Caso CASO BMG 20 Ceramic Handleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Handleiding

Deze handleiding is ook geschikt voor

10
49.1 Algemeen ........................................................................................................... 162
49.2 Informatie over deze gebruiksaanwijzing ....................................................... 162
49.3 Waarschuwingsinstructies ............................................................................... 162
49.4 Aansprakelijkheid ............................................................................................. 163
49.5 Auteurswet ......................................................................................................... 163
50 Veiligheid ............................................................................................................... 163
50.1 Gebruik volgens de voorschriften ................................................................... 163
50.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen ................................................................. 164
50.3 Bronnen van gevaar .......................................................................................... 166
50.3.1 Gevaar door microgolven .................................................................................. 166
50.3.2 Verbrandingsgevaar .......................................................................................... 167
50.3.3 Brandgevaar ..................................................................................................... 168
50.3.4 Ontploffingsgevaar ............................................................................................ 170
50.3.5 Gevaar door elektrische stroom ........................................................................ 170
50.4 Ingebruikname ................................................................................................... 171
50.5 Veiligheidsvoorschriften .................................................................................. 171
50.6 Leveringsomvang en transportinspectie ........................................................ 172
50.7 Auitpakken ......................................................................................................... 172
50.8 Verwijderen van de verpakking ........................................................................ 172
50.9 Plaatsen ............................................................................................................. 173
50.9.1 Eisen aan de plek van plaatsing ....................................................................... 173
50.9.2 Voorkomen van frequentiestoring ..................................................................... 173
50.10 Elektrische aansluiting ..................................................................................... 174
51 Opbouw en functie ................................................................................................ 174
51.1 Algemeen overzicht .......................................................................................... 175
51.1.1 Grillrooster ........................................................................................................ 176
51.2 Bedieningspaneel en display .......................................................................... 177
51.3 Pieptonen ........................................................................................................... 177
51.4 Veiligheidsvoorzieningen ................................................................................. 178
51.4.1 Waarschuwingsinstructies op apparaat ............................................................. 178
51.4.2 Deurvergrendeling ............................................................................................ 178
51.4.3 Kinderslot .......................................................................................................... 178
51.5 Typeplaatje ........................................................................................................ 178
52 Bediening en gebruik ............................................................................................ 178
52.1 Basis van het magnetron koken ...................................................................... 179
52.2 Soorten gebruik ................................................................................................. 179
52.3 Aanwijzingen magnetron kookgerei ................................................................ 180
52.4 Deur openen/sluiten .......................................................................................... 180
11
52.5 Inschakelen naar programmakeuze ................................................................ 181
52.6 Snelstart ............................................................................................................. 181
52.7 Uitschakelen ...................................................................................................... 181
52.8 Instellen van de klok ......................................................................................... 181
52.9 Gebruik “Magnetron” ........................................................................................ 182
52.10 Gebruik “Grill” ................................................................................................... 182
52.11 Gebruik “Magnetron en grill” ........................................................................... 183
52.11.1 “Combinatie 1” .................................................................................................. 183
52.11.2 “Combinatie 2” .................................................................................................. 183
52.12 Gebruik “Meerdere fases koken” ..................................................................... 184
52.13 Auto-start ........................................................................................................... 184
52.14 Gebruik “Kookprogramma“ ............................................................................. 185
52.15 Ontdooien .......................................................................................................... 186
53 Reiniging en onderhoud ....................................................................................... 187
53.1 Veiligheidsvoorschriften .................................................................................. 187
53.2 Reiniging ............................................................................................................ 188
54 Storingen verhelpen .............................................................................................. 189
54.1 Veiligheidsvoorschriften .................................................................................. 189
54.2 Oorzaken van de storingen en het verhelpen ................................................. 189
55 Afvoer van het oude apparaat .............................................................................. 190
56 Garantie .................................................................................................................. 190
57 Technische gegevens ........................................................................................... 191
161
Originele
Gebruiksaanwijzing
Magnetron en Grill
BMG 20 Ceramic electronic
Artikelnummer 3317
162
49 Gebruiksaanwijzing
49.1 Algemeen
Lees de hier vermelde informatie, zodat u snel vertrouwd raakt met uw apparaat en al zijn
functies in volle omvang kunt gebruiken. U heeft jaren lang plezier van uw magnetron als u
hem vakkundig behandelt en onderhoudt. Wij wensen u veel plezier met het gebruik.
49.2 Informatie over deze gebruiksaanwijzing
Deze gebruiksaanwijzing is onderdeel van de magnetron (vanaf hier ‘apparaat’ genoemd)
en geeft u belangrijke aanwijzingen voor de ingebruikname, de veiligheid, het doelgerichte
gebruik en het onderhoud van het apparaat.
De gebruiksaanwijzing moet altijd bij het apparaat voorhanden zijn en voor iedereen te
lezen en te gebruiken die met de ingebruikname, bediening, oplossing van een
storing en/of reiniging van het apparaat belast is. Bewaar deze gebruiksaanwijzing en
geef hem samen met het apparaat door aan een eventuele volgende eigenaar.
49.3 Waarschuwingsinstructies
In deze gebruiksaanwijzing worden de volgende waarschuwingsinstructies gebruikt:
GEVAAR
Een waarschuwing van dit gevarenniveau duidt op een dreigende, gevaarlijke
situatie. Indien de gevaarlijke situatie niet vermeden wordt, leidt deze tot de dood of
zware verwondingen.
De aanwijzingen van deze waarschuwingsinstructie opvolgen om het gevaar van dood
of zware verwondingen bij personen te voorkomen.
WAARSCHUWING
Een waarschuwing van dit gevarenniveau duidt op een mogelijk gevaarlijke situatie.
Indien de gevaarlijke situatie niet vermeden wordt, kan dit tot zware verwondingen leiden.
De aanwijzingen van deze waarschuwingsinstructie opvolgen om verwondingen bij
personen te voorkomen.
VOORZICHTIG
Een waarschuwing van dit gevarenniveau duidt op een mogelijk gevaarlijke situatie.
Indien de gevaarlijke situatie niet vermeden wordt, kan dit tot lichte of matige
verwondingen leiden.
De aanwijzingen van deze waarschuwingsinstructie opvolgen om verwondingen bij
personen te voorkomen.
TIP
Een tip duidt op extra informatie, die de omgang met het apparaat lichter maakt.
163
49.4 Aansprakelijkheid
Alle in deze gebruiksaanwijzing aanwezige technische informatie, gegevens en instructies
voor installatie, ingebruikname en onderhoud beantwoorden aan de laatste stand bij het in
druk gaan en vinden plaats met inachtneming van onze tot nu toe opgedane ervaringen en
kennis naar eer en geweten. Aan de informatie, afbeeldingen en beschrijvingen in deze
gebruiksaanwijzingen kunnen geen rechten worden ontleend. De fabrikant is niet
aansprakelijk voor schaden op grond van: Niet-naleving van de gebruiksaanwijzing
Niet volgens de voorschriften geldend gebruik Ondeskundige reparaties
Technische veranderingen, modificaties van het apparaat
Toepassing van niet goedgekeurde onderdelen
Modificaties van het apparaat worden niet aanbevolen en vallen niet onder de garantie.
Vertalingen worden naar beste weten uitgevoerd. Wij zijn niet verantwoordelijk voor
vertaalfouten, ook niet in het geval dat de vertaling door ons of in opdracht van ons is
gemaakt. Bindend blijft alleen de oorspronkelijke Duitse tekst.
49.5 Auteurswet
Dit documentatiemateriaal is auteursrechtelijk beschermd.
Alle rechten, ook die van de fotomechanische reproductie, de verveelvoudiging en de
verbreiding door bijzondere handelswijzen (bijvoorbeeld gegevensverwerking,
informatiedragers en datanetwerken), ook ten dele, zijn de firma Braukmann GmbH
voorbehouden. Inhoudelijke en technische veranderingen voorbehouden.
50 Veiligheid
In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke veiligheidsinstructies betreffende de omgang met het
apparaat. Dit apparaat beantwoordt aan de voorgeschreven veiligheidsvoorschriften. Een
ondeskundig gebruik kan echter tot materiële schade en schade aan personen leiden.
50.1 Gebruik volgens de voorschriften
Dit apparaat is alleen voor het gebruik in het huishouden in een gesloten ruimte ter
Ontdooien , Verwarmen , Koken, Grillen, Inkoken, Bakken en Roosteren
van levensmiddelen en dranken bestemd. Dit apparaat is bedoeld voor het huishouden en
in soortgelijke toepassingen zoals bijvoorbeeld: in keukens voor medewerkers in
winkels, kantoren en andere commerciële toepassingen; op boerderijen;
door klanten in hotels, motels en dergelijke; in pensions met ontbijt.
Een ander of er van afwijkend gebruik geldt als niet volgens de voorschriften.
WAARSCHUWING
Gevaar door gebruik niet volgens de voorschriften! Bij onreglementair gebruik van het
apparaat en/of gebruik op een andere wijze kunnen gevaren ontstaan.
Het apparaat uitsluitend volgens de voorschriften gebruiken.
De in deze gebruiksaanwijzing beschreven handelswijzen in acht nemen.
Aanspraken van welke aard dan ook wegens niet reglementair gebruik zijn uitgesloten.
Het risico draagt alleen de gebruiker.
164
50.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen
Tip
Neem voor een veiligere omgang met het apparaat de
volgende algemene veiligheidsaanwijzingen in acht:
► Vóór het gebruik van het apparaat moeten de
gebruiksaanwijzingen zorgvuldig worden gelezen.
► Controleer het apparaat voor het gebruik op zichtbare
schade. Gebruik een beschadigd apparaat niet.
► Het apparaat is niet geschikt voor het drogen, opwarmen of
verhitten van levende dieren.
► Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen van 8 jaar
en ouder, mits ze onder toezicht staan of wanneer hun de
veilige gebruik van het apparaat is uitgelegd en ze de
mogelijke gevaren hebben begrepen.
► Reiniging en onderhoud mag niet door kinderen worden
uitgevoerd, tenzij ze 8 jaar of ouder zijn en ze onder toezicht
staan. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
► Het apparaat en zijn aansluiting moet buiten het bereik
blijven van kinderen jonger dan 8 jaar.
► Het apparaat kan door personen met verminderde fysieke,
zintuiglijke of mentale vermogens of gebrek aan ervaring
en/of kennis worden gebruikt, wanneer ze onder toezicht
staan of hen het veilige gebruik van het apparaat is uitgelegd
en ze de mogelijke gevaren hebben begrepen.
► Reparaties mogen alleen door gekwalificeerd, door de
fabrikant opgeleid, personeel worden uitgevoerd. Door
ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor
de gebruiker ontstaan. Een reparatie van het apparaat tijdens
de garantieperiode mag alleen door een door de fabrikant
erkende klantenservice worden uitgevoerd, anders vervalt bij
volgende schade de garantie.
165
Tip
► Defecte onderdelen mogen alleen tegen originele
reserveonderdelen worden vervangen. Alleen met deze
onderdelen is gegarandeerd dat aan de veiligheidseisen
wordt voldaan.
► Voedingsthermometers zijn niet geschikt voor de magnetron.
► Het apparaat moet alleen voor het in deze
bedieningshandleiding beschreven doel worden gebruikt.
Bijtende chemicaliën of dampen mogen niet worden gebruikt.
Dit apparaat is speciaal ontwikkeld voor het verhitten, koken
en drogen van voedingsmiddelen en niet voor industriële
doeleinden of het gebruik in een laboratorium.
► Het apparaat mag niet in gebruik worden genomen, als de
netkabel of de stekker beschadigd is, als het niet volgens de
voorschriften werkt, op de grond is gevallen of beschadigd is.
Indien de netkabel of de stekker beschadigd is, moet deze
door de fabrikant of servicepersoneel dat daar opdracht toe
heeft van de fabrikant worden vervangen om gevaren te
voorkomen.
► Gebruik uitsluitend keukenapparaten en voorwerpen, die in
een magnetron kunnen worden gebruikt.
► Thermometers voor gerechten zijn niet geschikt voor
magnetrongebruik.
► De magnetron mag alleen vrijstaand in gebruik worden
genomen. De magnetron mag niet in een kast worden
gebruikt. Het apparaat moet met de achterkant tegen een
wand worden geplaatst.
Let op: Het apparaat mag niet boven een kookplaat of
andere warmtebron worden geplaatst, omdat het anders kan
worden beschadigd en de garantie dan vervalt.
166
Tip
► Dit apparaat is een ISM-apparaat van de groep 2 klasse B.
Bij deze apparaten horen alle industriële, wetenschappelijke
of medisch gebruikte apparaten waarbij met opzet
hogefrequentie-energie als elektromagnetische straling voor
de behandeling van materialen geproduceerd of gebruikt
wordt, zoals apparaten met een vonkeroderende werking.
Apparaten van de klasse B zijn geschikt voor gebruik in het
huishouden en voor gebruik met een aansluiting op een
huishoudelijke stroomvoorziening, zoals
laagspanningsinrichtingen in gebouwen.
► Het apparaat is niet geschikt voor gebruik via een externe
tijdschakelaar of afstandsbediening.
► De magnetron is alleen geschikt voor huishoudelijk gebruik,
niet voor industrieel gebruik.
► Nooit de afstandshouders aan de achterzijde of de zijkanten
van het apparaat verwijderen, omdat deze de nodige
minimale afstand voor de luchtcirculatie garanderen.
► De magnetron is alleen geschikt voor koken, ontdooien en
verdampen van voedingsmiddelen.
► Het apparaat mag niet met een stoomreiniger worden
gereinigd.
50.3 Bronnen van gevaar
50.3.1 Gevaar door microgolven
Waarschuwing
De inwerking van microgolven op het menselijk lichaam
kan tot lichamelijk letsel leiden. Neem de volgende
veiligheidsinstructies in acht om uzelf en anderen niet bloot te
stellen aan microgolven.
167
Waarschuwing
► Het apparaat nooit met open deur laten werken. Door een
foutief of gemanipuleerde veiligheidsschakelaar bestaat het
gevaar dat u zich direct aan microgolven blootstelt.
► WAARSCHUWING: onderhouds- en
reparatiewerkzaamheden waarbij de beschermkap voor de
straling van microgolven wordt verwijderd, kunnen gevaar
opleveren voor iedereen en mogen alleen door vakmensen
worden uitgevoerd.
► Dit geldt ook voor de vervanging van de verlichting en de
netkabels. Het apparaat moet hiervoor naar het servicecenter
worden gestuurd.
► Wanneer de deur of de deurafdichting beschadigd zijn, mag
het apparaat niet worden bediend, totdat het door een
geautoriseerde vakkracht is gerepareerd.
50.3.2 Verbrandingsgevaar
Waarschuwing
Het in dit apparaat verwarmde voedingsmiddel, het
gebruike keukengerei en de oppervlakken van het
apparaat, kunnen heel heet worden.
Raadpleeg de volgende veiligheidsaanwijzingen om uzelf of
anderen niet te verbranden.
Let op: Als het apparaat in de combi-stand draait, mag het
door de daarbij ontstane hoge temperaturen alleen onder
toezicht van een volwassene door kinderen worden gebruikt.
► Bij het verhitten van dranken in de magnetron kunnen deze
plotseling gaan koken (kookvertraging), daarom moeten de
bakken voorzichtig worden vastgepakt.
► Geen voedingsmiddelen in de oven frituren. Hete olie kan
onderdelen van apparaten en keukengerei beschadigen en
verbrandingen veroorzaken.
168
Waarschuwing
► Vooral de inhoud van babyflesjes en potjes met
babyvoedesel moet worden doorgeroerd of geschud, en de
temperatuur moet voor het gebruik worden gecontroleerd, om
verbrandingen te voorkomen.
► Kooktoestellen kunnen door hitteoverdraging van de
voedingsmiddelen heet worden. Als bescherming wordt het
gebruik van pannenlappen aangeraden.
► De buitenvlakken kunnen bij het gebruik heel heet worden.
► De deur en de buitenoppervlakken kunnen tijdens het
gebruik heel heet worden.
► Als het apparaat in gebruik is, kunnen de aanraakvlakken
een hoge temperatuur bereiken.
► Gebruik voor het eruit halen van voedingsmiddelen
pannenlappen of keukenhandschoenen.
► Let op! Bij het openen van deksels of afdekfolie kan hete
damp ontsnappen.
► Waarschuwing: Het apparaat en delen binnen handbereik
raken tijdens het gebruik sterk verhit. De
verwarmingselementen mogen daarom niet worden
aangeraakt, en kinderen onder 8 jaar moeten op afstand of
onder toezicht worden gehouden.
50.3.3 Brandgevaar
Waarschuwing
Bij ondeskundig gebruik van het apparaat bestaat
brandgevaar omdat de inhoud kan gaan branden.
Neem de volgende veiligheidsmaatregelen in acht om
brandgevaar te vermijden:
► Laat het apparaat niet onbeheerd als u levensmiddelen in
bak uit kunststof, papier of andere brandbare materialen
verwarmt of gaar wil laten worden.
169
Waarschuwing
► Gebruik het apparaat nooit voor het bewaren of drogen van
ontvlambare materialen.
► Voor de beperking van brandgevaar in de oven:
a) Bij het verwarmen van voedingsmiddelen in plastic en
papieren bakken moet het apparaat bewaakt worden omdat er
brandgevaar bestaat.
b) Afsluitclips van plastic of papieren zakken moeten voor het
verwarmen worden verwijderd.
c) Wanneer er sprake is van rookontwikkeling moet het
apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact
worden getrokken en de deur gesloten, om eventueel
optredende vlammen te verstikken.
d) Niets bewaren in de oven. Als het apparaat niet wordt
gebruikt, mag het niet worden gebruikt voor het bewaren van
papieren voorwerpen, keukengerei of voedingsmiddelen.
► Wegwerpbakken van kunststof moeten voldoen aan de
onder "Aanwijzingen voor keukengerei" aangegeven
eigenschappen.
► Verhit geen alcohol in onverdunde toestand.
► Het apparaat mag niet in lege toestand gebruikt worden.
► Bij alle keukenapparaten en bakken moet worden
gecontroleerd of die voor het gebruik in magnetrons geschikt
zijn.
► Bij rookontwikkeling moet het apparaat worden
uitgeschakeld, de netstekker uitgetrokken en de deur (voor
het smoren van eventuele vlammen) gesloten blijven.
Verwijder altijd vetresten uit het apparaat, omdat deze
licht ontvlambaar zijn.
170
Waarschuwing
► De magnetron is uitsluitend bestemd voor het verwarmen
van gerechten en dranken. Het drogen van gerechten en
kleding en het verwarmen van warmtekussens, pantoffels,
sponzen, vochtige doeken en dergelijke loopt het risico
lichamelijk letsel, ontstekingen of brand te veroorzaken.
50.3.4 Ontploffingsgevaar
Waarschuwing
Bij ondeskundig gebruik van het apparaat bestaat
ontploffingsgevaar door ontstane overdruk.
Neem de volgende veiligheidsmaatregelen in acht om
explosiegevaar te vermijden:
► Vloeistoffen en andere voedingsmiddelen mogen niet in
afgesloten potten worden verhit, omdat deze kunnen
exploderen.
► Eieren met schaal en hele hard gekookte eieren niet in het
apparaat opwarmen, omdat ze ook na de behandeling in de
magnetron nog exploderen kunnen.
► Voedingsmiddelen met dikke schillen bijv. aardappelen, hele
pompoenen, appels of kastanjes moeten voor het garen in het
apparaat worden ingeprikt.
50.3.5 Gevaar door elektrische stroom
Gevaar
Levensgevaar door elektrische spanning!
Het contact met leidingen of onderdelen die onder spanning
staan kan levensgevaarlijk zijn!
Neem de volgende veiligheidsaanwijzingen in acht om gevaar
door elektrische stroom te voorkomen.
171
Gevaar
► Open in geen geval de behuizing van het apparaat. Als
aansluitingen die onder stroom staan worden aangeraakt en
de elektrische of mechanische opbouw veranderd, bestaat
gevaar voor elektrische schokken. Daarnaast kunnen
functionele storingen in het apparaat optreden.
► Het apparaat mag niet in gebruik worden genomen, als de
netkabel of de stekker beschadigd is, als het niet volgens de
voorschriften werkt, op de grond is gevallen of beschadigd is.
Indien de netkabel of de stekker beschadigd is, moet deze
door de fabrikant of servicepersoneel dat daar opdracht toe
heeft van de fabrikant worden vervangen om gevaren te
voorkomen.
Opgelet: Onderhouds- en reparatiewerkzaamheden waarbij
de beschermende afdekking tegen microgolven wordt
verwijderd, moeten alleen door een vakman worden
uitgevoerd. Dit geldt ook voor de vervanging van de
verlichting en de netkabels. Het apparaat moet hiervoor naar
het servicecenter worden gestuurd.
50.4 Ingebruikname
In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke informatie omtrent de ingebruikname van het apparaat.
Neem de aanwijzingen in acht om gevaren en beschadigingen te voorkomen
.
50.5 Veiligheidsvoorschriften
Waarschuwing
Bij de ingebruikneming van het apparaat kan materiële schade en letsel aan
personen ontstaan!
Neemt u de volgende veiligheidsvoorschriften in acht om de gevaren te voorkomen:
Verpakkingsmateriaal mag niet als speelgoed gebruikt worden. Er bestaat kans op
verstikking.
Vanwege het hoge gewicht van het apparaat het transport als ook het uitpakken en
plaatsen met twee personen uitvoeren.
172
50.6 Leveringsomvang en transportinspectie
De magnetron BMG 20 Ceramic electronic wordt standaard met de volgende onderdelen
geleverd:
Magnetron BMG 20 Ceramic electronic Grillrooster
Gebruiksaanwijzing
Tip
Controleer de levering op volledigheid en op zichtbare beschadigingen.
Waarschuw de expediteur, de verzekering en de leverancier bij een onvolledige
levering of bij beschadiging als gevolg van gebrekkige verpakking of als gevolg van
het transport.
50.7 Auitpakken
Bij het uitpakken van het apparaat gaat u als volgt te werk:
Neem het apparaat uit de doos en verwijder het verpakkingsmateriaal.
Neem de accessoires uit de binnenkant van het apparaat en verwijder het
verpakkingsmateriaal.
Verwijder het rode veiligheidsplakband op de bodem van de binnenkant.
Verwijder niet de folie van de afzuigopening!
Verwijder de blauwe beschermfolie van het apparaat.
Tip
Verwijder de blauwe beschermfolie pas kort voordat het apparaat op de werkplek wordt
neergezet, om zo krassen en vervuiling te voorkomen.
De beschermende film op de binnenkant van de deur (indien aanwezig) niet verwijderd,
aangezien dit een eenvoudig reinigen apparaat.
50.8 Verwijderen van de verpakking
De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. De verpakkingsmaterialen
zijn uitgezocht vanuit milieuvriendelijke en verwijderingtechnische gezichtspunten en
daarom recyclebaar. Het terugbrengen van de verpakking in de materiaalkringloop
bespaart grondstoffen en verkleint de afvalhoop. Lever niet meer benodigd
verpakkingsmateriaal in bij een afvalbrengstation, dat zorgdraagt voor de recycling.
Tip
Bewaar indien mogelijk het originele verpakkingsmateriaal gedurende de
garantieperiode, zodat u het apparaat indien nodig weer volgens de voorschriften kunt
inpakken.
173
50.9 Plaatsen
50.9.1 Eisen aan de plek van plaatsing
Voor een veilig en foutloos functioneren van het apparaat moet de plek waar het apparaat
komt te staan aan de volgende eisen voldoen:
Het apparaat moet op een vaste, vlakke, horizontale (waterpas) en hittebestendige
ondergrond met voldoende draagkracht voor de oven en het volgens de
verwachtingen zwaarste in de oven bereidde gerecht neergezet worden.
Kies de plek dusdanig dat kinderen hete oppervlakken van het apparaat niet kunnen
aanraken.
Het apparaat is niet geschikt voor inbouw in een wand of in een inbouwkast.
Plaatst u het apparaat niet in een hete, natte of zeer vochtige omgeving of in de buurt
van brandbare materialen.
Het apparaat heeft voor een correcte werking voldoende luchtstroming nodig. Laat u 20
cm. vrije ruimte boven de apparaat, 10 cm. aan de achterkant en 5 cm. aan beide
zijden.
Dek geen openingen van het apparaat af en blokkeer de openingen niet.
Verwijder de pootjes van het apparaat niet.
Het stopcontact moet makkelijk toegankelijk zijn, zodat de voedingskabel er in geval
van nood ongecompliceerd uitgehaald kan worden.
De inbouw en montage van dit apparaat op niet stationaire plekken (bijvoorbeeld
schepen) mogen alleen door vakzaken/vakmensen uitgevoerd worden, als ze de
voorwaarden voor een veilig gebruik van dit apparaat garanderen.
50.9.2 Voorkomen van frequentiestoring
Door het apparaat kunnen storingen bij radio’s, televisies of soortgelijke apparaten
optreden.
Door de volgende maatregelen kunnen storingen weggenomen of gereduceerd worden:
Reinig de deur en de afdichtingen van het apparaat.
Plaats de radio, de televisie, etc. op een zo groot mogelijke afstand van het apparaat.
Gebruik voor het apparaat een ander stopcontact, zodat het apparaat en de gestoorde
ontvanger van verschillende stroomketens gebruik maken.
Gebruik een volgens de voorschriften geïnstalleerde antenne voor de ontvanger, om zo
zeker te zijn van een goede ontvangst.
174
50.10 Elektrische aansluiting
Voor een veilig en feilloos gebruik van het apparaat moeten bij de elektrische aansluiting
de volgende aanwijzingen in acht genomen worden:
Controleer voor het aansluiten van het apparaat de aansluitingsgegevens (spanning en
frequentie) op het typeplaatje met de gegevens van uw stroomnet. Deze gegevens
moeten overeenkomen, zodat het apparaat niet beschadigd kan raken. In geval van
twijfel vraagt u een vakkundige elektricien.
Het stopcontact moet via een 16A veiligheidsschakelaar, gescheiden van andere
stroomverbruikers, zijn beveiligd.
Bij gebruik van een verlengsnoer mag voor aansluiting van het apparaat op het
stroomnet alleen een uitgerold verlengsnoer van maximaal 3 meter lengte en een
doorsnede van 1,5 mm² gebruikt worden. Het gebruik van een stekker of stekkerdoos
met meerdere aansluitingen is vanwege het daarmee verbonden brandgevaar
verboden.
Vergewis u er van dat de voedingskabel onbeschadigd is en niet onder de oven of over
hete of scherpte oppervlakten gelegd is.
De elektrische veiligheid van het apparaat is alleen dan gegarandeerd wanneer het is
aangesloten aan een reglementair geïnstalleerd systeem met aardkabels en
veiligheidschakelaars. Het in werking stellen via een stopcontact zonder
veiligheidsschakelaar is verboden. Laat u in geval van twijfel de huisinstallatie
controleren door een erkende elektricien.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schaden, die door een
gebrekkige of onderbroken aardingskabel veroorzaakt worden.
51 Opbouw en functie
In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke aanwijzingen m.b.t. de opbouw en het functioneren van
het apparaat.
175
51.1 Algemeen overzicht
1) Veiligheids-vergrendeling
2) Ovenraam
3) Keramische bodemplaat
4) Grillrooster
5) Grillelement
6) Ventilatieopening
7) Bedieningspaneel
TIP
De ventilator kan blijven draaien, om het apparaat af te koelen.
Voorzichtig
De keramische bodemplaat kan na het kookproces heet zijn: Raak de keramische
bodemplaat niet aan!
176
51.1.1 Grillrooster
Het grillrooster kan worden gebruikt voor het grillen van kleinere porties en ondersteunt
de gelijkmatige verdeling van de hitte.
Plaats het grillrooster met de ronde
afstandshouder richting de achterzijde in het
apparaat. Controleer of het grillrooster orrect is
geplaatst.
Voorzichtig
De rubbernoppen mogen niet van het
grillrooster worden verwijderd.
Plaats het grillrooster alleen in de afgebeelde
richting.
Het grillrooster mag niet op de keramische
bodem worden gelegd.
177
51.2 Bedieningspaneel en display
51.3 Pieptonen
Het apparaat geeft ter kennisgeving de volgende akoestische signalen af:
Eén pieptoon: Het apparaat heeft de input geaccepteerd.
Twee pieptonen: Het apparaat heeft de input niet geaccepteerd. De input checken en
opnieuw proberen.
Vier pieptonen: Het einde van de kooktijd is bereikt..
Display: Kooktijd, vermogen, functie en de actuele tijd
worden hier getoond.
Vermogen: naar keuze de vermogenstand van de
magnetron
Magnetron+Grill: Indrukken bij het instellen
van het grillprogramma en / of indrukken bij het
instellen van een van de twee
combinatiekookprogramma’s (magnetron en grill).
Snel ontdooien op tijd
Automatisch ontdooien naar gewicht
Auto start: voor koken op later tijdstip
Tijd/Gewicht: Instellen van de klok of het
gewicht van de gerechten.
combinatiekoken.
Menu/Tijd (draaknop): Draaien bij het instellen van
de kooktijd of om een kookprogramma te kiezen.
Stop/Wissen: Om het kookprogramma tijdelijk te
stoppen of om alle eerdere instellingen te verwijderen.
Start/Snelstart: Indrukken om het
kookprogramma te starten of om het snelstart-
kookprogramma in te schakelen.
178
51.4 Veiligheidsvoorzieningen
51.4.1 Waarschuwingsinstructies op apparaat
Voorzichtig
Gevaar door hete oppervlakte!
Boven aan de achterkant bevindt zich een waarschuwing voor het gevaar door hete
oppervlakten. De oppervlakte van het apparaat kan zeer heet worden.
De hete oppervlakte van het apparaat niet aanraken.
Brandgevaar!
Zet of leg geen voorwerpen op het apparaat.
51.4.2 Deurvergrendeling
In de deurvergrendeling van het apparaat is een veiligheidsschakelaar ingebouwd, die de
werking van het apparaat bij een openstaande deur verhindert.
Voorzichtig
Gevaar door microgolven!
Is deze veiligheidsinrichting defect of wordt deze veiligheidsinrichting vermeden, dan bent
u en zijn ook anderen blootgesteld aan microgolven
Het apparaat niet gebruiken als de veiligheidsschakelaar defect is.
Deze veiligheidsinrichting niet buiten werking stellen.
51.4.3 Kinderslot
Het kinderslot verhindert gebruik van het apparaat door kinderen zonder toezicht.
Activeren van het kinderslot
Als het apparaat in stand-by niet binnen een minuut wordt gebruikt, wordt het kinderslot
automatisch geactiveerd.In vergrendelde toestand zijn alle knoppen gedeactiveerd.
Deactiveren van het kinderslot
Open de deur van het apparaat en de functie LOCK dooft is in het display. In ontgrendelde
stand zijn alle knoppen weer geactiveerd.
51.5 Typeplaatje
Het typeplaatje met de aansluit- en vermogensgegevens bevindt zich aan de achterkant
van het apparaat.
52 Bediening en gebruik
In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke aanwijzingen m.b.t. de bediening van het apparaat.
Neem de aanwijzingen in acht om gevaren en beschadigingen te voorkomen.
179
WAARSCHUWING
Het apparaat tijdens gebruik niet uit het oog verliezen, zodat er bij gevaren snel
ingegrepen kan worden.
52.1 Basis van het magnetron koken
De voor de verwarming van de gerechten benodigde tijd en het vermogen hangt onder
andere af van de eindtemperatuur, de hoeveelheid en de soort en toestand van het
gerecht. Gebruik de kortst aangegeven kooktijd en verleng de tijd naar behoefte.
Sorteer de te bereiden etenswaren zorgvuldig. Plaats de dikste stukken op de rand van
de vorm.
Dek het gerecht tijdens het koken af. Een deksel verhindert spatten en draagt bij tot een
gelijkmatig garen/verhitten.
Tijdens het verwarmen dient u het gerecht meermaals om te draaien, anders te leggen
of om te roeren, zodat uw een gelijkmatige temperatuurverdeling krijgt.
Eventueel aanwezige kiemen in het gerecht worden alleen bij een voldoende hoge
temperatuur (>70°C) en bij een voldoende lange tijd (>10 min.) gedood.
Levensmiddelen met vaste huid of schaal zoals tomaten, worsten, schilaardappelen en
aubergines meermaals prikken ofwel inkerven, zodat ontstane damp ontsnappen kan
en de levensmiddelen niet uit elkaar spatten.
Eieren zonder schaal mogen alleen dan in de magnetron opgewarmd worden, wanneer
er in het vel van de eierdooier van tevoren meermaals geprikt is. De eierdooier kan
anders na het verwarmen met hoge druk naar buiten spuiten.
Verleg gerechten zoals gehaktballetjes na de helft van de kooktijd van boven naar
beneden en van het midden tot aan de uiterste rand.
52.2 Soorten gebruik
Het apparaat kan op verschillende manier gebruikt worden. De volgende opsomming geeft
de mogelijkheden van gebruik van het apparaat aan:
Gebruik “Magnetron”
Dit gebruik is geschikt voor normaal verhitten van gerechten.
Gebruik “Grill”
Dit gebruik is geschikt voor braden en gratineren van gerechten.
Gebruik “magnetron en grill”
Dit gebruik is geschikt voor gelijktijdig magnetron koken en grillen.
Combinatie 1 : Bij dit gebruik werkt het apparaat 30% van de kooktijd als magnetron en
70% van de kooktijd als grill. Combinatie 2 : Bij dit gebruik werkt het apparaat 55% van de
kooktijd als magnetron en 45% van de kooktijd als grill.
Gebruik “Meerdere fasen koken”
Bij dit gebruik kunnen tot 2 automatische fasen geprogrammeerd worden. De volgorde en
duur van het magnetron koken en grill of combinatie magnetron en grill, kunt u zelf
instellen.
180
Gebruik “Kookprogramma’
Bij dit gebruik kan het kookprogramma uit 9 verschillende menu’s uitgekozen worden.
Snel ontdooien en automatisch ontdooien
Snel ontdooien – voor het ontdooien van bevroren voedsel op tijd.
Automatisch ontdooien – voor het ontdooien van bevroren voedsel naar gewicht.
52.3 Aanwijzingen magnetron kookgerei
Het ideale materiaal voor magnetronkookgerei is dusdanig gemaakt, dat de microgolven
doorgelaten worden en de energie kan doordringen in de vormen, zodat de gerechten
opwarmen. Neem de volgende aanwijzingen in acht bij de keuze van passend kookgerei:
Microgolven kunnen niet door metaal.Gereedschap uit metaal en kookgerei met
metalen ornamenten dienen daarom niet gebruikt te worden.
Gebruik bij het koken in de magnetron geen producten uit recycling papier, omdat hierin
kleine metaalfragmenten kunnen zitten, die vonken en/of brand kunnen veroorzaken.
Gebruik geen aluminiumfolie bij gebruik van de magnetronfunctie of bij combinaties met
de magnetron (zie tabel).
De volgende tabel dient als houvast bij de keuze van het juiste kookgerei:
Magnetron Grill Combinatie
Hittebestendig glasservies
Niet hittebestendig glasservies
Hittebestendig keramisch servies
Magnetronbestendige kunststofvormen
Keukenpapier
Metaalblik/bakblik
Voetstuk uit metaal /grillrooster
Metalen bak
Aluminiumfolie en - vormen
* Magnetron+grill en Magnetron
52.4 Deur openen/sluiten
Deur openen
Trek met de handgreep de deur open om de deur van het apparaat te openen.Mocht het
apparaat ingeschakeld zijn, dan wordt het actuele kookprogramma onderbroken
Tip
Laat de deur een moment open voordat u in de binnenruimte tast, om zo de
opgehoopte hitte te laten ontsnappen.
Deur sluiten
Sluit de deur totdat de deurvergrendeling hoorbaar sluit. Mocht een lopend programma
door het openen van de deur onderbroken zijn, dan wordt het actuele kookprogramma na
drukken op de knop voortgezet.
181
52.5 Inschakelen naar programmakeuze
Druk na de gemaakte programmakeuze met de draairegelaar op de knop om het
ingestelde kookprogramma te starten.
52.6 Snelstart
Gebruik deze functie om de oven voor het comfortabele koken bij 100% magnetron
gebruik te programmeren. Druk snel achter elkaar op de knop om de kooktijd in te stellen.
Druk éénmaal op om de kooktijd van 30 seconden in te stellen, tweemaal voor 60
seconden (max 10 minuten). De oven start automatisch.
Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in
het display END.
52.7 Uitschakelen
Om een lopend kookprogramma te onderbreken kunt u als volgt te werk gaan:
Druk eenmaal op de knop . Het lopende kookprogramma wordt onderbroken.
Open de deur van het apparaat. Het lopende kookprogramma wordt onderbroken.
Tip
Om het onderbroken kookprogramma voort te zetten, drukt u na het sluiten van de deur
op de knop .
Om het onderbroken programma te beëindigen, drukt u voor de tweede keer op de knop
.
Tip
Bij aanvang van een ander kookprogramma drukt u op de knop of open de deur
van het apparaat.
52.8 Instellen van de klok
Om de klok van het apparaat in te stellen, gaat u als volgt te werk:
Instelstand activeren
Druk twee maal op de knop om de oven van het 12- op het 24-uur systeem om te
zetten.
Uren instellen
Draai aan de draaiknop Menu/Tjid, totdat het juiste uur verschijnt.
Druk op de knop om het gekozen uur te bewaren.
Minuten instellen
Draai aan de draaiknop Menu/Tjid, totdat de juiste minuut verschijnt.
182
Druk op de knop om de gekozen tijd te bewaren.
52.9 Gebruik “Magnetron”
Bij het koken met de magnetron kunt u het vermogen en de kooktijd (maximaal 95
minuten) aanpassen.
Instellen van het vermogen
Kies de gewenste vermogensstand,waarbij u de knop overeenkomstig vaak indrukt
(zie tabel onder).
Instellen van de kooktijd
Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tijd te draaien.
Kookprogramma starten
Druk na de programmakeuze op de knop om het ingestelde kookprogramma te
starten.
Einde van het kookprogramma
Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in
het display END.
Watt Vermogen Toepassing
800 100 %
Hoog
Snel garen en verhitten
640 80 % Zuinig garen en verhitten
480 60 %
Gemiddeld hoog
Verwarmen van kleine
hoeveelheden en
gevoelige gerechten
320 40 % Gemiddeld Laag sudderen
160 20 % Gemiddeld-laag/ontdooien Snel ontdooien
0 % Ventilator loopt
52.10 Gebruik “Grill”
Het gebruik van “Grill” is speciaal geschikt voor dunne plakjes vlees, steaks, koteletten,
kebab, worsten en stukjes kip.
Tip
Het systeem kiest bij dit gebruik het hoogste vermogen voor de grill. De maximale grilltijd
bedraagt 95 minuten.
Keuze van het kookprogramma
Kies het kookprogramma “Grill” door twee maal op de knop te drukken.
183
Instellen van de kooktijd
Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tjid te draaien.
Kookprogramma starten
Druk na de programmakeuze op de knop om het ingestelde kookprogramma te
starten.
Einde van het kookprogramma
Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in
het display END.
52.11 Gebruik “Magnetron en grill”
Deze functie stelt u in staat om met twee verschillende instellingen gecombineerd te grillen
en met de magnetron te koken.
Tip
Het systeem kiest in dit gebruik het hoogste vermogen voor de grill
52.11.1 Combinatie 1”
Bij dit gebruik werkt het apparaat 30% van de kooktijd als magnetron en 70% van de
kooktijd als grill.
Keuze van het kookprogramma
Kies het kookprogramma “Combinatie. 1” door tweemaal op de knop te drukken.
Instellen van de kooktijd
Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tjid te draaien.
Kookprogramma starten
Druk na de programmakeuze op de knop om het ingestelde kookprogramma te
starten.
Einde van het kookprogramma
Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in
het display END.
52.11.2 Combinatie 2”
Bij dit gebruik werkt het apparaat 55% van de kooktijd als magnetron en 45% van de
kooktijd als grill.
Keuze van het kookprogramma
Kies het kookprogramma “Combinatie 2” door 3x op de knop te drukken. De rest
van de beschrijving is identiek aan het boven beschreven gebruik van “Combinatie 1”.
184
52.12 Gebruik “Meerdere fases koken”
Bij dit gebruik kunnen tot 2 automatische fasen geprogrammeerd worden. De volgorde en
duur van het magnetron koken en grill of combinatie magnetron en grill, kunt u zelf
instellen. Het volgende voorbeeld beschrijft de instellingen voor een kookprogramma met
meerdere fasen in de volgorde:
Magnetron koken Grillen
Instellen van het vermogen
Kies de gewenste vermogensstand,waarbij u de knop overeenkomstig vaak indrukt
Instellen van de kooktijd
Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tijd te draaien.
Keuze van het kookprogramma grill
Kies het kookprogramma “Grill” door twee maal op de knop te drukken.
Instellen van de kooktijd grill
Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tjid te draaien.
Meerdere fasen kookprogramma starten
Druk na de programmakeuze op de knop om het ingestelde kookprogramma te
starten.
Einde van het kookprogramma
Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in
het display END.
52.13 Auto-start
U kunt de magnetron zo programmeren, dat deze op een later moment een programma
start (auto-start). Ga als volgt te werk:
Voorbeeld: Op dit moment wordt de klok van de klok van het apparaat ingesteld op 10:55.
Het toestel zal opstarten om 11:15 uur. Stel de maaltijd in het apparaat en sluit de deur.
Instellen van het kokprogramma
Instellen va nhetkokprogramma, druk op de knop .
Uren instellen
Draai aan de draaiknop Tijd/Menu, totdat het juiste uur (11) verschijnt.
Druk op de knop om het gekozen uur te bewaren.
Minuten instellen
Draai aan de draaiknop Menu/Tijd, totdat de juiste minuut (15) verschijnt.
185
Druk op de knop om het gekozen minuut te bewaren & om het ingestelde Auto-
Start te starten.
Tip
Wanneer de ingestelde tijd is bereikt, start het apparaat het geselecteerde
kookprogramma
Na de start van de Auto-Start, kunt u op drukken om de ingestelde tijd te
controleren; druk up en dan , om de timer af te breken.
U kunt de Auto-Start niet voor de snelstart- of ontdooifunctie gebruiken.
52.14 Gebruik “Kookprogramma“
Bij gebruik van dit kookprogramma kunt u uit 9 verschillende menu’s kiezen. Meer
informatie vindt u in de tabel.
Keuze van het programma
Draai de draaiknop Menu/Tjid eerst kort tegen de klok in, dan met de klok mee om het
gewenste programma te kiezen.
Instellen van de hoeveelheid / gewicht
Kies het gewenste aantal serveereenheden o het gewenste gewicht door de knop
overeenkomstig vaak in te drukken (zie tabel).
Kookprogramma starten
Druk na de programmakeuze op de knop om het ingestelde kookprogramma te
starten.
Einde van het kookprogramma
Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in
het display END.
Kookprogramma
Aantal keer op de toets drukken
Prog. Menü 1 2 3 4 5 6 7
1
Hete dranken
(200 ml/Tasse)
1 2 3
2
Rijst (g) 150 g 300 g 450 g 600 g
3
Pasta (g) 100 g 200 g 300 g
4
Aardappels (à
230g)
1 2 3
186
5
Verhitten 200 g 300 g 400 g 500 g 600 g 700 g 800 g
6
Vis (g) 200 g 300 g 400 g 500 g 600 g
7
Kip (g) 800 g 1000 g 1200 g 1400 g
8
Vlees(g) 200 g 300 g 400 g 500 g 600 g
9
Hakken (g) 100 g 200 g 300 g 400 g 500 g
Tip
Bij het koken in de grill- of combinatiestand dient u de etenswaren, indien nodig, na de
2/3 van de kooktijd om te draaien, zodat alles gelijkmatig gaar wordt.
Bij sommige menu’s stopt het apparaat na de 2/3 van de kooktijd, zodat u de
etenswaren kunt roeren en alles gelijkmatig gaar wordt. Druk daarna op de knop
om de bereiding voort te zetten.
Bij pasta / rijst voor het kookproces water toevoegen.
52.15 Ontdooien
U kunt kiezen uit ontdooien naar gewicht (automatisch ontdooien) en ontdooien op tijd
(snel ontdooien).
Tip
Wanneer de 2/3 van de ontdooitijd is verstreken, stopt het programma, zodat u het
voedsel kunt omroeren en het gelijkmatig wordt ontdooid.
Het programma wordt dan voortgezet door op Start/Quickstart te drukken.
Ontdooien op tijd/ snel ontdooien
De langste ontdooitijd bedraagt 95 minuten.
Het apparaat kan het voedsel, afhankelijke van de ingestelde tijd, snel ontdooien.
1. Druk op .
2. Stel de gewenste ontdooitijd in, door aan de draairegelaar Menu/Tijd te draaien.
3. Start het programma met .
Ontdooien naar gewicht/ Automatisch ontdooien
De oven maakt het ontdooien van voedingsmiddelen mogelijk op basis van het gewicht
(100g - 1800g) dat u heeft ingevoerd.
1. Druk op .
187
2. Kies het gewenste gewicht, door vaak genoeg op de toets te drukken (100g -
1.800g).
3. Start het programma met .
Tip
Stop af en toe om het ontdooide gerecht eruit te nemen ofwel apart te zetten als het na
de geschatte ontdooitijd niet is ontdooid.
Programmeer de oven in stappen van 100 g, totdat het diepvriesgerecht volledig is
ontdooid.
Bij het gebruik van kunststof bakjes uit de vriezer moet de ontdooitijd zo lang duren
totdat het gerecht uit het bakje genomen kan worden en daarna in een
magnetronbestendige vorm gedaan kan worden.
53 Reiniging en onderhoud
In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke informatie m.b.t de reiniging en het onderhoud van het
apparaat. Neem de aanwijzingen in acht om beschadigingen door verkeerde reiniging van
het apparaat te voorkomen en een storingvrij gebruik te waarborgen.
53.1 Veiligheidsvoorschriften
Voorzichtig
Schenkt u eerst aandacht aan de volgende veiligheidsvoorschriften voordat u met de
reiniging van het apparaat begint:
Het apparaat moet regelmatig worden gereinigd en restanten van voedsel moeten
worden verwijderd. Wanneer het apparaat niet schoon wordt gehouden kan het
oppervlak beschadigd raken, wat kan leiden tot een kortere levensduur van het
apparaat, gevaar voor de gebruiker en schimmel- en bacteriële infecties.
Schakelt u de oven vóór het reinigen uit en trek de stekker uit het stopcontact.
De binnenkant van de oven is na gebruik heet. Er is daardoor kans op verbranden!
Wacht u totdat het apparaat is afgekoeld.
Reinigt u de binnenkant na gebruik, zodra hij is afgekoeld. Te lang wachten verzwaart
de reiniging onnodig en maakt het in extreme gevallen onmogelijk. Te sterke
verontreinigingen kunnen onder omstandigheden het apparaat beschadigen.
Als er vloeistof het apparaat binnendringt, kunnen elektronische componenten
beschadigd raken. Let u er op dat er geen vloeistof door de ventilatiegleuven in het
binnenste van het apparaat terecht komt.
Gebruik geen agressieve of schurende reinigingsmiddelen en geen oplosmiddelen.
Kras niet met een hard voorwerp over hardnekkige verontreinigingen.
188
53.2 Reiniging
Binnenkant en binnenkant deur
Brandgevaar
Verwijder altijd vetresten uit het apparaat, omdat deze licht ontvlambaar zijn.
Houd de binnenkant van de oven schoon. Veeg gemorste en door spetteren ontstane
maaltijdresten met een vochtige doek van de wanden aan de binnenkant. Bij sterke
vervuiling van de oven kan een mild reinigingsmiddel gebruikt worden.
Veeg de deur, het raam en de deurdichtingen met een vochtige doek af, om zo door
spetteren en morsen ontstane maaltijdresten te verwijderen. Maaltijdresten aan de
deurdichting kunnen er toe leiden dat de deur niet meer goed sluit en dat daardoor
microgolven vrijkomen.
Veeg de neergeslagen damp op de ovendeur met een vochtige doek af. Dit kan het
geval zijn als het apparaat in een zeer vochtige omgeving gebruikt is en is normaal.
Luchtjes kunt u uit de oven verwijderen door een kopje water te vullen met sap en schil
van een citroen, het vervolgens in een magnetronbestendige schotel te gieten en dan
vijf minuten in de magnetron stand te koken. Veeg de oven daarna grondig met een
zachte doek droog.
Laat na reiniging de binnenkant van de ovendeur open, totdat het apparaat droog is.
Voorkant en bedieningspaneel
Reinig de voorkant van het apparaat en het bedieningspaneel met een zachte, licht
vochtige doek.
Let er op dat het bedieningspaneel niet nat wordt. Gebruik om het te reinigen een
zachte, vochtige doek.
Tip
Laat de ovendeur open om te voorkomen dat het apparaat per vergissing wordt
ingeschakeld.
Buitenkant
De oppervlakte aan de buitenkant van het apparaat met een vochtige doek reinigen.
Grillrooster en ovenbodem
Het grillrooster moet regelmatig worden gereinigd. Was het grillrooster in een warme
zeepoplossing.
Veegt u de bodem van de oven met een mild reinigingsmiddel af. Bij sterke vervuiling
van de ovenbodem kan een mild reinigingsmiddel gebruikt worden.
189
54 Storingen verhelpen
In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke informatie m.b.t. het lokaliseren van storingen en het
verhelpen van storingen. Let u op de aanwijzingen om gevaren en beschadigingen te
voorkomen.
54.1 Veiligheidsvoorschriften
Voorzichtig
Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen uitgevoerd worden door
gekwalificeerd vakpersoneel dat door de fabrikant is geschoold.
Door ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan,
evenals schaden aan het apparaat.
54.2 Oorzaken van de storingen en het verhelpen
De volgende tabel helpt bij het lokaliseren en het verhelpen van kleinere storingen
Storing Mogelijke oorzaak Verhelpen
Het gekozen programma
start niet
Apparaatdeur niet gesloten Apparaatdeur sluiten
Stekker niet in stopcontact Stekker in stopcontact
doen
Zekering niet ingeschakeld Zekering inschakelen
Gerecht na afloop van de
ingestelde tijd niet genoeg
ontdooid, verwarmd ofwel
gaar geworden.
Tijd ofwel vermogen
verkeerd gekozen
Tijd en vermogen opnieuw
instellen
Het gebeuren herhalen
Het apparaat functioneert,
maar de binnenverlichting
niet
Binnenverlichting kapot Binnenverlichting door
Servicedienst laten
repareren
Tijdens inschakeling van de
magnetron ontstaan niet
normale geluiden
Gerechten met aluminium
afgedekt
Aluminiumfolie verwijderen
Het servies bevat metaal
en er ontstaan vonken
Adviezen gebruik servies
lezen
De tijd in het display klop
niet
Stroomuitval Tijd opnieuw instellen
Voorzichtig
Als u met de bovengenoemde stappen het probleem niet kunt verhelpen, neem dan
contact op met de klantendienst.
190
55 Afvoer van het oude apparaat
Oude elektrische en elektronische apparaten bevatten vaak nog waardvolle
materialen. Ze bevatten echter ook schadelijke stoffen, die voor hun
functioneren en veiligheid noodzakelijk waren. In het huishoudelijk afval of bij
verkeerde behandeling kunnen deze stoffen de menselijke gezondheid en het
milieu schade aanbrengen. Zet uw oude apparaat daarom nooit bij het gewone
huishoudelijk vuil.
Tip
Maak gebruik van de in uw woonplaats voorhanden zijnde inzamelplek voor teruggave
en verwerking van oude elektrische en elektronische apparaten. Haal eventueel
informatie bij uw gemeentehuis, de vuilnisophaaldienst of bij uw winkelier.
Zorg ervoor dat uw oude apparaat tot het moment van transport op een kinderveilige
plek wordt bewaard.
56 Garantie
Voor dit product geven we vanaf de dag van aankoop 24 maanden garantie op gebreken,
die te herleiden zijn tot productie- of materiaalfouten.
Garantieclaims volgens §439 ff. BGB-E blijven hiervan van kracht.
Onder de garantie vallen niet de schaden die door onjuiste behandeling of ingebruikname
ontstaan zijn, zoals gebreken die de functie of de waarde van het apparaat slechts gering
beïnvloeden. Verder zijn aan slijtage onderhevige onderdelen, transportschade zo lang wij
deze niet te verantwoorden hebben, als ook schaden, die door niet door ons verrichtte
reparaties ontstaan zijn, uitgesloten van aanspraak op garantieclaim. Dit apparaat is
vervaardigd voor huishoudelijk gebruik (kleinverbruik) en voorzien van een
overeenkomstig vermogen. Een eventueel gebruik voor bedrijfsdoeleinden valt alleen
onder de garantie, als de mate van gebruik te vergelijken is met het gebruik in een
particulier kleinhuishouden. Het is niet voor de verdere bedrijfsdoeleinden bestemd.
Bij rechtmatige reclamaties zullen wij het defecte apparaat naar ons bevinden repareren of
tegen een apparaat vrij van gebreken omwisselen.
Zichtbare defecten moeten binnen 14 dagen na levering aangetoond worden. Verdere
claims zijn uitgesloten. Stelt u zich voor het indienen van een garantieclaim en het
terugsturen van uw apparaat via onderstaand adres (altijd met bewijs van koop!) met ons
in verbinding.
191
57 Technische gegevens
Apparaat Magnetron en Grill
Naam BMG 20 Ceramic electronic
Artikel nr. 3317
Aansluitgegevens 230Volt - 50 Hz
Vermogensopname
1200Watt (Magnetron)
1000Watt (Grill)
< 1Watt (Standby)
Magnetron uitgangsvermogen 800Watt
Optimale frequentie 2450 MHz
Afmetingen buitenkant 46 x 27 x 40 cm
Afmetingen binnenkant 28,5 x 18 x 29 cm
Ovencapaciteit Ca. 20 L
Netto gewicht 12,60 kg

Documenttranscriptie

49.1 Algemeen ........................................................................................................... 162 49.2 Informatie over deze gebruiksaanwijzing ....................................................... 162 49.3 Waarschuwingsinstructies ............................................................................... 162 49.4 Aansprakelijkheid ............................................................................................. 163 49.5 Auteurswet......................................................................................................... 163 50 Veiligheid ............................................................................................................... 163 50.1 Gebruik volgens de voorschriften ................................................................... 163 50.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen ................................................................. 164 50.3 Bronnen van gevaar .......................................................................................... 166 50.3.1 Gevaar door microgolven .................................................................................. 166 50.3.2 Verbrandingsgevaar .......................................................................................... 167 50.3.3 Brandgevaar ..................................................................................................... 168 50.3.4 Ontploffingsgevaar ............................................................................................ 170 50.3.5 Gevaar door elektrische stroom ........................................................................ 170 50.4 Ingebruikname................................................................................................... 171 50.5 Veiligheidsvoorschriften .................................................................................. 171 50.6 Leveringsomvang en transportinspectie ........................................................ 172 50.7 Auitpakken ......................................................................................................... 172 50.8 Verwijderen van de verpakking........................................................................ 172 50.9 Plaatsen ............................................................................................................. 173 50.9.1 Eisen aan de plek van plaatsing ....................................................................... 173 50.9.2 Voorkomen van frequentiestoring ..................................................................... 173 50.10 Elektrische aansluiting ..................................................................................... 174 51 Opbouw en functie ................................................................................................ 174 51.1 Algemeen overzicht .......................................................................................... 175 51.1.1 Grillrooster ........................................................................................................ 176 51.2 Bedieningspaneel en display .......................................................................... 177 51.3 Pieptonen ........................................................................................................... 177 51.4 Veiligheidsvoorzieningen ................................................................................. 178 51.4.1 Waarschuwingsinstructies op apparaat............................................................. 178 51.4.2 Deurvergrendeling ............................................................................................ 178 51.4.3 Kinderslot .......................................................................................................... 178 51.5 52 Typeplaatje ........................................................................................................ 178 Bediening en gebruik ............................................................................................ 178 52.1 Basis van het magnetron koken ...................................................................... 179 52.2 Soorten gebruik................................................................................................. 179 52.3 Aanwijzingen magnetron kookgerei ................................................................ 180 52.4 Deur openen/sluiten .......................................................................................... 180 10 52.5 Inschakelen naar programmakeuze ................................................................ 181 52.6 Snelstart ............................................................................................................. 181 52.7 Uitschakelen ...................................................................................................... 181 52.8 Instellen van de klok ......................................................................................... 181 52.9 Gebruik “Magnetron” ........................................................................................ 182 52.10 Gebruik “Grill” ................................................................................................... 182 52.11 Gebruik “Magnetron en grill” ........................................................................... 183 52.11.1 “Combinatie 1” .................................................................................................. 183 52.11.2 “Combinatie 2” .................................................................................................. 183 52.12 Gebruik “Meerdere fases koken” ..................................................................... 184 52.13 Auto-start ........................................................................................................... 184 52.14 Gebruik “Kookprogramma“ ............................................................................. 185 52.15 Ontdooien .......................................................................................................... 186 53 Reiniging en onderhoud ....................................................................................... 187 53.1 Veiligheidsvoorschriften .................................................................................. 187 53.2 Reiniging ............................................................................................................ 188 54 Storingen verhelpen .............................................................................................. 189 54.1 Veiligheidsvoorschriften .................................................................................. 189 54.2 Oorzaken van de storingen en het verhelpen ................................................. 189 55 Afvoer van het oude apparaat .............................................................................. 190 56 Garantie .................................................................................................................. 190 57 Technische gegevens ........................................................................................... 191 11 Originele Gebruiksaanwijzing Magnetron en Grill BMG 20 Ceramic electronic Artikelnummer 3317 161 49Gebruiksaanwijzing 49.1 Algemeen Lees de hier vermelde informatie, zodat u snel vertrouwd raakt met uw apparaat en al zijn functies in volle omvang kunt gebruiken. U heeft jaren lang plezier van uw magnetron als u hem vakkundig behandelt en onderhoudt. Wij wensen u veel plezier met het gebruik. 49.2 Informatie over deze gebruiksaanwijzing Deze gebruiksaanwijzing is onderdeel van de magnetron (vanaf hier ‘apparaat’ genoemd) en geeft u belangrijke aanwijzingen voor de ingebruikname, de veiligheid, het doelgerichte gebruik en het onderhoud van het apparaat. De gebruiksaanwijzing moet altijd bij het apparaat voorhanden zijn en voor iedereen te lezen en te gebruiken die met de  ingebruikname,  bediening,  oplossing van een storing en/of  reiniging van het apparaat belast is. Bewaar deze gebruiksaanwijzing en geef hem samen met het apparaat door aan een eventuele volgende eigenaar. 49.3 Waarschuwingsinstructies In deze gebruiksaanwijzing worden de volgende waarschuwingsinstructies gebruikt: GEVAAR Een waarschuwing van dit gevarenniveau duidt op een dreigende, gevaarlijke situatie. Indien de gevaarlijke situatie niet vermeden wordt, leidt deze tot de dood of zware verwondingen. ► De aanwijzingen van deze waarschuwingsinstructie opvolgen om het gevaar van dood of zware verwondingen bij personen te voorkomen. WAARSCHUWING Een waarschuwing van dit gevarenniveau duidt op een mogelijk gevaarlijke situatie. Indien de gevaarlijke situatie niet vermeden wordt, kan dit tot zware verwondingen leiden. ► De aanwijzingen van deze waarschuwingsinstructie opvolgen om verwondingen bij personen te voorkomen. VOORZICHTIG Een waarschuwing van dit gevarenniveau duidt op een mogelijk gevaarlijke situatie. Indien de gevaarlijke situatie niet vermeden wordt, kan dit tot lichte of matige verwondingen leiden. ► De aanwijzingen van deze waarschuwingsinstructie opvolgen om verwondingen bij personen te voorkomen. TIP Een tip duidt op extra informatie, die de omgang met het apparaat lichter maakt. 162 49.4 Aansprakelijkheid Alle in deze gebruiksaanwijzing aanwezige technische informatie, gegevens en instructies voor installatie, ingebruikname en onderhoud beantwoorden aan de laatste stand bij het in druk gaan en vinden plaats met inachtneming van onze tot nu toe opgedane ervaringen en kennis naar eer en geweten. Aan de informatie, afbeeldingen en beschrijvingen in deze gebruiksaanwijzingen kunnen geen rechten worden ontleend. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schaden op grond van:  Niet-naleving van de gebruiksaanwijzing  Niet volgens de voorschriften geldend gebruik  Ondeskundige reparaties  Technische veranderingen, modificaties van het apparaat  Toepassing van niet goedgekeurde onderdelen Modificaties van het apparaat worden niet aanbevolen en vallen niet onder de garantie. Vertalingen worden naar beste weten uitgevoerd. Wij zijn niet verantwoordelijk voor vertaalfouten, ook niet in het geval dat de vertaling door ons of in opdracht van ons is gemaakt. Bindend blijft alleen de oorspronkelijke Duitse tekst. 49.5 Auteurswet Dit documentatiemateriaal is auteursrechtelijk beschermd. Alle rechten, ook die van de fotomechanische reproductie, de verveelvoudiging en de verbreiding door bijzondere handelswijzen (bijvoorbeeld gegevensverwerking, informatiedragers en datanetwerken), ook ten dele, zijn de firma Braukmann GmbH voorbehouden. Inhoudelijke en technische veranderingen voorbehouden. 50Veiligheid In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke veiligheidsinstructies betreffende de omgang met het apparaat. Dit apparaat beantwoordt aan de voorgeschreven veiligheidsvoorschriften. Een ondeskundig gebruik kan echter tot materiële schade en schade aan personen leiden. 50.1 Gebruik volgens de voorschriften Dit apparaat is alleen voor het gebruik in het huishouden in een gesloten ruimte ter  Ontdooien , Verwarmen , Koken, Grillen, Inkoken, Bakken en Roosteren van levensmiddelen en dranken bestemd. Dit apparaat is bedoeld voor het huishouden en in soortgelijke toepassingen zoals bijvoorbeeld:  in keukens voor medewerkers in winkels, kantoren en andere commerciële toepassingen;  op boerderijen;  door klanten in hotels, motels en dergelijke;  in pensions met ontbijt. Een ander of er van afwijkend gebruik geldt als niet volgens de voorschriften. WAARSCHUWING Gevaar door gebruik niet volgens de voorschriften! Bij onreglementair gebruik van het apparaat en/of gebruik op een andere wijze kunnen gevaren ontstaan. Het apparaat uitsluitend volgens de voorschriften gebruiken. ► De in deze gebruiksaanwijzing beschreven handelswijzen in acht nemen. Aanspraken van welke aard dan ook wegens niet reglementair gebruik zijn uitgesloten. Het risico draagt alleen de gebruiker. 163 50.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen Tip Neem voor een veiligere omgang met het apparaat de volgende algemene veiligheidsaanwijzingen in acht: ► Vóór het gebruik van het apparaat moeten de gebruiksaanwijzingen zorgvuldig worden gelezen. ► Controleer het apparaat voor het gebruik op zichtbare schade. Gebruik een beschadigd apparaat niet. ► Het apparaat is niet geschikt voor het drogen, opwarmen of verhitten van levende dieren. ► Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder, mits ze onder toezicht staan of wanneer hun de veilige gebruik van het apparaat is uitgelegd en ze de mogelijke gevaren hebben begrepen. ► Reiniging en onderhoud mag niet door kinderen worden uitgevoerd, tenzij ze 8 jaar of ouder zijn en ze onder toezicht staan. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. ► Het apparaat en zijn aansluiting moet buiten het bereik blijven van kinderen jonger dan 8 jaar. ► Het apparaat kan door personen met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en/of kennis worden gebruikt, wanneer ze onder toezicht staan of hen het veilige gebruik van het apparaat is uitgelegd en ze de mogelijke gevaren hebben begrepen. ► Reparaties mogen alleen door gekwalificeerd, door de fabrikant opgeleid, personeel worden uitgevoerd. Door ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Een reparatie van het apparaat tijdens de garantieperiode mag alleen door een door de fabrikant erkende klantenservice worden uitgevoerd, anders vervalt bij volgende schade de garantie. 164 Tip ► Defecte onderdelen mogen alleen tegen originele reserveonderdelen worden vervangen. Alleen met deze onderdelen is gegarandeerd dat aan de veiligheidseisen wordt voldaan. ► Voedingsthermometers zijn niet geschikt voor de magnetron. ► Het apparaat moet alleen voor het in deze bedieningshandleiding beschreven doel worden gebruikt. Bijtende chemicaliën of dampen mogen niet worden gebruikt. Dit apparaat is speciaal ontwikkeld voor het verhitten, koken en drogen van voedingsmiddelen en niet voor industriële doeleinden of het gebruik in een laboratorium. ► Het apparaat mag niet in gebruik worden genomen, als de netkabel of de stekker beschadigd is, als het niet volgens de voorschriften werkt, op de grond is gevallen of beschadigd is. Indien de netkabel of de stekker beschadigd is, moet deze door de fabrikant of servicepersoneel dat daar opdracht toe heeft van de fabrikant worden vervangen om gevaren te voorkomen. ► Gebruik uitsluitend keukenapparaten en voorwerpen, die in een magnetron kunnen worden gebruikt. ► Thermometers voor gerechten zijn niet geschikt voor magnetrongebruik. ► De magnetron mag alleen vrijstaand in gebruik worden genomen. De magnetron mag niet in een kast worden gebruikt. Het apparaat moet met de achterkant tegen een wand worden geplaatst. ► Let op: Het apparaat mag niet boven een kookplaat of andere warmtebron worden geplaatst, omdat het anders kan worden beschadigd en de garantie dan vervalt. 165 Tip ► Dit apparaat is een ISM-apparaat van de groep 2 klasse B. Bij deze apparaten horen alle industriële, wetenschappelijke of medisch gebruikte apparaten waarbij met opzet hogefrequentie-energie als elektromagnetische straling voor de behandeling van materialen geproduceerd of gebruikt wordt, zoals apparaten met een vonkeroderende werking. Apparaten van de klasse B zijn geschikt voor gebruik in het huishouden en voor gebruik met een aansluiting op een huishoudelijke stroomvoorziening, zoals laagspanningsinrichtingen in gebouwen. ► Het apparaat is niet geschikt voor gebruik via een externe tijdschakelaar of afstandsbediening. ► De magnetron is alleen geschikt voor huishoudelijk gebruik, niet voor industrieel gebruik. ► Nooit de afstandshouders aan de achterzijde of de zijkanten van het apparaat verwijderen, omdat deze de nodige minimale afstand voor de luchtcirculatie garanderen. ► De magnetron is alleen geschikt voor koken, ontdooien en verdampen van voedingsmiddelen. ► Het apparaat mag niet met een stoomreiniger worden gereinigd. 50.3 Bronnen van gevaar 50.3.1 Gevaar door microgolven Waarschuwing De inwerking van microgolven op het menselijk lichaam kan tot lichamelijk letsel leiden. Neem de volgende veiligheidsinstructies in acht om uzelf en anderen niet bloot te stellen aan microgolven. 166 Waarschuwing ► Het apparaat nooit met open deur laten werken. Door een foutief of gemanipuleerde veiligheidsschakelaar bestaat het gevaar dat u zich direct aan microgolven blootstelt. ► WAARSCHUWING: onderhouds- en reparatiewerkzaamheden waarbij de beschermkap voor de straling van microgolven wordt verwijderd, kunnen gevaar opleveren voor iedereen en mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. ► Dit geldt ook voor de vervanging van de verlichting en de netkabels. Het apparaat moet hiervoor naar het servicecenter worden gestuurd. ► Wanneer de deur of de deurafdichting beschadigd zijn, mag het apparaat niet worden bediend, totdat het door een geautoriseerde vakkracht is gerepareerd. 50.3.2 Verbrandingsgevaar Waarschuwing Het in dit apparaat verwarmde voedingsmiddel, het gebruike keukengerei en de oppervlakken van het apparaat, kunnen heel heet worden. Raadpleeg de volgende veiligheidsaanwijzingen om uzelf of anderen niet te verbranden. ► Let op: Als het apparaat in de combi-stand draait, mag het door de daarbij ontstane hoge temperaturen alleen onder toezicht van een volwassene door kinderen worden gebruikt. ► Bij het verhitten van dranken in de magnetron kunnen deze plotseling gaan koken (kookvertraging), daarom moeten de bakken voorzichtig worden vastgepakt. ► Geen voedingsmiddelen in de oven frituren. Hete olie kan onderdelen van apparaten en keukengerei beschadigen en verbrandingen veroorzaken. 167 Waarschuwing ► Vooral de inhoud van babyflesjes en potjes met babyvoedesel moet worden doorgeroerd of geschud, en de temperatuur moet voor het gebruik worden gecontroleerd, om verbrandingen te voorkomen. ► Kooktoestellen kunnen door hitteoverdraging van de voedingsmiddelen heet worden. Als bescherming wordt het gebruik van pannenlappen aangeraden. ► De buitenvlakken kunnen bij het gebruik heel heet worden. ► De deur en de buitenoppervlakken kunnen tijdens het gebruik heel heet worden. ► Als het apparaat in gebruik is, kunnen de aanraakvlakken een hoge temperatuur bereiken. ► Gebruik voor het eruit halen van voedingsmiddelen pannenlappen of keukenhandschoenen. ► Let op! Bij het openen van deksels of afdekfolie kan hete damp ontsnappen. ► Waarschuwing: Het apparaat en delen binnen handbereik raken tijdens het gebruik sterk verhit. De verwarmingselementen mogen daarom niet worden aangeraakt, en kinderen onder 8 jaar moeten op afstand of onder toezicht worden gehouden. 50.3.3 Brandgevaar Waarschuwing Bij ondeskundig gebruik van het apparaat bestaat brandgevaar omdat de inhoud kan gaan branden. Neem de volgende veiligheidsmaatregelen in acht om brandgevaar te vermijden: ► Laat het apparaat niet onbeheerd als u levensmiddelen in bak uit kunststof, papier of andere brandbare materialen verwarmt of gaar wil laten worden. 168 Waarschuwing ► Gebruik het apparaat nooit voor het bewaren of drogen van ontvlambare materialen. ► Voor de beperking van brandgevaar in de oven: a) Bij het verwarmen van voedingsmiddelen in plastic en papieren bakken moet het apparaat bewaakt worden omdat er brandgevaar bestaat. b) Afsluitclips van plastic of papieren zakken moeten voor het verwarmen worden verwijderd. c) Wanneer er sprake is van rookontwikkeling moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden getrokken en de deur gesloten, om eventueel optredende vlammen te verstikken. d) Niets bewaren in de oven. Als het apparaat niet wordt gebruikt, mag het niet worden gebruikt voor het bewaren van papieren voorwerpen, keukengerei of voedingsmiddelen. ► Wegwerpbakken van kunststof moeten voldoen aan de onder "Aanwijzingen voor keukengerei" aangegeven eigenschappen. ► Verhit geen alcohol in onverdunde toestand. ► Het apparaat mag niet in lege toestand gebruikt worden. ► Bij alle keukenapparaten en bakken moet worden gecontroleerd of die voor het gebruik in magnetrons geschikt zijn. ► Bij rookontwikkeling moet het apparaat worden uitgeschakeld, de netstekker uitgetrokken en de deur (voor het smoren van eventuele vlammen) gesloten blijven. ► Verwijder altijd vetresten uit het apparaat, omdat deze licht ontvlambaar zijn. 169 Waarschuwing ► De magnetron is uitsluitend bestemd voor het verwarmen van gerechten en dranken. Het drogen van gerechten en kleding en het verwarmen van warmtekussens, pantoffels, sponzen, vochtige doeken en dergelijke loopt het risico lichamelijk letsel, ontstekingen of brand te veroorzaken. 50.3.4 Ontploffingsgevaar Waarschuwing Bij ondeskundig gebruik van het apparaat bestaat ontploffingsgevaar door ontstane overdruk. Neem de volgende veiligheidsmaatregelen in acht om explosiegevaar te vermijden: ► Vloeistoffen en andere voedingsmiddelen mogen niet in afgesloten potten worden verhit, omdat deze kunnen exploderen. ► Eieren met schaal en hele hard gekookte eieren niet in het apparaat opwarmen, omdat ze ook na de behandeling in de magnetron nog exploderen kunnen. ► Voedingsmiddelen met dikke schillen bijv. aardappelen, hele pompoenen, appels of kastanjes moeten voor het garen in het apparaat worden ingeprikt. 50.3.5 Gevaar door elektrische stroom Gevaar Levensgevaar door elektrische spanning! Het contact met leidingen of onderdelen die onder spanning staan kan levensgevaarlijk zijn! Neem de volgende veiligheidsaanwijzingen in acht om gevaar door elektrische stroom te voorkomen. 170 Gevaar ► Open in geen geval de behuizing van het apparaat. Als aansluitingen die onder stroom staan worden aangeraakt en de elektrische of mechanische opbouw veranderd, bestaat gevaar voor elektrische schokken. Daarnaast kunnen functionele storingen in het apparaat optreden. ► Het apparaat mag niet in gebruik worden genomen, als de netkabel of de stekker beschadigd is, als het niet volgens de voorschriften werkt, op de grond is gevallen of beschadigd is. Indien de netkabel of de stekker beschadigd is, moet deze door de fabrikant of servicepersoneel dat daar opdracht toe heeft van de fabrikant worden vervangen om gevaren te voorkomen. ► Opgelet: Onderhouds- en reparatiewerkzaamheden waarbij de beschermende afdekking tegen microgolven wordt verwijderd, moeten alleen door een vakman worden uitgevoerd. Dit geldt ook voor de vervanging van de verlichting en de netkabels. Het apparaat moet hiervoor naar het servicecenter worden gestuurd. 50.4 Ingebruikname In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke informatie omtrent de ingebruikname van het apparaat. Neem de aanwijzingen in acht om gevaren en beschadigingen te voorkomen. 50.5 Veiligheidsvoorschriften Waarschuwing Bij de ingebruikneming van het apparaat kan materiële schade en letsel aan personen ontstaan! Neemt u de volgende veiligheidsvoorschriften in acht om de gevaren te voorkomen: ► Verpakkingsmateriaal mag niet als speelgoed gebruikt worden. Er bestaat kans op verstikking. ► Vanwege het hoge gewicht van het apparaat het transport als ook het uitpakken en plaatsen met twee personen uitvoeren. 171 50.6 Leveringsomvang en transportinspectie De magnetron BMG 20 Ceramic electronic wordt standaard met de volgende onderdelen geleverd:  Magnetron BMG 20 Ceramic electronic  Grillrooster  Gebruiksaanwijzing Tip ► Controleer de levering op volledigheid en op zichtbare beschadigingen. ► Waarschuw de expediteur, de verzekering en de leverancier bij een onvolledige levering of bij beschadiging als gevolg van gebrekkige verpakking of als gevolg van het transport. 50.7 Auitpakken Bij het uitpakken van het apparaat gaat u als volgt te werk:  Neem het apparaat uit de doos en verwijder het verpakkingsmateriaal.  Neem de accessoires uit de binnenkant van het apparaat en verwijder het verpakkingsmateriaal.  Verwijder het rode veiligheidsplakband op de bodem van de binnenkant.  Verwijder niet de folie van de afzuigopening!  Verwijder de blauwe beschermfolie van het apparaat. Tip ► Verwijder de blauwe beschermfolie pas kort voordat het apparaat op de werkplek wordt neergezet, om zo krassen en vervuiling te voorkomen. ► De beschermende film op de binnenkant van de deur (indien aanwezig) niet verwijderd, aangezien dit een eenvoudig reinigen apparaat. 50.8 Verwijderen van de verpakking De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. De verpakkingsmaterialen zijn uitgezocht vanuit milieuvriendelijke en verwijderingtechnische gezichtspunten en daarom recyclebaar. Het terugbrengen van de verpakking in de materiaalkringloop bespaart grondstoffen en verkleint de afvalhoop. Lever niet meer benodigd verpakkingsmateriaal in bij een afvalbrengstation, dat zorgdraagt voor de recycling. Tip ► Bewaar indien mogelijk het originele verpakkingsmateriaal gedurende de garantieperiode, zodat u het apparaat indien nodig weer volgens de voorschriften kunt inpakken. 172 50.9 Plaatsen 50.9.1 Eisen aan de plek van plaatsing Voor een veilig en foutloos functioneren van het apparaat moet de plek waar het apparaat komt te staan aan de volgende eisen voldoen:  Het apparaat moet op een vaste, vlakke, horizontale (waterpas) en hittebestendige ondergrond met voldoende draagkracht voor de oven en het volgens de verwachtingen zwaarste in de oven bereidde gerecht neergezet worden.  Kies de plek dusdanig dat kinderen hete oppervlakken van het apparaat niet kunnen aanraken.  Het apparaat is niet geschikt voor inbouw in een wand of in een inbouwkast.  Plaatst u het apparaat niet in een hete, natte of zeer vochtige omgeving of in de buurt van brandbare materialen.  Het apparaat heeft voor een correcte werking voldoende luchtstroming nodig. Laat u 20 cm. vrije ruimte boven de apparaat, 10 cm. aan de achterkant en 5 cm. aan beide zijden.  Dek geen openingen van het apparaat af en blokkeer de openingen niet.  Verwijder de pootjes van het apparaat niet.  Het stopcontact moet makkelijk toegankelijk zijn, zodat de voedingskabel er in geval van nood ongecompliceerd uitgehaald kan worden.  De inbouw en montage van dit apparaat op niet stationaire plekken (bijvoorbeeld schepen) mogen alleen door vakzaken/vakmensen uitgevoerd worden, als ze de voorwaarden voor een veilig gebruik van dit apparaat garanderen. 50.9.2 Voorkomen van frequentiestoring Door het apparaat kunnen storingen bij radio’s, televisies of soortgelijke apparaten optreden. Door de volgende maatregelen kunnen storingen weggenomen of gereduceerd worden:  Reinig de deur en de afdichtingen van het apparaat.  Plaats de radio, de televisie, etc. op een zo groot mogelijke afstand van het apparaat.  Gebruik voor het apparaat een ander stopcontact, zodat het apparaat en de gestoorde ontvanger van verschillende stroomketens gebruik maken.  Gebruik een volgens de voorschriften geïnstalleerde antenne voor de ontvanger, om zo zeker te zijn van een goede ontvangst. 173 50.10 Elektrische aansluiting Voor een veilig en feilloos gebruik van het apparaat moeten bij de elektrische aansluiting de volgende aanwijzingen in acht genomen worden:  Controleer voor het aansluiten van het apparaat de aansluitingsgegevens (spanning en frequentie) op het typeplaatje met de gegevens van uw stroomnet. Deze gegevens moeten overeenkomen, zodat het apparaat niet beschadigd kan raken. In geval van twijfel vraagt u een vakkundige elektricien.  Het stopcontact moet via een 16A veiligheidsschakelaar, gescheiden van andere stroomverbruikers, zijn beveiligd.  Bij gebruik van een verlengsnoer mag voor aansluiting van het apparaat op het stroomnet alleen een uitgerold verlengsnoer van maximaal 3 meter lengte en een doorsnede van 1,5 mm² gebruikt worden. Het gebruik van een stekker of stekkerdoos met meerdere aansluitingen is vanwege het daarmee verbonden brandgevaar verboden.  Vergewis u er van dat de voedingskabel onbeschadigd is en niet onder de oven of over hete of scherpte oppervlakten gelegd is.  De elektrische veiligheid van het apparaat is alleen dan gegarandeerd wanneer het is aangesloten aan een reglementair geïnstalleerd systeem met aardkabels en veiligheidschakelaars. Het in werking stellen via een stopcontact zonder veiligheidsschakelaar is verboden. Laat u in geval van twijfel de huisinstallatie controleren door een erkende elektricien. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schaden, die door een gebrekkige of onderbroken aardingskabel veroorzaakt worden. 51 Opbouw en functie In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke aanwijzingen m.b.t. de opbouw en het functioneren van het apparaat. 174 51.1 Algemeen overzicht 1) 2) 3) 4) 5) 6) 7) Veiligheids-vergrendeling Ovenraam Keramische bodemplaat Grillrooster Grillelement Ventilatieopening Bedieningspaneel TIP ► De ventilator kan blijven draaien, om het apparaat af te koelen. Voorzichtig ► De keramische bodemplaat kan na het kookproces heet zijn: Raak de keramische bodemplaat niet aan! 175 51.1.1  Grillrooster Het grillrooster kan worden gebruikt voor het grillen van kleinere porties en ondersteunt de gelijkmatige verdeling van de hitte.  Plaats het grillrooster met de ronde afstandshouder richting de achterzijde in het apparaat. Controleer of het grillrooster orrect is geplaatst. Voorzichtig ► De rubbernoppen mogen niet van het grillrooster worden verwijderd. ► Plaats het grillrooster alleen in de afgebeelde richting. ► Het grillrooster mag niet op de keramische bodem worden gelegd. 176 51.2 Bedieningspaneel en display Display: Kooktijd, vermogen, functie en de actuele tijd worden hier getoond. Vermogen: naar keuze de vermogenstand van de magnetron Magnetron+Grill: Indrukken bij het instellen van het grillprogramma en / of indrukken bij het instellen van een van de twee combinatiekookprogramma’s (magnetron en grill). Snel ontdooien op tijd Automatisch ontdooien naar gewicht Auto start: voor koken op later tijdstip Tijd/Gewicht: Instellen van de klok of het gewicht van de gerechten. combinatiekoken. Menu/Tijd (draaknop): Draaien bij het instellen van de kooktijd of om een kookprogramma te kiezen. Stop/Wissen: Om het kookprogramma tijdelijk te stoppen of om alle eerdere instellingen te verwijderen. Start/Snelstart: Indrukken om het kookprogramma te starten of om het snelstartkookprogramma in te schakelen. 51.3 Pieptonen Het apparaat geeft ter kennisgeving de volgende akoestische signalen af:  Eén pieptoon: Het apparaat heeft de input geaccepteerd.  Twee pieptonen: Het apparaat heeft de input niet geaccepteerd. De input checken en opnieuw proberen.  Vier pieptonen: Het einde van de kooktijd is bereikt.. 177 51.4 Veiligheidsvoorzieningen 51.4.1 Waarschuwingsinstructies op apparaat Voorzichtig Gevaar door hete oppervlakte! Boven aan de achterkant bevindt zich een waarschuwing voor het gevaar door hete oppervlakten. De oppervlakte van het apparaat kan zeer heet worden. ► De hete oppervlakte van het apparaat niet aanraken. Brandgevaar! ► Zet of leg geen voorwerpen op het apparaat. 51.4.2 Deurvergrendeling In de deurvergrendeling van het apparaat is een veiligheidsschakelaar ingebouwd, die de werking van het apparaat bij een openstaande deur verhindert. Voorzichtig Gevaar door microgolven! Is deze veiligheidsinrichting defect of wordt deze veiligheidsinrichting vermeden, dan bent u en zijn ook anderen blootgesteld aan microgolven ► Het apparaat niet gebruiken als de veiligheidsschakelaar defect is. ► Deze veiligheidsinrichting niet buiten werking stellen. 51.4.3 Kinderslot Het kinderslot verhindert gebruik van het apparaat door kinderen zonder toezicht.  Activeren van het kinderslot Als het apparaat in stand-by niet binnen een minuut wordt gebruikt, wordt het kinderslot automatisch geactiveerd.In vergrendelde toestand zijn alle knoppen gedeactiveerd.  Deactiveren van het kinderslot Open de deur van het apparaat en de functie LOCK dooft is in het display. In ontgrendelde stand zijn alle knoppen weer geactiveerd. 51.5 Typeplaatje Het typeplaatje met de aansluit- en vermogensgegevens bevindt zich aan de achterkant van het apparaat. 52Bediening en gebruik In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke aanwijzingen m.b.t. de bediening van het apparaat. Neem de aanwijzingen in acht om gevaren en beschadigingen te voorkomen. 178 WAARSCHUWING ► Het apparaat tijdens gebruik niet uit het oog verliezen, zodat er bij gevaren snel ingegrepen kan worden. 52.1 Basis van het magnetron koken  De voor de verwarming van de gerechten benodigde tijd en het vermogen hangt onder andere af van de eindtemperatuur, de hoeveelheid en de soort en toestand van het gerecht. Gebruik de kortst aangegeven kooktijd en verleng de tijd naar behoefte.  Sorteer de te bereiden etenswaren zorgvuldig. Plaats de dikste stukken op de rand van de vorm.  Dek het gerecht tijdens het koken af. Een deksel verhindert spatten en draagt bij tot een gelijkmatig garen/verhitten.  Tijdens het verwarmen dient u het gerecht meermaals om te draaien, anders te leggen of om te roeren, zodat uw een gelijkmatige temperatuurverdeling krijgt.  Eventueel aanwezige kiemen in het gerecht worden alleen bij een voldoende hoge temperatuur (>70°C) en bij een voldoende lange tijd (>10 min.) gedood.  Levensmiddelen met vaste huid of schaal zoals tomaten, worsten, schilaardappelen en aubergines meermaals prikken ofwel inkerven, zodat ontstane damp ontsnappen kan en de levensmiddelen niet uit elkaar spatten.  Eieren zonder schaal mogen alleen dan in de magnetron opgewarmd worden, wanneer er in het vel van de eierdooier van tevoren meermaals geprikt is. De eierdooier kan anders na het verwarmen met hoge druk naar buiten spuiten.  Verleg gerechten zoals gehaktballetjes na de helft van de kooktijd van boven naar beneden en van het midden tot aan de uiterste rand. 52.2 Soorten gebruik Het apparaat kan op verschillende manier gebruikt worden. De volgende opsomming geeft de mogelijkheden van gebruik van het apparaat aan:  Gebruik “Magnetron” Dit gebruik is geschikt voor normaal verhitten van gerechten.  Gebruik “Grill” Dit gebruik is geschikt voor braden en gratineren van gerechten.  Gebruik “magnetron en grill” Dit gebruik is geschikt voor gelijktijdig magnetron koken en grillen. Combinatie 1 : Bij dit gebruik werkt het apparaat 30% van de kooktijd als magnetron en 70% van de kooktijd als grill. Combinatie 2 : Bij dit gebruik werkt het apparaat 55% van de kooktijd als magnetron en 45% van de kooktijd als grill.  Gebruik “Meerdere fasen koken” Bij dit gebruik kunnen tot 2 automatische fasen geprogrammeerd worden. De volgorde en duur van het magnetron koken en grill of combinatie magnetron en grill, kunt u zelf instellen. 179  Gebruik “Kookprogramma’ Bij dit gebruik kan het kookprogramma uit 9 verschillende menu’s uitgekozen worden.  Snel ontdooien en automatisch ontdooien Snel ontdooien – voor het ontdooien van bevroren voedsel op tijd. Automatisch ontdooien – voor het ontdooien van bevroren voedsel naar gewicht. 52.3 Aanwijzingen magnetron kookgerei Het ideale materiaal voor magnetronkookgerei is dusdanig gemaakt, dat de microgolven doorgelaten worden en de energie kan doordringen in de vormen, zodat de gerechten opwarmen. Neem de volgende aanwijzingen in acht bij de keuze van passend kookgerei: ► Microgolven kunnen niet door metaal.Gereedschap uit metaal en kookgerei met metalen ornamenten dienen daarom niet gebruikt te worden. ► Gebruik bij het koken in de magnetron geen producten uit recycling papier, omdat hierin kleine metaalfragmenten kunnen zitten, die vonken en/of brand kunnen veroorzaken. ► Gebruik geen aluminiumfolie bij gebruik van de magnetronfunctie of bij combinaties met de magnetron (zie tabel). De volgende tabel dient als houvast bij de keuze van het juiste kookgerei: Hittebestendig glasservies Niet hittebestendig glasservies Hittebestendig keramisch servies Magnetronbestendige kunststofvormen Keukenpapier Metaalblik/bakblik Voetstuk uit metaal /grillrooster Metalen bak Aluminiumfolie en - vormen Magnetron Grill Combinatie                            * Magnetron+grill en Magnetron 52.4 Deur openen/sluiten  Deur openen Trek met de handgreep de deur open om de deur van het apparaat te openen.Mocht het apparaat ingeschakeld zijn, dan wordt het actuele kookprogramma onderbroken Tip ► Laat de deur een moment open voordat u in de binnenruimte tast, om zo de opgehoopte hitte te laten ontsnappen.  Deur sluiten Sluit de deur totdat de deurvergrendeling hoorbaar sluit. Mocht een lopend programma door het openen van de deur onderbroken zijn, dan wordt het actuele kookprogramma na drukken op de knop voortgezet. 180 52.5 Inschakelen naar programmakeuze Druk na de gemaakte programmakeuze met de draairegelaar op de knop ingestelde kookprogramma te starten. om het 52.6 Snelstart Gebruik deze functie om de oven voor het comfortabele koken bij 100% magnetron gebruik te programmeren. Druk snel achter elkaar op de knop om de kooktijd in te stellen. Druk éénmaal op om de kooktijd van 30 seconden in te stellen, tweemaal voor 60 seconden (max 10 minuten). De oven start automatisch. Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in het display END. 52.7 Uitschakelen Om een lopend kookprogramma te onderbreken kunt u als volgt te werk gaan: Druk eenmaal op de knop . Het lopende kookprogramma wordt onderbroken. Open de deur van het apparaat. Het lopende kookprogramma wordt onderbroken. Tip ► Om het onderbroken kookprogramma voort te zetten, drukt u na het sluiten van de deur op de knop . Om het onderbroken programma te beëindigen, drukt u voor de tweede keer op de knop . Tip ► Bij aanvang van een ander kookprogramma drukt u op de knop van het apparaat. of open de deur 52.8 Instellen van de klok Om de klok van het apparaat in te stellen, gaat u als volgt te werk:  Instelstand activeren Druk twee maal op de knop zetten. om de oven van het 12- op het 24-uur systeem om te  Uren instellen Draai aan de draaiknop Menu/Tjid, totdat het juiste uur verschijnt. Druk op de knop om het gekozen uur te bewaren.  Minuten instellen Draai aan de draaiknop Menu/Tjid, totdat de juiste minuut verschijnt. 181 Druk op de knop om de gekozen tijd te bewaren. 52.9 Gebruik “Magnetron” Bij het koken met de magnetron kunt u het vermogen en de kooktijd (maximaal 95 minuten) aanpassen.  Instellen van het vermogen Kies de gewenste vermogensstand,waarbij u de knop (zie tabel onder). overeenkomstig vaak indrukt  Instellen van de kooktijd Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tijd te draaien.  Kookprogramma starten Druk na de programmakeuze op de knop starten. om het ingestelde kookprogramma te  Einde van het kookprogramma Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in het display END. Watt Vermogen 800 100 % 640 80 % 480 60 % Toepassing Snel garen en verhitten Hoog Zuinig garen en verhitten Gemiddeld hoog Verwarmen van kleine hoeveelheden en gevoelige gerechten 320 40 % Gemiddeld Laag sudderen 160 20 % Gemiddeld-laag/ontdooien Snel ontdooien 0% Ventilator loopt 52.10 Gebruik “Grill” Het gebruik van “Grill” is speciaal geschikt voor dunne plakjes vlees, steaks, koteletten, kebab, worsten en stukjes kip. Tip Het systeem kiest bij dit gebruik het hoogste vermogen voor de grill. De maximale grilltijd bedraagt 95 minuten.  Keuze van het kookprogramma Kies het kookprogramma “Grill” door twee maal op de knop te drukken. 182  Instellen van de kooktijd Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tjid te draaien.  Kookprogramma starten Druk na de programmakeuze op de knop starten. om het ingestelde kookprogramma te  Einde van het kookprogramma Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in het display END. 52.11 Gebruik “Magnetron en grill” Deze functie stelt u in staat om met twee verschillende instellingen gecombineerd te grillen en met de magnetron te koken. Tip Het systeem kiest in dit gebruik het hoogste vermogen voor de grill 52.11.1 “Combinatie 1” Bij dit gebruik werkt het apparaat 30% van de kooktijd als magnetron en 70% van de kooktijd als grill.  Keuze van het kookprogramma Kies het kookprogramma “Combinatie. 1” door tweemaal op de knop te drukken.  Instellen van de kooktijd Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tjid te draaien.  Kookprogramma starten Druk na de programmakeuze op de knop starten. om het ingestelde kookprogramma te  Einde van het kookprogramma Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in het display END. 52.11.2 “Combinatie 2” Bij dit gebruik werkt het apparaat 55% van de kooktijd als magnetron en 45% van de kooktijd als grill.  Keuze van het kookprogramma Kies het kookprogramma “Combinatie 2” door 3x op de knop te drukken. De rest van de beschrijving is identiek aan het boven beschreven gebruik van “Combinatie 1”. 183 52.12 Gebruik “Meerdere fases koken” Bij dit gebruik kunnen tot 2 automatische fasen geprogrammeerd worden. De volgorde en duur van het magnetron koken en grill of combinatie magnetron en grill, kunt u zelf instellen. Het volgende voorbeeld beschrijft de instellingen voor een kookprogramma met meerdere fasen in de volgorde:  Magnetron koken  Grillen  Instellen van het vermogen Kies de gewenste vermogensstand,waarbij u de knop overeenkomstig vaak indrukt  Instellen van de kooktijd Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tijd te draaien.  Keuze van het kookprogramma grill Kies het kookprogramma “Grill” door twee maal op de knop te drukken.  Instellen van de kooktijd grill Stel de kooktijd in door aan de draaiknop Menu/Tjid te draaien.  Meerdere fasen kookprogramma starten Druk na de programmakeuze op de knop starten. om het ingestelde kookprogramma te  Einde van het kookprogramma Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in het display END. 52.13 Auto-start U kunt de magnetron zo programmeren, dat deze op een later moment een programma start (auto-start). Ga als volgt te werk: Voorbeeld: Op dit moment wordt de klok van de klok van het apparaat ingesteld op 10:55. Het toestel zal opstarten om 11:15 uur. Stel de maaltijd in het apparaat en sluit de deur.  Instellen van het kokprogramma Instellen va nhetkokprogramma, druk op de knop .  Uren instellen Draai aan de draaiknop Tijd/Menu, totdat het juiste uur (11) verschijnt. Druk op de knop om het gekozen uur te bewaren.  Minuten instellen Draai aan de draaiknop Menu/Tijd, totdat de juiste minuut (15) verschijnt. 184 Druk op de knop Start te starten. om het gekozen minuut te bewaren & om het ingestelde Auto- Tip ► Wanneer de ingestelde tijd is bereikt, start het apparaat het geselecteerde kookprogramma ► Na de start van de Auto-Start, kunt u op controleren; druk up en dan drukken om de ingestelde tijd te , om de timer af te breken. ► U kunt de Auto-Start niet voor de snelstart- of ontdooifunctie gebruiken. 52.14 Gebruik “Kookprogramma“ Bij gebruik van dit kookprogramma kunt u uit 9 verschillende menu’s kiezen. Meer informatie vindt u in de tabel.  Keuze van het programma Draai de draaiknop Menu/Tjid eerst kort tegen de klok in, dan met de klok mee om het gewenste programma te kiezen.  Instellen van de hoeveelheid / gewicht Kies het gewenste aantal serveereenheden o het gewenste gewicht door de knop overeenkomstig vaak in te drukken (zie tabel).  Kookprogramma starten Druk na de programmakeuze op de knop starten. om het ingestelde kookprogramma te  Einde van het kookprogramma Wanneer het einde van de kooktijd is bereikt, volgen vier geluidssignalen en verschijnt in het display END. Kookprogramma Aantal keer op de toets drukken Prog. Menü 1 2 3 1 Hete dranken (200 ml/Tasse) 1 2 3 Rijst (g) 150 g 300 g 450 g Pasta (g) 100 g 200 g 300 g Aardappels (à 230g) 1 2 3 2 3 4 4 5 6 7 600 g 185 5 6 7 8 9 Verhitten 200 g 300 g 400 g 500 g 600 g Vis (g) 200 g 300 g 400 g 500 g 600 g Kip (g) 800 g 1000 g 1200 g 1400 g Vlees(g) 200 g 300 g 400 g 500 g 600 g Hakken (g) 100 g 200 g 300 g 400 g 500 g 700 g 800 g Tip ► Bij het koken in de grill- of combinatiestand dient u de etenswaren, indien nodig, na de 2/3 van de kooktijd om te draaien, zodat alles gelijkmatig gaar wordt. ► Bij sommige menu’s stopt het apparaat na de 2/3 van de kooktijd, zodat u de etenswaren kunt roeren en alles gelijkmatig gaar wordt. Druk daarna op de knop om de bereiding voort te zetten. ► Bij pasta / rijst voor het kookproces water toevoegen. 52.15 Ontdooien U kunt kiezen uit ontdooien naar gewicht (automatisch ontdooien) en ontdooien op tijd (snel ontdooien). Tip ► Wanneer de 2/3 van de ontdooitijd is verstreken, stopt het programma, zodat u het voedsel kunt omroeren en het gelijkmatig wordt ontdooid. ► Het programma wordt dan voortgezet door op Start/Quickstart te drukken. Ontdooien op tijd/ snel ontdooien De langste ontdooitijd bedraagt 95 minuten. Het apparaat kan het voedsel, afhankelijke van de ingestelde tijd, snel ontdooien. 1. Druk op . 2. Stel de gewenste ontdooitijd in, door aan de draairegelaar Menu/Tijd te draaien. 3. Start het programma met . Ontdooien naar gewicht/ Automatisch ontdooien De oven maakt het ontdooien van voedingsmiddelen mogelijk op basis van het gewicht (100g - 1800g) dat u heeft ingevoerd. 1. Druk op . 186 2. Kies het gewenste gewicht, door vaak genoeg op de toets 1.800g). 3. Start het programma met te drukken (100g - . Tip ► Stop af en toe om het ontdooide gerecht eruit te nemen ofwel apart te zetten als het na de geschatte ontdooitijd niet is ontdooid. ► Programmeer de oven in stappen van 100 g, totdat het diepvriesgerecht volledig is ontdooid. ► Bij het gebruik van kunststof bakjes uit de vriezer moet de ontdooitijd zo lang duren totdat het gerecht uit het bakje genomen kan worden en daarna in een magnetronbestendige vorm gedaan kan worden. 53Reiniging en onderhoud In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke informatie m.b.t de reiniging en het onderhoud van het apparaat. Neem de aanwijzingen in acht om beschadigingen door verkeerde reiniging van het apparaat te voorkomen en een storingvrij gebruik te waarborgen. 53.1 Veiligheidsvoorschriften Voorzichtig Schenkt u eerst aandacht aan de volgende veiligheidsvoorschriften voordat u met de reiniging van het apparaat begint: ► Het apparaat moet regelmatig worden gereinigd en restanten van voedsel moeten worden verwijderd. Wanneer het apparaat niet schoon wordt gehouden kan het oppervlak beschadigd raken, wat kan leiden tot een kortere levensduur van het apparaat, gevaar voor de gebruiker en schimmel- en bacteriële infecties. ► Schakelt u de oven vóór het reinigen uit en trek de stekker uit het stopcontact. ► De binnenkant van de oven is na gebruik heet. Er is daardoor kans op verbranden! Wacht u totdat het apparaat is afgekoeld. ► Reinigt u de binnenkant na gebruik, zodra hij is afgekoeld. Te lang wachten verzwaart de reiniging onnodig en maakt het in extreme gevallen onmogelijk. Te sterke verontreinigingen kunnen onder omstandigheden het apparaat beschadigen. ► Als er vloeistof het apparaat binnendringt, kunnen elektronische componenten beschadigd raken. Let u er op dat er geen vloeistof door de ventilatiegleuven in het binnenste van het apparaat terecht komt. ► Gebruik geen agressieve of schurende reinigingsmiddelen en geen oplosmiddelen. ► Kras niet met een hard voorwerp over hardnekkige verontreinigingen. 187 53.2 Reiniging  Binnenkant en binnenkant deur Brandgevaar ► Verwijder altijd vetresten uit het apparaat, omdat deze licht ontvlambaar zijn.  Houd de binnenkant van de oven schoon. Veeg gemorste en door spetteren ontstane maaltijdresten met een vochtige doek van de wanden aan de binnenkant. Bij sterke vervuiling van de oven kan een mild reinigingsmiddel gebruikt worden.  Veeg de deur, het raam en de deurdichtingen met een vochtige doek af, om zo door spetteren en morsen ontstane maaltijdresten te verwijderen. Maaltijdresten aan de deurdichting kunnen er toe leiden dat de deur niet meer goed sluit en dat daardoor microgolven vrijkomen.  Veeg de neergeslagen damp op de ovendeur met een vochtige doek af. Dit kan het geval zijn als het apparaat in een zeer vochtige omgeving gebruikt is en is normaal.  Luchtjes kunt u uit de oven verwijderen door een kopje water te vullen met sap en schil van een citroen, het vervolgens in een magnetronbestendige schotel te gieten en dan vijf minuten in de magnetron stand te koken. Veeg de oven daarna grondig met een zachte doek droog.  Laat na reiniging de binnenkant van de ovendeur open, totdat het apparaat droog is.  Voorkant en bedieningspaneel  Reinig de voorkant van het apparaat en het bedieningspaneel met een zachte, licht vochtige doek.  Let er op dat het bedieningspaneel niet nat wordt. Gebruik om het te reinigen een zachte, vochtige doek. Tip ► Laat de ovendeur open om te voorkomen dat het apparaat per vergissing wordt ingeschakeld.  Buitenkant  De oppervlakte aan de buitenkant van het apparaat met een vochtige doek reinigen.  Grillrooster en ovenbodem  Het grillrooster moet regelmatig worden gereinigd. Was het grillrooster in een warme zeepoplossing.  Veegt u de bodem van de oven met een mild reinigingsmiddel af. Bij sterke vervuiling van de ovenbodem kan een mild reinigingsmiddel gebruikt worden. 188 54 Storingen verhelpen In dit hoofdstuk krijgt u belangrijke informatie m.b.t. het lokaliseren van storingen en het verhelpen van storingen. Let u op de aanwijzingen om gevaren en beschadigingen te voorkomen. 54.1 Veiligheidsvoorschriften Voorzichtig ► Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen uitgevoerd worden door gekwalificeerd vakpersoneel dat door de fabrikant is geschoold. ► Door ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan, evenals schaden aan het apparaat. 54.2 Oorzaken van de storingen en het verhelpen De volgende tabel helpt bij het lokaliseren en het verhelpen van kleinere storingen Storing Mogelijke oorzaak Verhelpen Het gekozen programma start niet Apparaatdeur niet gesloten Apparaatdeur sluiten Stekker niet in stopcontact Stekker in stopcontact doen Zekering niet ingeschakeld Zekering inschakelen Gerecht na afloop van de ingestelde tijd niet genoeg ontdooid, verwarmd ofwel gaar geworden. Tijd ofwel vermogen verkeerd gekozen Tijd en vermogen opnieuw instellen Het gebeuren herhalen Het apparaat functioneert, maar de binnenverlichting niet Binnenverlichting kapot Binnenverlichting door Servicedienst laten repareren Tijdens inschakeling van de Gerechten met aluminium magnetron ontstaan niet afgedekt normale geluiden Het servies bevat metaal en er ontstaan vonken Aluminiumfolie verwijderen De tijd in het display klop niet Tijd opnieuw instellen Stroomuitval Adviezen gebruik servies lezen Voorzichtig ► Als u met de bovengenoemde stappen het probleem niet kunt verhelpen, neem dan contact op met de klantendienst. 189 55 Afvoer van het oude apparaat Oude elektrische en elektronische apparaten bevatten vaak nog waardvolle materialen. Ze bevatten echter ook schadelijke stoffen, die voor hun functioneren en veiligheid noodzakelijk waren. In het huishoudelijk afval of bij verkeerde behandeling kunnen deze stoffen de menselijke gezondheid en het milieu schade aanbrengen. Zet uw oude apparaat daarom nooit bij het gewone huishoudelijk vuil. Tip ► Maak gebruik van de in uw woonplaats voorhanden zijnde inzamelplek voor teruggave en verwerking van oude elektrische en elektronische apparaten. Haal eventueel informatie bij uw gemeentehuis, de vuilnisophaaldienst of bij uw winkelier. ► Zorg ervoor dat uw oude apparaat tot het moment van transport op een kinderveilige plek wordt bewaard. 56 Garantie Voor dit product geven we vanaf de dag van aankoop 24 maanden garantie op gebreken, die te herleiden zijn tot productie- of materiaalfouten. Garantieclaims volgens §439 ff. BGB-E blijven hiervan van kracht. Onder de garantie vallen niet de schaden die door onjuiste behandeling of ingebruikname ontstaan zijn, zoals gebreken die de functie of de waarde van het apparaat slechts gering beïnvloeden. Verder zijn aan slijtage onderhevige onderdelen, transportschade zo lang wij deze niet te verantwoorden hebben, als ook schaden, die door niet door ons verrichtte reparaties ontstaan zijn, uitgesloten van aanspraak op garantieclaim. Dit apparaat is vervaardigd voor huishoudelijk gebruik (kleinverbruik) en voorzien van een overeenkomstig vermogen. Een eventueel gebruik voor bedrijfsdoeleinden valt alleen onder de garantie, als de mate van gebruik te vergelijken is met het gebruik in een particulier kleinhuishouden. Het is niet voor de verdere bedrijfsdoeleinden bestemd. Bij rechtmatige reclamaties zullen wij het defecte apparaat naar ons bevinden repareren of tegen een apparaat vrij van gebreken omwisselen. Zichtbare defecten moeten binnen 14 dagen na levering aangetoond worden. Verdere claims zijn uitgesloten. Stelt u zich voor het indienen van een garantieclaim en het terugsturen van uw apparaat via onderstaand adres (altijd met bewijs van koop!) met ons in verbinding. 190 57 Technische gegevens Apparaat Magnetron en Grill Naam BMG 20 Ceramic electronic Artikel nr. 3317 Aansluitgegevens 230Volt - 50 Hz 1200Watt (Magnetron) Vermogensopname 1000Watt (Grill) < 1Watt (Standby) Magnetron uitgangsvermogen 800Watt Optimale frequentie 2450 MHz Afmetingen buitenkant 46 x 27 x 40 cm Afmetingen binnenkant 28,5 x 18 x 29 cm Ovencapaciteit Ca. 20 L Netto gewicht 12,60 kg 191
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116
  • Page 117 117
  • Page 118 118
  • Page 119 119
  • Page 120 120
  • Page 121 121
  • Page 122 122
  • Page 123 123
  • Page 124 124
  • Page 125 125
  • Page 126 126
  • Page 127 127
  • Page 128 128
  • Page 129 129
  • Page 130 130
  • Page 131 131
  • Page 132 132
  • Page 133 133
  • Page 134 134
  • Page 135 135
  • Page 136 136
  • Page 137 137
  • Page 138 138
  • Page 139 139
  • Page 140 140
  • Page 141 141
  • Page 142 142
  • Page 143 143
  • Page 144 144
  • Page 145 145
  • Page 146 146
  • Page 147 147
  • Page 148 148
  • Page 149 149
  • Page 150 150
  • Page 151 151
  • Page 152 152
  • Page 153 153
  • Page 154 154
  • Page 155 155
  • Page 156 156
  • Page 157 157
  • Page 158 158
  • Page 159 159
  • Page 160 160
  • Page 161 161
  • Page 162 162
  • Page 163 163
  • Page 164 164
  • Page 165 165
  • Page 166 166
  • Page 167 167
  • Page 168 168
  • Page 169 169
  • Page 170 170
  • Page 171 171
  • Page 172 172
  • Page 173 173
  • Page 174 174
  • Page 175 175
  • Page 176 176
  • Page 177 177
  • Page 178 178
  • Page 179 179
  • Page 180 180
  • Page 181 181
  • Page 182 182
  • Page 183 183
  • Page 184 184
  • Page 185 185
  • Page 186 186
  • Page 187 187
  • Page 188 188
  • Page 189 189
  • Page 190 190
  • Page 191 191

Caso CASO BMG 20 Ceramic Handleiding

Categorie
Magnetrons
Type
Handleiding
Deze handleiding is ook geschikt voor