventilatierooster (D) verwijderen;
2. Verwijder het kapje (G) en het onderste
scharnier (E) door de schroeven waarmee het
scharnier vastzit los te draaien.
3. Onderdeur verwijderen van het tussenscharnier
(H).
4. Verwijder het tussenscharnier (H).
5. Bovendeur van bovenscharnierpen (G) trekken.
6. Bovenste scharnierpen verwijderen en aan de
tegenovergestelde kant weer monteren, na de
dopjes verwijderd te hebben. Monteer de dopjes
nu aan de andere kant.
7. Bovendeur herplaatsen.
8. Tussenscharnier op de andere kant aanbrengen.
9. Draai met een sleutel van 10 mm de scharnier-
pen (E) los en breng deze aan de andere kant
van het scharnier aan.
10.Plaats het onderste scharnier (E) weer aan de
andere kant en maak daarbij gebruik van de vier
schroeven die u daarvóór verwijderd heeft.
11.Neem het kapje (F) uit het ventilatierooster (D)
door.
11.Onderdeur herplaatsen.
12.Ventilatierooster (D) weer terugplaatsen.
Om ervoor te zorgen dat de deuren precies op
dezelfde lijn komen te zitten kunt u het tussen-
scharnier (H) afstellen door dit met behulp van
gereedschap in de horizontale richting te verschui-
ven; als u dit doet moet u eerst de beide schroeven
losgedraaid hebben (zie afbeelding).
Belangrijk:
Controleer na de richting van de deuren gewijzigd te
hebben, of alle schroeven goed vastgedraaid zitten
en of het deurrubber goed op de sponning sluit. In
een koud vertrek (in de winter) kan het gebeuren
dat dat niet het geval is. Na enkele dagen zal het
rubber zich echter aangepast hebben. Wilt u dat
bespoedigen, dan kunt u het rubber warm maken
met een föhn.
11
Garantievoorwaarden
Onze producten worden met de grootst mogelijke
zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het
voorkomen dat er een defect optreedt. Onze servicedienst
zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de
garantietermijn. De levensduur van het product wordt
daardoor niet negatief beïnvloed.
Onderstaande garantievoorwaarden zijn gestoeld op de
EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De
daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet.
Ook de garantieverplichtingen van de verkoper naar de
eindgebruiker blijven onaangetast.
Voor dit product verlenen wij garantie volgens onder-
staande voorwaarden:
1. Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de
voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het prod-
uct die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de
datum van levering aan de eindgebruiker. In geval van
professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik is de
garantie beperkt tot 12 maanden. Voor tweedehands
producten geldt eveneens een termijn van 12 maan-
den.
2. De garantieprestatie houdt in dat het product
kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het
had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen
worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen
onderdelen worden ons eigendom.
3. Het gebrek moet terstond gemeld worden om
mogelijke verdere schade te voorkomen. De
garantieaanspraak vervalt indien het gebrek niet bin-
nen twee maanden na vaststelling is gemeld.
4. Voor een beroep op garantie dient het aankoopbewijs
met aankoop- en/of leveringsdatum te worden over-
legd. Bij ontbreken daarvan dient ander overtuigend
bewijs te worden overlegd.
5. De garantie heeft geen betrekking op schade aan
kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch) glas,
kunststof, rubber, die ontstaan is door onzorgvuldig
gebruik
6. De garantie heeft geen betrekking op kleine afwijkin-
gen van de gestelde kwaliteit die voor de waarde en
deugdelijkheid van het product onbeduidend zijn.
7. De garantie geldt evenmin voor schade veroorzaakt
door:
a. chemische en elektrochemische inwerking van water,
b. abnormale milieuomstandigheden in het algemeen
c. voor het product oneigenlijke bedrijfsomstandigheden
d. contact met agressieve stoffen.
8. De garantie heeft geen betrekking op gebreken door
transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid
is ontstaan, niet-vakkundige installatie of montage,
verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in
acht nemen van de gebruiks- of montageaanwijzin-
gen.
9. Het recht op garantie vervalt wanneer het defect werd
veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden
die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het
product voorzien werd van toebehoren of onderdelen
die niet origineel zijn en daardoor een defect
veroorzaken.
10. Producten die gemakkelijk kunnen worden vervoerd
dienen te worden overhandigd aan of gezonden naar
onze servicedienst. Herstelling ter plaatse kan slechts
worden gevraagd voor grote of ingebouwde pro-
ducten.
11. Indien het product zodanig is ingebouwd, onderge-
bouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd
voor het in- en uitbouwen samen meer dan 30
minuten bedraagt, worden de hierdoor ontstane extra
kosten aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade
die ontstaat door abnormale in- of uitbouw komt ten
laste van de gebruiker.
12. Indien binnen de garantieperiode de herstelling van
hetzelfde defect herhaaldelijk mislukt of de her-
stellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg
met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging
geleverd. In geval van vervanging behouden we ons
het recht voor om een vergoeding te rekenen naar
rato van de verstreken gebruiksperiode.
13. Herstelling onder garantie heeft geen verlenging van
de garantietermijn noch aanvang van een nieuwe
garantietermijn tot gevolg.
14. Op herstellingen geven wij een garantie van 12 maan-
den, uitsluitend op hetzelfde gebrek.
15. Verdere of andere aanspraken, in het bijzonder ver-
goeding van schade ontstaan buiten het product, zijn
uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wet-
telijk is vastgelegd.
16. In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de
aankoopwaarde van het product niet overtreffen, tenzij
wettelijk anders is bepaald.
Deze garantievoorwaarden gelden voor in Nederland
gekochte en/of in gebruik zijnde producten. Indien een
product naar het buitenland wordt gebracht dient de
gebruiker na te gaan of het product voldoet aan de tech-
nische voorwaarden ( o.a. spanning, frequentie, instal-
latievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden) in
het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte
producten dient de gebruiker zich te vergewissen van de
bepalingen in Nederland. Noodzakelijke of gewenste aan-
passingen vallen niet onder de garantie, en kunnen niet
altijd worden aangebracht.
Ook na afloop van de garantietermijn staat onze service-
dienst u ter beschikking.
Adres Servicedienst:
Electrolux Service
Vennootsweg 1
2404 CG ALPHEN AAN DEN RIJN
Marynen Huishoudelijke Apparaten
Postbus 120
2400 AC Alphen aan den Rijn
Telefoon: (0172) 468 330
Telefax: (0172) 468 215
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12

MARYNEN CM2826DT Handleiding

Type
Handleiding