Yamaha RX-V459 de handleiding

Categorie
AV-ontvangers
Type
de handleiding
y
1 Om er zeker van te kunnen zijn dat u de optimale prestaties uit
uw toestel haalt, dient u deze handleiding zorgvuldig door te
lezen. Bewaar de handleiding op een veilige plek zodat u er
later nog eens iets in kunt opzoeken.
2 Installeer dit toestel op een goed geventileerde, koele, droge,
schone plek – uit direct zonlicht, uit de buurt van
warmtebronnen, trillingen, stof, vocht en/of kou. Zorg voor
een ventilatieruimte van tenminste 30 cm ruimte aan de
bovenkant, 20 cm aan de rechter- en linkerkant en 20 cm aan
de achterkant van dit toestel.
3 Plaats dit toestel uit de buurt van andere elektrische
apparatuur, motoren of transformatoren om storend gebrom te
voorkomen.
4 Stel dit toestel niet bloot aan plotselinge
temperatuurswisselingen van koud naar warm en plaats het
toestel niet in een omgeving met een hoge vochtigheidsgraad
(bijv. in een ruimte met een luchtbevochtiger) om te
voorkomen dat zich binnenin het toestel condens vormt, wat
zou kunnen leiden tot elektrische schokken, brand, schade aan
dit toestel en/of persoonlijk letsel.
5 Vermijd plekken waar andere voorwerpen op het toestel
kunnen vallen, of waar het toestel bloot staat aan druppelende
of spattende vloeistoffen. Plaats de volgende dingen niet
bovenop dit toestel:
Andere componenten, daar deze schade kunnen
veroorzaken en/of de afwerking van dit toestel kunnen
doen verkleuren.
Brandende voorwerpen (bijv. kaarsen), daar deze brand,
schade aan dit toestel en/of persoonlijk letsel kunnen
veroorzaken.
Voorwerpen met vloeistoffen, daar deze elektrische
schokken voor de gebruiker en/of schade aan dit toestel
kunnen veroorzaken wanneer de vloeistof daaruit in het
toestel terecht komt.
6 Dek het toestel niet af met een krant, tafellaken, gordijn enz.
zodat de koeling niet belemmerd wordt. Als de temperatuur
binnenin het toestel te hoog wordt, kan dit leiden tot brand,
schade aan het toestel en/of persoonlijk letsel.
7 Steek de stekker van dit toestel pas in het stopcontact als alle
aansluitingen gemaakt zijn.
8 Gebruik het toestel niet wanneer het ondersteboven is
geplaatst. Het kan hierdoor oververhit raken wat kan leiden tot
schade.
9 Gebruik geen overdreven kracht op de schakelaars, knoppen
en/of snoeren.
10 Wanneer u de stekker uit het stopcontact haalt, moet u aan de
stekker zelf trekken, niet aan het snoer.
11 Maak dit toestel niet schoon met chemische oplosmiddelen;
dit kan de afwerking beschadigen. Gebruik alleen een schone,
droge doek.
12 Gebruik alleen het op dit toestel aangegeven voltage. Gebruik
van dit toestel bij een hoger voltage dan aangegeven is
gevaarlijk en kan leiden tot brand, schade aan het toestel en/of
persoonlijk letsel. YAMAHA aanvaardt geen
aansprakelijkheid voor enige schade veroorzaakt door gebruik
van dit toestel met een ander voltage dan hetgeen aangegeven
staat.
13 Om schade door blikseminslag te voorkomen dient u de
stekker uit het stopcontact te halen en een eventueel
aangesloten buitenantenne los te koppelen van dit toestel
wanneer het onweert.
14 Probeer niet zelf wijzigingen in dit toestel aan te brengen of
het te repareren. Neem contact op met erkend YAMAHA
servicepersoneel wanneer u vermoedt dat het toestel reparatie
behoeft. Probeer in geen geval de behuizing open te maken.
15 Wanneer u dit toestel voor langere tijd niet zult gebruiken
(bijv. vakantie), dient u de stekker uit het stopcontact te halen.
16 Installeer dit toestel in de buurt van een stopcontact op een
plek waar u de stekker gemakkelijk kunt bereiken.
17 Lees het hoofdstuk “OPLOSSEN VAN PROBLEMEN” over
veel voorkomende vergissingen bij de bediening voor u de
conclusie trekt dat het toestel een storing of defect vertoont.
18 Voor u dit toestel gaat verplaatsen dient u op STANDBY/ON
te drukken om dit toestel uit (standby) te zetten, waarna u de
stekker uit het stopcontact moet halen.
19 VOLTAGE SELECTOR
(Alleen modellen voor Azië en algemene modellen)
De VOLTAGE SELECTOR op het achterpaneel van dit
toestel moet worden ingesteld op de ter plekke gebruikte
netspanning VOOR u de stekker in het stopcontact steekt.
De geschikte voltages zijn als volgt:
Modellen voor Azië
................................... 220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom
Algemene modellen
.....................110/120/220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom
LET OP: LEES HET VOLGENDE VOOR U DIT TOESTEL IN GEBRUIK
NEEMT.
WAARSCHUWING
OM DE RISICO’S VOOR BRAND OF
ELEKTRISCHE SCHOKKEN TE VERMINDEREN,
MAG U DIT TOESTEL IN GEEN GEVAL
BLOOTSTELLEN AAN VOCHT OF REGEN.
De stroomvoorziening van dit toestel is niet afgesloten
zolang de stekker in het stopcontact zit, ook al is het
toestel zelf uitgeschakeld. In deze staat is dit toestel
ontworpen om slechts een zeer kleine hoeveelheid
stroom te gebruiken.
Alleen voor klanten in Nederlands
Bij dit product zijn batterijen geleverd.
Wanneer deze leeg zijn, moet u ze niet
weggooien maar inleveren als KCA.
1
VOORBEREDINGEN
INLEIDING
BASISBEDIENING
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GEAVANCEERDE
BEDIENING
AANVULLENDE
INFORMATIE
Nederlands
KENMERKEN ....................................................... 2
VAN START ........................................................... 3
Meegeleverde accessoires.......................................... 3
Inzetten van batterijen in de afstandsbediening......... 3
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES......... 4
Voorpaneel................................................................. 4
Afstandsbediening ..................................................... 6
Display voorpaneel .................................................... 8
Achterpaneel............................................................ 10
AANSLUITINGEN .............................................. 11
Luidsprekers opstellen............................................. 11
Aansluiten van luidsprekers..................................... 12
Informatie over aansluitingen en stekkers ............... 15
Stroomschema audio- en videosignalen .................. 16
Aansluiten van een TV ............................................ 17
Aansluiten van een DVD-speler, een DVD-recorder,
een videorecorder of een STB (Set Top Box) ..... 18
Aansluiten van een CD-speler, een MD-speler
of cassettedeck..................................................... 20
Aansluiten van een multiformaat-speler of
externe decoder.................................................... 21
Aansluiten van een spelcomputer, een videocamera
of een draagbare audiospeler ............................... 21
Aansluiten van de FM en AM antennes .................. 22
Aansluiten van het netsnoer..................................... 23
Instellen van de luidspreker-impedantie.................. 24
Aan zetten van dit toestel en weer uit (standby)...... 25
BASIS SETUP....................................................... 26
WEERGAVE ........................................................ 29
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES....... 31
Gebruiken van het SILENT CINEMA .................... 31
Tijdelijk uitschakelen van de geluidsweergave ....... 31
Selecteren van de nacht-luisterfunctie ..................... 31
Selecteren van de ingangsfunctie............................. 32
Gebruiken van de slaaptimer ................................... 33
Instellen luidsprekerniveaus .................................... 34
Selecteren van de Compressed Music Enhancer
functie.................................................................. 35
Selecteren van de MULTI CH INPUT
component ........................................................... 36
Luisteren naar multikanaals materiaal met
2-kanaals stereoweergave.................................... 36
Luisteren naar onbewerkte weergave ...................... 36
Luisteren naar pure hi-fi stereoweergave ................ 37
Tonen van informatie over de signaalbron.............. 37
Afspelen van video op de achtergrond .................... 38
LUISTEREN NAAR
SURROUNDWEERGAVE ..............................39
Genieten van surroundweergave van multikanaals
materiaal .............................................................. 39
Genieten van surroundweergave van 2-kanaals
materiaal .............................................................. 40
Gebruiken van het Virtual CINEMA DSP .............. 41
OPNEMEN ............................................................42
FM/AM AFSTEMMEN........................................43
Automatisch afstemmen .......................................... 43
Handmatig afstemmen ............................................. 44
Automatisch voorprogrammeren............................. 45
Handmatig voorprogrammeren................................ 46
Selecteren van voorkeuzezenders ............................ 47
Omwisselen van voorkeuzezenders......................... 48
AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM
ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR
HET V.K. EN EUROPA)..................................50
Selecteren van een Radio Data Systeem
programma........................................................... 50
Gebruiken van het Radio Data Systeem
netwerk ................................................................ 51
Tonen van Radio Data Systeem informatie............. 52
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S ....................54
Selecteren van geluidsveldprogramma’s ................. 54
Beschrijvingen geluidsveldprogramma’s ................ 55
Veranderen van geluidsveldparameter
instellingen .......................................................... 57
Geluidsveldprogramma luidsprekeropstellingen..... 63
SET MENU ............................................................66
Gebruiken van het SET MENU............................... 68
1 SOUND MENU.................................................... 70
2 INPUT MENU...................................................... 73
3 OPTION MENU................................................... 75
GEAVANCEERDE SETUP.................................76
KENMERKEN VAN DE
AFSTANDSBEDIENING.................................78
Bedienen van dit toestel, een TV of andere
componenten ....................................................... 78
Instellen van afstandsbedieningscodes .................... 80
RESETTEN VAN HET SYSTEEM ....................81
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN.......................82
WOORDENLIJST ................................................86
Audio informatie...................................................... 86
Video informatie...................................................... 87
Geluidsveldprogramma informatie.......................... 88
TECHNISCHE GEGEVENS...............................89
INHOUDSOPGAVE
INLEIDING
VOORBEREDINGEN
BASISBEDIENING
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GEAVANCEERDE BEDIENING
AANVULLENDE INFORMATIE
KENMERKEN
2
Ingebouwde 6-kanaals eindversterker
Minimum RMS uitgangsvermogen
(0,06% THV, 20 Hz t/m 20 kHz, 8 )
Voor: 90 W + 90 W
Midden: 90 W
Surround: 90 W + 90 W
Surround Achter: 90 W
Kenmerken geluidsveld
Zelf ontwikkelde YAMAHA technologie voor de
creatie van geluidsvelden
Dolby Digital/Dolby Digital EX decoder
DTS/DTS-ES Matrix 6.1, Discrete 6.1, DTS Neo:6,
DTS 96/24 decoder
Dolby Pro Logic/Dolby Pro Logic II/
Dolby Pro Logic IIx decoder
Virtual CINEMA DSP
SILENT CINEMA
Verfijnde AM/FM tuner
40 Willekeurig en gemakkelijk toegankelijke
voorkeuzezenders
Automatisch voorprogrammeren
Wijzigen van voorkeuzezenders (Bewerken
voorkeuzezenders)
Radio Data Systeem
(Alleen modellen voor het V.K. en Europa)
Radio Data Systeem afstemmogelijkheden
Overige kenmerken
192-kHz/24-bits D/A converter
6 extra ingangsaansluitingen voor gescheiden
multikanaals signalen
S-video in-/uitgangsaansluitingen
Component video in-/uitgangsaansluitingen
(3 COMPONENT VIDEO IN en 1 MONITOR OUT)
Optisch en coaxiaal digitale audio-aansluitingen
Slaaptimer
Middernacht luisterfuncties voor film en muziek
Afstandsbediening met voorgeprogrammeerde
afstandsbedieningscodes
PORTABLE mini analoge ingangsaansluiting op het
voorpaneel voor een draagbare audiospeler
Compressed Music Enhancer functie ter verbetering
van de weergavekwaliteit van ongewenste
compressieverschijnselen (zoals kunnen voorkomen bij
MP3) tot het niveau van een hoogwaardige stereo-
installatie
y geeft een bedieningstip aan.
Sommige handelingen kunnen zowel worden uitgevoerd met de toetsen op het voorpaneel als met de afstandsbediening. Als de naam
van een toets op de afstandsbediening verschilt van die op het voorpaneel, zal de naam van de betreffende toets op de
afstandsbediening tussen haakjes vermeld worden.
Deze handleiding is gedrukt voor uw toestel geproduceerd werd. Daarom kunnen ontwerp en specificaties gewijzigd zijn als gevolg
van verbeteringen enz. Als de handleiding en het product van elkaar verschillen, heeft het product de prioriteit.
Vervaardigd in licentie van Dolby Laboratories.
“Dolby”, “Pro Logic”, en het dubbele-D symbool zijn
handelsmerken van Dolby Laboratories.
Gefabriceerd onder licentie van Digital Theater Systems, Inc.
“DTS”, “DTS-ES”, “NEO:6” en “DTS 96/24” zijn
handelsmerken van Digital Theater Systems, Inc. Copyright
1996, 2003 Digital Theater Systems, Inc. Alle rechten
voorbehouden.
“SILENT CINEMA” is een handelsmerk van YAMAHA
CORPORATION.
KENMERKEN
Opmerkingen
VAN START
3
INLEIDING
Nederlands
Controleer of u alle volgende onderdelen inderdaad ontvangen hebt.
1 Druk op en schuif het klepje van het
batterijvak.
2 Doe de twee meegeleverde batterijen (AA,
R6, UM-3) in het vak met de polen de goede
kant op (+ en –) zoals aangegeven in het
batterijvak.
3 Schuif het klepje terug op zijn plaats tot het
vastklikt.
Verwissel alle batterijen wanneer u merkt dat het bereik van de
afstandsbediening afneemt.
Gebruik geen oude en nieuwe batterijen door elkaar.
Gebruik geen verschillende soorten batterijen door elkaar
(alkali en gewone (mangaan) batterijen bijvoorbeeld). Lees de
informatie op de verpakking aandachtig door, want de
verschillende soorten batterijen kunnen erg op elkaar lijken.
Als de batterijen zijn gaan lekken, moet u ze onmiddellijk
weggooien. Raak het uit de batterijen gelekte materiaal niet aan
en zorg ervoor dat het niet op uw kleding enz. komt. Maak het
batterijvak goed schoon voor u er nieuwe batterijen in doet.
Gooi batterijen nooit samen met gewoon huishoudelijk afval
weg; neem bij het weggooien van batterijen de plaatselijk
geldende regelgeving in acht.
Als de afstandsbediening langer dan 2 minuten zonder
batterijen zit, of als er lege batterijen in zitten, zal het geheugen
gewist worden. Wanneer het geheugen gewist is, dient u nieuwe
batterijen in de afstandsbediening te doen en moet u eventueel
ingevoerde functies opnieuw programmeren.
VAN START
Meegeleverde accessoires
Inzetten van batterijen in de afstandsbediening
Afstandsbediening Batterijen (2)
(AA, R6, UM-3)
FM binnenantenne
(Modellen voor de V.S., Canada, China,
Azië en algemene modellen)
AM ringantenne
75 Ohm/300 Ohm
antenne-adapter
(Alleen bij modellen voor het V.K.)
FM binnenantenne
(Modellen voor het V.K., Europa,
Australië en Korea)
CD
MD/CD-R
TUNER
START
SRCH MODE
SET MENU
CODE SET
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
V-AU XDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
VCR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
AVTV
ENTER
CD
MD/CD-R
TUNER
START
SRCH MODE
SET MENU
CODE SET
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
V-AU XDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
VCR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
AVTV
ENTER
1
3
2
Opmerkingen
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
4
1 STANDBY/ON
Hiermee zet u het toestel aan of uit (standby) (zie
bladzijde 25).
Wanneer het toestel uit (standby) staat, verbruikt het nog steeds
een heel klein beetje stroom zodat er gereageerd kan worden op
de infraroodsignalen van de afstandsbediening.
Wanneer u dit toestel aan zet, zal het 4 a 5 seconden duren voor
het toestel geluid kan reproduceren.
2 Sensor voor de afstandsbediening
Ontvangt de signalen van de afstandsbediening (zie
bladzijde 7).
3 PRESET/TUNING, EDIT
Hiermee schakelt u PRESET/TUNING
l
/
h
heen en
weer tussen voorkeuzezenders en gewoon afstemmen.
Hiermee kunt u de toewijzing van voorkeuzezenders
wijzigen (zie bladzijde 48).
4 FM/AM
Hiermee kunt u heen en weer schakelen tussen de
radiobanden FM en AM (MG) wanneer de “TUNER”
(radio) is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 43).
5 A/B/C/D/E, NEXT
Hiermee kunt u één van de 5 voorkeuzegroepen
selecteren (A t/m E) wanneer de “TUNER” (radio) is
geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 43).
Selecteert het luidsprekerkanaal waarvan u het
uitgangsniveau wilt instellen wanneer de “TUNER”
niet geselecteerd is als signaalbron (zie bladzijde 34).
6 PRESET/TUNING l / h, LEVEL +/– toetsen
Hiermee kunt u één van de 8 voorkeuzenummers (1 t/m
8) wanneer de “TUNER” (radio) is geselecteerd als
signaalbron. De dubbele punt (:) zal verschijnen op het
display op het voorpaneel (zie bladzijde 47).
Selecteert de afstemfrequentie wanneer u “TUNER”
heeft geselecteerd als signaalbron. De dubbele punt (:)
zal niet verschijnen op het display op het voorpaneel
(zie bladzijde 44).
Hiermee kunt u het niveau instellen van het
luidsprekerkanaal dat u heeft geselecteerd met NEXT
wanneer de “TUNER” niet is geselecteerd als
signaalbron (zie bladzijde 34).
7 MEMORY (MAN’L/AUTO FM)
Hiermee kunt u een zender in het geheugen opslaan. Houd
deze toets tenminste 3 seconden ingedrukt om het
automatisch voorprogrammeren te laten beginnen (zie
bladzijde 45).
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
Voorpaneel
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l PROGRAM h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
A
214356897
GHIED
0
J
B
CF
Opmerkingen
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
5
INLEIDING
Nederlands
8 Display voorpaneel
Hierop wordt informatie getoond over de bediening en de
toestand waarin het toestel zich bevindt (zie bladzijde 8).
9 TUNING MODE (AUTO/MAN’L)
Hiermee schakelt u heen en weer tussen automatisch
afstemmen (AUTO indicator aan) en handmatig
afstemmen (AUTO indicator uit) (zie bladzijde 43).
0 VOLUME
Hiermee kunt u het volume (uitgangsniveau) van alle
audiokanalen tegelijk instellen.
y
Dit heeft geen invloed op het AUDIO OUT (REC) niveau.
A PHONES (SILENT CINEMA) aansluiting
Produceert audiosignalen waarnaar u ongestoord kunt
luisteren via een hoofdtelefoon (zie bladzijde 31).
Wanneer u een hoofdtelefoon aansluit, zullen er geen signalen
worden gereproduceerd via de SUBWOOFER OUTPUT
aansluiting of de luidspreker-aansluitingen.
Alle Dolby Digital en DTS audiosignalen worden
teruggemengd naar de linker en rechter hoofdtelefoonkanalen.
B SPEAKERS A/B toetsen
Met elke druk op de bijbehorende toets zet u de set voor-
luidsprekers aangesloten op de A en/of B aansluitingen op
het achterpaneel aan of uit.
C STRAIGHT (EFFECT)
Hiermee zet u de geluidsveldprogramma’s aan of uit.
Wanneer “STRAIGHT” is geselecteerd zullen 2-kanaals
of multikanaals ingangssignalen direct, onveranderd
worden weergegeven via de bijbehorende luidsprekers,
zonder enig toegevoegd effect (zie bladzijde 36).
D TONE CONTROL
Selecteert “BASS” of “TREBLE” om de algehele balans
tussen de linker en rechter voor-luidsprekers in te stellen,
samen met BASS/TREBLE +/– (zie bladzijde 30).
E BASS/TREBLE +/– toets
Regelt de lage/hoge tonen balans tussen de linker en
rechter voor-luidsprekers, samen met TONE CONTROL
(zie bladzijde 30).
F PROGRAM l / h toetsen
Hiermee kunt u geluidsveldprogramma’s selecteren (zie
bladzijde 54).
G INPUT MODE
Hiermee kunt u het toestel uitsluitend instellen op digitale
of analoge ingangssignalen, of het toestel automatisch het
soort ingangssignaal laten bepalen wanneer een
component zowel digitaal als analoog op dit toestel is
aangesloten (zie bladzijde 32).
H INPUT keuzeknop
Selecteer de gewenste signaalbron.
I MULTI CH INPUT
Hiermee selecteert u de met de MULTI CH INPUT
aansluitingen verbonden signaalbron (zie bladzijde 36).
De signaalbron die is verbonden met de MULTI CH INPUT
aansluitingen zal voorrang krijgen over een met INPUT op het
voorpaneel (of met de ingangskeuzetoetsen op de
afstandsbediening) geselecteerde signaalbron.
J VIDEO AUX aansluitingen
Via deze audio- en video ingangsaansluitingen kunt u een
externe signaalbron zoals een spelcomputer, een
videocamera of draagbare audiospeler aansluiten (zie
bladzijde 21).
y
Om de signalen die via deze aansluitingen binnenkomen weer te
geven, dient u “V-AUX” in te stellen als signaalbron.
De audiosignalen die binnenkomen via de PORTABLE mini-
aansluiting hebben voorrang boven de via de AUDIO L/R
aansluitingen binnenkomende signalen.
Opmerkingen
Opmerking
Opmerking
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
6
In dit hoofdstuk worden de functies van de toetsen op de
bij dit toestel behorende afstandsbediening beschreven.
Zie “KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING”
op bladzijde 78 als u andere componenten wilt kunnen
bedienen.
Bedienen van dit toestel
Druk op AMP om dit toestel te bedienen.
1 Infraroodzender
Hiervandaan worden de infraroodsignalen verzonden.
Richt deze zender op de component die u wilt bedienen
(zie bladzijde 7).
2 Ingangskeuzetoetsen
Selecteer de signaalbron.
3 Toetsen voor de geluidsveldprogramma’s
Hiermee kunt u geluidsveldprogramma’s selecteren (zie
bladzijde 54).
Gebruik SELECT om 2-kanaals materiaal met
surroundweergave weer te geven (zie bladzijde 40).
Gebruik EXTD SUR. om te schakelen tussen 5.1- en
6.1-kanaals weergave van multikanaals materiaal (zie
bladzijde 39).
Gebruik DIRECT ST. om 2-kanaals bronmateriaal
weer te geven in hi-fi stereo (zie bladzijde 37).
4 SPEAKERS
Hiermee kunt u de set voor-luidsprekers aangesloten op de
FRONT A en/of B aansluitingen op het achterpaneel aan
of uit zetten. Druk herhaaldelijk op deze toets om de
instelling als volgt te wijzigen:
5 ENHANCER
Hiermee zet u de Compressed Music Enhancer
weergavefunctie aan of uit (zie bladzijde 35).
6 LEVEL
Hiermee selecteert u het luidsprekerkanaal dat u wilt
instellen (zie bladzijde 34).
7 Cursortoetsen u / d / j / i, ENTER
Hiermee kunt u de parameters van de
geluidsveldprogramma’s of de “SET MENU” parameters
selecteren en instellen.
8 RETURN
Hiermee keert u terug naar het vorige menu bij
instellingen via het “SET MENU”.
9 STANDBY
Hiermee zet u dit toestel uit (standby) (zie bladzijde 25).
0 POWER
Hiermee zet u dit toestel aan (zie bladzijde 25).
Afstandsbediening
CD
MD/CD-R
TUNER
START
SRCH MODE
SET MENU
CODE SET
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
V-AUXDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
AVTV
ENTER
9
0
B
A
C
D
E
F
G
I
1
2
3
5
4
7
6
8
H
J
A aan B aan
A en B uit
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
7
INLEIDING
Nederlands
A MULTI CH IN
Hiermee selecteert u de met de MULTI CH INPUT
aansluitingen verbonden signaalbron bij gebruik van een
externe decoder enz. (zie bladzijde 36).
B CODE SET
Hiermee kunt u afstandsbedieningscodes instellen (zie
bladzijde 80).
C SLEEP
Hiermee kunt u de slaaptimer instellen (zie bladzijde 33).
D AMP
Hiermee zet u de afstandsbediening in de
bedieningsfunctie voor dit toestel.
E VOLUME +/
Hiermee kunt u het volume (uitgangsniveau) van alle
audiokanalen tegelijk instellen.
Dit heeft geen invloed op het AUDIO OUT (REC) niveau.
F MUTE
Deze toets schakelt de geluidsweergave tijdelijk uit. Druk
nog eens op deze toets om de geluidsweergave op het
oorspronkelijke volume voort te zetten (zie bladzijde 31).
G STRAIGHT
Hiermee zet u de geluidsveldprogramma’s aan of uit.
Wanneer “STRAIGHT” is geselecteerd zullen 2-kanaals
of multikanaals ingangssignalen direct, onveranderd
worden weergegeven via de bijbehorende luidsprekers,
zonder enig toegevoegd effect (zie bladzijde 36).
H NIGHT
Hiermee kunt u de nacht-luisterfuncties aan of uit zetten
(zie bladzijde 31).
I SET MENU
Opent het “SET MENU” (zie bladzijde 68).
Bedienen van de TUNER functies
Druk op TUNER om de TUNER functies te bedienen.
3 Cijfertoetsen
Gebruik de cijfertoetsen 1 t/m 8 om een voorkeuzezender
te selecteren.
6 BAND
Hiermee schakelt u heen en weer tussen de radiobanden
FM en AM (MG) (zie bladzijde 43).
7 A/B/C/D/E j / i, PRESET/CH u / d
Gebruik PRESET/CH u / d om een voorkeuzegroep (A
t/m E) te selecteren en A/B/C/D/E j / i om een
voorkeuzenummer (1 t/m 8) te selecteren (zie
bladzijde 47).
J Toetsen voor Radio Data Systeem radio-
ontvangst
(Alleen modellen voor het V.K. en Europa)
FREQ/TEXT
Hiermee kunt u het Radio Data Systeem display
instellen op weergave van de PS, PTY, RT, of CT
functie (als de zender in kwestie de corresponderende
diensten aanbiedt) en het frequentiedisplay (zie
bladzijde 52).
PTY SEEK MODE
Hiermee zet u dit toestel in de PTY SEEK functie (zie
bladzijde 50).
PTY SEEK START
Begint het zoeken naar een geschikte zender nadat u
het gewenste programmatype heeft geselecteerd in de
PTY SEEK functie (zie bladzijde 51).
EON
Hiermee kunt u het programmatype selecteren
(NEWS, AFFAIRS, INFO, of SPORT) waarop u
automatisch af wilt laten stemmen (zie bladzijde 52).
Gebruiken van de afstandsbediening
De afstandsbediening zendt een gerichte infraroodstraal uit.
Richt de afstandsbediening op de sensor op het toestel dat
u wilt bedienen.
Mors geen water of andere vloeistoffen op de
afstandsbediening.
Laat de afstandsbediening niet vallen.
Laat de afstandsbediening niet liggen en bewaar hem niet op de
volgende plekken:
zeer vochtige plekken, bijvoorbeeld bij een bad
plekken waar de temperatuur hoog kan worden, zoals bij de
verwarming of kachel
zeer koude plekken
– stoffige plekken
Opmerking
Opmerkingen
VOLUME
AUTO/MAN'LMAN'L/AUTO FMLEVELNEXT
EDIT
EFFECT
MEMORY
FM/AM
PRESET/TUNING
A/B/C/D/E
l PROGRAM h
BASS/TREBLE
l
PRESET/TUNING/CH
h
TUNING MODE
INPUT MODE
TONE CONTROL
STRAIGHT
SPEAKERS
PHONES
SILENT CINEMA
STANDBY
/ON
BA
MULTI CH
INPUT
INPUT
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
30 30
Ongeveer 6 m
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
8
1 Decoder indicators
Wanneer één van de decoders van dit toestel in werking is,
zal de bijbehorende indicator oplichten.
2 ENHANCER indicator
Licht op wanneer de Compressed Music Enhancer functie
is ingeschakeld (zie bladzijde 35).
3 Geluidsveld indicators
Lichten op om aan te geven welke DSP geluidsvelden er
in werking zijn.
4 VIRTUAL indicator
Licht op wanneer Virtual CINEMA DSP in werking is (zie
bladzijde 41).
5 Signaalbron indicators
De corresponderende cursor licht op om aan te geven
welke signaalbron op dit moment is geselecteerd.
6 SILENT CINEMA indicator
Licht op wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten en
er een geluidsveldprogramma is geselecteerd
(zie bladzijde 31).
7 CINEMA DSP indicator
Licht op wanneer u een CINEMA DSP
geluidsveldprogramma selecteert (zie bladzijde 55).
8 AUTO indicator
Licht op wanneer dit toestel in de automatische
afstemfunctie staat (zie bladzijde 43).
9 TUNED indicator
Licht op wanneer dit toestel is afgestemd op een zender
(zie bladzijde 43).
0 STEREO indicator
Licht op wanneer het toestel een sterk FM stereosignaal
ontvangt en de AUTO indicator brandt (zie bladzijde 43).
A MEMORY indicator
Knippert ten teken dat een zender opgeslagen kan worden
(zie bladzijde 45).
B VOLUME niveauaanduiding
Geeft het huidige volumeniveau aan.
C PCM indicator
Licht op wanneer dit toestel PCM (pulscode modulatie)
digitale audiosignalen weergeeft.
D STANDARD indicator
Licht op wanneer het “SUR. STANDARD” of “SUR.
ENHANCED” programma is geselecteerd
(zie bladzijde 40).
E SP A B indicators
Lichten op om aan te geven welke set voor-luidsprekers is
geselecteerd.
Display voorpaneel
96
24
q PL
q EX
q PL
ENHANCER
MATRIX DISCRETE
SILENT CINEMA
NIGHTSTANDARD
AUTO
PSHOLD RT
EON
PTYPTY
TUNED
MUTE
VOLUME
MEMORY
SLEEP
VIRTUAL
PCM
q PL x
A B
SP
mS
ft
dB
96/24
HiFi DSP
LFE
LCR
SL SB SR
q
DIGITAL
t
dB
STEREO
CT
2
DGFHI JLKNM
O
C
E
134567 A
908B
(Alleen modellen voor het V.K. en
Europa)
DSP
aanwezigheidsgeluidsveld
Luisterplek
Linker surround
DSP geluidsveld
Rechter surround
DSP geluidsveld
Achter surround DSP geluidsveld
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
9
INLEIDING
Nederlands
F Hoofdtelefoon indicator
Licht op wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten
(zie bladzijde 31).
G NIGHT indicator
Licht op wanneer u een nacht-luisterfunctie selecteert
(zie bladzijde 31).
H HiFi DSP indicator
Licht op wanneer u een HiFi DSP geluidsveldprogramma
selecteert (zie bladzijde 55).
I Multifunctioneel display
Toont de naam van het huidige geluidsveldprogramma en
andere gegevens bij het invoeren of wijzigen van
instellingen.
J SLEEP indicator
Licht op wanneer de slaaptimer is ingeschakeld
(zie bladzijde 33).
K MUTE indicator
Knippert wanneer de MUTE functie (tijdelijk uitschakelen
geluidsweergave) is ingeschakeld (zie bladzijde 31).
L 96/24 indicator
Licht op wanneer dit toestel een DTS 96/24 signaal
ontvangt.
M Indicators ingangskanalen
Deze geven aan uit welke kanalen het huidige digitale
ingangssignaal bestaat (zie bladzijde 27).
N LFE indicator
Licht op wanneer het ingangssignaal een LFE signaal
bevat.
O Radio Data Systeem indicators
(Alleen modellen voor het V.K. en Europa)
Licht op wanneer er Radio Data Systeem gegevens
worden ontvangen.
EON
Licht op wanneer er EON gegevens worden
ontvangen.
PTY HOLD
Licht op wanneer er gezocht wordt naar Radio Data
Systeem zenders in de PTY SEEK functie.
BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES
10
1 Aansluitingen voor video-apparatuur
Zie de bladzijden 17 en 18 voor meer informatie over deze
aansluitingen.
2 Aansluitingen voor audio-apparatuur
Zie bladzijde 20 voor meer informatie over deze
aansluitingen.
3 MULTI CH INPUT aansluitingen
Zie bladzijde 21 voor meer informatie over deze
aansluitingen.
4 SUBWOOFER OUTPUT aansluiting
Zie bladzijde 13 voor meer informatie over deze
aansluiting.
5 DIGITAL INPUT aansluitingen
Zie de bladzijden 18 en 19 voor meer informatie over deze
aansluitingen.
6 COMPONENT VIDEO aansluitingen
Zie de bladzijden 17 en 18 voor meer informatie over deze
aansluitingen.
7 Antenne-aansluitingen
Zie bladzijde 22 voor meer informatie over deze
aansluitingen.
8 Luidspreker-aansluitingen
Zie bladzijde 12 voor meer informatie over deze
aansluitingen.
9 AC OUTLET(S)
Hiermee kunt u eventueel andere audiovisuele
componenten van stroom voorzien.
Zie bladzijde 23 voor details.
VOLTAGE SELECTOR
(Alleen modellen voor Azië en algemene
modellen)
Zie bladzijde 23 voor details.
Achterpaneel
AUDIO AUDIO
OUTPUT DIGITAL INPUT
DVD DVD
COAXIAL
DTV/CBL
SUB
WOOFER
SUB
WOOFER
SURROUND
FRONT
OUT
(REC)
IN
(PLAY)
MD/
CD-R
CD
DVD
MONITOR OUTDTV/CBL
DVD DVR
COMPONENT VIDEO
P
RPBY
FM ANT
75
UNBAL.
AM
ANT
GND
TUNER SPEAKERS
DTV/CBL
IN OUT
DVR DVD DTV/CBL
IN
OUT
DVR
CENTER
MULTI CH INPUT
VIDEO S VIDEO
MONITOR
OUT
MONITOR
OUT
FRONT
A
B
AC OUTLETS
SURROUND
CENTER SURROUND BACK
PRPBY
OPTICAL
654321
7
89
AANSLUITINGEN
11
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
Hieronder ziet u de standaard ITU-R
*
opstelling van de
luidsprekers. Met deze opstelling profiteert u optimaal van
CINEMA DSP en multikanaals audio.
*
ITU-R is de radio-communicatie afdeling van de ITU
(International Telecommunication Union).
Voor-luidsprekers (FL en FR)
De voor-luidsprekers worden gebruikt voor weergave van
het hoofdkanaal plus effecten. Plaats deze luidsprekers op
gelijke afstand van de ideale luisterplek. De afstanden van
deze luidsprekers tot het beeldscherm moeten ook gelijk
zijn.
Midden-luidspreker (C)
De midden-luidspreker is voor weergave van het
middenkanaal (dialoog, vocalen enz.). Als het om de een
of andere reden niet mogelijk is om een midden-
luidspreker te gebruiken, kunt u ook zonder. De beste
resultaten krijgt u echter met een volledig systeem. Plaats
de midden-luidspreker midden tussen de voor-luidsprekers
en zo dicht mogelijk bij het beeldscherm, bijvoorbeeld
direct erboven of eronder.
Surround-luidsprekers (SL en SR)
De surround-luidsprekers worden gebruikt voor
omhullende surroundweergave en effecten. Plaats deze
luidsprekers achter uw luisterplek, een beetje naar binnen
gericht en ongeveer 1,8 m van de vloer.
Surround achter-luidspreker (SB)
De surround achter-luidspreker geeft een aanvulling op de
surround-luidsprekers en zorgt voor realistischer
overgangen van voor naar achter. Plaats deze luidspreker
direct achter de luisterplek en op dezelfde hoogte als de
surround-luidsprekers.
Subwoofer (SW)
Een subwoofer met ingebouwde eindversterker, zoals het
YAMAHA Active Servo Processing Subwoofer System,
zorgt niet alleen voor een effectieve versterking van de
lage tonen in sommige of alle kanalen, maar ook voor een
natuurgetrouwe hi-fi stereo reproductie van het LFE
(lage frequentie effecten) kanaal in Dolby Digital en DTS
geluidsmateriaal. De opstelling van de subwoofer is niet
zo belangrijk, want de zeer lage tonen zijn niet erg
richtingsgevoelig. U kunt de subwoofer het beste in de
buurt van de voor-luidsprekers plaatsen. Richt hem een
beetje naar het midden van de ruimte om weerkaatsing via
de wanden te verminderen.
AANSLUITINGEN
Luidsprekers opstellen
60˚
30˚
SB
FL
FR
C
SL
SR
SR
80˚
SL
SW
FR
FL
SB
SL
SR
C
1,8 m
12
AANSLUITINGEN
Let erop dat u de linker (L) en rechter (R) kanalen, “+” (rood) en “–” (zwart) op de juiste manier aansluit. Als de
aansluitingen niet kloppen, zal er geen geluid worden weergegeven via de luidsprekers en als de polariteit van de
luidspreker-aansluitingen niet correct is, zal de weergave onnatuurlijk klinken met te weinig lage tonen.
U moet het toestel uit zetten voor u de luidsprekers gaat aansluiten (zie bladzijde 25).
Laat de blote luidsprekerdraden elkaar niet raken en zorg ervoor dat ze geen contact maken met de
metalen onderdelen van het toestel. Hierdoor kunnen het toestel en/of de luidsprekers beschadigd
raken.
Gebruik magnetisch afgeschermde luidsprekers. Als dergelijke luidsprekers toch uw beeldscherm
storen, zet de luidsprekers dan verder bij het beeldscherm vandaan.
Als u luidsprekers van 4 of 6 Ohm gebruikt, moet u “SP IMP.” op “6MIN” zetten voor u dit toestel
in gebruik neemt (zie bladzijde 24).
Een luidsprekersnoer bestaat uit twee geïsoleerde draden naast elkaar. De kabels zijn verschillend gekleurd of gevormd, misschien een
streep, groef of ribbels. Sluit de afwijkend gestreepte (gegroefde enz.) draad aan op de “+” (rode) aansluitingen van dit toestel en uw
luidspreker. Verbind de gewone draad met de “–” (zwarte) aansluitingen.
De lage frequentie signalen van andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” (of “SMALL”) of “NONE” bij “SPEAKER SET”
(zie bladzijden 70 en 71) worden naar de luidsprekers gestuurd die zijn geselecteerd bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71).
Aansluiten van luidsprekers
Opmerkingen
LET OP
OUTPUT
SUB
WOOFER
SPEAKERS
FRONT
A
B
SURROUND
CENTERCLASS 2 WIRING SURROUND BACK
7
6
54
3
21
Subwoofer
Midden-
luidspreker
Voor-luidsprekers (A)
Surround achter-
luidspreker
Surround-luidsprekers
Voor-
luidsprekers (B)
Rechts
LinksRechts
Links
13
AANSLUITINGEN
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
FRONT aansluitingen
U kunt hierop een enkel of twee voor-luidsprekersystemen
(1, 2) aansluiten. Als u een enkel voor-luidsprekersysteem
gebruikt, kunt u dit naar keuze met de FRONT A of de B
aansluitingen verbinden.
CENTER aansluitingen
Hierop kunt u een midden-luidspreker (3) aansluiten.
SURROUND aansluitingen
Hierop kunt u surround-luidsprekers (4, 5) aansluiten.
SURROUND BACK aansluitingen
Hierop kunt u een surround achter-luidspreker (6)
aansluiten.
SUBWOOFER aansluiting
Sluit hierop een subwoofer met ingebouwde
eindversterker (7) aan (zoals het YAMAHA Active Servo
Processing Subwoofer System).
7
1
2
6
5
4
3
Opstelling van de luidsprekers
14
AANSLUITINGEN
Aansluiten van de luidsprekerkabel
1 Verwijder ongeveer 10 mm van de isolatie
van het uiteinde van elk van de
luidsprekerdraden en draai vervolgens de
blootliggende draadjes netjes in elkaar om
kortsluiting te voorkomen.
2 Maak de knop los.
3 Steek een ontbloot draadeind in het gat aan
de zijkant van de aansluiting.
4 Draai de draad vervolgens met de knop weer
vast.
Gebruik van bananenstekkers
(Uitgezonderd modellen voor het V.K.,
Europa en Azië)
Een bananenstekker is een enkelpolige elektrische
verbinding die vaak gebruikt wordt voor het aansluiten
van luidsprekerkabels.
1 Maak de knop vast.
2 Steek de bananenstekker in de bijbehorende
aansluiting.
10 mm
Rood: positief (+)
Zwart: negatief (–)
Rood: positief (+)
Zwart: negatief (–)
Rood: positief (+)
Zwart: negatief (–)
Rood: positief (+)
Zwart: negatief (–)
Bananenstekker
15
AANSLUITINGEN
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
Audio-aansluitingen
Dit toestel heeft vier soorten audio-aansluitingen. Welke
aansluiting u nodig heeft hangt af van de audio-
aansluitingen van uw andere apparatuur.
AUDIO aansluitingen
Voor conventionele analoge audiosignalen via linker en
rechter analoge audiokabels. Verbind de rode stekkers met
de rechter en de witte stekkers met de linker aansluitingen.
PORTABLE aansluiting
Voor digitale audiosignalen via analoge stereo
ministekkerkabels.
DIGITAL AUDIO COAXIAL aansluitingen
Voor digitale audiosignalen via coaxiaal digitale
audiokabels.
DIGITAL AUDIO OPTICAL aansluitingen
Voor digitale audiosignalen via optisch digitale
audiokabels.
U kunt de digitale aansluitingen gebruiken voor PCM, Dolby Digital
en DTS ingangssignalen. Wanneer u een bepaalde component zowel
met de COAXIAL als met de OPTICAL aansluiting verbindt, zal het
via de COAXIAL aansluiting binnenkomende signaal voorrang
krijgen. Alle digitale ingangsaansluitingen zijn geschikt voor digitale
signalen met een bemonsteringsfrequentie van 96 kHz.
Trek het kapje van de optische aansluiting voor u er de optische
glasvezelkabel op aansluit. Gooi het stofkapje niet weg. Wanneer
u de optische aansluiting niet gebruikt, dient u het stofkapje er
weer op te doen. Dit kapje beschermt de aansluiting tegen stof.
Video-aansluitingen
Dit toestel heeft drie soorten video-aansluitingen. Welke
aansluiting u nodig heeft hangt af van de
ingangsaansluitingen van uw beeldscherm.
VIDEO aansluitingen
Voor conventionele composiet videosignalen die worden
overgebracht via composiet videokabels.
S VIDEO aansluitingen
Voor S-video signalen, in luminantie (Y) en kleur (C)
gescheiden videosignalen die worden doorgegeven via
aparte draden in speciale S-videokabels.
COMPONENT VIDEO aansluitingen
Voor component videosignalen, in luminantie (Y) en kleur
(P
B, PR) gescheiden videosignalen die worden
doorgegeven via aparte draden in speciale component
videokabels.
Informatie over aansluitingen en stekkers
COAXIAL
DIGITAL AUDIO
AUDIO
PORTABLE
OPTICAL
DIGITAL AUDIO
R
L
C
O
M
R
L
VIDEO S VIDEO
COMPONENT VIDEO
Y PB PR
PB
Y
P
R
S
V
Informatie over audio-aansluitingen en stekkers Informatie over video-aansluitingen en stekkers
Component
videostekker
(Rood)(Wit) (Oranje)
(Blauw)(Groen)(Geel)
Stereo
analoge
audio
ministekker
(Rood)(Groen)
Optisch
digitale
audiostekker
Linker en
rechter
analoge
audiostekkers
Coaxiaal
digitale
audiostekker
S-
videostekker
Composiet
videostekker
(Groen)
Opmerkingen
16
AANSLUITINGEN
Stroomschema audiosignalen voor AUDIO OUT (REC)
In dit toestel is de verwerking van digitale signalen gescheiden van de verwerking van analoge signalen. Daarom kunnen audiosignalen
die binnenkomen via de analoge ingangsaansluitingen ook alleen via de analoge AUDIO OUT (REC) uitgangsaansluitingen worden
weergegeven.
Stroomschema videosignalen voor MONITOR OUT
Stroomschema audio- en videosignalen
Opmerking
L RRL
PORTABLE
AUDIO
Uitgang
AUDIO OUT (REC)
Ingang
Analoog uitgangssignaal
Analoge audio
S VIDEO
VIDEO
COMPONENT
VIDEO
Y P
B
P
R
Y P
B
P
R
Door
Uitgang
(MONITOR OUT)
Ingang
Analoge
video
17
AANSLUITINGEN
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
Verbind uw TV met de VIDEO MONITOR OUT aansluiting, de S VIDEO MONITOR OUT aansluiting of de
COMPONENT VIDEO MONITOR OUT aansluitingen van dit toestel.
Sluit dit toestel of de andere componenten pas aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen tussen
de componenten gemaakt zijn.
Aansluiten van een TV
LET OP
MONITOR OUT
COMPONENT VIDEO
VIDEO S VIDEO
MONITOR
OUT
MONITOR
OUT
PRPBY
V
S
PRPBY
TV
S-video ingang
Video ingang
Component video ingang
18
AANSLUITINGEN
Sluit uw DVD-speler, DVD-recorder, videorecorder of STB (STB; een kastje bovenop de TV) aan via dezelfde soort
video-aansluitingen als welke u gebruikt heeft voor uw TV (zie bladzijde 17). Een zogenaamde Set Top Box kan
bijvoorbeeld een kabel-tv ontvanger of satellietontvanger zijn.
Sluit dit toestel of de andere componenten pas aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen tussen
de componenten gemaakt zijn.
U moet hetzelfde soort video-aansluitingen gebruiken als u gebruikt heeft om uw TV aan te sluiten (zie bladzijde 17). Als u
bijvoorbeeld uw TV heeft verbonden met de VIDEO MONITOR OUT aansluiting van dit toestel, dan dient u uw andere component te
verbinden met de VIDEO aansluitingen.
Om een digitale verbinding te maken met een andere component dan de component die standaard is toegewezen aan de DIGITAL
INPUT aansluiting, dient u de corresponderende instelling te selecteren voor “OPTICAL IN”, “COAXIAL IN” bij “INPUT ASSIGN”
(zie bladzijde 73).
Wanneer u uw DVD-speler zowel met de DIGITAL INPUT (OPTICAL) als met de DIGITAL INPUT (COAXIAL) aansluiting
verbindt, zal het via de DIGITAL INPUT (COAXIAL) aansluiting binnenkomende signaal voorrang krijgen.
Aansluiten van een DVD-speler
Aansluiten van een DVD-speler, een DVD-recorder, een videorecorder of
een STB (Set Top Box)
LET OP
Opmerkingen
AUDIO
DIGITAL INPUT
DVD DVD
COAXIAL
DVD
DVD
COMPONENT VIDEO
P
RPBY
DVD
VIDEO S VIDEO
OPTICAL
V
Y PB
PR
LR
S
O
C
DVD-speler
Component video uitgang
S-Video uitgang
Optische audio uitgang
Video uitgang
Coaxiale audio uitgang
Audio uitgang
19
AANSLUITINGEN
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
Aansluiten van een DVD-recorder of videorecorder
Aansluiten van een STB
AUDIO
DVR
COMPONENT VIDEO
IN OUT
DVR
IN
OUT
DVR
VIDEO S VIDEO
P
RPBY
V
S
V
S
R L R L
PRPBY
DVD-recorder of
videorecorder
Video uitgang
S-Video uitgang S-video ingang
Component video uitgang
Audio uitgang
Video ingang
Audio ingang
AUDIO
DIGITAL INPUT
DTV/CBL
DTV/CBL
COMPONENT VIDEO
P
RPBY
DTV/CBL
DTV/CBL
VIDEO S VIDEO
OPTICAL
V Y PB PR
LR
S
O
Kabel TV of
satellietontvanger
Component video uitgang
Optische audio uitgang
Video uitgang
Audio uitgang
S-Video uitgang
20
AANSLUITINGEN
Sluit uw CD-speler, MD-speler of cassettedeck aan via analoge aansluitingen.
Sluit dit toestel of de andere componenten pas aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen tussen
de componenten gemaakt zijn.
Om een digitale verbinding te maken met een andere component dan de component die standaard is toegewezen aan de DIGITAL
INPUT aansluiting, dient u de corresponderende instelling te selecteren voor “OPTICAL IN”, “COAXIAL IN” bij “INPUT ASSIGN”
(zie bladzijde 73).
Aansluiten van een CD-speler, een MD-speler of cassettedeck
LET OP
Opmerking
AUDIO
DIGITAL INPUT
DVD DVD
COAXIAL
DTV/CBL
OUT
(REC)
IN
(PLAY)
MD/
CD-R
CD
OPTICAL
LR LR
LR
Audio ingang
Audio uitgang
CD-speler
Audio uitgang
MD-recorder of cassettedeck
21
AANSLUITINGEN
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
Dit toestel is voorzien van 6 extra ingangsaansluitingen
(FRONT L/R, CENTER, SURROUND L/R en
SUBWOOFER) voor gescheiden multikanaals
ingangssignalen van een multiformaat-speler, externe
decoder, sound processor of voorversterker. Verbind de
uitgangsaansluitingen van uw multiformaat-speler of
externe decoder met de MULTI CH INPUT aansluitingen.
Let er goed op dat u de linker en rechter uitgangen
verbindt met de linker en rechter ingangsaansluitingen
voor zowel de voor- als de surroundkanalen.
Sluit dit toestel of de andere componenten pas
aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen
tussen de componenten gemaakt zijn.
Wanneer u MULTI CH INPUT als signaalbron selecteert (zie
bladzijde 36), zal dit toestel automatisch de digitale
geluidsveldprocessor uitschakelen en zult u geen
geluidsveldprogramma’s kunnen selecteren.
Dit toestel is niet in staat de via de MULTI CH INPUT
aansluitingen binnenkomende signalen zo te herschikken dat er
wordt gecompenseerd voor eventueel in uw systeem
ontbrekende luidsprekers. Daarom bevelen we u aan tenminste
een 5.1-kanaals luidsprekersysteem aan te sluiten voor u
gebruik maakt van deze functie.
Wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten, zullen alleen de
linker en rechter voorkanalen worden weergegeven.
Gebruik de VIDEO AUX aansluitingen op het voorpaneel
als u een spelcomputer, een videocamera of een draagbare
audiospeler wilt aansluiten op dit toestel.
U moet het volume van dit toestel en de andere
componenten uit zetten voor u de aansluitingen
gaat maken.
De audiosignalen die binnenkomen via de PORTABLE mini-
aansluiting hebben voorrang boven de via de AUDIO L/R
aansluitingen binnenkomende signalen.
Aansluiten van een multiformaat-
speler of externe decoder
LET OP
Opmerkingen
SUB
WOOFER
SURROUND
FRONT
CENTER
MULTI CH INPUT
L R L R
Multiformaat-speler of
externe decoder
Voorkanaal
uitgang
Surroundkanaal
uitgang
Subwoofer
uitgang
Middenkanaal
uitgang
Aansluiten van een spelcomputer,
een videocamera of een draagbare
audiospeler
LET OP
Opmerking
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l PROGRAM h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
V
L
R
M
Video uitgang
Audio uitgang
Spelcomputer of
videocamera
Draagbare
audiospeler
Audio
uitgang
22
AANSLUITINGEN
Dit toestel wordt geleverd met zowel een FM als een AM
binnenantenne. Normaal gesproken zorgen deze antennes
voor een voldoende sterke ontvangst. Verbind de antennes
op de juiste manier met de bijbehorende aansluitingen.
U moet de afstemstap (alleen modellen voor Azië en algemene
modellen) van de tuner aanpassen aan de ruimte tussen
zendfrequenties in uw gebied (zie bladzijde 77).
De AM ringantenne moet niet te dicht bij dit toestel geplaatst
worden.
De AM ringantenne moet altijd aangesloten blijven, zelfs als er
een AM buitenantenne op dit toestel is aangesloten.
Een goed geïnstalleerde buitenantenne geeft een betere
ontvangst dan een binnenantenne. Als u last heeft van een
slechte ontvangst, kunt u een buitenantenne installeren. Vraag
bij uw dichtstbijzijnde erkende YAMAHA dealer of service-
centrum naar de mogelijkheden met buitenantennes.
Aansluiten van de AM ringantenne
1 Maak de AM ringantenne gebruiksklaar.
2 Houd het lipje van de AM ANT aansluiting
ingedrukt.
3 Steek één van de draden van de AM
ringantenne in de AM ANT aansluiting.
4 Laat het lipje van de AM ANT aansluiting los
zodat dit terugveert.
5 Herhaal de stappen 2 t/m 4 en sluit de andere
draad aan op de GND aansluiting.
y
Wanneer u de AM ringantenne op de juiste manier heeft
aangesloten op dit toestel, kunt u de AM ringantenne zo
draaien dat u de beste ontvangst bereikt voor uw favoriete
AM zenders (zie bladzijde 43).
Aansluiten van de FM en AM antennes
Opmerkingen
FM ANT
75
UNBAL.
AM
ANT
GND
TUNER
AM ringantenne
(meegeleverd)
Aarde
Voor de grootst mogelijke
veiligheid en zo min
mogelijk storing dient u de
antenne GND aansluiting
goed te aarden. Een goede
aarding wordt bijvoorbeeld
verzorgd door een metalen
staaf die in vochtige grond
gedreven is.
FM binnenantenne
(meegeleverd)
AM buitenantenne
Gebruik 5 tot 10 meter met plastic
geïsoleerd draad dat u bijvoorbeeld uit
een raam naar buiten spant.
23
AANSLUITINGEN
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
Pas wanneer alle verbindingen tot stand zijn gebracht kunt u de stekker in het stopcontact steken.
VOLTAGE SELECTOR
(Alleen modellen voor Azië en algemene
modellen)
De VOLTAGE SELECTOR op het achterpaneel van dit
toestel moet worden ingesteld op de ter plekke gebruikte
netspanning VOOR u de stekker in het stopcontact steekt.
Onjuiste instelling van de VOLTAGE SELECTOR kan dit
toestel beschadigen en kan brandgevaar opleveren.
Draai de VOLTAGE SELECTOR met de klok mee
of er tegenin naar de correcte stand met een
gewone schroevendraaier.
De voltages zijn als volgt:
Modellen voor Azië
............................ 220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom
Algemene modellen
............. 110/120/220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom
AC OUTLET(S) (SWITCHED)
Modellen voor het V.K. en Australië
...................................................... 1 Netstroomaansluiting
Modellen voor Korea ................................................ Geen
Overige modellen..................... 2 Netstroomaansluitingen
Met behulp van deze netstroomaansluiting(en) kunt u
daarop aangesloten componenten van stroom voorzien.
Verbind de netsnoeren van uw andere apparatuur met deze
netstroomaansluiting(en). Deze aansluiting(en) worden
van stroom voorzien wanneer dit toestel is ingeschakeld.
De stroom voor deze aansluiting(en) zal echter worden
uitgeschakeld wanneer dit toestel uit (standby) wordt
gezet, of wanneer de stekker van dit toestel uit het
stopcontact wordt gehaald. Voor informatie omtrent het
maximale vermogen of het totale stroomverbruik voor de
componenten die op deze aansluiting(en) kunnen worden
aangesloten, zie “TECHNISCHE GEGEVENS” op
bladzijde 89.
Aansluiten van het netsnoer
AC OUTLETS
Naar het stopcontact
(Modellen voor de V.S.)
LET OP
230-
240V
VOLTAGE
SELECTOR
Aanduiding voltage
Geheugen back-up
De geheugen back-up schakeling voorkomt dat de
opgeslagen gegevens verloren gaan wanneer het toestel
uit (standby) staat. Wanneer echter de stekker uit het
stopcontact gehaald wordt of de stroomvoorziening om
een andere reden langer dan een week onderbroken
wordt, zullen de opgeslagen gegevens verloren gaan.
24
AANSLUITINGEN
Als u luidsprekers van 4 of 6 Ohm gebruikt, moet
u “SP IMP.” op “6MIN” zetten VOOR u dit
toestel in gebruik neemt.
1 Controleer of het toestel uit (standby) staat.
Zie bladzijde 25 voor details omtrent het aan en uit
(standby) zetten van dit toestel.
2 Houd STRAIGHT (EFFECT) op het
voorpaneel ingedrukt en druk vervolgens op
STANDBY/ON om dit toestel aan te zetten.
Het toestel wordt ingeschakeld en het uitgebreide
setup menu zal verschijnen op het display op het
voorpaneel.
3 Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het
voorpaneel om en selecteer “SP IMP.”.
De volgende aanduidingen zullen op het display op
het voorpaneel verschijnen.
4 Druk herhaaldelijk op STRAIGHT (EFFECT)
op het voorpaneel om en selecteer “6MIN”.
De volgende aanduidingen zullen op het display op
het voorpaneel verschijnen.
5 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om
de nieuwe instelling op te slaan en dit toestel
uit (standby) te zetten.
De gewijzigde instelling wordt van kracht zodra u dit toestel de
volgende keer aan zet.
Instellen van de luidspreker-impedantie
LET OP
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
3
2,4
2,5
EFFECT
STRAIGHT
STANDBY
/ON
Houd
ingedrukt
Opmerking
l PROGRAM h
SP IMP.-8 MIN
EFFECT
STRAIGHT
SP IMP.-6 MIN
STANDBY
/ON
25
AANSLUITINGEN
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
Wanneer alle aansluitingen gemaakt zijn, kunt u dit toestel aan zetten.
Inschakelen van de stroom
Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel (of op
POWER op de afstandsbediening) om dit toestel
aan te zetten.
Uit (standby) zetten van dit toestel
Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel
(of STANDBY op de afstandsbediening) om dit
toestel uit (standby) te zetten.
Aan zetten van dit toestel en weer uit (standby)
CD
MD/CD-R
TUNER
V-A UXDVD
POWER
POWER POWER
DVR
DTV/CBL
STANDBY
AVTV
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
STANDBY/ON
POWER
STANDBY
STANDBY
/ON
of
Voorpaneel
POWER
Afstandsbediening
STANDBY
/ON
of
Voorpaneel Afstandsbediening
STANDBY
BASIS SETUP
26
De “BASIC SETUP” is handig wanneer u uw systeem snel en met minimale inspanningen klaar voor gebruik wilt
maken.
U moet uw hoofdtelefoon losmaken van het toestel.
Als u het toestel met de hand nog preciezer wilt instellen, kunt u de gedetailleerde instellingen van het “SOUND MENU”
(zie bladzijde 70) gebruiken.
Wijzigen van instellingen via de “BASIC SETUP” zorgt ervoor dat alle met de hand via het “SOUND MENU” gewijzigde instellingen
zullen worden teruggezet (zie bladzijde 70).
De begininstellingen voor elk van de parameters worden vet aangegeven.
Druk op RETURN op de afstandsbediening om terg te keren naar het vorige menuniveau.
1 Druk op AMP op de afstandsbediening.
2 Druk op SET MENU.
“BASIC SETUP” zal op het display op het
voorpaneel verschijnen.
3 Druk op ENTER om de “BASIC SETUP” te
openen.
De aanduiding “ROOM” zal op het display op het
voorpaneel verschijnen.
4 Druk op j / i om de gewenste instelling te
selecteren.
ROOM: S >M L
Selecteer de afmetingen van de ruimte waarin uw
luidsprekers staan opgesteld. In het algemeen worden
de afmetingen van de kamer als volgt gedefinieerd:
Keuzes: S, M, L
[Modellen voor de V.S. en Canada]
S (klein) 16 x 13ft, 200ft
2
(4,8 x 4,0m, 20m
2
)
M (midden) 20 x 16ft, 300ft
2
(6,3 x 5,0m, 30m
2
)
L (groot) 26 x 19ft, 450ft
2
(7,9 x 5,8m, 45m
2
)
[Overige modellen]
S (klein) 3,6 x 2,8m, 10m
2
M (medium) 4,8 x 4,0m, 20m
2
L (groot) 6,3 x 5,0m, 30m
2
BASIS SETUP
Opmerkingen
START
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
AMP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
ENTER
2,12
1
3-11
AMP
SET MENU
SRCH MODE
MENU
BASIC SETUP
.
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
27
BASIS SETUP
VOORBEREIDINGEN
Nederlands
5 Druk op d, selecteer “SUBWOOFER” en
druk vervolgens op j / i om de gewenste
instelling te selecteren.
Keuzes: YES, NONE
Selecteer “YES” als u een subwoofer in uw
systeem heeft.
Selecteer “NONE” als u geen subwoofer in uw
systeem heeft.
6 Druk op d, selecteer “SPEAKERS” en kies
vervolgens met j / i het aantal luidsprekers
dat is aangesloten op dit toestel.
7 Druk op d, selecteer “SET” en druk
vervolgens op j / i om de gewenste instelling
te selecteren.
>SET CANCEL
Keuzes: SET, CANCEL
Selecteer “SET” om de gewijzigde instellingen
definitief te maken.
Selecteer “CANCEL” om de instelfunctie te
verlaten zonder wijzigingen aan te brengen.
y
U kunt ook op SET MENU drukken om de setup procedure
te annuleren.
8 Druk op ENTER om uw keuze te bevestigen.
Als u bij stap 7 “SET” heeft geselecteerd, zult u twee
keer om beurten uit elk van de luidsprekers een
testtoon horen. “CHECK:TestTone” zal een paar
seconden op het display op het voorpaneel getoond
worden, gevolgd door “CHECK OK?”.
y
Controleer de luidsprekerverbindingen (zie bladzijde 12) en
wijzig indien nodig de “SPEAKERS” instellingen in stap 6.
Keuze Display Luidsprekers
2spk
L/R voor
3spk
L/R voor, midden
4spk
L/R voor, L/R surround
5spk
L/R voor, midden, L/R surround
6spk
L/R voor, midden, L/R surround,
surround achter
SUBWOOFER
..
YES
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
SPEAKERS
..
6spk
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
LL C R
SL SB SR
LL CR
SL SB SR
LL C R
SL SB SR
LL C R
SL SB
SB
SR
LL C R
SL SB SR
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
CHECK:TestTone
28
BASIS SETUP
9 Druk op j / i om de gewenste instelling te
selecteren.
Keuzes: YES, NO
Selecteer “YES” om de setup procedure af te
sluiten als de testtoon via elk van de luidsprekers
goed klonk.
Selecteer “NO” om door te gaan naar het
instelmenu voor het op elkaar afstemmen van de
uitgangsniveaus van de verschillende luidsprekers.
10 Druk op ENTER om uw keuze te bevestigen.
Als u bij stap 9 “YES” heeft geselecteerd, is
daarmee de setup procedure afgesloten en zal het
display terugkeren naar het eerste “SET MENU”
scherm.
Als u bij stap 9 “NO” heeft geselecteerd, zal het
instelscherm voor het niveau van de
voorluidsprekers op het display op het voorpaneel
verschijnen.
11 Druk op d / u om een luidspreker te
selecteren en gebruik vervolgens j / i om de
juiste balans in te stellen.
De geselecteerde luidspreker en de linker voor-
luidspreker (of de linker surround-luidspreker) geven
om de beurt de testtoon weer.
Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen.
Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen.
FR ----||----
Selecteer “FR” om de balans tussen de linker en de
rechter voor-luidsprekers in te stellen.
Selecteer “C” om de balans tussen de linker voor-
luidspreker en de midden-luidspreker in te stellen.
Selecteer “SL” om de balans tussen de linker voor-
luidspreker en de linker surround-luidspreker in te
stellen.
Selecteer “SB” om de balans tussen de linker
surround-luidspreker en de surround achter-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “SR” om de balans tussen de linker
surround-luidspreker en de rechter surround-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “SWFR” om de balans tussen de linker
voor-luidspreker en de subwoofer in te stellen.
12 Druk op SET MENU om de “BASIC SETUP” te
verlaten.
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
CHECK OK?
..
YES
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
SET MENU
SRCH MODE
MENU
WEERGAVE
29
BASISBEDIENING
Nederlands
U moet zeer voorzichtig zijn wanneer u DTS gecodeerde CD’s gaat afspelen. Als u een DTS
gecodeerde CD afspeelt op een CD-speler die niet geschikt is voor DTS-weergave, zult u alleen een
ongewenst geruis of lawaai horen dat zelfs uw luidsprekers kan beschadigen. Controleer of uw CD-
speler geschikt is voor DTS gecodeerde CD’s. Controleer ook het geluidsniveau van uw CD-speler
voor u een DTS gecodeerde CD gaat afspelen.
1 Zet het beeldscherm dat is aangesloten op
dit toestel aan.
2 Druk op SPEAKERS A of B op het voorpaneel
(of druk eerst op AMP en vervolgens
herhaaldelijk op SPEAKERS op de
afstandsbediening).
Met elke druk op SPEAKERS A of B op het
voorpaneel zet u de bijbehorende set luidsprekers aan
of uit.
3 Verdraai INPUT op het voorpaneel (of druk op
één van de ingangskeuzetoetsen op de
afstandsbediening) om de gewenste
signaalbron te selecteren.
De naam van de op dit moment geselecteerde
signaalbron wordt een paar seconden lang op het
display op het voorpaneel getoond.
Als u een signaalbron wilt selecteren die digitaal is
aangesloten, dient u “INPUT MODE” op “AUTO” of
“DTS” in te stellen (zie bladzijde 32).
4 Start de weergave op de geselecteerde
broncomponent of stem af op een zender.
Raadpleeg de handleiding van de betreffende
component.
Zie bladzijde 43 voor details omtrent het afstemmen.
WEERGAVE
LET OP
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
7 56 362
CD
MD/CD-R
TUNER
START
CODE SET
MODE PTY SEEK
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
V-A UXDVD
AMP
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
MUTE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
TV VOL TV CH
2
2
7
5
3
SPEAKERS
BA
SPEAKERS
9
AMP
Voorpaneel
Afstandsbediening
of
Opmerking
CD
MD/CD-R
TUNER
V-AUXDVD
DVR
DTV/CBL
INPUT
Voorpaneel Afstandsbediening
of
DVR
p
DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
LR
DVD AUTO
Op dit moment
geselecteerde signaalbron
Op dit moment
geselecteerde
ingangsfunctie
Beschikbare signaalbronnen
30
WEERGAVE
5 Verdraai VOLUME op het voorpaneel (of druk
op VOLUME +/– op de afstandsbediening) om
het volume op het gewenste niveau in te
stellen.
6 Druk herhaaldelijk op TONE CONTROL op
het voorpaneel, kies tussen “TREBLE” (hoge
tonen) en “BASS” (lage tonen) en gebruik
vervolgens de BASS/TREBLE +/– toetsen om
de gekozen tonen te versterken of te
verzwakken.
Selecteer “TREBLE” om de weergave van de hoge
tonen te regelen.
Selecteer “BASS” om de weergave van de lage
tonen te regelen.
De instellingen voor de luidsprekers en die voor de
hoofdtelefoon worden apart opgeslagen.
Wanneer “TC.BYPASS” op “AUTO” staat (zie
bladzijde 73) en “BASS” en “TREBLE” op 0 dB worden
gezet, zal het audiosignaal automatisch de
toonregelingsschakelingen van dit toestel onveranderd
passeren.
Als u de hoge of lage tonen teveel versterkt of verzwakt, is
het mogelijk dat de toonkleur van de surround-
luidsprekers niet meer overeenkomt met die van de linker
en rechter voor-luidsprekers.
TONE CONTROL staat buiten werking wanneer
“DIRECT STEREO” (zie bladzijde 37) is geselecteerd, of
wanneer “MULTI CH INPUT” (zie bladzijde 36) is
geselecteerd als signaalbron.
Om te profiteren van surroundweergave van multikanaals
materiaal, zie bladzijde 39 voor details.
7 Drunk op de PROGRAM l / h toetsen op het
voorpaneel (of druk op één van de
geluidsveldprogrammatoetsen op de
afstandsbediening) om het gewenste
geluidsveldprogramma te selecteren.
De naam van het geselecteerde
geluidsveldprogramma zal verschijnen op het display
op het voorpaneel.
Zie bladzijde 55 voor details over
geluidsveldprogramma’s.
Kies een geluidsveldprogramma op basis van uw smaak,
niet alleen op basis van de naam van het programma.
Wanneer u een bepaalde signaalbron selecteert, zal het
toestel automatisch het laatst met die signaalbron
gebruikte geluidsveldprogramma instellen.
Er kunnen geen Geluidsveldprogramma’s worden
geselecteerd wanneer de component die is verbonden met
de MULTI CH INPUT aansluitingen is geselecteerd als
signaalbron (zie bladzijde 36).
Signalen met een hogere bemonsteringsfrequentie dan 48
kHz (met uitzondering van DTS 96/24 signalen) zullen
worden teruggebracht tot 48 kHz, waarna er
geluidsveldprogramma’s op kunnen worden toegepast.
Om informatie te laten weergeven op het display op het
voorpaneel over de op dit moment geselecteerde
signaalbron, zie bladzijde 37 voor details.
Opmerkingen
VOLUME
V
O
L
UM
E
+
of
Afstandsbediening
Voorpaneel
TONE CONTROL
BASS/TREBLE
DVR
p
DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
LR
TREBLE 0dB
Opmerkingen
l PROGRAM h
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
Voorpaneel
of
Afstandsbediening
DVR
p
DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
LR
TV Sports
Op dit moment geselecteerde
geluidsveldprogramma
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
31
BASISBEDIENING
Nederlands
SILENT CINEMA stelt u in staat naar multikanaals
materiaal of filmsoundtracks, inclusief Dolby Digital en
DTS materiaal, te luisteren met een normale
hoofdtelefoon. SILENT CINEMA wordt automatisch
ingeschakeld wanneer u een hoofdtelefoon aansluit op de
PHONES aansluiting terwijl u luistert met de CINEMA
DSP of HiFi DSP geluidsveldprogramma’s (zie
bladzijde 55). Indien ingeschakeld zal de SILENT
CINEMA indicator oplichten op het display op het
voorpaneel.
SILENT CINEMA kan niet worden ingeschakeld wanneer
“MULTI CH INPUT” is geselecteerd als signaalbron (zie
bladzijde 36).
SILENT CINEMA staat buiten werking wanneer “DIRECT
STEREO” (zie bladzijde 37) of “2ch Stereo” (zie bladzijde 36)
is geselecteerd, of wanneer het toestel in de “STRAIGHT”
functie staat (zie bladzijde 36).
Druk op MUTE op de afstandsbediening om de
geluidsweergave tijdelijk uit te schakelen. Druk
nog eens op MUTE om de geluidsweergave te
hervatten.
y
U kunt ook VOLUME op het voorpaneel of VOLUME +/– op
de afstandsbediening gebruiken om de geluidsweergave te
hervatten.
U kunt instellen hoe ver het volume verlaagd wordt via de
“MUTING TYP.” parameter in het “SOUND MENU” (zie
bladzijde 73)
De MUTE indicator knippert op het voorpaneel wanneer de
geluidsweergave tijdelijk is uitgeschakeld en verdwijnt wanneer
de geluidsweergave weer wordt hervat.
Als u een andere signaalbron of een ander geluidsveldprogramma
inschakelt terwijl de geluidsweergave tijdelijk uitgeschakeld is,
zal het toestel de geluidsweergave hervatten.
De middernacht luisterfuncties zijn ontworpen om bij lage
volumes, bijvoorbeeld wanneer u ’s nachts wilt luisteren,
toch alles te kunnen verstaan. Kies “NIGHT:CINEMA” of
“NIGHT:MUSIC” afhankelijk van wat voor materiaal u
gaat afspelen.
1 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op
NIGHT op de afstandsbediening om te kiezen
tussen “NIGHT:CINEMA” en “NIGHT:MUSIC”.
Keuzes: NIGHT:CINEMA, NIGHT:MUSIC, OFF
Selecteer “NIGHT:CINEMA” wanneer u naar een
film gaat kijken om het dynamisch bereik van de
soundtrack te verminderen en de gesproken tekst
beter verstaanbaar te maken bij lagere volumes.
Selecteer “NIGHT:MUSIC” wanneer u naar
muziek wilt luisteren om alle geluiden beter
verstaanbaar te maken.
Selecteer “OFF” als u deze functie niet wilt
gebruiken.
y
Wanneer er een nacht-luisterfunctie is geselecteerd, zal de
NIGHT indicator oplichten op het display op het
voorpaneel.
2 Druk op j / i op de afstandsbediening om het
effectniveau te regelen terwijl
“NIGHT:CINEMA” of “NIGHT:MUSIC” wordt
aangegeven op het display op het
voorpaneel.
Keuzes: MIN, MID, MAX
Selecteer “MIN” voor minimale compressie.
Selecteer “MID” voor standaard compressie.
Selecteer “MAX” voor maximale compressie.
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
Gebruiken van het SILENT CINEMA
Opmerkingen
Tijdelijk uitschakelen van de
geluidsweergave
Opmerking
MUTE
Selecteren van de nacht-
luisterfunctie
NIGHT
10
AMP
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
Afstandsbediening
Effect.Lvl:MID
32
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
y
De “NIGHT:CINEMA” en “NIGHT:MUSIC” instellingen
worden apart opgeslagen.
In de volgende gevallen kunt u de nacht-luisterfuncties
niet gebruiken:
wanneer de “DIRECT STEREO” functie (zie
bladzijde 37) is ingeschakeld.
wanneer de component die is verbonden met de MULTI
CH INPUT aansluitingen is geselecteerd als signaalbron
(zie bladzijde 36).
wanneer er een hoofdtelefoon in de PHONES
aansluiting zit.
Hoe groot het effect is van de nachtluisterfuncties hangt
mede af van het weergegeven materiaal en van uw
instellingen voor surroundweergave.
Dit toestel is uitgerust met allerlei ingangsaansluitingen. U
kunt als volgt bepalen wat voor ingangssignalen u wilt
gebruiken.
y
U kunt de standaard ingangsfunctie van dit toestel zelf bepalen
via de “INPUT MODE” parameter in het “INPUT MENU” (zie
bladzijde 74).
Om DTS gecodeerde CD’s weer te kunnen geven (bij gebruik
van een digitale audioverbinding) moet u “INPUT MODE
instellen op “DTS”.
Als het digitale uitgangssignaal van de speler op de een of
andere manier bewerkt is, is het misschien, afhankelijk van de
speler in kwestie, niet meer mogelijk het DTS signaal te
decoderen, ook al bestaat er een digitale verbinding tussen de
speler en dit toestel.
1 Verdraai INPUT op het voorpaneel en
selecteer de gewenste signaalbron.
2 Druk herhaaldelijk op INPUT MODE op het
voorpaneel om de gewenste ingangsfunctie
te selecteren.
AUTO Ingangssignalen worden automatisch
geselecteerd in deze volgorde:
1) Digitale signalen
2) Analoge signalen
DTS Alleen DTS gecodeerde digitale
signalen zullen worden geselecteerd.
Als er geen DTS signalen
binnenkomen, zal er geen geluid
worden weergegeven.
ANALOG Er zullen alleen analoge signalen
worden geselecteerd. Als er geen
analoge signalen binnenkomen, zal er
geen geluid worden weergegeven.
Wanneer “INPUT MODE” is ingesteld op “AUTO”, zal
dit toestel automatisch overschakelen naar de juiste
decoder indien er een Dolby Digital of DTS signaal wordt
gedetecteerd.
In de meeste gevallen raden we u aan gewoon “INPUT
MODE” op “AUTO” te zetten.
Opmerkingen
Selecteren van de ingangsfunctie
Opmerkingen
INPUT
Opmerkingen
INPUT MODE
DVR
p
DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
LR
DVD AUTO
Op dit moment
geselecteerde
signaalbron
Op dit moment
geselecteerde
ingangsfunctie
Beschikbare signaalbronnen
33
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
BASISBEDIENING
Nederlands
Met deze functie kunt het toestel zichzelf uit (standby)
laten schakelen na een door u bepaalde tijd. Deze
slaaptimer is bijvoorbeeld handig wanneer u gaat slapen
terwijl uw installatie nog aan het spelen of opnemen is. De
slaaptimer schakelt ook automatisch de op de AC
OUTLET(S) netstroomaansluitingen aangesloten externe
apparatuur uit (zie bladzijde 23).
1 Druk op één van de ingangskeuzetoetsen op
de afstandsbediening om de gewenste
signaalbron te selecteren.
2 Start de weergave op de geselecteerde
broncomponent of stem af op een zender.
Raadpleeg de handleiding van de betreffende
component.
Zie bladzijde 43 voor details omtrent het afstemmen.
3 Druk herhaaldelijk op SLEEP op de
afstandsbediening om de gewenste tijd in te
stellen.
Met elke druk op SLEEP zal het display op het
voorpaneel als volgt veranderen.
De SLEEP indicator knippert terwijl u de tijd voor de
slaaptimer aan het instellen bent. De SLEEP indicator
zal oplichten op het display op het voorpaneel en het
display keert terug naar het geselecteerde
geluidsveldprogramma.
4 Druk op net zo vaak op SLEEP op de
afstandsbediening tot “SLEEP OFF” op het
display op het voorpaneel verschijnt.
De SLEEP indicator gaat uit en de melding “SLEEP
OFF” zal na een paar seconden verdwijnen van het
display op het voorpaneel.
y
U kunt de slaaptimer ook annuleren door met STANDBY op
de afstandsbediening (of STANDBY/ON op het voorpaneel)
het toestel uit (standby) te zetten.
Gebruiken van de slaaptimer
CD
MD/CD-R
TUNER
V-AUXDVD
DVR
DTV/CBL
SLEEP
SLEEP 90min
SLEEP 60minSLEEP 30minSLEEP OFF
SLEEP 120min
DVR DVD
p
CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
SLEEP
A
SP
dB
LR
SLEEP 120min
Knippert
DVR DVD
p
CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
SLEEP
A
SP
dB
LR
STRAIGHT
Licht op
SLEEP
DVR DVD
p
CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
LR
SLEEP OFF
34
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
U kunt het uitgangsniveau van de luidsprekers instellen
terwijl u naar muziek aan het luisteren bent. Dit is ook
mogelijk wanneer u een signaal dat via de MULTI CH
INPUT aansluitingen binnenkomt afspeelt.
Deze handeling overschrijft de niveau-instellingen die zijn
gemaakt via de “BASIC SETUP” (zie bladzijde 26) en “SP
LEVEL” (zie bladzijde 71) methodes.
y
Deze handeling kan ook worden uitgevoerd met de
bedieningsorganen op het voorpaneel. Druk herhaaldelijk op
NEXT op het voorpaneel om het luidsprekerkanaal te selecteren
waarvan u het uitgangsniveau wilt instellen en gebruik vervolgens
LEVEL +/– op het voorpaneel om het uitgangsniveau te regelen.
1 Druk op AMP en vervolgens net zo vaak op
LEVEL op de afstandsbediening tot u de
luidspreker die u wilt instellen heeft
geselecteerd.
Druk op “FRONT L” om het uitgangsniveau
(volume) van de linker voor-luidspreker te regelen.
Druk op “CENTER” om het uitgangsniveau
(volume) van de midden-luidspreker te regelen.
Druk op “FRONT R” om het uitgangsniveau
(volume) van de rechter voor-luidspreker te
regelen.
Druk op “SUR. R” om het uitgangsniveau
(volume) van de rechter surround-luidspreker te
regelen.
Druk op “SUR. B” om het uitgangsniveau
(volume) van de surround achter-luidspreker te
regelen.
Druk op “SUR. L” om het uitgangsniveau (volume)
van de linker surround-luidspreker te regelen.
Druk op “SWFR” om het uitgangsniveau (volume)
van de subwoofer te regelen.
y
Wanneer u op LEVEL op de afstandsbediening heeft gedrukt,
kunt u de gewenste luidspreker ook selecteren met
u
/
d
.
2 Druk op j / i op de afstandsbediening om het
uitgangsniveau (volume) van de luidspreker
te regelen.
Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen.
Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen.
Instelbereik: –10 dB t/m +10 dB
3 Druk op ENTER op de afstandsbediening
wanneer u klaar bent met instellen.
Instellen luidsprekerniveaus
Opmerking
START
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
AMP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
ENTER
1
2
3
1
AMP
TITLE
LEVEL
BAND
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
35
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
BASISBEDIENING
Nederlands
Compressie-artefacten (zoals bij MP3) ontstaan
onvermijdelijk door compressiemethoden waarbij
gegevens verloren gaan omdat bijvoorbeeld de
geluidssignalen opnieuw worden bemonsterd met een
lagere bitsnelheid en geluiden die voor mensen
onhoorbaar zijn worden verwijderd. De Compressed
Music Enhancer functie van dit toestel verbetert de
geluidsweergave door de vanwege deze zogenaamde
compressie-artefacten ontbrekende harmonische signalen
te regenereren. Op deze manier wordt gecompenseerd
voor de soms vlakke weergave als gevolg van het verlies
in het gecomprimeerde bestand van zowel de hoogste als
de laagste tonen, hetgeen de algehele geluidskwaliteit van
uw systeem ten goede komt.
De Compressed Music Enhancer functie is geschikt voor PCM
signalen (32 kHz, 44,1 kHz en 48 kHz) en met analoge 2-
kanaals ingangssignalen.
De Compressed Music Enhancer functie werkt niet samen met
de geluidsveldprogramma’s.
Wanneer de Compressed Music Enhancer functie is
ingeschakeld terwijl er een ongeschikt signaal wordt
weergegeven, zal de melding “Not Available” op het display op
het voorpaneel verschijnen.
Wanneer de signaalbron wordt omgeschakeld naar één met een
ongeschikt signaal terwijl de Compressed Music Enhancer
functie is ingeschakeld, zal de Compressed Music Enhancer
functie automatisch worden uitgeschakeld en zal het betreffende
signaal worden weergegeven als 2-kanaals of 6-kanaals stereo.
y
De ENHANCER indicator op het display op het voorpaneel licht
op wanneer één van de Compressed Music Enhancer functies is
ingeschakeld.
1 Druk herhaaldelijk op AMP en vervolgens op
ENHANCER op de afstandsbediening om de
gewenste Compressed Music Enhancer
functie te selecteren.
Het volgende scherm zal verschijnen op het display
op het voorpaneel en de ENHANCER indicator zal
oplichten op het display op het voorpaneel.
Keuzes: 2ch Stereo, 6ch Stereo, Off
Selecteer “2ch Stereo” voor weergave met
compensatie voor compressie-artefacten in 2-
kanaals stereo.
Selecteer “6ch Stereo” voor weergave met
compensatie voor compressie-artefacten in 6-
kanaals stereo.
Selecteer “Off om de Compressed Music
Enhancer functie uit te schakelen.
Wanneer u “Off selecteert, keert dit toestel terug naar het
oorspronkelijk ingestelde geluidsveldprogramma.
2 Druk op j / i op de afstandsbediening om het
gewenste effectniveau te selecteren.
Keuzes: HIGH, LOW
Selecteer “HIGH” voor een hoog effectniveau.
Selecteer “LOW” voor een laag effectniveau.
Zet het effectniveau op “HIGH” of “LOW” aan de hand van
de eigenschappen van het bronsignaal. Het is mogelijk dat
de hoge tonen van bepaalde signalen teveel benadrukt
worden. Zet het effectniveau in een dergelijk geval op
“LOW”.
Selecteren van de Compressed
Music Enhancer functie
Opmerkingen
Opmerking
Opmerking
ENHANCER
0
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
ENHANCER
A
SP
dB
LR
ENHANCER 2CH
AMP
Licht op
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
36
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
Hiermee selecteert u de met de MULTI CH INPUT
aansluitingen verbonden signaalbron (zie bladzijde 21).
Druk op MULTI CH INPUT op het voorpaneel (of
op MULTI CH IN op de afstandsbediening) zodat
“MULTI CH INPUT” verschijnt op het display op
het voorpaneel.
MULTI CH INPUT
Wanneer “MULTI CH INPUT” wordt getoond op het display, kan
er geen andere signaalbron worden weergegeven. Als u met
INPUT (of één van de ingangskeuzetoetsen op de
afstandsbediening) een andere signaalbron wilt selecteren, druk
dan eerst op MULTI CH INPUT (of MULTI CH IN op de
afstandsbediening) zodat de melding “MULTI CH INPUT”
verdwijnt van het display op het voorpaneel.
U kunt multikanaals materiaal laten terugbrengen tot 2
kanalen voor weergave als 2-kanaals stereo.
Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op
STEREO op de afstandsbediening en kies “2ch
Stereo”.
y
U kunt een subwoofer gebruiken met dit programma wanneer
“BASS OUT” is ingesteld op “SWFR” of “BOTH” (zie
bladzijde 71).
U kunt de “2ch Stereo” functie ook selecteren door op de
PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel te drukken.
Wanneer het toestel in de “STRAIGHT” stand staat,
worden 2-kanaals stereobronnen alleen weergegeven via
de linker en rechter voor-luidsprekers. Multikanaals
materiaal zal rechtstreeks via de diverse kanalen worden
weergegeven zonder verdere toevoeging van effecten.
1 Druk op AMP en vervolgens op STRAIGHT
op de afstandsbediening en kies
“STRAIGHT”.
2 Om de “STRAIGHT” functie uit te schakelen
dient u nog eens op STRAIGHT op de
afstandsbediening te drukken zodat
“STRAIGHT” verdwijnt van het display op het
voorpaneel.
Eventuele geluidseffecten worden nu weer
ingeschakeld.
y
U kunt de “STRAIGHT” functie ook selecteren door op
STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel te drukken.
Selecteren van de MULTI CH
INPUT component
Opmerking
Luisteren naar multikanaals
materiaal met 2-kanaals
stereoweergave
MULTI CH
INPUT
MULTI CH IN
Voorpaneel Afstandsbediening
of
STEREO
1
AMP
2ch Stereo
Luisteren naar onbewerkte
weergave
STRAIGHT
ENT.
AMP
STRAIGHT
37
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
BASISBEDIENING
Nederlands
De “DIRECT STEREO” functie laat bronsignalen alle
decoders en DSP processors van dit toestel onveranderd
passeren zodat u kunt profiteren van pure hi-fi weergave
van 2-kanaals PCM en analoge bronsignalen.
Druk op AMP en vervolgens op DIRECT ST. op de
afstandsbediening en kies “DIRECT STEREO”.
Om onverwacht lawaai te voorkomen mag u geen DTS
gecodeerde CD’s afspelen in de “DIRECT STEREO” functie.
Wanneer er multikanaals signalen (Dolby Digital of DTS)
binnenkomen in deze stand, zal het toestel automatisch
overschakelen naar de corresponderende analoge signaalbron.
Wanneer “DTS” is geselecteerd als ingangsfunctie (zie
bladzijde 32) zal er geen geluid worden weergegeven.
Er zal geen geluid worden weergegeven via de subwoofer.
De “TONE CONTROL” (zie bladzijde 30) en “SOUND
MENU” (zie bladzijde 70) instellingen (behalve voor de
instelling van de luidsprekerniveaus) staan buiten werking.
Het display op het voorpaneel wordt automatisch donkerder.
y
U kunt de “DIRECT STEREO” functie ook selecteren door
herhaaldelijk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel
te drukken.
U kunt de formattering, de bemonsteringsfrequentie, het
aantal kanalen en eventuele signaleringsgegevens (vlag)
van het huidige ingangssignaal laten zien.
1 Druk op één van de ingangskeuzetoetsen om
de gewenste signaalbron te selecteren.
2 Druk op AMP en vervolgens op STRAIGHT
op de afstandsbediening en kies
“STRAIGHT”.
3 Druk op u / d om de informatie over het
ingangssignaal te laten verschijnen.
Luisteren naar pure hi-fi
stereoweergave
Opmerkingen
AMP
DIRECT ST.
8
DIRECT STEREO
Tonen van informatie over de
signaalbron
CD
MD/CD-R
TUNER
V-AUXDVD
DVR
DTV/CBL
STRAIGHT
ENT.
AMP
STRAIGHT
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
38
GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES
De volgende informatie zal een paar seconden lang
op het display op het voorpaneel getoond worden.
Signaalformattering
De formattering van het signaal wordt getoond.
Wanneer het toestel geen digitaal signaal kan
detecteren, wordt er automatisch overgeschakeld naar
analoog.
Display status: Analog, Digital, Dolby Digital, DTS,
PCM, Unknown Digital
“Unknown Digital” verschijnt wanneer dit toestel een
signaal detecteert dat niet gedecodeerd kan worden.
Kanaal in:
Aantal bronkanalen in het ingangssignaal (voor/
surround/LFE). Bijvoorbeeld een multikanaals
soundtrack met 3 voorkanalen, 2 surroundkanalen en
een LFE kanaal, zal worden getoond als “3/2/LFE”.
Bemonsteringsfrequentie fs:
Het aantal metingen per seconden van een continu
signaal om een digitaal signaal te kunnen maken.
Display status: 32kHz, 44.1kHz, 48kHz, 64kHz,
88.2kHz, 96kHz
Bitsnelheid rate:
Het aantal bits aan gegevens dat per seconde een
bepaald meetpunt passeert.
Vlag flg:
Signalering (vlag) die in DTS, Dolby Digital of PCM
signalen is meegecodeerd en die dit toestel in staat
stelt automatisch van decoder te wisselen.
y
Wanneer u informatie over de signaalbron bekijkt, staat dit toestel
in de “STRAIGHT” stand (zie bladzijde 36). Om eventuele
geluidseffecten weer in te schakelen, dient u nog eens op
“STRAIGHT” te drukken.
U kunt videobeelden van een videobron combineren met
geluid van een audiobron. Zo kunt u bijvoorbeeld naar
klassieke muziek luisteren terwijl u op uw beeldscherm
kijkt naar mooie landschapsopnamen.
Druk op de ingangskeuzetoetsen op de
afstandsbediening om de gewenste videobron te
selecteren en kies vervolgens de audiobron.
Als u wilt luisteren naar een signaalbron die is aangesloten op de
MULTI CH INPUT aansluitingen terwijl u naar andere
videobeelden kijkt, moet u eerst de videobron selecteren en
vervolgens op MULTI CH INPUT op het voorpaneel (of MULTI
CH IN op de afstandsbediening) drukken om “MULTI CH
INPUT” als signaalbron te selecteren (zie bladzijde 36).
Opmerking
Afspelen van video op de
achtergrond
Opmerking
CD
MD/CD-R
TUNER
V-AUXDVD
DVR
DTV/CBL
Audiobronnen
Videobronnen
LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE
39
BASISBEDIENING
Nederlands
Als u een surround achter-luidspreker heeft aangesloten,
kunt u via deze functie profiteren van 6.1-kanaals
weergave van multikanaals signaalbronnen met behulp
van de Dolby Pro Logic IIx, Dolby Digital EX of DTS-ES
decoder.
1 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op
EXTD SUR. op de afstandsbediening om
heen en weer te schakelen tussen 5.1- en 6.1-
kanaals weergave.
2 Om een decoder te selecteren, dient u
herhaaldelijk op j / i te drukken wanneer
“PLIIxMusic” (enz.) wordt getoond.
Automatisch AUTO
Wanneer er een speciale code (vlag) die door dit toestel
kan worden herkend in het ingangssignaal aanwezig is, zal
het toestel zelf de optimale decoder voor weergave via 6.1
kanalen selecteren.
Als het toestel de ‘vlag’ niet kan herkennen of als het
signaal geen ‘vlag’ bevat, kan er niet automatisch via 6.1
kanalen worden weergegeven.
Decoders
Afhankelijk van de formattering van het weergegeven
materiaal kunt u kiezen uit de volgende decoders.
Uit OFF
Er worden geen decoders gebruikt om 6.1 kanalen te
creëren.
Sommige discs met 6.1-kanaals materiaal hebben geen aparte
signalering (vlag) die dit toestel automatisch kan detecteren.
Wanneer u een dergelijke disc met 6.1-kanaals materiaal
afspeelt, dient u met de hand een decoder (“PLIIx Music”, “EX/
ES” of “EX”) te kiezen.
In de volgende gevallen is 6.1-kanaals weergave niet mogelijk,
ook al wordt EXTD SUR. ingedrukt:
wanneer “SUR. LR” (zie bladzijde 70) of “SUR. B” (zie
bladzijde 70) op “NONE” staat.
wanneer de met de MULTI CH INPUT aansluitingen
verbonden signaalbron wordt weergegeven.
wanneer het weergegeven materiaal geen linker en rechter
surroundsignalen bevat.
wanneer er een Dolby Digital KARAOKE signaalbron wordt
weergegeven.
wanneer het “2ch Stereo” (zie bladzijde 36) of “DIRECT
STEREO” (zie bladzijde 37) programma is geselecteerd.
Wanneer dit toestel uit wordt gezet, zal deze instelling
terugkeren naar “AUTO”.
De Pro Logic IIx decoder kan niet worden gebruikt wanneer
“SUR. B” op “NONE” is ingesteld (zie bladzijde 70).
LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE
Genieten van surroundweergave
van multikanaals materiaal
EXTD SUR.
7
AMP
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
Decoder Functies
PLIIxMusic
Voor weergave van Dolby Digital of
DTS signalen via 6.1 kanalen met de Pro
Logic IIx Music decoder.
EX/ES
Voor weergave van Dolby Digital of
DTS signalen via 6.1 kanalen met de
Dolby Digital EX of DTS-ES decoder.
EX
Voor weergave van Dolby Digital of
DTS signalen via 6.1 kanalen met de
Dolby Digital EX decoder.
Opmerkingen
40
LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE
Ingangssignalen afkomstig van 2 kanaals bronnen kunnen
ook via meerdere kanalen worden weergegeven.
1 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op
STANDARD op de afstandsbediening om
heen en weer te schakelen tussen de “SUR.
STANDARD” en “SUR. ENHANCED”
programma's, of druk op MOVIE om de
“MOVIE THEATER” programma's te
selecteren.
2 Druk herhaaldelijk op SELECT op de
afstandsbediening om de gewenste decoder
te selecteren.
U kunt kiezen uit de volgende functies, afhankelijk van het
materiaal dat wordt afgespeeld en uw persoonlijke
voorkeuren.
y
U kunt ook een decoder kiezen met j / i op de afstandsbediening
terwijl het decodertype op het display op het voorpaneel wordt
getoond.
De Pro Logic IIx decoder kan niet worden gebruikt wanneer
“SUR. B” op “NONE” is ingesteld (zie bladzijde 70).
Genieten van surroundweergave
van 2-kanaals materiaal
AMP
STANDARD
5
MOVIE
4
of
SELECT
6
SUR. STANDARD Functies
PRO LOGIC
Dolby Pro Logic verwerking voor
elk bronmateriaal
PLII Movie
Dolby Pro Logic II verwerking voor
filmmateriaal
PLII Music
Dolby Pro Logic II verwerking voor
muziekmateriaal
PLII Game
Dolby Pro Logic II verwerking voor
spelmateriaal
PLIIx Movie
Dolby Pro Logic IIx verwerking
voor filmmateriaal
PLIIx Music
Dolby Pro Logic IIx verwerking
voor muziekmateriaal
PLIIx Game
Dolby Pro Logic IIx verwerking
voor spelmateriaal
Neo:6 Cinema
DTS verwerking voor filmmateriaal
Neo:6 Music
DTS verwerking voor
muziekmateriaal
SUR. ENHANCED
of
MOVIE THEATER
Functies
PRO LOGIC
Dolby Pro Logic verwerking voor
elk bronmateriaal
PLII Movie
Dolby Pro Logic II verwerking voor
filmmateriaal
PLIIx Movie
Dolby Pro Logic IIx verwerking
voor filmmateriaal
Neo:6 Cinema
DTS verwerking voor filmmateriaal
Opmerking
41
LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE
BASISBEDIENING
Nederlands
Virtual CINEMA DSP stelt u in staat te profiteren van de
CINEMA DSP programma’s zonder surround-
luidsprekers. Dit programma maakt virtuele luidsprekers
om het oorspronkelijke geluidsveld te reproduceren.
Als u “SUR. LR”
op “NONE” (zie bladzijde 70) instelt,
zal Virtual CINEMA DSP automatisch worden
ingeschakeld wanneer u een CINEMA DSP
geluidsveldprogramma selecteert (zie bladzijde 55).
In de volgende gevallen zal Virtual CINEMA DSP niet in
werking treden, ook al staat “SUR. LR” op “NONE” (zie
bladzijde 70):
wanneer de component die is verbonden met de MULTI CH
INPUT aansluitingen is geselecteerd als signaalbron (zie
bladzijde 36).
wanneer er een hoofdtelefoon in de PHONES aansluiting zit.
wanneer “DIRECT STEREO” (zie bladzijde 37) of “2ch
Stereo” (zie bladzijde 36) is geselecteerd, of wanneer het
toestel in de “STRAIGHT” functie staat (zie bladzijde 36).
Gebruiken van het Virtual CINEMA
DSP
Opmerking
OPNEMEN
42
Opname-instellingen en andere handelingen dienen te worden verricht op de opname-apparatuur. Raadpleeg eventueel de
handleidingen van de betreffende componenten.
Wanneer dit toestel uit (standby) staat, kunt u niet opnemen tussen op dit toestel aangesloten componenten.
De TONE CONTROL instellingen (zie bladzijde 30), het ingestelde VOLUME, de luidsprekerniveaus (zie bladzijde 71) en de
geluidsveldprogramma’s (zie bladzijde 54) hebben geen invloed op het opgenomen materiaal.
Er kunnen geen opnamen gemaakt worden van een signaalbron die is aangesloten op de MULTI CH INPUT aansluitingen van dit
toestel.
S-video en composiet videosignalen worden gescheiden verwerkt door dit toestel. Daarom kunt u bij het opnemen of kopiëren van
videosignalen van een videobron die alleen is aangesloten op een S-video aansluiting (of alleen op een composiet video-aansluiting)
alleen een S-videosignaal (of alleen een composiet videosignaal) opnemen met uw videorecorder.
Digitale signalen die binnenkomen via de DIGITAL INPUT aansluitingen worden niet ten behoeve van uw opnamen gereproduceerd
via de analoge OUT (REC) aansluitingen.
Een bepaalde signaalbron wordt niet gereproduceerd via hetzelfde OUT (REC) kanaal.
Controleer de regelingen met betrekking tot het auteursrecht in het gebied waar u zich bevindt voor u opnamen gaat maken van CD’s,
radio enz. Opnemen van auteursrechtelijk beschermd materiaal kan inbreuk maken op de op het materiaal rustende rechten.
y
Maak een test-opname voor u aan de echte opname begint.
1 Zet alle aangesloten componenten aan.
2 Verdraai INPUT op het voorpaneel (of druk op
één van de ingangskeuzetoetsen op de
afstandsbediening) om de signaalbron
waarvan u wilt opnemen te selecteren.
3 Start de weergave op de geselecteerde
broncomponent of stem af op een zender.
4 Start de opname op de opnemende
component.
OPNEMEN
Opmerkingen
Als u videomateriaal weergeeft met gescramblede (verhaspelde) of gecodeerde signalen die moeten voorkomen dat
het materiaal gekopieerd wordt, is het mogelijk dat deze signalen de weergave zelf storen.
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l PROGRAM h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
2
CD
MD/CD-R
TUNER
CODE SET
V-A UXDVD
POWER
POWER POWER
REC
DVR
DTV/CBL
MULTI CH IN
STANDBY
AVTV
2
INPUT
CD
MD/CD-R
TUNER
V-AUXDVD
DVR
DTV/CBL
of
Voorpaneel Afstandsbediening
FM/AM AFSTEMMEN
43
BASISBEDIENING
Nederlands
Er zijn twee manieren om af te stemmen op een zender: automatisch en handmatig. Automatisch afstemmen gaat goed
wanneer u sterke signalen ontvangt en er weinig storing is. Als het signaal van de zender waar u op wilt afstemmen te
zwak is, moet u er met de hand op afstemmen. U kunt ook maximaal 40 zenders (A1 t/m E8: 8 voorkeuzezenders in 5
groepen) automatisch of met de hand voorprogrammeren. U kunt voorgeprogrammeerde zenders gemakkelijk weer
oproepen en indien gewenst twee voorkeuzezenders van plaats laten wisselen.
Stel de aangesloten FM en AM antenne zo op dat u de beste
ontvangst verkrijgt.
Automatisch afstemmen gaat goed wanneer u sterke
signalen ontvangt en er weinig storing is.
1 Verdraai INPUT en selecteer “TUNER” (radio)
als signaalbron.
2 Druk op FM/AM om de radioband te kiezen.
“FM” of “AM” zal op het display op het voorpaneel
verschijnen.
3 Druk op TUNING MODE (AUTO/MAN’L) zodat
de AUTO indicator op het display oplicht.
Als er een dubbele punt (:) verschijnt op het display,
kunt u niet afstemmen. Druk op PRESET/TUNING
om de dubbele punt (:) uit te schakelen.
4 Druk één keer op PRESET/TUNING l / h om
het automatisch afstemmen te laten
beginnen.
Wanneer het toestel is afgestemd op een zender, zal
de TUNED indicator oplichten en zal de frequentie
waarop is afgestemd worden getoond op het display.
Druk op h om af te stemmen op een hogere
frequentie.
Druk op l om af te stemmen op een lagere
frequentie.
FM/AM AFSTEMMEN
Opmerking
Automatisch afstemmen
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
14 3
2
3
INPUT
Voorpaneel
FM/AM
of
AM
FM
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
AUTO TUNED
VOLUME
A
SP
dB
LR
A AM 1440 kHz
Licht opGeen dubbele punt (:)
EDIT
PRESET/TUNING
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
AUTO TUNED
VOLUME
A
SP
dB
LR
A AM 1530 kHz
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
Licht op
44
FM/AM AFSTEMMEN
Als het signaal van de zender waar u op wilt afstemmen te
zwak is, moet u er met de hand op afstemmen.
Handmatig afstemmen op een FM zender zal automatisch de
ontvangst naar mono overschakelen om de kwaliteit van de
ontvangst te verbeteren.
1 Verdraai INPUT en selecteer “TUNER” (radio)
als signaalbron.
2 Druk op FM/AM om de radioband te kiezen.
“FM” of “AM” zal op het display op het voorpaneel
verschijnen.
3 Druk op TUNING MODE (AUTO/MAN’L) zodat
de AUTO indicator van het display verdwijnt.
Als er een dubbele punt (:) verschijnt op het display,
kunt u niet afstemmen. Druk op PRESET/TUNING
om de dubbele punt (:) uit te schakelen.
4 Druk op PRESET/TUNING l / h om met de
hand af te stemmen op de gewenste zender.
Houd de toets ingedrukt om de frequentie doorlopend
te laten veranderen.
Handmatig afstemmen
Opmerking
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
14 3
2
3
INPUT
Voorpaneel
FM/AM
of
AM
FM
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
Verdwijnt
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
A
SP
dB
LR
A AM 1440 kHz
Geen dubbele punt (:)
EDIT
PRESET/TUNING
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
45
FM/AM AFSTEMMEN
BASISBEDIENING
Nederlands
U kunt maximaal 40 FM zenders met een goede ontvangst
(A1 t/m E8: 8 voorkeuzezenders in 5 groepen)
automatisch laten voorprogrammeren op de volgorde
waarin deze worden gevonden. U kunt vervolgens
gemakkelijk via de bijbehorende voorkeuzenummers
afstemmen op de voorgeprogrammeerde zenders.
1 Verdraai INPUT en selecteer “TUNER” (radio)
als signaalbron.
2 Druk op FM/AM en selecteer “FM” als de
radioband.
“FM” zal op het display op het voorpaneel
verschijnen.
3 Houd MEMORY (MAN’L/AUTO FM) tenminste
3 seconden ingedrukt.
Het voorkeuzenummer en de MEMORY en AUTO
indicators gaan knipperen. Na ongeveer 5 seconden
zal het automatisch voorprogrammeren beginnen
vanaf de huidige frequentie naar hogere frequenties.
Wanneer het automatisch voorprogrammeren klaar is,
zal de frequentie voor de laatst
voorgeprogrammeerde zender op het display getoond
worden.
y
U kunt het voorkeuzenummer opgeven waar u het toestel
wilt laten beginnen met het opslaan van FM zenders en/of
vanwaar het afstemmen naar lagere frequenties zal
beginnen. Zie “Mogelijkheden automatisch
voorprogrammeren” op bladzijde 46 voor details.
Gegevens voor een zender die reeds zijn opgeslagen onder
een bepaald nummer zullen worden gewist wanneer u een
andere zender onder dat voorkeuzenummer opslaat.
Als er niet meer dan 40 (E8) zenders ontvangen kunnen
worden, zal het automatisch voorprogrammeren stoppen
nadat alle beschikbare zenders zijn opgeslagen.
Alleen FM zenders met een voldoende sterke ontvangst
worden opgeslagen bij het automatisch
voorprogrammeren. Als u een zwakkere zender wilt
opslaan, dient u hierop met de hand af te stemmen zoals
beschreven onder “Handmatig voorprogrammeren”.
Automatisch voorprogrammeren
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
13
3
2
INPUT
Voorpaneel
FM/AM
FM
Opmerkingen
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
AUTO TUNED
VOLUME
MEMORY
A
SP
dB
LR
A1:FM 87.50MHz
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
Knippert
Knippert
46
FM/AM AFSTEMMEN
Mogelijkheden automatisch
voorprogrammeren
U kunt het voorkeuzenummer opgeven waar u het toestel
wilt laten beginnen met het opslaan van FM zenders en/of
vanwaar het afstemmen naar lagere frequenties zal
beginnen.
Voer eerst de stappen 1 t/m 3 onder “Automatisch
voorprogrammeren” op bladzijde 45 uit.
Druk op A/B/C/D/E en vervolgens op
PRESET/TUNING l / h om het
voorkeuzenummer te selecteren waaronder
de eerste zender zal worden opgeslagen.
Het automatisch voorprogrammeren stopt wanneer
voorkeuzenummer E8 bereikt is.
Druk op PRESET/TUNING zodat de dubbele
punt (:) verdwijnt van het display op het
voorpaneel en druk vervolgens op PRESET/
TUNING l om af te stemmen naar lagere
frequenties.
U kunt ook met de hand maximaal 40 zenders (A1 t/m E8:
8 voorkeuzezenders in 5 groepen) automatisch of met de
hand voorprogrammeren.
1 Stem automatisch of met de hand af op een
zender.
Zie de bladzijden 43 en 44 voor aanwijzingen over
hoe u moet afstemmen op een zender.
Wanneer het toestel is afgestemd op een zender zal de
bijbehorende frequentie op het display op het
voorpaneel getoond worden.
2 Druk op MEMORY (MAN’L/AUTO FM).
De MEMORY indicator knippert ongeveer 5
seconden lang op het display op het voorpaneel.
3 Druk, terwijl de MEMORY indicator knippert,
herhaaldelijk op A/B/C/D/E tot u de gewenste
voorkeuzegroep (A t/m E) heeft geselecteerd.
De letter van de geselecteerde groep zal nu
verschijnen. Controleer of de dubbele punt (:)
inderdaad verschijnt op het display.
Opmerking
NEXT
A/B/C/D/E
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
EDIT
PRESET/TUNING
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
Handmatig voorprogrammeren
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
2,5
3
4
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
A
SP
dB
LR
A AM 630 kHz
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
MEMORY
Knippert
NEXT
A/B/C/D/E
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
MEMORY
A
SP
dB
LR
C :AM 630 kHz
Voorkeuzegroep
Knippert
Dubbele punt (:)
47
FM/AM AFSTEMMEN
BASISBEDIENING
Nederlands
4 Druk op PRESET/TUNING l / h om het
gewenste voorkeuzenummer (1 t/m 8) te
selecteren terwijl de MEMORY indicator nog
aan het knipperen is.
Druk op h om een hoger voorkeuzenummer te
selecteren.
Druk op l om een lager voorkeuzenummer te
selecteren.
5 Druk op MEMORY (MAN’L/AUTO FM) terwijl
de MEMORY indicator knippert.
De radioband en de frequentie voor deze zender
verschijnen op het display, samen met de door u
geselecteerde voorkeuzegroep en het
voorkeuzenummer. De MEMORY indicator zal van
het display op het voorpaneel verdwijnen.
6 Herhaal de stappen 1 t/m 5 om andere
zenders op te slaan.
Gegevens voor een zender die reeds zijn opgeslagen onder
een bepaald nummer zullen worden gewist wanneer u een
andere zender onder dat voorkeuzenummer opslaat.
De soort ontvangst (stereo of mono) wordt samen met de
frequentie van de zender opgeslagen.
U kunt op de gewenste zender afstemmen door
eenvoudigweg het voorkeuzenummer waaronder die
zender is opgeslagen te selecteren.
y
Wanneer u deze handeling uitvoert met de afstandsbediening,
moet u eerst op TUNER drukken om de “TUNER” (Radio) als
signaalbron te selecteren.
1 Druk op A/B/C/D/E op het voorpaneel (of A-E/
CAT. j / i op de afstandsbediening) om de
gewenste voorkeuzegroep (A t/m E) te
selecteren.
De letter van de voorkeuzegroep verschijnt op het
display op het voorpaneel en verandert met elke druk
op de toets.
Opmerkingen
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
MEMORY
A
SP
dB
LR
C3:AM 630 kHz
Voorkeuzenummer
Knippert
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
A
SP
dB
LR
C3:AM 630 kHz
De getoonde zender is opgeslagen als C3.
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
Selecteren van voorkeuzezenders
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
1
2
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
DAB MEMORY
PRESET/CH
MENUTITLE
DISPLAYRETURN
ENTER
2
1
NEXT
A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
of
Voorpaneel
Afstandsbediening
48
FM/AM AFSTEMMEN
2 Druk op PRESET/TUNING l / h op het
voorpaneel (of PRESET/CH u / d op de
afstandsbediening) om het gewenste
voorkeuzenummer (1 t/m 8) te selecteren.
De voorkeuzegroep en het voorkeuzenummer
verschijnen op het display op het voorpaneel, samen
met de radioband en de frequentie.
y
U kunt het gewenste voorkeuzenummer (1 t/m 8) ook direct
invoeren met de cijfertoetsen op de afstandsbediening.
U kunt twee voorkeuzezenders van plaats laten wisselen.
In het voorbeeld hieronder ziet u hoe u voorkeuzezender
“E1” van plaats kunt laten wisselen met “A5”.
1 Selecteer voorkeuzezender “E1” met
A/B/C/D/E en PRESET/TUNING l / h.
Zie “Selecteren van voorkeuzezenders” op
bladzijde 47.
2 Houd EDIT tenminste 3 seconden ingedrukt.
De “E1” en MEMORY indicators zullen gaan
knipperen op het display op het voorpaneel.
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
A
SP
dB
LR
E1:FM 87.50MHz
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
of
Voorpaneel
Afstandsbediening
Omwisselen van voorkeuzezenders
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
2,4
1,3
1,3
EDIT
PRESET/TUNING
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
MEMORY
A
SP
dB
LR
E1:FM 87.50MHz
Knippert
Knippert
49
FM/AM AFSTEMMEN
BASISBEDIENING
Nederlands
3 Selecteer voorkeuzezender “A5” met
A/B/C/D/E en PRESET/TUNING l / h.
De “A5” en MEMORY indicators zullen gaan
knipperen op het display op het voorpaneel.
Zie “Selecteren van voorkeuzezenders” op
bladzijde 47.
4 Druk nog eens op EDIT.
“EDIT E1–A5” zal op het display op het voorpaneel
verschijnen wanneer de twee voorkeuzezenders van
plaats wisselen.
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
MEMORY
A
SP
dB
LR
A5:FM 90.60MHz
NEXT
A/B/C/D/E
EDIT
PRESET/TUNING
Knippert
Knippert
DVR DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
p
TUNER
TUNED
VOLUME
A
SP
dB
LR
EDIT E1-A5
EDIT
PRESET/TUNING
AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA)
50
Het Radio Data Systeem (alleen modellen voor het V.K. en Europa) is een systeem voor gegevensoverdracht dat door FM
zenders in een groot aantal landen worden gebruikt. De Radio Data Systeem functies worden verzorgd door zenders in
een netwerk. Dit toestel is geschikt voor verschillende soorten Radio Data Systeem gegevens, zoals PS (Programma
Service naam), PTY (Programmatype), RT (Radio Tekst), CT (Klok-tijd), EON (Enhanced Other Networks; Verbeterde
service andere netwerken) wanneer er wordt afgestemd op Radio Data Systeem zenders.
Met deze functie kunt u één van de 15 Radio Data
Systeem programmatypes selecteren en het toestel onder
alle beschikbare voorkeuzezenders laten zoeken naar
programma’s van het gewenste type.
1 Druk op TUNER en vervolgens op BAND op
de afstandsbediening en kies “FM” als de
radioband.
“FM” zal op het display op het voorpaneel
verschijnen.
2 Druk op PTY SEEK MODE op de
afstandsbediening om dit toestel in de PTY
SEEK functie te zetten.
De naam van het geselecteerde programmatype of
“NEWS” zal gaan knipperen op het display op het
voorpaneel.
y
Om de PTY SEEK functie te annuleren, dient u nog eens op
PTY SEEK MODE op de afstandsbediening te drukken.
3 Druk op PRESET/CH u / d op de
afstandsbediening om het gewenste
programmatype te selecteren.
De naam van het geselecteerde programmatype zal
verschijnen op het display op het voorpaneel.
AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS
(ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA)
Selecteren van een Radio Data
Systeem programma
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
MENUTITLE
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
ENTER
CD
MD/CD-R
TUNER
START
CODE SET
MODE PTY SEEK
V-A UXDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
AVTV
4
2
3
1
1
TUNER
TITLE
LEVEL
BAND
FM
MODE PTY SEEK
NEWS
Knippert
Programmatype Beschrijving
NEWS
Nieuws
AFFAIRS
Actualiteiten
INFO
Algemene informatie
SPORT
Sport
EDUCATE
Educatief
DRAMA
Theater
CULTURE
Cultuur
SCIENCE
Wetenschap
VARIED
Licht amusement
POP M
Populaire muziek
ROCK M
Rock muziek
M.O.R. M
Middle-of-the-road muziek
(easy-listening)
LIGHT M
Licht klassiek
CLASSICS
Klassiek
OTHER M
Overige muziek
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
POP M
Licht op
51
AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA)
BASISBEDIENING
Nederlands
4 Druk op PTY SEEK START op de
afstandsbediening om alle
voorgeprogrammeerde Radio Data Systeem
zenders af te zoeken.
Het geselecteerde programmatype blijft knipperen op
het display op het voorpaneel en de PTY HOLD
indicator licht op terwijl het toestel naar een
geschikte zender zoekt.
y
Om het zoeken naar geschikte zenders te annuleren, dient u
nog eens op PTY SEEK START op de afstandsbediening te
drukken.
Het toestel stopt met zoeken zodra er een zender gevonden
wordt die een programma van het geselecteerde type
uitzendt.
Als u niet tevreden bent met de gevonden zender, kunt u
nog eens op PTY SEEK START drukken om te zoeken
naar een andere zender met een programma van het
gewenste type.
Deze functie stelt u in staat te profiteren van de EON
(Enhanced Other Networks) gegevensservice van het
Radio Data Systeem netwerk. Wanneer u één van de 4
Radio Data Systeem programmatypes (NEWS, AFFAIRS,
INFO of SPORT) heeft geselecteerd, zal dit toestel
automatisch een bepaalde tijd lang alle beschikbare
voorkeuzezenders afzoeken die EON gegevens uitzenden
naar een programma van het geselecteerde type. Wanneer
de geplande EON service begint, zal dit toestel
automatisch overschakelen naar de lokale zender die de
EON gegevens uitzendt en vervolgens terugschakelen naar
de nationale zender wanneer de EON gegevens ophouden.
U kunt deze functie alleen gebruiken wanneer de EON
gegevensservice beschikbaar is.
De EON indicator zal alleen oplichten op het display op het
voorpaneel wanneer de EON gegevensservice ontvangen wordt
van een Radio Data Systeem zender.
1 Druk op TUNER en vervolgens op BAND op
de afstandsbediening en kies “FM” als de
radioband.
“FM” zal op het display op het voorpaneel
verschijnen.
2 Controleer of de EON indicator brandt op het
display op het voorpaneel.
Als de EON indicator niet oplicht op het display,
dient u af te stemmen op een ander Radio Data
Systeem programma waarbij de EON indicator wel
gaat branden.
Opmerkingen
STARTPTY SEEK
POP M
PTY HOLD
Knippert Licht op
Gebruiken van het Radio Data
Systeem netwerk
Opmerkingen
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
MENUTITLE
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
ENTER
CD
MD/CD-R
TUNER
START
CODE SET
MODE PTY SEEK
V-A UXDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
AVTV
3
1
1
TUNER
TITLE
LEVEL
BAND
FM
52
AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA)
3 Druk herhaaldelijk op EON op de
afstandsbediening om het gewenste
programmatype (NEWS, AFFAIRS, INFO of
SPORT) te selecteren.
De naam van het geselecteerde programmatype zal
verschijnen op het display op het voorpaneel.
y
Om de EON functie te annuleren dient u net zo vaak op
EON op de afstandsbediening te drukken tot de naam van
het programmatype verdwijnt en de malding “EON OFF”
verschijnt op het display op het voorpaneel.
Gebruik deze functie om de 4 types Radio Data Systeem
informatie weer te laten geven: PS (Programmaservice),
PTY (Programmatype), RT (Radio Tekst) en CT (Klok
Tijd). De corresponderende indicators zullen oplichten op
het display op het voorpaneel.
U kunt deze Radio Data Systeem functies alleen selecteren
wanneer de corresponderende indicators oplichten op het
display op het voorpaneel. Het kan even duren voor dit toestel
alle Radio Data Systeem gegevens heeft ontvangen van de
zender in kwestie.
U kunt alleen de door de zender aangeboden Radio Data
Systeem functies selecteren.
Als de signalen niet goed genoeg kunnen worden ontvangen, is
het mogelijk dat dit toestel geen gebruik kan maken van de
Radio Data Systeem gegevens. De “RT” functie in het bijzonder
vergt een grote hoeveelheid gegevens en het is daarom mogelijk
dat deze functie niet beschikbaar is zelfs wanneer de andere
Radio Data Systeem functies wel beschikbaar zijn.
Bij slechte ontvangst kunt u op TUNING MODE (AUTO/
MAN’L) op het voorpaneel drukken zodat de AUTO indicator
verdwijnt van het display op het voorpaneel.
Als het signaal externe storing ondervindt terwijl dit toestel de
Radio Data Systeem gegevens aan het ontvangen is, kan de
ontvangst onverwacht onderbroken worden en kan de melding
“...WAIT” verschijnen op het display op het voorpaneel.
Wanneer de “RT” functie wordt geselecteerd, kan dit toestel
maximaal 64 alfanumerieke tekens, inclusief het trema, aan
programmagegevens op het display tonen. Tekens die niet
kunnen worden weergegeven worden vervangen door een “_”
(onderstreping).
Als de ontvangst wordt onderbroken wanneer de “CT” functie is
geselecteerd, zal “CT WAIT” verschijnen op het display op het
voorpaneel.
1 Druk op TUNER en vervolgens op BAND op
de afstandsbediening en kies “FM” als de
radioband.
“FM” zal op het display op het voorpaneel
verschijnen.
EON
NEWS
Licht op
Tonen van Radio Data Systeem
informatie
Opmerkingen
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
MENUTITLE
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
ENTER
CD
MD/CD-R
TUNER
START
CODE SET
MODE PTY SEEK
V-A UXDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
AVTV
2
1
1
TUNER
TITLE
LEVEL
BAND
FM
53
AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA)
BASISBEDIENING
Nederlands
2 Druk herhaaldelijk op FREQ/TEXT op de
afstandsbediening om de gewenste Radio
Data Systeem weergavefunctie te selecteren.
Selecteer “PS” om de naam van het ontvangen
Radio Data Systeem programma weer te laten
geven.
Selecteer “PTY” om het type van het ontvangen
Radio Data Systeem programma weer te laten
geven.
Selecteer “RT” om eventuele tekstgegevens voor
het ontvangen Radio Data Systeem programma
weer te laten geven.
Selecteer “CT” om de tijd op dit moment weer te
laten geven.
FREQ/TEXT
CTRTPTYPS
Frequentiedisplay
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
54
Wat het meeste bijdraagt aan de rijke, volle tonen van een live voorstelling, zijn de ingewikkelde weerkaatsingen via de
wanden van de ruimte. Naast het feit dat deze weerkaatsingen het geluid verlevendigen, vertellen ze ons ook waar de
muzikanten zich bevinden, hoe groot de ruimte is waar we in zitten en welke vorm deze heeft.
Onderdelen van een geluidsveld
Naast de door de muzikanten geproduceerde geluiden die onze oren direct bereiken zijn er twee verschillende soorten
weerkaatsingen die samen onze waarneming van het geluid bepalen.
Vroege weerkaatsingen
Deze reflecties bereiken onze oren zeer snel (50 ms tot 100 ms na het directe geluid) en zijn slechts door één enkel
oppervlak weerkaatst (bijvoorbeeld door het plafond of een muur). Deze vroege weerkaatsingen maken het direct
waargenomen geluid voor ons helderder.
Natrillingen
Deze worden veroorzaakt door weerkaatsingen via meer dan één oppervlak (bijvoorbeeld via de muren en het plafond)
en zijn zo talrijk dat ze samensmelten tot een bijna doorlopende nagalm. Deze natrillingen zijn niet richtinggevoelig en
maken het directe geluid in onze waarneming minder helder.
Het directe geluid, de vroege weerkaatsingen en de natrillingen samen helpen ons bij het bepalen van onze indruk van de
grootte en de vorm van de ruimte en het is deze informatie die door de digitale geluidsveld processor wordt
gereproduceerd bij het samenstellen van het geluidsveld.
Als u in de kamer waar u altijd naar uw muziek luistert de juiste vroege weerkaatsingen en natrillingen zou kunnen
maken, zou u uw eigen akoestische luisterparadijs kunnen bouwen. U zou de akoestiek van uw kamer kunnen veranderen
in die van een concertzaal, een dansvloer of in die van vrijwel elke ruimte die u zich zou kunnen indenken. Deze kunst
om zelf geluidsvelden samen te stellen is precies wat YAMAHA nu heeft bereikt met de digitale geluidsveld processor.
Kies een geluidsveldprogramma op basis van uw smaak, niet alleen op basis van de naam van het programma.
Wanneer u een bepaalde signaalbron selecteert, zal het toestel automatisch het laatst met die signaalbron gebruikte
geluidsveldprogramma instellen.
Er kunnen geen Geluidsveldprogramma’s worden geselecteerd wanneer de component die is verbonden met de MULTI CH INPUT
aansluitingen is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 36).
Signalen met een hogere bemonsteringsfrequentie dan 48 kHz (met uitzondering van DTS 96/24 signalen) zullen worden
teruggebracht tot 48 kHz, waarna er geluidsveldprogramma’s op kunnen worden toegepast.
Bediening via het voorpaneel
Druk herhaaldelijk op de PROGRAM l / h
toetsen op het voorpaneel.
De naam van het geselecteerde geluidsveldprogramma zal
verschijnen op het display op het voorpaneel.
Afstandsbediening
Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op één
van de geluidsveldprogrammatoetsen op de
afstandsbediening.
De naam van het geselecteerde geluidsveldprogramma zal
verschijnen op het display op het voorpaneel.
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Selecteren van geluidsveldprogramma’s
Opmerkingen
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l
PROGRAM
h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
PROGRAM l / h toetsen
STARTMODE PTY SEEK
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
AMP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
MUTE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
TV VOL TV CH
toetsen voor de
geluidsveldprogrammas
AMP
55
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Nederlands
Dit toestel is uitgerust met diverse zeer precieze digitale decoders waarmee u kunt profiteren van multikanaals weergave
van vrijwel elke stereo of multikanaals geluidsbron. Dit toestel is tevens voorzien van een YAMAHA digitale
geluidsveldprogramma (DSP) processor met een aantal geluidsveldprogramma’s waarmee u uw luister-ervaring een extra
dimensie kunt geven.
y
De YAMAHA CINEMA DSP functies zijn geheel compatibel met alle Dolby Digital, DTS en Dolby Surround bronnen. Zet “INPUT
MODE” op “AUTO” (zie bladzijde 32) zodat dit toestel automatisch kan overschakelen naar de juiste digitale decoder voor het
binnenkomende ingangssignaal.
De DSP geluidsveldprogramma’s van dit toestel zijn natuurgetrouwe reproducties van echte akoestische omgevingen, samengesteld
aan de hand van exacte metingen verricht in de betreffende ruimtes, concertzalen, bioscopen enz., zelf. Op deze manier kunt u de
variaties waarnemen in de weerkaatsingen van voren, achteren, links en rechts.
Kies een geluidsveldprogramma op basis van uw smaak, niet alleen op basis van de naam van het programma.
Voor film/video bronnen
U kunt kiezen uit de volgende geluidsvelden wanneer u film- of videomateriaal afspeelt. De met “MULTI” aangeduide
geluidsvelden kunnen worden gebruikt met multikanaals signaalbronnen, zoals DVD, digitale TV enz. De met “2-CH”
aangeduide kunnen worden gebruikt met 2-kanaals (stereo) bronnen zoals TV programma’s, videobanden enz.
y
Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel (of druk op AMP en dan op één van de geluidsveldprogrammatoetsen op de
afstandsbediening) om het gewenste geluidsveldprogramma te selecteren (zie bladzijde 54).
Beschrijvingen geluidsveldprogramma’s
Opmerkingen
Toets
afstandsbediening
Geluidsveldprogramma
Kenmerken Bronnen
1
STEREO
2ch Stereo
Brengt multikanaals materiaal terug tot 2 kanalen of geeft 2-kanaals materiaal
onveranderd weer.
MULTI
2-CH
2
MUSIC
Pop/Rock
CINEMA DSP verwerking. Creëert een enthousiaste atmosfeer waarin u zich
middenin een echt jazz of rock concert kunt wanen.
3
ENTERTAINMENT
TV Sports
CINEMA DSP verwerking. Reproduceert de geluidsomgeving van een grote
concertzaal met behulp van het surround geluidsveld om de weergave van
allerlei TV programma’s, zoals nieuws, licht amusement, muziekprogrammas
of sportprogramma’s, te verbeteren.
ENTERTAINMENT
Mono Movie
CINEMA DSP verwerking. Reproduceert mono videobronnen (zoals oude
films) met een optimaal natrillingsniveau om het geluid meer diepte te geven,
alleen met behulp van het zogenaamde aanwezigheidsgeluidsveld.
ENTERTAINMENT
Game
CINEMA DSP verwerking. Voegt een diepe en ruimtelijke dimensie toe aan de
geluidsweergave van videospelletjes.
56
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Voor muziekmateriaal
U kunt kiezen uit de volgende geluidsvelden bij weergave van muziek, zoals CD’s, FM/AM uitzendingen, cassettes enz.
y
Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel (of druk op AMP en dan op één van de geluidsveldprogrammatoetsen op de
afstandsbediening) om het gewenste geluidsveldprogramma te selecteren (zie bladzijde 54).
4
MOVIE THEATER
Spectacle
CINEMA DSP verwerking. Dit programma reproduceert tot in de details het
extreem brede geluidsveld van een 70-mm bioscoop, hetgeen zowel de video-
als de geluidsweergave ongelofelijk realistisch maakt. Dit is ideaal voor Dolby
Surround, Dolby Digital of DTS gecodeerd videomateriaal; vooral voor groots
opgezette films.
MULTI
2-CH
MOVIE THEATER
Sci-Fi
CINEMA DSP verwerking. Dit programma zorgt voor duidelijke weergave van
gesproken tekst en geluidseffecten in een vorm die opgang doet in science
fiction films, zodat er een weidse cinematische ruimte wordt gecreëerd temidden
van de koude stilte. U kunt zo beter genieten van science fiction films in een
virtuele geluidsruimte met Dolby Surround, Dolby Digital of DTS gecodeerd
materiaal dat gebruik maakt van de meest geavanceerde technieken.
MOVIE THEATER
Adventure
CINEMA DSP verwerking. Dit programma reproduceert de geluidsweergave
van de nieuwste 70-mm en multikanaals filmsoundtracks zoals weergegeven in
de nieuwste bioscopen, waarbij de natrillingen van het geluidsveld zelf zoveel
mogelijk worden onderdrukt.
MOVIE THEATER
General
CINEMA DSP verwerking. Dit programma is bedoeld voor de reproductie van
70-mm films en films met multikanaals soundtracks en wordt gekenmerkt door
een zacht en weids geluidsveld.
5
SUR. STANDARD
Standaard verwerking voor de geselecteerde decoder.
SUR. ENHANCED
Verbeterde verwerking voor de geselecteerde decoder.
Toets
afstandsbediening
Geluidsveldprogramma
Kenmerken Bronnen
Toets
afstandsbediening
Geluidsveldprogramma
Kenmerken Bronnen
1
STEREO
2ch Stereo
Voor weergave van 2-kanaals bronmateriaal.
2-CH
STEREO
6ch Stereo
Voor weergave van 2-kanaals bronmateriaal met alle luidsprekers via 6.1
kanalen, waarmee een groter geluidsveld geproduceerd wordt; ideaal voor
achtergrondmuziek bij feesten en partijen enz.
2
MUSIC
Hall in Vienna
HiFi DSP verwerking. Dit programma reproduceert een klassieke doosvormige
concertzaal met ongeveer 1700 stoelen. De zuilen en ingewikkelde versieringen
zorgen voor zeer complexe reflecties en voor een volle en rijke geluidsweergave.
MULTI
2-CH
MUSIC
The Bttm Line
HiFi DSP verwerking. Dit programma reproduceert het geluidsveld vlak voor
het podium in “The Bottom Line”, de befaamde New Yorkse jazz club met 300
zitplaatsen.
MUSIC
The Roxy Thtr
HiFi DSP verwerking. Dit programma reproduceert de dynamische rock-sound
van “The Roxy Theatre”, één van de vetste rock clubs in L.A. De virtuele
luisterplek bevindt zich iets links van het midden van de zaal.
3
ENTERTAINMENT
Disco
HiFi DSP verwerking. Dit programma bootst de akoestiek na van een
wervelende disco in het hart van een grote stad en geeft een geconcentreerde en
energieke weergave.
5
SUR. STANDARD
Standaard verwerking voor de geselecteerde decoder.
SUR. ENHANCED
Verbeterde verwerking voor de geselecteerde decoder.
57
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Nederlands
U kunt een goede geluidskwaliteit bereiken met de
fabrieksinstellingen. U hoeft deze begininstellingen niet te
veranderen, maar u kunt dat wel doen wanneer u de
weergave beter wilt proberen aan te passen aan de
specifieke omstandigheden in uw kamer.
Gebruik de “PARAM. INI” functie in het “OPTION MENU”
om de parameters voor alle geluidsveldprogrammafs in een
groep terug te zetten op de begininstellingen (zie bladzijde 75).
U kunt de ingestelde waarden voor geluidsveldparameters niet
veranderen wanneer “MEMORY GUARD” in het “OPTION
MENU” is ingesteld op “ON” (zie bladzijde 75). Als u toch
parameterwaarden wilt wijzigen, dient u “MEMORY GUARD”
op “OFF” in te stellen.
y
Voor details over de functie en het mogelijke instelbereik voor
elk van de geluidsveldparameters, zie bladzijde 58.
Herhaal de stappen 2 en 3 indien u nog andere parameters voor
dit geluidsveldprogramma wilt veranderen.
•Als u j / i ingedrukt houdt bij het wijzigen van de waarde van
een geluidsveldparameter, zal de oorspronkelijke
fabrieksinstelling kort op het display op het voorpaneel worden
getoond.
1 Druk op AMP op de afstandsbediening.
2 Druk herhaalderlijk op één van de toetsen
voor de geluidsveldprogramma’s tot u het
geluidsveldprogramma dat u wilt instellen
geselecteerd heeft.
3 Druk op u / d om de gewenste
geluidsveldparameter te selecteren en
vervolgens op j / i om de ingestelde waarde
te veranderen.
Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen.
Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen.
Veranderen van
geluidsveldparameter instellingen
Opmerkingen
START
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
AMP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
ENTER
3
2
1
AMP
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
58
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Beschrijvingen geluidsveldparameters
U kunt de waarden van bepaalde parameters van de digitale geluidsveldprogramma’s wijzigen om de weergave aan te
passen aan de omstandigheden in uw kamer. Niet alle onderstaande parameters gelden voor alle programma’s.
y
Voor details met betrekking tot het veranderen van ingestelde waarden voor geluidsveldparameters, zie bladzijde 57.
Geluidsveldparameter Kenmerken
DSP LEVEL
DSP niveau. Regelt het niveau van alle DSP effectgeluiden binnen een klein bereik. Afhankelijk
van de akoestiek in uw kamer wilt u mogelijk het DSP effectniveau verhogen of verlagen ten
opzichte van het niveau van de directe weergave.
Instelbereik: –6 dB t/m +3 dB
INIT. DLY
P. INIT. DLY
S.INIT.DLY
SB INI.DLY
Aanvankelijke vertraging. Aanwezigheids-, surround- en surround-achter aanvankelijke
vertraging. Wijzigt de schijnbare afstand tot de geluidsbron door het verschil te regelen tussen
het moment dat de luisteraar het directe geluid hoort en wanneer hij of zij de eerste weerkaatsing
daarvan hoort. Hoe kleiner de ingestelde waarde, hoe dichter de geluidsbron zich bij de luisteraar
lijkt te bevinden. Hoe groter deze waarde, hoe verder weg het lijkt. Gebruik een kleine waarde
voor een kleine kamer. Gebruik een grotere waarde voor een grote kamer.
Instelbereik: 1 t/m 99 ms (INIT. DLY en P. INIT. DLY)
1 t/m 49 ms (S. INIT. DLY och SB INI. DLY)
Brongeluid
Vroege
weerkaatsingen
Tijd
Tijd
Tijd
Vertraging
Vertraging
Vertraging
Geluidsbron
Weerkaatsend
oppervlak
Niveau
Kleine waarde = 1 ms Grote waarde = 99 ms
Niveau
Niveau
59
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Nederlands
ROOM SIZE
P.ROOM SIZE
S.ROOM SIZE
SB RM SIZE
Kamergrootte. Aanwezigheids-, surround- en surround-achter kamerafmetingen. Deze
parameter regelt de schijnbare afmetingen van het surround geluidsveld. Hoe groter deze
waarde, hoe groter het surround geluidsveld wordt. Omdat geluid keer op keer wordt weerkaatst
in een ruimte, zal de tijd tussen het oorspronkelijk gereflecteerde geluid en elke volgende
weerkaatsing langer worden naarmate de ruimte groter is. Door de tijd tussen de weerkaatsingen
te regelen, kunt u bepalen hoe groot de virtuele ruimte lijkt. Door de waarde van deze parameter
te veranderen van een naar twee, zal de schijnbare lengte van de ruimte verdubbeld worden.
Instelbereik: 0,1 t/m 2,0
LIVENESS
S.LIVENESS
SB LIVENESS
Levendigheid. Surround en surround-achter levendigheid. Deze parameter regelt de reflectiviteit
van de virtuele wanden van de ruimte door de mate waarin de vroege weerkaatsingen in kracht
afnemen te veranderen. De vroege weerkaatsingen van een geluidsbron worden sneller zwakker
in een ruimte met geluidabsorberende wanden dan in een ruimte met wanden die juist veel geluid
weerkaatsen. Een ruimte met geluidabsorberende oppervlakken wordt ook wel akoestisch
“dood” genoemd, terwijl een ruimte met oppervlakken die veel geluid weerkaatsen “levendig”
genoemd wordt. Via deze parameter kunt u de mate waarin de vroege weerkaatsingen
wegsterven en dus de “levendigheid” van de ruimte regelen.
Instelbereik: 0 t/m 10
Geluidsveldparameter Kenmerken
Niveau
Niveau
Niveau
Tijd Tijd Tijd
Brongeluid
Vroege
weerkaatsingen
Kleine waarde = 0,1
Grote waarde = 2,0
Geluidsbron
Brongeluid
Niveau
Niveau
Niveau
Dood
Levendig
Tijd
Tijd Tijd
Weinig weerkaatst
geluid
Kleine waarde = 0 Grote waarde = 10
Tijd
Veel weerkaatst
geluid
60
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
REV.TIME
Natriltijd. Deze parameter regelt hoe lang het duurt voordat de dichte natrillingen verzwakt zijn
met 60 dB bij 1 kHz. Hierdoor worden de schijnbare afmetingen van de akoestische omgeving
over een zeer groot bereik veranderd. Stel een lengere natriltijd in voor “dode” bronnen en
luisterplekken en een kortere natriltijd voor “levendige” bronnen en ruimtes.
Instelbereik: 1,0 t/m 5,0 s
REV.DELAY
Beginvertraging natrillingen. Deze parameter regelt het tijdverschil tussen het begin van het
directe geluid en het begin van de natrillingen. Hoe groter deze waarde, hoe later de natrillingen
zullen beginnen. Als de natrillingen later beginnen, krijgt u het gevoel dat u zich in een ruimere
akoestische omgeving bevindt.
Instelbereik: 0 t/m 250 ms
Geluidsveldparameter Kenmerken
Natrillingen
Natrillingen
60 dB 60 dB 60 dB
Brongeluid
REV.TIME
REV.TIME
REV.TIME
Geluidsbron
Korte
natrillingen
Lange
natrillingen
Kleine waarde = 1,0 s Grote waarde = 5,0 s
Vroege
weerkaatsingen
Brongeluid
Niveau
REV. LEVEL
Tijd
61
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Nederlands
REV.LEVEL
Niveau natrillingen. Deze arameter regelt het volume van de natrillingen. Hoe groter deze
waarde, hoe sterker de natrillingen zullen zijn.
Instelbereik: 0 tot 100%
2ch Stereo
DIRECT
2-kanaals stereo direct. Passeert de decoders en DSP processors van dit toestel voor pure hi-fi
stereoweergave van 2-kanaals analoog bronmateriaal.
Keuzes: AUTO, OFF
y
De “AUTO” instelling laat het signaal alleen de decoders en DSP processors passeren wanneer
“BASS” en “TREBLE” op 0 dB zijn ingesteld (zie bladzijde 30).
Wanneer er multi-kanaals signalen (Dolby Digital en DTS) binnenkomen, zullen deze worden
teruggemengd naar 2 kanalen en worden weergegeven via de linker en rechter voor-
luidsprekers.
In de volgende gevallen zullen de lage tonen voor de linker en rechter voor-luidsprekers
omgeleid worden naar de subwoofer:
“BASS OUT” is ingesteld op “BOTH” (zie bladzijde 71).
“FRONT” is ingesteld op “SMALL” (zie bladzijde 70) en “BASS OUT” is ingesteld op
“SWFR” (zie bladzijde 71).
6ch Stereo
CT LEVEL
SL LEVEL
SR LEVEL
SB LEVEL
6-kanaals stereo midden, links surround, rechts surround en surround achter niveaus. Regelt het
volumeniveau voor elk kanaal in de 6-kanaals stereo weergavefunctie.
Instelbereik: 0 tot 100%
Geluidsveldparameter Kenmerken
(dB)
60 dB
Niveau
Brongeluid
Natrillingen
REV.TIME
REV.DELAY
Tijd
62
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
y
De “PRO LOGIC IIx Music”, “PRO LOGIC II Music” en “DTS Neo:6 Music” parameters kunnen alleen worden ingesteld wanneer
“SUR. STANDARD” is geselecteerd. Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op STANDARD op de afstandsbediening en kies
“SUR. STANDARD” (zie bladzijde 40).
Geluidsveldparameter Kenmerken
PRO LOGIC IIx Music
PRO LOGIC II Music
PANORAMA
Pro Logic IIx Music en Pro Logic II Music panorama. Stuurt stereosignalen naar de surround-
luidsprekers zowel als naar de voor-luidsprekers voor een omhullend effect.
Keuzes: OFF, ON
PRO LOGIC IIx Music
PRO LOGIC II Music
DIMENSION
Pro Logic IIx Music en Pro Logic II Music dimension. Zorgt voor een graduele aanpassing van het
geluidsveld naar voren of naar achteren.
Instelbereik: –3 (naar achteren) t/m +3 (naar voren)
Begininstelling: STD (standaard)
PRO LOGIC IIx Music
PRO LOGIC II Music
CT WIDTH
Pro Logic IIx Music en Pro Logic II Music middenbreedte. Plaatst de weergave voor het middenkanaal
helemaal op de midden-luidspreker of verdeelt deze over de linker en rechter voor-luidsprekers. Een
grotere waarde verdeelt het middenkanaal meer over de linker en rechter voor-luidsprekers.
Instelbereik: 0 (geluid voor het middenkanaal wordt alleen maar weergegeven via de midden-
luidspreker) t/m
7 (het middenkanaal wordt helemaal via de linker en rechter voor-luidsprekers
weergegeven)
Begininstelling: 3
DTS Neo:6 Music
C. IMAGE
DTS Neo:6 Music middenbeeld. Regelt het volume van de linker en rechter voorkanalen in samenhang
met het middenkanaal om het middenkanaal meer of minder overheersend te maken.
Instelbereik: 0,0 t/m 1,0
Begininstelling: 0,3
63
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Nederlands
De geluidsweergave uit elk van de luidsprekers hangt mede af van het soort audiosignalen dat binnenkomt. Raadpleeg de
diagrammen in de tabel hieronder voor meer informatie omtrent de opstelling van de luidsprekers voor elk geluidsveldprogramma.
Wij wijzen u erop dat er niet of niet genoeg geluid uit de luidsprekers kan komen afhankelijk van het soort materiaal dat wordt
weergegeven. Bovendien is het mogelijk dat bepaalde kanalen alleen gedeeltelijk kunnen worden gebruikt wanneer ze op een bepaalde
manier zijn ingesteld voor films, bijvoorbeeld met speciale effecten enz.
y
Behalve voor “2ch Stereo”, “6ch Stereo” en “STRAIGHT”, kunt u een decoder selecteren om geluid weer te laten geven via de surround
achter-luidspreker (zie bladzijde 39).
In de schema’s worden de volgende afkortingen en symbolen gebruikt:
*
Wanneer de q EX / q PL IIx / ES indicators uit zijn op het display op het voorpaneel
Geluidsveldprogramma luidsprekeropstellingen
Opmerking
Linker voor-luidspreker Linker surround-luidspreker
Midden-luidspreker Rechter surround-luidspreker
Rechter voor-luidspreker Surround achter-luidspreker
Luidspreker die geluid weergeeft Luidspreker die geen geluid weergeeft
L
SL
C SR
R
SB
Geluidsveldprogramma
2-kanaals audio
(mono)
2-kanaals audio
(stereo)
5.1/6.1-kanaals audio *
STEREO
2ch Stereo
STEREO
6ch Stereo
MUSIC
Hall in Vienna
The Bttm Line
The Roxy Thtr
ENTERTAINMENT
Disco
MUSIC
Pop/Rock
ENTERTAINMENT
TV Sports
Mono Movie
Game
SB
L
C
R
SL SR
SB
L
C
R
SL SR
SB
L
C
R
SL SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
65
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
GELUIDSVELDPROGRAMMA’S
Nederlands
Geluidsveldprogramma
2-kanaals audio
(mono)
2-kanaals audio
(stereo)
5.1/6.1-kanaals audio *
SUR. ENHANCED
DOLBY DIGITAL
PRO LOGIC
DTS
Pro Logic Pro Logic
SUR. ENHANCED
PLII Movie
PLIIx Movie
Pro Logic II
Pro Logic IIx
SUR. ENHANCED
Neo:6 Cinema
STRAIGHT
Mono weergave
DIRECT STEREO
Mono weergave
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
L
C
R
SL
SB
SR
SB
L
C
R
SL SR
SB
L
C
R
SL SR
L
C
R
SL
SB
SR
SB
L
C
R
SL SR
SB
L
C
R
SL SR
SET MENU
66
Met behulp van het “SET MENU” (instelmenu) kunt u allerlei systeeminstellingen wijzigen en kunt u de manier waarop
het toestel werkt aanpassen aan uw voorkeuren. Verander de begininstellingen (hieronder vet gedrukt aangeduid) op basis
van uw specifieke systeem en uw voorkeuren.
BASIC SETUP BASIC SETUP
Deze functie is handig wanneer u uw systeem snel en met minimale inspanningen klaar voor gebruik wilt maken (zie
bladzijde 26).
MANUAL SETUP MANUAL SETUP
Via deze functie kunt u met de hand de luidspreker- en systeeminstellingen wijzigen.
Geluidsmenu 1 SOUND MENU
Via dit menu kunt u met de hand alle luidspreker-instellingen wijzigen, de kwaliteit en de toonkleur van de weergave van
uw systeem aanpassen of compenseren voor eventueel vertraagde videoweergave bij gebruik van LCD monitoren of
projectoren.
Ingangsmenu 2 INPUT MENU
Via dit menu kunt u met de hand de ingangsaansluitingen toewijzen aan andere apparatuur, de ingangsfunctie wijzigen of
een signaalbron een andere naam geven.
SET MENU
Parameter Kenmerken Bladzijde
A)SPEAKER SET
Selecteren van de afmetingen van de luidsprekers, de luidsprekers voor weergave van lage
tonen en de crossover frequentie.
70
B)SP LEVEL
Instellen van het uitgangsniveau van elke luidspreker.
71
C)SP DISTANCE
Instellen van de vertraging voor elke luidspreker.
72
D)CENTER GEQ
Instellen van de klankkleur (toon) van de midden-luidspreker.
72
E)LFE LEVEL
Instellen van het uitgangsniveau van het LFE kanaal bij Dolby Digital of DTS signalen.
72
F)D. RANGE
Instellen van het dynamisch bereik bij Dolby Digital of DTS signalen.
73
G)AUDIO SET
Aanpassen van de volume-afname bij de MUTE functie, de audiovertraging en de
instellingen voor het passeren van de toonregeling.
73
Parameter Kenmerken Bladzijde
A)INPUT ASSIGN
Toewijzen van ingangsaansluitingen van dit toestel aan de daarmee verbonden componenten.
73
B)INPUT MODE
Selecteren van de begininstelling van de ingangsfunctie voor de signaalbron.
74
C)INPUT RENAME
Hiermee kunt u een signaalbron een andere naam geven.
74
D)VOLUME TRIM
Instellen van het uitgangsniveau van elke aansluiting.
74
67
SET MENU
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
Optiemenu 3 OPTION MENU
Via dit menu kunt u met de hand de optionele systeeminstellingen wijzigen.
Parameter Kenmerken Bladzijde
A)DISPLAY SET
Instellen van de helderheid van het display.
75
B)MEMORY GUARD
Vergrendelen van instellingen voor de geluidsveldprogramma’s en andere “SET MENU”
instellingen.
75
C)PARAM. INI
Initialiseren van de instellingen voor een groep geluidsveldprogramma’s.
75
D)MULTI ZONE
Specificeert de locatie van de luidsprekers die zijn aangesloten op de SPEAKERS B
aansluitingen.
75
68
SET MENU
Gebruik de afstandsbediening om de menu’s te openen en
de instellingen te verrichten.
y
U kunt de “SET MENU” parameters wijzigen terwijl het toestel
geluid aan het weergeven is.
Als u op een geluidsveldtoets drukt terwijl u bezig bent in het
“SET MENU”, zal het “SET MENU” worden geannuleerd.
Herhaal de volgende procedure om de diverse instellingen te
selecteren en te wijzigen.
Druk op RETURN om terug te keren naar het vorige menu.
U kunt sommige “SET MENU” parameters niet wijzigen terwijl
“NIGHT:CINEMA” of “NIGHT:MUSIC” is geselecteerd als
nacht-luisterfunctie (zie bladzijde 31).
1 Druk op AMP en vervolgens op SET MENU
om het “SET MENU” te openen.
“BASIC SETUP” zal op het display op het
voorpaneel verschijnen.
2 Druk op u / d, selecteer “MANUAL SETUP”
en druk vervolgens op ENTER.
3 Druk op ENTER om de “MANUAL SETUP” te
openen.
“1 SOUND MENU” zal op het display op het
voorpaneel verschijnen.
4 Druk herhaaldelijk op u / d om het gewenste
menu te selecteren en druk op ENTER om het
te openen.
De volgende menu's verschijnen op het display op het
voorpaneel als u herhaaldelijk op u / d drukt.
Gebruiken van het SET MENU
Opmerking
START
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
AMP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
ENTER
1,7
1
2-6
SET MENU
SRCH MODE
MENU
BASIC SETUP
.
AMP
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MANUAL SETUP
.
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
1 SOUND MENU
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
1 SOUND MENU
2 INPUT MENU
3 OPTION MENU
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
69
SET MENU
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
5 Druk herhaaldelijk op u / d om het gewenste
submenu te selecteren en druk op ENTER
om het te openen.
Herhaal de stappen 5 en 6 om door de mogelijkheden
te bladeren en de in te stellen onderdelen op te
zoeken.
Druk op RETURN om terug te keren naar het vorige
menu.
6 Druk op u / d om de gewenste parameter te
selecteren en vervolgens op j / i om de
instelling te wijzigen.
Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen.
Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen.
7 Druk op SET MENU om de “SET MENU” te
verlaten.
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
Geheugen back-up
De geheugen back-up schakeling voorkomt dat de
opgeslagen gegevens verloren gaan wanneer het toestel
uit (standby) staat. Wanneer echter de stekker uit het
stopcontact gehaald wordt of de stroomvoorziening om
een andere reden langer dan een week onderbroken
wordt, zullen de opgeslagen gegevens verloren gaan.
SET MENU
SRCH MODE
MENU
70
SET MENU
Via dit menu kunt u met de hand luidspreker-instellingen
wijzigen of compenseren voor vertraging in de
videoweergave bij gebruik van LCD monitoren of
projectoren.
Luidspreker-instellingen A)SPEAKER SET
Via dit menu kunt u met de hand de luidspreker-
instellingen wijzigen.
y
Als u niet tevreden bent met de door uw luidsprekers
geproduceerde lage tonen, kunt u deze instellingen aanpassen aan
uw voorkeuren.
Voor-luidsprekers FRONT
Keuzes: SMALL, LARGE
Selecteer “SMALL” (klein) als u kleine voor-
luidsprekers heeft die niet goed in staat zijn lage tonen
weer te geven. De lage tonen in de signalen voor de
linker en rechter voor-luidsprekers zullen nu naar de bij
BASS OUT geselecteerde luidsprekers gedirigeerd
worden.
Selecteer “LARGE” (groot) als u grote voor-
luidsprekers heeft die goed in staat zijn lage tonen weer
te geven. Alle signalen voor de linker en rechter
voorkanalen worden naar de linker en rechter voor-
luidsprekers gedirigeerd.
Als “BASS OUT” is ingesteld op “FRNT” (zie bladzijde 71),
zullen eventuele LFE signalen in Dolby Digital of DTS
bronsignalen, de lage tonen in de linker en rechter voorkanalen,
en de lage tonen voor andere luidsprekers die zijn ingesteld op
“SML” of “NONE” allemaal gedirigeerd worden naar de linker
en rechter voor-luidsprekers, ongeacht de “FRONT” instelling.
Midden-luidspreker CENTER
Keuzes: NONE, SML, LRG
Selecteer “NONE” (geen) als u geen midden-
luidspreker heeft aangesloten. De lage tonen uit het
middenkanaal zullen gedirigeerd worden naar de
luidsprekers die zijn geselecteerd bij “BASS OUT”
(zie bladzijde 71) en de rest van het middenkanaal zal
naar de linker en rechter voor-luidsprekers worden
gestuurd.
Selecteer “SML” (klein) als u een kleine midden-
luidspreker heeft die niet goed in staat is lage tonen
weer te geven. De lage tonen uit het middenkanaal
zullen naar de luidsprekers worden gedirigeerd die zijn
geselecteerd bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71).
Selecteer “LRG” (groot) als u een grote midden-
luidspreker heeft die goed in staat is lage tonen weer te
geven. Alle signalen voor het middenkanaal worden
naar de midden-luidspreker gedirigeerd.
Linker/rechter surround-luidsprekers SUR. LR
Keuzes: NONE, SML, LRG
Selecteer “NONE” (geen) als u geen surround-
luidsprekers heeft aangesloten. Hiermee zet u het
toestel in de Virtual CINEMA DSP stand (zie
bladzijde 41) en zal “ SUR. B” automatisch op
“NONE” (geen) worden ingesteld (zie hieronder). De
lage tonen in de linker en rechter surroundkanalen
zullen naar de bij “BASS OUT” geselecteerde
luidsprekers gedirigeerd worden (zie bladzijde 71).
Selecteer “SML” (klein) als u kleine linker en rechter
surround-luidsprekers heeft die niet goed in staat zijn
lage tonen weer te geven. De lage tonen in de linker en
rechter surroundkanalen zullen naar de bij “BASS
OUT” geselecteerde luidsprekers gedirigeerd worden
(zie bladzijde 71).
Selecteer “LRG” (groot) als u grote linker en rechter
surround-luidsprekers heeft die goed in staat zijn lage
tonen weer te geven. Het hele toonbereik van het
surroundkanaal zal naar de linker en rechter surround-
luidsprekers worden gestuurd.
Surround achter-luidsprekers SUR. B
Keuzes: NONE, SML, LRG
Selecteer “NONE” (geen) als u geen surround schter-
luidspreker heeft aangesloten. De lage tonen uit het
surround-achterkanaal zullen gedirigeerd worden naar
de luidsprekers die zijn geselecteerd bij “BASS OUT”
(zie bladzijde 71) en de rest van het surround-
achterkanaal zal naar de linker en rechter surround-
luidsprekers worden gestuurd.
Selecteer “SML” (klein) als u een kleine surround
achter-luidspreker heeft die niet goed in staat is lage
tonen weer te geven. De lage tonen uit het surround-
achterkanaal worden gedirigeerd naar de luidsprekers
die u heeft geselecteerd bij “BASS OUT” (zie
bladzijde 71).
Selecteer “LRG” (groot) als u een grote surround
achter-luidspreker heeft die goed in staat is lage tonen
weer te geven. Alle signalen voor het surround-
achterkanaal worden naar de surround achter-
luidspreker gedirigeerd.
1 SOUND MENU
Opmerking
71
SET MENU
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
LFE/Lage tonen weergave BASS OUT
Gebruik deze functie om de luidsprekers te selecteren die
de LFE (Lage Frequentie Effecten) en de lage tonen
weergeven.
Keuzes: SWFR, FRNT, BOTH
Selecteer “SWFR” (subwoofer) als u een subwoofer
aangesloten heeft. Zowel de LFE signalen als de lage
tonen in de signalen voor andere luidsprekers die zijn
ingesteld op “SML” (of “SMALL”) of op “NONE”
worden naar de subwoofer gedirigeerd.
Selecteer “FRNT” (voor) als u geen subwoofer heeft
aangesloten. De LFE signalen, de lage tonen in de
linker en rechter voorkanalen, en de lage tonen voor
andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” of
“NONE” zullen allemaal gedirigeerd worden naar de
linker en rechter voor-luidsprekers, ongeacht de
“FRONT” instelling (zie bladzijde 70).
Selecteer “BOTH” (beide) als u een subwoofer
aangesloten heeft. De lage tonen worden voor elke
signaalbron weergegeven door de subwoofer. Zowel de
LFE signalen als de lage tonen in de signalen voor
andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” of
“NONE” worden naar de subwoofer gedirigeerd. De
lage tonen in de linker en rechter voorkanalen zullen
naar de linker en rechter voor-luidsprekers en de
subwoofer worden gedirigeerd, ongeacht de “FRONT”
instelling (zie bladzijde 70).
Crossover CROSSOVER
Met deze functie kunt u een crossover frequentie instellen
voor alle luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” (of
“SMALL”) of op “NONE” via “SPEAKER SET” (zie
bladzijde 70). Alle frequenties onder de geselecteerde
frequentie zullen naar de subwoofer worden gedirigeerd of
naar de luidsprekers die zijn ingesteld op “LRG” (of
“LARGE”) via “SPEAKER SET” (zie bladzijde 70).
Keuzes: 40Hz, 60Hz, 80Hz, 90Hz, 100Hz, 110Hz,
120Hz, 160Hz, 200Hz
Subwooferfase SWFR PHASE
Als de lage tonen niet of onduidelijk worden
weergegeven, kunt u hiermee de fase van uw subwoofer
omschakelen.
Keuzes: NRM, REV
Selecteer “NRM” als u de fase voor uw subwoofer niet
wilt omkeren.
Selecteer “REV” om de fase voor uw subwoofer om te
keren.
Luidsprekerniveau B) SP LEVEL
Deze functie stelt u in staat met de hand de balans te
bepalen tussen het volume (luidsprekerniveau) van de
linker voor- of linker surround-luidspreker en elk van de
bij “SPEAKER SET” (zie bladzijde 70) geselecteerde
luidsprekers. De geselecteerde luidspreker geeft de
testtoon weer en de bij die luidspreker behorende indicator
knippert.
Instelbereik: –10,0 t/m +10,0 dB
Instelstap: 1,0 dB
Begininstelling: 0 dB
Hier volgt een voorbeeld waarin “FL” is geselecteerd om
de balans voor de linker voor-luidspreker in te stellen.
Selecteer “FL” om de balans voor de linker voor-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “FR” om de balans voor de rechter voor-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “C” om de balans voor de midden-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “SL” om de balans voor de linker surround-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “SR” om de balans voor de rechter surround-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “SB” om de balans voor de surround achter-
luidspreker in te stellen.
Selecteer “SWFR” om de balans voor de subwoofer in
te stellen.
“C”, “SL”, “SR”, “SB” en “SWFR” kunnen niet worden ingesteld
indien “CENTER” (zie bladzijde 70), “SUR. LR” (zie
bladzijde 70), “SUR. B” (zie bladzijde 70) en “BASS OUT”
(zie bladzijde 71) zijn ingesteld op “NONE”.
Opmerking
DVR
p
DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
LCR
SL SR
FL ----||----
Knippert
72
SET MENU
Luidsprekerafstand C)SP DISTANCE
Met deze functie kunt u met de hand de afstand van elke
luidspreker tot de luisterplek invoeren en zo de vertraging
voor het bijbehorende kanaal instellen. In het ideale geval
zouden alle luidsprekers op dezelfde afstand van de
luisterplek moeten staan. Maar in de meeste gevallen is dat
praktisch gezien niet mogelijk. Daarom moet de weergave
van luidsprekers die eigenlijk te dichtbij staan heel
eventjes vertraagd worden, zodat het geluid van alle
luidsprekers op hetzelfde moment op de luisterplek
arriveert.
Eenheid UNIT
Keuzes: meters (m), feet (ft)
Begininstelling:
[Modellen voor de V.S. en Canada]: feet (ft)
[Overige modellen]: meters (m)
Selecteer “meters” om de afstanden van de
luidsprekers in meters in te kunnen voeren.
Selecteer “feet” om de afstanden van de luidsprekers in
feet (voeten) in te kunnen voeren.
Luidsprekerafstanden
Instelbereik: 0,30 t/m 24,00 m (1.0 t/m 80.0 ft)
Instelstap: 0,10 m (0.5 ft)
Selecteer “FRONT L” om de afstand voor de linker
voor-luidspreker in te stellen.
Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft)
Selecteer “FRONT R” om de afstand voor de rechter
voor-luidspreker in te stellen.
Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft)
Selecteer “CENTER” om de afstand voor de midden-
luidspreker in te stellen.
Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft)
Selecteer “SUR. L” om de afstand voor de linker
surround-luidspreker in te stellen.
Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft)
Selecteer “SUR. R” om de afstand voor de rechter
surround-luidspreker in te stellen.
Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft)
Selecteer “SUR. B” om de afstand voor de surround
achter-luidspreker in te stellen.
Begininstelling: 2,10 m (7.0 ft)
Selecteer “SWFR” om de afstand voor de subwoofer in
te stellen.
Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft)
“CENTER”, “SUR. L”, “SUR.R”, “SUR. B” en “SWFR” kunnen
niet worden ingesteld indien “CENTER” (zie bladzijde 70),
“SUR. LR” (zie bladzijde 70), “SUR. B” (zie bladzijde 70) en
“BASS OUT” (zie bladzijde 71) zijn ingesteld op “NONE”.
Grafische equalizer voor het
middenkanaal
D)CENTER GEQ
Met deze functie kunt u de geluidsweergave via het
middenkanaal zo aanpassen met de ingebouwde 5-banden
(100Hz, 300Hz, 1kHz, 3kHz en 10kHz) grafische
equalizer, dat de toonkwaliteit van de middenluidspreker
overeenkomt met die van de voorluidsprekers. U kunt de
instelling verrichten terwijl u naar de huidige signaalbron
luistert, of luisterend naar een testtoon.
Instelbereik: –6 t/m +6 dB
Instelstap: 0,5 dB
Begininstelling: 0 dB
y
Druk op u / d om een frequentieband te selecteren en op j / i
om de geselecteerde frequentieband in te stellen.
Hier volgt een voorbeeld waarin “100 Hz” is geselecteerd
als de frequentieband.
Testtoon TEST
Keuzes: OFF, ON
Selecteer “OFF” om de testtoon te stoppen en de op dit
moment geselecteerde signaalbron weer te laten geven.
Selecteer “ON” om de linker voor- en de midden-
luidspreker een testtoon te laten produceren en stel aan
de hand daarvan de toonkwaliteit van de midden-
luidspreker in.
Niveau Lage Frequentie Effecten
E)LFE LEVEL
Deze functie stelt u in staat het volume (uitgangsniveau)
van het LFE (Lage Frequentie Effect) kanaal aan te passen
aan de capaciteit van uw subwoofer of hoofdtelefoon. Het
LFE kanaal zorgt voor de weergave van speciale effecten
met zeer lage tonen bij bepaalde passages. Deze instelling
treedt alleen in werking bij weergave wanneer dit toestel
Dolby Digital of DTS signalen decodeert.
Instelbereik: –20 t/m 0 dB
Instelstap: 1 dB
Luidspreker SP LFE
Stelt het LFE luidsprekerniveau in.
Hoofdtelefoon HP LFE
Stelt het LFE hoofdtelefoonniveau in.
Afhankelijk van de instellingen bij “BASS OUT” (zie
bladzijde 71) is het mogelijk dat sommige signalen niet via de
SUBWOOFER OUTPUT aansluiting worden gereproduceerd.
Opmerking
Opmerking
DVR
p
DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
dB
100Hz--||-- 0
73
SET MENU
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
Dynamisch bereik F)D. RANGE
Via deze functie kunt u instellen hoeveel het dynamisch
bereik moet worden gecomprimeerd voor uw luidsprekers
of uw hoofdtelefoon. Deze instelling treedt alleen in
werking wanneer dit toestel Dolby Digital of DTS
signalen decodeert.
Luidspreker SP D.R
Stelt de compressie voor de luidsprekers in.
Hoofdtelefoon HP D.R
Stelt de compressie voor de hoofdtelefoon in.
Keuzes: MIN, STD, MAX
Selecteer “MIN” (minimum) als u regelmatig bij een
laag volume wilt luisteren.
Selecteer “STD” (standaard) voor algemeen gebruik.
Selecteer “MAX” (maximum) om het grootste
dynamische bereik te behouden.
Audio instellingen G)AUDIO SET
Hiermee kunt algemene audio instellingen voor dit toestel
wijzigen.
Tijdelijk uit of lager zetten van het geluid
MUTE TYP.
U kunt zelf bepalen hoeveel het volume verlaagd moet
worden wanneer u deze functie gebruikt (zie
bladzijde 31).
Keuzes: FULL, –20dB
Selecteer “FULL” om de geluidsweergave helemaal te
stoppen.
Selecteer “–20dB” om het huidige volume met 20 dB
te verlagen.
Audio vertraging A.DELAY
U kunt de geluidsweergave vertragen zodat deze
synchroon loopt met de videobeelden. Dit is soms nodig
bij gebruik van bepaalde LCD monitors of projectoren.
Instelbereik: 0 t/m 160 ms
Instelstap: 1 ms
Passeren toonregeling TC.BYPASS
U kunt de geluidssignalen de schakelingen voor de
toonregeling helemaal laten negeren wanneer “TREBLE”
en “BASS” op 0 dB zijn ingesteld (zie bladzijde 30).
Keuzes: AUTO, OFF
Selecteer “AUTO” als u de schakelingen voor de
toonregeling wilt laten negeren om een zo puur
mogelijke weergave te verkrijgen.
Selecteer “OFF” als u niet wilt dat de toonregeling
helemaal genegeeerd wordt.
Via dit menu kunt u de ingangsaansluitingen toewijzen
aan andere apparatuur, de ingangsfunctie selecteren of een
signaalbron een andere naam geven.
Toewijzen van ingangsaansluitingen
A)INPUT ASSIGN
U kunt de ingangsaansluitingen toewijzen aan andere
componenten als de begininstellingen van dit toestel niet
overeenkomen met uw voorkeuren. Wijzig de volgende
instellingen om de respectievelijke aansluitingen toe te
wijzen aan andere apparatuur en uiteindelijk meer
componenten te kunnen aansluiten.
Wanneer de ingangsaansluitingen opnieuw zijn
toegewezen, kunt u de daarbij behorende component
selecteren als signaalbron met INPUT op het voorpaneel
(of met de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening).
Voor de COMPONENT VIDEO aansluitingen
A, B en C
C.V[A]
C.V[B]
C.V[C]
Keuzes: [A] DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR
[B] DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR
[C] DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR
Voor OPTICAL INPUT aansluiting 1 en 2
IN (1)
IN (2)
Keuzes: (1) CD, MD/CDR, DVD, DTV/CBL, V-AUX,
DVR
(2) CD, MD/CDR, DVD, DTV/CBL, V-AUX,
DVR
Voor COAXIAL INPUT aansluiting 3
COAXIAL IN (3)
Keuzes: (3) CD, MD/CDR, DVD, DTV/CBL, V-AUX,
DVR
U kunt een bepaalde naam maar één keer gebruiken voor een
bepaald soort aansluiting.
Wanneer u een bepaalde component zowel met de DIGITAL
INPUT (COAXIAL) als met de DIGITAL INPUT (OPTICAL)
aansluiting verbindt, zal het via de DIGITAL INPUT
(COAXIAL) aansluiting binnenkomende signaal voorrang
krijgen.
2 INPUT MENU
Opmerkingen
74
SET MENU
Ingangsfunctie B)INPUT MODE
Gebruik deze functie om de “INPUT MODE” van dit
toestel terug te zetten op “AUTO” (zie bladzijde 32)
ongeacht de vorige instelling of om de laatste
ingangsfunctie op te roepen (“AUTO”, “DTS”, of
“ANALOG”) die gebruikt werd met de signaalbron in
kwestie zodra u dit toestel inschakelt.
Keuzes: AUTO, LAST
Selecteer “AUTO” om “INPUT MODE” terug te zetten
op “AUTO” (zie bladzijde 32) ongeacht de vorige
instelling zodra u dit toestel aan zet. Ingangssignalen
worden door dit toestel automatisch geselecteerd in
deze volgorde:
(1) Digitale signalen
(2) Analoge signalen
Selecteer “LAST” om het toestel automatisch de
ingangsfunctie (“AUTO”, “DTS”, of “ANALOG”) in
te laten schakelen die het laatst met de signaalbron in
kwestie gebruikt is.
Signaalbronnen nieuwe namen geven
C)INPUT RENAME
Via deze functie kunt u de namen van de signaalbronnen
zoals getoond op het display op het voorpaneel
veranderen.
Het volgende scherm is een voorbeeld waarin aan “DVD”
de nieuwe naam “My DVD” wordt gegeven.
1 Druk op één van de ingangskeuzetoetsen op
de afstandsbediening om de signaalbron
waarvan u de naam wilt veranderen te
selecteren.
2 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op
j / i op de afstandsbediening om de “_”
(onderstreping) onder de spatie of het teken
dat u wilt bewerken te plaatsen.
3 Kies met u / d het teken dat u wilt gebruiken
en ga vervolgens met j / i naar het volgende
teken.
U kunt maximaal 8 tekens gebruiken voor elke
signaalbron.
Druk op d om de tekens als volgt te laten veranderen, of
druk op u om deze reeks in omgekeerde volgorde te
doorlopen:
A t/m Z, spatie, 0 t/m 9, spatie, a t/m z, spatie, symbolen
(#, *, –, +, enz.).
4 Herhaal de stappen 1 t/m 3 als u de namen
van andere signaalbronnen wilt veranderen.
5 Druk nog eens op SET MENU op de
afstandsbediening om de “INPUT RENAME”
functie af te sluiten.
Volume Trim D)VOLUME TRIM
Met deze functie kunt u het niveau van de ingangssignalen
voor elk van de ingangsaansluitingen op elkaar
afstemmen. Dit komt van pas wanneer u wilt vermijden
dat het volume plotseling verandert wanneer u
overschakelt naar een andere signaalbron.
Keuzes: CD, MD/CD-R, TUNER, DVD, DTV/CBL,
V-AUX, DVR
Instelbereik: –6,0 t/m 6,0 dB
Instelstap: 1,0 dB
Begininstelling: 0,0 dB
DVR
p
DVD CD
V-AUX DTV/CBL
MD/CD-R
TUNER
VOLUME
A
SP
dB
LCR
SL SR
DVD My DVD
CD
MD/CD-R
TUNER
V-AUXDVD
DVR
DTV/CBL
AMP
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
Opmerkingen
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
PRESET/CH
ENTER
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
SET MENU
SRCH MODE
MENU
75
SET MENU
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
Via dit menu kunt u de optionele systeeminstellingen
wijzigen.
Display instellingen A)DISPLAY SET
Dimmer DIMMER
Hiermee kunt u de helderheid van het display op het
voorpaneel instellen.
Instelbereik: –
4 t/m 0
Instelstap: 1
Druk op j om het display op het voorpaneel te
dimmen.
Druk op i om het display op het voorpaneel helderder
te maken.
Geheugen beveiliging B) MEMORY GUARD
Met deze functie kunt u voorkomen dat de DSP
programma instellingen en andere systeeminstellingen per
abuis gewijzigd worden.
Keuzes: OFF, ON
Selecteer “OFF” om de “MEMORY GUARD” functie
uit te schakelen.
Selecteer “ON” om de inhoud van het geheugen te
beveiligen:
DSP programma instellingen
Alle “SET MENU” onderdelen
Alle ingestelde luidsprekerniveaus
Wanneer “MEMORY GUARD” is ingesteld op “ON”, kunt u
geen andere “SET MENU” items meer selecteren of instellen.
Parameters initialiseren C)PARAM. INI
Met deze functie kunt u de instellingen voor alle
geluidsveldprogramma’s in een programmagroep tegelijk
initialiseren. Wanneer u een geluidsveldprogrammagroep
initialiseert, zullen alle gewijzigde instellingen voor de
programma’s in die groep worden teruggezet op hun
beginwaarden.
Druk op de corresponderende toetsen voor de
geluidsveldprogramma’s op de afstandsbediening om het
geluidsveldprogramma
dat u wilt initialiseren te
selecteren.
Keuzes: STEREO, MUSIC, ENTERTAINMENT,
MOVIE THEATER, STANDARD
U kunt de eerder ingestelde waarden niet meer automatisch
terughalen nadat u een geluidsveldprogrammagroep heeft
geïnitialiseerd.
U kunt geen individuele geluidsveldprogramma’s initialiseren.
U kunt geen geluidsveldprogrammagroepen initialiseren
wanneer de “MEMORY GUARD” beveiliging is ingesteld op
“ON”.
Zone instelling D)MULTI ZONE
Via deze instelling kunt u de locatie aangeven van de
luidsprekers die zijn verbonden met de SPEAKERS B
aansluitingen van dit toestel.
Instelling luidsprekerset B SP B
Met deze functie kunt u bepalen waar de voor-luidsprekers
die zijn verbonden met de SPEAKERS B aansluitingen
zich bevinden.
Keuzes: FRONT, ZONE B
Selecteer “FRONT” om de SPEAKERS A en B set aan
of uit te zetten wanneer de met de SPEAKERS B
aansluitingen verbonden luidsprekers zich in uw eerste
luisterruimte bevinden.
Selecteer “ZONE B” als de met de SPEAKERS B
aansluitingen verbonden luidsprekers zich in een
andere ruimte (zone) bevinden. Als SPEAKERS A
wordt uitgeschakeld en SPEAKERS B wordt
ingeschakeld, zullen alle luidsprekers in de eerste
luisterruimte worden uitgeschakeld en zal er alleen via
de SPEAKERS B aansluitingen geluid worden
weergegeven.
Als u een hoofdtelefoon in de PHONES aansluiting van dit
toestel doet, zal het geluid worden weergegeven via zowel de
hoofdtelefoon als de SPEAKERS B aansluitingen wanneer “SP
B” is ingesteld op “ZONE B”.
Als er een DSP programma is ingeschakeld wanneer “SP B” op
“ZONE B” is ingesteld, zal het toestel automatisch in de Virtual
CINEMA DSP stand gaan (zie bladzijde 41).
3 OPTION MENU
Opmerking
Opmerkingen
Opmerkingen
GEAVANCEERDE SETUP
76
Dit toestel heeft extra menu’s die worden getoond op het display op het voorpaneel. Het uitgebreide instelmenu biedt
aanvullende handelingen om de manier waarop dit toestel functioneert aan te passen. Verander de begininstellingen
(hieronder vet gedrukt aangeduid) op basis van uw specifieke systeem en uw voorkeuren.
De instellingen die u maakt treden in werking wanneer u de volgende keer dit toestel aan zet door op STANDBY/ON op het
voorpaneel (of POWER op de afstandsbediening) te drukken (zie bladzijde 25).
Alleen STANDBY/ON, STRAIGHT (EFFECT) en de PROGRAM l / h toetsen functioneren terwijl u het uitgebreide instelmenu
gebruikt.
Er kunnen geen andere handelingen worden verricht terwijl u het uitgebreide instelmenu aan het gebruiken bent.
Het uitgebreide instelmenu is alleen beschikbaar via het display op het voorpaneel.
1 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om
dit toestel in de uit (standby) te zetten.
2 Houd STRAIGHT (EFFECT) op het
voorpaneel ingedrukt en druk vervolgens op
STANDBY/ON om dit toestel aan te zetten.
Het toestel wordt ingeschakeld en het uitgebreide
setup menu zal verschijnen op het display op het
voorpaneel.
3 Gebruik de PROGRAM l / h toetsen op het
voorpaneel en selecteer de parameter
waarvoor u de instelling wilt wijzigen.
De naam van de geselecteerde parameter verschijnt
op het display op het voorpaneel.
Zie bladzijde 77 voor een complete lijst met alle
beschikbare parameters.
4 Druk herhaaldelijk op STRAIGHT (EFFECT)
op het voorpaneel om de geselecteerde
instelling te wijzigen.
5 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om
de nieuwe instelling op te slaan en dit toestel
uit (standby) te zetten.
y
De gewijzigde instellingen worden van kracht zodra u dit
toestel de volgende keer aan zet.
GEAVANCEERDE SETUP
Opmerkingen
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l PROGRAM h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
3
2,4
1,2,5
STANDBY
/ON
STANDBY
/ON
EFFECT
STRAIGHT
Houd
ingedrukt
l PROGRAM h
SP IMP.-8 MIN
Op dit moment
geselecteerde
parameterinstelling
Op dit moment
geselecteerde
parameter
EFFECT
STRAIGHT
STANDBY
/ON
77
GEAVANCEERDE SETUP
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
Luidsprekerimpedantie SP IMP.
Gebruik deze functie om de luidsprekerimpedantie van het
toestel aan te passen aan die van uw luidsprekers.
Keuzes: 8MIN, 6MIN
Selecteer “8ΩMIN” om de luidsprekerimpedantie in te
stellen op 8 .
Selecteer “6MIN” om de luidsprekerimpedantie in te
stellen op 6 .
*
Modellen voor Canada kunnen niet tegelijkertijd gebruik
maken van twee gescheiden luidsprekersystemen (A en B)
wanneer “SP IMP.” is ingesteld op “8MIN”.
Fabrieksinstellingen PRESET
Met deze functie kunt u alle parameters van dit toestel
terugzetten op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen
(zie bladzijde 81).
Keuzes: CANCEL, RESET
Select “CANCEL” om de instellingen van dit toestel
niet terug te zetten.
Select “RESET” om de instellingen van dit toestel
terug te zetten.
Deze instelling zet alle parameters van dit toestel terug,
inclusief de “SET MENU” parameters. De parameters voor het
uitgebreide instelmenu zullen echter niet worden teruggezet.
De oorspronkelijke fabrieksinstellingen worden weer van kracht
wanneer het toestel de volgende keer wordt ingeschakeld.
Afstemstap tuner TU
(Alleen modellen voor Azië en algemene
modellen)
Hiermee kunt u de afstemstap van de tuner aanpassen aan
de ruimte tussen zendfrequenties in uw gebied.
Keuzes: AM10/FM100, AM9/FM50
Selecteer “AM10/FM100” voor Noord, Midden en
Zuid Amerika.
Selecteer “AM9/FM50” voor alle andere gebrieden.
SP IMP. Luidspreker Impedantieniveau
8ΩMIN
Vo o r
Als u één set (A of B)
gebruikt, moet de
impedantie van elk van de
luidsprekers 8 of hoger
zijn.
Als u twee sets (A en B)
gebruikt, moet de
impedantie van elk van de
luidsprekers 16 of hoger
zijn.
*
Midden
De impedantie van elk van
de luidsprekers moet 8 of
hoger zijn.
Surround
Surround Achter
6ΩMIN
Vo o r
Als u één set (A of B)
gebruikt, moet de
impedantie van elk van de
luidsprekers 4 of hoger
zijn.
Als u twee sets (A en B)
gebruikt, moet de
impedantie van elk van de
luidsprekers 8 of hoger
zijn.
Midden
De impedantie van elk van
de luidsprekers moet 6 of
hoger zijn.
Surround
Surround Achter
Opmerkingen
KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING
78
Naast dit toestel kan de afstandsbediening ook andere audiovisuele componenten van YAMAHA en van andere
fabrikanten aansturen. Om uw TV of andere componenten te kunnen bedienen, moet u de juiste afstandsbedieningscodes
voor de diverse signaalbronnen instellen (zie bladzijde 80).
Bedienen van dit toestel
Druk op AMP om dit toestel te bedienen.
*1
Deze toetsen bedienen altijd dit toestel zelf.
*2
Deze toetsen bedienen dit toestel alleen wanneer er op AMP is
gedrukt.
Bedienen van een TV
Druk op DTV/CBL om uw TV te kunnen bedienen. Om
uw TV te kunnen bedienen, moet u de juiste
afstandsbedieningscodes voor DTV/CBL instellen (zie
bladzijde 80).
*1
Deze toetsen bedienen altijd uw TV.
*2
Deze toetsen bedienen uw TV alleen wanneer er op DTV/CBL
is gedrukt. Zie de “Digitale TV/Kabel TV” kolom op
bladzijde 79 voor details.
KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING
Bedienen van dit toestel, een TV of andere componenten
Opmerkingen
CD
MD/CD-R
TUNER
START
SRCH MODE
SET MENU
CODE SET
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
V-A UXDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
AVTV
ENTER
*1
AMP
*1
*2
Opmerkingen
Afstandsbediening Digitale TV/Kabel TV
TV POWER Hiermee schakelt u de stroom in of uit.
TV VOL +/–
Hiermee verhoogt of verlaagt u het
volume.
TV CH +/– Wijzigt het kanaalnummer.
TV MUTE
Deze toets schakelt de geluidsweergave
tijdelijk uit.
TV INPUT Wijzigt de signaalbron.
CD
MD/CD-R
TUNER
START
SRCH MODE
SET MENU
CODE SET
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
MODE PTY SEEK
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
V-A UXDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
MUTE
MENUTITLE
VOLUME
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
TV VOL TV CH
AVTV
ENTER
*1
DTV/CBL
*1
*2
79
KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
Bedienen van andere componenten
Wanneer u de juiste afstandsbedieningscodes heeft
ingesteld (zie bladzijde 80), kunt u met de
ingangskeuzetoetsen en de component kiezen die u wilt
bedienen. Het is mogelijk dat sommige toetsen niet het
verwachte effect hebben op uw apparatuur.
*1
Deze toets werkt alleen wanneer de originele afstandsbediening van de component in kwestie een POWER (aan/uit) toets heeft.
*2
Met deze toetsen kunt u uw videorecorder bedienen wanneer de afstandsbedieningscode van uw videorecorder is ingesteld op DVR
en DTV/CBL is geselecteerd.
*3
Wanneer u deze toets gebruikt om opnamen te maken van een signaalbron, dient u deze tweemaal in te drukken om storingen te
voorkomen.
SRCH MODE
SET MENU
BAND
LEVEL
A/B/C/D/E A/B/C/D/E
DAB MEMORY
PRESET/CH
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
TV MUTE TV INPUT
MUTE
MENUTITLE
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
DISPLAYRETURN
ENTER
CD
MD/CD-R
TUNER
START
CODE SET
MODE PTY SEEK
V-A UXDVD
AMP
POWER
POWER POWER
REC
DISC SKIP
FREQ/TEXT EON
TV MUTE TV INPUT
DVR
DTV/CBL
SLEEP
MULTI CH IN
STANDBY
VOLUME
TV VOL TV CH
AV
TV
3
4
9
5
6
8
7
2
1
Afstandsbediening
DVD-speler Videorecorder
Digitale TV/Kabel
TV
CD-speler MD/CD-recorder Tuner
1 AV P OW ER
Aan/uit
*1
Aan/uit
*1
VCR aan/uit
*2
Aan/uit
*1
Aan/uit
*1
Aan/uit
*1
2 REC/DISC SKIP
Disc overslaan
Opname
*3
VCR opname
*2, 3
Disc Overslaan Opname (MD)
p Weergave Weergave
VCR weergave
*2
Weergave Weergave
w Terug zoeken Terug zoeken
VCR terug zoeken
*2
Terug zoeken Terug zoeken
f Vooruit zoeken Vooruit zoeken
VCR vooruit zoeken
*2
Vooruit zoeken Vooruit zoeken
e Pauze Pauze
VCR pauze
*2
Pauze Pauze
b Terug springen Terug springen Terug springen
a Vooruit springen Vooruit springen Vooruit springen
s Stop Stop
VCR stop
*2
Stop Stop
3 0-9, +10
Cijfertoetsen Cijfertoetsen Cijfertoetsen Cijfertoetsen Cijfertoetsen Voorkeuzezenders (1-8)
4 TITLE
Titel Band
5 PRESET/CH u
Hoger VCR volgende kanaal
Volgende
voorkeuzezender (1-8)
PRESET/CH d Lager VCR vorige kanaal
Vorige
voorkeuzezender (1-8)
A-E/CAT. j Links
Vorige
voorkeuzezender (A-E)
A-E/CAT. i Rechts
Volgende
voorkeuzezender (A-E)
ENTER Selecteren
6 RETURN
Terug
7 ENT.
Titel/Index Enter Enter Index Index
8 MENU
Menu
9 DISPLAY
Display Display Display Display
Opmerkingen
80
KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING
U kunt andere componenten bedienen als u de
bijbehorende afstandsbedieningscodes heeft ingesteld. U
kunt voor elke signaalbron een afstandsbedieningscode
instellen. Raadpleeg de “LIJST MET
AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van
deze handleiding voor een complete lijst met de
beschikbare afstandsbedieningscodes.
In de volgende tabel staan de standaard ingestelde
componenten (Archief: componentencategorie) en de
afstandsbedieningscode voor elke set bedieningstoetsen.
Standaardinstellingen afstandsbedieningscodes
*1
U kunt alleen dit toestel bedienen.
*2
U kunt alleen maar TV afstandsbedieningscodes instellen
onder DTV/CBL.
Het is mogelijk dat u uw specifieke YAMAHA component niet
kunt bedienen, ook al is er een YAMAHA
afstandsbedieningscode voorgeprogrammeerd. Probeer in een
dergelijk geval een andere YAMAHA afstandsbedieningscode in
te stellen.
1 Houd CODE SET ingedrukt en druk op een
ingangskeuzetoets of om de component
die u wilt instellen te selecteren.
U moet CODE SET ingedrukt houden tijdens deze hele
procedure.
2 Houd CODE SET ingedrukt en voer met de
cijfertoetsen (0 t/m 9) de drie cijfers van de
afstandsbedieningscode voor de component
in kwestie in.
Wanneer het instellen met succes verloopt, zal de
melding “PRESET OK” verschijnen; zoniet, dan zal
“PRESET NG” verschijnen op het display op het
voorpaneel. Raadpleeg de “LIJST MET
AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van
deze handleiding.
Als er meerdere codes zijn voor de fabrikant van uw
component, probeer ze dan één voor één tot u de juiste
gevonden heeft.
U kunt slechts één enkele afstandsbedieningscode toewijzen
aan één ingangskeuzetoets.
Instellen van
afstandsbedieningscodes
Signaalbron
Archief
(Componentencategorie)
Fabrikant
Standaard
code
CD CD
YA M A H A
199
MD/CD-R CD-R
YA M A H A
499
DVD DVD
YA M A H A
699
TUNER
*1
TUNER
YA M A H A
Vast
DTV/CBL
*2
––
DVR
V-AUX
––
Opmerking
Opmerking
Opmerkingen
CODE SET
CD
MD/CD-R
V-AUXDVD
DVR
DTV/CBL
Houd ingedrukt
STRAIGHT
MOVIEENTERTAINMUSIC
DIRECT ST.EXTD SUR.STANDARD
SELECT
NIGHT
ENHANCER
SPEAKERS
STEREO
4321
8
10
7
09
65
ENT.
CODE SET
Houd ingedrukt
RESETTEN VAN HET SYSTEEM
81
GEAVANCEERDE
BEDIENING
Nederlands
Met deze functie kunt u alle parameters van dit toestel terugzetten op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen.
Deze procedure zet alle parameters van dit toestel terug, inclusief de “SET MENU” parameters. De parameters voor het uitgebreide
instelmenu zullen echter niet worden teruggezet.
De oorspronkelijke fabrieksinstellingen worden weer van kracht wanneer het toestel de volgende keer wordt ingeschakeld.
y
Om het resetten halverwege te onderbreken zonder wijzigingen aan te brengen, kunt u op STANDBY/ON op het voorpaneel drukken (of
op STANDBY op de afstandsbediening) om dit toestel uit (standby) te zetten.
1 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om
dit toestel in de uit (standby) te zetten.
2 Houd STRAIGHT (EFFECT) op het
voorpaneel ingedrukt en druk vervolgens op
STANDBY/ON om dit toestel aan te zetten.
Het toestel wordt ingeschakeld en het uitgebreide
setup menu zal verschijnen op het display op het
voorpaneel.
3 Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het
voorpaneel om en selecteer “PRESET”.
4 Druk herhaaldelijk op STRAIGHT (EFFECT)
op het voorpaneel om en selecteer “RESET”.
y
Selecteer “CANCEL” om de reset procedure te annuleren
zonder wijzigingen aan te brengen.
5 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om
uw keuze te bevestigen en dit toestel uit
(standby) te zetten.
RESETTEN VAN HET SYSTEEM
Opmerkingen
VIDEO PORTABLEL AUDIO R
VIDEO AUX
STANDBY
/ON
AUTO/MAN'L
TUNING MODE
MAN'L/AUTO FM
MEMORY
LEVEL
l
PRESET/TUNING
h
NEXT
A/B/C/D/E
FM/AM
EDIT
PRESET/TUNING
VOLUME
BASS/TREBLE
TONE CONTROL
l PROGRAM h
EFFECT
STRAIGHT
SILENT CINEMA
PHONES
BA
SPEAKERS
MULTI CH
INPUT
INPUT MODE
INPUT
3
2,4
1-2,5
STANDBY
/ON
STANDBY
/ON
EFFECT
STRAIGHT
Houd
ingedrukt
Houd
ingedrukt
l PROGRAM h
PRESET-CANCEL
EFFECT
STRAIGHT
PRESET-RESET
STANDBY
/ON
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
82
Raadpleeg de tabel hieronder wanneer het toestel niet naar behoren functioneert. Als het probleem niet hieronder vermeld
staat, of als de aanwijzingen het probleem niet verhelpen, zet het toestel dan uit (standby), haal de stekker uit het
stopcontact en neem contact op met uw dichtstbijzijnde YAMAHA dealer of servicecentrum.
Algemeen
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
Probleem Oorzaak Oplossing
Zie
bladzijde
Het toestel gaat niet
aan, of gaat direct
weer uit (standby)
zodra de stroom
wordt ingeschakeld.
Het netsnoer of de stekker is niet of niet
goed aangesloten.
Sluit het netsnoer op de juiste manier aan.
De instelling voor de
luidsprekerimpedantie is niet correct.
Stel de luidsprekerimpedantie in zodat deze
overeenkomt met die van uw luidsprekers.
24
De beveiliging is in werking getreden. Controleer of alle luidsprekerbedrading, op het toestel
en op de luidsprekers zelf, op de juiste manier is
aangesloten en dat de draden geen contact maken met
andere dingen dan de bijbehorende aansluitingen.
12
Het toestel heeft blootgestaan aan een
sterke, externe elektrische schok
(bijvoorbeeld een blikseminslag of een
ontlading van statische elektriciteit).
Zet het toestel uit (standby), haal de stekker uit het
stopcontact, wacht 30 seconden voor u de stekker
weer terug doet en probeer het toestel vervolgens
weer gewoon te gebruiken.
Geen geluid In- of uitgangskabels niet op de juiste
manier aangesloten.
Sluit de bedrading op de juiste manier aan. Als dit het
probleem niet verhelpt, is het mogelijk dat er iets mis
is met de kabels.
17–23
“INPUT MODE” is ingesteld op “DTS”
of “ANALOG”.
Zet “INPUT MODE” op “AUTO”.
32
Er is geen geschikte signaalbron
geselecteerd.
Selecteer een geschikte signaalbron met INPUT op
het voorpaneel (of de ingangskeuzetoetsen op de
afstandsbediening) of met MULTI CH INPUT op het
voorpaneel (of MULTI CH IN op de
afstandsbediening).
29, 36
De luidsprekers zijn niet goed
aangesloten.
Sluit de luidsprekers op de juiste manier aan.
12
De te gebruiken voor-luidsprekers zijn
niet op de juiste manier geselecteerd.
Selecteer de set voor-luidsprekers met SPEAKERS
A/B en/of B op het voorpaneel of SPEAKERS op de
afstandsbediening.
29
Het volume staat uit. Zet het volume hoger.
De geluidsweergave is tijdelijk
uitgeschakeld.
Druk op MUTE of VOLUME +/– op de
afstandsbediening om de geluidsweergave te
herstellen en het volume te kunnen regelen.
31
“INPUT MODE” is ingesteld op
“ANALOG” terwijl er DTS gecodeerd
materiaal wordt weergegeven.
Zet “INPUT MODE” op “AUTO” of “DTS”.
32
Er worden signalen van een
broncomponent ontvangen die dit toestel
niet kan weergeven, zoals van een CD-
ROM.
Gebruik een signaalbron waarvan de signalen wel
door dit toestel kunnen worden gereproduceerd.
Geen beeld Er wordt gebruik gemaakt van
verschillende types video-aansluitingen
voor de in- en uitgang van het
beeldsignaal.
Sluit uw videocomponenten op dezelfde manier aan
op dit toestel als uw videomonitor.
18
83
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
AANVULLENDE
INFORMATIE
Nederlands
Probleem Oorzaak Oplossing
Zie
bladzijde
Het geluid valt
plotseling uit.
De beveiliging is in werking getreden
vanwege kortsluiting enz.
Controleer of de luidsprekerimpedantie correct is
ingesteld.
24
Controleer of de luidsprekerbedrading nergens
kortsluiting maakt en zet vervolgens het toestel weer
aan.
De slaaptimer heeft het toestel
uitgeschakeld.
Zet het toestel aan en speel de gewenste signaalbron
weer af.
De geluidsweergave is tijdelijk
uitgeschakeld.
Druk op MUTE of VOLUME +/– op de
afstandsbediening om de geluidsweergave te
hervatten.
31
Er klinkt alleen geluid
uit de luidspreker aan
één kant.
Bedrading niet op de juiste manier
aangesloten.
Sluit de bedrading op de juiste manier aan. Als dit het
probleem niet verhelpt, is het mogelijk dat er iets mis
is met de kabels.
17–23
Onjuiste balans ingesteld via “SPEAKER
LEVEL”.
Wijzig de “SPEAKER LEVEL” instellingen.
71
Er wordt alleen flink
geluid geproduceerd
door de midden-
luidspreker.
Wanneer er een mono bronsignaal wordt
weergegeven met een CINEMA DSP
programma, zal dit signaal via het
middenkanaal worden weergegeven,
terwijl alleen eventuele door het
programma toegevoegde effecten via de
voor- en surround-luidsprekers worden
geproduceerd.
Er klinkt geen geluid
uit de midden-
luidspreker.
“CENTER” in het “SET MENU” staat op
“NONE”.
Zet “CENTER” op “SML” of “LRG”.
70
Eén van de HiFi DSP programma’s
(uitgezonderd 6ch Stereo) is geselecteerd.
Probeer een ander geluidsveldprogramma.
54
Er klinkt geen geluid
uit de surround-
luidsprekers.
“SUR. LR” in het “SET MENU” staat op
“NONE”.
Zet “SUR. LR” op “SML” of “LRG”.
70
Dit toestel staat in de “STRAIGHT” stand
en er wordt mono materiaal weergegeven.
Druk op STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel
zodat “STRAIGHT” van het display op het
voorpaneel verdwijnt.
36
Er klinkt geen geluid
uit de surround
achter-luidspreker.
“SUR. LR” in het “SET MENU” is
ingesteld op “NONE” en “SUR. B” is
automatisch ingesteld op “NONE”.
Zet “SUR. LR” en “SUR. B” op “SML” of “LRG”.
70
“SUR. B” in het “SET MENU” staat op
“NONE”.
Zet “SUR. B” op “SML” of “LRG”.
70
Er klinkt geen geluid
uit de subwoofer.
“BASS OUT” staat op “FRNT” in het
“SET MENU” terwijl er een Dolby
Digital of DTS signaal wordt
weergegeven.
Zet “BASS OUT” op “SWFR” of “BOTH”.
71
“BASS OUT” in het “SET MENU” staat
op “SWFR” of “FRNT” terwijl er een 2-
kanaals bronsignaal wordt weergegeven.
Zet “BASS OUT” op “BOTH”.
71
Het bronsignaal bevat geen zeer lage
tonen (bas).
84
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
Probleem Oorzaak Oplossing
Zie
bladzijde
Er kunnen geen Dolby
Digital of DTS
bronnen worden
weergegeven. (De
Dolby Digital of DTS
indicator op het
display op het
voorpaneel licht niet
op.)
De aangesloten component is niet correct
ingesteld voor het produceren van Dolby
Digital of DTS digitale signalen.
Volg de handleiding van de apparatuur in kwestie en
maak de vereiste instellingen.
“INPUT MODE” is ingesteld op
“ANALOG”.
Zet “INPUT MODE” op “AUTO” of “DTS”.
32
U hoort een zeker
gebrom.
Bedrading niet op de juiste manier
aangesloten.
Sluit de audiokabels stevig en op de juiste manier aan.
Als dit het probleem niet verhelpt, is het mogelijk dat
er iets mis is met de kabels.
Het volume kan niet
worden verhoogd, of
het geluid klinkt
vervormd.
De op de AUDIO OUT (REC)
aansluitingen van dit toestel aangesloten
component staat uit.
Zet de betreffende component aan.
Geluidseffecten
worden niet
opgenomen.
Het is niet mogelijk door het toestel
toegevoegde effecten op te nemen met
aangesloten opname-apparatuur.
Er kan niet worden
opgenomen door
analoge opname-
apparatuur die is
aangesloten op de
AUDIO OUT (REC)
aansluitingen.
De signaalbron is niet aangesloten op de
analoge AUDIO IN aansluitingen van dit
toestel.
Sluit de signaalbron aan op de analoge AUDIO IN
aansluitingen.
18–20
De
geluidsveldparameter
s en sommige andere
instellingen van dit
toestel kunnen niet
worden gewijzigd.
“MEMORY GUARD” in het “SET
MENU” staat op “ON”.
Zet “MEMORY GUARD” op “OFF”.
75
Het toestel
functioneert niet naar
behoren.
De interne microcomputer is vastgelopen
door een externe elektrische schok
(bijvoorbeeld blikseminslag of ontlading
van statische elektriciteit) of door een te
laag voltage van de stroomvoorziening.
Haal de stekker uit het stopcontact en doe hem na
ongeveer 30 seconden weer terug.
“CHECK SP WIRES”
zal op het display op
het voorpaneel
verschijnen.
De luidsprekerbedrading maakt
kortsluiting.
Controleer of alle luidsprekerkabels op de juiste
manier zijn aangesloten.
12
U ondervindt storing
van digitale of andere
apparatuur die
radiogolven
gegenereert.
Dit toestel staat te dicht bij de digitale of
hoogfrequente apparatuur.
Zet het toestel verder bij dergelijke apparatuur
vandaan.
De beeldweergave
wordt gestoord.
De videobron maakt gebruik van
gescramblede of gecodeerde signalen om
kopiëren tegen te gaan.
Het toestel gaat
plotseling uit
(standby).
De interne temperatuur is te hoog
opgelopen en de
oververhittingsbeveiliging is in werking
getreden.
Wacht ongeveer 1 uur tot het toestel afgekoeld is voor
u het weer aan zet.
85
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
AANVULLENDE
INFORMATIE
Nederlands
Tuner
Afstandsbediening
Probleem Oorzaak Oplossing
Zie
bladzijde
FM
Veel ruis in de FM
stereo-ontvangst.
Dit probleem is inherent aan FM
stereo-uitzendingen wanneer de zender
te ver weg is of het ontvangstsignaal
dat binnenkomt via de antenne niet
sterk genoeg is.
Controleer de aansluitingen van de antenne.
22
Probeer een hoogwaardige
richtingsgevoelige FM antenne.
Stem met de hand af.
44
Er is vervorming en ook
een betere FM antenne
zorgt niet voor een
betere ontvangst.
U ondervindt interferentie doordat
hetzelfde signaal op verschillende
manieren ontvangen wordt.
Verander de opstelling van de antenne
zodat u van deze interferentie geen last
meer hebt.
Er kan niet automatisch
worden afgestemd op
de gewenste zender.
Het radiosignaal is te zwak. Probeer een hoogwaardige
richtingsgevoelige FM antenne.
Stem met de hand af.
44
Er kan niet langer worden
afgestemd op eerder
voorgeprogrammeerde
zenders.
Het toestel is te lang zonder stroom
geweest.
Programmeer zenders voor.
45, 46
AM
Er kan niet automatisch
worden afgestemd op
de gewenste zender.
Het signaal is te zwak of de antenne is
los.
Controleer de aansluitingen van de AM
ringantenne en stel deze zo op dat u de
beste ontvangst verkrijgt.
Stem met de hand af.
44
U hoort doorlopend
gekraak en gesis.
Deze geluiden kunnen het gevolg zijn
van bliksem, TL verlichting, motoren,
thermostaten en andere elektrische
apparatuur.
Gebruik een buitenantenne en een goede
aarding. Dit kan in sommige gevallen
helpen, maar het blijft moeilijk om alle
storingsbronnen te elimineren.
U hoort gezoem en
gefluit.
Er wordt in de buurt van het toestel een
TV gebruikt.
Zet dit toestel verder bij de TV vandaan.
Probleem Oorzaak Oplossing
Zie
bladzijde
De afstandsbediening
werkt niet of niet naar
behoren.
Te ver weg of onder te scherpe hoek
gebruikt.
De afstandsbediening werkt binnen een maximaal
bereik van 6 m en binnen een hoek van 30 graden ten
opzichte van loodrecht op het voorpaneel.
7
Direct zonlicht of sterke verlichting
(vooral van TL lampen enz.) valt op de
sensor voor de afstandsbediening van dit
toestel.
Stel het toestel anders op.
De batterijen raken leeg. Vervang alle batterijen.
3
De afstandsbedieningscode is niet goed
ingesteld.
Stel de afstandsbedieningscode op de juiste manier in
met behulp van de “LIJST MET
AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van
deze handleiding.
80
Stel een andere afstandsbedieningscode in voor
dezelfde fabrikant met behulp van de “LIJST MET
AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van
deze handleiding.
80
Ook als de juiste afstandsbedieningscode
is ingesteld is het mogelijk dat bepaalde
modellen niet goed reageren op de
afstandsbediening.
WOORDENLIJST
86
Dolby Digital
Dolby Digital is een digitaal surroundsysteem met
volledig van elkaar gescheiden multikanaals audio. Met 3
voorkanalen (links, midden en rechts), en 2 surround-
stereokanalen biedt Dolby Digital in totaal 5 audiokanalen
met het volle frequentiebereik. Met een extra kanaal
speciaal voor de zeer lage tonen, het zogenaamde LFE
(Lage Frequentie Effect) kanaal, biedt dit systeem in totaal
5.1 kanalen (het LFE kanaal wordt als 0.1 kanaal geteld).
Door 2-kanaals stereo voor de surround-luidsprekers te
gebruiken is er een betere weergave van bewegende
geluidsbronnen en een beter algeheel surroundeffect
mogelijk dan bij Dolby Surround. Het grote dynamische
bereik (van het zachtste tot het hardste geluid dat nog kan
worden weergegeven) van de 5 kanalen met het volle
frequentiebereik en de precieze plaatsing van het geluid
door de digitale verwerking biedt de luisteraar een
ongehoord realistische weergave. Met dit toestel kunt u
zelf kiezen wat voor weergave u wilt horen, van mono tot
5.1 kanaals weergave, u vraagt, wij draaien.
Dolby Digital EX
Dolby Digital EX creëert 6 kanalen met het volledige
frequentiebereik van 5.1-kanaals bronmateriaal. Dit wordt
bereikt met een matrix decoder die 3 surroundkanalen
samenstelt uit de gegevens voor de 2 surroundkanalen uit
de oorspronkelijke opnamen. Voor de beste resultaten
moet Dolby Digital EX gebruikt worden met
filmsoundtracks die zijn opgenomen in Dolby Digital
Surround EX. Met dit extra kanaal krijgt u een meer
dynamische en realistische weergave van bewegende
geluidsbronnen, vooral bij zogenaamde “fly-over” en “fly-
around” effecten.
Dolby Pro Logic II
Dolby Pro Logic II is een verbeterde decoderingstechniek
voor de grote hoeveelheid aan bestaand Dolby Surround
materiaal. Deze nieuwe technologie maakt gescheiden 5-
kanaals weergave mogelijk met 2 voorkanalen, links en
rechts, 1 middenkanaal en 2 surroundkanalen, links en
rechts, in plaats van slechts 1 surroundkanaal bij
conventionele Pro Logic weergave. Er zijn drie standen
beschikbaar: een “Music” stand voor muziek, een
“Movie” stand voor films en een “Game” stand voor
spelletjes.
Dolby Pro Logic IIx
Dolby Pro Logic IIx is een nieuwe technologie die
gescheiden multikanaals weergave mogelijk maakt van 2-
kanaals of multikanaals bronmateriaal. Er zijn drie
standen beschikbaar: een “Music” stand voor muziek, een
“Movie” stand voor films (alleen 2-kanaals materiaal) en
een “Game” stand voor spelletjes.
Dolby Surround
Dolby Surround maakt gebruik van een een 4-kanaals
analoog opnamesysteem voor de reproductie van
realistische en dynamische geluidseffecten: 2
voorkanalen, links en rechts (stereo), een middenkanaal
voor gesproken tekst (mono) en een surroundkanaal voor
speciale geluidseffecten (mono). Het surroundkanaal
reproduceert geluid binnen een nauw begrensd
frequentiebereik. Dolby Surround wordt veel gebruikt op
videobanden en laserdiscs en ook wel bij TV en
kabelprogramma’s. De in dit toestel ingebouwde Dolby
Pro Logic decoder maakt gebruik van een digitale
signaalverwerking die automatisch het volume van de
verschillende kanalen stabiliseert om de
richtingsgevoeligheid en de weergave van bewegende
geluidsbronnen te verbeteren.
DTS 96/24
DTS 96/24 biedt een ongekend hoog niveau
audiokwaliteit voor multikanaals weergave van DVD-
Video en is volledig compatibel met alle vroegere DTS
decoders. “96” refereert aan de 96 kHz
bemonsteringsfrequentie (vergeleken met een normale
waarde van 48 kHz). “24” refereert aan de gebruikte
codelengte van 24 bits. DTS 96/24 biedt een
geluidskwaliteit die vergelijkbaar is met die van de
originele 96/24 masteropnamen, en 96/24 5.1-kanaals
weergave met video van hoge kwaliteit voor
muziekprogramma’s zowel als speelfilms op DVD-Video.
DTS (Digital Theater Systems) Digital
Surround
DTS digitale surroundweergave is ontwikkeld om de
analoge filmsoundtracks te vervangen door een 6.1-
kanaals digitale soundtrack en is over de hele wereld bezig
aan een opmars in de bioscoop. Digital Theater Systems
Inc. heeft tevens een thuisbioscoopsysteem ontwikkeld
zodat u gewoon thuis kunt profiteren van de verbluffende
DTS digitale surroundweergave. Dit systeem produceert
een vrijwel vervormingsvrije weergave via 6.1 kanalen
(dat wil zeggen; links en rechts voor, midden, links en
rechts surround, en een LFE (subwoofer) kanaal dat als
0.1 geteld wordt voor in totaal 5.1 kanalen). Dit toestel is
uitgerust met een DTS-ES decoder die 6.1-kanaals
weergave mogelijk maakt door uit bestaand 5.1-kanaals
bronmateriaal een surround-achterkanaal te destilleren.
ITU-R
ITU-R is de radio-communicatie afdeling van de ITU
(International Telecommunication Union). De ITU-R
beveelt een standaard luidspreker-opstelling aan die vaak
wordt gebruikt in professionele luisterruimtes, in het
bijzonder bij het masteren van opnamen.
WOORDENLIJST
Audio informatie
87
WOORDENLIJST
AANVULLENDE
INFORMATIE
Nederlands
LFE 0.1 kanaal
Dit kanaal reproduceert de zeer lage tonen. Het
frequentiebereik voor dit kanaal is 20 Hz t/m 120 Hz. Dit
kanaal wordt meestal als 0.1 geteld omdat niet het
volledige frequentiebereik wordt weergegeven, zoals de
andere 5/6 kanalen in een Dolby Digital of DTS 5.1/6.1-
kanaals systeem.
Neo:6
Neo:6 bewerkt conventioneel 2-kanaals bronmateriaal
voor 6-kanaals weergave met een speciale decoder.
Hierdoor wordt weergave mogelijk met kanalen met het
volle bereik en met een verbeterde kanaalscheiding, zoals
bij weergave van digitale signalen met gescheiden
kanalen. Er zijn twee standen beschikbaar: een “Music”
stand voor muziek en een “Cinema” stand voor films.
PCM (Lineair PCM)
Lineair PCM is een signaalformaat voor het
ongecomprimeerd digitaliseren, opnemen en overbrengen
van analoge audiosignalen. Dit wordt gebruikt als
opnamemethode van CD’s en DVD audio. Het PCM
systeem maakt gebruik van een techniek waarmee het
analoge signaal zeer vaak per seconde wordt gemeten. De
afkorting staat voor “Puls Code Modulatie”, het analoge
signaal wordt gecodeerd als pulsjes en dan gemoduleerd
voor opname.
Bemonsteringsfrequentie en aantal
kwantisatiebits
Bij het digitaliseren van een analoog audiosignaal wordt
het aantal keren dat het signaal per seconde wordt gemeten
de bemonsteringsfrequentie genoemd en de
gedetailleerdheid waarmee het geluid in een numerieke
waarde wordt omgezet, het aantal kwantisatiebits. Het
frequentiebereik dat kan worden weergegeven is
gebaseerd op de bemonsteringsfrequentie, terwijl het
dynamisch bereik, het verschil tussen het zachtste en het
hardste geluid, bepaald wordt door het aantal
kwantisatiebits. In principe is het zo dat hoe hoger de
bemonsteringsfrequentie is, hoe groter het aantal tonen is
dat kan worden weergegeven, en hoe hoger het aantal
kwantisatiebits is, hoe precieser het geluidsniveau kan
worden gereproduceerd.
Component videosignaal
In een component video systeem wordt het videosignaal
gescheiden in een Y signaal voor de luminantie en in PB
en P
R signalen voor de kleuren. Dit systeem zorgt voor een
betere kleurweergave omdat elk van deze signalen
onafhankelijk is van de andere. Componentsignalen
worden ook wel “kleurverschilsignalen” genoemd omdat
het luminantiesignaal wordt afgetrokken van het
kleursignaal. U heeft een monitor met component
ingangsaansluitingen nodig om component videosignalen
te kunnen weergeven.
Composiet videosignaal
Een composiet videosignaal bestaat uit alle drie de
basiselementen van het videobeeld: kleur, helderheid en
synchronisatiegegevens. Een composiet video-aansluiting
op een videocomponent geeft deze drie elementen
gecombineerd door.
S-videosignaal
In een S-video systeem wordt het videosignaal dat
normaal via een enkele kabel zou worden doorgegeven
gescheiden in een Y signaal voor de luminantie en een C
signaal voor de kleur en doorgegeven via speciale S-video
aansluitingen. Gebruik van een S VIDEO aansluiting
vermindert signaalverslechtering bij lange verbindingen
en zorgt voor een betere beeldkwaliteit.
Video informatie
88
WOORDENLIJST
CINEMA DSP
Omdat de Dolby Surround en DTS systemen
oorspronkelijk bedoeld waren voor de bioscoop, werken
deze systemen het best in een theatrale ruimte met een
heleboel luidsprekers opgesteld voor het maximale
akoestische effect. Maar de omstandigheden bij mensen
thuis, de afmetingen van de kamer, het materiaal waar de
muur van gemaakt is, het aantal luidsprekers enz., zijn zo
verschillend, dat de weergave ook anders wordt. Op basis
van een massa in het echt gemeten gegevens maken nu de
YAMAHA CINEMA DSP programma’s gebruik van de
origineel door YAMAHA ontwikkelde
geluidsveldentechnologie om in combinatie met Dolby
Pro Logic, Dolby Digital en DTS systemen te komen tot
een zo goed mogelijke benadering in uw huiskamer van de
audiovisuele ervaring die tot nog toe alleen in de bioscoop
gerealiseerd kon worden.
SILENT CINEMA
YAMAHA heeft een natuurlijk en realistisch DSP
geluidsveldprogramma ontwikkeld voor hoofdtelefoons.
Voor elk apart geluidsveld zijn parameters voor weergave
via een hoofdtelefoon opgenomen zodat alle
geluidsveldprogramma’s natuurgetrouw kunnen worden
weergegeven.
Virtual CINEMA DSP
YAMAHA heeft een Virtual CINEMA DSP
geluidsveldprogramma ontwikkeld dat u ook zonder
daadwerkelijke surround-luidsprekers in staat stelt te
profiteren van DSP surroundeffecten door middel van
virtuele surround-luidsprekers. U kunt Virtual CINEMA
DSP zelfs gebruiken op een minimaal systeem met slechts
twee luidsprekers zonder midden-luidspreker.
Geluidsveldprogramma informatie
TECHNISCHE GEGEVENS
89
AANVULLENDE
INFORMATIE
Nederlands
AUDIO GEDEELTE
Minimum RMS uitgangsvermogen voor, midden, surround,
surround-achter
20 Hz t/m 20 kHz, 0,06% THV, 8 ..................................... 90 W
Maximum vermogen (EIAJ)
[Modellen voor Azië, China, Korea en algemene modellen]
1 kHz, 10% THV, 8 ......................................................... 130 W
Dynamisch vermogen (IHF)
8/6/4/2 ........................................................ 120/155/190/235 W
Maximum uitgangsvermogen [Modellen voor Europa]
1 kHz, 0,7% THV, 4 ........................................................ 140 W
IEC uitgangsvermogen [modellen voor Europa en Azië]
1 kHz, 0,06% THV, 8 ...................................................... 100 W
Dempingsfactor (IHF)
20 Hz t/m 20 kHz, 8 ............................................... 120 of meer
Frequentierespons
CD aansluiting naar L/R voor ............. 10 Hz t/m 100 kHz, –3 dB
Totale harmonische vervorming
CD, enz. naar L/R voor (20 Hz t/m 20 kHz, 45 W, 8 Ω)
.......................................................................... 0,06% of minder
Signaal-ruis verhouding (IHF-A netwerk)
CD (250 mV) naar L/R voor, Effect uit ................ 100 dB of meer
Restruis (IHF-A netwerk)
L/R voor ............................................................ 150 µV of minder
Kanaalscheiding (1 kHz/10 kHz)
CD (5,1 k afgesloten) naar L/R voor ........ 60 dB/45 dB of meer
Toonregeling (L/R voor)
BASS versterking/drempel ..................................... ±10 dB/60 Hz
TREBLE versterking/drempel .............................. ±10 dB/20 kHz
Hoofdtelefoon uitgangsvermogen ............................ 150 mV/100
Ingangsgevoeligheid/ingangsimpedantie
CD, enz. ................................................................ 200 mV/47 k
MULTI CH INPUT ............................................... 200 mV/47 k
Uitgangsniveau/uitgangsimpedantie
REC OUT ............................................................ 200 mV/1,2 k
SUBWOOFER ............................................................. 4 V/1,2 k
VIDEO GEDEELTE
Videosignaaltype ............................................................ PAL/NTSC
Signaal-ruis verhouding ............................................ 50 dB of meer
Frequentierespons (MONITOR OUT)
Component ............................................ 5 Hz t/m 60 MHz, –3 dB
FM GEDEELTE
Afstembereik
[Modellen voor de V.S. en Canada] .............. 87,5 t/m 107,9 MHz
[Modellen voor Azië en algemene modellen]
.............................................. 87,5/87,50 t/m 108,0/108,00 MHz
[Overige modellen] ................................... 87,50 t/m 108,00 MHz
Bruikbare gevoeligheid (IHF) .............................. 1,0 µV (11,2 dBf)
Signaal-ruis verhouding (IHF)
Mono/Stereo .............................................................. 76 dB/70 dB
Harmonische vervorming (1 kHz)
Mono/Stereo ................................................................ 0,2%/0,3%
Stereoscheiding (1 kHz) .......................................................... 42 dB
Frequentierespons ........................... 20 Hz t/m 15 kHz, +0,5, –2 dB
AM GEDEELTE
Afstembereik
[Modellen voor de V.S. en Canada] ................. 530 t/m 1710 kHz
[Modellen voor Azië en algemene modellen]
........................................................ 530/531 t/m 1710/1611 kHz
[Overige modellen] .......................................... 531 t/m 1611 kHz
Bruikbare gevoeligheid .................................................... 300 µV/m
ALGEMEEN
Stroomvoorziening
[Modellen voor de V.S. en Canada]
.......................................................... 120 V, 60 Hz wisselstroom
[Modellen voor Australië] .................. 240 V, 50 Hz wisselstroom
[Modellen voor China] ....................... 220 V, 50 Hz wisselstroom
[Modellen voor Korea] ....................... 220 V, 60 Hz wisselstroom
[Modellen voor het V.K. en Europa]
.......................................................... 230 V, 50 Hz wisselstroom
[Algemene modellen]
....................... 110/120/220/230240 V, 50/60 Hz wisselstroom
[Modellen voor Azië] .... 220/230240 V, 50/60 Hz wisselstroom
Stroomverbruik
[Modellen voor de V.S. en Canada] ...................... 350 W/440 VA
[Overige modellen] ............................................................ 360 W
Stroomverbruik Uit (standby) ................................ 0,1 W of minder
Netstroomaansluitingen
[Modellen voor het V.K. en Australië]
......................................................... 1 (Totaal 100 W maximum)
[Modellen voor de V.S., Canada en China]
......................................................... 2 (Totaal 100 W maximum)
[Modellen voor Europa Azië en algemene modellen]
........................................................... 2 (Totaal 50 W maximum)
Afmetingen (b x h x d) .................................... 435 x 161 x 391 mm
Gewicht ................................................................................ 10,5 kg
TECHNISCHE GEGEVENS

Documenttranscriptie

y LET OP: LEES HET VOLGENDE VOOR U DIT TOESTEL IN GEBRUIK NEEMT. 1 Om er zeker van te kunnen zijn dat u de optimale prestaties uit uw toestel haalt, dient u deze handleiding zorgvuldig door te lezen. Bewaar de handleiding op een veilige plek zodat u er later nog eens iets in kunt opzoeken. 2 Installeer dit toestel op een goed geventileerde, koele, droge, schone plek – uit direct zonlicht, uit de buurt van warmtebronnen, trillingen, stof, vocht en/of kou. Zorg voor een ventilatieruimte van tenminste 30 cm ruimte aan de bovenkant, 20 cm aan de rechter- en linkerkant en 20 cm aan de achterkant van dit toestel. 3 Plaats dit toestel uit de buurt van andere elektrische apparatuur, motoren of transformatoren om storend gebrom te voorkomen. 4 Stel dit toestel niet bloot aan plotselinge temperatuurswisselingen van koud naar warm en plaats het toestel niet in een omgeving met een hoge vochtigheidsgraad (bijv. in een ruimte met een luchtbevochtiger) om te voorkomen dat zich binnenin het toestel condens vormt, wat zou kunnen leiden tot elektrische schokken, brand, schade aan dit toestel en/of persoonlijk letsel. 5 Vermijd plekken waar andere voorwerpen op het toestel kunnen vallen, of waar het toestel bloot staat aan druppelende of spattende vloeistoffen. Plaats de volgende dingen niet bovenop dit toestel: – Andere componenten, daar deze schade kunnen veroorzaken en/of de afwerking van dit toestel kunnen doen verkleuren. – Brandende voorwerpen (bijv. kaarsen), daar deze brand, schade aan dit toestel en/of persoonlijk letsel kunnen veroorzaken. – Voorwerpen met vloeistoffen, daar deze elektrische schokken voor de gebruiker en/of schade aan dit toestel kunnen veroorzaken wanneer de vloeistof daaruit in het toestel terecht komt. 6 Dek het toestel niet af met een krant, tafellaken, gordijn enz. zodat de koeling niet belemmerd wordt. Als de temperatuur binnenin het toestel te hoog wordt, kan dit leiden tot brand, schade aan het toestel en/of persoonlijk letsel. 7 Steek de stekker van dit toestel pas in het stopcontact als alle aansluitingen gemaakt zijn. 8 Gebruik het toestel niet wanneer het ondersteboven is geplaatst. Het kan hierdoor oververhit raken wat kan leiden tot schade. 9 Gebruik geen overdreven kracht op de schakelaars, knoppen en/of snoeren. 10 Wanneer u de stekker uit het stopcontact haalt, moet u aan de stekker zelf trekken, niet aan het snoer. 11 Maak dit toestel niet schoon met chemische oplosmiddelen; dit kan de afwerking beschadigen. Gebruik alleen een schone, droge doek. 12 Gebruik alleen het op dit toestel aangegeven voltage. Gebruik van dit toestel bij een hoger voltage dan aangegeven is gevaarlijk en kan leiden tot brand, schade aan het toestel en/of persoonlijk letsel. YAMAHA aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enige schade veroorzaakt door gebruik van dit toestel met een ander voltage dan hetgeen aangegeven staat. 13 Om schade door blikseminslag te voorkomen dient u de stekker uit het stopcontact te halen en een eventueel aangesloten buitenantenne los te koppelen van dit toestel wanneer het onweert. 14 Probeer niet zelf wijzigingen in dit toestel aan te brengen of het te repareren. Neem contact op met erkend YAMAHA servicepersoneel wanneer u vermoedt dat het toestel reparatie behoeft. Probeer in geen geval de behuizing open te maken. 15 Wanneer u dit toestel voor langere tijd niet zult gebruiken (bijv. vakantie), dient u de stekker uit het stopcontact te halen. 16 Installeer dit toestel in de buurt van een stopcontact op een plek waar u de stekker gemakkelijk kunt bereiken. 17 Lees het hoofdstuk “OPLOSSEN VAN PROBLEMEN” over veel voorkomende vergissingen bij de bediening voor u de conclusie trekt dat het toestel een storing of defect vertoont. 18 Voor u dit toestel gaat verplaatsen dient u op STANDBY/ON te drukken om dit toestel uit (standby) te zetten, waarna u de stekker uit het stopcontact moet halen. 19 VOLTAGE SELECTOR (Alleen modellen voor Azië en algemene modellen) De VOLTAGE SELECTOR op het achterpaneel van dit toestel moet worden ingesteld op de ter plekke gebruikte netspanning VOOR u de stekker in het stopcontact steekt. De geschikte voltages zijn als volgt: Modellen voor Azië ................................... 220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom Algemene modellen ..................... 110/120/220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom WAARSCHUWING OM DE RISICO’S VOOR BRAND OF ELEKTRISCHE SCHOKKEN TE VERMINDEREN, MAG U DIT TOESTEL IN GEEN GEVAL BLOOTSTELLEN AAN VOCHT OF REGEN. De stroomvoorziening van dit toestel is niet afgesloten zolang de stekker in het stopcontact zit, ook al is het toestel zelf uitgeschakeld. In deze staat is dit toestel ontworpen om slechts een zeer kleine hoeveelheid stroom te gebruiken. Alleen voor klanten in Nederlands Bij dit product zijn batterijen geleverd. Wanneer deze leeg zijn, moet u ze niet weggooien maar inleveren als KCA. INHOUDSOPGAVE KENMERKEN ....................................................... 2 VAN START ........................................................... 3 Meegeleverde accessoires.......................................... 3 Inzetten van batterijen in de afstandsbediening......... 3 BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES......... 4 VOORBEREDINGEN AANSLUITINGEN .............................................. 11 OPNEMEN ............................................................42 FM/AM AFSTEMMEN........................................43 Automatisch afstemmen .......................................... 43 Handmatig afstemmen ............................................. 44 Automatisch voorprogrammeren ............................. 45 Handmatig voorprogrammeren................................ 46 Selecteren van voorkeuzezenders ............................ 47 Omwisselen van voorkeuzezenders......................... 48 AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA)..................................50 Selecteren van een Radio Data Systeem programma........................................................... 50 Gebruiken van het Radio Data Systeem netwerk ................................................................ 51 Tonen van Radio Data Systeem informatie ............. 52 BASISBEDIENING GELUIDSVELDPROGRAMMA’S GELUIDSVELDPROGRAMMA’S ....................54 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Luidsprekers opstellen ............................................. 11 Aansluiten van luidsprekers..................................... 12 Informatie over aansluitingen en stekkers ............... 15 Stroomschema audio- en videosignalen .................. 16 Aansluiten van een TV ............................................ 17 Aansluiten van een DVD-speler, een DVD-recorder, een videorecorder of een STB (Set Top Box) ..... 18 Aansluiten van een CD-speler, een MD-speler of cassettedeck..................................................... 20 Aansluiten van een multiformaat-speler of externe decoder.................................................... 21 Aansluiten van een spelcomputer, een videocamera of een draagbare audiospeler ............................... 21 Aansluiten van de FM en AM antennes .................. 22 Aansluiten van het netsnoer..................................... 23 Instellen van de luidspreker-impedantie.................. 24 Aan zetten van dit toestel en weer uit (standby)...... 25 Genieten van surroundweergave van multikanaals materiaal .............................................................. 39 Genieten van surroundweergave van 2-kanaals materiaal .............................................................. 40 Gebruiken van het Virtual CINEMA DSP .............. 41 VOORBEREDINGEN Voorpaneel................................................................. 4 Afstandsbediening ..................................................... 6 Display voorpaneel .................................................... 8 Achterpaneel ............................................................ 10 LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE ..............................39 INLEIDING INLEIDING Selecteren van geluidsveldprogramma’s ................. 54 Beschrijvingen geluidsveldprogramma’s ................ 55 Veranderen van geluidsveldparameter instellingen .......................................................... 57 Geluidsveldprogramma luidsprekeropstellingen ..... 63 BASIS SETUP....................................................... 26 GEAVANCEERDE BEDIENING WEERGAVE ........................................................ 29 GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES ....... 31 SET MENU ............................................................66 Gebruiken van het SET MENU............................... 68 1 SOUND MENU.................................................... 70 2 INPUT MENU...................................................... 73 3 OPTION MENU................................................... 75 GEAVANCEERDE SETUP.................................76 KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING.................................78 Bedienen van dit toestel, een TV of andere componenten ....................................................... 78 Instellen van afstandsbedieningscodes .................... 80 AANVULLENDE INFORMATIE Gebruiken van het SILENT CINEMA .................... 31 Tijdelijk uitschakelen van de geluidsweergave ....... 31 Selecteren van de nacht-luisterfunctie ..................... 31 Selecteren van de ingangsfunctie............................. 32 Gebruiken van de slaaptimer ................................... 33 Instellen luidsprekerniveaus .................................... 34 Selecteren van de Compressed Music Enhancer functie .................................................................. 35 Selecteren van de MULTI CH INPUT component ........................................................... 36 Luisteren naar multikanaals materiaal met 2-kanaals stereoweergave.................................... 36 Luisteren naar onbewerkte weergave ...................... 36 Luisteren naar pure hi-fi stereoweergave ................ 37 Tonen van informatie over de signaalbron .............. 37 Afspelen van video op de achtergrond .................... 38 GEAVANCEERDE BEDIENING BASISBEDIENING RESETTEN VAN HET SYSTEEM ....................81 AANVULLENDE INFORMATIE OPLOSSEN VAN PROBLEMEN .......................82 WOORDENLIJST ................................................86 Nederlands Audio informatie...................................................... 86 Video informatie...................................................... 87 Geluidsveldprogramma informatie.......................... 88 TECHNISCHE GEGEVENS...............................89 1 KENMERKEN KENMERKEN Ingebouwde 6-kanaals eindversterker ◆ Minimum RMS uitgangsvermogen (0,06% THV, 20 Hz t/m 20 kHz, 8 Ω) Voor: 90 W + 90 W Midden: 90 W Surround: 90 W + 90 W Surround Achter: 90 W Kenmerken geluidsveld ◆ Zelf ontwikkelde YAMAHA technologie voor de creatie van geluidsvelden ◆ Dolby Digital/Dolby Digital EX decoder ◆ DTS/DTS-ES Matrix 6.1, Discrete 6.1, DTS Neo:6, DTS 96/24 decoder ◆ Dolby Pro Logic/Dolby Pro Logic II/ Dolby Pro Logic IIx decoder ◆ Virtual CINEMA DSP ◆ SILENT CINEMA™ Verfijnde AM/FM tuner ◆ 40 Willekeurig en gemakkelijk toegankelijke voorkeuzezenders ◆ Automatisch voorprogrammeren ◆ Wijzigen van voorkeuzezenders (Bewerken voorkeuzezenders) Radio Data Systeem (Alleen modellen voor het V.K. en Europa) ◆ Radio Data Systeem afstemmogelijkheden Overige kenmerken ◆ 192-kHz/24-bits D/A converter ◆ 6 extra ingangsaansluitingen voor gescheiden multikanaals signalen ◆ S-video in-/uitgangsaansluitingen ◆ Component video in-/uitgangsaansluitingen (3 COMPONENT VIDEO IN en 1 MONITOR OUT) ◆ Optisch en coaxiaal digitale audio-aansluitingen ◆ Slaaptimer ◆ Middernacht luisterfuncties voor film en muziek ◆ Afstandsbediening met voorgeprogrammeerde afstandsbedieningscodes ◆ PORTABLE mini analoge ingangsaansluiting op het voorpaneel voor een draagbare audiospeler ◆ Compressed Music Enhancer functie ter verbetering van de weergavekwaliteit van ongewenste compressieverschijnselen (zoals kunnen voorkomen bij MP3) tot het niveau van een hoogwaardige stereoinstallatie Opmerkingen • y geeft een bedieningstip aan. • Sommige handelingen kunnen zowel worden uitgevoerd met de toetsen op het voorpaneel als met de afstandsbediening. Als de naam van een toets op de afstandsbediening verschilt van die op het voorpaneel, zal de naam van de betreffende toets op de afstandsbediening tussen haakjes vermeld worden. • Deze handleiding is gedrukt voor uw toestel geproduceerd werd. Daarom kunnen ontwerp en specificaties gewijzigd zijn als gevolg van verbeteringen enz. Als de handleiding en het product van elkaar verschillen, heeft het product de prioriteit. Vervaardigd in licentie van Dolby Laboratories. “Dolby”, “Pro Logic”, en het dubbele-D symbool zijn handelsmerken van Dolby Laboratories. Gefabriceerd onder licentie van Digital Theater Systems, Inc. “DTS”, “DTS-ES”, “NEO:6” en “DTS 96/24” zijn handelsmerken van Digital Theater Systems, Inc. Copyright 1996, 2003 Digital Theater Systems, Inc. Alle rechten voorbehouden. 2 “SILENT CINEMA” is een handelsmerk van YAMAHA CORPORATION. VAN START VAN START INLEIDING Meegeleverde accessoires Controleer of u alle volgende onderdelen inderdaad ontvangen hebt. Afstandsbediening POWER POWER TV AV CD MD/CD-R DVD DTV/CBL REC STANDBY AM ringantenne 75 Ohm/300 Ohm antenne-adapter (Alleen bij modellen voor het V.K.) POWER TUNER VCR V-AUX CODE SET MULTI CH IN DISC SKIP SLEEP FREQ/TEXT MODE Batterijen (2) (AA, R6, UM-3) EON PTY SEEK AMP START VOLUME TV VOL TV CH TV MUTE TV INPUT STEREO MUSIC ENTERTAIN MOVIE 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. FM binnenantenne (Modellen voor de V.S., Canada, China, Azië en algemene modellen) MUTE DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 10 FM binnenantenne (Modellen voor het V.K., Europa, Australië en Korea) ENT. SET MENU LEVEL TITLE MENU SRCH MODE BAND ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY DISPLAY PRESET/CH Inzetten van batterijen in de afstandsbediening Opmerkingen 2 1 3 Druk op en schuif het klepje van het batterijvak. 2 Doe de twee meegeleverde batterijen (AA, R6, UM-3) in het vak met de polen de goede kant op (+ en –) zoals aangegeven in het batterijvak. 3 Schuif het klepje terug op zijn plaats tot het vastklikt. Nederlands 1 • Verwissel alle batterijen wanneer u merkt dat het bereik van de afstandsbediening afneemt. • Gebruik geen oude en nieuwe batterijen door elkaar. • Gebruik geen verschillende soorten batterijen door elkaar (alkali en gewone (mangaan) batterijen bijvoorbeeld). Lees de informatie op de verpakking aandachtig door, want de verschillende soorten batterijen kunnen erg op elkaar lijken. • Als de batterijen zijn gaan lekken, moet u ze onmiddellijk weggooien. Raak het uit de batterijen gelekte materiaal niet aan en zorg ervoor dat het niet op uw kleding enz. komt. Maak het batterijvak goed schoon voor u er nieuwe batterijen in doet. • Gooi batterijen nooit samen met gewoon huishoudelijk afval weg; neem bij het weggooien van batterijen de plaatselijk geldende regelgeving in acht. • Als de afstandsbediening langer dan 2 minuten zonder batterijen zit, of als er lege batterijen in zitten, zal het geheugen gewist worden. Wanneer het geheugen gewist is, dient u nieuwe batterijen in de afstandsbediening te doen en moet u eventueel ingevoerde functies opnieuw programmeren. 3 BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES Voorpaneel 1 2 3 4 5 6 7 8 9 0 VOLUME STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E l NEXT EDIT PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA A B C D E 1 STANDBY/ON Hiermee zet u het toestel aan of uit (standby) (zie bladzijde 25). Opmerkingen • Wanneer het toestel uit (standby) staat, verbruikt het nog steeds een heel klein beetje stroom zodat er gereageerd kan worden op de infraroodsignalen van de afstandsbediening. • Wanneer u dit toestel aan zet, zal het 4 a 5 seconden duren voor het toestel geluid kan reproduceren. 2 Sensor voor de afstandsbediening Ontvangt de signalen van de afstandsbediening (zie bladzijde 7). 3 PRESET/TUNING, EDIT • Hiermee schakelt u PRESET/TUNING l / h heen en weer tussen voorkeuzezenders en gewoon afstemmen. • Hiermee kunt u de toewijzing van voorkeuzezenders wijzigen (zie bladzijde 48). 4 FM/AM Hiermee kunt u heen en weer schakelen tussen de radiobanden FM en AM (MG) wanneer de “TUNER” (radio) is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 43). 4 F G H I L AUDIO R PORTABLE J 5 A/B/C/D/E, NEXT • Hiermee kunt u één van de 5 voorkeuzegroepen selecteren (A t/m E) wanneer de “TUNER” (radio) is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 43). • Selecteert het luidsprekerkanaal waarvan u het uitgangsniveau wilt instellen wanneer de “TUNER” niet geselecteerd is als signaalbron (zie bladzijde 34). 6 PRESET/TUNING l / h, LEVEL +/– toetsen • Hiermee kunt u één van de 8 voorkeuzenummers (1 t/m 8) wanneer de “TUNER” (radio) is geselecteerd als signaalbron. De dubbele punt (:) zal verschijnen op het display op het voorpaneel (zie bladzijde 47). • Selecteert de afstemfrequentie wanneer u “TUNER” heeft geselecteerd als signaalbron. De dubbele punt (:) zal niet verschijnen op het display op het voorpaneel (zie bladzijde 44). • Hiermee kunt u het niveau instellen van het luidsprekerkanaal dat u heeft geselecteerd met NEXT wanneer de “TUNER” niet is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 34). 7 MEMORY (MAN’L/AUTO FM) Hiermee kunt u een zender in het geheugen opslaan. Houd deze toets tenminste 3 seconden ingedrukt om het automatisch voorprogrammeren te laten beginnen (zie bladzijde 45). BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES 8 Display voorpaneel Hierop wordt informatie getoond over de bediening en de toestand waarin het toestel zich bevindt (zie bladzijde 8). 0 VOLUME Hiermee kunt u het volume (uitgangsniveau) van alle audiokanalen tegelijk instellen. y Dit heeft geen invloed op het AUDIO OUT (REC) niveau. A PHONES (SILENT CINEMA) aansluiting Produceert audiosignalen waarnaar u ongestoord kunt luisteren via een hoofdtelefoon (zie bladzijde 31). Opmerkingen • Wanneer u een hoofdtelefoon aansluit, zullen er geen signalen worden gereproduceerd via de SUBWOOFER OUTPUT aansluiting of de luidspreker-aansluitingen. • Alle Dolby Digital en DTS audiosignalen worden teruggemengd naar de linker en rechter hoofdtelefoonkanalen. Opmerking INLEIDING 9 TUNING MODE (AUTO/MAN’L) Hiermee schakelt u heen en weer tussen automatisch afstemmen (AUTO indicator aan) en handmatig afstemmen (AUTO indicator uit) (zie bladzijde 43). I MULTI CH INPUT Hiermee selecteert u de met de MULTI CH INPUT aansluitingen verbonden signaalbron (zie bladzijde 36). De signaalbron die is verbonden met de MULTI CH INPUT aansluitingen zal voorrang krijgen over een met INPUT op het voorpaneel (of met de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening) geselecteerde signaalbron. J VIDEO AUX aansluitingen Via deze audio- en video ingangsaansluitingen kunt u een externe signaalbron zoals een spelcomputer, een videocamera of draagbare audiospeler aansluiten (zie bladzijde 21). y Om de signalen die via deze aansluitingen binnenkomen weer te geven, dient u “V-AUX” in te stellen als signaalbron. Opmerking De audiosignalen die binnenkomen via de PORTABLE miniaansluiting hebben voorrang boven de via de AUDIO L/R aansluitingen binnenkomende signalen. B SPEAKERS A/B toetsen Met elke druk op de bijbehorende toets zet u de set voorluidsprekers aangesloten op de A en/of B aansluitingen op het achterpaneel aan of uit. C STRAIGHT (EFFECT) Hiermee zet u de geluidsveldprogramma’s aan of uit. Wanneer “STRAIGHT” is geselecteerd zullen 2-kanaals of multikanaals ingangssignalen direct, onveranderd worden weergegeven via de bijbehorende luidsprekers, zonder enig toegevoegd effect (zie bladzijde 36). D TONE CONTROL Selecteert “BASS” of “TREBLE” om de algehele balans tussen de linker en rechter voor-luidsprekers in te stellen, samen met BASS/TREBLE +/– (zie bladzijde 30). E BASS/TREBLE +/– toets Regelt de lage/hoge tonen balans tussen de linker en rechter voor-luidsprekers, samen met TONE CONTROL (zie bladzijde 30). F PROGRAM l / h toetsen Hiermee kunt u geluidsveldprogramma’s selecteren (zie bladzijde 54). Nederlands G INPUT MODE Hiermee kunt u het toestel uitsluitend instellen op digitale of analoge ingangssignalen, of het toestel automatisch het soort ingangssignaal laten bepalen wanneer een component zowel digitaal als analoog op dit toestel is aangesloten (zie bladzijde 32). H INPUT keuzeknop Selecteer de gewenste signaalbron. 5 BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES Afstandsbediening In dit hoofdstuk worden de functies van de toetsen op de bij dit toestel behorende afstandsbediening beschreven. Zie “KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING” op bladzijde 78 als u andere componenten wilt kunnen bedienen. 1 2 TV AV CD MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN REC DISC SKIP SLEEP FREQ/TEXT 3 4 5 6 7 8 POWER POWER EON MODE PTY SEEK TV VOL TV CH TV MUTE TV INPUT AMP 0 A B C D START VOLUME E MUTE F STEREO MUSIC ENTERTAIN 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. MOVIE 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 10 ENT. LEVEL SET MENU TITLE MENU SRCH MODE BAND G H I Druk op AMP om dit toestel te bedienen. 1 Infraroodzender Hiervandaan worden de infraroodsignalen verzonden. Richt deze zender op de component die u wilt bedienen (zie bladzijde 7). 2 Ingangskeuzetoetsen Selecteer de signaalbron. 9 STANDBY POWER ■ Bedienen van dit toestel J 3 Toetsen voor de geluidsveldprogramma’s Hiermee kunt u geluidsveldprogramma’s selecteren (zie bladzijde 54). – Gebruik SELECT om 2-kanaals materiaal met surroundweergave weer te geven (zie bladzijde 40). – Gebruik EXTD SUR. om te schakelen tussen 5.1- en 6.1-kanaals weergave van multikanaals materiaal (zie bladzijde 39). – Gebruik DIRECT ST. om 2-kanaals bronmateriaal weer te geven in hi-fi stereo (zie bladzijde 37). 4 SPEAKERS Hiermee kunt u de set voor-luidsprekers aangesloten op de FRONT A en/of B aansluitingen op het achterpaneel aan of uit zetten. Druk herhaaldelijk op deze toets om de instelling als volgt te wijzigen: A aan B aan A en B uit ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY DISPLAY PRESET/CH 5 ENHANCER Hiermee zet u de Compressed Music Enhancer weergavefunctie aan of uit (zie bladzijde 35). 6 LEVEL Hiermee selecteert u het luidsprekerkanaal dat u wilt instellen (zie bladzijde 34). 7 Cursortoetsen u / d / j / i, ENTER Hiermee kunt u de parameters van de geluidsveldprogramma’s of de “SET MENU” parameters selecteren en instellen. 8 RETURN Hiermee keert u terug naar het vorige menu bij instellingen via het “SET MENU”. 9 STANDBY Hiermee zet u dit toestel uit (standby) (zie bladzijde 25). 0 POWER Hiermee zet u dit toestel aan (zie bladzijde 25). 6 BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES A MULTI CH IN Hiermee selecteert u de met de MULTI CH INPUT aansluitingen verbonden signaalbron bij gebruik van een externe decoder enz. (zie bladzijde 36). J Toetsen voor Radio Data Systeem radioontvangst (Alleen modellen voor het V.K. en Europa) C SLEEP Hiermee kunt u de slaaptimer instellen (zie bladzijde 33). PTY SEEK MODE Hiermee zet u dit toestel in de PTY SEEK functie (zie bladzijde 50). D AMP Hiermee zet u de afstandsbediening in de bedieningsfunctie voor dit toestel. PTY SEEK START Begint het zoeken naar een geschikte zender nadat u het gewenste programmatype heeft geselecteerd in de PTY SEEK functie (zie bladzijde 51). E VOLUME +/– Hiermee kunt u het volume (uitgangsniveau) van alle audiokanalen tegelijk instellen. Opmerking EON Hiermee kunt u het programmatype selecteren (NEWS, AFFAIRS, INFO, of SPORT) waarop u automatisch af wilt laten stemmen (zie bladzijde 52). Dit heeft geen invloed op het AUDIO OUT (REC) niveau. F MUTE Deze toets schakelt de geluidsweergave tijdelijk uit. Druk nog eens op deze toets om de geluidsweergave op het oorspronkelijke volume voort te zetten (zie bladzijde 31). G STRAIGHT Hiermee zet u de geluidsveldprogramma’s aan of uit. Wanneer “STRAIGHT” is geselecteerd zullen 2-kanaals of multikanaals ingangssignalen direct, onveranderd worden weergegeven via de bijbehorende luidsprekers, zonder enig toegevoegd effect (zie bladzijde 36). INLEIDING FREQ/TEXT Hiermee kunt u het Radio Data Systeem display instellen op weergave van de PS, PTY, RT, of CT functie (als de zender in kwestie de corresponderende diensten aanbiedt) en het frequentiedisplay (zie bladzijde 52). B CODE SET Hiermee kunt u afstandsbedieningscodes instellen (zie bladzijde 80). ■ Gebruiken van de afstandsbediening De afstandsbediening zendt een gerichte infraroodstraal uit. Richt de afstandsbediening op de sensor op het toestel dat u wilt bedienen. VOLUME STANDBY /ON H NIGHT Hiermee kunt u de nacht-luisterfuncties aan of uit zetten (zie bladzijde 31). I SET MENU Opent het “SET MENU” (zie bladzijde 68). PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E l PRESET/TUNING/CH h NEXT EDIT LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA 30 30 L AUDIO R PORTABLE Ongeveer 6 m ■ Bedienen van de TUNER functies Druk op TUNER om de TUNER functies te bedienen. 3 Cijfertoetsen Gebruik de cijfertoetsen 1 t/m 8 om een voorkeuzezender te selecteren. 6 BAND Hiermee schakelt u heen en weer tussen de radiobanden FM en AM (MG) (zie bladzijde 43). 7 Nederlands 7 A/B/C/D/E j / i, PRESET/CH u / d Gebruik PRESET/CH u / d om een voorkeuzegroep (A t/m E) te selecteren en A/B/C/D/E j / i om een voorkeuzenummer (1 t/m 8) te selecteren (zie bladzijde 47). Opmerkingen • Mors geen water of andere vloeistoffen op de afstandsbediening. • Laat de afstandsbediening niet vallen. • Laat de afstandsbediening niet liggen en bewaar hem niet op de volgende plekken: – zeer vochtige plekken, bijvoorbeeld bij een bad – plekken waar de temperatuur hoog kan worden, zoals bij de verwarming of kachel – zeer koude plekken – stoffige plekken BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES Display voorpaneel 2 3 1 t 5 6 7 8 96 24 9 0 VIRTUAL STANDARD SP SILENT CINEMA NIGHT AB HiFi DSP PTY HOLD PS PTY RT CT EON SLEEP q DIGITAL q PL x q PL B A VOLUME AUTO TUNED STEREO MEMORY MATRIX DISCRETE ENHANCER q EX 4 ft q PL mS dB PCM D C E F G H I dB MUTE 96/24 LFE L C R SL SB SR J K L O M N (Alleen modellen voor het V.K. en Europa) 1 Decoder indicators Wanneer één van de decoders van dit toestel in werking is, zal de bijbehorende indicator oplichten. 8 AUTO indicator Licht op wanneer dit toestel in de automatische afstemfunctie staat (zie bladzijde 43). 2 ENHANCER indicator Licht op wanneer de Compressed Music Enhancer functie is ingeschakeld (zie bladzijde 35). 9 TUNED indicator Licht op wanneer dit toestel is afgestemd op een zender (zie bladzijde 43). 3 Geluidsveld indicators Lichten op om aan te geven welke DSP geluidsvelden er in werking zijn. 0 STEREO indicator Licht op wanneer het toestel een sterk FM stereosignaal ontvangt en de AUTO indicator brandt (zie bladzijde 43). DSP aanwezigheidsgeluidsveld Luisterplek Linker surround DSP geluidsveld Rechter surround DSP geluidsveld Achter surround DSP geluidsveld 4 VIRTUAL indicator Licht op wanneer Virtual CINEMA DSP in werking is (zie bladzijde 41). 5 Signaalbron indicators De corresponderende cursor licht op om aan te geven welke signaalbron op dit moment is geselecteerd. 6 SILENT CINEMA indicator Licht op wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten en er een geluidsveldprogramma is geselecteerd (zie bladzijde 31). 7 CINEMA DSP indicator Licht op wanneer u een CINEMA DSP geluidsveldprogramma selecteert (zie bladzijde 55). 8 A MEMORY indicator Knippert ten teken dat een zender opgeslagen kan worden (zie bladzijde 45). B VOLUME niveauaanduiding Geeft het huidige volumeniveau aan. C PCM indicator Licht op wanneer dit toestel PCM (pulscode modulatie) digitale audiosignalen weergeeft. D STANDARD indicator Licht op wanneer het “SUR. STANDARD” of “SUR. ENHANCED” programma is geselecteerd (zie bladzijde 40). E SP A B indicators Lichten op om aan te geven welke set voor-luidsprekers is geselecteerd. BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES F Hoofdtelefoon indicator Licht op wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten (zie bladzijde 31). INLEIDING G NIGHT indicator Licht op wanneer u een nacht-luisterfunctie selecteert (zie bladzijde 31). H HiFi DSP indicator Licht op wanneer u een HiFi DSP geluidsveldprogramma selecteert (zie bladzijde 55). I Multifunctioneel display Toont de naam van het huidige geluidsveldprogramma en andere gegevens bij het invoeren of wijzigen van instellingen. J SLEEP indicator Licht op wanneer de slaaptimer is ingeschakeld (zie bladzijde 33). K MUTE indicator Knippert wanneer de MUTE functie (tijdelijk uitschakelen geluidsweergave) is ingeschakeld (zie bladzijde 31). L 96/24 indicator Licht op wanneer dit toestel een DTS 96/24 signaal ontvangt. M Indicators ingangskanalen Deze geven aan uit welke kanalen het huidige digitale ingangssignaal bestaat (zie bladzijde 27). N LFE indicator Licht op wanneer het ingangssignaal een LFE signaal bevat. O Radio Data Systeem indicators (Alleen modellen voor het V.K. en Europa) Licht op wanneer er Radio Data Systeem gegevens worden ontvangen. EON Licht op wanneer er EON gegevens worden ontvangen. PTY HOLD Licht op wanneer er gezocht wordt naar Radio Data Systeem zenders in de PTY SEEK functie. Nederlands 9 BEDIENINGSORGANEN EN FUNCTIES Achterpaneel 1 2 AUDIO AUDIO 3 4 5 OUTPUT MULTI CH INPUT CENTER 6 DIGITAL INPUT DVD DTV/CBL DVD COMPONENT VIDEO DVD Y MD/ OUT IN (PLAY) CD-R (REC) CD DVD DTV/CBL IN DVR OUT VIDEO TUNER AM ANT GND MONITOR OUT DVD DTV/CBL SURROUND FRONT IN DVR OUT S VIDEO SUB WOOFER SUB WOOFER OPTICAL DVR PR Y PB PR COAXIAL MONITOR OUT DTV/CBL SPEAKERS FM ANT 75Ω UNBAL. PB MONITOR OUT AC OUTLETS FRONT SURROUND A B CENTER 7 SURROUND BACK 8 9 1 Aansluitingen voor video-apparatuur Zie de bladzijden 17 en 18 voor meer informatie over deze aansluitingen. 6 COMPONENT VIDEO aansluitingen Zie de bladzijden 17 en 18 voor meer informatie over deze aansluitingen. 2 Aansluitingen voor audio-apparatuur Zie bladzijde 20 voor meer informatie over deze aansluitingen. 7 Antenne-aansluitingen Zie bladzijde 22 voor meer informatie over deze aansluitingen. 3 MULTI CH INPUT aansluitingen Zie bladzijde 21 voor meer informatie over deze aansluitingen. 8 Luidspreker-aansluitingen Zie bladzijde 12 voor meer informatie over deze aansluitingen. 4 SUBWOOFER OUTPUT aansluiting Zie bladzijde 13 voor meer informatie over deze aansluiting. 9 AC OUTLET(S) Hiermee kunt u eventueel andere audiovisuele componenten van stroom voorzien. Zie bladzijde 23 voor details. 5 DIGITAL INPUT aansluitingen Zie de bladzijden 18 en 19 voor meer informatie over deze aansluitingen. ■ VOLTAGE SELECTOR (Alleen modellen voor Azië en algemene modellen) Zie bladzijde 23 voor details. 10 AANSLUITINGEN AANSLUITINGEN Luidsprekers opstellen Hieronder ziet u de standaard ITU-R* opstelling van de luidsprekers. Met deze opstelling profiteert u optimaal van CINEMA DSP en multikanaals audio. * De voor-luidsprekers worden gebruikt voor weergave van het hoofdkanaal plus effecten. Plaats deze luidsprekers op gelijke afstand van de ideale luisterplek. De afstanden van deze luidsprekers tot het beeldscherm moeten ook gelijk zijn. Midden-luidspreker (C) FL SR De midden-luidspreker is voor weergave van het middenkanaal (dialoog, vocalen enz.). Als het om de een of andere reden niet mogelijk is om een middenluidspreker te gebruiken, kunt u ook zonder. De beste resultaten krijgt u echter met een volledig systeem. Plaats de midden-luidspreker midden tussen de voor-luidsprekers en zo dicht mogelijk bij het beeldscherm, bijvoorbeeld direct erboven of eronder. SR Surround-luidsprekers (SL en SR) FR C 30˚ SL VOORBEREIDINGEN ITU-R is de radio-communicatie afdeling van de ITU (International Telecommunication Union). Voor-luidsprekers (FL en FR) 60˚ SL 80˚ De surround-luidsprekers worden gebruikt voor omhullende surroundweergave en effecten. Plaats deze luidsprekers achter uw luisterplek, een beetje naar binnen gericht en ongeveer 1,8 m van de vloer. SB Surround achter-luidspreker (SB) FR SW FL SR C SL De surround achter-luidspreker geeft een aanvulling op de surround-luidsprekers en zorgt voor realistischer overgangen van voor naar achter. Plaats deze luidspreker direct achter de luisterplek en op dezelfde hoogte als de surround-luidsprekers. Subwoofer (SW) SB 1,8 m Een subwoofer met ingebouwde eindversterker, zoals het YAMAHA Active Servo Processing Subwoofer System, zorgt niet alleen voor een effectieve versterking van de lage tonen in sommige of alle kanalen, maar ook voor een natuurgetrouwe hi-fi stereo reproductie van het LFE (lage frequentie effecten) kanaal in Dolby Digital en DTS geluidsmateriaal. De opstelling van de subwoofer is niet zo belangrijk, want de zeer lage tonen zijn niet erg richtingsgevoelig. U kunt de subwoofer het beste in de buurt van de voor-luidsprekers plaatsen. Richt hem een beetje naar het midden van de ruimte om weerkaatsing via de wanden te verminderen. Nederlands 11 AANSLUITINGEN Aansluiten van luidsprekers Let erop dat u de linker (L) en rechter (R) kanalen, “+” (rood) en “–” (zwart) op de juiste manier aansluit. Als de aansluitingen niet kloppen, zal er geen geluid worden weergegeven via de luidsprekers en als de polariteit van de luidspreker-aansluitingen niet correct is, zal de weergave onnatuurlijk klinken met te weinig lage tonen. LET OP • U moet het toestel uit zetten voor u de luidsprekers gaat aansluiten (zie bladzijde 25). • Laat de blote luidsprekerdraden elkaar niet raken en zorg ervoor dat ze geen contact maken met de metalen onderdelen van het toestel. Hierdoor kunnen het toestel en/of de luidsprekers beschadigd raken. • Gebruik magnetisch afgeschermde luidsprekers. Als dergelijke luidsprekers toch uw beeldscherm storen, zet de luidsprekers dan verder bij het beeldscherm vandaan. • Als u luidsprekers van 4 of 6 Ohm gebruikt, moet u “SP IMP.” op “6ΩMIN” zetten voor u dit toestel in gebruik neemt (zie bladzijde 24). Opmerkingen • Een luidsprekersnoer bestaat uit twee geïsoleerde draden naast elkaar. De kabels zijn verschillend gekleurd of gevormd, misschien een streep, groef of ribbels. Sluit de afwijkend gestreepte (gegroefde enz.) draad aan op de “+” (rode) aansluitingen van dit toestel en uw luidspreker. Verbind de gewone draad met de “–” (zwarte) aansluitingen. • De lage frequentie signalen van andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” (of “SMALL”) of “NONE” bij “SPEAKER SET” (zie bladzijden 70 en 71) worden naar de luidsprekers gestuurd die zijn geselecteerd bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71). Voor-luidsprekers (A) Rechts Links Subwoofer Surround-luidsprekers Rechts Links 1 2 4 5 7 OUTPUT SUB WOOFER SPEAKERS FRONT SURROUND A B CLASS 2 WIRING Voorluidsprekers (B) 12 CENTER SURROUND BACK 3 Middenluidspreker 6 Surround achterluidspreker AANSLUITINGEN FRONT aansluitingen U kunt hierop een enkel of twee voor-luidsprekersystemen (1, 2) aansluiten. Als u een enkel voor-luidsprekersysteem gebruikt, kunt u dit naar keuze met de FRONT A of de B aansluitingen verbinden. 1 CENTER aansluitingen 7 Hierop kunt u een midden-luidspreker (3) aansluiten. SURROUND aansluitingen 2 4 3 Hierop kunt u surround-luidsprekers (4, 5) aansluiten. 5 6 VOORBEREIDINGEN SURROUND BACK aansluitingen Hierop kunt u een surround achter-luidspreker (6) aansluiten. SUBWOOFER aansluiting Sluit hierop een subwoofer met ingebouwde eindversterker (7) aan (zoals het YAMAHA Active Servo Processing Subwoofer System). Opstelling van de luidsprekers Nederlands 13 AANSLUITINGEN ■ Aansluiten van de luidsprekerkabel 1 Verwijder ongeveer 10 mm van de isolatie van het uiteinde van elk van de luidsprekerdraden en draai vervolgens de blootliggende draadjes netjes in elkaar om kortsluiting te voorkomen. ■ Gebruik van bananenstekkers (Uitgezonderd modellen voor het V.K., Europa en Azië) Een bananenstekker is een enkelpolige elektrische verbinding die vaak gebruikt wordt voor het aansluiten van luidsprekerkabels. Bananenstekker 10 mm 2 Rood: positief (+) Zwart: negatief (–) 3 Steek een ontbloot draadeind in het gat aan de zijkant van de aansluiting. Rood: positief (+) Zwart: negatief (–) 4 Draai de draad vervolgens met de knop weer vast. Rood: positief (+) Zwart: negatief (–) 14 1 Maak de knop vast. 2 Steek de bananenstekker in de bijbehorende aansluiting. Maak de knop los. AANSLUITINGEN Informatie over aansluitingen en stekkers Informatie over audio-aansluitingen en stekkers PORTABLE AUDIO DIGITAL AUDIO DIGITAL AUDIO R COAXIAL (Wit) (Rood) (Oranje) L R Linker en rechter analoge audiostekkers C OPTICAL VIDEO S VIDEO (Geel) O Stereo Coaxiaal Optisch analoge digitale digitale audio audiostekker audiostekker ministekker V Composiet videostekker COMPONENT VIDEO Y PB PR (Groen) S Svideostekker Y (Blauw) (Rood) PB VOORBEREIDINGEN L M Informatie over video-aansluitingen en stekkers PR Component videostekker ■ Audio-aansluitingen ■ Video-aansluitingen Dit toestel heeft vier soorten audio-aansluitingen. Welke aansluiting u nodig heeft hangt af van de audioaansluitingen van uw andere apparatuur. Dit toestel heeft drie soorten video-aansluitingen. Welke aansluiting u nodig heeft hangt af van de ingangsaansluitingen van uw beeldscherm. AUDIO aansluitingen Voor conventionele analoge audiosignalen via linker en rechter analoge audiokabels. Verbind de rode stekkers met de rechter en de witte stekkers met de linker aansluitingen. VIDEO aansluitingen Voor conventionele composiet videosignalen die worden overgebracht via composiet videokabels. PORTABLE aansluiting Voor digitale audiosignalen via analoge stereo ministekkerkabels. DIGITAL AUDIO COAXIAL aansluitingen Voor digitale audiosignalen via coaxiaal digitale audiokabels. DIGITAL AUDIO OPTICAL aansluitingen Voor digitale audiosignalen via optisch digitale audiokabels. S VIDEO aansluitingen Voor S-video signalen, in luminantie (Y) en kleur (C) gescheiden videosignalen die worden doorgegeven via aparte draden in speciale S-videokabels. COMPONENT VIDEO aansluitingen Voor component videosignalen, in luminantie (Y) en kleur (PB, PR) gescheiden videosignalen die worden doorgegeven via aparte draden in speciale component videokabels. Opmerkingen • U kunt de digitale aansluitingen gebruiken voor PCM, Dolby Digital en DTS ingangssignalen. Wanneer u een bepaalde component zowel met de COAXIAL als met de OPTICAL aansluiting verbindt, zal het via de COAXIAL aansluiting binnenkomende signaal voorrang krijgen. Alle digitale ingangsaansluitingen zijn geschikt voor digitale signalen met een bemonsteringsfrequentie van 96 kHz. • Trek het kapje van de optische aansluiting voor u er de optische glasvezelkabel op aansluit. Gooi het stofkapje niet weg. Wanneer u de optische aansluiting niet gebruikt, dient u het stofkapje er weer op te doen. Dit kapje beschermt de aansluiting tegen stof. Nederlands 15 AANSLUITINGEN Stroomschema audio- en videosignalen ■ Stroomschema audiosignalen voor AUDIO OUT (REC) Uitgang AUDIO OUT (REC) Ingang L R L R AUDIO Analoge audio PORTABLE Analoog uitgangssignaal Opmerking In dit toestel is de verwerking van digitale signalen gescheiden van de verwerking van analoge signalen. Daarom kunnen audiosignalen die binnenkomen via de analoge ingangsaansluitingen ook alleen via de analoge AUDIO OUT (REC) uitgangsaansluitingen worden weergegeven. ■ Stroomschema videosignalen voor MONITOR OUT Uitgang (MONITOR OUT) Ingang Y PB PR Y PB PR COMPONENT VIDEO Analoge video S VIDEO VIDEO Door 16 AANSLUITINGEN Aansluiten van een TV Verbind uw TV met de VIDEO MONITOR OUT aansluiting, de S VIDEO MONITOR OUT aansluiting of de COMPONENT VIDEO MONITOR OUT aansluitingen van dit toestel. LET OP Sluit dit toestel of de andere componenten pas aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen tussen de componenten gemaakt zijn. VOORBEREIDINGEN COMPONENT VIDEO Y MONITOR OUT VIDEO S VIDEO MONITOR OUT PB PR MONITOR OUT S S-video ingang V Y PB PR Component video ingang Video ingang TV Nederlands 17 AANSLUITINGEN Aansluiten van een DVD-speler, een DVD-recorder, een videorecorder of een STB (Set Top Box) Sluit uw DVD-speler, DVD-recorder, videorecorder of STB (STB; een kastje bovenop de TV) aan via dezelfde soort video-aansluitingen als welke u gebruikt heeft voor uw TV (zie bladzijde 17). Een zogenaamde Set Top Box kan bijvoorbeeld een kabel-tv ontvanger of satellietontvanger zijn. LET OP Sluit dit toestel of de andere componenten pas aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen tussen de componenten gemaakt zijn. Opmerkingen • U moet hetzelfde soort video-aansluitingen gebruiken als u gebruikt heeft om uw TV aan te sluiten (zie bladzijde 17). Als u bijvoorbeeld uw TV heeft verbonden met de VIDEO MONITOR OUT aansluiting van dit toestel, dan dient u uw andere component te verbinden met de VIDEO aansluitingen. • Om een digitale verbinding te maken met een andere component dan de component die standaard is toegewezen aan de DIGITAL INPUT aansluiting, dient u de corresponderende instelling te selecteren voor “OPTICAL IN”, “COAXIAL IN” bij “INPUT ASSIGN” (zie bladzijde 73). • Wanneer u uw DVD-speler zowel met de DIGITAL INPUT (OPTICAL) als met de DIGITAL INPUT (COAXIAL) aansluiting verbindt, zal het via de DIGITAL INPUT (COAXIAL) aansluiting binnenkomende signaal voorrang krijgen. ■ Aansluiten van een DVD-speler DIGITAL INPUT AUDIO DVD DVD COMPONENT VIDEO DVD Y OPTICAL DVD COAXIAL DVD VIDEO V R S VIDEO L S O C Optische audio uitgang S-Video uitgang Coaxiale audio uitgang Audio uitgang Video uitgang 18 DVD-speler Component video uitgang Y PB PR PB PR AANSLUITINGEN ■ Aansluiten van een DVD-recorder of videorecorder AUDIO COMPONENT VIDEO DVR Y IN DVR OUT IN VIDEO L PR DVR OUT S VIDEO V V S R VOORBEREIDINGEN R PB S Y L S-Video uitgang PB PR S-video ingang Audio ingang Video ingang Video uitgang Audio uitgang Component video uitgang DVD-recorder of videorecorder ■ Aansluiten van een STB Kabel TV of satellietontvanger Audio uitgang Component video uitgang Video uitgang Optische audio uitgang S-Video uitgang R L V O S Y PB PR DIGITAL INPUT AUDIO DTV/CBL COMPONENT VIDEO Y PB PR OPTICAL DTV/CBL VIDEO DTV/CBL DTV/CBL S VIDEO Nederlands 19 AANSLUITINGEN Aansluiten van een CD-speler, een MD-speler of cassettedeck Sluit uw CD-speler, MD-speler of cassettedeck aan via analoge aansluitingen. LET OP Sluit dit toestel of de andere componenten pas aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen tussen de componenten gemaakt zijn. Opmerking Om een digitale verbinding te maken met een andere component dan de component die standaard is toegewezen aan de DIGITAL INPUT aansluiting, dient u de corresponderende instelling te selecteren voor “OPTICAL IN”, “COAXIAL IN” bij “INPUT ASSIGN” (zie bladzijde 73). CD-speler Audio uitgang R L DIGITAL INPUT AUDIO DVD CD R Audio uitgang MD/ OUT IN (PLAY) CD-R (REC) L R OPTICAL L Audio ingang MD-recorder of cassettedeck 20 DTV/CBL DVD COAXIAL AANSLUITINGEN Aansluiten van een multiformaatspeler of externe decoder LET OP Gebruik de VIDEO AUX aansluitingen op het voorpaneel als u een spelcomputer, een videocamera of een draagbare audiospeler wilt aansluiten op dit toestel. LET OP U moet het volume van dit toestel en de andere componenten uit zetten voor u de aansluitingen gaat maken. Opmerking Sluit dit toestel of de andere componenten pas aan op het lichtnet wanneer alle verbindingen tussen de componenten gemaakt zijn. De audiosignalen die binnenkomen via de PORTABLE miniaansluiting hebben voorrang boven de via de AUDIO L/R aansluitingen binnenkomende signalen. VOORBEREIDINGEN Dit toestel is voorzien van 6 extra ingangsaansluitingen (FRONT L/R, CENTER, SURROUND L/R en SUBWOOFER) voor gescheiden multikanaals ingangssignalen van een multiformaat-speler, externe decoder, sound processor of voorversterker. Verbind de uitgangsaansluitingen van uw multiformaat-speler of externe decoder met de MULTI CH INPUT aansluitingen. Let er goed op dat u de linker en rechter uitgangen verbindt met de linker en rechter ingangsaansluitingen voor zowel de voor- als de surroundkanalen. Aansluiten van een spelcomputer, een videocamera of een draagbare audiospeler Opmerkingen • Wanneer u MULTI CH INPUT als signaalbron selecteert (zie bladzijde 36), zal dit toestel automatisch de digitale geluidsveldprocessor uitschakelen en zult u geen geluidsveldprogramma’s kunnen selecteren. • Dit toestel is niet in staat de via de MULTI CH INPUT aansluitingen binnenkomende signalen zo te herschikken dat er wordt gecompenseerd voor eventueel in uw systeem ontbrekende luidsprekers. Daarom bevelen we u aan tenminste een 5.1-kanaals luidsprekersysteem aan te sluiten voor u gebruik maakt van deze functie. • Wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten, zullen alleen de linker en rechter voorkanalen worden weergegeven. VOLUME STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E l PRESET/TUNING NEXT EDIT h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L INPUT PHONES STRAIGHT SPEAKERS A B l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE VIDEO AUX M VIDEO V L L AUDIO R PORTABLE R Audio uitgang Video uitgang Audio uitgang MULTI CH INPUT CENTER Spelcomputer of videocamera FRONT L Voorkanaal uitgang R L Surroundkanaal uitgang SURROUND Draagbare audiospeler SUB WOOFER R Subwoofer uitgang Middenkanaal uitgang Nederlands Multiformaat-speler of externe decoder 21 AANSLUITINGEN Aansluiten van de FM en AM antennes Dit toestel wordt geleverd met zowel een FM als een AM binnenantenne. Normaal gesproken zorgen deze antennes voor een voldoende sterke ontvangst. Verbind de antennes op de juiste manier met de bijbehorende aansluitingen. 2 Houd het lipje van de AM ANT aansluiting ingedrukt. 3 Steek één van de draden van de AM ringantenne in de AM ANT aansluiting. 4 Laat het lipje van de AM ANT aansluiting los zodat dit terugveert. 5 Herhaal de stappen 2 t/m 4 en sluit de andere draad aan op de GND aansluiting. Opmerkingen • U moet de afstemstap (alleen modellen voor Azië en algemene modellen) van de tuner aanpassen aan de ruimte tussen zendfrequenties in uw gebied (zie bladzijde 77). • De AM ringantenne moet niet te dicht bij dit toestel geplaatst worden. • De AM ringantenne moet altijd aangesloten blijven, zelfs als er een AM buitenantenne op dit toestel is aangesloten. • Een goed geïnstalleerde buitenantenne geeft een betere ontvangst dan een binnenantenne. Als u last heeft van een slechte ontvangst, kunt u een buitenantenne installeren. Vraag bij uw dichtstbijzijnde erkende YAMAHA dealer of servicecentrum naar de mogelijkheden met buitenantennes. AM ringantenne (meegeleverd) FM binnenantenne (meegeleverd) TUNER AM ANT GND FM ANT 75Ω UNBAL. Aarde Voor de grootst mogelijke veiligheid en zo min mogelijk storing dient u de antenne GND aansluiting goed te aarden. Een goede AM buitenantenne aarding wordt bijvoorbeeld Gebruik 5 tot 10 meter met plastic verzorgd door een metalen geïsoleerd draad dat u bijvoorbeeld uit staaf die in vochtige grond gedreven is. een raam naar buiten spant. y ■ Aansluiten van de AM ringantenne 1 22 Maak de AM ringantenne gebruiksklaar. Wanneer u de AM ringantenne op de juiste manier heeft aangesloten op dit toestel, kunt u de AM ringantenne zo draaien dat u de beste ontvangst bereikt voor uw favoriete AM zenders (zie bladzijde 43). AANSLUITINGEN Aansluiten van het netsnoer Pas wanneer alle verbindingen tot stand zijn gebracht kunt u de stekker in het stopcontact steken. (Modellen voor de V.S.) VOORBEREIDINGEN AC OUTLETS Naar het stopcontact LET OP VOLTAGE SELECTOR (Alleen modellen voor Azië en algemene modellen) De VOLTAGE SELECTOR op het achterpaneel van dit toestel moet worden ingesteld op de ter plekke gebruikte netspanning VOOR u de stekker in het stopcontact steekt. Onjuiste instelling van de VOLTAGE SELECTOR kan dit toestel beschadigen en kan brandgevaar opleveren. Draai de VOLTAGE SELECTOR met de klok mee of er tegenin naar de correcte stand met een gewone schroevendraaier. De voltages zijn als volgt: Modellen voor Azië ............................ 220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom Algemene modellen ............. 110/120/220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom VOLTAGE SELECTOR 230240V Aanduiding voltage AC OUTLET(S) (SWITCHED) Modellen voor het V.K. en Australië ...................................................... 1 Netstroomaansluiting Modellen voor Korea ................................................ Geen Overige modellen ..................... 2 Netstroomaansluitingen Met behulp van deze netstroomaansluiting(en) kunt u daarop aangesloten componenten van stroom voorzien. Verbind de netsnoeren van uw andere apparatuur met deze netstroomaansluiting(en). Deze aansluiting(en) worden van stroom voorzien wanneer dit toestel is ingeschakeld. De stroom voor deze aansluiting(en) zal echter worden uitgeschakeld wanneer dit toestel uit (standby) wordt gezet, of wanneer de stekker van dit toestel uit het stopcontact wordt gehaald. Voor informatie omtrent het maximale vermogen of het totale stroomverbruik voor de componenten die op deze aansluiting(en) kunnen worden aangesloten, zie “TECHNISCHE GEGEVENS” op bladzijde 89. Geheugen back-up De geheugen back-up schakeling voorkomt dat de opgeslagen gegevens verloren gaan wanneer het toestel uit (standby) staat. Wanneer echter de stekker uit het stopcontact gehaald wordt of de stroomvoorziening om een andere reden langer dan een week onderbroken wordt, zullen de opgeslagen gegevens verloren gaan. Nederlands 23 AANSLUITINGEN Instellen van de luidspreker-impedantie LET OP 3 Als u luidsprekers van 4 of 6 Ohm gebruikt, moet u “SP IMP.” op “6ΩMIN” zetten VOOR u dit toestel in gebruik neemt. Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel om en selecteer “SP IMP.”. De volgende aanduidingen zullen op het display op het voorpaneel verschijnen. l PROGRAM h VOLUME STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E NEXT EDIT l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L INPUT PHONES STRAIGHT SPEAKERS A B l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE SP IMP.-8 MIN 2,5 2,4 3 4 1 Controleer of het toestel uit (standby) staat. Zie bladzijde 25 voor details omtrent het aan en uit (standby) zetten van dit toestel. 2 Houd STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel ingedrukt en druk vervolgens op STANDBY/ON om dit toestel aan te zetten. Het toestel wordt ingeschakeld en het uitgebreide setup menu zal verschijnen op het display op het voorpaneel. Druk herhaaldelijk op STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel om en selecteer “6ΩMIN”. De volgende aanduidingen zullen op het display op het voorpaneel verschijnen. STRAIGHT EFFECT SP IMP.-6 MIN Houd ingedrukt STRAIGHT STANDBY /ON EFFECT 5 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om de nieuwe instelling op te slaan en dit toestel uit (standby) te zetten. STANDBY /ON Opmerking De gewijzigde instelling wordt van kracht zodra u dit toestel de volgende keer aan zet. 24 AANSLUITINGEN Aan zetten van dit toestel en weer uit (standby) Wanneer alle aansluitingen gemaakt zijn, kunt u dit toestel aan zetten. STANDBY/ON STANDBY VOLUME STANDBY POWER POWER TV AV CD MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR POWER POWER STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E l PRESET/TUNING NEXT EDIT h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L V-AUX INPUT PHONES STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT VOORBEREIDINGEN SPEAKERS A B EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE ■ Inschakelen van de stroom ■ Uit (standby) zetten van dit toestel Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel (of op POWER op de afstandsbediening) om dit toestel aan te zetten. Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel (of STANDBY op de afstandsbediening) om dit toestel uit (standby) te zetten. STANDBY POWER STANDBY /ON Voorpaneel STANDBY /ON of Afstandsbediening Voorpaneel of Afstandsbediening Nederlands 25 BASIS SETUP BASIS SETUP De “BASIC SETUP” is handig wanneer u uw systeem snel en met minimale inspanningen klaar voor gebruik wilt maken. Opmerkingen • U moet uw hoofdtelefoon losmaken van het toestel. • Als u het toestel met de hand nog preciezer wilt instellen, kunt u de gedetailleerde instellingen van het “SOUND MENU” (zie bladzijde 70) gebruiken. • Wijzigen van instellingen via de “BASIC SETUP” zorgt ervoor dat alle met de hand via het “SOUND MENU” gewijzigde instellingen zullen worden teruggezet (zie bladzijde 70). • De begininstellingen voor elk van de parameters worden vet aangegeven. • Druk op RETURN op de afstandsbediening om terg te keren naar het vorige menuniveau. FREQ/TEXT EON MODE PTY SEEK TV VOL TV CH AMP START 1 3 VOLUME TV MUTE TV INPUT STEREO MUSIC ENTERTAIN 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 Druk op ENTER om de “BASIC SETUP” te openen. MUTE MOVIE 10 ENT. SET MENU LEVEL TITLE MENU SRCH MODE BAND ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY 1 2,12 3-11 Druk op SET MENU. “BASIC SETUP” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. MENU SRCH MODE PRESET/CH PRESET/CH AMP SET MENU A/B/C/D/E DISPLAY Druk op AMP op de afstandsbediening. 2 ENTER A/B/C/D/E . BASIC SETUP De aanduiding “ROOM” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. 4 Druk op j / i om de gewenste instelling te selecteren. ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH ROOM: S >M L Selecteer de afmetingen van de ruimte waarin uw luidsprekers staan opgesteld. In het algemeen worden de afmetingen van de kamer als volgt gedefinieerd: Keuzes: S, M, L [Modellen voor de V.S. en Canada] S (klein) 16 x 13ft, 200ft2 (4,8 x 4,0m, 20m2) M (midden) 20 x 16ft, 300ft2 (6,3 x 5,0m, 30m2) L (groot) 26 x 19ft, 450ft2 (7,9 x 5,8m, 45m2) [Overige modellen] S (klein) 3,6 x 2,8m, 10m2 M (medium) 4,8 x 4,0m, 20m2 L (groot) 6,3 x 5,0m, 30m2 26 BASIS SETUP 5 Druk op d, selecteer “SUBWOOFER” en druk vervolgens op j / i om de gewenste instelling te selecteren. 7 Druk op d, selecteer “SET” en druk vervolgens op j / i om de gewenste instelling te selecteren. ENTER ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E ENTER ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH PRESET/CH PRESET/CH PRESET/CH >SET Keuzes: YES, NONE • Selecteer “YES” als u een subwoofer in uw systeem heeft. • Selecteer “NONE” als u geen subwoofer in uw systeem heeft. CANCEL Keuzes: SET, CANCEL • Selecteer “SET” om de gewijzigde instellingen definitief te maken. • Selecteer “CANCEL” om de instelfunctie te verlaten zonder wijzigingen aan te brengen. Druk op d, selecteer “SPEAKERS” en kies vervolgens met j / i het aantal luidsprekers dat is aangesloten op dit toestel. y U kunt ook op SET MENU drukken om de setup procedure te annuleren. 8 Druk op ENTER om uw keuze te bevestigen. ENTER ENTER A/B/C/D/E VOORBEREIDINGEN SUBWOOFER .. YES 6 A/B/C/D/E A/B/C/D/E A/B/C/D/E A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH PRESET/CH ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH SPEAKERS..6spk Keuze Display Luidsprekers 2spk L C R SL SB SR L/R voor 3spk L C R SL SB SR L/R voor, midden 4spk L C R SL SB SR L/R voor, L/R surround 5spk L C R SL SB SR L/R voor, midden, L/R surround 6spk L C R SL SB SR L/R voor, midden, L/R surround, surround achter Als u bij stap 7 “SET” heeft geselecteerd, zult u twee keer om beurten uit elk van de luidsprekers een testtoon horen. “CHECK:TestTone” zal een paar seconden op het display op het voorpaneel getoond worden, gevolgd door “CHECK OK?”. CHECK:TestTone y Controleer de luidsprekerverbindingen (zie bladzijde 12) en wijzig indien nodig de “SPEAKERS” instellingen in stap 6. Nederlands 27 BASIS SETUP 9 Druk op j / i om de gewenste instelling te selecteren. 11 ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH Druk op d / u om een luidspreker te selecteren en gebruik vervolgens j / i om de juiste balans in te stellen. De geselecteerde luidspreker en de linker voorluidspreker (of de linker surround-luidspreker) geven om de beurt de testtoon weer. • Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen. • Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen. CHECK OK? .. YES Keuzes: YES, NO • Selecteer “YES” om de setup procedure af te sluiten als de testtoon via elk van de luidsprekers goed klonk. • Selecteer “NO” om door te gaan naar het instelmenu voor het op elkaar afstemmen van de uitgangsniveaus van de verschillende luidsprekers. 10 PRESET/CH • Selecteer “FR” om de balans tussen de linker en de rechter voor-luidsprekers in te stellen. • Selecteer “C” om de balans tussen de linker voorluidspreker en de midden-luidspreker in te stellen. • Selecteer “SL” om de balans tussen de linker voorluidspreker en de linker surround-luidspreker in te stellen. • Selecteer “SB” om de balans tussen de linker surround-luidspreker en de surround achterluidspreker in te stellen. • Selecteer “SR” om de balans tussen de linker surround-luidspreker en de rechter surroundluidspreker in te stellen. • Selecteer “SWFR” om de balans tussen de linker voor-luidspreker en de subwoofer in te stellen. A/B/C/D/E PRESET/CH 12 Druk op SET MENU om de “BASIC SETUP” te verlaten. SET MENU MENU SRCH MODE 28 A/B/C/D/E FR ----||---- ENTER • Als u bij stap 9 “YES” heeft geselecteerd, is daarmee de setup procedure afgesloten en zal het display terugkeren naar het eerste “SET MENU” scherm. • Als u bij stap 9 “NO” heeft geselecteerd, zal het instelscherm voor het niveau van de voorluidsprekers op het display op het voorpaneel verschijnen. A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH Druk op ENTER om uw keuze te bevestigen. A/B/C/D/E ENTER ENTER A/B/C/D/E WEERGAVE WEERGAVE LET OP U moet zeer voorzichtig zijn wanneer u DTS gecodeerde CD’s gaat afspelen. Als u een DTS gecodeerde CD afspeelt op een CD-speler die niet geschikt is voor DTS-weergave, zult u alleen een ongewenst geruis of lawaai horen dat zelfs uw luidsprekers kan beschadigen. Controleer of uw CDspeler geschikt is voor DTS gecodeerde CD’s. Controleer ook het geluidsniveau van uw CD-speler voor u een DTS gecodeerde CD gaat afspelen. 3 VOLUME Verdraai INPUT op het voorpaneel (of druk op één van de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening) om de gewenste signaalbron te selecteren. STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E l PRESET/TUNING NEXT EDIT h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE INPUT AUTO/MAN'L INPUT PHONES l STRAIGHT SPEAKERS A B PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R TUNER DVD DTV/CBL DVR 6 7 3 MD/CD-R DVD DTV/CBL REC DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN 3 De naam van de op dit moment geselecteerde signaalbron wordt een paar seconden lang op het display op het voorpaneel getoond. SLEEP EON MODE PTY SEEK TV VOL TV CH Afstandsbediening TUNER DISC SKIP FREQ/TEXT V-AUX 5 Voorpaneel CD BASISBEDIENING 6 2 5 AMP START VOLUME TV MUTE TV INPUT STEREO MUSIC ENTERTAIN 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 Beschikbare signaalbronnen MUTE 2 MD/CD-R PORTABLE of 2 CD BASS/TREBLE 10 DVR 7 MOVIE V-AUX DVD ENT. 1 Zet het beeldscherm dat is aangesloten op dit toestel aan. 2 Druk op SPEAKERS A of B op het voorpaneel (of druk eerst op AMP en vervolgens herhaaldelijk op SPEAKERS op de afstandsbediening). Met elke druk op SPEAKERS A of B op het voorpaneel zet u de bijbehorende set luidsprekers aan of uit. SPEAKERS A B DTV/CBL pDVD MD/CD-R TUNER CD VOLUME SP A Op dit moment geselecteerde signaalbron dB AUTO L R Op dit moment geselecteerde ingangsfunctie Opmerking Als u een signaalbron wilt selecteren die digitaal is aangesloten, dient u “INPUT MODE” op “AUTO” of “DTS” in te stellen (zie bladzijde 32). 4 Start de weergave op de geselecteerde broncomponent of stem af op een zender. Raadpleeg de handleiding van de betreffende component. Zie bladzijde 43 voor details omtrent het afstemmen. Voorpaneel of Nederlands AMP SPEAKERS 9 Afstandsbediening 29 WEERGAVE 5 Verdraai VOLUME op het voorpaneel (of druk op VOLUME +/– op de afstandsbediening) om het volume op het gewenste niveau in te stellen. VOLUME + of VOLUME – Drunk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel (of druk op één van de geluidsveldprogrammatoetsen op de afstandsbediening) om het gewenste geluidsveldprogramma te selecteren. De naam van het geselecteerde geluidsveldprogramma zal verschijnen op het display op het voorpaneel. Zie bladzijde 55 voor details over geluidsveldprogramma’s. Afstandsbediening Voorpaneel 6 7 l h PROGRAM Voorpaneel Druk herhaaldelijk op TONE CONTROL op het voorpaneel, kies tussen “TREBLE” (hoge tonen) en “BASS” (lage tonen) en gebruik vervolgens de BASS/TREBLE +/– toetsen om de gekozen tonen te versterken of te verzwakken. of STEREO MUSIC ENTERTAIN MOVIE 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 10 ENT. Afstandsbediening BASS/TREBLE TONE CONTROL DVR V-AUX DTV/CBL pDVD MD/CD-R TUNER CD VOLUME SP A DVR V-AUX DTV/CBL pDVD MD/CD-R TUNER CD VOLUME SP A TREBLE dB 0dB L R • Selecteer “TREBLE” om de weergave van de hoge tonen te regelen. • Selecteer “BASS” om de weergave van de lage tonen te regelen. Opmerkingen • De instellingen voor de luidsprekers en die voor de hoofdtelefoon worden apart opgeslagen. • Wanneer “TC.BYPASS” op “AUTO” staat (zie bladzijde 73) en “BASS” en “TREBLE” op 0 dB worden gezet, zal het audiosignaal automatisch de toonregelingsschakelingen van dit toestel onveranderd passeren. • Als u de hoge of lage tonen teveel versterkt of verzwakt, is het mogelijk dat de toonkleur van de surroundluidsprekers niet meer overeenkomt met die van de linker en rechter voor-luidsprekers. • TONE CONTROL staat buiten werking wanneer “DIRECT STEREO” (zie bladzijde 37) is geselecteerd, of wanneer “MULTI CH INPUT” (zie bladzijde 36) is geselecteerd als signaalbron. • Om te profiteren van surroundweergave van multikanaals materiaal, zie bladzijde 39 voor details. 30 TV Sports dB L R Op dit moment geselecteerde geluidsveldprogramma Opmerkingen • Kies een geluidsveldprogramma op basis van uw smaak, niet alleen op basis van de naam van het programma. • Wanneer u een bepaalde signaalbron selecteert, zal het toestel automatisch het laatst met die signaalbron gebruikte geluidsveldprogramma instellen. • Er kunnen geen Geluidsveldprogramma’s worden geselecteerd wanneer de component die is verbonden met de MULTI CH INPUT aansluitingen is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 36). • Signalen met een hogere bemonsteringsfrequentie dan 48 kHz (met uitzondering van DTS 96/24 signalen) zullen worden teruggebracht tot 48 kHz, waarna er geluidsveldprogramma’s op kunnen worden toegepast. • Om informatie te laten weergeven op het display op het voorpaneel over de op dit moment geselecteerde signaalbron, zie bladzijde 37 voor details. GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES Gebruiken van het SILENT CINEMA SILENT CINEMA stelt u in staat naar multikanaals materiaal of filmsoundtracks, inclusief Dolby Digital en DTS materiaal, te luisteren met een normale hoofdtelefoon. SILENT CINEMA wordt automatisch ingeschakeld wanneer u een hoofdtelefoon aansluit op de PHONES aansluiting terwijl u luistert met de CINEMA DSP of HiFi DSP geluidsveldprogramma’s (zie bladzijde 55). Indien ingeschakeld zal de SILENT CINEMA indicator oplichten op het display op het voorpaneel. Selecteren van de nachtluisterfunctie De middernacht luisterfuncties zijn ontworpen om bij lage volumes, bijvoorbeeld wanneer u ’s nachts wilt luisteren, toch alles te kunnen verstaan. Kies “NIGHT:CINEMA” of “NIGHT:MUSIC” afhankelijk van wat voor materiaal u gaat afspelen. 1 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op NIGHT op de afstandsbediening om te kiezen tussen “NIGHT:CINEMA” en “NIGHT:MUSIC”. Opmerkingen NIGHT AMP • SILENT CINEMA kan niet worden ingeschakeld wanneer “MULTI CH INPUT” is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 36). • SILENT CINEMA staat buiten werking wanneer “DIRECT STEREO” (zie bladzijde 37) of “2ch Stereo” (zie bladzijde 36) is geselecteerd, of wanneer het toestel in de “STRAIGHT” functie staat (zie bladzijde 36). 10 Tijdelijk uitschakelen van de geluidsweergave Druk op MUTE op de afstandsbediening om de geluidsweergave tijdelijk uit te schakelen. Druk nog eens op MUTE om de geluidsweergave te hervatten. y Wanneer er een nacht-luisterfunctie is geselecteerd, zal de NIGHT indicator oplichten op het display op het voorpaneel. MUTE y • U kunt ook VOLUME op het voorpaneel of VOLUME +/– op de afstandsbediening gebruiken om de geluidsweergave te hervatten. • U kunt instellen hoe ver het volume verlaagd wordt via de “MUTING TYP.” parameter in het “SOUND MENU” (zie bladzijde 73) • De MUTE indicator knippert op het voorpaneel wanneer de geluidsweergave tijdelijk is uitgeschakeld en verdwijnt wanneer de geluidsweergave weer wordt hervat. BASISBEDIENING Keuzes: NIGHT:CINEMA, NIGHT:MUSIC, OFF • Selecteer “NIGHT:CINEMA” wanneer u naar een film gaat kijken om het dynamisch bereik van de soundtrack te verminderen en de gesproken tekst beter verstaanbaar te maken bij lagere volumes. • Selecteer “NIGHT:MUSIC” wanneer u naar muziek wilt luisteren om alle geluiden beter verstaanbaar te maken. • Selecteer “OFF” als u deze functie niet wilt gebruiken. 2 Druk op j / i op de afstandsbediening om het effectniveau te regelen terwijl “NIGHT:CINEMA” of “NIGHT:MUSIC” wordt aangegeven op het display op het voorpaneel. ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH Opmerking Afstandsbediening Als u een andere signaalbron of een ander geluidsveldprogramma inschakelt terwijl de geluidsweergave tijdelijk uitgeschakeld is, zal het toestel de geluidsweergave hervatten. Effect.Lvl:MID Nederlands Keuzes: MIN, MID, MAX • Selecteer “MIN” voor minimale compressie. • Selecteer “MID” voor standaard compressie. • Selecteer “MAX” voor maximale compressie. 31 GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES y De “NIGHT:CINEMA” en “NIGHT:MUSIC” instellingen worden apart opgeslagen. Opmerkingen • In de volgende gevallen kunt u de nacht-luisterfuncties niet gebruiken: – wanneer de “DIRECT STEREO” functie (zie bladzijde 37) is ingeschakeld. – wanneer de component die is verbonden met de MULTI CH INPUT aansluitingen is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 36). – wanneer er een hoofdtelefoon in de PHONES aansluiting zit. • Hoe groot het effect is van de nachtluisterfuncties hangt mede af van het weergegeven materiaal en van uw instellingen voor surroundweergave. 2 Druk herhaaldelijk op INPUT MODE op het voorpaneel om de gewenste ingangsfunctie te selecteren. INPUT MODE Beschikbare signaalbronnen DVR DVD Op dit moment geselecteerde signaalbron Selecteren van de ingangsfunctie Dit toestel is uitgerust met allerlei ingangsaansluitingen. U kunt als volgt bepalen wat voor ingangssignalen u wilt gebruiken. AUTO y U kunt de standaard ingangsfunctie van dit toestel zelf bepalen via de “INPUT MODE” parameter in het “INPUT MENU” (zie bladzijde 74). DTS Opmerkingen • Om DTS gecodeerde CD’s weer te kunnen geven (bij gebruik van een digitale audioverbinding) moet u “INPUT MODE” instellen op “DTS”. • Als het digitale uitgangssignaal van de speler op de een of andere manier bewerkt is, is het misschien, afhankelijk van de speler in kwestie, niet meer mogelijk het DTS signaal te decoderen, ook al bestaat er een digitale verbinding tussen de speler en dit toestel. 1 Verdraai INPUT op het voorpaneel en selecteer de gewenste signaalbron. INPUT 32 V-AUX DTV/CBL pDVD MD/CD-R TUNER CD VOLUME SP A ANALOG dB AUTO L R Op dit moment geselecteerde ingangsfunctie Ingangssignalen worden automatisch geselecteerd in deze volgorde: 1) Digitale signalen 2) Analoge signalen Alleen DTS gecodeerde digitale signalen zullen worden geselecteerd. Als er geen DTS signalen binnenkomen, zal er geen geluid worden weergegeven. Er zullen alleen analoge signalen worden geselecteerd. Als er geen analoge signalen binnenkomen, zal er geen geluid worden weergegeven. Opmerkingen • Wanneer “INPUT MODE” is ingesteld op “AUTO”, zal dit toestel automatisch overschakelen naar de juiste decoder indien er een Dolby Digital of DTS signaal wordt gedetecteerd. • In de meeste gevallen raden we u aan gewoon “INPUT MODE” op “AUTO” te zetten. GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES De SLEEP indicator knippert terwijl u de tijd voor de slaaptimer aan het instellen bent. De SLEEP indicator zal oplichten op het display op het voorpaneel en het display keert terug naar het geselecteerde geluidsveldprogramma. Gebruiken van de slaaptimer Met deze functie kunt het toestel zichzelf uit (standby) laten schakelen na een door u bepaalde tijd. Deze slaaptimer is bijvoorbeeld handig wanneer u gaat slapen terwijl uw installatie nog aan het spelen of opnemen is. De slaaptimer schakelt ook automatisch de op de AC OUTLET(S) netstroomaansluitingen aangesloten externe apparatuur uit (zie bladzijde 23). 1 3 MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR DTV/CBL DVD MD/CD-R TUNER pCD VOLUME SLEEP dB SLEEP 120min L R Knippert Druk op één van de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening om de gewenste signaalbron te selecteren. CD V-AUX SP A DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R TUNER pCD SP A VOLUME SLEEP STRAIGHT dB L R Licht op V-AUX Start de weergave op de geselecteerde broncomponent of stem af op een zender. Raadpleeg de handleiding van de betreffende component. Zie bladzijde 43 voor details omtrent het afstemmen. 4 Druk op net zo vaak op SLEEP op de afstandsbediening tot “SLEEP OFF” op het display op het voorpaneel verschijnt. SLEEP Druk herhaaldelijk op SLEEP op de afstandsbediening om de gewenste tijd in te stellen. Met elke druk op SLEEP zal het display op het voorpaneel als volgt veranderen. DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R TUNER pCD VOLUME SP A SLEEP OFF SLEEP BASISBEDIENING 2 DVR dB L R De SLEEP indicator gaat uit en de melding “SLEEP OFF” zal na een paar seconden verdwijnen van het display op het voorpaneel. y SLEEP 120min SLEEP OFF SLEEP SLEEP 90min 30min SLEEP U kunt de slaaptimer ook annuleren door met STANDBY op de afstandsbediening (of STANDBY/ON op het voorpaneel) het toestel uit (standby) te zetten. 60min Nederlands 33 GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES Instellen luidsprekerniveaus 2 U kunt het uitgangsniveau van de luidsprekers instellen terwijl u naar muziek aan het luisteren bent. Dit is ook mogelijk wanneer u een signaal dat via de MULTI CH INPUT aansluitingen binnenkomt afspeelt. Druk op j / i op de afstandsbediening om het uitgangsniveau (volume) van de luidspreker te regelen. • Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen. • Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen. Instelbereik: –10 dB t/m +10 dB Opmerking Deze handeling overschrijft de niveau-instellingen die zijn gemaakt via de “BASIC SETUP” (zie bladzijde 26) en “SP LEVEL” (zie bladzijde 71) methodes. ENTER A/B/C/D/E y PRESET/CH Deze handeling kan ook worden uitgevoerd met de bedieningsorganen op het voorpaneel. Druk herhaaldelijk op NEXT op het voorpaneel om het luidsprekerkanaal te selecteren waarvan u het uitgangsniveau wilt instellen en gebruik vervolgens LEVEL +/– op het voorpaneel om het uitgangsniveau te regelen. FREQ/TEXT EON MODE PTY SEEK TV VOL TV CH AMP START 3 Druk op ENTER op de afstandsbediening wanneer u klaar bent met instellen. 1 VOLUME TV MUTE TV INPUT STEREO MUSIC ENTERTAIN MOVIE 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 ENTER MUTE 1 10 TITLE MENU A/B/C/D/E 3 A/B/C/D/E RETURN DISPLAY PRESET/CH 2 Druk op AMP en vervolgens net zo vaak op LEVEL op de afstandsbediening tot u de luidspreker die u wilt instellen heeft geselecteerd. AMP LEVEL TITLE BAND • Druk op “FRONT L” om het uitgangsniveau (volume) van de linker voor-luidspreker te regelen. • Druk op “CENTER” om het uitgangsniveau (volume) van de midden-luidspreker te regelen. • Druk op “FRONT R” om het uitgangsniveau (volume) van de rechter voor-luidspreker te regelen. • Druk op “SUR. R” om het uitgangsniveau (volume) van de rechter surround-luidspreker te regelen. • Druk op “SUR. B” om het uitgangsniveau (volume) van de surround achter-luidspreker te regelen. • Druk op “SUR. L” om het uitgangsniveau (volume) van de linker surround-luidspreker te regelen. • Druk op “SWFR” om het uitgangsniveau (volume) van de subwoofer te regelen. y Wanneer u op LEVEL op de afstandsbediening heeft gedrukt, kunt u de gewenste luidspreker ook selecteren met u / d. 34 A/B/C/D/E PRESET/CH ENT. SRCH MODE BAND DAB MEMORY A/B/C/D/E SET MENU LEVEL ENTER 1 A/B/C/D/E GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES Selecteren van de Compressed Music Enhancer functie 1 Compressie-artefacten (zoals bij MP3) ontstaan onvermijdelijk door compressiemethoden waarbij gegevens verloren gaan omdat bijvoorbeeld de geluidssignalen opnieuw worden bemonsterd met een lagere bitsnelheid en geluiden die voor mensen onhoorbaar zijn worden verwijderd. De Compressed Music Enhancer functie van dit toestel verbetert de geluidsweergave door de vanwege deze zogenaamde compressie-artefacten ontbrekende harmonische signalen te regenereren. Op deze manier wordt gecompenseerd voor de soms vlakke weergave als gevolg van het verlies in het gecomprimeerde bestand van zowel de hoogste als de laagste tonen, hetgeen de algehele geluidskwaliteit van uw systeem ten goede komt. Druk herhaaldelijk op AMP en vervolgens op ENHANCER op de afstandsbediening om de gewenste Compressed Music Enhancer functie te selecteren. Het volgende scherm zal verschijnen op het display op het voorpaneel en de ENHANCER indicator zal oplichten op het display op het voorpaneel. ENHANCER AMP 0 Licht op DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R TUNER CD VOLUME SP A ENHANCER dB ENHANCER 2CH L R Opmerkingen y De ENHANCER indicator op het display op het voorpaneel licht op wanneer één van de Compressed Music Enhancer functies is ingeschakeld. BASISBEDIENING Keuzes: 2ch Stereo, 6ch Stereo, Off • Selecteer “2ch Stereo” voor weergave met compensatie voor compressie-artefacten in 2kanaals stereo. • Selecteer “6ch Stereo” voor weergave met compensatie voor compressie-artefacten in 6kanaals stereo. • Selecteer “Off ” om de Compressed Music Enhancer functie uit te schakelen. • De Compressed Music Enhancer functie is geschikt voor PCM signalen (32 kHz, 44,1 kHz en 48 kHz) en met analoge 2kanaals ingangssignalen. • De Compressed Music Enhancer functie werkt niet samen met de geluidsveldprogramma’s. • Wanneer de Compressed Music Enhancer functie is ingeschakeld terwijl er een ongeschikt signaal wordt weergegeven, zal de melding “Not Available” op het display op het voorpaneel verschijnen. • Wanneer de signaalbron wordt omgeschakeld naar één met een ongeschikt signaal terwijl de Compressed Music Enhancer functie is ingeschakeld, zal de Compressed Music Enhancer functie automatisch worden uitgeschakeld en zal het betreffende signaal worden weergegeven als 2-kanaals of 6-kanaals stereo. Opmerking Wanneer u “Off ” selecteert, keert dit toestel terug naar het oorspronkelijk ingestelde geluidsveldprogramma. 2 Druk op j / i op de afstandsbediening om het gewenste effectniveau te selecteren. ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH Keuzes: HIGH, LOW • Selecteer “HIGH” voor een hoog effectniveau. • Selecteer “LOW” voor een laag effectniveau. Opmerking 35 Nederlands Zet het effectniveau op “HIGH” of “LOW” aan de hand van de eigenschappen van het bronsignaal. Het is mogelijk dat de hoge tonen van bepaalde signalen teveel benadrukt worden. Zet het effectniveau in een dergelijk geval op “LOW”. GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES Selecteren van de MULTI CH INPUT component Hiermee selecteert u de met de MULTI CH INPUT aansluitingen verbonden signaalbron (zie bladzijde 21). Druk op MULTI CH INPUT op het voorpaneel (of op MULTI CH IN op de afstandsbediening) zodat “MULTI CH INPUT” verschijnt op het display op het voorpaneel. MULTI CH INPUT Luisteren naar onbewerkte weergave Wanneer het toestel in de “STRAIGHT” stand staat, worden 2-kanaals stereobronnen alleen weergegeven via de linker en rechter voor-luidsprekers. Multikanaals materiaal zal rechtstreeks via de diverse kanalen worden weergegeven zonder verdere toevoeging van effecten. 1 MULTI CH IN of Druk op AMP en vervolgens op STRAIGHT op de afstandsbediening en kies “STRAIGHT”. AMP Voorpaneel Afstandsbediening STRAIGHT ENT. MULTI CH INPUT Opmerking STRAIGHT Wanneer “MULTI CH INPUT” wordt getoond op het display, kan er geen andere signaalbron worden weergegeven. Als u met INPUT (of één van de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening) een andere signaalbron wilt selecteren, druk dan eerst op MULTI CH INPUT (of MULTI CH IN op de afstandsbediening) zodat de melding “MULTI CH INPUT” verdwijnt van het display op het voorpaneel. Luisteren naar multikanaals materiaal met 2-kanaals stereoweergave U kunt multikanaals materiaal laten terugbrengen tot 2 kanalen voor weergave als 2-kanaals stereo. Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op STEREO op de afstandsbediening en kies “2ch Stereo”. AMP STEREO 1 2ch Stereo y • U kunt een subwoofer gebruiken met dit programma wanneer “BASS OUT” is ingesteld op “SWFR” of “BOTH” (zie bladzijde 71). • U kunt de “2ch Stereo” functie ook selecteren door op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel te drukken. 36 2 Om de “STRAIGHT” functie uit te schakelen dient u nog eens op STRAIGHT op de afstandsbediening te drukken zodat “STRAIGHT” verdwijnt van het display op het voorpaneel. Eventuele geluidseffecten worden nu weer ingeschakeld. y U kunt de “STRAIGHT” functie ook selecteren door op STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel te drukken. GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES Luisteren naar pure hi-fi stereoweergave De “DIRECT STEREO” functie laat bronsignalen alle decoders en DSP processors van dit toestel onveranderd passeren zodat u kunt profiteren van pure hi-fi weergave van 2-kanaals PCM en analoge bronsignalen. Druk op AMP en vervolgens op DIRECT ST. op de afstandsbediening en kies “DIRECT STEREO”. AMP Tonen van informatie over de signaalbron U kunt de formattering, de bemonsteringsfrequentie, het aantal kanalen en eventuele signaleringsgegevens (vlag) van het huidige ingangssignaal laten zien. 1 Druk op één van de ingangskeuzetoetsen om de gewenste signaalbron te selecteren. DIRECT ST. CD MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR V-AUX 8 2 BASISBEDIENING DIRECT STEREO Druk op AMP en vervolgens op STRAIGHT op de afstandsbediening en kies “STRAIGHT”. STRAIGHT AMP ENT. Opmerkingen • Om onverwacht lawaai te voorkomen mag u geen DTS gecodeerde CD’s afspelen in de “DIRECT STEREO” functie. • Wanneer er multikanaals signalen (Dolby Digital of DTS) binnenkomen in deze stand, zal het toestel automatisch overschakelen naar de corresponderende analoge signaalbron. Wanneer “DTS” is geselecteerd als ingangsfunctie (zie bladzijde 32) zal er geen geluid worden weergegeven. • Er zal geen geluid worden weergegeven via de subwoofer. • De “TONE CONTROL” (zie bladzijde 30) en “SOUND MENU” (zie bladzijde 70) instellingen (behalve voor de instelling van de luidsprekerniveaus) staan buiten werking. • Het display op het voorpaneel wordt automatisch donkerder. STRAIGHT 3 Druk op u / d om de informatie over het ingangssignaal te laten verschijnen. y U kunt de “DIRECT STEREO” functie ook selecteren door herhaaldelijk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel te drukken. ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH Nederlands 37 GEBRUIKEN VAN ANDERE FUNCTIES De volgende informatie zal een paar seconden lang op het display op het voorpaneel getoond worden. Signaalformattering De formattering van het signaal wordt getoond. Wanneer het toestel geen digitaal signaal kan detecteren, wordt er automatisch overgeschakeld naar analoog. Display status: Analog, Digital, Dolby Digital, DTS, PCM, Unknown Digital Opmerking “Unknown Digital” verschijnt wanneer dit toestel een signaal detecteert dat niet gedecodeerd kan worden. Kanaal in: Aantal bronkanalen in het ingangssignaal (voor/ surround/LFE). Bijvoorbeeld een multikanaals soundtrack met 3 voorkanalen, 2 surroundkanalen en een LFE kanaal, zal worden getoond als “3/2/LFE”. Bemonsteringsfrequentie fs: Het aantal metingen per seconden van een continu signaal om een digitaal signaal te kunnen maken. Display status: 32kHz, 44.1kHz, 48kHz, 64kHz, 88.2kHz, 96kHz Bitsnelheid rate: Het aantal bits aan gegevens dat per seconde een bepaald meetpunt passeert. Vlag flg: Signalering (vlag) die in DTS, Dolby Digital of PCM signalen is meegecodeerd en die dit toestel in staat stelt automatisch van decoder te wisselen. y Wanneer u informatie over de signaalbron bekijkt, staat dit toestel in de “STRAIGHT” stand (zie bladzijde 36). Om eventuele geluidseffecten weer in te schakelen, dient u nog eens op “STRAIGHT” te drukken. 38 Afspelen van video op de achtergrond U kunt videobeelden van een videobron combineren met geluid van een audiobron. Zo kunt u bijvoorbeeld naar klassieke muziek luisteren terwijl u op uw beeldscherm kijkt naar mooie landschapsopnamen. Druk op de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening om de gewenste videobron te selecteren en kies vervolgens de audiobron. CD MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR Audiobronnen V-AUX Videobronnen Opmerking Als u wilt luisteren naar een signaalbron die is aangesloten op de MULTI CH INPUT aansluitingen terwijl u naar andere videobeelden kijkt, moet u eerst de videobron selecteren en vervolgens op MULTI CH INPUT op het voorpaneel (of MULTI CH IN op de afstandsbediening) drukken om “MULTI CH INPUT” als signaalbron te selecteren (zie bladzijde 36). LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE Genieten van surroundweergave van multikanaals materiaal Als u een surround achter-luidspreker heeft aangesloten, kunt u via deze functie profiteren van 6.1-kanaals weergave van multikanaals signaalbronnen met behulp van de Dolby Pro Logic IIx, Dolby Digital EX of DTS-ES decoder. 1 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op EXTD SUR. op de afstandsbediening om heen en weer te schakelen tussen 5.1- en 6.1kanaals weergave. 7 Decoder Functies Voor weergave van Dolby Digital of PLIIxMusic DTS signalen via 6.1 kanalen met de Pro Logic IIx Music decoder. EX/ES Voor weergave van Dolby Digital of DTS signalen via 6.1 kanalen met de Dolby Digital EX of DTS-ES decoder. EX Voor weergave van Dolby Digital of DTS signalen via 6.1 kanalen met de Dolby Digital EX decoder. Uit OFF Er worden geen decoders gebruikt om 6.1 kanalen te creëren. Opmerkingen 2 Om een decoder te selecteren, dient u herhaaldelijk op j / i te drukken wanneer “PLIIxMusic” (enz.) wordt getoond. ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH Automatisch AUTO Wanneer er een speciale code (vlag) die door dit toestel kan worden herkend in het ingangssignaal aanwezig is, zal het toestel zelf de optimale decoder voor weergave via 6.1 kanalen selecteren. Als het toestel de ‘vlag’ niet kan herkennen of als het signaal geen ‘vlag’ bevat, kan er niet automatisch via 6.1 kanalen worden weergegeven. • Sommige discs met 6.1-kanaals materiaal hebben geen aparte signalering (vlag) die dit toestel automatisch kan detecteren. Wanneer u een dergelijke disc met 6.1-kanaals materiaal afspeelt, dient u met de hand een decoder (“PLIIx Music”, “EX/ ES” of “EX”) te kiezen. • In de volgende gevallen is 6.1-kanaals weergave niet mogelijk, ook al wordt EXTD SUR. ingedrukt: – wanneer “SUR. LR” (zie bladzijde 70) of “SUR. B” (zie bladzijde 70) op “NONE” staat. – wanneer de met de MULTI CH INPUT aansluitingen verbonden signaalbron wordt weergegeven. – wanneer het weergegeven materiaal geen linker en rechter surroundsignalen bevat. – wanneer er een Dolby Digital KARAOKE signaalbron wordt weergegeven. – wanneer het “2ch Stereo” (zie bladzijde 36) of “DIRECT STEREO” (zie bladzijde 37) programma is geselecteerd. • Wanneer dit toestel uit wordt gezet, zal deze instelling terugkeren naar “AUTO”. • De Pro Logic IIx decoder kan niet worden gebruikt wanneer “SUR. B” op “NONE” is ingesteld (zie bladzijde 70). BASISBEDIENING EXTD SUR. AMP Decoders Afhankelijk van de formattering van het weergegeven materiaal kunt u kiezen uit de volgende decoders. Nederlands 39 LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE Genieten van surroundweergave van 2-kanaals materiaal Ingangssignalen afkomstig van 2 kanaals bronnen kunnen ook via meerdere kanalen worden weergegeven. 1 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op STANDARD op de afstandsbediening om heen en weer te schakelen tussen de “SUR. STANDARD” en “SUR. ENHANCED” programma's, of druk op MOVIE om de “MOVIE THEATER” programma's te selecteren. STANDARD SUR. STANDARD PRO LOGIC Dolby Pro Logic verwerking voor elk bronmateriaal PLII Movie Dolby Pro Logic II verwerking voor filmmateriaal PLII Music Dolby Pro Logic II verwerking voor muziekmateriaal PLII Game Dolby Pro Logic II verwerking voor spelmateriaal PLIIx Movie Dolby Pro Logic IIx verwerking voor filmmateriaal PLIIx Music Dolby Pro Logic IIx verwerking voor muziekmateriaal PLIIx Game Dolby Pro Logic IIx verwerking voor spelmateriaal Neo:6 Cinema DTS verwerking voor filmmateriaal Neo:6 Music DTS verwerking voor muziekmateriaal 5 AMP of MOVIE 4 2 Druk herhaaldelijk op SELECT op de afstandsbediening om de gewenste decoder te selecteren. SELECT 6 U kunt kiezen uit de volgende functies, afhankelijk van het materiaal dat wordt afgespeeld en uw persoonlijke voorkeuren. y U kunt ook een decoder kiezen met j / i op de afstandsbediening terwijl het decodertype op het display op het voorpaneel wordt getoond. Functies SUR. ENHANCED of MOVIE THEATER Functies PRO LOGIC Dolby Pro Logic verwerking voor elk bronmateriaal PLII Movie Dolby Pro Logic II verwerking voor filmmateriaal PLIIx Movie Dolby Pro Logic IIx verwerking voor filmmateriaal Neo:6 Cinema DTS verwerking voor filmmateriaal Opmerking De Pro Logic IIx decoder kan niet worden gebruikt wanneer “SUR. B” op “NONE” is ingesteld (zie bladzijde 70). 40 LUISTEREN NAAR SURROUNDWEERGAVE Gebruiken van het Virtual CINEMA DSP Virtual CINEMA DSP stelt u in staat te profiteren van de CINEMA DSP programma’s zonder surroundluidsprekers. Dit programma maakt virtuele luidsprekers om het oorspronkelijke geluidsveld te reproduceren. Als u “SUR. LR” op “NONE” (zie bladzijde 70) instelt, zal Virtual CINEMA DSP automatisch worden ingeschakeld wanneer u een CINEMA DSP geluidsveldprogramma selecteert (zie bladzijde 55). Opmerking BASISBEDIENING In de volgende gevallen zal Virtual CINEMA DSP niet in werking treden, ook al staat “SUR. LR” op “NONE” (zie bladzijde 70): – wanneer de component die is verbonden met de MULTI CH INPUT aansluitingen is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 36). – wanneer er een hoofdtelefoon in de PHONES aansluiting zit. – wanneer “DIRECT STEREO” (zie bladzijde 37) of “2ch Stereo” (zie bladzijde 36) is geselecteerd, of wanneer het toestel in de “STRAIGHT” functie staat (zie bladzijde 36). Nederlands 41 OPNEMEN OPNEMEN Opname-instellingen en andere handelingen dienen te worden verricht op de opname-apparatuur. Raadpleeg eventueel de handleidingen van de betreffende componenten. Opmerkingen • Wanneer dit toestel uit (standby) staat, kunt u niet opnemen tussen op dit toestel aangesloten componenten. • De TONE CONTROL instellingen (zie bladzijde 30), het ingestelde VOLUME, de luidsprekerniveaus (zie bladzijde 71) en de geluidsveldprogramma’s (zie bladzijde 54) hebben geen invloed op het opgenomen materiaal. • Er kunnen geen opnamen gemaakt worden van een signaalbron die is aangesloten op de MULTI CH INPUT aansluitingen van dit toestel. • S-video en composiet videosignalen worden gescheiden verwerkt door dit toestel. Daarom kunt u bij het opnemen of kopiëren van videosignalen van een videobron die alleen is aangesloten op een S-video aansluiting (of alleen op een composiet video-aansluiting) alleen een S-videosignaal (of alleen een composiet videosignaal) opnemen met uw videorecorder. • Digitale signalen die binnenkomen via de DIGITAL INPUT aansluitingen worden niet ten behoeve van uw opnamen gereproduceerd via de analoge OUT (REC) aansluitingen. • Een bepaalde signaalbron wordt niet gereproduceerd via hetzelfde OUT (REC) kanaal. • Controleer de regelingen met betrekking tot het auteursrecht in het gebied waar u zich bevindt voor u opnamen gaat maken van CD’s, radio enz. Opnemen van auteursrechtelijk beschermd materiaal kan inbreuk maken op de op het materiaal rustende rechten. y Maak een test-opname voor u aan de echte opname begint. Als u videomateriaal weergeeft met gescramblede (verhaspelde) of gecodeerde signalen die moeten voorkomen dat het materiaal gekopieerd wordt, is het mogelijk dat deze signalen de weergave zelf storen. VOLUME 1 Zet alle aangesloten componenten aan. 2 Verdraai INPUT op het voorpaneel (of druk op één van de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening) om de signaalbron waarvan u wilt opnemen te selecteren. STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E NEXT EDIT l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE INPUT 2 CD MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR of POWER POWER TV AV CD MD/CD-R DVD DTV/CBL REC 42 STANDBY V-AUX POWER Voorpaneel Afstandsbediening TUNER DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN 2 3 Start de weergave op de geselecteerde broncomponent of stem af op een zender. 4 Start de opname op de opnemende component. FM/AM AFSTEMMEN FM/AM AFSTEMMEN Er zijn twee manieren om af te stemmen op een zender: automatisch en handmatig. Automatisch afstemmen gaat goed wanneer u sterke signalen ontvangt en er weinig storing is. Als het signaal van de zender waar u op wilt afstemmen te zwak is, moet u er met de hand op afstemmen. U kunt ook maximaal 40 zenders (A1 t/m E8: 8 voorkeuzezenders in 5 groepen) automatisch of met de hand voorprogrammeren. U kunt voorgeprogrammeerde zenders gemakkelijk weer oproepen en indien gewenst twee voorkeuzezenders van plaats laten wisselen. 3 Opmerking Stel de aangesloten FM en AM antenne zo op dat u de beste ontvangst verkrijgt. Druk op TUNING MODE (AUTO/MAN’L) zodat de AUTO indicator op het display oplicht. TUNING MODE Automatisch afstemmen AUTO/MAN'L Automatisch afstemmen gaat goed wanneer u sterke signalen ontvangt en er weinig storing is. DVR 2 V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER CD VOLUME AUTO TUNED SP A AM 1440 kHz R VOLUME Geen dubbele punt (:) Licht op STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E NEXT EDIT l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE Als er een dubbele punt (:) verschijnt op het display, kunt u niet afstemmen. Druk op PRESET/TUNING om de dubbele punt (:) uit te schakelen. AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE BASISBEDIENING A dB L PRESET/TUNING 3 1 4 1 3 EDIT Verdraai INPUT en selecteer “TUNER” (radio) als signaalbron. INPUT Voorpaneel 2 Druk op FM/AM om de radioband te kiezen. “FM” of “AM” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. 4 Druk één keer op PRESET/TUNING l / h om het automatisch afstemmen te laten beginnen. Wanneer het toestel is afgestemd op een zender, zal de TUNED indicator oplichten en zal de frequentie waarop is afgestemd worden getoond op het display. • Druk op h om af te stemmen op een hogere frequentie. • Druk op l om af te stemmen op een lagere frequentie. l PRESET/TUNING h LEVEL FM/AM FM of AM DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER CD AUTO TUNED VOLUME SP A A dB AM 1530 kHz L R Nederlands Licht op 43 FM/AM AFSTEMMEN Handmatig afstemmen 3 Als het signaal van de zender waar u op wilt afstemmen te zwak is, moet u er met de hand op afstemmen. Druk op TUNING MODE (AUTO/MAN’L) zodat de AUTO indicator van het display verdwijnt. TUNING MODE Opmerking AUTO/MAN'L Handmatig afstemmen op een FM zender zal automatisch de ontvangst naar mono overschakelen om de kwaliteit van de ontvangst te verbeteren. 2 DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER CD TUNED VOLUME SP A A dB AM 1440 kHz L R VOLUME Geen dubbele punt (:) STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E NEXT EDIT l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R Verdwijnt Als er een dubbele punt (:) verschijnt op het display, kunt u niet afstemmen. Druk op PRESET/TUNING om de dubbele punt (:) uit te schakelen. TUNING MODE PORTABLE PRESET/TUNING 3 1 4 1 3 EDIT Verdraai INPUT en selecteer “TUNER” (radio) als signaalbron. INPUT 4 Druk op PRESET/TUNING l / h om met de hand af te stemmen op de gewenste zender. Houd de toets ingedrukt om de frequentie doorlopend te laten veranderen. l PRESET/TUNING LEVEL Voorpaneel 2 Druk op FM/AM om de radioband te kiezen. “FM” of “AM” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. FM/AM FM 44 of AM h FM/AM AFSTEMMEN Automatisch voorprogrammeren U kunt maximaal 40 FM zenders met een goede ontvangst (A1 t/m E8: 8 voorkeuzezenders in 5 groepen) automatisch laten voorprogrammeren op de volgorde waarin deze worden gevonden. U kunt vervolgens gemakkelijk via de bijbehorende voorkeuzenummers afstemmen op de voorgeprogrammeerde zenders. 3 Houd MEMORY (MAN’L/AUTO FM) tenminste 3 seconden ingedrukt. Het voorkeuzenummer en de MEMORY en AUTO indicators gaan knipperen. Na ongeveer 5 seconden zal het automatisch voorprogrammeren beginnen vanaf de huidige frequentie naar hogere frequenties. MEMORY MAN'L/AUTO FM 3 2 VOLUME Knippert STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E NEXT EDIT l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM DVR TUNING MODE PHONES SPEAKERS A B l PROGRAM h DVD MD/CD-R pTUNER CD MEMORY VOLUME dB MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL DTV/CBL SP A VIDEO AUX INPUT MODE V-AUX AUTO TUNED AUTO/MAN'L INPUT STRAIGHT A1:FM 87.50MHz BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE L R Knippert 1 1 Verdraai INPUT en selecteer “TUNER” (radio) als signaalbron. INPUT y U kunt het voorkeuzenummer opgeven waar u het toestel wilt laten beginnen met het opslaan van FM zenders en/of vanwaar het afstemmen naar lagere frequenties zal beginnen. Zie “Mogelijkheden automatisch voorprogrammeren” op bladzijde 46 voor details. BASISBEDIENING 3 Wanneer het automatisch voorprogrammeren klaar is, zal de frequentie voor de laatst voorgeprogrammeerde zender op het display getoond worden. Opmerkingen Voorpaneel 2 Druk op FM/AM en selecteer “FM” als de radioband. “FM” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. FM/AM FM • Gegevens voor een zender die reeds zijn opgeslagen onder een bepaald nummer zullen worden gewist wanneer u een andere zender onder dat voorkeuzenummer opslaat. • Als er niet meer dan 40 (E8) zenders ontvangen kunnen worden, zal het automatisch voorprogrammeren stoppen nadat alle beschikbare zenders zijn opgeslagen. • Alleen FM zenders met een voldoende sterke ontvangst worden opgeslagen bij het automatisch voorprogrammeren. Als u een zwakkere zender wilt opslaan, dient u hierop met de hand af te stemmen zoals beschreven onder “Handmatig voorprogrammeren”. Nederlands 45 FM/AM AFSTEMMEN ■ Mogelijkheden automatisch voorprogrammeren Handmatig voorprogrammeren U kunt het voorkeuzenummer opgeven waar u het toestel wilt laten beginnen met het opslaan van FM zenders en/of vanwaar het afstemmen naar lagere frequenties zal beginnen. U kunt ook met de hand maximaal 40 zenders (A1 t/m E8: 8 voorkeuzezenders in 5 groepen) automatisch of met de hand voorprogrammeren. 2,5 3 Opmerking Voer eerst de stappen 1 t/m 3 onder “Automatisch voorprogrammeren” op bladzijde 45 uit. VOLUME STANDBY /ON • Druk op A/B/C/D/E en vervolgens op PRESET/TUNING l / h om het voorkeuzenummer te selecteren waaronder de eerste zender zal worden opgeslagen. Het automatisch voorprogrammeren stopt wanneer voorkeuzenummer E8 bereikt is. l A/B/C/D/E PRESET/TUNING PRESET/TUNING EDIT l PROGRAM l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE 4 1 • Druk op PRESET/TUNING zodat de dubbele punt (:) verdwijnt van het display op het voorpaneel en druk vervolgens op PRESET/ TUNING l om af te stemmen naar lagere frequenties. PRESET/TUNING NEXT STRAIGHT SPEAKERS A B h LEVEL l A/B/C/D/E INPUT NEXT PRESET/TUNING FM/AM EDIT PHONES Stem automatisch of met de hand af op een zender. Zie de bladzijden 43 en 44 voor aanwijzingen over hoe u moet afstemmen op een zender. DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER CD VOLUME TUNED SP A A dB AM 630 kHz L R Wanneer het toestel is afgestemd op een zender zal de bijbehorende frequentie op het display op het voorpaneel getoond worden. h LEVEL 2 Druk op MEMORY (MAN’L/AUTO FM). De MEMORY indicator knippert ongeveer 5 seconden lang op het display op het voorpaneel. MEMORY MEMORY MAN'L/AUTO FM Knippert 3 Druk, terwijl de MEMORY indicator knippert, herhaaldelijk op A/B/C/D/E tot u de gewenste voorkeuzegroep (A t/m E) heeft geselecteerd. De letter van de geselecteerde groep zal nu verschijnen. Controleer of de dubbele punt (:) inderdaad verschijnt op het display. A/B/C/D/E NEXT Knippert DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER TUNED CD MEMORY VOLUME SP A C :AM Voorkeuzegroep 46 dB 630 kHz Dubbele punt (:) L R FM/AM AFSTEMMEN 4 Druk op PRESET/TUNING l / h om het gewenste voorkeuzenummer (1 t/m 8) te selecteren terwijl de MEMORY indicator nog aan het knipperen is. • Druk op h om een hoger voorkeuzenummer te selecteren. • Druk op l om een lager voorkeuzenummer te selecteren. Selecteren van voorkeuzezenders U kunt op de gewenste zender afstemmen door eenvoudigweg het voorkeuzenummer waaronder die zender is opgeslagen te selecteren. VOLUME STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM PRESET/TUNING l PRESET/TUNING A/B/C/D/E NEXT EDIT l h MEMORY LEVEL MAN'L/AUTO FM h TUNING MODE AUTO/MAN'L INPUT PHONES STRAIGHT SPEAKERS A B l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL LEVEL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA Knippert DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER TUNED AUDIO R PORTABLE 12 CD MEMORY VOLUME SP A 630 kHz L SET MENU LEVEL dB C3:AM L R TITLE MENU BAND SRCH MODE 2 ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY DISPLAY 1 PRESET/CH y 5 Druk op MEMORY (MAN’L/AUTO FM) terwijl de MEMORY indicator knippert. De radioband en de frequentie voor deze zender verschijnen op het display, samen met de door u geselecteerde voorkeuzegroep en het voorkeuzenummer. De MEMORY indicator zal van het display op het voorpaneel verdwijnen. MEMORY MAN'L/AUTO FM Wanneer u deze handeling uitvoert met de afstandsbediening, moet u eerst op TUNER drukken om de “TUNER” (Radio) als signaalbron te selecteren. 1 Druk op A/B/C/D/E op het voorpaneel (of A-E/ CAT. j / i op de afstandsbediening) om de gewenste voorkeuzegroep (A t/m E) te selecteren. De letter van de voorkeuzegroep verschijnt op het display op het voorpaneel en verandert met elke druk op de toets. BASISBEDIENING Voorkeuzenummer A/B/C/D/E DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER of CD TUNED VOLUME SP A C3:AM NEXT ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E dB 630 kHz L R PRESET/CH Voorpaneel Afstandsbediening De getoonde zender is opgeslagen als C3. 6 Herhaal de stappen 1 t/m 5 om andere zenders op te slaan. Opmerkingen • Gegevens voor een zender die reeds zijn opgeslagen onder een bepaald nummer zullen worden gewist wanneer u een andere zender onder dat voorkeuzenummer opslaat. • De soort ontvangst (stereo of mono) wordt samen met de frequentie van de zender opgeslagen. Nederlands 47 FM/AM AFSTEMMEN 2 Druk op PRESET/TUNING l / h op het voorpaneel (of PRESET/CH u / d op de afstandsbediening) om het gewenste voorkeuzenummer (1 t/m 8) te selecteren. De voorkeuzegroep en het voorkeuzenummer verschijnen op het display op het voorpaneel, samen met de radioband en de frequentie. Omwisselen van voorkeuzezenders U kunt twee voorkeuzezenders van plaats laten wisselen. In het voorbeeld hieronder ziet u hoe u voorkeuzezender “E1” van plaats kunt laten wisselen met “A5”. 2,4 VOLUME l PRESET/TUNING h of ENTER LEVEL A/B/C/D/E STANDBY /ON A/B/C/D/E PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E l PRESET/TUNING NEXT EDIT h MEMORY LEVEL TUNING MODE MAN'L/AUTO FM AUTO/MAN'L INPUT PHONES PRESET/CH SPEAKERS A B l STRAIGHT PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE Afstandsbediening Voorpaneel 1,3 1,3 DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER CD TUNED VOLUME SP A E1:FM 87.50MHz dB L 1 Selecteer voorkeuzezender “E1” met A/B/C/D/E en PRESET/TUNING l / h. Zie “Selecteren van voorkeuzezenders” op bladzijde 47. 2 Houd EDIT tenminste 3 seconden ingedrukt. De “E1” en MEMORY indicators zullen gaan knipperen op het display op het voorpaneel. R y U kunt het gewenste voorkeuzenummer (1 t/m 8) ook direct invoeren met de cijfertoetsen op de afstandsbediening. PRESET/TUNING EDIT Knippert DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER TUNED CD MEMORY VOLUME SP A E1:FM 87.50MHz Knippert 48 dB L R FM/AM AFSTEMMEN 3 Selecteer voorkeuzezender “A5” met A/B/C/D/E en PRESET/TUNING l / h. De “A5” en MEMORY indicators zullen gaan knipperen op het display op het voorpaneel. Zie “Selecteren van voorkeuzezenders” op bladzijde 47. PRESET/TUNING A/B/C/D/E EDIT NEXT Knippert DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER TUNED CD MEMORY VOLUME SP A dB A5:FM 90.60MHz L R BASISBEDIENING Knippert 4 Druk nog eens op EDIT. “EDIT E1–A5” zal op het display op het voorpaneel verschijnen wanneer de twee voorkeuzezenders van plaats wisselen. PRESET/TUNING EDIT DVR V-AUX DTV/CBL DVD MD/CD-R pTUNER TUNED CD VOLUME SP A EDIT dB E1-A5 L R Nederlands 49 AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA) AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA) Het Radio Data Systeem (alleen modellen voor het V.K. en Europa) is een systeem voor gegevensoverdracht dat door FM zenders in een groot aantal landen worden gebruikt. De Radio Data Systeem functies worden verzorgd door zenders in een netwerk. Dit toestel is geschikt voor verschillende soorten Radio Data Systeem gegevens, zoals PS (Programma Service naam), PTY (Programmatype), RT (Radio Tekst), CT (Klok-tijd), EON (Enhanced Other Networks; Verbeterde service andere netwerken) wanneer er wordt afgestemd op Radio Data Systeem zenders. Selecteren van een Radio Data Systeem programma 3 Met deze functie kunt u één van de 15 Radio Data Systeem programmatypes selecteren en het toestel onder alle beschikbare voorkeuzezenders laten zoeken naar programma’s van het gewenste type. POWER POWER TV AV CD 1 MD/CD-R DVD STANDBY DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN 1 1 SLEEP FREQ/TEXT MODE ENTERTAIN EON PTY SEEK 3 4 EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 ENTER A/B/C/D/E 10 SET MENU TITLE MENU SRCH MODE BAND A/B/C/D/E DAB MEMORY DISPLAY PRESET/CH Programmatype LEVEL TITLE FM BAND Druk op PTY SEEK MODE op de afstandsbediening om dit toestel in de PTY SEEK functie te zetten. De naam van het geselecteerde programmatype of “NEWS” zal gaan knipperen op het display op het voorpaneel. PTY SEEK NEWS Knippert y Om de PTY SEEK functie te annuleren, dient u nog eens op PTY SEEK MODE op de afstandsbediening te drukken. 50 Licht op A/B/C/D/E RETURN AMP PRESET/CH 3 Druk op TUNER en vervolgens op BAND op de afstandsbediening en kies “FM” als de radioband. “FM” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. MODE A/B/C/D/E ENT. LEVEL START TUNER 2 POP M MOVIE 2 SELECT ENTER DISC SKIP 4 2 MUSIC 1 STANDARD TUNER DTV/CBL REC STEREO POWER Druk op PRESET/CH u / d op de afstandsbediening om het gewenste programmatype te selecteren. De naam van het geselecteerde programmatype zal verschijnen op het display op het voorpaneel. Beschrijving NEWS Nieuws AFFAIRS Actualiteiten INFO Algemene informatie SPORT Sport EDUCATE Educatief DRAMA Theater CULTURE Cultuur SCIENCE Wetenschap VARIED Licht amusement POP M Populaire muziek ROCK M Rock muziek M.O.R. M Middle-of-the-road muziek (easy-listening) LIGHT M Licht klassiek CLASSICS Klassiek OTHER M Overige muziek AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA) 4 Druk op PTY SEEK START op de afstandsbediening om alle voorgeprogrammeerde Radio Data Systeem zenders af te zoeken. Het geselecteerde programmatype blijft knipperen op het display op het voorpaneel en de PTY HOLD indicator licht op terwijl het toestel naar een geschikte zender zoekt. PTY SEEK POP M PTY HOLD Licht op y Om het zoeken naar geschikte zenders te annuleren, dient u nog eens op PTY SEEK START op de afstandsbediening te drukken. Deze functie stelt u in staat te profiteren van de EON (Enhanced Other Networks) gegevensservice van het Radio Data Systeem netwerk. Wanneer u één van de 4 Radio Data Systeem programmatypes (NEWS, AFFAIRS, INFO of SPORT) heeft geselecteerd, zal dit toestel automatisch een bepaalde tijd lang alle beschikbare voorkeuzezenders afzoeken die EON gegevens uitzenden naar een programma van het geselecteerde type. Wanneer de geplande EON service begint, zal dit toestel automatisch overschakelen naar de lokale zender die de EON gegevens uitzendt en vervolgens terugschakelen naar de nationale zender wanneer de EON gegevens ophouden. Opmerkingen • U kunt deze functie alleen gebruiken wanneer de EON gegevensservice beschikbaar is. • De EON indicator zal alleen oplichten op het display op het voorpaneel wanneer de EON gegevensservice ontvangen wordt van een Radio Data Systeem zender. Opmerkingen • Het toestel stopt met zoeken zodra er een zender gevonden wordt die een programma van het geselecteerde type uitzendt. • Als u niet tevreden bent met de gevonden zender, kunt u nog eens op PTY SEEK START drukken om te zoeken naar een andere zender met een programma van het gewenste type. POWER POWER TV AV CD 1 DVD MD/CD-R DTV/CBL REC 3 MODE STEREO POWER MUSIC ENTERTAIN MOVIE 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 TUNER DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN 1 10 ENT. SET MENU LEVEL TITLE MENU BAND SRCH MODE ENTER DISC SKIP SLEEP FREQ/TEXT 1 STANDBY BASISBEDIENING Knippert START Gebruiken van het Radio Data Systeem netwerk EON PTY SEEK A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN AMP DAB MEMORY DISPLAY PRESET/CH START Druk op TUNER en vervolgens op BAND op de afstandsbediening en kies “FM” als de radioband. “FM” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. TUNER LEVEL TITLE FM BAND 2 Controleer of de EON indicator brandt op het display op het voorpaneel. Als de EON indicator niet oplicht op het display, dient u af te stemmen op een ander Radio Data Systeem programma waarbij de EON indicator wel gaat branden. Nederlands 51 AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA) 3 Druk herhaaldelijk op EON op de afstandsbediening om het gewenste programmatype (NEWS, AFFAIRS, INFO of SPORT) te selecteren. De naam van het geselecteerde programmatype zal verschijnen op het display op het voorpaneel. EON NEWS Licht op y Om de EON functie te annuleren dient u net zo vaak op EON op de afstandsbediening te drukken tot de naam van het programmatype verdwijnt en de malding “EON OFF” verschijnt op het display op het voorpaneel. Tonen van Radio Data Systeem informatie Gebruik deze functie om de 4 types Radio Data Systeem informatie weer te laten geven: PS (Programmaservice), PTY (Programmatype), RT (Radio Tekst) en CT (Klok Tijd). De corresponderende indicators zullen oplichten op het display op het voorpaneel. Opmerkingen • U kunt deze Radio Data Systeem functies alleen selecteren wanneer de corresponderende indicators oplichten op het display op het voorpaneel. Het kan even duren voor dit toestel alle Radio Data Systeem gegevens heeft ontvangen van de zender in kwestie. • U kunt alleen de door de zender aangeboden Radio Data Systeem functies selecteren. • Als de signalen niet goed genoeg kunnen worden ontvangen, is het mogelijk dat dit toestel geen gebruik kan maken van de Radio Data Systeem gegevens. De “RT” functie in het bijzonder vergt een grote hoeveelheid gegevens en het is daarom mogelijk dat deze functie niet beschikbaar is zelfs wanneer de andere Radio Data Systeem functies wel beschikbaar zijn. • Bij slechte ontvangst kunt u op TUNING MODE (AUTO/ MAN’L) op het voorpaneel drukken zodat de AUTO indicator verdwijnt van het display op het voorpaneel. • Als het signaal externe storing ondervindt terwijl dit toestel de Radio Data Systeem gegevens aan het ontvangen is, kan de ontvangst onverwacht onderbroken worden en kan de melding “...WAIT” verschijnen op het display op het voorpaneel. • Wanneer de “RT” functie wordt geselecteerd, kan dit toestel maximaal 64 alfanumerieke tekens, inclusief het trema, aan programmagegevens op het display tonen. Tekens die niet kunnen worden weergegeven worden vervangen door een “_” (onderstreping). • Als de ontvangst wordt onderbroken wanneer de “CT” functie is geselecteerd, zal “CT WAIT” verschijnen op het display op het voorpaneel. 1 POWER POWER TV AV MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN SLEEP FREQ/TEXT 1 1 ENTERTAIN MOVIE 2 3 4 SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 10 ENT. SET MENU LEVEL TITLE MENU SRCH MODE BAND EON PTY SEEK A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN AMP DAB MEMORY DISPLAY PRESET/CH START Druk op TUNER en vervolgens op BAND op de afstandsbediening en kies “FM” als de radioband. “FM” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. TUNER LEVEL TITLE BAND 52 MUSIC 1 STANDARD ENTER DISC SKIP MODE STEREO POWER CD REC 2 STANDBY FM AFSTEMMEN OP RADIO DATA SYSTEEM ZENDERS (ALLEEN MODELLEN VOOR HET V.K. EN EUROPA) 2 Druk herhaaldelijk op FREQ/TEXT op de afstandsbediening om de gewenste Radio Data Systeem weergavefunctie te selecteren. FREQ/TEXT PS PTY RT CT Frequentiedisplay BASISBEDIENING • Selecteer “PS” om de naam van het ontvangen Radio Data Systeem programma weer te laten geven. • Selecteer “PTY” om het type van het ontvangen Radio Data Systeem programma weer te laten geven. • Selecteer “RT” om eventuele tekstgegevens voor het ontvangen Radio Data Systeem programma weer te laten geven. • Selecteer “CT” om de tijd op dit moment weer te laten geven. Nederlands 53 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Wat het meeste bijdraagt aan de rijke, volle tonen van een live voorstelling, zijn de ingewikkelde weerkaatsingen via de wanden van de ruimte. Naast het feit dat deze weerkaatsingen het geluid verlevendigen, vertellen ze ons ook waar de muzikanten zich bevinden, hoe groot de ruimte is waar we in zitten en welke vorm deze heeft. ■ Onderdelen van een geluidsveld Naast de door de muzikanten geproduceerde geluiden die onze oren direct bereiken zijn er twee verschillende soorten weerkaatsingen die samen onze waarneming van het geluid bepalen. Vroege weerkaatsingen Deze reflecties bereiken onze oren zeer snel (50 ms tot 100 ms na het directe geluid) en zijn slechts door één enkel oppervlak weerkaatst (bijvoorbeeld door het plafond of een muur). Deze vroege weerkaatsingen maken het direct waargenomen geluid voor ons helderder. Natrillingen Deze worden veroorzaakt door weerkaatsingen via meer dan één oppervlak (bijvoorbeeld via de muren en het plafond) en zijn zo talrijk dat ze samensmelten tot een bijna doorlopende nagalm. Deze natrillingen zijn niet richtinggevoelig en maken het directe geluid in onze waarneming minder helder. Het directe geluid, de vroege weerkaatsingen en de natrillingen samen helpen ons bij het bepalen van onze indruk van de grootte en de vorm van de ruimte en het is deze informatie die door de digitale geluidsveld processor wordt gereproduceerd bij het samenstellen van het geluidsveld. Als u in de kamer waar u altijd naar uw muziek luistert de juiste vroege weerkaatsingen en natrillingen zou kunnen maken, zou u uw eigen akoestische luisterparadijs kunnen bouwen. U zou de akoestiek van uw kamer kunnen veranderen in die van een concertzaal, een dansvloer of in die van vrijwel elke ruimte die u zich zou kunnen indenken. Deze kunst om zelf geluidsvelden samen te stellen is precies wat YAMAHA nu heeft bereikt met de digitale geluidsveld processor. Selecteren van geluidsveldprogramma’s Opmerkingen • Kies een geluidsveldprogramma op basis van uw smaak, niet alleen op basis van de naam van het programma. • Wanneer u een bepaalde signaalbron selecteert, zal het toestel automatisch het laatst met die signaalbron gebruikte geluidsveldprogramma instellen. • Er kunnen geen Geluidsveldprogramma’s worden geselecteerd wanneer de component die is verbonden met de MULTI CH INPUT aansluitingen is geselecteerd als signaalbron (zie bladzijde 36). • Signalen met een hogere bemonsteringsfrequentie dan 48 kHz (met uitzondering van DTS 96/24 signalen) zullen worden teruggebracht tot 48 kHz, waarna er geluidsveldprogramma’s op kunnen worden toegepast. ■ Bediening via het voorpaneel ■ Afstandsbediening FREQ/TEXT MODE EON PTY SEEK AMP AMP START VOLUME STANDBY /ON TV VOL TV CH TV MUTE TV INPUT VOLUME MUTE PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E NEXT EDIT l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE STEREO AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT MUSIC ENTERTAIN MOVIE 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 toetsen voor de geluidsveldprogramma’s EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE 10 ENT. PROGRAM l / h toetsen Druk herhaaldelijk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel. De naam van het geselecteerde geluidsveldprogramma zal verschijnen op het display op het voorpaneel. 54 Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op één van de geluidsveldprogrammatoetsen op de afstandsbediening. De naam van het geselecteerde geluidsveldprogramma zal verschijnen op het display op het voorpaneel. GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Beschrijvingen geluidsveldprogramma’s Dit toestel is uitgerust met diverse zeer precieze digitale decoders waarmee u kunt profiteren van multikanaals weergave van vrijwel elke stereo of multikanaals geluidsbron. Dit toestel is tevens voorzien van een YAMAHA digitale geluidsveldprogramma (DSP) processor met een aantal geluidsveldprogramma’s waarmee u uw luister-ervaring een extra dimensie kunt geven. y De YAMAHA CINEMA DSP functies zijn geheel compatibel met alle Dolby Digital, DTS en Dolby Surround bronnen. Zet “INPUT MODE” op “AUTO” (zie bladzijde 32) zodat dit toestel automatisch kan overschakelen naar de juiste digitale decoder voor het binnenkomende ingangssignaal. Opmerkingen • De DSP geluidsveldprogramma’s van dit toestel zijn natuurgetrouwe reproducties van echte akoestische omgevingen, samengesteld aan de hand van exacte metingen verricht in de betreffende ruimtes, concertzalen, bioscopen enz., zelf. Op deze manier kunt u de variaties waarnemen in de weerkaatsingen van voren, achteren, links en rechts. • Kies een geluidsveldprogramma op basis van uw smaak, niet alleen op basis van de naam van het programma. ■ Voor film/video bronnen U kunt kiezen uit de volgende geluidsvelden wanneer u film- of videomateriaal afspeelt. De met “MULTI” aangeduide geluidsvelden kunnen worden gebruikt met multikanaals signaalbronnen, zoals DVD, digitale TV enz. De met “2-CH” aangeduide kunnen worden gebruikt met 2-kanaals (stereo) bronnen zoals TV programma’s, videobanden enz. y Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel (of druk op AMP en dan op één van de geluidsveldprogrammatoetsen op de afstandsbediening) om het gewenste geluidsveldprogramma te selecteren (zie bladzijde 54). Toets Geluidsveldprogramma afstandsbediening Kenmerken STEREO 2ch Stereo Brengt multikanaals materiaal terug tot 2 kanalen of geeft 2-kanaals materiaal onveranderd weer. 2 MUSIC Pop/Rock CINEMA DSP verwerking. Creëert een enthousiaste atmosfeer waarin u zich middenin een echt jazz of rock concert kunt wanen. ENTERTAINMENT TV Sports CINEMA DSP verwerking. Reproduceert de geluidsomgeving van een grote concertzaal met behulp van het surround geluidsveld om de weergave van allerlei TV programma’s, zoals nieuws, licht amusement, muziekprogramma’s of sportprogramma’s, te verbeteren. ENTERTAINMENT Mono Movie CINEMA DSP verwerking. Reproduceert mono videobronnen (zoals oude films) met een optimaal natrillingsniveau om het geluid meer diepte te geven, alleen met behulp van het zogenaamde aanwezigheidsgeluidsveld. ENTERTAINMENT Game CINEMA DSP verwerking. Voegt een diepe en ruimtelijke dimensie toe aan de geluidsweergave van videospelletjes. 3 MULTI 2-CH GELUIDSVELDPROGRAMMA’S 1 Bronnen Nederlands 55 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Toets Geluidsveldprogramma afstandsbediening Kenmerken MOVIE THEATER Spectacle CINEMA DSP verwerking. Dit programma reproduceert tot in de details het extreem brede geluidsveld van een 70-mm bioscoop, hetgeen zowel de videoals de geluidsweergave ongelofelijk realistisch maakt. Dit is ideaal voor Dolby Surround, Dolby Digital of DTS gecodeerd videomateriaal; vooral voor groots opgezette films. MOVIE THEATER Sci-Fi CINEMA DSP verwerking. Dit programma zorgt voor duidelijke weergave van gesproken tekst en geluidseffecten in een vorm die opgang doet in science fiction films, zodat er een weidse cinematische ruimte wordt gecreëerd temidden van de koude stilte. U kunt zo beter genieten van science fiction films in een virtuele geluidsruimte met Dolby Surround, Dolby Digital of DTS gecodeerd materiaal dat gebruik maakt van de meest geavanceerde technieken. 4 MOVIE THEATER Adventure CINEMA DSP verwerking. Dit programma reproduceert de geluidsweergave van de nieuwste 70-mm en multikanaals filmsoundtracks zoals weergegeven in de nieuwste bioscopen, waarbij de natrillingen van het geluidsveld zelf zoveel mogelijk worden onderdrukt. MOVIE THEATER General CINEMA DSP verwerking. Dit programma is bedoeld voor de reproductie van 70-mm films en films met multikanaals soundtracks en wordt gekenmerkt door een zacht en weids geluidsveld. SUR. STANDARD Standaard verwerking voor de geselecteerde decoder. SUR. ENHANCED Verbeterde verwerking voor de geselecteerde decoder. Bronnen MULTI 2-CH 5 ■ Voor muziekmateriaal U kunt kiezen uit de volgende geluidsvelden bij weergave van muziek, zoals CD’s, FM/AM uitzendingen, cassettes enz. y Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel (of druk op AMP en dan op één van de geluidsveldprogrammatoetsen op de afstandsbediening) om het gewenste geluidsveldprogramma te selecteren (zie bladzijde 54). Toets Geluidsveldprogramma afstandsbediening 1 2 3 Kenmerken STEREO 2ch Stereo Voor weergave van 2-kanaals bronmateriaal. STEREO 6ch Stereo Voor weergave van 2-kanaals bronmateriaal met alle luidsprekers via 6.1 kanalen, waarmee een groter geluidsveld geproduceerd wordt; ideaal voor achtergrondmuziek bij feesten en partijen enz. MUSIC Hall in Vienna HiFi DSP verwerking. Dit programma reproduceert een klassieke doosvormige concertzaal met ongeveer 1700 stoelen. De zuilen en ingewikkelde versieringen zorgen voor zeer complexe reflecties en voor een volle en rijke geluidsweergave. MUSIC The Bttm Line HiFi DSP verwerking. Dit programma reproduceert het geluidsveld vlak voor het podium in “The Bottom Line”, de befaamde New Yorkse jazz club met 300 zitplaatsen. MUSIC The Roxy Thtr HiFi DSP verwerking. Dit programma reproduceert de dynamische rock-sound van “The Roxy Theatre”, één van de vetste rock clubs in L.A. De virtuele luisterplek bevindt zich iets links van het midden van de zaal. ENTERTAINMENT Disco HiFi DSP verwerking. Dit programma bootst de akoestiek na van een wervelende disco in het hart van een grote stad en geeft een geconcentreerde en energieke weergave. SUR. STANDARD Standaard verwerking voor de geselecteerde decoder. SUR. ENHANCED Verbeterde verwerking voor de geselecteerde decoder. 5 56 Bronnen 2-CH MULTI 2-CH GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Veranderen van geluidsveldparameter instellingen 2 U kunt een goede geluidskwaliteit bereiken met de fabrieksinstellingen. U hoeft deze begininstellingen niet te veranderen, maar u kunt dat wel doen wanneer u de weergave beter wilt proberen aan te passen aan de specifieke omstandigheden in uw kamer. Opmerkingen • Gebruik de “PARAM. INI” functie in het “OPTION MENU” om de parameters voor alle geluidsveldprogrammafs in een groep terug te zetten op de begininstellingen (zie bladzijde 75). • U kunt de ingestelde waarden voor geluidsveldparameters niet veranderen wanneer “MEMORY GUARD” in het “OPTION MENU” is ingesteld op “ON” (zie bladzijde 75). Als u toch parameterwaarden wilt wijzigen, dient u “MEMORY GUARD” op “OFF” in te stellen. Druk herhaalderlijk op één van de toetsen voor de geluidsveldprogramma’s tot u het geluidsveldprogramma dat u wilt instellen geselecteerd heeft. STEREO 3 MUSIC ENTERTAIN MOVIE 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 10 ENT. Druk op u / d om de gewenste geluidsveldparameter te selecteren en vervolgens op j / i om de ingestelde waarde te veranderen. • Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen. • Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen. y • Voor details over de functie en het mogelijke instelbereik voor elk van de geluidsveldparameters, zie bladzijde 58. • Herhaal de stappen 2 en 3 indien u nog andere parameters voor dit geluidsveldprogramma wilt veranderen. • Als u j / i ingedrukt houdt bij het wijzigen van de waarde van een geluidsveldparameter, zal de oorspronkelijke fabrieksinstelling kort op het display op het voorpaneel worden getoond. EON MODE PTY SEEK TV VOL TV CH AMP START A/B/C/D/E PRESET/CH A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH GELUIDSVELDPROGRAMMA’S FREQ/TEXT ENTER ENTER A/B/C/D/E 1 VOLUME TV MUTE TV INPUT STEREO MUSIC ENTERTAIN 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 MUTE 10 MOVIE ENT. LEVEL SET MENU TITLE MENU SRCH MODE BAND ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY 1 2 3 DISPLAY PRESET/CH Druk op AMP op de afstandsbediening. AMP Nederlands 57 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S ■ Beschrijvingen geluidsveldparameters U kunt de waarden van bepaalde parameters van de digitale geluidsveldprogramma’s wijzigen om de weergave aan te passen aan de omstandigheden in uw kamer. Niet alle onderstaande parameters gelden voor alle programma’s. y Voor details met betrekking tot het veranderen van ingestelde waarden voor geluidsveldparameters, zie bladzijde 57. Geluidsveldparameter DSP LEVEL Kenmerken DSP niveau. Regelt het niveau van alle DSP effectgeluiden binnen een klein bereik. Afhankelijk van de akoestiek in uw kamer wilt u mogelijk het DSP effectniveau verhogen of verlagen ten opzichte van het niveau van de directe weergave. Instelbereik: –6 dB t/m +3 dB INIT. DLY P. INIT. DLY S.INIT.DLY SB INI.DLY Aanvankelijke vertraging. Aanwezigheids-, surround- en surround-achter aanvankelijke vertraging. Wijzigt de schijnbare afstand tot de geluidsbron door het verschil te regelen tussen het moment dat de luisteraar het directe geluid hoort en wanneer hij of zij de eerste weerkaatsing daarvan hoort. Hoe kleiner de ingestelde waarde, hoe dichter de geluidsbron zich bij de luisteraar lijkt te bevinden. Hoe groter deze waarde, hoe verder weg het lijkt. Gebruik een kleine waarde voor een kleine kamer. Gebruik een grotere waarde voor een grote kamer. Instelbereik: 1 t/m 99 ms (INIT. DLY en P. INIT. DLY) 1 t/m 49 ms (S. INIT. DLY och SB INI. DLY) Niveau Niveau Niveau Brongeluid Vroege weerkaatsingen Tijd Tijd Tijd Vertraging Vertraging Vertraging Geluidsbron Weerkaatsend oppervlak Kleine waarde = 1 ms 58 Grote waarde = 99 ms GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Geluidsveldparameter ROOM SIZE P.ROOM SIZE S.ROOM SIZE SB RM SIZE Kenmerken Kamergrootte. Aanwezigheids-, surround- en surround-achter kamerafmetingen. Deze parameter regelt de schijnbare afmetingen van het surround geluidsveld. Hoe groter deze waarde, hoe groter het surround geluidsveld wordt. Omdat geluid keer op keer wordt weerkaatst in een ruimte, zal de tijd tussen het oorspronkelijk gereflecteerde geluid en elke volgende weerkaatsing langer worden naarmate de ruimte groter is. Door de tijd tussen de weerkaatsingen te regelen, kunt u bepalen hoe groot de virtuele ruimte lijkt. Door de waarde van deze parameter te veranderen van een naar twee, zal de schijnbare lengte van de ruimte verdubbeld worden. Instelbereik: 0,1 t/m 2,0 Tijd Vroege weerkaatsingen Niveau Niveau Niveau Brongeluid Tijd Tijd Geluidsbron Kleine waarde = 0,1 Levendigheid. Surround en surround-achter levendigheid. Deze parameter regelt de reflectiviteit van de virtuele wanden van de ruimte door de mate waarin de vroege weerkaatsingen in kracht afnemen te veranderen. De vroege weerkaatsingen van een geluidsbron worden sneller zwakker in een ruimte met geluidabsorberende wanden dan in een ruimte met wanden die juist veel geluid weerkaatsen. Een ruimte met geluidabsorberende oppervlakken wordt ook wel akoestisch “dood” genoemd, terwijl een ruimte met oppervlakken die veel geluid weerkaatsen “levendig” genoemd wordt. Via deze parameter kunt u de mate waarin de vroege weerkaatsingen wegsterven en dus de “levendigheid” van de ruimte regelen. Instelbereik: 0 t/m 10 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Brongeluid Tijd Weinig weerkaatst geluid Kleine waarde = 0 Niveau Dood Niveau Levendig Niveau LIVENESS S.LIVENESS SB LIVENESS Grote waarde = 2,0 Tijd Tijd Veel weerkaatst geluid Grote waarde = 10 Nederlands 59 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Geluidsveldparameter REV.TIME Kenmerken Natriltijd. Deze parameter regelt hoe lang het duurt voordat de dichte natrillingen verzwakt zijn met 60 dB bij 1 kHz. Hierdoor worden de schijnbare afmetingen van de akoestische omgeving over een zeer groot bereik veranderd. Stel een lengere natriltijd in voor “dode” bronnen en luisterplekken en een kortere natriltijd voor “levendige” bronnen en ruimtes. Instelbereik: 1,0 t/m 5,0 s Natrillingen Brongeluid Vroege weerkaatsingen 60 dB REV.TIME Geluidsbron 60 dB REV.TIME Korte natrillingen 60 dB REV.TIME Lange natrillingen Kleine waarde = 1,0 s REV.DELAY Natrillingen Grote waarde = 5,0 s Beginvertraging natrillingen. Deze parameter regelt het tijdverschil tussen het begin van het directe geluid en het begin van de natrillingen. Hoe groter deze waarde, hoe later de natrillingen zullen beginnen. Als de natrillingen later beginnen, krijgt u het gevoel dat u zich in een ruimere akoestische omgeving bevindt. Niveau Instelbereik: 0 t/m 250 ms Brongeluid REV. LEVEL Tijd 60 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Geluidsveldparameter REV.LEVEL Kenmerken Niveau natrillingen. Deze arameter regelt het volume van de natrillingen. Hoe groter deze waarde, hoe sterker de natrillingen zullen zijn. Niveau Instelbereik: 0 tot 100% Brongeluid (dB) 60 dB Natrillingen Tijd REV.DELAY 2ch Stereo DIRECT REV.TIME 2-kanaals stereo direct. Passeert de decoders en DSP processors van dit toestel voor pure hi-fi stereoweergave van 2-kanaals analoog bronmateriaal. Keuzes: AUTO, OFF y 6ch Stereo CT LEVEL SL LEVEL SR LEVEL SB LEVEL 6-kanaals stereo midden, links surround, rechts surround en surround achter niveaus. Regelt het volumeniveau voor elk kanaal in de 6-kanaals stereo weergavefunctie. GELUIDSVELDPROGRAMMA’S • De “AUTO” instelling laat het signaal alleen de decoders en DSP processors passeren wanneer “BASS” en “TREBLE” op 0 dB zijn ingesteld (zie bladzijde 30). • Wanneer er multi-kanaals signalen (Dolby Digital en DTS) binnenkomen, zullen deze worden teruggemengd naar 2 kanalen en worden weergegeven via de linker en rechter voorluidsprekers. • In de volgende gevallen zullen de lage tonen voor de linker en rechter voor-luidsprekers omgeleid worden naar de subwoofer: – “BASS OUT” is ingesteld op “BOTH” (zie bladzijde 71). – “FRONT” is ingesteld op “SMALL” (zie bladzijde 70) en “BASS OUT” is ingesteld op “SWFR” (zie bladzijde 71). Instelbereik: 0 tot 100% Nederlands 61 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Geluidsveldparameter Kenmerken PRO LOGIC IIx Music PRO LOGIC II Music PANORAMA Pro Logic IIx Music en Pro Logic II Music panorama. Stuurt stereosignalen naar de surroundluidsprekers zowel als naar de voor-luidsprekers voor een omhullend effect. PRO LOGIC IIx Music PRO LOGIC II Music DIMENSION Pro Logic IIx Music en Pro Logic II Music dimension. Zorgt voor een graduele aanpassing van het geluidsveld naar voren of naar achteren. Keuzes: OFF, ON Instelbereik: –3 (naar achteren) t/m +3 (naar voren) Begininstelling: STD (standaard) PRO LOGIC IIx Music PRO LOGIC II Music CT WIDTH Pro Logic IIx Music en Pro Logic II Music middenbreedte. Plaatst de weergave voor het middenkanaal helemaal op de midden-luidspreker of verdeelt deze over de linker en rechter voor-luidsprekers. Een grotere waarde verdeelt het middenkanaal meer over de linker en rechter voor-luidsprekers. Instelbereik: 0 (geluid voor het middenkanaal wordt alleen maar weergegeven via de middenluidspreker) t/m 7 (het middenkanaal wordt helemaal via de linker en rechter voor-luidsprekers weergegeven) Begininstelling: 3 DTS Neo:6 Music C. IMAGE DTS Neo:6 Music middenbeeld. Regelt het volume van de linker en rechter voorkanalen in samenhang met het middenkanaal om het middenkanaal meer of minder overheersend te maken. Instelbereik: 0,0 t/m 1,0 Begininstelling: 0,3 y De “PRO LOGIC IIx Music”, “PRO LOGIC II Music” en “DTS Neo:6 Music” parameters kunnen alleen worden ingesteld wanneer “SUR. STANDARD” is geselecteerd. Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op STANDARD op de afstandsbediening en kies “SUR. STANDARD” (zie bladzijde 40). 62 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Geluidsveldprogramma luidsprekeropstellingen De geluidsweergave uit elk van de luidsprekers hangt mede af van het soort audiosignalen dat binnenkomt. Raadpleeg de diagrammen in de tabel hieronder voor meer informatie omtrent de opstelling van de luidsprekers voor elk geluidsveldprogramma. Opmerking Wij wijzen u erop dat er niet of niet genoeg geluid uit de luidsprekers kan komen afhankelijk van het soort materiaal dat wordt weergegeven. Bovendien is het mogelijk dat bepaalde kanalen alleen gedeeltelijk kunnen worden gebruikt wanneer ze op een bepaalde manier zijn ingesteld voor films, bijvoorbeeld met speciale effecten enz. y Behalve voor “2ch Stereo”, “6ch Stereo” en “STRAIGHT”, kunt u een decoder selecteren om geluid weer te laten geven via de surround achter-luidspreker (zie bladzijde 39). In de schema’s worden de volgende afkortingen en symbolen gebruikt: L Linker voor-luidspreker SL Linker surround-luidspreker C Midden-luidspreker SR Rechter surround-luidspreker R Rechter voor-luidspreker SB Surround achter-luidspreker Luidspreker die geluid weergeeft * Luidspreker die geen geluid weergeeft Wanneer de q EX / q PL IIx / ES indicators uit zijn op het display op het voorpaneel 2-kanaals audio (mono) STEREO 2ch Stereo L SL STEREO 6ch Stereo L SL MUSIC Hall in Vienna The Bttm Line The Roxy Thtr ENTERTAINMENT Disco SL L SL SB C SB C SB C SB R L SR SL R L SR SL R L SR SL R L SR SL C SB C SB C SB C SB 5.1/6.1-kanaals audio * R L SR SL R L SR SL R L SR SL R L SR SL C SB C SB C SB C SB R SR R SR R SR Nederlands MUSIC Pop/Rock ENTERTAINMENT TV Sports Mono Movie Game L C 2-kanaals audio (stereo) GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Geluidsveldprogramma R SR 63 GELUIDSVELDPROGRAMMA’S Geluidsveldprogramma SUR. ENHANCED DOLBY DIGITAL PRO LOGIC DTS 2-kanaals audio (mono) L SL C SB 2-kanaals audio (stereo) R L SR SL Pro Logic SUR. ENHANCED PLII Movie PLIIx Movie L SL C SB C SB 5.1/6.1-kanaals audio * R L SR SL C SB R SR Pro Logic R L SR SL C SB R SR Pro Logic II L SL C SB R SR Pro Logic IIx L SL C SB R L SR SL R L SR SL C SB GELUIDSVELDPROGRAMMA’S SUR. ENHANCED Neo:6 Cinema R SR STRAIGHT L SL C SB C SB R L SR SL C SB R SR Mono weergave DIRECT STEREO L SL C SB R L SR SL C SB R SR Mono weergave Nederlands 65 SET MENU SET MENU Met behulp van het “SET MENU” (instelmenu) kunt u allerlei systeeminstellingen wijzigen en kunt u de manier waarop het toestel werkt aanpassen aan uw voorkeuren. Verander de begininstellingen (hieronder vet gedrukt aangeduid) op basis van uw specifieke systeem en uw voorkeuren. ■ BASIC SETUP BASIC SETUP Deze functie is handig wanneer u uw systeem snel en met minimale inspanningen klaar voor gebruik wilt maken (zie bladzijde 26). ■ MANUAL SETUP MANUAL SETUP Via deze functie kunt u met de hand de luidspreker- en systeeminstellingen wijzigen. Geluidsmenu 1 SOUND MENU Via dit menu kunt u met de hand alle luidspreker-instellingen wijzigen, de kwaliteit en de toonkleur van de weergave van uw systeem aanpassen of compenseren voor eventueel vertraagde videoweergave bij gebruik van LCD monitoren of projectoren. Parameter Kenmerken Bladzijde A)SPEAKER SET Selecteren van de afmetingen van de luidsprekers, de luidsprekers voor weergave van lage tonen en de crossover frequentie. 70 B)SP LEVEL Instellen van het uitgangsniveau van elke luidspreker. 71 C)SP DISTANCE Instellen van de vertraging voor elke luidspreker. 72 D)CENTER GEQ Instellen van de klankkleur (toon) van de midden-luidspreker. 72 E)LFE LEVEL Instellen van het uitgangsniveau van het LFE kanaal bij Dolby Digital of DTS signalen. 72 F)D. RANGE Instellen van het dynamisch bereik bij Dolby Digital of DTS signalen. 73 G)AUDIO SET Aanpassen van de volume-afname bij de MUTE functie, de audiovertraging en de instellingen voor het passeren van de toonregeling. 73 Ingangsmenu 2 INPUT MENU Via dit menu kunt u met de hand de ingangsaansluitingen toewijzen aan andere apparatuur, de ingangsfunctie wijzigen of een signaalbron een andere naam geven. Parameter Kenmerken Bladzijde A)INPUT ASSIGN Toewijzen van ingangsaansluitingen van dit toestel aan de daarmee verbonden componenten. 73 B)INPUT MODE Selecteren van de begininstelling van de ingangsfunctie voor de signaalbron. 74 C)INPUT RENAME Hiermee kunt u een signaalbron een andere naam geven. 74 D)VOLUME TRIM Instellen van het uitgangsniveau van elke aansluiting. 74 66 SET MENU Optiemenu 3 OPTION MENU Via dit menu kunt u met de hand de optionele systeeminstellingen wijzigen. Parameter Kenmerken Bladzijde A)DISPLAY SET Instellen van de helderheid van het display. 75 B)MEMORY GUARD Vergrendelen van instellingen voor de geluidsveldprogramma’s en andere “SET MENU” instellingen. 75 C)PARAM. INI Initialiseren van de instellingen voor een groep geluidsveldprogramma’s. 75 D)MULTI ZONE Specificeert de locatie van de luidsprekers die zijn aangesloten op de SPEAKERS B aansluitingen. 75 GEAVANCEERDE BEDIENING Nederlands 67 SET MENU Gebruiken van het SET MENU 2 Gebruik de afstandsbediening om de menu’s te openen en de instellingen te verrichten. FREQ/TEXT EON MODE PTY SEEK TV VOL TV CH TV MUTE TV INPUT STEREO MUSIC AMP START Druk op u / d, selecteer “MANUAL SETUP” en druk vervolgens op ENTER. 1 VOLUME ENTER MUTE ENTERTAIN A/B/C/D/E 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 10 ENT. SET MENU LEVEL TITLE MENU SRCH MODE BAND ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY A/B/C/D/E MOVIE PRESET/CH 1,7 2-6 . MANUAL SETUP DISPLAY PRESET/CH 3 y • U kunt de “SET MENU” parameters wijzigen terwijl het toestel geluid aan het weergeven is. • Als u op een geluidsveldtoets drukt terwijl u bezig bent in het “SET MENU”, zal het “SET MENU” worden geannuleerd. • Herhaal de volgende procedure om de diverse instellingen te selecteren en te wijzigen. • Druk op RETURN om terug te keren naar het vorige menu. Druk op ENTER om de “MANUAL SETUP” te openen. “1 SOUND MENU” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. ENTER A/B/C/D/E Opmerking PRESET/CH U kunt sommige “SET MENU” parameters niet wijzigen terwijl “NIGHT:CINEMA” of “NIGHT:MUSIC” is geselecteerd als nacht-luisterfunctie (zie bladzijde 31). 1 Druk op AMP en vervolgens op SET MENU om het “SET MENU” te openen. “BASIC SETUP” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. AMP A/B/C/D/E 1 SOUND MENU 4 Druk herhaaldelijk op u / d om het gewenste menu te selecteren en druk op ENTER om het te openen. De volgende menu's verschijnen op het display op het voorpaneel als u herhaaldelijk op u / d drukt. SET MENU MENU SRCH MODE ENTER ENTER A/B/C/D/E . BASIC SETUP A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH PRESET/CH 1 SOUND MENU 2 INPUT MENU 3 OPTION MENU 68 A/B/C/D/E SET MENU 5 Druk herhaaldelijk op u / d om het gewenste submenu te selecteren en druk op ENTER om het te openen. Herhaal de stappen 5 en 6 om door de mogelijkheden te bladeren en de in te stellen onderdelen op te zoeken. Druk op RETURN om terug te keren naar het vorige menu. ENTER ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E A/B/C/D/E Druk op SET MENU om de “SET MENU” te verlaten. SET MENU MENU SRCH MODE Geheugen back-up De geheugen back-up schakeling voorkomt dat de opgeslagen gegevens verloren gaan wanneer het toestel uit (standby) staat. Wanneer echter de stekker uit het stopcontact gehaald wordt of de stroomvoorziening om een andere reden langer dan een week onderbroken wordt, zullen de opgeslagen gegevens verloren gaan. PRESET/CH PRESET/CH 6 A/B/C/D/E 7 Druk op u / d om de gewenste parameter te selecteren en vervolgens op j / i om de instelling te wijzigen. • Druk op i om de ingestelde waarde te verhogen. • Druk op j om de ingestelde waarde te verlagen. ENTER ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH GEAVANCEERDE BEDIENING Nederlands 69 SET MENU 1 SOUND MENU Via dit menu kunt u met de hand luidspreker-instellingen wijzigen of compenseren voor vertraging in de videoweergave bij gebruik van LCD monitoren of projectoren. ■ Luidspreker-instellingen A)SPEAKER SET Via dit menu kunt u met de hand de luidsprekerinstellingen wijzigen. y Als u niet tevreden bent met de door uw luidsprekers geproduceerde lage tonen, kunt u deze instellingen aanpassen aan uw voorkeuren. Voor-luidsprekers FRONT Keuzes: SMALL, LARGE • Selecteer “SMALL” (klein) als u kleine voorluidsprekers heeft die niet goed in staat zijn lage tonen weer te geven. De lage tonen in de signalen voor de linker en rechter voor-luidsprekers zullen nu naar de bij BASS OUT geselecteerde luidsprekers gedirigeerd worden. • Selecteer “LARGE” (groot) als u grote voorluidsprekers heeft die goed in staat zijn lage tonen weer te geven. Alle signalen voor de linker en rechter voorkanalen worden naar de linker en rechter voorluidsprekers gedirigeerd. Opmerking Als “BASS OUT” is ingesteld op “FRNT” (zie bladzijde 71), zullen eventuele LFE signalen in Dolby Digital of DTS bronsignalen, de lage tonen in de linker en rechter voorkanalen, en de lage tonen voor andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” of “NONE” allemaal gedirigeerd worden naar de linker en rechter voor-luidsprekers, ongeacht de “FRONT” instelling. Midden-luidspreker CENTER Keuzes: NONE, SML, LRG • Selecteer “NONE” (geen) als u geen middenluidspreker heeft aangesloten. De lage tonen uit het middenkanaal zullen gedirigeerd worden naar de luidsprekers die zijn geselecteerd bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71) en de rest van het middenkanaal zal naar de linker en rechter voor-luidsprekers worden gestuurd. • Selecteer “SML” (klein) als u een kleine middenluidspreker heeft die niet goed in staat is lage tonen weer te geven. De lage tonen uit het middenkanaal zullen naar de luidsprekers worden gedirigeerd die zijn geselecteerd bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71). • Selecteer “LRG” (groot) als u een grote middenluidspreker heeft die goed in staat is lage tonen weer te geven. Alle signalen voor het middenkanaal worden naar de midden-luidspreker gedirigeerd. 70 Linker/rechter surround-luidsprekers SUR. LR Keuzes: NONE, SML, LRG • Selecteer “NONE” (geen) als u geen surroundluidsprekers heeft aangesloten. Hiermee zet u het toestel in de Virtual CINEMA DSP stand (zie bladzijde 41) en zal “ SUR. B” automatisch op “NONE” (geen) worden ingesteld (zie hieronder). De lage tonen in de linker en rechter surroundkanalen zullen naar de bij “BASS OUT” geselecteerde luidsprekers gedirigeerd worden (zie bladzijde 71). • Selecteer “SML” (klein) als u kleine linker en rechter surround-luidsprekers heeft die niet goed in staat zijn lage tonen weer te geven. De lage tonen in de linker en rechter surroundkanalen zullen naar de bij “BASS OUT” geselecteerde luidsprekers gedirigeerd worden (zie bladzijde 71). • Selecteer “LRG” (groot) als u grote linker en rechter surround-luidsprekers heeft die goed in staat zijn lage tonen weer te geven. Het hele toonbereik van het surroundkanaal zal naar de linker en rechter surroundluidsprekers worden gestuurd. Surround achter-luidsprekers SUR. B Keuzes: NONE, SML, LRG • Selecteer “NONE” (geen) als u geen surround schterluidspreker heeft aangesloten. De lage tonen uit het surround-achterkanaal zullen gedirigeerd worden naar de luidsprekers die zijn geselecteerd bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71) en de rest van het surroundachterkanaal zal naar de linker en rechter surroundluidsprekers worden gestuurd. • Selecteer “SML” (klein) als u een kleine surround achter-luidspreker heeft die niet goed in staat is lage tonen weer te geven. De lage tonen uit het surroundachterkanaal worden gedirigeerd naar de luidsprekers die u heeft geselecteerd bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71). • Selecteer “LRG” (groot) als u een grote surround achter-luidspreker heeft die goed in staat is lage tonen weer te geven. Alle signalen voor het surroundachterkanaal worden naar de surround achterluidspreker gedirigeerd. SET MENU LFE/Lage tonen weergave BASS OUT Gebruik deze functie om de luidsprekers te selecteren die de LFE (Lage Frequentie Effecten) en de lage tonen weergeven. Keuzes: SWFR, FRNT, BOTH • Selecteer “SWFR” (subwoofer) als u een subwoofer aangesloten heeft. Zowel de LFE signalen als de lage tonen in de signalen voor andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” (of “SMALL”) of op “NONE” worden naar de subwoofer gedirigeerd. • Selecteer “FRNT” (voor) als u geen subwoofer heeft aangesloten. De LFE signalen, de lage tonen in de linker en rechter voorkanalen, en de lage tonen voor andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” of “NONE” zullen allemaal gedirigeerd worden naar de linker en rechter voor-luidsprekers, ongeacht de “FRONT” instelling (zie bladzijde 70). • Selecteer “BOTH” (beide) als u een subwoofer aangesloten heeft. De lage tonen worden voor elke signaalbron weergegeven door de subwoofer. Zowel de LFE signalen als de lage tonen in de signalen voor andere luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” of “NONE” worden naar de subwoofer gedirigeerd. De lage tonen in de linker en rechter voorkanalen zullen naar de linker en rechter voor-luidsprekers en de subwoofer worden gedirigeerd, ongeacht de “FRONT” instelling (zie bladzijde 70). Subwooferfase SWFR PHASE Als de lage tonen niet of onduidelijk worden weergegeven, kunt u hiermee de fase van uw subwoofer omschakelen. Keuzes: NRM, REV Instelbereik: –10,0 t/m +10,0 dB Instelstap: 1,0 dB Begininstelling: 0 dB Hier volgt een voorbeeld waarin “FL” is geselecteerd om de balans voor de linker voor-luidspreker in te stellen. DVR V-AUX DTV/CBL pDVD MD/CD-R TUNER CD VOLUME SP A dB FL ----||---- L C R SL SR Knippert • Selecteer “FL” om de balans voor de linker voorluidspreker in te stellen. • Selecteer “FR” om de balans voor de rechter voorluidspreker in te stellen. • Selecteer “C” om de balans voor de middenluidspreker in te stellen. • Selecteer “SL” om de balans voor de linker surroundluidspreker in te stellen. • Selecteer “SR” om de balans voor de rechter surroundluidspreker in te stellen. • Selecteer “SB” om de balans voor de surround achterluidspreker in te stellen. • Selecteer “SWFR” om de balans voor de subwoofer in te stellen. Opmerking “C”, “SL”, “SR”, “SB” en “SWFR” kunnen niet worden ingesteld indien “CENTER” (zie bladzijde 70), “SUR. LR” (zie bladzijde 70), “SUR. B” (zie bladzijde 70) en “BASS OUT” (zie bladzijde 71) zijn ingesteld op “NONE”. GEAVANCEERDE BEDIENING Crossover CROSSOVER Met deze functie kunt u een crossover frequentie instellen voor alle luidsprekers die zijn ingesteld op “SML” (of “SMALL”) of op “NONE” via “SPEAKER SET” (zie bladzijde 70). Alle frequenties onder de geselecteerde frequentie zullen naar de subwoofer worden gedirigeerd of naar de luidsprekers die zijn ingesteld op “LRG” (of “LARGE”) via “SPEAKER SET” (zie bladzijde 70). Keuzes: 40Hz, 60Hz, 80Hz, 90Hz, 100Hz, 110Hz, 120Hz, 160Hz, 200Hz ■ Luidsprekerniveau B) SP LEVEL Deze functie stelt u in staat met de hand de balans te bepalen tussen het volume (luidsprekerniveau) van de linker voor- of linker surround-luidspreker en elk van de bij “SPEAKER SET” (zie bladzijde 70) geselecteerde luidsprekers. De geselecteerde luidspreker geeft de testtoon weer en de bij die luidspreker behorende indicator knippert. • Selecteer “NRM” als u de fase voor uw subwoofer niet wilt omkeren. • Selecteer “REV” om de fase voor uw subwoofer om te keren. Nederlands 71 SET MENU ■ Luidsprekerafstand C)SP DISTANCE Met deze functie kunt u met de hand de afstand van elke luidspreker tot de luisterplek invoeren en zo de vertraging voor het bijbehorende kanaal instellen. In het ideale geval zouden alle luidsprekers op dezelfde afstand van de luisterplek moeten staan. Maar in de meeste gevallen is dat praktisch gezien niet mogelijk. Daarom moet de weergave van luidsprekers die eigenlijk te dichtbij staan heel eventjes vertraagd worden, zodat het geluid van alle luidsprekers op hetzelfde moment op de luisterplek arriveert. Eenheid UNIT Keuzes: meters (m), feet (ft) Begininstelling: [Modellen voor de V.S. en Canada]: feet (ft) [Overige modellen]: meters (m) • Selecteer “meters” om de afstanden van de luidsprekers in meters in te kunnen voeren. • Selecteer “feet” om de afstanden van de luidsprekers in feet (voeten) in te kunnen voeren. Luidsprekerafstanden Instelbereik: 0,30 t/m 24,00 m (1.0 t/m 80.0 ft) Instelstap: 0,10 m (0.5 ft) • Selecteer “FRONT L” om de afstand voor de linker voor-luidspreker in te stellen. Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft) • Selecteer “FRONT R” om de afstand voor de rechter voor-luidspreker in te stellen. Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft) • Selecteer “CENTER” om de afstand voor de middenluidspreker in te stellen. Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft) • Selecteer “SUR. L” om de afstand voor de linker surround-luidspreker in te stellen. Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft) • Selecteer “SUR. R” om de afstand voor de rechter surround-luidspreker in te stellen. Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft) • Selecteer “SUR. B” om de afstand voor de surround achter-luidspreker in te stellen. Begininstelling: 2,10 m (7.0 ft) • Selecteer “SWFR” om de afstand voor de subwoofer in te stellen. Begininstelling: 3,00 m (10.0 ft) ■ Grafische equalizer voor het middenkanaal D)CENTER GEQ Met deze functie kunt u de geluidsweergave via het middenkanaal zo aanpassen met de ingebouwde 5-banden (100Hz, 300Hz, 1kHz, 3kHz en 10kHz) grafische equalizer, dat de toonkwaliteit van de middenluidspreker overeenkomt met die van de voorluidsprekers. U kunt de instelling verrichten terwijl u naar de huidige signaalbron luistert, of luisterend naar een testtoon. Instelbereik: –6 t/m +6 dB Instelstap: 0,5 dB Begininstelling: 0 dB y Druk op u / d om een frequentieband te selecteren en op j / i om de geselecteerde frequentieband in te stellen. Hier volgt een voorbeeld waarin “100 Hz” is geselecteerd als de frequentieband. DVR V-AUX DTV/CBL pDVD MD/CD-R 100Hz--||-- CD VOLUME dB 0 dB Testtoon TEST Keuzes: OFF, ON • Selecteer “OFF” om de testtoon te stoppen en de op dit moment geselecteerde signaalbron weer te laten geven. • Selecteer “ON” om de linker voor- en de middenluidspreker een testtoon te laten produceren en stel aan de hand daarvan de toonkwaliteit van de middenluidspreker in. ■ Niveau Lage Frequentie Effecten E)LFE LEVEL Deze functie stelt u in staat het volume (uitgangsniveau) van het LFE (Lage Frequentie Effect) kanaal aan te passen aan de capaciteit van uw subwoofer of hoofdtelefoon. Het LFE kanaal zorgt voor de weergave van speciale effecten met zeer lage tonen bij bepaalde passages. Deze instelling treedt alleen in werking bij weergave wanneer dit toestel Dolby Digital of DTS signalen decodeert. Instelbereik: –20 t/m 0 dB Instelstap: 1 dB Luidspreker SP LFE Stelt het LFE luidsprekerniveau in. Opmerking Hoofdtelefoon HP LFE Stelt het LFE hoofdtelefoonniveau in. “CENTER”, “SUR. L”, “SUR.R”, “SUR. B” en “SWFR” kunnen niet worden ingesteld indien “CENTER” (zie bladzijde 70), “SUR. LR” (zie bladzijde 70), “SUR. B” (zie bladzijde 70) en “BASS OUT” (zie bladzijde 71) zijn ingesteld op “NONE”. Opmerking 72 TUNER SP A Afhankelijk van de instellingen bij “BASS OUT” (zie bladzijde 71) is het mogelijk dat sommige signalen niet via de SUBWOOFER OUTPUT aansluiting worden gereproduceerd. SET MENU ■ Dynamisch bereik F)D. RANGE Via deze functie kunt u instellen hoeveel het dynamisch bereik moet worden gecomprimeerd voor uw luidsprekers of uw hoofdtelefoon. Deze instelling treedt alleen in werking wanneer dit toestel Dolby Digital of DTS signalen decodeert. Luidspreker SP D.R Stelt de compressie voor de luidsprekers in. Hoofdtelefoon HP D.R Stelt de compressie voor de hoofdtelefoon in. Keuzes: MIN, STD, MAX • Selecteer “MIN” (minimum) als u regelmatig bij een laag volume wilt luisteren. • Selecteer “STD” (standaard) voor algemeen gebruik. • Selecteer “MAX” (maximum) om het grootste dynamische bereik te behouden. ■ Audio instellingen G)AUDIO SET Hiermee kunt algemene audio instellingen voor dit toestel wijzigen. Tijdelijk uit of lager zetten van het geluid MUTE TYP. U kunt zelf bepalen hoeveel het volume verlaagd moet worden wanneer u deze functie gebruikt (zie bladzijde 31). Keuzes: FULL, –20dB • Selecteer “FULL” om de geluidsweergave helemaal te stoppen. • Selecteer “–20dB” om het huidige volume met 20 dB te verlagen. Passeren toonregeling TC.BYPASS U kunt de geluidssignalen de schakelingen voor de toonregeling helemaal laten negeren wanneer “TREBLE” en “BASS” op 0 dB zijn ingesteld (zie bladzijde 30). Keuzes: AUTO, OFF • Selecteer “AUTO” als u de schakelingen voor de toonregeling wilt laten negeren om een zo puur mogelijke weergave te verkrijgen. • Selecteer “OFF” als u niet wilt dat de toonregeling helemaal genegeeerd wordt. Via dit menu kunt u de ingangsaansluitingen toewijzen aan andere apparatuur, de ingangsfunctie selecteren of een signaalbron een andere naam geven. ■ Toewijzen van ingangsaansluitingen A)INPUT ASSIGN U kunt de ingangsaansluitingen toewijzen aan andere componenten als de begininstellingen van dit toestel niet overeenkomen met uw voorkeuren. Wijzig de volgende instellingen om de respectievelijke aansluitingen toe te wijzen aan andere apparatuur en uiteindelijk meer componenten te kunnen aansluiten. Wanneer de ingangsaansluitingen opnieuw zijn toegewezen, kunt u de daarbij behorende component selecteren als signaalbron met INPUT op het voorpaneel (of met de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening). Voor de COMPONENT VIDEO aansluitingen A, B en C C.V[A] C.V[B] C.V[C] Keuzes: [A] DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR [B] DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR [C] DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR Voor OPTICAL INPUT aansluiting 1 en 2 IN (1) IN (2) Keuzes: (1) CD, MD/CDR, DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR (2) CD, MD/CDR, DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR Voor COAXIAL INPUT aansluiting 3 COAXIAL IN (3) Keuzes: (3) CD, MD/CDR, DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR Opmerkingen • U kunt een bepaalde naam maar één keer gebruiken voor een bepaald soort aansluiting. • Wanneer u een bepaalde component zowel met de DIGITAL INPUT (COAXIAL) als met de DIGITAL INPUT (OPTICAL) aansluiting verbindt, zal het via de DIGITAL INPUT (COAXIAL) aansluiting binnenkomende signaal voorrang krijgen. GEAVANCEERDE BEDIENING Audio vertraging A.DELAY U kunt de geluidsweergave vertragen zodat deze synchroon loopt met de videobeelden. Dit is soms nodig bij gebruik van bepaalde LCD monitors of projectoren. Instelbereik: 0 t/m 160 ms Instelstap: 1 ms 2 INPUT MENU Nederlands 73 SET MENU ■ Ingangsfunctie B)INPUT MODE Gebruik deze functie om de “INPUT MODE” van dit toestel terug te zetten op “AUTO” (zie bladzijde 32) ongeacht de vorige instelling of om de laatste ingangsfunctie op te roepen (“AUTO”, “DTS”, of “ANALOG”) die gebruikt werd met de signaalbron in kwestie zodra u dit toestel inschakelt. Keuzes: AUTO, LAST 3 Kies met u / d het teken dat u wilt gebruiken en ga vervolgens met j / i naar het volgende teken. ENTER ENTER ENTER • Selecteer “AUTO” om “INPUT MODE” terug te zetten op “AUTO” (zie bladzijde 32) ongeacht de vorige instelling zodra u dit toestel aan zet. Ingangssignalen worden door dit toestel automatisch geselecteerd in deze volgorde: (1) Digitale signalen (2) Analoge signalen • Selecteer “LAST” om het toestel automatisch de ingangsfunctie (“AUTO”, “DTS”, of “ANALOG”) in te laten schakelen die het laatst met de signaalbron in kwestie gebruikt is. A/B/C/D/E A/B/C/D/E Het volgende scherm is een voorbeeld waarin aan “DVD” de nieuwe naam “My DVD” wordt gegeven. DVR V-AUX DTV/CBL pDVD MD/CD-R TUNER Opmerkingen • U kunt maximaal 8 tekens gebruiken voor elke signaalbron. • Druk op d om de tekens als volgt te laten veranderen, of druk op u om deze reeks in omgekeerde volgorde te doorlopen: A t/m Z, spatie, 0 t/m 9, spatie, a t/m z, spatie, symbolen (#, *, –, +, enz.). 1 2 My DVD L C R SL SR Druk op één van de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening om de signaalbron waarvan u de naam wilt veranderen te selecteren. MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR V-AUX Druk op AMP en vervolgens herhaaldelijk op j / i op de afstandsbediening om de “_” (onderstreping) onder de spatie of het teken dat u wilt bewerken te plaatsen. AMP ENTER A/B/C/D/E A/B/C/D/E PRESET/CH 74 Herhaal de stappen 1 t/m 3 als u de namen van andere signaalbronnen wilt veranderen. 5 Druk nog eens op SET MENU op de afstandsbediening om de “INPUT RENAME” functie af te sluiten. VOLUME dB CD 4 CD SP A DVD A/B/C/D/E PRESET/CH PRESET/CH PRESET/CH ■ Signaalbronnen nieuwe namen geven C)INPUT RENAME Via deze functie kunt u de namen van de signaalbronnen zoals getoond op het display op het voorpaneel veranderen. A/B/C/D/E A/B/C/D/E A/B/C/D/E SET MENU MENU SRCH MODE ■ Volume Trim D)VOLUME TRIM Met deze functie kunt u het niveau van de ingangssignalen voor elk van de ingangsaansluitingen op elkaar afstemmen. Dit komt van pas wanneer u wilt vermijden dat het volume plotseling verandert wanneer u overschakelt naar een andere signaalbron. Keuzes: CD, MD/CD-R, TUNER, DVD, DTV/CBL, V-AUX, DVR Instelbereik: –6,0 t/m 6,0 dB Instelstap: 1,0 dB Begininstelling: 0,0 dB SET MENU 3 OPTION MENU Via dit menu kunt u de optionele systeeminstellingen wijzigen. ■ Display instellingen A)DISPLAY SET Dimmer DIMMER Hiermee kunt u de helderheid van het display op het voorpaneel instellen. Instelbereik: – 4 t/m 0 Instelstap: 1 • Druk op j om het display op het voorpaneel te dimmen. • Druk op i om het display op het voorpaneel helderder te maken. ■ Geheugen beveiliging B) MEMORY GUARD Met deze functie kunt u voorkomen dat de DSP programma instellingen en andere systeeminstellingen per abuis gewijzigd worden. Keuzes: OFF, ON • Selecteer “OFF” om de “MEMORY GUARD” functie uit te schakelen. • Selecteer “ON” om de inhoud van het geheugen te beveiligen: – DSP programma instellingen – Alle “SET MENU” onderdelen – Alle ingestelde luidsprekerniveaus Opmerking ■ Zone instelling D)MULTI ZONE Via deze instelling kunt u de locatie aangeven van de luidsprekers die zijn verbonden met de SPEAKERS B aansluitingen van dit toestel. Instelling luidsprekerset B SP B Met deze functie kunt u bepalen waar de voor-luidsprekers die zijn verbonden met de SPEAKERS B aansluitingen zich bevinden. Keuzes: FRONT, ZONE B • Selecteer “FRONT” om de SPEAKERS A en B set aan of uit te zetten wanneer de met de SPEAKERS B aansluitingen verbonden luidsprekers zich in uw eerste luisterruimte bevinden. • Selecteer “ZONE B” als de met de SPEAKERS B aansluitingen verbonden luidsprekers zich in een andere ruimte (zone) bevinden. Als SPEAKERS A wordt uitgeschakeld en SPEAKERS B wordt ingeschakeld, zullen alle luidsprekers in de eerste luisterruimte worden uitgeschakeld en zal er alleen via de SPEAKERS B aansluitingen geluid worden weergegeven. Opmerkingen • Als u een hoofdtelefoon in de PHONES aansluiting van dit toestel doet, zal het geluid worden weergegeven via zowel de hoofdtelefoon als de SPEAKERS B aansluitingen wanneer “SP B” is ingesteld op “ZONE B”. • Als er een DSP programma is ingeschakeld wanneer “SP B” op “ZONE B” is ingesteld, zal het toestel automatisch in de Virtual CINEMA DSP stand gaan (zie bladzijde 41). Wanneer “MEMORY GUARD” is ingesteld op “ON”, kunt u geen andere “SET MENU” items meer selecteren of instellen. GEAVANCEERDE BEDIENING ■ Parameters initialiseren C)PARAM. INI Met deze functie kunt u de instellingen voor alle geluidsveldprogramma’s in een programmagroep tegelijk initialiseren. Wanneer u een geluidsveldprogrammagroep initialiseert, zullen alle gewijzigde instellingen voor de programma’s in die groep worden teruggezet op hun beginwaarden. Druk op de corresponderende toetsen voor de geluidsveldprogramma’s op de afstandsbediening om het geluidsveldprogramma dat u wilt initialiseren te selecteren. Keuzes: STEREO, MUSIC, ENTERTAINMENT, MOVIE THEATER, STANDARD Opmerkingen Nederlands • U kunt de eerder ingestelde waarden niet meer automatisch terughalen nadat u een geluidsveldprogrammagroep heeft geïnitialiseerd. • U kunt geen individuele geluidsveldprogramma’s initialiseren. • U kunt geen geluidsveldprogrammagroepen initialiseren wanneer de “MEMORY GUARD” beveiliging is ingesteld op “ON”. 75 GEAVANCEERDE SETUP GEAVANCEERDE SETUP Dit toestel heeft extra menu’s die worden getoond op het display op het voorpaneel. Het uitgebreide instelmenu biedt aanvullende handelingen om de manier waarop dit toestel functioneert aan te passen. Verander de begininstellingen (hieronder vet gedrukt aangeduid) op basis van uw specifieke systeem en uw voorkeuren. Opmerkingen • De instellingen die u maakt treden in werking wanneer u de volgende keer dit toestel aan zet door op STANDBY/ON op het voorpaneel (of POWER op de afstandsbediening) te drukken (zie bladzijde 25). • Alleen STANDBY/ON, STRAIGHT (EFFECT) en de PROGRAM l / h toetsen functioneren terwijl u het uitgebreide instelmenu gebruikt. • Er kunnen geen andere handelingen worden verricht terwijl u het uitgebreide instelmenu aan het gebruiken bent. • Het uitgebreide instelmenu is alleen beschikbaar via het display op het voorpaneel. 3 VOLUME STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM l PRESET/TUNING A/B/C/D/E NEXT EDIT h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM TUNING MODE AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA L AUDIO R PORTABLE Gebruik de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel en selecteer de parameter waarvoor u de instelling wilt wijzigen. De naam van de geselecteerde parameter verschijnt op het display op het voorpaneel. Zie bladzijde 77 voor een complete lijst met alle beschikbare parameters. l 1,2,5 1 2,4 PROGRAM h 3 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om dit toestel in de uit (standby) te zetten. Op dit moment geselecteerde parameterinstelling Op dit moment geselecteerde parameter STANDBY /ON SP IMP.-8 MIN 2 Houd STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel ingedrukt en druk vervolgens op STANDBY/ON om dit toestel aan te zetten. Het toestel wordt ingeschakeld en het uitgebreide setup menu zal verschijnen op het display op het voorpaneel. Houd ingedrukt STANDBY /ON Druk herhaaldelijk op STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel om de geselecteerde instelling te wijzigen. STRAIGHT EFFECT 5 STRAIGHT EFFECT 4 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om de nieuwe instelling op te slaan en dit toestel uit (standby) te zetten. STANDBY /ON y De gewijzigde instellingen worden van kracht zodra u dit toestel de volgende keer aan zet. 76 GEAVANCEERDE SETUP ■ Luidsprekerimpedantie SP IMP. Gebruik deze functie om de luidsprekerimpedantie van het toestel aan te passen aan die van uw luidsprekers. Keuzes: 8ΩMIN, 6ΩMIN • Selecteer “8ΩMIN” om de luidsprekerimpedantie in te stellen op 8 Ω . • Selecteer “6ΩMIN” om de luidsprekerimpedantie in te stellen op 6 Ω . SP IMP. Luidspreker Impedantieniveau Opmerkingen • Deze instelling zet alle parameters van dit toestel terug, inclusief de “SET MENU” parameters. De parameters voor het uitgebreide instelmenu zullen echter niet worden teruggezet. • De oorspronkelijke fabrieksinstellingen worden weer van kracht wanneer het toestel de volgende keer wordt ingeschakeld. Als u twee sets (A en B) gebruikt, moet de impedantie van elk van de luidsprekers 16 Ω of hoger zijn.* ■ Afstemstap tuner TU (Alleen modellen voor Azië en algemene modellen) Midden Surround Met deze functie kunt u alle parameters van dit toestel terugzetten op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen (zie bladzijde 81). Keuzes: CANCEL, RESET • Select “CANCEL” om de instellingen van dit toestel niet terug te zetten. • Select “RESET” om de instellingen van dit toestel terug te zetten. Als u één set (A of B) gebruikt, moet de impedantie van elk van de luidsprekers 8 Ω of hoger zijn. Voor 8ΩMIN ■ Fabrieksinstellingen PRESET De impedantie van elk van de luidsprekers moet 8 Ω of hoger zijn. Surround Achter Hiermee kunt u de afstemstap van de tuner aanpassen aan de ruimte tussen zendfrequenties in uw gebied. Keuzes: AM10/FM100, AM9/FM50 • Selecteer “AM10/FM100” voor Noord, Midden en Zuid Amerika. • Selecteer “AM9/FM50” voor alle andere gebrieden. Als u één set (A of B) gebruikt, moet de impedantie van elk van de luidsprekers 4 Ω of hoger zijn. Voor Als u twee sets (A en B) gebruikt, moet de impedantie van elk van de luidsprekers 8 Ω of hoger zijn. 6ΩMIN GEAVANCEERDE BEDIENING Midden Surround De impedantie van elk van de luidsprekers moet 6 Ω of hoger zijn. Surround Achter * Modellen voor Canada kunnen niet tegelijkertijd gebruik maken van twee gescheiden luidsprekersystemen (A en B) wanneer “SP IMP.” is ingesteld op “8ΩMIN”. Nederlands 77 KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING Naast dit toestel kan de afstandsbediening ook andere audiovisuele componenten van YAMAHA en van andere fabrikanten aansturen. Om uw TV of andere componenten te kunnen bedienen, moet u de juiste afstandsbedieningscodes voor de diverse signaalbronnen instellen (zie bladzijde 80). Bedienen van dit toestel, een TV of andere componenten ■ Bedienen van dit toestel ■ Bedienen van een TV Druk op AMP om dit toestel te bedienen. Druk op DTV/CBL om uw TV te kunnen bedienen. Om uw TV te kunnen bedienen, moet u de juiste afstandsbedieningscodes voor DTV/CBL instellen (zie bladzijde 80). POWER POWER TV AV STANDBY POWER CD MD/CD-R TUNER DVD DTV/CBL DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN REC DISC SKIP FREQ/TEXT MODE EON PTY SEEK *1 TV CH TV INPUT DTV/CBL POWER POWER TV AV CD MD/CD-R DVD DTV/CBL REC SLEEP DISC SKIP AMP FREQ/TEXT AMP START MODE VOLUME TV VOL TV MUTE *1 *1 *1 STANDBY TUNER DVR V-AUX CODE SET MULTI CH IN SLEEP EON PTY SEEK AMP START VOLUME TV VOL TV CH TV MUTE TV INPUT MUTE MUTE STEREO MUSIC ENTERTAIN MOVIE STEREO MUSIC ENTERTAIN 1 2 3 4 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 ENT. 9 0 10 SET MENU LEVEL TITLE BAND *2 *2 A/B/C/D/E TITLE BAND DISPLAY Deze toetsen bedienen altijd dit toestel zelf. Deze toetsen bedienen dit toestel alleen wanneer er op AMP is gedrukt. SET MENU MENU A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY DISPLAY PRESET/CH Opmerkingen *1 Deze toetsen bedienen altijd uw TV. Afstandsbediening *2 78 ENT. SRCH MODE A/B/C/D/E PRESET/CH Opmerkingen *2 MOVIE ENTER A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY 10 LEVEL MENU SRCH MODE ENTER *1 POWER Digitale TV/Kabel TV TV POWER Hiermee schakelt u de stroom in of uit. TV VOL +/– Hiermee verhoogt of verlaagt u het volume. TV CH +/– Wijzigt het kanaalnummer. TV MUTE Deze toets schakelt de geluidsweergave tijdelijk uit. TV INPUT Wijzigt de signaalbron. Deze toetsen bedienen uw TV alleen wanneer er op DTV/CBL is gedrukt. Zie de “Digitale TV/Kabel TV” kolom op bladzijde 79 voor details. KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING ■ Bedienen van andere componenten Wanneer u de juiste afstandsbedieningscodes heeft ingesteld (zie bladzijde 80), kunt u met de ingangskeuzetoetsen en de component kiezen die u wilt bedienen. Het is mogelijk dat sommige toetsen niet het verwachte effect hebben op uw apparatuur. 1 POWER TV AV CD MD/CD-R DVD 1 2 AV POWER Aan/uit *1 Digitale TV/Kabel TV VCR aan/uit *2 MUSIC ENTERTAIN 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 3 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT DVR V-AUX 9 0 CODE SET MULTI CH IN DISC SKIP SLEEP EON PTY SEEK TV VOL TV CH TV MUTE TV INPUT TITLE MENU BAND SRCH MODE *1 MD/CD-recorder Aan/uit *1 Disc Overslaan VCR weergave *2 Weergave Weergave w Terug zoeken Terug zoeken VCR terug zoeken *2 Terug zoeken Terug zoeken f Vooruit zoeken Vooruit zoeken VCR vooruit zoeken *2 Vooruit zoeken Vooruit zoeken Pauze Pauze VCR pauze *2 Pauze Pauze Terug springen Terug springen Vooruit springen Vooruit springen Vooruit springen s 0-9, +10 9 A/B/C/D/E DISPLAY PRESET/CH VOLUME VCR opname *2, 3 a 7 8 ENTER A/B/C/D/E RETURN DAB MEMORY Weergave Terug springen ENT. SET MENU LEVEL Opname *3 b 10 MOVIE START CD-speler Aan/uit AMP 4 5 6 Weergave e Tuner Aan/uit *1 Opname (MD) Stop Stop VCR stop *2 Stop Stop Cijfertoetsen Cijfertoetsen Cijfertoetsen Cijfertoetsen Cijfertoetsen Voorkeuzezenders (1-8) Titel Band PRESET/CH u Hoger VCR volgende kanaal Volgende voorkeuzezender (1-8) PRESET/CH d Lager VCR vorige kanaal Vorige voorkeuzezender (1-8) A-E/CAT. j Links Vorige voorkeuzezender (A-E) A-E/CAT. i Rechts Volgende voorkeuzezender (A-E) TITLE ENTER RETURN ENT. MENU DISPLAY Selecteren Terug Titel/Index Enter Enter Index Index Display Display Display Menu Display Opmerkingen *1 Deze toets werkt alleen wanneer de originele afstandsbediening van de component in kwestie een POWER (aan/uit) toets heeft. Met deze toetsen kunt u uw videorecorder bedienen wanneer de afstandsbedieningscode van uw videorecorder is ingesteld op DVR en DTV/CBL is geselecteerd. *3 Wanneer u deze toets gebruikt om opnamen te maken van een signaalbron, dient u deze tweemaal in te drukken om storingen te voorkomen. *2 GEAVANCEERDE BEDIENING 6 7 8 9 Aan/uit *1 Videorecorder TV INPUT Disc overslaan REC/DISC SKIP p 3 4 5 DVD-speler POWER TUNER FREQ/TEXT MODE Afstandsbediening STANDBY DTV/CBL REC 2 TV MUTE STEREO MUTE POWER Nederlands 79 KENMERKEN VAN DE AFSTANDSBEDIENING Instellen van afstandsbedieningscodes 1 U kunt andere componenten bedienen als u de bijbehorende afstandsbedieningscodes heeft ingesteld. U kunt voor elke signaalbron een afstandsbedieningscode instellen. Raadpleeg de “LIJST MET AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van deze handleiding voor een complete lijst met de beschikbare afstandsbedieningscodes. In de volgende tabel staan de standaard ingestelde componenten (Archief: componentencategorie) en de afstandsbedieningscode voor elke set bedieningstoetsen. Standaardinstellingen afstandsbedieningscodes Signaalbron Archief (Componentencategorie) Fabrikant Standaard code CD CD YAMAHA 199 MD/CD-R CD-R YAMAHA 499 DVD DVD YAMAHA 699 TUNER *1 TUNER YAMAHA Vast DTV/CBL *2 – – – DVR – – – V-AUX *1 *2 Houd ingedrukt CD MD/CD-R DVD DTV/CBL CODE SET DVR V-AUX Opmerking U moet CODE SET ingedrukt houden tijdens deze hele procedure. 2 Houd CODE SET ingedrukt en voer met de cijfertoetsen (0 t/m 9) de drie cijfers van de afstandsbedieningscode voor de component in kwestie in. Wanneer het instellen met succes verloopt, zal de melding “PRESET OK” verschijnen; zoniet, dan zal “PRESET NG” verschijnen op het display op het voorpaneel. Raadpleeg de “LIJST MET AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van deze handleiding. Houd ingedrukt – – – – – – U kunt alleen dit toestel bedienen. U kunt alleen maar TV afstandsbedieningscodes instellen onder DTV/CBL. Opmerking Het is mogelijk dat u uw specifieke YAMAHA component niet kunt bedienen, ook al is er een YAMAHA afstandsbedieningscode voorgeprogrammeerd. Probeer in een dergelijk geval een andere YAMAHA afstandsbedieningscode in te stellen. 80 Houd CODE SET ingedrukt en druk op een ingangskeuzetoets of om de component die u wilt instellen te selecteren. CODE SET STEREO MUSIC ENTERTAIN MOVIE 1 2 3 4 STANDARD SELECT EXTD SUR. DIRECT ST. 5 6 7 8 SPEAKERS ENHANCER NIGHT STRAIGHT 9 0 10 ENT. Opmerkingen • Als er meerdere codes zijn voor de fabrikant van uw component, probeer ze dan één voor één tot u de juiste gevonden heeft. • U kunt slechts één enkele afstandsbedieningscode toewijzen aan één ingangskeuzetoets. RESETTEN VAN HET SYSTEEM RESETTEN VAN HET SYSTEEM Met deze functie kunt u alle parameters van dit toestel terugzetten op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen. Opmerkingen • Deze procedure zet alle parameters van dit toestel terug, inclusief de “SET MENU” parameters. De parameters voor het uitgebreide instelmenu zullen echter niet worden teruggezet. • De oorspronkelijke fabrieksinstellingen worden weer van kracht wanneer het toestel de volgende keer wordt ingeschakeld. y Om het resetten halverwege te onderbreken zonder wijzigingen aan te brengen, kunt u op STANDBY/ON op het voorpaneel drukken (of op STANDBY op de afstandsbediening) om dit toestel uit (standby) te zetten. 3 VOLUME Druk op de PROGRAM l / h toetsen op het voorpaneel om en selecteer “PRESET”. STANDBY /ON PRESET/TUNING FM/AM A/B/C/D/E NEXT EDIT l PRESET/TUNING h LEVEL MEMORY MAN'L/AUTO FM l TUNING MODE PROGRAM h AUTO/MAN'L INPUT PHONES SPEAKERS A B STRAIGHT l PROGRAM h VIDEO AUX INPUT MODE MULTI CH INPUT EFFECT TONE CONTROL BASS/TREBLE VIDEO SILENT CINEMA 1-2,5 2,4 L AUDIO R PORTABLE 3 PRESET-CANCEL 1 Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om dit toestel in de uit (standby) te zetten. 4 Druk herhaaldelijk op STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel om en selecteer “RESET”. STRAIGHT STANDBY /ON EFFECT 2 PRESET-RESET y Selecteer “CANCEL” om de reset procedure te annuleren zonder wijzigingen aan te brengen. Houd ingedrukt STRAIGHT EFFECT STANDBY /ON 5 GEAVANCEERDE BEDIENING Houd STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel ingedrukt en druk vervolgens op STANDBY/ON om dit toestel aan te zetten. Het toestel wordt ingeschakeld en het uitgebreide setup menu zal verschijnen op het display op het voorpaneel. Druk op STANDBY/ON op het voorpaneel om uw keuze te bevestigen en dit toestel uit (standby) te zetten. STANDBY /ON Nederlands 81 OPLOSSEN VAN PROBLEMEN OPLOSSEN VAN PROBLEMEN Raadpleeg de tabel hieronder wanneer het toestel niet naar behoren functioneert. Als het probleem niet hieronder vermeld staat, of als de aanwijzingen het probleem niet verhelpen, zet het toestel dan uit (standby), haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met uw dichtstbijzijnde YAMAHA dealer of servicecentrum. ■ Algemeen Probleem Het toestel gaat niet aan, of gaat direct weer uit (standby) zodra de stroom wordt ingeschakeld. Geen geluid Geen beeld 82 Oorzaak Oplossing Zie bladzijde Het netsnoer of de stekker is niet of niet goed aangesloten. Sluit het netsnoer op de juiste manier aan. — De instelling voor de luidsprekerimpedantie is niet correct. Stel de luidsprekerimpedantie in zodat deze overeenkomt met die van uw luidsprekers. 24 De beveiliging is in werking getreden. Controleer of alle luidsprekerbedrading, op het toestel en op de luidsprekers zelf, op de juiste manier is aangesloten en dat de draden geen contact maken met andere dingen dan de bijbehorende aansluitingen. 12 Het toestel heeft blootgestaan aan een sterke, externe elektrische schok (bijvoorbeeld een blikseminslag of een ontlading van statische elektriciteit). Zet het toestel uit (standby), haal de stekker uit het stopcontact, wacht 30 seconden voor u de stekker weer terug doet en probeer het toestel vervolgens weer gewoon te gebruiken. — In- of uitgangskabels niet op de juiste manier aangesloten. Sluit de bedrading op de juiste manier aan. Als dit het probleem niet verhelpt, is het mogelijk dat er iets mis is met de kabels. “INPUT MODE” is ingesteld op “DTS” of “ANALOG”. Zet “INPUT MODE” op “AUTO”. Er is geen geschikte signaalbron geselecteerd. Selecteer een geschikte signaalbron met INPUT op het voorpaneel (of de ingangskeuzetoetsen op de afstandsbediening) of met MULTI CH INPUT op het voorpaneel (of MULTI CH IN op de afstandsbediening). De luidsprekers zijn niet goed aangesloten. Sluit de luidsprekers op de juiste manier aan. 12 De te gebruiken voor-luidsprekers zijn niet op de juiste manier geselecteerd. Selecteer de set voor-luidsprekers met SPEAKERS A/B en/of B op het voorpaneel of SPEAKERS op de afstandsbediening. 29 Het volume staat uit. Zet het volume hoger. — De geluidsweergave is tijdelijk uitgeschakeld. Druk op MUTE of VOLUME +/– op de afstandsbediening om de geluidsweergave te herstellen en het volume te kunnen regelen. 31 “INPUT MODE” is ingesteld op “ANALOG” terwijl er DTS gecodeerd materiaal wordt weergegeven. Zet “INPUT MODE” op “AUTO” of “DTS”. 32 Er worden signalen van een broncomponent ontvangen die dit toestel niet kan weergeven, zoals van een CDROM. Gebruik een signaalbron waarvan de signalen wel door dit toestel kunnen worden gereproduceerd. — Er wordt gebruik gemaakt van verschillende types video-aansluitingen voor de in- en uitgang van het beeldsignaal. Sluit uw videocomponenten op dezelfde manier aan op dit toestel als uw videomonitor. 18 17–23 32 29, 36 OPLOSSEN VAN PROBLEMEN Probleem Het geluid valt plotseling uit. Er klinkt alleen geluid uit de luidspreker aan één kant. Oorzaak De beveiliging is in werking getreden vanwege kortsluiting enz. Oplossing Zie bladzijde Controleer of de luidsprekerimpedantie correct is ingesteld. 24 Controleer of de luidsprekerbedrading nergens kortsluiting maakt en zet vervolgens het toestel weer aan. — De slaaptimer heeft het toestel uitgeschakeld. Zet het toestel aan en speel de gewenste signaalbron weer af. — De geluidsweergave is tijdelijk uitgeschakeld. Druk op MUTE of VOLUME +/– op de afstandsbediening om de geluidsweergave te hervatten. 31 Bedrading niet op de juiste manier aangesloten. Sluit de bedrading op de juiste manier aan. Als dit het probleem niet verhelpt, is het mogelijk dat er iets mis is met de kabels. Onjuiste balans ingesteld via “SPEAKER LEVEL”. Wijzig de “SPEAKER LEVEL” instellingen. 71 17–23 Wanneer er een mono bronsignaal wordt weergegeven met een CINEMA DSP programma, zal dit signaal via het middenkanaal worden weergegeven, terwijl alleen eventuele door het programma toegevoegde effecten via de voor- en surround-luidsprekers worden geproduceerd. Er klinkt geen geluid uit de middenluidspreker. “CENTER” in het “SET MENU” staat op “NONE”. Zet “CENTER” op “SML” of “LRG”. 70 Eén van de HiFi DSP programma’s (uitgezonderd 6ch Stereo) is geselecteerd. Probeer een ander geluidsveldprogramma. 54 Er klinkt geen geluid uit de surroundluidsprekers. “SUR. LR” in het “SET MENU” staat op “NONE”. Zet “SUR. LR” op “SML” of “LRG”. 70 Dit toestel staat in de “STRAIGHT” stand en er wordt mono materiaal weergegeven. Druk op STRAIGHT (EFFECT) op het voorpaneel zodat “STRAIGHT” van het display op het voorpaneel verdwijnt. 36 Er klinkt geen geluid uit de surround achter-luidspreker. “SUR. LR” in het “SET MENU” is ingesteld op “NONE” en “SUR. B” is automatisch ingesteld op “NONE”. Zet “SUR. LR” en “SUR. B” op “SML” of “LRG”. 70 “SUR. B” in het “SET MENU” staat op “NONE”. Zet “SUR. B” op “SML” of “LRG”. 70 “BASS OUT” staat op “FRNT” in het “SET MENU” terwijl er een Dolby Digital of DTS signaal wordt weergegeven. Zet “BASS OUT” op “SWFR” of “BOTH”. 71 “BASS OUT” in het “SET MENU” staat op “SWFR” of “FRNT” terwijl er een 2kanaals bronsignaal wordt weergegeven. Zet “BASS OUT” op “BOTH”. 71 Er klinkt geen geluid uit de subwoofer. AANVULLENDE INFORMATIE Er wordt alleen flink geluid geproduceerd door de middenluidspreker. Het bronsignaal bevat geen zeer lage tonen (bas). Nederlands 83 OPLOSSEN VAN PROBLEMEN Zie bladzijde Probleem Oorzaak Oplossing Er kunnen geen Dolby Digital of DTS bronnen worden weergegeven. (De Dolby Digital of DTS indicator op het display op het voorpaneel licht niet op.) De aangesloten component is niet correct ingesteld voor het produceren van Dolby Digital of DTS digitale signalen. Volg de handleiding van de apparatuur in kwestie en maak de vereiste instellingen. — “INPUT MODE” is ingesteld op “ANALOG”. Zet “INPUT MODE” op “AUTO” of “DTS”. 32 U hoort een zeker gebrom. Bedrading niet op de juiste manier aangesloten. Sluit de audiokabels stevig en op de juiste manier aan. Als dit het probleem niet verhelpt, is het mogelijk dat er iets mis is met de kabels. — Het volume kan niet worden verhoogd, of het geluid klinkt vervormd. De op de AUDIO OUT (REC) aansluitingen van dit toestel aangesloten component staat uit. Zet de betreffende component aan. — Geluidseffecten worden niet opgenomen. Het is niet mogelijk door het toestel toegevoegde effecten op te nemen met aangesloten opname-apparatuur. Er kan niet worden opgenomen door analoge opnameapparatuur die is aangesloten op de AUDIO OUT (REC) aansluitingen. De signaalbron is niet aangesloten op de analoge AUDIO IN aansluitingen van dit toestel. Sluit de signaalbron aan op de analoge AUDIO IN aansluitingen. De geluidsveldparameter s en sommige andere instellingen van dit toestel kunnen niet worden gewijzigd. “MEMORY GUARD” in het “SET MENU” staat op “ON”. Zet “MEMORY GUARD” op “OFF”. 75 Het toestel functioneert niet naar behoren. De interne microcomputer is vastgelopen door een externe elektrische schok (bijvoorbeeld blikseminslag of ontlading van statische elektriciteit) of door een te laag voltage van de stroomvoorziening. Haal de stekker uit het stopcontact en doe hem na ongeveer 30 seconden weer terug. — “CHECK SP WIRES” zal op het display op het voorpaneel verschijnen. De luidsprekerbedrading maakt kortsluiting. Controleer of alle luidsprekerkabels op de juiste manier zijn aangesloten. 12 U ondervindt storing van digitale of andere apparatuur die radiogolven gegenereert. Dit toestel staat te dicht bij de digitale of hoogfrequente apparatuur. Zet het toestel verder bij dergelijke apparatuur vandaan. — De beeldweergave wordt gestoord. De videobron maakt gebruik van gescramblede of gecodeerde signalen om kopiëren tegen te gaan. Het toestel gaat plotseling uit (standby). De interne temperatuur is te hoog opgelopen en de oververhittingsbeveiliging is in werking getreden. Wacht ongeveer 1 uur tot het toestel afgekoeld is voor u het weer aan zet. — 84 18–20 OPLOSSEN VAN PROBLEMEN ■ Tuner FM AM Probleem Oorzaak Oplossing Zie bladzijde Veel ruis in de FM stereo-ontvangst. Dit probleem is inherent aan FM stereo-uitzendingen wanneer de zender te ver weg is of het ontvangstsignaal dat binnenkomt via de antenne niet sterk genoeg is. Controleer de aansluitingen van de antenne. 22 Probeer een hoogwaardige richtingsgevoelige FM antenne. — Stem met de hand af. 44 Er is vervorming en ook een betere FM antenne zorgt niet voor een betere ontvangst. U ondervindt interferentie doordat hetzelfde signaal op verschillende manieren ontvangen wordt. Verander de opstelling van de antenne zodat u van deze interferentie geen last meer hebt. — Er kan niet automatisch worden afgestemd op de gewenste zender. Het radiosignaal is te zwak. Probeer een hoogwaardige richtingsgevoelige FM antenne. — Stem met de hand af. 44 Er kan niet langer worden afgestemd op eerder voorgeprogrammeerde zenders. Het toestel is te lang zonder stroom geweest. Programmeer zenders voor. Er kan niet automatisch worden afgestemd op de gewenste zender. Het signaal is te zwak of de antenne is los. Controleer de aansluitingen van de AM ringantenne en stel deze zo op dat u de beste ontvangst verkrijgt. — Stem met de hand af. 44 45, 46 U hoort doorlopend gekraak en gesis. Deze geluiden kunnen het gevolg zijn van bliksem, TL verlichting, motoren, thermostaten en andere elektrische apparatuur. Gebruik een buitenantenne en een goede aarding. Dit kan in sommige gevallen helpen, maar het blijft moeilijk om alle storingsbronnen te elimineren. — U hoort gezoem en gefluit. Er wordt in de buurt van het toestel een TV gebruikt. Zet dit toestel verder bij de TV vandaan. — ■ Afstandsbediening Probleem De afstandsbediening werkt niet of niet naar behoren. Oorzaak Oplossing Zie bladzijde De afstandsbediening werkt binnen een maximaal bereik van 6 m en binnen een hoek van 30 graden ten opzichte van loodrecht op het voorpaneel. 7 Direct zonlicht of sterke verlichting (vooral van TL lampen enz.) valt op de sensor voor de afstandsbediening van dit toestel. Stel het toestel anders op. — De batterijen raken leeg. Vervang alle batterijen. 3 De afstandsbedieningscode is niet goed ingesteld. Stel de afstandsbedieningscode op de juiste manier in met behulp van de “LIJST MET AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van deze handleiding. 80 Stel een andere afstandsbedieningscode in voor dezelfde fabrikant met behulp van de “LIJST MET AFSTANDSBEDIENINGSCODES” aan het eind van deze handleiding. 80 AANVULLENDE INFORMATIE Te ver weg of onder te scherpe hoek gebruikt. Nederlands Ook als de juiste afstandsbedieningscode is ingesteld is het mogelijk dat bepaalde modellen niet goed reageren op de afstandsbediening. 85 WOORDENLIJST WOORDENLIJST Audio informatie ■ Dolby Digital Dolby Digital is een digitaal surroundsysteem met volledig van elkaar gescheiden multikanaals audio. Met 3 voorkanalen (links, midden en rechts), en 2 surroundstereokanalen biedt Dolby Digital in totaal 5 audiokanalen met het volle frequentiebereik. Met een extra kanaal speciaal voor de zeer lage tonen, het zogenaamde LFE (Lage Frequentie Effect) kanaal, biedt dit systeem in totaal 5.1 kanalen (het LFE kanaal wordt als 0.1 kanaal geteld). Door 2-kanaals stereo voor de surround-luidsprekers te gebruiken is er een betere weergave van bewegende geluidsbronnen en een beter algeheel surroundeffect mogelijk dan bij Dolby Surround. Het grote dynamische bereik (van het zachtste tot het hardste geluid dat nog kan worden weergegeven) van de 5 kanalen met het volle frequentiebereik en de precieze plaatsing van het geluid door de digitale verwerking biedt de luisteraar een ongehoord realistische weergave. Met dit toestel kunt u zelf kiezen wat voor weergave u wilt horen, van mono tot 5.1 kanaals weergave, u vraagt, wij draaien. ■ Dolby Digital EX Dolby Digital EX creëert 6 kanalen met het volledige frequentiebereik van 5.1-kanaals bronmateriaal. Dit wordt bereikt met een matrix decoder die 3 surroundkanalen samenstelt uit de gegevens voor de 2 surroundkanalen uit de oorspronkelijke opnamen. Voor de beste resultaten moet Dolby Digital EX gebruikt worden met filmsoundtracks die zijn opgenomen in Dolby Digital Surround EX. Met dit extra kanaal krijgt u een meer dynamische en realistische weergave van bewegende geluidsbronnen, vooral bij zogenaamde “fly-over” en “flyaround” effecten. ■ Dolby Pro Logic II Dolby Pro Logic II is een verbeterde decoderingstechniek voor de grote hoeveelheid aan bestaand Dolby Surround materiaal. Deze nieuwe technologie maakt gescheiden 5kanaals weergave mogelijk met 2 voorkanalen, links en rechts, 1 middenkanaal en 2 surroundkanalen, links en rechts, in plaats van slechts 1 surroundkanaal bij conventionele Pro Logic weergave. Er zijn drie standen beschikbaar: een “Music” stand voor muziek, een “Movie” stand voor films en een “Game” stand voor spelletjes. ■ Dolby Pro Logic IIx Dolby Pro Logic IIx is een nieuwe technologie die gescheiden multikanaals weergave mogelijk maakt van 2kanaals of multikanaals bronmateriaal. Er zijn drie standen beschikbaar: een “Music” stand voor muziek, een “Movie” stand voor films (alleen 2-kanaals materiaal) en een “Game” stand voor spelletjes. 86 ■ Dolby Surround Dolby Surround maakt gebruik van een een 4-kanaals analoog opnamesysteem voor de reproductie van realistische en dynamische geluidseffecten: 2 voorkanalen, links en rechts (stereo), een middenkanaal voor gesproken tekst (mono) en een surroundkanaal voor speciale geluidseffecten (mono). Het surroundkanaal reproduceert geluid binnen een nauw begrensd frequentiebereik. Dolby Surround wordt veel gebruikt op videobanden en laserdiscs en ook wel bij TV en kabelprogramma’s. De in dit toestel ingebouwde Dolby Pro Logic decoder maakt gebruik van een digitale signaalverwerking die automatisch het volume van de verschillende kanalen stabiliseert om de richtingsgevoeligheid en de weergave van bewegende geluidsbronnen te verbeteren. ■ DTS 96/24 DTS 96/24 biedt een ongekend hoog niveau audiokwaliteit voor multikanaals weergave van DVDVideo en is volledig compatibel met alle vroegere DTS decoders. “96” refereert aan de 96 kHz bemonsteringsfrequentie (vergeleken met een normale waarde van 48 kHz). “24” refereert aan de gebruikte codelengte van 24 bits. DTS 96/24 biedt een geluidskwaliteit die vergelijkbaar is met die van de originele 96/24 masteropnamen, en 96/24 5.1-kanaals weergave met video van hoge kwaliteit voor muziekprogramma’s zowel als speelfilms op DVD-Video. ■ DTS (Digital Theater Systems) Digital Surround DTS digitale surroundweergave is ontwikkeld om de analoge filmsoundtracks te vervangen door een 6.1kanaals digitale soundtrack en is over de hele wereld bezig aan een opmars in de bioscoop. Digital Theater Systems Inc. heeft tevens een thuisbioscoopsysteem ontwikkeld zodat u gewoon thuis kunt profiteren van de verbluffende DTS digitale surroundweergave. Dit systeem produceert een vrijwel vervormingsvrije weergave via 6.1 kanalen (dat wil zeggen; links en rechts voor, midden, links en rechts surround, en een LFE (subwoofer) kanaal dat als 0.1 geteld wordt voor in totaal 5.1 kanalen). Dit toestel is uitgerust met een DTS-ES decoder die 6.1-kanaals weergave mogelijk maakt door uit bestaand 5.1-kanaals bronmateriaal een surround-achterkanaal te destilleren. ■ ITU-R ITU-R is de radio-communicatie afdeling van de ITU (International Telecommunication Union). De ITU-R beveelt een standaard luidspreker-opstelling aan die vaak wordt gebruikt in professionele luisterruimtes, in het bijzonder bij het masteren van opnamen. WOORDENLIJST ■ LFE 0.1 kanaal Dit kanaal reproduceert de zeer lage tonen. Het frequentiebereik voor dit kanaal is 20 Hz t/m 120 Hz. Dit kanaal wordt meestal als 0.1 geteld omdat niet het volledige frequentiebereik wordt weergegeven, zoals de andere 5/6 kanalen in een Dolby Digital of DTS 5.1/6.1kanaals systeem. ■ Neo:6 Neo:6 bewerkt conventioneel 2-kanaals bronmateriaal voor 6-kanaals weergave met een speciale decoder. Hierdoor wordt weergave mogelijk met kanalen met het volle bereik en met een verbeterde kanaalscheiding, zoals bij weergave van digitale signalen met gescheiden kanalen. Er zijn twee standen beschikbaar: een “Music” stand voor muziek en een “Cinema” stand voor films. ■ PCM (Lineair PCM) Lineair PCM is een signaalformaat voor het ongecomprimeerd digitaliseren, opnemen en overbrengen van analoge audiosignalen. Dit wordt gebruikt als opnamemethode van CD’s en DVD audio. Het PCM systeem maakt gebruik van een techniek waarmee het analoge signaal zeer vaak per seconde wordt gemeten. De afkorting staat voor “Puls Code Modulatie”, het analoge signaal wordt gecodeerd als pulsjes en dan gemoduleerd voor opname. ■ Bemonsteringsfrequentie en aantal kwantisatiebits Video informatie ■ Component videosignaal In een component video systeem wordt het videosignaal gescheiden in een Y signaal voor de luminantie en in PB en PR signalen voor de kleuren. Dit systeem zorgt voor een betere kleurweergave omdat elk van deze signalen onafhankelijk is van de andere. Componentsignalen worden ook wel “kleurverschilsignalen” genoemd omdat het luminantiesignaal wordt afgetrokken van het kleursignaal. U heeft een monitor met component ingangsaansluitingen nodig om component videosignalen te kunnen weergeven. ■ Composiet videosignaal Een composiet videosignaal bestaat uit alle drie de basiselementen van het videobeeld: kleur, helderheid en synchronisatiegegevens. Een composiet video-aansluiting op een videocomponent geeft deze drie elementen gecombineerd door. ■ S-videosignaal In een S-video systeem wordt het videosignaal dat normaal via een enkele kabel zou worden doorgegeven gescheiden in een Y signaal voor de luminantie en een C signaal voor de kleur en doorgegeven via speciale S-video aansluitingen. Gebruik van een S VIDEO aansluiting vermindert signaalverslechtering bij lange verbindingen en zorgt voor een betere beeldkwaliteit. Bij het digitaliseren van een analoog audiosignaal wordt het aantal keren dat het signaal per seconde wordt gemeten de bemonsteringsfrequentie genoemd en de gedetailleerdheid waarmee het geluid in een numerieke waarde wordt omgezet, het aantal kwantisatiebits. Het frequentiebereik dat kan worden weergegeven is gebaseerd op de bemonsteringsfrequentie, terwijl het dynamisch bereik, het verschil tussen het zachtste en het hardste geluid, bepaald wordt door het aantal kwantisatiebits. In principe is het zo dat hoe hoger de bemonsteringsfrequentie is, hoe groter het aantal tonen is dat kan worden weergegeven, en hoe hoger het aantal kwantisatiebits is, hoe precieser het geluidsniveau kan worden gereproduceerd. AANVULLENDE INFORMATIE Nederlands 87 WOORDENLIJST Geluidsveldprogramma informatie ■ CINEMA DSP Omdat de Dolby Surround en DTS systemen oorspronkelijk bedoeld waren voor de bioscoop, werken deze systemen het best in een theatrale ruimte met een heleboel luidsprekers opgesteld voor het maximale akoestische effect. Maar de omstandigheden bij mensen thuis, de afmetingen van de kamer, het materiaal waar de muur van gemaakt is, het aantal luidsprekers enz., zijn zo verschillend, dat de weergave ook anders wordt. Op basis van een massa in het echt gemeten gegevens maken nu de YAMAHA CINEMA DSP programma’s gebruik van de origineel door YAMAHA ontwikkelde geluidsveldentechnologie om in combinatie met Dolby Pro Logic, Dolby Digital en DTS systemen te komen tot een zo goed mogelijke benadering in uw huiskamer van de audiovisuele ervaring die tot nog toe alleen in de bioscoop gerealiseerd kon worden. ■ SILENT CINEMA YAMAHA heeft een natuurlijk en realistisch DSP geluidsveldprogramma ontwikkeld voor hoofdtelefoons. Voor elk apart geluidsveld zijn parameters voor weergave via een hoofdtelefoon opgenomen zodat alle geluidsveldprogramma’s natuurgetrouw kunnen worden weergegeven. ■ Virtual CINEMA DSP YAMAHA heeft een Virtual CINEMA DSP geluidsveldprogramma ontwikkeld dat u ook zonder daadwerkelijke surround-luidsprekers in staat stelt te profiteren van DSP surroundeffecten door middel van virtuele surround-luidsprekers. U kunt Virtual CINEMA DSP zelfs gebruiken op een minimaal systeem met slechts twee luidsprekers zonder midden-luidspreker. 88 TECHNISCHE GEGEVENS TECHNISCHE GEGEVENS AUDIO GEDEELTE • Minimum RMS uitgangsvermogen voor, midden, surround, surround-achter 20 Hz t/m 20 kHz, 0,06% THV, 8 Ω ..................................... 90 W • Maximum vermogen (EIAJ) [Modellen voor Azië, China, Korea en algemene modellen] 1 kHz, 10% THV, 8 Ω ......................................................... 130 W • Dynamisch vermogen (IHF) 8/6/4/2 Ω ........................................................ 120/155/190/235 W • Maximum uitgangsvermogen [Modellen voor Europa] 1 kHz, 0,7% THV, 4 Ω ........................................................ 140 W • IEC uitgangsvermogen [modellen voor Europa en Azië] 1 kHz, 0,06% THV, 8 Ω ...................................................... 100 W • Dempingsfactor (IHF) 20 Hz t/m 20 kHz, 8 Ω ............................................... 120 of meer • Frequentierespons CD aansluiting naar L/R voor ............. 10 Hz t/m 100 kHz, –3 dB • Totale harmonische vervorming CD, enz. naar L/R voor (20 Hz t/m 20 kHz, 45 W, 8 Ω) .......................................................................... 0,06% of minder • Signaal-ruis verhouding (IHF-A netwerk) CD (250 mV) naar L/R voor, Effect uit ................ 100 dB of meer • Restruis (IHF-A netwerk) L/R voor ............................................................ 150 µV of minder • Kanaalscheiding (1 kHz/10 kHz) CD (5,1 kΩ afgesloten) naar L/R voor ........ 60 dB/45 dB of meer • Toonregeling (L/R voor) BASS versterking/drempel ..................................... ±10 dB/60 Hz TREBLE versterking/drempel .............................. ±10 dB/20 kHz • Hoofdtelefoon uitgangsvermogen ............................ 150 mV/100 Ω • Ingangsgevoeligheid/ingangsimpedantie CD, enz. ................................................................ 200 mV/47 kΩ MULTI CH INPUT ............................................... 200 mV/47 kΩ • Uitgangsniveau/uitgangsimpedantie REC OUT ............................................................ 200 mV/1,2 kΩ SUBWOOFER ............................................................. 4 V/1,2 kΩ VIDEO GEDEELTE • Videosignaaltype ............................................................ PAL/NTSC • Signaal-ruis verhouding ............................................ 50 dB of meer • Frequentierespons (MONITOR OUT) Component ............................................ 5 Hz t/m 60 MHz, –3 dB FM GEDEELTE • Afstembereik [Modellen voor de V.S. en Canada] .............. 87,5 t/m 107,9 MHz [Modellen voor Azië en algemene modellen] .............................................. 87,5/87,50 t/m 108,0/108,00 MHz [Overige modellen] ................................... 87,50 t/m 108,00 MHz • Bruikbare gevoeligheid (IHF) .............................. 1,0 µV (11,2 dBf) • Signaal-ruis verhouding (IHF) Mono/Stereo .............................................................. 76 dB/70 dB • Harmonische vervorming (1 kHz) Mono/Stereo ................................................................ 0,2%/0,3% • Stereoscheiding (1 kHz) .......................................................... 42 dB • Frequentierespons ........................... 20 Hz t/m 15 kHz, +0,5, –2 dB AM GEDEELTE • Afstembereik [Modellen voor de V.S. en Canada] ................. 530 t/m 1710 kHz [Modellen voor Azië en algemene modellen] ........................................................ 530/531 t/m 1710/1611 kHz [Overige modellen] .......................................... 531 t/m 1611 kHz • Bruikbare gevoeligheid .................................................... 300 µV/m ALGEMEEN • Stroomvoorziening [Modellen voor de V.S. en Canada] .......................................................... 120 V, 60 Hz wisselstroom [Modellen voor Australië] .................. 240 V, 50 Hz wisselstroom [Modellen voor China] ....................... 220 V, 50 Hz wisselstroom [Modellen voor Korea] ....................... 220 V, 60 Hz wisselstroom [Modellen voor het V.K. en Europa] .......................................................... 230 V, 50 Hz wisselstroom [Algemene modellen] ....................... 110/120/220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom [Modellen voor Azië] .... 220/230–240 V, 50/60 Hz wisselstroom • Stroomverbruik [Modellen voor de V.S. en Canada] ...................... 350 W/440 VA [Overige modellen] ............................................................ 360 W • Stroomverbruik Uit (standby) ................................ 0,1 W of minder • Afmetingen (b x h x d) .................................... 435 x 161 x 391 mm 89 Nederlands • Gewicht ................................................................................ 10,5 kg AANVULLENDE INFORMATIE • Netstroomaansluitingen [Modellen voor het V.K. en Australië] ......................................................... 1 (Totaal 100 W maximum) [Modellen voor de V.S., Canada en China] ......................................................... 2 (Totaal 100 W maximum) [Modellen voor Europa Azië en algemene modellen] ........................................................... 2 (Totaal 50 W maximum)
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191
  • Page 192 192
  • Page 193 193
  • Page 194 194
  • Page 195 195
  • Page 196 196
  • Page 197 197
  • Page 198 198
  • Page 199 199
  • Page 200 200
  • Page 201 201
  • Page 202 202
  • Page 203 203
  • Page 204 204
  • Page 205 205
  • Page 206 206
  • Page 207 207
  • Page 208 208
  • Page 209 209
  • Page 210 210
  • Page 211 211
  • Page 212 212
  • Page 213 213
  • Page 214 214
  • Page 215 215
  • Page 216 216
  • Page 217 217
  • Page 218 218
  • Page 219 219
  • Page 220 220
  • Page 221 221
  • Page 222 222
  • Page 223 223
  • Page 224 224
  • Page 225 225
  • Page 226 226
  • Page 227 227
  • Page 228 228
  • Page 229 229
  • Page 230 230
  • Page 231 231
  • Page 232 232
  • Page 233 233
  • Page 234 234
  • Page 235 235
  • Page 236 236
  • Page 237 237
  • Page 238 238
  • Page 239 239
  • Page 240 240
  • Page 241 241
  • Page 242 242
  • Page 243 243
  • Page 244 244
  • Page 245 245
  • Page 246 246
  • Page 247 247
  • Page 248 248
  • Page 249 249
  • Page 250 250
  • Page 251 251
  • Page 252 252
  • Page 253 253
  • Page 254 254
  • Page 255 255
  • Page 256 256
  • Page 257 257
  • Page 258 258
  • Page 259 259
  • Page 260 260
  • Page 261 261
  • Page 262 262
  • Page 263 263
  • Page 264 264
  • Page 265 265
  • Page 266 266
  • Page 267 267
  • Page 268 268
  • Page 269 269
  • Page 270 270
  • Page 271 271
  • Page 272 272
  • Page 273 273
  • Page 274 274
  • Page 275 275
  • Page 276 276
  • Page 277 277
  • Page 278 278
  • Page 279 279
  • Page 280 280
  • Page 281 281
  • Page 282 282
  • Page 283 283
  • Page 284 284
  • Page 285 285
  • Page 286 286
  • Page 287 287
  • Page 288 288
  • Page 289 289
  • Page 290 290
  • Page 291 291
  • Page 292 292
  • Page 293 293
  • Page 294 294
  • Page 295 295
  • Page 296 296
  • Page 297 297
  • Page 298 298
  • Page 299 299
  • Page 300 300
  • Page 301 301
  • Page 302 302
  • Page 303 303
  • Page 304 304
  • Page 305 305
  • Page 306 306
  • Page 307 307
  • Page 308 308
  • Page 309 309
  • Page 310 310
  • Page 311 311
  • Page 312 312
  • Page 313 313
  • Page 314 314
  • Page 315 315
  • Page 316 316
  • Page 317 317
  • Page 318 318
  • Page 319 319
  • Page 320 320
  • Page 321 321
  • Page 322 322
  • Page 323 323
  • Page 324 324
  • Page 325 325
  • Page 326 326
  • Page 327 327
  • Page 328 328
  • Page 329 329
  • Page 330 330
  • Page 331 331
  • Page 332 332
  • Page 333 333
  • Page 334 334
  • Page 335 335
  • Page 336 336
  • Page 337 337
  • Page 338 338
  • Page 339 339
  • Page 340 340
  • Page 341 341
  • Page 342 342
  • Page 343 343
  • Page 344 344
  • Page 345 345
  • Page 346 346
  • Page 347 347
  • Page 348 348
  • Page 349 349
  • Page 350 350
  • Page 351 351
  • Page 352 352
  • Page 353 353
  • Page 354 354
  • Page 355 355
  • Page 356 356
  • Page 357 357
  • Page 358 358
  • Page 359 359
  • Page 360 360
  • Page 361 361
  • Page 362 362
  • Page 363 363
  • Page 364 364
  • Page 365 365
  • Page 366 366
  • Page 367 367
  • Page 368 368
  • Page 369 369
  • Page 370 370
  • Page 371 371
  • Page 372 372
  • Page 373 373
  • Page 374 374
  • Page 375 375
  • Page 376 376
  • Page 377 377
  • Page 378 378
  • Page 379 379
  • Page 380 380
  • Page 381 381
  • Page 382 382
  • Page 383 383
  • Page 384 384
  • Page 385 385
  • Page 386 386
  • Page 387 387
  • Page 388 388
  • Page 389 389
  • Page 390 390
  • Page 391 391
  • Page 392 392
  • Page 393 393
  • Page 394 394
  • Page 395 395
  • Page 396 396
  • Page 397 397
  • Page 398 398
  • Page 399 399
  • Page 400 400
  • Page 401 401
  • Page 402 402
  • Page 403 403
  • Page 404 404
  • Page 405 405
  • Page 406 406
  • Page 407 407
  • Page 408 408
  • Page 409 409
  • Page 410 410
  • Page 411 411
  • Page 412 412
  • Page 413 413
  • Page 414 414
  • Page 415 415
  • Page 416 416
  • Page 417 417
  • Page 418 418
  • Page 419 419
  • Page 420 420
  • Page 421 421
  • Page 422 422
  • Page 423 423
  • Page 424 424
  • Page 425 425
  • Page 426 426
  • Page 427 427
  • Page 428 428
  • Page 429 429
  • Page 430 430
  • Page 431 431
  • Page 432 432
  • Page 433 433
  • Page 434 434
  • Page 435 435
  • Page 436 436
  • Page 437 437
  • Page 438 438
  • Page 439 439
  • Page 440 440
  • Page 441 441
  • Page 442 442
  • Page 443 443
  • Page 444 444
  • Page 445 445
  • Page 446 446
  • Page 447 447
  • Page 448 448
  • Page 449 449
  • Page 450 450
  • Page 451 451
  • Page 452 452
  • Page 453 453
  • Page 454 454
  • Page 455 455
  • Page 456 456
  • Page 457 457
  • Page 458 458
  • Page 459 459
  • Page 460 460
  • Page 461 461
  • Page 462 462
  • Page 463 463
  • Page 464 464
  • Page 465 465
  • Page 466 466
  • Page 467 467
  • Page 468 468
  • Page 469 469
  • Page 470 470
  • Page 471 471
  • Page 472 472
  • Page 473 473
  • Page 474 474
  • Page 475 475
  • Page 476 476
  • Page 477 477
  • Page 478 478
  • Page 479 479
  • Page 480 480
  • Page 481 481
  • Page 482 482
  • Page 483 483
  • Page 484 484
  • Page 485 485
  • Page 486 486
  • Page 487 487
  • Page 488 488
  • Page 489 489
  • Page 490 490
  • Page 491 491
  • Page 492 492
  • Page 493 493
  • Page 494 494
  • Page 495 495
  • Page 496 496
  • Page 497 497
  • Page 498 498
  • Page 499 499
  • Page 500 500
  • Page 501 501
  • Page 502 502
  • Page 503 503
  • Page 504 504
  • Page 505 505
  • Page 506 506
  • Page 507 507
  • Page 508 508
  • Page 509 509
  • Page 510 510
  • Page 511 511
  • Page 512 512
  • Page 513 513
  • Page 514 514
  • Page 515 515
  • Page 516 516
  • Page 517 517
  • Page 518 518
  • Page 519 519
  • Page 520 520
  • Page 521 521
  • Page 522 522
  • Page 523 523
  • Page 524 524
  • Page 525 525
  • Page 526 526
  • Page 527 527
  • Page 528 528
  • Page 529 529
  • Page 530 530
  • Page 531 531
  • Page 532 532
  • Page 533 533
  • Page 534 534
  • Page 535 535
  • Page 536 536
  • Page 537 537
  • Page 538 538
  • Page 539 539
  • Page 540 540
  • Page 541 541
  • Page 542 542
  • Page 543 543

Yamaha RX-V459 de handleiding

Categorie
AV-ontvangers
Type
de handleiding