WMF Schnellkochtopf PerfectPlus Safety instructions & instructions for use

Merk
WMF
Model
Schnellkochtopf PerfectPlus
Type
Safety instructions & instructions for use
111
DEGBESBGDKFIFRGRITNLNOPLPTRUSESKSICZTRHUHR
Gebruiksaanwijzing
NL
Inhoud
1. Veiligheidsinstructies
2. Gebruik van de snelkookpan
3. Aanwijzingen voor het gebruik
4. Koken met een snelkookpan
5. Vier methoden om druk af te bouwen
6. Verzorging van de snelkookpan
Reiniging, opbergen, onderhoud
7. Veelzijdig gebruik
8. Garantieverklaring
9. Uitsluiting van aansprakelijkheid
10. Verhelpen van storingen
11. Kooktijden tabel
Toebehoren en reserveonderdelen
zie omslag
1. Veiligheids-
instructies
1. Lees de gebruiksaanwijzing en alle
aanwijzingen a.u.b. volledig door, voordat
u de WMF snelkookpan gaat gebruiken.
Ondeskundig gebruik kan schade
veroorzaken.
2. Geef de snelkookpan nooit aan iemand,
die zich niet van tevoren met deze
gebruiksaanwijzing vertrouwd heeft
gemaakt.
3. Houd kinderen uit de buurt van de
snelkookpan als deze in gebruik is.
4. Gebruik de snelkookpan nooit in de oven.
Grepen, ventielen en veiligheidsinrichtingen
worden door hoge temperaturen beschadigd.
De snelkookpan mag uitsluitend voor het
bestemde doel worden ingezet; het koken
van voedingsmiddelen.
5. Ga heel voorzichtig met de snelkookpan
om als deze onder druk staat. Raak geen
hete oppervlakken aan. Maak gebruik van
de dekselgrepen en de knoppen. Gebruik
zonodig ovenwanten of pannenlappen.
6. Gebruik de snelkookpan uitsluitend voor de
doeleinden waarvoor hij bedoeld is.
7. Deze pan kookt met behulp van druk.
Ondeskundig gebruik kan verbrandingen
veroorzaken. Let er vooral op dat de
pan goed gesloten is, alvorens hem te
verwarmen. Informatie hierover vindt u in
de gebruiksaanwijzing.
8. Open de snelkookpan nooit met geweld.
Voordat u de snelkookpan opent, moet
u controleren of de binnendruk volledig
afgebouwd is: dat is het geval als de
kookindicator volledig in de greep verzonken
is. Let op; u mag de kookindicator niet
aanraken.
9. Verhit de snelkookpan nooit, zonder er van
tevoren water in te doen; als u dit toch zou
113
DEGBESBGDKFIFRGRITNLNOPLPTRUSESKSICZTRHUHR
2. Gebruik van de snelkookpan
Voor de eerste ingebruikneming
2.1. Snelkookpan openen
Het schuifje (7) aan beide zijden naar het
uiteinde van de handgreep schuiven.
De markeringen op het schuifje (7) moeten
op AUF/OPEN staan (A).
De dekselgreep (5) naar rechts draaien,
totdat de markeringen op het deksel en op
de pangreep (6) tegenover elkaar staan (B).
Deksel verwijderen.
2.2. Snelkookpan reinigen
Voordat u de snelkookpan voor de eerste keer
gebruikt, moet u de stickers verwijderen en alle
delen van de pan afwassen (zie hoofdstuk
»Reiniging«).
Het deksel omdraaien en de greep (5) van het
deksel verwijderen. Hiervoor moet u het oranje
schuifje (4) aan de onderkant van de deksel-
greep (5) in de pijlrichting naar het uiteinde
van de greep schuiven (C), dekselgreep uitklap-
pen en los halen (D). De dichtingsring (10)
uit het deksel verwijderen (O).
2.3. Snelkookpan sluiten
De greep in het deksel inhangen en het oranje
schuifje (4) over de dekselrand heen hoorbaar
laten vastklikken (E). De dichtingsring (10)
zodanig in de dekselrand leggen, dat hij onder
de naar binnen gebogen rand van het deksel
ligt (G). Het deksel op de pan plaatsen (zie de
markeringen op het deksel en op de greep) en
de dekselgreep naar links tot aan de aanslag
draaien (B). Het schuifje (7) exact naar de
positie ZU/LOCKED schuiven.
De pan mag niet op onjuiste manier worden
gemonteerd. Het monteren mag uitsluitend op
de beoogde manier worden gerealiseerd.
3. Aanwijzingen voor het gebruik
3.1. Controle van de veiligheidsinrichtingen
vóór elk gebruik
Ga na of de dichtingsring (10) en de dekselrand
schoon zijn. Controleer of de kogel zichtbaar op
de dekselonderkant in het veiligheidsventiel (9)
zit (G).
Als de kogel zich in de bovenste kamer van het
veiligheidsventiel / kookmechanisme (9) bevindt,
verwijder dan de greep (5) en duw de kogel met
uw vinger naar de onderste kamer (F).
Verwijder de greep en test het hoofdventiel (3)
op beweeglijkheid door er met uw vinger op te
drukken (H).
Controleer de afdichting van de kookindicator
(2) op correcte zit en beschadiging.
Neem a.u.b. in acht: de afdichting van de
kookindicator niet doordrukken, omdat de
restdrukbeveiliging beschadigd zou kunnen
worden en de functie van uw snelkookpan
dan niet meer gegarandeerd is (P).
De greep in het deksel inhangen (E). Het deksel
op de pan plaatsen en sluiten (B).
3.2. Hoeveelheid vloeistof
Voor de productie van stoom is minstens 1/4
l vloeistof noodzakelijk, onafhankelijk van het
feit, of u mét of zonder inzetten (12) kookt.
De snelkookpan mag maximaal voor 2/3 gevuld
worden, om de functie niet nadelig te beïnvlo-
eden (M). Bij schuimende en sterk opzwellende
gerechten (bijv. vleesbouillon, peulvruchten, inge-
wanden, compote) mag de pan maar tot de helft
gevuld worden. Voor verdere aanwijzingen zie
hoofdstuk »Toebereiden van voedzame gerechten«.
Als u uw levensmiddelen voor het koken wilt aan-
braden (bijv. uien, vleesstukken e.d.), kunt u de WMF
snelkookpan ook als een gewone pan gebruiken.
Om deze levensmiddelen gaar te koken, moet
u, voordat u het deksel op de snelkookpan doet,
het aangebraden vlees los maken en de nood-
zakelijke hoeveelheid vloeistof (minstens 1/4 l)
toevoegen.
112
doen, zou dit de pan ernstig beschadigen.
Minimum: 1/4l water.
Belangrijke aanwijzing:
Let er ook op, dat de vloeistof niet helemaal
verdampt. De gerechten kunnen aanbranden,
de snelkookpan kan beschadigd raken door
smeltende kunststof delen of de kookplaat kan
beschadigd raken doordat het aluminium van
de panbodem smelt. Als dit het geval zou zijn,
schakel de warmtebron dan uit en beweeg de
pan niet, totdat hij volledig afgekoeld is.
10. Vul de snelkookpan nooit voor meer dan 2/3
van zijn mogelijke inhoud. Als u levensmid-
delen kookt, die tijdens het koken opzwellen,
zoals bijv. rijst of droge groente, vul de
snelkookpan dan maximaal voor de helft en
houd u hierbij aan de extra aanwijzingen die
de fabrikant van uw snelkookpan eventueel
hiervoor heeft gegeven.
11. Laat de snelkookpan nooit zonder toezicht
achter. Reguleer de warmtebron zodanig
dat de kookindicator niet hoger komt dan
de betreffende oranje kookring. Als de
warmtebron niet omlaag geschakeld wordt,
ontsnapt stoom via het ventiel. De kook-
tijden veranderen en het verlies aan vloei-
stof kan tot functiestoringen leiden.
12. Maak uitsluitend gebruik van de warm-
tebronnen die in de gebruiksaanwijzing
genoemd zijn.
13. Als u vlees met vel (bijv. ossentong) hebt
gekookt, dat door de invloed van druk kan
opzwellen, moet u het vlees niet opensteken
zolang het vel gezwollen is; u zou zich kun-
nen verbranden.
14. Schud de snelkookpan altijd eventjes
voordat u hem opent, zodat geen eventuele
luchtbellen in de pan kunnen opspatten,
waardoor u zich zou kunnen verbranden.
Dit is vooral belangrijk als u de stoom snel
laat ontsnappen of onder stromend water.
15. Houd uw handen, hoofd en lichaam altijd
uit de buurt van de gevaarlijke zone, als
u de stoom snel laat ontsnappen of onder
stromend water. U kunt gewond raken door
de vrij komende stoom.
16. Controleer de functie van de veiligheidsin-
richtingen, ventielen en dichtingen voordat
u de snelkookpan gebruikt. Alleen op deze
manier kunnen wij een veilige werking ga-
randeren. Informatie hierover vindt u in de
gebruiksaanwijzing.
17. Gebruik de snelkookpan niet om voedings-
middelen onder druk met olie te frituren.
Het onjuiste gebruik van de snelkookpan kan
tot verwondingen leiden.
18. Breng geen veranderingen aan de veiligheid-
sinrichtingen aan, met uitzondering van de
onderhoudswerkzaamheden die in de gebru-
iksaanwijzing genoemd worden.
19. Vervang de slijtagedelen (zie garantieverkla-
ring) regelmatig. Onderdelen die zichtbare
kleurverschillen, scheuren of andere bescha-
digingen vertonen of niet correct zitten,
moeten door originele WMF reserveonderde-
len vervangen worden.
20. Gebruik uitsluitend originele WMF reserve-
onderdelen. Gebruik vooral uitsluitend pan-
nen en deksels van hetzelfde model.
21. Gebruik de snelkookpan niet als delen
daarvan beschadigd of vervormd zijn, of als
de functie daarvan niet overeenkomt met
de beschrijving in de bedieningshandleiding.
Neem in dat geval contact op met het meest
dichtstbijzijnde WMF vakhandel of met de
afdeling klantenservice van de WMF Group
GmbH.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing a.u.b.
zorgvuldig.
115
DEGBESBGDKFIFRGRITNLNOPLPTRUSESKSICZTRHUHR
De beveiliging tegen de resterende druk zorgt
ervoor dat de pan zich alleen laat openen, als de
druk helemaal afgebouwd is d.w.z. dat ook de
gele drukring niet meer zichtbaar mag zijn.
Als de gele ring zichtbaar blijft (K), is de rest-
drukbeveiliging geactiveerd. Om deze te deac-
tiveren, moet u het schuifje (7) even naar de
positie ZU/LOCKED schuiven.
Als er geen stoom meer ontsnapt, schud de
pan dan even.
Daardoor komen eventuele stoombellen uit de
gerechten vrij, die zich vooral bij vloeibare en
brijachtige gerechten vormen en uit de pan
kunnen springen, als u het deksel verwijdert.
Draai nu de dekselgreep naar rechts, zoals
beschreven, en open de pan.
4.6. Aanwijzing voor inductiefornuizen
De TransTherm®-universele bodem (11) is
geschikt voor alle soorten fornuizen, ook voor
inductiefornuizen.
Bij inductiefornuizen kan bij hoge kookstanden
een zoemend geluid optreden. Dit geluid heeft
een technische oorzaak en is geen teken dat
uw fornuis of snelkookpan defect is.
De grootte van de pan en van de kookplaat
moeten overeenkomen, omdat vooral bij een
kleine diameter de mogelijkheid bestaat dat
de kookplaat (het magneetveld) niet op de
bodem van de pan reageert.
5. Drie methoden om druk
af te bouwen
Belangrijke aanwijzingen:
Als u schuimende of opzwellende gerechten
(bijv. peulvruchten, vleesbouillon, graan)
gekookt hebt, dan moet u de pan niet volgens
methode 2 of 3 drukloos maken.
In de schil gekookte aardappelen barsten
als ze volgens methode 2 of 3 afkoelen.
Houd uw handen, hoofd en lichaam altijd uit
de buurt van de gevaarlijke zone, als u de
stoom snel laat ontsnappen m.b.v het schu-
ifje of onder stromend water. U kunt gewond
raken door de vrij komende stoom.
Methode 1
Pan van de warmtebron nemen. Na korte tijd
gaat de kookindicator omlaag (1). Als de indica-
tor helemaal in de dekselgreep verdwenen is (I),
schuift u het schuifje langzaam naar AUF/OPEN
(A). Hierbij ontsnapt de nog resterende stoom
onder de dekselgreep door. Als er geen stoom
meer ontsnapt, schud de pan dan even, zodat
eventuele luchtbellen in de pan zich kunnen
oplossen.
Methode 2
Bij gerechten met een korte kooktijd (bijv. gro-
ente) schuift u het schuifje (7) langzaam
en trapsgewijs naar AUF/OPEN (A), totdat er
stoom onder de dekselgreep ontsnapt.
Als u het schuifje helemaal naar AUF/OPEN
heeft geschoven, er geen stoom meer ontsnapt
en de kookindicator helemaal omlaag gedaald
is (I), de pan schudden en openen.
Methode 3
Als de ontsnappende stoom stoort, zet de pan
dan gewoon in de gootsteen en laat koud water
over het deksel lopen (L), totdat de kookindica-
tor (1) helemaal in de dekselgreep verdwenen
is (I). Pan even schudden en openen.
114
Attentie! Kook altijd met voldoende vloeistof
en let erop, dat de vloeistof van de gerechten
nooit volledig verdampt. Als u dit niet in acht
neemt kunnen de gerechten aanbranden en de
pan en de kunststof dekselgrepen beschadigd
worden.
4. Koken met de snelkookpan
4.1. Algemeen
In de snelkookpan worden de gerechten onder
druk gekookt, d.w.z. bij temperaturen boven
100 °C. Daardoor worden de kooktijden wel
70 % korter, een duidelijke besparing van ener-
gie dus. Doordat de gerechten kort met stoom
worden gekookt, blijven aroma, smaak en vita-
mines verregaand behouden.
4.2. Koken met inzetten
Afhankelijk van de grootte van de snelkookpan
kunt u met inzetten (12) en een driepoot (13)
koken.
De inzetten en de driepoot zijn als toebehoren
verkrijgbaar bij de vakhandelaar (zie »Toebe-
horen en reserveonderdelen« in de omslag).
4.3. Verhitten
De gesloten, gevulde snelkookpan op de
warmtebron plaatsen en de warmtebron op de
hoogste stand instellen. Via het kookmecha-
nisme (9), dat tegelijkertijd ook een veiligheids-
ventiel is, kan in de opwarmfase net zo lang
lucht ontwijken, totdat het ventiel hoorbaar
sluit en zich druk kan opbouwen.
De kookindicator (1) stijgt omhoog, de gele
drukring en de twee oranje kookringen worden
zichtbaar (J).
Verminder de energietoevoer op tijd en zodanig,
dat de in het recept aanbevolen oranje kookring
nog net zichtbaar blijft.
4.4. Kooktijden
De kooktijd begint pas, als de in het recept aan-
bevolen oranje kookring helemaal zichtbaar is.
Let erop dat de positie van de ring stabiel blijft.
Regel de warmtebron dienovereenkomstig.
Als de kookindicator (1) onder de gewenste
oranje kookring daalt, moet u de warmtebron
weer hoger zetten.
De kooktijd wordt daardoor iets langer.
Als de kookindicator (1) boven de tweede oranje
ring komt, ontstaat een te hoge stoomdruk,
die via het hoofdventiel (3) aan de dekselgreep
hoorbaar ontwijkt.
Verwijder de pan van de kookplaat, wacht totdat
de kookindicator tot de tweede oranje kookring
gedaald is en schakel de warmtebron omlaag.
De korte kooktijden in een snelkookpan zijn
mogelijk, omdat er door de stoomdruk hogere
temperaturen in de pan heersen:
Eerste ring, ca. 110 °C voor gevoelige
gerechten zoals vis of compote.
(45 kPa bedrijfsdruk, 130 kPa regeldruk)
Tweede ring, ca. 119 °C voor alle overige
gerechten.
(95 kPa bedrijfsdruk, 130 kPa regeldruk)
Energiebewuste personen schakelen de warm-
tebron al uit voordat de kooktijd verstreken is,
omdat de warmte in de pan voldoende is om het
kookproces te voltooien. De kooktijden kunnen
bij dezelfde gerechten verschillend zijn, omdat
levensmiddelen van hoeveelheid, vorm en hoe-
danigheid verschillen.
4.5. Snelkookpan openen
Neem de snelkookpan van de warmtebron,
wanneer de kooktijd verstreken is. Het deksel
mag altijd pas geopend en van de pan worden
genomen, als de pan drukloos is, d.w.z. de koo-
kindicator (1) moet volkomen in de greep verd-
wenen zijn (I).
117
DEGBESBGDKFIFRGRITNLNOPLPTRUSESKSICZTRHUHR
7.4. Uitpersen
In een snelkookpan kunt u kleine hoeveelheden
fruit tot sap verwerken.
1/4l water in de pan doen, de vruchten in de
geperforeerde inzet leggen, eventueel suiker
toevoegen en deze inzet vervolgens op een niet-
geperforeerde inzet plaatsen. Bij de 2de oranje
kookring koken. Afhankelijk van het soort fruit
ligt de kooktijd tussen 10 20 minuten.
De pan onder stromend water drukloos maken
(methode 3). De pan even schudden voordat
u hem opent.
7.5. Steriliseren
Babyflesjes, inmaakpotten enz. kunnen snel
gesteriliseerd worden.
De delen met de opening naar beneden in de ge-
perforeerde inzet plaatsen, 1/4l water toevoegen
en 20min bij de 2de oranje kookring steriliseren.
Langzaam laten afkoelen (methode1).
7.6. Koken met inzetten
Afhankelijk van de grootte van de snelkookpan
kunt u met inzetten en een driepoot koken.
De inzetten en de driepoot zijn als toebehoren
verkrijgbaar bij de vakhandelaar.
U kunt in een snelkookpan ook meerdere ge-
rechten tegelijk toebereiden. De afzonderlijke
gerechten worden door de inzetten van elkaar
gescheiden. Het gerecht met de langste kooktijd
wordt het eerst in de pan gedaan, zonder inzet.
Voorbeelden
Vlees (20 min) – op de bodem van de pan
Aardappelen (8 min) – geperforeerde inzet
Groente (8 min) – niet-geperforeerde inzet
Het vlees eerst 12 min. laten koken. Dan de
pan volgens de gebruiksaanwijzing openen.
De aardappelen in de geperforeerde inzet op de
driepoot plaatsen, de groente in de niet-geper-
foreerde inzet in de pan plaatsen, de pan sluiten
en alles nog eens 8 min koken.
Wanneer de kooktijden niet wezenlijk van elkaar
verschillen, kunnen alle inzetten tegelijkertijd in
de pan geplaatst worden.
Doordat de pan tussendoor geopend wordt, ont-
snapt er stoom; doe dus iets meer dan de nood-
zakelijke hoeveelheid vloeistof in de pan.
8. Garantieverklaring
Binnen de garantietermijn garanderen wij een
probleemloze werking van het product en alle
onderdelen. De garantieperiode betreft 3 jaar
en gaat in op de datum van de aankoop van
het product bij de WMF vakhandel, aangetoond
door een door de verkoper volledig ingevuld
garantiebewijs.
Als tijdens de garantieperiode een defect van
het product ontstaat, dan wordt dit gratis op-
gelost door het defecte onderdeel te vervangen
door een perfect functionerend onderdeel.
Defecte onderdelen kunnen uitsluitend worden
vervangen door de WMF vakhandel of door
de afdeling klantenservice van de WMF Group
GmbH in Geislingen. De aanspraak op garantie
heeft uitsluitend betrekking op deze aanspraak.
Verdere aanspraken op de garantie zijn uitgeslo-
ten.
Om aanspraak te kunnen maken op garantie
moet het garantiebewijs worden overlegd.
De koper dient het garantiebewijs gelijktijdig
met de WMF snelkookpan aan te bieden. De ga-
rantieaanspraak is alleen geldig als een volledig
ingevuld garantiebewijs overlegd kan worden.
Uiteraard worden uw wettelijk garantierechten
door deze garantieverklaring niet beperkt.
Gedurende de garantietermijn zijn de wettelijke
garantierechten op nalevering, prijsreductie,
annulering en schadevergoeding van toepassing,
conform de wetgeving.
Uitgesloten van de garantieverplichting zijn:
- Kooksignaal dichting
- Veiligheidsventiel
- Afdichtring
116
6. Verzorging van de snelkookpan
6.1. Reiniging
Reinig de snelkookpan na elk gebruik.
De dekselgreep uitklappen en aan beide zijden
onder stromend water afwassen (D)(N).
De dichtingsring (10) uit het deksel verwijderen
(O) en met de hand afwassen.
De pan, het deksel en de inzetten kunnen in de
vaatwasser gereinigd worden. Levensmiddel-
resten niet afkrabben, maar inweken.
Eventuele kalkaanslag met water en azijn
uitkoken.
De bodem van de pan ook regelmatig reinigen.
6.2. Opbergen
Plaats het deksel na de reiniging omgekeerd op
de pan. De afdichtring (10) na de reiniging apart
bewaren om deze te ontzien.
6.3. Onderhoud
De snelkookpan is een technisch gebruiksvoor-
werp en de afzonderlijke onderdelen kunnen aan
slijtage onderhevig zijn. Na een langer gebruik
moet u alle onderdelen daarom controleren aan
de hand van de »Lijst van reserveonderdelen«.
Bij duidelijke veranderingen moeten de betref-
fende onderdelen worden vervangen.
Gebruik uitsluitend de originele reserveonder-
delen van de fabrikant.
Aanwijzing: Als de dekselgreep (5) beschadigd
is, moet deze in de fabriek gerepareerd worden.
7. Veelzijdig gebruik
Het koken met een snelkookpan heeft niet
alleen voordelen voor traditionele toeberei-
dingswijzen.
7.1. Toebereiden van diepvriesartikelen
Diepvriesartikelen kunnen direct vanuit de
die-pvries in de pan worden gedaan. Het vlees
iets laten ontdooien om het aan te braden. Gro-
ente direct uit de verpakking in de inzet doen.
De opwarmtijden worden langer, de kooktijden
blijven hetzelfde.
7.2. Toebereiden van voedzame gerechten
Voor voedzame gerechten worden vaak
peulvruchten en graan gebruikt. Bij de toeberei-
ding in een snelkookpan hoeven de peulvruch-
ten en het graan niet absoluut meer ingeweekt
te worden. De kooktijden worden dan ca. de
helft van de tijd langer.
Doe de minimale hoeveelheid van 1/4l vloei-
stof in de pan en bovendien op 1 deel graan/
peulvruchten nog minstens 2 delen extra vlo-
eistof. De resterende warmte van de kookplaat
kan voor het nazwellen worden benut. Let erop
dat bij schuimende of opzwellende gerechten
(graan, peulvruchten) de pan maar voor de helft
gevuld mag worden.
7.3. Inmaken
Inmaakpotten met 1 l inhoud worden in een
6,5l en een 8,5l snelkookpan ingemaakt,
kleinere potten in een 4,5l snelkookpan.
De levensmiddelen voorbereiden zoals u
gewend bent. 1/4l water in de snelkookpan
doen. Inmaakpotten in de geperforeerde inzet
zetten.
Groente/vlees bij de tweede oranje
kookring ca. 20 min koken
Vruchten met steen bij de eerste oranje
kookring ca. 5 min koken
Vruchten met pitten bij de eerste oranje
kookring ca. 10 min koken
Laat de pan langzaam afstomen (methode 1) –
dus niet m.b.v. het schuifje of onder stromend
water drukloos maken, omdat anders het sap
uit de potten wordt geperst.
119
DEGBESBGDKFIFRGRITNLNOPLPTRUSESKSICZTRHUHR
Oorzaak
Diameter van de kookplaat is niet geschikt.
Energiestand ongeschikt.
Het deksel ligt niet goed op de pan.
De kogel in het veiligheidsventiel/
kookmechanisme (9) zit niet goed.
Te weinig vloeistof (min.1/4 l).
De dichtingsring (10) en/of de pannenrand
zijn niet schoon.
Het schuifje (7) staat niet op ZU/LOCKED.
De dichtingsring (10) is beschadigd of hard
(door slijtage).
De kogel zit niet goed in het ventiel.
De kogel is naar de bovenste kamer gedrukt.
Bij storingen altijd de snelkookpan van
de kookplaat verwijderen.
De pan nooit met geweld openen.
Verhelpen
Een kookplaat kiezen die bij de diameter van
de pan past.
Op de hoogste energiestand zetten.
De pan volkomen drukloos maken, openen.
De dichtingsring (10) op correcte zit
controleren en de pan opnieuw sluiten.
De pan volkomen drukloos maken, openen, de
greep verwijderen, het veiligheidsventiel (9)
controleren, de zit van de metalen kogel in het
deksel controleren (F)(G).
De pan volkomen drukloos maken, deksel
openen. De vloeistof bijvullen en de pan
opnieuw sluiten.
De pan volkomen drukloos maken, deksel
openen. De dichtingsring (10) en de
pannenrand reinigen en de pan opnieuw
sluiten.
Het schuifje (7) op ZU/LOCKED zetten.
De dichtingsring (10) door een originele WMF
dichtingsring vervangen.
De pan volkomen drukloos maken, deksel
openen en de greep verwijderen. De kogel
naar de onderste kamer drukken (F).
Het hoofdventiel (3) op beweeglijkheid
controleren (G) en de pan opnieuw sluiten.
118
Deze onderdelen zijn onderhevig aan natuurlijke
slijtage. 10 jaar leveringsgarantie op de onder-
delen.
9. Uitsluiting van aansprakelijkheid
Wij stellen ons niet aansprakelijk voor schade
die is ontstaan om de volgende redenen:
– Ongepast of ondeskundig gebruik
– Foutieve of nalatige behandeling
– Ondeskundig uitgevoerde reparaties
De inbouw van reserveonderdelen die niet
overeenkomen met de originele uitvoering
Chemische of fysische invloeden op de
oppervlakken van de pan
Het niet inachtnemen van deze
gebruiksaanwijzing
Naam en adres van de garantieverlener
WMF Group GmbH
Eberhardstraße 35
73312 Geislingen/Steige
Germany
wmf.com
Een aanspraak op garantie kunt u ofwel direct
bij de garantieverlener of bij een geautoriseerde
WMF vakhandelaar doen gelden.
10. Verhelpen van storingen
Storingen aan de snelkookpan
Te lange opwarmtijd of de kookindicator
(1) stijgt niet omhoog.
Aan het deksel ontsnapt stoom.
Uit het veiligheidsventiel/kookmechanisme
(9) ontsnapt voortdurend stoom (geldt niet
voor de opwarmfase).
121
DEGBESBGDKFIFRGRITNLNOPLPTRUSESKSICZTRHUHR
Soepen
Bij de 2de ring koken en
erop letten dat de pan met
min. 1/4 liter tot max. de
helft gevuld is. Er is geen
speciale inzet noodzakelijk.
Groenten
Bij de 1ste ring koken en
erop letten dat er minstens
1/4 liter vloeistof in de
pan is. Bij zuurkool en rode
bieten is geen inzet nood-
zakelijk. Bij alle andere ge-
rechten is de geper fore er de
inzet noodzakelijk. Vanaf
de bonen wordt de tempera-
tuur van de kooktijd hoger
(2de ring).
Peulvruchten
Graan
Bij de 2de ring koken en
erop letten dat de pan met
min. 1/4 liter tot max. de
helft gevuld is. Op 1 deel
graan komen 2 delen water.
Niet ingeweekt graan moet
20 30 min. langer koken.
Paprijst bij de 1ste ring
koken.
Fruit
Bij de 1ste ring koken en
erop letten dat de pan
minstens 1/4 liter vloeistof
bevat.
Tips en trucjes
voor het koken
Minuten
Erwten-, linzensoep 12 – 15 Ingeweekte peulvruchten
Vleesbouillon 25 – 3 Geldt voor alle vleessoorten0
Groentesoep 5 – 8
Goulashsoep 10 – 15
Kippensoep 20 – 25 Kooktijd afhankelijk van de grootte
Ossestaartsoep 35
Aardappelsoep 5 – 6
Aubergines,komkommers, Groenten die met stoom gekookt wor
tomaten 2-3 den, hebben meer aroma en vitamines
Bloemkool, paprika, prei 3 – 5
Erwten, selderij, koolrabi 4 – 6
Venkel, wortelen, savooiekool 5 – 8
Bonen, groene kool, rode kool 7 – 10
Zuurkool 10 – 15
Rode bieten 15 – 25
Aardappelen 6 – 8 In de schil gekookte aardappelen
Aardappelen met schil 6 – 10 barsten als ze te snel afkoelen.
Erwten, bonen, linzen 10 – 15 Dikke bonen 10 min. langer koken
Boekweit, gierst 7 – 10 Kooktijd voor ingeweekt graan
Maïs, rijst, gort 6 – 15 Kooktijd voor ingeweekt graan
Paprijst 20 – 25 Bij de 1ste ring
Langkorrelrijst 6 -8
Zilvervliesrijst 12 – 15
Tarwe, rogge 10 – 15 Kooktijd voor ingeweekt graan
Kersen, pruimen 2 – 5 Geperforeerde inzet wordt aanbevolen
Appels, peren 2 – 5 Geperforeerde inzet wordt aanbevolen
Kooktijd begint, zodra de voorgeschreven ring aan de kookindicator te zien is
De aangegeven waarden zijn richtwaarden
Liever kortere kooktijden kiezen, u kunt altijd nog nakoken
Bij de aangegeven kooktijden voor de groenten, blijven de gerechten knapperig
De kooktemperatuur bedraagt bij de 1s te ring 110 °C en bij de 2de ring 119 °C
Recepten vindt u op www.wmf.com
120
11. Kooktijden tabel
Varkensvlees
en kalfsvlees
Bij de 2de ring koken en
erop letten dat de pan
minstens 1/4 liter vloeistof
bevat.
Bij geen enkel gerecht is een
speciale inzet noodzakelijk.
Rundvlees
Bij de 2de ring koken en
erop letten dat de pan
minstens 1/4 liter vloeistof
bevat.
Bij rundertong is een geper-
foreerde inzet noodzakelijk.
Kippenvlees
Bij de 2de ring koken en
erop letten dat de pan
minstens 1/4 liter vloeis tof
bevat. Bij een soepkip is
een geper foreerde inzet
nood zakelijk.
Wild
Bij de 2de ring koken en
erop letten dat de pan
minstens 1/4 liter vloeistof
bevat.
Er is geen speciale inzet no-
odzakelijk.
Lamsvlees
Bij de 2de ring koken en erop
letten dat er minstens 1/4
liter vloeistof in de pan is.
Vis
Bij de 1ste ring koken en
erop letten dat de pan
minstens 1/4 liter vloeis tof
bevat.
Bij ragout en goulash is
geen inzet noodzakelijk,
anders de niet geper foreerde
inzet gebruiken.
Minuten
Varkensvlees in reepjes 5 – 7
Varkensgoulash 10 – 15
Varkensgebraad 20 – 25 Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm
Kalfsvlees in reepjes 5 – 7
Kalfsgoulash 10 – 15
Kalfsschenkel 25 – 30
Kalfstong 15 – 20 Met water bedekken
Kalfsgebraad 20 – 25 Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm
Gebraden gehakt 10 – 15
Zuurvlees 30 – 35
Rundertong 45 – 60
Rundsvlees in reepjes 6 – 8
Goulash 15 – 20
Roulade 15 – 20
Rundsgebraad 35 – 45 Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm
Soepkip 20 – 25 Max. 1/2 vulhoeveelheid
Kipstukken 6 – 8
Kalkoenbout 25 – 30 Afhankelijk van de dikte van de bouten
Kalkoenragout 6 – 10 Identiek voor kalkoense haan en hen
Kalkoenschnitzels 2 – 3
Haas 15 – 20
Hazenrug 10 – 12
Hert 25 – 30
Hertengoulash 15 – 20
Lamsragout 20 – 25 Schapenvlees heeft langere kooktijden
Lamsgebraad 25 – 30 Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm
Visfilet 2-3 In eigen vocht gestoomd
Hele vissen 3-4 In eigen vocht gestoomd
Ragout of goulash 3-4

Document transcriptie

11. Kooktijden tabel Toebehoren en reserveonderdelen zie omslag 6. Gebruik de snelkookpan uitsluitend voor de doeleinden waarvoor hij bedoeld is. 7. Deze pan kookt met behulp van druk. Ondeskundig gebruik kan verbrandingen veroorzaken. Let er vooral op dat de pan goed gesloten is, alvorens hem te verwarmen. ­Informatie hierover vindt u in de gebruiksaanwijzing. 8. Open de snelkookpan nooit met geweld. Voordat u de snelkookpan opent, moet u controleren of de binnendruk volledig afgebouwd is: dat is het geval als de kookindicator volledig in de greep verzonken is. Let op; u mag de kookindicator niet aanraken. 9. Verhit  de snelkookpan nooit, zonder er van tevoren water in te doen; als u dit toch zou 111 NL IT GR FR FI DK BG ES GB DE 10. Verhelpen van storingen 5. Ga heel voorzichtig met de snelkookpan om als deze onder druk staat. Raak geen hete ­oppervlakken aan. Maak gebruik van de dekselgrepen en de knoppen. Gebruik zonodig ovenwanten of pannenlappen. NO 9. Uitsluiting van aansprakelijkheid PL 8. Garantieverklaring PT 7. Veelzijdig gebruik 4. Gebruik de snelkookpan nooit in de oven. Grepen, ventielen en veiligheidsinrichtingen worden door hoge temperaturen beschadigd. De snelkookpan mag uitsluitend voor het bestemde doel worden ingezet; het koken van voedingsmiddelen. RU 6. Verzorging van de snelkookpan Reiniging, opbergen, onderhoud 3. Houd kinderen uit de buurt van de snelkookpan als deze in gebruik is. SE 5. Vier methoden om druk af te bouwen SK 4. Koken met een snelkookpan SI 3. Aanwijzingen voor het gebruik 2. Geef de snelkookpan nooit aan iemand, die zich niet van tevoren met deze gebruiksaanwijzing vertrouwd heeft gemaakt. CZ 2. Gebruik van de snelkookpan TR 1. Veiligheidsinstructies 1. Lees de gebruiksaanwijzing en alle aanwijzingen a.u.b. volledig door, voordat u de WMF snelkookpan gaat gebruiken. Ondeskundig gebruik kan schade veroorzaken. HU Inhoud 1. Veiligheidsinstructies HR Gebruiksaanwijzing NL Bewaar deze gebruiksaanwijzing a.u.b. ­zorgvuldig. 15. Houd uw handen, hoofd en lichaam altijd uit de buurt van de gevaarlijke zone, als 112 De greep in het deksel inhangen en het oranje schuifje (4) over de dekselrand heen hoorbaar laten vastklikken (E). De dichtingsring (10) zodanig in de dekselrand leggen, dat hij onder de naar binnen gebogen rand van het deksel ligt (G). Het deksel op de pan plaatsen (zie de markeringen op het deksel en op de greep) en de dekselgreep naar links tot aan de aanslag draaien (B). Het schuifje (7) exact naar de positie ZU/LOCKED schuiven. De pan mag niet op onjuiste manier worden gemonteerd. Het monteren mag uitsluitend op de beoogde manier worden gerealiseerd. Voor de productie van stoom is minstens 1/4 l vloeistof noodzakelijk, onafhankelijk van het feit, of u mét of zonder inzetten (12) kookt. De snelkookpan mag maximaal voor 2/3 gevuld worden, om de functie niet nadelig te beïnvloeden (M). Bij schuimende en sterk opzwellende gerechten (bijv. vleesbouillon, peulvruchten, ingewanden, compote) mag de pan maar tot de helft gevuld worden. Voor verdere aanwijzingen zie hoofdstuk »Toebereiden van voedzame gerechten«. Als u uw levensmiddelen voor het koken wilt aanbraden (bijv. uien, vleesstukken e.d.), kunt u de WMF snelkookpan ook als een gewone pan gebruiken. Om deze levensmiddelen gaar te koken, moet u, voordat u het deksel op de snelkookpan doet, het aangebraden vlees los maken en de noodzakelijke hoeveelheid vloeistof (minstens 1/4 l) toevoegen. 113 ES BG DK FI FR GR PL NO NL IT 3.2. Hoeveelheid vloeistof PT De greep in het deksel inhangen (E). Het deksel op de pan plaatsen en sluiten (B). RU 2.3. Snelkookpan sluiten Neem a.u.b. in acht: de afdichting van de kookindicator niet doordrukken, omdat de restdrukbeveiliging beschadigd zou kunnen worden en de functie van uw snelkookpan dan niet meer gegarandeerd is (P). SE 21. G  ebruik de snelkookpan niet als delen daarvan beschadigd of vervormd zijn, of als de functie daarvan niet overeenkomt met de beschrijving in de bedieningshandleiding. Neem in dat geval contact op met het meest dichtstbijzijnde WMF vakhandel of met de afdeling klantenservice van de WMF Group GmbH. Voordat u de snelkookpan voor de eerste keer gebruikt, moet u de stickers verwijderen en alle delen van de pan afwassen (zie hoofdstuk »Reiniging«). Het deksel omdraaien en de greep (5) van het deksel verwijderen. Hiervoor moet u het oranje schuifje (4) aan de onderkant van de dekselgreep (5) in de pijlrichting naar het uiteinde van de greep schuiven (C), dekselgreep uitklappen en los halen (D). De dichtingsring (10) uit het deksel verwijderen (O). GB DE 14. Schud de snelkookpan altijd eventjes voordat u hem opent, zodat geen eventuele luchtbellen in de pan kunnen opspatten, waardoor u zich zou kunnen verbranden. Dit is vooral belangrijk als u de stoom snel laat ontsnappen of onder stromend water. 20. G  ebruik uitsluitend originele WMF reserveonderdelen. Gebruik vooral uitsluitend pannen en deksels van hetzelfde model. 2.2. Snelkookpan reinigen Ga na of de dichtingsring (10) en de dekselrand schoon zijn. Controleer of de kogel zichtbaar op de dekselonderkant in het veiligheidsventiel (9) zit (G). Als de kogel zich in de bovenste kamer van het veiligheidsventiel / kookmechanisme (9) bevindt, verwijder dan de greep (5) en duw de kogel met uw vinger naar de onderste kamer (F). Verwijder de greep en test het hoofdventiel (3) op beweeglijkheid door er met uw vinger op te drukken (H). Controleer de afdichting van de kookindicator (2) op correcte zit en beschadiging. SK 13. Als u vlees met vel (bijv. ossentong) hebt ­gekookt, dat door de invloed van druk kan opzwellen, moet u het vlees niet opensteken zolang het vel gezwollen is; u zou zich kunnen verbranden. 19. V  ervang de slijtagedelen (zie garantieverklaring) regelmatig. Onderdelen die zichtbare kleurverschillen, scheuren of andere beschadigingen vertonen of niet correct zitten, moeten door originele WMF reserveonderdelen vervangen worden. Het schuifje (7) aan beide zijden naar het uiteinde van de handgreep schuiven. De markeringen op het schuifje (7) moeten op AUF/OPEN staan (A). De dekselgreep (5) naar rechts draaien, totdat de markeringen op het deksel en op de pangreep (6) tegenover elkaar staan (B). Deksel verwijderen. SI 12. Maak uitsluitend gebruik van de warmtebronnen die in de gebruiksaanwijzing ­genoemd zijn. 18. Breng geen veranderingen aan de veiligheidsinrichtingen aan, met uitzondering van de onderhoudswerkzaamheden die in de gebruiksaanwijzing genoemd worden. 2.1. Snelkookpan openen 3.1. Controle van de veiligheidsinrichtingen vóór elk gebruik CZ 11. Laat de snelkookpan nooit zonder toezicht achter. Reguleer de warmtebron zodanig dat de kookindicator niet hoger komt dan de ­betreffende oranje kookring. Als de warmtebron niet omlaag geschakeld wordt, ontsnapt stoom via het ventiel. De kooktijden veranderen en het verlies aan vloeistof kan tot functiestoringen leiden. 17. G  ebruik de snelkookpan niet om voedingsmiddelen onder druk met olie te frituren. Het onjuiste gebruik van de snelkookpan kan tot verwondingen leiden. Voor de eerste ingebruikneming 3. Aanwijzingen voor het gebruik TR 10. Vul de snelkookpan nooit voor meer dan 2/3 van zijn mogelijke inhoud. Als u levensmiddelen kookt, die tijdens het koken opzwellen, zoals bijv. rijst of droge groente, vul de ­snelkookpan dan maximaal voor de helft en houd u hierbij aan de extra aanwijzingen die de fabrikant van uw snelkookpan eventueel hiervoor heeft gegeven. 16. C  ontroleer de functie van de veiligheidsinrichtingen, ventielen en dichtingen voordat u de snelkookpan gebruikt. Alleen op deze manier kunnen wij een veilige werking garanderen. Informatie hierover vindt u in de gebruiksaanwijzing. 2. Gebruik van de snelkookpan HU Belangrijke aanwijzing: Let er ook op, dat de vloeistof niet helemaal verdampt. De gerechten kunnen aanbranden, de snelkookpan kan beschadigd raken door smeltende kunststof delen of de kookplaat kan beschadigd raken doordat het aluminium van de panbodem smelt. Als dit het geval zou zijn, schakel de warmtebron dan uit en beweeg de pan niet, totdat hij volledig ­afgekoeld is. u de stoom snel laat ontsnappen of onder stromend water. U kunt gewond raken door de vrij komende stoom. HR doen, zou dit de pan ernstig beschadigen. Minimum: 1/4 l water. 4.4. Kooktijden 4.5. Snelkookpan openen Neem de snelkookpan van de warmtebron, wanneer de kooktijd verstreken is. Het deksel mag altijd pas geopend en van de pan worden genomen, als de pan drukloos is, d.w.z. de kookindicator (1) moet volkomen in de greep verdwenen zijn (I). 114 GR FR FI DK BG ES GB DE De gesloten, gevulde snelkookpan op de warmtebron plaatsen en de warmtebron op de hoogste stand instellen. Via het kookmechanisme (9), dat tegelijkertijd ook een veiligheidsventiel is, kan in de opwarmfase net zo lang lucht ontwijken, totdat het ventiel hoorbaar sluit en zich druk kan opbouwen. De kookindicator (1) stijgt omhoog, de gele drukring en de twee oranje kookringen worden zichtbaar (J). Verminder de energietoevoer op tijd en zodanig, dat de in het recept aanbevolen oranje kookring nog net zichtbaar blijft. NO PL PT Pan van de warmtebron nemen. Na korte tijd gaat de kookindicator omlaag (1). Als de indicator helemaal in de dekselgreep verdwenen is (I), schuift u het schuifje langzaam naar AUF/OPEN (A). Hierbij ontsnapt de nog resterende stoom onder de dekselgreep door. Als er geen stoom meer ontsnapt, schud de pan dan even, zodat eventuele luchtbellen in de pan zich kunnen oplossen. NL IT Methode 1 Bij gerechten met een korte kooktijd (bijv. groente) schuift u het schuifje (7) langzaam en trapsgewijs naar AUF/OPEN (A), totdat er stoom onder de dekselgreep ontsnapt. Als u het schuifje helemaal naar AUF/OPEN heeft geschoven, er geen stoom meer ontsnapt en de kookindicator helemaal omlaag gedaald is (I), de pan schudden en openen. Methode 3 Als de ontsnappende stoom stoort, zet de pan dan gewoon in de gootsteen en laat koud water over het deksel lopen (L), totdat de kookindicator (1) helemaal in de dekselgreep verdwenen is (I). Pan even schudden en openen. 115 RU Methode 2 SE 4.3. Verhitten Energiebewuste personen schakelen de warmtebron al uit voordat de kooktijd verstreken is, omdat de warmte in de pan voldoende is om het kookproces te voltooien. De kooktijden kunnen bij dezelfde gerechten verschillend zijn, omdat levensmiddelen van hoeveelheid, vorm en hoedanigheid verschillen. De TransTherm®-universele bodem (11) is geschikt voor alle soorten fornuizen, ook voor inductiefornuizen. Bij inductiefornuizen kan bij hoge kookstanden een zoemend geluid optreden. Dit geluid heeft een technische oorzaak en is geen teken dat uw fornuis of snelkookpan defect is. De grootte van de pan en van de kookplaat moeten overeenkomen, omdat vooral bij een kleine diameter de mogelijkheid bestaat dat de kookplaat (het magneetveld) niet op de bodem van de pan reageert. SK Afhankelijk van de grootte van de snelkookpan kunt u met inzetten (12) en een driepoot (13) koken. De inzetten en de driepoot zijn als toebehoren verkrijgbaar bij de vakhandelaar (zie »Toebehoren en reserveonderdelen« in de omslag). Tweede ring, ca. 119 °C voor alle overige gerechten. (95 kPa bedrijfsdruk, 130 kPa regeldruk) 4.6. Aanwijzing voor inductiefornuizen Houd uw handen, hoofd en lichaam altijd uit de buurt van de gevaarlijke zone, als u de stoom snel laat ontsnappen m.b.v het schuifje of onder stromend water. U kunt gewond raken door de vrij komende stoom. SI 4.2. Koken met inzetten Eerste ring, ca. 110 °C voor gevoelige gerechten zoals vis of compote. (45 kPa bedrijfsdruk, 130 kPa regeldruk) Belangrijke aanwijzingen: Als u schuimende of opzwellende gerechten (bijv. peulvruchten, vleesbouillon, graan) gekookt hebt, dan moet u de pan niet volgens methode 2 of 3 drukloos maken. In de schil gekookte aardappelen barsten als ze volgens methode 2 of 3 afkoelen. CZ In de snelkookpan worden de gerechten onder druk gekookt, d.w.z. bij temperaturen boven 100 °C. Daardoor worden de kooktijden wel 70 % korter, een duidelijke besparing van energie dus. Doordat de gerechten kort met stoom worden gekookt, blijven aroma, smaak en vitamines verregaand behouden. 5. Drie methoden om druk af te bouwen TR 4.1. Algemeen De beveiliging tegen de resterende druk zorgt ervoor dat de pan zich alleen laat openen, als de druk helemaal afgebouwd is d.w.z. dat ook de gele drukring niet meer zichtbaar mag zijn. Als de gele ring zichtbaar blijft (K), is de restdrukbeveiliging geactiveerd. Om deze te deactiveren, moet u het schuifje (7) even naar de positie ZU/LOCKED schuiven. Als er geen stoom meer ontsnapt, schud de pan dan even. Daardoor komen eventuele stoombellen uit de gerechten vrij, die zich vooral bij vloeibare en brijachtige gerechten vormen en uit de pan kunnen springen, als u het deksel verwijdert. Draai nu de dekselgreep naar rechts, zoals beschreven, en open de pan. HU 4. Koken met de snelkookpan De kooktijd begint pas, als de in het recept aanbevolen oranje kookring helemaal zichtbaar is. Let erop dat de positie van de ring stabiel blijft. Regel de warmtebron dienovereenkomstig. Als de kookindicator (1) onder de gewenste oranje kookring daalt, moet u de warmtebron weer hoger zetten. De kooktijd wordt daardoor iets langer. Als de kookindicator (1) boven de tweede oranje ring komt, ontstaat een te hoge stoomdruk, die via het hoofdventiel (3) aan de dekselgreep hoorbaar ontwijkt. Verwijder de pan van de kookplaat, wacht totdat de kookindicator tot de tweede oranje kookring gedaald is en schakel de warmtebron omlaag. De korte kooktijden in een snelkookpan zijn mogelijk, omdat er door de stoomdruk hogere temperaturen in de pan heersen: HR Attentie! Kook altijd met voldoende vloeistof en let erop, dat de vloeistof van de gerechten nooit volledig verdampt. Als u dit niet in acht neemt kunnen de gerechten aanbranden en de pan en de kunststof dekselgrepen beschadigd worden. 7. Veelzijdig gebruik Het koken met een snelkookpan heeft niet ­alleen voordelen voor traditionele toebereidingswijzen. Laat de pan langzaam afstomen (methode 1) – dus niet m.b.v. het schuifje of onder stromend water drukloos maken, omdat anders het sap uit de potten wordt geperst. 116 Voorbeelden Vlees (20 min) – op de bodem van de pan Aardappelen (8 min) – geperforeerde inzet Groente (8 min) – niet-geperforeerde inzet Het vlees eerst 12 min. laten koken. Dan de pan volgens de gebruiksaanwijzing openen. De aardappelen in de geperforeerde inzet op de driepoot plaatsen, de groente in de niet-geperforeerde inzet in de pan plaatsen, de pan sluiten en alles nog eens 8 min koken. Om aanspraak te kunnen maken op garantie moet het garantiebewijs worden overlegd. De koper dient het garantiebewijs gelijktijdig met de WMF snelkookpan aan te bieden. De garantieaanspraak is alleen geldig als een volledig ingevuld garantiebewijs overlegd kan worden. Uiteraard worden uw wettelijk garantierechten door deze garantieverklaring niet beperkt. Gedurende de garantietermijn zijn de wettelijke garantierechten op nalevering, prijsreductie, annulering en schadevergoeding van toepassing, conform de wetgeving. NO NL IT GR FR FI DK BG ES GB DE Groente/vlees bij de tweede oranje kookring ca. 20 min koken Vruchten met steen bij de eerste oranje ­kookring ca. 5 min koken Vruchten met pitten bij de eerste oranje ­kookring ca. 10 min koken Afhankelijk van de grootte van de snelkookpan kunt u met inzetten en een driepoot koken. De inzetten en de driepoot zijn als toebehoren verkrijgbaar bij de vakhandelaar. U kunt in een snelkookpan ook meerdere gerechten tegelijk toebereiden. De afzonderlijke gerechten worden door de inzetten van elkaar gescheiden. Het gerecht met de langste kooktijd wordt het eerst in de pan gedaan, zonder inzet. PL Aanwijzing: Als de dekselgreep (5) beschadigd is, moet deze in de fabriek gerepareerd worden. Inmaakpotten met 1 l inhoud worden in een 6,5 l en een 8,5 l snelkookpan ingemaakt, ­kleinere potten in een 4,5 l snelkookpan. De levensmiddelen voorbereiden zoals u gewend bent. 1/4 l water in de snelkookpan doen. Inmaakpotten in de geperforeerde inzet zetten. 7.6. Koken met inzetten Als tijdens de garantieperiode een defect van het product ontstaat, dan wordt dit gratis opgelost door het defecte onderdeel te vervangen door een perfect functionerend onderdeel. Defecte onderdelen kunnen uitsluitend worden vervangen door de WMF vakhandel of door de afdeling klantenservice van de WMF Group GmbH in Geislingen. De aanspraak op garantie heeft uitsluitend betrekking op deze aanspraak. Verdere aanspraken op de garantie zijn uitgesloten. PT 7.3. Inmaken Babyflesjes, inmaakpotten enz. kunnen snel gesteriliseerd worden. De delen met de opening naar beneden in de geperforeerde inzet plaatsen, 1/4 l water toevoegen en 20 min bij de 2de oranje kookring steriliseren. Langzaam laten afkoelen (methode 1). RU De snelkookpan is een technisch gebruiksvoorwerp en de afzonderlijke onderdelen kunnen aan slijtage onderhevig zijn. Na een langer gebruik moet u alle onderdelen daarom controleren aan de hand van de »Lijst van reserveonderdelen«. Bij duidelijke veranderingen moeten de betreffende onderdelen worden vervangen. Gebruik uitsluitend de originele reserveonderdelen van de fabrikant. 7.5. Steriliseren Binnen de garantietermijn garanderen wij een probleemloze werking van het product en alle onderdelen. De garantieperiode betreft 3 jaar en gaat in op de datum van de aankoop van het product bij de WMF vakhandel, aangetoond door een door de verkoper volledig ingevuld garantiebewijs. SE Voor voedzame gerechten worden vaak peulvruchten en graan gebruikt. Bij de toebereiding in een snelkookpan hoeven de peulvruchten en het graan niet absoluut meer ingeweekt te worden. De kooktijden worden dan ca. de helft van de tijd langer. Doe de minimale hoeveelheid van 1/4 l vloeistof in de pan en bovendien op 1 deel graan/ peulvruchten nog minstens 2 delen extra vloeistof. De resterende warmte van de kookplaat kan voor het nazwellen worden benut. Let erop dat bij schuimende of opzwellende gerechten (graan, peulvruchten) de pan maar voor de helft gevuld mag worden. 8. Garantieverklaring SK 6.3. Onderhoud 7.2. Toebereiden van voedzame gerechten SI Plaats het deksel na de reiniging omgekeerd op de pan. De afdichtring (10) na de reiniging apart bewaren om deze te ontzien. In een snelkookpan kunt u kleine hoeveelheden fruit tot sap verwerken. 1/4 l water in de pan doen, de vruchten in de geperforeerde inzet leggen, eventueel suiker toevoegen en deze inzet vervolgens op een nietgeperforeerde inzet plaatsen. Bij de 2de oranje kookring koken. Afhankelijk van het soort fruit ligt de kooktijd tussen 10 – 20 minuten. De pan onder stromend water drukloos maken (methode 3). De pan even schudden voordat u hem opent. CZ 6.2. Opbergen Diepvriesartikelen kunnen direct vanuit de die-pvries in de pan worden gedaan. Het vlees iets laten ontdooien om het aan te braden. Groente direct uit de verpakking in de inzet doen. De opwarmtijden worden langer, de kooktijden blijven hetzelfde. Wanneer de kooktijden niet wezenlijk van elkaar verschillen, kunnen alle inzetten tegelijkertijd in de pan geplaatst worden. Doordat de pan tussendoor geopend wordt, ontsnapt er stoom; doe dus iets meer dan de noodzakelijke hoeveelheid vloeistof in de pan. Uitgesloten van de garantieverplichting zijn: TR Reinig de snelkookpan na elk gebruik. De dekselgreep uitklappen en aan beide zijden onder stromend water afwassen (D)(N). De dichtingsring (10) uit het deksel verwijderen (O) en met de hand afwassen. De pan, het deksel en de inzetten kunnen in de vaatwasser gereinigd worden. Levensmiddelresten niet afkrabben, maar inweken. Eventuele kalkaanslag met water en azijn uitkoken. De bodem van de pan ook regelmatig reinigen. 7.4. Uitpersen - Kooksignaal dichting - Veiligheidsventiel - Afdichtring 117 HU 6.1. Reiniging 7.1. Toebereiden van diepvriesartikelen HR 6. Verzorging van de snelkookpan DE GB Bij storingen altijd de snelkookpan van de kookplaat verwijderen. De pan nooit met geweld openen. 10. Verhelpen van storingen ES Deze onderdelen zijn onderhevig aan natuurlijke slijtage. 10 jaar leveringsgarantie op de onderdelen. Oorzaak Verhelpen Te lange opwarmtijd of de kookindicator (1) stijgt niet omhoog. Diameter van de kookplaat is niet geschikt. Een kookplaat kiezen die bij de diameter van de pan past. Energiestand ongeschikt. Op de hoogste energiestand zetten. Het deksel ligt niet goed op de pan. De pan volkomen drukloos maken, openen. De dichtingsring (10) op correcte zit controleren en de pan opnieuw sluiten. De kogel in het veiligheidsventiel/ kookmechanisme (9) zit niet goed. De pan volkomen drukloos maken, openen, de greep verwijderen, het veiligheidsventiel (9) controleren, de zit van de metalen kogel in het deksel controleren (F)(G). Te weinig vloeistof (min.1/4 l). De pan volkomen drukloos maken, deksel openen. De vloeistof bijvullen en de pan opnieuw sluiten. De dichtingsring (10) en/of de pannenrand zijn niet schoon. De pan volkomen drukloos maken, deksel openen. De dichtingsring (10) en de pannenrand reinigen en de pan opnieuw sluiten. Het schuifje (7) staat niet op ZU/LOCKED. Het schuifje (7) op ZU/LOCKED zetten. De dichtingsring (10) is beschadigd of hard (door slijtage). De dichtingsring (10) door een originele WMF dichtingsring vervangen. De kogel zit niet goed in het ventiel. De kogel is naar de bovenste kamer gedrukt. De pan volkomen drukloos maken, deksel openen en de greep verwijderen. De kogel naar de onderste kamer drukken (F). Het hoofdventiel (3) op beweeglijkheid controleren (G) en de pan opnieuw sluiten. 9. Uitsluiting van aansprakelijkheid [email protected] wmf.com 118 119 GR IT PL PT CZ HR HU TR Uit het veiligheidsventiel/kookmechanisme (9) ontsnapt voortdurend stoom (geldt niet voor de opwarmfase). SI SK Een aanspraak op garantie kunt u ofwel direct bij de garantieverlener of bij een geautoriseerde WMF vakhandelaar doen gelden. RU Aan het deksel ontsnapt stoom. SE WMF Group GmbH Eberhardstraße 35 73312 Geislingen/Steige Germany NO Naam en adres van de garantieverlener NL – Ongepast of ondeskundig gebruik – Foutieve of nalatige behandeling – Ondeskundig uitgevoerde reparaties – De inbouw van reserveonderdelen die niet overeenkomen met de originele uitvoering – Chemische of fysische invloeden op de oppervlakken van de pan – Het niet inachtnemen van deze ­gebruiksaanwijzing FR FI Wij stellen ons niet aansprakelijk voor schade die is ontstaan om de volgende redenen: DK BG Storingen aan de snelkookpan DE Gebraden gehakt Zuurvlees Rundertong Rundsvlees in reepjes Goulash Roulade Rundsgebraad 10 – 15 30 – 35 45 – 60 6–8 15 – 20 15 – 20 35 – 45 Soepen Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm Bij de 2de ring koken en erop letten dat de pan met min. 1/4 liter tot max. de helft gevuld is. Er is geen speciale inzet noodzakelijk. Met water bedekken Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm 12 – 15 25 – 3 5–8 10 – 15 20 – 25 35 5–6 Erwten-, linzensoep Vleesbouillon Groentesoep Goulashsoep Kippensoep Ossestaartsoep Aardappelsoep GB Ingeweekte peulvruchten Geldt voor alle vleessoorten0 ES 5–7 10 – 15 20 – 25 5–7 10 – 15 25 – 30 15 – 20 20 – 25 Kooktijd afhankelijk van de grootte Bij de 2de ring koken en erop letten dat de pan met min. 1/4 liter tot max. de helft gevuld is. Op 1 deel graan komen 2 delen water. Niet ingeweekt graan moet 20 – 30 min. langer koken. Paprijst bij de 1ste ring koken. 15 – 20 10 – 12 25 – 30 15 – 20 Fruit Bij de 2de ring koken en erop letten dat er minstens 1/4 liter vloeistof in de pan is. Vis Bij de 1ste ring koken en erop letten dat de pan ­minstens 1/4 liter vloeis­tof bevat. Bij ragout en goulash is geen inzet noodzakelijk, ­anders de niet geper­foreerde inzet gebruiken. Lamsragout Lamsgebraad Visfilet Hele vissen Ragout of goulash 20 – 25 25 – 30 2-3 3-4 3-4 Schapenvlees heeft langere kooktijden Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm In eigen vocht gestoomd In eigen vocht gestoomd Tips en trucjes voor het koken GR IT NL NO Dikke bonen 10 min. langer koken Kooktijd voor ingeweekt graan Kooktijd voor ingeweekt graan Bij de 1ste ring Kooktijd voor ingeweekt graan 2–5 2–5 Kersen, pruimen Appels, peren Geperforeerde inzet wordt aanbevolen Geperforeerde inzet wordt aanbevolen Kooktijd begint, zodra de voorgeschreven ring aan de kookindicator te zien is De aangegeven waarden zijn richtwaarden Liever kortere kooktijden kiezen, u kunt altijd nog nakoken Bij de aangegeven kooktijden voor de groenten, blijven de gerechten knapperig De kooktemperatuur bedraagt bij de 1s t e ring 110 °C en bij de 2d e ring 119 °C HU Lamsvlees Bij de 1ste ring koken en erop letten dat de pan minstens 1/4 liter vloeistof bevat. 10 – 15 7 – 10 6 – 15 20 – 25 6 -8 12 – 15 10 – 15 Erwten, bonen, linzen Boekweit, gierst Maïs, rijst, gort Paprijst Langkorrelrijst Zilvervliesrijst Tarwe, rogge PL Peulvruchten Graan PT Afhankelijk van de dikte van de ­bouten Identiek voor kalkoense haan en hen RU Haas Hazenrug Hert Hertengoulash Max. 1/2 vulhoeveelheid SE Bij de 2de ring koken en erop letten dat de pan minstens 1/4 liter vloeistof bevat. Er is geen speciale inzet noodzakelijk. 20 – 25 6–8 25 – 30 6 – 10 2–3 In de schil gekookte aardappelen barsten als ze te snel afkoelen. SK Wild Soepkip Kipstukken Kalkoenbout Kalkoenragout Kalkoenschnitzels Groenten die met stoom gekookt wor den, hebben meer aroma en vitamines SI Bij de 2de ring koken en erop letten dat de pan ­minstens 1/4 liter vloeis­tof bevat. Bij een soepkip is een geper­foreerde inzet nood­zakelijk. Aubergines, komkommers, tomaten 2 - 3  Bloemkool, paprika, prei 3–5 Erwten, selderij, koolrabi 4–6 Venkel, wortelen, savooiekool 5–8 Bonen, groene kool, rode kool 7 – 10 Zuurkool 10 – 15 Rode bieten 15 – 25 Aardappelen 6–8 Aardappelen met schil 6 – 10 CZ Kippenvlees Kooktijd afhankelijk van grootte en vorm Bij de 1ste ring koken en erop letten dat er minstens 1/4 liter vloeistof in de pan is. Bij zuurkool en rode bieten is geen inzet nood­ zakelijk. Bij alle andere ge­ rechten is de geper­fore­er­de inzet noodzakelijk. Vanaf de bonen wordt de tempera­ tuur van de kooktijd hoger (2de ring). TR Bij de 2de ring koken en erop letten dat de pan ­minstens 1/4 liter vloeistof bevat. Bij rundertong is een geper­ foreerde inzet noodzakelijk. Groenten Recepten vindt u op www.wmf.com 120 121 HR Rundvlees FR FI Bij de 2de ring koken en erop letten dat de pan ­minstens 1/4 liter vloeistof bevat. Bij geen enkel gerecht is een speciale inzet noodzakelijk. Varkensvlees in reepjes Varkensgoulash Varkensgebraad Kalfsvlees in reepjes Kalfsgoulash Kalfsschenkel Kalfstong Kalfsgebraad Minuten BG Varkensvlees en kalfsvlees Minuten DK 11. Kooktijden tabel
/