DeWalt DC415 T 2 de handleiding

Categorie
Elektrisch gereedschap
Type
de handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

2
Dansk (oversat fra original brugsvejledning) 3
Deutsch (übersetzt von den Originalanweisungen) 23
English (original instructions) 45
Español (traducido de las instrucciones originales) 64
Français (traduction de la notice d’instructions originale) 86
Italiano (tradotto dalle istruzioni originali) 108
Nederlands (vertaald vanuit de originele instructies) 130
Norsk (oversatt fra de originale instruksjonene) 152
Português (traduzido das instruções originais) 171
Suomi (käännetty alkuperäisestä käyttöohjeesta) 193
Svenska (översatt från de ursprungliga instruktionerna) 212
Türkçe (orijinal talimatlardan çevrilmiştir) 232
 (μετάφραση από τις πρωτότυπες οδηγίες) 253
Copyright DEWALT
NEDERLANDS
130
SNOERLOZE SLIJPER MET KRACHTIGE AANDRIJVING
DC413/DC415
Hartelijk gefeliciteerd!
U hebt gekozen voor een DEWALT gereedschap.
Jarenlange ervaring, grondige productontwikkeling
en innovatie maken D
EWALT tot een van de
betrouwbaarste partners voor gebruikers van
professioneel gereedschap.
Technische gegevens
DC413 DC415
Voltage V
DC
28 36
Type 2 2
Vermogen W 630 815
Snelheid zonder weerstand min
-1
6500 6500
Schijfdiameter mm 125 125
Spildiameter M14 M14
Aslengte mm 16 16
Gewicht kg 2,3* 2,3*
* gewicht is inclusief zijhandgreep en bescherming
L
PA
(geluidsdruk) dB(A) 77 79
K
PA
(onzekerheidsfactor
geluidsdruk) dB(A) 3 3
L
WA
(akoestisch vermogen) dB(A) 88 90
K
WA
(onzekerheid akoestisch
vermogen) dB(A) 3 3
Vibratie totaalwaarden (triax vectorsom) vastgesteld in
overeenstemming met EN 60745:
Vibratie-emissiewaarde a
h
oppervlakte slijpen
a
h,AG
= m/s
2
4,5 4,5
Onzekerheid K = m/s
2
1,5 1,5
Vibratie-emissiewaarde a
h
schijf zandschuren
a
h,DS
= m/s
2
< 2,5 < 2,5
Onzekerheid K = m/s
2
1,5 1,9
OPMERKING: Toepassingen zoals afkortzagen en schuren
met een draadborstel kunnen andere waarden voor vibratie-
emissie geven.
Het vibratie-emissieniveau dat in dit informatieblad
wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met
een gestandaardiseerde test volgens EN 60745 en
kan worden gebruikt om het ene gereedschap met
het andere te vergelijken. Het kan worden gebruikt
voor een eerste inschatting van blootstelling.
WAARSCHUWING: Het verklaarde
vibratie-emissieniveau geldt voor
de hoofdtoepassingen van het
gereedschap. Als het gereedschap
echter voor andere toepassingen
wordt gebruikt, dan wel met
andere accessoires of slecht wordt
onderhouden, kan de vibratie-
emissie verschillen. Dit kan het
blootstellingniveau aanzienlijk verhogen
gedurende de totale arbeidsduur.
Een inschatting van het
blootstellingniveau aan vibratie dient
ook te worden overwogen wanneer het
gereedschap wordt uitgeschakeld of als
het aan staat maar geen daadwerkelijke
werkzaamheden uitvoert. Dit kan
het blootstellingniveau aanzienlijk
verminderen gedurende de totale
arbeidsduur.
Stel aanvullende veiligheidsmaatregelen
op om de operator te beschermen
tegen de effecten van vibratie, zoals:
onderhoud het gereedschap en de
accessoires, houd de handen warm,
organisatie van werkpatronen.
Accu DE9280 DE9360
Accutype Li-Ion Li-Ion
Voltage V
DC
28 36
Capaciteit A
h
2,2 2,2
Gewicht kg 0,92 1,0
Lader DE9000
Netspanning V
AC
230
Accutype 28 V, 36 V Li-Ion
Geschatte oplaadtijd min 60
(2,0 Ah accu’s)
Gewicht kg 0,9
Zekeringen
Europa 230 V gereedschappen 10 Ampère, hoofdstroom
NEDERLANDS
131
Defi nities: Veiligheidsrichtlijnen
De onderstaande definities beschrijven het
veiligheidsniveau voor ieder signaleringswoord. Lees
de gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en let
op deze symbolen.
GEVAAR: Geeft een dreigend
gevaar aan dat, indien dit niet wordt
voorkomen, leidt tot de dood of
ernstig letsel.
WAARSCHUWING: Geeft een mogelijk
gevaar aan dat, indien dit niet wordt
voorkomen, kan leiden tot de dood of
ernstig letsel.
VOORZICHTIG: Geeft een mogelijk
gevaarlijke situatie aan die, indien dit niet
wordt voorkomen, zou kunnen leiden
tot gering of matig letsel.
OPMERKING: Geeft een handeling
aan waarbij geen persoonlijk letsel
optreedt die, indien niet voorkomen,
schade aan goederen kan
veroorzaken.
Wijst op het gevaar voor elektrische
schok.
Wijst op brandgevaar.
EG verklaring van overeenstemming
RICHTLIJN VOOR MACHINES
DC413/DC415
DEWALT verklaart dat deze producten zoals
beschreven onder Technische gegevens in
overeenstemming zijn met:
2006/42/EG; EN 60745-1; EN 60745-2-3.
Deze producten voldoen ook aan Richtlijn
2004/108/EG en 2011/65/EU. Neem voor meer
informatie contact op met DEWALT via het
volgende adres of kijk op de achterzijde van de
gebruiksaanwijzing.
De ondergetekende is verantwoordelijk voor de
samenstelling van het technische bestand en legt
deze verklaring af namens DEWALT.
Horst Grossmann
Vice President Engineering and Product
Development
DEWALT, Richard-Klinger-Straße 11,
D-65510, Idstein, Duitsland
01.12.2012
WAARSCHUWING: Lees de
instructiehandleiding om het risico op
letsel te verminderen.
Algemene
veiligheidswaarschuwingen voor
elektrisch gereedschap
WAARSCHUWING! Lees alle
veiligheidswaarschuwingen en alle
instructies. Het niet opvolgen van de
waarschuwingen en instructies kan
leiden tot een elektrische schok, brand
en/of ernstig persoonlijk letsel.
BEWAAR ALLE WAARSCHUWINGEN EN INSTRUCTIES
ALS TOEKOMSTIG REFERENTIEMATERIAAL
De term „elektrisch gereedschap“ in de
waarschuwingen verwijst naar uw (met een
snoer) op de netspanning aangesloten elektrische
gereedschap of naar (draadloos) elektrisch
gereedschap met een accu.
1) VEILIGHEID WERKPLAATS
a) Houd het werkgebied schoon en goed
verlicht. Rommelige of donkere gebieden
zorgen voor ongelukken.
b) Bedien elektrische gereedschappen niet
in een explosieve omgeving, zoals in de
nabijheid van ontvlambare vloeistoffen,
gassen of stof. Elektrische gereedschappen
veroorzaken vonken die het stof of de
dampen kunnen doen ontbranden.
c) Houd kinderen en omstanders op
een afstand terwijl u een elektrisch
gereedschap bedient. Als u wordt afgeleid
kunt u de controle over het gereedschap
verliezen.
2) ELEKTRISCHE VEILIGHEID
a) Stekkers van elektrisch gereedschap
moeten in het stopcontact passen. Pas
de stekker nooit op enige manier aan.
Gebruik geen adapterstekkers samen
met geaard elektrisch gereedschap.
Niet aangepaste stekkers en passende
contactdozen verminderen het risico op een
elektrische schok.
NEDERLANDS
132
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde
oppervlaktes zoals buizen, radiatoren,
fornuizen en ijskasten. Er bestaat een
verhoogd risico op een elektrische schok als
uw lichaam geaard is.
c) Stel elektrisch gereedschap niet bloot
aan regen of natte omstandigheden.
Als er water in een elektrisch gereedschap
terecht komt, verhoogt dit het risico op een
elektrische schok.
d) Behandel het stroomsnoer voorzichtig.
Gebruik het stroomsnoer nooit om het
elektrische gereedschap te dragen of te
trekken, of de stekker uit het stopcontact
te halen. Houd het snoer uit de buurt
van warmte, olie, scherpe randen, of
bewegende onderdelen. Beschadigde
snoeren of snoeren die in de war zijn
verhogen het risico op een elektrische schok.
e) Als u een elektrisch gereedschap
buitenshuis gebruikt, gebruikt u een
verlengsnoer dat geschikt is voor
gebruik buitenshuis. Het gebruik van een
verlengsnoer dat geschikt is voor buitenshuis,
vermindert het risico op een elektrische
schok.
f) Als het gebruik van een elektrisch
gereedschap op een vochtige locatie
onvermijdelijk is, gebruikt u een
stroomvoorziening die beveiligd is met
een aardlekschakelaar. Het gebruik van een
aardlekschakelaar vermindert het risico op
een elektrische schok.
3) PERSOONLIJKE VEILIGHEID
a) Blijf alert, kijk wat u doet en gebruik uw
gezonde verstand als u een elektrisch
gereedschap bedient. Gebruik het
gereedschap niet als u vermoeid bent
of onder de invloed van drugs, alcohol
of medicatie bent. Een moment van
onoplettendheid tijdens het bedienen van
elektrische gereedschappen kan leiden tot
ernstig persoonlijk letsel.
b) Gebruik een beschermende uitrusting.
Draag altijd oogbescherming.
Beschermende uitrusting zoals een
stofmasker, antislip veiligheidsschoenen,
een helm, of gehoorbescherming gebruikt in
de juiste omstandigheden zal het risico op
persoonlijk letsel verminderen.
c) Vermijd onbedoeld starten. Zorg ervoor
dat de schakelaar in de ‚off‘ (uit) stand
staat voordat u het gereedschap aansluit
op de stroombron en/of accu, het
oppakt of ronddraagt. Het ronddragen
van elektrische gereedschappen met uw
vinger op de schakelaar of het aanzetten
van elektrische gereedschappen waarvan de
schakelaar aan staat, zorgt voor ongelukken.
d) Verwijder alle stelsleutels of moersleutels
voordat u het elektrische gereedschap
aan zet. Een moersleutel of stelsleutel die
in een ronddraaiend onderdeel van het
elektrische gereedschap is achtergelaten kan
leiden tot persoonlijk letsel.
e) Rek u niet te ver uit. Blijf altijd stevig en
in balans op de grond staan. Dit zorgt
voor betere controle van het elektrische
gereedschap in onverwachte situaties.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen
loszittende kleding of sieraden. Houd
uw haar, kleding en handschoenen uit
de buurt van bewegende onderdelen.
Loszittende kleding, sieraden of lang haar
kunnen door bewegende delen worden
gegrepen.
g) Als er in apparaten wordt voorzien voor
het aansluiten van stofverwijdering- of
verzamelapparatuur, zorg er dan voor
dat deze correct worden aangesloten
en gebruikt. Het gebruik van een
stofverzamelaar kan aan stof gerelateerde
gevaren verminderen.
4) GEBRUIK EN VERZORGING VAN ELEKTRISCH
GEREEDSCHAP
a) Forceer het gereedschap niet. Gebruik
het juiste elektrische gereedschap voor
uw toepassing. Het juiste elektrische
gereedschap voert de werkzaamheden beter
en veiliger uit waarvoor het is ontworpen.
b) Gebruik het gereedschap niet als de
schakelaar het niet aan en uit kan
zetten. Ieder gereedschap dat niet met de
schakelaar kan worden bediend is gevaarlijk
en moet worden gerepareerd.
c) Haal de stekker uit het stopcontact en/
of neem de accu uit het gereedschap
voordat u aanpassingen uitvoert,
accessoires verwisselt, of het elektrische
gereedschap opbergt. Dergelijke
preventieve veiligheidsmaatregelen
verminderen het risico dat het elektrische
gereedschap per ongeluk opstart.
d) Bewaar gereedschap dat niet wordt
gebruikt buiten het bereik van kinderen en
laat niet toe dat personen die onbekend
zijn met het elektrische gereedschap
of deze instructies het gereedschap
bedienen. Elektrische gereedschappen
zijn gevaarlijk in handen van ongetrainde
gebruikers.
e) Onderhoud elektrische gereedschappen.
Controleer op verkeerde uitlijning en
het grijpen van bewegende onderdelen,
NEDERLANDS
133
breuk van onderdelen en andere
omstandigheden die de werking van het
gereedschap nadelig kunnen beïnvloeden.
Zorg dat het gereedschap voor gebruik
wordt gerepareerd als het beschadigd is.
Veel ongelukken worden veroorzaakt door
slecht onderhouden gereedschap.
f) Houd snijdgereedschap scherp
en schoon. Correct onderhouden
snijdgereedschappen met scherpe
snijdranden lopen minder snel vast en zijn
gemakkelijker te beheersen.
g) Gebruik het elektrische gereedschap, de
accessoires en gereedschapsonderdelen
enz. in overeenstemming met deze
instructies, waarbij u rekening houdt
met de werkomstandigheden en de
werkzaamheden die dienen te worden
uitgevoerd. Gebruik van het elektrische
gereedschap voor werkzaamheden die
anders zijn dan het bedoelde gebruik, kunnen
leiden tot een gevaarlijke situatie.
5) GEBRUIK EN VERZORGING VAN GEREEDSCHAP OP
ACCU
a) Gebruik alleen de lader die door de
fabrikant wordt opgegeven. Een lader die
geschikt is voor één accutype, kan een risico
op brand veroorzaken indien gebruikt met
een andere accu.
b) Gebruik elektrische gereedschappen
uitsluitend met speciaal omschreven
accu’s. Gebruik van andere accu’s kan leiden
tot letsel en brandgevaar.
c) Als de accu niet in gebruik is, dient u
deze uit de buurt te houden van andere
metalen voorwerpen zoals paperclips,
munten, sleutels, spijkers, schroeven of
andere kleine metalen voorwerpen die
een verbinding van het ene contactpunt
met het andere kunnen maken. Het
kortsluiten van de accucontactpunten samen
kan brandwonden of brand veroorzaken.
d) Als het gereedschap te zwaar wordt
belast, kan er vloeistof uit de accu
lekken; vermijd contact hiermee. Als u
per ongeluk hier toch mee in contact
komt, spoelt u met water. Als de vloeistof
in contact met de ogen komt, dient u
daarnaast medische hulp in te roepen.
Vloeistof afkomstig uit de accu kan irritatie of
brandwonden veroorzaken.
6) SERVICE
a) Zorg dat u gereedschap wordt
onderhouden door een erkende
reparateur die uitsluitend identieke
vervangende onderdelen gebruikt. Dit
zorgt ervoor dat de veiligheid van het
gereedschap blijft gegarandeerd.
AANVULLENDE SPECIFIEKE
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Veiligheidsvoorschriften voor alle
handelingen
a) Dit elektrisch gereedschap is bedoeld als
slijpmachine, schuurmachine, metalen
borstel en afkortgereedschap. Lees alle
veiligheidswaarschuwingen, instructies,
illustraties en specificaties die bij dit
gereedschap zijn meegeleverd. Het niet
opvolgen van alle onderstaande instructies kan
leiden tot een elektrische schok, brand en/of
ernstig persoonlijk letsel.
b) Het wordt niet aanbevolen werkzaamheden
zoals polijsten met dit elektrisch
gereedschap uit te voeren. Werkzaamheden
waarvoor het elektrisch gereedschap niet is
ontworpen, kunnen leiden tot een gevaarlijke
situatie en persoonlijk letsel.
c) Gebruik geen accessoires die niet speciaal
ontworpen en aanbevolen zijn door de
fabrikant van het gereedschap. Het feit
dat een accessoire aan uw gereedschap kan
worden bevestigd wil nog niet zeggen dat dit
een veilige bediening garandeert.
d) Het nominale toerental van het accessoire
moet tenminste gelijk zijn aan het maximale
toerental zoals dit op het gereedschap
staat vermeld. Accessoires die sneller draaien
dan hun nominale toerental kunnen breken en
wegschieten.
e) De buitendiameter en de dikte van uw
accessoire moeten binnen het nominale
vermogen van uw gereedschap liggen.
Accessoires met een onjuiste grootte kunnen
niet voldoende worden vastgemaakt of
beheerst.
f) De drevelgrootte van wielen, flenzen,
steunkussens en ieder ander accessoire
moet goed passen op de as van het
gereedschap. Accessoires met drevelgaten die
niet passen op de bevestigingshardware van
het gereedschap zullen uit balans raken en/of
extreem trillen en kunnen u de beheersing over
het gereedschap doen verliezen.
g) Gebruik een accessoire niet als ze
beschadigd is. Controleer het accessoire
zoals een schuurwiel voor gebruik op
schilfers en barstjes, steunkussens op
barstjes, scheurtjes of excessieve slijtage,
NEDERLANDS
134
staalborstels op losse of gespleten draden.
Als het gereedschap of het accessoire is
gevallen, controleert u dit op schade of
plaatst u een onbeschadigd accessoire.
Na het controleren en plaatsen van een
accessoire zorgt u dat u en omstanders
uit de buurt van het bereik van het
ronddraaiende accessoire blijft en zet u het
gereedschap gedurende een minuut aan
op maximale snelheid zonder weerstand.
Beschadigde accessoires breken gewoonlijk af
tijdens deze testtijd.
h) Draag persoonlijke beschermende kleding.
Afhankelijk van de toepassing gebruikt u
gezichtsbedekking en een beschermende of
veiligheidsbril. Indien van toepassing draagt
u een stofmasker, gehoorbescherming,
handschoenen en een werkschort die kleine
afgeschuurde deeltjes of deeltjes van het
werkstuk tegenhouden. De oogbescherming
moet rondvliegende brokstukken die door de
diverse werkzaamheden vrijkomen tegen kunnen
houden. Het stofmasker e.d. moet in staat zijn
om partikeltjes die door uw werkzaamheden
vrijkomen te filteren. Langdurige blootstelling aan
intense geluiden kan gehoorverlies veroorzaken.
i) Houd omstanders op een veilige afstand
van het werkgebied. Iedereen die het
werkgebied betreedt moet persoonlijke
beschermende kleding dragen. Brokstukken
van het werkstuk of van een afgebroken
accessoire kunnen wegvliegen en letsel buiten
het directe werkgebied veroorzaken.
j) Houd het elektrisch gereedschap alleen
vast aan geïsoleerde oppervlakten
als u een handeling uitvoert waarbij
het snijdgereedschap in contact kan
komen met verborgen bedrading of
het eigen stroomsnoer. Accessoires van
zaaggereedschap die in contact komen met
bedrading die onder stroom staat, kunnen
metalen onderdelen van het gereedschap onder
stroom zetten en de gebruiker een elektrische
schok geven.
k) Plaats het stroomsnoer buiten het bereik
van het ronddraaiende accessoire. Als u
de controle verliest, wordt het snoer mogelijk
doorgesneden of gegrepen en kan uw hand
of arm in het draaiende accessoire worden
getrokken.
l) Leg het gereedschap nooit neer voordat het
accessoire volledig tot stilstand is gekomen.
Het ronddraaiende accessoire kan mogelijk in
contact met de oppervlakte komen waardoor u
de controle over het gereedschap verliest.
m) Gebruik het gereedschap niet terwijl u het
aan uw zijde draagt. Per ongeluk contact met
het ronddraaiende accessoires kan uw kleding
grijpen waardoor het accessoire naar uw
lichaam wordt getrokken.
n) Maak de luchtgaten van het gereedschap
regelmatig schoon. De ventilator van de
motor zuigt het stof in de behuizing en extreme
ophoping van metaaldeeltjes kan een elektrische
schok veroorzaken.
o) Bedien het gereedschap niet in de buurt van
ontvlambare materialen. Vonken kunnen deze
materialen doen ontbranden.
p) Gebruik geen accessoires die koelvloeistof
nodig hebben. Het gebruik van water of andere
koelvloeistoffen kan leiden tot elektrocutie of een
elektrische schok.
OVERIGE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
VOOR ALLE HANDELINGEN
Oorzaken en voorkoming van
terugslag
Terugslag is een plotselinge reactie op een
ronddraaiend wiel, steunkussen, borstel of ander
accessoire dat bekneld of gegrepen wordt.
Beknelling of grijpen zorgt voor het snel vastlopen
van het ronddraaiende accessoire dat op zijn
beurt zorgt dat het onbeheersbare gereedschap
in de tegenovergestelde richting van de draaiing
van het accessoire wordt gedwongen op het
bevestigingspunt.
Als bijvoorbeeld een schuurwiel wordt gegrepen of
bekneld raakt door het werkstuk, kan de rand van
het wiel die er bij het beknellingpunt ingaat in het
oppervlak van het materiaal slaan waardoor het wiel
naar buiten loopt of terugslaat. Het wiel kan ofwel
naar de operator toe of van hem vandaan springen,
afhankelijk van de richting van de wielbeweging op
het beknellingpunt. Schuurwielen kunnen onder deze
omstandigheden ook afbreken.
Terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik
en/of onjuiste gebruiksomstandigheden van het
gereedschap en kan worden voorkomen door
geschikte voorzorgsmaatregelen te nemen zoals
hieronder vermeld:
a) Houd het gereedschap voortdurend stevig
vast en plaats uw lichaam en arm zo
dat u terugslagkrachten kunt weerstaan.
Gebruik altijd een hulphandgreep indien
meegeleverd voor maximale beheersing
van terugslag of torsiereactie tijdens het
opstarten. De operator kan torsiereactie of
NEDERLANDS
135
terugslagkrachten beheersen als de juiste
voorzorgsmaatregelen worden genomen.
b) Plaats uw handen nooit in de buurt van het
ronddraaiende accessoire. Het accessoire
kan over uw hand terugslaan.
c) Plaats uw lichaam niet in het gebied
waar het gereedschap naartoe zal gaan
als zich terugslag voordoet. Terugslag
zorgt dat het gereedschap wegschiet in de
tegenovergestelde richting van de wielbeweging
op het beknellingpunt.
d) Wees extra voorzichtig als u hoeken,
scherpe randen, enz. bewerkt. Voorkom
dat het accessoire stuitert of blijft hangen.
Hoeken, scherpe randen en stuiteren kunnen
er vaak toe leiden dat het ronddraaiende
accessoire blijft hangen en kunnen verlies van
controle of terugslag veroorzaken.
e) Bevestig geen houtsnijdzaag of getand
zaagblad aan het gereedschap. Dergelijke
zaagbladen kunnen herhaaldelijke terugslag en
verlies van controle veroorzaken.
Veiligheidswaarschuwingen speciaal
voor slijpende en schurende
snijdhandelingen
a) Gebruik uitsluitend wieltypes die
zijn aanbevolen voor uw elektrische
gereedschap en de specifieke beveiliging die
is ontworpen voor het gekozen wiel. Wielen
waarvoor het elektrische gereedschap niets
is ontwikkeld kunnen niet adequaat worden
beveiligd en zijn onveilig.
b) De beschermkap moet stevig zijn
vastgemaakt aan en geplaatst zijn op het
elektrisch gereedschap voor maximale
veiligheid, zodat het gedeelte dat
onafgeschermd is voor de gebruiker zo
klein mogelijk is. De beschermkap helpt
de gebruiker te beveiligen tegen afgebroken
deeltjes van de schijf en voorkomt dat de
gebruiker in contact komt met de schijf.
c) Wielen mogen uitsluitend worden gebruikt
voor de aanbevolen toepassingen.
Bijvoorbeeld: slijp niet met de zijkant van
een snijdwiel. Schurende snijdwielen zijn
bedoeld voor perifeer slijpen; zijwaartse krachten
kunnen ervoor zorgen dat deze wielen barsten.
d) Gebruik altijd onbeschadigde wielflenzen
van de juiste grootte en vorm voor het
wiel van uw keuze. De juiste wielflenzen
ondersteunen het wiel en verminderen zo de
mogelijkheid dat het wiel breekt. Flenzen voor
snijdwielen kunnen verschillen van wielflenzen
voor slijpen.
e) Gebruik geen versleten wielen van grotere
elektrische gereedschappen. Een wiel dat is
bedoeld voor een groter elektrisch gereedschap
is niet geschikt voor de hogere snelheid van een
kleiner gereedschap en kan barsten.
Aanvullende
veiligheidswaarschuwingen speciaal
voor schurende snijdhandelingen
a) Laat het snijdwiel niet ”vastlopen” en oefen
er geen extreme druk op uit. Probeer
geen extreme diepte of snede te maken.
Het overbelasten van het wiel vergroot de
belasting en ontvankelijkheid voor het blokkeren
of vastlopen van het wiel in de snede, en de
mogelijkheid van terugslag of wielbreuk.
b) Plaats uw lichaam niet op een lijn met
en achter het ronddraaiende wiel. Als het
wiel tijdens de bediening van uw lichaam
vandaan beweegt, kan de mogelijke terugslag
het draaiende wiel doen wegschieten en het
elektrische gereedschap direct in uw richting
doen komen.
c) Als het wiel blokkeert of als een snede om
een bepaalde reden wordt onderbroken,
schakelt u het elektrische gereedschap uit
en houdt u het vast zonder te bewegen
totdat het wiel volledig tot stilstand is
gekomen. Probeer nooit een snijdwiel uit
de snede te verwijderen terwijl het wiel in
beweging is, anders kan zich een terugslag
voordoen. Zoek naar de oorzaak van het
blokkeren en neem de geschikte maatregelen
om dit op te heffen.
d) Start de zaaghandeling niet opnieuw op
in het werkstuk. Laat het wiel op volledige
snelheid komen en steek het voorzichtig
nogmaals in de snede. Het wiel kan blokkeren,
weglopen of terugslaan als het gereedschap
opnieuw wordt opgestart in het werkstuk.
e) Ondersteun panelen of enig ander erg
groot werkstuk om te het risico dat het wiel
vastloopt of terugslaat te verminderen. Grote
werkstukken kunnen onder hun eigen gewicht
doorzakken. De ondersteuningen moeten
aan beide zijden worden geplaatst onder het
werkstuk, dicht bij de zaaglijn en aan beide
randen.
f) Wees bijzonder voorzichtig wanneer u
invallend zaagt op bestaande muren of
andere verborgen gedeelten. Het uitstekende
NEDERLANDS
136
wiel kan gas- of waterbuizen, elektrische
bedrading of objecten snijden die een terugslag
veroorzaken.
Veiligheidswaarschuwingen speciaal
voor schuurwerkzaamheden
a) Gebruik geen schuurschijfpapier dat
veel te groot is. Volg de aanbevelingen
van de fabrikant op bij het uitkiezen van
schuurpapier. Groter schuurpapier dat uit het
schuurkussen steekt, veroorzaakt gevaar van
openrijten en kan beknelling of scheuren van de
schijf of terugslag veroorzaken.
Veiligheidswaarschuwingen speciaal
voor metaalborstelen
a) Wees ervan bewust dat metalen haartjes
worden uitgeworpen zelfs tijdens normale
bediening. Zet niet teveel kracht op de
borstelharen door een te grote druk op de
borstel uit te oefenen. De borstelharen dringen
gemakkelijk door in lichte kleding en/of de huid.
b) Als het gebruik van een beveiliging wordt
aanbevolen voor metaalborstelen, zorg dan
dat er geen contact is tussen het draadwiel
of de metaalborstel en de beveiliging. Het
draadwiel of de borstel kan in diameter groter
worden als gevolg van centrifugale krachten.
Aanvullende veiligheidsregels
Bij het monteren van accessoires moet de
schroefdraad overeenkomen met die van de
as van de slijpmachine. Voor accessoires die
zijn gemonteerd door middel van flenzen moet
het drevelgat van het accessoire passen bij
de diameter van de flens. Accessoires die
niet passen op de bevestigingshardware van
het gereedschap zullen uit balans raken en/of
extreem trillen en kunnen u de beheersing over
het gereedschap doen verliezen.
Het slijpoppervlak van de in het midden
verzonken schijven moet worden gemonteerd
onder het vlak van de beveiligingslip. Een wiel
dat niet goed is gemonteerd en dat uitsteekt
door het vlak van de beveiligingslip, kan niet
naar behoren worden beschermd.
Overige risico’s
Ondanks het toepassen van de relevante
veiligheidsvoorschriften en het toepassen van
veiligheidsapparaten, kunnen sommige overige
risico’s niet worden vermeden. Dit zijn:
Gehoorbeschadiging
Risico op persoonlijk letsel door rondvliegende
deeltjes.
Risico op brandwonden als gevolg van
accessoires die tijdens het gebruik heet worden.
Risico op persoonlijk letsel als gevolg van
langdurig gebruik.
Risico van stof dat van gevaarlijke stoffen
vrijkomt.
Markering op het gereedschap
De volgende pictogrammen staan op het
gereedschap vermeld:
Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik.
Draag gehoorbescherming.
Draag oogbescherming.
POSITIE DATUMCODE
De datumcode, die ook het jaar van fabricage
bevat, staat afgedrukt in de behuizing die het
verbindingsstuk tussen het gereedschap en de accu
vormt.
Voorbeeld:
2013 XX XX
Jaar van fabricage
Belangrijke veiligheidsinstructies
voor alle acculaders
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES: Deze
gebruiksaanwijzing bevat belangrijke veiligheids- en
bedieningsinstructies voor de DE9000 acculader.
Lees voordat u de lader gebruikt alle instructies
en waarschuwingsmarkeringen op de lader,
accu, en product dat de accu gebruikt.
GEVAAR: Elektrocutiegevaar. Er staat
230 volt op de oplaadterminals. Niet
doorboren met geleidende voorwerpen.
Dit kan leiden tot een elektrische schok
of elektrocutie.
WAARSCHUWING: Gevaar voor
elektrische schok. Zorg dat er geen
vloeistof in de lader komt. Dit kan leiden
tot een elektrische schok.
VOORZICHTIG: Gevaar voor
brandwonden. Laad om het risico
van letsel te verminderen uitsluitend
NEDERLANDS
137
DEWALT oplaadbare accu’s op. Andere
accutypes kunnen uiteenspatten
hetgeen tot persoonlijk letsel en schade
leidt.
VOORZICHTIG: Onder bepaalde
omstandigheden kunnen als de lader
in de stroomvoorziening is gestoken de
blootliggende laadcontacten in de lader
worden kortgesloten door vreemde
voorwerpen. Vreemde voorwerpen met
een geleidende eigenschap zoals, maar
niet beperkt tot, staalwol, aluminiumfolie
of een opeenhoping van metaalpartikels
dienen uit de buurt van de laadpunten
te worden gehouden. Neem de lader
altijd uit de stroomvoorziening als er
zich geen accu in de holte bevindt.
Neem het stroomsnoer van de lader uit
het stopcontact voordat u deze gaat
schoonmaken.
Probeer NIET om de accu op te laden
met een andere acculader dan die in deze
gebruiksaanwijzing staan beschreven. De
lader en de accu zijn speciaal ontworpen om
met elkaar te functioneren.
Deze acculaders zijn niet bedoeld voor enig
ander gebruik dan het opladen van D
EWALT
oplaadbare accu’s. Ieder ander gebruik kan
leiden tot brandgevaar, elektrische schok of
elektrocutie.
Stel de acculader niet bloot aan regen of
sneeuw.
Trek aan de stekker in plaats van aan het
snoer als u de lader afkoppelt. Dit vermindert
het risico op schade aan de stekker en het
stroomsnoer.
Zorg ervoor dat het stroomsnoer zo is
gepositioneerd dat er niet op kan worden
gelopen, over kan worden gestruikeld, of op
een andere manier tot schade of problemen
kan leiden.
Gebruik geen verlengsnoer tenzij dit
absoluut noodzakelijk is. Het gebruik van
een ongeschikt verlengsnoer kan leiden
tot brandgevaar, een elektrische schok of
elektrocutie.
Plaats geen voorwerpen op de acculader
en plaats de acculader niet op een zachte
ondergrond die de ventilatieopeningen kan
belemmeren en tot excessieve interne hitte
kan leiden. Plaats de acculader niet in de
buurt van een warmtebron. De acculader wordt
geventileerd door openingen in de bovenzijde
en de onderzijde van de behuizing.
Gebruik de acculader niet met een
beschadigd snoer of beschadigde stekker -
vervang deze onmiddellijk.
Gebruik de acculader niet wanneer deze een
zware klap heeft gehad, is laten vallen of
anderszins beschadigd is. Breng deze bij een
erkend servicecentrum.
Demonteer de acculader niet; breng deze
bij een geautoriseerd servicecentrum als
onderhoud of reparatie nodig is. Het onjuist
opnieuw monteren kan leiden tot een elektrische
schok, elektrocutie of brand.
Ontkoppel de lader van de
stroomvoorziening voordat u deze gaat
reinigen. Dit zal het risico op een elektrische
schok verminderen. Het verwijderen van de
accu vermindert dit risico niet.
Probeer NOOIT 2 laders op elkaar aan te
sluiten.
De acculader is ontworpen om te
worden gebruikt op standaard 230V
huishoudstroom. Probeer de lader niet op
enig ander voltage uit. Dit geldt niet voor de
transportlader.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
Laders
De DE9000 oplader werkt op 28 V en 36 V Li-Ion
accu’s.
Deze laders hebben geen aanpassingen nodig en
zijn ontworpen voor een gemakkelijke bediening.
Oplaadprocedure (afb. [fi g.] 2)
GEVAAR: Elektrocutiegevaar. Er staat
230 volt op de oplaadterminals. Niet
doorboren met geleidende voorwerpen.
Gevaar voor een elektrische schok of
elektrocutie.
1. Steek de acculader (l) in een geschikt
stopcontact voordat u de accu erin plaatst.
2. Plaats de accu in de lader. De lader is voorzien
van een oplaadmeter (m) met drie lampjes die
knipperen naar gelang de status van de lading
van de accu.
3. Het voltooien van het opladen wordt
aangegeven doordat het rode lampje continu
ON (AAN) blijft. De accu is volledig opgeladen
en kan nu worden gebruikt of in de lader
worden gelaten.
OPMERKING: Om maximale prestaties en
levensduur van de Li-Ion accu’s te garanderen laadt
u de accu tenminste 10 uur voor het eerste gebruik
op.
NEDERLANDS
138
Oplaadproces
Zie voor de oplaadstatus van de accu de
onderstaande tabel.
Oplaadstatus
1 lampje knippert < 33%
1 lampje knippert, 1 lampje aan 33–66%
1 lampje knippert, 2 lampjes aan 66–99%
3 lampjes aan 100%
Automatisch verversen
De automatische verversingsmodus maakt de
individuele cellen in de accu op de piekcapaciteit
gelijk of balanceert ze. Accu’s dienen wekelijks te
worden opgeladen of telkens als de accu niet meer
dezelfde hoeveelheid werk levert.
Om uw accu te verversen plaatst u de accu zoals
gebruikelijk in de oplader. Laat de accu tenminste 10
uur in de acculader.
Hete/koude accuvertraging
Als de oplader detecteert dat een accu te heet of
te koud is, begint deze automatisch met een hete/
koude accuvertraging, waarbij het opladen wordt
uitgesteld totdat de accu een geschikte temperatuur
heeft bereikt. De oplader schakelt vervolgens
automatisch naar de oplaadmodus voor de accu.
Deze functionaliteit verzekert u van maximale
levensduur van de accu.
UITSLUITEND LI-ION ACCU’S
Li-Ion accu’s zijn ontworpen met een elektronisch
beschermingssysteem dat de accu beschermt tegen
te lang opladen, oververhitting en bijna volledige
ontlading.
Het gereedschap schakelt automatisch uit als het
elektronische beschermingssysteem in werking
treedt. Als dit gebeurt, plaatst u de Li-Ion accu in de
lader totdat deze volledig is opgeladen.
Belangrijke veiligheidsinstructies
voor alle accu’s
Als u vervangende accu’s bestelt, zorg er dan voor
dat u het catalogusnummer en voltage vermeldt.
De accu is niet volledig opgeladen als deze
uit de verpakking komt. Voordat u de accu
en oplader gebruikt, dient u de onderstaande
veiligheidsinstructies te lezen. Volg vervolgens de
oplaadprocedures zoals die zijn uitgelegd.
LEES ALLE INSTRUCTIES
Laad de accu niet op en gebruik deze niet
in een explosieve omgeving, zoals in de
nabijheid van ontvlambare vloeistoffen,
gassen of stof. Het plaatsen van de accu in
of verwijderen van de accu uit de acculader
kan ervoor zorgen dat het stof of de dampen
ontbranden.
Laad de accu’s uitsluitend met D
EWALT laders
op.
• NIET overgieten met of plaatsen in water of
andere vloeistoffen.
Bewaar of gebruik het gereedschap en de
accu niet op plaatsen waar de temperatuur
40 ºC bereikt of overstijgt (zoals een
buitenkeet of metalen gebouw in de zomer).
GEVAAR: Probeer nooit de accu te
openen om welke reden dan ook. Plaats
de accu niet in de oplader wanneer
deze gebroken of beschadigd is oefen
geen kracht op de accu uit, laat deze
niet vallen en beschadig ze niet. Gebruik
een accu of oplader niet wanneer deze
een zware klap heeft gekregen, is laten
vallen, er overheen is gereden of op
enigerlei wijze is beschadigd (d.w.z.
doorboord met een spijker, geslagen
met een hamer, erop getrapt is). Dit
kan leiden tot een elektrische schok of
elektrocutie. Beschadigde accu‘s dienen
naar het servicecentrum te worden
gebracht voor recycling.
VOORZICHTIG: Plaats het
gereedschap als het niet in gebruik
is op de zijkant op een stabiele
ondergrond waar er niet overheen
kan worden gestruikeld of het zelf
kan vallen. Sommige gereedschappen
met grote accu‘s staan rechtop op de
accu maar kunnen gemakkelijk worden
omgestoten.
SPECIEKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR LITHIUM ION
(Li-Ion)
Verbrand de accu niet, zelfs niet als deze
ernstig beschadigd is of volledig verbruikt.
De accu kan in vuur exploderen. Als lithium ion
accu‘s worden verbrand, komen giftige dampen
en materialen vrij.
Als de inhoud van de accu in contact met
de huid komt, wast u dit onmiddellijk af met
water en een milde zeep. Als accuvloeistof in
de ogen komt spoelt u 15 minuten met water
in het geopende oog, of totdat de irritatie stopt.
Als medische hulp nodig is dient u te vermelden
dat de accuelektrolyt is samengesteld uit een
mengsel van vloeibare organische carbonaten
en lithiumzouten.
NEDERLANDS
139
De inhoud van geopende accucellen kan
irritatie aan de luchtwegen veroorzaken.
Zorg voor frisse lucht. Zoek als de symptomen
aanhouden medische hulp.
WAARSCHUWING: Gevaar voor
brandwonden. Accuvloeistof kan
ontvlambaar zijn als deze aan een vonk
of vlam wordt blootgesteld.
Transport
DEWALT Li-Ion-accu’s zijn in overeenstemming met
het handboek UN Manual of Tests and Criteria (ST/
SG/AC. 10/11/Rev.3 Deel III, Onderafdeling 38,3)
conform de UN Aanbevelingen over het Transport
van Gevaarlijke Stoffen.
De accu’s hebben een effectieve bescherming
tegen interne overdruk en kortsluiting.
Er zijn de vereiste maatregelen getroffen
ter voorkoming van breuk door geweld en
gevaarlijke tegenstroom.
Het equivalente lithiumgehalte ligt onder de
relevante grenswaarde.
DEWALT Li-Ion-accu’s zijn vrijgesteld van nationale
en internationale bepalingen die gelden voor
gevaarlijke stoffen. Deze bepalingen treden toch
in werking wanneer meerdere accu’s tegelijk
getransporteerd worden.
Zorg ervoor dat de accu’s verpakt worden in
overeenstemming met de bepalingen voor
gevaarlijke stoffen zoals hierboven beschreven,
om kortsluiting te voorkomen.
Accu (afb. 2)
ACCUTYPE
De DC413 werkt op 28 volt Li-Ion accu’s.
De DC415 werkt op 36 volt Li-Ion accu’s.
Aanbevelingen voor opslag
1. De beste plaats om het apparaat op te bergen
is koel en droog, uit direct zonlicht en niet
in overmatige hitte of koude. Voor optimale
accuprestaties en levensduur bergt u accu’s op
bij kamertemperatuur als deze niet in gebruik
zijn.
OPMERKING: Li-Ion accu‘s dienen volledig te
zijn opgeladen als ze worden opgeborgen.
2. Langdurige opslag zal de accu of de
oplader niet beschadigen. Onder de juiste
omstandigheden kunnen ze tot maximaal 5 jaar
worden opgeslagen.
Labels op de oplader en op de accu
De labels op de oplader en op de accu laten de
volgende pictogrammen zien:
Lees voor het gebruik de handleiding
Zie Technische gegevens voor de
oplaadtijd.
Niet aan water blootstellen
Niet met geleidende voorwerpen aan de
contactpunten komen
Geen beschadigde accu's laden
Geen beschadigde opladers gebruiken
Alleen laden bij temperaturen tussen
4 °C en 40 °C
Beschadigd snoer direct laten vervangen
Probleem met de oplader
Probleem met de accu
Versleten accu's dienen op milieubewuste
wijze te worden verwerkt
Verbrand de accu nooit
Alleen laden met speciale DEWALT-
opladers
Inhoud van de verpakking
De verpakking bevat:
1 haakse slijper
1 beschermkap (type 27)
1 trilbestendige zijhandgreep
1 flensset
1 steeksleutel
2 accusets (DC413KL/DC415KL)
1 acculader (DC413KL/DC415KL)
NEDERLANDS
140
1 opbergkoffer voor slijper + hulpstukken
(DC413KL/DC415KL)
1 gebruiksaanwijzing
1 vergrote tekening
Controleer of het gereedschap, de onderdelen
of accessoires mogelijk zijn beschadigd tijdens
het transport.
Neem de tijd om deze handleiding grondig door
te lezen en te begrijpen voordat u de apparatuur
gebruikt.
Beschrijving (afb. 1, 4)
WAARSCHUWING: Pas het
gereedschap of een onderdeel ervan
nooit aan. Dit kan schade of persoonlijk
letsel tot gevolg hebben.
a. Drukschakelaar
b. Vergrendelknop
c. Spindelvergrendelknop
d. Zijhandgreep
e. Schuurschijf
f. Anti-blokkeer-flens
g. Klemmoer
h. Beschermkap (type 27)
i. Accuset
j. Accu ontgrendelingsknop
GEBRUIKSDOEL
De DC413, DC415 hoekslijpmachines voor
zwaar gebruik zijn ontworpen voor professioneel
slijpen, snijden, schuren en toepassingen met een
draadborstel.
Gebruik GEEN schuurwielen anders dan in het
midden drukvrije wielen en flapschijven.
GEBRUIK ZE NIET bij natte omstandigheden of
in de aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen of
gassen.
Deze hoekslijpmachines voor zwaar gebruik zijn
professionele elektrische gereedschappen.
LAAT GEEN kinderen in contact met het
gereedschap komen. Toezicht is vereist als
onervaren operators dit gereedschap bedienen.
Dit product is niet bedoeld voor gebruik door
personen (waaronder kinderen) die verminderde
fysieke, sensorische of psychische vermogens
hebben of die het ontbreekt aan ervaring en/
of kennis of bekwaamheden, als dat niet
gebeurt onder toezicht van een persoon die
verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen
mogen nooit alleen worden gelaten met dit
product zodat ze ermee zouden kunnen spelen.
Elektrische veiligheid
De elektrische motor is slechts voor één voltage
ontworpen. Controleer altijd of het voltage van
de accu overeenkomt met het voltage op het
typeplaatje. Zorg er ook voor dat het voltage
van uw oplader overeenkomt met dat van uw
stroomvoorziening.
Uw DEWALT oplader is dubbel geïsoleerd
in overeenstemming met EN 60335;
daarom is geen aarding nodig.
Als het stroomsnoer is beschadigd, moet het
worden vervangen door een speciaal
geprepareerd snoer dat leverbaar is via
het DEWALT servicecentrum.
Een verlengsnoer gebruiken
U dient geen verlengsnoer te gebruiken, tenzij dit
absoluut noodzakelijk is. Gebruik een goedgekeurd
verlengsnoer dat geschikt is voor de stroominvoer
van uw oplader (zie Technische gegevens). De
minimale geleidergrootte is 1 mm
2
; de maximale
lengte is 30 m.
Als u een haspel gebruikt, dient u het snoer altijd
volledig af te rollen.
ASSEMBLAGE EN AANPASSINGEN
WAARSCHUWING: Verwijder vóór
de montage en aanpassing altijd de
accu. Schakel het gereedschap altijd uit
voordat u de accu plaatst of verwijdert.
WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend
DEWALT accu’s en opladers.
Inzetten en verwijderen
van de accuset in het werktuig
(afb. 2)
WAARSCHUWING: Gebruik de
vergrendelknop (b) zodat de
drukschakelaar niet geactiveerd
kan worden tijdens het inzetten of
verwijderen van de accu. Hiermee
verkleint u het risico op ernstig
letsel. Het onbedoeld opstarten kan
letsel veroorzaken.
OPMERKING: Zorg ervoor dat uw accu (i) volledig
is opgeladen.
1. Zorg dat u de accu in de juiste positie houdt
(i) alvorens deze in de accuhouder te plaatsen.
Schuif de accu in de accuhouder en oefen
enige druk uit totdat de accu op zijn plaats klikt.
NEDERLANDS
141
2. Om de accuset te verwijderen, drukt u op de
accu-ontgrendelingsknop (j) terwijl u tegelijkertijd
de accu uit de accuhouder trekt.
De zijhandgreep bevestigen (afb. 1)
WAARSCHUWING: Controleer voordat
u het gereedschap gebruikt of de hendel
stevig vastzit.
WAARSCHUWING: Gebruik de
zijhandgreep zodat u te allen tijde de
controle over het gereedschap behoudt.
De zijhandgreep (d) kan aan beide kanten van
het gereedschap bevestigd worden in de van
schroefdraad voorziene uitsparingen. Verzeker
u ervan dat de handgreep echt stevig vastzit
voordat u het werktuig gaat gebruiken!
Om het gebruiksgemak bij doorslijpen te
bevorderen, kan het huis 90˚ draaien.
Het huis van het werktuig draaien
(afb. 3)
WAARSCHUWING: Om het risico op
ernstig letsel te verkleinen, dient u het
werktuig uit te schakelen en de accuset
te verwijderen voordat u hulpstukken of
accessoires aan- of afkoppelt.
1. Verwijder de vier schroeven op de hoeken
waarmee het huis vastzit aan het motorhuis.
2. Draai het huis in de gewenste positie zonder
huis los te trekken van het motorhuis.
OPMERKING: Als het huis en het motorhuis meer
dan
6,35 mm (1/4") los komen van elkaar, moet het
werktuig gerepareerd en opnieuw in elkaar gezet
worden bij een DEWALT servicecentrum. Wanneer
u het werktuig niet laat repareren, kan dat borstel-
motor- en lagermankementen veroorzaken.
3. Om het huis weer stevig op het motorhuis te
bevestigen, draait u de schroeven weer vast.
Draai de schroeven vast tot een koppel van
2,08 Nm. Te vast aandraaien kan ertoe leiden
dat de schroef doldraait.
De bescherming bevestigen en
verwijderen (afb. 4)
WAARSCHUWING: Om het risico op
ernstig letsel te verkleinen, dient u het
werktuig uit te schakelen en de accuset
te verwijderen voordat u hulpstukken of
accessoires aan- of afkoppelt.
VOORZICHTIG: Een beschermkap
dient gebruikt te worden bij alle
afbraamschijven, doorslijpschijven,
slijpwaaiers, staalborstels en
draadschijven. Het werktuig mag
alleen zonder beschermkap gebruikt
worden wanneer u schuurt met gewone
schuurschijven. DC413/DC415 is
voorzien van een beschermkap bedoeld
voor gebruik met schijven met een
verzonken middengat
(type 27) en genaafde afbraamschijven
(type 27). Dezelfde beschermkap kan
gebruikt worden met slijpwaaiers (type
27 en 29) en staalborstels (kommodel).
VOORZICHTIG: Bij deze slijpmachine
moeten beveiligingen worden gebruikt.
Als u de DC413 of de DC415 gebruikt met een
gelijmde slijpschijf voor het zagen van metaal of
van metselwerk moet u een beveiliging van Type 1
gebruiken. Type 1 beveiligingen zijn tegen meerprijs
leverbaar bij DEWALT vestigingen.
OPMERKING: Kijk a.u.b. onder Tabel slijp- en
snijdaccessoires aan het einde van deze paragraaf
om andere accessoires te zien die samen met deze
slijpmachines kunnen worden gebruikt.
1. Open de vergrendeling van de beschermkap (n),
en laat de nokjes (p) op de beschermkap in de
uitsparingen (o) op het huis vallen.
2. Duw de beschermkap naar beneden totdat de
nokjes in de uitsparingen vallen en vrij in de sleuf
op het huis kunnen draaien.
3. Met vergrendeling geopend, draait u de
beschermkap (h) in de gewenste positie. De
beschermkap moet zodanig gepositioneerd
worden tussen de spindel en de gebruiker dat
deze maximale bescherming biedt.
4. Sluit de vergrendeling om de beschermkap
op het huis vast te zetten. Wanneer de
vergrendeling gesloten is, mag het niet
mogelijk zijn de beschermkap met de hand
te verdraaien. Gebruik de slijper niet met
een losse beschermkap of wanneer de
vergrendelingsklem niet vast zit.
5. Om de beschermkap te verwijderen: open de
vergrendelingsklem, draai de kap zodanig dat
de nokjes en de uitsparingen overeen komen en
trek de kap van het huis.
OPMERKING: De beschermkap is in de fabriek
op maat gemaakt voor de diameter van het huis.
Wanneer, na verloop van tijd, de beschermkap
losser gaat zitten, draait u de verstelschroef (q)
vaster. Daarbij dient de vergrendeling gesloten te zijn
en de beschermkap op het huis bevestigd te zijn.
NEDERLANDS
142
VOORZICHTIG: Als de beschermkap
niet steviger kan worden vastgezet met
de verstelschroef, dient u het werktuig
niet te gebruiken. Om het risico op
letsel te verkleinen, dient u werktuig en
beschermkap naar een servicecentrum
te brengen voor reparatie of vervanging
van de beschermkap.
OPMERKING: Om het risico op
beschadiging van het werktuig te
verkleinen, mag u de verstelschroef niet
aandraaien wanneer de vergrendeling
geopend is. Er kan onzichtbare schade
ontstaan aan de beschermkap of aan
de gleuf op het huis.
OPMERKING: Het afbramen en doorslijpen van
randen en kanten kan gebeuren met type 27
schijven die speciaal voor dit doel ontworpen zijn;
schijven van 6,35 mm (1/4") dik zijn ontworpen voor
het afbramen van oppervlakken, terwijl schijven van
3,17 mm (1/8") ontworpen zijn voor het afbramen
van kanten.
Voor de bediening
Installeer de beveiliging en pas schijf of wiel
aan. Gebruik geen extreem versleten schijven of
wielen.
Gebruik een accessoire niet als het beschadigd
is. Controleer accessoires zoals schuurwielen
voor gebruik op schilfers en barstjes,
steunkussens op barstjes, scheurtjes of
excessieve slijtage, staalborstels op losse of
gespleten draden. Als het gereedschap of
het accessoire is gevallen, controleert u dit
op schade of plaatst u een onbeschadigd
accessoire. Na het controleren en plaatsen van
een accessoire zorgt u dat u en omstanders uit
de buurt van het bereik van het ronddraaiende
accessoire blijft en zet u het gereedschap
gedurende een minuut aan op maximale
snelheid zonder weerstand. Beschadigde
accessoires breken gewoonlijk af tijdens deze
testtijd.
Controleer dat de binnenste en buitenste
flens op juiste wijze zijn gemonteerd. Volg de
instructies die worden gegeven in de Tabel
Accessoires voor slijpen en zagen.
Zorg ervoor dat de schijf of het wiel draait in de
richting van de pijlen op het accessoire en het
gereedschap.
BEDIENING
Instructies voor gebruik
WAARSCHUWING: Houd u altijd
aan de veiligheidsinstructies en van
toepassing zijnde voorschriften.
WAARSCHUWING: Om het gevaar
op ernstig persoonlijk letsel te
verminderen, zet u het gereedschap
uit en ontkoppelt u het van de
stroomvoorziening, voordat u enige
aanpassing maakt of hulpstukken
of accessoires verwijdert/installeert.
Voordat u het gereedschap opnieuw
aansluit, drukt u de trekkerschakelaar in
en laat deze vrijkomen, om er zeker van
te zijn dat het gereedschap uit staat.
WAARSCHUWING:
Zorg dat al het materiaal dat
geschuurd gaat worden stevig op zijn
plaats zit.
Zet het werkstuk met klemmen of een
bankschroef vast en ondersteun het
op een stabiele ondergrond. Het is
belangrijk dat u het werkstuk stevig
vastzet en ondersteunt zodat u het
onder controle houdt en het niet kan
verschuiven. Wanneer het werkstuk
verschuift of wanneer u de controle
over het werkstuk verliest, kan dat
leiden tot een gevaarlijke situatie en
kan persoonlijk letsel het gevolg zijn.
Zet het werkstuk goed vast. Met de
hand kunt u een werkstuk niet zo
goed vasthouden als lijmklemmen of
een bankschroef dat kunnen,
Ondersteun panelen of een ander
groot werkstuk zodat het risico van
vastlopen of terugslaan van het wiel
minder groot is. Grote werkstukken
kunnen onder hun eigen gewicht
doorzakken. De ondersteuningen
moeten aan beide zijden worden
geplaatst onder het werkstuk, dicht bij
de zaaglijn en aan beide randen.
Draag altijd de gewone
werkhandschoenen wanneer u met dit
gereedschap werkt.
De tandwielkast wordt zeer heet
tijdens gebruik.
Oefen uitsluitend zachte druk op
het gereedschap uit. Oefen geen
zijwaartse druk uit op de schijf.
NEDERLANDS
143
Overbelast de machine niet. Als het
gereedschap heet wordt, laat het dan
een paar minuten zonder belasting
draaien zodat het accessoire kan
afkoelen. Raak accessoires niet aan
voordat ze zijn afgekoeld. De schijven
worden zeer heet tijdens gebruik.
Gebruik geen verkleinende hulsen of
adaptors om slijpschijven met grotere
gaten aan te passen.
Gebruik het gereedschap nooit zonder
de beschermkap te plaatsen.
Het is niet de bedoeling dat het
gereedschap wordt gebruikt met een
slijpkom.
Gebruik het elektrisch gereedschap
niet met een afkortstandaard.
Gebruik nooit vloemateriaal samen
met gebonden schuurproducten.
Let op, de schijf blijft draaien nadat het
gereedschap wordt uitgeschakeld.
Juiste positie van de handen
(afb. 8)
WAARSCHUWING: Om het risico op
ernstig persoonlijk letsel te verminderen,
dient u ALTIJD de handen in de juiste
positie te hebben, zoals afgebeeld.
WAARSCHUWING: Om het risico op
ernstig persoonlijk letsel te verminderen,
houdt u het ALTIJD stevig vast,
anticiperend op een plotseling reactie.
De juiste positie van de handen betekent één hand
aan de zijgreep (d), terwijl u met de andere hand de
hoofdgreep (s) vasthoudt.
Schakelaar
VERGRENDELAAR EN DRUKSCHAKELAAR (AFB. 5)
Uw doorslijpwerktuig is uitgerust met een
vergrendelaar (b).
Om de drukschakelaar te vergrendelen, drukt u
op de vergrendelaar zoals aangegeven. Wanneer de
vergrendelaar ingedrukt is zodat het vergrendelteken
zichtbaar is, is de eenheid vergrendeld.
Vergrendel de drukschakelaar altijd wanneer u
het werktuig verplaatst of opbergt om ongewild
aanzetten te voorkomen.
Om de drukschakelaar te ontgrendelen, drukt
u op de vergrendelaar. Wanneer de vergrendelaar
ingedrukt is zodat het ontgrendelteken zichtbaar is,
is de eenheid ontgrendeld. De vergrendelaar is rood
om aan te geven dat de schakelaar ontgrendeld is.
Gebruik de drukschakelaar (a) over om het werktuig
te activeren. Loslaten van de drukschakelaar zet het
werktuig UIT.
OPMERKING: Dit werktuig kan niet vergrendeld
worden in de AAN-stand, en mag in die positie ook
niet op enige andere manier vergrendeld worden.
VOORZICHTIG: Houd de zijhandgreep
en de body van het werktuig stevig
vast om het werktuig onder controle
te houden bij het aanzetten en tijdens
het gebruik totdat de schijf of ander
gebruikt hulpstuk stopt met draaien. Let
erop dat de schijf volledig tot stilstand
is gekomen voordat u het werktuig
neerlegt.
VOORZICHTIG: Wacht tot het
werktuig op volle snelheid is voordat
u het werktuig in contact brengt met
het werkstuk. Til het werktuig van het
werkstuk voordat u het uitzet.
SPINDELVERGRENDELING
De spindelvergrendeling zorgt ervoor dat de spindel
niet kan draaien wanneer u een schijf installeert of
verwijdert. Gebruik de spindelvergrendeling alleen
wanneer het werktuig is uitgeschakeld, de accu
verwijderd is en de schijf volledig tot stilstand is
gekomen.
OPMERKING: Om het risico
op beschadiging van het
werktuig te verkleinen, mag u de
spindelvergrendeling niet gebruiken
wanneer het werktuig aan staat.
Beschadiging van het werktuig zou
het gevolg zijn, terwijl het bevestigde
hulpstuk weg kan vliegen en ernstig
letsel zou kunnen veroorzaken.
Om de spindel te vergrendelen drukt u de
spindelvergrendelingsknop in en draait u de spindel
totdat deze niet meer verder kan draaien.
Het aanbrengen en gebruiken van
schijven met verzonken middengat en
slijpwaaiers
HET AANBRENGEN EN VERWIJDEREN VAN GENAAFDE
SCHIJVEN (AFB. 6)
WAARSCHUWING: Om het risico op
ernstig letsel te verkleinen, dient u het
werktuig uit te schakelen en de accuset
te verwijderen voordat u hulpstukken of
accessoires aan- of afkoppelt.
Genaafde schijven kunt u direct op de spindel met
M14-draad installeren.
NEDERLANDS
144
1. Draai de schijf met de hand op de spindel.
2. Druk de spindelvergrendelingsknop in en
gebruik een moersleutel om de schijf vast te
zetten.
3. Volg de omgekeerde handelwijze om de schijf te
verwijderen.
VOORZICHTIG: Wanneer de schijf
niet behoorlijk vastgezet is voordat het
werktuig wordt aangezet, kan daardoor
de schijf of het werktuig beschadigd
raken.
HET AANBRENGEN VAN NIET-GENAAFDE SCHIJVEN
(AFB. 1, 6, 7)
WAARSCHUWING: Om het risico op
ernstig letsel te verkleinen, dient u het
werktuig uit te schakelen en de accuset
te verwijderen voordat u hulpstukken of
accessoires aan- of afkoppelt.
Afbraamschijven met verzonken middengat
type 27 dienen gebruikt te worden met de
bijgeleverde flenzen.
1. Installeer de anti-blokkeer flens (f) op de spindel
(r) met het verhoogde deel (k) tegen de schijf
aan. Verzeker u ervan dat het holle deel van
flens tegen de platte kanten van de spindel
ligt door de flens iets te draaien en te duwen
voordat u de schijf plaatst.
2. Plaats de schijf tegen de flens, waarbij u de
schijf op het verhoogde deel van de flens
plaatst.
3. Terwijl u de spindelvergrendelingsknop indrukt,
draait u de klemmoer (g) op de spindel. Als de
aan te brengen schijf dikker is dan 3,17 mm
(1/8"), plaats dan de klemmoer op de spindel
zodat het verhoogde deel in het midden van
de schijf past (afb. 7A). Als de aan te brengen
schijf 3,17 mm (1/8") dik is of dunner, plaats
dan de klemmoer op de spindel zodanig dat het
verhoogde deel juist niet tegen de schijf aanligt
(afb. 7B).
4. Terwijl u de spindelvergrendelingsknop indrukt,
draait u de klemmoer aan met een moersleutel.
5. Om de schijf te verwijderen, drukt u de
spindelvergrendelingsknop in en draait u de
klemmoer los met een moersleutel.
OPMERKING: Als de schijf draait nadat de
klemmoer is aangedraaid, kijk dan of de klemmoer
niet verkeerd om is gemonteerd. Als een dunne
schijf gemonteerd wordt met het uitstekende deel
van de klemmoer tegen de schijf aan, zal de schijf
draaien omdat de dikte van het uitstekende deel
verhindert dat de klemmoer de schijf vastklemt.
HET AFBRAMEN VAN OPPERVLAKKEN MET
AFBRAAMSCHIJVEN
1. Wacht tot het werktuig op volle snelheid is
voordat u het werktuig in contact brengt met
het werkstuk.
2. Oefen zo min mogelijk druk uit, zodat het
werktuig op hoge snelheid kan draaien. De
mate van afbramen is het hoogst wanneer de
schijf op hoge snelheid kan draaien.
3. Houd een hoek van 20˚ tot 30˚ tussen het
werktuig en het werkstuk.
4. Beweeg het werktuig voortdurend van voor naar
achter om te voorkomen dat er gutsen ontstaan
in het werkstuk.
5. Beweeg het werktuig bij het werkstuk vandaan
voordat u het uitzet. Wacht totdat de schijf
uitgedraaid is voordat u het werktuig neerlegt.
HET AFBRAMEN VAN KANTEN MET AFBRAAMSCHIJVEN
WAARSCHUWING: Schijven bedoeld
voor het doorslijpen en afbramen van
kanten kunnen breken of terugslag
veroorzaken wanneer ze gebogen
worden doordat het werktuig gebruikt
wordt voor doorslijpen of volledig
afbramen. Om het risico op ernstig
letsel te verkleinen, dient u schijven met
een standaardtype 27 beschermkap
te beperken tot oppervlakkig afbraam-
en inkeepwerk [minder than 13 mm
(1/2") diep]. De open kant van de
beschermkap moet van de gebruiker
af gepositioneerd zijn. Voor dieper
doorslijpen met een type 1 doorslijpschijf
dient u een gesloten beschermkap
(type 1) te gebruiken.
1. Wacht tot het werktuig op volle snelheid is
voordat u het werktuig in contact brengt met
het werkstuk.
2. Oefen zo min mogelijk druk uit, zodat het
werktuig op hoge snelheid kan draaien. De
mate van afbramen is het hoogst wanneer de
schijf op hoge snelheid kan draaien.
3. Neem een zodanige positie in dat de open
onderkant van de schijf van u af gericht is.
4. Wanneer u eenmaal begonnen bent met slijpen
en er een inkeping in het werkstuk ontstaan is,
dient u de hoek waaronder u werkt niet meer te
veranderen. Door de hoek te veranderen buigt
de schijf waardoor deze zou kunnen breken.
Schijven voor het afbramen van kanten zijn niet
ontworpen om zijdelingse druk veroorzaakt door
buiging te kunnen weerstaan.
NEDERLANDS
145
5. Til het werktuig van het werkstuk voordat u
het uitzet. Wacht totdat de schijf uitgedraaid is
voordat u het werktuig neerlegt.
WAARSCHUWING: Gebruik afbraam-
en doorslijpschijven voor kanten niet
voor oppervlakken. Deze schijven zijn
niet bestand tegen zijdelingse druk
veroorzaakt door het afbramen van
oppervlakken. De schijf kan breken en
ernstig letsel kan het gevolg zijn.
Monteren van Draadborstels en
Draadschijven (afb. 1)
Draadborstels of draadschijven worden direct op de
as met schroefdraad geplaatst zonder dat flenzen
worden gebruikt.
Gebruik alleen de draadborstels of schijven die
voorzien zijn van een naaf met M14-schroefdraad.
Deze accessoires zijn tegen meerprijs verkrijgbaar
bij uw dealer ter plaatse of bij het officiële
servicemonteur.
OPMERKING: De beschermkap Type 27 is vereist
wanneer u draadborstels of schijven gebruikt.
VOORZICHTIG: Beperk het
risico van persoonlijk letsel, draag
werkhandschoenen wanneer u met
draadborstels en schijven werkt. Zij
kunnen scherp worden.
VOORZICHTIG: Beperk het risico van
beschadiging van het gereedschap,
de schijf of de borstel mag de
beschermkap niet raken wanneer de
kap is gemonteerd of in gebruik is.
DRAADKOMBORSTEL OF SCHIJF MONTEREN
1. Plaats het gereedschap op een tafel, de
beveiliging omhoog.
2. Draai met de hand de schijf of borstel op de as.
3. Druk de asvergrendelknop (c) in en zet de schijf
met een sleutel op de naaf van de draadschijf of
borstel vast.
4. U kunt de borstel of de schijf verwijderen
door de hierboven vermelde instructies in
omgekeerde volgorde uit te voeren.
OPMERKING: Beperk het risico van
beschadiging van het gereedschap,
zet de naaf van de schijf goed op de
as vast voordat u het gereedschap
inschakelt.
Voorzorgsmaatregelen wanneer u
geverfde oppervlakken schuurt
1. Het schuren van verf op loodbasis wordt
NIET AANGERADEN omdat het moeilijk is
het vrijkomende giftige stof veilig af te voeren.
Kinderen en zwangere vrouwen lopen het
grootste risico op een loodvergiftiging.
2. Omdat het moeilijk is om zonder chemische
analyse vast te stellen of een bepaalde
verfsoort lood bevat, raden wij u de volgende
voorzorgsmaatregelen aan wanneer u verf
schuurt:
PERSOONLIJKE VEILIGHEID
1. Kinderen en zwangere vrouwen zouden de
werkruimte pas moeten betreden wanneer
het schuren van verf afgelopen is en alles is
opgeruimd en schoongemaakt.
2. Iedereen in de werkruimte zou een stofmasker
of respirator moeten dragen. Het filter moet
dagelijks vervangen worden, of zodra de drager
moeite krijgt met ademhalen.
OPMERKING: Alleen stofmaskers die geschikt
zijn voor het werken met verf op loodbasis
en looddampen dienen gebruikt te worden.
Gewone verfmaskers bieden deze bescherming
niet. Vraag in uw lokale doe-het-zelf-winkel naar
een goedgekeurd masker.
3. In de werkruimte mag niet GEGETEN,
GEDRONKEN of GEROOKT worden om
te voorkomen dat iemand giftige deeltjes
binnenkrijgt. Iedereen in de werkruimte dient
zich af te borstelen en te wassen ALVORENS
te gaan eten, drinken of roken. Vermijd het
etenswaren, dranken en rookartikelen in de
werkruimte te laten liggen, waar ze met giftig
stof in aanraking zouden kunnen komen.
VEILIGHEID EN MILIEU
1. Verf dient verwijderd te worden op een manier
die zo min mogelijk stof veroorzaakt.
2. Ruimten waar verf wordt verwijderd dienen
afgesloten te worden met plastic zeil van ten
minste 4 mil dik.
3. Het schuren dient zo te gebeuren dat de kans
op het verspreiden van verfdeeltjes buiten de
werkruimte zo klein mogelijk is.
SCHOONMAKEN EN WEGGOOIEN
1. Alle oppervlakken in de werkruimte dienen
dagelijks gestofzuigd en grondig gereinigd te
worden zolang het schuren plaatsvindt. Het
stofzuiger filter dient regelmatig vervangen te
worden.
NEDERLANDS
146
2. Plastic weggooikleding dient verzameld en
weggegooid te worden, samen met ander afval
dat tijdens het werk is ontstaan. Gooi afval in
een afgesloten vuilcontainer die volgens de
reguliere methode opgehaald en geleegd wordt.
Tijdens het opruimen en schoonmaken dienen
kinderen en zwangere vrouwen de werkruimte
niet te betreden.
3. Al het speelgoed, wasbare benodigdheden en
gereedschappen dienen gewassen te worden
voordat ze opnieuw gebruik worden.
Metaal zagen
Gebruik voor het snijden met gebonden
schuurmiddelen altijd de beschermkap type 1.
Werk bij het zagen op een gematigde snelheid,
aangepast aan het materiaal dat wordt gezaagd. Zet
geen druk op de zaagschijf, kantel de machine niet
en laat de machine niet trillen.
Verminder niet de snelheid van lopende zaagschijven
door zijwaartse druk uit te oefenen.
De machine moet altijd in een omhooggaande
beweging werken. Anders bestaat er het gevaar dat
de machine uit de zaagsnede wordt geduwd en u
de controle verliest.
Bij het zagen van profielen en vierkante balken kunt
u het beste beginnen bij de kleinste doorsnede.
Ruw slijpen
Gebruik nooit een zaagschijf voor opruwen.
Bij het opruwen worden de beste resultaten behaald
wanner de machine in een hoek van 30° tot 40°
wordt geplaatst. Beweeg de machine heen en weer
met gematigde druk. Op deze manier wordt het
werkstuk niet te heet, verkleurt het niet en ontstaan
er geen groeven.
Natuursteen zagen
Met de machine mag alleen droog worden
gezaagd.
Voor het zagen van natuursteen kunt u het beste
een diamant-zaagschijf gebruiken.
Werk alleen met de machine met een extra
stofbeschermingsmasker.
Werkadvies
Ga voorzichtig te werk wanneer u sleuven
zaagt in draagmuren.
Voor sleuven in draagmuren gelden in elk land
speciale voorschriften. Deze voorschriften moeten
onder alle omstandigheden in acht worden
genomen.
Vraag, voordat u met de werkzaamheden begint,
advies aan de verantwoordelijke bouwopzichter,
architect of bouwkundig adviseur.
ONDERHOUD
Uw DEWALT gereedschap op stroom is ontworpen
om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren
met een minimum aan onderhoud. Het continu naar
bevrediging functioneren, hangt af van de juiste zorg
voor het gereedschap en regelmatig schoonmaken.
WAARSCHUWING: Om het gevaar
op ernstig persoonlijk letsel te
verminderen, zet u het gereedschap
uit en ontkoppelt u de accu,
voordat u enige aanpassing maakt
of hulpstukken of accessoires
verwijdert/installeert. Het onbedoeld
opstarten kan letsel veroorzaken.
Aan de lader en de accu kan geen onderhoud
worden verricht. Er zitten binnen in het apparaat
geen onderdelen die onderhoudswerkzaamheden
vereisen.
Losgekomen borstels
De motor wordt automatisch uitgeschakeld om
aan te geven dat de koolstofborstels bijna versleten
zijn en dat het gereedschap een onderhoudsbeurt
nodig heeft. De koolstofborstels kunnen niet
door de gebruiker worden vervangen. Breng het
gereedschap naar een erkende DEWALT reparateur.
Smering
Uw elektrische gereedschap heeft geen aanvullende
smering nodig.
OPMERKING: Smeer dit werktuig niet,
omdat dit schade zal berokkenen aan
de interne onderdelen.
Reiniging
WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof
uit de hoofdbehuizing met droge lucht,
zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond
de luchtopeningen ophoopt. Draag
goedgekeurde oogbescherming en een
goedgekeurd stofmasker als u deze
procedure uitvoert.
NEDERLANDS
147
WAARSCHUWING: Gebruik nooit
oplosmiddelen of andere bijtende
chemicaliën voor het reinigen van
niet-metalen onderdelen van het
gereedschap. Deze chemicaliën kunnen
het materiaal dat in deze onderdelen
is gebruikt verzwakken. Gebruik een
doek die uitsluitend met water en milde
zeep is bevochtigd. Zorg dat er nooit
enige vloeistof in het gereedschap komt;
dompel nooit enig onderdeel van het
gereedschap in een vloeistof.
SCHOONMAAKINSTRUCTIES LADER
WAARSCHUWING: Gevaar voor
elektrische schok. Ontkoppel de oplader
van de wisselstroomvoorziening voordat
u deze gaat reinigen. Vuil en vet kunnen
van de buitenzijde van de acculader
worden verwijderd met een doek of een
zachte, niet-metalen borstel. Gebruik
geen water of schoonmaakmiddelen.
Optionele accessoires
WAARSCHUWING: Aangezien
accessoires die niet door DEWALT zijn
aangeboden niet met dit product zijn
getest, kan het gebruik van dergelijke
accessoires met dit gereedschap
gevaarlijk zijn. Om het risico op letsel
te verminderen dient u uitsluitend door
D
EWALT aanbevolen accessoires met
dit product te gebruiken.
WAARSCHUWING: Hulpstukken
moeten minimaal het nominale
toerental hebben dat staat aangegeven
op het waarschuwingslabel op het
werktuig. Schijven en hulpstukken die
het nominale toerental overschrijden,
kunnen uit elkaar vliegen en letsel
veroorzaken. Hulpstukken met
schroefdraad moeten voorzien zijn
van M14-draad. Hulpstukken zonder
schroefdraad moeten een as-uitsparing
van 22,2 mm (7/8") hebben. Zo niet,
dan is het hulpstuk waarschijnlijk
bedoeld voor een cirkelzaag. Het
nominale toerental van een hulpstuk
moet altijd hoger zijn dan de snelheid
van het werktuig zoals aangegeven op
het naamplaatje van het werktuig.
Het is belangrijk dat u de juiste beschermkappen,
steunschijven en flenzen kiest voor uw hulpstukken
en accessoires.
Neem contact op met uw leverancier voor verdere
informatie over de geschikte accessoires.
AANVULLENDE TAFEL
Max.
[mm]
[mm]
Min.
Rotatie
[min.
-1
]
Omtreksnelheid
m/s
Lengte
draadgat
[mm]
Db d
d
D
b
125 6
22,23
11000 80 -
D
125 - - 11000 80 -
D
d
b
75 30 M14 11000 45 18,0
D
125 12 M14 11000 80 18,0
Bescherming van het milieu
Gescheiden afvalinzameling. Dit product
mag niet bij het normale huishoudelijke
afval worden aangeboden.
Als u op een dag bemerkt dat uw DEWALT product
vervangen dient te worden of dat u er verder geen
gebruik meer van maakt, mag u het niet als normaal
huishoudelijk afval aanbieden. Bied dit product aan
bij de gescheiden afvalinzameling.
Gescheiden inzameling van gebruikte
producten of verpakkingen maakt het
mogelijk dat materiaal kan worden
gerecycled en nogmaals gebruikt. Het
hergebruik van gerecycled materiaal
helpt milieuvervuiling te voorkomen en
vermindert de vraag naar grondstoffen.
Plaatselijke bepalingen voorzien mogelijk in de
gescheiden inzameling van elektrische producten
uit een huishouden, op stedelijke inzamelingspunten
of bij de detailhandelaar waar u een nieuw product
aanschaft.
DEWALT heeft een faciliteit voor het verzamelen van
recyclen van DEWALT producten als ze eenmaal
het einde van hun levensduur hebben bereikt. Stuur
om van deze service gebruik te maken uw product
a.u.b. terug naar iedere erkende reparateur die
namens ons de verzameling op zich neemt.
NEDERLANDS
148
U kunt de locatie van de erkende reparateur die het
dichtste bij u in de buurt is opzoeken door contact
op te nemen met uw plaatselijke DEWALT kantoor
zoals vermeld in deze handleiding. Een lijst van
erkende DEWALT reparateurs en volledige details
over onze after sales service zijn ook te vinden op
internet via: www.2helpU.com.
Accu
De accu met een lange levensduur moet worden
opgeladen als deze niet meer voldoende voeding
levert bij werkzaamheden die eerder probleemloos
werden uitgevoerd. Voer de accu aan het einde van
de technische levensduur op een milieuvriendelijke
manier af.
Laat de accu volledig leeglopen en verwijder
hem vervolgens uit de machine.
Li-ion-accu's zijn recycleerbaar. Breng
ze naar uw handelaar of uw plaatselijke
verwerkingscentrum. De ingezamelde accu's
worden dan op een milieuvriendelijke manier
gerecycled of afgevoerd.
NEDERLANDS
149
GARANTIE
DEWALT vertrouwt op de kwaliteit
van zijn producten en biedt
professionele gebruikers van het
product een uitstekende garantie. Deze
garantieverklaring is een aanvulling op uw
contractuele rechten als een professionele
gebruiker of uw wettelijke rechten als een
particuliere, niet-professionele gebruiker,
en is op geen enkele wijze van invloed
op deze rechten. De garantie is geldig
binnen het grondgebied van de Lidstaten
van de Europese Unie en de Europese
Vrijhandelszone.
30 DAGEN NIET GOED GELD
TERUG GARANTIE
Als u niet geheel tevreden bent over de
prestaties van uw D
EWALT-gereedschap,
kunt u dit compleet met de originele
onderdelen, zoals u het hebt aangekocht.
binnen 30 dagen, gewoon terugbrengen
bij het verkooppunt en omruilen voor een
ander stuk gereedschap of tegen restitutie
van het aankoopbedrag. Het product mag
niet in onredelijke mate zijn versleten en u
dient een aankoopbewijs te overleggen.
EEN JAAR GRATIS
ONDERHOUDSCONTRACT
Als onderhouds- of
servicewerkzaamheden nodig zijn
voor uw DEWALT-gereedschap, in de
12 maanden na uw aankoop, hebt u
recht op één jaar gratis service. Deze
zal kosteloos worden uitgevoerd in een
DEWALT-servicecentrum. U dient een
aankoopbewijs te overleggen. Inclusief
arbeidskosten. Exclusief accessoires en
reserveonderdelen, tenzij deze defect
raakten en onder de garantie vielen.
EEN JAAR VOLLEDIGE GARANTIE
Als uw DEWALT-product defect raakt als
gevolg van het gebruik van verkeerde
materialen of onjuiste constructie
binnen 12 maanden na de datum van
aankoop, garandeert DEWALT alle defecte
onderdelen gratis te vervangen of – naar
onze beoordeling – het apparaat gratis te
vervangen, op voorwaarde dat:
Het product niet verkeerd gebruikt is;
Het product in redelijke mate is
versleten;
Er geen reparaties zijn ondernomen
door niet-geautoriseerde personen;
U een aankoopbewijs kunt
overleggen;
Het product compleet met alle originele
onderdelen wordt geretourneerd.
Als u aanspraak wilt maken op de garantie,
neem dan contact op met uw leverancier of
zoek het officiële D
EWALT-servicecentrum
bij u in de buurt in de D
EWALT-catalogus of
neem contact op met het DEWALT-kantoor
op het adres dat wordt vermeld in deze
handleiding. Een lijst van officiële DEWALT-
servicecentra en volledige details over onze
after-sales-service zijn ook te vinden op
internet via: www.2helpU.com.
NEDERLANDS
150
TABEL SLIJPACCESSOIRES
Beveiligingstype Accessoire Beschrijving Hoe bevestigt u op de
slijpmachine
TYPE 27
BEVEILIGING
Slijpschijf met
niet ingedrukt
midden
Type 27 beveiliging
Ondersteunende flens
Type 27 niet ingedrukt middenwiel
Klemmoer met schroefdraad
Flapwiel
Draadwielen
Draadwielen
met moer met
schroefdraad
Type 27 beveiliging
Draadwiel
Draadbus
met moer met
schroefdraad
Type 27 beveiliging
Draadborstel
Steunkussen/
schuurblad
Type 27 beveiliging
Rubberen steunkussen
Schuurschijf
Klemmoer met schroefdraad
NEDERLANDS
151
TABEL SLIJPACCESSOIRES (vervolg)
Beveiligingstype Accessoire Beschrijving Hoe bevestigt u op de
slijpmachine
TYPE 1
BEVEILIGING
Snijdschijf voor
metselwerk
Type 1 beveiliging
Ondersteunende flens
Snijdwiel
Klemmoer met schroefdraad
Snijdschijf voor
metaal
Diamanten
snijdwielen
GEEN
BEVEILIGING
Polijstkap

Documenttranscriptie

Dansk (oversat fra original brugsvejledning) 3 Deutsch (übersetzt von den Originalanweisungen) 23 English (original instructions) 45 Español (traducido de las instrucciones originales) 64 Français (traduction de la notice d’instructions originale) 86 Italiano (tradotto dalle istruzioni originali) 108 Nederlands (vertaald vanuit de originele instructies) 130 Norsk (oversatt fra de originale instruksjonene) 152 Português (traduzido das instruções originais) 171 Suomi (käännetty alkuperäisestä käyttöohjeesta) 193 Svenska (översatt från de ursprungliga instruktionerna) 212 Türkçe (orijinal talimatlardan çevrilmiştir) 232 Ελληνικά (μετάφραση από τις πρωτότυπες οδηγίες) 253 Copyright DEWALT 2 NEDERLANDS SNOERLOZE SLIJPER MET KRACHTIGE AANDRIJVING DC413/DC415 WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap. Als het gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratieemissie verschillen. Dit kan het blootstellingniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totale arbeidsduur. Hartelijk gefeliciteerd! U hebt gekozen voor een DEWALT gereedschap. Jarenlange ervaring, grondige productontwikkeling en innovatie maken DEWALT tot een van de betrouwbaarste partners voor gebruikers van professioneel gereedschap. Technische gegevens Voltage Type Vermogen Snelheid zonder weerstand Schijfdiameter Spildiameter Aslengte Gewicht VDC W min-1 mm mm kg DC413 28 2 630 6500 125 M14 16 2,3* DC415 36 2 815 6500 125 M14 16 2,3* Een inschatting van het blootstellingniveau aan vibratie dient ook te worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totale arbeidsduur. Stel aanvullende veiligheidsmaatregelen op om de operator te beschermen tegen de effecten van vibratie, zoals: onderhoud het gereedschap en de accessoires, houd de handen warm, organisatie van werkpatronen. * gewicht is inclusief zijhandgreep en bescherming LPA (geluidsdruk) KPA (onzekerheidsfactor geluidsdruk) LWA (akoestisch vermogen) KWA (onzekerheid akoestisch vermogen) dB(A) 77 79 dB(A) dB(A) 3 88 3 90 dB(A) 3 3 Vibratie totaalwaarden (triax vectorsom) vastgesteld in overeenstemming met EN 60745: Vibratie-emissiewaarde ah oppervlakte slijpen ah,AG = m/s2 4,5 4,5 Onzekerheid K = m/s2 1,5 1,5 Vibratie-emissiewaarde ah schijf zandschuren ah,DS = m/s2 < 2,5 < 2,5 Onzekerheid K = m/s2 1,5 1,9 OPMERKING: Toepassingen zoals afkortzagen en schuren met een draadborstel kunnen andere waarden voor vibratieemissie geven. Het vibratie-emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test volgens EN 60745 en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting van blootstelling. 130 Accu Accutype Voltage Capaciteit Gewicht Lader Netspanning Accutype Geschatte oplaadtijd Gewicht VDC Ah kg VAC min kg DE9280 DE9360 Li-Ion Li-Ion 28 36 2,2 2,2 0,92 1,0 DE9000 230 28 V, 36 V Li-Ion 60 (2,0 Ah accu’s) 0,9 Zekeringen Europa 230 V gereedschappen 10 Ampère, hoofdstroom NEDERLANDS Definities: Veiligheidsrichtlijnen De onderstaande definities beschrijven het veiligheidsniveau voor ieder signaleringswoord. Lees de gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en let op deze symbolen. GEVAAR: Geeft een dreigend gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, leidt tot de dood of ernstig letsel. WAARSCHUWING: Geeft een mogelijk gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, kan leiden tot de dood of ernstig letsel. VOORZICHTIG: Geeft een mogelijk gevaarlijke situatie aan die, indien dit niet wordt voorkomen, zou kunnen leiden tot gering of matig letsel. OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kan veroorzaken. Wijst op het gevaar voor elektrische schok. Wijst op brandgevaar. EG verklaring van overeenstemming RICHTLIJN VOOR MACHINES DC413/DC415 DEWALT verklaart dat deze producten zoals beschreven onder Technische gegevens in overeenstemming zijn met: 2006/42/EG; EN 60745-1; EN 60745-2-3. Deze producten voldoen ook aan Richtlijn 2004/108/EG en 2011/65/EU. Neem voor meer informatie contact op met DEWALT via het volgende adres of kijk op de achterzijde van de gebruiksaanwijzing. De ondergetekende is verantwoordelijk voor de samenstelling van het technische bestand en legt deze verklaring af namens DEWALT. Horst Grossmann Vice President Engineering and Product Development DEWALT, Richard-Klinger-Straße 11, D-65510, Idstein, Duitsland 01.12.2012 WAARSCHUWING: Lees de instructiehandleiding om het risico op letsel te verminderen. Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel. BEWAAR ALLE WAARSCHUWINGEN EN INSTRUCTIES ALS TOEKOMSTIG REFERENTIEMATERIAAL De term „elektrisch gereedschap“ in de waarschuwingen verwijst naar uw (met een snoer) op de netspanning aangesloten elektrische gereedschap of naar (draadloos) elektrisch gereedschap met een accu. 1) VEILIGHEID WERKPLAATS a) Houd het werkgebied schoon en goed verlicht. Rommelige of donkere gebieden zorgen voor ongelukken. b) Bedien elektrische gereedschappen niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen kunnen doen ontbranden. c) Houd kinderen en omstanders op een afstand terwijl u een elektrisch gereedschap bedient. Als u wordt afgeleid kunt u de controle over het gereedschap verliezen. 2) ELEKTRISCHE VEILIGHEID a) Stekkers van elektrisch gereedschap moeten in het stopcontact passen. Pas de stekker nooit op enige manier aan. Gebruik geen adapterstekkers samen met geaard elektrisch gereedschap. Niet aangepaste stekkers en passende contactdozen verminderen het risico op een elektrische schok. 131 NEDERLANDS b) c) d) e) f) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlaktes zoals buizen, radiatoren, fornuizen en ijskasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. Stel elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of natte omstandigheden. Als er water in een elektrisch gereedschap terecht komt, verhoogt dit het risico op een elektrische schok. Behandel het stroomsnoer voorzichtig. Gebruik het stroomsnoer nooit om het elektrische gereedschap te dragen of te trekken, of de stekker uit het stopcontact te halen. Houd het snoer uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen, of bewegende onderdelen. Beschadigde snoeren of snoeren die in de war zijn verhogen het risico op een elektrische schok. Als u een elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruikt u een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor buitenshuis, vermindert het risico op een elektrische schok. Als het gebruik van een elektrisch gereedschap op een vochtige locatie onvermijdelijk is, gebruikt u een stroomvoorziening die beveiligd is met een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op een elektrische schok. 3) PERSOONLIJKE VEILIGHEID a) Blijf alert, kijk wat u doet en gebruik uw gezonde verstand als u een elektrisch gereedschap bedient. Gebruik het gereedschap niet als u vermoeid bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicatie bent. Een moment van onoplettendheid tijdens het bedienen van elektrische gereedschappen kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. b) Gebruik een beschermende uitrusting. Draag altijd oogbescherming. Beschermende uitrusting zoals een stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, een helm, of gehoorbescherming gebruikt in de juiste omstandigheden zal het risico op persoonlijk letsel verminderen. c) Vermijd onbedoeld starten. Zorg ervoor dat de schakelaar in de ‚off‘ (uit) stand staat voordat u het gereedschap aansluit op de stroombron en/of accu, het oppakt of ronddraagt. Het ronddragen van elektrische gereedschappen met uw vinger op de schakelaar of het aanzetten 132 d) e) f) g) van elektrische gereedschappen waarvan de schakelaar aan staat, zorgt voor ongelukken. Verwijder alle stelsleutels of moersleutels voordat u het elektrische gereedschap aan zet. Een moersleutel of stelsleutel die in een ronddraaiend onderdeel van het elektrische gereedschap is achtergelaten kan leiden tot persoonlijk letsel. Rek u niet te ver uit. Blijf altijd stevig en in balans op de grond staan. Dit zorgt voor betere controle van het elektrische gereedschap in onverwachte situaties. Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden of lang haar kunnen door bewegende delen worden gegrepen. Als er in apparaten wordt voorzien voor het aansluiten van stofverwijdering- of verzamelapparatuur, zorg er dan voor dat deze correct worden aangesloten en gebruikt. Het gebruik van een stofverzamelaar kan aan stof gerelateerde gevaren verminderen. 4) GEBRUIK EN VERZORGING VAN ELEKTRISCH GEREEDSCHAP a) Forceer het gereedschap niet. Gebruik het juiste elektrische gereedschap voor uw toepassing. Het juiste elektrische gereedschap voert de werkzaamheden beter en veiliger uit waarvoor het is ontworpen. b) Gebruik het gereedschap niet als de schakelaar het niet aan en uit kan zetten. Ieder gereedschap dat niet met de schakelaar kan worden bediend is gevaarlijk en moet worden gerepareerd. c) Haal de stekker uit het stopcontact en/ of neem de accu uit het gereedschap voordat u aanpassingen uitvoert, accessoires verwisselt, of het elektrische gereedschap opbergt. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrische gereedschap per ongeluk opstart. d) Bewaar gereedschap dat niet wordt gebruikt buiten het bereik van kinderen en laat niet toe dat personen die onbekend zijn met het elektrische gereedschap of deze instructies het gereedschap bedienen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk in handen van ongetrainde gebruikers. e) Onderhoud elektrische gereedschappen. Controleer op verkeerde uitlijning en het grijpen van bewegende onderdelen, NEDERLANDS f) g) breuk van onderdelen en andere omstandigheden die de werking van het gereedschap nadelig kunnen beïnvloeden. Zorg dat het gereedschap voor gebruik wordt gerepareerd als het beschadigd is. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden gereedschap. Houd snijdgereedschap scherp en schoon. Correct onderhouden snijdgereedschappen met scherpe snijdranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker te beheersen. Gebruik het elektrische gereedschap, de accessoires en gereedschapsonderdelen enz. in overeenstemming met deze instructies, waarbij u rekening houdt met de werkomstandigheden en de werkzaamheden die dienen te worden uitgevoerd. Gebruik van het elektrische gereedschap voor werkzaamheden die anders zijn dan het bedoelde gebruik, kunnen leiden tot een gevaarlijke situatie. 5) GEBRUIK EN VERZORGING VAN GEREEDSCHAP OP ACCU a) Gebruik alleen de lader die door de fabrikant wordt opgegeven. Een lader die geschikt is voor één accutype, kan een risico op brand veroorzaken indien gebruikt met een andere accu. b) Gebruik elektrische gereedschappen uitsluitend met speciaal omschreven accu’s. Gebruik van andere accu’s kan leiden tot letsel en brandgevaar. c) Als de accu niet in gebruik is, dient u deze uit de buurt te houden van andere metalen voorwerpen zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding van het ene contactpunt met het andere kunnen maken. Het kortsluiten van de accucontactpunten samen kan brandwonden of brand veroorzaken. d) Als het gereedschap te zwaar wordt belast, kan er vloeistof uit de accu lekken; vermijd contact hiermee. Als u per ongeluk hier toch mee in contact komt, spoelt u met water. Als de vloeistof in contact met de ogen komt, dient u daarnaast medische hulp in te roepen. Vloeistof afkomstig uit de accu kan irritatie of brandwonden veroorzaken. 6) SERVICE a) Zorg dat u gereedschap wordt onderhouden door een erkende reparateur die uitsluitend identieke vervangende onderdelen gebruikt. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van het gereedschap blijft gegarandeerd. AANVULLENDE SPECIFIEKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Veiligheidsvoorschriften voor alle handelingen a) Dit elektrisch gereedschap is bedoeld als slijpmachine, schuurmachine, metalen borstel en afkortgereedschap. Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij dit gereedschap zijn meegeleverd. Het niet opvolgen van alle onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel. b) Het wordt niet aanbevolen werkzaamheden zoals polijsten met dit elektrisch gereedschap uit te voeren. Werkzaamheden waarvoor het elektrisch gereedschap niet is ontworpen, kunnen leiden tot een gevaarlijke situatie en persoonlijk letsel. c) Gebruik geen accessoires die niet speciaal ontworpen en aanbevolen zijn door de fabrikant van het gereedschap. Het feit dat een accessoire aan uw gereedschap kan worden bevestigd wil nog niet zeggen dat dit een veilige bediening garandeert. d) Het nominale toerental van het accessoire moet tenminste gelijk zijn aan het maximale toerental zoals dit op het gereedschap staat vermeld. Accessoires die sneller draaien dan hun nominale toerental kunnen breken en wegschieten. e) De buitendiameter en de dikte van uw accessoire moeten binnen het nominale vermogen van uw gereedschap liggen. Accessoires met een onjuiste grootte kunnen niet voldoende worden vastgemaakt of beheerst. f) De drevelgrootte van wielen, flenzen, steunkussens en ieder ander accessoire moet goed passen op de as van het gereedschap. Accessoires met drevelgaten die niet passen op de bevestigingshardware van het gereedschap zullen uit balans raken en/of extreem trillen en kunnen u de beheersing over het gereedschap doen verliezen. g) Gebruik een accessoire niet als ze beschadigd is. Controleer het accessoire zoals een schuurwiel voor gebruik op schilfers en barstjes, steunkussens op barstjes, scheurtjes of excessieve slijtage, 133 NEDERLANDS staalborstels op losse of gespleten draden. Als het gereedschap of het accessoire is gevallen, controleert u dit op schade of plaatst u een onbeschadigd accessoire. Na het controleren en plaatsen van een accessoire zorgt u dat u en omstanders uit de buurt van het bereik van het ronddraaiende accessoire blijft en zet u het gereedschap gedurende een minuut aan op maximale snelheid zonder weerstand. Beschadigde accessoires breken gewoonlijk af tijdens deze testtijd. h) Draag persoonlijke beschermende kleding. Afhankelijk van de toepassing gebruikt u gezichtsbedekking en een beschermende of veiligheidsbril. Indien van toepassing draagt u een stofmasker, gehoorbescherming, handschoenen en een werkschort die kleine afgeschuurde deeltjes of deeltjes van het werkstuk tegenhouden. De oogbescherming moet rondvliegende brokstukken die door de diverse werkzaamheden vrijkomen tegen kunnen houden. Het stofmasker e.d. moet in staat zijn om partikeltjes die door uw werkzaamheden vrijkomen te filteren. Langdurige blootstelling aan intense geluiden kan gehoorverlies veroorzaken. i) Houd omstanders op een veilige afstand van het werkgebied. Iedereen die het werkgebied betreedt moet persoonlijke beschermende kleding dragen. Brokstukken van het werkstuk of van een afgebroken accessoire kunnen wegvliegen en letsel buiten het directe werkgebied veroorzaken. j) Houd het elektrisch gereedschap alleen vast aan geïsoleerde oppervlakten als u een handeling uitvoert waarbij het snijdgereedschap in contact kan komen met verborgen bedrading of het eigen stroomsnoer. Accessoires van zaaggereedschap die in contact komen met bedrading die onder stroom staat, kunnen metalen onderdelen van het gereedschap onder stroom zetten en de gebruiker een elektrische schok geven. k) Plaats het stroomsnoer buiten het bereik van het ronddraaiende accessoire. Als u de controle verliest, wordt het snoer mogelijk doorgesneden of gegrepen en kan uw hand of arm in het draaiende accessoire worden getrokken. l) Leg het gereedschap nooit neer voordat het accessoire volledig tot stilstand is gekomen. Het ronddraaiende accessoire kan mogelijk in contact met de oppervlakte komen waardoor u de controle over het gereedschap verliest. 134 m) Gebruik het gereedschap niet terwijl u het aan uw zijde draagt. Per ongeluk contact met het ronddraaiende accessoires kan uw kleding grijpen waardoor het accessoire naar uw lichaam wordt getrokken. n) Maak de luchtgaten van het gereedschap regelmatig schoon. De ventilator van de motor zuigt het stof in de behuizing en extreme ophoping van metaaldeeltjes kan een elektrische schok veroorzaken. o) Bedien het gereedschap niet in de buurt van ontvlambare materialen. Vonken kunnen deze materialen doen ontbranden. p) Gebruik geen accessoires die koelvloeistof nodig hebben. Het gebruik van water of andere koelvloeistoffen kan leiden tot elektrocutie of een elektrische schok. OVERIGE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR ALLE HANDELINGEN Oorzaken en voorkoming van terugslag Terugslag is een plotselinge reactie op een ronddraaiend wiel, steunkussen, borstel of ander accessoire dat bekneld of gegrepen wordt. Beknelling of grijpen zorgt voor het snel vastlopen van het ronddraaiende accessoire dat op zijn beurt zorgt dat het onbeheersbare gereedschap in de tegenovergestelde richting van de draaiing van het accessoire wordt gedwongen op het bevestigingspunt. Als bijvoorbeeld een schuurwiel wordt gegrepen of bekneld raakt door het werkstuk, kan de rand van het wiel die er bij het beknellingpunt ingaat in het oppervlak van het materiaal slaan waardoor het wiel naar buiten loopt of terugslaat. Het wiel kan ofwel naar de operator toe of van hem vandaan springen, afhankelijk van de richting van de wielbeweging op het beknellingpunt. Schuurwielen kunnen onder deze omstandigheden ook afbreken. Terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik en/of onjuiste gebruiksomstandigheden van het gereedschap en kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen te nemen zoals hieronder vermeld: a) Houd het gereedschap voortdurend stevig vast en plaats uw lichaam en arm zo dat u terugslagkrachten kunt weerstaan. Gebruik altijd een hulphandgreep indien meegeleverd voor maximale beheersing van terugslag of torsiereactie tijdens het opstarten. De operator kan torsiereactie of NEDERLANDS terugslagkrachten beheersen als de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen. b) Plaats uw handen nooit in de buurt van het ronddraaiende accessoire. Het accessoire kan over uw hand terugslaan. c) Plaats uw lichaam niet in het gebied waar het gereedschap naartoe zal gaan als zich terugslag voordoet. Terugslag zorgt dat het gereedschap wegschiet in de tegenovergestelde richting van de wielbeweging op het beknellingpunt. d) Wees extra voorzichtig als u hoeken, scherpe randen, enz. bewerkt. Voorkom dat het accessoire stuitert of blijft hangen. Hoeken, scherpe randen en stuiteren kunnen er vaak toe leiden dat het ronddraaiende accessoire blijft hangen en kunnen verlies van controle of terugslag veroorzaken. e) Bevestig geen houtsnijdzaag of getand zaagblad aan het gereedschap. Dergelijke zaagbladen kunnen herhaaldelijke terugslag en verlies van controle veroorzaken. Veiligheidswaarschuwingen speciaal voor slijpende en schurende snijdhandelingen a) Gebruik uitsluitend wieltypes die zijn aanbevolen voor uw elektrische gereedschap en de specifieke beveiliging die is ontworpen voor het gekozen wiel. Wielen waarvoor het elektrische gereedschap niets is ontwikkeld kunnen niet adequaat worden beveiligd en zijn onveilig. b) De beschermkap moet stevig zijn vastgemaakt aan en geplaatst zijn op het elektrisch gereedschap voor maximale veiligheid, zodat het gedeelte dat onafgeschermd is voor de gebruiker zo klein mogelijk is. De beschermkap helpt de gebruiker te beveiligen tegen afgebroken deeltjes van de schijf en voorkomt dat de gebruiker in contact komt met de schijf. c) Wielen mogen uitsluitend worden gebruikt voor de aanbevolen toepassingen. Bijvoorbeeld: slijp niet met de zijkant van een snijdwiel. Schurende snijdwielen zijn bedoeld voor perifeer slijpen; zijwaartse krachten kunnen ervoor zorgen dat deze wielen barsten. d) Gebruik altijd onbeschadigde wielflenzen van de juiste grootte en vorm voor het wiel van uw keuze. De juiste wielflenzen ondersteunen het wiel en verminderen zo de mogelijkheid dat het wiel breekt. Flenzen voor snijdwielen kunnen verschillen van wielflenzen voor slijpen. e) Gebruik geen versleten wielen van grotere elektrische gereedschappen. Een wiel dat is bedoeld voor een groter elektrisch gereedschap is niet geschikt voor de hogere snelheid van een kleiner gereedschap en kan barsten. Aanvullende veiligheidswaarschuwingen speciaal voor schurende snijdhandelingen a) Laat het snijdwiel niet ”vastlopen” en oefen er geen extreme druk op uit. Probeer geen extreme diepte of snede te maken. Het overbelasten van het wiel vergroot de belasting en ontvankelijkheid voor het blokkeren of vastlopen van het wiel in de snede, en de mogelijkheid van terugslag of wielbreuk. b) Plaats uw lichaam niet op een lijn met en achter het ronddraaiende wiel. Als het wiel tijdens de bediening van uw lichaam vandaan beweegt, kan de mogelijke terugslag het draaiende wiel doen wegschieten en het elektrische gereedschap direct in uw richting doen komen. c) Als het wiel blokkeert of als een snede om een bepaalde reden wordt onderbroken, schakelt u het elektrische gereedschap uit en houdt u het vast zonder te bewegen totdat het wiel volledig tot stilstand is gekomen. Probeer nooit een snijdwiel uit de snede te verwijderen terwijl het wiel in beweging is, anders kan zich een terugslag voordoen. Zoek naar de oorzaak van het blokkeren en neem de geschikte maatregelen om dit op te heffen. d) Start de zaaghandeling niet opnieuw op in het werkstuk. Laat het wiel op volledige snelheid komen en steek het voorzichtig nogmaals in de snede. Het wiel kan blokkeren, weglopen of terugslaan als het gereedschap opnieuw wordt opgestart in het werkstuk. e) Ondersteun panelen of enig ander erg groot werkstuk om te het risico dat het wiel vastloopt of terugslaat te verminderen. Grote werkstukken kunnen onder hun eigen gewicht doorzakken. De ondersteuningen moeten aan beide zijden worden geplaatst onder het werkstuk, dicht bij de zaaglijn en aan beide randen. f) Wees bijzonder voorzichtig wanneer u invallend zaagt op bestaande muren of andere verborgen gedeelten. Het uitstekende 135 NEDERLANDS wiel kan gas- of waterbuizen, elektrische bedrading of objecten snijden die een terugslag veroorzaken. Veiligheidswaarschuwingen speciaal voor schuurwerkzaamheden a) Gebruik geen schuurschijfpapier dat veel te groot is. Volg de aanbevelingen van de fabrikant op bij het uitkiezen van schuurpapier. Groter schuurpapier dat uit het schuurkussen steekt, veroorzaakt gevaar van openrijten en kan beknelling of scheuren van de schijf of terugslag veroorzaken. – Risico op persoonlijk letsel door rondvliegende deeltjes. – Risico op brandwonden als gevolg van accessoires die tijdens het gebruik heet worden. – Risico op persoonlijk letsel als gevolg van langdurig gebruik. – Risico van stof dat van gevaarlijke stoffen vrijkomt. Markering op het gereedschap De volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld: Veiligheidswaarschuwingen speciaal voor metaalborstelen a) Wees ervan bewust dat metalen haartjes worden uitgeworpen zelfs tijdens normale bediening. Zet niet teveel kracht op de borstelharen door een te grote druk op de borstel uit te oefenen. De borstelharen dringen gemakkelijk door in lichte kleding en/of de huid. b) Als het gebruik van een beveiliging wordt aanbevolen voor metaalborstelen, zorg dan dat er geen contact is tussen het draadwiel of de metaalborstel en de beveiliging. Het draadwiel of de borstel kan in diameter groter worden als gevolg van centrifugale krachten. Aanvullende veiligheidsregels • Bij het monteren van accessoires moet de schroefdraad overeenkomen met die van de as van de slijpmachine. Voor accessoires die zijn gemonteerd door middel van flenzen moet het drevelgat van het accessoire passen bij de diameter van de flens. Accessoires die niet passen op de bevestigingshardware van het gereedschap zullen uit balans raken en/of extreem trillen en kunnen u de beheersing over het gereedschap doen verliezen. • Het slijpoppervlak van de in het midden verzonken schijven moet worden gemonteerd onder het vlak van de beveiligingslip. Een wiel dat niet goed is gemonteerd en dat uitsteekt door het vlak van de beveiligingslip, kan niet naar behoren worden beschermd. Overige risico’s Ondanks het toepassen van de relevante veiligheidsvoorschriften en het toepassen van veiligheidsapparaten, kunnen sommige overige risico’s niet worden vermeden. Dit zijn: – Gehoorbeschadiging 136 Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik. Draag gehoorbescherming. Draag oogbescherming. POSITIE DATUMCODE De datumcode, die ook het jaar van fabricage bevat, staat afgedrukt in de behuizing die het verbindingsstuk tussen het gereedschap en de accu vormt. Voorbeeld: 2013 XX XX Jaar van fabricage Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle acculaders BEWAAR DEZE INSTRUCTIES: Deze gebruiksaanwijzing bevat belangrijke veiligheids- en bedieningsinstructies voor de DE9000 acculader. • Lees voordat u de lader gebruikt alle instructies en waarschuwingsmarkeringen op de lader, accu, en product dat de accu gebruikt. GEVAAR: Elektrocutiegevaar. Er staat 230 volt op de oplaadterminals. Niet doorboren met geleidende voorwerpen. Dit kan leiden tot een elektrische schok of elektrocutie. WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Zorg dat er geen vloeistof in de lader komt. Dit kan leiden tot een elektrische schok. VOORZICHTIG: Gevaar voor brandwonden. Laad om het risico van letsel te verminderen uitsluitend NEDERLANDS DEWALT oplaadbare accu’s op. Andere accutypes kunnen uiteenspatten hetgeen tot persoonlijk letsel en schade leidt. VOORZICHTIG: Onder bepaalde omstandigheden kunnen als de lader in de stroomvoorziening is gestoken de blootliggende laadcontacten in de lader worden kortgesloten door vreemde voorwerpen. Vreemde voorwerpen met een geleidende eigenschap zoals, maar niet beperkt tot, staalwol, aluminiumfolie of een opeenhoping van metaalpartikels dienen uit de buurt van de laadpunten te worden gehouden. Neem de lader altijd uit de stroomvoorziening als er zich geen accu in de holte bevindt. Neem het stroomsnoer van de lader uit het stopcontact voordat u deze gaat schoonmaken. • Probeer NIET om de accu op te laden met een andere acculader dan die in deze gebruiksaanwijzing staan beschreven. De lader en de accu zijn speciaal ontworpen om met elkaar te functioneren. • Deze acculaders zijn niet bedoeld voor enig ander gebruik dan het opladen van DEWALT oplaadbare accu’s. Ieder ander gebruik kan leiden tot brandgevaar, elektrische schok of elektrocutie. • Stel de acculader niet bloot aan regen of sneeuw. • Trek aan de stekker in plaats van aan het snoer als u de lader afkoppelt. Dit vermindert het risico op schade aan de stekker en het stroomsnoer. • Zorg ervoor dat het stroomsnoer zo is gepositioneerd dat er niet op kan worden gelopen, over kan worden gestruikeld, of op een andere manier tot schade of problemen kan leiden. • Gebruik geen verlengsnoer tenzij dit absoluut noodzakelijk is. Het gebruik van een ongeschikt verlengsnoer kan leiden tot brandgevaar, een elektrische schok of elektrocutie. • Plaats geen voorwerpen op de acculader en plaats de acculader niet op een zachte ondergrond die de ventilatieopeningen kan belemmeren en tot excessieve interne hitte kan leiden. Plaats de acculader niet in de buurt van een warmtebron. De acculader wordt geventileerd door openingen in de bovenzijde en de onderzijde van de behuizing. • Gebruik de acculader niet met een beschadigd snoer of beschadigde stekker vervang deze onmiddellijk. • Gebruik de acculader niet wanneer deze een zware klap heeft gehad, is laten vallen of anderszins beschadigd is. Breng deze bij een erkend servicecentrum. • Demonteer de acculader niet; breng deze bij een geautoriseerd servicecentrum als onderhoud of reparatie nodig is. Het onjuist opnieuw monteren kan leiden tot een elektrische schok, elektrocutie of brand. • Ontkoppel de lader van de stroomvoorziening voordat u deze gaat reinigen. Dit zal het risico op een elektrische schok verminderen. Het verwijderen van de accu vermindert dit risico niet. • Probeer NOOIT 2 laders op elkaar aan te sluiten. • De acculader is ontworpen om te worden gebruikt op standaard 230V huishoudstroom. Probeer de lader niet op enig ander voltage uit. Dit geldt niet voor de transportlader. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES Laders De DE9000 oplader werkt op 28 V en 36 V Li-Ion accu’s. Deze laders hebben geen aanpassingen nodig en zijn ontworpen voor een gemakkelijke bediening. Oplaadprocedure (afb. [fig.] 2) GEVAAR: Elektrocutiegevaar. Er staat 230 volt op de oplaadterminals. Niet doorboren met geleidende voorwerpen. Gevaar voor een elektrische schok of elektrocutie. 1. Steek de acculader (l) in een geschikt stopcontact voordat u de accu erin plaatst. 2. Plaats de accu in de lader. De lader is voorzien van een oplaadmeter (m) met drie lampjes die knipperen naar gelang de status van de lading van de accu. 3. Het voltooien van het opladen wordt aangegeven doordat het rode lampje continu ON (AAN) blijft. De accu is volledig opgeladen en kan nu worden gebruikt of in de lader worden gelaten. OPMERKING: Om maximale prestaties en levensduur van de Li-Ion accu’s te garanderen laadt u de accu tenminste 10 uur voor het eerste gebruik op. 137 NEDERLANDS Oplaadproces Zie voor de oplaadstatus van de accu de onderstaande tabel. Oplaadstatus 1 lampje knippert < 33% 1 lampje knippert, 1 lampje aan 33–66% 1 lampje knippert, 2 lampjes aan 66–99% 3 lampjes aan 100% Automatisch verversen De automatische verversingsmodus maakt de individuele cellen in de accu op de piekcapaciteit gelijk of balanceert ze. Accu’s dienen wekelijks te worden opgeladen of telkens als de accu niet meer dezelfde hoeveelheid werk levert. Om uw accu te verversen plaatst u de accu zoals gebruikelijk in de oplader. Laat de accu tenminste 10 uur in de acculader. Hete/koude accuvertraging Als de oplader detecteert dat een accu te heet of te koud is, begint deze automatisch met een hete/ koude accuvertraging, waarbij het opladen wordt uitgesteld totdat de accu een geschikte temperatuur heeft bereikt. De oplader schakelt vervolgens automatisch naar de oplaadmodus voor de accu. Deze functionaliteit verzekert u van maximale levensduur van de accu. UITSLUITEND LI-ION ACCU’S Li-Ion accu’s zijn ontworpen met een elektronisch beschermingssysteem dat de accu beschermt tegen te lang opladen, oververhitting en bijna volledige ontlading. Het gereedschap schakelt automatisch uit als het elektronische beschermingssysteem in werking treedt. Als dit gebeurt, plaatst u de Li-Ion accu in de lader totdat deze volledig is opgeladen. Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle accu’s Als u vervangende accu’s bestelt, zorg er dan voor dat u het catalogusnummer en voltage vermeldt. De accu is niet volledig opgeladen als deze uit de verpakking komt. Voordat u de accu en oplader gebruikt, dient u de onderstaande veiligheidsinstructies te lezen. Volg vervolgens de oplaadprocedures zoals die zijn uitgelegd. LEES ALLE INSTRUCTIES • Laad de accu niet op en gebruik deze niet in een explosieve omgeving, zoals in de 138 nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Het plaatsen van de accu in of verwijderen van de accu uit de acculader kan ervoor zorgen dat het stof of de dampen ontbranden. • Laad de accu’s uitsluitend met DEWALT laders op. • NIET overgieten met of plaatsen in water of andere vloeistoffen. • Bewaar of gebruik het gereedschap en de accu niet op plaatsen waar de temperatuur 40 ºC bereikt of overstijgt (zoals een buitenkeet of metalen gebouw in de zomer). GEVAAR: Probeer nooit de accu te openen om welke reden dan ook. Plaats de accu niet in de oplader wanneer deze gebroken of beschadigd is oefen geen kracht op de accu uit, laat deze niet vallen en beschadig ze niet. Gebruik een accu of oplader niet wanneer deze een zware klap heeft gekregen, is laten vallen, er overheen is gereden of op enigerlei wijze is beschadigd (d.w.z. doorboord met een spijker, geslagen met een hamer, erop getrapt is). Dit kan leiden tot een elektrische schok of elektrocutie. Beschadigde accu‘s dienen naar het servicecentrum te worden gebracht voor recycling. VOORZICHTIG: Plaats het gereedschap als het niet in gebruik is op de zijkant op een stabiele ondergrond waar er niet overheen kan worden gestruikeld of het zelf kan vallen. Sommige gereedschappen met grote accu‘s staan rechtop op de accu maar kunnen gemakkelijk worden omgestoten. SPECIEKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR LITHIUM ION (Li-Ion) • Verbrand de accu niet, zelfs niet als deze ernstig beschadigd is of volledig verbruikt. De accu kan in vuur exploderen. Als lithium ion accu‘s worden verbrand, komen giftige dampen en materialen vrij. • Als de inhoud van de accu in contact met de huid komt, wast u dit onmiddellijk af met water en een milde zeep. Als accuvloeistof in de ogen komt spoelt u 15 minuten met water in het geopende oog, of totdat de irritatie stopt. Als medische hulp nodig is dient u te vermelden dat de accuelektrolyt is samengesteld uit een mengsel van vloeibare organische carbonaten en lithiumzouten. NEDERLANDS • De inhoud van geopende accucellen kan irritatie aan de luchtwegen veroorzaken. Zorg voor frisse lucht. Zoek als de symptomen aanhouden medische hulp. WAARSCHUWING: Gevaar voor brandwonden. Accuvloeistof kan ontvlambaar zijn als deze aan een vonk of vlam wordt blootgesteld. Transport DEWALT Li-Ion-accu’s zijn in overeenstemming met het handboek UN Manual of Tests and Criteria (ST/ SG/AC. 10/11/Rev.3 Deel III, Onderafdeling 38,3) conform de UN Aanbevelingen over het Transport van Gevaarlijke Stoffen. Labels op de oplader en op de accu De labels op de oplader en op de accu laten de volgende pictogrammen zien: Lees voor het gebruik de handleiding Zie Technische gegevens voor de oplaadtijd. Niet aan water blootstellen Niet met geleidende voorwerpen aan de contactpunten komen – De accu’s hebben een effectieve bescherming tegen interne overdruk en kortsluiting. Geen beschadigde accu's laden – Er zijn de vereiste maatregelen getroffen ter voorkoming van breuk door geweld en gevaarlijke tegenstroom. Geen beschadigde opladers gebruiken – Het equivalente lithiumgehalte ligt onder de relevante grenswaarde. DEWALT Li-Ion-accu’s zijn vrijgesteld van nationale en internationale bepalingen die gelden voor gevaarlijke stoffen. Deze bepalingen treden toch in werking wanneer meerdere accu’s tegelijk getransporteerd worden. • Zorg ervoor dat de accu’s verpakt worden in overeenstemming met de bepalingen voor gevaarlijke stoffen zoals hierboven beschreven, om kortsluiting te voorkomen. Alleen laden bij temperaturen tussen 4 °C en 40 °C Beschadigd snoer direct laten vervangen Probleem met de oplader Probleem met de accu Accu (afb. 2) ACCUTYPE De DC413 werkt op 28 volt Li-Ion accu’s. Versleten accu's dienen op milieubewuste wijze te worden verwerkt De DC415 werkt op 36 volt Li-Ion accu’s. Aanbevelingen voor opslag 1. De beste plaats om het apparaat op te bergen is koel en droog, uit direct zonlicht en niet in overmatige hitte of koude. Voor optimale accuprestaties en levensduur bergt u accu’s op bij kamertemperatuur als deze niet in gebruik zijn. OPMERKING: Li-Ion accu‘s dienen volledig te zijn opgeladen als ze worden opgeborgen. 2. Langdurige opslag zal de accu of de oplader niet beschadigen. Onder de juiste omstandigheden kunnen ze tot maximaal 5 jaar worden opgeslagen. Verbrand de accu nooit Alleen laden met speciale DEWALTopladers Inhoud van de verpakking De verpakking bevat: 1 haakse slijper 1 beschermkap (type 27) 1 trilbestendige zijhandgreep 1 flensset 1 steeksleutel 2 accusets (DC413KL/DC415KL) 1 acculader (DC413KL/DC415KL) 139 NEDERLANDS 1 opbergkoffer voor slijper + hulpstukken (DC413KL/DC415KL) 1 gebruiksaanwijzing 1 vergrote tekening • Controleer of het gereedschap, de onderdelen of accessoires mogelijk zijn beschadigd tijdens het transport. • Neem de tijd om deze handleiding grondig door te lezen en te begrijpen voordat u de apparatuur gebruikt. Beschrijving (afb. 1, 4) WAARSCHUWING: Pas het gereedschap of een onderdeel ervan nooit aan. Dit kan schade of persoonlijk letsel tot gevolg hebben. a. Drukschakelaar b. Vergrendelknop c. Spindelvergrendelknop d. Zijhandgreep e. Schuurschijf f. Anti-blokkeer-flens g. Klemmoer h. Beschermkap (type 27) i. Accuset j. Accu ontgrendelingsknop GEBRUIKSDOEL De DC413, DC415 hoekslijpmachines voor zwaar gebruik zijn ontworpen voor professioneel slijpen, snijden, schuren en toepassingen met een draadborstel. Gebruik GEEN schuurwielen anders dan in het midden drukvrije wielen en flapschijven. GEBRUIK ZE NIET bij natte omstandigheden of in de aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen of gassen. Deze hoekslijpmachines voor zwaar gebruik zijn professionele elektrische gereedschappen. LAAT GEEN kinderen in contact met het gereedschap komen. Toezicht is vereist als onervaren operators dit gereedschap bedienen. • Dit product is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) die verminderde fysieke, sensorische of psychische vermogens hebben of die het ontbreekt aan ervaring en/ of kennis of bekwaamheden, als dat niet gebeurt onder toezicht van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen mogen nooit alleen worden gelaten met dit product zodat ze ermee zouden kunnen spelen. 140 Elektrische veiligheid De elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd of het voltage van de accu overeenkomt met het voltage op het typeplaatje. Zorg er ook voor dat het voltage van uw oplader overeenkomt met dat van uw stroomvoorziening. Uw DEWALT oplader is dubbel geïsoleerd in overeenstemming met EN 60335; daarom is geen aarding nodig. Als het stroomsnoer is beschadigd, moet het worden vervangen door een speciaal geprepareerd snoer dat leverbaar is via het DEWALT servicecentrum. Een verlengsnoer gebruiken U dient geen verlengsnoer te gebruiken, tenzij dit absoluut noodzakelijk is. Gebruik een goedgekeurd verlengsnoer dat geschikt is voor de stroominvoer van uw oplader (zie Technische gegevens). De minimale geleidergrootte is 1 mm2; de maximale lengte is 30 m. Als u een haspel gebruikt, dient u het snoer altijd volledig af te rollen. ASSEMBLAGE EN AANPASSINGEN WAARSCHUWING: Verwijder vóór de montage en aanpassing altijd de accu. Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu plaatst of verwijdert. WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend DEWALT accu’s en opladers. Inzetten en verwijderen van de accuset in het werktuig (afb. 2) WAARSCHUWING: Gebruik de vergrendelknop (b) zodat de drukschakelaar niet geactiveerd kan worden tijdens het inzetten of verwijderen van de accu. Hiermee verkleint u het risico op ernstig letsel. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken. OPMERKING: Zorg ervoor dat uw accu (i) volledig is opgeladen. 1. Zorg dat u de accu in de juiste positie houdt (i) alvorens deze in de accuhouder te plaatsen. Schuif de accu in de accuhouder en oefen enige druk uit totdat de accu op zijn plaats klikt. NEDERLANDS 2. Om de accuset te verwijderen, drukt u op de accu-ontgrendelingsknop (j) terwijl u tegelijkertijd de accu uit de accuhouder trekt. De zijhandgreep bevestigen (afb. 1) WAARSCHUWING: Controleer voordat u het gereedschap gebruikt of de hendel stevig vastzit. WAARSCHUWING: Gebruik de zijhandgreep zodat u te allen tijde de controle over het gereedschap behoudt. De zijhandgreep (d) kan aan beide kanten van het gereedschap bevestigd worden in de van schroefdraad voorziene uitsparingen. Verzeker u ervan dat de handgreep echt stevig vastzit voordat u het werktuig gaat gebruiken! Om het gebruiksgemak bij doorslijpen te bevorderen, kan het huis 90˚ draaien. Het huis van het werktuig draaien (afb. 3) WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig letsel te verkleinen, dient u het werktuig uit te schakelen en de accuset te verwijderen voordat u hulpstukken of accessoires aan- of afkoppelt. 1. Verwijder de vier schroeven op de hoeken waarmee het huis vastzit aan het motorhuis. 2. Draai het huis in de gewenste positie zonder huis los te trekken van het motorhuis. OPMERKING: Als het huis en het motorhuis meer dan 6,35 mm (1/4") los komen van elkaar, moet het werktuig gerepareerd en opnieuw in elkaar gezet worden bij een DEWALT servicecentrum. Wanneer u het werktuig niet laat repareren, kan dat borstelmotor- en lagermankementen veroorzaken. 3. Om het huis weer stevig op het motorhuis te bevestigen, draait u de schroeven weer vast. Draai de schroeven vast tot een koppel van 2,08 Nm. Te vast aandraaien kan ertoe leiden dat de schroef doldraait. De bescherming bevestigen en verwijderen (afb. 4) WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig letsel te verkleinen, dient u het werktuig uit te schakelen en de accuset te verwijderen voordat u hulpstukken of accessoires aan- of afkoppelt. VOORZICHTIG: Een beschermkap dient gebruikt te worden bij alle afbraamschijven, doorslijpschijven, slijpwaaiers, staalborstels en draadschijven. Het werktuig mag alleen zonder beschermkap gebruikt worden wanneer u schuurt met gewone schuurschijven. DC413/DC415 is voorzien van een beschermkap bedoeld voor gebruik met schijven met een verzonken middengat (type 27) en genaafde afbraamschijven (type 27). Dezelfde beschermkap kan gebruikt worden met slijpwaaiers (type 27 en 29) en staalborstels (kommodel). VOORZICHTIG: Bij deze slijpmachine moeten beveiligingen worden gebruikt. Als u de DC413 of de DC415 gebruikt met een gelijmde slijpschijf voor het zagen van metaal of van metselwerk moet u een beveiliging van Type 1 gebruiken. Type 1 beveiligingen zijn tegen meerprijs leverbaar bij DEWALT vestigingen. OPMERKING: Kijk a.u.b. onder Tabel slijp- en snijdaccessoires aan het einde van deze paragraaf om andere accessoires te zien die samen met deze slijpmachines kunnen worden gebruikt. 1. Open de vergrendeling van de beschermkap (n), en laat de nokjes (p) op de beschermkap in de uitsparingen (o) op het huis vallen. 2. Duw de beschermkap naar beneden totdat de nokjes in de uitsparingen vallen en vrij in de sleuf op het huis kunnen draaien. 3. Met vergrendeling geopend, draait u de beschermkap (h) in de gewenste positie. De beschermkap moet zodanig gepositioneerd worden tussen de spindel en de gebruiker dat deze maximale bescherming biedt. 4. Sluit de vergrendeling om de beschermkap op het huis vast te zetten. Wanneer de vergrendeling gesloten is, mag het niet mogelijk zijn de beschermkap met de hand te verdraaien. Gebruik de slijper niet met een losse beschermkap of wanneer de vergrendelingsklem niet vast zit. 5. Om de beschermkap te verwijderen: open de vergrendelingsklem, draai de kap zodanig dat de nokjes en de uitsparingen overeen komen en trek de kap van het huis. OPMERKING: De beschermkap is in de fabriek op maat gemaakt voor de diameter van het huis. Wanneer, na verloop van tijd, de beschermkap losser gaat zitten, draait u de verstelschroef (q) vaster. Daarbij dient de vergrendeling gesloten te zijn en de beschermkap op het huis bevestigd te zijn. 141 NEDERLANDS VOORZICHTIG: Als de beschermkap niet steviger kan worden vastgezet met de verstelschroef, dient u het werktuig niet te gebruiken. Om het risico op letsel te verkleinen, dient u werktuig en beschermkap naar een servicecentrum te brengen voor reparatie of vervanging van de beschermkap. OPMERKING: Om het risico op beschadiging van het werktuig te verkleinen, mag u de verstelschroef niet aandraaien wanneer de vergrendeling geopend is. Er kan onzichtbare schade ontstaan aan de beschermkap of aan de gleuf op het huis. OPMERKING: Het afbramen en doorslijpen van randen en kanten kan gebeuren met type 27 schijven die speciaal voor dit doel ontworpen zijn; schijven van 6,35 mm (1/4") dik zijn ontworpen voor het afbramen van oppervlakken, terwijl schijven van 3,17 mm (1/8") ontworpen zijn voor het afbramen van kanten. Voor de bediening • Installeer de beveiliging en pas schijf of wiel aan. Gebruik geen extreem versleten schijven of wielen. • Gebruik een accessoire niet als het beschadigd is. Controleer accessoires zoals schuurwielen voor gebruik op schilfers en barstjes, steunkussens op barstjes, scheurtjes of excessieve slijtage, staalborstels op losse of gespleten draden. Als het gereedschap of het accessoire is gevallen, controleert u dit op schade of plaatst u een onbeschadigd accessoire. Na het controleren en plaatsen van een accessoire zorgt u dat u en omstanders uit de buurt van het bereik van het ronddraaiende accessoire blijft en zet u het gereedschap gedurende een minuut aan op maximale snelheid zonder weerstand. Beschadigde accessoires breken gewoonlijk af tijdens deze testtijd. • Controleer dat de binnenste en buitenste flens op juiste wijze zijn gemonteerd. Volg de instructies die worden gegeven in de Tabel Accessoires voor slijpen en zagen. • Zorg ervoor dat de schijf of het wiel draait in de richting van de pijlen op het accessoire en het gereedschap. BEDIENING Instructies voor gebruik WAARSCHUWING: Houd u altijd aan de veiligheidsinstructies en van toepassing zijnde voorschriften. WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u het van de stroomvoorziening, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Voordat u het gereedschap opnieuw aansluit, drukt u de trekkerschakelaar in en laat deze vrijkomen, om er zeker van te zijn dat het gereedschap uit staat. WAARSCHUWING: • Zorg dat al het materiaal dat geschuurd gaat worden stevig op zijn plaats zit. • Zet het werkstuk met klemmen of een bankschroef vast en ondersteun het op een stabiele ondergrond. Het is belangrijk dat u het werkstuk stevig vastzet en ondersteunt zodat u het onder controle houdt en het niet kan verschuiven. Wanneer het werkstuk verschuift of wanneer u de controle over het werkstuk verliest, kan dat leiden tot een gevaarlijke situatie en kan persoonlijk letsel het gevolg zijn. • Zet het werkstuk goed vast. Met de hand kunt u een werkstuk niet zo goed vasthouden als lijmklemmen of een bankschroef dat kunnen, • Ondersteun panelen of een ander groot werkstuk zodat het risico van vastlopen of terugslaan van het wiel minder groot is. Grote werkstukken kunnen onder hun eigen gewicht doorzakken. De ondersteuningen moeten aan beide zijden worden geplaatst onder het werkstuk, dicht bij de zaaglijn en aan beide randen. • Draag altijd de gewone werkhandschoenen wanneer u met dit gereedschap werkt. • De tandwielkast wordt zeer heet tijdens gebruik. • Oefen uitsluitend zachte druk op het gereedschap uit. Oefen geen zijwaartse druk uit op de schijf. 142 NEDERLANDS • Overbelast de machine niet. Als het gereedschap heet wordt, laat het dan een paar minuten zonder belasting draaien zodat het accessoire kan afkoelen. Raak accessoires niet aan voordat ze zijn afgekoeld. De schijven worden zeer heet tijdens gebruik. • Gebruik geen verkleinende hulsen of adaptors om slijpschijven met grotere gaten aan te passen. • Gebruik het gereedschap nooit zonder de beschermkap te plaatsen. • Het is niet de bedoeling dat het gereedschap wordt gebruikt met een slijpkom. • Gebruik het elektrisch gereedschap niet met een afkortstandaard. • Gebruik nooit vloemateriaal samen met gebonden schuurproducten. • Let op, de schijf blijft draaien nadat het gereedschap wordt uitgeschakeld. Juiste positie van de handen (afb. 8) WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, dient u ALTIJD de handen in de juiste positie te hebben, zoals afgebeeld. WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, houdt u het ALTIJD stevig vast, anticiperend op een plotseling reactie. De juiste positie van de handen betekent één hand aan de zijgreep (d), terwijl u met de andere hand de hoofdgreep (s) vasthoudt. Schakelaar VERGRENDELAAR EN DRUKSCHAKELAAR (AFB. 5) Uw doorslijpwerktuig is uitgerust met een vergrendelaar (b). Om de drukschakelaar te vergrendelen, drukt u op de vergrendelaar zoals aangegeven. Wanneer de vergrendelaar ingedrukt is zodat het vergrendelteken zichtbaar is, is de eenheid vergrendeld. Vergrendel de drukschakelaar altijd wanneer u het werktuig verplaatst of opbergt om ongewild aanzetten te voorkomen. Om de drukschakelaar te ontgrendelen, drukt u op de vergrendelaar. Wanneer de vergrendelaar ingedrukt is zodat het ontgrendelteken zichtbaar is, is de eenheid ontgrendeld. De vergrendelaar is rood om aan te geven dat de schakelaar ontgrendeld is. Gebruik de drukschakelaar (a) over om het werktuig te activeren. Loslaten van de drukschakelaar zet het werktuig UIT. OPMERKING: Dit werktuig kan niet vergrendeld worden in de AAN-stand, en mag in die positie ook niet op enige andere manier vergrendeld worden. VOORZICHTIG: Houd de zijhandgreep en de body van het werktuig stevig vast om het werktuig onder controle te houden bij het aanzetten en tijdens het gebruik totdat de schijf of ander gebruikt hulpstuk stopt met draaien. Let erop dat de schijf volledig tot stilstand is gekomen voordat u het werktuig neerlegt. VOORZICHTIG: Wacht tot het werktuig op volle snelheid is voordat u het werktuig in contact brengt met het werkstuk. Til het werktuig van het werkstuk voordat u het uitzet. SPINDELVERGRENDELING De spindelvergrendeling zorgt ervoor dat de spindel niet kan draaien wanneer u een schijf installeert of verwijdert. Gebruik de spindelvergrendeling alleen wanneer het werktuig is uitgeschakeld, de accu verwijderd is en de schijf volledig tot stilstand is gekomen. OPMERKING: Om het risico op beschadiging van het werktuig te verkleinen, mag u de spindelvergrendeling niet gebruiken wanneer het werktuig aan staat. Beschadiging van het werktuig zou het gevolg zijn, terwijl het bevestigde hulpstuk weg kan vliegen en ernstig letsel zou kunnen veroorzaken. Om de spindel te vergrendelen drukt u de spindelvergrendelingsknop in en draait u de spindel totdat deze niet meer verder kan draaien. Het aanbrengen en gebruiken van schijven met verzonken middengat en slijpwaaiers HET AANBRENGEN EN VERWIJDEREN VAN GENAAFDE SCHIJVEN (AFB. 6) WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig letsel te verkleinen, dient u het werktuig uit te schakelen en de accuset te verwijderen voordat u hulpstukken of accessoires aan- of afkoppelt. Genaafde schijven kunt u direct op de spindel met M14-draad installeren. 143 NEDERLANDS 1. Draai de schijf met de hand op de spindel. 2. Druk de spindelvergrendelingsknop in en gebruik een moersleutel om de schijf vast te zetten. 3. Volg de omgekeerde handelwijze om de schijf te verwijderen. VOORZICHTIG: Wanneer de schijf niet behoorlijk vastgezet is voordat het werktuig wordt aangezet, kan daardoor de schijf of het werktuig beschadigd raken. HET AANBRENGEN VAN NIET-GENAAFDE SCHIJVEN (AFB. 1, 6, 7) WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig letsel te verkleinen, dient u het werktuig uit te schakelen en de accuset te verwijderen voordat u hulpstukken of accessoires aan- of afkoppelt. Afbraamschijven met verzonken middengat type 27 dienen gebruikt te worden met de bijgeleverde flenzen. 1. Installeer de anti-blokkeer flens (f) op de spindel (r) met het verhoogde deel (k) tegen de schijf aan. Verzeker u ervan dat het holle deel van flens tegen de platte kanten van de spindel ligt door de flens iets te draaien en te duwen voordat u de schijf plaatst. 2. Plaats de schijf tegen de flens, waarbij u de schijf op het verhoogde deel van de flens plaatst. 3. Terwijl u de spindelvergrendelingsknop indrukt, draait u de klemmoer (g) op de spindel. Als de aan te brengen schijf dikker is dan 3,17 mm (1/8"), plaats dan de klemmoer op de spindel zodat het verhoogde deel in het midden van de schijf past (afb. 7A). Als de aan te brengen schijf 3,17 mm (1/8") dik is of dunner, plaats dan de klemmoer op de spindel zodanig dat het verhoogde deel juist niet tegen de schijf aanligt (afb. 7B). 4. Terwijl u de spindelvergrendelingsknop indrukt, draait u de klemmoer aan met een moersleutel. 5. Om de schijf te verwijderen, drukt u de spindelvergrendelingsknop in en draait u de klemmoer los met een moersleutel. OPMERKING: Als de schijf draait nadat de klemmoer is aangedraaid, kijk dan of de klemmoer niet verkeerd om is gemonteerd. Als een dunne schijf gemonteerd wordt met het uitstekende deel van de klemmoer tegen de schijf aan, zal de schijf draaien omdat de dikte van het uitstekende deel verhindert dat de klemmoer de schijf vastklemt. 144 HET AFBRAMEN VAN OPPERVLAKKEN MET AFBRAAMSCHIJVEN 1. Wacht tot het werktuig op volle snelheid is voordat u het werktuig in contact brengt met het werkstuk. 2. Oefen zo min mogelijk druk uit, zodat het werktuig op hoge snelheid kan draaien. De mate van afbramen is het hoogst wanneer de schijf op hoge snelheid kan draaien. 3. Houd een hoek van 20˚ tot 30˚ tussen het werktuig en het werkstuk. 4. Beweeg het werktuig voortdurend van voor naar achter om te voorkomen dat er gutsen ontstaan in het werkstuk. 5. Beweeg het werktuig bij het werkstuk vandaan voordat u het uitzet. Wacht totdat de schijf uitgedraaid is voordat u het werktuig neerlegt. HET AFBRAMEN VAN KANTEN MET AFBRAAMSCHIJVEN WAARSCHUWING: Schijven bedoeld voor het doorslijpen en afbramen van kanten kunnen breken of terugslag veroorzaken wanneer ze gebogen worden doordat het werktuig gebruikt wordt voor doorslijpen of volledig afbramen. Om het risico op ernstig letsel te verkleinen, dient u schijven met een standaardtype 27 beschermkap te beperken tot oppervlakkig afbraamen inkeepwerk [minder than 13 mm (1/2") diep]. De open kant van de beschermkap moet van de gebruiker af gepositioneerd zijn. Voor dieper doorslijpen met een type 1 doorslijpschijf dient u een gesloten beschermkap (type 1) te gebruiken. 1. Wacht tot het werktuig op volle snelheid is voordat u het werktuig in contact brengt met het werkstuk. 2. Oefen zo min mogelijk druk uit, zodat het werktuig op hoge snelheid kan draaien. De mate van afbramen is het hoogst wanneer de schijf op hoge snelheid kan draaien. 3. Neem een zodanige positie in dat de open onderkant van de schijf van u af gericht is. 4. Wanneer u eenmaal begonnen bent met slijpen en er een inkeping in het werkstuk ontstaan is, dient u de hoek waaronder u werkt niet meer te veranderen. Door de hoek te veranderen buigt de schijf waardoor deze zou kunnen breken. Schijven voor het afbramen van kanten zijn niet ontworpen om zijdelingse druk veroorzaakt door buiging te kunnen weerstaan. NEDERLANDS 5. Til het werktuig van het werkstuk voordat u het uitzet. Wacht totdat de schijf uitgedraaid is voordat u het werktuig neerlegt. WAARSCHUWING: Gebruik afbraamen doorslijpschijven voor kanten niet voor oppervlakken. Deze schijven zijn niet bestand tegen zijdelingse druk veroorzaakt door het afbramen van oppervlakken. De schijf kan breken en ernstig letsel kan het gevolg zijn. Monteren van Draadborstels en Draadschijven (afb. 1) Draadborstels of draadschijven worden direct op de as met schroefdraad geplaatst zonder dat flenzen worden gebruikt. Gebruik alleen de draadborstels of schijven die voorzien zijn van een naaf met M14-schroefdraad. Deze accessoires zijn tegen meerprijs verkrijgbaar bij uw dealer ter plaatse of bij het officiële servicemonteur. OPMERKING: De beschermkap Type 27 is vereist wanneer u draadborstels of schijven gebruikt. VOORZICHTIG: Beperk het risico van persoonlijk letsel, draag werkhandschoenen wanneer u met draadborstels en schijven werkt. Zij kunnen scherp worden. VOORZICHTIG: Beperk het risico van beschadiging van het gereedschap, de schijf of de borstel mag de beschermkap niet raken wanneer de kap is gemonteerd of in gebruik is. DRAADKOMBORSTEL OF SCHIJF MONTEREN 1. Plaats het gereedschap op een tafel, de beveiliging omhoog. 2. Draai met de hand de schijf of borstel op de as. 3. Druk de asvergrendelknop (c) in en zet de schijf met een sleutel op de naaf van de draadschijf of borstel vast. 4. U kunt de borstel of de schijf verwijderen door de hierboven vermelde instructies in omgekeerde volgorde uit te voeren. OPMERKING: Beperk het risico van beschadiging van het gereedschap, zet de naaf van de schijf goed op de as vast voordat u het gereedschap inschakelt. Voorzorgsmaatregelen wanneer u geverfde oppervlakken schuurt 1. Het schuren van verf op loodbasis wordt NIET AANGERADEN omdat het moeilijk is het vrijkomende giftige stof veilig af te voeren. Kinderen en zwangere vrouwen lopen het grootste risico op een loodvergiftiging. 2. Omdat het moeilijk is om zonder chemische analyse vast te stellen of een bepaalde verfsoort lood bevat, raden wij u de volgende voorzorgsmaatregelen aan wanneer u verf schuurt: PERSOONLIJKE VEILIGHEID 1. Kinderen en zwangere vrouwen zouden de werkruimte pas moeten betreden wanneer het schuren van verf afgelopen is en alles is opgeruimd en schoongemaakt. 2. Iedereen in de werkruimte zou een stofmasker of respirator moeten dragen. Het filter moet dagelijks vervangen worden, of zodra de drager moeite krijgt met ademhalen. OPMERKING: Alleen stofmaskers die geschikt zijn voor het werken met verf op loodbasis en looddampen dienen gebruikt te worden. Gewone verfmaskers bieden deze bescherming niet. Vraag in uw lokale doe-het-zelf-winkel naar een goedgekeurd masker. 3. In de werkruimte mag niet GEGETEN, GEDRONKEN of GEROOKT worden om te voorkomen dat iemand giftige deeltjes binnenkrijgt. Iedereen in de werkruimte dient zich af te borstelen en te wassen ALVORENS te gaan eten, drinken of roken. Vermijd het etenswaren, dranken en rookartikelen in de werkruimte te laten liggen, waar ze met giftig stof in aanraking zouden kunnen komen. VEILIGHEID EN MILIEU 1. Verf dient verwijderd te worden op een manier die zo min mogelijk stof veroorzaakt. 2. Ruimten waar verf wordt verwijderd dienen afgesloten te worden met plastic zeil van ten minste 4 mil dik. 3. Het schuren dient zo te gebeuren dat de kans op het verspreiden van verfdeeltjes buiten de werkruimte zo klein mogelijk is. SCHOONMAKEN EN WEGGOOIEN 1. Alle oppervlakken in de werkruimte dienen dagelijks gestofzuigd en grondig gereinigd te worden zolang het schuren plaatsvindt. Het stofzuiger filter dient regelmatig vervangen te worden. 145 NEDERLANDS 2. Plastic weggooikleding dient verzameld en weggegooid te worden, samen met ander afval dat tijdens het werk is ontstaan. Gooi afval in een afgesloten vuilcontainer die volgens de reguliere methode opgehaald en geleegd wordt. Tijdens het opruimen en schoonmaken dienen kinderen en zwangere vrouwen de werkruimte niet te betreden. 3. Al het speelgoed, wasbare benodigdheden en gereedschappen dienen gewassen te worden voordat ze opnieuw gebruik worden. Vraag, voordat u met de werkzaamheden begint, advies aan de verantwoordelijke bouwopzichter, architect of bouwkundig adviseur. ONDERHOUD Uw DEWALT gereedschap op stroom is ontworpen om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren met een minimum aan onderhoud. Het continu naar bevrediging functioneren, hangt af van de juiste zorg voor het gereedschap en regelmatig schoonmaken. WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken. Metaal zagen Gebruik voor het snijden met gebonden schuurmiddelen altijd de beschermkap type 1. Werk bij het zagen op een gematigde snelheid, aangepast aan het materiaal dat wordt gezaagd. Zet geen druk op de zaagschijf, kantel de machine niet en laat de machine niet trillen. Verminder niet de snelheid van lopende zaagschijven door zijwaartse druk uit te oefenen. De machine moet altijd in een omhooggaande beweging werken. Anders bestaat er het gevaar dat de machine uit de zaagsnede wordt geduwd en u de controle verliest. Bij het zagen van profielen en vierkante balken kunt u het beste beginnen bij de kleinste doorsnede. Ruw slijpen Aan de lader en de accu kan geen onderhoud worden verricht. Er zitten binnen in het apparaat geen onderdelen die onderhoudswerkzaamheden vereisen. Losgekomen borstels De motor wordt automatisch uitgeschakeld om aan te geven dat de koolstofborstels bijna versleten zijn en dat het gereedschap een onderhoudsbeurt nodig heeft. De koolstofborstels kunnen niet door de gebruiker worden vervangen. Breng het gereedschap naar een erkende DEWALT reparateur. Gebruik nooit een zaagschijf voor opruwen. Bij het opruwen worden de beste resultaten behaald wanner de machine in een hoek van 30° tot 40° wordt geplaatst. Beweeg de machine heen en weer met gematigde druk. Op deze manier wordt het werkstuk niet te heet, verkleurt het niet en ontstaan er geen groeven. Natuursteen zagen Met de machine mag alleen droog worden gezaagd. Voor het zagen van natuursteen kunt u het beste een diamant-zaagschijf gebruiken. Werk alleen met de machine met een extra stofbeschermingsmasker. Werkadvies Ga voorzichtig te werk wanneer u sleuven zaagt in draagmuren. Voor sleuven in draagmuren gelden in elk land speciale voorschriften. Deze voorschriften moeten onder alle omstandigheden in acht worden genomen. 146 Smering Uw elektrische gereedschap heeft geen aanvullende smering nodig. OPMERKING: Smeer dit werktuig niet, omdat dit schade zal berokkenen aan de interne onderdelen. Reiniging WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof uit de hoofdbehuizing met droge lucht, zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond de luchtopeningen ophoopt. Draag goedgekeurde oogbescherming en een goedgekeurd stofmasker als u deze procedure uitvoert. NEDERLANDS WAARSCHUWING: Gebruik nooit oplosmiddelen of andere bijtende chemicaliën voor het reinigen van niet-metalen onderdelen van het gereedschap. Deze chemicaliën kunnen het materiaal dat in deze onderdelen is gebruikt verzwakken. Gebruik een doek die uitsluitend met water en milde zeep is bevochtigd. Zorg dat er nooit enige vloeistof in het gereedschap komt; dompel nooit enig onderdeel van het gereedschap in een vloeistof. SCHOONMAAKINSTRUCTIES LADER WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Ontkoppel de oplader van de wisselstroomvoorziening voordat u deze gaat reinigen. Vuil en vet kunnen van de buitenzijde van de acculader worden verwijderd met een doek of een zachte, niet-metalen borstel. Gebruik geen water of schoonmaakmiddelen. Optionele accessoires WAARSCHUWING: Aangezien accessoires die niet door DEWALT zijn aangeboden niet met dit product zijn getest, kan het gebruik van dergelijke accessoires met dit gereedschap gevaarlijk zijn. Om het risico op letsel te verminderen dient u uitsluitend door DEWALT aanbevolen accessoires met dit product te gebruiken. WAARSCHUWING: Hulpstukken moeten minimaal het nominale toerental hebben dat staat aangegeven op het waarschuwingslabel op het werktuig. Schijven en hulpstukken die het nominale toerental overschrijden, kunnen uit elkaar vliegen en letsel veroorzaken. Hulpstukken met schroefdraad moeten voorzien zijn van M14-draad. Hulpstukken zonder schroefdraad moeten een as-uitsparing van 22,2 mm (7/8") hebben. Zo niet, dan is het hulpstuk waarschijnlijk bedoeld voor een cirkelzaag. Het nominale toerental van een hulpstuk moet altijd hoger zijn dan de snelheid van het werktuig zoals aangegeven op het naamplaatje van het werktuig. Het is belangrijk dat u de juiste beschermkappen, steunschijven en flenzen kiest voor uw hulpstukken en accessoires. Neem contact op met uw leverancier voor verdere informatie over de geschikte accessoires. AANVULLENDE TAFEL Max. [mm] D b [mm] d Min. Lengte Omtreksnelheid Rotatie draadgat m/s -1 [min. ] [mm] d D 125 6 22,23 11000 80 - 125 - 11000 80 - 75 30 M14 11000 45 18,0 125 12 M14 11000 80 18,0 b D - d b D D Bescherming van het milieu Gescheiden afvalinzameling. Dit product mag niet bij het normale huishoudelijke afval worden aangeboden. Als u op een dag bemerkt dat uw DEWALT product vervangen dient te worden of dat u er verder geen gebruik meer van maakt, mag u het niet als normaal huishoudelijk afval aanbieden. Bied dit product aan bij de gescheiden afvalinzameling. Gescheiden inzameling van gebruikte producten of verpakkingen maakt het mogelijk dat materiaal kan worden gerecycled en nogmaals gebruikt. Het hergebruik van gerecycled materiaal helpt milieuvervuiling te voorkomen en vermindert de vraag naar grondstoffen. Plaatselijke bepalingen voorzien mogelijk in de gescheiden inzameling van elektrische producten uit een huishouden, op stedelijke inzamelingspunten of bij de detailhandelaar waar u een nieuw product aanschaft. DEWALT heeft een faciliteit voor het verzamelen van recyclen van DEWALT producten als ze eenmaal het einde van hun levensduur hebben bereikt. Stuur om van deze service gebruik te maken uw product a.u.b. terug naar iedere erkende reparateur die namens ons de verzameling op zich neemt. 147 NEDERLANDS U kunt de locatie van de erkende reparateur die het dichtste bij u in de buurt is opzoeken door contact op te nemen met uw plaatselijke DEWALT kantoor zoals vermeld in deze handleiding. Een lijst van erkende DEWALT reparateurs en volledige details over onze after sales service zijn ook te vinden op internet via: www.2helpU.com. Accu De accu met een lange levensduur moet worden opgeladen als deze niet meer voldoende voeding levert bij werkzaamheden die eerder probleemloos werden uitgevoerd. Voer de accu aan het einde van de technische levensduur op een milieuvriendelijke manier af. • Laat de accu volledig leeglopen en verwijder hem vervolgens uit de machine. • Li-ion-accu's zijn recycleerbaar. Breng ze naar uw handelaar of uw plaatselijke verwerkingscentrum. De ingezamelde accu's worden dan op een milieuvriendelijke manier gerecycled of afgevoerd. 148 NEDERLANDS GARANTIE DEWALT vertrouwt op de kwaliteit van zijn producten en biedt professionele gebruikers van het product een uitstekende garantie. Deze garantieverklaring is een aanvulling op uw contractuele rechten als een professionele gebruiker of uw wettelijke rechten als een particuliere, niet-professionele gebruiker, en is op geen enkele wijze van invloed op deze rechten. De garantie is geldig binnen het grondgebied van de Lidstaten van de Europese Unie en de Europese Vrijhandelszone. • 30 DAGEN NIET GOED GELD TERUG GARANTIE • Als u niet geheel tevreden bent over de prestaties van uw DEWALT-gereedschap, kunt u dit compleet met de originele onderdelen, zoals u het hebt aangekocht. binnen 30 dagen, gewoon terugbrengen bij het verkooppunt en omruilen voor een ander stuk gereedschap of tegen restitutie van het aankoopbedrag. Het product mag niet in onredelijke mate zijn versleten en u dient een aankoopbewijs te overleggen. • Er geen reparaties zijn ondernomen door niet-geautoriseerde personen; • U een aankoopbewijs kunt overleggen; • Het product compleet met alle originele onderdelen wordt geretourneerd. Als u aanspraak wilt maken op de garantie, neem dan contact op met uw leverancier of zoek het officiële DEWALT-servicecentrum bij u in de buurt in de DEWALT-catalogus of neem contact op met het DEWALT-kantoor op het adres dat wordt vermeld in deze handleiding. Een lijst van officiële DEWALTservicecentra en volledige details over onze after-sales-service zijn ook te vinden op internet via: www.2helpU.com. • EEN JAAR GRATIS ONDERHOUDSCONTRACT • Als onderhouds- of servicewerkzaamheden nodig zijn voor uw DEWALT-gereedschap, in de 12 maanden na uw aankoop, hebt u recht op één jaar gratis service. Deze zal kosteloos worden uitgevoerd in een DEWALT-servicecentrum. U dient een aankoopbewijs te overleggen. Inclusief arbeidskosten. Exclusief accessoires en reserveonderdelen, tenzij deze defect raakten en onder de garantie vielen. • EEN JAAR VOLLEDIGE GARANTIE • Als uw DEWALT-product defect raakt als gevolg van het gebruik van verkeerde materialen of onjuiste constructie binnen 12 maanden na de datum van aankoop, garandeert DEWALT alle defecte onderdelen gratis te vervangen of – naar onze beoordeling – het apparaat gratis te vervangen, op voorwaarde dat: • Het product niet verkeerd gebruikt is; • Het product in redelijke mate is versleten; 149 NEDERLANDS TABEL SLIJPACCESSOIRES Beveiligingstype Accessoire Beschrijving Hoe bevestigt u op de slijpmachine Slijpschijf met niet ingedrukt midden TYPE 27 BEVEILIGING Type 27 beveiliging Flapwiel Ondersteunende flens Draadwielen Type 27 niet ingedrukt middenwiel Klemmoer met schroefdraad Draadwielen met moer met schroefdraad Type 27 beveiliging Draadwiel Draadbus met moer met schroefdraad Type 27 beveiliging Draadborstel Steunkussen/ schuurblad Type 27 beveiliging Rubberen steunkussen Schuurschijf Klemmoer met schroefdraad 150 NEDERLANDS TABEL SLIJPACCESSOIRES (vervolg) Beveiligingstype Accessoire Beschrijving Hoe bevestigt u op de slijpmachine Snijdschijf voor metselwerk TYPE 1 BEVEILIGING Type 1 beveiliging Snijdschijf voor metaal Diamanten snijdwielen Ondersteunende flens Snijdwiel Klemmoer met schroefdraad GEEN BEVEILIGING Polijstkap 151
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193
  • Page 194 194
  • Page 195 195
  • Page 196 196
  • Page 197 197
  • Page 198 198
  • Page 199 199
  • Page 200 200
  • Page 201 201
  • Page 202 202
  • Page 203 203
  • Page 204 204
  • Page 205 205
  • Page 206 206
  • Page 207 207
  • Page 208 208
  • Page 209 209
  • Page 210 210
  • Page 211 211
  • Page 212 212
  • Page 213 213
  • Page 214 214
  • Page 215 215
  • Page 216 216
  • Page 217 217
  • Page 218 218
  • Page 219 219
  • Page 220 220
  • Page 221 221
  • Page 222 222
  • Page 223 223
  • Page 224 224
  • Page 225 225
  • Page 226 226
  • Page 227 227
  • Page 228 228
  • Page 229 229
  • Page 230 230
  • Page 231 231
  • Page 232 232
  • Page 233 233
  • Page 234 234
  • Page 235 235
  • Page 236 236
  • Page 237 237
  • Page 238 238
  • Page 239 239
  • Page 240 240
  • Page 241 241
  • Page 242 242
  • Page 243 243
  • Page 244 244
  • Page 245 245
  • Page 246 246
  • Page 247 247
  • Page 248 248
  • Page 249 249
  • Page 250 250
  • Page 251 251
  • Page 252 252
  • Page 253 253
  • Page 254 254
  • Page 255 255
  • Page 256 256
  • Page 257 257
  • Page 258 258
  • Page 259 259
  • Page 260 260
  • Page 261 261
  • Page 262 262
  • Page 263 263
  • Page 264 264
  • Page 265 265
  • Page 266 266
  • Page 267 267
  • Page 268 268
  • Page 269 269
  • Page 270 270
  • Page 271 271
  • Page 272 272
  • Page 273 273
  • Page 274 274
  • Page 275 275
  • Page 276 276
  • Page 277 277
  • Page 278 278
  • Page 279 279
  • Page 280 280

DeWalt DC415 T 2 de handleiding

Categorie
Elektrisch gereedschap
Type
de handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor