Whirlpool H 87 V.1 IX Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
Gebruiksaanwijzing
OVEN
Samenvatting
Het installeren, 2-4
Plaatsing
Elektrische aansluiting
Typeplaatje
Service
Beschrijving van het apparaat, 5
Algemeen aanzicht
Bedieningspaneel
Starten en gebruik, 6
De oven starten
Programmas, 7-9
Kookprogrammas
De kooktijd programmeren
Praktische kooktips
Kooktabel
Kookplaat, 10
Type kookplaat
Aanzetten kookplaat glaskeramiek
Praktische tips voor het gebruik van de
glaskeramische kookplaat
Voorzorgsmaatregelen en advies, 11
Algemene veiligheidsmaatregelen
Afvalverwijdering
Energiebesparing en milieubesef
Onderhoud en verzorging, 12
De elektrische stroom afsluiten
Schoonmaken van de oven
De ovendeur reinigen
Vervangen van het lampje
Montage van de Kit Glijders
H 87 V.1
H 87 V.1 IX
HR 87.1
HR 87.1 IX
HR 87.2 T
HR 87.2 T IX
NL
Deutsch, 13
DE
Nederlands, 1
NL
ÅëëçíéêÜ, 25
GR
2
NL
! Bewaar dit boekje zorgvuldig voor eventuele verdere
raadpleging. Wanneer u het product weggeeft,
verkoopt, of wanneer u verhuist, dient u dit boekje bij
de oven te bewaren zodat alle nodige informatie
voorhanden blijft.
! Lees de gebruiksaanwijzingen zorgvuldig door: er
staat belangrijke informatie in over installatie, gebruik
en veiligheid.
Plaatsing
! Het verpakkingsmateriaal is niet bestemd voor
kinderen en dient daarom te worden weggegooid
volgens de geldende normen (zie
Voorzorgsmaatregelen en advies).
! De installatie moet worden uitgevoerd door een
bevoegde installateur en volgens de instructies van
de fabrikant. Een verkeerde installatie kan schade
berokkenen aan personen, dieren of dingen.
Inbouw
Voor een goede werking van het apparaat moet het
keukenmeubel de juiste kenmerken hebben:
de zijkanten van de kastjes die aan de oven
grenzen moeten hittebestendig zijn;
in het bijzonder moet, in geval van meubels met
fineer, de lijm bestand zijn tegen temperaturen van
100°C;
voor het inbouwen van de oven, zowelonder het
aanrecht (zie figuur) alsin stapelbouw, dient het
meubel de volgende afmetingen te hebben:
! Nadat het apparaat is ingebouwd, mag er geen
contact meer mogelijk zijn met de elektrische
onderdelen. Het energieverbruik dat staat aangegeven
op het typeplaatje is gebaseerd op dit soort installatie.
Ventilatie
Om een goede ventilatie te kunnen garanderen is het
noodzakelijk de achterkant van het meubel te
verwijderen. Het verdient de voorkeur de oven op
twee houten balken te plaatsen, of eventueel op een
enkele plank die een opening heeft van tenminste 45
x 560 mm (zie afbeeldingen).
Centreren en bevestigen
Regel de 4 klemmetjes aan de zijkant van de oven in
overeenkomst met de 4 gaten in de lijst. De stand
hangt af van de dikte van de zijkant van het meubel:
als de dikte 20 mm is: verwijder
dan het beweegbare gedeelte
van het voetje (zie afb.);
als de dikte 18 mm is: gebruik
dan de eerste gleuf; zoals al
door de fabriek is voorzien (zie
afb.);
als de dikte 16 mm is: gebruik
de tweede gleuf (zie afb.).
Om het apparaat aan het keukenkastje te bevestigen:
open de ovendeur en schroef de 4 houtschroeven in
de 4 gaten in de zijrand.
! Alle beschermende onderdelen moeten zodanig
worden bevestigd dat ze niet kunnen worden
verwijderd zonder gereedschap te gebruiken.
595
558
min
45
min
575-585
min
560
+4 -0
480
+4 -0
555
580
500
39
15
595
23
572
543545
560 mm.
45 mm.
Het installeren
3
NL
Elektrische aansluiting
De keuken moet aan het elektrische net worden
aangesloten. Deze functioneert met de wisselstroom,
de spanning en de frequentie die aangegeven staan
op het typeplaatje (zie volgende pagina).
De kookplaat wordt aan het fornuis verbonden met
een speciale aansluiting.
Monteren voedingskabel
1. Licht de lipjes aan de
zijkant van het deksel
van het klemmenbord op
met een
schroevendraaier: trek
het deksel van het
klemmenbord open (zie
afb.).
2. De voedingskabel in werking stellen: maak de
schroef van de kabelklem en de schroeven van de
contacten L-N-
los, en bevestig de draden onder
de schroeven met inachtneming van de kleuren:
Blauw (N) Bruin (L) Geel-Groen (
).
Het klemmenbord is ingesteld voor een verbinding op
400 V driefasenstroom (zie afbeeldingen onder).
400V 3N~H05RR-F
5x2.5 CEI-UNEL 35363
Als de elektrische installatie andere eigenschappen
heeft (zie afbeeldingen onder), dient u de elektrische
verbinding tot stand te brengen door middel van de
verbindings-U-bouten in doos P.
230V 1N~H07RN-F 3x4
CEI-UNEL 35364
400V 2N~H05RR-F
4x2.5 CEI-UNEL 35363
3. Maak de voedingskabel vast aan de speciale
kabelklem.
4. Maak het deksel van het klemmenbord dicht.
INBOUWPLAAT
INBOUWFORNUIS
WIT ROOD GEELBLAUW GROEN
Slechts op
enkele modellen
aanwezig
NL3L1L2
1
3
2
4
5
N
L2
L3
L1
P
NL
1
3
2
4
5
NL2L1
1
3
2
4
5
4
NL
Het aansluiten van de voedingskabel aan het net
Gebruik voor de voedingskabel een stekker die
genormaliseerd is voor de lading aangegeven op het
typeplaatje (zie hiernaast).
Wanneer het apparaat rechtstreeks op het net wordt
aangesloten moet men tussen het apparaat en het net
een meerpolige schakelaar aanbrengen met een
afstand tussen de contacten van minstens 3mm,
aangepast aan het elektrische vermogen en voldoend
aan de geldende normen (de aarding mag niet
worden onderbroken door de schakelaar). De
voedingskabel moet zodanig geplaatst worden dat hij
nergens een temperatuur bereikt die 50°C hoger is
dan de kamertemperatuur.
! De installateur is verantwoordelijk voor de correcte
elektrische verbinding en het in acht nemen van de
geldende veiligheidsnormen.
Vóór het aansluiten moet u controleren dat:
het stopcontact geaard is en voldoet aan de
geldende normen;
het stopcontact in staat is het maximale vermogen
van het apparaat te verdragen, zoals aangegeven
op het typeplaatje (zie onder);
de spanning zich bevindt tussen de waarden die
staan aangegeven op het typeplaatje (zie onder);
het stopcontact en de stekker overeenkomen. Als
dat niet zo is, dient u ofwel de stekker ofwel het
stopcontact te vervangen; gebruik geen
verlengsnoeren of dubbelstekkers.
! Wanneer het apparaat geïnstalleerd is, moeten de
snoer en het stopcontact makkelijk te bereiken zijn.
! De kabel mag niet worden gebogen of
samengedrukt.
! De kabel moet van tijd tot tijd worden gecontroleerd
en mag alleen door erkende monteurs worden
vervangen (zie Service).
! De fabrikant kan niet verantwoordelijkheid
worden gesteld als deze normen niet worden
nageleefd.
TYPEPLAATJE
Afmetingen
breedte 43,5 cm.
hoogte 32 cm.
diepte 41,5 cm.
Inhoud liter 58
Elektrische
aansluitingen
spanning 230V/400V~ 3N 50Hz
maximum vermogen 10800W
ENERGY LABEL
Richtlijn 2002/40/CE op etiket van
elektrische ovens.
Norm EN 50304
Energieverbruik convectie
Natuurlijk – verwarmingsfunctie:
Traditioneel;
Energieverbruikverklaring Klasse
convectie Hetelucht
verwarmingsfunctie: Gebak.
Dit apparaat voldoet aan de
volgende EU Richtlijnen:
73/23/EEG van 19/02/73
(laagspanning) en daaropvolgende
wijzigingen;
-89/336/EEG van 03/05/89
(elektromagnetische compatibiliteit)
en daaropvolgende wijzigingen
- 93/68/EEG van 22/07/93 en
daaropvolgende wijzigingen
- 2002/96/EC
Service
Dit dient u door te geven:
het model oven (Mod.)
het serienummer (S/N)
Deze informatie bevindt zich op het typeplaatje op het apparaat en/of op de verpakking.
5
NL
Bedieningspaneel
Rooster GRILL
Rooster LEKPLAAT
GLIJDERS om
roosters in te
schuiven
positie 5
positie 4
positie 3
positie 2
positie 1
Algemeen aanzicht
Beschrijving van het
apparaat
A
Knop
PROGRAMMAS
Controlelampje
KOOKPLATEN
Knop KOOKPLATEN
DUBBELE DIAMETER
THERMOSTAATKNOP
Knop
KOOKPLATEN
A
BEVESTIGING instelling
Programmering
KOOKTIJD
Programmering EINDE
KOOKTIJD
Ovenverlichting
Regeling
KLOK
TIMER regelen
Aanwijzer DEURBLOKKERING
Aanwijzer PROGRAMMERING
GEACTIVEERD
Aanwijzer TIMER
Indicator VOORVERWARMING
(knippert) of KOOKTIJD BEZIG (stil)
Display
Display Knop KOOKPLATEN
DUBBELE DIAMETER
Knop
KOOKPLATEN
Bedieningspaneel
6
NL
! Wij raden u aan bij het eerste gebruik de oven
minstens een uur leeg te laten functioneren, op
maximum temperatuur en met de deur dicht. Nadat u
de oven hebt uitgedaan, opent u de ovendeur en lucht
u het vertrek. De lucht die u ruikt komt door het
verdampen van de middelen die worden gebruikt om
de oven te beschermen.
Instellen klok en timer
Het gelijkzetten van de klok is alleen mogelijk wanneer
de knop PROGRAMMAS op stand 0 staat.
Na het aansluiten aan het net of na het uitvallen van
de stroom knippert op de display 0.00.
Voor het instellen van de tijd:
1. draait u aan de knop THERMOSTAAT;
2. druk op de knop
om te bevestigen.
Voer dezelfde handeling uit voor de minuten.
Eventuele latere gelijkstellingen kunnen worden
uitgevoerd door op de toets
te drukken en
vervolgens de aangegeven handelingen uit te voeren.
De timer is een kookwekker: als de tijd verstreken is,
hoort u een geluid dat of vanzelf na een minuut uitgaat
of door uzelf kan worden afgezet door op een
willekeurige knop te drukken.
Om de timer in te stellen drukt u op de toets
en
voert u vervolgens de hierboven aangegeven
handelingen uit. Het icoon
geeft aan dat de timer
aan is.
! De timer heeft niets te maken met het aan- of uitgaan
van de oven.
De oven starten
1. Door aan de knop PROGRAMMAS te draaien kunt
u het gewenste kookprogramma kiezen.
2. De oven begint met voorverwarmen, het symbool
op de display knippert en de temperatuur die
overeenkomt met het programma zal verschijnen.
De temperatuur kan veranderd worden door te
draaien aan de knop THERMOSTAAT.
3. Een geluidssignaal en het aangaan van de icoon
op de display, geven aan dat de voorverwarming
compleet is: zet de etenswaren in de oven.
4. Tijdens het koken kunt u nog altijd:
- het kookprogramma veranderen met behulp van de
knop PROGRAMMAS;
- de temperatuur veranderen met behulp van de knop
THERMOSTAAT;
- de kooktijd en het einde van de kooktijd
programmeren
(zie Programmas);
- het koken onderbreken door de knop
PROGRAMMAS weer op stand 0 te zetten.
5. Na twee uur gaat de oven automatisch uit: dit is om
veiligheidsredenen van te voren ingesteld voor iedere
kookfunctie.
U kunt de kooktijd veranderen
(zie Programmas).
6. Wanneer de stroom uitvalt en de oventemperatuur
niet te laag is geworden, gaat de oven automatisch
terug naar het punt waar het koken is onderbroken.
De geprogrammeerde functies worden echter niet
onthouden. U dient ze daarom bij het terugkeren van
de stroom weer opnieuw in te stellen.
! Bij de programmas FAST COOKING en BARBECUE
is geen voorverwarming voorzien.
! Zet nooit voorwerpen op de bodem van de oven; u
riskeert hiermee het email te beschadigen.
! Plaats de ovenschalen altijd op bijgeleverde
roosters.
Ventilator
Om de oven van buiten niet te heet te laten worden,
brengt een verkoelingsventilator een luchtstroom
teweeg die tussen het bedieningspaneel en de
ovendeur naar buiten komt. Bij het programma FAST
COOKING gaat de ventilator automatisch na tien
minuten aan. Bij het programma GEBAK gaat de
ventilator aan als de oven warm is.
! Aan het einde van de kooktijd blijft de ventilator
draaien totdat de oven voldoende is afgekoeld.
Ovenverlichting
Ook als de oven uit is kan het ovenlicht op ieder
willekeurig moment aan worden gedaan door op de
desbetreffende toets te drukken of door de ovendeur
te openen.
Starten en gebruik
7
NL
Kookprogrammas
!Alle programmas hebben een vooringestelde
kooktemperatuur. Deze kan handmatig worden
aangepast,en naar wens worden ingesteld tussen de
40°C en de 250°C.
In het programma BARBECUE is de ingestelde
temperatuur in % uitgedrukt. Dit kan ook handmatig
worden gewijzigd.
Programma TRADITIONELE OVEN
De onderste en bovenste verwarmingselementen
gaan aan. Met deze traditionele kookwijze is het beter
een enkel rooster te gebruiken: met meerdere roosters
riskeert u een slechte temperatuursverspreiding.
Programma MULTIKOKEN
Alle verwarmingselementen gaan aan (onder, boven
en cirkelvormig) en de ventilator gaat draaien.
Aangezien de warmte in de hele oven constant is,
zorgt de lucht dat de gerechten op gelijkmatige wijze
gekookt en gebakken worden. Hierbij is het mogelijk
maximaal twee roosters tegelijk te gebruiken.
Programma BARBECUE
Het bovenste verwarmingselement gaat aan en het
braadspit (waar aanwezig) gaat draaien. Als u aan
knop THERMOSTAAT draait, geeft de display niveaus
van stroomsterkte aan die gaan van een minimum van
50% tot een maximum van 100%. Het koken onder de
grill is vooral aan te raden voor gerechten die een
hoge en directe temperatuur aan de buitenkant nodig
hebben. Kook met de ovendeur dicht.
Programma GRATINEREN
Het bovenste verwarmingselement gaat aan en de
ventilator en het braadspit (waar aanwezig) gaan
draaien. Hiermee wordt de rechtstreekse bovenhitte
van de grill gecombineerd met de circulatie van de
lucht in de oven.
Eventueel verbranden van de buitenkant wordt zo
vermeden; de warmte dringt gemakkelijker door naar
de binnenkant. Kook met de ovendeur dicht.
Programmas
Programma PIZZA OVEN
De onderste en cirkelvormige verwarmingselementen
gaan aan en de ventilator gaat draaien. Met deze
combinatie wordt de oven snel warm dankzij het
aanzienlijke vermogen dat vooral van onderaf komt.
Indien u meerdere roosters gebruikt moet u de
gerechten halverwege de kooktijd omwisselen.
Programma GEBAK OVEN
Het achterste verwarmingselement gaat aan en de
ventilator gaat werken zodat een gelijkmatige, zachte
warmte wordt gecreëerd. Deze functie is aanbevolen
voor het bakken van kwetsbare gerechten (vooral
taarten die moeten rijzen) en kleine gerechten die u
op 3 hoogtes tegelijkertijd wilt koken.
Programma FAST COOKING
Alle verwarmingselementen gaan aan en de ventilator
gaat werken zodat een gelijkmatige en constante
warmte wordt gegarandeerd.
Bij dit programma wordt de oven niet voorverwarmd.
Deze functie is vooral geschikt voor het snel koken
van kant en klare gerechten (diepvries en
voorgekookt). De beste resultaten verkrijgt u als u een
enkel rooster gebruikt.
Programma RIJZEN
De oven bereikt en behoudt een temperatuur van
40°C onafhankelijk van de stand van de knop
THERMOSTAAT. Dit programma is ideaal voor het
rijzen van beslag dat bakkersgist bevat.
8
NL
De kooktijd programmeren
! De programmering is alleen mogelijk wanneer een
kookprogramma is geselecteerd.
De duur programmeren
Druk op de knop
, daarna:
1. Regelt u de temperatuur door te draaien aan de
knop THERMOSTAAT.
2. Drukt u op toets
om de instelling op te slaan.
3. Als de ingestelde tijd is verstreken verschijnt op de
display het woord END en hoort u een
geluidssignaal.
4. Het geluidssignaal wordt onderbroken als u op een
willekeurige toets drukt. Het woord END verdwijnt
wanneer de knop THERMOSTAAT weer op stand
0 wordt gezet.
B.v.: het is 9:00 uur en u programmeert een duur
van 1 uur en 15 minuten. Het programma stopt
automatisch om 10:15 uur.
Programmeren van het einde van de duur
Druk op de toets
en volg de procedure van de
duur van punt 1 t/m 4.
B.v.: het is 9:00 uur en u programmeert een eindtijd
om 10:15. Het programma zal 1 uur en 15 minuten
duren.
Programmeren van een uitgestelde kooktijd
1. Druk op de toets
en volg de procedure van de
duur van punt 1 t/m 4.
2. Druk op de toets
en stel de eindtijd in.
B.v.: het is 9:00 uur, u programmeert een duur van
1 uur en 15 minuten en de eindtijd om 12:30. Het
programma zal automatisch om 11:15 beginnen.
Het icoon
geeft aan dat er een programmering
gaande is.
Voor een eventuele annulering van de instelling draait
u de knop PROGRAMMAS op stand 0.
Praktische kooktips
! Gebruik voor het koken met de heteluchtoven nooit
de standen 1 en 5: de hete lucht zou fijne gerechten
kunnen verbranden.
! Bij de functies BARBECUE of GRATINEREN, in het
bijzonder wanneer u het braadspit gebruikt, raden wij
u aan de lekplaat op stand 1 te zetten om eventueel
vet of jus op te vangen.
MULTIKOKEN
Gebruik de standen 2 en 4, en plaats de gerechten
die meer warmte nodig hebben op stand 2.
Plaats de lekplaat op de onderste stand en de grill
op de hoogste.
BARBECUE
Plaats de grill op stand 3 of 4, plaats de gerechten
op het midden van de grill.
We raden u aan het energieniveau op de hoogste
stand te zetten. Het is normaal dat het bovenste
verwarmingselement niet constant aan blijft: zijn
werking wordt geregeld door een thermostaat.
PIZZA OVEN
Gebruik een lichte aluminium ovenschaal en zet
hem op het bijgeleverde ovenrooster.
Bij gebruik van de bakplaat duurt het langer en
krijgt u waarschijnlijk geen krokante pizza.
Bij zeer gevulde pizzas raden wij aan de
mozzarella of andere kaas pas halverwege de
kooktijd toe te voegen.
9
NL
Kooktabel
Programma's Gerechten
Gewicht
(kg)
Roosterstanden
Voorverwarming
(minuten)
Aangeraden
temperatuur
Kooktijd
(minuten)
Traditionele
Oven
Eend
Braadstuk
Varkensrollade
Koekjes (kruimeldeeg)
Taarten
1
1
1
-
1
3
3
3
3
3
15
15
15
15
15
200
200
200
180
180
65-75
70-75
70-80
15-20
30-35
Multikoken
Pizza (op 2 roosters)
Lasagne
Lamsvlees
Kip + gebakken aardappels
Makreel
Plum-cake
Soesjes (op 2 roosters)
Koekjes (op 2 roosters)
Cake (op 1 rooster)
Cake (op 2 roosters)
Quiche
1
1
1
1+1
1
1
0.5
0.5
0.5
1
1.5
2 en 4
3
2
2 en 4
2
2
2 en 4
2 en 4
2
2 en 4
3
15
10
10
15
10
10
10
10
10
10
15
230
180
180
200
180
170
190
180
170
170
200
15-20
30-35
40-45
60-70
30-35
40-50
20-25
10-15
15-20
20-25
25-30
Tong en inktvis
Calamari- en garnalenspiesjes
Inktvis
Kabeljauwfilet
Gegrilde groenten
Kalfsbiefstuk
Worstjes
Hamburgers
Makreel
Tosti (of geroosterd brood)
0.7
0.6
0.6
0.8
0.4
0.8
0.6
0.6
1
n.° 4 en 6
4
4
4
4
3 of 4
4
4
4
4
4
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
10-12
8-10
10-15
10-15
15-20
15-20
15-20
10-12
15-20
3-5
Barbecue
Met braadspit (waar aanwezig)
Kalfsvlees aan het spit
Kip aan het spit
Lamsvlees aan het spit
1.0
1.5
1.0
-
-
-
-
-
-
100%
100%
100%
80-90
70-80
70-80
Gratineren
Gegrilde kip
Inktvis
1.5
1.5
2
2
10
10
200
200
55-60
30-35
Pizza oven
Pizza
Braadstuk
Kip
0.5
1
1
3
2
2 of 3
15
10
10
220
220
180
15-20
25-30
60-70
Oven
Gebak
Taarten
Vruchtentaart
Plum-cake
Cake
Gevulde flensjes (op 2 roosters)
Kleine cakejes (op 2 roosters)
Kaaskoekjes (op 2 roosters)
Soesjes (op 3 roosters)
Koekjes (op 3 roosters)
Schuimgebak (op 3 roosters)
0.5
1
0.7
0.5
1.2
0.6
0.4
0.7
0.7
0.5
3
2 of 3
3
3
2 en 4
2 en 4
2 en 4
1 en 3 en 5
1 en 3 en 5
1 en 3 en 5
15
15
15
15
15
15
15
15
15
15
180
180
180
160
200
190
210
180
180
90
20-30
40-45
40-50
25-30
30-35
20-25
15-20
20-25
20-25
180
Diepvries
Pizza
Courgettes en garnalen in deeg
Spinaziequiche
Appelstrudel
Lasagne
Gebakken broodjes
Kip-snacks
0.3
0.4
0.5
0.3
0.5
0.4
0.4
2
2
2
2
2
2
2
-
-
-
-
-
-
-
250
200
220
200
200
180
220
12
20
30-35
25
35
25-30
15-20
Voorgekookte gerechten
Kippenvleugels 0.4 2 - 200 20-25
Fast Cooking
Verse etenswaren
Koekjes (kruimeldeeg)
Plum-cake
Kaaskoekjes
0.3
0.6
0.2
2
2
2
-
-
-
200
180
210
15-18
45
10-12
Rijzen
Rijzen van deeg met bakkersgist
(brioches, brood, suikertaart,
croissants, enz.)
10
NL
Kookplaat
Type kookplaten
Bij de oven hoort een kookplaat die
samengesteld kan zijn uit twee
verschillende verwarmingselementen:
elektrische kookplaten van gietijzer
(zie afbeelding 1) of glaskeramische
kookplaten die zowel traditioneel
kunnen zijn (zie afbeelding 2) als
verlengbaar (zie afbeelding 3).
Aanzetten kookplaat glaskeramiek
Traditioneel kookgedeelte
De traditionele straalelementen (A) zijn gemaakt van
cirkelvormige verwarmingselementen die pas zon tiental
seconden na ontsteking rood worden.
Ieder kookgedeelte heeft zijn eigen bedieningsknop
waarmee u 9 verschillende temperaturen kunt kiezen,
met een minimumwaarde van 1 tot een maximumwaarde
van 9.
Verlengbaar kookgedeelte
De verlengbare straalelementen (B) herkent u aan het
dubbele verwarmingsgedeelte. U kunt alleen het
binnenste gedeelte aansteken of beide gedeelten.
Door middel van de bedieningsknop kunt u kiezen
tussen twee stroomsterktes; deze gaan beide van een
minimumwaarde van 1 tot een maximumwaarde van 9:
door de knop met de klok mee te draaien van 1 naar 9
stelt u een lagere stroomsterkte in.
door de knop te draaien tot aan het einde (A), te
herkennen aan een lichte klik, stelt u de maximum
stroomsterkte in, die geregeld kan worden tussen 9
en 1 door de knop tegen de klok in te draaien. Om de
minimum stroomsterkte weer in te stellen, moet u de
knop weer op stand 0 terugbrengen.
In het geval van dubbele kookgedeeltes, zal het eerste
deel van de draaiing het kleinere (binnenste)
kookgedeelte activeren. Om zowel het binnenste als het
buitenste gedeelte te activeren moet u de knop tot aan
het einde doordraaien (A) en een stroomsterkte kiezen
tussen 9 en 1.
Controlelampjes resterende warmte (slechts op
enkele modellen aanwezig)
De warmtecontrolelampjes (C) geven aan dat het
betreffende kookgedeelte warmer is dan 60°C, ook
nadat het verwarmingselement is uitgeschakeld.
Aangeraden stroomsterktes voor verschillend gebruik:
Stroomsterkte Straalelement
0Uit
1 Boter of chocolade smelten
2 en 3 Vloeistoffen opwarmen
4 Crèmes of sausen bereiden
5 Vlees stoven
6 Pasta of rijst koken
7 en 8 Vlees, vis, eieren op hoog vuur koken
9 Bakken
A
Beide kookgedeeltes aanzetten
Praktische tips voor het gebruik van de
glaskeramische kookplaat
! De lijm die gebruikt is voor de afdichtingen laat wat
vetvlekjes achter op het glas. Voordat u de kookplaat
gebruikt, raden wij u aan de vlekken te verwijderen met
een niet-schurend schoonmaakmiddel. Gedurende de
eerste uren van gebruik is het mogelijk dat u een
rubbergeur ruikt, die echter snel wegtrekt.
Teneinde optimale resultaten te bereiken van de
kookplaat:
gebruik pannen met een platte bodem die perfect
aansluiten op het verwarmgedeelte;
gebruik pannen die groot genoeg zijn om de
kookplaat geheel te bedekken teneinde alle
beschikbare hitte te benutten;
houdt de bodem van de pannen altijd schoon en
droog zodat ze goed aansluiten op het kookvlak. Dit
verlengt de levensduur van zowel de pannen als het
kookgedeelte.
vermijdt dezelfde pannen te gebruiken die u ook op
een gasfornuis gebruikt: de warmteconcentratie van
gasbranders kan de bodem van pannen vervormen,
waardoor ze niet goed meer aansluiten;
laat nooit een kookgedeelte aan staan zonder een pan
erop. De verhitting, die snel het maximum niveau
bereikt, zou de verwarmingselementen kunnen
beschadigen.
C
A
A
A
A
C
A
A
B
B
afbeelding 2
afbeelding 3
afbeelding 1
11
NL
Voorzorgsmaatregelen en advies
! Dit apparaat is ontworpen en vervaardigd volgens de
geldende internationale veiligheidsvoorschriften. Deze
aanwijzingen zijn geschreven voor uw veiligheid en u dient
ze derhalve goed door te nemen.
Algemene veiligheidsmaatregelen
Dit apparaat is vervaardigd voor niet-professioneel
gebruik binnenshuis.
Het apparaat dient niet buitenshuis te worden geplaatst,
ook niet in overdekte toestand. Het is erg gevaarlijk als
het in aanraking komt met regen of als het onweert.
Maak gebruik van de handgrepen aan de zijkant van de
oven als u het apparaat moet verplaatsen.
Raak de oven niet blootsvoets of met natte handen of
voeten aan.
Het apparaat dient om gerechten te koken. Het mag
uitsluitend worden gebruikt door volwassenen en alleen
volgens de instructies die beschreven staan in deze
handleiding.
Gedurende het gebruik van de oven worden de
verwarmingselementen en enkele delen van de
ovendeur heet. Raak ze niet aan en houdt kinderen op
afstand.
Voorkom dat elektrische snoeren van andere kleine
keukenapparaten op warme delen van de oven
terechtkomen.
Laat de ventilatieopeningen en warmteafvoer vrij.
Pak het handvat van de ovendeur alleen in het midden
vast: aan de zijkant zou het heet kunnen zijn.
Gebruik altijd ovenwanten om gerechten in de oven te
zetten en eruit te halen.
Plaats geen aluminiumfolie op de bodem van de oven.
Plaats geen brandbaar materiaal in de oven: als de oven
plotseling aan zou worden gezet, zou dit materiaal vlam
kunnen vatten.
Controleer altijd dat de knoppen in de positie l/
¡
staan als het fornuis niet gebruikt wordt.
Haal de stekker nooit uit het stopcontact door aan het
snoer te trekken.
Maak de oven niet schoon of voer geen onderhoud uit
als de stekker nog in het stopcontact zit.
Als de oven defect is, mag u nooit aan het interne
systeem sleutelen om een reparatie proberen uit te
voeren. Neem contact op met de Technische Dienst (zie
Service).
Plaats geen zware voorwerpen op de open ovendeur.
De glaskeramische kookplaat is bestand tegen
mechanische stoten. Hij kan echter worden beschadigd
(of barsten) als hij wordt geraakt door een puntig object,
bijvoorbeeld door gereedschap. Als dit gebeurt, moet u
onmiddellijk het apparaat afsluiten van de elektrische
stroom en contact opnemen met de Technische Dienst.
Vergeet niet dat de temperatuur in het kookgedeelte
aanzienlijk hoog blijft tot minstens 30 minuten nadat het
wordt uitgeschakeld.
Houdt voorwerpen die kunnen smelten op afstand van
de kookplaat, zoals b.v. plastic, aluminium of
suikerhoudende etenswaren. Let vooral op plastic of
aluminium verpakkingen of folie: als u ze op het nog
warme of lauwe kookvlak neerlegt, kunt u een zware
schade aanrichten.
Afvalverwijdering
Verwijdering van het verpakkingsmateriaal: houdt u aan
de plaatselijke normen, zodat het verpakkingsmateriaal
hergebruikt kan worden.
De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernietiging van
Electrische en Electronische Apparatuur (WEEE), vereist
dat oude huishoudelijke electrische apparaten niet
mogen vernietigd via de normale ongesorteerde
afvalstroom. Oude apparaten moeten apart worden
ingezameld om zo het hergebruik van de gebruikte
materialen te optimaliseren en de negatieve invloed op
de gezondheid en het milieu te reduceren. Het symbool
op het product van de afvalcontainer met een kruis
erdoor herinnert u aan uw verplichting, dat wanneer u
het apparaat vernietigt, het apparaat apart moet worden
ingezameld.
Consumenten moeten contact opnemen met de locale
autoriteiten voor informatie over de juiste wijze van
vernietiging van hun oude apparaat.
Energiebesparing en milieubesef
Door de oven te gebruiken vanaf het late middaguur tot
aan de vroege ochtend zorgt u ervoor dat uw
elektriciteitscentrale minder wordt belast tijdens het
spitsuur.
Houdt bij de functie GRILL altijd de ovendeur dicht: dit
om betere resultaten te bereiken en voor een betere
energiebesparing (circa 10%).
Houdt de afdichtingen altijd schoon zodat ze goed
aansluiten op de deur en er geen hitte vrij kan komen.
12
NL
De elektrische stroom afsluiten
Sluit altijd eerst de stroom af voordat u tot enige
handeling overgaat.
Schoonmaken van de oven
De buitenkant, dus zowel het email en het roestvrij
staal als de rubberen afdichtingen, kunnen met een
spons en een sopje worden afgenomen. Als de
vlekken moeilijk te verwijderen zijn, kunt u een
speciaal reinigingsmiddel gebruiken. Na het reinigen
dient u alles goed af te spoelen en te drogen. Gebruik
geen schuurmiddelen of bijtende producten.
De binnenkant van de oven kunt u het beste direct
na gebruik schoonmaken, als hij nog lauw is.
Gebruik warm water en een schoonmaakmiddel,
spoel vervolgens af en droog met een zachte doek.
Gebruik geen schuurmiddelen.
De accessoires kunnen gewoon worden
afgewassen (eventueel ook in de vaatwasser).
De ovendeur reinigen
Reinig het glas van de ovendeur met producten en
sponzen die niet schuren, en droog het af met een
zachte doek. U kunt voor een grondige reiniging de
ovendeur verwijderen:
1. open de deur volledig (zie afbeelding).
2. til de hendeltjes op die zich aan de scharnieren
bevinden en draai ze (zie afb.);
3. pak de deur aan de
zijkanten beet en sluit hem
langzaam, maar niet helemaal.
Druk op de klemmen F, trek
dan de deur naar u toe en haal
hem uit zijn voegen (zie
afbeelding).
Zet de deur weer op zijn plaats
door deze handelingen in
omgekeerde volgorde uit te voeren.
Controleer de afdichtingen
Controleer regelmatig de staat van de afdichting
rondom de ovendeur. In het geval de afdichtingen
beschadigd zijn, dient u zich tot de dichtstbijzijnde
Technische Dienst te wenden (zie Service). Gebruik
de oven niet voordat de reparatie is uitgevoerd.
Vervangen van het lampje
Voor het vervangen van het ovenlampje:
1. Schroef het glazen lampenkapje los.
2. Schroef het
lampje los en
vervang het met
eenzelfde soort
lampje: sterkte
25W, fitting E 14.
3. Plaats het
deksel er weer op
(zie afb.).
Montage van de Kit Glijders
Zo monteert u de glijders:
1. Schroef de twee
schroeven A los (zie
afbeelding). Als de oven
voorzien is van
zelfreinigende panelen
zullen deze tijdelijk van
hun plaats zijn.
2. Vervang de schroeven A met de schroeven en
afstandsleiders (B+C) die zich in de kit bevinden.
3. Schroef de nieuwe schroeven B en desbetreffende
afstandsleiders C weer vast en zet de zelfreinigende
panelen weer op hun
plaats.
4. Zet de twee
verbindingen D van de
glijder vast in de
speciale gaten aan de
zijkant van de oven (zie
afbeelding). De gaten
voor de linkerglijder
bevinden zich aan de
bovenkant, de gaten voor de rechterglijder aan de
onderkant.
5. Zet de glijder vast op de afstandsleider C.
F
F
Onderhoud en verzorging
B
C

Documenttranscriptie

Gebruiksaanwijzing OVEN Samenvatting NL DE Nederlands, 1 Deutsch, 13 GR ÅëëçíéêÜ, 25 Het installeren, 2-4 Plaatsing Elektrische aansluiting Typeplaatje Service Beschrijving van het apparaat, 5 Algemeen aanzicht Bedieningspaneel Starten en gebruik, 6 De oven starten Programma’s, 7-9 H 87 V.1 H 87 V.1 IX HR 87.1 HR 87.1 IX HR 87.2 T HR 87.2 T IX Kookprogramma’s De kooktijd programmeren Praktische kooktips Kooktabel Kookplaat, 10 Type kookplaat Aanzetten kookplaat glaskeramiek Praktische tips voor het gebruik van de glaskeramische kookplaat Voorzorgsmaatregelen en advies, 11 Algemene veiligheidsmaatregelen Afvalverwijdering Energiebesparing en milieubesef Onderhoud en verzorging, 12 De elektrische stroom afsluiten Schoonmaken van de oven De ovendeur reinigen Vervangen van het lampje Montage van de Kit Glijders NL Het installeren ! Bewaar dit boekje zorgvuldig voor eventuele verdere raadpleging. Wanneer u het product weggeeft, verkoopt, of wanneer u verhuist, dient u dit boekje bij de oven te bewaren zodat alle nodige informatie voorhanden blijft. ! Lees de gebruiksaanwijzingen zorgvuldig door: er staat belangrijke informatie in over installatie, gebruik en veiligheid. Ventilatie Om een goede ventilatie te kunnen garanderen is het noodzakelijk de achterkant van het meubel te verwijderen. Het verdient de voorkeur de oven op twee houten balken te plaatsen, of eventueel op een enkele plank die een opening heeft van tenminste 45 x 560 mm (zie afbeeldingen). Plaatsing . 560 ! Het verpakkingsmateriaal is niet bestemd voor kinderen en dient daarom te worden weggegooid volgens de geldende normen (zie Voorzorgsmaatregelen en advies). ! De installatie moet worden uitgevoerd door een bevoegde installateur en volgens de instructies van de fabrikant. Een verkeerde installatie kan schade berokkenen aan personen, dieren of dingen. Inbouw Voor een goede werking van het apparaat moet het keukenmeubel de juiste kenmerken hebben: • de zijkanten van de kastjes die aan de oven grenzen moeten hittebestendig zijn; mm 45 m m. Centreren en bevestigen Regel de 4 klemmetjes aan de zijkant van de oven in overeenkomst met de 4 gaten in de lijst. De stand hangt af van de dikte van de zijkant van het meubel: als de dikte 20 mm is: verwijder dan het beweegbare gedeelte van het voetje (zie afb.); • in het bijzonder moet, in geval van meubels met fineer, de lijm bestand zijn tegen temperaturen van 100°C; • voor het inbouwen van de oven, zowelonder het aanrecht (zie figuur) alsin stapelbouw, dient het meubel de volgende afmetingen te hebben: als de dikte 18 mm is: gebruik dan de eerste gleuf; zoals al door de fabriek is voorzien (zie afb.); 580 39 500 0 +4 -0 560 +4 -0 48 als de dikte 16 mm is: gebruik de tweede gleuf (zie afb.). 575-585 min 45 572 23 m in 555 15 595 53 558 min 54 NL 595 ! Nadat het apparaat is ingebouwd, mag er geen contact meer mogelijk zijn met de elektrische onderdelen. Het energieverbruik dat staat aangegeven op het typeplaatje is gebaseerd op dit soort installatie. 2 Om het apparaat aan het keukenkastje te bevestigen: open de ovendeur en schroef de 4 houtschroeven in de 4 gaten in de zijrand. ! Alle beschermende onderdelen moeten zodanig worden bevestigd dat ze niet kunnen worden verwijderd zonder gereedschap te gebruiken. Elektrische aansluiting 400V 3N~H05RR-F 5x2.5 CEI-UNEL 35363 N L3 L2 L1 1 3 5 De keuken moet aan het elektrische net worden aangesloten. Deze functioneert met de wisselstroom, de spanning en de frequentie die aangegeven staan op het typeplaatje (zie volgende pagina). De kookplaat wordt aan het fornuis verbonden met een speciale aansluiting. Het klemmenbord is ingesteld voor een verbinding op 400 V driefasenstroom (zie afbeeldingen onder). 2 4 INBOUWPLAAT Slechts op enkele modellen aanwezig P N L3 L2 BLAUW WIT ROOD GEEL GROEN L1 Als de elektrische installatie andere eigenschappen heeft (zie afbeeldingen onder), dient u de elektrische verbinding tot stand te brengen door middel van de verbindings-U-bouten in doos P. 230V 1N~H07RN-F 3x4 CEI-UNEL 35364 INBOUWFORNUIS N L N L2 L1 1 3 2 4 2. De voedingskabel in werking stellen: maak de schroef van de kabelklem en de schroeven van de contacten L-Nlos, en bevestig de draden onder de schroeven met inachtneming van de kleuren: Blauw (N) Bruin (L) Geel-Groen ( ). 2 4 400V 2N~H05RR-F 4x2.5 CEI-UNEL 35363 5 1. Licht de lipjes aan de zijkant van het deksel van het klemmenbord op met een schroevendraaier: trek het deksel van het klemmenbord open (zie afb.). 1 3 5 Monteren voedingskabel 3. Maak de voedingskabel vast aan de speciale kabelklem. 4. Maak het deksel van het klemmenbord dicht. 3 NL NL Het aansluiten van de voedingskabel aan het net Gebruik voor de voedingskabel een stekker die genormaliseerd is voor de lading aangegeven op het typeplaatje (zie hiernaast). Wanneer het apparaat rechtstreeks op het net wordt aangesloten moet men tussen het apparaat en het net een meerpolige schakelaar aanbrengen met een afstand tussen de contacten van minstens 3mm, aangepast aan het elektrische vermogen en voldoend aan de geldende normen (de aarding mag niet worden onderbroken door de schakelaar). De voedingskabel moet zodanig geplaatst worden dat hij nergens een temperatuur bereikt die 50°C hoger is dan de kamertemperatuur. ! De installateur is verantwoordelijk voor de correcte elektrische verbinding en het in acht nemen van de geldende veiligheidsnormen. Vóór het aansluiten moet u controleren dat: • het stopcontact geaard is en voldoet aan de geldende normen; • het stopcontact in staat is het maximale vermogen van het apparaat te verdragen, zoals aangegeven op het typeplaatje (zie onder); TYPEPLAATJE Afmetingen breedte 43,5 cm. hoogte 32 cm. diepte 41,5 cm. Inhoud liter 58 Elektrische aansluitingen spanning 230V/400V~ 3N 50Hz maximum vermogen 10800W Richtlijn 2002/40/CE op etiket van elektrische ovens. Norm EN 50304 ENERGY LABEL Energieverbruik convectie Natuurlijk – verwarmingsfunctie: Traditioneel; Energieverbruikverklaring Klasse convectie Hetelucht verwarmingsfunctie: Gebak. Dit apparaat voldoet aan de volgende EU Richtlijnen: 73/23/EEG van 19/02/73 (laagspanning) en daaropvolgende wijzigingen; -89/336/EEG van 03/05/89 (elektromagnetische compatibiliteit) en daaropvolgende wijzigingen - 93/68/EEG van 22/07/93 en daaropvolgende wijzigingen - 2002/96/EC • de spanning zich bevindt tussen de waarden die staan aangegeven op het typeplaatje (zie onder); • het stopcontact en de stekker overeenkomen. Als dat niet zo is, dient u ofwel de stekker ofwel het stopcontact te vervangen; gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers. ! Wanneer het apparaat geïnstalleerd is, moeten de snoer en het stopcontact makkelijk te bereiken zijn. ! De kabel mag niet worden gebogen of samengedrukt. ! De kabel moet van tijd tot tijd worden gecontroleerd en mag alleen door erkende monteurs worden vervangen (zie Service). ! De fabrikant kan niet verantwoordelijkheid worden gesteld als deze normen niet worden nageleefd. Service Dit dient u door te geven: • het model oven (Mod.) • het serienummer (S/N) Deze informatie bevindt zich op het typeplaatje op het apparaat en/of op de verpakking. 4 Beschrijving van het apparaat Algemeen aanzicht NL Bedieningspaneel GLIJDERS om roosters in te schuiven positie 5 positie 4 positie 3 positie 2 positie 1 Rooster GRILL Rooster LEKPLAAT Bedieningspaneel Knop KOOKPLATEN DUBBELE DIAMETER Display Knop KOOKPLATEN DUBBELE DIAMETER A Knop KOOKPLATEN Knop KOOKPLATEN THERMOSTAATKNOP Knop PROGRAMMA’S Controlelampje KOOKPLATEN Display Indicator VOORVERWARMING (knippert) of KOOKTIJD BEZIG (stil) Aanwijzer DEURBLOKKERING Aanwijzer TIMER Ovenverlichting Regeling KLOK TIMER regelen A Aanwijzer PROGRAMMERING GEACTIVEERD BEVESTIGING instelling Programmering KOOKTIJD Programmering EINDE KOOKTIJD 5 Starten en gebruik NL ! Wij raden u aan bij het eerste gebruik de oven minstens een uur leeg te laten functioneren, op maximum temperatuur en met de deur dicht. Nadat u de oven hebt uitgedaan, opent u de ovendeur en lucht u het vertrek. De lucht die u ruikt komt door het verdampen van de middelen die worden gebruikt om de oven te beschermen. Instellen klok en timer Het gelijkzetten van de klok is alleen mogelijk wanneer de knop PROGRAMMA’S op stand “0” staat. Na het aansluiten aan het net of na het uitvallen van de stroom knippert op de display 0.00. Voor het instellen van de tijd: 1. draait u aan de knop THERMOSTAAT; 2. druk op de knop om te bevestigen. Voer dezelfde handeling uit voor de minuten. Eventuele latere gelijkstellingen kunnen worden uitgevoerd door op de toets te drukken en vervolgens de aangegeven handelingen uit te voeren. De timer is een kookwekker: als de tijd verstreken is, hoort u een geluid dat of vanzelf na een minuut uitgaat of door uzelf kan worden afgezet door op een willekeurige knop te drukken. Om de timer in te stellen drukt u op de toets en voert u vervolgens de hierboven aangegeven handelingen uit. Het icoon geeft aan dat de timer aan is. ! De timer heeft niets te maken met het aan- of uitgaan van de oven. De oven starten 1. Door aan de knop PROGRAMMA’S te draaien kunt u het gewenste kookprogramma kiezen. 2. De oven begint met voorverwarmen, het symbool op de display knippert en de temperatuur die overeenkomt met het programma zal verschijnen. De temperatuur kan veranderd worden door te draaien aan de knop THERMOSTAAT. 3. Een geluidssignaal en het aangaan van de icoon op de display, geven aan dat de voorverwarming compleet is: zet de etenswaren in de oven. 6 4. Tijdens het koken kunt u nog altijd: - het kookprogramma veranderen met behulp van de knop PROGRAMMA’S; - de temperatuur veranderen met behulp van de knop THERMOSTAAT; - de kooktijd en het einde van de kooktijd programmeren (zie Programma’s); - het koken onderbreken door de knop PROGRAMMA’S weer op stand “0” te zetten. 5. Na twee uur gaat de oven automatisch uit: dit is om veiligheidsredenen van te voren ingesteld voor iedere kookfunctie. U kunt de kooktijd veranderen (zie Programma’s). 6. Wanneer de stroom uitvalt en de oventemperatuur niet te laag is geworden, gaat de oven automatisch terug naar het punt waar het koken is onderbroken. De geprogrammeerde functies worden echter niet onthouden. U dient ze daarom bij het terugkeren van de stroom weer opnieuw in te stellen. ! Bij de programma’s FAST COOKING en BARBECUE is geen voorverwarming voorzien. ! Zet nooit voorwerpen op de bodem van de oven; u riskeert hiermee het email te beschadigen. ! Plaats de ovenschalen altijd op bijgeleverde roosters. Ventilator Om de oven van buiten niet te heet te laten worden, brengt een verkoelingsventilator een luchtstroom teweeg die tussen het bedieningspaneel en de ovendeur naar buiten komt. Bij het programma FAST COOKING gaat de ventilator automatisch na tien minuten aan. Bij het programma GEBAK gaat de ventilator aan als de oven warm is. ! Aan het einde van de kooktijd blijft de ventilator draaien totdat de oven voldoende is afgekoeld. Ovenverlichting Ook als de oven uit is kan het ovenlicht op ieder willekeurig moment aan worden gedaan door op de desbetreffende toets te drukken of door de ovendeur te openen. Programma’s Kookprogramma’s !Alle programma’s hebben een vooringestelde kooktemperatuur. Deze kan handmatig worden aangepast,en naar wens worden ingesteld tussen de 40°C en de 250°C. In het programma BARBECUE is de ingestelde temperatuur in % uitgedrukt. Dit kan ook handmatig worden gewijzigd. Programma TRADITIONELE OVEN De onderste en bovenste verwarmingselementen gaan aan. Met deze traditionele kookwijze is het beter een enkel rooster te gebruiken: met meerdere roosters riskeert u een slechte temperatuursverspreiding. Programma MULTIKOKEN Alle verwarmingselementen gaan aan (onder, boven en cirkelvormig) en de ventilator gaat draaien. Aangezien de warmte in de hele oven constant is, zorgt de lucht dat de gerechten op gelijkmatige wijze gekookt en gebakken worden. Hierbij is het mogelijk maximaal twee roosters tegelijk te gebruiken. Programma BARBECUE Het bovenste verwarmingselement gaat aan en het braadspit (waar aanwezig) gaat draaien. Als u aan knop THERMOSTAAT draait, geeft de display niveaus van stroomsterkte aan die gaan van een minimum van 50% tot een maximum van 100%. Het koken onder de grill is vooral aan te raden voor gerechten die een hoge en directe temperatuur aan de buitenkant nodig hebben. Kook met de ovendeur dicht. Programma PIZZA OVEN NL De onderste en cirkelvormige verwarmingselementen gaan aan en de ventilator gaat draaien. Met deze combinatie wordt de oven snel warm dankzij het aanzienlijke vermogen dat vooral van onderaf komt. Indien u meerdere roosters gebruikt moet u de gerechten halverwege de kooktijd omwisselen. Programma GEBAK OVEN Het achterste verwarmingselement gaat aan en de ventilator gaat werken zodat een gelijkmatige, zachte warmte wordt gecreëerd. Deze functie is aanbevolen voor het bakken van kwetsbare gerechten (vooral taarten die moeten rijzen) en kleine gerechten die u op 3 hoogtes tegelijkertijd wilt koken. Programma FAST COOKING Alle verwarmingselementen gaan aan en de ventilator gaat werken zodat een gelijkmatige en constante warmte wordt gegarandeerd. Bij dit programma wordt de oven niet voorverwarmd. Deze functie is vooral geschikt voor het snel koken van kant en klare gerechten (diepvries en voorgekookt). De beste resultaten verkrijgt u als u een enkel rooster gebruikt. Programma RIJZEN De oven bereikt en behoudt een temperatuur van 40°C onafhankelijk van de stand van de knop THERMOSTAAT. Dit programma is ideaal voor het rijzen van beslag dat bakkersgist bevat. Programma GRATINEREN Het bovenste verwarmingselement gaat aan en de ventilator en het braadspit (waar aanwezig) gaan draaien. Hiermee wordt de rechtstreekse bovenhitte van de grill gecombineerd met de circulatie van de lucht in de oven. Eventueel verbranden van de buitenkant wordt zo vermeden; de warmte dringt gemakkelijker door naar de binnenkant. Kook met de ovendeur dicht. 7 NL De kooktijd programmeren Praktische kooktips ! De programmering is alleen mogelijk wanneer een kookprogramma is geselecteerd. ! Gebruik voor het koken met de heteluchtoven nooit de standen 1 en 5: de hete lucht zou fijne gerechten kunnen verbranden. De duur programmeren Druk op de knop , daarna: 1. Regelt u de temperatuur door te draaien aan de knop THERMOSTAAT. om de instelling op te slaan. 2. Drukt u op toets 3. Als de ingestelde tijd is verstreken verschijnt op de display het woord END en hoort u een geluidssignaal. 4. Het geluidssignaal wordt onderbroken als u op een willekeurige toets drukt. Het woord END verdwijnt wanneer de knop THERMOSTAAT weer op stand “0” wordt gezet. • B.v.: het is 9:00 uur en u programmeert een duur van 1 uur en 15 minuten. Het programma stopt automatisch om 10:15 uur. Programmeren van het einde van de duur Druk op de toets en volg de procedure van de duur van punt 1 t/m 4. • B.v.: het is 9:00 uur en u programmeert een eindtijd om 10:15. Het programma zal 1 uur en 15 minuten duren. Programmeren van een uitgestelde kooktijd 1. Druk op de toets en volg de procedure van de duur van punt 1 t/m 4. 2. Druk op de toets en stel de eindtijd in. • B.v.: het is 9:00 uur, u programmeert een duur van 1 uur en 15 minuten en de eindtijd om 12:30. Het programma zal automatisch om 11:15 beginnen. Het icoon geeft aan dat er een programmering gaande is. Voor een eventuele annulering van de instelling draait u de knop PROGRAMMA’S op stand “0”. 8 ! Bij de functies BARBECUE of GRATINEREN, in het bijzonder wanneer u het braadspit gebruikt, raden wij u aan de lekplaat op stand 1 te zetten om eventueel vet of jus op te vangen. MULTIKOKEN • Gebruik de standen 2 en 4, en plaats de gerechten die meer warmte nodig hebben op stand 2. • Plaats de lekplaat op de onderste stand en de grill op de hoogste. BARBECUE • Plaats de grill op stand 3 of 4, plaats de gerechten op het midden van de grill. • We raden u aan het energieniveau op de hoogste stand te zetten. Het is normaal dat het bovenste verwarmingselement niet constant aan blijft: zijn werking wordt geregeld door een thermostaat. PIZZA OVEN • Gebruik een lichte aluminium ovenschaal en zet hem op het bijgeleverde ovenrooster. Bij gebruik van de bakplaat duurt het langer en krijgt u waarschijnlijk geen krokante pizza. • Bij zeer gevulde pizza’s raden wij aan de mozzarella of andere kaas pas halverwege de kooktijd toe te voegen. Kooktabel Programma's Traditionele Oven Multikoken Barbecue Gratineren Pizza oven Oven Gebak Fast Cooking Rijzen NL Gerechten Eend Braadstuk Varkensrollade Koekjes (kruimeldeeg) Taarten Pizza (op 2 roosters) Lasagne Lamsvlees Kip + gebakken aardappels Makreel Plum-cake Soesjes (op 2 roosters) Koekjes (op 2 roosters) Cake (op 1 rooster) Cake (op 2 roosters) Quiche Tong en inktvis Calamari- en garnalenspiesjes Inktvis Kabeljauwfilet Gegrilde groenten Kalfsbiefstuk Worstjes Hamburgers Makreel Tosti (of geroosterd brood) Met braadspit (waar aanwezig) Kalfsvlees aan het spit Kip aan het spit Lamsvlees aan het spit Gegrilde kip Inktvis Pizza Braadstuk Kip Taarten Vruchtentaart Plum-cake Cake Gevulde flensjes (op 2 roosters) Kleine cakejes (op 2 roosters) Kaaskoekjes (op 2 roosters) Soesjes (op 3 roosters) Koekjes (op 3 roosters) Schuimgebak (op 3 roosters) Diepvries Pizza Courgettes en garnalen in deeg Spinaziequiche Appelstrudel Lasagne Gebakken broodjes Kip-snacks Voorgekookte gerechten Kippenvleugels Verse etenswaren Koekjes (kruimeldeeg) Plum-cake Kaaskoekjes Rijzen van deeg met bakkersgist (brioches, brood, suikertaart, croissants, enz.) Gewicht Voorverwarming Roosterstanden (minuten) (kg) Aangeraden temperatuur Kooktijd (minuten) 1 1 1 1 1 1 1 1+1 1 1 0.5 0.5 0.5 1 1.5 0.7 0.6 0.6 0.8 0.4 0.8 0.6 0.6 1 n.° 4 en 6 3 3 3 3 3 2 en 4 3 2 2 en 4 2 2 2 en 4 2 en 4 2 2 en 4 3 4 4 4 4 3 of 4 4 4 4 4 4 15 15 15 15 15 15 10 10 15 10 10 10 10 10 10 15 - 200 200 200 180 180 230 180 180 200 180 170 190 180 170 170 200 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 100% 65-75 70-75 70-80 15-20 30-35 15-20 30-35 40-45 60-70 30-35 40-50 20-25 10-15 15-20 20-25 25-30 10-12 8-10 10-15 10-15 15-20 15-20 15-20 10-12 15-20 3-5 1.0 1.5 1.0 1.5 1.5 0.5 1 1 0.5 1 0.7 0.5 1.2 0.6 0.4 0.7 0.7 0.5 2 2 3 2 2 of 3 3 2 of 3 3 3 2 en 4 2 en 4 2 en 4 1 en 3 en 5 1 en 3 en 5 1 en 3 en 5 10 10 15 10 10 15 15 15 15 15 15 15 15 15 15 100% 100% 100% 200 200 220 220 180 180 180 180 160 200 190 210 180 180 90 80-90 70-80 70-80 55-60 30-35 15-20 25-30 60-70 20-30 40-45 40-50 25-30 30-35 20-25 15-20 20-25 20-25 180 0.3 0.4 0.5 0.3 0.5 0.4 0.4 2 2 2 2 2 2 2 - 250 200 220 200 200 180 220 12 20 30-35 25 35 25-30 15-20 0.4 2 - 200 20-25 0.3 0.6 0.2 2 2 2 - 200 180 210 15-18 45 10-12 9 Kookplaat NL Type kookplaten Bij de oven hoort een kookplaat die samengesteld kan zijn uit twee verschillende verwarmingselementen: elektrische kookplaten van gietijzer (zie afbeelding 1) of glaskeramische kookplaten die zowel traditioneel kunnen zijn (zie afbeelding 2) als verlengbaar (zie afbeelding 3). afbeelding 1 A A A C A B afbeelding 3 afbeelding 2 A Aangeraden stroomsterktes voor verschillend gebruik: B Stroomsterkte Straalelement 0 Uit 1 Boter of chocolade smelten 2 en 3 Vloeistoffen opwarmen 4 Crèmes of sausen bereiden 5 Vlees stoven 6 Pasta of rijst koken 7 en 8 Vlees, vis, eieren op hoog vuur koken 9 Bakken A Beide kookgedeeltes aanzetten A C Aanzetten kookplaat glaskeramiek Traditioneel kookgedeelte De traditionele straalelementen (A) zijn gemaakt van cirkelvormige verwarmingselementen die pas zo’n tiental seconden na ontsteking rood worden. Ieder kookgedeelte heeft zijn eigen bedieningsknop waarmee u 9 verschillende temperaturen kunt kiezen, met een minimumwaarde van 1 tot een maximumwaarde van 9. Praktische tips voor het gebruik van de glaskeramische kookplaat ! De lijm die gebruikt is voor de afdichtingen laat wat vetvlekjes achter op het glas. Voordat u de kookplaat gebruikt, raden wij u aan de vlekken te verwijderen met een niet-schurend schoonmaakmiddel. Gedurende de eerste uren van gebruik is het mogelijk dat u een rubbergeur ruikt, die echter snel wegtrekt. Teneinde optimale resultaten te bereiken van de kookplaat: • gebruik pannen met een platte bodem die perfect aansluiten op het verwarmgedeelte; Verlengbaar kookgedeelte De verlengbare straalelementen (B) herkent u aan het dubbele verwarmingsgedeelte. U kunt alleen het binnenste gedeelte aansteken of beide gedeelten. Door middel van de bedieningsknop kunt u kiezen tussen twee stroomsterktes; deze gaan beide van een minimumwaarde van 1 tot een maximumwaarde van 9: • door de knop met de klok mee te draaien van 1 naar 9 stelt u een lagere stroomsterkte in. • door de knop te draaien tot aan het einde (A), te herkennen aan een lichte klik, stelt u de maximum stroomsterkte in, die geregeld kan worden tussen 9 en 1 door de knop tegen de klok in te draaien. Om de minimum stroomsterkte weer in te stellen, moet u de knop weer op stand 0 terugbrengen. In het geval van dubbele kookgedeeltes, zal het eerste deel van de draaiing het kleinere (binnenste) kookgedeelte activeren. Om zowel het binnenste als het buitenste gedeelte te activeren moet u de knop tot aan het einde doordraaien (A) en een stroomsterkte kiezen tussen 9 en 1. Controlelampjes resterende warmte (slechts op enkele modellen aanwezig) De warmtecontrolelampjes (C) geven aan dat het betreffende kookgedeelte warmer is dan 60°C, ook nadat het verwarmingselement is uitgeschakeld. 10 • gebruik pannen die groot genoeg zijn om de kookplaat geheel te bedekken teneinde alle beschikbare hitte te benutten; • houdt de bodem van de pannen altijd schoon en droog zodat ze goed aansluiten op het kookvlak. Dit verlengt de levensduur van zowel de pannen als het kookgedeelte. • vermijdt dezelfde pannen te gebruiken die u ook op een gasfornuis gebruikt: de warmteconcentratie van gasbranders kan de bodem van pannen vervormen, waardoor ze niet goed meer aansluiten; • laat nooit een kookgedeelte aan staan zonder een pan erop. De verhitting, die snel het maximum niveau bereikt, zou de verwarmingselementen kunnen beschadigen. Voorzorgsmaatregelen en advies ! Dit apparaat is ontworpen en vervaardigd volgens de geldende internationale veiligheidsvoorschriften. Deze aanwijzingen zijn geschreven voor uw veiligheid en u dient ze derhalve goed door te nemen. • Als de oven defect is, mag u nooit aan het interne systeem sleutelen om een reparatie proberen uit te voeren. Neem contact op met de Technische Dienst (zie Service). Algemene veiligheidsmaatregelen • Plaats geen zware voorwerpen op de open ovendeur. • Dit apparaat is vervaardigd voor niet-professioneel gebruik binnenshuis. • De glaskeramische kookplaat is bestand tegen mechanische stoten. Hij kan echter worden beschadigd (of barsten) als hij wordt geraakt door een puntig object, bijvoorbeeld door gereedschap. Als dit gebeurt, moet u onmiddellijk het apparaat afsluiten van de elektrische stroom en contact opnemen met de Technische Dienst. • Vergeet niet dat de temperatuur in het kookgedeelte aanzienlijk hoog blijft tot minstens 30 minuten nadat het wordt uitgeschakeld. • Houdt voorwerpen die kunnen smelten op afstand van de kookplaat, zoals b.v. plastic, aluminium of suikerhoudende etenswaren. Let vooral op plastic of aluminium verpakkingen of folie: als u ze op het nog warme of lauwe kookvlak neerlegt, kunt u een zware schade aanrichten. • Het apparaat dient niet buitenshuis te worden geplaatst, ook niet in overdekte toestand. Het is erg gevaarlijk als het in aanraking komt met regen of als het onweert. • Maak gebruik van de handgrepen aan de zijkant van de oven als u het apparaat moet verplaatsen. • Raak de oven niet blootsvoets of met natte handen of voeten aan. • Het apparaat dient om gerechten te koken. Het mag uitsluitend worden gebruikt door volwassenen en alleen volgens de instructies die beschreven staan in deze handleiding. • Gedurende het gebruik van de oven worden de verwarmingselementen en enkele delen van de ovendeur heet. Raak ze niet aan en houdt kinderen op afstand. • Voorkom dat elektrische snoeren van andere kleine keukenapparaten op warme delen van de oven terechtkomen. • Laat de ventilatieopeningen en warmteafvoer vrij. • Pak het handvat van de ovendeur alleen in het midden vast: aan de zijkant zou het heet kunnen zijn. • Gebruik altijd ovenwanten om gerechten in de oven te zetten en eruit te halen. • Plaats geen aluminiumfolie op de bodem van de oven. • Plaats geen brandbaar materiaal in de oven: als de oven plotseling aan zou worden gezet, zou dit materiaal vlam kunnen vatten. • Controleer altijd dat de knoppen in de positie “l”/“¡” staan als het fornuis niet gebruikt wordt. • Haal de stekker nooit uit het stopcontact door aan het snoer te trekken. • Maak de oven niet schoon of voer geen onderhoud uit als de stekker nog in het stopcontact zit. Afvalverwijdering • Verwijdering van het verpakkingsmateriaal: houdt u aan de plaatselijke normen, zodat het verpakkingsmateriaal hergebruikt kan worden. • De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernietiging van Electrische en Electronische Apparatuur (WEEE), vereist dat oude huishoudelijke electrische apparaten niet mogen vernietigd via de normale ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten moeten apart worden ingezameld om zo het hergebruik van de gebruikte materialen te optimaliseren en de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu te reduceren. Het symbool op het product van de “afvalcontainer met een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting, dat wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart moet worden ingezameld. Consumenten moeten contact opnemen met de locale autoriteiten voor informatie over de juiste wijze van vernietiging van hun oude apparaat. Energiebesparing en milieubesef • Door de oven te gebruiken vanaf het late middaguur tot aan de vroege ochtend zorgt u ervoor dat uw elektriciteitscentrale minder wordt belast tijdens het ‘spitsuur’. • Houdt bij de functie GRILL altijd de ovendeur dicht: dit om betere resultaten te bereiken en voor een betere energiebesparing (circa 10%). • Houdt de afdichtingen altijd schoon zodat ze goed aansluiten op de deur en er geen hitte vrij kan komen. 11 NL Onderhoud en verzorging NL De elektrische stroom afsluiten Sluit altijd eerst de stroom af voordat u tot enige handeling overgaat. Schoonmaken van de oven • De buitenkant, dus zowel het email en het roestvrij staal als de rubberen afdichtingen, kunnen met een spons en een sopje worden afgenomen. Als de vlekken moeilijk te verwijderen zijn, kunt u een speciaal reinigingsmiddel gebruiken. Na het reinigen dient u alles goed af te spoelen en te drogen. Gebruik geen schuurmiddelen of bijtende producten. • De binnenkant van de oven kunt u het beste direct na gebruik schoonmaken, als hij nog lauw is. Gebruik warm water en een schoonmaakmiddel, spoel vervolgens af en droog met een zachte doek. Gebruik geen schuurmiddelen. • De accessoires kunnen gewoon worden afgewassen (eventueel ook in de vaatwasser). Vervangen van het lampje Voor het vervangen van het ovenlampje: 1. Schroef het glazen lampenkapje los. 2. Schroef het lampje los en vervang het met eenzelfde soort lampje: sterkte 25W, fitting E 14. 3. Plaats het deksel er weer op (zie afb.). Montage van de Kit Glijders Zo monteert u de glijders: 1. Schroef de twee schroeven A los (zie afbeelding). Als de oven voorzien is van zelfreinigende panelen zullen deze tijdelijk van hun plaats zijn. De ovendeur reinigen Reinig het glas van de ovendeur met producten en sponzen die niet schuren, en droog het af met een zachte doek. U kunt voor een grondige reiniging de ovendeur verwijderen: 1. open de deur volledig (zie afbeelding). 2. til de hendeltjes op die zich aan de scharnieren bevinden en draai ze (zie afb.); F 3. pak de deur aan de zijkanten beet en sluit hem langzaam, maar niet helemaal. Druk op de klemmen F, trek dan de deur naar u toe en haal F hem uit zijn voegen (zie afbeelding). Zet de deur weer op zijn plaats door deze handelingen in omgekeerde volgorde uit te voeren. Controleer de afdichtingen Controleer regelmatig de staat van de afdichting rondom de ovendeur. In het geval de afdichtingen beschadigd zijn, dient u zich tot de dichtstbijzijnde Technische Dienst te wenden (zie Service). Gebruik de oven niet voordat de reparatie is uitgevoerd. 12 2. Vervang de schroeven A met de schroeven en afstandsleiders (B+C) die zich in de kit bevinden. C B 3. Schroef de nieuwe schroeven B en desbetreffende afstandsleiders C weer vast en zet de zelfreinigende panelen weer op hun plaats. 4. Zet de twee verbindingen D van de glijder vast in de speciale gaten aan de zijkant van de oven (zie afbeelding). De gaten voor de linkerglijder bevinden zich aan de bovenkant, de gaten voor de rechterglijder aan de onderkant. 5. Zet de glijder vast op de afstandsleider C.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36

Whirlpool H 87 V.1 IX Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding

in andere talen