Wacker Neuson M3000/120/nonCUL Handleiding

Type
Handleiding
Modulaire trilnaald
HMS
M1000, M2000, M3000
0215449nl 003
08.2011
Bedieningshandleiding
Fabrikant
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG
Preußenstraße 41
80809 München
www.wackerneuson.com
Tel.: +49-(0)89-354 02-0
Fax: +49-(0)89-354 02-390
Vertaling van de Duitstalige originele bedieningshandleiding
HMS
Bedieningshandleiding 3
1 Voorwoord ................................................................................................................. 5
2 Inleiding ..................................................................................................................... 6
2.1 Weergavemiddelen in deze bedieningshandleiding ........................................... 6
2.2 Wacker Neuson contactpersoon ........................................................................ 7
2.3 Beschreven apparaattypen................................................................................. 7
2.4 Markering van het apparaat................................................................................ 8
3 Veiligheid ................................................................................................................... 9
3.1 Beginsel.............................................................................................................. 9
3.2 Kwalificatie van het bedieningspersoneel......................................................... 12
3.3 Beschermuitrusting........................................................................................... 13
3.4 Transport .......................................................................................................... 14
3.5 Bedrijfsveiligheid............................................................................................... 14
3.6 Veiligheid bij de werking van handapparaten................................................... 16
3.7 Veiligheid bij de werking van elektrische apparaten......................................... 17
3.8 Onderhoud........................................................................................................ 18
3.9 Veiligheids- en aanwijsstickers......................................................................... 19
4 Inhoud van het pakket ............................................................................................ 20
5 Beschrijving ............................................................................................................ 21
5.1 Toepassingsgebied .......................................................................................... 21
5.2 Werking ............................................................................................................ 21
5.3 Componenten en bedieningselementen van de aandrijving............................. 22
5.4 Componenten van de flexibele as .................................................................... 23
5.5 Componenten van trilnaaldlichaam .................................................................. 23
6 Transport ................................................................................................................. 24
7 Bediening ................................................................................................................. 25
7.1 Voorafgaand aan inbedrijfname ....................................................................... 25
7.2 Trilnaaldlichaam monteren ............................................................................... 26
7.3 In bedrijf stellen ................................................................................................ 28
7.4 Buiten werking stellen....................................................................................... 30
8 Onderhoud ...............................................................................................................32
8.1 Onderhoudsplan............................................................................................... 33
8.2 Onderhoudswerkzaamheden ........................................................................... 34
8.2.1 Visuele controle . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34
8.2.2 Aandrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35
8.2.3 Flexibele as . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37
Inhalt
HMS
4 Bedieningshandleiding
8.2.4 Trilnaaldlichaam. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40
9 Storingen verhelpen ............................................................................................... 43
10 Afvoer ....................................................................................................................... 45
10.1 Afvoer van oude elektrische en elektronische apparaten................................. 45
11 Toebehoren ............................................................................................................. 46
11.1 Speciaalsleutel voor flexibele as ...................................................................... 46
11.2 Schroefdraadafdichtmiddel............................................................................... 46
11.3 Speciaalsmeermiddel voor flexibele assen ...................................................... 46
11.4 SS-adapter ....................................................................................................... 46
11.5 Draaggordel...................................................................................................... 47
12 Technische gegevens ............................................................................................. 48
12.1 Aandrijving........................................................................................................ 48
12.2 Geluids- en trillingsgegevens ........................................................................... 50
12.3 Flexibele assen ................................................................................................ 50
12.4 Trilnaaldlichaam ............................................................................................... 51
12.5 Verlengkabel .................................................................................................... 52
12.6 Toegelaten combinaties aandrijving – flexibele as – trilnaaldlichaam.............. 54
13 Verklarende woordenlijst ....................................................................................... 57
EU - conformiteitverklaring .................................................................................... 59
1 Voorwoord
5
1 Voorwoord
In deze bedieningshandleiding staat informatie en worden procedures beschre-
ven voor het veilig gebruik en onderhoud van het Wacker Neuson apparaat. Voor
uw eigen veiligheid en om letsel te voorkomen moet u de veiligheidsvoorschriften
goed doorlezen, zodat u ermee vertrouwd raakt en ze op ieder moment in acht
kunt nemen.
Deze bedieningshandleiding geeft geen informatie over omvangrijke onder-
houds- of reparatiewerkzaamheden. Dergelijke werkzaamheden moeten door
de Wacker Neuson service of door erkende deskundigen worden uitgevoerd.
Bij de productie van het apparaat is veel waarde gehecht aan de veiligheid van
de bediener. Ondeskundige bediening of onderhoud niet conform de voorschrif-
ten kunnen echter gevaar veroorzaken. Bediening en onderhoud van het
Wacker Neuson apparaat moeten volgens de aanwijzingen in deze bedienings-
handleiding worden uitgevoerd. Hierdoor is een storingsvrije werking en een
hoge beschikbaarheid van het apparaat gegarandeerd.
Defecte onderdelen van het apparaat moeten meteen worden vervangen!
Bij vragen over de bediening of het onderhoud kunt u contact opnemen met uw
contactpersoon bij Wacker Neuson.
Alle rechten voorbehouden, in het bijzonder het recht van reproductie en ver-
spreiding.
Copyright 2011 Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG
Deze bedieningshandleiding mag uitsluitend met voorafgaande uitdrukkelijke en
schriftelijke toestemming van Wacker Neuson worden gereproduceerd, bewerkt,
gekopieerd of verspreid worden. Dit geldt ook voor delen ervan.
Iedere reproductie, verspreiding of opslag op informatiedragers in welke vorm
dan ook, zonder de toestemming van Wacker Neuson, is een overtreding van het
geldende copyright en zal gerechtelijk worden vervolgd.
Wij behouden ons uitdrukkelijk voor, technische wijzigingen uit te voeren voor de
verbetering van onze apparaten of verhoging van de veiligheidsstandaard, ook
zonder voorafgaande aankondiging.
2 Inleiding
6
2 Inleiding
2.1 Weergavemiddelen in deze bedieningshandleiding
Waarschuwingssymbolen
Deze bedieningshandleiding bevat veiligheidsvoorschriften in de volgende cate-
gorieën:
GEVAAR, WAARSCHUWING, VOORZICHTIG, LET OP.
Deze voorschriften moeten in acht genomen worden om het gevaar voor dood
of verwonding van de bediener, materiële schade of niet-deskundige service uit
te sluiten.
Aanwijzingen
Aanwijzing:Hier krijgt u aanvullende informatie.
GEVAAR
Deze waarschuwing duidt op onmiddellijk dreigen gevaren die de dood of ern-
stig letsel veroorzaken.
f Met de genoemde maatregelen kunt u het gevaar voorkomen.
WAARSCHUWING
Deze waarschuwing duidt op mogelijke gevaren die kunnen resulteren in ern-
stig letsel of de dood.
f Met de genoemde maatregelen kunt u het gevaar voorkomen.
VOORZICHTIG
Deze waarschuwing duidt op mogelijk gevaren die kunnen resulteren in minder
ernstig letsel.
f Met de genoemde maatregelen kunt u het gevaar voorkomen.
LET OP
Deze waarschuwing duidt op mogelijke gevaren die kunnen resulteren in mate-
riële schade.
f Met de genoemde maatregelen kunt u het gevaar voorkomen.
2 Inleiding
7
Handelingsaanwijzing
f Dit symbool betekent dat u iets moet doen.
1. Genummerde handelingsaanwijzingen geven aan dat u iets in de aangegeven
volgorde moet doen.
Dit symbool wordt gebruikt bij opsommingen.
2.2 Wacker Neuson contactpersoon
Uw contactpersoon bij Wacker Neuson is, al naargelang het land, uw Wacker
Neuson Service, uw Wacker Neuson dochteronderneming of uw Wacker
Neuson verkoper.
Adressen vindt u op het Internet onder www.wackerneuson.com.
Het adres van de fabrikant vindt u aan het begin in deze bedieningshandleiding.
2.3 Beschreven apparaattypen
Deze bedieningshandleiding geldt voor verschillende apparaattypen uit één pro-
ductreeks. Daardoor kunnen afbeeldingen iets afwijken van het uiterlijk van uw
apparaat. Bovendien kunnen er componenten worden beschreven die geen deel
uitmaken van uw apparaat.
Gedetailleerde informatie over de beschreven apparaattypen vindt u in het
hoofdstuk Technische gegevens.
2 Inleiding
8
2.4 Markering van het apparaat
Gegevens van het typeplaatje
Het typeplaatje bevat gegevens die uw apparaat ondubbelzinnig identificeren.
Deze gegevens zijn voor de bestelling van reserveonderdelen en bij technische
vragen vereist.
f Noteer de gegevens van uw apparaat in de volgende tabel:
Pos. Benaming Uw gegevens
1 Groep en type
2 Bouwjaar
3 Machine-nr.
4 Versie-nr.
5 Artikel-nr.
M1000, M2000, M3000 3 Veiligheid
Bedieningshandleiding 9
3 Veiligheid
3.1 Beginsel
Stand van de techniek
Het apparaat is vervaardigd op basis van de nieuwste stand van de techniek en
de erkende veiligheidstechnische regelgeving. Desondanks kan ondeskundig
gebruik gevaar opleveren voor lijf en leven van de gebruiker of derden of een ne-
gatieve invloed hebben op het apparaat en andere materiële zaken.
Gebruik in overeenstemming met de bestemming
Het apparaat mag uitsluitend worden gebruikt voor het verdichten van vers be-
ton. Het trilnaaldlichaam moet in het verse beton worden gedompeld.
Het trilnaaldlichaam mag niet in zuur- of looghoudende vloeistoffen worden ge-
dompeld.
Het trilnaaldlichaam mag niet met delen van de body in aanraking komen of erin
ingevoerd worden.
De componenten aandrijving, flexibele as en trilnaaldlichaam mogen uitsluitend
in de toegestane combinatie met elkaar gecombineerd worden.
De aandrijving mag alleen met de toegestane trilnaaldlichamen en flexibele as-
sen van Wacker Neuson gebeuren.
Het apparaat mag niet voor de volgende doeleinden worden gebruikt:
Aansluiten van niet toegestane componenten aan de aandrijving.
Aandrijving zonder flexibele as en trilnaaldlichaam.
Tot het gebruik in overeenstemming met de bestemming hoort ook het in acht
nemen van alle aanwijzingen in deze bedieningshandleiding, alsmede het in
acht nemen van de voorgeschreven service- en onderhoudsaanwijzingen.
Elke ander of verdergaand gebruik geldt als niet in overeenstemming zijnde met
de bestemming. Voor hieruit resulterende schade vervallen de aansprakelijkheid
en de garantie van de fabrikant. Het risico komt volledig voor rekening van de
bediener.
3 Veiligheid M1000, M2000, M3000
10 Bedieningshandleiding
Constructieve wijzigingen
Voer in geen geval constructieve wijzigingen uit zonder schriftelijke toestemming
van de fabrikant. U brengt daardoor uw veiligheid en die van andere personen in
gevaar! Bovendien vervallen de aansprakelijkheid en de garantie van de fabri-
kant.
Er is vooral sprake van constructieve wijzigingen in de volgende gevallen:
Openen van het apparaat en het permanent verwijderen van onderdelen, die
van Wacker Neuson afkomstig zijn.
Inbouwen van nieuwe onderdelen, die niet van Wacker Neuson afkomstig
zijn of niet constructief of kwalitatief gelijkwaardig zijn aan originele onderde-
len.
Aanbouwen van toebehoren, dat niet van Wacker Neuson afkomstig is.
Reserveonderdelen die van Wacker Neuson afkomstig zijn kunt u zondermeer
monteren.
Toebehoren die voor uw apparaat verkrijgbaar zijn in het Wacker Neuson lever-
programma, kunt u zondermeer monteren. Volg daarbij de montagevoorschriften
uit deze bedieningshandleiding.
Boor niet in de behuizing om bijv. borden aan te brengen. Er kan water in de be-
huizing binnendringen, waardoor het apparaat beschadigd raakt.
Voorwaarden voor bedrijf
De storingsvrije en veilige werking van het apparaat hangt af van de volgende
voorwaarden:
Vakkundig transport, opslag, opstelling.
Zorgvuldige bediening.
Zorgvuldig onderhoud.
Bediening
Bedien het apparaat uitsluitend in overeenstemming met de bestemming en in
technisch perfecte toestand.
Bedien het apparaat uitsluitend bewust van de veiligheid en de gevaren terwijl
alle veiligheidsvoorzieningen zijn aangebracht. Verander of omzeil de veilig-
heidsvoorzieningen niet.
Controleer voorafgaand aan de werkzaamheden of de bedieningselementen en
veiligheidsvoorzieningen naar behoren werken.
Bedien het apparaat nooit in explosiegevaarlijke omgevingen.
Toezicht
Laat een draaiend apparaat nooit zonder toezicht!
M1000, M2000, M3000 3 Veiligheid
Bedieningshandleiding 11
Onderhoud
Voor een storingsvrije en langdurige werking van het apparaat zijn regelmatige
onderhoudswerkzaamheden vereist. Gebrekkig onderhoud vermindert de veilig-
heid van het apparaat.
Neem altijd de voorgeschreven onderhoudsintervallen in acht.
Gebruik het apparaat niet wanneer onderhoud of reparatie noodzakelijk is.
Storingen
Bij functiestoringen moet u het apparaat onmiddellijk uitschakelen en beveiligen.
Verhelp storingen die de veiligheid nadelig kunnen beïnvloeden onverwijld!
Laat beschadigde of defecte componenten onmiddellijk vervangen!
Verdere informatie vindt u in het hoofdstuk Storingen verhelpen.
Reserveonderdelen, toebehoren
Gebruik alleen reserveonderdelen van Wacker Neuson of onderdelen die gelijk-
waardig zijn met de originele delen wat betreft constructie en kwaliteit.
Gebruik alleen toebehoren van Wacker Neuson.
Bij het niet opvolgen hiervan vervalt iedere aansprakelijkheid.
Uitsluiting van aansprakelijkheid
In de volgende gevallen wijst Wacker Neuson elke aansprakelijkheid voor per-
soonlijk letsel en materiële schade af:
Constructieve wijzigingen.
Gebruik dat niet in overeenstemming is met de bestemming.
Niet-naleven van deze bedieningshandleiding.
Ondeskundige behandeling.
Gebruik van reserveonderdelen, die niet van Wacker Neuson afkomstig zijn
of niet constructief of kwalitatief gelijkwaardig zijn aan originele onderdelen.
Gebruik van toebehoren, dat niet van Wacker Neuson afkomstig is.
Bedieningshandleiding
Bewaar de bedieningshandleiding altijd binnen handbereik bij het apparaat of op
de plaats waar het apparaat wordt gebruikt.
Mocht u de bedieningshandleiding kwijtraken of nog een exemplaar nodig heb-
ben, neem dan contact op met uw Wacker Neuson contactpersoon of download
de bedieningshandleiding van het Internet (www.wackerneuson.com).
Geef deze bedieningshandleiding aan elke andere bediener of volgende eige-
naar van het apparaat.
3 Veiligheid M1000, M2000, M3000
12 Bedieningshandleiding
Landspecifieke voorschriften
Neem ook landspecifieke voorschriften, normen en richtlijnen voor ongevalspre-
ventie en milieubescherming in acht, bijv. de omgang met gevaarlijke stoffen of
het dragen van een persoonlijke beschermingsuitrusting.
Vul deze bedieningshandleiding aan met verdere aanwijzingen voor het in acht
nemen van bedrijfs-, overheids-, landelijke of algemene veiligheidsrichtlijnen.
Bedieningselementen
Houd de bedieningselementen van het apparaat altijd droog, schoon en vrij van
vet en olie.
Bedieningselementen, zoals bijv. aan/uitschakelaar, gashendels etc. mogen niet
ongeloorloofd geâretteerd, gemanipuleerd of veranderd worden.
Op schade controleren
Controleer minstens één keer per dienst het uitgeschakelde apparaat op uiterlijk
zichtbare schade en gebreken.
Gebruik het apparaat niet wanneer er beschadigingen of gebreken zichtbaar
zijn.
Laat beschadigingen en gebreken onverwijld herstellen.
3.2 Kwalificatie van het bedieningspersoneel
Kwalificatie van de bediener
Het apparaat mag alleen door opgeleid personeel in werking gesteld en bediend
worden. Bovendien gelden de volgende voorwaarden:
U bent lichamelijk en geestelijk geschikt.
U bent opgeleid voor het zelfstandig bedienen van het apparaat.
U bent opgeleid in het gebruik in overeenstemming met de bestemming van
het apparaat.
U bent vertrouwd met de noodzakelijke veiligheidsinrichtingen.
U bent bevoegd om apparaten en systemen volgens de normen van de vei-
ligheidstechniek zelfstandig in bedrijf te stellen.
U moet door de ondernemer of exploitant zijn aangewezen voor het zelfstan-
dig werken met het apparaat.
Foutieve bediening
Bij foutieve bediening, misbruik of bediening door ongeschoold personeel dreigt
er gevaar voor de gezondheid van de bediener of derden en voor het apparaat
of andere materiële zaken.
M1000, M2000, M3000 3 Veiligheid
Bedieningshandleiding 13
Plichten van de exploitant
De exploitant moet de bedieningshandleiding beschikbaar stellen aan de bedie-
ner en zich ervan vergewissen dat de bediener deze heeft gelezen en begrepen.
Aanbevelingen voor het werk
Volg a.u.b. de volgende aanbevelingen op:
Werk uitsluitend in een goede lichamelijke toestand.
Werk geconcentreerd, vooral tegen het einde van de werktijd.
Werk niet met het apparaat als u moe bent.
Voer alle werkzaamheden rustig, behoedzaam en voorzichtig uit.
Werk nooit onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen. Uw zichtvermo-
gen, uw reactievermogen en uw oordeelsvermogen kunnen hierdoor worden
belemmerd.
Werk zodanig dat geen schade voor derden ontstaat.
Zorg ervoor dat zich geen personen of dieren in de gevarenzone bevinden.
3.3 Beschermuitrusting
Werkkleding
De kleding moet doelmatig zijn, d.w.z. nauwsluitend maar niet hinderlijk zijn.
Draag in principe op bouwplaatsen geen lang los haar, losse kleding of sieraden
inclusief ringen. Er bestaat gevaar voor letsel, bijv. door blijven hangen of naar
binnen trekken door bewegende onderdelen van apparaten.
Draag alleen moeilijk ontvlambare werkkleding.
Persoonlijke veiligheidsuitrusting
Gebruik een persoonlijke veiligheidsuitrusting om letsel en schade voor de ge-
zondheid te voorkomen:
Veiligheidsschoenen.
Werkhandschoenen van stevig materiaal.
Werkpak van stevig materiaal.
Veiligheidshelm.
Hoorbescherming.
3 Veiligheid M1000, M2000, M3000
14 Bedieningshandleiding
Hoorbescherming
Bij dit apparaat is overschrijding van de landelijk geldende toegestane geluidsli-
miet (persoonsgerelateerd beoordelingsniveau) mogelijk. Daarom moet u in be-
paalde gevallen gehoorbescherming dragen. De exacte waarde vindt u in het
hoofdstuk Technische gegevens.
Werk met gehoorbescherming bijzonder aandachtig en voorzichtig omdat u ge-
luiden, bijv. geroep of signaaltonen slechts beperkt kunt waarnemen.
Wacker Neuson raadt aan altijd gehoorbescherming te dragen.
3.4 Transport
Apparaat uitschakelen
Schakel het apparaat voor het transport uit en trek de stekker uit het stopcontact.
Laat de motor afkoelen.
Apparaat transporteren
Beveilig het apparaat op het transportmiddel tegen omkantelen, vallen of weg-
glijden.
Apparaat optillen
Ernstig verwondingsgevaar door vallend apparaat.
Het apparaat heeft geen optil- of sjorpunten.
Beveilig het apparaat bij het optillen tegen het omkantelen, vallen of wegglijden,
bijv. in een gesloten transportbak.
Herinbedrijfname
Monteer en bevestig voorafgaand aan de herinbedrijfname apparaten, apparaat-
onderdelen, toebehoren of gereedschappen die voor transportdoeleinden waren
verwijderd.
Ga uitsluitend volgens de bedieningshandleiding te werk.
3.5 Bedrijfsveiligheid
Explosieve omgeving
Bedien het apparaat nooit in explosiegevaarlijke omgevingen.
M1000, M2000, M3000 3 Veiligheid
Bedieningshandleiding 15
Werkomgeving
Maak u vertrouwd met de werkomgeving voordat u met de werkzaamheden be-
gint. Daartoe behoren bijv. de volgende punten:
Obstakels in de werk- en verkeerszone.
Draagvermogen van de bodem.
Noodzakelijke afscherming van de bouwlocatie, vooral voor het openbare
verkeer.
Noodzakelijke afscherming van wanden en plafonds.
Mogelijkheden voor hulp bij ongevallen.
Apparaat in bedrijf stellen
Let op de veiligheids- en waarschuwingsaanwijzingen op het apparaat en in de
bedieningshandleiding.
Stel nooit een apparaat in werking dat moet worden onderhouden of gerepa-
reerd.
Stel het apparaat volgens de bedieningshandleiding in werking.
Veilige stand
Let altijd op een veilige stand wanneer u met het apparaat werkt. Dit geldt vooral
bij het werken op steigers, ladders, oneffen of glibberige bodem enz.
Pas op voor hete onderdelen
Raak het hete trilnaaldlichaam tijdens of vlak na het bedrijf niet aan. Het trilnaald-
lichaam kan zeer heet worden en verbrandingen veroorzaken.
Pas op voor bewegende onderdelen
Houd handen, voeten en losse kleding op een afstand van beweeglijke of rote-
rende onderdelen van het apparaat. Ernstig verwondingsgevaar door intrekken
of beknellen.
Componenten van het apparaat niet gebruiken als opstapje of om u te zekeren
Gebruik beschermslang, aansluitsnoer, aansluitkabel of andere componenten
van het apparaat nooit om omhoog te klimmen of u te zekeren.
Flexibele as beschermen
Buig of knik de flexibele as niet te veel.
Trek de flexibele as niet over scherpe randen.
Indien de flexibele as vast komt te zitten in de wapening, schakel de aandrijving
uit en koppel de flexibele as los van de aandrijving. Vervolgens de vastgeklemde
flexibele as door voorzichtig heen en weer bewegen losmaken.
3 Veiligheid M1000, M2000, M3000
16 Bedieningshandleiding
Apparaat uitschakelen
Schakel in de volgende gevallen het apparaat uit en trek de stekker uit het stop-
contact:
Voor pauzes.
Als u het apparaat niet gebruikt.
Wacht voor het neerleggen van het apparaat tot het volledig tot stilstand is ge-
komen.
Zet resp. leg het apparaat zodanig neer, dat het niet kan kantelen, vallen of weg-
glijden.
Opslag
Zet of leg het apparaat veilig neer, zodat het niet kan kantelen, vallen of wegglij-
den.
Opslaglocatie
Berg het afgekoelde apparaat na gebruik op een afgesloten, schone, vorstveilige
en droge locatie op, die niet toegankelijk is voor kinderen.
Vibratiebelasting
Bij internsief gebruik van apparaten die met de hand worden bediend, kan lan-
getermijn-schade veroorzaakt door trillingen niet helemaal worden uitgesloten.
Volg de geldende wettelijke bepalingen en richtlijnen om de vibratiebelasting zo
laag mogelijk te houden.
Informatie over de vibratiebelasting van apparaten vindt u in het hoofdstuk Tech-
nische gegevens.
3.6 Veiligheid bij de werking van handapparaten
Handapparaat volgens de voorschriften neerleggen
Leg het apparaat voorzichtig neer. Gooi het apparaat niet op de grond en gooi
het niet van grotere hoogte omlaag. Bij het neergooien kan het apparaat andere
personen verwonden of zelf beschadigd raken.
Veilig werken met handapparaten
Houd het apparaat bij gebruik uitsluitend in de daarvoor bestemde handgreep.
M1000, M2000, M3000 3 Veiligheid
Bedieningshandleiding 17
3.7 Veiligheid bij de werking van elektrische apparaten
Specifieke voorschriften voor elektrische apparaten
Neem de veiligheidsvoorschriften in acht uit de brochure Algemene veiligheids-
voorschriften die bij het apparaat is geleverd.
Neem ook landspecifieke voorschriften, normen en richtlijnen voor ongevalspre-
ventie met betrekking tot elektrische installaties en apparaten in acht.
WAARSCHUWING Lees alle veiIigheidsvoorschriften en aanwijzingen.
Wanneer veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen niet in acht worden genomen,
kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiIigheidsvoorschriften en aanwijzingen voor eventuele raad-
pleging in de toekomst.
Stroomvoorziening voor elektrische apparaten van de beschermingscategorie I
Aanwijzing:De nominale spanning vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
U moet het apparaat aansluiten op een stopcontact met geaard contact 15 A/
16 A met een afdoende overspanningbeveiliging.
Een van de volgende foutstroomschakelaars is vereist:
Standaard foutstroomschakelaar (pulsstroom sensitief type A).
Foutstroomschakelaar (sensitief voor universele stroom, type B).
U mag het apparaat alleen aan stroomvoorzieningen aansluiten als alle onder-
delen ervan in technisch onberispelijke toestand zijn. Let vooral op de volgende
onderdelen:
Stekker.
Aansluitsnoer over de totale lengte.
Schakelaarmembraan van de aan/uitschakelaar, indien aanwezig.
Stopcontacten.
U mag het apparaat uitsluitend aan stroomvoorzieningen aansluiten met intacte
aardaansluiting (PE).
Bij aansluiting op vaste of mobiele stroomgeneratoren moet minstens één van
de volgende veiligheidsvoorzieningen aanwezig zijn:
Foutstroomschakelaar.
ISO-volgschakelaar.
IT-net.
Wanneer u het apparaat aansluit op een bouwstroomverdeler, moet deze ge-
aard zijn.
Aanwijzing:Neem de geldende landelijke veiligheidsrichtlijnen in acht!
3 Veiligheid M1000, M2000, M3000
18 Bedieningshandleiding
Verlengkabel
Gebruik het apparaat uitsluitend met onbeschadigde en geteste verlengkabels!
Gebruik uitsluitend verlengkabels met een aardleider en een correcte aardleider-
aansluiting aan de stekker en de koppeling (alleen voor apparaten van bescher-
mingscategorie I, zie hoofdstuk Technische gegevens).
Gebruik uitsluitend geteste verlengkabels die geschikt zijn voor gebruik op de
bouwlocatie: Middelste rubberslangleiding H05RN-F of beter – Wacker Neuson
adviseert H07RN-F, een SOOW-kabel of een landspecifieke gelijkwaardige uit-
voering.
Vervang verlengkabels met beschadigingen (bijv. scheuren in de mantel) of los-
zittende stekkers en koppelingen onmiddellijk.
Kabeltrommels en meervoudig stopcontacten moeten aan dezelfde eisen vol-
doen als verlengkabels.
Bescherm verlengkabels, meervoudige stopcontacten, kabeltrommels en aan-
sluitkoppelingen tegen regen, sneeuw of andere vormen van vocht.
Kabeltrommel helemaal afrollen
Brandgevaar door niet afgerolde kabeltrommel.
Voor gebruik de kabeltrommel helemaal afrollen.
Aansluitsnoer beschermen
Gebruik het aansluitsnoer niet voor het trekken aan of optillen van het apparaat.
Trek de stekker van het aansluitsnoer niet aan het snoer uit het stopcontact.
Bescherm het aansluitsnoer tegen hitte, olie en scherpe randen.
Laat de aansluitsnoer bij beschadiging of een loszittende stekker onmiddellijk
door uw contactpersoon bij Wacker Neuson vervangen.
3.8 Onderhoud
Onderhoudswerkzaamheden
Verzorgings- en onderhoudswerkzaamheden mogen slechts worden uitgevoerd
voor zover ze in deze bedieningshandleiding zijn beschreven. Alle overige werk-
zaamheden bijv. het vervangen van de aansluitkabel, moeten worden uitgevoerd
via uw contactpersoon bij Wacker Neuson, om problemen met de veiligheid te
voorkomen.
Verdere informatie vindt u in het hoofdstuk Onderhoud.
Loskoppelen van de stroomvoorziening
Voor verzorgings- en onderhoudswerkzaamheden moet u de stekker uit het
stopcontact trekken om het apparaat van de stroomvoorziening los te koppelen.
M1000, M2000, M3000 3 Veiligheid
Bedieningshandleiding 19
Reiniging
Houd het apparaat altijd schoon en reinig het na elk gebruik.
Gebruik geen brandstoffen of oplosmiddelen. Explosiegevaar!
Gebruik geen hogedrukreinigers. Indringend water kan het apparaat beschadi-
gen. Bij elektrische apparaten bestaat ernstig verwondingsgevaar door elektri-
sche schokken.
3.9 Veiligheids- en aanwijsstickers
Er bevinden zich stickers op het apparaat die belangrijke aanwijzingen en veilig-
heidsinstructies bevatten.
Houd alle stickers in leesbare toestand.
Vervang ontbrekende of niet leesbare stickers.
De artikelnummers van de stickers vindt u in de catalogus met reserveonder-
delen.
2
Pos. Sticker Beschrijving
1 WAARSCHUWING
Bedieningshandleiding lezen, om het risi-
co op letsel te verminderen.
Gehoorbescherming dragen.
Gebruiksstand aanhouden.
Inhoud van het pakket HMS
20 Bedieningshandleiding
4 Inhoud van het pakket
De individuele componenten van het apparaat moet u apart bestellen.
De totale inhoud van het pakket bestaat uit:
Aandrijving.
Flexibele as.
Trilnaaldlichaam.
Bedieningshandleiding.
Catalogus met reserveonderdelen.
Algemene veiligheidsvoorschriften.
HMS Beschrijving
Bedieningshandleiding 21
5 Beschrijving
5.1 Toepassingsgebied
Gebruik het apparaat alleen volgens de voorschriften, zie hoofdstuk Veiligheid,
Gebruik in overeenstemming met de bestemming.
5.2 Werking
Principe
Het apparaat bestaat uit de volgende componenten:
Aandrijving.
Flexibele as.
Trilnaaldlichaam.
U kunt deze componenten in verschillende uitvoeringen combineren, afhankelijk
van de gebruiksomstandigheden.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Aandrijving 3 Trilnaaldlichaam
2 Flexibele as
Beschrijving HMS
22 Bedieningshandleiding
De aandrijving drijft via de flexibele as het trilnaaldlichaam aan, die hoogfrequen-
te trilingen genereert. Door deze trillingen voert het trilnaaldlichaam cirkelbewe-
gingen uit.
Door het trilnaaldlichaam in het verse beton te dompelen, wordt het beton in het
werkbereik van het trilnaaldlichaam ontlucht en verdicht.
Het verse beton koelt tegelijkertijd het trilnaaldlichaam.
Aanwijzing: Zolang er luchtbelletjes opstijgen, wordt het beton verdicht.
5.3 Componenten en bedieningselementen van de aandrijving
Snelkoppeling
De snelkoppeling is een veilige verbinding van de flexibele as aan de aandrijving
en maakt het snel verwisselen van de flexibele as mogelijk.
Koolborstels
De koolborstels slijten door het gebruik. Als de koolborstels koter zijn dan een
minimumlengte, schakelt de motor automatisch uit.
Luchtfilter
Het luchtfilter dient voor de bescherming van de motor tegen vervuiling.
De luchtstroom komt via het luchtfilter in de behuizing van de aandrijving, koelt
de motor en stroomt er via het ventilatierooster weer uit.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Aan/uitschakelaar 6 Handgreep
2 Koolborstels (2 stuks) 7 Ventilatierooster
3 Ventilatiesleuven 8 Snelkoppeling
4 Aansluitsnoer 9 Aansluiting aan flexibele as
5 Luchtfilter
HMS Beschrijving
Bedieningshandleiding 23
5.4 Componenten van de flexibele as
5.5 Componenten van trilnaaldlichaam
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Beschermslang 4 Koppelstuk
2 Knikbeveiliging 5 Aansluiting aan aandrijving
3 Askern 6 Aansluiting aan trilnaaldlichaam
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Behuizing 3 Askernadapter
2 Aansluitstuk
Transport HMS
24 Bedieningshandleiding
6 Transport
Apparaat transporteren
1. Motor uitschakelen.
2. Wachten tot het apparaat volledig tot stilstand is gekomen.
3. Stekker uit het stopcontact trekken.
4. Flexibele as demonteren van de aandrijving.
5. Motor en trilnaaldlichaam laten afkoelen.
6. Alle componenten op een geschikt transportmiddel leggen.
7. Aansluitsnoer oprollen.
Aanwijzing: Aansluitsnoer niet knikken!
8. Alle componenten borgen tegen afvallen of wegglijden.
HMS Bediening
Bedieningshandleiding 25
7Bediening
7.1 Voorafgaand aan inbedrijfname
Het apparaat is na het uitpakken bedrijfsklaar.
Aanwijzing voor stekkerloze uitvoering (niet EU-landen)
Controles uitvoeren
f Controleren of stroomnet of bouwplaatsverdeler de juiste bedrijfsspanning
heeft (zie typeplaatje van het apparaat of hoofdstuk Technische gegevens).
f Controleren of stroomnet of bouwplaatsverdeler zijn beveiligd conform de
geldende landelijke normen en richtlijnen.
WAARSCHUWING
Ondeskundige behandeling kan resulteren in letsel of zware materiële schade.
f Alle veiligheidsvoorschriften van deze bedieningshandleiding lezen en op-
volgen, zie hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
WAARSCHUWING
Kruipstromen door indringend vocht.
Letsel door door elektrische schokken.
f In vochtige omgeving het apparaat in de gebruiksstand houden of uitzetten.
f Verlengkabel in IPx4-uitvoering gebruiken, zodat de verbinding stekker/kop-
peling spatwaterdicht is.
GEVAAR
Ondeskundige montage van stekker.
Levensgevaar door elektrische schok.
f Het monteren van de stekker en de aansluitende controle van de veiligheid
mag uitsluitend gebeuren door een erkend elektriciën conform de geldende
richtlijnen.
f Montagevoorschrift in acht nemen.
Bediening HMS
26 Bedieningshandleiding
7.2 Trilnaaldlichaam monteren
Flexibele as vastschroeven aan trilnaaldlichaam
1. Flexibele as in een bankschroef met prismabekken inspannen.
2. Schroefdraadafdichtmiddel op de schroefdraad van de flexibele as smeren.
3. Trilnaaldlichaam met de schroefdraad op de flexibele as steken, daarbij de
askern invoeren in de askernadapter van het trilnaaldlichaam.
4. Trilnaaldlichaam op de flexibele as schroeven (let op, linkse schroefdraad!)
en met grote waterpomptang vastschroeven.
5. Schroefdraadafdichtmiddel 24 uur laten uitharden.
WAARSCHUWING
Draaiende onderdelen.
Verwondingen aan de handen is mogelijk.
f Aandrijving uitschakelen.
f Flexibele as loskoppelen van de aandrijving.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Trilnaaldlichaam 3 Flexibele as
2 Schroefdraad
HMS Bediening
Bedieningshandleiding 27
Flexibele as koppelen aan de aandrijving
1. Aandrijving rechtop op de vloer zetten.
Aandrijving moet uitgeschakeld zijn.
2. Snelkoppeling iets optillen.
3. Koppelstuk van de flexibele as in de koppeling van de aandrijving steken,
daarbij de askern invoeren in de askernadapter van het trilnaaldlichaam.
4. Koppelstuk van de flexibele as tot aan de aanslag invoeren.
5. Snelkoppeling loslaten.
6. Flexibels as draaien, tot de snelkoppeling vastklikt.
7. Door te trekken aan de flexibele as controleren of de snelkoppeling volledig
vastgeklikt is.
Aanwijzing: Als de askern van de flexibele as nieuw is, moet u de aandrijving
ca. 5 minuten met aangesloten flexibele as (evt. ook met trilnaald-
lichaam) laten inlopen.
Pos. Benaming
1 Flexibele as
2 Koppelstuk
3 Snelkoppeling
Bediening HMS
28 Bedieningshandleiding
7.3 In bedrijf stellen
Apparaat aan de stroomvoorziening aansluiten
1. Aan/uitschakelaar uitschakelen.
Aanwijzing: Als de aan/uitschakelaar is ingeschakeld, begint het apparaat
bij aansluiting meteen te werken. Het apparaat kan om zich heen slaan en
daardoor personen verwonden of zelf beschadigd raken.
2. Indien nodig goedgekeurde verlengkabel op het aansluitsnoer van het appa-
raat aansluiten.
Aanwijzing: Toegelaten lengtes en diameters van het litzendraad van ver-
lengkabels staan vermeld in het hoofdstuk Technische gegevens.
3. Stekker in het stopcontact steken.
LET OP
Elektrische spanning.
Foutieve spanning kan schade aan het apparaat veroorzaken.
f Controleren of de spanning van de stroombron overeenkomt met de gege-
vens op het apparaat, zie hoofdstuk Technische gegevens.
WAARSCHUWING
Elektrische spanning.
Letsel door door elektrische schokken.
f Aansluitsnoer en verlengkabel controleren op beschadigingen.
f Uitsluitend verlengkabels gebruiken waarvan de aardleider is aangesloten
op de stekker en de koppeling (alleen voor apparaten van
beschermingscategorie I).
HMS Bediening
Bedieningshandleiding 29
Apparaat inschakelen
1. Trilnaaldlichaam aan de beschermslang van de vloer tillen om beschadigin-
gen aan het apparaat of de ondergrond te voorkomen.
2. Apparaat inschakelen met de aan/uitschakelaar.
Vers beton verdichten
1. Trilnaaldlichaam snel in het verse beton dompelen, meerdere seconden on-
dergedompeld laten en langzaam uittrekken.
2. Trilnaaldlichaam in alle delen van de bekisting onderdompelen en het verse
beton verdichten.
Aanwijzing:
Verdicht met name intensief in de buurt van de hoeken en de bekisting van-
wege de hogere wapeningsdichtheid.
Zorg dat het trilnaaldlichaam de bekisting zo mogelijk niet raakt. Zowel het
trilnaaldlichaam als het beton, als het zich reeds in het bindingsproces be-
vindt, kan schade oplopen.
Hoe lang het trilnaaldlichaam in het beton moet blijven, hangt af van de dia-
meter van het trilnaaldlichaam, de consistentie van het beton en de dikte van
de laag.
Aan de volgende punten kunt u zien of het beton voldoende verdicht is:
Het beton zet zich niet meer.
Er stijgen geen of vrijwel geen luchtbelletjes meer op.
Het geluid van het trilnaaldlichaam verandert niet meer.
Pos. Benaming
1 Aan/uitschakelaar
Bediening HMS
30 Bedieningshandleiding
7.4 Buiten werking stellen
Apparaat uitschakelen
1. Apparaat langzaam uit het verse beton trekken, trilnaaldlichaam in de lucht
houden.
2. Apparaat uitschakelen met de aan/uitschakelaar.
3. Wachten tot het apparaat volledig tot stilstand is gekomen.
4. Apparaat langzaam neerleggen.
Aanwijzing: Beschermslang en aansluitsnoer niet knikken!
5. Stekker uit het stopcontact trekken.
Flexibele as loskoppelen van de aandrijving
1. Snelkoppeling iets optillen.
2. Koppelstuk van de flexibele as uit de koppeling van de aandrijving trekken.
3. Snelkoppeling loslaten.
LET OP
Autonome beweging van het werkende trilnaaldlichaam buiten het verse beton.
Letselgevaar of gevaar voor materiële schade door om zich heen slaand tril-
naaldlichaam.
f Apparaat uitschakelen alvorens het neer te leggen.
LET OP
Verhitting van het werkende trilnaaldlichaam buiten het verse beton.
Verbrandingsgevaar door hete oppervlakken.
Beschadiging van het apparaat door verhoogde slijtage.
f Apparaat niet buiten het verse beton laten draaien.
LET OP
Opwarming van de koppeling van de flexibele as tijdens gebruik.
Verbrandingsgevaar door hete oppervlakken.
f Koppeling van de flexibele as laten afkoelen voordat u deze aanraakt.
HMS Bediening
Bedieningshandleiding 31
Apparaat reinigen
Apparaat na elk gebruik reinigen.
1. Trilnaaldlichaam en beschermslang met water reinigen.
Aanwijzing: Betonrestanten kunt u verwijderen door het werkende apparaat
onder te dompelen in een grindbed.
2. Aandrijving met een vochtige, schone doek afvegen.
3. Ventilatierooster met een geschikt hulpmiddel schoonmaken.
Onderhoud HMS
32 Bedieningshandleiding
8 Onderhoud
WAARSCHUWING
Ondeskundige behandeling kan resulteren in letsel of zware materiële schade.
f Alle veiligheidsvoorschriften van deze bedieningshandleiding lezen en op-
volgen, zie hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
WAARSCHUWING
Elektrische spanning.
Letsel door door elektrische schokken.
f Voor alle werkzaamheden aan het apparaat de stekker uit het stopcontact
trekken.
HMS Onderhoud
Bedieningshandleiding 33
8.1 Onderhoudsplan
Aanwijzing: De hier genoemde tijdintervallen zijn richtwaarden voor normaal
bedrijf. Bij extreem bedrijf, bijv. ononderbroken inzet, halveert u de
onderhoudsintervallen.
Activiteit Dagelijks
vóór be-
drijf
Om de
50 uur
Om de
100 uur
Om de
300 uur
Aansluitsnoer controleren op
onberispelijke toestand – bij
een defect het aansluitsnoer
laten vervangen.*
* Laat deze werkzaamheden door de service van uw Wacker Neuson contactpersoon
uitvoeren.
Visuele controle van alle
onderdelen op beschadiging.
Aandrijving reinigen:
- Luchtinlaat op luchtfilter.
- Luchtuitlaat van ventilatie-
rooster.
Controleren of de verbindin-
gen goed vastzitten:
- Flexibele as – trilnaald-
lichaam: Zo nodig vast-
draaien.
- Flexibele as – aandrijving:
Zo nodig koppelstuk goed
laten vastklikken.
Luchtfilter reinigen.
Koolborstels controleren – zo
nodig vervangen.
Slijtagematen van het tril-
naaldlichaam controleren.
Flexibele as smeren en
kunststofbus vervangen.
Olie in trilnaaldlichaam ver-
versen.
Onderhoud HMS
34 Bedieningshandleiding
8.2 Onderhoudswerkzaamheden
Werken in de werkplaats
Voer werkzaamheden in een werkplaats op een werkbank uit. Dit heeft de vol-
gende voordelen:
Bescherming van het apparaat tegen vuil op de bouwplaats.
Een vlak en schoon werkoppervlak vereenvoudigt het werk.
Kleine onderdelen zijn beter zichtbaar en gaan minder gauw verloren.
8.2.1 Visuele controle
Apparaat controleren
f Alle componenten van het apparaat controleren op beschadiging en scheu-
ren.
WAARSCHUWING
Beschadiging van een apparaatonderdeel of het aansluitsnoer kan resulteren in
lichamelijk letsel door elektrische stroom.
f Beschadigd apparaat niet gebruiken.
f Beschadigd apparaat onverwijld laten repareren.
HMS Onderhoud
Bedieningshandleiding 35
8.2.2 Aandrijving
Luchtfilter reinigen
1. Inbusbout met passende inbussleutel SW 5 losschroeven en luchtfilterdeksel
verwijderen.
2. Luchtfilter verwijderen en met schoon water uitwassen.
Aanwijzing: Bij sterke vervuiling, luchtfilter vervangen.
3. Ventilatiesleuven met een geschikt hulpmiddel schoonmaken.
4. Het droge luchtfilter plaatsen.
5. Luchtfilterdeksel plaatsen.
6. Inbusbout met passende inbussleutel SW 5 indraaien en handvast vastzet-
ten.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Inbusschroef 3 Luchtfilter
2 Luchtfilterdeksel 4 Ventilatiesleuven
Onderhoud HMS
36 Bedieningshandleiding
Koolborstels controleren/vervangen
Voorbereidingen uitvoeren
1. Stekker uit het stopcontact trekken.
2. Vuil in de buurt van de dop verwijderen.
Koolborstels verwijderen
1. Dop van de koolborstels (aan beide kanten van de aandrijving) met passende
schroevendraaier losdraaien en samen met de O-ring verwijderen.
2. Koolborstel eruit trekken.
3. Met potlood montagestand en positie van de koolborstel markeren voor het
weer inbouwen.
Koolborstels controleren
f Minimumlengte van koolborstels controleren.
Aanwijzing: Als minimaal één koolborstel korter is dan de minimumlengte,
moet u beide koolborstels vervangen.
WAARSCHUWING
Ondeskundige vervanging van onderdelen.
Levensgevaar door elektrische schok.
f Vervanging van onderdelen en de aansluitende controle van de veiligheid
mag uitsluitend gebeuren door een erkend elektriciën conform de geldende
richtlijnen.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Dop 3 Koolborstels
2 O-ring 4 Minimumlengte 10 mm
HMS Onderhoud
Bedieningshandleiding 37
Koolborstels plaatsen
1. Koolborstels (aan beide kanten van de aandrijving) plaatsen.
Bij gebruikte koolborstels op oorspronkelijke montagestand en positie letten,
om beschadiging en vonkvorming op de collector te voorkomen.
2. Dop met O-ring indraaien en met schroevendraaier handvast vastschroeven.
Aanwijzing: Als u nieuwe koolborstels geplaatst hebt, moet u de aandrijving ca.
5 minuten zonder aangesloten flexibele as laten inlopen.
8.2.3 Flexibele as
Askern demonteren
1. Vuil in de buurt van het koppelstuk verwijderen.
2. Flexibele as in een bankschroef met prismabekken inspannen.
3. Koppelstuk met grote waterpomptang of speciaalsleutel (toebehoren) los-
schroeven.
4. Askern helemaal uit de beschermslang trekken.
5. Askern met een schone, pluisvrije doek afvegen.
Aanwijzing: Reinig de askern of de beschermslang niet met oplosmiddelen!
6. Schroefdraad van het koppelstuk en de flexibele as met staalborstel en reini-
gingsmiddel reinigen.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Flexibele as 3 Koppelstuk
2Askern
Onderhoud HMS
38 Bedieningshandleiding
Kunststofbus vervangen
1. Borgring met een schroevendraaier verwijderen.
2. Kunststofbus evt. met een trekgereedschap uittrekken.
3. Lagerpunt met een schone, pluisvrije doek afvegen.
4. Nieuwe kunststofbus invoeren.
5. Borgring met de welving naar binnen insteken, tot alle tanden in de groeven
liggen.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Flexibele as 3 Borgring
2 Kunststofbus
HMS Onderhoud
Bedieningshandleiding 39
Askern smeren
Aanwijzing: Als de flexibele as beschadigingen of inloopsporen heeft, moet u
de flexibele as vervangen.
f Askern met de handen gelijkmatig dun met speciaalsmeermiddel (toebeho-
ren) invetten.
Flexibele as samenbouwen
1. Askern helemaal invoeren in de beschermslang en daarbij draaien.
Door het draaien van de askern verdeelt het speciaalsmeermiddel zich.
2. Askern invoeren in de askernadapter van het trilnaaldlichaam.
3. Schroefdraadafdichtmiddel (toebehoren) op de schroefdraad van het koppel-
stuk smeren.
4. Koppelstuk op de flexibele as schroeven en met grote waterpomptang of spe-
ciaalsleutel (toebehoren) vastschroeven.
5. Controleren of de askern soepel beweegt, daarbij de speciaalsleutel (toebe-
horen) draaien.
Aanwijzing: Als de askern nieuw is, moet u de aandrijving ca. 5 minuten met
aangesloten flexibele as (evt. ook met trilnaaldlichaam) laten inlo-
pen.
Pos. Benaming
1Askern
2 Beschermslang
Onderhoud HMS
40 Bedieningshandleiding
8.2.4 Trilnaaldlichaam
Slijtagematen van het trilnaaldlichaam controleren
Slijtagematen zijn:
Minimumdiameter trilnaaldlichaam (H-trilnaaldlichaam).
Minimumsleutelwijdte van het vierkant (HA-trilnaaldlichaam).
De slijtage is het grootst aan het uiteinde van het trilnaaldlichaam.
Wanneer een slijtagemaat op een bepaalde plek is bereikt, laat u het buisonder-
deel vervangen door uw contactpersoon bij Wacker Neuson.
Trilnaaldlichaam Slijtagemaat [mm] Originele maat [mm]
H 25, H 25S 24,0 25,0
H 35, H 35S 32,0 35,0
H 45, H 45S 41,0 45,0
H 55 52,0 57,0
H 65 58,0 65,0
H 25HA 25,0 26,2
H 35HA 32,0 36,0
H 45HA 39,0 45,0
H 50HA 46,0 50,0
HMS Onderhoud
Bedieningshandleiding 41
Olie in trilnaaldlichaam verversen
Trilnaaldlichaam openen
1. Vuil in de buurt van het aansluitstuk verwijderen.
2. Flexibele as in een bankschroef met prismabekken inspannen.
3. Trilnaaldlichaam met grote waterpomptang van de flexibele as losschroeven
(let op, linkse schroefdraad!).
4. Schroefdraad van het trilnaaldlichaam en de flexibele as met staalborstel en
reinigingsmiddel reinigen.
5. Trilnaaldlichaam in de buurt van het aansluitstuk inspannen.
6. Behuizing met een grote waterpomptang van het aansluitstuk losschroeven.
Olieverversen
1. Olie uitgieten en milieuvriendelijk afvoeren.
2. Schroefdraad van het aansluitstuk en het trilnaaldlichaam met staalborstel en
reinigingsmiddel reinigen.
3. De juiste hoeveelheid olie volgens de specificaties vullen in de behuizing, zie
hoofdstuk Technische gegevens.
Pos. Benaming Pos. Benaming
1 Behuizing 3 Askernadapter
2 Aansluitstuk
Onderhoud HMS
42 Bedieningshandleiding
Trilnaaldlichaam samenbouwen
1. Schroefdraadafdichtmiddel op de schroefdraad van de behuizing smeren.
2. Behuizing op het aansluitstuk schroeven en met grote waterpomptang vast-
schroeven.
3. Schroefdraadafdichtmiddel op de schroefdraad van de flexibele as smeren.
4. Trilnaaldlichaam met de schroefdraad op de flexibele as steken, daarbij de
askern invoeren in de askernadapter van het trilnaaldlichaam.
5. Trilnaaldlichaam op de flexibele as schroeven (let op, linkse schroefdraad!)
en met grote waterpomptang vastschroeven.
6. Schroefdraadafdichtmiddel 24 uur laten uitharden.
HMS Storingen verhelpen
Bedieningshandleiding 43
9 Storingen verhelpen
De volgende tabel geeft een overzicht van mogelijke storingen, oorzaken en op-
lossingen.
Storing Oorzaak Oplossing
Het apparaat functioneert niet. Aansluitsnoer onderbroken. Aansluitsnoer controleren, bij
defect laten vervangen.*
* Laat deze werkzaamheden door de service van uw Wacker Neuson contactpersoon uitvoeren.
Koolborstels versleten. Koolborstels vervangen.
Foutstroomschakelaar uitge-
schakeld.
Foutstroomschakelaar inscha-
kelen.
Aan/uitschakelaar defect. Aan/uitschakelaar laten vervan-
gen. *
Zekering van de stroomvoorzie-
ning geactiveerd.
Zekering resetten.
Motor doorgebrand. Aandrijving vervangen.
Apparaat stopt plotseling. Koolborstels versleten. Koolborstels vervangen.
Motor maakt lawaai. Koolborstels gebroken. Koolborstels vervangen.
Lagers van de aandrijving ver-
sleten.
Apparaatonderdelen laten ver-
vangen. *
Rotor slijpt in op stator.
Motor draait normaal, maar
raakt oververhit.
Luchtfilter, ventilatierooster of
ventilatiesleuven verstopt.
Vuil verwijderen, evt. luchtfilter
vervangen.
Teveel speciaalsmeermiddel in
de flexibele as.
Overtollig speciaalsmeermiddel
met een doek verwijderen.
Teveel olie in trilnaaldlichaam. Overtollige olie verwijderen.
Motor draait langzaam en raakt
oververhit.
Ingangsspanning te laag. Zorgen voor correcte netspan-
ning.
Leidingdoorsnede van de ver-
lengkabel te klein.
Verlengkabel met voldoende
leidingdoorsnede gebruiken.
Foute combinatie van trilnaald-
lichaam en flexibele as.
Alleen combinatie volgens tabel
gebruiken, zie hoofdstuk Tech-
nische gegevens.
Askern van de flexibele as niet
voldoende gesmeerd.
Askern smeren.
Lagers van het trilnaaldlichaam
of de aandrijving versleten.
Apparaatonderdelen laten ver-
vangen. *
Rotor slijpt in op stator.
Storingen verhelpen HMS
44 Bedieningshandleiding
10 Afvoer
45
10 Afvoer
10.1 Afvoer van oude elektrische en elektronische apparaten
Voor klanten in EU-landen
Dit apparaat is onderhevig aan de Europease richtlijn 2002/96/EG m.b.t. afval
van elektrische en elektronische apparaten (AEEA) en aan de betreffende natio-
nale wetgeving. De AEEA-richtlijn schrijft daarbij het kader voor een EU-wijd gel-
dige verwerking van oude elektrische en elektronische apparaten voor.
Het apparaat wordt gekenmerkt door het hiernaast afgebeelde
symbool van een doorgestreepte afvalbak. Dit betekent dat u het
niet bij het normale huisafval mag gooien, maar het moet afvoeren
naar een milieuvriendelijk inzamelpunt voor gescheiden afval.
Dit apparaat is uitsluitend bedoeld als professioneel elektrisch ge-
reedschap voor beroepsdoeleinden (zogenaamd B2B-apparaat volgens
AEEA-richtlijn). In tegenstelling tot overwegend huishoudelijk gebruikte appara-
ten (zogenaamde B2C-apparaten) mag dit apparaat daarom in sommige EU-lan-
den niet bij inzamelpunten van publieksrechtelijke afvoerinstanties (bijv. commu-
nale milieuparken) worden afgegeven. Informeer bij twijfel bij uw verkoopvesti-
ging naar de voorgeschreven afvoerprocedure voor elektrische of elektronische
B2B-apparaten in uw land en zorg altijd voor een afvoer volgens de wettelijke
voorschriften. Neem ook betreffende aanwijzingen in de verkoopovereenkomst
of de algemene bedrijfsvoorwaarden van uw verkoopvestiging in acht.
Een vakkundige afvoer van dit apparaat vorkomt negatieve uitwerkingen op
mens en milieu, dient de gerichte verwerking van schadelijke stoffen en maakt
hergebruik van waardevolle grondstoffen mogelijk.
Voor klanten in andere landen
Een vakkundige afvoer van dit apparaat vorkomt negatieve uitwerkingen op
mens en milieu, dient de gerichte verwerking van schadelijke stoffen en maakt
hergebruik van waardevolle grondstoffen mogelijk. Wij adviseren daarom dit ap-
paraat niet bij het normale huisafval weg te gooien, maar het af te voeren naar
een milieuvriendelijk inzamelpunt voor gescheiden afval. Ook de nationale wetg-
geving schrijft onder omstandigheden de gescheiden afvoer van elektrische en
elektronische producten voor. Zorg altijd voor een afvoer van dit apparaat vol-
gens de wettelijke voorschriften in uw land.
Toebehoren HMS
46 Bedieningshandleiding
11 Toebehoren
Voor het apparaat wordt een uitgebreid pakket toebehoren aangeboden.
Informatie over de afzonderlijke toebehoren is verkrijgbaar in het internet onder
www.wackerneuson.com.
11.1 Speciaalsleutel voor flexibele as
Met de speciaalsleutel kunt u het koppelstuk van de flexibele as eenvoudiger de-
monteren.
11.2 Schroefdraadafdichtmiddel
Het schroefdraadafdichtmiddel hebt u nodig voor het afdichten van de schroef-
draadverbinding tussen trilnaaldlichaam en flexibele as evenals tussen koppel-
stuk en flexibele as.
11.3 Speciaalsmeermiddel voor flexibele assen
Het Wacker Neuson speciaalsmeermiddel hebt u nodig voor de smering van de
askern van flexibele assen.
11.4 SS-adapter
Met de SS-adapter kunt u twee flexibele assen type S met elkaar verbinden.
De verschillende lengten van de flexibele assen vindt u in het hoofdstuk Techni-
sche gegevens.
LET OP
Overbelasting van de motor.
Te lange flexibele assen kunnen overbelasting van de motor veroorzaken.
f Totale lengte van 9 m aanhouden.
HMS Toebehoren
Bedieningshandleiding 47
11.5 Draaggordel
Met de draaggordel kunt u de aandrijving dragen, als u vaak van positie moet
wisselen.
WAARSCHUWING
Ondeskundige bediening van het toebehoren kan tot letsel of zware materiële
schade leiden.
f Draagriem uitsluitend aan de achterste greep van de aandrijving bevestigen.
Technische gegevens HMS
48 Bedieningshandleiding
12 Technische gegevens
12.1 Aandrijving
Aanwijzing: Alle aandrijvingen zijn dubbelgeïsoleerd. Daarnaast is bij enkele
type een aardaansluiting aanwezig.
M-motor 230 V
Benaming Unit M 1000 M 2000 M 3000
Artikel-nr. 0005494 0005495 0006590 0005800
Kleur snelkoppeling Groen Geel Rood
Lengte x breedte x hoogte mm 350 x 160 x 200 350 x 160 x 200 350 x 160 x 200
Bedrijfsgewicht kg 5,7 6,4 8,4 7,9
Nominale spanning V 230 1~
Nominale frequentie Hz 50–60
Nominale vermogensop-
name
kW 1,06 1,33 2,13
Nominale stroomopname A 4,5 6,5 10,0
Nominaal toerental min
-1
15500 17500 16500
Aandrijfmotor Universele elektromotor
Beschermingscategorie *
* Volgens DIN EN 61140.
II I
Beschermingsklasse **
** Volgens DIN EN 60529.
IP24
Minimumlengte van de
koolborstels
mm 10,0
HMS Technische gegevens
Bedieningshandleiding 49
M-motor 110-125 V
Benaming Unit M 1000 M 2000 M 3000
Artikel-nr. 0005843 0007159 0007653 0005845
Lengte x breedte x hoogte mm 350 x 160 x 200
Bedrijfsgewicht kg 5,3 6,0 6,2 8,1
Nominale spanning V 110–125 1~
Nominale frequentie Hz 50–60
Nominale vermogensop-
name
kW 1,06 1,56 2,13
Nominale stroomopname A 9,0 15,0 20,0
Nominaal toerental min
-1
15500 17500 16500
Aandrijfmotor Universele elektromotor
Beschermingscategorie *
* Volgens DIN EN 61140.
I
Beschermingsklasse **
** Volgens DIN EN 60529.
IP24
Minimumlengte van de
koolborstels
mm 10,0
Technische gegevens HMS
50 Bedieningshandleiding
12.2 Geluids- en trillingsgegevens
12.3 Flexibele assen
Flexibele assen type S
Flexible assen type E
Benaming Unit HMS
Geluidsdruk L
pA
op plaats
van bediener *
* Volgens ISO 6081
dB(A) 85
Geluidsvermogenniveau
L
WA
**
** Volgens ISO 3744
dB(A) 96
Totale waarde van de tril-
lingen van de versnelling
a
hv
***
*** Vastgesteld conform DIN EN ISO 5349, gemeten op
2 m afstand van buisonderdeel, vrijhangend in de lucht,
bij nominaal toerental.
m/s
2
5
Meetafwijking van de tota-
le waarde van de trillingen
van de versnelling a
hv
m/s
2
1,0
Benaming Unit SM0-S SM1-S SM2-S SM3-S
Lengte m 0,5 1,0 2,0 3,0
Gewicht kg 1,3 2,7 4,3 5,9
Benaming Unit SM4-S SM5-S SM7-S SM9-S
Lengte m 4,0 5,0 7,0 9,0
Gewicht kg 7,1 9,3 12,9 15,1
Benaming Unit SM1-E SM2-E SM4-E
Lengte m 1,0 2,0 4,0
Gewicht kg 1,5 2,5 4,3
HMS Technische gegevens
Bedieningshandleiding 51
12.4 Trilnaaldlichaam
Standaard trilnaaldlichamen
HA-trilnaaldlichamen
Benaming Unit H25 H25S H35 H35S
Diameter mm 25 25 35 35
Lengte mm 440 295 410 310
Gewicht kg 1,3 0,8 2,1 1,6
Hoeveelheid olie ml 10 10 15 15
Oliespecificatie SAE 0W-30 (API SF of beter)
Benaming Unit H45 H45S H55 H65
Diameter mm 45 45 57 65
Lengte mm 385 305 410 385
Gewicht kg 3,4 2,8 5,4 6,8
Hoeveelheid olie ml 22 19 30 44
Oliespecificatie SAE 0W-30 (API SF of beter)
Benaming Unit H 25HA H 35HA H 45HA H 50HA
Sleutelwijdte mm26364550
Lengte mm 380 405 390 395
Gewicht kg 1,3 2,3 3,3 3,9
Hoeveelheid olie ml 10 20 30 50
Oliespecificatie SAE 0W-30 (API SF of beter)
Technische gegevens HMS
52 Bedieningshandleiding
12.5 Verlengkabel
Gebruik uitsluitend betrouwbare verlengkabels, zie hoofdstuk Veiligheid.
De vereiste litzendraaddoorsnede voor verlengkabels vindt u in de volgende
tabel:
Aanwijzing: De typeaanduiding en de spanning van uw apparaat vindt u op het
typeplaatje of via het artikelnummer in het hoofdstuk Technische
gegevens.
WAARSCHUWING
Elektrische spanning.
Letsel door elektrische schokken.
f Aansluitsnoer en verlengkabel controleren op beschadigingen.
f Uitsluitend verlengkabels gebruiken waarvan de aardleider is aangesloten
op de stekker en de koppeling (alleen voor apparaten uit beschermingscate-
gorie I, zie hoofdstuk Technische gegevens).
Apparaat Spanning
[V]
Verlenging
[m]
Doorsnede litzen-
draad
[mm
2
]
M 1000 110 – 125 < 33 1,5
< 55 2,5
< 88 4,0
230 < 133 1,5
< 150 2,5
M 2000 110 – 125 < 20 1,5
< 33 2,5
< 53 4,0
230 < 92 1,5
< 150 2,5
M 3000 110 – 125 < 25 2,5
< 40 4,0
230 < 60 1,5
< 100 2,5
HMS Technische gegevens
Bedieningshandleiding 53
Voorbeeld
U heeft een M2000/110 - 125 V en u wilt een verlengkabel van 25 m lengte ge-
bruiken.
Het apparaat heeft 110 - 125 V ingangsspanning.
Volgens de tabel moet uw verlengkabel een doorsnede van de litzendraad van
2,5 mm
2
hebben.
Aanwijzing: Gebruik uitsluitend verlengkabels > 5 m.
Technische gegevens HMS
54 Bedieningshandleiding
12.6 Toegelaten combinaties aandrijving – flexibele as – trilnaaldlichaam
Uitleg:
LET OP
Te grote trilnaaldlichamen of te lange flexibele assen zorgen voor overbelasting
van de aandrijving.
Overmatige slijtage en beschadiging van de componenten is mogelijk.
f Uitsluitend toegelaten combinaties van de componenten gebruiken.
Trilnaald-
lichaam
Aandrij-
ving
Flexibele assen
SM1-E SM2-E SM4-E
H 25 M 1000 + + +
M 2000 (+) (+) (+)
M 3000 (+) (+) (+)
H 25S M 1000 + + +
M 2000 (+) (+) (+)
M 3000 (+) (+) (+)
H 25HA M 1000 + + +
M 2000 + + +
M 3000 + + +
+ Deze combinatie is toegestaan.
(+) Deze combinatie is toegestaan, maar wordt niet aanbevolen.
Deze combinatie is niet toegestaan.
HMS Technische gegevens
Bedieningshandleiding 55
Trilnaald-
lichaam
Aandrij-
ving
Flexibele assen
SM0-S SM1-S SM2-S SM3-S SM4-S SM5-S SM7-S SM9-S
H 35 M 1000 ++++++
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
H 35SM 1000 ++++++
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
H 35HA M 1000
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
H 45 M 1000
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
H 45S M 1000
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
H 45HA M 1000
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
H 50HA M 1000
M 2000
M 3000 ++++++++
H 55 M 1000
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
H 65 M 1000
M 2000 ++++++++
M 3000 ++++++++
Technische gegevens HMS
56 Bedieningshandleiding
13 Verklarende woordenlijst
57
13 Verklarende woordenlijst
Beschermingscategorie
De beschermingscategorie volgens DIN EN 61140 onderscheidt elektrische ap-
paraten in relatie tot veiligheidsmaatregelen ter voorkoming van elektrische
schokken. Er zijn vier beschermingscategorieën:
Beschermingscategorie Betekenis
0 Geen bijzondere beveiliging naast de basisisolatie.
Geen aardleider.
Stekker zonder randaarde.
I Aansluiting van alle geleidende delen van de behuizing
op de aardleider.
Stekker met randaarde.
II Verbeterde of dubbele isolatie (veiligheidsisolatie).
Geen aansluiting op de aardleider.
Stekker zonder randaarde.
III Apparaten worden met veiligheidslaagspanning
(< 50 V) gebruikt.
Aansluiting aan de aardleider is niet nodig.
Stekker zonder randaarde.
13 Verklarende woordenlijst
58
Beschermingsklasse IP
De beschermingsklasse volgens DIN EN 60529 geeft de geschiktheid van elek-
trische apparaten voor bepaalde omgevingsomstandigheden en de beveiliging
tegen elektrische gevaren aan.
De beschermingsklasse wordt door een IP-code volgens DIN EN 60529 gespe-
cificeerd.
Code Betekenis 1. cijfer:
Bescherming tegen aanraking van gevaarlijke delen.
Bescherming tegen indringende vreemde voorwerpen.
0 Geen bescherming tegen aanraking.
Geen bescherming tegen vreemde voorwerpen.
1 Beschermd tegen aanraking met de bovenkant van de hand.
Beschermd tegen grote vreemde voorwerpen met een diameter van
>50mm.
2 Beveiligd tegen aanraking met een vinger.
Beveiligd tegen middelgrote vreemde voorwerpen (diameter > 12,5 mm).
3 Beveiligd tegen aanraking met een gereedschap (diameter > 2,5 mm).
Beschermd tegen kleine vreemde voorwerpen (diameter > 2,5 mm).
4 Beveiligd tegen aanraking met een draad (diameter > 1 mm).
Beveiligd tegen korrelvormige vreemde voorwerpen (diameter > 1 mm).
5 Beschermd tegen aanraking.
Beschermd tegen afzetting van stof aan de binnenkant.
6 Volledig beschermd tegen aanraking.
Beschermd tegen binnenkomend stof.
Code Betekenis 2. cijfer:
Bescherming tegen binnendringend water
0 Geen bescherming tegen binnenkomend water.
1 Beschermd tegen loodrecht vallend drupwater.
2 Beschermd tegen schuin vallend drupwater (15° afwijking).
3 Beschermd tegen spatwater (60° afwijking).
4 Beveiligd tegen spatwater uit alle richtingen.
5 Beschermd tegen een waterstraal (sproeier) uit willekeurige hoek.
6 Beschermd tegen een sterke waterstraal (overstroming).
7 Beschermd tegen tijdelijk onderdompelen in water.
8 Beschermd tegen langdurig onderdompelen in water.
Vertaling van de originele conformiteitverklaring
EU - conformiteitverklaring
Fabrikant
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Preußenstraße 41, 80809 München
Product
Richtlijnen en normen
Hiermee verklaren we dat dit product aan de betreffende bepalingen en vereisten van de
volgende richtlijnen en normen voldoet:
2006/42/EG, 2006/95EG, 2004/108/EG, EN 61000
Gemachtigde voor alle technische documenten
Axel Häret,
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Preußenstraße 41, 80809 München
Product
M 1000 M 2000 M 3000
Producttype Aandrijfaggregaat
Productfunctie Verdichten van beton
Artikelnummer 0005494 0005495, 0007653 0006590
Dr. Michael Fischer
Directeur Technologie en Innovatie
München, 01.08.2011
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62

Wacker Neuson M3000/120/nonCUL Handleiding

Type
Handleiding