Smeg FAB32LOR3 de handleiding

Categorie
Diepvriezers
Type
de handleiding
Inhoudsopgave
99
NL
1 Waarschuwingen 100
1.1 Algemene veiligheidswaarschuwingen 100
1.2 Aansprakelijkheid van de fabrikant 102
1.3 Beoogd gebruik 102
1.4 Verwerking 103
1.5 Typeplaatje 103
1.6 Deze gebruiksaanwijzing 103
1.7 Wegwijs in de gebruiksaanwijzing 104
2 Beschrijving 105
2.1 Algemene beschrijving 105
2.2 Definitie van de onderdelen 106
2.3 Bedieningspaneel 106
2.4 Beschikbare accessoires 107
3 Gebruik 109
3.1 Waarschuwingen 109
3.2 Voorbereiding 109
3.3 Eerste gebruik 109
3.4 Gebruik van de accessoires 111
3.5 Ventilatie 112
3.6 Gebruik van de koelcel 112
3.7 Gebruik van de vriescel 113
3.8 Lawaai tijdens de werking 114
3.9 Warm oppervlak vooraan 114
3.10Uitschakelen 114
3.11Adviezen voor het conserveren 115
4 Reiniging en onderhoud 116
4.1 Waarschuwingen 116
4.2 Reiniging van het apparaat 116
4.3 Ontdooien 116
4.4 Binnenverlichting 117
4.5 Oplossingen voor problemen… 117
5 Installatie 119
5.1 Elektrische aansluiting 119
5.2 Plaatsing 119
We raden aan deze handleiding aandachtig door te lezen, omdat ze alle aanwijzingen
bevat om de esthetische en functionele kwaliteiten van het apparaat te behouden.
Raadpleeg de website voor verdere informatie over dit product: www.smeg.com
Waarschuwingen
100
1 Waarschuwingen
1.1 Algemene
veiligheidswaarschuwingen
Persoonlijk letsel
• Raak geen
verwarmingselementen aan
tijdens gebruik van het apparaat.
• Houd kinderen jonger dan 8 jaar
uit de buurt van het apparaat als
zij niet voortdurend onder toezicht
staan en zorg dat zij niet met het
apparaat spelen.
• Probeer geen vlammen/brand te
doven met water: schakel het
apparaat uit en bedek het vuur
met een brandwerende deken.
• Werkzaamheden voor
schoonmaak en onderhoud die
door de gebruiker moeten
plaatsvinden, mogen niet worden
uitgevoerd door kinderen die niet
onder toezicht staan.
• Laat de installatie en technische
interventies uitvoeren door
gekwalificeerd personeel
overeenkomstig de geldende
normen.
• Voer geen wijzigingen uit op het
apparaat.
• Plaats geen metalen en puntige
voorwerpen (bestek of
gereedschappen) in de spleten
van het apparaat.
Probeer nooit om zelf het apparaat
te repareren, zonder tussenkomst
van een gekwalificeerde technicus.
• Het diepgevroren voedsel mag
niet worden aangeraakt (en
vooral niet met natte handen) of
direct in de mond worden
gedaan.
Bewaar geen ontvlambare,
explosieve of verdampende
stoffen.
Bewaar geen explosieve stoffen,
zoals spuitbussen met
ontvlambaar drijfgas binnenin het
apparaat.
Flessen die een hoog percentage
alcohol bevatten, moeten goed
gesloten zijn en in verticale positie
worden opgeborgen.
• Als de stroomkabel beschadigd
is, moet men onmiddellijk contact
opnemen met de technische dienst
die voor de vervanging van de
kabel zal zorgen, om elk risico te
voorkomen.
Beschadiging van het apparaat
• WAARSCHUWING: Zorg dat bij
de plaatsing van het apparaat het
snoer niet komt vast te zitten of
wordt beschadigd.
WAARSCHUWING: Plaats
stekkerdozen of draagbare
stroomvoorzieningen nooit achter
het apparaat.
Gebruik geen verloopstekker.
• Leg tijdens het gebruik geen
scherpe metalen voorwerpen op
het apparaat, zoals messen,
vorken, lepels en deksels.
Waarschuwingen
101
NL
• Gebruik geen schurende of
bijtende middelen op de glazen
onderdelen (bijv. poeders,
ontvlekkers of metaalsponsjes).
• Ga niet op het apparaat zitten.
• Oefen geen druk uit op de deur
of de handgreep om het
apparaat te verplaatsen.
Gebruik geen stoomstraal om het
apparaat te reinigen.
• Gebruik het apparaat in geen
enkel geval om de ruimte af te
koelen.
• Koppel het apparaat steeds los
van het elektriciteitsnet in geval
van defecten, het onderhoud of
tijdens het reinigen.
• Bewaar geen vloeistoffen in blik
of glas in de diepvries.
• Gebruik geen puntige metalen
voorwerpen om overtollig ijs uit de
vriescel te verwijderen.
• Om te voorkomen dat het
apparaat instabiel staat, moet het
correct volgens de instructies in
deze handleiding worden
geïnstalleerd en bevestigd.
• Plaats geen zware voorwerpen
bovenop het apparaat.
• Indien het apparaat vlakbij een
andere koelkast of vriezer wordt
geplaatst, houd dan minimaal
2 cm ruimte aan.
Het apparaat niet in de openlucht
installeren/gebruiken.
Voor dit apparaat
WAARSCHUWING:
brandgevaar / brandbare.
Het apparaat mag door kinderen
boven de 8 jaar en door mensen
met een lichamelijke, zintuigelijke
of geestelijke beperking of zonder
de noodzakelijke ervaring of
kennis gebruikt worden, mits zij
onder toezicht staan of nadat zij
geïnstrueerd zijn over het veilige
gebruik van het apparaat en zij de
bijbehorende gevaren hebben
begrepen.
Houd toezicht op kinderen zodat
zij niet met het apparaat kunnen
spelen.
Ga niet steunen of zitten op de
geopende deur van het apparaat.
Controleer of er geen voorwerpen
in de deur vastzitten.
Het apparaat bevat een kleine
hoeveelheid isobutaan (R600a).
Pas tijdens het transport, de
montage of de reiniging op dat
het koelcircuit niet beschadigd
raakt.
Waarschuwingen
102
Voorkom dat ventilatieopeningen
in de ruimte rondom het apparaat
of in de inbouwnis zijn bedekt.
Gebruik geen andere
mechanische, elektrische of
chemische middelen dan door de
fabrikant worden aanbevolen om
het ontdooien te versnellen.
Voorkom dat het koelcircuit
beschadigt (indien het
toegankelijk is).
Gebruik geen elektrische
apparaten in de compartimenten
voor de conservering van
levensmiddelen als deze niet door
de fabrikant zijn aanbevolen.
Indien het koelcircuit wordt
beschadigd, geen open vuur
gebruiken en de ruimte goed
luchten.
Gebruik het apparaat of
onderdelen ervan niet anders dan
in deze handleiding wordt
beschreven.
1.2 Aansprakelijkheid van de
fabrikant
De fabrikant kan niet aansprakelijk
worden gesteld voor schade aan
personen en voorwerpen ten
gevolge van:
een ander gebruik van het
apparaat dan wordt voorzien;
het niet in acht nemen van de
voorschriften van de
gebruiksaanwijzing;
het forceren van ook slechts één
deel van het apparaat;
het gebruik van niet-originele
reserveonderdelen.
1.3 Beoogd gebruik
Dit apparaat is bestemd voor
gebruik in huis of in een soortgelijke
omgeving:
de kantine van het personeel van
winkels, kantoren en andere
werkplekken;
vakantieboerderijen en door
gasten van hotels, motels en
andere verblijven;
in bed en breakfasts;
catering en soortgelijke
applicaties die niet voor de
detailhandel bestemd zijn.
• Het apparaat is niet bestemd voor
professioneel en commercieel
gebruik.
Dit apparaat is bestemd voor de
koeling en bewaring van vers en
diepgevroren voedsel, in een
huiselijke omgeving. Elk ander
gebruik is oneigenlijk.
Het apparaat is niet ontworpen
om te functioneren met externe
kookwekkers of
afstandsbedieningssystemen.
Waarschuwingen
103
NL
1.4 Verwerking
Het apparaat moet op het einde
van zijn gebruiksduur afzonderlijk
ingezameld worden (richtlijnen
2002/95/EG, 2002/96/EG,
2003/108/EG). Het apparaat bevat
geen delen die als gevaarlijk voor de
gezondheid en het milieu worden
beschouwd, conform de actuele Europese
Richtlijnen.
Verwijdering van het apparaat:
Snijd de voedingskabel af en verwijder
de elektrische kabel en de stekker.
Oude of gebruikte apparaten aan het
einde van hun levensduur moeten door
de gebruiker worden ingeleverd bij
geschikte centra voor de gescheiden
inzameling van elektrisch en elektronisch
afval, of het overhandigen aan de
verkoper wanneer een nieuw
gelijkaardig apparaat wordt gekocht.
In geval van vervanging van het
apparaat de deur verwijderen en de
leggers in hun gebruikspositie laten
liggen om te voorkomen dat kinderen
erin opgesloten kunnen raken.
Het apparaat zit verpakt in
milieuvriendelijke en recyclebare
materialen.
Breng het verpakkingsmateriaal naar de
betreffende centra voor afvalverwerking.
1.5 Typeplaatje
Het typeplaatje bevat de technische
gegevens, het serienummer en de
markering. Het plaatje mag in geen geval
worden verwijderd.
1.6 Deze gebruiksaanwijzing
Deze gebruiksaanwijzing is een belangrijk
onderdeel van het apparaat en dient
gedurende de volledige levensduur intact
en op een eenvoudig te bereiken plaats
worden bewaard.
Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig
vóór installatie.
Elektrische spanning
Gevaar voor elektrische schok
Schakel de stroomtoevoer uit.
Haal de stekker uit het stopcontact.
Plastic verpakking
Gevaar voor verstikking
Laat de verpakking, of delen ervan, niet
onbewaakt achter.
Laat kinderen niet spelen met de plastic
zakken van de verpakking.
Waarschuwingen
104
1.7 Wegwijs in de
gebruiksaanwijzing
In deze gebruiksaanwijzing komen de
volgende begrippen voor:
1. Volgorde van de
gebruiksaanwijzingen.
Enkele gebruiksaanwijzing.
Waarschuwingen
Algemene waarschuwingen in
verband met de
gebruiksaanwijzing, veiligheid en
verwerking van afgedankte
producten.
Beschrijving
Beschrijving van het apparaat en de
accessoires.
Gebruik
Informatie over het gebruik van het
apparaat en de accessoires, advies
voor het conserveren van voedsel.
Reiniging en onderhoud
Informatie over correcte
schoonmaak en onderhoud van het
apparaat.
Installatie
Informatie voor gekwalificeerde
technici: installatie, inbedrijfstelling
en keuring.
Veiligheidswaarschuwingen
Informatie
Suggestie
Beschrijving
105
NL
2 Beschrijving
2.1 Algemene beschrijving
1 Bedieningspaneel
2 Ventilator
3 Binnenverlichting
4 Koelcel
5 Snelvrieslade
6 Vriescel
7 Deur koelkast
8 Deur diepvries
Beschrijving
106
2.2 Definitie van de onderdelen
Bedieningspaneel
Voor de programmering van de
binnentemperatuur van de koelcel en van
de vriescel.
Ventilator
Voor de verdeling van de ingestelde
temperatuur en de vermindering van het
condens op de steunvlakken.
Binnenverlichting
De binnenverlichting van het apparaat
wordt ingeschakeld wanneer de deur
wordt geopend.
Koelcel
Voor het conserveren van vers voedsel.
Snelvrieslade
Voor het snel invriezen van vers voedsel.
Vriescel
Voor het conserveren van
diepvriesproducten, voor het invriezen van
vers voedsel en voor het maken van
ijsblokjes.
2.3 Bedieningspaneel
1 Aan/uit-toets
2 Toets voor in-/uitschakeling van de
functie ‘superkoud’ van de koelcel;
functie afwezigheid (lang ingedrukt
houden)
3 Toets voor het instellen van de
temperatuur van de koelcel
4 Toets voor het instellen van de
temperatuur van de vriezer
5 Toets voor in-/uitschakeling van de
functie ‘superkoud’ van de vriezer; “eco”-
functie (lang ingedrukt houden)
6 Toets voor het uitschakelen van alarmen.
7 Indicatielampje apparaat uit.
8 Indicatielampje functie ‘superkoud’
koelcel.
9 Display temperatuur koelcel.
10 Indicatielampje functie Vacation.
11 Indicatielampje waarschuwing alarmen.
12 Display temperatuur vriezer.
13 Indicatielampje “eco”-functie in-/
uitgeschakeld.
14 Indicatielampje functie ‘superkoud’
vriezer.
Beschrijving
107
NL
2.4 Beschikbare accessoires
Schappen
Om de beschikbare ruimte te optimaliseren
en om het voedsel in de koelcel te plaatsen.
Lade voor fruit en groenten
Voor het bewaren van fruit en groenten; in
deze lade wordt een constante
vochtigheidsgraad gegarandeerd.
Superkoude lade
Bestemd om delicaat voedsel, zoals vlees,
vis en licht bevroren voedsel, langer vers en
smakelijk te houden, doordat de
temperatuur hierin constant op een
temperatuur tussen -2 °C en +3 °C wordt
gehouden.
Laden van de diepvries
Om verschillend voedsel op te bergen dat
moet ingevroren worden, en om
diepvriesproducten te bewaren.
Op sommige modellen zijn niet
alle accessoires aanwezig.
Plaats nooit in te vriezen voedsel of
platen om ijs te produceren in het
superkoude vak.
Beschrijving
108
Deurvakken en -rekken
Om klein verpakt voedsel op te bergen. De
houder onderaan de deur is om flessen in te
zetten.
Koelelementen
Het apparaat bevat twee koelelementen
die de lage temperatuur in de vriescel moe-
ten bewaren bij een stroomonderbreking.
De accessoires die in contact
kunnen komen met het voedsel zijn
gemaakt van materialen conform
de geldende wetgeving.
De bijgeleverde of optionele
accessoires zijn verkrijgbaar bij
erkende verkopers. Gebruik enkel
de originele accessoires van de
fabrikant.
Gebruik
109
NL
3 Gebruik
3.1 Waarschuwingen
3.2 Voorbereiding
1. Verwijder eventuele beschermfolie aan
de binnen- en buitenzijde van het
apparaat en de accessoires.
2. Verwijder eventuele etiketten (behalve
de plaat met technische gegevens) van
de accessoires en de schappen.
3. Verwijder en was alle accessoires van
het apparaat (zie 4 Reiniging en
onderhoud).
3.3 Eerste gebruik
1. Om het apparaat in te schakelen houdt
u de ON/OFF-toets op het
bedieningspaneel 3 seconden
ingedrukt.
Instelling temperatuur
1. Om de temperatuur van de koelkast in
te stellen drukt u op de toets ; druk
voor de vriezer op toets .
2. Op het betreffende display wordt de
zojuist ingestelde temperatuur
weergegeven.
Incorrect gebruik.
Gevaar voor beschadiging van
het apparaat
Verwijder het ijs of de rijp niet met
behulp van scherpe voorwerpen, om
schade aan de wanden van het
apparaat te vermijden.
Ga niet op de deur en eventuele
geopende laden hangen, en ga er niet
op zitten.
Raak de verwarmingselementen aan de
buitenkant van het apparaat niet aan.
Bewaar geen ontvlambare, explosieve
of verdampende stoffen.
Bewaar geen explosieve stoffen, zoals
spuitbussen met ontvlambaar drijfgas
binnenin het apparaat.
Organische en zure stoffen, en
etherische oliën, kunnen de plastic delen
en de pakkingen aantasten in geval van
langdurige aanraking.
Flessen die een hoog percentage
alcohol bevatten, moeten goed
gesloten zijn en in verticale positie
worden opgeborgen.
Na de installatie of een eventuele
terugplaatsing van het apparaat,
minimaal twee uur wachten
alvorens het in gebruik te nemen.
Na een eventuele stroomuitval
wordt het apparaat automatisch
weer ingeschakeld met de eerder
gekozen instellingen.
Het apparaat is ingesteld met de
aanbevolen temperaturen van
+5°C voor de koelkast en -18°C
voor de diepvries.
De temperatuur van de koelkast
moet ingesteld worden tussen
+1°C en +8°C.
De temperatuur van de diepvries
moet ingesteld worden tussen
-18°C en -24°C.
Gebruik
110
Functie ‘superkoud’ koelkast
1. Om de functie ‘superkoud’ in of uit te
schakelen drukt u op de toets , het
bijbehorende indicatielampje gaat
branden.
2. De functie ‘superkoud’ wordt na 1 uur
automatisch uitgeschakeld. De vorige
instelling van de koelcel wordt opnieuw
geactiveerd.
Functie Vacation
Handig tijdens periodes van lange
afwezigheid; met de functie Vacation kan
de koelkast worden uitgeschakeld, terwijl
de vriezer ingeschakeld blijft.
1. Om de functie Vacation in of uit te
schakelen houdt u de toets
3 seconden ingedrukt.
2. Op het display gaat het
indicatielampje branden en de
temperatuur wordt niet weergegeven
.
ECO-modus
1. Om de ECO-modus in of uit te
schakelen houdt u de toets
3 seconden ingedrukt.
2. Op het display gaat het
indicatielampje branden.
3. Het apparaat vermindert het
energieverbruik na 6 uur na
inschakeling van de ECO-modus.
Alarm deur open
Als de deur van de koelkast langdurig open
blijft staan, geeft het apparaat een
geluidssignaal om de gebruiker te
waarschuwen om de deur dicht te doen;
druk op toets om het alarm uit te
schakelen.
Alarm te hoge temperatuur
Als de temperatuur in de koelkast te hoog is
als gevolg van een stroomuitval of defect
van het apparaat, gaat er een geluidsalarm
af en op het display gaat het
indicatielampje branden. Controleer
het voedsel in de koelkast en druk op toets
om het alarm uit te schakelen.
De functie ‘superkoud’ van de
koelkast is handig voor het snel
afkoelen van grote hoeveelheden
voedsel.
Haal al het voedsel uit de koelkast.
Om de vorming van
onaangename geurtjes in de
koelkast te voorkomen, wordt een
temperatuur van ongeveer 15 °C
gehandhaafd in de koelkast.
De ECO-modus wordt
uitgeschakeld na een stroomuitval
of uitschakeling van het apparaat.
Bij inschakeling van de functie
‘superkoud’ (koelkast/vriezer)
wordt de ECO-modus
uitgeschakeld.
Gebruik
111
NL
3.4 Gebruik van de accessoires
Schappen
Deze kunnen naar wens, en op
verschillende hoogtes, in de daarvoor
bestemde geleiders geplaatst worden. Elk
schap is voorzien van een bescherming
zodat deze niet toevallig kan verwijderd
worden. Om ze helemaal te verwijderen,
moeten ze vooraan (1) opgeheven worden
en daarna verwijderd (2) worden.
Deurvakken en -rekken
Om eieren, boter, zuivelproducten, tubes
en andere kleine pakjes te bewaren.
Onderaan de deur is een flessenhouder
voorzien. Plaats geen te zware flessen in de
flessenhouder, en laat ze niet in de houder
vallen.
Lade voor fruit en groenten
Deze lade, die zich onderaan de koelcel
bevindt, is voorzien van een glazen plaat
om verse voedingswaren te bedekken die
voor een correcte bewaring een constante
vochtigheidsgraad nodig hebben.
Laden van de diepvries
Om verschillend voedsel op te bergen dat
ingevroren moet worden, en om
diepvriesproducten te bewaren. Om de
laden uit de zittingen te halen, moeten ze
uitgetrokken en tegelijkertijd aan de
voorkant opgetild worden.
Voedsel dat gemakkelijk bederft,
moet achteraan op de schappen
geplaatst worden waar de
temperatuur lager is.
Wanneer groenten met een hoog
vochtgehalte worden bewaard,
kan zich condens op de glazen
plaat vormen. Dit is normaal en
heeft geen invloed op de goede
werking van het apparaat.
Gebruik
112
Koelelementen
Bij gebruik van de koelelementen worden
korte vriestijden gegarandeerd en een
langere autonome werking van de vriezer
bij een stroomonderbreking. De
koelelementen kunnen worden uitgenomen
en veilig gebruikt worden in koelers voor
picknicks of koeltassen.
3.5 Ventilatie
De lucht die geforceerd in het apparaat
circuleert, bevat geen vocht en droogt het
geplaatste voedsel snel.
Het interne ventilatiesysteem zorgt voor
een snellere en gelijkmatigere koeling in
het apparaat.
3.6 Gebruik van de koelcel
Schikking van het voedsel
Plaats het voedsel op de verschillende
schappen nadat het luchtdicht verpakt of
afgedekt is. Op deze manier
worden het aroma, de vochtigheid en de
versheid van het voedsel behouden;
wordt vermeden dat het voedsel andere
geuren of smaken krijgt;
wordt een excessieve ophoping van
vochtigheid in het compartiment
vermeden, te wijten aan de normale
transpiratie van het voedsel (vooral bij
verse groenten en fruit), wat tijdens
bepaalde werkingsomstandigheden
(verhoging van de temperatuur en de
vochtigheid van de omgeving, verhoging
van de frequentie van het openen van de
deur) condensvorming op de leggers
zou kunnen creëren.
Tabel bewaartijden
Het voedsel goed afdichten
alvorens het in het apparaat te
plaatsen.
Laat warm voedsel en warme
dranken steeds afkoelen voordat
ze in het apparaat worden gezet.
Voedsel Tijd
Eieren, gerookt vlees,
gemarineerd voedsel, kaas
max. 10 dagen
Groenten met wortels max. 8 dagen
Boter max. 7 dagen
Patisserie, fruit, kant-en-klaar
voedsel, vers vlees
max. 2 dagen
Vis, gehakt, zeevruchten max. 1 dag
Gebruik
113
NL
3.7 Gebruik van de vriescel
Voor een correcte conservering en
invriezing van het voedsel:
Fruit en groenten in porties van maximaal
1 kg verpakken; vlees en vis in porties
van maximaal 2 kg verpakken.
Kleine verpakkingen bevriezen sneller
zodat de voedingswaarde beter
behouden blijft, ook na het ontdooien/
de bereiding.
Verpak de voedingsmiddelen in
hermetische verpakkingen en verwijder
er zoveel mogelijk lucht uit.
Gebruik geen papieren zakjes of
boodschappentassen, maar gebruik
enkel daarvoor bestemde
diepvrieszakjes.
Tabel bewaartijden ingevroren voedsel
Ontdooid voedsel
Ontdooid voedsel moet zo snel mogelijk
geconsumeerd worden. De koude zorgt
voor de conservering, maar vernietigt de
micro-organismen niet die worden
geactiveerd na de ontdooiing, en die dus
het voedsel ‘beschadigen’.
Een gedeeltelijke ontdooiing vermindert de
voedingswaarde van het voedsel, en
vooral van fruit en groenten en van kant-en-
klaar voedsel.
Laat warm voedsel en warme
dranken steeds afkoelen voordat
ze in het apparaat worden gezet.
Voedsel Tijd
Fruit, rundvlees
max. 10-12
maanden
Groenten, kalfsvlees,
gevogelte
max. 8-10 maanden
Wild max. 6-8 maanden
Varkensvlees max. 4-6 maanden
Gehakt max. 4 maanden
Brood, gebak,
gekookt voedsel, vette vis
max. 3 maanden
Ingewanden max. 2 maanden
Worst, magere vis max. 1 maand
Gebruik
114
3.8 Lawaai tijdens de werking
De koeling van de koelcel en van de
vriescel gebeurt door middel van een
compressiesysteem. Om de geselecteerde
temperatuur in de cellen te behouden,
wordt de compressor in werking gesteld
die, indien noodzakelijk, continu in werking
kan blijven afhankelijk van de ingestelde
temperatuur. Wanneer de compressor in
werking wordt gesteld, wordt een gezoem
geproduceerd dat na enkele minuten
langzaam aan afneemt.
Een ander lawaai dat normaal is tijdens de
werking van het apparaat is het geklater
van koelmiddel dat in de leidingen van het
circuit stroomt. Dit lawaai is normaal, en
duidt niet op een slechte werking van de
machine. Als het lawaai te erg zou zijn, kan
dit te wijten zijn aan andere oorzaken.
Controleer dus het volgende:
of de koelkast correct genivelleerd is op
de vloer, en niet trilt tijdens de werking
van de compressor: voer een correcte
regeling van de voorziene voetjes uit;
of de laden, de leggers en de bakjes in
de deur correct in de daarvoor
bestemde zittingen geplaatst zijn: zorg
er voor dat deze correct zijn
gepositioneerd;
of de flessen en de bakjes stabiel op de
leggers geplaatst zijn, en niet tegen
elkaar komen: trillingen als gevolg van
de werking van de compressor zouden
lawaaierigheid kunnen veroorzaken;
Plaats de koelkast niet tegen meubels of
andere huishoudelijke apparaten.
3.9 Warm oppervlak vooraan
Binnenin de behuizing is een
verwarmingssysteem van het oppervlak
vooraan voorzien waardoor de vorming
van condens in de zone van de sluiting van
de deurpakkingen beperkt wordt.
3.10 Uitschakelen
Indien het apparaat lang niet zal gebruikt
worden, wordt aanbevolen om het uit te
schakelen.
1. Houd de toets ON/OFF op het
bedieningspaneel 3 seconden ingedrukt.
Op de displays van de temperatuur van
de vriezer en de koelkast worden de
symbolen weergegeven.
2. Haal de stekker uit het stopcontact.
3. Maak de cellen leeg.
4. Droog na het ontdooien de eventuele
resterende vochtigheid op met behulp
van een zachte doek.
Laat de deuren op een kier staan
om te vermijden dat de
vochtigheid en de stilstaande lucht
slechte geurtjes kunnen
ontwikkelen.
Gebruik
115
NL
3.11 Adviezen voor het conserveren
Advies om energie te besparen
Een correct gebruik van het apparaat,
een correcte verpakking van het
voedsel, de constante temperatuur en de
hygiëne van het voedsel is van
fundamenteel belang voor de kwaliteit
van de conservering.
Beperk de tijd en het aantal keren dat de
deur geopend wordt, zodat de cellen
niet te warm worden.
Reinig de condensator (achteraan het
apparaat) regelmatig om te vermijden
dat de doeltreffendheid van de machine
afneemt.
Ontdooi het diepgevroren voedsel in de
koelcel zodat de koude, die zich
ophoopte in het voedsel, wordt
gerecupereerd in de koelcel zelf.
Algemeen advies
Controleer altijd de vervaldatum op de
verpakking van het voedsel.
Het voedsel moet in goed gesloten
bakjes of verpakkingen bewaard
worden, die geen geurtjes of
vochtigheid kunnen verspreiden of
absorberen.
Indien u langdurig afwezig zult zijn, moet
u gemakkelijk bederfelijk voedsel uit het
apparaat halen.
Deur koelcel
Bewaar eieren, boter, kaas, enz.
bovenaan en in het midden.
Bewaar dranken, blikjes, flessen, enz.
onderaan.
Koelcel
Bewaar zuivelproducten, kant-en-klaar
voedsel, patisserie, fruitsapjes, bier, enz.
in het midden.
Bewaar vlees, vleeswaren, enz.
onderaan.
Bewaar vers fruit, tropisch fruit, groenten,
wortelen, aardappelen, uien, enz. in de
lade voor fruit en groenten.
Vriescel
Op de verpakking moeten het type van
voedsel, de hoeveelheid voedsel en de
datum van invriezing aangeduid
worden.
Gebruik kleine en indien mogelijk al
koude verpakkingen.
De hoeveelheid vers voedsel die
tegelijkertijd kan worden ingevroren,
wordt aangeduid op de gegevensplaat
in de koelcel.
Gebruik alleen daarvoor bestemde
diepvrieszakjes, aluminiumfolie,
plasticfolie voor voedingswaren en
vriesbakjes.
Gebruik geen papieren zakjes of
cellofaan die niet bestemd zijn voor
voedingsmiddelen,
boodschappentassen of diepvrieszakjes
die al gebruikt zijn.
Vermijd dat al ingevroren voedsel in
aanraking kan komen met vers voedsel
dat nog moet ingevroren worden.
Om verpakte groenten, ijsblokjes, ijsjes,
enz. te bewaren.
Reiniging en onderhoud
116
4 Reiniging en onderhoud
4.1 Waarschuwingen
4.2 Reiniging van het apparaat
Een speciale bacteriedodende
bescherming in de bovenlaag van de
wanden van het apparaat voorkomt de
reproductie van bacteriën en zorgt dat het
apparaat schoon blijft. Toch is het
belangrijk dat de oppervlakken regelmatig
worden gereinigd.
Reinigen van de buitenkant
Het apparaat moet gereinigd worden
met water of met een vloeibaar
reinigingsmiddel op alcoholbasis (bijv.
reinigingsmiddel voor ruiten...).
Gebruik geen agressieve
reinigingsmiddelen of schuursponsjes
zodat de oppervlakken niet worden
beschadigd.
Verwijder stof en rookafzettingen van de
condensator achteraan het apparaat
met behulp van een zachte borstel.
Reinig het bakje dat zich bovenaan de
compressor bevindt.
Reinigen van de binnenkant
Reinig de binnenkant van het apparaat
met verdund vloeibaar reinigingsmiddel
en met lauw water en een beetje azijn.
De deurvakken en bakjes in de deur
kunnen verwijderd worden:
Gebruik geen scherpe voorwerpen of
spray oplossingen.
4.3 Ontdooien
Incorrect gebruik.
Beschadiging van de
oppervlakken
Gebruik geen stoomstraal om het
apparaat te reinigen.
Gebruik op de stalen delen of de delen
waarvan het oppervlak met metalen
afwerkingen werd behandeld (bijv.
elektrolytische oxidaties, vernikkeling,
verchroming) geen producten die
chloor, ammoniak of bleekmiddel
bevatten.
Gebruik geen schurende of bijtende
middelen op de glazen onderdelen
(bijv. poeders, ontvlekkers of
metaalsponsjes).
Gebruik geen ruw, schurend of scherp
materiaal.
Elektrische spanning
Gevaar voor elektrische schok
Voordat de reiniging of het onderhoud
wordt uitgevoerd, moet het apparaat
uitgeschakeld worden en moet de
stekker uit het stopcontact gehaald
worden
Trek nooit aan de kabel om de stekker
uit het stopcontact te halen.
De regelmatige aanwezigheid van
rijp in de vriescel is normaal.
Gebruik voor het ontdooien geen
elektrische apparaten
(bijv. haardroger...) of een spray,
omdat anders de plastic delen
zouden kunnen vervormen.
Reiniging en onderhoud
117
NL
Ontdooien van de koelcel/vriezer
De koelcel of de vriezer hoeven niet
ontdooid te worden, omdat het ijs dat zich
op de koelplaat vormt automatisch wordt
ontdooid gedurende de stilstand van de
compressor. Het ontdooien verloopt
automatisch.
Het dooiwater wordt rechtstreeks in de
daarvoor bestemde bak aan de
achterzijde van het apparaat afgevoerd en
verdampt door de warmte van de
compressor.
4.4 Binnenverlichting
De binnenverlichting mag uitsluitend
worden gerepareerd door de Technische
assistentie als deze kapot is.
4.5 Oplossingen voor problemen…
Het apparaat functioneert niet:
Controleer of het apparaat is
aangesloten en dat de hoofdschakelaar
is ingeschakeld.
De compressor wordt te frequent in werking
gesteld, of is ononderbroken in werking:
De buitentemperatuur is te hoog.
De deur wordt te vaak of te lang
geopend.
De deur sluit niet hermetisch.
Er is teveel vers voedsel aanwezig.
Controleer of er voldoende lucht
circuleert nabij de sensor die zich in het
rechter deel van de koelcel bevindt.
Controleer of het achterste deel van de
koelcel voldoende wordt geventileerd,
en of de condensator niet zeer vuil is.
In de koelcel wordt teveel ijs of condens
gevormd:
De deur wordt te vaak of te lang
geopend.
Er werd warm voedsel in de koelcel
geplaatst.
Het voedsel of de bakjes raken de
achterwand.
De deurpakking is vuil of beschadigd.
Reinig of vervang de pakking.
Reiniging en onderhoud
118
Onvoldoende koeling van de koelcel:
De thermostaat is ingesteld op een te
hoge temperatuur.
De deur wordt te vaak of te lang
geopend.
De deur sluit niet hermetisch.
De buitentemperatuur is te hoog.
De temperatuur in de koelcel is te laag en
bevriest het voedsel:
De thermostaat is ingesteld op een te
lage temperatuur.
Het voedsel is niet in daarvoor bestemde
bakjes of zakjes geplaatst.
Fruit en groenten zouden excessief nat
kunnen worden.
Het voedsel is tegen de achterwand van
de koelcel geplaatst.
De temperatuur in de vriescel zorgt niet
voor een correcte bevriezing van het
voedsel:
De thermostaat is ingesteld op een te
hoge temperatuur.
De deur wordt te vaak of te lang
geopend.
De deur sluit niet hermetisch.
De deurpakking is vuil of beschadigd.
Reinig of vervang de pakking.
Er is een te grote hoeveelheid suiker
aanwezig in het in te vriezen voedsel.
In de vriescel wordt teveel ijs gevormd:
De thermostaat is ingesteld op een te
lage temperatuur.
De buitentemperatuur is te hoog.
De deur wordt te vaak of te lang
geopend.
De deur sluit niet hermetisch.
De deurpakking is vuil of beschadigd.
Reinig of vervang de pakking.
Er werd warm voedsel in de vriescel
geplaatst.
Moeilijkheden bij de opening van de
deuren onmiddellijk na de sluiting:
Wanneer de deur onmiddellijk na de
sluiting weer moet geopend worden
(vooral de deur van de diepvries), zal
hiervoor veel kracht moeten worden
gebruikt. Dit is te wijten aan de
onderdruk die gecreëerd wordt door de
koeling van de warme lucht die in de cel
terecht kwam.
De deuren zijn niet uitgelijnd:
Controleer of het apparaat correct
waterpas is gezet
Stel de voetjes af tot een perfecte
uitlijning wordt verkregen.
Installatie
119
NL
5 Installatie
5.1 Elektrische aansluiting
Algemene informatie
Controleer of de kenmerken van het
stroomnet overeenstemmen met de
gegevens op het typeplaatje. Het
typeplaatje met de technische gegevens,
het serienummer en de markering is
zichtbaar op het apparaat aangebracht.
Dit plaatje mag nooit verwijderd
worden.
Controleer of de stekker en het
stopcontact van hetzelfde type zijn.
Gebruik geen verloopstekkers, adapters
of aftakkingen, omdat ze oververhitting
of brand zouden kunnen veroorzaken.
De stekker moet bereikbaar blijven na
de installatie van het apparaat.
Voordat het apparaat de eerste maal
ingeschakeld wordt, moet het minstens
2 uren in de horizontale positie gelaten
worden.
Indien de stroomkabel moet vervangen
worden, mag dit enkel uitgevoerd
worden door een bevoegde technicus
van de technische assistentie.
5.2 Plaatsing
Keuze van de plek
Het apparaat moet op een droge plek
geplaatst worden, waar een goede
luchtverversing wordt gegarandeerd. Het
apparaat kan gebruikt worden bij
verschillende temperatuurcondities al
naargelang de klimatologische klasse van
herkomst (die wordt aangeduid op de
gegevensplaat die zich in de koelcel
bevindt).
Positioneer het apparaat op minstens
3 cm afstand van elektrische fornuizen of
gasfornuizen, en op minstens 30 cm
afstand van verwarmingssystemen of
radiatoren.
Elektrische spanning
Gevaar voor elektrische schok
De aarding moet verplicht aangebracht
worden volgens de voorziene
veiligheidsnormen van de elektrische
installatie.
Trek nooit aan de kabel om de stekker
uit het stopcontact te halen.
Zwaar apparaat
Pletgevaar
Plaats het apparaat samen met een
tweede persoon.
Druk op de open deur
Gevaar voor beschadiging van
het apparaat
Gebruik de deur niet als hefboom om
het apparaat te plaatsen.
Oefen niet te veel kracht uit op de
geopende deur.
Het apparaat mag niet blootgesteld
worden aan zonnestralen.
Het apparaat mag niet in de buurt van
warmtebronnen worden geplaatst. Als
dit niet mogelijk is, moet er een geschikt
isolatiepaneel gebruikt worden.
Plaats het apparaat niet buiten.
Installatie
120
Het apparaat mag niet nabij
warmtebronnen gepositioneerd worden.
Indien dit toch noodzakelijk is, moet een
geschikt isolatiepaneel voorzien worden.
Indien het apparaat onder een
keukenkast wordt geïnstalleerd, moet de
afstand tot deze kast minstens 5 cm
bedragen.
Plaats het apparaat op een plek waar
voldoende ruimte aanwezig is voor de
opening van de deuren, en voor de
eventuele verwijdering van de interne
leggers en laden.
Afstandhouders
Voor een correcte koeling van de
condensator mag het apparaat niet te dicht
tegen een muur worden geplaatst. Daarom
is het product voorzien van twee plastic
afstandhouders die op de achterkant van
het apparaat geplaatst moeten worden.
Plaatsing
Plaats het apparaat op een stabiele en
genivelleerde ondergrond.
Met de twee wielen, die achteraan het
apparaat zijn voorzien, is een gemakkelijke
en dus correcte positionering mogelijk.
Er wordt alleszins aanbevolen om goed op
te letten tijdens de verplaatsing, zodat de
bevloering niet wordt beschadigd tijdens
het schuiven (wanneer de koelkast
bijvoorbeeld op parket geplaatst is).
Klasse Omgevingstemperatuur
SN (Subnormaal) van + 10°C tot + 32°C
N (Normaal) van + 16°C tot + 32°C
ST (Subtropisch) van + 18°C tot + 38°C
T (Tropisch) van + 18°C tot + 43°C
Installatie
121
NL
Om onregelmatigheden van de bevloering
te compenseren, is het apparaat vooraan
voorzien van twee regelbare voetjes.
Draai aan de voetjes om het apparaat
waterpas te zetten.
Zorg dat het apparaat iets naar achteren
helt, zodat de deur goed kan sluiten.
Enkele dagen na de installatie moet
gecontroleerd worden of de
beginnivellering nog correct is. Controleer,
wanneer het apparaat werkt en geladen is
met voedsel, of het nog stabiel staat en of
de deurpakkingen hermetisch sluiten. Voer
indien nodig een nieuwe nivellering uit, en
modelleer de pakkingen weer.
Wanneer de diepvries correct
geplaatst is, kan de deur correct
gesloten worden. Controleer of de
pakkingen van de deur vooral in
de hoeken zorgen voor een
hermetische sluiting.
Druk op de pakking
Gevaar voor beschadiging van
het apparaat
Oefen geen druk uit, maak geen
scheuren in de rubbers van de deur, of
trek ze niet los.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24

Smeg FAB32LOR3 de handleiding

Categorie
Diepvriezers
Type
de handleiding