JVC KD-SH99R Handleiding

Categorie
Auto media-ontvangers
Type
Handleiding
ENGLISH
LVT0655-001A
[E/EX]
DEUTSCH
FRANÇAIS
KD-SH99R
NEDERLANDS
CD RECEIVER
CD-RECEIVER
RECEPTEUR CD
CD-RECEIVER
INSTRUCTIONS
BEDIENUNGSANLEITUNG
MANUEL D’INSTRUCTIONS
GEBRUIKSAANWIJZING
For installation and connections, refer to the separate manual.
Angaben zu Einbau und Verkabelung entnehmen Sie bitte der gesonderten Anleitung.
Pour l’installation et les raccordements, se référer au manuel séparé.
Zie de afzonderlijke handleiding voor details aangaande het installeren en verbinden van het
toestel.
Detachable
ANGLE
RM-RK100
EQ
CD
FM
AM
CH
AUX SEL
VOLUME
R D
AT T
COVER.KD-SH99R[E] 4/18/01, 10:41 AM3
2
NEDERLANDS
CLASS
LASER
1
PRODUCT
CAUTION: Invisible laser
radiation when open and
interlock failed or defeated.
AVOID DIRECT EXPOSURE
TO BEAM. (e)
ADVARSEL: Usynlig laser-
stråling ved åbning, når
sikkerhedsafbrydere er ude
af funktion. Undudsæt-
telse for stråling. (d)
VARNING: Osynlig laser-
strålning när denna del är
öppnad och spärren är
urkopplad. Betrakta ej
strålen. (s)
VARO: Avattaessa ja
suojalukitus ohitettaessa
olet alttiina näkymättö-
mälle lasersäteilylle.
Älä katso säteeseen. (f)
Plaats en afbeelding van labels
BELANGRIJK VOOR
LASERPRODUKTEN
Voorzorgen:
1. KLASSE 1 LASERPRODUKT
2. LET OP: Onzichtbare laserstralen wanneer
open en interlock uitgeschakeld of defekt.
Voorkom direkte blootstelling aan de straal.
3. LET OP: Open de bovenafdekking niet. Het
toestel bevat geen door de gebruiker te
repareren onderdelen. Laat onderhoud
en reparatie over aan erkend
onderthoudspersoneel.
4. LET OP: Deze CD-speler gebruikt onzichtbare
laserstralen maar is echter voorzien van
veiligheidsschakelaars die uitstraling dienen te
stoppen bij het verwijderen van CD’s. Het is
uitermate gevaarlijk deze schakelaars uit te
schakelen.
5. LET OP: Het gebruik van regelaars en het
maken van instellingen ander dan in deze
gebruiksaanwijzing aangegeven resulteert
mogelijk in blootstelling aan gevaarlijke straling.
*
Temperatuur binnen de auto....
Als de auto gedurende lange tijd in de kou of in de
warmte heeft gestaan, mag u het apparaat pas
gebruiken nadat de temperatuur in de auto weer
normaal waarden heet bereikt.
ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN
*
Denk aan de veiligheid....
Zet het volume onder het rijden niet te hard. Dit is
gevaarlijk , omdat u de geluiden buiten de auto niet
meer hoort.
Zet de auto stil voordat u ingewikkelde handelingen
met het apparaat gaat verrichten.
Het apparaat terugstellen
Druk met een balpen of een ander dun, langwerpig
voorwerp op de Reset-toets, die
zich aan de voorzijde van de
eenheid op het bedieningspaneel
bevindt.
Benaming/Spanningslabel
Opmerking:
Voor de veiligheid is een genummerde identificatiekaart bij het toestel geleverd. Het identificatienummer is
tevens op de behuizing van het toestel gedrukt. Bewaar de kaart op een veilige plaats. Deze kaart is belangrijk
voor identificatie indien het toestel is gestolen.
LET OP:
Steek NOOIT uw vinger
tussen het bedieningspaneel
en de eenheid aangezien u
het risico loopt vast te komen
zitten en u zichzelf zeer doet.
(Zie bladzijde 35.)
Onderpaneel van het hoofdtoestel
Opmerking:
De geheugeninstellingen – zoals
de voorkeurzenders en de
geluidsinstellingen – zullen
eveneens gewist worden.
Let op:
Dit toestel heeft een laserkomponent met
een hogere klasse laserstraal dan Klasse 1.
NL02-04.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:332
3
NEDERLANDS
INHOUDSOPGAVE
Het apparaat terugstellen ......................... 2
PLAATSING VAN DE TOETSEN .......... 4
Bedieningspaneel .................................... 4
Afstandsbediening ................................... 5
De afstandsbediening voorbereiden......... 6
BASISBEDIENING ......................... 7
BASISBEDIENING VAN DE RADIO ....... 8
Naar de radio luisteren ............................. 8
Radiozenders in het geheugen
vastleggen ............................................. 9
Afstemmen op een voorkeuzezender....... 10
HET GEBRUIK VAN RDS .................. 11
Wat u kunt doen met RDS EON ............... 11
Andere nuttige RDS-functies en het
maken van aanpassingen ...................... 14
GEBRUIK VAN DE CD-SPELER .......... 17
Een CD afspelen ..................................... 17
Een muziekstuk of een bepaald punt op
de CD zoeken ....................................... 18
Afspeelmodus selecteren ......................... 18
De tekst van een CD met CD Text
weergeven............................................. 19
Voorkomen dat de CD terugspringt .......... 19
INTRODUCTIE EEN MP3.................. 20
Wat is MP3? ............................................ 20
Hoe worden MP3-bestanden opnemen
en afgespeeld? ..................................... 20
BEDIENING VAN DE MP3................. 22
Een MP3-CD afspelen.............................. 22
Een bestand of een bepaalde passage
op een MP3-CD opzoeken..................... 23
MP3-afspeelmodi selecteren.................... 26
GELUID REGELEN ......................... 27
Geluid aanpassen.................................... 27
Vooraf ingestelde modi selecteren..............
28
Geluidsweergave aanpassen en opslaan ..... 29
ANDERE HOOFDFUNCTIES .............. 30
Klok instellen ........................................... 30
De algemene instellingen wijzigen (PSM)..... 30
Namen aan bronnen toekennen............... 34
De hoek van het bedieningspaneel
wijzigen ................................................. 35
Bedieningspaneel verwijderen ................. 36
BEDIENING VAN HET EXTERNE
APPARAATEN ............................ 37
Externe apparatuur gebruiken.................. 37
GEBRUIK VAN DE CD-WISSELAAR ..... 39
CD’s afspelen .......................................... 39
Kiezen van de weergavefunctie................ 40
BEDIENING VAN DE DAB-TUNER ....... 41
Afstemmen op een ensemble en
op een van de services .......................... 41
DAB-frequenties in het geheugen
opslaan ................................................. 43
Afstemmen op een opgeslagen
DAB-service .......................................... 44
Wat u nog meer met DAB kunt doen........ 44
AANVULLENDE INFORMATIE ............ 45
PROBLEMEN OPLOSSEN ................ 46
ONDERHOUD .............................. 48
Omgaan met CD’s ................................... 48
SPECIFICATIES ............................ 49
Hartelijk dank voor d e aanschaf van dit JVC-product! Wij verzoeken u de gebruiksaanwijzing goed
door te lezen voordat u het apparaat gaat gebruiken. Zo krijgt u een volledig inzicht in de functies van
het apparaat en kunt u de mogelijkheden optimaal benutten.
Over de demonstratiemodus (DEMO MODE)...
Bij het verlaten van de fabriek wordt de demonstratiemodus van de eenheid ingeschakeld. Dit betekent
dat voor “DEMO MODE” de instelling “DEMO ON” van kracht is. De volgende demonstratie maakt u
bekent met de voornaamste voorzieningen van de eenheid en wordt automatisch gestart als er
gedurende circa 3 minuten geen geluid wordt afgespeeld. (Zie bladzijde 33.)
MP3 : (Met deze optie kunnen er MP3-CD worden afgespeeld.)
24bit DAC : (24-bits digitale/analoge converter: Geeft ee kwalitatief hoogwaardig geluid na
D/A-conversie.)
HS TUNER : (High-Sensitivity Tuner: Zorgt voor een perfecte ontvangst van zenders.)
EQUALIZER : (Hiermee kunt u het geluid nauwkeurig afregelen zodat deze met uw wensen
overeenkomen.)
SUB WOOFER : (Hiermee kunt u een subwoofer aansluiten en het uitvoerniveau ervan inregelen.)
LET OP bij het instellen van het volume
Bij CD’s is in vergelijking tot andere geluidsdragers nauwelijks sprake van achtergrondruis. Wanneer het
volume van bijvoorbeeld de tuner wordt aangepast, kan het gebeuren dat de luidsprekers door de plotselinge
toename van het geluid beschadigd raken. Draai het volume daarom voordat u een CD afspeelt eerst terug en
pas het geluid daarna aan uw wensen aan.
NL02-04.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:333
4
NEDERLANDS
Bedieningspaneel
1
2
3
ry
t
e
4 5
6
7
8
9
p
q
w
1 De toets 0 (uitwerpen)
2 De bedieningsschijf
3 De toets SEL (selecteren)
4 De toets EQ (equalizer)
5 De toets D (display)
6 De toets TP (traffic programme)
7 De toets PTY (programme type)
8 De toets M/B (modus/omroepband)
9 De toetsen 4 / ¢
Deze toetsen doen dienst als SSM-toetsen
wanneer beide toetsen tegelijk worden
ingedrukt.
p De toets ATT (hoek/attenuatie)
q Extra ingang
w
De toets (het bedieningspaneel vrijgeven)
e Afstandssensor
r De cijfertoetsen
De toets
MO (mono)
De toets
LO (lokaal)
De toets
INT (intro scan)
De toets
RPT (repeat)
De toets
RND (random)
De toetsen voor het bedienen van de
DVD/video-onderdelen
t De toets SOURCE (standby/on)
y De Reset-toets
PLAATSING VAN DE TOETSEN
Het gebruik van de toets M/B (modus/omroepband):
Als u op de toets M/B (modus/omroepband) drukt, fungeert deze toets als modustoets en schakelt de
eenheid over op de functiemodus waarbij de cijfertoetsen en de 4/¢-toetsen als aparte
functietoetsen fungeren.
Als u deze toetsen weer als cijfertoetsen en als de 4/¢ -toetsen wilt gebruiken nadat u
op de toets M/B (modus/omroepband) hebt gedrukt, moet u 5 seconden wachten zonder op
een cijfertoets te drukken. De functiemodus wordt dan opgeheven.
Ook als u nogmaals op de toets M/B (modus/omroepband) drukt, wordt de functiemodus geannuleerd.
Indicator met
equalizerpatroon
Indicator die tijd
aftelt
Bij de
functiemodus
Normaal
NL02-04.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:334
5
NEDERLANDS
5 Hiermee wordt naar stations gezocht terwijl u
naar de radio luistert.
Hiermee worden ensembles geselecteerd
terwijl u naar de DAB-tuner luistert, indien
korte tijd ingedrukt.
Hiermee worden services geselecteerd
terwijl u naar de DAB-tuner luistert, indien u
de toets indrukt en ingedrukt houdt.
Hiermee kunt u de track (het bestand) snel
vooruit en achteruit spoelen als u de toets
tijdens het beluisteren van een disk indrukt
en ingedrukt houdt.
Hiermee gaat u naar het begin van de
volgende track of het volgende bestand of terug
naar het begin van de huidige (of vorige) track
of het huidige (of vorige) bestand als u de toets
tijdens het beluisteren van een disk indrukt en
ingedrukt houdt. (Zie pagina 18 en 23.)
6 Hiermee wordt het nummer van het vooraf
ingestelde kanaal gewijzigd terwijl u naar de
radio (of DAB-tuner) luistert.
Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt
er een ander nummer voor het vooraf
ingestelde kanaal geselecteerd en wordt op de
geselecteerde zender of service afgestemd.
Hiermee gaat u naar het eerste bestand van
de volgende map of het eerste bestand van
de vorige map als u deze toets tijdens het
beluisteren van een MP3-CD indrukt en
ingedrukt houdt. (Zie pagina 24.)
Hiermee gaat u naar het eerste bestand van
de volgende map of het eerste bestand van
de vorige map binnen dezelfde
hiërarchieniveau als u deze toets tijdens het
beluisteren van een MP3-CD korte tijd
indrukt. (Zie pagina 25.)
7 Hiermee wordt het CD-nummer gewijzigd
terwijl u naar de CD-wisselaar luistert.
Elke keer wanneer u op deze toets drukt,
wordt er een ander CD-nummer geselecteerd
en wordt de geselecteerde CD afgespeeld.
Hiermee gaat u naar het eerste bestand van
een map in een bovenliggende of
onderliggende hiërarchieniveau als u deze
toets tijdens het beluisteren van een MP3-CD
korte tijd indrukt. (Zie pagina 25.)
8 Hiermee gaat u naar de bovenste map als u
naar een MP3-CD luistert. (Zie pagina 25.)
9** Hiermee worden de items voor
geluidsaanpassingen geselecteerd.
Elke keer wanneer u op deze toets drukt,
wordt er een andere geluidsaanpassing
geselecteerd.
p** Hiermee wordt het volume gewijzigd.
Hiermee wordt de geluidsmodus gewijzigd
(nadat u op de toets SEL hebt gedrukt).
* Als er geen DAB-tuner of CD-wisselaar is
aangesloten, is het niet mogelijk deze
apparatuur als afspeelbron te selecteren.
** Deze toetsen werken niet voor de modus voor
aangepaste voorkeursinstellingen.
Afstandsbediening
ANGLE
RM-RK100
CD
FM
AM
CH
AUX SEL
VOLUME
R D
AT T
DAB
DISC
p
5
4
3
9
6
7
2
1
PRESET
PRESET
DISC
EQ
8
1 Hiermee wordt de eenheid ingeschakeld als
deze is uitgeschakeld.
Schakelt de eenheid uit indien u de toets
ingedrukt houdt tot de vermelding “SEE
YOU” op de display verschijnt.
• Hiermee wordt het volume in korte tijd
verminderd als u de toets heel even indrukt,
en de vermelding “ATT” knippert op de display.
Als u nogmaals op de toets drukt, keert het
oude volumeniveau weer terug.
2 •CD:
Hiermee wordt de CD-speler
geselecteerd.
FM : • Indien korte tijd ingedrukt, wordt
hiermee de FM-tuner geselecteerd.
Elke keer wanneer u op de toets
drukt, wordt er een andere FM-band
geselecteerd: FM1, FM2 of FM3.
Hiermee wordt de DAB-tuner
geselecteerd, als u de toets
ingedrukt houdt.*
Elke keer wanneer u op de toets
drukt in ingedrukt houdt, wordt er
een andere DAB-band geselecteerd:
DAB1, DAB2 en DAB3.
•AM:
Hiermee wordt de AM-tuner geselecteerd.
CH : Hiermee wordt de CD-wisselaar
geselecteerd.*
AUX:Hiermee wordt het externe apparaat
geselecteerd.
Elke keer wanneer u op deze toets
drukt, wordt beurtelings “AUX INPUT”
en “LINE INPUT” geselecteerd.
3 Hiermee kunt u de hoek het bedieningspaneel
in een van vier posities wijzigen.
4 Hiermee worden de geluidsmodi geselecteerd.
Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt
er een andere geluidsmodus geselecteerd.
NL05-06.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:355
6
NEDERLANDS
De afstandsbediening
voorbereiden
2. Plaats de batterij in de houder.
Laat de batterij met de pluszijde (+) naar
boven in de houder zakken zodat deze vast
komt te liggen.
Lithium
knoopcelbatterij
(Productnummer:
CR2025)
3. Plaats de batterijhouder terug in positie.
Druk de batterijhouder terug tot u een ‘klik’
hoort.
(achterkant)
WAARSCHUWING:
Bewaar batterij op een plek waar kinderen geen
toegang toe hebben.
Mocht een kind een knoopcelbatterij inslikken,
waarschuw dan onmiddellijk een arts.
Laad de batterij niet opnieuw op, vermijd
kortsluiting, haal ze niet uit elkaar, verhit ze niet
en gooi geen batterij in het vuur.
Elk van deze handelingen kan leiden tot
oververhitting, een explosie of een steekvlam.
Zorg ervoor dat de batterij niet in contact komt
met andere metalen.
Dit kan leiden tot oververhitting, een explosie of
een steekvlam.
Bescherm gebruikte batterij door deze met
plakband af te plakken.
Als u dit niet doet, kan de batterij hitte vrijgeven,
gaan lekken of brand veroorzaken.
Probeer de batterij nooit met bijvoorbeeld een
naald of mes open te maken.
Als u dit doet, kan de batterij hitte vrijgeven, gaan
lekken of brand veroorzaken.
Alvorens gebruik van de afstandbediening:
Richt de afstandsbediening recht naar de
afstandssensor op het hoofdtoestel. Controleer
dat er geen obstakels in het pad liggen.
Zorg dat er geen direct fel licht (zonlicht of van
een schelle lamp) op de sensor valt.
De batterij plaatsen
Wanneer u merkt dat het bereik van de
afstandsbediening afneemt, moet u de batterij
vervangen.
1. Verwijder de batterijhouder.
1) Druk de batterijhouder met behulp van een
balpen of een soortgelijk voorwerp in de
richting van de pijl die in de afbeelding
staat aangegeven.
2) Verwijder de batterijhouder.
Afstandssensor
1)
2)
Gebruikke batterijen:
(achterkant)
NL05-06.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:356
7
NEDERLANDS
1
Schakel de stroom in en selecteer de
afspeelbron.
Als u voor de eerste keer op
de toets drukt, wordt de stroom
ingeschakeld. Daarna wordt
elke keer wanneer u op de
toets drukt een andere
afspeelbron geselecteerd, en
wel in deze volgorde:
* Als er zich geen CD in de lade is geplaatst, kan
de CD-speler niet als afspeelbron worden
geselecteerd.
** Als er geen DAB-tuner of CD-wisselaar is
aangesloten, is het niet mogelijk deze
apparatuur als afspeelbron te selecteren.
Voor gebruik van de tuner (FM of AM),
zie bladzijde 8 – 10.
Voor het afspelen van CD’s,
zie bladzijde 17 – 19.
Voor het afspelen van MP3-CD,
zie bladzijde 22 – 26.
Voor gebruik van het externe apparaat
(AUX INPUT en LINE INPUT),
zie bladzijde 37 – 38.
Voor gebruik van de CD-wisselaar,
zie bladzijde 39 – 40.
Voor gebruik van de DAB-tuner,
zie bladzijde 41 – 44.
2
Regel het volume.
Opmerking:
U kunt nadat u het volume hebt aangepast het
bedieningsknop naar binnen duwen zodat u niet
per ongeluk toetsen aanraakt.
Druk nogmaals op de bedieningsknop zodat deze
naar buiten komt geschoven als u de knop weer
wilt gebruiken.
3
Stel het geluid in zoals u zelf wilt.
(Zie bladzijde 27.)
Volume in een oogwenk zachter zetten
Druk op de toets /ATT en houdt deze
ingedrukt terwijl u naar een afspeelbron luistert.
De vermelding “ATT” op de display gaat
knipperen en het niveau van het volume neemt
na korte tijd af.
Druk als u het vorige geluidsniveau wilt
herstellen opnieuw op de toets en houdt deze
ingedrukt.
U kunt het volume ook op het oude niveau
terugbrengen door de bedieningsschijf
linksom te draaien (tegen de wijzers van de
klok in).
Spanning uitschakelen
Druk op de toets SOURCE en houdt deze
ingedrukt tot de vermelding “SEE YOU” op de
display wordt weergegeven.
Het volume verhogen.
BASISBEDIENING
Het volume verlagen.
2
1
Opmerking:
Wanneer u het apparaat
voor de eerste keer
gebruikt, moet u de
ingebouwde klok op de
juiste wijze instellen zie
bladzijde 30.
FM TUNER
*
CD PLAY
DAB TUNER
CD CHANGER
LINE INPUT
AUX INPUT
AM TUNER
**
**
Het door u ingestelde volumeniveau verschijnt.
Volumeniveau-indicator
NL07-07.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:447
8
NEDERLANDS
BASISBEDIENING VAN DE RADIO
Naar de radio luisteren
Om op een bepaalde zender af te stemmen kunt
u kiezen tussen automatisch zoeken en
handmatig zoeken.
Automatisch naar een station zoeken:
Auto search
1
Selecteer FM of AM.
1 Druk herhaaldelijk op de
toets SOURCE om FM
of AM als afspeelbron te
selecteren.
2
Druk indien nodig om het FM-
bandnummer te selecteren
op de toets M/B (modus/
omroepband) en houdt deze
gedurende minimaal 1
seconde ingedrukt.
Elke keer wanneer u op de
toets drukt en ingedrukt
houdt, wordt er een andere
FM-band geselecteerd, en
wel als volgt:
Opmerking:
Deze ontvanger heeft drie FM-banden (FM1,
FM2, FM3). U kunt elk van deze banden kiezen
om naar FM-stations te luisteren.
2
Zoek een station.
Wanneer een station wordt ontvangen,
stopt het zoeken.
Druk nogmaals op dezelfde toets wanneer u het
zoeken wilt stoppen voordat op een zender is
afgestemd.
Als u alleen wilt afstemmen op FM-zenders
met een sterk signaal
1 Druk op de toets M/B
(modus/omroepband)
om
de functiemodus te activeren terwijl u naar een
FM-uitzending luistert.
2 Druk op de toets LO (lokaal) terwijl de
functiemodus nog is geactiveerd, zodat de
indicator LOCAL op de display aangaat.
Deze functie werkt alleen terwijl u naar FM-
zenders zoekt en bij SSM.
Elke keer wanneer u op deze toets drukt, gaat
de indicator LOCAL beurtelings aan en uit.
Handmatig naar een station zoeken:
Manual search
1
Selecteer FM of AM.
1 Druk herhaaldelijk op de
toets SOURCE om
FM of AM als afspeelbron
te selecteren.
2
Druk indien nodig om het
FM-bandnummer te
selecteren op de toets M/B
(modus/omroepband) en
houdt deze gedurende
minimaal 1 seconde
ingedrukt.
Elke keer
wanneer u op de toets
drukt en ingedrukt houdt,
wordt er een andere FM-
band geselecteerd, en wel
als volgt:
Opmerking:
Deze ontvanger heeft drie FM-banden (FM1,
FM2, FM3). U kunt elk van deze banden kiezen
om naar FM-stations te luisteren.
FM 1 FM 2 FM 3
De geselecteerde omroepband wordt weergegeven.
Druk op de toets
4
afstemmen op een station
met een lagere frequentie.
Druk op de toets ¢
afstemmen op een station
met een hogere frequentie.
FM 1 FM 2 FM 3
NL08-10.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:368
9
NEDERLANDS
2
Druk op de toets ¢ of op 4
en houd deze ingedrukt tot de
vermelding “M” (voor “manual”:
handmatig zoeken) op de display
begint te knipperen.
3
Stem af op het station van uw keuze.
U kunt dit doen zolang de vermelding
“M” op de display knippert.
Als u de toets loslaat, wordt de handmatige
modus na 5 seconden automatisch
uitgeschakeld.
Als u de toets ingedrukt houdt, blijft de
frequentie veranderen totdat u de toets
loslaat.
Als een FM-stereo-uitzending slecht te
ontvangen is:
1
Druk op de toets M/B (modus/
omroepband) om de functiemodus
te activeren terwijl u in stereo naar
een FM-stereo-uitzending luistert.
2 Druk op de toets MO (mono)
terwijl de functiemodus is
geactiveerd, zodat de indicator
MO op de display aangaat.
Elke keer wanneer u op de
toets drukt gaan de indicators
MO (mono) en ST (stereo)
beurtelings aan.
Als de indicator MO op de display aan is, wordt
het geluid in mono weergegeven en verbetert
de ontvangstkwaliteit (de indicator ST gaat uit).
Radiozenders in het geheugen
vastleggen
U kunt één van de volgende twee methoden
gebruiken om de radiozenders in het geheugen
vastteleggen.
Automatisch vasteleggen van FM-zenders:
SSM (Strong-station Sequential Memory)
Handmatig vasteleggen van FM en AM-zenders
Automatisch vasteleggen van
FM-zenders: SSM
U kunt 6 lokale FM-zenders instellen voor elke
FM-golfband (FM1, FM2 en FM3).
1
Selecteer het nummer van de
FM-golfband (FM1 – 3) waarop u
FM-zenders wilt vasteleggen.
1 Druk herhaaldelijk op de
toets SOURCE om FM
of AM als afspeelbron te
selecteren.
2 Druk indien nodig om het
FM-band te selecteren op
de toets M/B (modus/
omroepband) en houdt
deze gedurende minimaal
1 seconde ingedrukt. Elke
keer wanneer u op de
toets drukt en ingedrukt
houdt, wordt er een andere
FM-band geselecteerd, en
wel als volgt:
2
Druk op beide toetsen en houd ze
langer dan 2 seconden ingedrukt.
Lokale FM-zenders met de sterkste signalen
worden opgezocht en automatisch voor de
gekozen golfband (FM1, FM2 of FM3) onder de
cijfertoetsen vastgelegd — nummer 1 (laagste
frequentie) t/m nummer 6 (hoogste frequentie).
De voorkeuzezender die onder cijfertoets 1 is
vastgelegd wordt na het automatisch vastleggen
van de zenders opgeroepen.
De tekst “SSM” verschijnt op
het afleesvenster en
verdwijnt wanneer het
automatisch instellen van
radiozenders is beëindigd.
FM 1 FM 2 FM 3
Druk op de toets ¢
als u wilt afstemmen op een
station dat op een hogere
frequentie uitzendt.
Druk op de toets 4
als u wilt afstemmen op
een station dat op een
lagere frequentie uitzendt.
De indicator MO licht op.
Er brandt een lampje
wanneer een FM-uitzending
in stereo wordt ontvangen.
NL08-10.KD-SH99R[E]f 4/23/01, 6:50 PM9
10
NEDERLANDS
Handmatig vastleggen van zenders
U kunt handmatig maximaal 6 zenders voor iedere
golfband (FM1, FM2, FM3 en AM vastleggen).
Bijv.: Een FM-zender op 88,3 MHz vastleggen
onder nummer 1 van FM1-band
1
Selecteer de omroepband
(FM1 – 3, AM) waarop u zenders wilt
vasteleggen (in dit voorbeeld
cijfertoets FM1).
1 Druk herhaaldelijk op de
toets SOURCE om FM
als afspeelbron te
selecteren.
2 Druk indien nodig om het
FM1 te selecteren op de
toets M/B (modus/
omroepband) en houdt
deze gedurende minimaal
1 seconde ingedrukt. Elke
keer wanneer u op de toets
drukt en ingedrukt houdt,
wordt er een andere FM-
band geselecteerd, en wel
als volgt:
2
Stem af op een zender op 88,3 MHz.
3
Druk op de cijfertoets (in dit voorbeeld
cijfertoets 1) en houd deze langer dan
2 seconden ingedrukt.
4
Herhaal bovenstaande procedure
om andere zenders onder andere
nummers op te slaan.
Opmerkingen:
Een eerder vastgelegde zender wordt gewist
wanneer een hieuwe zender wordt opgeslagen
onder hetzelfde nummer.
Ingestelde zenders worden gewist wanneer de
spannings toevoer naar het geheugen wordt
onderbroken (bijvoorbeeld bij het vervangen van de
accu). Als dit gebeurt, moeten de zenders opnieuw
worden ingesteld.
Afstemmen op een
voorkeuzezender
U kunt in een handomdraai afstemmen op een
vastgelegde voorkeuzezender.
Denk eraan dat u de zenders eerst moet
vastleggen! Zie ook de paragraaf “Radiozenders
in het geheugen vastleggen” op bladzijde 9, als u
dat nog niet hebt gedaan.
1
Selecteer de omroepband
(FM1 – 3, AM).
1 Druk herhaaldelijk op de
toets SOURCE om FM
of AM als afspeelbron te
selecteren.
2
Druk indien nodig om het FM-
bandnummer te selecteren op
de toets M/B
(modus/
omroepband)
en houdt deze
gedurende minimaal 1
seconde ingedrukt. Elke keer
wanneer u op de toets drukt
en ingedrukt houdt, wordt er
een andere FM-band
geselecteerd, en wel als volgt:
2
Selecteer het nummer (1 t/m 6) van
de gewenste zender.
FM 1 FM 2 FM 3
Druk op de toets ¢
als u wilt afstemmen op
een station dat op een
hogere frequentie uitzendt.
“P1” knippert erige tijd.
Druk op de toets 4
als u wilt afstemmen op
een station dat op een
lagere frequentie uitzendt.
FM 1 FM 2 FM 3
Als de geluidskwaliteit vermindert en
het stereo-effect van een FM-zender
verdwijnt...
In bepaalde gebieden kunnen zenders die zich
in elkaars nabijheid bevinden elkaar storen.
Deze eenheid kan dergelijke storing
automatisch verminderen (dit is de
standaardinstelling van deze eenheid bij het
verlaten van de fabriek). In sommige gevallen
neemt de geluidskwaliteit echter af en gaat het
stereo-effect verloren.
Raadpleeg de paragraaf “De selectiviteit van
de FM-tuner wijzigen – IF-FILTER” op
bladzijde 33 als u niets aan geluidskwaliteit wilt
inleveren of het stereo-effect wilt verliezen.
NL08-10.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3610
11
NEDERLANDS
HET GEBRUIK VAN RDS
Wat u kunt doen met RDS EON
RDS (Radio Data System) is een voorziening
waarmee FM-zenders een extra signaal aan hun
regulier programmasignaal toevoegen. Zo kan een
FM-zender bijvoorbeeld de naam van het station
met het programma en informatie over de aard of
het genre van het programma meezenden,
bijvoorbeeld of het uitgezonden programma over
sport gaat of een muziekprogramma is.
Een andere functie van de voorziening RDS is “EON
(Enhanced Other Networks)”. De indicator EON
licht op zodra er een FM-zender wordt ontvangen
die EON-gegevens uitzendt. Met behulp van de
EON-gegevens die door het station worden
verstuurd, kunt u op een andere zender van een
ander netwerk afstemmen dat uw favoriete
programma of verkeersinformatie uitzendt, terwijl
u ondertussen naar een ander programma of een
andere afspeelbron, zoals het CD, luistert.
Met de ontvangst van RDS-gegevens kan deze
eenheid:
Eén en hetzelfde programma blijven volgen
(De Netwerkfunctie)
Standby staan voor de ontvangst van
verkeersinformatie (TA – “Traffic
Announcement”) of uw favoriete programma
Zoeken naar een bepaald programmagenre
(PTY – “Programme Type”)
Programma zoeken
En er zijn nog enkele andere functies waarover
u bij de ontvangst van RDS-signalen kunt
beschikken
Eén en hetzelfde programma blijven
volgen (De netwerkfunctie)
Als u in een gebied rijdt waarin de ontvangst van
FM-signalen te wensen overlaat, zal de tuner die
in deze eenheid is ingebouwd automatisch
overschakelen naar een andere RDS-zender van
hetzelfde station dat hetzelfde programma
uitzendt, maar dan met een sterker
uitzendsignaal. Op die manier kunt u dus naar uw
favoriete programma blijven luisteren en bent u
verzekerd van de best mogelijke ontvangst,
ongeacht waar in het ontvangstgebied u rijdt
(zie de afbeelding op de volgende bladzijde).
Er zijn twee soorten RDS-gegevens die ervoor
zorgen dat u uw favoriete programma tijdens uw
rit kunt blijven volgen: de PI (Programme
Identification) gegevens, en de AF
(Alternative Frequency) gegevens.
Alleen als de ontvangst van allebei deze signalen
van een RDS-zender goed zijn, kunt u uw
favoriete programma blijven volgen. Als een of
beide signalen niet goed worden ontvangen,
werkt deze voorziening niet.
Indicator REG
Indicator AF
Indicator Indicator
AF REG
Modus 3
Modus 2
Modus 1
Om de netwerkfunctie in te schakelen, drukt u
minimaal 1 seconde op TP (traffic programme).
Elke keer wanneer u op deze toets drukt en
houd, verandert de modus van deze functie en
wel als volgt:
Modus 1
De netwerkfunctie is ingeschakeld en
Regionalisatie is uitgeschakeld (“off”).
In deze modus schakelt de ontvanger over naar
een andere zender van hetzelfde station als het
signaal van de geselecteerde zender te zwak
wordt.
In deze modus kan het voorkomen dat het nieuw te
ontvangen programma anders is dan het programma
dat u daarvoor ontving.
Modus 2
De netwerkfunctie is ingeschakeld en ook
Regionalisatie is ingeschakeld (“on”).
In deze modus schakelt de ontvanger over naar
een andere zender van hetzelfde station dat
hetzelfde programma uitzendt als het signaal van
de geselecteerde zender te zwak wordt.
Modus 3
De netwerkfunctie is uitgeschakeld.
Opmerking:
Als er een DAB-tuner is aangesloten en alternatieve
ontvangst (voor DAB-services) is ingeschakeld, is
automatisch ook de netwerkfunctie ingeschakeld. De
netwerkfunctie kan echter niet worden uitgeschakeld
zonder de alternatieve ontvangst uit te schakelen.
(Zie bladzijde 44.)
: gaat aan : gaat uit
(AF)
(AF/REG) (Geannuleerd)
Modus 1
Modus 2 Modus 3
NL11-16.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4311
12
NEDERLANDS
In deze afbeelding ziet u hoe hetzelfde
programma via verschillende frequenties
kan worden ontvangen.
Als er verkeersinformatie wordt uitgezonden
terwijl de TA-standby-modus is ingeschakeld,
verschijnt de vermelding “TRAFFIC” op de
display en schakelt de afspeelbron over naar de
FM-band. Het volume neemt toe tot het vooraf
ingestelde TA-volumeniveau (zie bladzijde 15) en
u hoort de uitgezonden verkeersinformatie.
Druk nogmaals op de toets TP om de
TA-standbyfunctie uit te schakelen.
Standby-ontvangst van een
programmagenre (PTY-standbyfunctie)
Als u op de toets PTY drukt terwijl u
naar een FM-zender luistert, licht de
indicator PTY op wanneer u een
zender ontvangt die het PTY-signaal
uitzendt en wanneer de ontvanger
in PTY-standby-modus staat. De
geselecteerde PTY-naam, die op
bladzijde 13 wordt opgeslagen,
knippert gedurende 5 seconden.
Als het zender dat u ontvangt geen PTY-signaal
uitzendt, gaat de indicator PTY op de display
knipperen. Druk op de toets ¢ of op 4
om de ontvanger in de PTY-standby-modus te zetten.
De vermelding “SEARCH” verschijnt nu op de
display en de ontvanger gaat op zoek naar een
station dat wel een PTY-signaal uitzendt. Zodra er
zo’n station wordt gevonden, gaat de indicator PTY
op de display continu branden.
7 Als u naar een CD een andere aangestoten
aan het luisteren bent, en naar een station wilt
luisteren dat een PTY-signaal uitzendt, moet u
op PTY drukken om de ontvanger in de PTY-
standby-modus te zetten. (De indicator PTY op
de display licht op.)
Als het geselecteerde PTY-programma wordt
uitgezonden terwijl de PTY-standby-modus is
ingeschakeld, verschijnt de geselecteerde
PTY-naam op de display en schakelt de
afspeelbron over naar de FM-band. Het
geselecteerde PTY-programma wordt nu ten
gehore gebracht.
Druk nogmaals op de toets PTY om de
PTY-standbyfunctie uit te schakelen.
Het gebruik van standby-ontvangst
Met standby-ontvangst kunt u tijdelijk
overschakelen naar uw favoriete programmagenre
(PTY) of verkeersinformatie (TA) uitzendt, terwijl u
naar de door u geselecteerde afspeelbron luistert
(zoals een FM-zender, CD of een andere
aangesloten afspeelbron).
Standby-ontvangst is niet mogelijk wanneer u naar
een AM-zender luistert.
Standby-ontvangst van verkeersinformatie
(TA-standbyfunctie)
Als u op de toets TP drukt terwijl u
naar een FM-zender luistert, licht de
indicator TP op wanneer u een
zender ontvangt die het TP-signaal
uitzendt (Verkeersinformatie) en
wanneer de ontvanger in TA-
standby-modus staat.
Als het station dat u ontvangt geen TP-signaal
uitzendt, gaat de indicator TP op de display
knipperen. Druk op de toets ¢ of op 4
om de ontvanger in de TA-standby-modus te zetten.
De vermelding “SEARCH” verschijnt nu op de
display en de ontvanger gaat op zoek naar een
zender dat wel een TP-signaal uitzendt. Zodra er
zo’n station wordt gevonden, gaat de indicator TP
op de display continu branden.
7 Als u naar een CD een andere aangestoten
aan het luisteren bent, en naar een zender wilt
luisteren dat een TP-signaal uitzendt, moet u
op de toets TP drukken om de ontvanger in de
TA-standby-modus te zetten. (De indicator TP
op de display licht op.)
Programma 1
op frequentie C
Programma 1
op frequentie D
Programma 1
op frequentie B
Programma 1
op frequentie A
Programma 1
op frequentie E
NL11-16.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4312
13
NEDERLANDS
Een PTY-code invoeren voor de
standby-ontvangst van een
programmagenre
Het is mogelijk om het programmagenre waar
u het liefst naar luistert in de vorm van een
PTY-code in het geheugen van de eenheid in te
voeren zodat u hier naar kunt luisteren zodra er
zich zo’n programma aandient.
Standaard staat de eenheid voor de
standby-ontvangst van een programmagenre op
de PTY-code “NEWS” ingesteld.
1
Druk op de toets SEL (selecteren) in
en houd deze ten minste 2 seconden
ingedrukt, zodat een van de PSM-
vermeldingen op de display wordt
weergegeven.
(PSM: zie bladzijde 31.)
2
Selecteer de vermelding “PTY STBY”
(standby) als deze niet al meteen op
de display wordt weergegeven.
3
Selecteer een van de 29 PTY-codes die
beschikbaar zijn. (Zie bladzijde 16.)
De naam van de
PTY-code die u selecteert,
wordt op de display
weergegeven en in het
geheugen opgeslagen.
4
Druk op de toets SEL (selecteren)
om het instellen te voltooien.
Uw favoriete programmagenre
opzoeken
Het is mogelijk om naar één van maximaal zes in
het geheugen opgeslagen programmagenres te
zoeken.
Standaard liggen de volgende zes
programmagenres achter de cijfertoetsen
(1 t/m 6) opgeslagen.
Zie de informatie hieronder voor een uitleg over
het opslaan van uw favoriete programmagenres.
Zie bladzijde 14 voor een uitleg over het
zoeken van uw favoriete programma.
Uw favoriete programmagenres in het
geheugen opslaan
1
Druk op de toets SEL (selecteren) in
en houd deze ten minste 2 seconden
ingedrukt, zodat een van de PSM-
vermeldingen op de display wordt
weergegeven.
(PSM: zie bladzijde 31.)
2
Selecteer de vermelding “PTY SEARCH”
(zoeken) als deze niet al meteen op de
display wordt weergegeven.
3
Selecteer een van de 29 PTY-codes die
beschikbaar zijn. (Zie bladzijde 16.)
De naam van de
PTY-code die u selecteert,
wordt op de display
weergegeven.
Als u de code selecteert
die al in het geheugen
ligt opgeslagen, wordt
die knipperend op de
display weergegeven.
POP M
1
2
3
ROCK M EASY M
45
6
CLASSICS
AFFAIRS
VARIED
VERVOLG, ZIE OMMEZIJDE
NL11-16.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4313
14
NEDERLANDS
4
Druk de gewenste cijfertoets in en
houd deze minimaal 2 seconden vast
om de geselecteerde PTY-code op te
slaan onder de cijfertoets van uw
keuze.
De vermelding “MEMORY” en de geselecteerde
codenaam knipperen beurtelings op de display
en daarna knippert alleen de geselecteerde
codenaam op de display.
5
Druk op de toets SEL (selecteren)
om het instellen te voltooien.
Een programmagenre opzoeken
1
Druk op de toets PTY (programme
type) en houd deze ten minste 1
seconde ingedrukt terwijl u naar een
FM-zender luistert.
2
Selecteer een van de PTY-codes die
onder de zes cijfertoetsen (1 t/m 6)
liggen opgeslagen.
De PTY-zoekopdracht naar uw favoriete
programma begint na 5 seconden.
Als er een station is dat een programma
uitzendt en daarbij een PTY-signaal meezendt
dat overeenkomt met de PTY-code die u hebt
geselecteerd, stemt de eenheid automatisch op
dat station af.
Als er geen station is dat een programma
uitzendt en daarbij een PTY-signaal meezendt
dat overeenkomt met de PTY-code die u hebt
geselecteerd, blijft de eenheid afgestemd op
het station dat al was geselecteerd.
Opmerking:
In sommige gebieden werkt het zoeken met PTY-codes
niet goed.
De PTY-code die als laatste werd
geselecteerd, verschijnt op de display.
Andere nuttige RDS-functies en
het maken van aanpassingen
Automatische selectie van een station
bij gebruik van de cijfertoetsen
Normaliter zal de eenheid wanneer u op een van
de cijfertoetsen drukt automatisch afstemmen op
de vooraf ingestelde voorkeurzender.
Als deze zender een RDS-zender is, gebeurt er
echter iets anders. Als het ontvangen signaal niet
sterk genoeg is, gaat de eenheid op basis van de
AF-gegevens namelijk automatisch op zoek naar
een andere, sterkere zender die hetzelfde
programma uitzendt als de voorkeurzender die
u hebt gekozen (dit wordt Programma zoeken
genoemd).
Omdat het uitvoeren van de zoekopdracht enige
tijd in beslag neemt, duurt het even tot er op een
ander station wordt afgestemd.
Hoe u deze voorziening activeert, wordt hieronder
uitgelegd.
Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen
wijzigen (PSM)”, op bladzijde 30.
1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd
deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat
een van de PSM-vermeldingen op de display
wordt weergegeven.
2
Druk op de toets ¢ of op 4 om de
vermelding “P-SEARCH” te selecteren.
3 Draai de bedieningsschijf met de wijzers van de
klok mee en selecteer “SEARCH ON”.
De voorziening Programma zoeken is nu
ingeschakeld.
4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het
instellen te voltooien.
Als u het zoeken naar een programma wilt
beëindigen, herhaalt u de bovenstaande
procedure, maar selecteert u in stap 3 de
vermelding “SEARCH OFF” door de draaiknop
tegen de wijzers van de klok in te draaien.
Bijv.: Indien “ROCK M” wordt
opgeslagen onder voorkeurtoets 2
NL11-16.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4314
15
NEDERLANDS
1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd
deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat
een van de PSM-vermeldingen op de display
wordt weergegeven.
2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de
vermelding “TA VOL” te selecteren.
3 Draai aan de bedieningsschijf om het gewenste
volume te kiezen.
U kunt het volume instellen op een waarde van
“TA VOL 00” tot “TA VOL 50”.
4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het
instellen te voltooien.
Automatisch aanpassen van de klok
De tijd die de klok weergeeft die in deze eenheid
is ingebouwd wordt automatisch aangepast aan
de tijdgegevens (CT – Clock Time) die met het
RDS-signaal van een zender worden
meegezonden.
Als u wilt dat de klok niet automatisch wordt
aangepast, moet u de onderstaande procedure
volgen.
Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen
wijzigen (PSM)” op bladzijde 30.
1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd
deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat
een van de PSM-vermeldingen op de display
wordt weergegeven.
2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de
vermelding “AUTO ADJ” te selecteren.
3 Draai de bedieningsschijf tegen de wijzers van
de klok in om “ADJUST OFF” te kiezen.
U hebt het automatisch aanpassen van de klok
nu uitgeschakeld.
4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het
instellen te voltooien.
Als u het aanpassen van de klok opnieuw wilt
activeren, moet u de procedure herhalen en in
stap 3 “ADJUST ON” selecteren door de
bedieningsschijf met de wijzers van de klok mee
te draaien.
Opmerking:
Nadat u voor “AUTO ADJ” de instelling “ADJUST
ON” hebt gekozen, dient u de eenheid tenminste 2
minuten op hetzelfde station afgestemd te houden,
anders wordt de klok niet aangepast. (Dit is nodig
omdat de eenheid maximaal 2 minuten nodig heeft om
de tijdgegevens in het RDS-signaal te ontvangen en
verwerken.)
Stationsnaam
(PS NAME)
Frequentie station
(FREQ)
Programmagenre
(PTY)
De weergave op de display wijzigen
terwijl u naar een FM-zender luistert
Wat er als eerste op de display wordt
weergegeven wanneer u naar een FM-zender
luistert dat gebruik maakt van het RDS-systeem,
kunt u zelf bepalen. U kunt de oorspronkelijke
weergave desgewenst wijzigen in de
stationsnaam (PS NAME) of de frequentie van
het ontvangen station (FREQUENCY).
Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen
wijzigen (PSM)” op bladzijde 30.
1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd
deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een
van de PSM-vermeldingen op de display wordt
weergegeven.
2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de
vermelding “TUNER DISP” (weergavemodus
van de tuner) te selecteren.
3 Draai aan de bedieningsschijf om de gewenste
instelling te kiezen (“FREQUENCY” of “PS
NAME”).
4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het
instellen te voltooien.
Opmerking:
Als u op D (display) drukt, kunt u de display alleen
wijzigen terwijl u naar een FM RDS-zender luistert.
Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt de
volgende informatie op de display weergegeven:
Na enkele seconden keert de display terug naar de
oorspronkelijke weergave.
Het volumeniveau voor
verkeersinformatie instellen
Het is mogelijk om voor de standby-ontvangst van
verkeersinformatie op te geven met welk
geluidsvolume u deze informatie wilt horen. In dat
geval zal het geluid zodra er verkeersinformatie
wordt ontvangen, worden aangepast aan het
volume dat u hebt ingesteld.
Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen
wijzigen (PSM)” op bladzijde 30.
NL11-16.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4315
16
NEDERLANDS
PTY-codes
NEWS: Nieuws
AFFAIRS: Actualiteiten en achtergrond
informatie aangaande het nieuws
INFO: Informatieve programma’s over
diverse verscillende
onderwerpen
SPORT: Sportverslagen
EDUCATE: Educatieve programma’s
DRAMA: Radio-hoorspelen
CULTURE: Programma’s aangaande
nationale of regionale cultuur
SCIENCE: Wetenschappelijke en technische
programma’s
VARIED: Overige programma’s,
bijvoorbeeld ceremonies en
comedies
POP M: Popmuziek
ROCK M: Rockmuziek
EASY M: Easy-listening muziek
LIGHT M: Lichte muziek
CLASSICS: Klassieke muziek
OTHER M: Overige muziek
WEATHER: Weerberichten
FINANCE: Programma’s aangaande handel
en de beurs en beursberichten,
etc.
CHILDREN: Amusement voor kinderen
SOCIAL: Programma’s over sociale
activiteiten
RELIGION: Programma’s over aspecten van
geloof en religie, aangaande het
bestaan en ethiek
PHONE IN: Programma’s waarin mensen
via de telefoon of een publiek
forum hun meningen kunnen
uiten
TRAVEL: Programma’s over reizen en
bestemmingen, georganiseerde
reizen en ideeën en
mogelijkheden voor vacanties
LEISURE: Programma’s over recreatieve
bezigheden, bijvoorbeeld
tuinieren, koken, vissen, etc.
JAZZ: Jazz-muziek
COUNTRY: Country-muziek
NATION M: Huidige populaire muziek van
een bepaald land of gebied in de
taal van het land of gebied
OLDIES: Gouwe-Ouwe
FOLK M: Folk-muziek
DOCUMENT: Programma’s over feitelijke
gebeurtenissen, vaak
gepresenteerd in een
onderzoekende stijl
NL11-16.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4316
17
NEDERLANDS
GEBRUIK VAN DE CD-SPELER
Opmerkingen:
Wanneer er zich een CD in de laadopening bevindt en u
“CD” als afspeelbron selecteert door op SOURCE
te drukken, wordt de CD afgespeeld.
Als een disk ondersteboven wordt geplaatst, wordt de
CD-speler automatisch geopend.
Als u de CD Text afspeelt, worden op de display de titel
van de CD en de naam van de uitvoerende artiest
weergegeven. Vervolgens wordt het nummer van het
muziekstuk en de verstreken speeltijd weergegeven. Zie
ook de paragraaf “De tekst van een CD met CD Text
weergeven” (bladzijde 19) en de paragraaf “De instelling
voor lopende tekst selecteren – SCROLL” (bladzijde 32).
Als er op een CD met CD Text veel informatie staat, kan
het zijn dat niet de hele tekst op de display wordt
weergegeven.
Wanneer u een andere afspeelbron selecteert, stopt het
afspelen van de CD (alleen nu zonder dat de CD uit de
laadopening naar voren komt).
Stoppen met afspelen en de CD terug laten
springen
Druk op de toets 0.
Het afspelen van de CD wordt beëindigd, het
bedieningspaneel komt naar beneden en de CD
komt uit de laadopening naar voren.
Druk als u het bedieningspaneel weer in de
vorige positie wilt hebben nogmaals op de
toets 0.
Als de lade gedurende één minuut is geopend
(of gedurende 30 seconden als u de CD hebt
uitgeworpen en de contactsleutel op “OFF” is
gesteld) is er een toon hoorbaar en keert het
bedieningspaneel terug naar de vorige positie.
Let erop dat de disk of vingers niet vast komen
te zitten tussen het bedieningspaneel en de
eenheid.
Opmerking:
Als de teruggesprongen CD niet binnen ongeveer 15
seconden uit de CD-lade wordt verwijderd, wordt de CD
automatisch opnieuw in de CD-lade geplaatst, zodat hij
niet stoffig wordt. (Deze keer wordt niet automatisch met
afspelen begonnen.)
Zie voor het afspelen van MP3-CD ook de paragraaf
“BEDIENING VAN DE MP3” op pagina 22 t/m 26.
Een CD afspelen
1
Open de laadopening.
Het bedieningspaneel komt naar
beneden en de laadopening
verschijnt.
Opmerking:
Als er een extern apparaat op de extra ingang is
ingesloten, dient u CD’s voorzichtig te plaatsen
en verwijderen.
2
Plaats een CD in de lade.
De CD wordt naar
binnen getrokken, het
bedieningspaneel keert
terug naar de vorige
positie (zie bladzijde
35) en de CD begint
automatisch te spelen.
Alle tracks op de disk
worden net zo vaak
herhaald tot u het
afspelen beëindigd.
Deze functie wordt
— All Track Repeat
Play genoemd.
Opmerking:
Plaats geen disk met een diameter van 8 cm in de
laadopening omdat dergelijke disks vast komen te zitten.
De display wordt gewijzigd en geeft het volgende weer:
Totaal aantal muziekstukken
op de CD die in de
CD-lade is geplaatst
Totale afspeeltijd van de CD
die in de CD-lade is
geplaatst
Huidige muziekstuk Verstreken afspeeltijd
NL17-19.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4117
18
NEDERLANDS
Een muziekstuk of een
bepaald punt op de CD zoeken
Het muziekstuk versneld vooruit afspelen of
achteruit afspelen
Naar de volgende of vorige tracks gaan
Druk tijdens het afspelen van
een CD op de toets
¢ , en houd deze toets
ingedrukt om het muziekstuk
versneld vooruit af te spelen.
Druk tijdens het afspelen van
een CD op de toets
4, en houd deze toets
ingedrukt om het muziekstuk
achteruit af te spelen.
Druk tijdens het afspelen van
een CD kort op de toets
¢ om naar het begin
van de volgende track te
gaan. Elke keer wanneer u op
deze toets drukt, wordt het
begin van de volgende track
opgezocht, geselecteerd en
ten gehore gebracht.
Direct naar een bepaald muziekstuk gaan
Druk op de cijfertoets die bij een bepaald
muziekstuk hoort, om het afspelen van dat
muziekstuk te laten beginnen.
Om een muziekstuk met nummer 1 – 6 te
selecteren:
Druk kort op 1 (7) – 6 (12).
Om een muziekstuk met nummer 7 – 12 te
selecteren:
Druk op 1 (7) – 6 (12) en houd de cijfertoets
langer dan 1 seconde ingedrukt.
Verstreken afspeeltijd
Nummer van
het muziekstuk
Afspeelmodus selecteren
Tracks in willekeurige volgorde afspelen
(Random Play)
1 Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) om de
functiemodus te activeren terwijl u
een CD afspeelt. De eenheid
schakelt over op de functiemodus.
2
Druk op de toets RND (random)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de indicator
RND op de display aangaat.
Elke keer als u op de toets RND
drukt, de willekeurige
afspeelmodus voor CD’s worden
in- of uitgeschakeld.
Wanneer deze functie is ingeschakeld, licht de
indicator RND op de display op en wordt er een
willekeurige track afgespeeld.
De geselecteerde track herhaaldelijk
afspelen (de functie One Track Repeat Play)
1 Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) om de
functiemodus te activeren terwijl u
een CD afspeelt. De eenheid
schakelt over op de functiemodus.
2 Druk op de toets RPT (repeat)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de indicator
RPT op de display aangaat.
Elke keer als u op de toets RPT
drukt, wordt de functie voor het
herhaald afspelen van één
enkele track in- of uitgeschakeld.
Als de functie voor het herhaald
afspelen van één enkele track
wordt uitgeschakeld, wordt de
functie functie waarbij alle
tracks herhaaldelijk
geactiveerd.
Druk tijdens het afspelen van
een CD kort op de toets
4 om terug te keren
naar het begin van de huidige
track. Elke keer wanneer u op
deze toets drukt, wordt het
begin van de vorige track
opgezocht, geselecteerd en
ten gehore gebracht.
NL17-19.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4118
19
NEDERLANDS
4
Opmerkingen:
Op de display kunnen maximaal 10 tekens tegelijk
worden weergegeven. Als de informatie uit meer dan
10 tekens bestaat, loopt de tekst automatisch van
rechts naar links over de display. Zie ook de
paragraaf “De instelling voor lopende tekst
selecteren – SCROLL” op bladzijde 32.
Wanneer u op de toets D (display) drukt terwijl u naar
een gewone CD luistert, verschijnt de vermelding “NO
NAME” op de display voor de titel/artiest van de CD
en de titel van het muziekstuk.
Voorkomen dat de CD terugspringt
U kunt voorkomen dat de CD uit de lade springt
door deze in de lade te vergrendelen.
Druk wanneer u op de toets SEL
(selecteren), drukt tevens op de
toets 0 en houd de toetsen
gedurende minimaal 2 seconden
ingedrukt.
De vermelding “NO EJECT” zal
gedurende circa 5 seconden op
de display knipperen en de CD
wordt vergrendeld. De CD kan nu
niet meer uit de laadopening
worden gehaald.
Opmerking:
Als u op de toets 0 drukt terwijl het uitwerpen van
CD’s niet is toegestaan, komt het bedieningspaneel
weliswaar naar beneden geschoven, maar kan er
geen CD worden uitgenomen.
Druk op de toets 0 als u het bedieningspaneel naar
de vorige positie wilt laten terugkeren.
Als u de vergrendeling ongedaan wilt maken
en de CD weer toegankelijk wilt maken moet u
de toets 0 gedurende minimaal 2 seconden
ingedrukt houden terwijl u op de toets SEL drukt.
Vervolgens knippert de vermelding “EJECT OK”
gedurende circa 5 seconden op de display. De
laadopening is nu ontgrendeld en de CD is weer
toegankelijk.
Titel van de
CD / Artiest
Titel van het
muziekstuk
Nummer huidige track en
verstreken speeltijd
De tekst van een CD met CD
Text weergeven
Op een CD met CD Text is informatie opgenomen
zoals de titel van de CD, de naam van de
uitvoerende artiest en de titel van de tracks.
Het is mogelijk om deze informatie op de display
weer te geven.
1
Selecteer tijdens het afspelen van
een CD met CD Text de
afspeelmodus die tekst kan
weergegeven.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, verandert de
weergave op de display en wel
als volgt:
Alleen intro’s afspelen (Intro scan)
Het is mogelijk om van alle tracks alleen de
eerste 15 seconden af te spelen, zodat u de
intro’s kunt beluisteren.
1
Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) om de
functiemodus te activeren terwijl u
een CD afspeelt. De eenheid
schakelt over op de functiemodus.
2 Druk op de toets INT (intro scan)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de
vermelding “INT” op de display
wordt weergegeven.
Elke keer als u op de toets INT
drukt
, de introscanmodus voor
CD’s worden in- of
uitgeschakeld.
Nummer van het muziekstuk dat
wordt afgespeeld
NL17-19.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4119
20
NEDERLANDS
INTRODUCTIE EEN MP3
Hoe worden MP3-bestanden
opnemen en afgespeeld?
MP3-“bestanden of -tracks” worden tijdens het
opnemen “mappen” geplaatst, zoals deze in
computertermen worden genoemd.
Tijdens de opnameprocedure kunnen bestanden
en mappen op dezelfde manier worden geordend
als dat bij bestanden en mappen met
computergegevens kan.
De “hoofdmap” is de bovenste map in de
hiërarchie met mappen en bestanden. Elk
bestand en elke map vallen onder de hoofdmap
en kunnen vanuit de hoofdmap worden
benaderd.
In overeenstemming met ISO 9660 is acht het
maximale aantal mappen dat onder de hoofdmap
kan worden geplaatst. Het geheel van hoofdmap
en onderliggende mappen en bestanden wordt
de “hiërarchie” genoemd.
In welke volgorde bestanden worden afgespeeld,
doorzocht, en in welke volgorde mappen met
MP3-bestanden worden doorzocht, wordt
bepaald door de encoding-toepassing die de
muziek in MP3-indeling omzet. De
afspeelvolgorde kan dus anders zijn dan wat u in
gedachte hebt als u de mappen en bestanden
opneemt.
Op de volgende pagina is te zien hoe MP3-
bestanden op CD-R en CD-RW worden
opgenomen, afgespeeld en hoe deze met deze
eenheid worden opgezocht.
Opmerkingen:
Deze eenheid kan CD-ROM’s met MP3-bestanden
lezen, maar als er op de CD-ROM ook bestanden in
een andere indeling dan MP3-bestanden staan, kost
het de eenheid meer tijd de disk te doorzoeken. De
aanwezigheid van andere bestandsindelingen kan
ook een storing in de eenheid veroorzaken.
De eenheid kan geen MP3-bestanden lezen of
schrijven als deze niet de extensie mp3 hebben.
Deze eenheid is niet compatibel met Playlist**.
**Een playlist is een eenvoudig tekstbestand, zoals deze
op PC’s worden gebruikt, waarmee gebruikers zelf de
afspeelvolgorde van de bestanden kunnen bepalen
zonder de bestanden fysiek opnieuw te ordenen.
Wat is MP3?
MP3 is de afkorting van een lange Engelse term:
Motion Picture Experts Group (of MPEG) Audio
Layer 3. Kort gezegd is MP3 een indeling voor
gegevensbestanden met een
compressieverhouding van 1:10 (128 Kbps*). Dit
houdt in dat u met de MP3-bestandsindeling 10
keer zoveel gegevens op een CD-R of CD-RW kunt
zetten dan er op een gewone muziek-CD past.
*Bit-rate is het gemiddelde aantal bits dat er voor 1
seconde aan audio nodig is. De bit-rate wordt uitgedrukt
in kBps, ofwel kilobits per seconde (1000 bits/seconde).
Hoe hoger de bit-rate, hoe beter de geluidskwaliteit. De
meest gangbare bit-rate voor het coderen van audio is
128 Kbps.
Deze eenheid is uitgerust met een MP3-decoder.
Dit betekent dat het mogelijk is om MP3-bestande
(tracks) af te spelen die op CD-R, CD-RW en CD-
ROM zijn opgenomen.
Compatibel met ID3v1
In elk MP3-bestand kan aanvullende informatie
worden opgeslagen, zoals de albumtitel, naam van
de uitvoerende artiest, titel van de song, jaar van
de opname, genre en een korte opmerking.
Deze eenheid kan dergelijk informatie (albumtitel,
naam van de uitvoerende artiest en titel van de
song), die ID3v1-tags worden genoemd, op de
display weergeven. (Zie bladzijde 45.)
Sommige tekens kunnen niet op de juiste
manier worden weergegeven.
Deze eenheid is niet compatibel met ID3v2.
Andere kenmerken van deze eenheid:
Maximaal aantal hiërarchieënniveau: 8
Maximaal aantal mappen/bestanden: 255
(Totaal)
Beschikbare tekens voor map/bestandnaam:
A–Z, 0–9, _ (underscore)
Maximaal aantal tekens voor bestandsnamen
(ISO 9660 Niveau 1): 12 (inclusief
scheidingsteken—“.” en
extensie—“mp3”)
(ISO 9660 Niveau 2):31 (inclusief
scheidingsteken—“.” en
extensie—“mp3”)
Maximaal aantal tekens voor mapnaam: 31
Waarschuwingen met betrekking tot het
maken van MP3-bestanden op CD-R’s en
CD-RW’s
Deze eenheid kan alleen MP3-bestanden lezen die
de bestandsindeling hebben die voldoet aan deze
normen: ISO 9660 Niveau 1 of Niveau 2.
NL20-26.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3920
21
NEDERLANDS
De configuratie van MP3-mappen en bestanden
MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorde (bladzijde 23)
De cijfers die naast de MP3-bestanden ( ) zijn omcirkeld geven de afspeelvolgorde en de
zoekvolgorde van de MP3-bestanden aan. Normaalgesproken speelt deze eenheid MP3-
bestanden af in de volgorde waarin deze zijn opgenomen.
De cijfers in de mappen geven de afspeelvolgorde en zoekvolgorde van de mappen op de MP3-
CD aan. Normaalgesproken speelt deze eenheid MP3-bestanden in de mappen af in de volgorde
waarin deze zijn opgenomen.
Naar een andere map gaan (bladzijde 25)
U kunt binnen dezelfde hiërarchieniveau naar een andere map gaan (b.v. van map 3 naar map 5 of
9) of naar een map in een andere hiÎrarchie (b.v. van map 5 naar map 4 of 6).
1312
18
19
17
2322 24
1110 2120
1 2
5 6
3 4
2
4
ROOT
15 1614
6 7
5 9
1
8
7
8
9
3
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 5
Niveau 6
Hiërarchieën
: Hoofdmap
: Onderliggende
mappen
: MP3-
bestanden
1
ROOT
Opmerkingen:
In overeenstemming met ISO 9660 is acht het maximale aantal
hiërarchie. Hierin is de hoofdmap inbegrepen.
Als er een multi-sessie disk wordt geladen, kan alleen de laatste
sessie worden afgespeeld.
NL20-26.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3921
22
NEDERLANDS
Zie
ook de paragraaf
“GEBRUIK VAN DE
CD-SPELER” op pagina 17 t/m 19.
Een MP3-CD afspelen
1
Open de laadopening.
Het bedieningspaneel komt naar
beneden en de laadopening
verschijnt.
2
Plaats een MP3-CD in de lade.
De eenheid trekt de
CD naar binnen, het
bedieningspaneel gaat
terug naar de vorige
positie (zie bladzijde
35) en het afspelen
begint automatisch.
BEDIENING VAN DE MP3
Het afspelen begint automatisch bij het eerste
bestand in de eerste map nadat de
bestandscontrole is voltooid.
Vervolgens wordt de volgende informatie op
de display weergegeven:
Als “TAG ON” wordt geselecteerd
(standaardinstelling: zie bladzijde 33)
De naam album/naam artiest (mapnaam)*
= Titel van de track (bestandsnaam)* =
Verstreken speeltijd.
* Als een MP3-bestand geen ID3-tag heeft,
worden de mapnaam en bestandsnaam
weergegeven.
Als “TAG OFF” wordt geselecteerd
De mapnaam en bestandsnaam worden
weergegeven.
Opmerkingen:
Alle bestanden op de disk worden herhaald tot u het
afspelen beëindigt—de functie All File Repeat Play.
MP3-CD vragen iets meer leestijd**.
(De hoeveelheid tijd is afhankelijk van de
complexiteit van de map- en bestandshiÎrarchie.)
**De leestijd is de tijd die de eenheid aanvankelijk nodig
heeft om de disk te onderzoeken en de
bestandsinformatie te lezen.
Bijv.: Als op de CD 13 mappen en 125 MP3-
bestanden staan.
NL20-26.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3922
23
NEDERLANDS
De display-informatie wijzigen
U kunt tijdens het afspelen van een
MP3-bestand andere
bestandsinformatie op de display
weergeven.
Elke keer wanneer u op de toets
D (display) drukt, wordt er andere
informatie op de display
weergegeven en wel als volgt:
Als “TAG ON” wordt geselecteerd
(standaardinstelling: zie pagina 33)
* Als een MP3-bestand geen ID3-tag heeft,
worden de mapnaam en bestandsnaam
weergegeven.
Als “TAG OFF” wordt geselecteerd
Opmerkingen:
Op de display kunnen maximaal 10 tekens tegelijk
worden weergegeven. Als de informatie uit meer dan
10 tekens bestaat, loopt de tekst automatisch van
rechts naar links over de display.
Zie ook de paragraaf “De instelling voor lopende
tekst selecteren – SCROLL” op bladzijde 32.
Stoppen met afspelen en de CD terug laten
springen
Druk op de toets 0.
Het afspelen stopt, het bedieningspaneel komt
naar beneden geschoven en de disk wordt uit de
laadopening uitgeworpen.
Naar een volgend of vorig bestand gaan
Een bestand of een bepaalde
passage op een MP3-CD
opzoeken
Bestand snel vooruit of achteruit spoelen
Druk tijdens het afspelen kort
op de toets ¢ als u
naar het begin van het
volgende bestand wilt gaan.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, wordt het begin
van een volgend bestand
opgezocht en afgespeeld.
(Zie de paragraaf “MP3’s
afspeelvolgorde en
zoekvolgorde” op bladzijde 21.)
Druk tijdens het afspelen van
een MP3-CD op de toets
¢ en houdt de toets
ingedrukt als u het bestand
wilt terugspoelen.
Druk tijdens het afspelen van
een MP3-CD op de toets
4 en houdt de toets
ingedrukt als u het bestand
vooruit wilt spoelen.
Verstreken speeltijd/
Bestandsnummer
Titel van
de track
(Bestandsnaam)
Naam album/
Naam artiest
(Mapnaam)
Druk tijdens het afspelen kort
op de toets 4 als u
naar het begin van het
huidige bestand wilt gaan.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, wordt het begin
van een vorig bestand
opgezocht en afgespeeld.
(Zie de paragraaf “MP3’s
afspeelvolgorde en
zoekvolgorder” op bladzijde 21.)
Verstreken speeltijd/
Bestandsnummer
BestandsnaamMapnaam
NL20-26.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3923
24
NEDERLANDS
Naar de volgende map gaan—binnen
dezelfde hiërarchieniveau of in een andere
hiërarchieniveau
Op het bedieningspaneel:
1 Druk op de toets M/B (modus/
band) terwijl er een MP3-CD
wordt afgespeeld. De eenheid
schakelt over op de functiemodus.
2
Druk kort op de toets ¢ terwijl
de functiemodus is geactiveerd.
Elke keer wanneer u stap 1 en
2 opnieuw uitvoert, wordt een
volgende map opgezocht (en
begint het afspelen bij het eerste
bestand in de map, als die er is).
(Zie de paragraaf “MP3’s
afspeelvolgorde en
zoekvolgorde” op pagina 21.)
Met de afstandsbediening:
Elke keer waneer u op de toets drukt
en deze ingedrukt houdt, wordt een
volgende map opgezocht (en begint
het afspelen bij het eerste bestand
in de map, als die er is).
(Zie de paragraaf “MP3’s
afspeelvolgorde en zoekvolgorde”
op bladzijde 21.)
Naar de vorige map gaan—binnen
dezelfde hiërarchieniveau of in een andere
hiërarchieniveau
Op het bedieningspaneel:
1 Druk op de toets M/B (modus/
band) terwijl er een MP3-CD
wordt afgespeeld. De eenheid
schakelt over op de functiemodus.
2
Druk kort op de toets 4 terwijl
de functiemodus is geactiveerd.
Elke keer wanneer u stap 1 en
2 opnieuw uitvoert, wordt een
vorige map opgezocht (en begint
het afspelen bij het eerste
bestand in de map, als die er is).
(Zie de paragraaf “MP3’s
afspeelvolgorde en
zoekvolgorde” op bladzijde 21.)
Met de afstandsbediening:
Elke keer waneer u op de toets drukt
en deze ingedrukt houdt, wordt een
vorige map opgezocht (en begint het
afspelen bij het eerste bestand in de
map, als die er is).
(Zie de paragraaf “MP3’s
afspeelvolgorde en zoekvolgorde”
op bladzijde 21.)
Rechtstreeks naar een bepaalde map gaan
BELANGRIJK:
Als u mappen rechtstreeks met behulp van de
cijfertoetsen wilt selecteren, dient elke map aan
het begin van de mapnaam een twee-cijferig
getal zijn toegekend. (Dit kan alleen worden
gedaan tijdens het op CD-R of CD-RW
opnemen van de MP3-bestanden.)
Bijv.: Als de mapnaam “01 ABC” is
Drukt op 1 om rechtstreeks naar
map “01 ABC” te gaan
Als de mapnaam “1 ABC” is
Drukken op 1 werkt niet
Als de mapnaam “12 ABC” is
Druk op 6 (12) en houdt de toets
ingedrukt om naar map “12 ABC”
te gaan
Als u op de cijfertoets druk die overeenkomt met
het mapgetal begint het afspelen bij het eerste
bestand in de geselecteerde map.
Als u een mapgetal van 01 – 06 wilt selecteren:
Druk kort op 1 (7) – 6 (12).
Als u een mapgetal van 07 – 12 wilt selecteren:
Druk op 1 (7) – 6 (12) en houdt de toets minimaal
1 seconde ingedrukt.
Opmerking:
Als “MP3” op de display knippert nadat u een map
hebt geselecteerd, betekent dit dat er in die map
geen MP3-bestanden aanwezig zijn.
Het is niet mogelijk een map rechtstreeks te kiezen
met een getal dat groter is dan 12.
Druk als u een bepaald bestand in een map
wilt selecteren op de toets ¢ of op de
toets 4 nadat u de map hebt geselecteerd.
PRESET
PRESET
NL20-26.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3924
25
NEDERLANDS
Naar de volgende map binnen dezelfde
hiërarchieniveau gaan
Met de afstandsbediening:
Elke keer wanneer u op de toets
drukt, wordt een volgende map
binnen dezelfde hiërarchieniveau
opgezocht (en begint het
afspelen bij het eerste bestand in
de map, als die er is).
Naar de vorige map binnen dezelfde
hiërarchieniveau gaan
Met de afstandsbediening:
Elke keer wanneer u op de toets
drukt, wordt een vorige map
binnen dezelfde hiërarchieniveau
opgezocht (en begint het
afspelen bij het eerste bestand in
de map, als die er is).
Naar een map in een lagere
hiërarchieniveau gaan
Met de afstandsbediening:
Elke keer wanneer u op de toets
drukt, wordt een map in een
onderliggende hiërarchieniveau
opgezocht (en begint het
afspelen bij het eerste bestand in
de map, als die er is).
Naar een map in een hogere
hiërarchieniveau gaan
Met de afstandsbediening:
Elke keer wanneer u op de toets
drukt, wordt een map in een
bovenliggende hiërarchieniveau
opgezocht (en begint het
afspelen bij het eerste bestand in
de map, als die er is).
Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 1 afspeelt
(zie de illustratie op bladzijde 21)
Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 4
afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21)
1 2 3
4 5 6
Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 3 afspeelt
(zie de illustratie op bladzijde 21)
Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 5
afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21)
3 2 1
ROOT
Als u rechtstreeks naar de hoofdmap wilt
gaan, moet u op de afstandsbediening op R
D
drukken. U kunt vanuit elke map teruggaan naar
de hoofdmap.
Als er bestanden in de eerste hiërarchieniveau
zijn opgenomen zonder dat deze in een map
staan, zal de eenheid deze bestanden afspelen.
5 4 1
ROOT
4 2 8 4
Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 4 afspeelt
(zie de illustratie op bladzijde 21)
Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 5 afspeelt
(zie de illustratie op bladzijde 21)
5 3 9 5
PRESET
DISC
DISC
PRESET
4 8 2 4
Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 4
afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21)
Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 5 afspeelt
(zie de illustratie op bladzijde 21)
5 9 3 5
Opmerking:
Als er zich geen MP3-bestand in de map bevindt die u
hebt geselecteerd, wordt de mapnaam op de display
weergegeven en knippert “MP3”. Als dit gebeurt,
schakelt de eenheid automatisch over op de
pauzestand.
Als u bij de hoofdmap uitkomt, wordt het afspelen
niet gestart.
NL20-26.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3925
26
NEDERLANDS
MP3-afspeelmodi selecteren
Tracks in willekeurige volgorde afspelen
van bestanden (Random Play)
1
Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) terwijl er een
MP3-CD wordt afgespeeld. De
eenheid schakelt over op de
functiemodus.
2 Druk op de toets RND (random)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de indicator
RND op de display aangaat.
Elke keer wanneer u op de toets
RND, wordt de modus voor het
afspelen van willekeurige
beurtelings in- en uitgeschakeld
.
Als u voor het afspelen in een willekeurige
volgorde hebt gekozen, gaat de indicator RND op
de display aan en begint het in willekeurige
volgorde afspelen van bestanden op de CD
automatisch.
Tracks herhaaldelijk afspelen van bestanden
(Repeat Play)
1
Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) terwijl er een
MP3-CD wordt afgespeeld. De
eenheid schakelt over op de
functiemodus.
2 Druk op de toets RPT (repeat)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de indicator
RPT op de display aangaat.
Elke keer wanneer u op de toets
RPT, wordt er een andere
modus voor het herhaald
afspelen van tracks
geselecteerd, en wel in deze
volgorde:
RPT 1 Licht op Het huidige bestand (of
een geselecteerd
bestand).
RPT 2 Knippert Alle bestanden in de
huidige map (of de
geselecteerde map).
Modus
Herhaling van...
Indicator
RPT
Alleen intro’s afspelen (Intro scan)
Het is mogelijk om van alle tracks alleen de
eerste 15 seconden af te spelen, zodat u de
intro’s kunt beluisteren.
1 Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) terwijl er
een MP3-CD wordt
afgespeeld. De eenheid
schakelt over op de
functiemodus.
2
Druk op de toets INT (intro
scan) terwijl de functiemodus
nog is geactiveerd, zodat de
vermelding “INT” op de display
wordt weergegeven.
Elke keer wanneer u op de
toets INT drukt, wordt de
modus voor het afspelen van
intro’s beurtelings in- en
uitgeschakeld.
4
RPT 1 RPT 2
Geannuleerd
Ex.: Als “RPT 1” wordt geselecteerd
Bestandsnummer van het bestand
dat wordt afgespeeld
NL20-26.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3926
27
NEDERLANDS
GELUID REGELEN
1
Selecteer de functie die u wilt
aanpassen.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, wordt de aanpasbare
tijd als volgt gewijzigd:
Indicatie Doel: Bereik
FAD* Evenwicht tussen R06 (Alleenachterin)
voor- en |
achterspeakers F06 (Alleenvoorin)
aanpassen.
BAL Evenwicht tussen L06 (Alleenlinks)
linker- en |
rechterspeaker R06 (Alleenrechts)
aanpassen.
S. BASS
**
Bastonen 00 (min.)
aanpassen. |
08 (max.)
WOOFER***
Het uitvoerniveau 00 (min.)
van de subwoofer |
aanpassen. 12 (max.)
VOL Het volume 00 (min.)
aanpassen. |
50 (max.)
* Als u een systeem met twee speakers gebruikt moet
u FADER op “00” zetten.
** Het rijke en volle basgeluid blijft volledig
behouden, hoe laag u het volume ook instelt – de
functie Super Bass.
*** Dit heeft alleen effect als er een subwoofer is
aangesloten.
Geluid aanpassen
U kunt de geluidskarakteristieken naar wens
instellen.
2
Pas het niveau aan.
Opmerking:
Normaliter stelt u het volume in met de draaiknop. U
hoeft dus niet “VOL” voor het instellen van het
volumeniveau te kiezen.
Om het niveau te
verlagen.
Om het niveau te
verhogen.
VOL
FAD*
(Faden)
BAL
(Balans)
WOOFER***
S. BASS**
(Subwoofer)
(Volume)
NL27-29.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3827
28
NEDERLANDS
Vooraf ingestelde modi
selecteren
Het is mogelijk om een vooraf ingestelde modus
te selecteren als deze met uw muziekgenre
overeenkomt.
1
Druk op de toets EQ.
De laatst geselecteerde
geluidsmodus wordt
opgeroepen en wordt op de
huidige afspeelbron toegepast.
2
De geluidsmodus van uw keuze
selecteren.
Elke keer wanneer u aan
de bedieningsknop
draait, wordt er een
andere geluidsmodus
geselecteerd en wel als
volgt:
FLAT O Hard Rock O R & B*O POP O
JAZZ O DanceMusic O Country O
Reggae O
Classic O USER 1 O USER 2 O
USER 3 O
(terug naar het begin)
* Rhythm en blues
Selecteer als u de geluidsmodus wilt
annuleren in stap 2 de vermelding “FLAT”.
Opmerkingen:
U kunt de vooraf ingestelde geluidsweergave
wijzigen en in het geheugen opslaan.
Meer bijzonderheden over het aanpassen en
opslaan van uw eigen geluidsinstellingen treft u aan
in de paragraaf “Geluidsweergave aanpassen en
opslaan” op bladzijde 29.
Zie bladzijde 27 als u het basversterkingsniveau
tijdelijk wilt aanpassen.
Voor elke afspeelbron een andere
geluidsmodus opslaan (EQ Link)
Als u een geluidsmodus selecteert, wordt deze in
het geheugen opgeslagen. De geluidsmodus
wordt elke keer uit het geheugen opgeroepen
wanneer u de desbetreffende afspeelbron
selecteert.
Voor elk van de volgende afspeelbronnen kan
een geluidsmodus worden opgeslagen: FM1,
FM2, FM3, AM, CD en externe apparatuur.
Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen
(PSM) wijzigen” op bladzijde 30.
1 Druk op de toets SEL (selecteren) en houdt deze
gedurende minimaal 2 seconden ingedrukt,
zodat een van de PSM-items op de display wordt
weergegeven.
2 Druk op de toets ¢ of op 4 en
selecteer de vermelding “EQ LINK” (koppeling
met het geheugen voor geluidsmodi).
3 Draai de bedieningsknop met de wijzers van de
klok mee en selecteer “LINK ON”.
4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het
instellen te voltooien.
Als u EQ Link wilt annuleren, moet u dezelfde
procedure nogmaals uitvoeren maar in stap 3
met de bedieningsknop de vermelding “LINK
OFF” selecteren.
Als “EQ LINK” is ingesteld op “LINK ON”
De geselecteerde geluidsmodus kan voor de
huidige afspeelbron in het geheugen worden
opgeslagen.
Elke keer wanneer u de bron afspeelt, wordt
de bijbehorende geluidsmodus uit het
geheugen opgehaald en achter de naam van
de afspeelbron weergegeven.
Als “EQ LINK” is ingesteld op “LINK OFF”
De geselecteerde geluidsmodus is op elke
afspeelbron die wordt geselecteerd van
toepassing.
Bijv: Als u eerder de instelling “FLAT” hebt
geselecteerd
Bijv.: Als u “POP” aanpast
De indicator EQ indicator licht op.
Het EQ-niveau verandert wanneer u de
geluidsmodus selecteert.
NL27-29.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3828
29
NEDERLANDS
Vooraf ingestelde
waarden
LOW MID HIGH
50 Hz 700 Hz 8 kHz
80 Hz 1 kHz 12 kHz
120 Hz 2 kHz
1 (min.) 1 (min.)
||
4 (max.) 2 (max.)
–06 (min.) –06 (min.) –06 (min.)
|||
+06 (max.) +06 (max.) +06 (max.)
LEVEL
WIDTH
FREQ.
Indicatie
Geluidsweergave aanpassen
en opslaan
Het is mogelijk om de geluidskarakteristieken aan
uw eigen wensen aan te passen en in het geheugen
op te slaan (USER 1, USER 2 en USER 3).
Voor het uitvoeren van de onderstaande
stappen geldt een tijdslimiet. Als de procedure
wordt afgebroken voordat u deze hebt voltooid,
moet u opnieuw bij stap 1 beginnen.
1
Druk op de toets EQ.
De laatst geselecteerde
geluidsmodus wordt
opgeroepen en wordt op de
huidige afspeelbron toegepast.
2
Druk op de toets SEL (selecteren)
om het geluidselement dat u wilt
aanpassen te selecteren.
Elke keer wanneer u op de
toets drukt, wordt er een
ander geluidselement
geselecteerd om aan te
passen, en wel in deze
volgorde:
LOW FREQ.* = LOW WIDTH = LOW LEVEL =
MID FREQ.* = MID WIDTH = MID LEVEL =
HIGH FREQ.* = HIGH LEVEL
=
(terug naar het begin)
FREQ. (LOW, MID, HIGH):
Selecteer de middenfrequentie.
WIDTH (LOW, MID):
Selecteer de bandbreedte (Q).
LEVEL (LOW, MID, HIGH):
Pas het verbeteringsniveau aan.
* Door op de toets ¢ of op 4,
te drukken, kunt u rechtstreeks te
volgende keuzes maken:
3
Het geselecteerde geluidselement
aanpassen.
Raadpleeg de onderstaande tabel als u
het geselecteerde geluidselement wilt
aanpassen.
4
Herhaal stap 2 en 3 als u nog andere
geluidselementen wilt aanpassen.
5
Selecteer een van de door de
gebruiker zelf opgegeven geluidsmodi
(USER1, USER2, USER3).
6
Druk op de toets EQ om de
aanpassingen op te slaan.
De fabrieksinstellingen herstellen
Herhaal de procedure en ken de
fabrieksinstellingen toe. U vind deze in de tabel
op bladzijde 45.
Bijv.: Als u “USER 2” aanpast
Bijv.: Als u eerder de instelling “POP” hebt
geselecteerd
LOW FREQ.
MID FREQ.
HIGH FREQ.
NL27-29.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3829
30
NEDERLANDS
ANDERE HOOFDFUNCTIES
Klok instellen
1
Druk op de toets SEL (selecteren) in
en houd deze ten minste 2 seconden
ingedrukt, zodat een van de PSM-
vermeldingen op de display wordt
weergegeven. (Zie bladzijde 31.)
2
Stel het uur in.
1 Selecteer de vermelding “CLOCK HOUR”
als deze al niet meteen op de display
wordt weergegeven.
2 Pas het uur aan.
3
Stel de minuten in.
1 Selecteer de vermelding “CLOCK MIN”.
2 Pas de minuten aan.
4
Stel de uuraanduiding in.
1 Selecteer de vermelding “24H/12H”.
2 Selecteer de vermelding “12HOUR” of
“24HOUR”.
5
Druk op de toets SEL (selecteren)
om het instellen te voltooien.
1 2
12
12
Als u wilt weten hoe laat het is terwijl de eenheid
is uitgeschakeld drukt op de toets D (display).
De stroom wordt vervolgens ingeschakeld en
gedurende 5 seconden wordt de tijd van de klok
weergegeven. Daarna wordt de stroomtoevoer
weer uitgeschakeld.
De algemene instellingen
wijzigen (PSM)
Het is mogelijk om de instellingen voor de items
die op de volgende bladzijde staan vermeld te
wijzigen.
Basisprocedure
1
Druk op de toets SEL (selecteren) in
en houd deze ten minste 2 seconden
ingedrukt, zodat een van de PSM-
vermeldingen op de display wordt
weergegeven. (Zie bladzijde 31.)
2
Selecteer het item waarvan u de
instelling wilt wijzigen. (Zie bladzijde
31.)
3
Wijzig het PSM-item dat u hebt
geselecteerd.
4
Herhaal stap 2 en 3 als u de andere
PSM-items wilt aanpassen.
5
Druk op de toets SEL (selecteren) om
het instellen te voltooien.
NL30-36.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3430
31
NEDERLANDS
3
Modus met voorkeursinstellingen (PSM)-onderdelen
Kies.Houd.
Fabrieksin-
stellingen
Zie
blz.
CLOCK HOUR Instellen van het uur
CLOCK MIN Instellen van de minute
EQ LINK Koppeling met het geheugen
voor geluidsmodi
24H/12H
24/12-uur aanduiding voor de klok
AUTO ADJ
Automatische instellen van de klok
CLOCK DISP Weergave van de klok
TUNER DISP
Weergavemodus van de tuner
PTY STBY PTY-standby
PTY SEARCH PTY-zoeken
TA VOL
Volume voor verkeersinformatie
P-SEARCH Programme zoeken
DAB AF* Zoeken naar alternatieve
frequenties
LEVEL/EQ Indicator voor equalizer en
niveau
DIMMER Dimmermodus
TELEPHONE Audiodemping voor cellulaire
telefoonsystemen
BEEP SW Pieptoon bij toetsbediening
P.AMP SW Schakelaar voor ingebouwde
versterker
CONTRAST Contrast van de weergave
op de display
SCROLL Modus voor lopende tekst
CUTOFF F Afbreekfrequentie van de
subwoofer
LINE ADJ Aanpassen van het
ingangsniveau
AUX ADJ Aangepast niveau voor
extern apparaat
KEY SELECT Selectie van modus voor
bediening met externe sleutel
IF FILTER Intermediate Frequency-filter
DEMO MODE Demonstratiemodus
TAG DISP Weergave van tags
Stel in.
0:00
FREQ MID
L.ADJ 00 – L.ADJ 05
L.ADJ 00
Terug Verder
FREQUENCY
PS NAME PS NAME
29 programmatypen
(Zie bladzijde 13 en 16.)
SEARCH OFF SEARCH ON SEARCH OFF
AF OFF AF ON AF ON
EQ ONLY
EQ ONLY LEVEL+EQ
LEVEL ONLY
AUTO OFF
ON
MUTING2
MUTING OFF
BEEP OFF BEEP ON BEEP ON
ONCE
AUTO
OFF
ONCE
FREQ MID
FREQ HIGH
FREQ LOW
OFF
DVD
VCR
DVD
30
15
TA VOL 20 15
14
44
32
32
32
32
33
33
33
CLOCK OFF CLOCK ON CLOCK ON 32
P.AMP OFF P.AMP ONP.AMP ON 32
A.ADJ 00 – A.ADJ 05
A.ADJ 00 33
WIDE AUTO AUTO 33
Met de
wijzers
van de
klok mee
Tegen de
wijzers van
de klok in
CONTRAST 1 – CONTRAST 10 CONTRAST 5 32
DEMO OFF DEMO ON DEMO ON
TAG ON TAG ON 33TAG OFF
Druk op SEL (selecteren) om het instellen te voltooien.
* Wordt alleen weergegeven indien de DAB-tuner is aangesloten.
12
LINK OFF
LINK ONLINK OFF
28
12HOUR 24HOUR 24HOUR 30
ADJUST OFF ADJUST ON ADJUST ON 15
TA VOL 00 – TA VOL 50
AUTO 32
MUTING OFF MUTING1
33
Terug Verder
NEWS 13
NL30-36.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3431
32
NEDERLANDS
Weergave van de klok selecteren
CLOCK DISP
Het is mogelijk om de klok op de display weer te
geven of juist niet weer te geven wanneer de
eenheid is ingeschakeld.
Bij het verlaten van de fabriek is de klok
standaard ingesteld om op de display te worden
weergegeven.
CLOCK ON: Weergave van de klok op de
display is ingeschakeld.
CLOCK OFF: De tijdsaanduiding staat uit.
De niveau-indicator selecteren LEVEL/EQ
U kunt zelf opgeven welk niveau op de display
moet worden weergegeven.
Bij het verlaten van de fabriek is wordt deze
modus ingesteld op “EQ ONLY”.
EQ ONLY: Het equalizerpatroon wordt
weergegeven.
LEVEL+EQ: Het equalizerpatroon en de
audioniveaumeter worden
weergegeven.
LEVEL ONLY: De audioniveaumeter licht vanuit
het midden naar boven en
beneden op.
De instelling voor de dimmerfunctie
selecteren – DIMMER
Bij het inschakelen van de koplampen van de
auto wordt de verlichting van de display
automatisch gedimd (de functie Auto Dimmer).
Bij het verlaten van de fabriek is de functie Auto
Dimmer van de eenheid standaard ingeschakeld.
AUTO:
De functie Auto Dimmer is ingeschakeld.
OFF:
De functie Auto Dimmer is itgeschakeld.
ON: De display wordt gedimd.
Opmerking:
Het kan zijn dat de functie Auto Dimmer van deze eenheid
bij bepaalde voertuigen niet goed werkt, vooral niet bij
voertuigen met een bedieningsfunctie voor de dimmer.
In dergelijke gevallen moet u de dimmerfunctie op
“ON” of “OFF” instellen.
Audiodemping voor mobiele
telefoongesprekken selecteren – TELEPHONE
Deze modus wordt gebruikt wanneer er een
cellulair telefoonsysteem is aangesloten.
Selecteer afhankelijk van het telefoonsysteem
dat u gebruikt “MUTING 1” of “MUTING 2”.
Welke dempingsmogelijkheid u kiest, hangt af
van de vraag welke instelling het geluid het beste
dempt. Bij het verlaten van de fabriek is deze
modus standaard uitgeschakeld.
MUTING 1:
Selecteer deze modus als u
hiermee het geluid kunt dempen.
MUTING 2:
Selecteer deze modus als u
hiermee het geluid kunt dempen.
MUTING OFF:
Hiermee wordt de audiodemping
voor telefoongesprekken
uitgeschakeld.
Geluid bij het aanraken van de toetsen
in- en uitschakelen – BEEP SW
Het is mogelijk om het geluid dat u hoort bij het
aanraken van de toetsen uit te schakelen als u deze
geluiden storend vindt. Bij het verlaten van de
fabriek is de functie voor het weergeven van geluid
bij het aanraken van de toetsen echter ingeschakeld.
BEEP ON: Hiermee schakelt u het geluid bij
het aanraken van de toetsen in.
BEEP OFF: Hiermee schakelt u het geluid bij
het aanraken van de toetsen uit.
De stroomtoevoer voor de versterker in- of
uitschakelen – P. AMP SW.
Het is mogelijk de ingebouwde versterker uit te
schakelen en de audiosignalen alleen naar de
externe versterker(s) te sturen om zo een
helderder geluid te verkrijgen en om te voorkomen
dat de eenheid te veel warmte ontwikkelt.
Bij het verlaten van de fabriek wordt de schakelaar
voor de eindversterker standaard zodanig
ingesteld dat de ingebouwde versterker werkt.
P. AMP ON: Selecteer deze modus als u geen
externe versterker(s) gebruikt.
P. AMP OFF:
Selecteer deze modus als u een of
meer externe versterker(s) gebruikt.
Het contrastniveau van de display
aanpassen – CONTRAST
Het is mogelijk om de heiderheid van de display te
wijzigen. U kunt kiezen uit instelling 1 (donker) t/m
10 (licht). Bij het verlaten van de fabriek staat het
contrast standaard ingesteld op niveau 5.
De instelling voor lopende tekst selecteren
SCROLL
U kunt de modus voor lopende tekst selecteren
zodat informatie op een CD die uit meer dan 10
tekens bestaat naar wens wordt weergegevan.
Bij het verlaten van de fabriek staat deze functie
standaard ingesteld op “ONCE”, waardoor
informatie éénmaal als lopende tekst op de
display wordt weergegeven.
ONCE: De tekst wordt een keer als lopende
tekst weergegevan.
AUTO: De tekst wordt voortdurend (met
tussenpozen van 5 seconden)
weergegeven.
OFF: Er wordt geen lopende tekst
weergegevan.
Opmerking:
Zelfs als de modus voor lopende tekst is ingesteld op
“OFF”, kunt u lopende tekst weergeven door
gedurende minimaal 1 seconde op de toets D (display)
te drukken.
NL30-36.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3432
33
NEDERLANDS
De afbreekfrequentie voor de subwoofer
instellen –
CUTOFF F
Als er een subwoofer op de eenheid is aangesloten,
dient u een begrenzingsfrequentie voor de
subwoofer op te geven.
Bij het verlaten van de fabriek wordt de
begrenzingsfrequentie standaard ingesteld op
“FREQ MID”.
FREQ LOW: Frequenties boven de 50 Hz
worden niet via de subwoofer ten
gehore gebracht.
FREQ MID: Frequenties boven de 80 Hz
worden niet via de subwoofer ten
gehore gebracht.
FREQ HIGH: Frequenties boven de 120 Hz
worden niet via de subwoofer ten
gehore gebracht.
Het niveau van de lijninvoer aanpassen
LINE ADJ
Als er een extern apparaat op de ingang LINE IN is
aangesloten, dient u het niveau van de lijninvoer aan
te passen aan het externe apparaat.
Bij het verlaten van de fabriek wordt het niveau van
de lijninvoer ingesteld op 00.
Als het niveau van de lijninvoer van het aangesloten
apparaat niet hoog genoeg is, dient u het niveau aan
te passen. Als u dat niet doet, hoort u wellicht erg
hard geluid als u van het externe apparaat
overschakelt op een andere afspeelbron.
Het invoerniveau van de extra ingang
aanpassen – AUX ADJ
Als er een extern apparaat op de extra ingang is
aangesloten, dient u het niveau van de lijninvoer aan
te passen aan het externe apparaat.
Bij het verlaten van de fabriek wordt het niveau van
de extra ingang ingesteld op 00.
Als het niveau van de lijninvoer van het aangesloten
apparaat niet hoog genoeg is, dient u het niveau aan
te passen. Als u dat niet doet, hoort u wellicht erg
hard geluid als u van het externe apparaat
overschakelt op een andere afspeelbron.
Het apparaat selecteren dat u via deze
ontvanger wilt bedienen – KEY SELECT
U kunt via de cijfertoetsen op het bedieningspaneel
van deze ontvanger de videorecorder of DVD-speler
van JVC bedienen.
Bij het verlaten van de fabriek zijn de cijfertoetsen
ingesteld om een DVD-speler te bedienen. Zie
bladzijde 37 als u een videorecorder met de
cijfertoetsen wilt bedienen.
De selectiviteit van de FM-tuner wijzigen
IF FILTER
In bepaalde gebieden kunnen zenders die zich in
elkaars nabijheid bevinden elkaar storen. Deze
eenheid kan dergelijke storing automatisch (“AUTO”)
verminderen. Dit is de standaardinstelling van deze
eenheid bij het verlaten van de fabriek.
AUTO: Als zich dergelijke storingen voordoen,
vermindert de eenheid automatisch de
selectiviteit van de ontvanger, zodat de
storingen worden verminderd. (Tevens
gaat het stereo-effect verloren.)
WIDE: Met deze instelling kan de ontvanger
door naburige zenders worden gestoord,
maar is de geluidskwaliteit optimaal en
blijft het stereo-effect behouden.
De demonstratiemodus in- of uitschakelen
DEMO MODE
U kunt de demonstratiemodus in- of uitschakelen. Bij
het verlaten van de fabriek wordt de instelling
“DEMO ON” gekozen.
DEMO ON:
Hiermee wordt de demonstratiemodus
ingeschakeld. de demonstratie begint
automatisch als er circa 3 minuten
geen geluid is afgespeeld.
DEMO OFF: Hiermee wordt de demonstratie
uitgeschakeld.
Opmerking:
Als de eenheid opnieuw wordt ingesteld met de Reset-
knop (en de stroom is ingeschakeld), begint de
demonstratie na circa 10 seconden zonder geluid.
Het weergeven van tags in- en
uitschakelen – TAG DISP
In een MP3-bestand kan bestandsinformatie liggen
opgeslagen in een zogeheten “ID3-tag”. In dit label
kan informatie liggen opgeslagen zoals de naam van
het album, de artiest, de titel van de track, enz.
Er zijn twee versies: ID3v1 (ID3=tag, versie 1) en
ID3v2 (ID3-tag ,versie 2). Deze eenheid kan alleen
informatie van het type ID3v1 verwerken.
Bij het verlaten van de fabriek wordt de functie voor
het weergeven van tags op de eenheid ingeschakeld
(“TAG ON”).
TAG ON: Weergave van informatie in ID3-tags is
ingeschakeld tijdens het afspelen van
MP3-bestanden.
* Als een MP3-bestand geen ID3-tag
heeft, worden de mapnaam en
bestandsnaam weergegeven.
Opmerking:
Als u tijdens het afspelen van een MP3-
bestand de instelling wijzigt van “TAG
OFF” naar “TAG ON”, wordt het
weergeven van informatie die in tags ligt
opgeslagen vanaf het volgende bestand
geactiveerd.
TAG OFF: Weergave van informatie in ID3-tags
is uitgeschakeld tijdens het afspelen
van MP3-bestanden. (Alleen de
mapnaam en de bestandsnaam
worden weergegeven.)
NL30-36.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3433
34
NEDERLANDS
Namen aan bronnen
toekennen
U kunt CD’s en het externe apparaat een naam
toekennen.
De naam die u toekent, wordt vervolgens op de
display weergegeven wanneer u het
desbetreffende apparaat selecteert.
Bronnen Maximaal aantal tekens
CD’s* 32 tekens
(maximaal 40 CD’s)
Extern apparaat 10 tekens
(LINE INPUT en
AUX INPUT)
* Het is niet mogelijk een naam toe te kennen aan een
CD met CD Text of een MP3-CD.
1
Selecteer een bron waaraan u een
naam wilt toekennen.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, wordt er een
andere afspeelbron
geselecteerd, en wel in de
volgorde zoals die op
bladzijde 7 staat beschreven.
2
Druk op de toets SEL (selecteren) en
houdt deze gedurende minimaal 2
seconden ingedrukt terwijl u op D
(display) drukt.
3
Selecteer de tekenset die u wilt
gebruiken zolang “
” op de display
knippert.
Elke keer dat u op deze toets
drukt, selecteert u een andere
tekenset. De beschikbare
tekensets worden in deze
volgorde op de display aan u
aangeboden:
4
Selecteer het gewenste teken.
Meer informatie over de
beschikbare tekens treft u
aan op bladzijde 45.
5
Verplaats de cursor naar de positie
voor het volgende of het vorige teken.
6
Herhaal stap 3 t/m 5 tot u de
volledige naam die u wilde invoeren
hebt opgegeven.
7
Voltooi de procedure terwijl het
laatst geselecteerde teken knippert.
De ingevoerde tekens verwijderen
Volg de bovenstaande procedure en voer nu in
plaats van tekens spaties in.
Opmerkingen:
Als u probeert een naam toe te kennen aan een 41e CD,
verschijnt de vermelding “NAME FULL” op de display
om aan te geven dat u geen naam kunt toekennen.
(Verwijder in dit geval namen die u niet wilt.)
Wanneer er een CD-wisselaar is aangesloten, kunt u
ook namen toekennen aan CD’s in de CD-wisselaar.
De namen kunnen ook op de display worden
weergegeven als u de CD’s in deze eenheid plaatst.
Hoofdletters ( )
Kleine letters ( )
Cijfers en symbolen ( )
Indien u een “CD PLAY” als bron selecteert
NL30-36.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3434
35
NEDERLANDS
De hoek van het
bedieningspaneel wijzigen
De hoek van het bedieningspaneel kan op een
van vier posities worden ingesteld.
Pas de hoek naar wens aan.
Elke keer wanneer u op de
toets drukt, wordt de hoek
gewijzigd, en wel in deze
volgorde:
Met behulp van de afstandsbediening
Druk herhaaldelijk op de toets ANGLE . Elke keer wanneer u op deze toets drukt, verandert de hoek
van het bedieningspaneel en wel in deze volgorde: Å, ı, Ç en tot slot Î.
Het bedieningspaneel in de oorspronkelijke positie terugzetten,
Druk herhaaldelijk op de toets ANGLE 5. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, verandert de hoek
van het bedieningspaneel en wel in omgekeerde volgorde: Î, Ç, ı en tot slot Å.
LET OP:
Steek NOOIT uw vinger
tussen het
bedieningspaneel en de
eenheid aangezien u het
risico loopt vast te komen
zitten of u zichzelf zeer
doet.
A
B
D
C
NL30-36.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3435
36
NEDERLANDS
Bedieningspaneel verwijderen
U kunt het bedieningspaneel verwijderen,
wanneer u uit de auto stapt.
U moet het bedieningspaneel voorzichtig
verwijderen en weer op zijn plaats bevestigen,
zodat de connectors op de achterkant van het
bedieningspaneel en de houder van het
bedieningspaneel niet worden beschadigd.
Bedieningspaneel verwijderen
Alvorens het bedieningspaneel te verwijderen:
Let erop dat stroom is uitgeschakeld
Let er later op dat u het paneel weer op de
juiste wijze terugplaatst
1
Ontgrendel het bedieningspaneel.
2
Schuif het bedieningspaneel naar
rechts en trek het vervolgens naar
u toe.
3
Stop het losgemaakte
bedieningspaneel in het daarvoor
bestemde doosje.
Bedieningspaneel weer
1
Plaats de linkerzijde van het
bedieningspaneel in de inkeping op
het kader voor het bedieningspaneel.
2
Druk op de rechterzijde van het
bedieningspaneel om het paneel aan
het kader te bevestigen.
Opmerking over het reinigen van de connectors:
Als u het bedieningspaneel vaak verwijdert, zullen
de connectors op een gegeven moment minder
goed gaan functioneren.
Om deze mogelijkheid tot het minimum te
beperken, moet u de connectors van tijd tot tijd
met een met alcohol bevochtigde katoenen doek
schoonmaken. Zorg ervoor dat u de connectors
daarbij niet beschadigt.
Connectors
Het bedieningspaneel
komt naar u toe
geschoven.
NL30-36.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3436
37
NEDERLANDS
BEDIENING VAN HET EXTERNE APPARAATEN
Externe apparatuur afspelen
Op deze eenheid kunnen twee externe apparaten
worden aangesloten.
Het ene apparaat kan op de extra ingang op het
bedieningspaneel worden aangesloten en het
andere op de ingang LINE IN op de achterzijde.
Het is mogelijk een DVD-speler of
videorecorder van JVC op de ingangen
met de aanduiding LINE IN aan te sluiten.
U kunt een DVD-speler of videorecorder van
JVC via deze ontvanger bedienen. Gebruik
hiertoe de cijfertoetsen op het
bedieningspaneel.
Als u een videorecorder bedient, dient u de
bedieningsmodus van de cijfertoetsen te
veranderen van de DVD-bedieningsmodus
naar de modus voor het bedienen van de
videorecorder (de VCR-bedieningsmodus). (Zie
de paragraaf “Het apparaat selecteren dat u via
deze ontvanger wilt bedienen – KEY SELECT”
op bladzijde
33.)
Als het invoerniveau van het externe
apparaat niet hoog genoeg is, dient u het
niveau van het invoerniveau aan te passen.
Als u dit niet doet, hoort u wellicht erg hard
geluid als u van het externe apparaat
overschakelt op een andere afspeelbron. (Zie
de paragraaf “Het niveau van de lijninvoer
aanpassen – LINE ADJ” en de paragraaf “Het
invoerniveau van de extra ingang aanpassen
– AUX ADJ” op
bladzijde
33.)
1
Selecteer het externe apparaat (AUX
INPUT of LINE INPUT).
Als u een afspeelbron
selecteert, wordt
automatisch de stroom
ingeschakeld.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, wordt er een
andere afspeelbron
geselecteerd, en wel in de
volgorde zoals die op
bladzijde 7 staat beschreven.
AUX INPUT: Het apparaat dat op de extra
ingang van het
bedieningspaneel is
aangesloten kan nu worden
bediend.
LINE INPUT:Het apparaat dat op de LINE
IN-ingang aan de achterzijde
van de eenheid is aangesloten
kan nu worden bediend.
ingang voor
externe apparatuur
MD-speler, enz.
VERVOLG, ZIE OMMEZIJDE
NL37-38.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3737
38
NEDERLANDS
2
Schakel het aangesloten apparaat
aan en start het afspelen van de
afspeelbron.
Als u een DVD-speler of videorecorder van
JVC aansluit, kunt u de volgende
bewerkingen uitvoeren.
Als u een DVD-speler aansluit:
: Hiermee wordt de stroom in- en
uitgeschakeld.
3:
Hiermee start u het afspelen van een
videoband.
¡:
Hiermee wordt de track snel vooruit
gespoeld als de toets ingedrukt wordt
gehouden.
Hiermee gaat u naar het begin van de
volgende tracks als u de toets kort
ingedrukt houdt.
1:
Hiermee wordt de track snel achteruit
gespoeld als de toets ingedrukt wordt
gehouden.
Hiermee gaat u naar het begin van de
huidige track als de toets kort ingedrukt
wordt gehouden.
Hiermee gaat u elke keer wanneer u de
toets indrukt naar het begin van een
vorige track.
7:
Hiermee stopt u het afspelen van een
videoband.
Opmerking:
Als u de bovenstaande toetsen gebruikt, wordt de
vermelding “DVD” op de display en de bedieningsmodus
(zoals
3
, 7 ) weergegeven.
Als u een videorecorder aansluit:
: Hiermee wordt de stroom in- of
uitgeschakeld.
3:
Hiermee start u het afspelen van een
videoband.
¡:
Hiermee wordt de cassette snel vooruit
gespoeld, indien ingedrukt gehouden.
1:
Hiermee wordt de cassette snel achteruit
gespoeld, indien ingedrukt gehouden.
7:
Hiermee stopt u het afspelen van een
videoband.
Opmerking:
Als u de bovenstaande toetsen gebruikt, wordt de
vermelding “VCR” op de display en de bedieningsmodus
(zoals
3
,
7
) weergegeven.
3
Regel het volume.
4
Stel het geluid in zoals u zelf wilt.
(Zie bladzijde 27.)
Het volume verhogen.
Het volume verlagen.
NL37-38.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3838
39
NEDERLANDS
GEBRUIK VAN DE CD-WISSELAAR
We raden u aan bij uw eenheid alleen gebruik te
maken van de CH-X-serie.
Als u een andere automatische CD-wisselaar in
uw bezit hebt, raden we u aan contact op te
nemen met uw JVC-dealer in auto-accessoires
voor meer informatie over de juiste aansluitingen.
Bijv.: Als u een CD-wisselaar uit de KD-MK
serie hebt, hebt u een kabel (KS-U15K)
nodig om deze met het apparaat te verbinden.
Alvorens uw automatische CD-wisselaar te
gebruiken:
Lees de instructies door die bij uw
CD-wisselaar zijn geleverd.
Als er geen CD’s in de houder van de
CD-wisselaar aanwezig zijn of wanneer de
CD’s ondersteboven in de houder zitten,
verschijnt op het afleesvenster de tekst
“NO DISC”. Als dit gebeurt, moet u de
houder verwijderen en de CD’s op de juiste
wijze in de houder plaatsen.
Als op het afleesvenster de tekst “RESET 1”
– “RESET 8” verschijnt, is er iets fout met de
verbinding tussen dit apparaat en de
CD-wisselaar. Als dit gebeurt, moet u de
verbinding controleren, de verbindings-
kabel(s) stevig vastmaken. En dan op de
resetknop van de CD-wisselaar drukken.
CD’s afspelen
Selecteer de automatische CD-wisselaar
(CD CHANGER).
Als u een afspeelbron
selecteert, wordt automatisch
de stroom ingeschakeld.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, wordt er een
andere afspeelbron
geselecteerd, en wel in de
volgorde zoals die op
bladzijde 7 staat beschreven.
Verstreken afspeeltijd
Versneld vooruit afspelen en achteruit
afspelen van het muziekstuk
Druk tijdens het afspelen van
een CD op de toets
4 en houd deze toets
ingedrukt om het muziekstuk
achteruit af te spelen.
Vorige of volgende tracks selecteren
Druk terwijl u een CD afspeelt
korte tijd op de toets ¢
om naar het begin van de
volgende track te gaan. Elke
keer wanneer u op deze toets
drukt, gaat u naar de
volgende track, die
vervolgens ten gehore wordt
gebracht.
Druk tijdens het afspelen van
een CD op de toets ¢
en houd deze toets ingedrukt
om het muziekstuk versneld
vooruit af te spelen.
Druk terwijl u een CD
afspeelt korte tijd op de toets
4 om naar het begin
van de huidige track te gaan.
Elke keer wanneer u op deze
toets drukt, gaat u naar de
vorige track, die vervolgens
ten gehore wordt gebracht.
Nummer van het
muziekstuk
CD-nummer
NL39-40.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3539
40
NEDERLANDS
Direct naar een bepaalde CD gaan
Druk op de cijfertoets die correspondeert met het
nummer van de CD om het afspelen te laten
beginnen (tijdens weergave van de CD-wisselaar).
Nummer 1 – 6 selecteren:
Druk kort op 1 (7) – 6 (12).
Nummer 7 – 12 selecteren:
Druk kort op 1 (7) – 6 (12) en houd deze toets
langer dan 1 seconde ingedrukt.
Kiezen van de weergavefunctie
Tracks in willekeurige volgorde afspelen
(Random Play)
1 Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) terwijl er
een CD wordt afgespeeld. De
eenheid schakelt over op de
functiemodus.
2 Druk op de toets RND (random)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de indicator
RND op de display aangaat.
Elke keer wanneer u op de toets
RND, wordt er een andere modus
voor het in willekeurige volgorde
afspelen van tracks geselecteerd,
en wel in deze volgorde:
RND1 Licht op Alle muziekstukken van
de huidige CD, daarna
de muziekstukken van de
volgende CD enzovoorts.
RND2 Knippert Alle muziekstukken van
alle CD’s in de CD-houder.
Tracks herhaaldelijk afspelen (Repeat Play)
1 Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) terwijl er
een CD wordt afgespeeld. De
eenheid schakelt over op de
functiemodus.
2 Druk op de toets RPT (repeat)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de indicator
RPT op de display aangaat.
Elke keer wanneer u op de toets
RPT, wordt er een andere modus
voor het herhaald afspelen van
tracks geselecteerd, en wel in
deze volgorde:
RPT1 Licht op Het spelende (of
ingestelde) fragment.
RPT2 Knippert Alle fragmenten van de
spelende (of ingestelde)
CD.
Modus
Alleen intro’s afspelen (Intro scan)
Het is mogelijk om van alle tracks alleen de
eerste 15 seconden af te spelen, zodat u de
intro’s kunt beluisteren.
1 Druk op de toets M/B
(modus/omroepband) terwijl er
een CD wordt afgespeeld. De
eenheid schakelt over op de
functiemodus.
2 Druk op de toets INT (intro scan)
terwijl de functiemodus nog is
geactiveerd, zodat de vermelding
“INT” op de display wordt
weergegeven. Elke keer wanneer
u op de toets INT, wordt er een
andere voor het in
introscanmodus volgorde
afspelen van tracks geselecteerd,
en wel in deze volgorde:
4
Modus
CD-nummer
Nummer van
het muziekstuk
Verstreken afspeeltijd
Bijv.: Wanneer CD nummer 3 wordt geselecteerd
Opnamenummer
flikkert
INT1 Van alle opnames op
alle ingebrachte CD’s.
INT2 Van de eerste opname
op iedere ingebrachte
CD.
RPT 1 RPT 2
Geannuleerd
Indicator
RPT
Herhaling van...
Het track- en
disk-nummer
knipperen
RND 1
Geannuleerd
RND 2
INT 1 INT 2
Geannuleerd
Indicator
Speelt het begin
(15 seconden)
Afspelen in
willekeurige volgorde
Indicator
RND
Modus
NL39-40.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3540
41
NEDERLANDS
BEDIENING VAN DE DAB-TUNER
VERVOLG, ZIE OMMEZIJDE
Afstemmen op een ensemble
en op een van de services
Een ensemble bestaat doorgaans uit 6 of meer
programma’s (services) die tegelijkertijd worden
uitgezonden. Nadat u op een ensemble hebt
afgestemd, kunt u kiezen naar welke service u
wilt luisteren.
1
Selecteer de DAB-tuner.
Als u een afspeelbron
selecteert, wordt
automatisch de stroom
ingeschakeld.
Elke keer wanneer u op
deze toets drukt, wordt er
een andere afspeelbron
geselecteerd, en wel in de
volgorde zoals die op
bladzijde 7 staat
beschreven.
2
Selecteer de DAB-band (DAB1,
DAB2 of DAB3).
Elke keer wanneer u de
toets minimaal 1 seconde
ingedrukt houdt, wordt er
een andere DAB-band
geselecteerd:
Opmerking:
Deze ontvanger is uitgerust met drie DAB-banden
(DAB1, DAB2, DAB3). U kunt met elke DAB-band
op een ensemble afstemmen.
We raden u aan om in combinatie met deze
eenheid DAB-tuner KT-DB1500 te gebruiken.
Neem contact op met de JVC-dealer in auto-
accessoires als u een andere DAB-tuner hebt.
Zie ook de instructies die bij de DAB-tuner
werden geleverd.
Wat is het DAB-system?
DAB is een van de digitale radiozendsystemen
die momenteel in gebruik zijn. Met deze
technologie is het mogelijk CD’s af te spelen
met hoge geluidskwaliteit zonder storingen en
signaalvervorming. U kunt er zelfs tekst,
afbeeldingen en gegevens mee versturen.
In tegenstelling tot FM-uitzendingen, waarbij
elk programma op een aparte frequentie
wordt uitgezonden, worden bij DAB
verschillende programma’s (die “services”
worden genoemd) met elkaar gecombineerd
tot een “ensemble”.
Alleen wanneer u een DAB-tuner op deze
eenheid aansluit, kunt u van deze
DAB-services gebruik maken.
(DAB 1)
(DAB 2)
(DAB 3)
D1
D2
D3
NL41-44.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3741
42
NEDERLANDS
3
Zoek een ensemble op.
Zodra er een ensemble wordt gevonden, wordt
het zoeken gestaakt.
Als u het zoeken wilt stoppen nog voordat
er een ensemble is gevonden, moet u de
toets die u hebt ingedrukt om het zoeken in
gang te zetten nogmaals indrukken.
4
Selecteer de service waarnaar u wilt
luisteren.
1 Druk op de toets
M/B (modus/
omroepband).
2 Druk op de toets
¢ of op 4
te selecteren de
service van uw
keuze.
De informatie op de display wijzigen
wanneer u op een ensemble afstemt
Normaliter wordt de naam van de service op de
display weergegeven.
Druk op de toets D (display) als u andere
informatie op de display wilt weergeven.
Elke keer wanneer u op deze toets drukt,
verschijnt de volgende informatie gedurende een
korte tijd in het bovenste gedeelte van de display.
Zonder zoeken afstemmen op een bepaald
ensemble:
1 Druk op de toets SOURCE om de DAB-tuner
als afspeelbron te selecteren.
2
Druk op de toets M/B (
modus/omroepband
) en
houd de toets minimaal 1 seconde ingedrukt om
de DAB-band te selecteren: DAB 1, DAB 2 of
DAB 3.
3 Druk op de toets ¢ of op 4 en
houd deze gedurende minimaal 1 seconde
ingedrukt. De vermelding “MANUAL” knipperde
op de display.
4 Druk herhaaldelijk op de toets ¢ of op
4 tot u het ensemble van uw keuze
bereikt.
Als u de toets ingedrukt houdt, wordt er net
zo lang een ander ensemble gekozen tot u
de toets weer loslaat.
Druk op de toets
¢ afstemmen op
een ensemble met een
hogere frequentie.
Druk op de toets
4 afstemmen op
een ensemble met een
lagere frequentie.
Naam van het ensemble
Naam van de service
Kanaalnummer
Frequentie
Binnen
5 seconden
NL41-44.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3742
43
NEDERLANDS
DAB-frequenties in het
geheugen opslaan
Er kunnen maximaal 6 DAB-services voor elke
DAB-band (DAB1, DAB2 en DAB3) handmatig in
het geheugen worden opgeslagen.
1
Selecteer de DAB-tuner.
Als u een afspeelbron
selecteert, wordt
automatisch de stroom
ingeschakeld.
Elke keer wanneer u op
deze toets drukt, wordt er
een andere afspeelbron
geselecteerd, en wel in de
volgorde zoals die op
bladzijde 7 staat
beschreven.
2
Selecteer de DAB-band (DAB1,
DAB2 of DAB3) van uw keuze.
Elke keer wanneer u op de
toets drukt en deze
gedurende minimaal 1
seconde ingedrukt houdt,
wordt er een andere DAB-
band geselecteerd, en wel
in deze volgorde:
3
Stem af op het ensemble van uw
keuze.
4
Selecteer de service van het
ensemble.
5
Druk op de cijfertoets (in dit
voorbeeld cijfertoets 1) waaronder u
de geselecteerde service wilt
opslaan en houd deze toets
gedurende minimaal 2 seconden
ingedrukt.
6
Herhaal de bovenstaande procedure
als u nog andere DAB-services
achter voorkeuzetoetsen wilt
opslaan.
Opmerkingen:
Een reeds opgeslagen DAB-service verdwijnt uit het
geheugen wanneer u aan de desbetreffende
voorkeuzetoets een nieuwe DAB-service toekent.
Opgeslagen DAB-services verdwijnen uit het
geheugen wanneer de stroomtoevoer naar het
geheugen wordt onderbroken (bijvoorbeeld
wanneer u de batterij vervangt). Als dit gebeurt,
zult u de DAB-services opnieuw moeten instellen.
1 Druk op de toets M/B
(modus/
omroepband).
2 Druk op de toets ¢
of op 4 te
selecteren de service
van uw keuze.
Binnen
5 seconden
(DAB 1)
(DAB 2)
(DAB 3)
D1
D2
D3
“P 1” knippert erige tijd.
NL41-44.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3743
44
NEDERLANDS
Afstemmen op een
opgeslagen DAB-service
U kunt eenvoudig op een vooraf ingestelde
DAB-service afstemmen.
Zoals al eerder uitgelegd, dient u eerst services
in het geheugen vast te leggen. Zie bladzijde 43
als u nog geen services hebt opgeslagen.
1
Selecteer de DAB-tuner.
Als u een afspeelbron
selecteert, wordt
automatisch de stroom
ingeschakeld.
Elke keer wanneer u op
deze toets drukt, wordt er
een andere afspeelbron
geselecteerd, en wel in de
volgorde zoals die op
bladzijde 7 staat
beschreven.
2
Selecteer de DAB-band (DAB1,
DAB2 of DAB3) van uw keuze.
Elke keer wanneer u op
de toets drukt en deze
gedurende minimaal 1
seconde ingedrukt houdt,
wordt er een andere DAB-
band geselecteerd, en wel
in deze volgorde:
3
Selecteer de voorkeuzetoets (1 t/m 6)
voor de DAB-service die u wilt
beluisteren.
(DAB 1)
(DAB 2)
(DAB 3)
D1
D2
D3
Wat u nog meer met DAB
kunt doen
Hetzelfde programma automatisch volgen
(Alternatieve ontvangst)
Het is mogelijk om naar een programma te blijven
luisteren.
Terwijl u een DAB-service ontvangt:
Als u in een streek rijdt waar u een service niet
kunt ontvangen, zal deze eenheid automatisch
afstemmen op een ander ensemble of een FM
RDS-zender die hetzelfde programma uitzendt.
Terwijl u een FM RDS-zender ontvangt:
Als u in een gebied rijdt waar een DAB-service
hetzelfde programma uitzendt als een FM
RDS-zender, stemt deze eenheid automatisch
op de DAB-service af.
Opmerking:
Bij het overschakelen van DAB naar FM en andersom
kan het weergaveniveau van het volume onaangenaam
toenemen of afnemen. Dat het geluidsniveau toeneemt
of afneemt, heeft niets met uw ontvanger te maken, maar
met de aansturing bij de zender. Er is dus niets mis met
uw ontvanger.
Werken met alternatieve ontvangst
Bij het verlaten van de fabriek zijn standaard alle
alternatieve-ontvangstmogelijkheden
ingeschakeld.
• Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen
wijzigen (PSM)” op bladzijde 30.
1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd
deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat
een van de PSM-vermeldingen op de display
wordt weergegeven.
2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de
vermelding “DAB AF” (alternatieve frequentie) te
selecteren.
3 Selecteer de gewenste modus met de
bedieningsknop.
• AF ON:
Het programma wordt gevolgd tussen
het aanbod van DAB-services en FM
RDS-zenders — alternatieve
ontvangst. De indicator AF op de
display licht op (zie bladzijde 11).
• AF OFF:Alternatieve ontvangst is
uitgeschakeld.
Opmerking:
Als alternatieve ontvangst (voor DAB-services) is
ingeschakeld, is automatisch ook de netwerkfunctie
ingeschakeld (zie bladzijde 11 voor RDS-zenders).
De netwerkfunctie kan echter niet worden uitgeschakeld
zonder de alternatieve ontvangst uit te schakelen.
4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het
instellen te voltooien.
NL41-44.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:3744
45
NEDERLANDS
AANVULLENDE INFORMATIE
Indicatie Vooraf ingestelde waarden voor de equalizer
FREQ. WIDTH LOW LEVEL FREQ. WIDTH MID LEVEL FREQ. HIGH LEVEL
FLAT 50 Hz 1 00 700 Hz 1 00 8 kHz 00
Hard Rock 80 Hz 2 +03 700 Hz 1 00 8 kHz +02
R & B 80 Hz 3 +03 2 kHz 2 +01 12 kHz +03
POP 120 Hz 1 +02 2 kHz 2 +01 12 kHz +02
JAZZ 80 Hz 1 +03 1 kHz 1 +01 8 kHz +03
DanceMusic
50 Hz 2 +04 700 Hz 1 –02 8 kHz +01
Country 50 Hz 4 +02 700 Hz 1 00 12 kHz +02
Reggae 80 Hz 1 +03 2 kHz 2 +02 12 kHz +02
Classic 120 Hz 1 +03 1 kHz 1 00 8 kHz +02
User 1 50 Hz 1 00 700 Hz 1 00 8 kHz 00
User 2 50 Hz 1 00 700 Hz 1 00 8 kHz 00
User 3 50 Hz 1 00 700 Hz 1 00 8 kHz 00
Geluidsmodi (vooraf ingestelde waarden)
In de onderstaande lijst staan de vooraf ingestelde waarden voor elke geluidsmodus.
Zelfs nadat u de instellingen hebt gewijzigd, kunt u de oorspronkelijke instellingen herstellen
door de onderstaande waarden op te geven. (Zie pagina 29 voor de juiste procedure.)
Beschikbare tekens
De volgende tekens kunnen worden gebruikt om namen samen te stellen voor CD’s en externe
apparatuur. (Zie bladzijde 34.)
U kunt de informatie (albumtitel, naam van de uitvoerende artiest, titel van de song, enz.)
weergeven als ID3v1-tags wanneer u met deze eenheid een MP3-bestand opnieuw afspeelt. (Zie
pagina 20 en 47.)
ABCDE
FGHIJ
KLMNO
PQRST
UVWXY
Z
spatie
Hoofdletters
Kleine letters
Cijfers en symbolen
abcde
fghij
kl mno
pqr st
uvwxy
z
spatie
spatie
<
=
>
?@_ `
01234
56789
!
”#$%
&
’()
*
+,
.
/
:
;
NL45-49.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 5:12 PM45
46
NEDERLANDS
PROBLEMEN OPLOSSEN
Een probleem hoeft niet altijd ernstig te zijn. Voordat u hulp inroept van een dienstverlenende
instantie, moet u eerst de volgende punten controleren.
Oplossingen
Plaats de CD op de juiste
manier in CD-lade.
Stop het afspelen als u op
hobbelige wegen rijdt.
Plaats een andere CD.
Controleer kabels en
aansluitingen.
Pas het geluid aan totdat het
optimale niveau is bereikt.
Controleer de bedrading en de
verbindingen.
Plaats een andere CD.
Druk op de toets , en
tegelijkertijd op de toets en
houdt ook deze toets minimaal
2 seconden ingedrukt.
(Let erop dat de CD niet op de
grond valt als deze wordt
uitgeworpen.)
Druk op het bedieningspaneel aan
de voorzijde van de eenheid op de
Reset-toets. (Zie bladzijde 2.)
Leg de zenders handmatig vast.
Zorg dat de antenne stevig vast zit.
Plaats een CD.
Verbind het apparaat en de CD-
wisselaar op de juiste manier
met elkaar en druk op de
resetknop van de CD-wisselaar.
Druk op de resetknop van de
CD-wisselaar.
Oorzaken
CD zit ondersteboven in het
apparaat. (De vermelding
“DISC ERR” wordt op de
display weergegeven.)
U rijdt op een hobbelige weg.
Er zitten krassen op de disk.
Verkeerde verbindingen.
Het volume is ingesteld op
het minimale niveau.
Verkeerde verbindingen.
De inhoud van de CD is niet
geschikt voor deze eenheid.
Misschien werkt de apparaat
niet goed meer.
Soms functioneert de
ingebouwde microcomputer
niet goed ten gevolge van
lawaai, enz.
De signalen zijn te zwak.
De antenne zit niet goed vast.
Er bevindt zich geen CD in
de CD-lade.
Het apparaat is niet op de
juiste manier met de CD-
wisselaar verbonden.
Symptomen
CD kan niet worden
afgespeeld.
Geluid van de CD wordt
soms onderbroken.
Er komt geen geluid uit de
speakers.
De vermelding “DISC ERR”
wordt op de display
weergegeven.
“NO DISC” of “EJECT
ERR” wordt op de display
weergegeven en de CD
kan niet worden
uitgenomen.
Er verschijnt geen bericht
op de display, maar de CD
kan niet worden verwijderd.
Het apparaat of de CD-
wisselaar werkt niet.
Automatisch instellen van
zenders – SSM (Strong-
station Sequential Memory)
– functioneert niet.
U hoort ruis terwijl u naar
de radio luistert.
Op het afleesvenster
verschijnt de tekst “NO
DISC”.
Op het afleesvenster
verschijnt de tekst
“RESET 8”.
Op het afleesvenster
verschijnt de tekst “RESET
1” – “RESET 7”.
Algemene Afspelen
FM/AM
CD-wisselaar
NL45-49.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4246
47
NEDERLANDS
MP3’s Afspelen
Symptomen
De CD kan niet worden
afgespeeld.
Er is ongewenst geluid
hoorbaar.
De leestijd duurt lang (de
vermelding “FILE CHECK”
knippert op de display).
De bestanden worden in
een andere volgorde
afgespeeld dan ik wilde.
De verstreken speeltijd is
onjuist.
De vermelding “MP3”
knippert op de display.
Er worden verkeerde tekens
weergegeven. (Weergave
van tags, b.v. de naam van
het album)
Oplossingen
Plaats een andere CD.
Voeg de extensie mp3 aan de
bestandsnamen toe.
Plaats een andere CD.
(Neem de MP3-bestanden op
met een toepassing die aan
deze normen voldoet.)
Sla het bestand over of plaats
een andere CD.
(Voeg nooit de extensie mp3 toe
aan bestanden die geen MP3-
bestanden zijn.)
Maak de hiërarchie niet te
ingewikkeld en gebruik niet
teveel mappen. Plaats ook geen
bestanden op de MP3-CD die
geen MP3-bestanden zijn.
Selecteer een andere map.
Oorzaken
Er bevinden zich geen MP3-
bestanden op de CD.
De MP3-bestanden hebben
niet de mp3 extensie in de
bestandsnaam.
De MP3-bestanden zijn niet
opgenomen in een indeling
die voldoet aan de ISO 9660
Niveau 1- of 2-norm.
Het bestand dat wordt
afgespeeld is geen MP3-
bestand (ook al heeft het
bestand de extensie mp3).
De duur van de leestijd hangt
af van de complexiteit van de
hiërarchie van de mappen en
bestanden.
De afspeelvolgorde wordt
bepaald bij het maken van de
opname.
Dit kan gebeuren en is
afhankelijk van het aantal
bestanden dat op de CD
staat.
Er bevinden zich geen MP3-
bestanden in de
geselecteerde map.
Deze eenheid kan letters van
het alfabet (hoofdletters: A–Z,
kleine letters: a–z), cijfers en
symbolen weergeven. (Zie
bladzijde 45.)
NL45-49.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4247
48
NEDERLANDS
ONDERHOUD
Als u een CD-R of CD-RW afspeelt
Het is mogelijk om uw originele CD-R’s en CD-
RW’s met opnames in de audio-CD-indeling of
MP3-indeling af te spelen. (Afspelen is misschien
niet mogelijk bij bepaalde, heel specifieke
opnamekenmerken of -omstandigheden.)
Zelfgemaakte CD-R’s (Recordable) en CD-
RW’s (Rewritable) kunnen alleen worden
afgespeeld als de eindbewerking “finalization”
heeft plaatsgevonden.
Lees alvorens een CD-R’s of CD-RW’s af te
spelen eerst de bij de disk meegeleverde
instructies aandachtig door.
Bepaalde CD-R’s en CD-RW’s kunnen
mogelijk niet op deze eenheid worden
afgespeeld vanwege een heel specifieke
opnamemethode, vuil op beschadigingen op
de disk of een vuiltje op de lens.
CD-R’s en CD-RW’s zijn uiterst gevoelig voor
hoge temperaturen en luchtvochtigheid. Laat
geen disks in uw auto achter.
Voor CD-RW’s is soms een langere leestijd
nodig.
(Dit heeft te maken met het feit dat de
weerkaatsing van CD-RW’s minder is dan van
CD’s.)
COMPACT
DIGITAL AUDIO
LET OP:
Plaats geen 8 cm CD’s (CD-singles) in de CD-
lade. (Deze CD’s kunnen niet terugspringen.)
Plaats geen CD’s met een ongewone vorm
(bijvoorbeeld hartvormig) in de CD-lade; dit zal
problemen veroorzaken.
Stel CD’s niet bloot aan direct zonlicht of een
andere warmtebron en leg ze niet neer op plaatsen
waar het zeer warm of vochtig is.
Gebruik geen oplosmiddelen (zoals
reinigingsmiddelen voor gewone platen, spray,
verdunningsmiddelen, wasbenzine, enz.) om CD’s
te reinigen.
Omgaan met CD’s
Deze eenheid is ontworpen om alleen CD’s met
de volgende logo’s af te spelen.
Het is ook mogelijk om uw originele CD-R’s
(Recordable CD’s) en CD-RW’s (Rewritable
CD’s) in de audio-CD-indeling of MP3-indeling af
te spelen.
De manier waarop u met
CD’s moet omgaan
Wanneer u een CD uit het
opbergdoosje haalt, moet u
het rondje in het midden van
de doos naar beneden duwen
en de CD uit het doosje halen
terwijl u hem aan de rand vasthoudt.
Houd de CD altijd aan de randen vast.
Kom niet aan vlak met de opnames.
Wanneer u de CD wilt opbergen, leg deze dan
zachtjes om het rondje in het midden (bedrukte
vlak naar boven).
Berg de CD’s na gebruik altijd op in het doosje.
CD’s schoonhouden
Het geluid kan verkeerd worden
weergegeven als de CD vuil is.
Als een CD vuil wordt, moet u
hem afvegen met een zachte
doek door de doek in een
rechte lijn van het midden naar
de rand te bewegen.
Nieuwe CD’s afspelen
Sommige nieuwe CD’s hebben
oneffenheden langs de binnen-
of buitenrand. Soms worden
dergelijke CD’s door het
apparaat geweigerd.
U kunt deze oneffenheden verwijderen door de
randen glad te wrijven met een potlood, ballpoint
enz.
Condensvorming
In onderstaande gevallen kan zich condens
vormen op de lens in de CD-speler:
Nadat de verwarming in de auto is aangezet
Wanneer het erg vochtig wordt in de auto
Soms zal de CD-speler hierdoor niet meer
goed werken. In dat geval moet u de CD uit de
CD-lade halen en moet u het apparaat een
paar uur aan laten staan totdat het vocht is
verdampt.
Haperingen:
De CD kan haperen wanneer u op hobbelige
wegen rijdt. Het apparaat en de CD worden
hierdoor niet beschadigd, maar het is wel
storend.
Wij adviseren u om het afspelen te beëindigen
wanneer u op dergelijke wegen rijdt.
Rondje in het
midden
NL45-49.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4248
49
NEDERLANDS
GELUIDSVERSTERKER
Maximum uitgangsvermogen:
Voorin: 50 W per kanaal
Achterin: 50 W per kanaal
Ononderbroken uitgangsvermogen (RMS):
Voorin: 19 W per kanaal in 4 , 40 Hz tot
20 000 Hz met niet meer dan
0,8% totale harmonische
vervorming van het geluid.
Achterin: 19 W per kanaal in 4 , 40 Hz tot
20 000 Hz met niet meer dan
0,8% totale harmonische
vervorming van het geluid.
Belastingsimpedantie: 4 (speling 4 tot 8 )
Bereik van de equalizer:
LOW: ±12 dB (50 Hz, 80 Hz, 120 Hz)
MID: ±12 dB (700 Hz, 1 kHz, 2 kHz)
HIGH: ±12 dB (8 kHz, 12 kHz)
Weergavekarakteristiek: 40 Hz tot 20 000 Hz
Signaal/ruisverhouding: 70 dB
Ingangsvermogen/Impedantie:
1,5 V/20 k belasting
Extra ingang:(stereo-ministekker van 3,5 mm
doorsnede)
(analoge)
Uitgangsvermogen/Impedantie:
4,0 V/20 k belasting (maximaal vermogen)
Uitgangsimpedantie: 1 k
RADIO
Frequentiebereik:
FM: 87,5 MHz tot 108,0 MHz
AM: (MW) 522 kHz tot 1 620 kHz
(LW) 144 kHz tot 279 kHz
[FM-zenders]
Gevoeligheid bij normaal bedrijf:
11,3 dBf (1,0 µV/75 )
Gevoeligheid bij 50 dB geluidsdemping:
16,3 dBf (1,8 µV/75 )
Selectiviteit alternatief kanaal (400 kHz):
65 dB
Weergavekarakteristiek: 40 Hz tot 15 000 Hz
Stereo-scheiding: 30 dB
Vangbereik: 1,5 dB
[MW-zenders]
Gevoeligheid: 20 µV
Selectiviteit: 35 dB
[LW-zenders]
Gevoeligheid: 50 µV
SPECIFICATIES
CD-SPELER
Type: CD-speler
Signaaldetectiesysteem:
Pickup-lens (halfgeleider-laser)
Aantal kanalen: 2 kanalen (stereo)
Weergavekarakteristiek: 5 Hz tot 20 000 Hz
Dynamisch vermogen: 98 dB
Signaal/ruisverhouding: 102 dB
Zweving: Minder dan de meetbare limiet
Indeling voor MP3-decoding:
MPEG1/2 Audio Layer 3
Max. Bit-rate: 320 Kbps
ALGEMEEN
Voeding:
Werkspanning: Gelijkstroom 14,4 V
(speling 11 V tot 16 V)
Aardingssysteem: Negatieve aarding
Bedrijfstemperatuur: 0°C tot +40°C
Afmetingen (breedte × hoogte × diepte):
Afmetingen apparaat
(ten behoeve van installatie):
182 mm × 52 mm × 161 mm
Afmetingen paneel:
188 mm × 58 mm × 17 mm
Gewicht: 1,8 kg (excl. accessoires)
Ontwerp en specificaties kunnen zonder kennisgeving
worden gewijzigd.
NL45-49.KD-SH99R[E]f 4/19/01, 10:4249
EN, GE, FR, NL
0401MNMMDWJES
J
V
C
VICTOR COMPANY OF JAPAN, LIMITED
Having TROUBLE with operation?
Please reset your unit
Refer to page of How to reset your unit
Haben Sie PROBLEME mit dem Betrieb?
Bitte setzen Sie Ihr Gerät zurück
Siehe Seite Zurücksetzen des Geräts
Vous avez des PROBLÈMES de fonctionnement?
Réinitialisez votre appareil
Référez-vous à la page intitulée Comment réinitialiser votre appareil
Hebt u PROBLEMEN met de bediening?
Stel het apparaat terug
Zie de pagina met de paragraaf Het apparaat terugstellen
COVER.KD-SH99R[E] 4/18/01, 10:54 AM2

Documenttranscriptie

ENGLISH DEUTSCH CD RECEIVER FRANÇAIS CD-RECEIVER RECEPTEUR CD CD-RECEIVER Detachable NEDERLANDS KD-SH99R ATT ANGLE EQ CD FM RD AM CH AUX SEL VOLUME RM-RK100 For installation and connections, refer to the separate manual. Angaben zu Einbau und Verkabelung entnehmen Sie bitte der gesonderten Anleitung. Pour l’installation et les raccordements, se référer au manuel séparé. Zie de afzonderlijke handleiding voor details aangaande het installeren en verbinden van het toestel. INSTRUCTIONS BEDIENUNGSANLEITUNG MANUEL D’INSTRUCTIONS GEBRUIKSAANWIJZING LVT0655-001A [E/EX] COVER.KD-SH99R[E] 3 4/18/01, 10:41 AM Plaats en afbeelding van labels Onderpaneel van het hoofdtoestel CAUTION: Invisible laser ADVARSEL: Usynlig laserradiation when open and stråling ved åbning, når interlock failedor defeated. sikkerhedsafbrydere er ude AVOID DIRECT EXPOSURE af funktion. Undgåudsæt(d) TO BEAM. (e) telse for stråling. Benaming/Spanningslabel NEDERLANDS CLASS LASER 1 PRODUCT Let op: Dit toestel heeft een laserkomponent met een hogere klasse laserstraal dan Klasse 1. VARNING: Osynlig laserstrålning när denna del är öppnad och spärren är urkopplad. Betrakta ej strålen. (s) VARO: Avattaessa ja suojalukitus ohitettaessa olet alttiina näkymättömälle lasersäteilylle. Älä katso säteeseen. (f) BELANGRIJK VOOR LASERPRODUKTEN Voorzorgen: 1. KLASSE 1 LASERPRODUKT 2. LET OP: Onzichtbare laserstralen wanneer open en interlock uitgeschakeld of defekt. Voorkom direkte blootstelling aan de straal. 3. LET OP: Open de bovenafdekking niet. Het toestel bevat geen door de gebruiker te repareren onderdelen. Laat onderhoud en reparatie over aan erkend onderthoudspersoneel. 4. LET OP: Deze CD-speler gebruikt onzichtbare laserstralen maar is echter voorzien van veiligheidsschakelaars die uitstraling dienen te stoppen bij het verwijderen van CD’s. Het is uitermate gevaarlijk deze schakelaars uit te schakelen. 5. LET OP: Het gebruik van regelaars en het maken van instellingen ander dan in deze gebruiksaanwijzing aangegeven resulteert mogelijk in blootstelling aan gevaarlijke straling. Het apparaat terugstellen LET OP: Druk met een balpen of een ander dun, langwerpig voorwerp op de Reset-toets, die zich aan de voorzijde van de eenheid op het bedieningspaneel bevindt. Opmerking: De geheugeninstellingen – zoals de voorkeurzenders en de geluidsinstellingen – zullen eveneens gewist worden. Steek NOOIT uw vinger tussen het bedieningspaneel en de eenheid aangezien u het risico loopt vast te komen zitten en u zichzelf zeer doet. (Zie bladzijde 35.) Opmerking: Voor de veiligheid is een genummerde identificatiekaart bij het toestel geleverd. Het identificatienummer is tevens op de behuizing van het toestel gedrukt. Bewaar de kaart op een veilige plaats. Deze kaart is belangrijk voor identificatie indien het toestel is gestolen. 2 ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN *Denk aan de veiligheid.... • Zet het volume onder het rijden niet te hard. Dit is gevaarlijk , omdat u de geluiden buiten de auto niet meer hoort. • Zet de auto stil voordat u ingewikkelde handelingen met het apparaat gaat verrichten. NL02-04.KD-SH99R[E]f 2 *Temperatuur binnen de auto.... Als de auto gedurende lange tijd in de kou of in de warmte heeft gestaan, mag u het apparaat pas gebruiken nadat de temperatuur in de auto weer normaal waarden heet bereikt. 4/19/01, 10:33 Hartelijk dank voor d e aanschaf van dit JVC-product! Wij verzoeken u de gebruiksaanwijzing goed door te lezen voordat u het apparaat gaat gebruiken. Zo krijgt u een volledig inzicht in de functies van het apparaat en kunt u de mogelijkheden optimaal benutten. INHOUDSOPGAVE 2 PLAATSING VAN DE TOETSEN .......... 4 Bedieningspaneel .................................... Afstandsbediening ................................... De afstandsbediening voorbereiden ......... 4 5 6 BASISBEDIENING ......................... 7 BASISBEDIENING VAN DE RADIO ....... 8 Naar de radio luisteren ............................. 8 Radiozenders in het geheugen vastleggen ............................................. 9 Afstemmen op een voorkeuzezender ....... 10 GELUID REGELEN ......................... 27 Geluid aanpassen .................................... Vooraf ingestelde modi selecteren .............. Geluidsweergave aanpassen en opslaan ..... 27 28 29 ANDERE HOOFDFUNCTIES .............. 30 Klok instellen ........................................... 30 De algemene instellingen wijzigen (PSM) ..... 30 Namen aan bronnen toekennen ............... 34 De hoek van het bedieningspaneel wijzigen ................................................. 35 Bedieningspaneel verwijderen ................. 36 HET GEBRUIK VAN RDS .................. 11 BEDIENING VAN HET EXTERNE APPARAATEN ............................ 37 Wat u kunt doen met RDS EON ............... 11 Andere nuttige RDS-functies en het maken van aanpassingen ...................... 14 GEBRUIK VAN DE CD-WISSELAAR ..... 39 Externe apparatuur gebruiken .................. 37 CD’s afspelen .......................................... 39 Kiezen van de weergavefunctie ................ 40 GEBRUIK VAN DE CD-SPELER .......... 17 Een CD afspelen ..................................... Een muziekstuk of een bepaald punt op de CD zoeken ....................................... Afspeelmodus selecteren ......................... De tekst van een CD met CD Text weergeven ............................................. Voorkomen dat de CD terugspringt .......... 17 BEDIENING VAN DE DAB-TUNER ....... 41 Afstemmen op een ensemble en op een van de services .......................... DAB-frequenties in het geheugen opslaan ................................................. Afstemmen op een opgeslagen DAB-service .......................................... Wat u nog meer met DAB kunt doen ........ 18 18 19 19 INTRODUCTIE EEN MP3.................. 20 Wat is MP3? ............................................ Hoe worden MP3-bestanden opnemen en afgespeeld? ..................................... 41 43 44 44 20 AANVULLENDE INFORMATIE ............ 45 20 PROBLEMEN OPLOSSEN ................ 46 BEDIENING VAN DE MP3 ................. 22 Een MP3-CD afspelen .............................. 22 Een bestand of een bepaalde passage op een MP3-CD opzoeken ..................... 23 MP3-afspeelmodi selecteren .................... 26 NEDERLANDS Het apparaat terugstellen ......................... ONDERHOUD .............................. 48 Omgaan met CD’s ................................... 48 SPECIFICATIES ............................ 49 Over de demonstratiemodus (DEMO MODE)... Bij het verlaten van de fabriek wordt de demonstratiemodus van de eenheid ingeschakeld. Dit betekent dat voor “DEMO MODE” de instelling “DEMO ON” van kracht is. De volgende demonstratie maakt u bekent met de voornaamste voorzieningen van de eenheid en wordt automatisch gestart als er gedurende circa 3 minuten geen geluid wordt afgespeeld. (Zie bladzijde 33.) • MP3 : (Met deze optie kunnen er MP3-CD worden afgespeeld.) • 24bit DAC : (24-bits digitale/analoge converter: Geeft ee kwalitatief hoogwaardig geluid na D/A-conversie.) • HS TUNER : (High-Sensitivity Tuner: Zorgt voor een perfecte ontvangst van zenders.) • EQUALIZER : (Hiermee kunt u het geluid nauwkeurig afregelen zodat deze met uw wensen overeenkomen.) • SUB WOOFER : (Hiermee kunt u een subwoofer aansluiten en het uitvoerniveau ervan inregelen.) LET OP bij het instellen van het volume Bij CD’s is in vergelijking tot andere geluidsdragers nauwelijks sprake van achtergrondruis. Wanneer het volume van bijvoorbeeld de tuner wordt aangepast, kan het gebeuren dat de luidsprekers door de plotselinge toename van het geluid beschadigd raken. Draai het volume daarom voordat u een CD afspeelt eerst terug en pas het geluid daarna aan uw wensen aan. NL02-04.KD-SH99R[E]f 3 4/19/01, 10:33 3 PLAATSING VAN DE TOETSEN Bedieningspaneel 1 NEDERLANDS y 2 3 4 5 6 8 7 r t De toets 0 (uitwerpen) De bedieningsschijf De toets SEL (selecteren) De toets EQ (equalizer) De toets D (display) De toets TP (traffic programme) De toets PTY (programme type) De toets M/B (modus/omroepband) De toetsen 4/¢ • Deze toetsen doen dienst als SSM-toetsen wanneer beide toetsen tegelijk worden ingedrukt. p De toets ATT (hoek/attenuatie) 1 2 3 4 5 6 7 8 9 p 9 e q w q w e r Extra ingang De toets (het bedieningspaneel vrijgeven) Afstandssensor De cijfertoetsen • De toets MO (mono) • De toets LO (lokaal) • De toets INT (intro scan) • De toets RPT (repeat) • De toets RND (random) • De toetsen voor het bedienen van de DVD/video-onderdelen t De toets SOURCE (standby/on) y De Reset-toets Het gebruik van de toets M/B (modus/omroepband): Als u op de toets M/B (modus/omroepband) drukt, fungeert deze toets als modustoets en schakelt de eenheid over op de functiemodus waarbij de cijfertoetsen en de 4/¢-toetsen als aparte functietoetsen fungeren. Normaal Indicator met equalizerpatroon Bij de functiemodus Indicator die tijd aftelt Als u deze toetsen weer als cijfertoetsen en als de 4/¢ -toetsen wilt gebruiken nadat u op de toets M/B (modus/omroepband) hebt gedrukt, moet u 5 seconden wachten zonder op een cijfertoets te drukken. De functiemodus wordt dan opgeheven. • Ook als u nogmaals op de toets M/B (modus/omroepband) drukt, wordt de functiemodus geannuleerd. 4 NL02-04.KD-SH99R[E]f 4 4/19/01, 10:33 Afstandsbediening 1 3 ATT ANGLE EQ 5 6 CD DAB 4 DISC FM 2 PRESET PRESET AM RD CH DISC AUX 7 8 9 SEL 5 • Hiermee wordt naar stations gezocht terwijl u naar de radio luistert. • Hiermee worden ensembles geselecteerd terwijl u naar de DAB-tuner luistert, indien korte tijd ingedrukt. • Hiermee worden services geselecteerd terwijl u naar de DAB-tuner luistert, indien u de toets indrukt en ingedrukt houdt. • Hiermee kunt u de track (het bestand) snel vooruit en achteruit spoelen als u de toets tijdens het beluisteren van een disk indrukt en ingedrukt houdt. • Hiermee gaat u naar het begin van de volgende track of het volgende bestand of terug naar het begin van de huidige (of vorige) track of het huidige (of vorige) bestand als u de toets tijdens het beluisteren van een disk indrukt en ingedrukt houdt. (Zie pagina 18 en 23.) VOLUME RM-RK100 1 • Hiermee wordt de eenheid ingeschakeld als deze is uitgeschakeld. • Schakelt de eenheid uit indien u de toets ingedrukt houdt tot de vermelding “SEE YOU” op de display verschijnt. • Hiermee wordt het volume in korte tijd verminderd als u de toets heel even indrukt, en de vermelding “ATT” knippert op de display. Als u nogmaals op de toets drukt, keert het oude volumeniveau weer terug. 2 • CD : Hiermee wordt de CD-speler geselecteerd. • FM : • Indien korte tijd ingedrukt, wordt hiermee de FM-tuner geselecteerd. Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt er een andere FM-band geselecteerd: FM1, FM2 of FM3. • Hiermee wordt de DAB-tuner geselecteerd, als u de toets ingedrukt houdt.* Elke keer wanneer u op de toets drukt in ingedrukt houdt, wordt er een andere DAB-band geselecteerd: DAB1, DAB2 en DAB3. • AM : Hiermee wordt de AM-tuner geselecteerd. • CH : Hiermee wordt de CD-wisselaar geselecteerd.* • AUX : Hiermee wordt het externe apparaat geselecteerd. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt beurtelings “AUX INPUT” en “LINE INPUT” geselecteerd. 3 Hiermee kunt u de hoek het bedieningspaneel in een van vier posities wijzigen. 4 Hiermee worden de geluidsmodi geselecteerd. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere geluidsmodus geselecteerd. 6 • Hiermee wordt het nummer van het vooraf ingestelde kanaal gewijzigd terwijl u naar de radio (of DAB-tuner) luistert. Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt er een ander nummer voor het vooraf ingestelde kanaal geselecteerd en wordt op de geselecteerde zender of service afgestemd. • Hiermee gaat u naar het eerste bestand van de volgende map of het eerste bestand van de vorige map als u deze toets tijdens het beluisteren van een MP3-CD indrukt en ingedrukt houdt. (Zie pagina 24.) • Hiermee gaat u naar het eerste bestand van de volgende map of het eerste bestand van de vorige map binnen dezelfde hiërarchieniveau als u deze toets tijdens het beluisteren van een MP3-CD korte tijd indrukt. (Zie pagina 25.) NEDERLANDS p 7 • Hiermee wordt het CD-nummer gewijzigd terwijl u naar de CD-wisselaar luistert. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een ander CD-nummer geselecteerd en wordt de geselecteerde CD afgespeeld. • Hiermee gaat u naar het eerste bestand van een map in een bovenliggende of onderliggende hiërarchieniveau als u deze toets tijdens het beluisteren van een MP3-CD korte tijd indrukt. (Zie pagina 25.) 8 Hiermee gaat u naar de bovenste map als u naar een MP3-CD luistert. (Zie pagina 25.) 9** Hiermee worden de items voor geluidsaanpassingen geselecteerd. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere geluidsaanpassing geselecteerd. p** • Hiermee wordt het volume gewijzigd. • Hiermee wordt de geluidsmodus gewijzigd (nadat u op de toets SEL hebt gedrukt). * Als er geen DAB-tuner of CD-wisselaar is aangesloten, is het niet mogelijk deze apparatuur als afspeelbron te selecteren. ** Deze toetsen werken niet voor de modus voor aangepaste voorkeursinstellingen. 5 NL05-06.KD-SH99R[E]f 5 4/19/01, 10:35 2. Plaats de batterij in de houder. De afstandsbediening voorbereiden Laat de batterij met de pluszijde (+) naar boven in de houder zakken zodat deze vast komt te liggen. Alvorens gebruik van de afstandbediening: • Richt de afstandsbediening recht naar de afstandssensor op het hoofdtoestel. Controleer dat er geen obstakels in het pad liggen. Lithium knoopcelbatterij (Productnummer: CR2025) 3. Plaats de batterijhouder terug in positie. Druk de batterijhouder terug tot u een ‘klik’ hoort. (achterkant) NEDERLANDS Afstandssensor • Zorg dat er geen direct fel licht (zonlicht of van een schelle lamp) op de sensor valt. De batterij plaatsen Gebruikke batterijen: Wanneer u merkt dat het bereik van de afstandsbediening afneemt, moet u de batterij vervangen. 1. Verwijder de batterijhouder. 1) Druk de batterijhouder met behulp van een balpen of een soortgelijk voorwerp in de richting van de pijl die in de afbeelding staat aangegeven. 2) Verwijder de batterijhouder. (achterkant) 1) 2) WAARSCHUWING: • Bewaar batterij op een plek waar kinderen geen toegang toe hebben. Mocht een kind een knoopcelbatterij inslikken, waarschuw dan onmiddellijk een arts. • Laad de batterij niet opnieuw op, vermijd kortsluiting, haal ze niet uit elkaar, verhit ze niet en gooi geen batterij in het vuur. Elk van deze handelingen kan leiden tot oververhitting, een explosie of een steekvlam. • Zorg ervoor dat de batterij niet in contact komt met andere metalen. Dit kan leiden tot oververhitting, een explosie of een steekvlam. • Bescherm gebruikte batterij door deze met plakband af te plakken. Als u dit niet doet, kan de batterij hitte vrijgeven, gaan lekken of brand veroorzaken. • Probeer de batterij nooit met bijvoorbeeld een naald of mes open te maken. Als u dit doet, kan de batterij hitte vrijgeven, gaan lekken of brand veroorzaken. 6 NL05-06.KD-SH99R[E]f 6 4/19/01, 10:35 BASISBEDIENING Opmerking: Wanneer u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, moet u de ingebouwde klok op de juiste wijze instellen zie bladzijde 30. 1 1 Schakel de stroom in en selecteer de afspeelbron. 2 Het volume verhogen. Als u voor de eerste keer op de toets drukt, wordt de stroom ingeschakeld. Daarna wordt elke keer wanneer u op de toets drukt een andere afspeelbron geselecteerd, en wel in deze volgorde: FM TUNER DAB TUNER Regel het volume. Het volume verlagen. NEDERLANDS 2 Het door u ingestelde volumeniveau verschijnt. ** CD PLAY * CD CHANGER ** AM TUNER AUX INPUT Volumeniveau-indicator LINE INPUT Opmerking: U kunt nadat u het volume hebt aangepast het bedieningsknop naar binnen duwen zodat u niet per ongeluk toetsen aanraakt. Druk nogmaals op de bedieningsknop zodat deze naar buiten komt geschoven als u de knop weer wilt gebruiken. * Als er zich geen CD in de lade is geplaatst, kan de CD-speler niet als afspeelbron worden geselecteerd. ** Als er geen DAB-tuner of CD-wisselaar is aangesloten, is het niet mogelijk deze apparatuur als afspeelbron te selecteren. Voor gebruik van de tuner (FM of AM), zie bladzijde 8 – 10. Voor het afspelen van CD’s, zie bladzijde 17 – 19. Voor het afspelen van MP3-CD, zie bladzijde 22 – 26. Voor gebruik van het externe apparaat (AUX INPUT en LINE INPUT), zie bladzijde 37 – 38. Voor gebruik van de CD-wisselaar, zie bladzijde 39 – 40. Voor gebruik van de DAB-tuner, zie bladzijde 41 – 44. 3 Stel het geluid in zoals u zelf wilt. (Zie bladzijde 27.) Volume in een oogwenk zachter zetten Druk op de toets /ATT en houdt deze ingedrukt terwijl u naar een afspeelbron luistert. De vermelding “ATT” op de display gaat knipperen en het niveau van het volume neemt na korte tijd af. Druk als u het vorige geluidsniveau wilt herstellen opnieuw op de toets en houdt deze ingedrukt. • U kunt het volume ook op het oude niveau terugbrengen door de bedieningsschijf linksom te draaien (tegen de wijzers van de klok in). Spanning uitschakelen Druk op de toets SOURCE en houdt deze ingedrukt tot de vermelding “SEE YOU” op de display wordt weergegeven. NL07-07.KD-SH99R[E]f 7 4/19/01, 10:44 7 BASISBEDIENING VAN DE RADIO Naar de radio luisteren Om op een bepaalde zender af te stemmen kunt u kiezen tussen automatisch zoeken en handmatig zoeken. NEDERLANDS Automatisch naar een station zoeken: Auto search 1 Selecteer FM of AM. 1 Druk herhaaldelijk op de toets SOURCE om FM of AM als afspeelbron te selecteren. 2 Druk indien nodig om het FMbandnummer te selecteren op de toets M/B (modus/ omroepband) en houdt deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt. Elke keer wanneer u op de toets drukt en ingedrukt houdt, wordt er een andere FM-band geselecteerd, en wel als volgt: FM 1 FM 2 Druk nogmaals op dezelfde toets wanneer u het zoeken wilt stoppen voordat op een zender is afgestemd. Als u alleen wilt afstemmen op FM-zenders met een sterk signaal 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) om de functiemodus te activeren terwijl u naar een FM-uitzending luistert. 2 Druk op de toets LO (lokaal) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de indicator LOCAL op de display aangaat. Deze functie werkt alleen terwijl u naar FMzenders zoekt en bij SSM. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, gaat de indicator LOCAL beurtelings aan en uit. Handmatig naar een station zoeken: Manual search 1 Selecteer FM of AM. 1 Druk herhaaldelijk op de toets SOURCE om FM of AM als afspeelbron te selecteren. 2 Druk indien nodig om het FM-bandnummer te selecteren op de toets M/B (modus/omroepband) en houdt deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt. Elke keer wanneer u op de toets drukt en ingedrukt houdt, wordt er een andere FMband geselecteerd, en wel als volgt: FM 3 De geselecteerde omroepband wordt weergegeven. Opmerking: Deze ontvanger heeft drie FM-banden (FM1, FM2, FM3). U kunt elk van deze banden kiezen om naar FM-stations te luisteren. 2 Zoek een station. Druk op de toets ¢ afstemmen op een station met een hogere frequentie. 8 Druk op de toets 4 afstemmen op een station met een lagere frequentie. Wanneer een station wordt ontvangen, stopt het zoeken. NL08-10.KD-SH99R[E]f 8 FM 1 FM 2 FM 3 Opmerking: Deze ontvanger heeft drie FM-banden (FM1, FM2, FM3). U kunt elk van deze banden kiezen om naar FM-stations te luisteren. 4/19/01, 10:36 3 Druk op de toets ¢ of op 4 en houd deze ingedrukt tot de vermelding “M” (voor “manual”: handmatig zoeken) op de display begint te knipperen. Radiozenders in het geheugen vastleggen U kunt één van de volgende twee methoden gebruiken om de radiozenders in het geheugen vastteleggen. • Automatisch vasteleggen van FM-zenders: SSM (Strong-station Sequential Memory) • Handmatig vasteleggen van FM en AM-zenders Automatisch vasteleggen van FM-zenders: SSM Stem af op het station van uw keuze. U kunt dit doen zolang de vermelding “M” op de display knippert. Druk op de toets ¢ als u wilt afstemmen op een station dat op een hogere frequentie uitzendt. U kunt 6 lokale FM-zenders instellen voor elke FM-golfband (FM1, FM2 en FM3). 1 Selecteer het nummer van de FM-golfband (FM1 – 3) waarop u FM-zenders wilt vasteleggen. 1 Druk herhaaldelijk op de toets SOURCE om FM of AM als afspeelbron te selecteren. 2 Druk indien nodig om het FM-band te selecteren op de toets M/B (modus/ omroepband) en houdt deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt. Elke keer wanneer u op de toets drukt en ingedrukt houdt, wordt er een andere FM-band geselecteerd, en wel als volgt: Druk op de toets 4 als u wilt afstemmen op een station dat op een lagere frequentie uitzendt. • Als u de toets loslaat, wordt de handmatige modus na 5 seconden automatisch uitgeschakeld. • Als u de toets ingedrukt houdt, blijft de frequentie veranderen totdat u de toets loslaat. Als een FM-stereo-uitzending slecht te ontvangen is: 1 Druk op de toets M/B (modus/ omroepband) om de functiemodus te activeren terwijl u in stereo naar een FM-stereo-uitzending luistert. 2 Druk op de toets MO (mono) terwijl de functiemodus is geactiveerd, zodat de indicator MO op de display aangaat. • Elke keer wanneer u op de toets drukt gaan de indicators MO (mono) en ST (stereo) beurtelings aan. Er brandt een lampje wanneer een FM-uitzending in stereo wordt ontvangen. De indicator MO licht op. Als de indicator MO op de display aan is, wordt het geluid in mono weergegeven en verbetert de ontvangstkwaliteit (de indicator ST gaat uit). NL08-10.KD-SH99R[E]f 9 FM 1 2 FM 2 NEDERLANDS 2 FM 3 Druk op beide toetsen en houd ze langer dan 2 seconden ingedrukt. De tekst “SSM” verschijnt op het afleesvenster en verdwijnt wanneer het automatisch instellen van radiozenders is beëindigd. Lokale FM-zenders met de sterkste signalen worden opgezocht en automatisch voor de gekozen golfband (FM1, FM2 of FM3) onder de cijfertoetsen vastgelegd — nummer 1 (laagste frequentie) t/m nummer 6 (hoogste frequentie). De voorkeuzezender die onder cijfertoets 1 is vastgelegd wordt na het automatisch vastleggen van de zenders opgeroepen. 4/23/01, 6:50 PM 9 Handmatig vastleggen van zenders U kunt handmatig maximaal 6 zenders voor iedere golfband (FM1, FM2, FM3 en AM vastleggen). Bijv.: Een FM-zender op 88,3 MHz vastleggen onder nummer 1 van FM1-band 1 Selecteer de omroepband (FM1 – 3, AM) waarop u zenders wilt vasteleggen (in dit voorbeeld cijfertoets FM1). NEDERLANDS 1 Druk herhaaldelijk op de toets SOURCE om FM als afspeelbron te selecteren. 2 Druk indien nodig om het FM1 te selecteren op de toets M/B (modus/ omroepband) en houdt deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt. Elke keer wanneer u op de toets drukt en ingedrukt houdt, wordt er een andere FMband geselecteerd, en wel als volgt: FM 1 2 FM 2 U kunt in een handomdraai afstemmen op een vastgelegde voorkeuzezender. Denk eraan dat u de zenders eerst moet vastleggen! Zie ook de paragraaf “Radiozenders in het geheugen vastleggen” op bladzijde 9, als u dat nog niet hebt gedaan. 1 Druk op de cijfertoets (in dit voorbeeld cijfertoets 1) en houd deze langer dan 2 seconden ingedrukt. Herhaal bovenstaande procedure om andere zenders onder andere nummers op te slaan. 10 NL08-10.KD-SH99R[E]f 10 Selecteer de omroepband (FM1 – 3, AM). 1 Druk herhaaldelijk op de toets SOURCE om FM of AM als afspeelbron te selecteren. 2 Druk indien nodig om het FMbandnummer te selecteren op de toets M/B (modus/ omroepband) en houdt deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt. Elke keer wanneer u op de toets drukt en ingedrukt houdt, wordt er een andere FM-band geselecteerd, en wel als volgt: Stem af op een zender op 88,3 MHz. “P1” knippert erige tijd. 4 Afstemmen op een voorkeuzezender FM 3 Druk op de toets ¢ als u wilt afstemmen op een station dat op een hogere frequentie uitzendt. Druk op de toets 4 als u wilt afstemmen op een station dat op een lagere frequentie uitzendt. 3 Opmerkingen: • Een eerder vastgelegde zender wordt gewist wanneer een hieuwe zender wordt opgeslagen onder hetzelfde nummer. • Ingestelde zenders worden gewist wanneer de spannings toevoer naar het geheugen wordt onderbroken (bijvoorbeeld bij het vervangen van de accu). Als dit gebeurt, moeten de zenders opnieuw worden ingesteld. FM 1 2 FM 2 FM 3 Selecteer het nummer (1 t/m 6) van de gewenste zender. Als de geluidskwaliteit vermindert en het stereo-effect van een FM-zender verdwijnt... In bepaalde gebieden kunnen zenders die zich in elkaars nabijheid bevinden elkaar storen. Deze eenheid kan dergelijke storing automatisch verminderen (dit is de standaardinstelling van deze eenheid bij het verlaten van de fabriek). In sommige gevallen neemt de geluidskwaliteit echter af en gaat het stereo-effect verloren. Raadpleeg de paragraaf “De selectiviteit van de FM-tuner wijzigen – IF-FILTER” op bladzijde 33 als u niets aan geluidskwaliteit wilt inleveren of het stereo-effect wilt verliezen. 4/19/01, 10:36 HET GEBRUIK VAN RDS RDS (Radio Data System) is een voorziening waarmee FM-zenders een extra signaal aan hun regulier programmasignaal toevoegen. Zo kan een FM-zender bijvoorbeeld de naam van het station met het programma en informatie over de aard of het genre van het programma meezenden, bijvoorbeeld of het uitgezonden programma over sport gaat of een muziekprogramma is. Een andere functie van de voorziening RDS is “EON (Enhanced Other Networks)”. De indicator EON licht op zodra er een FM-zender wordt ontvangen die EON-gegevens uitzendt. Met behulp van de EON-gegevens die door het station worden verstuurd, kunt u op een andere zender van een ander netwerk afstemmen dat uw favoriete programma of verkeersinformatie uitzendt, terwijl u ondertussen naar een ander programma of een andere afspeelbron, zoals het CD, luistert. Met de ontvangst van RDS-gegevens kan deze eenheid: • Eén en hetzelfde programma blijven volgen (De Netwerkfunctie) • Standby staan voor de ontvangst van verkeersinformatie (TA – “Traffic Announcement”) of uw favoriete programma • Zoeken naar een bepaald programmagenre (PTY – “Programme Type”) • Programma zoeken • En er zijn nog enkele andere functies waarover u bij de ontvangst van RDS-signalen kunt beschikken Eén en hetzelfde programma blijven volgen (De netwerkfunctie) Als u in een gebied rijdt waarin de ontvangst van FM-signalen te wensen overlaat, zal de tuner die in deze eenheid is ingebouwd automatisch overschakelen naar een andere RDS-zender van hetzelfde station dat hetzelfde programma uitzendt, maar dan met een sterker uitzendsignaal. Op die manier kunt u dus naar uw favoriete programma blijven luisteren en bent u verzekerd van de best mogelijke ontvangst, ongeacht waar in het ontvangstgebied u rijdt (zie de afbeelding op de volgende bladzijde). Er zijn twee soorten RDS-gegevens die ervoor zorgen dat u uw favoriete programma tijdens uw rit kunt blijven volgen: de PI (Programme Identification) gegevens, en de AF (Alternative Frequency) gegevens. Alleen als de ontvangst van allebei deze signalen van een RDS-zender goed zijn, kunt u uw favoriete programma blijven volgen. Als een of beide signalen niet goed worden ontvangen, werkt deze voorziening niet. NL11-16.KD-SH99R[E]f 11 Om de netwerkfunctie in te schakelen, drukt u minimaal 1 seconde op TP (traffic programme). Elke keer wanneer u op deze toets drukt en houd, verandert de modus van deze functie en wel als volgt: Modus 1 (AF) Modus 2 Modus 3 (AF/REG) (Geannuleerd) Indicator AF Indicator REG : gaat aan Indicator AF : gaat uit Indicator REG Modus 1 Modus 2 Modus 3 NEDERLANDS Wat u kunt doen met RDS EON Modus 1 De netwerkfunctie is ingeschakeld en Regionalisatie is uitgeschakeld (“off”). In deze modus schakelt de ontvanger over naar een andere zender van hetzelfde station als het signaal van de geselecteerde zender te zwak wordt. • In deze modus kan het voorkomen dat het nieuw te ontvangen programma anders is dan het programma dat u daarvoor ontving. Modus 2 De netwerkfunctie is ingeschakeld en ook Regionalisatie is ingeschakeld (“on”). In deze modus schakelt de ontvanger over naar een andere zender van hetzelfde station dat hetzelfde programma uitzendt als het signaal van de geselecteerde zender te zwak wordt. Modus 3 De netwerkfunctie is uitgeschakeld. Opmerking: Als er een DAB-tuner is aangesloten en alternatieve ontvangst (voor DAB-services) is ingeschakeld, is automatisch ook de netwerkfunctie ingeschakeld. De netwerkfunctie kan echter niet worden uitgeschakeld zonder de alternatieve ontvangst uit te schakelen. (Zie bladzijde 44.) 11 4/19/01, 10:43 In deze afbeelding ziet u hoe hetzelfde programma via verschillende frequenties kan worden ontvangen. Programma 1 op frequentie A Programma 1 op frequentie E Als er verkeersinformatie wordt uitgezonden terwijl de TA-standby-modus is ingeschakeld, verschijnt de vermelding “TRAFFIC” op de display en schakelt de afspeelbron over naar de FM-band. Het volume neemt toe tot het vooraf ingestelde TA-volumeniveau (zie bladzijde 15) en u hoort de uitgezonden verkeersinformatie. Druk nogmaals op de toets TP om de TA-standbyfunctie uit te schakelen. Standby-ontvangst van een programmagenre (PTY-standbyfunctie) Programma 1 op frequentie B Programma 1 op frequentie C Programma 1 op frequentie D NEDERLANDS Het gebruik van standby-ontvangst Met standby-ontvangst kunt u tijdelijk overschakelen naar uw favoriete programmagenre (PTY) of verkeersinformatie (TA) uitzendt, terwijl u naar de door u geselecteerde afspeelbron luistert (zoals een FM-zender, CD of een andere aangesloten afspeelbron). • Standby-ontvangst is niet mogelijk wanneer u naar een AM-zender luistert. Standby-ontvangst van verkeersinformatie (TA-standbyfunctie) Als u op de toets TP drukt terwijl u naar een FM-zender luistert, licht de indicator TP op wanneer u een zender ontvangt die het TP-signaal uitzendt (Verkeersinformatie) en wanneer de ontvanger in TAstandby-modus staat. • Als het station dat u ontvangt geen TP-signaal uitzendt, gaat de indicator TP op de display knipperen. Druk op de toets ¢ of op 4 om de ontvanger in de TA-standby-modus te zetten. De vermelding “SEARCH” verschijnt nu op de display en de ontvanger gaat op zoek naar een zender dat wel een TP-signaal uitzendt. Zodra er zo’n station wordt gevonden, gaat de indicator TP op de display continu branden. 12 7 Als u naar een CD een andere aangestoten aan het luisteren bent, en naar een zender wilt luisteren dat een TP-signaal uitzendt, moet u op de toets TP drukken om de ontvanger in de TA-standby-modus te zetten. (De indicator TP op de display licht op.) NL11-16.KD-SH99R[E]f 12 Als u op de toets PTY drukt terwijl u naar een FM-zender luistert, licht de indicator PTY op wanneer u een zender ontvangt die het PTY-signaal uitzendt en wanneer de ontvanger in PTY-standby-modus staat. De geselecteerde PTY-naam, die op bladzijde 13 wordt opgeslagen, knippert gedurende 5 seconden. • Als het zender dat u ontvangt geen PTY-signaal uitzendt, gaat de indicator PTY op de display knipperen. Druk op de toets ¢ of op 4 om de ontvanger in de PTY-standby-modus te zetten. De vermelding “SEARCH” verschijnt nu op de display en de ontvanger gaat op zoek naar een station dat wel een PTY-signaal uitzendt. Zodra er zo’n station wordt gevonden, gaat de indicator PTY op de display continu branden. 7 Als u naar een CD een andere aangestoten aan het luisteren bent, en naar een station wilt luisteren dat een PTY-signaal uitzendt, moet u op PTY drukken om de ontvanger in de PTYstandby-modus te zetten. (De indicator PTY op de display licht op.) Als het geselecteerde PTY-programma wordt uitgezonden terwijl de PTY-standby-modus is ingeschakeld, verschijnt de geselecteerde PTY-naam op de display en schakelt de afspeelbron over naar de FM-band. Het geselecteerde PTY-programma wordt nu ten gehore gebracht. Druk nogmaals op de toets PTY om de PTY-standbyfunctie uit te schakelen. 4/19/01, 10:43 Het is mogelijk om het programmagenre waar u het liefst naar luistert in de vorm van een PTY-code in het geheugen van de eenheid in te voeren zodat u hier naar kunt luisteren zodra er zich zo’n programma aandient. Standaard staat de eenheid voor de standby-ontvangst van een programmagenre op de PTY-code “NEWS” ingesteld. 1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSMvermeldingen op de display wordt weergegeven. (PSM: zie bladzijde 31.) Uw favoriete programmagenre opzoeken Het is mogelijk om naar één van maximaal zes in het geheugen opgeslagen programmagenres te zoeken. Standaard liggen de volgende zes programmagenres achter de cijfertoetsen (1 t/m 6) opgeslagen. Zie de informatie hieronder voor een uitleg over het opslaan van uw favoriete programmagenres. Zie bladzijde 14 voor een uitleg over het zoeken van uw favoriete programma. Selecteer de vermelding “PTY STBY” (standby) als deze niet al meteen op de display wordt weergegeven. 2 3 Selecteer een van de 29 PTY-codes die beschikbaar zijn. (Zie bladzijde 16.) De naam van de PTY-code die u selecteert, wordt op de display weergegeven en in het geheugen opgeslagen. 4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. 2 ROCK M 3 EASY M 4 CLASSICS 5 AFFAIRS 6 VARIED Uw favoriete programmagenres in het geheugen opslaan 1 2 1 POP M 3 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSMvermeldingen op de display wordt weergegeven. (PSM: zie bladzijde 31.) NEDERLANDS Een PTY-code invoeren voor de standby-ontvangst van een programmagenre Selecteer de vermelding “PTY SEARCH” (zoeken) als deze niet al meteen op de display wordt weergegeven. Selecteer een van de 29 PTY-codes die beschikbaar zijn. (Zie bladzijde 16.) De naam van de PTY-code die u selecteert, wordt op de display weergegeven. • Als u de code selecteert die al in het geheugen ligt opgeslagen, wordt die knipperend op de display weergegeven. VERVOLG, ZIE OMMEZIJDE 13 NL11-16.KD-SH99R[E]f 13 4/19/01, 10:43 4 Druk de gewenste cijfertoets in en houd deze minimaal 2 seconden vast om de geselecteerde PTY-code op te slaan onder de cijfertoets van uw keuze. De vermelding “MEMORY” en de geselecteerde codenaam knipperen beurtelings op de display en daarna knippert alleen de geselecteerde codenaam op de display. 5 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. • Als er een station is dat een programma uitzendt en daarbij een PTY-signaal meezendt dat overeenkomt met de PTY-code die u hebt geselecteerd, stemt de eenheid automatisch op dat station af. • Als er geen station is dat een programma uitzendt en daarbij een PTY-signaal meezendt dat overeenkomt met de PTY-code die u hebt geselecteerd, blijft de eenheid afgestemd op het station dat al was geselecteerd. Opmerking: In sommige gebieden werkt het zoeken met PTY-codes niet goed. Andere nuttige RDS-functies en het maken van aanpassingen NEDERLANDS Automatische selectie van een station bij gebruik van de cijfertoetsen Een programmagenre opzoeken 1 Druk op de toets PTY (programme type) en houd deze ten minste 1 seconde ingedrukt terwijl u naar een FM-zender luistert. De PTY-code die als laatste werd geselecteerd, verschijnt op de display. 2 Selecteer een van de PTY-codes die onder de zes cijfertoetsen (1 t/m 6) liggen opgeslagen. Bijv.: Indien “ROCK M” wordt opgeslagen onder voorkeurtoets 2 De PTY-zoekopdracht naar uw favoriete programma begint na 5 seconden. 14 NL11-16.KD-SH99R[E]f 14 Normaliter zal de eenheid wanneer u op een van de cijfertoetsen drukt automatisch afstemmen op de vooraf ingestelde voorkeurzender. Als deze zender een RDS-zender is, gebeurt er echter iets anders. Als het ontvangen signaal niet sterk genoeg is, gaat de eenheid op basis van de AF-gegevens namelijk automatisch op zoek naar een andere, sterkere zender die hetzelfde programma uitzendt als de voorkeurzender die u hebt gekozen (dit wordt Programma zoeken genoemd). • Omdat het uitvoeren van de zoekopdracht enige tijd in beslag neemt, duurt het even tot er op een ander station wordt afgestemd. Hoe u deze voorziening activeert, wordt hieronder uitgelegd. • Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen wijzigen (PSM)”, op bladzijde 30. 1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de vermelding “P-SEARCH” te selecteren. 3 Draai de bedieningsschijf met de wijzers van de klok mee en selecteer “SEARCH ON”. De voorziening Programma zoeken is nu ingeschakeld. 4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. Als u het zoeken naar een programma wilt beëindigen, herhaalt u de bovenstaande procedure, maar selecteert u in stap 3 de vermelding “SEARCH OFF” door de draaiknop tegen de wijzers van de klok in te draaien. 4/19/01, 10:43 1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd Wat er als eerste op de display wordt weergegeven wanneer u naar een FM-zender luistert dat gebruik maakt van het RDS-systeem, kunt u zelf bepalen. U kunt de oorspronkelijke weergave desgewenst wijzigen in de stationsnaam (PS NAME) of de frequentie van het ontvangen station (FREQUENCY). • Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen wijzigen (PSM)” op bladzijde 30. deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de vermelding “TA VOL” te selecteren. 3 Draai aan de bedieningsschijf om het gewenste volume te kiezen. U kunt het volume instellen op een waarde van “TA VOL 00” tot “TA VOL 50”. 4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. 1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd Automatisch aanpassen van de klok deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de vermelding “TUNER DISP” (weergavemodus van de tuner) te selecteren. 3 Draai aan de bedieningsschijf om de gewenste instelling te kiezen (“FREQUENCY” of “PS NAME”). 4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. Opmerking: Als u op D (display) drukt, kunt u de display alleen wijzigen terwijl u naar een FM RDS-zender luistert. Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt de volgende informatie op de display weergegeven: Stationsnaam (PS NAME) Frequentie station (FREQ) Programmagenre (PTY) • Na enkele seconden keert de display terug naar de oorspronkelijke weergave. Het volumeniveau voor verkeersinformatie instellen Het is mogelijk om voor de standby-ontvangst van verkeersinformatie op te geven met welk geluidsvolume u deze informatie wilt horen. In dat geval zal het geluid zodra er verkeersinformatie wordt ontvangen, worden aangepast aan het volume dat u hebt ingesteld. • Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen wijzigen (PSM)” op bladzijde 30. NL11-16.KD-SH99R[E]f 15 De tijd die de klok weergeeft die in deze eenheid is ingebouwd wordt automatisch aangepast aan de tijdgegevens (CT – Clock Time) die met het RDS-signaal van een zender worden meegezonden. Als u wilt dat de klok niet automatisch wordt aangepast, moet u de onderstaande procedure volgen. • Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen wijzigen (PSM)” op bladzijde 30. 1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de vermelding “AUTO ADJ” te selecteren. 3 Draai de bedieningsschijf tegen de wijzers van de klok in om “ADJUST OFF” te kiezen. U hebt het automatisch aanpassen van de klok nu uitgeschakeld. 4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. NEDERLANDS De weergave op de display wijzigen terwijl u naar een FM-zender luistert Als u het aanpassen van de klok opnieuw wilt activeren, moet u de procedure herhalen en in stap 3 “ADJUST ON” selecteren door de bedieningsschijf met de wijzers van de klok mee te draaien. Opmerking: Nadat u voor “AUTO ADJ” de instelling “ADJUST ON” hebt gekozen, dient u de eenheid tenminste 2 minuten op hetzelfde station afgestemd te houden, anders wordt de klok niet aangepast. (Dit is nodig omdat de eenheid maximaal 2 minuten nodig heeft om de tijdgegevens in het RDS-signaal te ontvangen en verwerken.) 15 4/19/01, 10:43 PTY-codes NEDERLANDS NEWS: AFFAIRS: Nieuws Actualiteiten en achtergrond informatie aangaande het nieuws INFO: Informatieve programma’s over diverse verscillende onderwerpen SPORT: Sportverslagen EDUCATE: Educatieve programma’s DRAMA: Radio-hoorspelen CULTURE: Programma’s aangaande nationale of regionale cultuur SCIENCE: Wetenschappelijke en technische programma’s VARIED: Overige programma’s, bijvoorbeeld ceremonies en comedies POP M: Popmuziek ROCK M: Rockmuziek EASY M: Easy-listening muziek LIGHT M: Lichte muziek CLASSICS: Klassieke muziek OTHER M: Overige muziek WEATHER: Weerberichten FINANCE: Programma’s aangaande handel en de beurs en beursberichten, etc. CHILDREN: Amusement voor kinderen SOCIAL: Programma’s over sociale activiteiten RELIGION: Programma’s over aspecten van geloof en religie, aangaande het bestaan en ethiek PHONE IN: Programma’s waarin mensen via de telefoon of een publiek forum hun meningen kunnen uiten TRAVEL: Programma’s over reizen en bestemmingen, georganiseerde reizen en ideeën en mogelijkheden voor vacanties LEISURE: Programma’s over recreatieve bezigheden, bijvoorbeeld tuinieren, koken, vissen, etc. JAZZ: Jazz-muziek COUNTRY: Country-muziek NATION M: Huidige populaire muziek van een bepaald land of gebied in de taal van het land of gebied OLDIES: Gouwe-Ouwe FOLK M: Folk-muziek DOCUMENT: Programma’s over feitelijke gebeurtenissen, vaak gepresenteerd in een onderzoekende stijl 16 NL11-16.KD-SH99R[E]f 16 4/19/01, 10:43 GEBRUIK VAN DE CD-SPELER Een CD afspelen 1 Open de laadopening. Het bedieningspaneel komt naar beneden en de laadopening verschijnt. Opmerking: Als er een extern apparaat op de extra ingang is ingesloten, dient u CD’s voorzichtig te plaatsen en verwijderen. 2 Plaats een CD in de lade. De CD wordt naar binnen getrokken, het bedieningspaneel keert terug naar de vorige positie (zie bladzijde 35) en de CD begint automatisch te spelen. • Alle tracks op de disk worden net zo vaak herhaald tot u het afspelen beëindigd. Deze functie wordt — All Track Repeat Play genoemd. Opmerking: Plaats geen disk met een diameter van 8 cm in de laadopening omdat dergelijke disks vast komen te zitten. De display wordt gewijzigd en geeft het volgende weer: Opmerkingen: • Wanneer er zich een CD in de laadopening bevindt en u “CD” als afspeelbron selecteert door op SOURCE te drukken, wordt de CD afgespeeld. • Als een disk ondersteboven wordt geplaatst, wordt de CD-speler automatisch geopend. • Als u de CD Text afspeelt, worden op de display de titel van de CD en de naam van de uitvoerende artiest weergegeven. Vervolgens wordt het nummer van het muziekstuk en de verstreken speeltijd weergegeven. Zie ook de paragraaf “De tekst van een CD met CD Text weergeven” (bladzijde 19) en de paragraaf “De instelling voor lopende tekst selecteren – SCROLL” (bladzijde 32). Als er op een CD met CD Text veel informatie staat, kan het zijn dat niet de hele tekst op de display wordt weergegeven. • Wanneer u een andere afspeelbron selecteert, stopt het afspelen van de CD (alleen nu zonder dat de CD uit de laadopening naar voren komt). NEDERLANDS Zie voor het afspelen van MP3-CD ook de paragraaf “BEDIENING VAN DE MP3” op pagina 22 t/m 26. Stoppen met afspelen en de CD terug laten springen Druk op de toets 0. Het afspelen van de CD wordt beëindigd, het bedieningspaneel komt naar beneden en de CD komt uit de laadopening naar voren. Druk als u het bedieningspaneel weer in de vorige positie wilt hebben nogmaals op de toets 0. • Als de lade gedurende één minuut is geopend (of gedurende 30 seconden als u de CD hebt uitgeworpen en de contactsleutel op “OFF” is gesteld) is er een toon hoorbaar en keert het bedieningspaneel terug naar de vorige positie. Let erop dat de disk of vingers niet vast komen te zitten tussen het bedieningspaneel en de eenheid. Opmerking: Totaal aantal muziekstukken op de CD die in de CD-lade is geplaatst Huidige muziekstuk NL17-19.KD-SH99R[E]f Totale afspeeltijd van de CD die in de CD-lade is geplaatst Als de teruggesprongen CD niet binnen ongeveer 15 seconden uit de CD-lade wordt verwijderd, wordt de CD automatisch opnieuw in de CD-lade geplaatst, zodat hij niet stoffig wordt. (Deze keer wordt niet automatisch met afspelen begonnen.) Verstreken afspeeltijd 17 17 4/19/01, 10:41 Een muziekstuk of een bepaald punt op de CD zoeken Het muziekstuk versneld vooruit afspelen of achteruit afspelen Druk tijdens het afspelen van een CD op de toets ¢ , en houd deze toets ingedrukt om het muziekstuk versneld vooruit af te spelen. Druk tijdens het afspelen van een CD op de toets 4, en houd deze toets ingedrukt om het muziekstuk achteruit af te spelen. Naar de volgende of vorige tracks gaan NEDERLANDS Druk tijdens het afspelen van een CD kort op de toets ¢ om naar het begin van de volgende track te gaan. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt het begin van de volgende track opgezocht, geselecteerd en ten gehore gebracht. Druk tijdens het afspelen van een CD kort op de toets 4 om terug te keren naar het begin van de huidige track. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt het begin van de vorige track opgezocht, geselecteerd en ten gehore gebracht. Direct naar een bepaald muziekstuk gaan Druk op de cijfertoets die bij een bepaald muziekstuk hoort, om het afspelen van dat muziekstuk te laten beginnen. • Om een muziekstuk met nummer 1 – 6 te selecteren: Druk kort op 1 (7) – 6 (12). • Om een muziekstuk met nummer 7 – 12 te selecteren: Druk op 1 (7) – 6 (12) en houd de cijfertoets langer dan 1 seconde ingedrukt. Nummer van het muziekstuk Verstreken afspeeltijd Afspeelmodus selecteren Tracks in willekeurige volgorde afspelen (Random Play) 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) om de functiemodus te activeren terwijl u een CD afspeelt. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets RND (random) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de indicator RND op de display aangaat. Elke keer als u op de toets RND drukt, de willekeurige afspeelmodus voor CD’s worden in- of uitgeschakeld. Wanneer deze functie is ingeschakeld, licht de indicator RND op de display op en wordt er een willekeurige track afgespeeld. De geselecteerde track herhaaldelijk afspelen (de functie One Track Repeat Play) 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) om de functiemodus te activeren terwijl u een CD afspeelt. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets RPT (repeat) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de indicator RPT op de display aangaat. Elke keer als u op de toets RPT drukt, wordt de functie voor het herhaald afspelen van één enkele track in- of uitgeschakeld. • Als de functie voor het herhaald afspelen van één enkele track wordt uitgeschakeld, wordt de functie functie waarbij alle tracks herhaaldelijk geactiveerd. 18 NL17-19.KD-SH99R[E]f 18 4/19/01, 10:41 Het is mogelijk om van alle tracks alleen de eerste 15 seconden af te spelen, zodat u de intro’s kunt beluisteren. 4 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) om de functiemodus te activeren terwijl u een CD afspeelt. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets INT (intro scan) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de vermelding “INT” op de display wordt weergegeven. Elke keer als u op de toets INT drukt, de introscanmodus voor CD’s worden in- of uitgeschakeld. Nummer van het muziekstuk dat wordt afgespeeld De tekst van een CD met CD Text weergeven Op een CD met CD Text is informatie opgenomen zoals de titel van de CD, de naam van de uitvoerende artiest en de titel van de tracks. Het is mogelijk om deze informatie op de display weer te geven. 1 Selecteer tijdens het afspelen van een CD met CD Text de afspeelmodus die tekst kan weergegeven. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, verandert de weergave op de display en wel als volgt: Titel van de Titel van het CD / Artiest muziekstuk Nummer huidige track en verstreken speeltijd Opmerkingen: • Op de display kunnen maximaal 10 tekens tegelijk worden weergegeven. Als de informatie uit meer dan 10 tekens bestaat, loopt de tekst automatisch van rechts naar links over de display. Zie ook de paragraaf “De instelling voor lopende tekst selecteren – SCROLL” op bladzijde 32. • Wanneer u op de toets D (display) drukt terwijl u naar een gewone CD luistert, verschijnt de vermelding “NO NAME” op de display voor de titel/artiest van de CD en de titel van het muziekstuk. Voorkomen dat de CD terugspringt U kunt voorkomen dat de CD uit de lade springt door deze in de lade te vergrendelen. Druk wanneer u op de toets SEL (selecteren), drukt tevens op de toets 0 en houd de toetsen gedurende minimaal 2 seconden ingedrukt. De vermelding “NO EJECT” zal gedurende circa 5 seconden op de display knipperen en de CD wordt vergrendeld. De CD kan nu niet meer uit de laadopening worden gehaald. NEDERLANDS Alleen intro’s afspelen (Intro scan) Opmerking: Als u op de toets 0 drukt terwijl het uitwerpen van CD’s niet is toegestaan, komt het bedieningspaneel weliswaar naar beneden geschoven, maar kan er geen CD worden uitgenomen. Druk op de toets 0 als u het bedieningspaneel naar de vorige positie wilt laten terugkeren. Als u de vergrendeling ongedaan wilt maken en de CD weer toegankelijk wilt maken moet u de toets 0 gedurende minimaal 2 seconden ingedrukt houden terwijl u op de toets SEL drukt. Vervolgens knippert de vermelding “EJECT OK” gedurende circa 5 seconden op de display. De laadopening is nu ontgrendeld en de CD is weer toegankelijk. 19 NL17-19.KD-SH99R[E]f 19 4/19/01, 10:41 INTRODUCTIE EEN MP3 Wat is MP3? MP3 is de afkorting van een lange Engelse term: Motion Picture Experts Group (of MPEG) Audio Layer 3. Kort gezegd is MP3 een indeling voor gegevensbestanden met een compressieverhouding van 1:10 (128 Kbps*). Dit houdt in dat u met de MP3-bestandsindeling 10 keer zoveel gegevens op een CD-R of CD-RW kunt zetten dan er op een gewone muziek-CD past. * Bit-rate is het gemiddelde aantal bits dat er voor 1 seconde aan audio nodig is. De bit-rate wordt uitgedrukt in kBps, ofwel kilobits per seconde (1000 bits/seconde). Hoe hoger de bit-rate, hoe beter de geluidskwaliteit. De meest gangbare bit-rate voor het coderen van audio is 128 Kbps. NEDERLANDS Deze eenheid is uitgerust met een MP3-decoder. Dit betekent dat het mogelijk is om MP3-bestande (tracks) af te spelen die op CD-R, CD-RW en CDROM zijn opgenomen. Compatibel met ID3v1 In elk MP3-bestand kan aanvullende informatie worden opgeslagen, zoals de albumtitel, naam van de uitvoerende artiest, titel van de song, jaar van de opname, genre en een korte opmerking. Deze eenheid kan dergelijk informatie (albumtitel, naam van de uitvoerende artiest en titel van de song), die ID3v1-tags worden genoemd, op de display weergeven. (Zie bladzijde 45.) • Sommige tekens kunnen niet op de juiste manier worden weergegeven. • Deze eenheid is niet compatibel met ID3v2. Andere kenmerken van deze eenheid: • Maximaal aantal hiërarchieënniveau: 8 • Maximaal aantal mappen/bestanden: 255 (Totaal) • Beschikbare tekens voor map/bestandnaam: A–Z, 0–9, _ (underscore) • Maximaal aantal tekens voor bestandsnamen (ISO 9660 Niveau 1): 12 (inclusief scheidingsteken—“.” en extensie—“mp3”) (ISO 9660 Niveau 2): 31 (inclusief scheidingsteken—“.” en extensie—“mp3”) • Maximaal aantal tekens voor mapnaam: 31 Waarschuwingen met betrekking tot het maken van MP3-bestanden op CD-R’s en CD-RW’s 20 Deze eenheid kan alleen MP3-bestanden lezen die de bestandsindeling hebben die voldoet aan deze normen: ISO 9660 Niveau 1 of Niveau 2. NL20-26.KD-SH99R[E]f 20 Hoe worden MP3-bestanden opnemen en afgespeeld? MP3-“bestanden of -tracks” worden tijdens het opnemen “mappen” geplaatst, zoals deze in computertermen worden genoemd. Tijdens de opnameprocedure kunnen bestanden en mappen op dezelfde manier worden geordend als dat bij bestanden en mappen met computergegevens kan. De “hoofdmap” is de bovenste map in de hiërarchie met mappen en bestanden. Elk bestand en elke map vallen onder de hoofdmap en kunnen vanuit de hoofdmap worden benaderd. In overeenstemming met ISO 9660 is acht het maximale aantal mappen dat onder de hoofdmap kan worden geplaatst. Het geheel van hoofdmap en onderliggende mappen en bestanden wordt de “hiërarchie” genoemd. In welke volgorde bestanden worden afgespeeld, doorzocht, en in welke volgorde mappen met MP3-bestanden worden doorzocht, wordt bepaald door de encoding-toepassing die de muziek in MP3-indeling omzet. De afspeelvolgorde kan dus anders zijn dan wat u in gedachte hebt als u de mappen en bestanden opneemt. Op de volgende pagina is te zien hoe MP3bestanden op CD-R en CD-RW worden opgenomen, afgespeeld en hoe deze met deze eenheid worden opgezocht. Opmerkingen: • Deze eenheid kan CD-ROM’s met MP3-bestanden lezen, maar als er op de CD-ROM ook bestanden in een andere indeling dan MP3-bestanden staan, kost het de eenheid meer tijd de disk te doorzoeken. De aanwezigheid van andere bestandsindelingen kan ook een storing in de eenheid veroorzaken. • De eenheid kan geen MP3-bestanden lezen of schrijven als deze niet de extensie mp3 hebben. • Deze eenheid is niet compatibel met Playlist**. ** Een playlist is een eenvoudig tekstbestand, zoals deze op PC’s worden gebruikt, waarmee gebruikers zelf de afspeelvolgorde van de bestanden kunnen bepalen zonder de bestanden fysiek opnieuw te ordenen. 4/19/01, 10:39 Niveau 1 De configuratie van MP3-mappen en bestanden 2 4 8 1 2 3 4 3 5 10 5 6 20 6 7 8 9 12 Niveau 6 ROOT 1 9 11 21 7 22 13 14 15 16 17 23 24 NEDERLANDS Niveau 4 Niveau 3 1 Niveau 5 Hiërarchieën Niveau 2 ROOT 18 19 Opmerkingen: • In overeenstemming met ISO 9660 is acht het maximale aantal hiërarchie. Hierin is de hoofdmap inbegrepen. • Als er een multi-sessie disk wordt geladen, kan alleen de laatste sessie worden afgespeeld. : Hoofdmap : Onderliggende mappen : MP3bestanden MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorde (bladzijde 23) • De cijfers die naast de MP3-bestanden ( ) zijn omcirkeld geven de afspeelvolgorde en de zoekvolgorde van de MP3-bestanden aan. Normaalgesproken speelt deze eenheid MP3bestanden af in de volgorde waarin deze zijn opgenomen. • De cijfers in de mappen geven de afspeelvolgorde en zoekvolgorde van de mappen op de MP3CD aan. Normaalgesproken speelt deze eenheid MP3-bestanden in de mappen af in de volgorde waarin deze zijn opgenomen. Naar een andere map gaan (bladzijde 25) U kunt binnen dezelfde hiërarchieniveau naar een andere map gaan (b.v. van map 3 naar map 5 of 9) of naar een map in een andere hiÎrarchie (b.v. van map 5 naar map 4 of 6). 21 NL20-26.KD-SH99R[E]f 21 4/19/01, 10:39 BEDIENING VAN DE MP3 Zie ook de paragraaf “GEBRUIK VAN DE CD-SPELER” op pagina 17 t/m 19. Een MP3-CD afspelen NEDERLANDS 1 Open de laadopening. Het bedieningspaneel komt naar beneden en de laadopening verschijnt. 2 Plaats een MP3-CD in de lade. De eenheid trekt de CD naar binnen, het bedieningspaneel gaat terug naar de vorige positie (zie bladzijde 35) en het afspelen begint automatisch. Het afspelen begint automatisch bij het eerste bestand in de eerste map nadat de bestandscontrole is voltooid. Vervolgens wordt de volgende informatie op de display weergegeven: • Als “TAG ON” wordt geselecteerd (standaardinstelling: zie bladzijde 33) De naam album/naam artiest (mapnaam)* = Titel van de track (bestandsnaam)* = Verstreken speeltijd. * Als een MP3-bestand geen ID3-tag heeft, worden de mapnaam en bestandsnaam weergegeven. • Als “TAG OFF” wordt geselecteerd De mapnaam en bestandsnaam worden weergegeven. Opmerkingen: • Alle bestanden op de disk worden herhaald tot u het afspelen beëindigt—de functie All File Repeat Play. • MP3-CD vragen iets meer leestijd**. (De hoeveelheid tijd is afhankelijk van de complexiteit van de map- en bestandshiÎrarchie.) ** De leestijd is de tijd die de eenheid aanvankelijk nodig heeft om de disk te onderzoeken en de bestandsinformatie te lezen. Bijv.: Als op de CD 13 mappen en 125 MP3bestanden staan. 22 NL20-26.KD-SH99R[E]f 22 4/19/01, 10:39 U kunt tijdens het afspelen van een MP3-bestand andere bestandsinformatie op de display weergeven. Elke keer wanneer u op de toets D (display) drukt, wordt er andere informatie op de display weergegeven en wel als volgt: • Als “TAG ON” wordt geselecteerd (standaardinstelling: zie pagina 33) Naam album/ Naam artiest (Mapnaam) Titel van de track (Bestandsnaam) Verstreken speeltijd/ Bestandsnummer * Als een MP3-bestand geen ID3-tag heeft, worden de mapnaam en bestandsnaam weergegeven. • Als “TAG OFF” wordt geselecteerd Mapnaam Bestandsnaam Verstreken speeltijd/ Bestandsnummer Opmerkingen: • Op de display kunnen maximaal 10 tekens tegelijk worden weergegeven. Als de informatie uit meer dan 10 tekens bestaat, loopt de tekst automatisch van rechts naar links over de display. Zie ook de paragraaf “De instelling voor lopende tekst selecteren – SCROLL” op bladzijde 32. Stoppen met afspelen en de CD terug laten springen Druk op de toets 0. Het afspelen stopt, het bedieningspaneel komt naar beneden geschoven en de disk wordt uit de laadopening uitgeworpen. Een bestand of een bepaalde passage op een MP3-CD opzoeken Bestand snel vooruit of achteruit spoelen Druk tijdens het afspelen van een MP3-CD op de toets ¢ en houdt de toets ingedrukt als u het bestand wilt terugspoelen. Druk tijdens het afspelen van een MP3-CD op de toets 4 en houdt de toets ingedrukt als u het bestand vooruit wilt spoelen. Naar een volgend of vorig bestand gaan Druk tijdens het afspelen kort op de toets ¢ als u naar het begin van het volgende bestand wilt gaan. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt het begin van een volgend bestand opgezocht en afgespeeld. (Zie de paragraaf “MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorde” op bladzijde 21.) NEDERLANDS De display-informatie wijzigen Druk tijdens het afspelen kort op de toets 4 als u naar het begin van het huidige bestand wilt gaan. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt het begin van een vorig bestand opgezocht en afgespeeld. (Zie de paragraaf “MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorder” op bladzijde 21.) 23 NL20-26.KD-SH99R[E]f 23 4/19/01, 10:39 Rechtstreeks naar een bepaalde map gaan NEDERLANDS BELANGRIJK: Als u mappen rechtstreeks met behulp van de cijfertoetsen wilt selecteren, dient elke map aan het begin van de mapnaam een twee-cijferig getal zijn toegekend. (Dit kan alleen worden gedaan tijdens het op CD-R of CD-RW opnemen van de MP3-bestanden.) Bijv.: Als de mapnaam “01 ABC” is Drukt op 1 om rechtstreeks naar map “01 ABC” te gaan Als de mapnaam “1 ABC” is Drukken op 1 werkt niet Als de mapnaam “12 ABC” is Druk op 6 (12) en houdt de toets ingedrukt om naar map “12 ABC” te gaan Als u op de cijfertoets druk die overeenkomt met het mapgetal begint het afspelen bij het eerste bestand in de geselecteerde map. • Als u een mapgetal van 01 – 06 wilt selecteren: Druk kort op 1 (7) – 6 (12). • Als u een mapgetal van 07 – 12 wilt selecteren: Druk op 1 (7) – 6 (12) en houdt de toets minimaal 1 seconde ingedrukt. Naar de volgende map gaan—binnen dezelfde hiërarchieniveau of in een andere hiërarchieniveau Op het bedieningspaneel: 1 Druk op de toets M/B (modus/ band) terwijl er een MP3-CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. terwijl 2 Druk kort op de toets ¢ de functiemodus is geactiveerd. Elke keer wanneer u stap 1 en 2 opnieuw uitvoert, wordt een volgende map opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). (Zie de paragraaf “MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorde” op pagina 21.) Met de afstandsbediening: PRESET Elke keer waneer u op de toets drukt en deze ingedrukt houdt, wordt een volgende map opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). (Zie de paragraaf “MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorde” op bladzijde 21.) Naar de vorige map gaan—binnen dezelfde hiërarchieniveau of in een andere hiërarchieniveau Op het bedieningspaneel: Opmerking: • Als “MP3” op de display knippert nadat u een map hebt geselecteerd, betekent dit dat er in die map geen MP3-bestanden aanwezig zijn. • Het is niet mogelijk een map rechtstreeks te kiezen met een getal dat groter is dan 12. 1 Druk op de toets M/B (modus/ band) terwijl er een MP3-CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk kort op de toets 4 terwijl de functiemodus is geactiveerd. Elke keer wanneer u stap 1 en 2 opnieuw uitvoert, wordt een vorige map opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). (Zie de paragraaf “MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorde” op bladzijde 21.) Druk als u een bepaald bestand in een map wilt selecteren op de toets ¢ of op de toets 4 nadat u de map hebt geselecteerd. Met de afstandsbediening: PRESET 24 NL20-26.KD-SH99R[E]f 24 Elke keer waneer u op de toets drukt en deze ingedrukt houdt, wordt een vorige map opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). (Zie de paragraaf “MP3’s afspeelvolgorde en zoekvolgorde” op bladzijde 21.) 4/19/01, 10:39 Naar de volgende map binnen dezelfde hiërarchieniveau gaan Naar een map in een lagere hiërarchieniveau gaan Met de afstandsbediening: Met de afstandsbediening: Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt een volgende map binnen dezelfde hiërarchieniveau opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 4 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt een map in een onderliggende hiërarchieniveau opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). DISC Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 1 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) 1 4 8 2 Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 5 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) 9 3 Met de afstandsbediening: Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 4 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) 2 8 4 Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 5 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) 5 3 6 Naar een map in een hogere hiërarchieniveau gaan Met de afstandsbediening: Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt een map in een bovenliggende hiërarchieniveau opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). DISC Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt een vorige map binnen dezelfde hiërarchieniveau opgezocht (en begint het afspelen bij het eerste bestand in de map, als die er is). 4 5 5 Naar de vorige map binnen dezelfde hiërarchieniveau gaan PRESET 3 Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 4 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) 4 5 2 4 9 NEDERLANDS PRESET Voorbeeld 1: Als u een MP3-bestand in map 3 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) 3 2 1 ROOT Voorbeeld 2: Als u een MP3-bestand in map 5 afspeelt (zie de illustratie op bladzijde 21) 5 4 1 ROOT 5 • Als u bij de hoofdmap uitkomt, wordt het afspelen niet gestart. Opmerking: Als er zich geen MP3-bestand in de map bevindt die u hebt geselecteerd, wordt de mapnaam op de display weergegeven en knippert “MP3”. Als dit gebeurt, schakelt de eenheid automatisch over op de pauzestand. Als u rechtstreeks naar de hoofdmap wilt gaan, moet u op de afstandsbediening op R•D drukken. U kunt vanuit elke map teruggaan naar de hoofdmap. • Als er bestanden in de eerste hiërarchieniveau zijn opgenomen zonder dat deze in een map staan, zal de eenheid deze bestanden afspelen. 25 NL20-26.KD-SH99R[E]f 25 4/19/01, 10:39 MP3-afspeelmodi selecteren Tracks in willekeurige volgorde afspelen van bestanden (Random Play) NEDERLANDS 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) terwijl er een MP3-CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets RND (random) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de indicator RND op de display aangaat. Elke keer wanneer u op de toets RND, wordt de modus voor het afspelen van willekeurige beurtelings in- en uitgeschakeld. Als u voor het afspelen in een willekeurige volgorde hebt gekozen, gaat de indicator RND op de display aan en begint het in willekeurige volgorde afspelen van bestanden op de CD automatisch. Tracks herhaaldelijk afspelen van bestanden (Repeat Play) 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) terwijl er een MP3-CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets RPT (repeat) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de indicator RPT op de display aangaat. Elke keer wanneer u op de toets RPT, wordt er een andere modus voor het herhaald afspelen van tracks geselecteerd, en wel in deze volgorde: Modus Indicator RPT Herhaling van... RPT 1 Licht op RPT 2 Knippert Het huidige bestand (of een geselecteerd bestand). Alle bestanden in de huidige map (of de geselecteerde map). Alleen intro’s afspelen (Intro scan) Het is mogelijk om van alle tracks alleen de eerste 15 seconden af te spelen, zodat u de intro’s kunt beluisteren. 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) terwijl er een MP3-CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets INT (intro scan) terwijl de functiemodus 4 nog is geactiveerd, zodat de vermelding “INT” op de display wordt weergegeven. Elke keer wanneer u op de toets INT drukt, wordt de modus voor het afspelen van intro’s beurtelings in- en uitgeschakeld. Bestandsnummer van het bestand dat wordt afgespeeld RPT 1 RPT 2 Geannuleerd Ex.: Als “RPT 1” wordt geselecteerd 26 NL20-26.KD-SH99R[E]f 26 4/19/01, 10:39 GELUID REGELEN 2 Geluid aanpassen Pas het niveau aan. U kunt de geluidskarakteristieken naar wens instellen. Om het niveau te verhogen. 1 Om het niveau te verlagen. Selecteer de functie die u wilt aanpassen. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt de aanpasbare tijd als volgt gewijzigd: VOL (Volume) Indicatie S. BASS** BAL (Balans) Doel: WOOFER*** (Subwoofer) Bereik FAD* Evenwicht tussen R06 (Alleenachterin) voor- en | achterspeakers F06 (Alleenvoorin) aanpassen. BAL Evenwicht tussen L06 (Alleenlinks) linker- en | rechterspeaker R06 (Alleenrechts) aanpassen. S. BASS** Bastonen aanpassen. WOOFER*** Het uitvoerniveau 00 (min.) van de subwoofer | aanpassen. 12 (max.) VOL Het volume aanpassen. NEDERLANDS FAD* (Faden) Opmerking: Normaliter stelt u het volume in met de draaiknop. U hoeft dus niet “VOL” voor het instellen van het volumeniveau te kiezen. 00 (min.) | 08 (max.) 00 (min.) | 50 (max.) * Als u een systeem met twee speakers gebruikt moet u FADER op “00” zetten. ** Het rijke en volle basgeluid blijft volledig behouden, hoe laag u het volume ook instelt – de functie Super Bass. *** Dit heeft alleen effect als er een subwoofer is aangesloten. 27 NL27-29.KD-SH99R[E]f 27 4/19/01, 10:38 Vooraf ingestelde modi selecteren Het is mogelijk om een vooraf ingestelde modus te selecteren als deze met uw muziekgenre overeenkomt. 1 Druk op de toets EQ. De laatst geselecteerde geluidsmodus wordt opgeroepen en wordt op de huidige afspeelbron toegepast. NEDERLANDS De indicator EQ indicator licht op. Bijv: Als u eerder de instelling “FLAT” hebt geselecteerd 2 Opmerkingen: • U kunt de vooraf ingestelde geluidsweergave wijzigen en in het geheugen opslaan. Meer bijzonderheden over het aanpassen en opslaan van uw eigen geluidsinstellingen treft u aan in de paragraaf “Geluidsweergave aanpassen en opslaan” op bladzijde 29. • Zie bladzijde 27 als u het basversterkingsniveau tijdelijk wilt aanpassen. De geluidsmodus van uw keuze selecteren. Elke keer wanneer u aan de bedieningsknop draait, wordt er een andere geluidsmodus geselecteerd en wel als volgt: FLAT O Hard Rock O R & B*O POP O JAZZ O DanceMusic O Country O Reggae O Classic O USER 1 O USER 2 O USER 3 O (terug naar het begin) Als u een geluidsmodus selecteert, wordt deze in het geheugen opgeslagen. De geluidsmodus wordt elke keer uit het geheugen opgeroepen wanneer u de desbetreffende afspeelbron selecteert. Voor elk van de volgende afspeelbronnen kan een geluidsmodus worden opgeslagen: FM1, FM2, FM3, AM, CD en externe apparatuur. • Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen (PSM) wijzigen” op bladzijde 30. 1 Druk op de toets SEL (selecteren) en houdt deze gedurende minimaal 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-items op de display wordt weergegeven. 2 Druk op de toets ¢ of op 4 en selecteer de vermelding “EQ LINK” (koppeling met het geheugen voor geluidsmodi). 3 Draai de bedieningsknop met de wijzers van de klok mee en selecteer “LINK ON”. 4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. Als u EQ Link wilt annuleren, moet u dezelfde procedure nogmaals uitvoeren maar in stap 3 met de bedieningsknop de vermelding “LINK OFF” selecteren. * Rhythm en blues Het EQ-niveau verandert wanneer u de geluidsmodus selecteert. Bijv.: Als u “POP” aanpast Selecteer als u de geluidsmodus wilt annuleren in stap 2 de vermelding “FLAT”. 28 NL27-29.KD-SH99R[E]f Voor elke afspeelbron een andere geluidsmodus opslaan (EQ Link) 28 • Als “EQ LINK” is ingesteld op “LINK ON” De geselecteerde geluidsmodus kan voor de huidige afspeelbron in het geheugen worden opgeslagen. Elke keer wanneer u de bron afspeelt, wordt de bijbehorende geluidsmodus uit het geheugen opgehaald en achter de naam van de afspeelbron weergegeven. • Als “EQ LINK” is ingesteld op “LINK OFF” De geselecteerde geluidsmodus is op elke afspeelbron die wordt geselecteerd van toepassing. 4/19/01, 10:38 Geluidsweergave aanpassen en opslaan 3 • Raadpleeg de onderstaande tabel als u het geselecteerde geluidselement wilt aanpassen. Het is mogelijk om de geluidskarakteristieken aan uw eigen wensen aan te passen en in het geheugen op te slaan (USER 1, USER 2 en USER 3). • Voor het uitvoeren van de onderstaande stappen geldt een tijdslimiet. Als de procedure wordt afgebroken voordat u deze hebt voltooid, moet u opnieuw bij stap 1 beginnen. Druk op de toets EQ. De laatst geselecteerde geluidsmodus wordt opgeroepen en wordt op de huidige afspeelbron toegepast. 4 5 Herhaal stap 2 en 3 als u nog andere geluidselementen wilt aanpassen. Selecteer een van de door de gebruiker zelf opgegeven geluidsmodi (USER1, USER2, USER3). NEDERLANDS 1 Het geselecteerde geluidselement aanpassen. Bijv.: Als u eerder de instelling “POP” hebt geselecteerd 2 Druk op de toets SEL (selecteren) om het geluidselement dat u wilt aanpassen te selecteren. Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt er een ander geluidselement geselecteerd om aan te passen, en wel in deze volgorde: LOW FREQ.* = LOW WIDTH = LOW LEVEL = MID FREQ.* = MID WIDTH = MID LEVEL = HIGH FREQ.* = HIGH LEVEL = (terug naar het begin) FREQ. (LOW, MID, HIGH): Selecteer de middenfrequentie. WIDTH (LOW, MID): Selecteer de bandbreedte (Q). LEVEL (LOW, MID, HIGH): Pas het verbeteringsniveau aan. of op 4, * Door op de toets ¢ te drukken, kunt u rechtstreeks te volgende keuzes maken: LOW FREQ. 6 Bijv.: Als u “USER 2” aanpast Druk op de toets EQ om de aanpassingen op te slaan. De fabrieksinstellingen herstellen Herhaal de procedure en ken de fabrieksinstellingen toe. U vind deze in de tabel op bladzijde 45. Indicatie FREQ. WIDTH 1 (min.) | 4 (max.) LEVEL –06 (min.) –06 (min.) –06 (min.) | | | +06 (max.) +06 (max.) +06 (max.) MID FREQ. HIGH FREQ. Vooraf ingestelde waarden LOW MID HIGH 50 Hz 700 Hz 8 kHz 80 Hz 1 kHz 12 kHz 120 Hz 2 kHz 1 (min.) | 2 (max.) 29 NL27-29.KD-SH99R[E]f 29 4/19/01, 10:38 ANDERE HOOFDFUNCTIES Klok instellen 1 2 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSMvermeldingen op de display wordt weergegeven. (Zie bladzijde 31.) Stel het uur in. 1 Selecteer de vermelding “CLOCK HOUR” als deze al niet meteen op de display wordt weergegeven. 2 Pas het uur aan. De algemene instellingen wijzigen (PSM) Het is mogelijk om de instellingen voor de items die op de volgende bladzijde staan vermeld te wijzigen. Basisprocedure 1 2 NEDERLANDS 1 Als u wilt weten hoe laat het is terwijl de eenheid is uitgeschakeld drukt op de toets D (display). De stroom wordt vervolgens ingeschakeld en gedurende 5 seconden wordt de tijd van de klok weergegeven. Daarna wordt de stroomtoevoer weer uitgeschakeld. 3 Stel de minuten in. 1 Selecteer de vermelding “CLOCK MIN”. 2 Pas de minuten aan. 1 4 2 2 Stel de uuraanduiding in. 3 1 Selecteer de vermelding “24H/12H”. 2 Selecteer de vermelding “12HOUR” of “24HOUR”. 1 Selecteer het item waarvan u de instelling wilt wijzigen. (Zie bladzijde 31.) Wijzig het PSM-item dat u hebt geselecteerd. 2 4 5 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSMvermeldingen op de display wordt weergegeven. (Zie bladzijde 31.) Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. 5 Herhaal stap 2 en 3 als u de andere PSM-items wilt aanpassen. Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. 30 NL30-36.KD-SH99R[E]f 30 4/19/01, 10:34 Modus met voorkeursinstellingen (PSM)-onderdelen 1 3 2 Houd. Kies. Met de wijzers van de klok mee Tegen de wijzers van de klok in Fabrieksinstellingen Zie blz. 0:00 30 CLOCK HOUR Instellen van het uur Terug Verder CLOCK MIN Instellen van de minute Terug Verder EQ LINK Koppeling met het geheugen voor geluidsmodi LINK OFF LINK ON LINK OFF 28 24H/12H 24/12-uur aanduiding voor de klok 12HOUR 24HOUR 24HOUR 30 AUTO ADJ Automatische instellen van de klok ADJUST OFF ADJUST ON ADJUST ON 15 CLOCK DISP Weergave van de klok TUNER DISP PTY STBY PTY SEARCH TA VOL Weergavemodus van de tuner PTY-standby PTY-zoeken Volume voor verkeersinformatie CLOCK OFF FREQUENCY CLOCK ON PS NAME CLOCK ON PS NAME 32 15 NEWS 13 P-SEARCH Programme zoeken DAB AF* Zoeken naar alternatieve frequenties LEVEL/EQ Indicator voor equalizer en niveau DIMMER Dimmermodus TELEPHONE Audiodemping voor cellulaire telefoonsystemen BEEP SW Pieptoon bij toetsbediening BEEP OFF P.AMP SW Schakelaar voor ingebouwde versterker P.AMP OFF CONTRAST Contrast van de weergave op de display SCROLL Modus voor lopende tekst 29 programmatypen (Zie bladzijde 13 en 16.) TA VOL 20 15 SEARCH OFF TA VOL 00 – TA VOL 50 SEARCH ON SEARCH OFF 14 AF OFF AF ON AF ON 44 EQ ONLY 32 AUTO 32 MUTING OFF 32 BEEP ON BEEP ON 32 P.AMP ON P.AMP ON 32 CONTRAST 5 32 ONCE 32 FREQ MID 33 L.ADJ 00 – L.ADJ 05 L.ADJ 00 33 A.ADJ 00 – A.ADJ 05 A.ADJ 00 33 DVD 33 AUTO DEMO ON TAG ON 33 33 EQ ONLY LEVEL+EQ LEVEL ONLY AUTO OFF ON MUTING OFF MUTING1 MUTING2 CONTRAST 1 – CONTRAST 10 AUTO ONCE OFF CUTOFF F LINE ADJ AUX ADJ KEY SELECT IF FILTER DEMO MODE TAG DISP Afbreekfrequentie van de subwoofer Aanpassen van het ingangsniveau Aangepast niveau voor extern apparaat Selectie van modus voor bediening met externe sleutel Intermediate Frequency-filter Demonstratiemodus Weergave van tags NEDERLANDS Stel in. FREQ HIGH FREQ MID FREQ LOW VCR DVD OFF WIDE DEMO OFF TAG OFF AUTO DEMO ON TAG ON 33 • Druk op SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. * Wordt alleen weergegeven indien de DAB-tuner is aangesloten. 31 NL30-36.KD-SH99R[E]f 31 4/19/01, 10:34 NEDERLANDS Weergave van de klok selecteren – CLOCK DISP Geluid bij het aanraken van de toetsen in- en uitschakelen – BEEP SW Het is mogelijk om de klok op de display weer te geven of juist niet weer te geven wanneer de eenheid is ingeschakeld. Bij het verlaten van de fabriek is de klok standaard ingesteld om op de display te worden weergegeven. • CLOCK ON: Weergave van de klok op de display is ingeschakeld. • CLOCK OFF: De tijdsaanduiding staat uit. Het is mogelijk om het geluid dat u hoort bij het aanraken van de toetsen uit te schakelen als u deze geluiden storend vindt. Bij het verlaten van de fabriek is de functie voor het weergeven van geluid bij het aanraken van de toetsen echter ingeschakeld. • BEEP ON: Hiermee schakelt u het geluid bij het aanraken van de toetsen in. • BEEP OFF: Hiermee schakelt u het geluid bij het aanraken van de toetsen uit. De niveau-indicator selecteren – LEVEL/EQ De stroomtoevoer voor de versterker in- of uitschakelen – P. AMP SW. U kunt zelf opgeven welk niveau op de display moet worden weergegeven. Bij het verlaten van de fabriek is wordt deze modus ingesteld op “EQ ONLY”. • EQ ONLY: Het equalizerpatroon wordt weergegeven. • LEVEL+EQ: Het equalizerpatroon en de audioniveaumeter worden weergegeven. • LEVEL ONLY: De audioniveaumeter licht vanuit het midden naar boven en beneden op. De instelling voor de dimmerfunctie selecteren – DIMMER Bij het inschakelen van de koplampen van de auto wordt de verlichting van de display automatisch gedimd (de functie Auto Dimmer). Bij het verlaten van de fabriek is de functie Auto Dimmer van de eenheid standaard ingeschakeld. • AUTO: De functie Auto Dimmer is ingeschakeld. • OFF: De functie Auto Dimmer is itgeschakeld. • ON: De display wordt gedimd. Opmerking: Het kan zijn dat de functie Auto Dimmer van deze eenheid bij bepaalde voertuigen niet goed werkt, vooral niet bij voertuigen met een bedieningsfunctie voor de dimmer. In dergelijke gevallen moet u de dimmerfunctie op “ON” of “OFF” instellen. Audiodemping voor mobiele telefoongesprekken selecteren – TELEPHONE Deze modus wordt gebruikt wanneer er een cellulair telefoonsysteem is aangesloten. Selecteer afhankelijk van het telefoonsysteem dat u gebruikt “MUTING 1” of “MUTING 2”. Welke dempingsmogelijkheid u kiest, hangt af van de vraag welke instelling het geluid het beste dempt. Bij het verlaten van de fabriek is deze modus standaard uitgeschakeld. • MUTING 1: Selecteer deze modus als u hiermee het geluid kunt dempen. • MUTING 2: Selecteer deze modus als u hiermee het geluid kunt dempen. • MUTING OFF: Hiermee wordt de audiodemping voor telefoongesprekken uitgeschakeld. 32 NL30-36.KD-SH99R[E]f 32 Het is mogelijk de ingebouwde versterker uit te schakelen en de audiosignalen alleen naar de externe versterker(s) te sturen om zo een helderder geluid te verkrijgen en om te voorkomen dat de eenheid te veel warmte ontwikkelt. Bij het verlaten van de fabriek wordt de schakelaar voor de eindversterker standaard zodanig ingesteld dat de ingebouwde versterker werkt. • P. AMP ON: Selecteer deze modus als u geen externe versterker(s) gebruikt. • P. AMP OFF: Selecteer deze modus als u een of meer externe versterker(s) gebruikt. Het contrastniveau van de display aanpassen – CONTRAST Het is mogelijk om de heiderheid van de display te wijzigen. U kunt kiezen uit instelling 1 (donker) t/m 10 (licht). Bij het verlaten van de fabriek staat het contrast standaard ingesteld op niveau 5. De instelling voor lopende tekst selecteren – SCROLL U kunt de modus voor lopende tekst selecteren zodat informatie op een CD die uit meer dan 10 tekens bestaat naar wens wordt weergegevan. Bij het verlaten van de fabriek staat deze functie standaard ingesteld op “ONCE”, waardoor informatie éénmaal als lopende tekst op de display wordt weergegeven. • ONCE: De tekst wordt een keer als lopende tekst weergegevan. • AUTO: De tekst wordt voortdurend (met tussenpozen van 5 seconden) weergegeven. • OFF: Er wordt geen lopende tekst weergegevan. Opmerking: Zelfs als de modus voor lopende tekst is ingesteld op “OFF”, kunt u lopende tekst weergeven door gedurende minimaal 1 seconde op de toets D (display) te drukken. 4/19/01, 10:34 De afbreekfrequentie voor de subwoofer instellen – CUTOFF F De selectiviteit van de FM-tuner wijzigen – IF FILTER Als er een subwoofer op de eenheid is aangesloten, dient u een begrenzingsfrequentie voor de subwoofer op te geven. Bij het verlaten van de fabriek wordt de begrenzingsfrequentie standaard ingesteld op “FREQ MID”. In bepaalde gebieden kunnen zenders die zich in elkaars nabijheid bevinden elkaar storen. Deze eenheid kan dergelijke storing automatisch (“AUTO”) verminderen. Dit is de standaardinstelling van deze eenheid bij het verlaten van de fabriek. • AUTO: Als zich dergelijke storingen voordoen, vermindert de eenheid automatisch de selectiviteit van de ontvanger, zodat de storingen worden verminderd. (Tevens gaat het stereo-effect verloren.) • WIDE: Met deze instelling kan de ontvanger door naburige zenders worden gestoord, maar is de geluidskwaliteit optimaal en blijft het stereo-effect behouden. Frequenties boven de 50 Hz worden niet via de subwoofer ten gehore gebracht. • FREQ MID: Frequenties boven de 80 Hz worden niet via de subwoofer ten gehore gebracht. • FREQ HIGH: Frequenties boven de 120 Hz worden niet via de subwoofer ten gehore gebracht. Het niveau van de lijninvoer aanpassen – LINE ADJ Als er een extern apparaat op de ingang LINE IN is aangesloten, dient u het niveau van de lijninvoer aan te passen aan het externe apparaat. Bij het verlaten van de fabriek wordt het niveau van de lijninvoer ingesteld op 00. Als het niveau van de lijninvoer van het aangesloten apparaat niet hoog genoeg is, dient u het niveau aan te passen. Als u dat niet doet, hoort u wellicht erg hard geluid als u van het externe apparaat overschakelt op een andere afspeelbron. De demonstratiemodus in- of uitschakelen – DEMO MODE U kunt de demonstratiemodus in- of uitschakelen. Bij het verlaten van de fabriek wordt de instelling “DEMO ON” gekozen. • DEMO ON: Hiermee wordt de demonstratiemodus ingeschakeld. de demonstratie begint automatisch als er circa 3 minuten geen geluid is afgespeeld. • DEMO OFF: Hiermee wordt de demonstratie uitgeschakeld. Opmerking: Als de eenheid opnieuw wordt ingesteld met de Resetknop (en de stroom is ingeschakeld), begint de demonstratie na circa 10 seconden zonder geluid. Het invoerniveau van de extra ingang aanpassen – AUX ADJ Het weergeven van tags in- en uitschakelen – TAG DISP Als er een extern apparaat op de extra ingang is aangesloten, dient u het niveau van de lijninvoer aan te passen aan het externe apparaat. Bij het verlaten van de fabriek wordt het niveau van de extra ingang ingesteld op 00. Als het niveau van de lijninvoer van het aangesloten apparaat niet hoog genoeg is, dient u het niveau aan te passen. Als u dat niet doet, hoort u wellicht erg hard geluid als u van het externe apparaat overschakelt op een andere afspeelbron. In een MP3-bestand kan bestandsinformatie liggen opgeslagen in een zogeheten “ID3-tag”. In dit label kan informatie liggen opgeslagen zoals de naam van het album, de artiest, de titel van de track, enz. Er zijn twee versies: ID3v1 (ID3=tag, versie 1) en ID3v2 (ID3-tag ,versie 2). Deze eenheid kan alleen informatie van het type ID3v1 verwerken. Bij het verlaten van de fabriek wordt de functie voor het weergeven van tags op de eenheid ingeschakeld (“TAG ON”). • TAG ON: Weergave van informatie in ID3-tags is ingeschakeld tijdens het afspelen van MP3-bestanden. * Als een MP3-bestand geen ID3-tag heeft, worden de mapnaam en bestandsnaam weergegeven. Opmerking: Als u tijdens het afspelen van een MP3bestand de instelling wijzigt van “TAG OFF” naar “TAG ON”, wordt het weergeven van informatie die in tags ligt opgeslagen vanaf het volgende bestand geactiveerd. • TAG OFF: Weergave van informatie in ID3-tags is uitgeschakeld tijdens het afspelen van MP3-bestanden. (Alleen de mapnaam en de bestandsnaam worden weergegeven.) Het apparaat selecteren dat u via deze ontvanger wilt bedienen – KEY SELECT U kunt via de cijfertoetsen op het bedieningspaneel van deze ontvanger de videorecorder of DVD-speler van JVC bedienen. Bij het verlaten van de fabriek zijn de cijfertoetsen ingesteld om een DVD-speler te bedienen. Zie bladzijde 37 als u een videorecorder met de cijfertoetsen wilt bedienen. NL30-36.KD-SH99R[E]f 33 NEDERLANDS • FREQ LOW: 4/19/01, 10:34 33 Namen aan bronnen toekennen 3 Elke keer dat u op deze toets drukt, selecteert u een andere tekenset. De beschikbare tekensets worden in deze volgorde op de display aan u aangeboden: U kunt CD’s en het externe apparaat een naam toekennen. De naam die u toekent, wordt vervolgens op de display weergegeven wanneer u het desbetreffende apparaat selecteert. Bronnen CD’s* Maximaal aantal tekens 32 tekens (maximaal 40 CD’s) Extern apparaat (LINE INPUT en AUX INPUT) 10 tekens Hoofdletters ( NEDERLANDS 2 4 Kleine letters ( ) ) Selecteer het gewenste teken. Meer informatie over de beschikbare tekens treft u aan op bladzijde 45. Selecteer een bron waaraan u een naam wilt toekennen. 5 Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere afspeelbron geselecteerd, en wel in de volgorde zoals die op bladzijde 7 staat beschreven. 6 Druk op de toets SEL (selecteren) en houdt deze gedurende minimaal 2 seconden ingedrukt terwijl u op D (display) drukt. ) Cijfers en symbolen ( * Het is niet mogelijk een naam toe te kennen aan een CD met CD Text of een MP3-CD. 1 Selecteer de tekenset die u wilt gebruiken zolang “ ” op de display knippert. 7 Verplaats de cursor naar de positie voor het volgende of het vorige teken. Herhaal stap 3 t/m 5 tot u de volledige naam die u wilde invoeren hebt opgegeven. Voltooi de procedure terwijl het laatst geselecteerde teken knippert. De ingevoerde tekens verwijderen Volg de bovenstaande procedure en voer nu in plaats van tekens spaties in. Indien u een “CD PLAY” als bron selecteert Opmerkingen: • Als u probeert een naam toe te kennen aan een 41e CD, verschijnt de vermelding “NAME FULL” op de display om aan te geven dat u geen naam kunt toekennen. (Verwijder in dit geval namen die u niet wilt.) • Wanneer er een CD-wisselaar is aangesloten, kunt u ook namen toekennen aan CD’s in de CD-wisselaar. De namen kunnen ook op de display worden weergegeven als u de CD’s in deze eenheid plaatst. 34 NL30-36.KD-SH99R[E]f 34 4/19/01, 10:34 De hoek van het bedieningspaneel wijzigen De hoek van het bedieningspaneel kan op een van vier posities worden ingesteld. Pas de hoek naar wens aan. Elke keer wanneer u op de toets drukt, wordt de hoek gewijzigd, en wel in deze volgorde: LET OP: Steek NOOIT uw vinger tussen het bedieningspaneel en de eenheid aangezien u het risico loopt vast te komen zitten of u zichzelf zeer doet. B D C NEDERLANDS A Met behulp van de afstandsbediening Druk herhaaldelijk op de toets ANGLE ∞. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, verandert de hoek van het bedieningspaneel en wel in deze volgorde: Å, ı, Ç en tot slot Î. Het bedieningspaneel in de oorspronkelijke positie terugzetten, Druk herhaaldelijk op de toets ANGLE 5. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, verandert de hoek van het bedieningspaneel en wel in omgekeerde volgorde: Î, Ç, ı en tot slot Å. 35 NL30-36.KD-SH99R[E]f 35 4/19/01, 10:34 Bedieningspaneel verwijderen U kunt het bedieningspaneel verwijderen, wanneer u uit de auto stapt. U moet het bedieningspaneel voorzichtig verwijderen en weer op zijn plaats bevestigen, zodat de connectors op de achterkant van het bedieningspaneel en de houder van het bedieningspaneel niet worden beschadigd. Bedieningspaneel weer 1 Plaats de linkerzijde van het bedieningspaneel in de inkeping op het kader voor het bedieningspaneel. Bedieningspaneel verwijderen Alvorens het bedieningspaneel te verwijderen: • Let erop dat stroom is uitgeschakeld • Let er later op dat u het paneel weer op de juiste wijze terugplaatst Ontgrendel het bedieningspaneel. Druk op de rechterzijde van het bedieningspaneel om het paneel aan het kader te bevestigen. NEDERLANDS 1 2 Het bedieningspaneel komt naar u toe geschoven. 2 3 Schuif het bedieningspaneel naar rechts en trek het vervolgens naar u toe. Opmerking over het reinigen van de connectors: Als u het bedieningspaneel vaak verwijdert, zullen de connectors op een gegeven moment minder goed gaan functioneren. Om deze mogelijkheid tot het minimum te beperken, moet u de connectors van tijd tot tijd met een met alcohol bevochtigde katoenen doek schoonmaken. Zorg ervoor dat u de connectors daarbij niet beschadigt. Stop het losgemaakte bedieningspaneel in het daarvoor bestemde doosje. Connectors 36 NL30-36.KD-SH99R[E]f 36 4/19/01, 10:34 BEDIENING VAN HET EXTERNE APPARAATEN MD-speler, enz. ingang voor externe apparatuur Op deze eenheid kunnen twee externe apparaten worden aangesloten. Het ene apparaat kan op de extra ingang op het bedieningspaneel worden aangesloten en het andere op de ingang LINE IN op de achterzijde. Het is mogelijk een DVD-speler of videorecorder van JVC op de ingangen met de aanduiding LINE IN aan te sluiten. U kunt een DVD-speler of videorecorder van JVC via deze ontvanger bedienen. Gebruik hiertoe de cijfertoetsen op het bedieningspaneel. Als u een videorecorder bedient, dient u de bedieningsmodus van de cijfertoetsen te veranderen van de DVD-bedieningsmodus naar de modus voor het bedienen van de videorecorder (de VCR-bedieningsmodus). (Zie de paragraaf “Het apparaat selecteren dat u via deze ontvanger wilt bedienen – KEY SELECT” op bladzijde 33.) Als het invoerniveau van het externe apparaat niet hoog genoeg is, dient u het niveau van het invoerniveau aan te passen. Als u dit niet doet, hoort u wellicht erg hard geluid als u van het externe apparaat overschakelt op een andere afspeelbron. (Zie de paragraaf “Het niveau van de lijninvoer aanpassen – LINE ADJ” en de paragraaf “Het invoerniveau van de extra ingang aanpassen – AUX ADJ” op bladzijde 33.) 1 Selecteer het externe apparaat (AUX INPUT of LINE INPUT). Als u een afspeelbron selecteert, wordt automatisch de stroom ingeschakeld. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere afspeelbron geselecteerd, en wel in de volgorde zoals die op bladzijde 7 staat beschreven. NEDERLANDS Externe apparatuur afspelen AUX INPUT: Het apparaat dat op de extra ingang van het bedieningspaneel is aangesloten kan nu worden bediend. LINE INPUT: Het apparaat dat op de LINE IN-ingang aan de achterzijde van de eenheid is aangesloten kan nu worden bediend. VERVOLG, ZIE OMMEZIJDE 37 NL37-38.KD-SH99R[E]f 37 4/19/01, 10:37 2 Schakel het aangesloten apparaat aan en start het afspelen van de afspeelbron. • Als u een DVD-speler of videorecorder van JVC aansluit, kunt u de volgende bewerkingen uitvoeren. Als u een DVD-speler aansluit: : NEDERLANDS 3: ¡: 1: 7: Hiermee wordt de stroom in- en uitgeschakeld. Hiermee start u het afspelen van een videoband. • Hiermee wordt de track snel vooruit gespoeld als de toets ingedrukt wordt gehouden. • Hiermee gaat u naar het begin van de volgende tracks als u de toets kort ingedrukt houdt. • Hiermee wordt de track snel achteruit gespoeld als de toets ingedrukt wordt gehouden. • Hiermee gaat u naar het begin van de huidige track als de toets kort ingedrukt wordt gehouden. Hiermee gaat u elke keer wanneer u de toets indrukt naar het begin van een vorige track. Hiermee stopt u het afspelen van een videoband. Als u een videorecorder aansluit: : Hiermee wordt de stroom in- of uitgeschakeld. 3: Hiermee start u het afspelen van een videoband. ¡: Hiermee wordt de cassette snel vooruit gespoeld, indien ingedrukt gehouden. 1: Hiermee wordt de cassette snel achteruit gespoeld, indien ingedrukt gehouden. 7: Hiermee stopt u het afspelen van een videoband. Opmerking: Als u de bovenstaande toetsen gebruikt, wordt de vermelding “VCR” op de display en de bedieningsmodus (zoals 3, 7 ) weergegeven. 3 Regel het volume. Het volume verhogen. Het volume verlagen. 4 Stel het geluid in zoals u zelf wilt. (Zie bladzijde 27.) Opmerking: Als u de bovenstaande toetsen gebruikt, wordt de vermelding “DVD” op de display en de bedieningsmodus (zoals 3, 7 ) weergegeven. 38 NL37-38.KD-SH99R[E]f 38 4/19/01, 10:38 GEBRUIK VAN DE CD-WISSELAAR Alvorens uw automatische CD-wisselaar te gebruiken: • Lees de instructies door die bij uw CD-wisselaar zijn geleverd. • Als er geen CD’s in de houder van de CD-wisselaar aanwezig zijn of wanneer de CD’s ondersteboven in de houder zitten, verschijnt op het afleesvenster de tekst “NO DISC”. Als dit gebeurt, moet u de houder verwijderen en de CD’s op de juiste wijze in de houder plaatsen. • Als op het afleesvenster de tekst “RESET 1” – “RESET 8” verschijnt, is er iets fout met de verbinding tussen dit apparaat en de CD-wisselaar. Als dit gebeurt, moet u de verbinding controleren, de verbindingskabel(s) stevig vastmaken. En dan op de resetknop van de CD-wisselaar drukken. CD-nummer Nummer van het Verstreken afspeeltijd muziekstuk Versneld vooruit afspelen en achteruit afspelen van het muziekstuk Druk tijdens het afspelen van een CD op de toets ¢ en houd deze toets ingedrukt om het muziekstuk versneld vooruit af te spelen. Druk tijdens het afspelen van een CD op de toets 4 en houd deze toets ingedrukt om het muziekstuk achteruit af te spelen. Vorige of volgende tracks selecteren Selecteer de automatische CD-wisselaar (CD CHANGER). Druk terwijl u een CD afspeelt korte tijd op de toets ¢ om naar het begin van de volgende track te gaan. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, gaat u naar de volgende track, die vervolgens ten gehore wordt gebracht. Als u een afspeelbron selecteert, wordt automatisch de stroom ingeschakeld. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere afspeelbron geselecteerd, en wel in de volgorde zoals die op bladzijde 7 staat beschreven. Druk terwijl u een CD afspeelt korte tijd op de toets 4 om naar het begin van de huidige track te gaan. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, gaat u naar de vorige track, die vervolgens ten gehore wordt gebracht. CD’s afspelen NEDERLANDS We raden u aan bij uw eenheid alleen gebruik te maken van de CH-X-serie. Als u een andere automatische CD-wisselaar in uw bezit hebt, raden we u aan contact op te nemen met uw JVC-dealer in auto-accessoires voor meer informatie over de juiste aansluitingen. • Bijv.: Als u een CD-wisselaar uit de KD-MK serie hebt, hebt u een kabel (KS-U15K) nodig om deze met het apparaat te verbinden. 39 NL39-40.KD-SH99R[E]f 39 4/19/01, 10:35 Direct naar een bepaalde CD gaan Tracks herhaaldelijk afspelen (Repeat Play) 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) terwijl er een CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets RPT (repeat) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de indicator RPT op de display aangaat. Elke keer wanneer u op de toets RPT, wordt er een andere modus voor het herhaald afspelen van tracks geselecteerd, en wel in deze volgorde: Druk op de cijfertoets die correspondeert met het nummer van de CD om het afspelen te laten beginnen (tijdens weergave van de CD-wisselaar). • Nummer 1 – 6 selecteren: Druk kort op 1 (7) – 6 (12). • Nummer 7 – 12 selecteren: Druk kort op 1 (7) – 6 (12) en houd deze toets langer dan 1 seconde ingedrukt. NEDERLANDS CD-nummer RPT 1 RPT 2 Geannuleerd Nummer van Verstreken afspeeltijd het muziekstuk Bijv.: Wanneer CD nummer 3 wordt geselecteerd Modus Indicator RPT Herhaling van... RPT1 Licht op RPT2 Knippert Het spelende (of ingestelde) fragment. Alle fragmenten van de spelende (of ingestelde) CD. Kiezen van de weergavefunctie Tracks in willekeurige volgorde afspelen (Random Play) 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) terwijl er een CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets RND (random) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de indicator RND op de display aangaat. Elke keer wanneer u op de toets RND, wordt er een andere modus voor het in willekeurige volgorde afspelen van tracks geselecteerd, en wel in deze volgorde: RND 2 RND 1 Geannuleerd Modus RND1 RND2 Indicator RND Licht op Knippert Afspelen in willekeurige volgorde Alle muziekstukken van de huidige CD, daarna de muziekstukken van de volgende CD enzovoorts. Alle muziekstukken van alle CD’s in de CD-houder. 40 NL39-40.KD-SH99R[E]f 40 Alleen intro’s afspelen (Intro scan) Het is mogelijk om van alle tracks alleen de eerste 15 seconden af te spelen, zodat u de intro’s kunt beluisteren. 1 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) terwijl er een CD wordt afgespeeld. De eenheid schakelt over op de functiemodus. 2 Druk op de toets INT (intro scan) terwijl de functiemodus nog is geactiveerd, zodat de vermelding “INT” op de display wordt 4 weergegeven. Elke keer wanneer u op de toets INT, wordt er een andere voor het in introscanmodus volgorde afspelen van tracks geselecteerd, en wel in deze volgorde: INT 1 INT 2 Geannuleerd Modus INT1 INT2 Speelt het begin (15 seconden) Opnamenummer Van alle opnames op alle ingebrachte CD’s. flikkert Het track- en Van de eerste opname disk-nummer op iedere ingebrachte knipperen CD. Indicator 4/19/01, 10:35 BEDIENING VAN DE DAB-TUNER Wat is het DAB-system? DAB is een van de digitale radiozendsystemen die momenteel in gebruik zijn. Met deze technologie is het mogelijk CD’s af te spelen met hoge geluidskwaliteit zonder storingen en signaalvervorming. U kunt er zelfs tekst, afbeeldingen en gegevens mee versturen. In tegenstelling tot FM-uitzendingen, waarbij elk programma op een aparte frequentie wordt uitgezonden, worden bij DAB verschillende programma’s (die “services” worden genoemd) met elkaar gecombineerd tot een “ensemble”. Alleen wanneer u een DAB-tuner op deze eenheid aansluit, kunt u van deze DAB-services gebruik maken. Afstemmen op een ensemble en op een van de services Een ensemble bestaat doorgaans uit 6 of meer programma’s (services) die tegelijkertijd worden uitgezonden. Nadat u op een ensemble hebt afgestemd, kunt u kiezen naar welke service u wilt luisteren. 1 Selecteer de DAB-tuner. Als u een afspeelbron selecteert, wordt automatisch de stroom ingeschakeld. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere afspeelbron geselecteerd, en wel in de volgorde zoals die op bladzijde 7 staat beschreven. 2 NEDERLANDS We raden u aan om in combinatie met deze eenheid DAB-tuner KT-DB1500 te gebruiken. Neem contact op met de JVC-dealer in autoaccessoires als u een andere DAB-tuner hebt. • Zie ook de instructies die bij de DAB-tuner werden geleverd. Selecteer de DAB-band (DAB1, DAB2 of DAB3). Elke keer wanneer u de toets minimaal 1 seconde ingedrukt houdt, wordt er een andere DAB-band geselecteerd: D1 D2 D3 (DAB 1) (DAB 2) (DAB 3) Opmerking: Deze ontvanger is uitgerust met drie DAB-banden (DAB1, DAB2, DAB3). U kunt met elke DAB-band op een ensemble afstemmen. VERVOLG, ZIE OMMEZIJDE 41 NL41-44.KD-SH99R[E]f 41 4/19/01, 10:37 3 Zoek een ensemble op. Druk op de toets ¢ afstemmen op een ensemble met een hogere frequentie. Druk op de toets 4 afstemmen op een ensemble met een lagere frequentie. Zodra er een ensemble wordt gevonden, wordt het zoeken gestaakt. NEDERLANDS Als u het zoeken wilt stoppen nog voordat er een ensemble is gevonden, moet u de toets die u hebt ingedrukt om het zoeken in gang te zetten nogmaals indrukken. 4 Selecteer de service waarnaar u wilt luisteren. 1 Druk op de toets M/B (modus/ omroepband). Binnen 5 seconden 2 Druk op de toets ¢ of op 4 te selecteren de service van uw keuze. De informatie op de display wijzigen wanneer u op een ensemble afstemt Normaliter wordt de naam van de service op de display weergegeven. Druk op de toets D (display) als u andere informatie op de display wilt weergeven. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, verschijnt de volgende informatie gedurende een korte tijd in het bovenste gedeelte van de display. Naam van de service Naam van het ensemble Kanaalnummer Frequentie Zonder zoeken afstemmen op een bepaald ensemble: 1 Druk op de toets SOURCE om de DAB-tuner als afspeelbron te selecteren. 2 Druk op de toets M/B (modus/omroepband) en houd de toets minimaal 1 seconde ingedrukt om de DAB-band te selecteren: DAB 1, DAB 2 of DAB 3. 3 Druk op de toets ¢ of op 4 en houd deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt. De vermelding “MANUAL” knipperde op de display. 4 Druk herhaaldelijk op de toets ¢ of op 4 tot u het ensemble van uw keuze bereikt. • Als u de toets ingedrukt houdt, wordt er net zo lang een ander ensemble gekozen tot u de toets weer loslaat. 42 NL41-44.KD-SH99R[E]f 42 4/19/01, 10:37 DAB-frequenties in het geheugen opslaan 4 1 Druk op de toets M/B (modus/ omroepband). Er kunnen maximaal 6 DAB-services voor elke DAB-band (DAB1, DAB2 en DAB3) handmatig in het geheugen worden opgeslagen. Selecteer de DAB-tuner. Als u een afspeelbron selecteert, wordt automatisch de stroom ingeschakeld. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere afspeelbron geselecteerd, en wel in de volgorde zoals die op bladzijde 7 staat beschreven. 2 Binnen 5 seconden 2 Druk op de toets ¢ of op 4 te selecteren de service van uw keuze. 5 Selecteer de DAB-band (DAB1, DAB2 of DAB3) van uw keuze. Elke keer wanneer u op de toets drukt en deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt houdt, wordt er een andere DABband geselecteerd, en wel in deze volgorde: D1 D2 D3 (DAB 1) (DAB 2) (DAB 3) “P 1” knippert erige tijd. 6 3 Druk op de cijfertoets (in dit voorbeeld cijfertoets 1) waaronder u de geselecteerde service wilt opslaan en houd deze toets gedurende minimaal 2 seconden ingedrukt. Stem af op het ensemble van uw keuze. NEDERLANDS 1 Selecteer de service van het ensemble. Herhaal de bovenstaande procedure als u nog andere DAB-services achter voorkeuzetoetsen wilt opslaan. Opmerkingen: • Een reeds opgeslagen DAB-service verdwijnt uit het geheugen wanneer u aan de desbetreffende voorkeuzetoets een nieuwe DAB-service toekent. • Opgeslagen DAB-services verdwijnen uit het geheugen wanneer de stroomtoevoer naar het geheugen wordt onderbroken (bijvoorbeeld wanneer u de batterij vervangt). Als dit gebeurt, zult u de DAB-services opnieuw moeten instellen. 43 NL41-44.KD-SH99R[E]f 43 4/19/01, 10:37 Afstemmen op een opgeslagen DAB-service Wat u nog meer met DAB kunt doen U kunt eenvoudig op een vooraf ingestelde DAB-service afstemmen. Zoals al eerder uitgelegd, dient u eerst services in het geheugen vast te leggen. Zie bladzijde 43 als u nog geen services hebt opgeslagen. Hetzelfde programma automatisch volgen (Alternatieve ontvangst) NEDERLANDS 1 Selecteer de DAB-tuner. Als u een afspeelbron selecteert, wordt automatisch de stroom ingeschakeld. Elke keer wanneer u op deze toets drukt, wordt er een andere afspeelbron geselecteerd, en wel in de volgorde zoals die op bladzijde 7 staat beschreven. 2 Selecteer de DAB-band (DAB1, DAB2 of DAB3) van uw keuze. Elke keer wanneer u op de toets drukt en deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt houdt, wordt er een andere DABband geselecteerd, en wel in deze volgorde: 3 D1 D2 D3 (DAB 1) (DAB 2) (DAB 3) Selecteer de voorkeuzetoets (1 t/m 6) voor de DAB-service die u wilt beluisteren. 44 NL41-44.KD-SH99R[E]f 44 Het is mogelijk om naar een programma te blijven luisteren. • Terwijl u een DAB-service ontvangt: Als u in een streek rijdt waar u een service niet kunt ontvangen, zal deze eenheid automatisch afstemmen op een ander ensemble of een FM RDS-zender die hetzelfde programma uitzendt. • Terwijl u een FM RDS-zender ontvangt: Als u in een gebied rijdt waar een DAB-service hetzelfde programma uitzendt als een FM RDS-zender, stemt deze eenheid automatisch op de DAB-service af. Opmerking: Bij het overschakelen van DAB naar FM en andersom kan het weergaveniveau van het volume onaangenaam toenemen of afnemen. Dat het geluidsniveau toeneemt of afneemt, heeft niets met uw ontvanger te maken, maar met de aansturing bij de zender. Er is dus niets mis met uw ontvanger. Werken met alternatieve ontvangst Bij het verlaten van de fabriek zijn standaard alle alternatieve-ontvangstmogelijkheden ingeschakeld. • Zie ook de paragraaf “De algemene instellingen wijzigen (PSM)” op bladzijde 30. 1 Druk op de toets SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op de toets ¢ of op 4 om de vermelding “DAB AF” (alternatieve frequentie) te selecteren. 3 Selecteer de gewenste modus met de bedieningsknop. • AF ON: Het programma wordt gevolgd tussen het aanbod van DAB-services en FM RDS-zenders — alternatieve ontvangst. De indicator AF op de display licht op (zie bladzijde 11). • AF OFF: Alternatieve ontvangst is uitgeschakeld. Opmerking: Als alternatieve ontvangst (voor DAB-services) is ingeschakeld, is automatisch ook de netwerkfunctie ingeschakeld (zie bladzijde 11 voor RDS-zenders). De netwerkfunctie kan echter niet worden uitgeschakeld zonder de alternatieve ontvangst uit te schakelen. 4 Druk op de toets SEL (selecteren) om het instellen te voltooien. 4/19/01, 10:37 AANVULLENDE INFORMATIE Geluidsmodi (vooraf ingestelde waarden) In de onderstaande lijst staan de vooraf ingestelde waarden voor elke geluidsmodus. Zelfs nadat u de instellingen hebt gewijzigd, kunt u de oorspronkelijke instellingen herstellen door de onderstaande waarden op te geven. (Zie pagina 29 voor de juiste procedure.) Vooraf ingestelde waarden voor de equalizer FLAT Hard Rock R&B POP JAZZ DanceMusic Country Reggae Classic User 1 User 2 User 3 FREQ. 50 Hz 80 Hz 80 Hz 120 Hz 80 Hz 50 Hz 50 Hz 80 Hz 120 Hz 50 Hz 50 Hz 50 Hz WIDTH 1 2 3 1 1 2 4 1 1 1 1 1 LOW LEVEL 00 +03 +03 +02 +03 +04 +02 +03 +03 00 00 00 FREQ. 700 Hz 700 Hz 2 kHz 2 kHz 1 kHz 700 Hz 700 Hz 2 kHz 1 kHz 700 Hz 700 Hz 700 Hz WIDTH 1 1 2 2 1 1 1 2 1 1 1 1 MID LEVEL 00 00 +01 +01 +01 –02 00 +02 00 00 00 00 FREQ. HIGH LEVEL 8 kHz 00 8 kHz +02 12 kHz +03 12 kHz +02 8 kHz +03 8 kHz +01 12 kHz +02 12 kHz +02 8 kHz +02 8 kHz 00 8 kHz 00 8 kHz 00 NEDERLANDS Indicatie Beschikbare tekens • De volgende tekens kunnen worden gebruikt om namen samen te stellen voor CD’s en externe apparatuur. (Zie bladzijde 34.) • U kunt de informatie (albumtitel, naam van de uitvoerende artiest, titel van de song, enz.) weergeven als ID3v1-tags wanneer u met deze eenheid een MP3-bestand opnieuw afspeelt. (Zie pagina 20 en 47.) Hoofdletters D E a b c H I J f g M N O k l Q R S T p V W X Y u z spatie A B C F G K L P U Z spatie Cijfers en symbolen Kleine letters d e 0 h i j 5 m n o ! q r s t v w x y & + 1 2 3 4 6 7 8 9 ” # $ % ’ ( ) , – . * / : ; < = > ? @ _ ` spatie 45 NL45-49.KD-SH99R[E]f 45 4/19/01, 5:12 PM PROBLEMEN OPLOSSEN Een probleem hoeft niet altijd ernstig te zijn. Voordat u hulp inroept van een dienstverlenende instantie, moet u eerst de volgende punten controleren. Algemene Afspelen CD-wisselaar FM/AM NEDERLANDS Symptomen Oorzaken Oplossingen • CD kan niet worden afgespeeld. CD zit ondersteboven in het apparaat. (De vermelding “DISC ERR” wordt op de display weergegeven.) Plaats de CD op de juiste manier in CD-lade. • Geluid van de CD wordt soms onderbroken. U rijdt op een hobbelige weg. Stop het afspelen als u op hobbelige wegen rijdt. Er zitten krassen op de disk. Plaats een andere CD. Verkeerde verbindingen. Controleer kabels en aansluitingen. Het volume is ingesteld op het minimale niveau. Pas het geluid aan totdat het optimale niveau is bereikt. Verkeerde verbindingen. Controleer de bedrading en de verbindingen. • De vermelding “DISC ERR” wordt op de display weergegeven. De inhoud van de CD is niet geschikt voor deze eenheid. Plaats een andere CD. • “NO DISC” of “EJECT ERR” wordt op de display weergegeven en de CD kan niet worden uitgenomen. • Er verschijnt geen bericht op de display, maar de CD kan niet worden verwijderd. Misschien werkt de apparaat niet goed meer. Druk op de toets , en tegelijkertijd op de toets en houdt ook deze toets minimaal 2 seconden ingedrukt. (Let erop dat de CD niet op de grond valt als deze wordt uitgeworpen.) • Het apparaat of de CDwisselaar werkt niet. Soms functioneert de ingebouwde microcomputer niet goed ten gevolge van lawaai, enz. Druk op het bedieningspaneel aan de voorzijde van de eenheid op de Reset-toets. (Zie bladzijde 2.) • Automatisch instellen van zenders – SSM (Strongstation Sequential Memory) – functioneert niet. De signalen zijn te zwak. Leg de zenders handmatig vast. • U hoort ruis terwijl u naar de radio luistert. De antenne zit niet goed vast. Zorg dat de antenne stevig vast zit. • Op het afleesvenster verschijnt de tekst “NO DISC”. Er bevindt zich geen CD in de CD-lade. Plaats een CD. • Op het afleesvenster verschijnt de tekst “RESET 8”. Het apparaat is niet op de juiste manier met de CDwisselaar verbonden. Verbind het apparaat en de CDwisselaar op de juiste manier met elkaar en druk op de resetknop van de CD-wisselaar. • Er komt geen geluid uit de speakers. • “Op het afleesvenster verschijnt de tekst “RESET 1” – “RESET 7”. Druk op de resetknop van de CD-wisselaar. 46 NL45-49.KD-SH99R[E]f 46 4/19/01, 10:42 Oplossingen Er bevinden zich geen MP3bestanden op de CD. Plaats een andere CD. De MP3-bestanden hebben niet de mp3 extensie in de bestandsnaam. Voeg de extensie mp3 aan de bestandsnamen toe. De MP3-bestanden zijn niet opgenomen in een indeling die voldoet aan de ISO 9660 Niveau 1- of 2-norm. Plaats een andere CD. (Neem de MP3-bestanden op met een toepassing die aan deze normen voldoet.) • Er is ongewenst geluid hoorbaar. Het bestand dat wordt afgespeeld is geen MP3bestand (ook al heeft het bestand de extensie mp3). Sla het bestand over of plaats een andere CD. (Voeg nooit de extensie mp3 toe aan bestanden die geen MP3bestanden zijn.) • De leestijd duurt lang (de vermelding “FILE CHECK” knippert op de display). De duur van de leestijd hangt af van de complexiteit van de hiërarchie van de mappen en bestanden. Maak de hiërarchie niet te ingewikkeld en gebruik niet teveel mappen. Plaats ook geen bestanden op de MP3-CD die geen MP3-bestanden zijn. • De bestanden worden in een andere volgorde afgespeeld dan ik wilde. De afspeelvolgorde wordt bepaald bij het maken van de opname. • De verstreken speeltijd is onjuist. Dit kan gebeuren en is afhankelijk van het aantal bestanden dat op de CD staat. • De vermelding “MP3” knippert op de display. Er bevinden zich geen MP3bestanden in de geselecteerde map. • Er worden verkeerde tekens weergegeven. (Weergave van tags, b.v. de naam van het album) Deze eenheid kan letters van het alfabet (hoofdletters: A–Z, kleine letters: a–z), cijfers en symbolen weergeven. (Zie bladzijde 45.) NEDERLANDS • De CD kan niet worden afgespeeld. Oorzaken MP3’s Afspelen Symptomen Selecteer een andere map. 47 NL45-49.KD-SH99R[E]f 47 4/19/01, 10:42 ONDERHOUD Omgaan met CD’s Deze eenheid is ontworpen om alleen CD’s met de volgende logo’s af te spelen. COMPACT DIGITAL AUDIO Het is ook mogelijk om uw originele CD-R’s (Recordable CD’s) en CD-RW’s (Rewritable CD’s) in de audio-CD-indeling of MP3-indeling af te spelen. NEDERLANDS De manier waarop u met CD’s moet omgaan Rondje in het midden Wanneer u een CD uit het opbergdoosje haalt, moet u het rondje in het midden van de doos naar beneden duwen en de CD uit het doosje halen terwijl u hem aan de rand vasthoudt. • Houd de CD altijd aan de randen vast. Kom niet aan vlak met de opnames. Wanneer u de CD wilt opbergen, leg deze dan zachtjes om het rondje in het midden (bedrukte vlak naar boven). • Berg de CD’s na gebruik altijd op in het doosje. CD’s schoonhouden Het geluid kan verkeerd worden weergegeven als de CD vuil is. Als een CD vuil wordt, moet u hem afvegen met een zachte doek door de doek in een rechte lijn van het midden naar de rand te bewegen. Nieuwe CD’s afspelen Sommige nieuwe CD’s hebben oneffenheden langs de binnenof buitenrand. Soms worden dergelijke CD’s door het apparaat geweigerd. U kunt deze oneffenheden verwijderen door de randen glad te wrijven met een potlood, ballpoint enz. Condensvorming In onderstaande gevallen kan zich condens vormen op de lens in de CD-speler: • Nadat de verwarming in de auto is aangezet • Wanneer het erg vochtig wordt in de auto Soms zal de CD-speler hierdoor niet meer goed werken. In dat geval moet u de CD uit de CD-lade halen en moet u het apparaat een paar uur aan laten staan totdat het vocht is 48 verdampt. NL45-49.KD-SH99R[E]f 48 LET OP: • Plaats geen 8 cm CD’s (CD-singles) in de CDlade. (Deze CD’s kunnen niet terugspringen.) • Plaats geen CD’s met een ongewone vorm (bijvoorbeeld hartvormig) in de CD-lade; dit zal problemen veroorzaken. • Stel CD’s niet bloot aan direct zonlicht of een andere warmtebron en leg ze niet neer op plaatsen waar het zeer warm of vochtig is. • Gebruik geen oplosmiddelen (zoals reinigingsmiddelen voor gewone platen, spray, verdunningsmiddelen, wasbenzine, enz.) om CD’s te reinigen. Als u een CD-R of CD-RW afspeelt Het is mogelijk om uw originele CD-R’s en CDRW’s met opnames in de audio-CD-indeling of MP3-indeling af te spelen. (Afspelen is misschien niet mogelijk bij bepaalde, heel specifieke opnamekenmerken of -omstandigheden.) • Zelfgemaakte CD-R’s (Recordable) en CDRW’s (Rewritable) kunnen alleen worden afgespeeld als de eindbewerking “finalization” heeft plaatsgevonden. • Lees alvorens een CD-R’s of CD-RW’s af te spelen eerst de bij de disk meegeleverde instructies aandachtig door. • Bepaalde CD-R’s en CD-RW’s kunnen mogelijk niet op deze eenheid worden afgespeeld vanwege een heel specifieke opnamemethode, vuil op beschadigingen op de disk of een vuiltje op de lens. • CD-R’s en CD-RW’s zijn uiterst gevoelig voor hoge temperaturen en luchtvochtigheid. Laat geen disks in uw auto achter. • Voor CD-RW’s is soms een langere leestijd nodig. (Dit heeft te maken met het feit dat de weerkaatsing van CD-RW’s minder is dan van CD’s.) Haperingen: De CD kan haperen wanneer u op hobbelige wegen rijdt. Het apparaat en de CD worden hierdoor niet beschadigd, maar het is wel storend. Wij adviseren u om het afspelen te beëindigen wanneer u op dergelijke wegen rijdt. 4/19/01, 10:42 SPECIFICATIES GELUIDSVERSTERKER CD-SPELER Maximum uitgangsvermogen: Voorin: 50 W per kanaal Achterin: 50 W per kanaal Ononderbroken uitgangsvermogen (RMS): Voorin: 19 W per kanaal in 4 Ω, 40 Hz tot 20 000 Hz met niet meer dan 0,8% totale harmonische vervorming van het geluid. Achterin: 19 W per kanaal in 4 Ω, 40 Hz tot 20 000 Hz met niet meer dan 0,8% totale harmonische vervorming van het geluid. Belastingsimpedantie: 4 Ω (speling 4 Ω tot 8 Ω) Bereik van de equalizer: LOW: ±12 dB (50 Hz, 80 Hz, 120 Hz) MID: ±12 dB (700 Hz, 1 kHz, 2 kHz) HIGH: ±12 dB (8 kHz, 12 kHz) Weergavekarakteristiek: 40 Hz tot 20 000 Hz Signaal/ruisverhouding: 70 dB Ingangsvermogen/Impedantie: 1,5 V/20 kΩ belasting Extra ingang: (stereo-ministekker van 3,5 mm doorsnede) (analoge) Uitgangsvermogen/Impedantie: 4,0 V/20 kΩ belasting (maximaal vermogen) Uitgangsimpedantie: 1 kΩ Type: CD-speler Signaaldetectiesysteem: Pickup-lens (halfgeleider-laser) Aantal kanalen: 2 kanalen (stereo) Weergavekarakteristiek: 5 Hz tot 20 000 Hz Dynamisch vermogen: 98 dB Signaal/ruisverhouding: 102 dB Zweving: Minder dan de meetbare limiet Indeling voor MP3-decoding: MPEG1/2 Audio Layer 3 Max. Bit-rate: 320 Kbps RADIO Ontwerp en specificaties kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd. Voeding: Werkspanning: Gelijkstroom 14,4 V (speling 11 V tot 16 V) Aardingssysteem: Negatieve aarding Bedrijfstemperatuur: 0°C tot +40°C Afmetingen (breedte × hoogte × diepte): Afmetingen apparaat (ten behoeve van installatie): 182 mm × 52 mm × 161 mm Afmetingen paneel: 188 mm × 58 mm × 17 mm Gewicht: 1,8 kg (excl. accessoires) NEDERLANDS ALGEMEEN Frequentiebereik: FM: 87,5 MHz tot 108,0 MHz AM: (MW) 522 kHz tot 1 620 kHz (LW) 144 kHz tot 279 kHz [FM-zenders] Gevoeligheid bij normaal bedrijf: 11,3 dBf (1,0 µV/75 Ω) Gevoeligheid bij 50 dB geluidsdemping: 16,3 dBf (1,8 µV/75 Ω) Selectiviteit alternatief kanaal (400 kHz): 65 dB Weergavekarakteristiek: 40 Hz tot 15 000 Hz Stereo-scheiding: 30 dB Vangbereik: 1,5 dB [MW-zenders] Gevoeligheid: 20 µV Selectiviteit: 35 dB [LW-zenders] Gevoeligheid: 50 µV 49 NL45-49.KD-SH99R[E]f 49 4/19/01, 10:42 Having TROUBLE with operation? Please reset your unit Refer to page of How to reset your unit Haben Sie PROBLEME mit dem Betrieb? Bitte setzen Sie Ihr Gerät zurück Siehe Seite Zurücksetzen des Geräts Vous avez des PROBLÈMES de fonctionnement? Réinitialisez votre appareil Référez-vous à la page intitulée Comment réinitialiser votre appareil Hebt u PROBLEMEN met de bediening? Stel het apparaat terug Zie de pagina met de paragraaf Het apparaat terugstellen VICTOR COMPANY OF JAPAN, LIMITED EN, GE, FR, NL COVER.KD-SH99R[E] V J 2 C 0401MNMMDWJES 4/18/01, 10:54 AM
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50

JVC KD-SH99R Handleiding

Categorie
Auto media-ontvangers
Type
Handleiding