Progress PHN1310S Handleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

gebruiksaanwijzing
user manual
notice d'utilisation
benutzerinformation
Oven
Oven
Four
Backofen
PHN1310
INHOUD
Veiligheidsinformatie 2
Beschrijving van het product 5
Voor het eerste gebruik 5
Dagelijks gebruik 5
Gebruik van de accessoires 6
Extra functies 7
Nuttige aanwijzingen en tips 7
Onderhoud en reiniging 11
Problemen oplossen 14
Montage 15
Milieubescherming 16
Wijzigingen voorbehouden
VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees deze handleiding zorgvuldig alvorens
het apparaat te installeren of te gebruiken:
• Voor uw eigen veiligheid en de veiligheid
van uw eigendommen
• Uit respect voor het milieu
• Voor de correcte werking van het appa-
raat.
Bewaar deze instructies altijd bij het appa-
raat, ook wanneer u het verplaatst of ver-
koopt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor
schade veroorzaakt door een foutieve in-
stallatie of foutief gebruik.
Veiligheid van kinderen en kwetsbare
mensen
• Dit apparaat kan worden gebruikt door
kinderen van 8 jaar en ouder en door
mensen met beperkte lichamelijke, zin-
tuiglijke of verstandelijke vermogens of
een gebrek aan ervaring en kennis, indien
zij onder toezicht staan of instructies heb-
ben gekregen over het veilig gebruiken
van het apparaat en indien zij de eventu-
ele gevaren begrijpen. Kinderen mogen
niet met het apparaat spelen.
• Houd alle verpakkingsmaterialen uit de
buurt van kinderen. Gevaar voor verstik-
king of lichamelijk letsel.
• Houd kinderen en dieren uit de buurt van
het apparaat als de deur openstaat of als
het apparaat in gebruik is. Gevaar voor
letsel of ander permanent lichamelijk let-
sel.
• Gebruik het kinderslot of de toetsblokke-
ring als het apparaat hiermee uitgerust is.
Dit voorkomt dat kinderen en dieren het
apparaat per ongeluk aanzetten.
Algemene veiligheid
• Verander de specificaties van dit product
niet. Risico op letsel en beschadiging van
het apparaat.
• Laat het apparaat tijdens het gebruik niet
onbeheerd achter.
• Schakel het apparaat na elk gebruik uit.
Montage
• Alleen een bevoegd elektriciën mag het
apparaat installeren en aansluiten. Neem
contact op met een erkend servicecen-
trum. Dit om lichamelijk letsel of structu-
rele schade te voorkomen.
• Controleer of het apparaat niet is bescha-
digd tijdens het transport Sluit geen be-
schadigd apparaat aan. Neem indien no-
dig contact op met de leverancier.
• Verwijder al het verpakkingsmateriaal,
stickers en folie van het apparaat voordat
u het voor het eerst in gebruik neemt.
Verwijder niet het typeplaatje. Dit kan de
garantie ongeldig maken.
• De wetten, voorschriften, richtlijnen en
normen die van kracht zijn in het land
waar het apparaat wordt gebruikt dienen
in acht genomen te worden (veiligheids-
voorschriften, recyclingvoorschriften, vei-
ligheidsvoorschriften met betrekking tot
elektra of gas, etc.).
• Zorg ervoor dat de stekker van het appa-
raat uit het stopcontact is getrokken tij-
dens de installatie.
• Wees voorzichtig bij het verplaatsen van
het apparaat. Het apparaat is zwaar. Ge-
bruik altijd veiligheidshandschoenen. Trek
het apparaat nooit aan de handgreep van
zijn plaats.
• De elektrische installatie moet een isola-
tieapparaat bevatten waardoor het appa-
raat volledig van het lichtnet afgesloten
kan worden. Het isolatieapparaat moet
2 progress
een contactopening hebben met een mi-
nimale breedte van 3mm.
• U dient te beschikken over de juiste isola-
tievoorzieningen: stroomonderbrekers,
zekeringen (schroefzekeringen moeten uit
de houder worden verwijderd), aardlek-
schakelaars en contactgevers.
• De schokbeschermingsonderdelen moe-
ten zo worden bevestigd dat zij niet kun-
nen worden verwijderd zonder gereed-
schap.
• Sommige delen van het apparaat staan
onder stroom. Sluit het apparaat aan op
de meubels en zorg dat er geen vrije
ruimtes zijn. Dit voorkomt elektrische
schokken, omdat u niet per ongeluk ge-
vaarlijke onderdelen kunt aanraken.
• Zorg dat de keukenkast de benodigde af-
metingen heeft voordat u met de installa-
tie begint.
• Zorg ervoor dat het apparaat onder en
naast veilige installaties wordt geïnstal-
leerd.
• Houd de minimumafstanden naar andere
apparaten en units in acht.
• Installeer het apparaat met de achterkant
en één zijkant tegen het hogere apparaat.
De andere kant moet worden geplaatst
tegen een apparaat met dezelfde hoogte.
• Het apparaat kan niet op een voetstuk
worden geplaatst.
• Ingebouwde ovens en ingebouwde for-
nuizen worden bevestigd met een speci-
aal aansluitsysteem. Om schade aan het
apparaat te voorkomen dient u alleen een
apparaat te gebruiken met apparaten van
dezelfde fabrikant.
Elektrische aansluiting
• Dit apparaat moet geaard worden.
• Zorg er voor dat het voltage en de fre-
quentie op het typeplaatje overeenkomen
met de stroomtoevoer in uw huis.
• Informatie over het voltage vindt u op het
typeplaatje.
• Gebruik altijd een correct geïnstalleerd
schokvrij stopcontact.
• Houd kabels bij het aansluiten van elektri-
sche apparaten op stopcontacten uit de
buurt van de hete deur van het apparaat.
• Gebruik geen meerwegsstekkers, -aan-
sluitingen en verlengkabels. Er kan brand
ontstaan.
• Vervang of verander de hoofdkabels niet
zelf. Neem contact op met de service-af-
deling.
• Zorg ervoor dat de stroomsnoeren (indien
van toepassing) en kabel niet knakken of
beschadigd raken achter het apparaat.
• Zorg ervoor dat de aansluiting op het net
toegankelijk is na de installatie.
• Trek niet aan het snoer om het apparaat
los te koppelen van de netvoeding. Trek
altijd aan de stekker - indien van toepas-
sing.
Gebruik
• Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor
huishoudelijk gebruik. Gebruik het appa-
raat niet voor commerciële of industriële
doeleinden.
• Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor
huishoudelijk gebruik. Zo voorkomt u li-
chamelijk letsel of schade aan eigendom-
men.
• Het apparaat mag niet worden gebruikt
als werkblad of aanrecht.
• Plaats geen ontvlambare producten of
items die vochtig zijn door ontvlambare
producten, en/of onstekingsproducten
(gemaakt van plastic of aluminium) in, bij
of op het apparaat. Er kan brand of een
explosie ontstaan.
• De binnenkant van het apparaat wordt
heet tijdens gebruik. Er kunnen brand-
wonden ontstaan. Gebruik handschoe-
nen wanneer u toebehoren of potten
plaatst of verwijdert.
• Wees voorzichtig bij het verwijderen of in-
stalleren van toebehoren om schade aan
de emaille van de oven te voorkomen.
• Sta niet te dicht bij het apparaat als u de
deur van het apparaat opent als deze
aan staat. Er kan hete stoom ontsnap-
pen. Er kunnen brandwonden ontstaan.
• Verkleuring van het emaille heeft geen ef-
fect op de werking van het apparaat, het
is dus geen defect in de zin van het recht
op garantie.
• Om schade of verkleuring van het emaille
te voorkomen:
– plaats geen voorwerpen direct op de
bodem van het apparaat en bedek het
niet met aluminiumfolie;
– plaats heet water niet direct in het ap-
paraat;
progress 3
– haal vochtige schotels en eten uit het
apparaat als u klaar bent met koken.
• Gebruik dit apparaat niet als het contact
maakt met water. Bedien het apparaat
niet met natte handen.
• Oefen geen kracht uit op een geopende
deur.
• De deur dient altijd gesloten te worden bij
het koken, ook tijdens het grillen.
Onderhoud en reiniging
• Schakel het apparaat uit en trek de stek-
ker uit het stopcontact voordat u onder-
houdshandelingen verricht.
• Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld
voordat u onderhoud verricht. Er kunnen
brandwonden ontstaan. Er bestaat een
risico dat de glasplaten kunnen breken.
• Houd het apparaat altijd schoon. Opeen-
hopingen van vetten of andere voedsel-
resten kunnen brand veroorzaken.
• Regelmatig reinigen voorkomt dat het op-
pervlaktemateriaal van de oven achteruit-
gaat.
• Gebruik een diep bakblik voor vochtige
taarten om te voorkomen dat het fruitsap
permanente vlekken maakt.
• Voor uw persoonlijke veiligheid en de vei-
ligheid van uw eigendommen dient u het
apparaat alleen met water en zeep te rei-
nigen. Gebruik geen ontvlambare pro-
ducten of bijtende producten.
• Reinig het apparaat niet met stoomreini-
gers, hogedrukreinigers, scherpe voor-
werpen, schuurmiddelen, schuursponzen
en vlekverwijderaars
• Volg de aanwijzingen van de ovenfabri-
kant op als u een ovenspray gebruikt.
• Reinig de glazen ovendeur niet met schu-
rende reinigingsmiddelen of een metalen
schraper. Het hittebestendige oppervlak
van de binnenruit kan hierdoor breken en
versplinteren.
• Als de glasplaten beschadigd raken, wor-
den ze zwak en kunnen ze breken. U
dient ze te vervangen. Neem contact op
met het servicecentrum.
• Wees voorzichtig bij het verwijderen van
de deur uit het apparaat. De deur is
zwaar!
• Reinig het katalytisch emaille niet (indien
van toepassing).
Brandgevaar
• Open de deur voorzichtig. Als u alcoholi-
sche toevoegingen gebruikt, kan er een
licht ontvlambaar alcohol-luchtmengsel
ontstaan. Er kan brand ontstaan.
• Houd vonken of open vlammen uit de
buurt van het apparaat bij het openen
van de deur.
• Plaats geen ontvlambare producten of
items die vochtig zijn door ontvlambare
producten, en/of onstekingsproducten
(gemaakt van plastic of aluminium) in, bij
of op het apparaat.
Ovenlampje
• De gloeilampen in dit apparaat zijn speci-
aal geselecteerd en uitsluitend bedoeld
voor gebruik in huishoudelijke apparaten.
Ze kunnen niet worden gebruikt om een
ruimte in het huis volledig of gedeeltelijk
te verlichten.
• Als de lamp moet worden vervangen,
moet u een lamp gebruiken die hetzelfde
vermogen heeft en uitsluitend is bedoeld
voor gebruik in huishoudelijke apparaten.
• Haal de stekker van het apparaat uit het
stopcontact voordat u de ovenlamp ver-
vangt. Er bestaat risico op een elektri-
sche schok.
Service-afdeling
• Alleen een bevoegd servicemonteur mag
dit apparaat repareren. Neem contact op
met de service-afdeling.
• Gebruik alleen originele reserveonderde-
len.
Afvalverwerking van het apparaat
• Om lichamelijk letsel of schade te voorko-
men
– Trek de stekker uit het stopcontact.
– Snijd het netsnoer door en gooi het
weg.
– Verwijder de deurvergrendeling. Dit
voorkomt dat kinderen of kleine huis-
dieren in het apparaat opgesloten ra-
ken. Er bestaat een gevaar voor ver-
stikking.
4 progress
BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
Algemeen overzicht
1
10
11
12
13
2
14
53 4 6 987
1 Bedieningspaneel
2 Knop voor de kookzone linksvoor
3 Knop voor de kookzone linksachter
4 Weergave temperatuur
5 Knop voor de temperatuur
6 Knop voor de ovenfuncties
7 Stroomindicatielampje
8 Knop voor de kookzone rechtsachter
9 Knop voor de kookzone rechtsvoor
10 Ventilatie-openingen
11 Grill
12 Ovenlampje
13 Ventilator
14 Typeplaatje
Ovenaccessoires
•
Bakrooster
Voor kookgerei, bak- en braadvormen.
•
Vlakke bakplaat
Voor gebak en koekjes
• Braadpan
Om te bakken en te braden of om vet op
te vangen.
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Eerste reiniging
• Verwijder alle onderdelen van het appa-
raat.
• Reinig het apparaat voor het eerste ge-
bruik
Let op! Gebruik geen schuurmiddelen!
De oppervlakken zouden beschadigd
kunnen worden. Zie het hoofdstuk
"Onderhoud en reiniging".
Voorverwarmen
1.
Stel de functie in op
en de maxi-
mumtemperatuur.
2. Laat het apparaat ongeveer 1 uur wer-
ken zonder een gerecht in de oven.
3.
Stel de functie in op
en de maxi-
mumtemperatuur.
4. Laat het apparaat ongeveer 10 minuten
werken zonder een gerecht in de oven.
5.
Stel de functie in op
en de maxi-
mumtemperatuur.
6. Laat het apparaat ongeveer 10 minuten
werken zonder een gerecht in de oven.
Dit om de restanten in het apparaat te ver-
branden. De accessoires kunnen warmer
worden dan gebruikelijk. Als u het apparaat
voor de eerste keer opwarmt, kan het ap-
paraat stinken en roken. Dit is normaal.
Zorg dat er voldoende luchtcirculatie is.
DAGELIJKS GEBRUIK
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Het apparaat aan- en uitzetten
1. Draai de knop voor de ovenfuncties
naar een ovenfunctie.
progress 5
2. Draai de knop voor de temperatuur naar
een temperatuur.
Het stroomindicatielampje gaat aan als
het apparaat in werking is.
Het temperatuurlampje gaat aan zolang
de temperatuur in het apparaat stijgt.
3. Draai om het apparaat uit te schakelen,
de knop voor de ovenfuncties en de
knop voor de temperatuur in de uit-
stand.
Kookzones
U bedient de kookplaat die u met de
oven hebt geïnstalleerd met behulp van
de knoppen voor de kookzones. Lees
voor meer informatie over de kookplaat
de gebruiksaanwijzing bij de kookplaat.
Kookstanden
Bedienings-
knop
Functie
0 Uit-stand
1-9
Kookstanden
(1 = laagste kookstand; 9=
hoogste kookstand)
1. Draai de bedieningsknop in de gewen-
ste kookstand.
2. Zet de bedieningsknop op stand 0 om
het kookproces uit te schakelen.
Gebruik van de dubbele zone (indien
van toepassing)
Waarschuwing! Draai de
bedieningsknop met de dubbele zone
naar rechts om de dubbele zone aan te
zetten (draai de knop niet door naar de
stoppositie).
1. Draai de bedieningsknop naar rechts,
stand "9".
2. Draai de bedieningsknop langzaam naar
symbool
totdat u een klik hoort.
Nu zijn de twee kookzones ingescha-
keld.
3. Voor de desbetreffende temperatuurin-
stelling, zie "Kookstanden".
Ovenfuncties
Ovenfunctie Toepassing
Uitstand Het apparaat staat UIT.
Hetelucht
Om tegelijkertijd meerdere verschillende gerechten te bereiden. Voor
het zelf maken van vruchten op siroop en voor het drogen van cham-
pignons of fruit.
Boven- en onder-
warmte
Verwarmt de oven met zowel het bovenste als het onderste verwar-
mingselement. Bakken en braden op één ovenniveau.
Onderwarmte
Verwarmt alleen vanaf de onderkant van de oven. Voor het bakken
van taarten met een knapperige bodem.
Grillen met hete lucht
Het grillelement en de ventilator van de oven werken om en om sa-
men zodat de hetelucht rond de gerechten wordt gecirculeerd. Voor
het bakken van grote stukken vlees. Maximale temperatuur voor
deze functie is 200 °C.
Grill
Voor het grillen van plat voedsel in kleine hoeveelheden op het mid-
den van de rooster. Voor het maken van toast
Ontdooien
Voor het ontdooien van bevroren voedsel. De temperatuurknop moet
in de uit-stand staan
GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
6 progress
Het plaatsen van de bakplaten of -
roosters
Plaats de bakplaten of -roosters tussen de
geleidestangen van één van de ovenni-
veaus.
4
2
1
3
EXTRA FUNCTIES
Koelventilator
Als het apparaat wordt ingeschakeld, wordt
de koelventilator automatisch ingeschakeld
om de oppervlakken van het apparaat koel
te houden. Als u het apparaat uitschakelt,
schakelt de koelventilator uit.
Veiligheidsthermostaat
Om te voorkomen dat de oven oververhit
raakt (door onjuist gebruik van het apparaat
of vanwege defecte onderdelen), heeft de
oven een veiligheidsthermostaat die indien
nodig de stroomtoevoer onderbreekt. Zo-
dra de temperatuur is gedaald, wordt de
oven automatisch weer ingeschakeld.
NUTTIGE AANWIJZINGEN EN TIPS
• Het apparaat heeft vier inzetniveaus. Tel
de inzetniveaus vanaf de bodem van het
apparaat.
• Het apparaat heeft een speciaal systeem
dat de lucht circuleert en voor doorlopen-
de recycling van stoom zorgt. Dankzij dit
systeem is het mogelijk om voedsel te
bereiden in een atmosfeer met stoom en
worden de gerechten zacht van binnen
en knapperig van buiten. Bovendien wor-
den de bereidingstijd en het energiever-
bruik tot een minimum beperkt.
• Vocht kan in het apparaat of op de gla-
zen deuren condenseren. Dit is normaal.
Ga altijd iets terug staan van het appa-
raat als u de deur van het apparaat tij-
dens de werking opent. Om de condens
te verminderen, dient u het apparaat 10
minuten te laten voorverwarmen.
• Veeg na elk gebruik het vocht van het
apparaat.
• Plaats geen voorwerpen direct op de bo-
dem van het apparaat en bedek het niet
met aluminiumfolie als u kookt. Dit kan de
bakresultaten veranderen en de emaille-
laag beschadigen.
Taarten bakken
• De beste temperatuur voor het bereiden
van gebak is tussen de 150 °C en 200
°C.
• Verwarm de oven ongeveer 10 minuten
voor.
• Doe de ovendeur niet open voordat drie-
kwart van de ingestelde baktijd is verstre-
ken.
progress 7
• Als u twee bakplaten tegelijk gebruikt,
houd dan één niveau vrij tussen de pla-
ten.
Vlees en vis bereiden
• Bereid geen vlees met een gewicht van
minder dan 1 kg. Het bereiden van te
kleine hoeveelheden maakt het vlees
droog.
• Om rood vlees aan de buitenkant goed
gaar en toch sappig te krijgen, dient u de
temperatuur in te stellen op 200 °C-250
°C.
• Voor wit vlees, gevogelte en vis dient u
de temperatuur tussen de 150°C-175°C
in te stellen.
• Gebruik een lekbak voor zeer vet voed-
sel, om te voorkomen dat er vlekken op
de oven komen die mogelijk permanent
zijn.
• Laat het vlees ongeveer 15 minuten rus-
ten voordat u het aansnijdt, zodat het
vleesvocht niet wegloopt.
• Giet een beetje water in de lekbak om te
veel rookvorming in de oven te voorko-
men tijdens roosteren. Om rookconden-
satie te voorkomen dient u telkens een
beetje water toe te voegen als dit opge-
droogd is.
Bereidingstijden
Bereidingstijden zijn afhankelijk van het
soort voedsel, de structuur en het volume.
Houd de werking van de oven in de gaten
tijdens de eerste keren dat u het apparaat
gebruikt. Op die manier ontdekt u de beste
instellingen (warmte-instelling, bereidingstijd
etc.) voor uw ovenschalen, recepten en
hoeveelheden wanneer u dit apparaat ge-
bruikt.
Bak- en braadtabel
GEBAK
SOORT GE-
RECHT
Boven- en on-
derwarmte
Hetelucht
Berei-
dingstijd
[min]
Opmerkingen
Niveau
Temp
[°C]
Niveau
Temp
[°C]
Schuimtaart 2 170 2 (1 en
3)
165 45-60 In cakevorm
Zandtaartdeeg 2 170 2 (1 en
3)
160 24-34 In cakevorm
Kwarktaart met
karnemelk
1 170 2 165 60-80 In cakevorm 26 cm
Appelgebak
(appeltaart)
1 170 2 (1 en
3)
160 100-120 2 cakevormen van 20 cm
op het bakrooster
Strudel 2 175 2 150 60-80 Op bakplaat
Geleitaart 2 170 2 (1 en
3)
160 30-40 In cakevorm 26 cm
Fruitcake 2 170 2 155 60-70 In cakevorm 26 cm
Biscuittaart (bo-
tervrije biscuit-
taart)
2 170 2 160 35-45 In cakevorm 26 cm
Kerstcake/rijke
fruitcake
2 170 2 160 50-60 In cakevorm 20 cm
Pruimentaart 2 170 2 165 50-60
In broodvorm
1)
Kleine cakes 3 170 3 (1 en
3)
165 20-30 Op vlakke bakplaat
Koekjes 3 150 3 (1 en
3)
140 20-30
Op vlakke bakplaat
1)
Schuimgebak 3 100 3 115 90-120 Op vlakke bakplaat
8 progress
SOORT GE-
RECHT
Boven- en on-
derwarmte
Hetelucht
Berei-
dingstijd
[min]
Opmerkingen
Niveau
Temp
[°C]
Niveau
Temp
[°C]
Broodjes 3 190 3 180 15-20
Op vlakke bakplaat
1)
Soesjes 3 190 3 (1 en
3)
180 25-35
Op vlakke bakplaat
1)
Taartjes 3 180 2 170 45-70 In cakevorm 20 cm
Victoriataart 1 of 2 180 2 170 40-55 Links + rechts in cakevorm
van 20 cm
1) Warm de oven 10 minuten voor.
BROOD EN PIZZA
SOORT GE-
RECHT
Boven- en on-
derwarmte
Hetelucht
Berei-
dingstijd
[min]
Opmerkingen
Niveau
Temp
[°C]
Niveau
Temp
[°C]
Wit brood 1 190 1 195 60-70 1-2 stukken, 500 gr per
stuk
1)
Roggebrood 1 190 1 190 30-45 In broodvorm
Broodjes 2 190 2 (1 en
3)
180 25-40 6 - 8 broodjes op een vlak-
ke bakplaat
1)
Pizza 1 190 1 190 20-30
In een diepe braadpan
1)
Scones 3 200 2 190 10~20
Op vlakke bakplaat
1)
1) Warm de oven 10 minuten voor.
FLANS
SOORT GE-
RECHT
Boven- en on-
derwarmte
Hetelucht
Berei-
dingstijd
[min]
Opmerkingen
Niveau
Temp
[°C]
Niveau
Temp
[°C]
Pastaflan 2 180 2 180 40-50 In vorm
Groenteflan 2 200 2 200 45-60 In vorm
Quiches 1 190 1 190 40-50 In vorm
Lasagne 2 200 2 200 25-40 In vorm
Cannelloni 2 200 2 200 25-40 In vorm
Yorkshire pud-
ding
2 220 2 210 20-30
6 puddingvormen
1)
1) Warm de oven 10 minuten voor.
VLEES
SOORT GE-
RECHT
Boven- en on-
derwarmte
Hetelucht
Berei-
dingstijd
[min]
Opmerkingen
Niveau
Temp
[°C]
Niveau
Temp
[°C]
Rundvlees 2 200 2 190 50-70 Op ovenrooster en in de
braadpan
progress 9
SOORT GE-
RECHT
Boven- en on-
derwarmte
Hetelucht
Berei-
dingstijd
[min]
Opmerkingen
Niveau
Temp
[°C]
Niveau
Temp
[°C]
Varkensvlees 2 180 2 180 90-120 Op ovenrooster en in de
braadpan
Kalfsvlees 2 190 2 175 90-120 Op ovenrooster en in de
braadpan
Engelse rosbief
(rood)
2 210 2 200 44-50 Op ovenrooster en in de
braadpan
Engelse rosbief
(medium)
2 210 2 200 51-55 Op ovenrooster en in de
braadpan
Engelse rosbief
(doorbakken)
2 210 2 200 55-60 Op ovenrooster en in de
braadpan
Varkensschou-
der
2 180 2 170 120-150 In een diepe braadpan
Varkensschen-
kel
2 180 2 160 100-120 2 stukken in een diepe
braadpan
Lamsvlees 2 190 2 190 110-130 Bout
Kip 2 200 2 200 70-85 Geheel in een diepe
braadpan
Kalkoen 1 180 1 160 210-240 Geheel in een diepe
braadpan
Eend 2 175 2 160 120-150 Geheel in een diepe
braadpan
Gans 1 175 1 160 150-200 Geheel in een diepe
braadpan
Konijn 2 190 2 175 60-80 In stukken gesneden
Haas 2 190 2 175 150-200 In stukken gesneden
Fazant 2 190 2 175 90-120 Geheel in een diepe
braadpan
VIS
SOORT GE-
RECHT
Boven- en on-
derwarmte
Hetelucht
Berei-
dingstijd
[min]
Opmerkingen
Niveau
Temp
[°C]
Niveau
Temp
[°C]
Forel/Zeebra-
sem
2 190 2 (1 en
3)
175 40-55 3-4 vissen
Tonijn/zalm 2 190 2 (1 en
3)
175 35-60 4-6 filets
Grillen
Verwarm de lege oven 10 minuten
voor.
10 progress
Hoeveelheid Grillen Bereidingstijd (minu-
ten)
GERECHT Stuks gr
niveau
Temp.
(°C)
1e kant 2e kant
Tournedos 4 800 3 250 12-15 12-14
Biefstuk 4 600 3 250 10-12 6-8
Worstjes 8 / 3 250 12-15 10-12
Varkenskotelet 4 600 3 250 12-16 12-14
Kip (in 2 helften) 2 1000 3 250 30-35 25-30
Spiesen 4 / 3 250 10-15 10-12
Kippenborst 4 400 3 250 12-15 12-14
Hamburger 6 600 3 250 20-30
Visfilet 4 400 3 250 12-14 10-12
Geroosterde sand-
wiches
4-6 / 3 250 5-7 /
Geroosterd brood 4-6 / 3 250 2-4 2-3
Grillen met hete lucht
Waarschuwing! Gebruik deze functie
met een maximale temperatuur van
200°C.
Hoeveelheid Grillen Bereidingstijd (minuten)
GERECHT Stuks gr
niveau
Temp.
(°C)
1e kant 2e kant
Rollade (kalkoen) 1 1000 3 200 30-40 20-30
Kip (in twee helften) 2 1000 3 200 25-30 20-30
Kippenpoten 6 - 3 200 15-20 15-18
Kwartel 4 500 3 200 25-30 20-25
Groentegratin - - 3 200 20-25 -
stuks Jakobsschel-
pen
- - 3 200 15-20 -
Makreel 2-4 - 3 200 15-20 10-15
Vismoten 4-6 800 3 200 12-15 8-10
Informatie over acrylamides
Belangrijk! Volgens recente
wetenschappelijke informatie kan het
intensief bruinen van levensmiddelen (met
name in producten die zetmeel bevatten),
een gezondheidsrisico vormen tengevolge
van acrylamides. Om die reden adviseren
wij levensmiddelen zoveel mogelijk bij lage
temperaturen gaar te laten worden en de
gerechten niet te veel te bruinen.
ONDERHOUD EN REINIGING
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
• Maak de voorkant van het apparaat
schoon met een zachte doek en een
warm sopje.
progress 11
• Gebruik voor de metalen oppervlakken
een universeel reinigingsmiddel.
• Reinig de binnenkant van de oven na elk
gebruik. Verontreinigingen laten zich dan
het makkelijkst verwijderen en kunnen
dan niet aanbranden.
• Verwijder hardnekkig vuil met een specia-
le ovenreiniger.
• Maak alle oventoebehoren na elk gebruik
schoon met een zachte doek en een
warm sopje en een reinigingsmiddel en
laat ze drogen.
• Toebehoren met antiaanbaklaag mogen
niet worden schoon gemaakt met een
agressieve reinigingsmiddel, voorwerpen
met scherpe randen of afwasautomaat.
Hierdoor kan de antiaanbaklaag onher-
stelbaar worden beschadigd!
De afdichting van de deur
schoonmaken
• Voer regelmatig een controle van de af-
dichting van de deur uit. De afdichting
van de deur bevindt zich rondom het fra-
me van de binnenkant van de oven. Ge-
bruik het apparaat niet als de afdichting
van de deur is beschadigd. Neem con-
tact op met de service-afdeling.
• Voor meer informatie over het schoon-
maken van de afdichting van de deur,
raadpleegt u de algemene informatie over
reiniging.
Ovenlampje
Waarschuwing! Wees voorzichtig! Er
bestaat risico op elektrische schokken!
Voordat u het ovenlampje vervangt:
• De oven uitschakelen
• Verwijder de zekeringen in de zekerin-
genkast of schakel de stroomonderbre-
ker uit.
Leg een doek op de bodem van de
oven om het ovenlampje en het afdek-
glaasje te beschermen.
1. Draai het afdekglas naar rechts en ver-
wijder het.
2. Reinig het afdekglas.
3. Vervang het ovenlampje door een ge-
schikt 300 °C hittebestendig ovenlamp-
je.
Gebruik hetzelfde ovenlamptype.
4. Plaats het afdekglas terug.
Plafond oven
Het verwarmingselement kan worden ver-
wijderd om de bovenkant van de oven ge-
makkelijker te reinigen.
Waarschuwing! Schakel het apparaat
uit voordat u het verwarmingselement
verwijdert. Zorg ervoor dat het
apparaat is afgekoeld. Gevaar voor
brandwonden!
1. Verwijder de schroef van het verwar-
mingselement. Gebruik de eerste keer
een schroevendraaier.
2. Trek het verwarmingselement voorzich-
tig omlaag.
Nu kunt u de bovenkant van de oven
reinigen.
12 progress
Maak de oven schoon met een zachte doek
en een warm sopje. Laat dit drogen.
Verwarmingselement installeren
1. Installeer het verwarmingselement in
omgekeerde volgorde.
Zorg ervoor dat het verwarmingselement
goed is geplaatst en niet naar beneden valt.
De ovendeur reinigen
De ovendeur beschikt over twee glasplaten.
U kunt de ovendeur en de interne glasplaat
uit de oven verwijderen om ze schoon te
maken.
De ovendeur kan dichtslaan als u de
binnenste glasplaat probeert te verwij-
deren voordat u de ovendeur hebt ver-
wijderd.
De ovendeur en de glasplaat
verwijderen
1. Open de deur volledig en houd de twee
deurscharnieren vast.
2. Til de hendels op de twee scharnieren
omhoog en draai ze.
3. Sluit de ovendeur in de eerste openings-
stand (halfopen). Trek hem daarna naar
voren en haal hem uit zijn zitting.
4. Leg de deur op een zachte doek op een
stabiele ondergrond.
5. Maak het vergrendelingssysteem open
om de binnenste glasplaat te verwijde-
ren.
progress 13
6. Draai de twee bevestigingen 90° en ver-
wijder ze uit hun zittingen.
7. Til de glasplaat voorzichtig op (stap 1)
en verwijder de glasplaat uit de deur
(stap 2).
Reinig de glasplaat met een sopje. Droog
de glasplaat voorzichtig af.
De deur en de glasplaten terugplaatsen
Als u de glasplaten en de ovendeur hebt
schoongemaakt, plaatst u ze terug Volg de
bovenstaande stappen in de omgekeerde
volgorde.
Wanneer u de glasplaat met een decoratief
frame monteert, moet u zorgen dat de be-
drukte zijde naar de binnenkant van de deur
is gericht. Zorg ervoor dat het oppervlak
van de glasplaat op de bedrukte zijde na de
installatie niet ruw aanvoelt.
Zorg ervoor dat u de interne glasplaat cor-
rect in de uitsparingen plaatst (zie afbeel-
ding).
PROBLEMEN OPLOSSEN
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
De kookzones functioneren
niet.
Zie de gebruikshandleiding van de kookplaat.
Het apparaat wordt niet warm. Het apparaat is uitgeschakeld.
Schakel het apparaat in. Raad-
pleeg "Dagelijks gebruik".
De zekering in de zekeringkast
is doorgebrand.
Controleer de zekering. Als de
zekering meer dan een keer
doorslaat, moet u contact op-
nemen met een bevoegde
elektricien.
Het ovenlampje brandt niet. Het ovenlampje is kapot. Vervang het ovenlampje.
Stoom en condens slaan neer
op de gerechten en in de oven-
ruimte.
Het gerecht heeft te lang in de
oven gestaan.
Laat gerechten na het einde
van de baktijd niet langer dan
15-20 minuten in de oven
staan.
14 progress
Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen,
neem dan contact op met uw verkoper of
de klantenservice.
De benodigde gegevens voor de service-af-
deling staan op het typeplaatje. Het type-
plaatje bevindt zich aan de voorkant van de
binnenkant van de oven.
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
Model (MOD.) .........................................
Productnummer (PNC) .........................................
Serienummer (S.N.) .........................................
MONTAGE
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Inbouw
Waarschuwing! De installatie van het
apparaat mag uitsluitend worden
uitgevoerd door een gekwalificeerd en
deskundig persoon. Als u geen
gekwalificeerd of deskundig persoon
inschakelt, vervalt de garantie bij het
ontstaan van schade.
• Voordat u het apparaat installeert, dient u
het te plaatsen in de geschikte kookplaat
uit de tabel.
Type Maximaal vermogen
PEM 6000 E 6000 W
PES 6000 E 5800 W
PES 6060 E 7600 W
594
7
20
570
590
540
560
550 min
600
560-570
80÷100
progress 15
A
B
Elektrische installatie
Waarschuwing! De elektrische
installatie mag uitsluitend worden
uitgevoerd door een gekwalificeerd en
deskundig persoon.
De fabrikant is niet verantwoordelijk in-
dien u deze veiligheidsmaatregelen uit
hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie' niet
opvolgt.
Dit apparaat wordt geleverd zonder stekker
en netsnoer.
De kabel
Kabeltypes die van toepassing zijn op de
installatie of vervanging: H07 RN-F, H05
RN-F, H05 RRF, H05 VV-F, H05 V2V2-F
(T90), H05 BB-F.
Voor het deel van de kabel raadpleegt u het
totale vermogen (op het typeplaatje) en de
tabel:
Totaal vermogen Deel van de kabel
maximaal 1380 W 3 x 0,75 mm²
maximaal 2300 W 3 x 1 mm²
maximaal 3680 W 3 x 1,5 mm²
De massakabel (groene/gele kabel) moet 2
cm langer zijn dan de fase- en neutrale ka-
bels (blauwe en bruine kabels).
MILIEUBESCHERMING
Het symbool op het product of op de
verpakking wijst erop dat dit product niet
als huishoudafval mag worden behandeld,
maar moet worden afgegeven bij een
verzamelpunt waar elektrische en
elektronische apparatuur wordt gerecycled.
Als u ervoor zorgt dat dit product op de
juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u
mogelijke negatieve gevolgen voor mens en
milieu die zich zouden kunnen voordoen in
geval van verkeerde afvalverwerking. Voor
gedetailleerdere informatie over het
recyclen van dit product, kunt u contact
opnemen met de gemeente, de
gemeentereiniging of de winkel waar u het
product hebt gekocht.
Verpakkingsmateriaal
Het verpakkingsmateriaal is milieuvrien-
delijk en geschikt voor hergebruik
Kunststofonderdelen worden aange-
duid met internationale afkortingen,
zoals PE, PS, etc. Gooi het verpak-
kingsmateriaal weg in de daarvoor be-
stemde containers van uw vuilnisop-
haaldienst.
16 progress

Documenttranscriptie

gebruiksaanwijzing user manual notice d'utilisation benutzerinformation Oven Oven Four Backofen PHN1310 2 progress INHOUD Veiligheidsinformatie Beschrijving van het product Voor het eerste gebruik Dagelijks gebruik Gebruik van de accessoires Extra functies 2 5 5 5 6 7 Nuttige aanwijzingen en tips Onderhoud en reiniging Problemen oplossen Montage Milieubescherming 7 11 14 15 16 Wijzigingen voorbehouden VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees deze handleiding zorgvuldig alvorens het apparaat te installeren of te gebruiken: • Voor uw eigen veiligheid en de veiligheid van uw eigendommen • Uit respect voor het milieu • Voor de correcte werking van het apparaat. Bewaar deze instructies altijd bij het apparaat, ook wanneer u het verplaatst of verkoopt. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade veroorzaakt door een foutieve installatie of foutief gebruik. Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de eventuele gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. • Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van kinderen. Gevaar voor verstikking of lichamelijk letsel. • Houd kinderen en dieren uit de buurt van het apparaat als de deur openstaat of als het apparaat in gebruik is. Gevaar voor letsel of ander permanent lichamelijk letsel. • Gebruik het kinderslot of de toetsblokkering als het apparaat hiermee uitgerust is. Dit voorkomt dat kinderen en dieren het apparaat per ongeluk aanzetten. Algemene veiligheid • Verander de specificaties van dit product niet. Risico op letsel en beschadiging van het apparaat. • Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd achter. • Schakel het apparaat na elk gebruik uit. Montage • Alleen een bevoegd elektriciën mag het apparaat installeren en aansluiten. Neem contact op met een erkend servicecentrum. Dit om lichamelijk letsel of structurele schade te voorkomen. • Controleer of het apparaat niet is beschadigd tijdens het transport Sluit geen beschadigd apparaat aan. Neem indien nodig contact op met de leverancier. • Verwijder al het verpakkingsmateriaal, stickers en folie van het apparaat voordat u het voor het eerst in gebruik neemt. Verwijder niet het typeplaatje. Dit kan de garantie ongeldig maken. • De wetten, voorschriften, richtlijnen en normen die van kracht zijn in het land waar het apparaat wordt gebruikt dienen in acht genomen te worden (veiligheidsvoorschriften, recyclingvoorschriften, veiligheidsvoorschriften met betrekking tot elektra of gas, etc.). • Zorg ervoor dat de stekker van het apparaat uit het stopcontact is getrokken tijdens de installatie. • Wees voorzichtig bij het verplaatsen van het apparaat. Het apparaat is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen. Trek het apparaat nooit aan de handgreep van zijn plaats. • De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet progress 3 • • • • • • • • • een contactopening hebben met een minimale breedte van 3mm. U dient te beschikken over de juiste isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers. De schokbeschermingsonderdelen moeten zo worden bevestigd dat zij niet kunnen worden verwijderd zonder gereedschap. Sommige delen van het apparaat staan onder stroom. Sluit het apparaat aan op de meubels en zorg dat er geen vrije ruimtes zijn. Dit voorkomt elektrische schokken, omdat u niet per ongeluk gevaarlijke onderdelen kunt aanraken. Zorg dat de keukenkast de benodigde afmetingen heeft voordat u met de installatie begint. Zorg ervoor dat het apparaat onder en naast veilige installaties wordt geïnstalleerd. Houd de minimumafstanden naar andere apparaten en units in acht. Installeer het apparaat met de achterkant en één zijkant tegen het hogere apparaat. De andere kant moet worden geplaatst tegen een apparaat met dezelfde hoogte. Het apparaat kan niet op een voetstuk worden geplaatst. Ingebouwde ovens en ingebouwde fornuizen worden bevestigd met een speciaal aansluitsysteem. Om schade aan het apparaat te voorkomen dient u alleen een apparaat te gebruiken met apparaten van dezelfde fabrikant. Elektrische aansluiting • Dit apparaat moet geaard worden. • Zorg er voor dat het voltage en de frequentie op het typeplaatje overeenkomen met de stroomtoevoer in uw huis. • Informatie over het voltage vindt u op het typeplaatje. • Gebruik altijd een correct geïnstalleerd schokvrij stopcontact. • Houd kabels bij het aansluiten van elektrische apparaten op stopcontacten uit de buurt van de hete deur van het apparaat. • Gebruik geen meerwegsstekkers, -aansluitingen en verlengkabels. Er kan brand ontstaan. • Vervang of verander de hoofdkabels niet zelf. Neem contact op met de service-afdeling. • Zorg ervoor dat de stroomsnoeren (indien van toepassing) en kabel niet knakken of beschadigd raken achter het apparaat. • Zorg ervoor dat de aansluiting op het net toegankelijk is na de installatie. • Trek niet aan het snoer om het apparaat los te koppelen van de netvoeding. Trek altijd aan de stekker - indien van toepassing. Gebruik • Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. Gebruik het apparaat niet voor commerciële of industriële doeleinden. • Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor huishoudelijk gebruik. Zo voorkomt u lichamelijk letsel of schade aan eigendommen. • Het apparaat mag niet worden gebruikt als werkblad of aanrecht. • Plaats geen ontvlambare producten of items die vochtig zijn door ontvlambare producten, en/of onstekingsproducten (gemaakt van plastic of aluminium) in, bij of op het apparaat. Er kan brand of een explosie ontstaan. • De binnenkant van het apparaat wordt heet tijdens gebruik. Er kunnen brandwonden ontstaan. Gebruik handschoenen wanneer u toebehoren of potten plaatst of verwijdert. • Wees voorzichtig bij het verwijderen of installeren van toebehoren om schade aan de emaille van de oven te voorkomen. • Sta niet te dicht bij het apparaat als u de deur van het apparaat opent als deze aan staat. Er kan hete stoom ontsnappen. Er kunnen brandwonden ontstaan. • Verkleuring van het emaille heeft geen effect op de werking van het apparaat, het is dus geen defect in de zin van het recht op garantie. • Om schade of verkleuring van het emaille te voorkomen: – plaats geen voorwerpen direct op de bodem van het apparaat en bedek het niet met aluminiumfolie; – plaats heet water niet direct in het apparaat; 4 progress – haal vochtige schotels en eten uit het apparaat als u klaar bent met koken. • Gebruik dit apparaat niet als het contact maakt met water. Bedien het apparaat niet met natte handen. • Oefen geen kracht uit op een geopende deur. • De deur dient altijd gesloten te worden bij het koken, ook tijdens het grillen. Onderhoud en reiniging • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht. • Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld voordat u onderhoud verricht. Er kunnen brandwonden ontstaan. Er bestaat een risico dat de glasplaten kunnen breken. • Houd het apparaat altijd schoon. Opeenhopingen van vetten of andere voedselresten kunnen brand veroorzaken. • Regelmatig reinigen voorkomt dat het oppervlaktemateriaal van de oven achteruitgaat. • Gebruik een diep bakblik voor vochtige taarten om te voorkomen dat het fruitsap permanente vlekken maakt. • Voor uw persoonlijke veiligheid en de veiligheid van uw eigendommen dient u het apparaat alleen met water en zeep te reinigen. Gebruik geen ontvlambare producten of bijtende producten. • Reinig het apparaat niet met stoomreinigers, hogedrukreinigers, scherpe voorwerpen, schuurmiddelen, schuursponzen en vlekverwijderaars • Volg de aanwijzingen van de ovenfabrikant op als u een ovenspray gebruikt. • Reinig de glazen ovendeur niet met schurende reinigingsmiddelen of een metalen schraper. Het hittebestendige oppervlak van de binnenruit kan hierdoor breken en versplinteren. • Als de glasplaten beschadigd raken, worden ze zwak en kunnen ze breken. U dient ze te vervangen. Neem contact op met het servicecentrum. • Wees voorzichtig bij het verwijderen van de deur uit het apparaat. De deur is zwaar! • Reinig het katalytisch emaille niet (indien van toepassing). Brandgevaar • Open de deur voorzichtig. Als u alcoholische toevoegingen gebruikt, kan er een licht ontvlambaar alcohol-luchtmengsel ontstaan. Er kan brand ontstaan. • Houd vonken of open vlammen uit de buurt van het apparaat bij het openen van de deur. • Plaats geen ontvlambare producten of items die vochtig zijn door ontvlambare producten, en/of onstekingsproducten (gemaakt van plastic of aluminium) in, bij of op het apparaat. Ovenlampje • De gloeilampen in dit apparaat zijn speciaal geselecteerd en uitsluitend bedoeld voor gebruik in huishoudelijke apparaten. Ze kunnen niet worden gebruikt om een ruimte in het huis volledig of gedeeltelijk te verlichten. • Als de lamp moet worden vervangen, moet u een lamp gebruiken die hetzelfde vermogen heeft en uitsluitend is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke apparaten. • Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordat u de ovenlamp vervangt. Er bestaat risico op een elektrische schok. Service-afdeling • Alleen een bevoegd servicemonteur mag dit apparaat repareren. Neem contact op met de service-afdeling. • Gebruik alleen originele reserveonderdelen. Afvalverwerking van het apparaat • Om lichamelijk letsel of schade te voorkomen – Trek de stekker uit het stopcontact. – Snijd het netsnoer door en gooi het weg. – Verwijder de deurvergrendeling. Dit voorkomt dat kinderen of kleine huisdieren in het apparaat opgesloten raken. Er bestaat een gevaar voor verstikking. progress 5 BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT Algemeen overzicht 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 Ovenaccessoires • Bakrooster Voor kookgerei, bak- en braadvormen. • Vlakke bakplaat 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 Bedieningspaneel Knop voor de kookzone linksvoor Knop voor de kookzone linksachter Weergave temperatuur Knop voor de temperatuur Knop voor de ovenfuncties Stroomindicatielampje Knop voor de kookzone rechtsachter Knop voor de kookzone rechtsvoor Ventilatie-openingen Grill Ovenlampje Ventilator Typeplaatje Voor gebak en koekjes • Braadpan Om te bakken en te braden of om vet op te vangen. VOOR HET EERSTE GEBRUIK Waarschuwing! Zie het hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie'. Eerste reiniging • Verwijder alle onderdelen van het apparaat. • Reinig het apparaat voor het eerste gebruik Let op! Gebruik geen schuurmiddelen! De oppervlakken zouden beschadigd kunnen worden. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging". Voorverwarmen 1. Stel de functie in op mumtemperatuur. en de maxi- 2. Laat het apparaat ongeveer 1 uur werken zonder een gerecht in de oven. 3. Stel de functie in op en de maximumtemperatuur. 4. Laat het apparaat ongeveer 10 minuten werken zonder een gerecht in de oven. 5. Stel de functie in op en de maximumtemperatuur. 6. Laat het apparaat ongeveer 10 minuten werken zonder een gerecht in de oven. Dit om de restanten in het apparaat te verbranden. De accessoires kunnen warmer worden dan gebruikelijk. Als u het apparaat voor de eerste keer opwarmt, kan het apparaat stinken en roken. Dit is normaal. Zorg dat er voldoende luchtcirculatie is. DAGELIJKS GEBRUIK Waarschuwing! Zie het hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie'. Het apparaat aan- en uitzetten 1. Draai de knop voor de ovenfuncties naar een ovenfunctie. 6 progress 2. Draai de knop voor de temperatuur naar een temperatuur. Het stroomindicatielampje gaat aan als het apparaat in werking is. Het temperatuurlampje gaat aan zolang de temperatuur in het apparaat stijgt. 3. Draai om het apparaat uit te schakelen, de knop voor de ovenfuncties en de knop voor de temperatuur in de uitstand. Kookzones U bedient de kookplaat die u met de oven hebt geïnstalleerd met behulp van de knoppen voor de kookzones. Lees voor meer informatie over de kookplaat de gebruiksaanwijzing bij de kookplaat. Kookstanden Bedieningsknop Functie 0 1. Draai de bedieningsknop in de gewenste kookstand. 2. Zet de bedieningsknop op stand 0 om het kookproces uit te schakelen. Gebruik van de dubbele zone (indien van toepassing) Waarschuwing! Draai de bedieningsknop met de dubbele zone naar rechts om de dubbele zone aan te zetten (draai de knop niet door naar de stoppositie). 1. Draai de bedieningsknop naar rechts, stand "9". 2. Draai de bedieningsknop langzaam naar totdat u een klik hoort. symbool Nu zijn de twee kookzones ingeschakeld. 3. Voor de desbetreffende temperatuurinstelling, zie "Kookstanden". Uit-stand Kookstanden (1 = laagste kookstand; 9= hoogste kookstand) 1-9 Ovenfuncties Ovenfunctie Toepassing Uitstand Het apparaat staat UIT. Hetelucht Om tegelijkertijd meerdere verschillende gerechten te bereiden. Voor het zelf maken van vruchten op siroop en voor het drogen van champignons of fruit. Boven- en onderwarmte Verwarmt de oven met zowel het bovenste als het onderste verwarmingselement. Bakken en braden op één ovenniveau. Onderwarmte Verwarmt alleen vanaf de onderkant van de oven. Voor het bakken van taarten met een knapperige bodem. Grillen met hete lucht Het grillelement en de ventilator van de oven werken om en om samen zodat de hetelucht rond de gerechten wordt gecirculeerd. Voor het bakken van grote stukken vlees. Maximale temperatuur voor deze functie is 200 °C. Grill Voor het grillen van plat voedsel in kleine hoeveelheden op het midden van de rooster. Voor het maken van toast Ontdooien Voor het ontdooien van bevroren voedsel. De temperatuurknop moet in de uit-stand staan GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES Waarschuwing! Zie het hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie'. progress 7 Het plaatsen van de bakplaten of roosters Plaats de bakplaten of -roosters tussen de geleidestangen van één van de ovenniveaus. 4 3 2 1 EXTRA FUNCTIES Koelventilator Als het apparaat wordt ingeschakeld, wordt de koelventilator automatisch ingeschakeld om de oppervlakken van het apparaat koel te houden. Als u het apparaat uitschakelt, schakelt de koelventilator uit. of vanwege defecte onderdelen), heeft de oven een veiligheidsthermostaat die indien nodig de stroomtoevoer onderbreekt. Zodra de temperatuur is gedaald, wordt de oven automatisch weer ingeschakeld. Veiligheidsthermostaat Om te voorkomen dat de oven oververhit raakt (door onjuist gebruik van het apparaat NUTTIGE AANWIJZINGEN EN TIPS • Het apparaat heeft vier inzetniveaus. Tel de inzetniveaus vanaf de bodem van het apparaat. • Het apparaat heeft een speciaal systeem dat de lucht circuleert en voor doorlopende recycling van stoom zorgt. Dankzij dit systeem is het mogelijk om voedsel te bereiden in een atmosfeer met stoom en worden de gerechten zacht van binnen en knapperig van buiten. Bovendien worden de bereidingstijd en het energieverbruik tot een minimum beperkt. • Vocht kan in het apparaat of op de glazen deuren condenseren. Dit is normaal. Ga altijd iets terug staan van het apparaat als u de deur van het apparaat tijdens de werking opent. Om de condens te verminderen, dient u het apparaat 10 minuten te laten voorverwarmen. • Veeg na elk gebruik het vocht van het apparaat. • Plaats geen voorwerpen direct op de bodem van het apparaat en bedek het niet met aluminiumfolie als u kookt. Dit kan de bakresultaten veranderen en de emaillelaag beschadigen. Taarten bakken • De beste temperatuur voor het bereiden van gebak is tussen de 150 °C en 200 °C. • Verwarm de oven ongeveer 10 minuten voor. • Doe de ovendeur niet open voordat driekwart van de ingestelde baktijd is verstreken. 8 progress • Als u twee bakplaten tegelijk gebruikt, houd dan één niveau vrij tussen de platen. Vlees en vis bereiden • Bereid geen vlees met een gewicht van minder dan 1 kg. Het bereiden van te kleine hoeveelheden maakt het vlees droog. • Om rood vlees aan de buitenkant goed gaar en toch sappig te krijgen, dient u de temperatuur in te stellen op 200 °C-250 °C. • Voor wit vlees, gevogelte en vis dient u de temperatuur tussen de 150°C-175°C in te stellen. • Gebruik een lekbak voor zeer vet voedsel, om te voorkomen dat er vlekken op de oven komen die mogelijk permanent zijn. • Laat het vlees ongeveer 15 minuten rusten voordat u het aansnijdt, zodat het vleesvocht niet wegloopt. • Giet een beetje water in de lekbak om te veel rookvorming in de oven te voorkomen tijdens roosteren. Om rookcondensatie te voorkomen dient u telkens een beetje water toe te voegen als dit opgedroogd is. Bereidingstijden Bereidingstijden zijn afhankelijk van het soort voedsel, de structuur en het volume. Houd de werking van de oven in de gaten tijdens de eerste keren dat u het apparaat gebruikt. Op die manier ontdekt u de beste instellingen (warmte-instelling, bereidingstijd etc.) voor uw ovenschalen, recepten en hoeveelheden wanneer u dit apparaat gebruikt. Bak- en braadtabel GEBAK Boven- en onderwarmte Hetelucht Bereidingstijd [min] Opmerkingen 165 45-60 In cakevorm 2 (1 en 3) 160 24-34 In cakevorm 170 2 165 60-80 In cakevorm 26 cm 1 170 2 (1 en 3) 160 100-120 2 cakevormen van 20 cm op het bakrooster Strudel 2 175 2 150 60-80 Op bakplaat Geleitaart 2 170 2 (1 en 3) 160 30-40 In cakevorm 26 cm Fruitcake 2 170 2 155 60-70 In cakevorm 26 cm Biscuittaart (botervrije biscuittaart) 2 170 2 160 35-45 In cakevorm 26 cm Kerstcake/rijke fruitcake 2 170 2 160 50-60 In cakevorm 20 cm Pruimentaart 2 170 2 165 50-60 In broodvorm 1) Kleine cakes 3 170 3 (1 en 3) 165 20-30 Op vlakke bakplaat Koekjes 3 150 3 (1 en 3) 140 20-30 Op vlakke bakplaat 1) Schuimgebak 3 100 3 115 90-120 Op vlakke bakplaat SOORT GERECHT Niveau Temp [°C] Niveau Temp [°C] Schuimtaart 2 170 2 (1 en 3) Zandtaartdeeg 2 170 Kwarktaart met karnemelk 1 Appelgebak (appeltaart) progress 9 SOORT GERECHT Boven- en onderwarmte Hetelucht Bereidingstijd [min] Opmerkingen Niveau Temp [°C] Niveau Temp [°C] Broodjes 3 190 3 180 15-20 Op vlakke bakplaat 1) Soesjes 3 190 3 (1 en 3) 180 25-35 Op vlakke bakplaat 1) Taartjes 3 180 2 170 45-70 In cakevorm 20 cm 1 of 2 180 2 170 40-55 Links + rechts in cakevorm van 20 cm Victoriataart 1) Warm de oven 10 minuten voor. BROOD EN PIZZA SOORT GERECHT Boven- en onderwarmte Hetelucht Bereidingstijd [min] Opmerkingen Niveau Temp [°C] Niveau Temp [°C] Wit brood 1 190 1 195 60-70 Roggebrood 1 190 1 190 30-45 In broodvorm Broodjes 2 190 2 (1 en 3) 180 25-40 6 - 8 broodjes op een vlakke bakplaat 1) Pizza 1 190 1 190 20-30 In een diepe braadpan 1) Scones 3 200 2 190 10~20 Op vlakke bakplaat 1) Bereidingstijd [min] Opmerkingen 1-2 stukken, 500 gr per stuk 1) 1) Warm de oven 10 minuten voor. FLANS SOORT GERECHT Boven- en onderwarmte Hetelucht Niveau Temp [°C] Niveau Temp [°C] Pastaflan 2 180 2 180 40-50 In vorm Groenteflan 2 200 2 200 45-60 In vorm Quiches 1 190 1 190 40-50 In vorm Lasagne 2 200 2 200 25-40 In vorm Cannelloni 2 200 2 200 25-40 In vorm Yorkshire pudding 2 220 2 210 20-30 6 puddingvormen 1) Bereidingstijd [min] Opmerkingen 1) Warm de oven 10 minuten voor. VLEES SOORT GERECHT Rundvlees Boven- en onderwarmte Hetelucht Niveau Temp [°C] Niveau Temp [°C] 2 200 2 190 50-70 Op ovenrooster en in de braadpan 10 progress SOORT GERECHT Boven- en onderwarmte Hetelucht Bereidingstijd [min] Opmerkingen Niveau Temp [°C] Niveau Temp [°C] Varkensvlees 2 180 2 180 90-120 Op ovenrooster en in de braadpan Kalfsvlees 2 190 2 175 90-120 Op ovenrooster en in de braadpan Engelse rosbief (rood) 2 210 2 200 44-50 Op ovenrooster en in de braadpan Engelse rosbief (medium) 2 210 2 200 51-55 Op ovenrooster en in de braadpan Engelse rosbief (doorbakken) 2 210 2 200 55-60 Op ovenrooster en in de braadpan Varkensschouder 2 180 2 170 120-150 In een diepe braadpan Varkensschenkel 2 180 2 160 100-120 2 stukken in een diepe braadpan Lamsvlees 2 190 2 190 110-130 Bout Kip 2 200 2 200 70-85 Geheel in een diepe braadpan Kalkoen 1 180 1 160 210-240 Geheel in een diepe braadpan Eend 2 175 2 160 120-150 Geheel in een diepe braadpan Gans 1 175 1 160 150-200 Geheel in een diepe braadpan Konijn 2 190 2 175 60-80 In stukken gesneden Haas 2 190 2 175 150-200 In stukken gesneden Fazant 2 190 2 175 90-120 Geheel in een diepe braadpan VIS SOORT GERECHT Boven- en onderwarmte Hetelucht Bereidingstijd [min] Opmerkingen Niveau Temp [°C] Niveau Temp [°C] Forel/Zeebrasem 2 190 2 (1 en 3) 175 40-55 3-4 vissen Tonijn/zalm 2 190 2 (1 en 3) 175 35-60 4-6 filets Grillen Verwarm de lege oven 10 minuten voor. progress 11 Hoeveelheid GERECHT Stuks gr Tournedos 4 800 Biefstuk 4 600 Worstjes 8 Varkenskotelet Kip (in 2 helften) Spiesen Kippenborst Hamburger Visfilet Grillen Bereidingstijd (minuten) Temp. (°C) 1e kant 2e kant 3 250 12-15 12-14 3 250 10-12 6-8 / 3 250 12-15 10-12 4 600 3 250 12-16 12-14 2 1000 3 250 30-35 25-30 4 / 3 250 10-15 10-12 4 400 3 250 12-15 12-14 6 600 3 250 20-30 niveau 4 400 3 250 12-14 10-12 Geroosterde sandwiches 4-6 / 3 250 5-7 / Geroosterd brood 4-6 / 3 250 2-4 2-3 Grillen met hete lucht Waarschuwing! Gebruik deze functie met een maximale temperatuur van 200°C. Hoeveelheid GERECHT Stuks gr Rollade (kalkoen) 1 1000 Kip (in twee helften) 2 1000 Kippenpoten 6 Kwartel Groentegratin stuks Jakobsschelpen Grillen Bereidingstijd (minuten) Temp. (°C) 1e kant 2e kant 3 200 30-40 20-30 3 200 25-30 20-30 - 3 200 15-20 15-18 4 500 3 200 25-30 20-25 - - 3 200 20-25 - - - 3 200 15-20 - Makreel 2-4 - 3 200 15-20 10-15 Vismoten 4-6 800 3 200 12-15 8-10 Informatie over acrylamides Belangrijk! Volgens recente wetenschappelijke informatie kan het intensief bruinen van levensmiddelen (met name in producten die zetmeel bevatten), niveau een gezondheidsrisico vormen tengevolge van acrylamides. Om die reden adviseren wij levensmiddelen zoveel mogelijk bij lage temperaturen gaar te laten worden en de gerechten niet te veel te bruinen. ONDERHOUD EN REINIGING Waarschuwing! Zie het hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie'. • Maak de voorkant van het apparaat schoon met een zachte doek en een warm sopje. 12 progress • Gebruik voor de metalen oppervlakken een universeel reinigingsmiddel. • Reinig de binnenkant van de oven na elk gebruik. Verontreinigingen laten zich dan het makkelijkst verwijderen en kunnen dan niet aanbranden. • Verwijder hardnekkig vuil met een speciale ovenreiniger. • Maak alle oventoebehoren na elk gebruik schoon met een zachte doek en een warm sopje en een reinigingsmiddel en laat ze drogen. • Toebehoren met antiaanbaklaag mogen niet worden schoon gemaakt met een agressieve reinigingsmiddel, voorwerpen met scherpe randen of afwasautomaat. Hierdoor kan de antiaanbaklaag onherstelbaar worden beschadigd! De afdichting van de deur schoonmaken • Voer regelmatig een controle van de afdichting van de deur uit. De afdichting van de deur bevindt zich rondom het frame van de binnenkant van de oven. Gebruik het apparaat niet als de afdichting van de deur is beschadigd. Neem contact op met de service-afdeling. • Voor meer informatie over het schoonmaken van de afdichting van de deur, raadpleegt u de algemene informatie over reiniging. Ovenlampje Plafond oven Het verwarmingselement kan worden verwijderd om de bovenkant van de oven gemakkelijker te reinigen. Waarschuwing! Schakel het apparaat uit voordat u het verwarmingselement verwijdert. Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Gevaar voor brandwonden! 1. Verwijder de schroef van het verwarmingselement. Gebruik de eerste keer een schroevendraaier. 2. Trek het verwarmingselement voorzichtig omlaag. Waarschuwing! Wees voorzichtig! Er bestaat risico op elektrische schokken! Voordat u het ovenlampje vervangt: • De oven uitschakelen • Verwijder de zekeringen in de zekeringenkast of schakel de stroomonderbreker uit. Leg een doek op de bodem van de oven om het ovenlampje en het afdekglaasje te beschermen. 1. Draai het afdekglas naar rechts en verwijder het. 2. Reinig het afdekglas. 3. Vervang het ovenlampje door een geschikt 300 °C hittebestendig ovenlampje. Gebruik hetzelfde ovenlamptype. 4. Plaats het afdekglas terug. Nu kunt u de bovenkant van de oven reinigen. progress 13 Maak de oven schoon met een zachte doek en een warm sopje. Laat dit drogen. Verwarmingselement installeren 1. Installeer het verwarmingselement in omgekeerde volgorde. Zorg ervoor dat het verwarmingselement goed is geplaatst en niet naar beneden valt. 3. Sluit de ovendeur in de eerste openingsstand (halfopen). Trek hem daarna naar voren en haal hem uit zijn zitting. De ovendeur reinigen De ovendeur beschikt over twee glasplaten. U kunt de ovendeur en de interne glasplaat uit de oven verwijderen om ze schoon te maken. De ovendeur kan dichtslaan als u de binnenste glasplaat probeert te verwijderen voordat u de ovendeur hebt verwijderd. 4. Leg de deur op een zachte doek op een stabiele ondergrond. De ovendeur en de glasplaat verwijderen 1. Open de deur volledig en houd de twee deurscharnieren vast. 5. Maak het vergrendelingssysteem open om de binnenste glasplaat te verwijderen. 2. Til de hendels op de twee scharnieren omhoog en draai ze. 14 progress 6. Draai de twee bevestigingen 90° en verwijder ze uit hun zittingen. De deur en de glasplaten terugplaatsen Als u de glasplaten en de ovendeur hebt schoongemaakt, plaatst u ze terug Volg de bovenstaande stappen in de omgekeerde volgorde. Wanneer u de glasplaat met een decoratief frame monteert, moet u zorgen dat de bedrukte zijde naar de binnenkant van de deur is gericht. Zorg ervoor dat het oppervlak van de glasplaat op de bedrukte zijde na de installatie niet ruw aanvoelt. Zorg ervoor dat u de interne glasplaat correct in de uitsparingen plaatst (zie afbeelding). 7. Til de glasplaat voorzichtig op (stap 1) en verwijder de glasplaat uit de deur (stap 2). Reinig de glasplaat met een sopje. Droog de glasplaat voorzichtig af. PROBLEMEN OPLOSSEN Waarschuwing! Zie het hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie'. Probleem De kookzones functioneren niet. Mogelijke oorzaak Oplossing Zie de gebruikshandleiding van de kookplaat. Het apparaat is uitgeschakeld. Schakel het apparaat in. Raadpleeg "Dagelijks gebruik". De zekering in de zekeringkast is doorgebrand. Controleer de zekering. Als de zekering meer dan een keer doorslaat, moet u contact opnemen met een bevoegde elektricien. Het ovenlampje brandt niet. Het ovenlampje is kapot. Vervang het ovenlampje. Stoom en condens slaan neer op de gerechten en in de ovenruimte. Het gerecht heeft te lang in de oven gestaan. Laat gerechten na het einde van de baktijd niet langer dan 15-20 minuten in de oven staan. Het apparaat wordt niet warm. progress 15 Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper of de klantenservice. De benodigde gegevens voor de service-afdeling staan op het typeplaatje. Het type- plaatje bevindt zich aan de voorkant van de binnenkant van de oven. Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren: Model (MOD.) ......................................... Productnummer (PNC) ......................................... Serienummer (S.N.) ......................................... MONTAGE Waarschuwing! Zie het hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie'. Inbouw • Voordat u het apparaat installeert, dient u het te plaatsen in de geschikte kookplaat uit de tabel. Type Maximaal vermogen PEM 6000 E 6000 W PES 6000 E 5800 W PES 6060 E 7600 W 540 20 570 590 560 594 in 550 m 600 Waarschuwing! De installatie van het apparaat mag uitsluitend worden uitgevoerd door een gekwalificeerd en deskundig persoon. Als u geen gekwalificeerd of deskundig persoon inschakelt, vervalt de garantie bij het ontstaan van schade. 560 -570 00 ÷1 80 7 16 progress Dit apparaat wordt geleverd zonder stekker en netsnoer. A B De kabel Kabeltypes die van toepassing zijn op de installatie of vervanging: H07 RN-F, H05 RN-F, H05 RRF, H05 VV-F, H05 V2V2-F (T90), H05 BB-F. Voor het deel van de kabel raadpleegt u het totale vermogen (op het typeplaatje) en de tabel: Totaal vermogen Elektrische installatie Waarschuwing! De elektrische installatie mag uitsluitend worden uitgevoerd door een gekwalificeerd en deskundig persoon. De fabrikant is niet verantwoordelijk indien u deze veiligheidsmaatregelen uit hoofdstuk 'Veiligheidsinformatie' niet opvolgt. Deel van de kabel maximaal 1380 W 3 x 0,75 mm² maximaal 2300 W 3 x 1 mm² maximaal 3680 W 3 x 1,5 mm² De massakabel (groene/gele kabel) moet 2 cm langer zijn dan de fase- en neutrale kabels (blauwe en bruine kabels). MILIEUBESCHERMING Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld, maar moet worden afgegeven bij een verzamelpunt waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de gemeente, de gemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt gekocht. Verpakkingsmateriaal Het verpakkingsmateriaal is milieuvriendelijk en geschikt voor hergebruik Kunststofonderdelen worden aangeduid met internationale afkortingen, zoals PE, PS, etc. Gooi het verpakkingsmateriaal weg in de daarvoor bestemde containers van uw vuilnisophaaldienst.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64

Progress PHN1310S Handleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor