Whirlpool AQ113D 69 EH/A Gebruikershandleiding

Categorie
Wasmachines
Type
Gebruikershandleiding
29
NL
Nederlands
Inhoud
Installatie, 30-31
Uitpakken en waterpas zetten
Water en elektrische aansluitingen
Technische gegevens
Beschrijving van de wasautomaat, 32-33
“Touch-control” bedieningspaneel
Het uitvoeren van een wascyclus, 34
Programma’s en opties, 35
Programmatabel
Wasopties
Wasmiddelen en wasgoed, 36
Wasmiddel
Voorbereiden van het wasgoed
Wastips
Voorzorgsmaatregelen en advies, 37
Algemene veiligheid
Balanceersysteem van de lading
Afvalverwijdering
Handmatige opening van het deurtje
Onderhoud en verzorging, 38
Afsluiten van water en stroom
Reinigen van de wasautomaat
Reinigen van het wasmiddelbakje
Verzorging van de trommel
Reinigen van de pomp
Controle van de buis van de watertoevoer
Storingen en oplossingen, 39
Service, 40
Functies voor controle energieverbruik, 41-42
NL
WASAUTOMAAT
AQUALTIS
AQ113D 69
Instructies voor
installatie en gebruik
Opgelet: voor de extra functies in verband met de aansluiting, wordt verwezen naar het hoofdstuk
“Functies voor controle energieverbruik”.
NL
30
Installatie
! Het is belangrijk dit boekje te bewaren, zodat u het op
ieder gewenst moment kunt raadplegen. In het geval u de
wasautomaat verkoopt of u verhuist, moet u de handleiding
bij het apparaat bewaren.
! Lees de instructies aandachtig door: u vindt er belangrijke
informatie betreffende installatie, gebruik en veiligheid.
! In de envelop vindt u samen met deze
gebruiksaanwijzing, de garantie en onderdelen die nodig
zijn voor de installatie.
Uitpakken en waterpas zetten
Uitpakken
1. Zodra u de wasautomaat uitgepakt heeft, dient u te
controleren of hij niet beschadigd is tijdens het transport.
Indien dit wel het geval is moet hij niet worden aangesloten
en moet u contact opnemen met de handelaar.
2. Verwijder de 4
beschermschroeven
voor het transport en de
bijbehorende afstandsleider
die zich aan de achterkant
bevinden (zie afbeelding).
3. Sluit de gaten af met de in de envelop bijgeleverde
plastic doppen.
4. Bewaar alle onderdelen; mocht de wasautomaat ooit
nog worden vervoerd, dan moeten deze weer worden
aangebracht om interne schade te voorkomen.
!Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor
kinderen.
Waterpas zetten
1. Installeer de wasautomaat op een rechte en stevige vloer
en laat hem niet tegen muren of meubels leunen.
2. Compenseer eventuele
oneffenheden door de
stelvoetjes vast of los te
draaien totdat de automaat
volledig horizontaal staat (hij
mag niet meer dan 2 graden
hellen).
! Een correcte nivellering geeft de machine stabiliteit en
vermijdt, vooral tijdens de centrifuge, vibraties en lawaai.
! In het geval de wasautomaat op vloerbedekking of
tapijt staat regelt u de stelvoetjes zodanig dat onder de
automaat genoeg ruimte is voor ventilatie.
Water en elektrische aansluitingen
Aansluiting van de watertoevoerslang
! Voordat u watertoevoerbuis aansluit op het waternet moet
u het water laten lopen totdat het helder is.
1. Verbind de
watertoevoerslang aan de
wasautomaat door hem met
de haakse aansluiting op de
betreffende watertoevoer
te schroeven, rechtsboven
aan de achterkant (zie
afbeelding).
2. Sluit de toevoerbuis aan
op de koudwaterkraan
met een mondstuk met
schroefdraad van 3/4 gas
(zie afbeelding).
3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de buis zijn.
! De waterdruk van de kraan moet zich binnen de waarden
van de tabel Technische Gegevens bevinden (zie bladzijde
hiernaast).
! Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet u zich
wenden tot een gespecialiseerde winkel of een bevoegde
installateur.
! Gebruik nooit tweedehands of oude slangen, maar alleen
die slagen die bij het apparaat worden geleverd.
31
NL
Aansluiting van de afvoerbuis
Verbind de afvoerbuis,
zonder hem te buigen, aan
een afvoerleiding of aan een
afvoer in de muur die zich
tussen de 65 en 100 cm
van de grond af bevindt.
Als alternatief kunt u
de afvoerbuis aan de
rand van een wasbak of
badkuip hangen nadat u
hem met de steun aan de
kraan heeft bevestigd (zie
afbeelding).
Het uiteinde van de
afvoerslang mag niet onder
water hangen.
! Gebruik nooit verlengstukken voor de slang; indien dit niet
te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde doorsnede
hebben als de oorspronkelijke slang en mag hij niet langer
zijn dan 150 cm.
Elektrische aansluiting
Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet u zich
ervan verzekeren dat:
het stopcontact geaard is en voldoet aan de geldende
normen;
het stopcontact het maximum vermogen van de
wasautomaat kan verdragen, zoals aangegeven in de
tabel Technische Gegevens (zie hiernaast);
de spanning zich bevindt tussen de waarden die zijn
aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie
hiernaast);
de contactdoos geschikt is voor de stekker van de
automaat. Indien dit niet zo is moet of de stekker of het
stopcontact vervangen worden.
! De machine mag alleen binnenshuis op een vorstvrije en
droge plek worden geïnstalleerd om elektronische schade
door bevriezing of condensatie te voorkomen.
! Als de wasautomaat is geïnstalleerd moet het stopcontact
gemakkelijk te bereiken zijn.
! Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers.
! Het snoer mag niet geknikt of samengedrukt worden.
! De voedingskabel en de stekker mogen alleen door een
bevoegde installateur worden vervangen.
Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk worden
gesteld wanneer deze normen niet worden nageleefd.
65 - 100 cm
Technische gegevens
Model
AQ113D 69
Afmetingen
breedte cm 59,5
hoogte cm 85
diepte cm 64,5
Vermogen
van 1 tot 11 kg
Elektrische
aansluitingen
zie het typeplaatje met de technische
eigenschappen dat op het apparaat is
bevestigd
Aansluiting
waterleiding
max. druk 1 MPa (10 bar)
min. druk 0,05 MPa (0,5 bar)
Inhoud trommel 71 liters
Snelheid
centrifuge
tot 1600 toeren per minuu
Controleprogram-
ma’s volgens
de richtlijnen
1061/2010 en
1015/2010
programma
; Katoen Standaard 60°C;
programma
; Katoen Standaard 40°C.
Deze apparatuur voldoet aan de volgende
CE voorschriften:
- 2004/108/CE (Elektromagnetische com-
patiabiliteit)
- 2012/19/EU
- 2006/95/CE (Laagspanning)
NL
32
DEUR
Om de deur van de
wasautomaat te openen
dient u altijd het speciale
handvat te gebruiken (zie
afbeelding).
WASMIDDELBAKJE
Het wasmiddelbakje bevindt
zich aan de binnenkant van
de automaat en verschijnt als
u de deur opent.
Voor de dosering van
wasmiddelen zie het
hoofdstuk “Wasmiddelen en
wasgoed”.
1. wasmiddelbakje voorwas:
gebruik waspoeder.
! Voordat u het middel erin
strooit moet u controleren of
het aanvullende bakje 3 er niet
in zit.
2. wasmiddelbakje hoofdwas:
Als u een vloeibaar wasmiddel
gebruikt raden we u aan het
bijgeleverde schotje A te
gebruiken voor een correcte dosering. Voor het gebruik van
poederwasmiddel doet u het schotje terug in de opening B.
3. extra bakje:Bleekmiddel
! Het gebruik van het extra bakje 3 sluit de voorwas uit.
bakje wasverzachters: voor wasverzachter. We
raden u aan om nooit het maximaal aangegeven niveau
te overschrijden (aangegeven door rooster) en om
geconcentreerde wasverzachters aan te lengen.
TOUCH CONTROL bedieningspaneel
Om de instellingen te wijzigen
drukt u zachtjes op het
symbool aan de binnenkant
van het touch control-deel,
zoals op de afbeelding
aangegeven.
Stand- by modus
Deze wasautomaat beschikt, in overeenkomst met de
nieuwe normen betreffende de energiebesparing, over
een systeem wat het apparaat automatisch na 30 minuten
uitschakelt (stand-by) indien men het niet gebruikt. Druk
kort op de ON/OFF toets en wacht tot de wasautomaat
weer aangaat.
Gebruik in off-mode: 0,5 W
Gebruik in Left-on: 8 W
Beschrijving van de wasautomaat
STELVOETJES
DEUR
WASAUTOMAAT
HANDVAT DEUR
WASAUTOMAAT
BEDIENINGS-PANEEL
3
1
2
1
8
0
2
1
0
1
5
0
1
2
0
9
0
6
0
B
A
VOETSTUK
33
NL
33
Knop met controlelampje ON/OFF: druk even op de knop om de
wasautomaat aan of uit te zetten. Het groene controlelampje geeft
aan dat de wasautomaat aanstaat. Om de wasautomaat tijdens
de wascyclus uit te zetten moet u de knop iets langer, circa 3
seconden, ingedrukt houden. Als u de kort of per ongeluk indrukt
zal de wasautomaat niet uitgaan. Als u de wasautomaat tijdens
de wascyclus uitdoet wordt de cyclus automatisch geannuleerd.
Knop PROGRAMMA’S: kan beide richtingen op draaien.
Voor de juiste programmakeuze kunt u de “Programmatabel”
raadplegen. Gedurende het programma blijft de knop stilstaan.
M1-M2 toetsen: druk op een van de twee toetsen om een wascyclus
en uw persoonlijke aanpassingen op te slaan. Om een voorheen
opgeslagen wascyclus te starten drukt u op de betreffende toets.
Knop CONTROLE ENERGIEVERBRUIK: zie voor meer
informatie het hoofdstuk “Functies voor controle energieverbruik”.
Knop TEMPERATUUR: druk hierop om de temperatuur
te wijzigen of uit te sluiten. De gekozen waarde leest u af op
bovenstaand display (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”).
Knop CENTRIFUGEREN: druk hierop om de centrifuge
te wijzigen of uit te sluiten. De gekozen waarde leest u af op
bovenstaand display (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”).
Knop UITGESTELDE START: druk hierop om een
uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen. De
ingestelde vertraging leest u af van bovenstaand display (zie
“Het uitvoeren van een wascyclus”).
Opgelet: in de modus CONTROLE ENERGIEVERBRUIK, dient
de toets Verlate start ook om een uiterlijke eindtijd voor de
wascyclus in te stellen. Zie voor meer informatie het hoofdstuk
“Functies voor controle energieverbruik”.
Knoppen OPTIES: druk hierop om de beschikbare opties
te selecteren. Het controlelampje dat overeenkomt met de
geselecteerde optie blijft aan (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”).
Symbolen WASFASES: gaan aan om weer te geven in welke fase
van de cyclus de automaat zich bevindt (Wassen - Spoelen
- Centrifugeren - Afpompen ). De tekst wordt
verlicht als de wascyclus is beëindigd.
Knop met controlelampje START/PAUSE: als het groene
controlelampje langzaam knippert, drukt u op de knop om
de wascyclus te starten. Als de cyclus is gestart blijft het
controlelampje vast aanstaan. Als u de wascyclus wilt pauzeren
drukt u nogmaals op de knop. Het controlelampje wordt oranje
en gaat knipperen. Als het controlelampje “LOCK” uit is, kunt
u het deurtje openen. Om het programma te hervatten drukt u
opnieuw op de knop.
Controlelampje LOCK: geeft aan dat de LOCK is. Om de deur
te openen moet u de wascyclus pauzeren (zie “Het uitvoeren
van een wascyclus”).
Knop met controlelampje TOETSBLOKKERING: om de
blokkering van het bedieningspaneel in of uit te schakelen dient
u de KNOP een aantal seconden (3-4) ingedrukt te houden. Het
ontstoken controlelampje geeft aan dat het bedieningspaneel
geblokkeerd is. Op deze manier kunt u voorkomen dat er
ongewilde wijzigingen aan de programmas worden aangebracht,
bijvoorbeeld bij aanwezigheid van kinderen.
Controlelampje ECO: het symbool gaat aan als, nadat u de
wasparameters heeft gewijzigd, u een energiebesparing bereikt
van minstens 10%. Bovendien zal, voor het apparaat in de “Stand
by” modus treedt, het symbool enkele seconden lang aangaan.
Als het apparaat uitstaat zal de geschatte energiebesparing
circa 80% zijn.
TAAL WIJZIGEN
Wanneer de machine voor de eerste keer aangezet wordt,
gaat op de display de eerste taal knipperen. Overeenkomstig
de 3 toetsen aan de rechterkant van de display, verschijnen
de symbolen “ “ , “OK” en “V”. De talen wisselen automatisch
elke 3” of door op de toetsen naast de symbolen “en Vte
drukken. Met de toets OKwordt de taal bevestigd die na 2”
vastgezet wordt. Als niet op een toets gedrukt wordt, begint na
30” de automatische wisseling van de talen opnieuw.
Om de taal te wijzigen moet u de wasautomaat in- en
uitschakelen. In de 30’ die volgen op de uitschakeling
drukt u tegelijkertijd op de temperatuurtoets + centrifuge
voor 5 seconden of langer. Naast een kort geluidssignaal
verschijnt op het display knipperend de ingestelde taal. Door
op de toetsen naast de symbolen en Vte drukken kan
de taal gewijzigd worden. Met de toets naast het symbool OK
wordt de taal bevestigd die na 2” vastgezet wordt. Als niet op
een toets gedrukt wordt, wordt na 30” de eerder ingestelde taal
weergegeven. Zet de machine.
Knop PROGRAMMA’S
Knop met controlelampje
ON/OFF
“Touch-control” bedieningspaneel
DISPLAY
M1
Knoppen
OPTIES
Knop
TEMPERATUUR
Knop CENTRIFUGEREN
Controlelampje
LOCK
Knop
UITGESTELDE
START
Controlelampje
ECO
Knop met controlelampje
START/PAUSE
Symbolen
WASFASES
Knop met controlelampje
TOETSBLOKKERING
M2
NL
34
N.B.: voordat u de wasautomaat gaat gebruiken moet u hem
met wasmiddel maar zonder wasgoed een wascyclus laten
uitvoeren. Kies het programma van 90° zonder voorwas.
1. DE WASAUTOMAAT AANZETTEN. Druk op de toets
. Alle controlelampjes gaan 1 seconde lang aan
en op het display verschijnt de tekst AQUALTIS; het
controlelampje van de toets zal aan blijven staan en
het controlelampje START/PAUSE zal gaan knipperen.
2. PROGRAMMAKEUZE. Draai de PROGRAMMAKNOP
naar rechts of naar links totdat u het gewenste
programma heeft geselecteerd; de naam van het
programma verschijnt op het display; hieraan worden
automatisch een temperatuur en een centrifugesnelheid
gekoppeld die naderhand kunnen worden gewijzigd. Op
de display verschijnt de duur van de cyclus.
3. LAAD HET WASGOED. Open de deur. Laad het
wasgoed in en zorg ervoor nooit de laadhoeveelheid
te overschrijden die wordt aangegeven in de
programmatabel op de volgende bladzijde.
4. WASMIDDEL DOSEREN. Trek het bakje naar buiten
en doe het wasmiddel in de speciale vakjes zoals
aangegeven in “Beschrijving van de wasautomaat”.
5. SLUIT DE DEUR.
6. DE WASCYCLUS AANPASSEN. Dit kunt u doen met
behulp van de knoppen op het bedieningspaneel:
Wijzigen van de temperatuur en/of de
centrifuge.
Het apparaat toont automatisch de maximale
temperatuur en centrifuge die voor het ingestelde
programma gelden of de laatst geselecteerde waarden,
mits deze compatibel zijn met het gekozen programma.
Door op de knop te drukken kunt u de temperatuur
langzaamaan verlagen, tot aan de koude wascyclus
“OFF”. Door op de knop te drukken kunt u het
toerental van de centrifuge langzaamaan verlagen, tot
aan een complete uitsluiting van de centrifuge “OFF”.
Als u nogmaals op de knoppen drukt zult u wederom op
de maximale waarden terugkeren.
! Uitzondering: als u het programma
selecteert kunt
u de temperatuur tot op 90° instellen.
Een uitgestelde start instellen.
Om de uitgestelde start van het gekozen programma in
te stellen, drukt u op de uitgesteld start-toets totdat u
de gewenste vertragingstijd bereikt. Tijdens het instellen
wordt de vertragingstijd samen met de tekst “Start:” en
het knipperende symbool weergegeven. Nadat de
uitgestelde start is ingesteld, blijft op het display het
symbool staan en geeft de display weer de duur
van de ingestelde cyclus weer met de tekst “Einde:”
en de duur van de cyclus. Door één keer op de toets
UITGESTELDE START te drukken, wordt de eerder
ingestelde vertraagtijd weergegeven.
Na het starten toont de display de tekst “Start:” en de
vertraagtijd. Nadat de ingestelde vertraagtijd is afgelopen,
start de machine en toont de display “Einde:” en de
resterende tijd tot het einde van de cyclus.
Om de uitgestelde start te verwijderen drukt u op de
knop totdat op het display de tekst OFF verschijnt. Het
symbool gaat uit.
N.B.: in de modus CONTROLE ENERGIEVERBRUIK
worden de teksten die betrekking hebben op de start-
en eindtijden van de programma’s beschreven in het
hoofdstuk “Functies voor controle energieverbruik”.
De eigenschappen van de cyclus
wijzigen.
• Druk op de toets om de optie te activeren; op het
display verschijnt de naam van de optie en het
overeenkomende maantje zal aangaan.
Druk nogmaals op de toets om de optie te desactiveren;
op het display verschijnt de naam van de optie plus de
tekst OFF, het maantje zal uitgaan.
! Als de gekozen optie niet geschikt is voor
het ingestelde programma zal het betreffende
controlelampje gaan knipperen, zal er een geluidssignaal
klinken (3 pieptonen) en zal de optie niet worden
geactiveerd.
! Als de geselecteerde optie niet compatibel is met een
optie die daarvòòr is ingesteld, zal het controlelampje
van de eerst geselecteerde optie gaan knipperen en
zal alleen de tweede optie worden geactiveerd. Het
controlelampje van de betreffende knop zal aanblijven.
! De opties kunnen het aanbevolen laadgewicht en/of de
duur van de cyclus veranderen.
7. HET PROGRAMMA STARTEN. Druk op de toets
START/PAUSE. Het betreffende controlelampje zal
aanblijven en de deur zal worden geblokkeerd (het
controlelampje LOCK blijft aanstaan). De symbolen
die horen bij de verschillende wasfases worden tijdens
de cyclus verlicht om aan te geven welke fase bezig is.
Om een programma te wijzigen van een reeds gestarte
wascyclus doet u de wasautomaat op pauze met
behulp van de knop START/PAUSE. Selecteer daarna
de gewenste cyclus en druk nogmaals op de knop
START/PAUSE.
Om de deur te openen tijdens de wascyclus drukt u op
de knop START/PAUSE. Als het controlelampje
LOCK uit gaat kunt u de deur openen. Om het
programma te hervatten drukt u opnieuw op de knop
START/PAUSE.
8. EINDE VAN HET PROGRAMMA. Wordt aangegeven
door de tekst END. De deur kan gelijk worden geopend.
Als het controlelampje START/PAUSE knippert druk u op
de toets om de wascyclus te beëindigen. Open de deur,
laad het wasgoed uit en schakel de wasautomaat uit.
! Als u een reeds gestarte cyclus wilt annuleren houdt u de
knop ingedrukt totdat de cyclus wordt onderbroken en
het apparaat uitgaat.
Zak voor dekens, gordijnen en fijne was
Dankzij de speciale bijgeleverde zak kunt u met de
Aqualtis wasautomaat zelfs uw waardevolste en fijnste
kledingstukken met de machine wassen en zeker zijn van
een optimale bescherming. We raden u aan om de zak
te gebruiken voor het wassen van dekens en donzen
wasgoed met een synthetische bekleding.
Het uitvoeren van een wascyclus
35
NL
35
Programma’s en opties
Wasopties
Super Wash
Deze optie garandeert
een kwalitatief zeer hoog
wasresultaat dankzij het gebruik
van een grotere hoeveelheid
water in de beginfase van de
cyclus en een langere tijdsduur
van het programma. Kan met
of zonder bleekmiddel gebruikt
worden. Als u de was ook wilt
bleken, het extra bijgeleverde
bakje 3 in bakje 1 doen. Let bij
het gieten van het bleekwater
dat u het niveau “max”, aangegeven op de centrale pin, niet
overschrijdt (zie afb.). Als u alleen wilt bleken zonder een
volledige was uit te voeren, giet u het bleekmiddel in het extra
bakje 3, stelt u het programma “Spoelen in, en activeert de
optie “Super Wash” .
! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s
, , , , , , , .
Extra Spoelen
Door deze optie te selecteren verhoogt u het spoelresultaat en
zorgt u ervoor dat elk spoor van wasmiddel verdwijnt. Deze optie is
vooral nuttig bij personen wiens huid gevoelig is voor wasmiddelen.
We raden deze optie aan wanneer een volle lading moet worden
gewassen of wanneer zeer veel wasmiddel wordt gebruikt.
! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s , ,
, , .
Makkelijk Strijken
Als u deze optie selecteert zullen het wassen en de centrifuge
dusdanig worden aangepast dat er minder kreuken
worden gevormd. Aan het einde van de wascyclus zal de
wasautomaat de trommel langzaam laten ronddraaien. De
controlelampjes “Makkelijk Strijken” en START/PAUSE gaan
knipperen. Om de cyclus te beëindigen drukt u op de knop
START/PAUSE of op de knop “Makkelijk Strijken”.
! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s
, , , , , .
Voorwas
Als u deze functie selecteert wordt de voorwas uitgevoerd,
handig voor het verwijderen van moeilijke vlekken.
N.B.: doe het wasmiddel in het speciale vakje.
! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s
, , , , , , , , , (60°), , .
3
1
2
N.B.: circa 10 minuten na de START zal de wasautomaat aan de hand van het ingeladen wasgoed de resterende tijd tot aan het einde van het programma opnieuw berekenen en tonen.
Programmatabel
1) Controleprogramma volgens de richtlijnen 1061/2010: selecteer het programma
met een temperatuur van 60°C.
Dit is de geschiktste cyclus voor het wassen van een middelmatig vuile lading katoenen wasgoed. Het is ook de efficiëntste cyclus v.w.b. het gecombineerde verbruik van energie en water, voor
wasgoed dat op 60°C kan worden gewassen. De effectieve wastemperatuur kan verschillen van de temperatuur die wordt aangegeven.
2) Controleprogramma volgens de richtlijnen 1061/2010: selecteer het programma
met een temperatuur van 40°C.
Dit is de geschiktste cyclus voor het wassen van een middelmatig vuile lading katoenen wasgoed. Het is ook de efficiëntste cyclus v.w.b. het gecombineerde verbruik van energie en water, voor
wasgoed dat op 40°C kan worden gewassen. De effectieve wastemperatuur kan verschillen van de temperatuur die wordt aangegeven.
3) Bij een temperatuur van 60°C kan de functie “Voorwas” niet worden geactiveerd.
Voor alle Test Institutes:
2) Programma katoen lang: selecteer het programma
met een temperatuur van 40°C.
4) Programma synthetisch lang: selecteer het programma
met een temperatuur van 40°C.
De duur van de cyclus die wordt aangegeven op het display of op de gebruiksaanwijzing is een geschatte waarde die wordt gecalculeerd bij standaard omstandigheden. De effectieve tijd kan varië-
ren aan de hand van talloze factoren zoals temperatuur en druk van de watertoevoer, de kamertemperatuur, de hoeveelheid wasmiddel, de hoeveelheid en type lading, de balancering van de was en
de geselecteerde aanvullende opties.
Symbool
Beschrijving van het Programma
Max.
Temp.
(°C)
Max.
snelheid
(toeren
per
minuut)
Wasmiddel en was-
versterkers
Max. lading (kg)
Overgebleven
vochtigheid %
Energieverbru-
ik kWh
Totaal water lt
Duurcyclus
Voorwas
Was-
middel
Bleek-
middel
Wasver-
zachter
Synthet. Resistente stof
60° 800
5 48 0,99 57 120’
Synthet. Resistente stof (4)
40° 800
5 48 0,63 55 100’
Witte was
60° 1600
-
6 - - - 190’
Bonte was
40° 1600
6 44 0,99 92 125’
Donkere was
30° 800 -
-
6 - - - 75’
Shirts
40° 600 -
2,5 - - - 75’
Dekbedden: voor kledingstukken/beddengoed gevuld met dons. 30° 1200 -
-
3,5 - - - 145’
Bed & Bath: voor handdoeken en beddengoed. 60° 1600
11 - - - 160’
Spoelen
- 1600 - -
11 - - - 49’
Centrifugeren en Afpompen - 1600 - - - - 11 - - - 16’
Anti Allergie
60° 1600 -
-
6 - - - 205’
ExtradeliIcaat
30° 0 -
-
1 - - - 80’
Wol: voor wol, kasjmier, etc. 40° 800 -
-
2,5 - - - 100’
Gemengd 30’: voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed (niet
geschikt voor wol, zijde en handwas).
30° 800 -
-
4 71 0,21 41 30’
Katoen Standaard 60°C (1): zeer vuil wit en kleurecht bont wasgoed.
60°
(Max. 90°)
1600
(3)
11 44 1,38 62,5 215’
Katoen Standaard 40°C (2): zeer vuile witte en bonte fijne was. 40° 1600 -
11 44 1,19 90 195’
Katoen Standaard 20°C: zeer vuile witte en bonte fijne was. 20° 1600 -
11 - - - 175’
NL
36
Wasmiddelen en wasgoed
Wasmiddel
De keuze en de hoeveelheid wasmiddel hangen af van
het type stof (katoen, wol, zijde…), van de kleur van het
wasgoed, de wastemperatuur, de vuilgraad en de hardheid
van het water.
Een juiste dosering van het wasmiddel voorkomt
verspillingen en beschermt het milieu: ook al zijn
wasmiddelen biologisch afbreekbaar, toch bevatten ze
elementen die het evenwicht in de natuur verstoren.
We raden u aan:
waspoeder te gebruiken voor de witte katoenen was en
voor de voorwas.
vloeibaar wasmiddel te gebruiken voor fijne katoenen
was en voor alle programma’s op lage temperatuur.
speciale vloeibare wasmiddelen te gebruiken voor wol
en zijde.
Het wasmiddel kan voor het starten van het programma
in het speciale bakje worden gedaan, of in de wasbol die
direct in de trommel wordt geplaatst. Als u een wasbol
gebruikt kunt u het programma Katoen met voorwas niet
gebruiken.
! Gebruik waspoeder voor witte katoenen was, voor de
voorwas en voor het wassen op temperaturen van meer
dan 60°C.
! Volg de aanwijzingen op de wasmiddelverpakking.
! Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aangezien die
te veel schuim vormen.
Voorbereiden van het wasgoed
Open de kledingstukken voor u ze inlaadt.
Scheid het wasgoed volgens het type stof (symbool op
het etiket van het kledingstuk) en de kleur. Let er goed
op dat u de bonte was scheidt van de witte was;
Leeg de zakken en controleer de knopen;
Overschrijd nooit het gewicht dat wordt aangegeven in
de “Programmatabel” wat geldt voor droog wasgoed.
Hoeveel weegt wasgoed?
1 laken 400-500 gr.
1 kussensloop 150-200 gr.
1 tafellaken 400-500 gr.
1 badjas 900-1200 gr.
1 handdoek 150-250 gr.
1 spijkerbroek 400-500 gr.
1 overhemd/blouse 150-200 gr.
Wastips
Witte was: gebruik deze cyclus voor het wassen van wit
wasgoed. Het programma is ontwikkeld voor het langdurige
behoud uw stralend witte was. Voor een beter resultaat
raden we u aan een wasmiddel in poedervorm te gebruiken.
Bonte was: gebruik de cyclus voor het wassen van
licht gekleurde was. Het programma is ontwikkeld voor het
langdurige behoud van de mooie kleuren van uw wasgoed.
Donkere was: gebruik de cyclus voor het wassen
van bonte was. Het programma is ontwikkeld voor het
langdurige behoud van de donkere kleuren. Voor een beter
resultaat raden we u aan voor de bonte was een vloeibaar
wasmiddel te gebruiken.
Shirts: gebruik het speciale programma om met
maximale zorg overhemden/blouses van verschillende
soorten stof en kleur te wassen.
Dekbedden: voor het wassen van dekens of
kledingstukken die met dons zijn gevuld zoals eenpersoons
of tweepersoons dekbedden (niet meer dan 3,5 kg),
kussens of ski-jacks gebruikt u het speciale programma
. We raden u aan het donzen wasgoed in de trommel
te laden met de randen naar binnen toe gevouwen (zie
afbeeldingen) en ervoor te zorgen de ¾ van het volume van
de trommel niet te overschrijden. Voor het beste resultaat
raden wij aan vloeibaar wasmiddel in het doseerbakje te
gieten.
Dekens: om dekens met een synthetische bekleding
te wassen moet u de bijgeleverde zak gebruiken en het
programma instellen.
Handdoeken en beddengoed: u kunt al uw
handdoeken en beddengoed in een enkele cyclus wassen
met het programma . Dit programma optimaliseert het
gebruik van de wasverzachter en bespaart tijd en energie.
We raden u aan waspoeder te gebruiken.
Anti Allergie: gebruik het programma voor het
verwijderen van de voornaamste allergenen zoals stuifmeel,
mijten, katten- en hondenhaar.
ExtradeliIcaat: gebruik het programma voor het
wassen van zeer fijne was met stras of pailetten.
We raden u aan de kleding binnenstebuiten te draaien voor
u hem wast en om kleine kledingstukken in het speciale
zakje voor fijne was te stoppen.
Voor een beter resultaat raden we u aan voor de fijne was
een vloeibaar wasmiddel te gebruiken.
Voor het wassen van Zijde kleding of Gordijnen (vouw
de gordijnen en doe ze in de bijgeleverde zak selecteert
u de cyclus en activeert u de optie (in dit geval is
het ook mogelijk de optie “Extra Spoelen” te activeren); de
wasautomaat de cyclus door het wasgoed in de week te
laten staan. Het controlelampje gaat knipperen. Om het
water af te voeren en de was uit de automaat te halen moet
u op de knop START/PAUSE drukken of op de knop .
Wol: het “Wol” wasprogramma van deze Hotpoint-Ariston
wasmachine is door The Woolmark Company getest en
goedgekeurd voor het wassen van wollen kleding die
als handwas geclassificeerd is, op voorwaarde dat de
aanwijzingen worden opgevolgd die op het etiket van
het kledingstuk vermeld staan en de instructies van de
fabrikant van de wasmachine. Hotpoint-Ariston is het
eerste wasmachinemerk dat voor zijn wasprestaties en het
verbruik van water en energie van The Woolmark Company
de certificering Woolmark Apparel Care – Platinum
verkregen heeft. (M1135)
Katoen Standaard 20°C: ideaal voor een lading vuil
katoen. De optimale prestaties, zelf met koud water, die
kunnen worden vergeleken met een wascyclus op 40°C,
worden gegarandeerd door een mechanische werking die
de snelheid varieert met herhaaldelijke en zeer dicht op
elkaar liggende piekvariaties.
37
NL
Handmatige opening van het deurtje
Mocht er in het huis geen stroom aanwezig zijn en u wilt
het deurtje openen om de was op te hangen, dan dient u
het volgende te doen:
1. haal de stekker uit het
stopcontact.
2. controleer dat het
waterniveau in de automaat
lager is dan het deurtje; als
dat niet het geval is kunt het
water weg laten vloeien door
middel van de afvoerbuis en
dit opvangen in een emmer,
zoals aangegeven in de
afbeelding.
3. verwijder het paneel aan de voorkant van de
wasautomaat (zie volgende pagina).
4. trek het lipje aangegeven
in de afbeelding naar voren
totdat het plastic bandje
loskomt; trek hem daarna
naar beneden totdat u klik
hoort, wat aangeeft dat de
deur is geopend.
5. open de deur; als dat niet
lukt moet u de handeling
herhalen.
6. monteer het paneel weer, met de haakjes goed
bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel
tegen de machine aandrukt.
Voorzorgsmaatregelen en
advies
! Deze wasautomaat is ontworpen en uitgevoerd volgens
de internationale veiligheidsnormen. Deze aanwijzingen zijn
voor uw eigen veiligheid geschreven en moeten aandachtig
worden doorgenomen.
Algemene veiligheid
Dit apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijk
niet-professioneel gebruik.
Het apparaat mag niet worden gebruikt door personen
(kinderen inbegrepen), met beperkte lichamelijke,
sensorische of mentale vermogens of met onvoldoende
ervaring en kennis, tenzij het gebruik plaatsvindt onder
het toezicht of volgens de instructies van een persoon
die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen
moeten in de gaten worden gehouden om te verzekeren
dat ze niet met het apparaat spelen.
Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent of met
natte of vochtige handen of voeten.
Trek de stekker nooit uit het stopcontact door aan het
snoer te trekken, maar altijd door de stekker zelf beet te
pakken.
Raak het afvoerwater niet aan aangezien het zeer heet
kan zijn.
Forceer nooit de deur van de wasautomaat: het
veiligheidsmechanisme dat een ongewild openen van de
deur voorkomt, kan beschadigd worden.
Probeer in geval van storingen nooit zelf de interne
mechanismen van de wasautomaat te repareren.
Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de
machine komen als deze in werking is.
Als het apparaat verplaatst moet worden doe dit dan
met twee of drie personen tegelijk en heel voorzichtig.
Doe dit nooit alleen, want het apparaat is erg zwaar.
Voordat u het wasgoed in de automaat laadt, moet u
controleren of hij leeg is.
Balanceersysteem van de lading
Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat
de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige
manier. Dit gebeurt door de trommel te laten draaien op
een snelheid die iets hoger ligt dan de wassnelheid. Als na
herhaaldelijke pogingen de lading nog steeds niet goed is
gebalanceerd, zal de wasautomaat de centrifuge op een
lagere snelheid uitvoeren dan die voorzien was. Als de
lading zeer uit balans is zal de wasautomaat een verdeling
uitvoeren in plaats van een centrifuge. Teneinde een betere
distributie van de waslading en een juiste balancering te
bereiken raden wij u aan kleine en grote kledingstukken te
mengen.
Afvalverwijdering
Het verwijderen van het verpakkingsmateriaal: houdt
u aan de plaatselijke normen zodat het materiaal
hergebruikt kan worden.
De Europese richtlijn 2012/19/EU, betreffende
afgedankte elektrische en elektronische apparatuur,
voorziet dat huishoudelijke apparatuur niet met het
normale afval mag worden meegegeven.
De afgedankte apparatuur moet apart worden
opgehaald om het wedergebruik van materialen waarvan
hij is gemaakt te optimaliseren en om potentiële schade
aan de gezondheid en het milieu te voorkomen. Het
symbool van de afvalemmer met een kruis staat op elk
product, om aan te geven dat het apart moet worden
weggegooid. Voor verdere informatie betreffende het
correcte verwijderen van huishoudelijke apparatuur
kunnen de gebruikers zich wenden tot de gemeentelijke
reinigingsdienst of de verkoper.
NL
38
Afsluiten van water en stroom
Sluit na iedere wasbeurt de kraan af. Hiermee beperkt
u slijtage van de waterinstallatie van de wasautomaat
alsmede lekkagegevaar.
Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de
wasautomaat schoonmaakt en gedurende
onderhoudswerkzaamheden.
Reinigen van de wasautomaat
De buitenkant en de rubberen onderdelen kunnen met een
spons en een lauw sopje worden schoongemaakt. Gebruik
nooit schuurmiddelen of oplosmiddelen.
Reinigen van het wasmiddelbakje
Verwijder het laatje door op
het hendeltje (1) te drukken en
het naar voren te trekken (2)
(zie afbeelding).
Was het onder stromend
water. Dit moet u regelmatig
doen.
Verzorging van de trommel
Laat de deur van de wasautomaat altijd op een kier
staan om te voorkomen dat er nare luchtjes worden
gevormd.
Reinigen van de pomp
De wasautomaat is voorzien van een zelfreinigende pomp
die niet hoeft te worden onderhouden. Het kan echter
gebeuren dat kleine voorwerpen (muntjes, knopen) in
het voorvakje dat de pomp beschermt en zich aan de
onderkant ervan bevindt, terechtkomen.
! Verzeker u ervan dat de wascyclus beëindigd is en haal
de stekker uit het stopcontact.
Onderhoud en verzorging
1
2
1
2
1
2
Toegang tot het voorvakje:
1. verwijder het afdekpaneel aan de voorzijde van de
wasautomaat door er op het midden op te drukken. Duw
beide zijkanten naar beneden toe en verwijder het paneel
(zie afbeeldingen).
2. plaats een bakje om het
water op te vangen dat eruit
zal lopen (circa 1,5 l) (zie
afbeelding).
3. draai het deksel eraf, tegen
de klok in (zie afbeelding).
4. maak de binnenkant goed schoon;
5. schroef het deksel er weer op;
6. monteer het paneel weer, met de haakjes goed
bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel
tegen de machine aandrukt.
Controle van de buis van de watertoevoer
Controleer minstens een keer per jaar de watertoevoerbuis.
Als er barstjes of scheuren in zitten moet hij vervangen
worden: gedurende het wassen kan de hoge waterdruk
onverwachts breuken veroorzaken.
39
NL
Storingen en oplossingen
Het kan gebeuren dat het apparaat niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst (zie “Service”) moet u
controleren of het niet een storing betreft die u zelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van de volgende lijst.
Storingen:
De wasautomaat gaat niet aan.
De wascyclus start niet.
De wasautomaat heeft geen
watertoevoer.
De deur van het apparaat is
geblokkeerd.
De wasautomaat blijft water aan-
en afvoeren.
De wasautomaat voert het water
niet af of centrifugeert niet.
De machine trilt erg tijdens het
centrifugeren.
De wasautomaat lekt.
De symbolen van “Fase in
voortgang” knipperen snel,
tegelijk met het controlelampje
ON/OFF.
Er ontstaat teveel schuim.
De deur van het apparaat is
geblokkeerd.
Mogelijke oorzaken / Oplossing:
De stekker zit niet in het stopcontact of niet ver genoeg om contact te maken.
Het hele huis zit zonder stroom.
De deur is niet goed dicht.
De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.
De waterkraan is niet open.
U heeft een uitgestelde start ingesteld.
De watertoevoerbuis is niet aangesloten op de kraan.
De toevoerslang is gebogen.
De waterkraan is niet open.
Het hele huis zit zonder water.
Er is onvoldoende druk.
De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.
Als u de optie “Makkelijk Strijken ”, zal de wasautomaat aan het einde van
de cyclus de trommel langzaam laten ronddraaien. Om de cyclus te beëindigen
drukt u op de knop START/PAUSE of op de knop “Makkelijk Strijken ”.
De afvoerbuis is niet op 65 tot 100 cm afstand van de grond af geïnstalleerd
(zie “Installatie”).
Het uiteinde van de afvoerbuis ligt onder water (zie “Installatie”).
Als u op een van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont, kan zich
een hevelingsprobleem voordoen, waarbij de wasautomaat voortdurend water
aan- en afvoert. Om deze storing te verhelpen zijn er in de handel speciale
beluchters te koop.
De afvoer in de muur heeft geen ontluchting.
Het programma voorziet geen afvoer: bij enkele programma’s moet dit met de
hand worden gestart (zie Programma’s en opties”).
De optieMakkelijk Strijken” is actief: voor het beëindigen van het programma
drukt u op de toets START/PAUSE (zie “Programma’s en opties”).
De afvoerslang is gebogen (zie “Installatie”).
De afvoerleiding is verstopt.
De trommel is bij het installeren niet op de juiste wijze gedeblokkeerd (zie
“Installatie”).
De wasautomaat staat niet goed recht (zie “Installatie”).
De wasautomaat staat te krap tussen meubels en muur (zie “Installatie”).
De waslading is niet gebalanceerd (zie “Wasmiddelen en wasgoed”).
De slang van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie “Installatie”).
Het wasmiddelbakje is verstopt (voor reiniging zie “Onderhoud en verzorging”).
De afvoerslang is niet goed aangesloten (zie “Installatie”).
Doe de wasautomaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht circa
1 minuut en doe hem daarna weer aan. Als de storing voortzet, dient u de
Servicedienst in te schakelen.
Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasautomaten (er moet “voor
wasautomaat”, “handwas en machinewas”, of dergelijke op staan).
U heeft teveel wasmiddel gebruikt.
Voer een handmatige deblokkering uit (zie “Voorzorgsmaatregelen en advies”).
! N.B.: om de “Demo Mode” te verlaten, uitschakelen van de wasautomaat, drukt u tegelijkertijd 3 sec. lang of de twee knoppen
“START/PAUSE” en “ON/OFF” .
NL
40
Voordat u de Servicedienst inschakelt:
Controleer eerst of u het probleem zelf kunt oplossen (zie “Storingen en oplossingen”);
Start het programma opnieuw om te controleren of de storing is verholpen;
Als dit niet het geval is, kunt u contact opnemen met de erkende Servicedienst.
! In het geval de wasautomaat verkeerd is geïnstalleerd of u hem niet correct heeft gebruikt zal u gevraagd worden de
reparatiekosten te betalen.
! Wendt u nooit tot een niet erkende installateur.
Vermeld:
het type storing;
het model wasautomaat (Mod.);
het serienummer (S/N).
Deze laatste gegevens vindt u op het typeplaatje op het apparaat.
Service
41
NL
Functies voor controle
energieverbruik
Aansluiten/afsluiten van het systeem voor energiebeheer
De wasmachine is uitgerust met een printplaat voor de aansluiting op het systeem voor energiebeheer van de woning.
Om de wasmachine aan te sluiten op het systeem voor energiebeheer, met de wasmachine aan maar niet in werking, 3
seconden op de toets drukken.
Het coördinerend apparaat van het systeem moet geactiveerd zijn om het verzoek om aansluiting van de wasmachine te
kunnen accepteren.
Het symbool indicator van de aansluiting van het display, verandert van in en de melding “Link OK” wordt
weergegeven.
Om de wasmachine van het systeem voor energiebeheer los te koppelen, wasmachine aan maar niet in werking, 3
seconden op de toets voor opties en drukken: Het symbool indicator van de aansluiting van het display is, verandert
van in en de melding “Link verbroken OK” wordt weergegeven.
Voor het uitschakelen hoeft het apparaat dat het systeem coördineert niet geactiveerd te zijn.
Aansluiting op het systeem geactiveerd
Aan de hand van de door het systeem ingeschakelde functies en met het apparaat aangesloten op het systeem voor het
energiebeheer, verschijnen op het display van de wasmachine alle of enkele van de volgende meldingen.
Door de huidige wascyclus verbruikte energie (gemeten
in kilowatt/uur). Wordt weergegeven nadat de wascyclus
begonnen is.
Kosten van de voor de geselecteerde cyclus verbruikte
energie. Gaat knipperen nadat de cyclus geselecteerd is en
blijft verlicht nadat door het systeem de kosten ontvangen
zijn. Ook verandering van de functies centrifuge, temperatu-
ur, delay en de opties genereert een nieuw verzoek voor de
berekening van de kosten van de cyclus.
Indicator van aansluiting op het systeem voor energiebeheer.
Indicator van de status van de functie CONTROLE VAN HET
ENERGIEVERBRUIK.
In de gehele woning verbruikte energie (gemeten in kilowatt).
Wordt altijd weergegeven.
Met de machine aangesloten op het systeem voor energiebeheer, wordt op het display in een situatie van risico op over-
belasting van het beschikbaar vermogen of daadwerkelijke overbelasting, de melding “Overbeladingsrisico” of “ATTENTIE!
Overbelading” weergegeven.
NL
42
Met de machine aangesloten op het systeem voor energiebeheer, worden de gegevens met betrekking tot een uitgestelde
start als volgt gewijzigd: tijdens het instellen van de uitgestelde start verschijnt de tekst “Eindigt op”, met het symbool van de
klok en de eindtijd. Na het instellen van de uitgestelde start verschijnt de tekst “Start om” met het symbool van de klok en de
starttijd.
Aansluiting op het systeem geactiveerd + functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK geactiveerd
Op basis van het model wasmachine, maakt de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK het voor het systeem mogelijk om
enkele of alle van de volgende functies uit te voeren:
• In geval van dreigende overbelasting van het beschikbare vermogen (antiblack-out functie) of wanneer u het alge
mene energieverbruik in huis wil optimaliseren (energieafstemming), dient u de huidige cyclus tijdelijk te onderbreken
• Stel de starttijd in van de cyclus op basis van de energiebesparing, of op het tijdstip waarop de plaatselijke, her
nieuwbare energie wordt gebruikt
Om de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK te activeren met de wasmachine aangesloten op het systeem, maar niet in
werking, op de toets : drukken: de melding “Bediening op afstand AAN” en het symbool indicator van de status van de
functie controle van het energieverbruik licht op .
Om de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK uit te schakelen met de wasmachine aangesloten op het systeem , maar
niet in werking, op de toets drukken: de melding “Bediening op afstand UIT” en het symbool indicator van de status van
de functie controle energieverbruik gaat uit.
N.B.: in het geval waarop beide functies van energiebesparing en gebruik van plaatselijke, hernieuwbare energie geactiveerd
zijn, zal het symbool van de status en van de functie van energiebeheer 2 verschillende waarden tonen, voorgesteld door de
symbolen en .
Bij het activeren van de functie zijn de getoonde berichten “Economische stand” en “Ecologische stand”.
Als de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK is ingeschakeld en er een overbelasting is van het beschikbare vermogen,
kan de actieve cyclus worden onderbroken totdat het nodige vermogen weer beschikbaar is. De tekst “Afgebroken” verschi-
jnt.
Als het systeem daarentegen beslist dat de lopende cyclus van de wasmachine tijdelijk moet worden onderbroken om het
energieverbruik in huis te optimaliseren, verschijnt de tekst “Pauze”.
In beide gevallen verschijnt, als men de cyclus tracht te hervatten door op de knop te drukken, het bericht “ATTENTIE!
Overbelading”.
Met de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK geactiveerd, suggereert de wasmachine tijdens het selecteren van de was-
cyclus direct de starttijd met de tekst “Start voorzien om” met het symbool van de klok en met de voorgestelde starttijd.
Om de voorgestelde tijd te accepteren, op de toets drukken: op het display wordt gedurende 10 seconden de melding
“Wachten aub” weergegeven, waarna de wasmachine tot de geplande starttijd in de wachtstand gaat: de tekst “Start voor-
zien om” wordt weergegeven samen met het pijlsymbool en de geplande starttijd.
In de wachtstand, werkt de toets niet. Om de uitgestelde start te verwijderen en onmiddellijk de gekozen cyclus uit te
voeren, moet dan de ENERGY CONTROL functie worden uitgeschakeld.
N.B.: als na het selecteren van de cyclus de tekst “Start voorzien om” niet verschijnt (omdat de beste berekende tijd de huidige
tijd is, of omdat er geen communicatie is geweest tussen de wasmachine en het systeem), dan zal na het drukken op de knop
en het verschijnen van het bericht “Wachten aub”, de wasmachine de geselecteerde cyclus direct starten.
Met de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK ingeschakeld, dient de toets voor uitgesteld starten om een grens te
stellen aan de door het systeem voorgestelde tijd: door op de toets te drukken wordt de tekst “Eindigt binnen” weer-
gegeven met het symbool van de klok en de uiterlijke eindtijd van de cyclus, en wordt aan het systeem gevraagd om een
starttijd voor te stellen die overeenkomt met de geselecteerde uiterlijke eindtijd.
Als de toets niet ingedrukt wordt, wordt de starttijd gekozen uit de beste tijd tijdens de volgende 24 uur.
Met de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK geactiveerd, is de weergave van de gegevens met betrekking tot het ener-
gieverbruik gelijk aan de in de vorige paragraaf beschreven weergave.

Documenttranscriptie

Instructies voor installatie en gebruik WASAUTOMAAT Inhoud NL Installatie, 30-31 NL Nederlands Uitpakken en waterpas zetten Water en elektrische aansluitingen Technische gegevens Beschrijving van de wasautomaat, 32-33 “Touch-control” bedieningspaneel Het uitvoeren van een wascyclus, 34 Programma’s en opties, 35 Programmatabel Wasopties Wasmiddelen en wasgoed, 36 AQUALTIS Wasmiddel Voorbereiden van het wasgoed Wastips Voorzorgsmaatregelen en advies, 37 AQ113D 69 Algemene veiligheid Balanceersysteem van de lading Afvalverwijdering Handmatige opening van het deurtje Onderhoud en verzorging, 38 Afsluiten van water en stroom Reinigen van de wasautomaat Reinigen van het wasmiddelbakje Verzorging van de trommel Reinigen van de pomp Controle van de buis van de watertoevoer Storingen en oplossingen, 39 Service, 40 Functies voor controle energieverbruik, 41-42 Opgelet: voor de extra functies in verband met de aansluiting, wordt verwezen naar het hoofdstuk “Functies voor controle energieverbruik”. 29 Installatie NL ! Het is belangrijk dit boekje te bewaren, zodat u het op ieder gewenst moment kunt raadplegen. In het geval u de wasautomaat verkoopt of u verhuist, moet u de handleiding bij het apparaat bewaren. ! Lees de instructies aandachtig door: u vindt er belangrijke informatie betreffende installatie, gebruik en veiligheid. ! In de envelop vindt u samen met deze gebruiksaanwijzing, de garantie en onderdelen die nodig zijn voor de installatie. ! Een correcte nivellering geeft de machine stabiliteit en vermijdt, vooral tijdens de centrifuge, vibraties en lawaai. ! In het geval de wasautomaat op vloerbedekking of tapijt staat regelt u de stelvoetjes zodanig dat onder de automaat genoeg ruimte is voor ventilatie. Uitpakken en waterpas zetten ! Voordat u watertoevoerbuis aansluit op het waternet moet u het water laten lopen totdat het helder is. Water en elektrische aansluitingen Aansluiting van de watertoevoerslang Uitpakken 1. Zodra u de wasautomaat uitgepakt heeft, dient u te controleren of hij niet beschadigd is tijdens het transport. Indien dit wel het geval is moet hij niet worden aangesloten en moet u contact opnemen met de handelaar. 2. Verwijder de 4 beschermschroeven voor het transport en de bijbehorende afstandsleider die zich aan de achterkant bevinden (zie afbeelding). 3. Sluit de gaten af met de in de envelop bijgeleverde plastic doppen. 4. Bewaar alle onderdelen; mocht de wasautomaat ooit nog worden vervoerd, dan moeten deze weer worden aangebracht om interne schade te voorkomen. !Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen. 2. Sluit de toevoerbuis aan op de koudwaterkraan met een mondstuk met schroefdraad van 3/4 gas (zie afbeelding). 3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de buis zijn. ! De waterdruk van de kraan moet zich binnen de waarden van de tabel Technische Gegevens bevinden (zie bladzijde hiernaast). Waterpas zetten 1. Installeer de wasautomaat op een rechte en stevige vloer en laat hem niet tegen muren of meubels leunen. 2. Compenseer eventuele oneffenheden door de stelvoetjes vast of los te draaien totdat de automaat volledig horizontaal staat (hij mag niet meer dan 2 graden hellen). 30 1. Verbind de watertoevoerslang aan de wasautomaat door hem met de haakse aansluiting op de betreffende watertoevoer te schroeven, rechtsboven aan de achterkant (zie afbeelding). ! Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet u zich wenden tot een gespecialiseerde winkel of een bevoegde installateur. ! Gebruik nooit tweedehands of oude slangen, maar alleen die slagen die bij het apparaat worden geleverd. Aansluiting van de afvoerbuis 65 - 100 cm Verbind de afvoerbuis, zonder hem te buigen, aan een afvoerleiding of aan een afvoer in de muur die zich tussen de 65 en 100 cm van de grond af bevindt. ! Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers. NL ! Het snoer mag niet geknikt of samengedrukt worden. ! De voedingskabel en de stekker mogen alleen door een bevoegde installateur worden vervangen. Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld wanneer deze normen niet worden nageleefd. Als alternatief kunt u de afvoerbuis aan de rand van een wasbak of badkuip hangen nadat u hem met de steun aan de kraan heeft bevestigd (zie afbeelding). Het uiteinde van de afvoerslang mag niet onder water hangen. ! Gebruik nooit verlengstukken voor de slang; indien dit niet te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde doorsnede hebben als de oorspronkelijke slang en mag hij niet langer zijn dan 150 cm. Technische gegevens Model AQ113D 69 Elektrische aansluiting Afmetingen breedte cm 59,5 hoogte cm 85 diepte cm 64,5 Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet u zich ervan verzekeren dat: Vermogen van 1 tot 11 kg • het stopcontact geaard is en voldoet aan de geldende normen; Elektrische • het stopcontact het maximum vermogen van de wasautomaat kan verdragen, zoals aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); Aansluiting • de spanning zich bevindt tussen de waarden die zijn aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); centrifuge • de contactdoos geschikt is voor de stekker van de automaat. Indien dit niet zo is moet of de stekker of het stopcontact vervangen worden. ! De machine mag alleen binnenshuis op een vorstvrije en droge plek worden geïnstalleerd om elektronische schade door bevriezing of condensatie te voorkomen. ! Als de wasautomaat is geïnstalleerd moet het stopcontact gemakkelijk te bereiken zijn. aansluitingen waterleiding Snelheid zie het typeplaatje met de technische eigenschappen dat op het apparaat is bevestigd max. druk 1 MPa (10 bar) min. druk 0,05 MPa (0,5 bar) Inhoud trommel 71 liters tot 1600 toeren per minuu Controleprogramma’s volgens de richtlijnen 1061/2010 en programma programma ; Katoen Standaard 60°C; ; Katoen Standaard 40°C. 1015/2010 Deze apparatuur voldoet aan de volgende CE voorschriften: - 2004/108/CE (Elektromagnetische compatiabiliteit) - 2012/19/EU - 2006/95/CE (Laagspanning) 31 Beschrijving van de wasautomaat DEUR WASAUTOMAAT NL BEDIENINGS-PANEEL HANDVAT DEUR WASAUTOMAAT VOETSTUK STELVOETJES DEUR Om de deur van de wasautomaat te openen dient u altijd het speciale handvat te gebruiken (zie afbeelding). WASMIDDELBAKJE Het wasmiddelbakje bevindt zich aan de binnenkant van de automaat en verschijnt als u de deur opent. Voor de dosering van wasmiddelen zie het hoofdstuk “Wasmiddelen en wasgoed”. A 3 1 210 180 150 120 90 60 B 2 1. wasmiddelbakje voorwas: gebruik waspoeder. ! Voordat u het middel erin strooit moet u controleren of het aanvullende bakje 3 er niet in zit. 2. wasmiddelbakje hoofdwas: Als u een vloeibaar wasmiddel gebruikt raden we u aan het bijgeleverde schotje A te 32 gebruiken voor een correcte dosering. Voor het gebruik van poederwasmiddel doet u het schotje terug in de opening B. 3. extra bakje:Bleekmiddel ! Het gebruik van het extra bakje 3 sluit de voorwas uit. bakje wasverzachters: voor wasverzachter. We raden u aan om nooit het maximaal aangegeven niveau te overschrijden (aangegeven door rooster) en om geconcentreerde wasverzachters aan te lengen. TOUCH CONTROL bedieningspaneel Om de instellingen te wijzigen drukt u zachtjes op het symbool aan de binnenkant van het touch control-deel, zoals op de afbeelding aangegeven. Stand- by modus Deze wasautomaat beschikt, in overeenkomst met de nieuwe normen betreffende de energiebesparing, over een systeem wat het apparaat automatisch na 30 minuten uitschakelt (stand-by) indien men het niet gebruikt. Druk kort op de ON/OFF toets en wacht tot de wasautomaat weer aangaat. Gebruik in off-mode: 0,5 W Gebruik in Left-on: 8 W “Touch-control” bedieningspaneel Knop PROGRAMMA’S M2 Knop met controlelampje Knop CENTRIFUGEREN M1 Knop TEMPERATUUR START/PAUSE Controlelampje ECO Symbolen WASFASES DISPLAY Knop met controlelampje ON/OFF Knoppen OPTIES Knop Knop met controlelampje UITGESTELDE TOETSBLOKKERING START Controlelampje LOCK Knop met controlelampje ON/OFF: druk even op de knop om de wasautomaat aan of uit te zetten. Het groene controlelampje geeft aan dat de wasautomaat aanstaat. Om de wasautomaat tijdens de wascyclus uit te zetten moet u de knop iets langer, circa 3 seconden, ingedrukt houden. Als u de kort of per ongeluk indrukt zal de wasautomaat niet uitgaan. Als u de wasautomaat tijdens de wascyclus uitdoet wordt de cyclus automatisch geannuleerd. Knop PROGRAMMA’S: kan beide richtingen op draaien. Voor de juiste programmakeuze kunt u de “Programmatabel” raadplegen. Gedurende het programma blijft de knop stilstaan. M1-M2 toetsen: druk op een van de twee toetsen om een wascyclus en uw persoonlijke aanpassingen op te slaan. Om een voorheen opgeslagen wascyclus te starten drukt u op de betreffende toets. Knop CONTROLE ENERGIEVERBRUIK: zie voor meer informatie het hoofdstuk “Functies voor controle energieverbruik”. Knop TEMPERATUUR: druk hierop om de temperatuur te wijzigen of uit te sluiten. De gekozen waarde leest u af op bovenstaand display (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Knop CENTRIFUGEREN: druk hierop om de centrifuge te wijzigen of uit te sluiten. De gekozen waarde leest u af op bovenstaand display (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Knop UITGESTELDE START: druk hierop om een uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen. De ingestelde vertraging leest u af van bovenstaand display (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Opgelet: in de modus CONTROLE ENERGIEVERBRUIK, dient de toets Verlate start ook om een uiterlijke eindtijd voor de wascyclus in te stellen. Zie voor meer informatie het hoofdstuk “Functies voor controle energieverbruik”. Knoppen OPTIES: druk hierop om de beschikbare opties te selecteren. Het controlelampje dat overeenkomt met de geselecteerde optie blijft aan (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Symbolen WASFASES: gaan aan om weer te geven in welke fase van de cyclus de automaat zich bevindt (Wassen - Spoelen - Centrifugeren - Afpompen ). De tekst wordt verlicht als de wascyclus is beëindigd. Knop met controlelampje START/PAUSE: als het groene controlelampje langzaam knippert, drukt u op de knop om de wascyclus te starten. Als de cyclus is gestart blijft het controlelampje vast aanstaan. Als u de wascyclus wilt pauzeren drukt u nogmaals op de knop. Het controlelampje wordt oranje en gaat knipperen. Als het controlelampje “LOCK” uit is, kunt u het deurtje openen. Om het programma te hervatten drukt u opnieuw op de knop. Controlelampje LOCK: geeft aan dat de LOCK is. Om de deur te openen moet u de wascyclus pauzeren (zie “Het uitvoeren van een wascyclus”). Knop met controlelampje TOETSBLOKKERING: om de blokkering van het bedieningspaneel in of uit te schakelen dient u de KNOP een aantal seconden (3-4) ingedrukt te houden. Het ontstoken controlelampje geeft aan dat het bedieningspaneel geblokkeerd is. Op deze manier kunt u voorkomen dat er ongewilde wijzigingen aan de programma’s worden aangebracht, bijvoorbeeld bij aanwezigheid van kinderen. Controlelampje ECO: het symbool gaat aan als, nadat u de wasparameters heeft gewijzigd, u een energiebesparing bereikt van minstens 10%. Bovendien zal, voor het apparaat in de “Stand by” modus treedt, het symbool enkele seconden lang aangaan. Als het apparaat uitstaat zal de geschatte energiebesparing circa 80% zijn. TAAL WIJZIGEN Wanneer de machine voor de eerste keer aangezet wordt, gaat op de display de eerste taal knipperen. Overeenkomstig de 3 toetsen aan de rechterkant van de display, verschijnen de symbolen “ “ , “OK” en “V”. De talen wisselen automatisch elke 3” of door op de toetsen naast de symbolen “ “en “V” te drukken. Met de toets “OK” wordt de taal bevestigd die na 2” vastgezet wordt. Als niet op een toets gedrukt wordt, begint na 30” de automatische wisseling van de talen opnieuw. Om de taal te wijzigen moet u de wasautomaat in- en uitschakelen. In de 30’’ die volgen op de uitschakeling drukt u tegelijkertijd op de temperatuurtoets + centrifuge voor 5 seconden of langer. Naast een kort geluidssignaal verschijnt op het display knipperend de ingestelde taal. Door op de toetsen naast de symbolen “ “ en “V” te drukken kan de taal gewijzigd worden. Met de toets naast het symbool “OK” wordt de taal bevestigd die na 2” vastgezet wordt. Als niet op een toets gedrukt wordt, wordt na 30” de eerder ingestelde taal weergegeven. Zet de machine. 33 NL Het uitvoeren van een wascyclus NL N.B.: voordat u de wasautomaat gaat gebruiken moet u hem met wasmiddel maar zonder wasgoed een wascyclus laten uitvoeren. Kies het programma van 90° zonder voorwas. 1. DE WASAUTOMAAT AANZETTEN. Druk op de toets . Alle controlelampjes gaan 1 seconde lang aan en op het display verschijnt de tekst AQUALTIS; het controlelampje van de toets zal aan blijven staan en het controlelampje START/PAUSE zal gaan knipperen. 2. PROGRAMMAKEUZE. Draai de PROGRAMMAKNOP naar rechts of naar links totdat u het gewenste programma heeft geselecteerd; de naam van het programma verschijnt op het display; hieraan worden automatisch een temperatuur en een centrifugesnelheid gekoppeld die naderhand kunnen worden gewijzigd. Op de display verschijnt de duur van de cyclus. 3. LAAD HET WASGOED. Open de deur. Laad het wasgoed in en zorg ervoor nooit de laadhoeveelheid te overschrijden die wordt aangegeven in de programmatabel op de volgende bladzijde. 4. WASMIDDEL DOSEREN. Trek het bakje naar buiten en doe het wasmiddel in de speciale vakjes zoals aangegeven in “Beschrijving van de wasautomaat”. 5. SLUIT DE DEUR. 6. DE WASCYCLUS AANPASSEN. Dit kunt u doen met behulp van de knoppen op het bedieningspaneel: Wijzigen van de temperatuur en/of de centrifuge. Het apparaat toont automatisch de maximale temperatuur en centrifuge die voor het ingestelde programma gelden of de laatst geselecteerde waarden, mits deze compatibel zijn met het gekozen programma. Door op de knop te drukken kunt u de temperatuur langzaamaan verlagen, tot aan de koude wascyclus “OFF”. Door op de knop te drukken kunt u het toerental van de centrifuge langzaamaan verlagen, tot aan een complete uitsluiting van de centrifuge “OFF”. Als u nogmaals op de knoppen drukt zult u wederom op de maximale waarden terugkeren. ! Uitzondering: als u het programma selecteert kunt u de temperatuur tot op 90° instellen. Een uitgestelde start instellen. Om de uitgestelde start van het gekozen programma in te stellen, drukt u op de uitgesteld start-toets totdat u de gewenste vertragingstijd bereikt. Tijdens het instellen wordt de vertragingstijd samen met de tekst “Start:” en het knipperende symbool weergegeven. Nadat de uitgestelde start is ingesteld, blijft op het display het symbool staan en geeft de display weer de duur van de ingestelde cyclus weer met de tekst “Einde:” en de duur van de cyclus. Door één keer op de toets UITGESTELDE START te drukken, wordt de eerder ingestelde vertraagtijd weergegeven. Na het starten toont de display de tekst “Start:” en de vertraagtijd. Nadat de ingestelde vertraagtijd is afgelopen, start de machine en toont de display “Einde:” en de resterende tijd tot het einde van de cyclus. 34 Om de uitgestelde start te verwijderen drukt u op de knop totdat op het display de tekst OFF verschijnt. Het symbool gaat uit. N.B.: in de modus CONTROLE ENERGIEVERBRUIK worden de teksten die betrekking hebben op de starten eindtijden van de programma’s beschreven in het hoofdstuk “Functies voor controle energieverbruik”. De eigenschappen van de cyclus wijzigen. • Druk op de toets om de optie te activeren; op het display verschijnt de naam van de optie en het overeenkomende maantje zal aangaan. • Druk nogmaals op de toets om de optie te desactiveren; op het display verschijnt de naam van de optie plus de tekst OFF, het maantje zal uitgaan. ! Als de gekozen optie niet geschikt is voor het ingestelde programma zal het betreffende controlelampje gaan knipperen, zal er een geluidssignaal klinken (3 pieptonen) en zal de optie niet worden geactiveerd. ! Als de geselecteerde optie niet compatibel is met een optie die daarvòòr is ingesteld, zal het controlelampje van de eerst geselecteerde optie gaan knipperen en zal alleen de tweede optie worden geactiveerd. Het controlelampje van de betreffende knop zal aanblijven. ! De opties kunnen het aanbevolen laadgewicht en/of de duur van de cyclus veranderen. 7. HET PROGRAMMA STARTEN. Druk op de toets START/PAUSE. Het betreffende controlelampje zal aanblijven en de deur zal worden geblokkeerd (het controlelampje LOCK blijft aanstaan). De symbolen die horen bij de verschillende wasfases worden tijdens de cyclus verlicht om aan te geven welke fase bezig is. Om een programma te wijzigen van een reeds gestarte wascyclus doet u de wasautomaat op pauze met behulp van de knop START/PAUSE. Selecteer daarna de gewenste cyclus en druk nogmaals op de knop START/PAUSE. Om de deur te openen tijdens de wascyclus drukt u op de knop START/PAUSE. Als het controlelampje LOCK uit gaat kunt u de deur openen. Om het programma te hervatten drukt u opnieuw op de knop START/PAUSE. 8. EINDE VAN HET PROGRAMMA. Wordt aangegeven door de tekst END. De deur kan gelijk worden geopend. Als het controlelampje START/PAUSE knippert druk u op de toets om de wascyclus te beëindigen. Open de deur, laad het wasgoed uit en schakel de wasautomaat uit. ! Als u een reeds gestarte cyclus wilt annuleren houdt u de knop ingedrukt totdat de cyclus wordt onderbroken en het apparaat uitgaat. Zak voor dekens, gordijnen en fijne was Dankzij de speciale bijgeleverde zak kunt u met de Aqualtis wasautomaat zelfs uw waardevolste en fijnste kledingstukken met de machine wassen en zeker zijn van een optimale bescherming. We raden u aan om de zak te gebruiken voor het wassen van dekens en donzen wasgoed met een synthetische bekleding. Programma’s en opties 60° 800     5 48 0,99 57 120’ Synthet. Resistente stof (4) 40° 800     5 48 0,63 55 100’ Witte was 60° 1600   -  6 Bonte was 40° 1600     6 Donkere was Shirts 30° 40° 800 600 -      6 2,5 - - - 75’ 75’ Dekbedden: voor kledingstukken/beddengoed gevuld met dons. 30° 1200 -  -  3,5 - - - 145’ Bed & Bath: voor handdoeken en beddengoed. 60° 1600     11 - - - 160’ Spoelen - 1600 - -   11 - - - 49’ Centrifugeren en Afpompen - 1600 - - - - 11 - - - 16’ Anti Allergie 60° 1600 -  -  6 - - - 205’ ExtradeliIcaat 30° 0 -  -  1 - - - 80’ Wol: voor wol, kasjmier, etc. Gemengd 30’: voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed (niet geschikt voor wol, zijde en handwas). 40° 800 -  -  2,5 - - - 100’ 30° 800 -  -  4 71 0,21 41 30’ 1600 (3)    11 44 1,38 62,5 215’ 1600 -    11 44 1,19 1600 -    11 Katoen Standaard 60°C (1): zeer vuil wit en kleurecht bont wasgoed. Katoen Standaard 40°C (2): zeer vuile witte en bonte fijne was. 60° (Max. 90°) 40° Katoen Standaard 20°C: zeer vuile witte en bonte fijne was. 20° - - - 44 0,99 - - Duurcyclus Totaal water lt Overgebleven vochtigheid % Energieverbruik kWh Synthet. Resistente stof Beschrijving van het Programma Wasmiddel Bleekmiddel Wasverzachter Max. Temp. (°C) Max. lading (kg) Wasmiddel en wasversterkers Max. snelheid (toeren per minuut) Voorwas Symbool Programmatabel 190’ 92 125’ 90 195’ - 175’ De duur van de cyclus die wordt aangegeven op het display of op de gebruiksaanwijzing is een geschatte waarde die wordt gecalculeerd bij standaard omstandigheden. De effectieve tijd kan variëren aan de hand van talloze factoren zoals temperatuur en druk van de watertoevoer, de kamertemperatuur, de hoeveelheid wasmiddel, de hoeveelheid en type lading, de balancering van de was en de geselecteerde aanvullende opties. N.B.: circa 10 minuten na de START zal de wasautomaat aan de hand van het ingeladen wasgoed de resterende tijd tot aan het einde van het programma opnieuw berekenen en tonen. 1) Controleprogramma volgens de richtlijnen 1061/2010: selecteer het programma met een temperatuur van 60°C. Dit is de geschiktste cyclus voor het wassen van een middelmatig vuile lading katoenen wasgoed. Het is ook de efficiëntste cyclus v.w.b. het gecombineerde verbruik van energie en water, voor wasgoed dat op 60°C kan worden gewassen. De effectieve wastemperatuur kan verschillen van de temperatuur die wordt aangegeven. 2) Controleprogramma volgens de richtlijnen 1061/2010: selecteer het programma met een temperatuur van 40°C. Dit is de geschiktste cyclus voor het wassen van een middelmatig vuile lading katoenen wasgoed. Het is ook de efficiëntste cyclus v.w.b. het gecombineerde verbruik van energie en water, voor wasgoed dat op 40°C kan worden gewassen. De effectieve wastemperatuur kan verschillen van de temperatuur die wordt aangegeven. 3) Bij een temperatuur van 60°C kan de functie “Voorwas” niet worden geactiveerd. Voor alle Test Institutes: 2) Programma katoen lang: selecteer het programma met een temperatuur van 40°C. 4) Programma synthetisch lang: selecteer het programma met een temperatuur van 40°C. Wasopties Super Wash Deze optie garandeert een kwalitatief zeer hoog 3 wasresultaat dankzij het gebruik van een grotere hoeveelheid 1 water in de beginfase van de cyclus en een langere tijdsduur 2 van het programma. Kan met of zonder bleekmiddel gebruikt worden. Als u de was ook wilt bleken, het extra bijgeleverde bakje 3 in bakje 1 doen. Let bij het gieten van het bleekwater dat u het niveau “max”, aangegeven op de centrale pin, niet overschrijdt (zie afb.). Als u alleen wilt bleken zonder een volledige was uit te voeren, giet u het bleekmiddel in het extra bakje 3, stelt u het programma “Spoelen” in, en activeert de optie “Super Wash” . ! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s , , , , , , , . Extra Spoelen Door deze optie te selecteren verhoogt u het spoelresultaat en zorgt u ervoor dat elk spoor van wasmiddel verdwijnt. Deze optie is vooral nuttig bij personen wiens huid gevoelig is voor wasmiddelen. We raden deze optie aan wanneer een volle lading moet worden gewassen of wanneer zeer veel wasmiddel wordt gebruikt. ! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s , , , , . Makkelijk Strijken Als u deze optie selecteert zullen het wassen en de centrifuge dusdanig worden aangepast dat er minder kreuken worden gevormd. Aan het einde van de wascyclus zal de wasautomaat de trommel langzaam laten ronddraaien. De controlelampjes “Makkelijk Strijken” en START/PAUSE gaan knipperen. Om de cyclus te beëindigen drukt u op de knop START/PAUSE of op de knop “Makkelijk Strijken”. ! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s , , , , , . Voorwas Als u deze functie selecteert wordt de voorwas uitgevoerd, handig voor het verwijderen van moeilijke vlekken. N.B.: doe het wasmiddel in het speciale vakje. ! Deze optie is niet beschikbaar tijdens de programma’s , , , , , , , , , (60°), , . 35 NL Wasmiddelen en wasgoed NL Wasmiddel De keuze en de hoeveelheid wasmiddel hangen af van het type stof (katoen, wol, zijde…), van de kleur van het wasgoed, de wastemperatuur, de vuilgraad en de hardheid van het water. Een juiste dosering van het wasmiddel voorkomt verspillingen en beschermt het milieu: ook al zijn wasmiddelen biologisch afbreekbaar, toch bevatten ze elementen die het evenwicht in de natuur verstoren. We raden u aan: • waspoeder te gebruiken voor de witte katoenen was en voor de voorwas. • vloeibaar wasmiddel te gebruiken voor fijne katoenen was en voor alle programma’s op lage temperatuur. • speciale vloeibare wasmiddelen te gebruiken voor wol en zijde. Het wasmiddel kan voor het starten van het programma in het speciale bakje worden gedaan, of in de wasbol die direct in de trommel wordt geplaatst. Als u een wasbol gebruikt kunt u het programma Katoen met voorwas niet gebruiken. ! Gebruik waspoeder voor witte katoenen was, voor de voorwas en voor het wassen op temperaturen van meer dan 60°C. ! Volg de aanwijzingen op de wasmiddelverpakking. ! Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aangezien die te veel schuim vormen. Voorbereiden van het wasgoed • Open de kledingstukken voor u ze inlaadt. • Scheid het wasgoed volgens het type stof (symbool op het etiket van het kledingstuk) en de kleur. Let er goed op dat u de bonte was scheidt van de witte was; • Leeg de zakken en controleer de knopen; • Overschrijd nooit het gewicht dat wordt aangegeven in de “Programmatabel” wat geldt voor droog wasgoed. Hoeveel weegt wasgoed? 1 laken 1 kussensloop 1 tafellaken 1 badjas 1 handdoek 1 spijkerbroek 1 overhemd/blouse 400-500 gr. 150-200 gr. 400-500 gr. 900-1200 gr. 150-250 gr. 400-500 gr. 150-200 gr. Wastips Witte was: gebruik deze cyclus voor het wassen van wit wasgoed. Het programma is ontwikkeld voor het langdurige behoud uw stralend witte was. Voor een beter resultaat raden we u aan een wasmiddel in poedervorm te gebruiken. Bonte was: gebruik de cyclus voor het wassen van licht gekleurde was. Het programma is ontwikkeld voor het langdurige behoud van de mooie kleuren van uw wasgoed. Donkere was: gebruik de cyclus voor het wassen van bonte was. Het programma is ontwikkeld voor het langdurige behoud van de donkere kleuren. Voor een beter resultaat raden we u aan voor de bonte was een vloeibaar wasmiddel te gebruiken. Shirts: gebruik het speciale programma om met maximale zorg overhemden/blouses van verschillende soorten stof en kleur te wassen. Dekbedden: voor het wassen van dekens of kledingstukken die met dons zijn gevuld zoals eenpersoons of tweepersoons dekbedden (niet meer dan 3,5 kg), 36 kussens of ski-jacks gebruikt u het speciale programma . We raden u aan het donzen wasgoed in de trommel te laden met de randen naar binnen toe gevouwen (zie afbeeldingen) en ervoor te zorgen de ¾ van het volume van de trommel niet te overschrijden. Voor het beste resultaat raden wij aan vloeibaar wasmiddel in het doseerbakje te gieten. Dekens: om dekens met een synthetische bekleding te wassen moet u de bijgeleverde zak gebruiken en het programma instellen. Handdoeken en beddengoed: u kunt al uw handdoeken en beddengoed in een enkele cyclus wassen met het programma . Dit programma optimaliseert het gebruik van de wasverzachter en bespaart tijd en energie. We raden u aan waspoeder te gebruiken. Anti Allergie: gebruik het programma voor het verwijderen van de voornaamste allergenen zoals stuifmeel, mijten, katten- en hondenhaar. ExtradeliIcaat: gebruik het programma voor het wassen van zeer fijne was met stras of pailetten. We raden u aan de kleding binnenstebuiten te draaien voor u hem wast en om kleine kledingstukken in het speciale zakje voor fijne was te stoppen. Voor een beter resultaat raden we u aan voor de fijne was een vloeibaar wasmiddel te gebruiken. Voor het wassen van Zijde kleding of Gordijnen (vouw de gordijnen en doe ze in de bijgeleverde zak selecteert u de cyclus en activeert u de optie (in dit geval is het ook mogelijk de optie “Extra Spoelen” te activeren); de wasautomaat de cyclus door het wasgoed in de week te laten staan. Het controlelampje gaat knipperen. Om het water af te voeren en de was uit de automaat te halen moet u op de knop START/PAUSE drukken of op de knop . Wol: het “Wol” wasprogramma van deze Hotpoint-Ariston wasmachine is door The Woolmark Company getest en goedgekeurd voor het wassen van wollen kleding die als handwas geclassificeerd is, op voorwaarde dat de aanwijzingen worden opgevolgd die op het etiket van het kledingstuk vermeld staan en de instructies van de fabrikant van de wasmachine. Hotpoint-Ariston is het eerste wasmachinemerk dat voor zijn wasprestaties en het verbruik van water en energie van The Woolmark Company de certificering Woolmark Apparel Care – Platinum verkregen heeft. (M1135) Katoen Standaard 20°C: ideaal voor een lading vuil katoen. De optimale prestaties, zelf met koud water, die kunnen worden vergeleken met een wascyclus op 40°C, worden gegarandeerd door een mechanische werking die de snelheid varieert met herhaaldelijke en zeer dicht op elkaar liggende piekvariaties. Voorzorgsmaatregelen en advies ! Deze wasautomaat is ontworpen en uitgevoerd volgens de internationale veiligheidsnormen. Deze aanwijzingen zijn voor uw eigen veiligheid geschreven en moeten aandachtig worden doorgenomen. Algemene veiligheid • Dit apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijk niet-professioneel gebruik. • Het apparaat mag niet worden gebruikt door personen (kinderen inbegrepen), met beperkte lichamelijke, sensorische of mentale vermogens of met onvoldoende ervaring en kennis, tenzij het gebruik plaatsvindt onder het toezicht of volgens de instructies van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten in de gaten worden gehouden om te verzekeren dat ze niet met het apparaat spelen. • Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent of met natte of vochtige handen of voeten. • Trek de stekker nooit uit het stopcontact door aan het snoer te trekken, maar altijd door de stekker zelf beet te pakken. • Raak het afvoerwater niet aan aangezien het zeer heet kan zijn. • Forceer nooit de deur van de wasautomaat: het veiligheidsmechanisme dat een ongewild openen van de deur voorkomt, kan beschadigd worden. • Probeer in geval van storingen nooit zelf de interne mechanismen van de wasautomaat te repareren. • Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de machine komen als deze in werking is. • Als het apparaat verplaatst moet worden doe dit dan met twee of drie personen tegelijk en heel voorzichtig. Doe dit nooit alleen, want het apparaat is erg zwaar. • Voordat u het wasgoed in de automaat laadt, moet u controleren of hij leeg is. Balanceersysteem van de lading Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige manier. Dit gebeurt door de trommel te laten draaien op een snelheid die iets hoger ligt dan de wassnelheid. Als na herhaaldelijke pogingen de lading nog steeds niet goed is gebalanceerd, zal de wasautomaat de centrifuge op een lagere snelheid uitvoeren dan die voorzien was. Als de lading zeer uit balans is zal de wasautomaat een verdeling uitvoeren in plaats van een centrifuge. Teneinde een betere distributie van de waslading en een juiste balancering te bereiken raden wij u aan kleine en grote kledingstukken te mengen. De afgedankte apparatuur moet apart worden opgehaald om het wedergebruik van materialen waarvan hij is gemaakt te optimaliseren en om potentiële schade aan de gezondheid en het milieu te voorkomen. Het symbool van de afvalemmer met een kruis staat op elk product, om aan te geven dat het apart moet worden weggegooid. Voor verdere informatie betreffende het correcte verwijderen van huishoudelijke apparatuur kunnen de gebruikers zich wenden tot de gemeentelijke reinigingsdienst of de verkoper. Handmatige opening van het deurtje Mocht er in het huis geen stroom aanwezig zijn en u wilt het deurtje openen om de was op te hangen, dan dient u het volgende te doen: 1. haal de stekker uit het stopcontact. 2. controleer dat het waterniveau in de automaat lager is dan het deurtje; als dat niet het geval is kunt het water weg laten vloeien door middel van de afvoerbuis en dit opvangen in een emmer, zoals aangegeven in de afbeelding. 3. verwijder het paneel aan de voorkant van de wasautomaat (zie volgende pagina). 4. trek het lipje aangegeven in de afbeelding naar voren totdat het plastic bandje loskomt; trek hem daarna naar beneden totdat u klik hoort, wat aangeeft dat de deur is geopend. 5. open de deur; als dat niet lukt moet u de handeling herhalen. Afvalverwijdering • Het verwijderen van het verpakkingsmateriaal: houdt u aan de plaatselijke normen zodat het materiaal hergebruikt kan worden. • De Europese richtlijn 2012/19/EU, betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur, voorziet dat huishoudelijke apparatuur niet met het normale afval mag worden meegegeven. 6. monteer het paneel weer, met de haakjes goed bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel tegen de machine aandrukt. 37 NL Onderhoud en verzorging NL Afsluiten van water en stroom • Sluit na iedere wasbeurt de kraan af. Hiermee beperkt u slijtage van de waterinstallatie van de wasautomaat alsmede lekkagegevaar. • Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de wasautomaat schoonmaakt en gedurende onderhoudswerkzaamheden. Toegang tot het voorvakje: 1 2 Reinigen van de wasautomaat De buitenkant en de rubberen onderdelen kunnen met een spons en een lauw sopje worden schoongemaakt. Gebruik nooit schuurmiddelen of oplosmiddelen. Reinigen van het wasmiddelbakje 1 1 2 2 Verwijder het laatje door op het hendeltje (1) te drukken en het naar voren te trekken (2) (zie afbeelding). Was het onder stromend water. Dit moet u regelmatig doen. Verzorging van de trommel • Laat de deur van de wasautomaat altijd op een kier staan om te voorkomen dat er nare luchtjes worden gevormd. Reinigen van de pomp De wasautomaat is voorzien van een zelfreinigende pomp die niet hoeft te worden onderhouden. Het kan echter gebeuren dat kleine voorwerpen (muntjes, knopen) in het voorvakje dat de pomp beschermt en zich aan de onderkant ervan bevindt, terechtkomen. ! Verzeker u ervan dat de wascyclus beëindigd is en haal de stekker uit het stopcontact. 38 1. verwijder het afdekpaneel aan de voorzijde van de wasautomaat door er op het midden op te drukken. Duw beide zijkanten naar beneden toe en verwijder het paneel (zie afbeeldingen). 2. plaats een bakje om het water op te vangen dat eruit zal lopen (circa 1,5 l) (zie afbeelding). 3. draai het deksel eraf, tegen de klok in (zie afbeelding). 4. maak de binnenkant goed schoon; 5. schroef het deksel er weer op; 6. monteer het paneel weer, met de haakjes goed bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel tegen de machine aandrukt. Controle van de buis van de watertoevoer Controleer minstens een keer per jaar de watertoevoerbuis. Als er barstjes of scheuren in zitten moet hij vervangen worden: gedurende het wassen kan de hoge waterdruk onverwachts breuken veroorzaken. Storingen en oplossingen Het kan gebeuren dat het apparaat niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst (zie “Service”) moet u controleren of het niet een storing betreft die u zelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van de volgende lijst. NL Storingen: Mogelijke oorzaken / Oplossing: De wasautomaat gaat niet aan. • De stekker zit niet in het stopcontact of niet ver genoeg om contact te maken. • Het hele huis zit zonder stroom. De wascyclus start niet. • • • • De deur is niet goed dicht. De START/PAUSE toets is niet ingedrukt. De waterkraan is niet open. U heeft een uitgestelde start ingesteld. De wasautomaat heeft geen watertoevoer. • • • • • • De watertoevoerbuis is niet aangesloten op de kraan. De toevoerslang is gebogen. De waterkraan is niet open. Het hele huis zit zonder water. Er is onvoldoende druk. De START/PAUSE toets is niet ingedrukt. De deur van het apparaat is geblokkeerd. • Als u de optie “Makkelijk Strijken ”, zal de wasautomaat aan het einde van de cyclus de trommel langzaam laten ronddraaien. Om de cyclus te beëindigen drukt u op de knop START/PAUSE of op de knop “Makkelijk Strijken ”. De wasautomaat blijft water aan- • De afvoerbuis is niet op 65 tot 100 cm afstand van de grond af geïnstalleerd en afvoeren. (zie “Installatie”). • Het uiteinde van de afvoerbuis ligt onder water (zie “Installatie”). • Als u op een van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont, kan zich een hevelingsprobleem voordoen, waarbij de wasautomaat voortdurend water aan- en afvoert. Om deze storing te verhelpen zijn er in de handel speciale beluchters te koop. • De afvoer in de muur heeft geen ontluchting. De wasautomaat voert het water • Het programma voorziet geen afvoer: bij enkele programma’s moet dit met de niet af of centrifugeert niet. hand worden gestart (zie Programma’s en opties”). • De optie “Makkelijk Strijken” is actief: voor het beëindigen van het programma drukt u op de toets START/PAUSE (zie “Programma’s en opties”). • De afvoerslang is gebogen (zie “Installatie”). • De afvoerleiding is verstopt. De machine trilt erg tijdens het centrifugeren. • De trommel is bij het installeren niet op de juiste wijze gedeblokkeerd (zie “Installatie”). • De wasautomaat staat niet goed recht (zie “Installatie”). • De wasautomaat staat te krap tussen meubels en muur (zie “Installatie”). • De waslading is niet gebalanceerd (zie “Wasmiddelen en wasgoed”). De wasautomaat lekt. • De slang van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie “Installatie”). • Het wasmiddelbakje is verstopt (voor reiniging zie “Onderhoud en verzorging”). • De afvoerslang is niet goed aangesloten (zie “Installatie”). De symbolen van “Fase in voortgang” knipperen snel, tegelijk met het controlelampje ON/OFF. • Doe de wasautomaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht circa 1 minuut en doe hem daarna weer aan. Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen. Er ontstaat teveel schuim. • Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasautomaten (er moet “voor wasautomaat”, “handwas en machinewas”, of dergelijke op staan). • U heeft teveel wasmiddel gebruikt. De deur van het apparaat is geblokkeerd. • Voer een handmatige deblokkering uit (zie “Voorzorgsmaatregelen en advies”). ! N.B.: om de “Demo Mode” te verlaten, uitschakelen van de wasautomaat, drukt u tegelijkertijd 3 sec. lang of de twee knoppen “START/PAUSE” en “ON/OFF” . 39 Service NL Voordat u de Servicedienst inschakelt: • Controleer eerst of u het probleem zelf kunt oplossen (zie “Storingen en oplossingen”); • Start het programma opnieuw om te controleren of de storing is verholpen; • Als dit niet het geval is, kunt u contact opnemen met de erkende Servicedienst. ! In het geval de wasautomaat verkeerd is geïnstalleerd of u hem niet correct heeft gebruikt zal u gevraagd worden de reparatiekosten te betalen. ! Wendt u nooit tot een niet erkende installateur. Vermeld: • het type storing; • het model wasautomaat (Mod.); • het serienummer (S/N). Deze laatste gegevens vindt u op het typeplaatje op het apparaat. 40 Functies voor controle energieverbruik Aansluiten/afsluiten van het systeem voor energiebeheer NL De wasmachine is uitgerust met een printplaat voor de aansluiting op het systeem voor energiebeheer van de woning. Om de wasmachine aan te sluiten op het systeem voor energiebeheer, met de wasmachine aan maar niet in werking, 3 seconden op de toets drukken. Het coördinerend apparaat van het systeem moet geactiveerd zijn om het verzoek om aansluiting van de wasmachine te kunnen accepteren. Het symbool indicator van de aansluiting van het display, verandert van weergegeven. in en de melding “Link OK” wordt Om de wasmachine van het systeem voor energiebeheer los te koppelen, wasmachine aan maar niet in werking, 3 seconden op de toets voor opties en drukken: Het symbool indicator van de aansluiting van het display is, verandert van in en de melding “Link verbroken OK” wordt weergegeven. Voor het uitschakelen hoeft het apparaat dat het systeem coördineert niet geactiveerd te zijn. Aansluiting op het systeem geactiveerd Aan de hand van de door het systeem ingeschakelde functies en met het apparaat aangesloten op het systeem voor het energiebeheer, verschijnen op het display van de wasmachine alle of enkele van de volgende meldingen. Door de huidige wascyclus verbruikte energie (gemeten in kilowatt/uur). Wordt weergegeven nadat de wascyclus begonnen is. Kosten van de voor de geselecteerde cyclus verbruikte energie. Gaat knipperen nadat de cyclus geselecteerd is en blijft verlicht nadat door het systeem de kosten ontvangen zijn. Ook verandering van de functies centrifuge, temperatuur, delay en de opties genereert een nieuw verzoek voor de berekening van de kosten van de cyclus. Indicator van aansluiting op het systeem voor energiebeheer. Indicator van de status van de functie CONTROLE VAN HET ENERGIEVERBRUIK. In de gehele woning verbruikte energie (gemeten in kilowatt). Wordt altijd weergegeven. Met de machine aangesloten op het systeem voor energiebeheer, wordt op het display in een situatie van risico op overbelasting van het beschikbaar vermogen of daadwerkelijke overbelasting, de melding “Overbeladingsrisico” of “ATTENTIE! Overbelading” weergegeven. 41 NL Met de machine aangesloten op het systeem voor energiebeheer, worden de gegevens met betrekking tot een uitgestelde start als volgt gewijzigd: tijdens het instellen van de uitgestelde start verschijnt de tekst “Eindigt op”, met het symbool van de klok en de eindtijd. Na het instellen van de uitgestelde start verschijnt de tekst “Start om” met het symbool van de klok en de starttijd. Aansluiting op het systeem geactiveerd + functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK geactiveerd Op basis van het model wasmachine, maakt de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK het voor het systeem mogelijk om enkele of alle van de volgende functies uit te voeren: • In geval van dreigende overbelasting van het beschikbare vermogen (antiblack-out functie) of wanneer u het alge mene energieverbruik in huis wil optimaliseren (energieafstemming), dient u de huidige cyclus tijdelijk te onderbreken • Stel de starttijd in van de cyclus op basis van de energiebesparing, of op het tijdstip waarop de plaatselijke, her nieuwbare energie wordt gebruikt Om de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK te activeren met de wasmachine aangesloten op het systeem, maar niet in werking, op de toets : drukken: de melding “Bediening op afstand AAN” en het symbool indicator van de status van de functie controle van het energieverbruik licht op . Om de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK uit te schakelen met de wasmachine aangesloten op het systeem , maar niet in werking, op de toets drukken: de melding “Bediening op afstand UIT” en het symbool indicator van de status van de functie controle energieverbruik gaat uit. N.B.: in het geval waarop beide functies van energiebesparing en gebruik van plaatselijke, hernieuwbare energie geactiveerd zijn, zal het symbool van de status en van de functie van energiebeheer 2 verschillende waarden tonen, voorgesteld door de symbolen en . Bij het activeren van de functie zijn de getoonde berichten “Economische stand” en “Ecologische stand”. Als de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK is ingeschakeld en er een overbelasting is van het beschikbare vermogen, kan de actieve cyclus worden onderbroken totdat het nodige vermogen weer beschikbaar is. De tekst “Afgebroken” verschijnt. Als het systeem daarentegen beslist dat de lopende cyclus van de wasmachine tijdelijk moet worden onderbroken om het energieverbruik in huis te optimaliseren, verschijnt de tekst “Pauze”. In beide gevallen verschijnt, als men de cyclus tracht te hervatten door op de knop te drukken, het bericht “ATTENTIE! Overbelading”. Met de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK geactiveerd, suggereert de wasmachine tijdens het selecteren van de wascyclus direct de starttijd met de tekst “Start voorzien om” met het symbool van de klok en met de voorgestelde starttijd. Om de voorgestelde tijd te accepteren, op de toets drukken: op het display wordt gedurende 10 seconden de melding “Wachten aub” weergegeven, waarna de wasmachine tot de geplande starttijd in de wachtstand gaat: de tekst “Start voorzien om” wordt weergegeven samen met het pijlsymbool en de geplande starttijd. In de wachtstand, werkt de toets niet. Om de uitgestelde start te verwijderen en onmiddellijk de gekozen cyclus uit te voeren, moet dan de ENERGY CONTROL functie worden uitgeschakeld. N.B.: als na het selecteren van de cyclus de tekst “Start voorzien om” niet verschijnt (omdat de beste berekende tijd de huidige tijd is, of omdat er geen communicatie is geweest tussen de wasmachine en het systeem), dan zal na het drukken op de knop en het verschijnen van het bericht “Wachten aub”, de wasmachine de geselecteerde cyclus direct starten. Met de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK ingeschakeld, dient de toets voor uitgesteld starten om een grens te stellen aan de door het systeem voorgestelde tijd: door op de toets te drukken wordt de tekst “Eindigt binnen” weergegeven met het symbool van de klok en de uiterlijke eindtijd van de cyclus, en wordt aan het systeem gevraagd om een starttijd voor te stellen die overeenkomt met de geselecteerde uiterlijke eindtijd. Als de toets niet ingedrukt wordt, wordt de starttijd gekozen uit de beste tijd tijdens de volgende 24 uur. Met de functie CONTROLE ENERGIEVERBRUIK geactiveerd, is de weergave van de gegevens met betrekking tot het energieverbruik gelijk aan de in de vorige paragraaf beschreven weergave. 42
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44

Whirlpool AQ113D 69 EH/A Gebruikershandleiding

Categorie
Wasmachines
Type
Gebruikershandleiding