Whirlpool BSNF 8152 OX Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
Gezondheid & Veiligheid, Gebruik en Verzorging
en Installatie Gids
www.whirlpool.eu/register
2
NEDERLANDS ................................p 3
3
NL
Index
Gids voor Gezondheid en Veiligheid
VEILIGHEIDSAANBEVELINGEN .......................................................................4
MILIEUTIPS ..........................................................................................7
CONFORMITEITSVERKLARING .......................................................................8
Gids voor Gebruik en Verzorging
PRODUCTBESCHRIJVING ............................................................................9
APPARAAT ............................................................................................9
BEDIENINGSPANEEL ..................................................................................10
TECHNISCHE GEGEVENS ..............................................................................10
DEUR ...............................................................................................11
KOELKASTVERLICHTING .............................................................................11
SCHAPPEN ...........................................................................................11
VENTILATOR .........................................................................................11
IJSVRIJ KOELKASTCOMPARTIMENT ....................................................................11
ACCESSOIRES ........................................................................................12
GEBRUIK VAN HET APPARAAT ......................................................................13
EERSTE GEBRUIK .....................................................................................13
DAGELIJKS GEBRUIK / FUNCTIES .....................................................................14
TIPS VOOR OPSLAG VAN LEVENSMIDDELEN ..........................................................17
AANBEVELINGEN WANNEER HET APPARAAT NIET WORDT GEBRUIKT ...................................21
ONDERHOUD EN REINIGING ........................................................................22
HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING EN KLANTENSERVICE ................................23
FUNCTIONELE GELUIDEN ............................................................................23
HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING ..........................................................24
KLANTENSERVICE ....................................................................................26
Installatiehandleiding ...............................................................................27
NEDERLANDS
GIDSEN VOOR GEZONDHEID & VEILIGHEID
en INSTALLATIE
DANK U WEL VOOR UW AANKOOP VAN EEN WHIRLPOOL PRODUCT.
Voor verdere assistentie kunt u het apparaat registeren op
www.whirlpool.eu/register
4
VEILIGHEID
AANBEVELINGEN
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
UW VEILIGHEID EN DIE VAN
ANDEREN IS ERG BELANGRIJK.
Deze handleiding en het apparaat
zelf zijn voorzien van belangrijke
veiligheidsinformatie, die te allen
tijde gelezen en opgevolgd moet
worden.
Dit is het veiligheidswaarschu-
wingssymbool.
Dit symbool maakt u attent op
mogelijke gevaren die u en
anderen kunnen doden of ver-
wonden.
Alle veiligheidsberichten volgen
het veiligheidswaarschuwings-
symbool en het woord GEVAAR
of WAARSCHUWING. Deze
woorden betekenen:
Geeft een gevaarlijke situatie aan,
die ernstig letsel veroorzaakt als
deze niet wordt vermeden.
Geeft een gevaarlijke situatie aan,
die ernstig letsel zou kunnen
veroorzaken als deze niet wordt
vermeden.
Alle veiligheidsberichten geven
het mogelijke gevaar aan en
geven aan hoe het risico op letsel,
schade en elektrische schokken
voortvloeiend uit het onjuiste
gebruik van het apparaat beperkt
kan worden. Houd u strikt aan de
volgende aanwijzingen:.
Het niet naleven van deze instructies
kan risico's met zich meebrengen.
De fabrikant kan niet aansprakelijk
worden gehouden voor enige
schade die kan ontstaan vanwege
het niet in acht nemen van deze
gids.
De fabrikant aanvaardt geen
enkele aansprakelijkheid voor
schade aan voorwerpen of letsel
aan personen of dieren die/dat
veroorzaakt is door het niet in acht
nemen van bovenstaand advies
en de voorzorgsmaatregelen.
Bewaar deze instructies dicht bij
de hand voor toekomstige raad-
pleging.
Geen ontplofbare stoffen zoals
spuitbussen opslaan en geen
benzine of andere brandbare
materialen gebruiken in of in de
buurt van het apparaat.
Bij het afdanken van het apparaat
dient u het onbruikbaar te maken
door de stroomkabel af te snijden
en de deuren en schappen te
verwijderen (indien aanwezig),
zodat kinderen niet in het appa-
raat kunnen klauteren en vast
komen te zitten.
Dit apparaat bevat geen CFK. Het
koelcircuit bevat R600a (HC).
Apparaten met Isobutaan (R600a):
isobutaan is een natuurlijk gas dat
geen schadelijke invloed heeft op
het milieu, maar wel ontvlambaar
is. Zorg er daarom voor dat de
koelcircuitleidingen niet bescha-
digd raken. Let vooral op bescha-
digde leidingen die tot het leegra-
ken van het koelcircuit leiden.
C-pentaan wordt gebruikt als
blaasmiddel in het isolatieschuim
en is een licht ontvlambaar gas.
Beschadig de koelcircuitleidingen
van het apparaat niet.
Gebruik geen mechanische,
elektrische of chemische midde-
len behalve de middelen aanbe-
volen door de fabrikant om het
ontdooiproces te versnellen.
Gebruik of plaats geen elektrische
apparaten binnenin de apparaat-
compartimenten indien deze niet
het type zijn dat uitdrukkelijk is
goedgekeurd door de Fabrikant.
IJsmakers en/of waterdispensers
Gids voor Gezondheid en Veiligheid
5
NL
die niet rechtstreeks op het
waterleidingnet zijn aangesloten,
mogen uitsluitend met drinkwa-
ter worden gevuld.
Houd de ventilatieopeningen in
de behuizing van het apparaat of
in de ingebouwde structuur vrij
van obstakels.
Automatische ijsmakers en/of
waterdispensers moeten worden
aangesloten op een waterleiding-
net dat uitsluitend drinkwater
levert, met een waterdruk tussen
0,17 en 0,81 MPa (1,7 en 8,1 bar).
Om voor voldoende ventilatie te
zorgen, dient er aan beide zijkan-
ten en aan de bovenkant van het
apparaat ruimte vrijgelaten te
worden.
De afstand tussen de achterkant
van het apparaat en de wand
achter het apparaat moet mini-
maal 50 mm zijn.
Bij minder ruimte aan de achterzij-
de neemt het energieverbruik van
het product toe.
BEOOGD GEBRUIK
VAN HET PRODUCT
Dit apparaat is uitsluitend bedoeld
voor huishoudelijk gebruik.
Professioneel gebruik van het
apparaat is verboden.
De fabrikant kan niet aansprakelijk
gesteld worden voor schade die
het gevolg is van oneigenlijk
gebruik of een foute programme-
ring van de bedieningsknoppen.
Het apparaat mag niet gebruikt
worden met een externe timer of
een afzonderlijk afstandsbedie-
ningssysteem.
Gebruik het apparaat niet buitens-
huis.
Dit apparaat is bedoeld voor
gebruik in huishoudelijke en
gelijkaardige toepassingen zoals:
– personeelskeukens in winkels,
kantoren en andere werkomge-
vingen;
– cottages en door klanten in
hotels, motels en andere
residentiële omgevingen;
- bed- and breakfast omgevingen;
- catering en soortgelijke non-re-
tail toepassingen .
De lamp die in het apparaat wordt
gebruikt is specifiek ontworpen
voor huishoudapparaten en is niet
geschikt voor ruimteverlichting
(EC Richtlijn Nr. 244/2009).
INSTALLATIE
Het apparaat alleen activeren als
de installatie is voltooid.
Installatie en reparaties moeten
worden uitgevoerd door een
gespecialiseerd monteur, volgens
de instructies van de fabrikant en in
overeenstemming met de plaatselij
-
ke veiligheidsvoorschriften. Repa-
reer of vervang geen enkel onder-
deel van het apparaat, behalve als
dit expliciet aangegeven wordt in
de gebruikershandleiding.
Gebruik beschermende hand-
schoenen voor het uitpakken en
installeren.
Het apparaat moet worden
losgekoppeld van het elektriciteit-
snet voordat u installatiewerk-
zaamheden uitvoert.
Controleer na het uitpakken
van het apparaat of deze
tijdens het transport geen
beschadigingen heeft opgelo-
pen. Neem in geval van twijfel
contact op met uw leverancier
of het dichtstbijzijnde service-
centrum.
Zorg er tijdens de installatie voor
dat het apparaat het netsnoer niet
beschadigt.
Het apparaat moet gehanteerd en
geïnstalleerd worden door twee
of meer personen.
Controleer bij de installatie van het
apparaat of de vier pootjes stevig
op de vloer rusten, stel ze naar
wens af en controleer of het
apparaat exact horizontaal staat
en gebruik hiervoor een waterpas.
Wacht minstens twee uur alvorens
het apparaat in te schakelen om
zeker te stellen dat het koelcircuit
volledig efficiënt is.
Installeer het product niet in de
buurt van een warmtebron.
ELEKTRISCHE WAARSCHUWIN-
GEN
Zorg dat de spanning op het type-
plaatje overeenkomt met de
spanning in uw woning.
Het bereik van de stroomtoevoer
wordt aangegeven op het type-
plaatje.
De aarding van het apparaat is
wettelijk verplicht.
Om ervoor te zorgen dat de installa-
tie voldoet aan de geldende veilig-
heidsvoorschriften, is een omni-
polaire schakelaar met een afstand
van minstens 3 mm benodigd.
Een beschadigd netsnoer moet
door een soortgelijk exemplaar
worden vervangen. De stroomka
-
bel mag alleen worden vervangen
door een gespecialiseerd technicus,
in overeenstemming met de
6
aanwijzingen van de fabrikant en in
naleving van de geldende veilig
-
heidsnormen. Neem contact op
met een erkend Servicecentrum.
Als de installatie voltooid is,
mogen de elektrische onderdelen
niet meer toegankelijk zijn voor de
gebruiker.
Het netsnoer van het apparaat moet
lang genoeg zijn om het apparaat
vanuit de inbouwpositie in het
meubel te kunnen aansluiten op het
stopcontact van de netvoeding.
Gebruik geen verlengkabels.
Trek niet aan het netsnoer.
Gebruik niet meerdere stekke-
radapters indien het apparaat met
een stekker is uitgerust.
Voor apparaten voorzien van een
stekker, als de stekker niet geschikt
voor uw wandcontactdoos is,
contact opnemen met een
gekwalificeerde technicus.
Raak het apparaat niet aan met
vochtige lichaamsdelen en ge-
bruik het niet op blote voeten.
Gebruik het apparaat niet als het
netsnoer of de stekker beschadigd
is, als het apparaat niet goed werkt
of als het beschadigd of gevallen is.
Dompel het netsnoer of de stekker
niet onder in water. Houd het snoer
uit de buurt van hete oppervlakken.
Bij gebruik van een reststroomon-
derbreker (RCCB, residual current
circuit breaker), mogen alleen
modellen met de markering
worden gebruikt.
Het apparaat is bedoeld voor
gebruik op plaatsen waar de
temperatuur binnen het volgende
bereik komt, conform de klimaat-
klasse op het typeplaatje.
Mogelijk werkt het apparaat niet
correct indien het lange tijd op een
temperatuur buiten het aangege-
ven bereik wordt gebruikt.
Klimaatklasse Omg. (°C)
SN Van 10 tot 32
N Van 16 tot 32
ST Van 16 tot 38
T Van 16 tot 43
ELEKTRISCHE AANSLUITING,
ALLEEN VOOR GROOT-BRIT-
TANNIË EN IERLAND
Vervangen van de zekering.
Als de elektriciteitskabel van dit
apparaat een stekker met een
zekering van het type BS 1363A 13
ampère heeft, vervang de zeke-
ring in dit type stekker dan door
een door de A.S.T.A. goedgekeur-
de zekering voor het stekkertype
BS 1362 en ga als volgt te werk:
1. Verwijder het zekeringsdeksel
(A) en de zekering (B).
2. Breng de vervangende 13A
zekering in het zekeringdeksel
aan.
3. Breng zekering en deksel in de
stekker aan.
Belangrijk:
Na vervanging van een zekering
moet het zekeringdeksel weer
worden teruggeplaatst; als het
zekeringdeksel kwijtraakt, mag de
stekker pas weer worden gebruikt
nadat het juiste vervangende
deksel is aangebracht.
De juiste vervanging wordt
geïdentificeerd door het gekleur-
de inzetstuk of de gekleurde
woorden in reliëf op de onderkant
van de stekker.
Vervangende zekeringdeksels zijn
verkrijgbaar bij uw plaatselijke
elektriciteitswinkel.
Alleen voor de Republiek
Ierland
De informatie die gegeven is voor
Groot-Brittannië zal vaak van
toepassing zijn, maar er wordt
nog een derde type stekker en
stopcontact gebruikt: met 2
pinnen en zijdelingse aarding.
Stopcontact / stekker (geldig
voor beide landen)
Als de bijgeleverde stekker niet
geschikt is voor uw stopcontact,
neem dan contact op met de
Klantenservice voor verdere
instructies. Probeer de stekker niet
zelf aan te passen. Deze procedu-
re moet uitgevoerd worden door
een gekwalificeerd technicus, in
overeenstemming met de instruc-
ties van de fabrikant en de gel-
dende veiligheidsvoorschriften.
CORRECT GEBRUIK
Gebruik het koelkastcomparti-
ment uitsluitend voor het bewa-
ren van vers voedsel en het
diepvriezercompartiment uitslui-
tend voor het bewaren van
bevroren voedsel, het invriezen
van vers voedsel en het maken
van ijsblokjes.
Vermijd het bewaren van onver-
pakt voedsel in direct contact met
interne oppervlakken van de
koelkast- of diepvriezercomparti-
menten.
Apparaten kunnen speciale
compartimenten voor het bewa-
ren van voedsel hebben.
Indien niet anders gespecificeerd
in het betreffende productboekje,
7
NL
MILIEUTIPS
VERWERKING VAN DE
VERPAKKING
De verpakking kan volledig
gerecycled worden, zoals door
het recyclingsymbool wordt
aangegeven:
De diverse onderdelen van de
verpakking mogen daarom
niet bij het gewone huisvuil
worden weggegooid, maar
moeten worden afgevoerd
volgens de plaatselijke
voorschriften.
AFVALVERWERKING VAN
HUISHOUDELIJKE
APPARATEN
Dit product is vervaardigd van
recyclebaar of herbruikbaar
materiaal. Dank het apparaat af
in overeenstemming met
plaatselijke milieuvoorschriften
voor afvalverwerking.
Voor meer informatie over
behandeling, terugwinning en
recycling van dit apparaat kunt
u contact opnemen met uw
plaatselijke instantie, de
vuilnisophaaldienst of de
winkel waar u dit product hebt
gekocht.
Dit apparaat is voorzien van het
merkteken volgens de Europese
Richtlijn 2012/19/EU inzake
Afgedankte elektrische en
elektronische apparaten (AEEA).
Door ervoor te zorgen dat dit
product op de juiste manier als
afval wordt verwerkt, helpt u
mogelijke schadelijke gevolgen
voor het milieu en de
volksgezondheid te voorkomen,
die veroorzaakt zouden kunnen
worden door onjuiste verwerking
van dit product als afval.
Dit symbool op het
product of op de
begeleidende
documentatie geeft aan dat dit
kunnen deze compartimenten
verwijderd worden en blijven
daarbij vergelijkbare prestaties
behouden.
Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de
vrieselementen niet in (bij een
aantal modellen).
Eet geen ijsblokjes of waterijsjes
die net uit de vriezer komen,
aangezien deze vriesbrandwon-
den kunnen veroorzaken.
Bij producten ontworpen voor
gebruik met een luchtfilter in een
toegankelijke ventilatorafdekking,
moet het filter altijd zijn aange-
bracht wanneer de koelkast in
bedrijf is.
Bewaar geen glazen containers
met vloeistoffen in het diepvrie-
zercompartiment omdat ze
kunnen breken.
Blokkeer de ventilator (indien
aanwezig) niet met levensmiddelen.
Nadat de levensmiddelen in het
apparaat zijn geplaatst, dient
gecontroleerd te worden of de
deuren van de vakken goed
sluiten, met name de deur van het
vriesvak.
Een beschadigde afdichting dient
zo snel mogelijk vervangen te
worden.
VEILIGHEID VAN KINDEREN
Heel jonge (0-3 jaar) en jonge
kinderen (3-8 jaar) dienen op
afstand gehouden te worden,
tenzij ze onder voortdurend
toezicht staan.
Kinderen vanaf 8 jaar en personen
met verminderde fysieke, sensori-
sche of mentale vermogens of
gebrek aan ervaring en kennis,
mogen dit apparaat gebruiken
indien ze onder toezicht staan of
instructies hebben ontvangen
over het gebruik van het apparaat
en de mogelijke gevaren ervan
begrijpen. Kinderen mogen niet
met het apparaat spelen. Reini-
ging en gebruikersonderhoud
mogen niet door kinderen zonder
toezicht worden uitgevoerd.
Houd verpakkingsmaterialen
(plastic zakken, polystyreen delen
enz.) buiten het bereik van kinde-
ren.
ONDERHOUD EN REINIGING
Het apparaat moet worden
losgekoppeld van het elektriciteit-
snet voordat u reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden
uitvoert.
Gebruik geen stoomreinigers
8
CONFORMITEITSVERKLARING
Dit apparaat werd ontwikkeld
voor het bewaren van voedsel
en werd geproduceerd
conform Richtlijn (EC) nr.
1935/2004.
De oven is ontwikkeld,
gefabriceerd en op de markt
gebracht in overeenstemming
met:
› veiligheidsobjectieven van de
richtlijn “Laagspanning”
2006/95/CE (ter vervanging
van 73/23/CEE en
daaropvolgende wijzigingen);
› de beschermingsvoorwaarden
van Richtlijn “EMC” 2004/108/
EC.De elektrische veiligheid
van het apparaat is alleen
gegarandeerd indien het
correct is aangesloten op een
goedgekeurd aardingssysteem.
apparaat niet als huishoudelijk
afval behandeld mag worden,
maar dat het ingeleverd moet
worden bij een speciaal
inzamelingscentrum voor de
recycling van elektrische en
elektronische apparatuur.
TIPS VOOR
ENERGIEBESPARING
Installeer het apparaat in een
droge, goed geventileerde
ruimte, ver bij eventuele
warmtebronnen vandaan (bijv.
radiator, fornuis, etc.) en op een
plek die niet aan direct zonlicht
wordt blootgesteld. Gebruik
indien nodig een isolatieplaat.
Volg de installatie-instructies
om voldoende ventilatie te
garanderen. Door
onvoldoende ventilatie aan de
achterzijde van het product
neemt het energieverbruik toe
en neemt de koelefficiëntie af.
De binnentemperatuur van het
apparaat kan beïnvloed worden
door de omgevingstemperatuur,
hoe vaak de deur wordt
geopend en de plaats van het
apparaat. Bij het instellen van de
temperatuur moet rekening
gehouden worden met deze
factoren.
Beperk het openen van deuren
tot een minimum.
Plaats diepgevroren etenswaar
die u wilt ontdooien in de
koelkast. De lage temperatuur
van de diepgevroren
etenswaar koelt de etenswaar
in de koelkast.
Laat warme gerechten en
dranken eerst afkoelen voordat
ze in het apparaat geplaatst
worden.
De positionering van de platen in
de koelkast heeft geen invloed
op het efficiënte energiegebruik.
De etenswaar dient zodanig op
de platen geplaatst te worden
om voor voldoende
luchtcirculatie te zorgen (de
verschillende etenswaar dient
elkaar niet te raken en de afstand
tussen de etenswaar en de
achterwand moet behouden
blijven).
U kunt de opslagcapaciteit
voor ingevroren etenswaar
vergroten door opslagmanden
en, indien aanwezig, de Stop
Frost-plaat te verwijderen en
daarbij een vergelijkbaar
energieverbruik behouden.
Producten van een hoge
energieklasse zijn uitgerust met
een hoogrendementsmotor die
langer blijft werken, maar een laag
energieverbruik hebben. Maakt u
zich dus geen zorgen als de motor
langere tijd blijft werken.
9
NL
Koelkastcompartiment
1. Ventilator
2. Ventilatorafdekking en
antibacterieel filter
3. Elektronisch bedieningspaneel
/ verlichting
4. Schappen
5. Flessenrek
6. Kaasdoos + deksel
7. Koude-luchtgedeelte Multi-flow
8. Afdekking sensor
9. Koudste vak (ideaal voor vlees
en vis)
10. Typeplaatje met handelsnaam
naam
11. Crisper voor groente en fruit
12. Ladenverdeler koelkast
13. Set om de deur om te draaien
14. Eierhouder
15. Deurvakken
16. Halve vakhoogte voor kleine
artikelen
17. Flessenscheider
18. Vakhoogte flessen
19. Deurafdichting
Diepvriescompartiment
19. Deurafdichtingen
20. Bovenste lade: koudste zone
ideaal voor het invriezen van
verse levensmiddelen
21. Snelvriezen / Eutectum
22. Schappen
23. Ladenverdeler vriesvak
24. Laden vriesvak
PRODUCTBESCHRIJVING
APPARAAT
Gids voor Gebruik en Verzorging
3
4
5
8
10
13
19
20
1
21
7
22
24
9
23
6
11
16
2
12
15
14
17
18
10
TECHNISCHE
GEGEVENS
AFMETINGEN PRODUCT
Hoogte 1885 mm
Breedte 595 mm
Diepte 655 mm
NETTO VOLUME KOELKAST L 222 L
NETTO VOLUME VRIEZER L 94 L
ONTDOOISYSTEEM
Koelkast Automatisch
Vriesvak Automatisch
RISING TIME H 24 h
VRIESVERMOGENKG/24H 4,0 Kg/24h
ENERGIEVERBRUIK KWH/24H 0,66 Kwh/24h
GELUIDSEMISSIENIVEAU DBA 42 dba
ENERGIEKLASSE A++
BEDIENINGSPANEEL
1. LED-controlelampjes
(voor het weergeven van de
huidige temperatuurwaarde of
de
functie Snel koelen)
2. Toets Aan/Stand-by /
Temperatuurtoets
2
1
11
NL
DEUR
OMKEREN VAN DE DEUR Opmerking: De richting waarin de deur opengaat,
kan worden veranderd. Indien deze actie wordt
uitgevoerd door Klantenservice valt dit niet onder
de garantie.
Het wordt aanbevolen om de scharnierzijde van de
deur met twee personen om te keren.
Volg de instructies in de Installatiegids.
Alle schappen, kleppen en schuifmandjes zijn
uitneembaar.
De Ventilator verbetert de temperatuurverdeling in
het product, waardoor de levensmiddelen beter
geconserveerd worden.
Opmerking: Blokkeer het gebied van de luchtinlaat niet
met levensmiddelen.
Als het apparaat is voorzien van de ventilator kan het
ook uitgerust worden met het antibacteriële filter.
Haal het filter uit de doos, die
zich in de crisper-lade bevindt
en plaats het in de afdekking
van de ventilator - zoals op de
afbeelding.
De vervangingsprocedure is
meegeleverd in de filterdoos.
Het ontdooien van het koelvak vindt volledig
automatisch plaats.
Het ontdooide water wordt automatisch afgevoerd
naar een afvoerslang die achter de multi flow zit
verborgen en wordt verzameld in een container,
waar het verdampt.
SCHAPPEN
VENTILATOR + ANTIBACTERIEEL FILTER
IJSVRIJ
KOELKASTCOMPARTIMENT
KOELKAST
VERLICHTING
Het verlichtingssysteem in het koelkastcompartiment
maakt gebruik van LED-verlichting voor een betere
verlichting en een zeer laag energieverbruik.
Als het systeem met ledverlichting niet werkt,
contact opnemen met de Klantenservice om het te
laten vervangen.
Belangrijk: De binnenverlichting van het
koelkastcompartiment gaat branden wanneer de
deur van de koelkast geopend wordt. Als de deur
langer dan 4 minuten geopend blijft, wordt de
verlichting automatisch uitgeschakeld.
12
ACCESSOIRES
EIERHOUDER KAASDOOS FLESSENREK
FLESSENSCHEIDER LADENVERDELER VRIESVAK LADENVERDELER KOELKAST
IJsvrije diepvriezers zorgen voor gekoelde
luchtcirculatie rond de opslagplaatsen, en gaan
ijsvorming tegen, waardoor de noodzaak voor het
ontdooien volledig wordt weg genomen.
Ingevroren levensmiddelen blijven niet aan de
wanden kleven, de labels blijven leesbaar en de
opslagruimte blijft netjes.
IJSVRIJ VRIESCOMPARTIMENT
SNELVRIESCOMPARTIMENT EUTECTUM
SNELVRIESLADEN
13
NL
EERSTE GEBRUIK
INSTALLATIE
GEBRUIK VAN
HET APPARAAT
Nadat de stekker in het stopcontact is gestoken,
begint het apparaat automatisch te werken.
Wacht nadat u het apparaat heeft ingeschakeld,
minstens 4-6 uur voordat u levensmiddelen in het
apparaat legt.
Het apparaat wordt normaal in de fabriek ingesteld
op de aanbevolen medium temperatuur.
Voor details over het instellen van de temperatuur
- zie de
Snelle Handleiding.
Opmerking: De weergegeven temperatuurinstelling
komt overeen met de
gemiddelde temperatuur in de hele
koelkast
Wanneer het apparaat wordt aangesloten op de
netvoeding wordt het display verlicht en worden
alle pictogrammen gedurende circa 1 seconde
weergegeven. De standaardwaarden
(fabriekswaarden) van de instellingen van de
koelkast lichten op.
IN WERKING STELLEN VAN HET APPARAAT
EEN APPARAAT INSTALLEREN
Om voor voldoende ventilatie te zorgen, dient er
aan beide zijkanten en aan de bovenkant van het
apparaat ruimte vrijgelaten te worden.
De afstand tussen de achterkant van het apparaat
en de wand achter het apparaat moet ten minste 50
mm zijn.
Bij minder ruimte aan de achterzijde neemt het
energieverbruik van het product toe.
INSTALLEREN VAN DE VULSTUKKEN
Bevestig de vulstukken op het bovenste en
onderste gedeelte van de condensor (volgens de
tekening) aan de achterzijde van het apparaat.
TEMPERATUURINSTELLING
50mm
50mm
14
DAGELIJKS GEBRUIK
DE OPSLAGRUIMTE VAN DE VRIEZER
VERGROTEN
• het verwijderen van de opslagmanden, voor het
opslaan van grote producten.
• de voedselproducten rechtstreeks op de
schappen van de vriezer leggen.
• het verwijderen van extra verwisselbare
accessoires.
• Het luchtuitlaatgebied (aan de achterwand en aan
de onderkant in het product) niet blokkeren met
voedingsmiddelen.
• Alle schappen en schuifmandjes zijn uitneembaar.
• De binnentemperatuur van het apparaat kan
beïnvloed worden door de
omgevingstemperatuur, hoe vaak de deur wordt
geopend en de plaats van het apparaat. Bij het
instellen van de temperatuur moet rekening
gehouden worden met deze factoren.
• Tenzij anders gespecificeerd zijn de accessoires van
het apparaat niet geschikt voor een vaatwasser.
FUNCTIES
Deze functie dient om de koelkast
Aan of in Stand-by te zetten. Om het
product in Stand-by te zetten, houdt
u de knop On/Stand-by 3 seconden
ingedrukt.
Alle temperatuurcontrolelampjes
worden uitgeschakeld.
Als het apparaat in Stand-by staat,
werkt de binnenverlichting van de
koelkast niet.
Bedenk wel dat het apparaat op deze
manier niet van de elektrische
voeding wordt afgekoppeld.
Om het apparaat weer in te schakelen,
drukt u op de knop Aan/Stand-by .
Met deze functie kunt u snel de optimale
conserveringsomstandigheden (voor
wat betreft temperatuur en vochtigheid)
bereiken binnen het apparaat.
De 6th Sense Fresh Control werkt
automatisch.
Het gebruik van deze functie wordt
aanbevolen als u zeer veel
levensmiddelen in de koelkast en
diepvriescompartimenten plaatst.
Met de functie Snel koelen is het
mogelijk de koelcapaciteit in de
koelkast en vriescompartimenten te
verhogen.
Opmerking: De functie Snel koelen
moet ook worden ingeschakeld
voordat u levensmiddelen in het
diepvriescompartiment legt, voor een
zo hoog mogelijke vriescapaciteit.
AAN/STANDBY
6TH SENSE FRESH
CONTROL
SNEL KOELEN
15
NL
Het alarmsymbool gaat knipperen en
het akoestisch alarm klinkt. Het alarm
wordt geactiveerd als de deur langer
dan 2 minuten open blijft staan.
Om de deuralarmen uit te schakelen
de deur sluiten en eenmaal op de
toets Alarmstop drukken om het
geluidsalarm te stoppen.
ALARM DEUR OPEN
SNELVRIEZEN IJSBLOKJES MAKEN
Zet de lege ijsblokjesladen in de
vriezer, 24 uur voordat u de functie
Snelvriezen gebruikt om ze af te
koelen. Voor de beste prestaties van
de ijsblokjesladen is het aan te bevelen
om ze permanent in de vriezer te
houden en de temperatuurinstelling
op -18 ° C of kouder te houden.
Verwijder de ijsblokjeslade door het
naar u toe te trekken.
Verwijder het deksel en vul de lade
met drinkwater (maximaal niveau =
2/3 van de totale inhoud van de lade).
Plaats het deksel terug in de lade en
plaatst u deze terug in de toegewezen
"slots" in de bovenste vriezerlade.
Kijk uit dat u geen water morst.
Wacht ten minste 30 minuten tot de
ijsblokjes zijn gevormd (dit keer iets
langer als de laden onmiddellijk na
het eerste gebruik worden gebruikt).
IJSBLOKJES UIT DE IJSMAKER
HALEN
Als het ijs klaar is kunt u het deksel
openen en de ijsblokjes verwijderen.
16
Snelle ijslades kunnen ook worden
gebruikt als eutectums, om te helpen bij
het bevroren houden van het voedsel bij
stroomuitval. Voor het beste gebruik kunt
u ze plaatsen boven het voedsel dat in de
bovenste lade van het vriescompartiment
is opgeslagen. In deze positie kunnen de
laden nog steeds worden gebruikt voor
het maken van ijsblokjes, hoewel de tijd
die hiervoor nodig is langer kan zijn.
SNELLE IJSLADEN
GEBRUIKEN ALS
EUTECTUM
17
NL
KOELVAK
De koelkast is de ideale opslagplek voor kant-en-klare
maaltijden, verse en geconserveerde voedingswaren,
zuivelproducten, groente/fruit en dranken.
VENTILATIE
De natuurlijke circulatie van lucht in het koelvak
resulteert in zones met verschillende temperaturen.
Het koudste gedeelte bevindt zich direct boven de
crisplade voor groente en fruit en bij de
achterwand. Het warmste gedeelte bevindt zich
bovenaan de voorzijde van het koelvak.
Onvoldoende ventilatie resulteert in een hoger
energieverbruik en lagere koelprestaties.
De luchtslots niet met voedsel bedekken -
ze zijn geoptimaliseerd voor goede luchtcirculatie
en bewaren van voedsel.
TIPS VOOR OPSLAG VAN LEVENSMIDDELEN
OPSLAAN VAN VERSE ETENSWAAR EN
DRANKEN
› Gebruik houders van recyclebaar plastic, metaal,
aluminum en glas, of wikkel de levensmiddelen in folie.
› Gebruik altijd afsluitbare houders voor vloeistoffen
en etenswaar die geuren of smaken kunnen afgeven
of opnemen, of dek de vloeistoffen of etenswaar af.
› Levensmiddelen die een grote hoeveelheid
ethyleengas afgeven en de levensmiddelen die gevoelig
zijn voor dit gas, zoals fruit, groenten en salade, moeten
altijd worden zodanig worden gescheiden of verpakt dat
de houdbaarheid niet achteruit gaat; bijvoorbeeld geen
tomaten samen met kiwi's of kool bewaren.
› Bewaar verschillende etenswaar niet te dicht bij
elkaar om voor voldoende luchtcirculatie te zorgen.
› Om te voorkomen dat flessen omvallen, kunt u
gebruik maken van de flessenhouder.
› Indien u een kleine hoeveelheid etenswaar in de
koelkast opslaat, raden wij aan de platen boven de
crisperlade voor groente en fruit te gebruiken, aangezien
dit de koelste plek in het koelvak is.› Let er op dat de
luchtslots niet door het voedsel worden afgesloten.
› Let er op dat de luchtslots niet door het voedsel
worden afgesloten.
DE JUISTE PLEK VOOR VERSE ETENSWAAR EN
DRANKEN
› Op de schappen van de koelkast: kant-en-klare
maaltijden, tropisch fruit, kazen, delicatessen.
› Op de koelste plek (boven de crisperlade voor fruit
en groenten): vlees, vis, vleeswaren, gebak
› In de crisperlade voor fruit en groenten: fruit, sla,
groenten.
› In de deur: boter, jam, sauzen, augurken, blikjes,
flessen, drankkartons, eieren.
18
GEMATIGDE ZONE Aanbevolen
voor het bewaren van tropisch
fruit,blikjes, dranken, eieren,
sauzen, augurken, boter, jam.
KOUDE ZONE Aanbevolen voor
het bewaren van kaas, melk,
dagelijks voedsel, delicatessen,
yoghurt.
KOUDSTE ZONE Aanbevolen
voor het bewaren van
vleeswaren, desserts.
FRUIT & GROENTELADE
LADE DIEPVRIESGEDEELTE
((MAX KOELZONE) Aanbevolen
voor het invriezen van verse/
gekookte levensmiddelen.
LADEN VRIESVAK
Waarschuwing
De grijsschakering van de
legenda komt niet overeen met
de kleur van de laden
Legenda
19
NL
TIPS VOOR HET INVRIEZEN EN BEWAREN VAN
VERSE LEVENSMIDDELEN
› Wij raden aan om de bevroren levensmiddelen van
een etiket en datum te voorzien. Door een label aan
te brengen, kunt u levensmiddelen makkelijker
herkennen en weet u wanneer deze gebruikt moet
worden voordat de kwaliteit ervan afneemt. Vries
ontdooide levensmiddelen niet opnieuw in.
› Voor het invriezen de verse levensmiddelen
wikkelen en luchtdicht verpakken in:
aluminiumfolie, plastic folie, lucht- en waterdichte
plastic zakken, polytheen containers met deksel of
diepvriezercontainers die geschikt zijn voor het
invriezen van verse levensmiddelen.
› Het voedsel moet vers, rijp en van uitstekende
kwaliteit zijn voor het verkrijgen van een hoge
kwaliteit bevroren voedsel.
› Verse groenten en fruit moeten bij voorkeur zo
snel mogelijk worden bevroren, zodra ze zijn
uitgekozen, om de volledige oorspronkelijke
voedingswaarde, consistentie, kleur en smaak te
bewaren. Enkele vleessoorten (vooral wild) moet
worden opgehangen voordat dit wordt ingevroren.
› Warm voedsel altijd laten afkoelen voordat het in
de vriezer wordt geplaatst.
› Volledig of gedeeltelijk ontdooid voedsel meteen
opeten.
Vries ze niet opnieuw in, tenzij het voedsel na het
ontdooien gekookt is. Nadat het gekookt is, mag
het opnieuw worden ingevroren.
› Geen flessen met vloeistof invriezen.
› Gebruik de snelkoelfunctie om het koel- of
vriesproces te versnellen (zie Snelle Handleiding).
DIEPGEVROREN LEVENSMIDDELEN:
WINKELTIPS
Bij de aankoop van diepvriesproducten moet u op
de volgende punten letten:
› Let op dat de verpakking niet beschadigd is
(bevroren voedsel in beschadigde verpakkingen
kan achteruit gaan). Indien de verpakking bol staat
of vochtplekken heeft, werd het mogelijk niet bij
optimale omstandigheden bewaard en het
ontdooien is mogelijk al begonnen.
› Koop tijdens het winkelen bevroren voedsel aan
het einde van uw trip en vervoer het in een
thermisch geïsoleerde koeltas.
› Bij thuiskomst het bevroren voedsel onmiddellijk
in de vriezer leggen.
› Als het voedsel ook maar gedeeltelijk is ontdooid
niet opnieuw invriezen. Binnen 24 uur opeten.
› Temperatuurschommelingen voorkomen of tot
een minimum beperken. De uiterste
houdbaarheidsdatum op de verpakking moet
worden gerespecteerd.
› Altijd kijken naar de opslaginformatie op de
verpakking.
DIEPVRIESCOMPARTIMENT
De vriezer is de ideale opslagplaats voor het opslaan van
ingevroren levensmiddelen, het maken van ijsblokjes en
het invriezen van verse levensmiddelen in het vriesvak.
De maximale hoeveelheid verse levensmiddelen die
in 24 uur kan worden ingevroren wordt aangegeven
op het typeplaatje (…kg/24h).
Wanneer u een kleine hoeveelheid voedsel heeft om
in de vriezer te bewaren is het aan te bevelen om de
koudste gedeeltes van uw diepvriescompartiment te
gebruiken, het middelste gebied.
20
VLEES
maanden
STOOFVLEES
maanden
FRUIT
maanden
Rundvlees 8 - 12 Vlees, Gevogelte 2 - 3 Appels 12
Varkensvlees, kalfsvlees 6 - 9
ZUIVELPRODUCTEN
Abrikozen 8
Lamsvlees 6 - 8 Boter 6 Bramen 8 - 12
Konijnenvlees 4 - 6 Kaas 3 Zwarte/rode bessen 8 - 12
Gehakt/Orgaanvlees 2 - 3 Room 1 - 2 Kersen 10
Saucijzen 1 - 2 IJs 2 - 3 Perziken 10
GEVOGELTE
Eieren 8 Peren 8 - 12
Kip 5 - 7
SOEP EN SAUZEN
Pruimen 10
Kalkoen 6 Soep 2 - 3 Frambozen 8 - 12
Eetbare organen
gevogelte
2 - 3 Jus 2 - 3 Aardbeien 10
KREEFACHTIGEN
Pastei 1 Rabarber 10
Weekdieren, kreeft 1 - 2 Ratatouille 8 Vruchtensap
(sinaasappelsap,
citroensap,
grapefruitsap)
4 - 6
Krab, kreeft 1 - 2
GEBAK EN BROOD GROENTEN
SCHAALDIEREN
Brood 1 - 2 Asperges 8 - 10
Oesters, zonder schaal 1 - 2 Taart (normaal) 4 Basilicum 6 - 8
VIS
Gateaux (gebak) 2 - 3 Bonen 12
"vette vissoorten"
(zalm, haring, makreel)
2 - 3 Crêpes 1 - 2 Artisjokken 8 - 10
"magere vissoorten"
(tong)
3 - 4 Ongebakken gebak 2 - 3 Broccoli 8 - 10
Quiche 1 - 2 Spruiten 8 - 10
Pizza 1 - 2 Bloemkool 8 - 10
Wortelen 10 - 12
Selderij 6 - 8
Paddenstoelen 8
Peterselie 6 - 8
Pepers 10 - 12
Erwten 12
Pronkbonen 12
Spinazie 12
Tomaten 8 - 10
Courgette 8 - 10
BEWAARTIJD VAN BEVROREN LEVENSMIDDELEN
21
NL
AFWEZIGHEID/VAKANTIE Bij langere afwezigheid wordt aanbevolen
levensmiddelen te consumeren en het apparaat te
ontkoppelen om energie te besparen.
VERHUIZEN
STROOMUITVAL
Als de stroom uitvalt,dient u zich tot het plaatselijke
elektriciteitsbedrijf te wenden om te vragen hoe lang
de stroomuitval zal duren.
Opmerking: Houd er rekening mee dat een vol
vriesvak langer koud blijft dan een halfvol vak.
Als er op de voedingsmiddelen ijskristallen zichtbaar
zijn, kunnen ze zonder enig risico opnieuw worden
ingevroren, ook al zullen de smaak en het aroma
waarschijnlijk anders zijn.
Wanneer de levensmiddelen duidelijk in een slechte
staat verkeren, kunt u deze beter weggooien.
Als de stroomuitval korter dan 24 uur duurt.
Houd de deur van het apparaat gesloten. Op deze
manier blijven de levensmiddelen in de koelkast zo
lang mogelijk koud.
Als de stroomuitval langer dan 24 uur duurt.
Haal alle bevroren levensmiddelen uit het vriesvak en
zet deze in een draagbare vriezer. Als dit type vriezer
niet voorhanden is en als er geen pakken kunstijs
beschikbaar zijn, probeer dan de levensmiddelen die
het snelst bederven te consumeren.
Maak de ijsbak leeg.
AANBEVELINGEN WANNEER HET APPARAAT
NIET WORDT GEBRUIKT
1. Haal alle uitneembare elementen uit het apparaat.
4. Sluit de deur en plak deze met plakband dicht
en plak ook de voedingskabel met plakband aan
het apparaat vast.
2. Verpak ze zorgvuldig en zet ze aan elkaar vast
met plakband om te voorkomen dat ze tegen elkaar
klapperen of kwijtraken.
3. Schroef de stelvoetjes zodanig aan dat ze het
steunvlak niet raken.
22
REINIGING EN
ONDERHOUD
› Reinig het apparaat regelmatig met een doek en
een oplossing van lauw water en een neutraal
schoonmaakmiddel, speciaal voor de binnenkant
van koelkasten.
› Reinig regelmatig de buitenkant van het apparaat
en de deurafdichting met een vochtige doek en
droog het met een zachte doek.
› De condensor aan de achterkant van het apparaat
moet regelmatig met behulp van een stofzuiger
worden schoongemaakt.
Belangrijk:
› De toetsen en het display van het
bedieningspaneel mogen niet gereinigd worden
met middelen op basis van alcohol of daarvan
afgeleide stoffen; gebruik in plaats daarvan een
droge doek.
› De buizen van het koelsysteem zitten in de buurt
van de ontdooibak en kunnen heet worden. Maak
ze regelmatig schoon met een stofzuiger.
Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
Gebruik geen reinigings- of schuurmiddelen. Maak
de onderdelen van de koelkast nooit schoon met
licht ontvlambare vloeistoffen.
Gebruik geen stoomreinigers.
De toetsen en het display van het bedieningspaneel
mogen niet gereinigd worden met middelen op
basis van alcohol of daarvan afgeleide stoffen;
gebruik in plaats daarvan een droge doek.
23
NL
HANDLEIDING VOOR
PROBLEEMOPLOSSING
EN KLANTENSERVICE
VOORDAT U DE KLANTENSERVICE BELT... De problemen bij het gebruik worden vaak veroorzaakt
door kleinigheden die u zelf kunt opsporen en
verhelpen, zonder dat hiervoor gereedschap nodig is.
Geluiden afkomstig van het apparaat zijn normaal,
omdat er een aantal ventilatoren en motoren voor
het regelen van prestaties aanwezig zijn die
automatisch worden in- en uitgeschakeld.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN KUNNEN
WORDEN VERMINDERD DOOR MIDDEL VAN:
› Optillen van het apparaat en op een egaal
oppervlak installeren.
› Scheiden en vermijden van contact tussen het
apparaat en meubilair.
› Controleren of de interne onderdelen correct zijn
geplaatst.
› Controleren of de flessen en houders niet tegen
elkaar komen.
EEN AANTAL FUNCTIONELE GELUIDEN DIE U
ZOU KUNNEN HOREN
Een sisgeluid bij het voor de
eerste keer of na een lange pauze
inschakelen van het apparaat.
Een borrelgeluid wanneer
koelmiddel de leidingen
instroomt.
BRRR geluid van de compressor
die loopt.
FUNCTIONELE GELUIDEN
Een zoemgeluid wanneer de
waterklep of de ventilator begint
te werken.
Een kraakgeluid wanneer de
compressor start.
De KLIK is van de thermostaat die
afstelt hoe vaak de compressor
draait.
24
HET LAMPJE WERKT NIET
DE MOTOR LIJKT TE LANG IN
WERKING TE BLIJVEN
HANDLEIDING VOOR
PROBLEEMOPLOSSING
HET APPARAAT WERKT NIET Er kan een probleem zijn met de
stroomtoevoer naar het apparaat
zijn.
Dit is normaal bij heet, vochtig
weer. De bak kan zelfs tot
halverwege gevuld raken.
Het lampje moet mogelijk
vervangen worden.
Het apparaat kan in Aan/Stand-
by modus staan
De tijd dat de motor draait hangt
van verschillende factoren af: het
aantal keren dat de deur wordt
geopend, de hoeveelheid
levensmiddelen die in de koelkast
wordt bewaard, de
kamertempertuur en de instelling
van de thermostaten.
Dit is geen defect.
Dit is normaal bij een warm
klimaat en als de compressor in
werking is.
› Controleer of het netsnoer met
de juiste spanning in een
stopcontact zit.
› Controleer de beveiligingen en
zekeringen van het elektrische
systeem in uw huis
› Zorg ervoor dat het apparaat op
niveau is, zodat het water niet
kan overlopen.
› Controleer of de beveiligingen en
zekeringen van het elektrische
systeem in uw huis goed werken.
› Controleer of het netsnoer met de
juiste spanning in een stopcontact
zit
› Mochten de LED's gebroken zijn
moet de gebruiker de Servicedienst
bellen om ze voor hetzelfde type
om te wisselen, dat alleen te
verkrijgen is bij onze Servicecentra
of bij erkende dealers.
› Zorg ervoor dat controles van
het apparaat correct zijn ingesteld.
› Controleer of er is niet een grote
hoeveelheid voedsel aan het
apparaat is toegevoegd.
› Controleer of de deur niet te vaak
geopend is.
› Controleer of de deur goed
gesloten is.
ER ZIT WATER IN DE
ONTDOOIBAK
DE RANDEN VAN HET
APPARAAT DIE IN CONTACT
MET DE DEURAFDICHTING
KOMEN ZIJN WARM BIJ
AANRAKING
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
25
NL
DE DEUREN GAAN NIET GOED
OPEN EN DICHT
Er kunnen verschillende oorzaken
(Zie 'Oplossingen')
› Controleer of de voedselpakketten
niet de deur blokkeren.
› Controleer of de interne
onderdelen of de automatische
ijsmaker niet uit positie zijn.
› Controleer of de deurafdichtingen
niet vuil of kleverig zijn.
› Controleer of het apparaat op
niveau is.
DE TEMPERATUUR VAN HET
APPARAAT IS TE HOOG
Er kunnen verschillende oorzaken
(Zie 'Oplossingen')
› Zorg ervoor dat de condensor
(achter het apparaat) vrij is van
stof en pluizen.
› Zorg ervoor dat de deur goed
gesloten is.
› Zorg ervoor dat de
deurafdichtingen goed vastzitten.
› Op warme dagen of als het in de
kamer warm is draait de motor
natuurlijk langer.
› Als de deur van het apparaat een
tijdje open is geweest of als er
grote hoeveelheden voedsel zijn
opgeslagen zal de motor langer
lopen, om de binnenkant van het
apparaat af te laten koelen.
26
KLANTENSERVICE
ONDERHOUD
VOORDAT U DE
KLANTENSERVICE BELT
ALS NA HET UITVOEREN VAN DEZE CONTROLES
DE STORING NOG STEEDS AANWEZIG IS,
CONTACT OPNEMEN MET DE DICHTSTBIJZIJNDE
KLANTENSERVICE
1. Controleer of u het probleem zelf kunt oplossen
aan de hand van de punten die beschreven zijn in
HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING”.
Bel voor assistentie het nummer dat in het
garantieboekje staat, of volg de instructies op de
website www.whirlpool.eu
Vermeld altijd:
•eenkortebeschrijvingvandestoring;
•hettypeenhetexactemodelvanhetapparaat;
•hetservicenummer(nummernahetwoordService
op het typeplaatje). Het servicenummer staat ook
in het garantieboekje;
•uwvolledigeadres;
•uwtelefoonnummer.
Wend u tot een erkend Servicecentrum indien
reparatie noodzakelijk is (alleen dan heeft u
zekerheid dat originele vervangingsonderdelen
worden gebruikt en de reparatie correct wordt
uitgevoerd).
2. Het apparaat aan- en uitzetten om te
controleren of het probleem is opgelost
27
NL
SERVICE
7
28
2. 3.
min.
A
4x
B
1x
C
1x
D
1x
1.
50 mm
29
NL
4.
5.
6.
A
30
9.
7.
8.
31
NL
10.
11.
32
12. 13.
14. 15.
A
33
NL
18. 19.
16.
B
B
A
A
17.
n
Whirlpool® Geregistreerd handelsmerk/TM Handelsmerk van Whirlpool group of companies -
© Copyright Whirlpool Europe s.r.l. 2014. Alle rechten voorbehouden - http://www.whirlpool.eu
400010773008
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34

Whirlpool BSNF 8152 OX Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding