Bauknecht GSX 112 FD Gebruikershandleiding

Categorie
Vaatwassers
Type
Gebruikershandleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

97
LEES ALLE INSTRUCTIES VOOR GEBRUIK
Volg de onderstaande voorzorgsmaatregelen wanneer u
de afwasmachine gebruikt:
INSTRUCTIES M.B.T. AARDING
Dit apparaat moet worden geaard. In het geval van een
storing of defect, verkleint de aarding het risico op een
elektrische schok doordat elektrische stroom via een
pad met de laagste weerstand kan worden afgevoerd.
Dit apparaat is uitgerust met een netsnoer met een
aardgeleider en een aardstekker.
De stekker moet in een geschikt stopcontact worden
gestoken, dat geïnstalleerd en geaard is volgens alle
plaatselijke wet- en regelgeving.
Gebruik van een verlengsnoer is niet toegestaan.
Een onjuiste aansluiting van de apparaataarding kan leiden
tot risico op een elektrische schok.
Raadpleeg een gekwalificeerd elektricien of een
onderhoudsmonteur als u twijfelt of het apparaat goed
geaard is. Verander de stekker die bij het apparaat is
geleverd niet zelf als hij niet in het stopcontact past.
Laat een geschikt stopcontact aanleggen door een
gekwalificeerd elektricien.
JUIST GEBRUIK
Na installatie moet toegang tot ontkoppeling van het
apparaat (hoofdstekker) gewaarborgd zijn.
Ga niet op de deur of het serviesrek van de
afwasmachine zitten of staan en gebruik deze niet op
een oneigenlijke manier.
Gebruik de afwasmachine niet als de afsluitplaten niet
goed op hun plaats zitten. Open de deur zeer
voorzichtig als de afwasmachine draait; er kan water
uit spuiten.
Leg geen zware voorwerpen op de deur en ga niet op
de deur staan als deze geopend is. Het apparaat kan
voorover kantelen.
Bij het inladen van vuile vaat:
1) Plaats scherpe items zodanig dat ze de
deurafdichting niet kunnen beschadigen;
2) Waarschuwing: Messen en ander keukengerei met
scherpe punten moet met de punt omlaag in de
bestekkorf worden geplaatst, of horizontaal worden
neergelegd.
Wanneer u de afwasmachine gebruikt, moet u ervoor
zorgen dat plastic voorwerpen het
verwarmingselement niet raken. (Deze instructie geldt
alleen voor machines met een zichtbaar
verwarmingselement.)
Controleer na afloop van ieder wasprogramma of het
doseerbakje voor afwasmiddel leeg is.
Was geen plastic voorwerpen in de machine, tenzij
deze gemerkt zijn als veilig voor afwasmachines.
Raadpleeg de aanbevelingen van de fabrikant als dit
merkteken ontbreekt.
Gebruik alleen afwasmiddel en glansspoelmiddelen die
bedoeld zijn voor automatische afwasmachines.
Gebruik nooit zeep, wasmiddel voor kleding of
handafwasmiddel in de afwasmachine. Bewaar deze
producten buiten het bereik van kinderen.
Houd kinderen uit de buurt van afwas- en
glansspoelmiddelen en houd kinderen uit de buurt van
de geopende deur van de afwasmachine; er kan nog
wat afwasmiddel zijn achtergebleven.
Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen
(waaronder kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke
of mentale vermogens, of gebrek aan ervaring en kennis,
tenzij ze onder toezicht staan van of instructies hebben
gekregen over het gebruik van het apparaat van een
persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
Kinderen moeten in de gaten worden gehouden om
ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.
Afwasmiddelen voor de afwasmachine zijn sterk
alkalisch en kunnen zeer gevaarlijk zijn als ze worden
ingeslikt. Vermijd contact met huid en ogen en houd
kinderen uit de buurt van de afwasmachine als de deur
geopend is.
Laat de deur niet open staan, omdat u erover kunt
struikelen.
Als het netsnoer beschadigd is, moet dit door de
fabrikant, zijn vertegenwoordiger of door een
gelijkwaardig gekwalificeerde technicus worden
vervangen om gevaarlijke situaties te voorkomen.
Verwijder de deur naar het wasgedeelte indien u een
oude vaatwasmachine afdankt of deze niet meer
gebruikt.
Voer het verpakkingsmateriaal op de juiste manier af.
Gebruik de afwasmachine alleen waarvoor deze
bedoeld is.
Tijdens de installatie mag het netsnoer niet overmatig
of op een gevaarlijke manier worden gebogen of
platgedrukt. Knoei niet met bedieningselementen.
Het apparaat moet op de waterleiding worden
aangesloten met behulp van een nieuwe set slangen;
oude slangen mogen niet worden hergebruikt.
De nominale spanning is: AC 220-240 V/ 50 Hz.
Er kunnen maximaal 10 couverts in de machine
worden afgewassen.
De maximaal toegestane druk van het toevoerwater is
1 Mpa.
De minimaal toegestane druk van het toevoerwater is
0,04 Mpa.
LEES EN VOLG DEZE VEILIGHEIDSINFORMATIE
ZORGVULDIG BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
WAARSCHUWING:
WAARSCHUWING:
WAARSCHUWING:
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
98
Dit apparaat is gemaakt van recyclebaar of herbruikbaar materiaal. Het apparaat moet worden
afgevoerd volgens de plaatselijke voorschriften m.b.t. afvalverwerking. Voordat u het apparaat wegdoet,
dient u het netsnoer door te snijden zodat het apparaat niet opnieuw kan worden gebruikt.
Neem voor gedetailleerde informatie over het behandelen en recyclen van dit product contact op met
uw plaatselijke instantie die belast is met gescheiden afvalinzameling of met de winkel waar u het
apparaat heeft gekocht.
AFVOEREN VAN DE VERPAKKING
De verpakking is 100% recyclebaar, zoals aangegeven door het kringloopsymbool . De verschillende
onderdelen van de verpakking mogen niet in het milieu worden achtergelaten, maar moeten worden
afgevoerd volgens de plaatselijke voorschriften.
AFVOEREN VAN HET APPARAAT
Dit apparaat is gemerkt volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG m.b.t. Afgedankte Elektrische en
Elektronische Apparatuur (AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste manier wordt afgedankt, helpt u mogelijk negatieve
gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen.
Het symbool op het product of op de begeleidende documentatie bij het product geeft aan dat dit
apparaat niet mag worden behandeld als normaal huisvuil, maar moet worden ingeleverd bij een
plaatselijk inzamelpunt waar elektrische en elektronische apparaten worden opgeslagen en gerecycled.
BESCHERMING VAN HET MILIEU
Voer het verpakkingsmateriaal van de afwasmachine op de juiste manier af.
Al het verpakkingsmateriaal kan gerecycled worden.
Plastic onderdelen zijn gemerkt met de standaard internationale afkortingen:
PE voor polyethyleen, bv. verpakkingsfolie
PS voor polystyreen, bv. opvulstukken
POM polyoxymethyleen, bv. plastic klemmen
PP polypropyleen, b.v. zoutvuller
ABS acrylonitril-butadieen-styreen, bv. het bedieningspaneel.
Het verpakkingsmateriaal kan gevaarlijk zijn voor kinderen!
Ga naar een recyclingcentrum voor het afdanken van de verpakking en het apparaat. Snijd het
netsnoer door en maak de deurvergrendeling onbruikbaar.
De kartonnen verpakking is gefabriceerd uit gerecycled papier en moet bij het oud papier worden
weggegooid voor recycling.
Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste manier wordt afgedankt, helpt u mogelijk negatieve
gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen, die veroorzaakt zouden kunnen
worden door onjuiste afvalverwerking van dit product.
Neem voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit product contact op met uw
plaatselijke instantie en uw gemeentereinigingsdienst.
AFDANKEN: Gooi dit product niet weg bij het gewone ongesorteerde huisvuil. Dit product moet apart
worden ingezameld voor speciale behandeling.
WAARSCHUWING:
AFDANKEN
BELANGRIJK. Om optimale prestaties uit uw afwasmachine te halen, dient u alle bedieningsinstructies te
lezen voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt.
Bedieningspaneel
Functies van de afwasmachine
99
1 Bovenste sproeiarm
2 Bestekrek
3 Bovenste mand
4 Interne leiding
5 Onderste mand
6 Zoutreservoir
7 Dispenser
8 Kopjesrek
9 Sproeiarmen
10 Filtergroep
11 Aansluiting
toevoerslang
12 Afvoerslang
13 Stelschroef
BEDIENINGSINSTRUCTIES
Voorkant
Achterkant
1 Aan/uit-knop: om de stroom aan/uit te zetten.
2 Startselectie-toets: Druk op de toets om het
programma op een later tijdstip te laten starten.
3 Programmatoets: Druk op de toets om een
afwasprogramma te selecteren.
4 Displayscherm: voor weergave van foutcodes,
startselectietijd etc.
- Indicatielampje glansspoelmiddel,
indicatielampje Zout toevoegen:
Geeft aan of de dispenser moet worden
bijgevuld.
- Indicatielampje startselectietijd of foutcodes:
- Programma-indicators:
44 3 2 1
100
Voordat u de afwasmachine voor het eerst gebruikt:
A. Stel de waterontharder in
B. Voeg 1,5 kg zout voor afwasmachines toe en vul het zoutreservoir daarna tot de rand met water
C. Vul het doseerbakje met glansspoelmiddel
D. Voeg afwasmiddel toe
A. Waterontharder
De waterontharder moet handmatig worden ingesteld met behulp van de draaischijf voor waterhardheid.
De waterontharder is ontworpen om mineralen en zouten uit het water te verwijderen, die schadelijke
gevolgen kunnen hebben voor de werking van het apparaat. Hoe hoger het gehalte aan deze mineralen en
zouten, hoe harder uw water is. De waterontharder moet worden ingesteld op basis van de hardheid van
het water in uw woonplaats. Het waterleidingbedrijf kan u informatie geven over de hardheid van het
water in uw woonplaats.
Het zoutverbruik instellen
De afwasmachine is zo ontworpen dat het zoutverbruik kan worden ingesteld op basis van de hardheid
van het gebruikte water. Dit is bedoeld om het niveau van het zoutverbruik te optimaliseren en aan te
passen. Volg de onderstaande stappen om het zoutverbruik in te stellen.
1. Open de deur, zet de machine aan;
2. Houd de programmatoets meer dan 5 seconden ingedrukt om de waterontharderinstelling te starten,
binnen 60 seconden nadat het apparaat is ingeschakeld (de waarschuwingslampjes voor zout en
glansspoelmiddel gaan af en toe branden);
3. Druk op de programmatoets om de juiste instelling te selecteren volgens de waterhardheid in uw
woonplaats. De instelling verandert als volgt: H1->H2->H3->H4->H5->H6;
4. Druk op de Aan/Uit-toets om de instelling te beëindigen.
Opmerking 1
1 dH=1,25 Clarke=1,78 fH=0,178 mmol/l
DH = Duitse graden
fH = Franse graden
Clarke = Engelse graden
Opmerking 2
De fabrieksinstelling is: H4 (EN 50242)
Neem contact op met uw waterleidingbedrijf voor informatie over de hardheid van het water in uw
woonplaats.
Opmerking: als uw model geen waterontharder heeft, kunt u dit gedeelte overslaan.
Wateronthardingssysteem
De hardheid van het water varieert van plaats tot plaats. Als er hard water in de afwasmachine wordt gebruikt,
worden er afzettingen gevormd op de borden en het bestek. Het apparaat is voorzien van een speciale
waterontharder die gebruik maakt van een zoutreservoir dat speciaal ontworpen is om kalk en mineralen uit het
water te verwijderen.
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
WATERHARDHEID
Positie ring
Zoutverbruik
(gram/
programma)
°dH °fH °Clarke mmol/l
0~5 0~9 0~6 0~0,94 H1 0
6~11 10~20 7~14 1,0~2,0 H2 9
12~17 21~30 15~21 2,1~3,0 H3 12
18~22 31~40 22~28 3,1~4,0 H4 20
23~34 41~60 29~42 4,1~6,0 H5 30
35~55 61~98 43~69 6,1~9,8 H6 60
101
B. Het zout in de ontharder vullen
Gebruik altijd zout dat bedoeld is voor gebruik in een afwasmachine.
Het zoutreservoir zit onder de onderste mand en moet als volgt worden gevuld met zout:
Let op
Gebruik alleen zout dat specifiek bedoeld is voor gebruik in afwasmachines! Elk ander type zout dat
niet specifiek bedoeld is voor gebruik in afwasmachines, vooral tafelzout, zal de waterontharder
beschadigen. Bij schade die veroorzaakt is door het gebruik van ongeschikt zout, geeft de fabrikant
geen garantie en is deze niet aansprakelijk voor enige schade.
Voeg zout pas vlak voordat u een volledig afwasprogramma start toe. Hierdoor voorkomt u dat
zoutkorrels of zout water dat misschien gemorst is, lange tijd op de bodem van de machine
achterblijven, wat aantasting kan veroorzaken.
A. Nadat u de onderste mand heeft verwijderd, draait u de dop van het zoutreservoir los en haalt u deze
weg. (1)
B. Plaats het uiteinde van de bijgeleverde trechter in het gat en vul het reservoir met ongeveer 1,5 kg
zout voor afwasmachines.
C. Vul het zoutreservoir tot de rand met water. Het is normaal dat er een kleine hoeveelheid water uit
het zoutreservoir komt. (2).
D. Draai de dop na het vullen van het reservoir weer goed dicht, naar rechts.
E. Het waarschuwingslampje voor het zout gaat uit nadat u het zoutreservoir heeft gevuld met zout.
F. Onmiddellijk na het vullen van zout in het zoutreservoir moet er een afwasprogramma worden gestart.
Anders kunnen het filtersysteem, de pomp of andere belangrijke onderdelen van de machine
beschadigd worden door zout water. Dit valt niet onder de garantie.
Opmerking:
1. Het zoutreservoir mag pas worden bijgevuld als het waarschuwingslampje voor het zout op het
bedieningspaneel gaat branden. Afhankelijk van hoe snel het zout oplost, kan het waarschuwingslampje
nog blijven branden, ook al is het zoutreservoir gevuld. Als er geen waarschuwingslampje voor zout op
het bedieningspaneel zit (bij sommige modellen), kunt u op basis van het aantal programma’s dat de
afwasmachine heeft gedraaid schatten wanneer u zout moet bijvullen in de waterontharder.
2. Als er zout is gemorst, moet er een week- of snel programma worden gedraaid om het overtollige
zout te verwijderen.
1
Openen
102
C. Het doseerbakje vullen met glansspoelmiddel
Doseerbakje voor glansspoelmiddel
Het glansspoelmiddel wordt afgegeven tijdens de laatste spoelbeurt om te voorkomen dat er druppels op
uw serviesgoed worden gevormd, die vlekken en strepen kunnen achterlaten. Ook wordt het drogen
hierdoor verbeterd, omdat het water van het serviesgoed af kan “rollen”. Uw afwasmachine is ontworpen
voor het gebruik van vloeibare glansspoelmiddelen. Het doseerbakje van het glansspoelmiddel zit aan de
binnenkant van de deur, naast het doseerbakje voor afwasmiddel.
Om het bakje te vullen opent u de dop en schenkt u het glansspoelmiddel in het bakje, tot de niveau-
indicator helemaal zwart is geworden. Het volume van het doseerbakje voor glansspoelmiddel is ongeveer
110ml.
De functie van glansspoelmiddel
Het glansspoelmiddel wordt automatisch toegevoegd tijdens de laatste spoelbeurt, waardoor het
serviesgoed grondig gespoeld wordt en zonder vlekken en strepen droogt.
Let op
Gebruik alleen glansspoelmiddel voor afwasmachines van een goed merk. Vul het doseerbakje voor
glansspoelmiddel nooit met andere producten
(bv. reinigingsmiddel voor afwasmachines, vloeibaar afwasmiddel). Hierdoor wordt het apparaat
beschadigd.
Wanneer moet het doseerbakje van het glansspoelmiddel bijgevuld worden
Als er geen waarschuwingslampje voor glansspoelmiddel op het bedieningspaneel zit, kunt u de
hoeveelheid schatten op basis van de kleur van de optische niveau-indicator C naast de dop. Wanneer het
bakje voor het glansspoelmiddel vol is, is de hele indicator donker. Naarmate het glansspoelmiddel minder
wordt, neemt de grootte van de donkere stip af. Zorg ervoor dat het niveau van het glansspoelmiddel
nooit onder 1/4 van het bakje komt.
Naarmate het glansspoelmiddel afneemt, wordt de zwarte stip op de niveau-indicator voor
glansspoelmiddel kleiner, zoals hieronder te zien is.
Vol
3 / 4 gevuld
1 / 2 gevuld
1 / 4 gevuld - Glansspoelmiddel moet worden
bijgevuld om vlekvorming te voorkomen
Leeg
C (Indicator glansspoelmiddel)
103
1. Om het bakje te openen draait u de dop naar de pijl “open” (links) en tilt u het eruit.
2. Giet het glansspoelmiddel in het doseerbakje en vul het niet te vol.
3. Plaats de dop terug door deze uit te lijnen op de pijl “open” en hem naar de gesloten pijl (rechts) te
draaien.
OPMERKING
Neem gemorst glansspoelmiddel op met een absorberende doek om overmatige schuimvorming tijdens
het volgende afwasprogramma te voorkomen. Vergeet niet de dop terug te plaatsen voordat u de deur
van de afwasmachine dichtdoet.
Het doseerbakje voor glansspoelmiddel aanpassen
Het doseerbakje voor glansspoelmiddel heeft zes of vier
instellingen. Begin altijd met het doseerbakje ingesteld op stand
“4”. Als het serviesgoed vlekken heeft of niet goed droogt,
verhoog dan de hoeveelheid glansspoelmiddel door het deksel
van het bakje te verwijderen en de draaischijf op “5” te
draaien. Als het serviesgoed niet goed droog wordt of vlekken
heeft, stel de draaischijf dan in op het volgende niveau tot uw
serviesgoed zonder vlekken uit de machine komt. De
aanbevolen instelling is “4”. (De fabrieksinstelling “4”.)
OPMERKING
Verhoog de dosis als er waterdruppels of kalkvlekken op het serviesgoed zitten na het afwasprogramma.
Verlaag de dosis als er kleverige witte vlekken op uw serviesgoed zitten, of als een blauwachtige laag op
glaswerk of messen zit.
Draaischijf
(glansspoelmiddel)
104
D. De functie van afwasmiddel
Afwasmiddelen met chemische ingrediënten zijn noodzakelijk om vuil te verwijderen, het vuil te verpulveren
en het uit de afwasmachine af te voeren. De meeste in de handel verkrijgbare kwaliteitsafwasmiddelen zijn
geschikt voor dit doel.
Let op!
Juist gebruik van afwasmiddel.
Gebruik alleen afwasmiddel dat speciaal is gemaakt voor afwasmachines. Bewaar het afwasmiddel op een
koele en droge plaats.
Doe geen afwasmiddel in poedervorm in het doseerbakje voordat u klaar bent om het serviesgoed af te
wassen.
Afwasmiddelen
Er zijn drie soorten afwasmiddelen:
1. Met fosfaat en met chloor
2. Met fosfaat en zonder chloor
3. Zonder fosfaat en zonder chloor
Gewoonlijk is nieuw afwasmiddel in poedervorm zonder fosfaat. Daarom wordt de wateronthardingsfunctie
van fosfaat niet gegeven. In dit geval adviseren wij om zout in het zoutreservoir te doen, ook als de hardheid
van het water slechts 6 dH is. Als er afwasmiddelen zonder fosfaat worden gebruikt bij hard water,
verschijnen er vaak witte vlekken op borden en glazen. Voeg in dat geval meer afwasmiddel toe om betere
resultaten te krijgen. Afwasmiddelen zonder chloor bleken slechts weinig. Sterke en gekleurde vlekken
worden dan niet volledig verwijderd. Kies in dat geval een programma met een hogere temperatuur.
Geconcentreerd afwasmiddel
Afhankelijk van hun chemische samenstelling kunnen afwasmiddelen onderverdeeld worden in twee
basistypen:
conventionele, alkaline afwasmiddelen met caustische bestanddelen
afwasmiddelen met een lage concentratie van alkaline met natuurlijke enzymen
Afwasmiddeltabletten
Afwasmiddeltabletten van verschillende merken lossen met verschillende snelheden op. Daarom kunnen
sommige tabletten niet goed oplossen en hun volledige reinigende kracht ontwikkelen bij korte programma’s.
Gebruik dus lange programma’s bij het gebruik van tabletten om de volledige verwijdering van resten
afwasmiddel te verzekeren.
Doseerbakje voor afwasmiddel
Het doseerbakje moet gevuld worden voor de start van elk afwasprogramma volgens de aanwijzingen in de
tabel met afwasprogramma’s. Uw afwasmachine gebruikt minder afwasmiddel en glansspoelmiddel dan een
conventionele afwasmachine. Over het algemeen is een eetlepel afwasmiddel voldoende voor een normale
lading. Voor sterker vervuild serviesgoed heeft u meer afwasmiddel nodig. Voeg het afwasmiddel toe vlak
voor u de afwasmachine start, anders kan het vochtig worden en niet goed oplossen.
Te gebruiken hoeveelheid afwasmiddel
Druk op het deksel om het te openen
Afwasmiddel in poedervorm
Afwasmiddeltablet
105
OPMERKING:
Als het deksel dicht is: druk op de ontgrendelingsknop. Het deksel zal dan open springen.
Voeg het afwasmiddel altijd toe vlak voordat u een afwascyclus start.
Gebruik alleen afwasmiddel voor afwasmachines van een goed merk.
Afwasmiddel is corrosief! Bewaar het buiten bereik van kinderen.
Afwasmiddel toevoegen
Vul het doseerbakje voor afwasmiddel met afwasmiddel. De markering geeft de doseringsniveaus aan,
zoals aan de rechterkant is afgebeeld:
A. De plaats voor het afwasmiddel voor het hoofdwasprogramma.
B. De plaats voor het afwasmiddel voor het voorwasprogramma.
Houd u aan de door de fabrikant aangegeven dosering en
opslagmethode.
De aanbevelingen vindt u op de verpakking van het
afwasmiddel.
Sluit het dekseltje tot het op zijn plaats vastklikt.
Als het serviesgoed sterk vervuild is, doe dan wat extra
afwasmiddel in het vakje voor afwasmiddel voor de voorwas.
Dit afwasmiddel wordt gebruikt tijdens de voorwasfase.
OPMERKING:
Informatie over de hoeveelheid te gebruiken afwasmiddel
voor elk afzonderlijk programma vindt u op de laatste
pagina.
Denk er wel aan dat afhankelijk van de vervuilingsgraad
van het serviesgoed en de waterhardheidsgraad er verschillen mogelijk zijn.
Houd u aan de aanbevelingen van de fabrikant die op de verpakking staan.
WAARSCHUWING:
106
Advies
Overweeg keukengerei aan te schaffen dat gemerkt is als afwasmachinebestendig.
Gebruik een mild afwasmiddel dat beschreven wordt als ‘vriendelijk voor servies’. Win zo nodig
verdere informatie in bij de fabrikant van het afwasmiddel.
Kies bij speciale voorwerpen een programma met een zo laag mogelijk temperatuur.
Om beschadiging te voorkomen dient u glaswerk en bestek niet meteen uit de afwasmachine te halen
nadat het programma is geëindigd.
Ongeschikt bestek/serviesgoed voor afwassen in de afwasmachine
Niet geschikt:
Bestek met houten, benen, porseleinen of parelmoeren handgrepen
Plastic voorwerpen die niet hittebestendig zijn
Ouder bestek met gelijmde delen die niet temperatuurbestendig zijn
Gelijmd bestek of gelijmde borden
Tinnen of koperen voorwerpen
Glaswerk van kristal
Stalen voorwerpen die kunnen roesten
• Houten borden
Voorwerpen die gemaakt zijn van synthetische vezels
Beperkt geschikt:
Bepaalde soorten glazen kunnen dof worden na een groot aantal afwasbeurten
Zilveren en aluminium delen kunnen verkleuren tijdens het afwassen
Geglazuurde patronen kunnen vervagen als ze vaak in de machine worden afgewassen
Aandachtspunten voor of na in het inladen van de afwasmachine
(Volg voor de beste prestaties van de afwasmachine onderstaande aanwijzingen voor het inladen. De
kenmerken en het uiterlijk van manden en bestekkorven kan afwijken van uw model afwasmachine).
Schraap grote hoeveelheden restvoedsel van het serviesgoed af. Laat resten aangebrand voedsel in pannen
zacht worden.
Het is niet nodig om de borden onder stromend water af te spoelen.
Zet het serviesgoed op de volgende manier in de machine:
1. Voorwerpen als kopjes, glazen, potten en pannen etc. moeten met de holte omlaag worden geplaatst.
2. Gebogen voorwerpen, of voorwerpen met uitsparingen moeten schuin worden gezet zodat het water
eraf kan lopen.
3. Alle keukengerei moet stevig opgestapeld worden, zodat het niet eruit kan vallen.
4. Alle keukengerei moet zodanig worden geplaatst dat de sproeiarmen vrij kunnen draaien tijdens het
afwasprogramma.
OPMERKING: Zeer kleine artikelen mogen niet in de afwasmachine worden gewassen, omdat deze
makkelijk uit de mand kunnen vallen.
Plaats holle items zoals kopjes, glazen, pannen etc. met de opening omlaag, zodat het water eruit kan
lopen.
Servies en bestek mag niet in elkaar liggen of elkaar bedekken.
Om schade aan glazen te voorkomen, mogen deze elkaar niet raken.
Plaats grote items die het moeilijkst te reinigen zijn in de onderste mand.
De bovenste mand is ontworpen voor fijner en lichter serviesgoed, zoals glazen, koffie- en theekopjes.
Lange messen die met de snijkant rechtop worden gezet vormen een mogelijk gevaar!
Lang en/of scherp bestek zoals keukenmessen moet horizontaal in de bovenste mand worden gelegd.
Laad de afwasmachine niet te vol. Dit is belangrijk voor goede resultaten en voor een redelijk
energieverbruik.
Het serviesgoed uit de machine halen
Om te voorkomen dat er water van de bovenste mand in de onderste mand druppelt, adviseren wij om
de onderste mand eerst uit te ruimen en daarna de bovenste mand.
DE MANDEN VAN DE AFWASMACHINE
INLADEN
107
Methode voor het inladen van normaal serviesgoed
De bovenste mand laden
De bovenste mand is ontworpen voor het meer delicate en lichte
serviesgoed zoals glazen, koffie- en theekopjes en schotels en
borden, schaaltjes en ondiepe pannen (mits deze niet te vuil zijn).
Plaats het serviesgoed en de pannen zodanig dat ze niet verplaatst
worden door de waterstralen.
De onderste mand laden
Wij adviseren om grote items die het moeilijkst te reinigen zijn in de
onderste mand te plaatsen: potten, pannen, deksels, serveerschalen
en kommen, zoals in de afbeelding te zien is. U kunt serveerschalen
en deksels het best aan de zijkant van de rekken plaatsen, zodat de
beweging van de bovenste sproeiarm niet wordt geblokkeerd.
Let op het volgende:
Pannen, serveerschalen etc. moeten altijd ondersteboven worden
geplaatst.
Diepe pannen moeten schuin worden neergezet zodat het water
eruit kan lopen.
De onderste mand heeft punten die ingeklapt kunnen worden,
zodat er grotere of meer potten en pannen in de machine kunnen worden geladen.
De bovenste mand aanpassen
De hoogte van de bovenste mand kan worden aangepast
om meer ruimte voor groot keukengerei te creëren,
zowel in de bovenste als in de onderste mand. De
hoogte van de bovenste mand kan worden aangepast
door de wielen op verschillende hoogtes op de rails te
plaatsen. Lange voorwerpen, serveerbestek,
saladebestek en messen moeten op het schap worden
gelegd, zodat ze beweging van de sproeiarmen niet
kunnen hinderen.
De kopjesrekken inklappen
Om potten en pannen beter op elkaar te kunnen plaatsen
kunnen de punten worden ingeklapt, zoals op de
afbeelding rechts.
IN
IN
Onderste positie Bovenste positie
Wielen
108
Bestekkorf
Bestek moet apart van elkaar in de juiste posities in het bestekrek worden
geplaatst. Zorg ervoor dat het bestek niet in elkaar gepast zit, omdat dit
slechte afwasresultaten kan veroorzaken.
Voor reiniging van topkwaliteit dient u tafelzilver in de mand te
plaatsen; zorg ervoor dat:
De items niet in elkaar gepast zitten.
Tafelzilver met de mannelijke kant omhoog geplaatst wordt.
Lang keukengerei in het midden geplaatst wordt.
109
Tabel met afwasprogramma’s
OPMERKING
betekent: er moet glansspoelmiddel worden
bijgevuld in het betreffende doseerbakje.
* Dit programma is het testprogramma. De
informatie voor vergelijkbaarheidstest volgens
EN 50242 is als volgt:
Capaciteit: 10 couverts;
Positie bovenste mand: bovenwielen op rails;
Instelling glansspoelmiddel: 6
Pl: 0,49 w;
Po: 0,45 w.
EEN AFWASPROGRAMMA STARTEN
Programma
Informatie over
programmakeuze
Programmabeschrijving
Afwasmiddel
voor-/hoofdwas
Duur
(min)
Energie
(kWh)
Water
(l)
Glansspoelmiddel
Intensief
Voor het zwaarst
vervuilde serviesgoed
en normaal vervuilde
potten, pannen, schalen
enz. met opgedroogde
voedselresten.
Voorspoelen (50°C)
Afwassen (65°C)
Naspoelen
Naspoelen
Naspoelen (65°C)
Drogen
5/22g 135 1,3 16
Normaal
Voor normaal vervuilde
vaat, zoals pannen,
borden, glazen en licht
vervuilde pannen.
Voorspoelen (45°C)
Afwassen (55°C)
Naspoelen
Naspoelen (65°C)
Drogen
5/22g 155 1,07 13
* EN 50242
Dit is het
standaardprogramma,
geschikt voor het
reinigen van normaal
vervuild serviesgoed,
het meest efficiënte
programma in termen
van gecombineerd
energie- en
waterverbruik voor dat
type serviesgoed.
Voorspoelen
Afwassen (50°C)
Naspoelen (65°C)
Drogen
5/22g 175 0,83 9
Delicaat
Voor licht vervuilde
vaat en glaswerk
Voorspoelen
Afwassen (40°C)
Naspoelen
Naspoelen (60°C)
Drogen
5/22g 110 0,7 13
1 uur
Voor licht vervuilde
vaat die niet perfect
gedroogd hoeft te
worden.
Voorspoelen (50°C)
Afwassen (60°C)
Naspoelen (55°C)
Drogen
5/22g 60 0,85 9
Express
Een korter en sneller
afwasprogramma voor
licht vervuilde vaat.
Afwassen (40°C)
Naspoelen
Naspoelen (45°C)
20 g 40 0,45 10
Het apparaat inschakelen
Een afwasprogramma starten
1. Trek de onderste en bovenste mand naar buiten, vul ze met serviesgoed en duw ze terug.
Geadviseerd wordt om eerst de onderste mand te laden en dan de bovenste mand (zie de paragraaf
“De afwasmachine inladen”).
2. Schenk het afwasmiddel in het bakje (zie de paragraaf “Zout, afwasmiddel en glansspoelmiddel”).
3. Steek de stekker in het stopcontact. De netvoeding is 220-240 VAC /50 HZ, de specificaties van het
stopcontact zijn 10A 250VAC. Zorg ervoor dat de watertoevoer op volledige druk is ingeschakeld.
4. Doe de deur dicht en druk op de AAN/UIT-knop. Het AAN/UIT-lampje gaat branden.
5. Druk op de programmatoets. Het afwasprogramma verandert als volgt:
Intensief->Normaal->Eco->Delicaat->1Uur->Express;
Als een programma geselecteerd is, gaat het betreffende indicatielampje branden. Druk vervolgens op
de Start/Pauze-toets. De afwasmachine begint te draaien.
110
Het programma veranderen...
Voorwaarde:
1. Een programma dat al begonnen is, kan alleen worden veranderd als het pas korte tijd bezig is. Anders
is het afwasmiddel al afgegeven en heeft het apparaat het afwaswater mogelijk al afgevoerd. In dat
geval moet het doseerbakje voor het afwasmiddel opnieuw worden gevuld (zie de paragraaf
Afwasmiddel vullen”).
2. Open de deur en houd de programmatoets langer dan 3 seconden ingedrukt. De machine staat in de
stand-by. U kunt het programma nu veranderen in de gewenste programma-instelling (zie de paragraaf
“Een wasprogramma starten. . .”).
Vergeten een bord in de machine te plaatsen?
Als u vergeten bent om servies in de machine te zetten, kunt u dit nog doen voordat het doseerbakje voor
afwasmiddel geopend wordt.
1. Open de deur een beetje
2. Nadat de sproeiarmen gestopt zijn met draaien, kunt u de deur helemaal open doen.
3. Plaats het vergeten servies in de machine.
4. Sluit de deur
5. De afwasmachine begint na 10 seconden te draaien.
Aan het einde van het afwasprogramma
Als het afwasprogramma geëindigd is, klinkt de zoemer gedurende 8 seconden en stopt dan. Zet het
apparaat uit met de AAN/UIT-knop, draai de waterkraan dicht en open de deur van de afwasmachine.
Wacht enkele minuten voordat u de afwasmachine uitlaadt, om te voorkomen dat u serviesgoed en
keukengerei vastpakt terwijl het nog heet is en makkelijker kan breken. Het serviesgoed droogt ook beter
als u even wacht.
Schakel de afwasmachine uit
Het programmalampje is uit, alleen in dat geval is het programma afgelopen.
1. Schakel de machine uit door op de AAN/UIT-knop te drukken.
2. Draai de waterkraan dicht!
Open de deur voorzichtig.
Heet serviesgoed is gevoelig voor stoten. Het serviesgoed moet daarom ongeveer 15 minuten afkoelen
voordat u het uit de machine haalt. Open de deur van de afwasmachine, laat deze op een kier staan en
wacht een paar minuten voordat u het serviesgoed eruit haalt. Op die manier is het serviesgoed niet
meer zo heet en droogt het beter.
Laad de afwasmachine uit
Het is normaal dat de afwasmachine nat is van binnen. Maak eerst de onderste mand leeg en daarna de
bovenste. Hierdoor voorkomt u dat er water uit de bovenste mand op het serviesgoed in de onderste
mand druppelt.
Het is gevaarlijk om de deur tijdens het afwassen te openen; u zou zich kunnen branden aan het hete
water.
WAARSCHUWING:
111
Filtersysteem
Het filter voorkomt dat grote voedselresten of andere voorwerpen in de pomp terechtkomen.
De resten kunnen het filter verstoppen; in dat geval moeten ze worden verwijderd.
Het filter bestaat uit een grof filter, een plat filter (hoofdfilter) en een microfilter (fijn filter).
Hoofdfilter 1
Voedsel- en vuildeeltjes die in dit filter worden
opgevangen, worden verpulverd door een speciale straal
uit de onderste sproeiarm en worden vervolgens
afgevoerd.
Grof filter 2
Grotere resten, zoals botjes of stukjes glas die de afvoer
zouden kunnen verstoppen worden in het grove filter
opgevangen. Om de resten in dit filter te verwijderen
knijpt u voorzichtig aan de bovenkant van het filter en tilt
u het eruit.
Fijn filter 3
Dit filter vangt vuil- en voedselresten op in het reservoir
en voorkomt dat dit weer terechtkomt op de borden
tijdens het wasprogramma.
Filtergroep
Het filter verwijdert voedseldeeltjes effectief uit het afwaswater, waardoor het water gerecycled kan
worden tijdens het programma. Voor de beste prestaties en resultaten moet het filter regelmatig worden
schoongemaakt. Daarom is het een goed idee om de grote voedselresten die in het filter zijn opgevangen
na elk afwasprogramma te verwijderen door het halfronde en komvormige filter af te spoelen onder
stromend water. Om de filtergroep te verwijderen trekt u de handgreep van het komvormige filter
omhoog.
De afwasmachine mag nooit gebruikt worden zonder de filters.
Onjuiste plaatsing van het filter kan de prestaties van het apparaat
negatief beïnvloeden en het serviesgoed en het keukengerei
beschadigen.
STAP 1: Draai het filter naar links.
STAP 2: til de filtergroep op
OPMERKING
Wanneer u deze procedure van stap1 tot stap 2 uitvoert, wordt het
filtersysteem verwijderd; als u de procedure van stap 2 tot stap 1 uitvoert
wordt het filtersysteem geïnstalleerd.
WAARSCHUWING:
ONDERHOUD EN REINIGING
1
2
Openen
1
2
3
112
Opmerkingen:
Inspecteer de filters na elk afwasprogramma op verstopping.
Door het grove filter los te draaien kunt u het filtersysteem verwijderen. Verwijder eventuele
voedselresten en maak de filters schoon onder stromend water.
OPMERKING: Het volledige filtersysteem moet een keer per week schoongemaakt worden.
Het filter schoonmaken
Gebruik een schoonmaakborstel om het grove en fijne filter schoon te maken. Zet de filteronderdelen
weer in elkaar zoals aangegeven op de afbeeldingen op de laatste pagina, en plaats de hele filtergroep
weer terug in de afwasmachine door deze in de opening te plaatsen en omlaag te drukken.
Oefen geen kracht uit op de filters als u ze schoonmaakt. Anders kunnen ze vervormd raken en kunnen
de prestaties van de afwasmachine achteruitgaan.
Verzorging van de afwasmachine
Het bedieningspaneel kan schoongemaakt worden met een vochtige doek.
Maak het paneel goed droog na het reinigen.
Gebruik voor de buitenkant van de machine een goed poetsmiddel
voor apparaten.
Gebruik nooit scherpe voorwerpen, schuursponsjes of agressieve
reinigingsmiddelen op enig onderdeel van de afwasmachine.
De deur schoonmaken
Om de rand rond de deur schoon te maken mag u alleen een
zachte, warme vochtige doek gebruiken. Gebruik nooit
sprayreinigers om te voorkomen dat er water in de
deurvergrendeling en de elektrische onderdelen terechtkomt.
Gebruik nooit een sprayreiniger om het deurpaneel schoon te maken, omdat de deurvergrendeling en
de elektrische onderdelen hierdoor beschadigd kunnen raken.
Schuurmiddelen of papieren handdoekjes mogen niet worden gebruikt, omdat deze krassen of vlekken
op het roestvrijstalen oppervlak kunnen achterlaten.
Bescherming tegen bevriezen
Neem maatregelen tegen het bevriezen van de afwasmachine in de winter. Ga na elk afwasprogramma als
volgt te werk:
1. Sluit de elektrische stroom naar de afwasmachine af.
2. Schakel de watertoevoer uit en maak de watertoevoerslang los van de waterklep.
3. Laat het water uit de toevoerslang en de waterklep lopen. (Gebruik een pan om het water op te
vangen)
4. Sluit de watertoevoerslang weer aan op de waterklep.
5. Verwijder het filter in de onderkant van de kuip en neem water in de holte met een spons op.
OPMERKING: Als uw afwasmachine niet werkt vanwege ijsvorming, neem dan contact op met een
deskundige servicemonteur.
WAARSCHUWING:
WAARSCHUWING:
113
De sproeiarmen schoonmaken
De sproeiarmen moeten regelmatig schoongemaakt worden, omdat
mineralen uit hard water de sproeigaatjes en lagers kunnen verstoppen.
Om de bovenste sproeiarm te verwijderen houdt u de moer vast en
draait u de arm naar rechts om deze te verwijderen.
Om de onderste sproeiarm te verwijderen trekt u de sproeiarm recht
naar boven.
Was de armen in een warm sopje en gebruik een zachte borstel om de
sproeigaatjes te reingen. Plaats de armen terug nadat u ze grondig heeft
afgespoeld.
Uw afwasmachine in vorm houden
Na elk afwasprogramma
Draai na elk afwasprogramma de kraan dicht en laat de deur een beetje openstaan, zodat vocht en
geurtjes kunnen ontsnappen.
Haal de stekker uit het stopcontact
Voordat u het apparaat schoonmaakt of onderhoud uitvoert, moet u altijd de stekker uit het
stopcontact trekken.
Geen oplosmiddelen of schuurmiddelen
Gebruik geen oplosmiddelen of agressieve reinigingsmiddelen om de buitenkant en de rubberen
onderdelen van de afwasmachine schoon te maken. Gebruik alleen een doek met een warm sopje. Om
vlekken van de binnenkant te verwijderen gebruikt u een doek die u bevochtigd heeft met water en
een beetje azijn, of een speciaal reinigingsproduct voor afwasmachines.
Wanneer u het apparaat lange tijd niet gebruikt
Het wordt aanbevolen om een afwasprogramma met een lege machine te draaien en daarna de
stekker uit het stopcontact te halen. Draai de kraan dicht en laat de deur van het apparaat een beetje
openstaan. Hierdoor gaan de deurafdichtingen langer mee en worden nare luchtjes binnen het apparaat
voorkomen.
Het apparaat verplaatsen
Als het apparaat verplaatst moet worden, probeer het dan in de verticale positie te houden. Indien dit
absoluut noodzakelijk is, kan het apparaat op zijn rug worden gelegd.
Afdichtingen
Een van de oorzaken van nare luchtjes in de afwasmachine is voedsel dat in de afdichtingen achterblijft.
Regelmatige reiniging van de afdichtingen met een vochtige spons voorkomt dit probleem.
Openen
114
LET OP De installatie van de leidingen en elektrische apparatuur moet worden uitgevoerd door een
professionele monteur.
Gevaar voor elektrische schokken
Sluit de elektrische stroom af voordat u de afwasmachine installeert. Als u dit niet doet, kan dat leiden tot
overlijden of elektrische schokken.
Voorbereiding van de installatie
De afwasmachine moet in de buurt van een bestaand stopcontact en watertoevoer- en afvoerpunt worden
geïnstalleerd.
Kies een plaats naast de gootsteen om de aansluiting van de afvoerslangen van de afwasmachine te
vergemakkelijken.
OPMERKING: controleer de bijgeleverde installatie-accessoires (haak voor sierpaneel, schroeven)
Lees de installatie-instructies zorgvuldig door.
Bekijk de illustraties met de afmetingen van de kast en de installatieplaats van de afwasmachine
De voorbereidingen moeten uitgevoerd worden voordat de afwasmachine naar de installatieplaats wordt
gebracht.
1. Kies een plaats in de buurt van de gootsteen om de installatie van de toevoer- en afvoerslangen te
vergemakkelijken (zie figuur 1).
2. Als de afwasmachine in een hoek van de keuken wordt geïnstalleerd, moet er ruimte over blijven
(weergegeven in figuur 2) als de deur geopend is.
WAARSCHUWING:
INSTALLATIE-INSTRUCTIES
Figuur 1
Afmetingen van de kast
Minder dan 5 mm tussen de bovenkant van de afwasmachine en de kast en de buitendeur uitgelijnd met
de kast.
Ingangen voor
elektrische leiding,
waterafvoer en
watertoevoer
Ruimte tussen de
bodem van de kast en
de vloer
115
Figuur 2
Minimum afstand als de deur geopend is.
Afwasmachine
Deur van de
afwasmachine
Kast
Minimale afstand van
50 mm
Afmetingen en installatie van het sierpaneel
1. Het houten sierpaneel kan worden aangebracht volgens figuur 3.
Figuur 3
Het houten sierpaneel moet worden aangebracht volgens de afmetingen in de afbeelding.
Eenheid: mm
116
2. Installeer de haak op het houten sierpaneel en steek de haak in de opening in de buitendeur van de
afwasmachine (zie figuur 4a). Bevestig het paneel nadat u het geplaatst heeft met schroeven en bouten
aan de buitendeur van de afwasmachine (zie figuur 4b).
Figuur 4a
Installatie van het sierpaneel
Figuur 4b
Installatie van het houten sierpaneel
1. haal de vier korte schroeven weg
2. breng de vier lange schroeven aan
Haal de vier korte schroeven weg
Breng de vier lange
schroeven aan
117
Spanningsinstelling van de deurveer
De deurveren zijn in de fabriek ingesteld op de juiste spanning voor de buitenste deur.
Als het houten sierpaneel geïnstalleerd wordt, dan moet u de spanning van de deurveren aanpassen.
Draai aan de stelschroef om de staalkabel losser of strakker in te stellen (zie figuur 5)
Figuur 5
Spanningsinstelling van de deurveer.
Aansluiting van de afvoerslangen
Plaats de afvoerslang in een afvoerpijp met een diameter van minimaal 40mm, of laat hem naar de gootsteen
lopen. Zorg ervoor dat hij niet verbogen of ingedrukt raakt. De bovenkant van de slang mag niet hoger dan
1000 mm zijn.
OPMERKING
De bovenkant van de slang
mag niet hoger dan 1000 mm
zijn.
Afvoerpijp
Aanrecht
Voorkant
HANG DE AFVOERSLANG OP MANIER A OF B OP
Figuur 6
118
Installatiestappen voor de afwasmachine
1. Installeer het sierpaneel met de bijgeleverde haken aan de buitenste deur van de afwasmachine. Zie het
sjabloon voor het plaatsen van de haken.
2. Pas de spanning van de deurveren aan met behulp van een inbussleutel; draai de stelschroef naar rechts
om de linker- en rechterdeurveren strakker aan te halen. Als u dit niet doet, kan dit schade aan uw
afwasmachine veroorzaken (illustratie 2).
3. Sluit de toevoerslang aan op de koudwatertoevoer.
4. Sluit de afvoerslang aan. Zie de tekening. (Fig. 6).
5. Sluit het netsnoer aan.
6. Plak de condensstrip onder het werkblad van de keukenkastjes. Zorg ervoor dat de condensstrip gelijk
loopt met de rand van het werkblad.
7. Zet de afwasmachine op zijn plaats. (Illustratie 4)
8. Zet de afwasmachine waterpas. De achterste pootjes kunnen vanaf de voorkant van de afwasmachine
worden afgesteld door de inbusbout in het midden met de afwasmachine te draaien met behulp van
een inbussleutel (illustratie 5A). Om de voorste pootjes af te stellen gebruikt u platte schroevendraaier
en draait u de voorste pootjes tot de afwasmachine waterpas staat (illustratie 5B).
9. De afwasmachine moet op zijn plaats worden vastgezet. Er zijn twee manieren om dit te doen:
A. Normaal werkblad: Plaats de installatiehaak in de opening van het zijvlak en zet hem vast aan het
werkblad met de houtschroeven (illustratie 6).
B. Marmeren of granieten werkblad: bevestig de zijkant met de schroef. (Illustratie 7)
Sierpaneel
Condensstrip
Figuur 7
119
De afwasmachine moet waterpas staan voor een juiste werking en afwasprestaties.
1. Leg een waterpas op de deur en op de rails van het rek in de kuip zoals weergegeven om te
controleren of de afwasmachine waterpas staat.
2. Zet de afwasmachine waterpas door de drie stelpootjes afzonderlijk af te stellen.
3. Let er bij het waterpas zetten van de machine op, dat de afwasmachine niet voorover kantelt.
Figuur 8
Afstellen van de pootjes.
OPMERKING: De maximaal instelbare hoogte van de pootjes is 50 mm.
Waterpas
controleren -
van voor naar
achter
Waterpas controleren - van zijkant naar zijkant
Over het aansluiten van elektriciteit
Voor uw persoonlijke veiligheid:
GEBRUIK GEEN VERLENGSNOER OF ADAPTERSTEKKER MET DIT APPARAAT.
VERWIJDER NOOIT DE AARDVERBINDING UIT HET NETSNOER EN SNIJD DEZE NIET DOOR.
Elektrische vereisten
Kijk op het typeplaatje voor het nominale voltage en sluit de afwasmachine aan op een geschikte netvoeding.
Gebruik de vereiste zekering van 10 amp, een zekering met vertraagde werking of de aanbevolen
stroomonderbreker en gebruik een apart stroomcircuit waarop alleen dit apparaat is aangesloten.
Verzeker u er voor gebruik van dat er een goede aardverbinding bestaat
Elektrische aansluiting
Controleer of het voltage en de frequentie van de netvoeding overeenkomen met de waarden op het typeplaatje.
Steek de stekker alleen in een elektrisch stopcontact dat deugdelijk geaard is. Als het stopcontact waarop het
apparaat moet worden aangesloten niet geschikt is voor de stekker, laat dan het stopcontact vervangen in plaats van
adapters en dergelijke te gebruiken, omdat deze oververhitting en brand kunnen veroorzaken.
Instructies m.b.t. aarding
Dit apparaat moet worden geaard. In het geval van een storing of defect, verkleint de aarding het risico op een
elektrische schok doordat de elektrische stroom via een pad met de laagste weerstand kan worden afgevoerd. Dit
apparaat is uitgerust met een netsnoer met een aardgeleider en een aardstekker. De stekker moet in een geschikt
stopcontact worden gestoken, dat geïnstalleerd en geaard is volgens alle plaatselijke wet- en regelgeving.
WAARSCHUWING:
WAARSCHUWING:
120
Een onjuiste aansluiting van de apparaataarding kan leiden tot risico op een elektrische schok.
Raadpleeg een gekwalificeerd elektricien of een onderhoudsmonteur als u twijfelt of het apparaat goed
geaard is. Verander de stekker die bij het apparaat is geleverd niet zelf als hij niet in het stopcontact
past. Laat een geschikt stopcontact aanleggen door een gekwalificeerd elektricien.
Wateraansluiting
Sluit de koudwatertoevoerslang aan op een 3/4 (inch)
schroefdraadaansluiting en zorg ervoor dat hij stevig op zijn plaats wordt
bevestigd. Als de waterleiding nieuw is of lange tijd niet is gebruikt, laat het
water dan doorstromen om te kijken of het helder is. Deze
voorzorgsmaatregel is nodig om te voorkomen dat de watertoevoer
verstopt raakt en het apparaat beschadigd wordt.
Sluit de kraan na gebruik.
Het apparaat plaatsen
Plaats het apparaat op de gewenste locatie. De achterkant moet tegen de achterwand rusten en de zijkanten tegen
de zijkanten van de kastjes of muren ernaast. De afwasmachine is uitgerust met watertoevoer- en afvoerslangen die
aan de rechter- of linkerkant geplaatst kunnen worden om de installatie te vergemakkelijken.
Overtollig water afvoeren uit de slangen
Als de gootsteen zich meer dan 1000 boven de vloer bevindt, kan het overtollige water in de slangen niet
rechtstreeks afgevoerd worden in de gootsteen. Het overtollige water uit de slangen moet dan worden afgevoerd
in een teil of geschikte bak die buiten en op lagere hoogte dan de gootsteen wordt gehouden.
Waterafvoer
Sluit de waterafvoerslang aan. De afvoerslang moet correct gemonteerd zijn om waterlekken te voorkomen. Zorg
ervoor dat de watertoevoerslang niet geknikt of platgedrukt is.
Verlengslang
Als u een verlenging van de afvoerslang nodig heeft, zorg er dan voor dat u een soortgelijke afvoerslang gebruikt.
De slang mag niet langer dan 4 meter zijn; anders kunnen de reinigingsresultaten van de afwasmachine
achteruitgaan.
Sifonaansluiting
Plaats de afvoerslang in een afvoerpijp met een diameter van minimaal 40mm, of laat hem naar de gootsteen lopen.
Zorg ervoor dat hij niet verbogen of ingedrukt raakt. De bovenkant van de slang mag niet hoger dan 1000 mm zijn.
Voor het starten van de afwasmachine
Controleer de volgende punten voordat u de afwasmachine start.
1 De afwasmachine staat waterpas en is goed bevestigd
2 De toevoerklep is geopend
3 Er zijn geen lekken bij de aansluiting van de leidingen
4 De kabels zijn goed aangesloten
5 De elektriciteit is ingeschakeld
6 De toevoer- en afvoerslangen zijn aangesloten
7 Alle verpakkingsmaterialen en documentatie zijn uit de afwasmachine verwijderd
Let op: Bewaar deze handleiding na de installatie. De inhoud van deze handleiding is zeer nuttig voor de
gebruikers.
WAARSCHUWING:
WAARSCHUWING:
121
Voordat u met de Klantenservice belt
Lees de tabellen op de volgende pagina’s, waardoor u de Klantenservice mogelijk niet meer hoeft te bellen.
Technische problemen
STORINGEN OPSPOREN
Probleem Mogelijke oorzaken Hoe te handelen
Afwasmachine start niet Zekering gesprongen, of de
stroomonderbreker is in werking
getreden
Vervang de zekering of reset de stroomonderbreker. Verwijder
eventuele andere apparaten die op hetzelfde voedingscircuit als de
afwasmachine zijn aangesloten
De netvoeding is niet
ingeschakeld
Zorg ervoor dat de afwasmachine is ingeschakeld en de deur stevig
gesloten is. Controleer of het netsnoer goed in het wandstopcontact
is gestoken.
Waterdruk te laag Controleer of de watertoevoer goed is aangesloten en de kraan
geopend is.
Deur van de afwasmachine niet
goed gesloten
Sluit de deur goed en vergrendel deze.
Water wordt niet
weggepompt
uit de afwasmachine
Knik in de afvoerslang Controleer de afvoerslang.
Filter is verstopt
Controleer het grove filter (zie de paragraaf “Het filter schoonmaken”)
De gootsteen van de keuken is
verstopt
Controleer de gootsteen en zorg ervoor dat de afvoer vrij is. Als het
probleem is dat de gootsteen niet doorloopt, dan heeft u een
loodgieter nodig in plaats van een onderhoudsmonteur voor
afwasmachines.
Algemene problemen
Probleem Mogelijke oorzaken Hoe te handelen
Zeepresten in de kuip Ongeschikt afwasmiddel
Gebruik uitsluitend speciaal afwasmiddel voor afwasmachines om
zeepresten te voorkomen. Als dit gebeurt, doe de afwasmachine dan
open en laat de zeepresten verdampen. Giet 4 liter koud water in de
kuip. Sluit en vergrendel de afwasmachine en selecteer een willekeurig
programma. De afwasmachine voert het water af bij de eerste stap.
Open de deur nadat het afvoeren is gestopt en controleer of de
zeepresten verdwenen zijn. Herhaal dit zo nodig.
Gemorst glansspoelmiddel Neem gemorst glansspoelmiddel altijd onmiddellijk op.
Vlekken op de
binnenkant van de kuip
Er is afwasmiddel met kleurstof
gebruikt
Zorg ervoor dat u afwasmiddel zonder kleurstof gebruikt.
Witte aanslag op
binnenkant
Mineralen uit hard water
Gebruik een vochtige spons met reinigingsmiddel voor afwasmachines om
de binnenkant schoon te maken en draag hierbij rubberen handschoenen.
Gebruik nooit andere reinigingsmiddelen dan speciale reinigingsmiddelen
voor afwasmachines vanwege het risico op schuimvorming of zeepresten.
Er zitten roestvlekken
op het bestek
De betreffende items zijn niet
corrosiebestendig.
Er is geen programma gestart na
het toevoegen van zout in de
machine. Er zijn sporen van zout
in het afwasprogramma
terechtgekomen.
Draai altijd het snelle afwasprogramma zonder serviesgoed in de
afwasmachine en zonder de Turbo-functie te selecteren (indien
aanwezig) na het toevoegen van zout voor de afwasmachine.
Het deksel van de
waterontharder zit los
Controleer het lipje. Zorg ervoor dat de vergrendeling goed is.
122
Lawaai
Probleem Mogelijke oorzaken Hoe te handelen
Stotend geluid in
de afwaskuip
Een sproeiarm stoot tegen
een item in een mand
Onderbreek het programma en plaats het serviesgoed
dat de sproeiarm blokkeert anders.
Ratelend geluid in
de afwaskuip
Losse stukken serviesgoed
in de afwaskuip
Onderbreek het programma en plaats het serviesgoed
goed in de manden.
Stotend geluid in
de waterslangen
Dit kan veroorzaakt
worden door de installatie
ter plaatse of door de
dwarsdoorsnede van de
leidingen.
Dit heeft geen invloed op de werking van de
afwasmachine.
Neem bij twijfel contact op met een erkende
loodgieter.
Onvoldoende afwasresultaten
Probleem Mogelijke oorzaken Hoe te handelen
Het serviesgoed is
niet schoon
Het serviesgoed is niet
goed ingeladen.
Zie de opmerkingen in “De manden van de
afwasmachine inladen”.
Het programma was niet
krachtig genoeg.
Selecteer een intensiever programma.
Zie “Tabel met afwasprogramma’s”.
Er is niet genoeg
afwasmiddel gebruikt.
Gebruik meer afwasmiddel of verander van
afwasmiddel.
Items blokkeren de baan
van de sproeiarmen.
Verplaats het serviesgoed zodat de sproeiarmen vrij
kunnen draaien.
De filtercombinatie in de
onderkant van de machine
is niet schoon of is niet
correct geplaatst.
Hierdoor kunnen de
gaatjes van de
sproeiarmen verstopt
raken.
Reinig en/of plaats de filtercombinatie op de juiste
manier.
Reinig de gaatjes van de sproeiarm. Zie “De
sproeiarmen schoonmaken”.
Glaswerk is dof Combinatie van zacht
water en te veel
afwasmiddel.
Gebruik minder afwasmiddel als u zacht water heeft en
kies het kortste programma om het glaswerk te wassen
en schoon te krijgen.
Zwarte of grijze
strepen op servies
Aluminium keukengerei is
tegen het serviesgoed
gekomen.
Gebruik een mild schuurmiddel om deze strepen te
verwijderen.
Afwasmiddel in
bakje blijven zitten
Het serviesgoed blokkeert
het bakje voor
afwasmiddel.
Plaats het serviesgoed op de juiste manier in de
machine.
123
Onvoldoende droogresultaten
Probleem Mogelijke oorzaken Hoe te handelen
Het serviesgoed
wordt niet droog
Niet goed geladen Vul de afwasmachine zoals aangegeven in de
handleiding.
Te weinig glansspoelmiddel Voeg meer glansspoelmiddel toe / vul het doseerbakje
van het glansspoelmiddel bij.
Servies is te snel uit de
machine gehaald
Maak eerst de onderste mand leeg en daarna de
bovenste. Dit voorkomt dat er water uit de bovenste
mand op serviesgoed in de onderste mand druppelt
Verkeerde programma
geselecteerd
Bij een kort programma is de afwastemperatuur lager.
Hierdoor zijn ook de reinigingsresultaten minder. Kies
een programma met een langere wasduur.
Gebruik van bestek met
een coating van slechte
kwaliteit
De waterafvoer is moeilijker bij deze voorwerpen.
Bestek of serviesgoed van dit type is niet geschikt om
te worden afgewassen in de afwasmachine.
Foutcodes
Bij bepaalde storingen geeft het apparaat foutcodes weer om u te waarschuwen:
Als er overloop van water optreedt, draai de watertoevoer dan dicht voordat u een monteur
belt.
Als er water in de kuip staat vanwege overloop of een kleine lekkage, moet het water
afgevoerd worden voordat u de afwasmachine opnieuw start.
WAARSCHUWING:
Codes Betekenis Mogelijke oorzaken
E1
Langere toevoertijd Kraan staat niet open, de watertoevoer is beperkt of
de waterdruk is te laag.
E4
Overloop Een onderdeel van de afwasmachine lekt.
124
TECHNISCHE INFORMATIE
Hoogte 815 mm
Breedte 448 mm
Diepte 550 mm (met de deur gesloten)
Elektrische voeding Zie typeplaatje
Capaciteit 10 couverts
550
(met de deur gesloten)
125
De manden inladen volgens En 50242
Bovenste mand
Onderste mand
Bestekkorf
Informatie voor compatibiliteitstest
volgens EN 50242
Capaciteit: 10 couverts
Positie van de bovenste mand:
onderste positie
Programma: ECO
Instelling glansspoelmiddel: 6
Instelling waterontharder: H4
Kopjes
Schotels
Glazen
Kleine serveerschaal
Middelgrote serveerschaal
Grote serveerschaal
Dessertbordjes
Dinerborden
Soepborden
Ovale schaal
1 Soeplepels
2 Vorken
3 Messen
4 Theelepels
5 Dessertlepels
6 Serveerlepels
7 Serveervorken
8 Juslepels
126
Fabrikant BAUKNECHT
Standaard couverts 10
Energiezuinigheidsklasse
1
) A+
Jaarlijks energieverbruik
2
) 238 kWh
Energieverbruik van de standaard afwascyclus 0,83 kWh
Stroomverbruik in uit-modus 0,45 W
Stroomverbruik in aangelaten modus 0,49 W
Jaarlijks waterverbruik
3
) 2520 liter
Zuinigheidsklasse drogen
4
) A
Standaard afwascyclus
5
) ECO 50°C
Programmaduur van de standaard afwascyclus 175 min
Geluidsniveau 47 dB(A) re 1 pW
Montage Volledig geïntegreerd
Hoogte 81,5 cm
Mogelijkheid tot inbouw Ja
Breedte 44,8 cm
Diepte (met aansluitingen) 55 cm
Stroomverbruik 1930 W
Nominale spanning / frequentie AC220-240 V / 50 Hz
Waterdruk (doorstroomdruk) 0,4-10 bar = 0,04-1 Mpa
Technisch gegevensblad
Gegevensblad voor huishoudelijke afwasmachine volgens EU-richtlijn 1059/2010:
OPMERKING
1
) A+ + + (hoogste efficiëntie) tot D (laagste efficiëntie).
2
) Energieverbruik 238 kWh per jaar, op basis van 280 standaard afwasprogramma’s met toevoer van koud
water en het verbruik van modi met een laag stroomverbruik. Het daadwerkelijke stroomverbruik zal
afhangen van hoe het apparaat wordt gebruikt.
3
) Waterverbruik 2520 liter per jaar, op basis van 280 standaard afwasprogramma’s. Het daadwerkelijke
waterverbruik zal afhangen van hoe het apparaat wordt gebruikt.
4
) A (hoogste efficiëntie) tot G (laagste efficiëntie)
5
) Dit programma is geschikt voor het reinigen van normaal vervuild serviesgoed en is het meest efficiënte
programma in termen van gecombineerd energie- en waterverbruik voor dat type serviesgoed.
Het apparaat voldoet aan de Europese normen en richtlijnen in de huidige versie bij aflevering:
- LVD 2006/95/EG
- EMC2004/108/EG
- ErP 2009/125/EG
De bovenstaande waarden zijn gemeten volgens de normen onder de gespecificeerde
werkingscondities.
Resultaten kunnen sterk variëren afhankelijk van het aantal en de vervuiling van het servies, de
waterhardheid, de hoeveelheid afwasmiddel etc.
Deze handleiding is gebaseerd op de normen en voorschriften van de Europese Unie.
127
BEKNOPTE HANDLEIDING
Lees voor gedetailleerde informatie over de bediening de instructiehandleiding.
Inschakelen van het
apparaat
Open de deur, druk op de Aan/Uit-knop om het apparaat in te schakelen.
Zet het apparaat uit
Als het afwasprogramma geëindigd is, klinkt de zoemer 3 keer en stopt dan. Zet het apparaat uit met
de Aan/Uit-toets.
Draai de waterkraan
dicht, laad de manden
uit
Waarschuwing: wacht enkele minuten (ongeveer 15 minuten) voordat u de afwasmachine uitlaadt, om
te voorkomen dat u serviesgoed en keukengerei vastpakt terwijl het nog heet is en makkelijker kan
breken.
Het serviesgoed droogt dan ook beter. Laad het apparaat uit, beginnend bij de onderste mand.
Vul het doseerbakje
met afwasmiddel
Bakje A:
Bij elk wasprogramma.
Bakje B:
Alleen bij programma’s met voorspoelen. (Volg de gebruiksaanwijzing!)
Controleer het
spoelglansmiddel
Mechanische indicator C.
Elektrisch indicatielampje op het bedieningspaneel (indien aanwezig).
Controleer het
zoutniveau
(Alleen op modellen met een wateronthardingssysteem.)
Elektrisch indicatielampje op het bedieningspaneel (indien aanwezig).
Als er geen waarschuwingslampje voor zout op het bedieningspaneel zit (bij sommige
modellen), kunt u op basis van het aantal programma’s dat de afwasmachine heeft
gedraaid schatten wanneer u zout moet bijvullen in de waterontharder.
Laad de manden in
Schraap grote hoeveelheden restvoedsel van het serviesgoed af. Laat resten aangebrand voedsel in
pannen zacht worden en laad daarna de manden in. Zie de instructies voor het laden van de
vaatwasmachine
Selecteer een
programma
Druk op programmatoets tot het lampje van het geselecteerde programma gaat branden.(Zie de
paragraaf “Bedieningsinstructies”)
Zet de
afwasmachine aan
Open de waterkraan, sluit de deur. De machine begint na ongeveer 10 seconden te draaien.
Het programma
veranderen
1. Een lopend programma kan alleen worden veranderd als het pas korte tijd bezig is. Anders is het
afwasmiddel al afgegeven en is het afwaswater mogelijk al afgevoerd. Als dit het geval is, moet het
bakje voor afwasmiddel opnieuw worden gevuld.
2. Houd de programmatoets meer dan 3 seconden ingedrukt om het lopende programma te annuleren.
3. Selecteer een nieuw programma.
4. Start de afwasmachine weer.
Zet het vergeten
serviesgoed in de
afwasmachine.
1. Open de deur een beetje om het afwasprogramma te stoppen.
2. Nadat de sproeiarmen gestopt zijn met draaien, kunt u de deur
helemaal open doen.
3. Plaats het vergeten serviesgoed.
4. Sluit de deur. De afwasmachine begint na 10 seconden weer te werken.
Als het apparaat wordt
uitgeschakeld tijdens
een wasprogramma.
Als het apparaat wordt uitgeschakeld tijdens een wasprogramma en weer wordt ingeschakeld, moet u
het wasprogramma opnieuw selecteren en de afwasmachine bedienen volgens de oorspronkelijke
inschakeling.
WAARSCHUWING!
Open de deur
voorzichtig.
Er kan hete stoom uit
het apparaat komen als
de deur wordt geopend
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31

Bauknecht GSX 112 FD Gebruikershandleiding

Categorie
Vaatwassers
Type
Gebruikershandleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor