Zanussi ZGG35214XA Handleiding

Type
Handleiding
GETTING
STARTED?
EASY.
User Manual
ZGG35214XA
NL Gebruiksaanwijzing 2
Kookplaat
FR Notice d'utilisation 17
Table de cuisson
DE Benutzerinformation 32
Kochfeld
NL FR DE
GA NAAR ONZE WEBSITE VOOR:
Advies over gebruik, brochures, het oplos-
sen van problemen, onderhouds- en repara-
tie-informatie:
www.zanussi.com/support
VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en
gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk
voor letsel of schade veroorzaakt door een verkeerde installatie of
verkeerd gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en
toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik.
VEILIGHEID VAN KINDEREN EN KWETSBARE
MENSEN
• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en
ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of
verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis,
indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen
over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
• Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
• Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op
passende wijze weg.
• Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als
het in werking is of afkoelt. Het apparaat is heet.
• Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te
worden geactiveerd.
• Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
• Kinderen van 3 jaar en jonger moeten tijdens de werking van dit
apparaat altijd uit te buurt worden gehouden.
ALGEMENE VEILIGHEID
• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke
onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient op te
passen dat u de verwarmingselementen niet aanraakt. Houd
2
kinderen jonger dan 8 jaar uit de buurt of onder permanent
toezicht.
• Bedien het apparaat niet met een externe timer of een apart
afstandbedieningssysteem.
• WAARSCHUWING: Zonder toezicht koken op een kookplaat
met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brandgevaar opleveren.
• Probeer brand NOOIT met water te blussen, maar schakel in
plaats daarvan het apparaat uit en bedek de vlam bijv. met een
deksel of blusdeken.
• LET OP: Er dient toezicht te worden gehouden op het
bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet onder
constant toezicht staan.
• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen
op de kookplaten.
• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels
mogen niet op de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze
heet kunnen worden.
• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken.
• Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant, een
erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze
vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen.
• Als het apparaat direct op de voeding wordt aangesloten, is er
een scheidingsschakelaar met een contactopening nodig op
alle polen. Complete afsluiting overeenkomstig de voorwaarden
gespecificeerd in de overspanningscategorie III moet worden
gegarandeerd. De aardekabel is hiervan uitgesloten.
• Let er bij het leiden van de stroomkabel op dat de kabel niet
direct in contact komt (bijvoorbeeld bij gebruik met
isolatiehoes) met onderdelen die temperaturen kunnen bereiken
van 50°C hoger dan kamertemperatuur.
• WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die
door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door
de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als
geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het
apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte
kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
3
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Dit apparaat is geschikt voor de volgende markten:
NL FR DE
INSTALLATIE
WAARSCHUWING! Alleen een
erkende installatietechnicus mag het
apparaat installeren.
• Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
• Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
• Volg de installatie-instructies op die zijn
meegeleverd met het apparaat.
• Houd de minimumafstand naar andere
apparaten en units in acht.
• Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat,
want het is zwaar. Gebruik altijd
veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
• Dicht de oppervlakken af met kit om te
voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
• Bescherm de bodem van het apparaat tegen
stoom en vocht.
• Installeer het apparaat niet naast een deur of
onder een raam. Dit voorkomt dat heet
kookgerei van het apparaat valt als de deur of
het raam wordt geopend.
• Als het apparaat geïnstalleerd is boven lades
zorg er dan voor dat de ruimte tussen de
onderkant van het apparaat en de bovenste lade
voldoende is voor luchtcirculatie.
• De onderkant van het apparaat kan heet
worden. Wij raden aan om een onbrandbaar
scheidingspaneel te plaatsen onder het
apparaat om te voorkomen dat de onderkant kan
worden aangeraakt.
AANSLUITING AAN HET ELEKTRICITEITSNET
WAARSCHUWING! Gevaar voor
brand en elektrische schokken.
• Alle elektrische aansluitingen moeten door een
gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt.
• Dit apparaat moet worden aangesloten op een
geaard stopcontact.
• Verzeker u ervan dat de stekker uit het
stopcontact is getrokken, voordat u welke
werkzaamheden dan ook uitvoert.
• Controleer of de elektrische informatie op het
typeplaatje overeenkomt met de
stroomvoorziening. Zo niet, neem dan contact
op met een elektromonteur.
• Zorg ervoor dat het apparaat correct is
geïnstalleerd. Losse en onjuiste stroomkabels of
stekkers (indien van toepassing) kunnen ervoor
zorgen dat de contactklem te heet wordt.
• Gebruik de juiste stroomkabel.
• Voorkom dat de stroomkabels verstrikt raken.
• Zorg ervoor dat er een schokbescherming wordt
geïnstalleerd.
• Gebruik het klem om spanning op het snoer te
voorkomen.
• Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker
(indien van toepassing) het hete apparaat of
heet kookgerei niet aanraakt als u het apparaat
op de nabijgelegen contactdozen aansluit
• Gebruik geen meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
• Zorg dat u de hoofdstekker (indien van
toepassing) of kabel niet beschadigt. Neem
contact op met onze service-afdeling of een
elektromonteur om een beschadigde hoofdkabel
te vervangen.
• De schokbescherming van delen onder stroom
en geïsoleerde delen moet op zo'n manier
worden bevestigd dat het niet zonder
gereedschap kan worden verplaatst.
• Steek de stekker pas in het stopcontact als de
installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het
netsnoer na installatie bereikbaar is.
• Sluit de stroomstekker niet aan op een losse
stroomaansluiting.
• Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los
te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
• Gebruik alleen de juiste isolatie-apparaten:
stroomonderbrekers, zekeringen
(schroefzekeringen moeten uit de houder
worden verwijderd), aardlekschakelaars en
contactgevers.
• De elektrische installatie moet een
isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat
volledig van het lichtnet afgesloten kan worden.
Het isolatieapparaat moet een contactopening
hebben met een minimale breedte van 3 mm.
GASAANSLUITING
• Alle gasaansluitingen moeten door een
gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt.
• Controleer vóór de installatie of de plaatselijke
distributieomstandigheden (gassoort en -druk)
en de afstelling van het apparaat met elkaar te
combineren zijn.
• Zorg ervoor dat er koude luchtcirculatie in het
apparaat aanwezig is.
• Op het typeplaatje staat informatie over de
gastoevoer.
• Dit apparaat mag niet aangesloten worden op
een inrichting dat producten afvoert voor
4
verbranding. Sluit het apparaat aan volgens de
geldende installatieregels. Let op de vereisten
voor voldoende ventilatie.
GEBRUIK
WAARSCHUWING! Gevaar op letsel,
brandwonden of elektrische schokken.
• Verwijder voor gebruik (indien van toepassing)
de verpakking, labels en beschermfolie.
• Gebruik dit apparaat in een huishoudelijke
omgeving.
• De specificatie van het apparaat mag niet
worden veranderd.
• Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet
geblokkeerd zijn.
• Laat het apparaat tijdens het gebruik niet
onbeheerd achter.
• Zet de kookzone op "uit" na elk gebruik.
• Leg geen bestek of pannendeksels op de
kookzones. Deze kunnen heet worden.
• Bedien het apparaat niet met natte handen of
als het contact maakt met water.
• Het apparaat mag niet worden gebruikt als
werkblad of aanrecht.
• Als u eten in de hete olie doet, kan het spatten.
WAARSCHUWING! Risico op brand
en explosie
• Verhitte vetten en olie kunnen ontvlambare
damp afgeven. Houd vlammen of verwarmde
voorwerpen uit de buurt van vet en olie als u er
mee kookt.
• De dampen die hete olie afgeeft kunnen
spontane ontbranding veroorzaken.
• Gebruikte olie die voedselresten bevat kan
brand veroorzaken bij een lagere temperatuur
dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
• Plaats geen ontvlambare producten of
gerechten die vochtig zijn gemaakt met
ontvlambare producten in, bij of op het
apparaat.
WAARSCHUWING! Risico op
schade aan het apparaat.
• Zet geen heet kookgerei op het
bedieningspaneel.
• Laat kookgerei niet droogkoken.
• Laat geen voorwerpen of kookgerei op het
apparaat vallen. Het oppervlak kan beschadigen.
• Activeer de kookzones niet met lege pannen of
zonder pannen erop.
• Geen aluminiumfolie op het apparaat leggen.
• Gebruik alleen stabiel kookgerei met de juiste
vorm en een diameter groter dan de afmetingen
van de branders.
• Zorg ervoor dat de pannen in het midden van de
branders staan.
• Zorg dat de vlam niet uit gaat als u de knop snel
van de maximale stand naar de minimale stand
draait.
• Gebruik alleen de accessoires die zijn
meegeleverd met het apparaat.
• Plaats geen vlamverdeler op de brander.
• Het gebruik van een kookapparaat op gas leidt
tot de productie van warmte en vocht. Zorg voor
een goede ventilatie in de ruimte waar het
apparaat is geïnstalleerd.
• U moet bij langdurig intensief gebruik van het
apparaat waarschijnlijk meer ventileren,
bijvoorbeeld door een raam te openen, of
effectiever ventileren, bijvoorbeeld door het
niveau van de aanwezige, mechanische
ventilatie op te voeren.
• Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te
koken. Het mag niet worden gebruikt voor
andere doeleinden, zoals het verwarmen van
een kamer.
• Laat geen zure vloeistoffen, zoals bijv. azijn,
citroensap of reinigingsmiddelen voor het
verwijderen van kalkaanslag, in aanraking komen
met de kookplaat. Hierdoor kunnen doffe
plekken ontstaan.
• Verkleuring van het email heeft geen ongewenst
effect op de werking van het apparaat.
ONDERHOUD EN REINIGING
• Reinig het apparaat regelmatig om te
voorkomen dat het materiaal van het oppervlak
achteruitgaat.
• Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen
voordat u het schoonmaakt.
• Trek voor onderhoudswerkzaamheden de
stekker uit het stopcontact.
• Gebruik geen waterstralen of stoom om het
apparaat te reinigen.
• Reinig het apparaat met een vochtige zachte
doek. Gebruik alleen neutrale
reinigingsmiddelen. Gebruik geen
schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
• De branders niet in de afwasautomaat reinigen.
VERWIJDERING
WAARSCHUWING! Gevaar voor
letsel of verstikking.
5
• Neem contact met uw plaatselijke overheid voor
informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van
het apparaat.
• Haal de stekker uit het stopcontact.
• Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en
gooi het weg.
• Maak de externe gasleidingen plat.
SERVICEDIENST
• Neem contact op met een erkende
servicedienst voor reparatie van het apparaat.
• Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen.
MONTAGE
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
VOOR MONTAGE
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de
onderstaande informatie van het typeplaatje te
noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de
kookplaat.
Model .......................................
Productnummer
(PNC) ........................................
Serienummer ...........................
GASAANSLUITING
WAARSCHUWING! De volgende
instructies over de installatie en het
onderhoud moeten opgevolgd worden
door vakkundig personeel in
overeenstemming met de geldende
voorschriften.
De aansluiting op de gastoevoer moet worden
uitgevoerd met behulp van een AGB-kraan. Kies
vaste aansluitingen of gebruik een flexibele leiding
in AGB (roestvrij staal), in overeenstemming met de
voorschriften die van kracht zijn (NBN D 51.003).
Als u flexibele metalen leidingen gebruikt, moet u
opletten dat deze niet in aanraking komen met
bewegende onderdelen, of dat ze niet vastgeklemd
worden. Wees ook voorzichtig wanneer de
kookplaat in combinatie met een oven wordt
geïnstalleerd.
Controleer of de gastoevoerdruk van
het apparaat voldoet aan de
aanbevolen waarden. De verstelbare
aansluiting wordt op de
uitbreidingsbrug bevestigd met behulp
van een schroefdraadmoer G 1/2".
Alle onderdelen die getoond worden
op de afbeelding zijn reeds in de
fabriek gemonteerd. Het apparaat
werd voor het de fabriek verliet getest,
om voor u de beste resultaten te
verzekeren.
A B C
A. Einde van de as met moer (koppelkracht 10 ±
2 Nm)
B. Sluitring meegeleverd met het apparaat
C. Elleboogverbindingsstuk meegeleverd met het
apparaat
Vloeibaar gas
Gebruik de rubberen pijphouder voor vloeibaar gas.
Koppel altijd de pakking vast. Ga vervolgens door
met de gasaansluiting.
De flexibele leiding is klaar voor gebruik als de
leiding:
• niet warmer wordt dan kamertemperatuur,
warmer dan 30°C;
• de leiding niet langer is dan 1500 mm
• geen knikken vertoont;
• niet onderworpen is aan tractie of torsie;
• niet in aanraking komt met scherpe randen of
hoeken;
• de leiding gemakkelijk onderzocht kan worden
om de toestand ervan te controleren.
6
De controle van de staat van de flexibele leiding
bestaat erin te controleren of:
• de leiding geen barsten, sneden, vlekken of
brandsporen vertoont op de twee uiteinden en
over de volledige lengte;
• het materiaal niet gehard is, maar de juiste
elasticiteit vertoont
• de bevestigingsklemmen niet verroest zijn
• de vervaldatum niet is verstreken.
Als er één of meerdere defecten waarneembaar
zijn, mag de leiding niet worden gerepareerd, maar
moet deze worden vervangen.
WAARSCHUWING! Controleer
wanneer de installatie is voltooid of
alle leidingfittingen goed zijn afgedicht.
Gebruik een zeepoplossing, geen
vlam!
VERVANGING SPUITMONDEN (ALLEEN
VOOR BELGIË)
1. Verwijder de pannendrager.
2. Verwijder de branderkappen en -kronen.
3. Verwijder met een dopsleutel 7 de
hoofdsproeiers, en vervang ze door de
sproeiers die vereist zijn voor het type gas dat u
gebruikt (zie de tabel in het hoofdstuk
'Technische gegevens').
4. Zet de onderdelen in omgekeerde volgorde
terug.
5. Vervang het typeplaatje (naast de
gastoevoerleiding) door het plaatje voor het
nieuwe type gastoevoer. U kunt het plaatje
vinden in het zakje dat bij het apparaat geleverd
is.
Als de toevoergasdruk aanpasbaar is of verschilt
van de vereiste druk, moet u een geschikte
drukregelaar op de gastoevoerleiding monteren.
AANPASSING VAN HET MINIMALE NIVEAU
(ALLEEN VOOR BELGIË)
Het minimumniveau van de branders afstellen:
1. Steek de brander aan.
2. Draai de knop naar de minimumstand.
3. Verwijder de knop.
4. Pas de stand van de bypass-schroef aan met
een smalle schroevendraaier (A).
A
5. Als u overstapt:
• van aardgas G20/G25 20/25 mbar op
vloeibaar gas, draai de instelschroef dan
helemaal vast.
• van vloeibaar gas op aardgas G20/G25
20/25 mbar, draai de bypass-schroef dan
ongeveer 1/4 draai los .
WAARSCHUWING! Zorg dat de vlam
niet uit gaat als u de knop snel van de
maximale stand naar de minimale
stand draait.
ELEKTRISCHE AANSLUITING
• Zorg er voor dat het aangegeven voltage en het
type stroom op het typeplaatje overeenkomen
met het voltage en stroomtype van uw lokale
stroomleverancier.
• Dit apparaat wordt geleverd met een netsnoer.
Dit moet zijn voorzien van een geschikte stekker,
die geschikt is voor de belasting die vermeld is
op het identificatieplaatje. Zorg dat u de stekker
in een goed stopcontact steekt.
• Gebruik altijd een juist geïnstalleerd
schokbestendig stopcontact.
• Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie
bereikbaar is.
• Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los
te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
• Er is brandgevaar als het apparaat verbinding
maakt met een verlengkabel, een adapter of een
meervoudige aansluiting. Zorg ervoor dat de
aarde-aansluiting overeenkomt met de normen
en regelgeving.
• Laat de stroomkabel niet warmer worden dan
90° C.
AANSLUITKABEL
Gebruik om de aansluitkabel te vervangen alleen de
speciale kabel of een gelijksoortig type. Het
kabeltype is: H05V2V2-F T90.
Zorg ervoor dat de doorsnede van het snoer
geschikt is voor het voltage en de
bedrijfstemperatuur. De geel/groene aarddraad
moet ongeveer 2 cm langer zijn dan de bruine (of
zwarte) fasedraad.
7
L
N
1. Sluit de groen/gele (aarde) draad aan op de
eindklem gemarkeerd met de letter 'E' of het
aardesymbool , of groen/geel gekleurd.
2. Sluit de blauwe (nul) draad aan op de eindklem
gemarkeerd met de letter 'N', of blauw
gekleurd.
3. Sluit de bruine (onder spanning staande) draad
aan op de eindklem gemarkeerd met de letter
'L'. Deze moet altijd worden aangesloten op de
netwerkfase.
IN ELKAAR ZETTEN
1.
2.
40-50 mm
55 mm
30 mm
min. 650 mm
490 mm
min. 100 mm
270 mm
2
0
+
2
0
+
3.
50 mm
400 mm
Als er op een afstand van 400 mm
boven de kookplaat een
meubelstuk is geïnstalleerd, moet
er een minimale veiligheidsafstand
van 50 mm aan beide zijden van
de kookplaat zijn.
4.
5.
6.
7.
8
A
B
A) meegeleverde afdichting
B) meegeleverde steunen
8.
9.
LET OP! Installeer het apparaat alleen
op een werkblad met een plat
oppervlak.
MOGELIJKHEDEN VOOR INBOUW
Het paneel geïnstalleerd onder de kookplaat moet
eenvoudig te verwijderen zijn en eenvoudig
toegang bieden indien technische hulp nodig is.
Keukenmeubel met
min 6 mm
A. Verwijderbaar paneel
B. Ruimte voor aansluitingen
Keukenmeubel met oven
Om veiligheidsredenen en om een gemakkelijke
verwijdering van de oven uit het meubel mogelijk te
maken, moeten de elektrische aansluitingen van de
kookplaat en de oven afzonderlijk geïnstalleerd
worden.
9
BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
INDELING KOOKPLAAT
1
2
3
1
Snelle brander
2
Sudderbrander
3
Bedieningsknoppen
BEDIENINGSKNOP
Symbool Beschrijving
geen gastoevoer / uit-stand
ontstekingsstand / maximale
gastoevoer
Symbool Beschrijving
minimale gastoevoer
DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
BRANDEROVERZICHT
A
B
D
C
A. Branderdeksel
B. Branderkroon
C. Ontstekingsbougie
D. Thermokoppeling
ONTSTEKING VAN DE BRANDER
Ontvlam de brander altijd vóór u het
kookgerei erop plaatst.
WAARSCHUWING! Ga voorzichtig
te werk bij het gebruik van branders
(open vuur) in de keuken. De fabrikant
kan niet aansprakelijk gesteld worden
in geval van onjuist gebruik van de
vlam.
1. Druk de bedieningsknop helemaal in en draai
de knop linksom naar de maximale
gastoevoerstand ( ).
2. Houd de bedieningsknop ongeveer 10
seconden ingedrukt. Het thermokoppel kan dan
10
opwarmen. Als u dat niet doet, wordt de
gastoevoer onderbroken.
3. Stel de vlam af zodra deze regelmatig brandt.
Als de brander na enkele pogingen
niet aan gaat, controleer dan of de
kroon en de branderdeksel goed op
hun plaats zitten.
WAARSCHUWING! Houd de
bedieningsknop niet langer dan 15
seconden ingedrukt. Als de brander na
15 seconden nog niet brandt, de
bedieningsknop loslaten en minstens
1 minuut wachten voordat u opnieuw
probeert de vlam te ontsteken.
LET OP! Bij afwezigheid van
elektrische stroom kunt u de brander
ontsteken zonder elektrische inrichting.
Breng in dat geval een vlam in de
buurt van de brander, draai de
regelknop tegen de wijzers van de klok
in naar de maximale gastoevoerstand
en druk deze in. Houd de regelknop
gedurende 10 seconden of korter
ingedrukt om het thermokoppel op te
laten warmen.
Draai als de brander per ongeluk uit
gaat de bedieningsknop naar de uit
stand en probeer na minimaal 1 minuut
de brander weer aan te steken.
De vonkontsteking kan automatisch
starten wanneer u de stekker in het
stopcontact steekt, na de installatie of
na een stroomonderbreking. Dat is
normaal.
DE BRANDER UITSCHAKELEN
Om de vlam te doven, de knop naar de off-positie
draaien .
WAARSCHUWING! Draai de vlam
altijd lager of schakel hem uit voordat
u de pan van de brander haalt
AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
KOOKGEREI
LET OP! Gebruik geen gietijzeren
pannen, grillstenen, aardewerk of
grillplaten op gasbranders. Het
roestvrij staal kan beschadigen als het
te heet wordt.
WAARSCHUWING! Zet één pan niet
op twee branders.
WAARSCHUWING! Zet geen
instabiele of beschadigde pannen op
de brander om morsen en letsel te
voorkomen.
LET OP! Zorg dat de potten niet op
de bedieningsknop staan, anders
wordt de bedieningsknop heet.
LET OP! Zorg dat de handvaten van
de pot niet boven de voorste rand van
het werkblad komen.
LET OP! Zorg dat de potten zich in
het midden van de brander bevinden,
voor een maximum aan stabiliteit en
lager gasverbruik.
DIAMETER VAN HET KOOKGEREI
Gebruiken alleen kookgerei met een
bodemdiameter die geschikt is voor de
afmeting van de plaat.
Brander
Diameter van de
pannen (mm)
Rapid (Snel) 180 - 260
Sudderbrander 80 - 160
11
ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
ALGEMENE INFORMATIE
• Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon.
• Gebruik altijd pannen met een schone bodem.
• Krassen of donkere vlekken op de oppervlakte
hebben geen invloed op de werking van de
kookplaat.
• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor
het oppervlak van de kookplaat.
Roestvrij staal
• Was de onderdelen van roestvrij staal af met
water en droog ze vervolgens met een zachte
doek.
• Laat aangebrande etensresten, vet en
hardnekkige vlekken voordat u deze reinigt een
paar minuten weken in een kleine hoeveelheid
mild reinigingsmiddel.
• Gebruik schoonmaakproducten die speciaal zijn
ontwikkeld voor de reiniging van roestvrij staal
ter bescherming van het oppervlak.
• Gebruik geen schoonmaakproducten die
bijtende chemicaliën bevatten, zoals chloor.
Reinig het oppervlak ook niet met ontsmettende
middelen, vlekken- of roestverwijderaars en
reinigingsmethoden waarbij het product moet
worden ondergedompeld.
PANNENDRAGERS
De pansteunen zijn niet bestand tegen
afwassen in een afwasautomaat. Ze
moeten met de hand worden
afgewassen.
1. U kunt de pansteunen verwijderen voor een
gemakkelijke reiniging van het kookplaat.
Ga zeer voorzichtig te werk bij het
vervangen van de pannendrager,
dit om schade aan het oppervlak
van de kookplaat te vermijden.
2. De emaillelaag kan scherpe randen hebben,
dus wees voorzichtig tijdens het met de hand
afwassen en afdrogen. Verwijder hardnekkige
vlekken zo nodig met een pastareiniger.
3. Zorg er na het reinigen van de pansteunen voor
dat u ze in de juiste stand terugplaatst.
4. Om ervoor te zorgen dat de brander goed
werkt, moeten de armen van de pannendrager
in het midden van de brander worden
geplaatst.
DE KOOKPLAAT SCHOONMAKEN
• Verwijder direct: gesmolten plastic, gesmolten
folie, suiker en suikerhoudende gerechten.
Anders kan het vuil de kookplaat beschadigen.
Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen.
• Verwijder nadat de kookplaat voldoende
is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten
en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig
de kookplaat met een vochtige doek en een
beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog de
kookplaat na reiniging af met een zachte doek.
• Was de geëmailleerde delen, deksel en kroon
met een warm sopje en laat ze goed drogen
alvorens ze terug te plaatsen.
REINIGEN VAN DE ONTSTEKINGSKNOP
Dit onderdeel is uitgerust met een keramische
ontstekingsbougie met een metalen elektrode.
Reinig deze onderdelen altijd grondig, om
moeilijkheden bij het aansteken te voorkomen, en
controleer of de branderkroonopeningen niet
verstopt zijn.
PERIODIEK ONDERHOUD
Raadpleeg regelmatig uw lokale serviceafdeling,
om de staat van de gastoevoerleiding en de
drukregelaar (indien gemonteerd) te controleren.
PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
12
WAT MOET U DOEN ALS…
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Er is geen vonk als de vonkont-
steking wordt geactiveerd.
De kookplaat is niet aangeslo-
ten op een stopcontact of is
niet goed geïnstalleerd.
Controleer of de kookplaat
goed is aangesloten op het
lichtnet.
De zekering is doorgeslagen. Controleer of de zekering de
oorzaak van de storing is. Als
de zekeringen keer op keer
doorslaan, neemt u contact op
met een erkende installateur.
De branderdeksel en kroon zit-
ten niet goed op hun plaats.
Plaats de branderdeksel en de
kroon op juiste wijze.
De vlam gaat meteen na de
ontsteking uit.
Het thermokoppel is niet vol-
doende opgewarmd.
Na het ontsteken van de vlam,
de knop circa 10 sec. inge-
drukt houden.
De vlamring is ongelijk. De branderkroon is verstopt
met etensresten.
Controleer of de hoofdinspui-
ter niet verstopt is en of de
branderkroon schoon is.
ALS U HET PROBLEEM NIET KUNT
OPLOSSEN...
Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem
dan contact op met uw verkoper of de
serviceafdeling. Zie voor deze gegevens het
typeplaatje. Verzeker u ervan dat u de kookplaat
correct gebruikt heeft. Bij onjuist gebruik van het
apparaat wordt het bezoek van de
onderhoudstechnicus van de klantenservice of de
vakhandelaar in rekening gebracht, zelfs tijdens de
garantieperiode. De instructies over het service
center en de garantiebepalingen vindt u in het
garantieboekje.
13
LABELS MEEGELEVERD IN DE ZAK MET
ACCESSOIRES
Bevestig de stickers zoals hieronder weergegeven:
MOD.
PROD.NO.
SER.NO
DATA
MOD.
PROD.NO.
SER.NO
DATA
MOD.
PROD.NO.
SER.NO.
03 IT
MADE IN ITALY
TYPE
IP20
0049
A B C
A. Plak het op de garantiekaart en verstuur dit
deel (indien van toepassing).
B. Plak het op de garantiekaart en bewaar dit deel
(indien van toepassing).
C. Plak het op het instructieboekje.
TECHNISCHE GEGEVENS
AFMETINGEN KOOKPLAAT
Breedte 290 mm
Diepte 510 mm
OVERIGE TECHNISCHE GEGEVENS
TOTAAL VER-
MOGEN:
Gas origi-
neel:
G20/G25 (2E+) 20/25 mbar
(BE)
4,0 kW
G20 (2E) 20 mbar (LU) 4,0 kW
Gasvervan-
ging:
G30 (3+) 28-30 mbar 276 g/h
G31 (3+) 37 mbar 271 g/h
Elektrische voe-
ding:
220-240 V ~ 50-60 Hz
Categorie appa-
raat:
II2E+3+ (BE)
I2E (LU)
14
Gasaansluiting: R 1/2"
Apparaatklasse: 3
BYPASSDIAMETERS
BRANDER Ø BYPASS 1/100 mm
Snel 42
Sudderbrander 28
GASBRANDERS VOOR AARDGAS G20/G25 20/25 mbar (BE) - G20 20 mbar (LU)
BRANDER
NORMAAL VERMOGEN
kW
MINIMUM VERMOGEN
kW
INSPUITERMARKE-
RING 1/100 mm
Snel 3,0 0,75 119
Sudderbrander 1,0 0,33 70
GASBRANDERS VOOR LPG G30/G31 28-30/37 mbar
BRANDER
NORMAAL
VERMOGEN
kW
MINIMUM
VERMOGEN
kW
INSPUITER-
MARKERING
1/100 mm
NOMINALE GASSTROMING g/h
G30 28-30 mbar G31 37 mbar
Snel 2,8 0,75 86 204 200
Sudderbran-
der
1,0 0,33 50 73 71
ENERGIEZUINIGHEID
PRODUCTINFORMATIE VOLGENS EU-RICHTLIJN 66/2014
Modelidentificatie ZGG35214XA
Type kooktoestel Ingebouwde kook-
plaat
Aantal gasbranders 2
Energiezuinigheid per gasbrander
(EE gas burner)
Middenachter - Snelle brander 60.4%
Middenvoor - Sudderbrander niet van toepassing
Energiezuinigheid voor de gaskook-
plaat
(EE gas hob)
60.4%
EN 30-2-1: Huishoudelijke kooktoestellen op gas - Deel 2-1 : Energieverbruik - Algemeen
15
ENERGIE BESPAREN
• Zorg er voor gebruik voor dat de branders en pansteunen goed worden geplaatst.
• Gebruiken alleen kookgerei met een bodemdiameter die geschikt is voor de afmeting van de plaat.
• Zet de pan in het midden van de brander.
• Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft.
• Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan.
• Wanneer de vloeistof begint te koken, draait u de vlam omlaag, totdat de vloeistof zachtjes pruttelt.
• Gebruik indien mogelijk een hogedrukpan. Zie de gebruikshandleiding van de hogedrukpan.
MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi
de verpakking in een geschikte afvalcontainer om
het te recycleren. Bescherm het milieu en de
volksgezondheid en recycleer op een correcte
manier het afval van elektrische en elektronische
apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het
symbool niet weg met het huishoudelijk afval.
Breng het product naar het milieustation bij u in de
buurt of neem contact op met de gemeente.
16

Documenttranscriptie

User Manual GETTING STARTED? EASY. ZGG35214XA NL Gebruiksaanwijzing Kookplaat FR Notice d'utilisation Table de cuisson DE Benutzerinformation Kochfeld NL FR DE 2 17 32 GA NAAR ONZE WEBSITE VOOR: Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, onderhouds- en reparatie-informatie: www.zanussi.com/support VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor letsel of schade veroorzaakt door een verkeerde installatie of verkeerd gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik. VEILIGHEID VAN KINDEREN EN KWETSBARE MENSEN • • • • • • • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de eventuele gevaren begrijpen. Laat kinderen niet met het apparaat spelen. Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat is heet. Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd. Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren. Kinderen van 3 jaar en jonger moeten tijdens de werking van dit apparaat altijd uit te buurt worden gehouden. ALGEMENE VEILIGHEID • 2 WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient op te passen dat u de verwarmingselementen niet aanraakt. Houd • • • • • • • • • • • kinderen jonger dan 8 jaar uit de buurt of onder permanent toezicht. Bedien het apparaat niet met een externe timer of een apart afstandbedieningssysteem. WAARSCHUWING: Zonder toezicht koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brandgevaar opleveren. Probeer brand NOOIT met water te blussen, maar schakel in plaats daarvan het apparaat uit en bedek de vlam bijv. met een deksel of blusdeken. LET OP: Er dient toezicht te worden gehouden op het bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet onder constant toezicht staan. WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookplaten. Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden. Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken. Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant, een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen. Als het apparaat direct op de voeding wordt aangesloten, is er een scheidingsschakelaar met een contactopening nodig op alle polen. Complete afsluiting overeenkomstig de voorwaarden gespecificeerd in de overspanningscategorie III moet worden gegarandeerd. De aardekabel is hiervan uitgesloten. Let er bij het leiden van de stroomkabel op dat de kabel niet direct in contact komt (bijvoorbeeld bij gebruik met isolatiehoes) met onderdelen die temperaturen kunnen bereiken van 50°C hoger dan kamertemperatuur. WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken. 3 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Dit apparaat is geschikt voor de volgende markten: NL FR DE INSTALLATIE WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren. • • • • • • • • • • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat. Volg de installatie-instructies op die zijn meegeleverd met het apparaat. Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht. Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel. Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht. Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht. Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend. Als het apparaat geïnstalleerd is boven lades zorg er dan voor dat de ruimte tussen de onderkant van het apparaat en de bovenste lade voldoende is voor luchtcirculatie. De onderkant van het apparaat kan heet worden. Wij raden aan om een onbrandbaar scheidingspaneel te plaatsen onder het apparaat om te voorkomen dat de onderkant kan worden aangeraakt. AANSLUITING AAN HET ELEKTRICITEITSNET WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken. • • • • • 4 Alle elektrische aansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt. Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. Verzeker u ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u welke werkzaamheden dan ook uitvoert. Controleer of de elektrische informatie op het typeplaatje overeenkomt met de stroomvoorziening. Zo niet, neem dan contact op met een elektromonteur. Zorg ervoor dat het apparaat correct is geïnstalleerd. Losse en onjuiste stroomkabels of • • • • • • • • • • • • • stekkers (indien van toepassing) kunnen ervoor zorgen dat de contactklem te heet wordt. Gebruik de juiste stroomkabel. Voorkom dat de stroomkabels verstrikt raken. Zorg ervoor dat er een schokbescherming wordt geïnstalleerd. Gebruik het klem om spanning op het snoer te voorkomen. Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als u het apparaat op de nabijgelegen contactdozen aansluit Gebruik geen meerwegstekkers en verlengsnoeren. Zorg dat u de hoofdstekker (indien van toepassing) of kabel niet beschadigt. Neem contact op met onze service-afdeling of een elektromonteur om een beschadigde hoofdkabel te vervangen. De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst. Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is. Sluit de stroomstekker niet aan op een losse stroomaansluiting. Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker. Gebruik alleen de juiste isolatie-apparaten: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers. De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm. GASAANSLUITING • Alle gasaansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt. • Controleer vóór de installatie of de plaatselijke distributieomstandigheden (gassoort en -druk) en de afstelling van het apparaat met elkaar te combineren zijn. • Zorg ervoor dat er koude luchtcirculatie in het apparaat aanwezig is. • Op het typeplaatje staat informatie over de gastoevoer. • Dit apparaat mag niet aangesloten worden op een inrichting dat producten afvoert voor verbranding. Sluit het apparaat aan volgens de geldende installatieregels. Let op de vereisten voor voldoende ventilatie. GEBRUIK WAARSCHUWING! Gevaar op letsel, brandwonden of elektrische schokken. • • • • • • • • • • Verwijder voor gebruik (indien van toepassing) de verpakking, labels en beschermfolie. Gebruik dit apparaat in een huishoudelijke omgeving. De specificatie van het apparaat mag niet worden veranderd. Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd zijn. Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd achter. Zet de kookzone op "uit" na elk gebruik. Leg geen bestek of pannendeksels op de kookzones. Deze kunnen heet worden. Bedien het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water. Het apparaat mag niet worden gebruikt als werkblad of aanrecht. Als u eten in de hete olie doet, kan het spatten. • • • • • • • • • WAARSCHUWING! Risico op brand en explosie • • • • Verhitte vetten en olie kunnen ontvlambare damp afgeven. Houd vlammen of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vet en olie als u er mee kookt. De dampen die hete olie afgeeft kunnen spontane ontbranding veroorzaken. Gebruikte olie die voedselresten bevat kan brand veroorzaken bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt. Plaats geen ontvlambare producten of gerechten die vochtig zijn gemaakt met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING! Risico op schade aan het apparaat. • • • • • Zet geen heet kookgerei op het bedieningspaneel. Laat kookgerei niet droogkoken. Laat geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat vallen. Het oppervlak kan beschadigen. Activeer de kookzones niet met lege pannen of zonder pannen erop. Geen aluminiumfolie op het apparaat leggen. • Gebruik alleen stabiel kookgerei met de juiste vorm en een diameter groter dan de afmetingen van de branders. Zorg ervoor dat de pannen in het midden van de branders staan. Zorg dat de vlam niet uit gaat als u de knop snel van de maximale stand naar de minimale stand draait. Gebruik alleen de accessoires die zijn meegeleverd met het apparaat. Plaats geen vlamverdeler op de brander. Het gebruik van een kookapparaat op gas leidt tot de productie van warmte en vocht. Zorg voor een goede ventilatie in de ruimte waar het apparaat is geïnstalleerd. U moet bij langdurig intensief gebruik van het apparaat waarschijnlijk meer ventileren, bijvoorbeeld door een raam te openen, of effectiever ventileren, bijvoorbeeld door het niveau van de aanwezige, mechanische ventilatie op te voeren. Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden, zoals het verwarmen van een kamer. Laat geen zure vloeistoffen, zoals bijv. azijn, citroensap of reinigingsmiddelen voor het verwijderen van kalkaanslag, in aanraking komen met de kookplaat. Hierdoor kunnen doffe plekken ontstaan. Verkleuring van het email heeft geen ongewenst effect op de werking van het apparaat. ONDERHOUD EN REINIGING • Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat. • Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. • Trek voor onderhoudswerkzaamheden de stekker uit het stopcontact. • Gebruik geen waterstralen of stoom om het apparaat te reinigen. • Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale reinigingsmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen. • De branders niet in de afwasautomaat reinigen. VERWIJDERING WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking. 5 • • • • Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat. Haal de stekker uit het stopcontact. Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg. Maak de externe gasleidingen plat. SERVICEDIENST • Neem contact op met een erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. • Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen. MONTAGE WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. VOOR MONTAGE Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat. Model ....................................... Productnummer (PNC) ........................................ Serienummer ........................... Controleer of de gastoevoerdruk van het apparaat voldoet aan de aanbevolen waarden. De verstelbare aansluiting wordt op de uitbreidingsbrug bevestigd met behulp van een schroefdraadmoer G 1/2". Alle onderdelen die getoond worden op de afbeelding zijn reeds in de fabriek gemonteerd. Het apparaat werd voor het de fabriek verliet getest, om voor u de beste resultaten te verzekeren. GASAANSLUITING WAARSCHUWING! De volgende instructies over de installatie en het onderhoud moeten opgevolgd worden door vakkundig personeel in overeenstemming met de geldende voorschriften. De aansluiting op de gastoevoer moet worden uitgevoerd met behulp van een AGB-kraan. Kies vaste aansluitingen of gebruik een flexibele leiding in AGB (roestvrij staal), in overeenstemming met de voorschriften die van kracht zijn (NBN D 51.003). Als u flexibele metalen leidingen gebruikt, moet u opletten dat deze niet in aanraking komen met bewegende onderdelen, of dat ze niet vastgeklemd worden. Wees ook voorzichtig wanneer de kookplaat in combinatie met een oven wordt geïnstalleerd. 6 A B C A. Einde van de as met moer (koppelkracht 10 ± 2 Nm) B. Sluitring meegeleverd met het apparaat C. Elleboogverbindingsstuk meegeleverd met het apparaat Vloeibaar gas Gebruik de rubberen pijphouder voor vloeibaar gas. Koppel altijd de pakking vast. Ga vervolgens door met de gasaansluiting. De flexibele leiding is klaar voor gebruik als de leiding: • niet warmer wordt dan kamertemperatuur, warmer dan 30°C; • de leiding niet langer is dan 1500 mm • geen knikken vertoont; • niet onderworpen is aan tractie of torsie; • niet in aanraking komt met scherpe randen of hoeken; • de leiding gemakkelijk onderzocht kan worden om de toestand ervan te controleren. De controle van de staat van de flexibele leiding bestaat erin te controleren of: • de leiding geen barsten, sneden, vlekken of brandsporen vertoont op de twee uiteinden en over de volledige lengte; • het materiaal niet gehard is, maar de juiste elasticiteit vertoont • de bevestigingsklemmen niet verroest zijn • de vervaldatum niet is verstreken. Als er één of meerdere defecten waarneembaar zijn, mag de leiding niet worden gerepareerd, maar moet deze worden vervangen. WAARSCHUWING! Controleer wanneer de installatie is voltooid of alle leidingfittingen goed zijn afgedicht. Gebruik een zeepoplossing, geen vlam! VERVANGING SPUITMONDEN (ALLEEN VOOR BELGIË) 1. Verwijder de pannendrager. 2. Verwijder de branderkappen en -kronen. 3. Verwijder met een dopsleutel 7 de hoofdsproeiers, en vervang ze door de sproeiers die vereist zijn voor het type gas dat u gebruikt (zie de tabel in het hoofdstuk 'Technische gegevens'). 4. Zet de onderdelen in omgekeerde volgorde terug. 5. Vervang het typeplaatje (naast de gastoevoerleiding) door het plaatje voor het nieuwe type gastoevoer. U kunt het plaatje vinden in het zakje dat bij het apparaat geleverd is. Als de toevoergasdruk aanpasbaar is of verschilt van de vereiste druk, moet u een geschikte drukregelaar op de gastoevoerleiding monteren. AANPASSING VAN HET MINIMALE NIVEAU (ALLEEN VOOR BELGIË) Het minimumniveau van de branders afstellen: 1. Steek de brander aan. 2. Draai de knop naar de minimumstand. 3. Verwijder de knop. 4. Pas de stand van de bypass-schroef aan met een smalle schroevendraaier (A). A 5. Als u overstapt: • van aardgas G20/G25 20/25 mbar op vloeibaar gas, draai de instelschroef dan helemaal vast. • van vloeibaar gas op aardgas G20/G25 20/25 mbar, draai de bypass-schroef dan ongeveer 1/4 draai los . WAARSCHUWING! Zorg dat de vlam niet uit gaat als u de knop snel van de maximale stand naar de minimale stand draait. ELEKTRISCHE AANSLUITING • Zorg er voor dat het aangegeven voltage en het type stroom op het typeplaatje overeenkomen met het voltage en stroomtype van uw lokale stroomleverancier. • Dit apparaat wordt geleverd met een netsnoer. Dit moet zijn voorzien van een geschikte stekker, die geschikt is voor de belasting die vermeld is op het identificatieplaatje. Zorg dat u de stekker in een goed stopcontact steekt. • Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact. • Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is. • Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker. • Er is brandgevaar als het apparaat verbinding maakt met een verlengkabel, een adapter of een meervoudige aansluiting. Zorg ervoor dat de aarde-aansluiting overeenkomt met de normen en regelgeving. • Laat de stroomkabel niet warmer worden dan 90° C. AANSLUITKABEL Gebruik om de aansluitkabel te vervangen alleen de speciale kabel of een gelijksoortig type. Het kabeltype is: H05V2V2-F T90. Zorg ervoor dat de doorsnede van het snoer geschikt is voor het voltage en de bedrijfstemperatuur. De geel/groene aarddraad moet ongeveer 2 cm langer zijn dan de bruine (of zwarte) fasedraad. 7 L 400 mm 50 mm N 1. Sluit de groen/gele (aarde) draad aan op de eindklem gemarkeerd met de letter 'E' of het , of groen/geel gekleurd. aardesymbool 2. Sluit de blauwe (nul) draad aan op de eindklem gemarkeerd met de letter 'N', of blauw gekleurd. 3. Sluit de bruine (onder spanning staande) draad aan op de eindklem gemarkeerd met de letter 'L'. Deze moet altijd worden aangesloten op de netwerkfase. Als er op een afstand van 400 mm boven de kookplaat een meubelstuk is geïnstalleerd, moet er een minimale veiligheidsafstand van 50 mm aan beide zijden van de kookplaat zijn. 4. IN ELKAAR ZETTEN 1. 5. 6. 2. min. 650 mm min. 100 mm 40-50 mm 490+02 mm 55 mm 30 mm 270+02 mm 3. 8 7. A MOGELIJKHEDEN VOOR INBOUW Het paneel geïnstalleerd onder de kookplaat moet eenvoudig te verwijderen zijn en eenvoudig toegang bieden indien technische hulp nodig is. Keukenmeubel met B 8. A) meegeleverde afdichting B) meegeleverde steunen min 6 mm A B 9. min 30 mm min 5 mm (max 150 mm) 60 mm A. Verwijderbaar paneel B. Ruimte voor aansluitingen Keukenmeubel met oven LET OP! Installeer het apparaat alleen op een werkblad met een plat oppervlak. Om veiligheidsredenen en om een gemakkelijke verwijdering van de oven uit het meubel mogelijk te maken, moeten de elektrische aansluitingen van de kookplaat en de oven afzonderlijk geïnstalleerd worden. 9 BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT INDELING KOOKPLAAT 1 Snelle brander 2 Sudderbrander 1 3 Bedieningsknoppen 2 3 BEDIENINGSKNOP Symbool Symbool Beschrijving Beschrijving minimale gastoevoer geen gastoevoer / uit-stand ontstekingsstand / maximale gastoevoer DAGELIJKS GEBRUIK WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. BRANDEROVERZICHT A. B. C. D. Branderdeksel Branderkroon Ontstekingsbougie Thermokoppeling ONTSTEKING VAN DE BRANDER Ontvlam de brander altijd vóór u het kookgerei erop plaatst. A B C D WAARSCHUWING! Ga voorzichtig te werk bij het gebruik van branders (open vuur) in de keuken. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden in geval van onjuist gebruik van de vlam. 1. Druk de bedieningsknop helemaal in en draai de knop linksom naar de maximale gastoevoerstand ( ). 2. Houd de bedieningsknop ongeveer 10 seconden ingedrukt. Het thermokoppel kan dan 10 opwarmen. Als u dat niet doet, wordt de gastoevoer onderbroken. 3. Stel de vlam af zodra deze regelmatig brandt. Draai als de brander per ongeluk uit gaat de bedieningsknop naar de uit stand en probeer na minimaal 1 minuut de brander weer aan te steken. Als de brander na enkele pogingen niet aan gaat, controleer dan of de kroon en de branderdeksel goed op hun plaats zitten. WAARSCHUWING! Houd de bedieningsknop niet langer dan 15 seconden ingedrukt. Als de brander na 15 seconden nog niet brandt, de bedieningsknop loslaten en minstens 1 minuut wachten voordat u opnieuw probeert de vlam te ontsteken. LET OP! Bij afwezigheid van elektrische stroom kunt u de brander ontsteken zonder elektrische inrichting. Breng in dat geval een vlam in de buurt van de brander, draai de regelknop tegen de wijzers van de klok in naar de maximale gastoevoerstand en druk deze in. Houd de regelknop gedurende 10 seconden of korter ingedrukt om het thermokoppel op te laten warmen. De vonkontsteking kan automatisch starten wanneer u de stekker in het stopcontact steekt, na de installatie of na een stroomonderbreking. Dat is normaal. DE BRANDER UITSCHAKELEN Om de vlam te doven, de knop naar de off-positie draaien . WAARSCHUWING! Draai de vlam altijd lager of schakel hem uit voordat u de pan van de brander haalt AANWIJZINGEN EN TIPS WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. KOOKGEREI LET OP! Gebruik geen gietijzeren pannen, grillstenen, aardewerk of grillplaten op gasbranders. Het roestvrij staal kan beschadigen als het te heet wordt. WAARSCHUWING! Zet één pan niet op twee branders. WAARSCHUWING! Zet geen instabiele of beschadigde pannen op de brander om morsen en letsel te voorkomen. LET OP! Zorg dat de potten niet op de bedieningsknop staan, anders wordt de bedieningsknop heet. LET OP! Zorg dat de handvaten van de pot niet boven de voorste rand van het werkblad komen. LET OP! Zorg dat de potten zich in het midden van de brander bevinden, voor een maximum aan stabiliteit en lager gasverbruik. DIAMETER VAN HET KOOKGEREI Gebruiken alleen kookgerei met een bodemdiameter die geschikt is voor de afmeting van de plaat. Brander Diameter van de pannen (mm) Rapid (Snel) 180 - 260 Sudderbrander 80 - 160 11 ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. ALGEMENE INFORMATIE • Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. • Gebruik altijd pannen met een schone bodem. • Krassen of donkere vlekken op de oppervlakte hebben geen invloed op de werking van de kookplaat. • Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat. Roestvrij staal • Was de onderdelen van roestvrij staal af met water en droog ze vervolgens met een zachte doek. • Laat aangebrande etensresten, vet en hardnekkige vlekken voordat u deze reinigt een paar minuten weken in een kleine hoeveelheid mild reinigingsmiddel. • Gebruik schoonmaakproducten die speciaal zijn ontwikkeld voor de reiniging van roestvrij staal ter bescherming van het oppervlak. • Gebruik geen schoonmaakproducten die bijtende chemicaliën bevatten, zoals chloor. Reinig het oppervlak ook niet met ontsmettende middelen, vlekken- of roestverwijderaars en reinigingsmethoden waarbij het product moet worden ondergedompeld. PANNENDRAGERS De pansteunen zijn niet bestand tegen afwassen in een afwasautomaat. Ze moeten met de hand worden afgewassen. 1. U kunt de pansteunen verwijderen voor een gemakkelijke reiniging van het kookplaat. Ga zeer voorzichtig te werk bij het vervangen van de pannendrager, dit om schade aan het oppervlak van de kookplaat te vermijden. PROBLEEMOPLOSSING WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 12 2. De emaillelaag kan scherpe randen hebben, dus wees voorzichtig tijdens het met de hand afwassen en afdrogen. Verwijder hardnekkige vlekken zo nodig met een pastareiniger. 3. Zorg er na het reinigen van de pansteunen voor dat u ze in de juiste stand terugplaatst. 4. Om ervoor te zorgen dat de brander goed werkt, moeten de armen van de pannendrager in het midden van de brander worden geplaatst. DE KOOKPLAAT SCHOONMAKEN • Verwijder direct: gesmolten plastic, gesmolten folie, suiker en suikerhoudende gerechten. Anders kan het vuil de kookplaat beschadigen. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. • Verwijder nadat de kookplaat voldoende is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek. • Was de geëmailleerde delen, deksel en kroon met een warm sopje en laat ze goed drogen alvorens ze terug te plaatsen. REINIGEN VAN DE ONTSTEKINGSKNOP Dit onderdeel is uitgerust met een keramische ontstekingsbougie met een metalen elektrode. Reinig deze onderdelen altijd grondig, om moeilijkheden bij het aansteken te voorkomen, en controleer of de branderkroonopeningen niet verstopt zijn. PERIODIEK ONDERHOUD Raadpleeg regelmatig uw lokale serviceafdeling, om de staat van de gastoevoerleiding en de drukregelaar (indien gemonteerd) te controleren. WAT MOET U DOEN ALS… Probleem Er is geen vonk als de vonkontsteking wordt geactiveerd. Mogelijke oorzaak Oplossing De kookplaat is niet aangesloten op een stopcontact of is niet goed geïnstalleerd. Controleer of de kookplaat goed is aangesloten op het lichtnet. De zekering is doorgeslagen. Controleer of de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekeringen keer op keer doorslaan, neemt u contact op met een erkende installateur. De branderdeksel en kroon zitten niet goed op hun plaats. Plaats de branderdeksel en de kroon op juiste wijze. De vlam gaat meteen na de ontsteking uit. Het thermokoppel is niet voldoende opgewarmd. Na het ontsteken van de vlam, de knop circa 10 sec. ingedrukt houden. De vlamring is ongelijk. De branderkroon is verstopt met etensresten. Controleer of de hoofdinspuiter niet verstopt is en of de branderkroon schoon is. ALS U HET PROBLEEM NIET KUNT OPLOSSEN... Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper of de serviceafdeling. Zie voor deze gegevens het typeplaatje. Verzeker u ervan dat u de kookplaat correct gebruikt heeft. Bij onjuist gebruik van het apparaat wordt het bezoek van de onderhoudstechnicus van de klantenservice of de vakhandelaar in rekening gebracht, zelfs tijdens de garantieperiode. De instructies over het service center en de garantiebepalingen vindt u in het garantieboekje. 13 LABELS MEEGELEVERD IN DE ZAK MET ACCESSOIRES Bevestig de stickers zoals hieronder weergegeven: A B MOD. MOD. PROD.NO. PROD.NO. SER.NO SER.NO DATA DATA C MOD. PROD.NO. SER.NO. 0049 TYPE IP20 03 IT MADE IN ITALY A. Plak het op de garantiekaart en verstuur dit deel (indien van toepassing). B. Plak het op de garantiekaart en bewaar dit deel (indien van toepassing). C. Plak het op het instructieboekje. TECHNISCHE GEGEVENS AFMETINGEN KOOKPLAAT Breedte 290 mm Diepte 510 mm OVERIGE TECHNISCHE GEGEVENS TOTAAL VERMOGEN: 14 Gas origineel: Gasvervanging: G20/G25 (2E+) 20/25 mbar (BE) 4,0 kW G20 (2E) 20 mbar (LU) 4,0 kW G30 (3+) 28-30 mbar 276 g/h G31 (3+) 37 mbar 271 g/h Elektrische voeding: 220-240 V ~ 50-60 Hz Categorie apparaat: II2E+3+ (BE) I2E (LU) Gasaansluiting: R 1/2" Apparaatklasse: 3 BYPASSDIAMETERS BRANDER Ø BYPASS 1/100 mm Snel 42 Sudderbrander 28 GASBRANDERS VOOR AARDGAS G20/G25 20/25 mbar (BE) - G20 20 mbar (LU) NORMAAL VERMOGEN kW BRANDER MINIMUM VERMOGEN kW INSPUITERMARKERING 1/100 mm Snel 3,0 0,75 119 Sudderbrander 1,0 0,33 70 GASBRANDERS VOOR LPG G30/G31 28-30/37 mbar BRANDER NORMAAL VERMOGEN kW MINIMUM VERMOGEN kW INSPUITERMARKERING 1/100 mm NOMINALE GASSTROMING g/h G30 28-30 mbar G31 37 mbar Snel 2,8 0,75 86 204 200 Sudderbrander 1,0 0,33 50 73 71 ENERGIEZUINIGHEID PRODUCTINFORMATIE VOLGENS EU-RICHTLIJN 66/2014 Modelidentificatie ZGG35214XA Type kooktoestel Ingebouwde kookplaat Aantal gasbranders 2 Energiezuinigheid per gasbrander (EE gas burner) Energiezuinigheid voor de gaskookplaat (EE gas hob) Middenachter - Snelle brander 60.4% Middenvoor - Sudderbrander niet van toepassing 60.4% EN 30-2-1: Huishoudelijke kooktoestellen op gas - Deel 2-1 : Energieverbruik - Algemeen 15 ENERGIE BESPAREN • Zorg er voor gebruik voor dat de branders en pansteunen goed worden geplaatst. • Gebruiken alleen kookgerei met een bodemdiameter die geschikt is voor de afmeting van de plaat. • Zet de pan in het midden van de brander. • Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft. • Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan. • Wanneer de vloeistof begint te koken, draait u de vlam omlaag, totdat de vloeistof zachtjes pruttelt. • Gebruik indien mogelijk een hogedrukpan. Zie de gebruikshandleiding van de hogedrukpan. MILIEUBESCHERMING Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische 16 apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48

Zanussi ZGG35214XA Handleiding

Type
Handleiding