AEG L99696HWD Handleiding

Type
Handleiding
NL Gebruiksaanwijzing
Was-droogcombinatie
L 99696 HWD
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE.............................................................................................3
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.................................................................................... 5
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT........................................................................... 7
4. BEDIENINGSPANEEL.....................................................................................................9
5. PROGRAMMA’S ........................................................................................................... 12
6. VERBRUIKSGEGEVENS................................................................................................ 18
7. INSTELLINGEN..............................................................................................................18
8. OPTIES........................................................................................................................... 19
9. VOOR HET EERSTE GEBRUIK......................................................................................20
10. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN WASSEN...............................................................21
11. EINDE VAN HET PROGRAMMA............................................................................... 25
12. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN.............................................................. 25
13. DAGELIJKS GEBRUIK - WASSEN & DROGEN.........................................................26
14. AANWIJZINGEN EN TIPS.......................................................................................... 28
15. ONDERHOUD EN REINIGING.................................................................................. 30
16. PROBLEEMOPLOSSING............................................................................................ 35
17. MONTAGE ................................................................................................................. 40
18. TECHNISCHE GEGEVENS.........................................................................................46
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om
vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven
gemakkelijker helpen maken met functies die gewone apparaten wellicht niet
hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal
van kunt profiteren.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en
onderhoudsinformatie:
www.aeg.com
Registreer uw product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens bij
de hand hebt: model, productnummer, serienummer.
Deze informatie wordt vermeld op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
www.aeg.com
2
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor
installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is
niet verantwoordelijk voor letsel en schade veroorzaakt
door een foutieve installatie. Bewaar de instructies van
het apparaat voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
WAARSCHUWING!
Gevaar voor verstikking, letsel of permanente
invaliditeit.
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8
jaar en ouder en door mensen met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens
of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder
toezicht staan of instructies hebben gekregen over het
veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder
permanent toezicht.
Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van
kinderen.
Houd alle reinigingsmiddelen uit de buurt van
kinderen.
Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het
apparaat als de deur open is.
Als het apparaat is uitgerust met een
kinderbeveiliging, raden wij aan dit te activeren.
Reiniging en onderhoud mag niet worden uitgevoerd
door kinderen zonder toezicht.
1.2
Algemene veiligheid
De specificatie van het apparaat mag niet worden
veranderd.
Het apparaat kan losstaand of onder het aanrecht in
de keuken met correcte ruimte worden geïnstalleerd.
NEDERLANDS
3
Installeer het apparaat niet achter een vergrendelbare
deur, een schuifdeur of een deur met een scharnier
aan de tegenovergestelde zijde, waardoor de deur
van het apparaat niet volledig geopend kan worden.
Steek de stekker pas in het stopcontact als de
installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na
installatie bereikbaar is.
De ventilatie-openingen in de onderkant (indien van
toepassing) mogen niet worden afgedekt door tapijt.
Zorg voor een goede ventilatie in de ruimte waar het
apparaat geïnstalleerd is, om te voorkomen dat
gassen uit apparaten die op andere brandstoffen
werken, zoals open haarden, in de ruimte
terugstromen.
De lucht mag niet worden afgevoerd via een kanaal
dat wordt gebruikt voor uitlaatgassen van apparaten
die gas of andere brandstoffen verbranden (indien van
toepassing).
De waterdruk (minimaal en maximaal) moet liggen
tussen 0,5 bar (0,05 MPa) en 8 bar (0,8 MPa)
Respecteer het maximale laadvermogen van 9 kg
(raadpleeg hoofdstuk “Programmaschema”).
Het apparaat moet met de nieuwe slangset worden
aangesloten op een kraan. Oude slangsets mogen
niet opnieuw worden gebruikt.
Als de voedingskabel beschadigd is, moet de
fabrikant, een erkende serviceverlener of een
gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde
gevaarlijke situaties te voorkomen.
Veeg eventuele pluisjes die zich rondom het apparaat
hebben opgehoopt, weg.
Gebruik het apparaat niet zonder filters. Reinig het
pluisfilter voor of na elk gebruik.
Artikelen die zijn bevuild met stoffen als spijsolie,
aceton, benzine, petroleum, kerosine,
vlekkenverwijderaars , terpentine, boenwas en
boenwasverwijderaars dienen alvorens in de
droogtrommel te worden gedroogd, te worden
www.aeg.com
4
gewassen in heet water met een extra hoeveelheid
wasmiddel.
Gebruik het apparaat niet als er industriële chemische
reinigingsmiddelen zijn gebruikt.
Droog geen ongewassen artikelen in de wasdroger.
Artikelen van schuimrubber (latexschuim),
douchemutsjes, waterdichte kleding, artikelen met
een rubberen binnenkant en kleding of kussens met
een vulling van schuimrubber dienen niet in de
droogtrommel te worden gedroogd.
Wasverzachters of soortgelijke producten dienen te
worden gebruikt zoals aangegeven in de
wasverzachterinstructies.
Verwijder alle objecten, zoals aanstekers en lucifers,
uit broek-, rok- of jaszakken.
Stop een wasdroger nooit voor het einde van een
droogcyclus, tenzij alle voorwerpen snel uit de
trommel verwijderd en uitgehangen worden, zodat de
hitte snel verdwijnt.
Het laatste deel van een droogtrommelcyclus vindt
plaats zonder warmte (koelcyclus) om ervoor te zorgen
dat de artikelen uiteindelijk een temperatuur hebben
waarbij is gewaarborgd dat de artikelen niet worden
beschadigd.
Gebruik geen waterstralen of stoom om het apparaat
te reinigen.
Maak het apparaat schoon met een vochtige, zachte
doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen.
Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het
stopcontact voordat u onderhoudshandelingen
verricht.
2.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Montage
Verwijder de verpakking en de
transportbouten.
Bewaar de transportbouten. Als u het
apparaat gaat verplaatsen, moet de
trommel worden geblokkeerd.
NEDERLANDS 5
Wees voorzichtig met het verplaatsen
van het apparaat, het is zwaar. Draag
altijd veiligheidshandschoenen.
Installeer en gebruik geen
beschadigd apparaat.
Volg de installatie-instructies op die
zijn meegeleverd met het apparaat.
Installeer of gebruik het apparaat niet
op een plek waar de temperatuur
onder 5 °C of boven 35 °C komt.
Zorg ervoor dat de vloer van de plaats
waar u het apparaat installeert, vlak,
stabiel, hittebestendig en schoon is.
Plaats het apparaat niet op een plek
waar de deur niet helemaal open kan.
Het apparaat mag alleen verticaal
worden verplaatst.
De achterkant van het apparaat moet
tegen de muur worden geplaatst.
Zorg dat er lucht tussen het apparaat
en de vloer kan circuleren.
Pas de stelvoeten aan om de nodige
ruimte tussen het apparaat en de
vloerbedekking te creëren.
Als het apparaat op zijn permanente
plaats wordt geplaatst, moet u
nagaan of het waterpas staat. Is dit
niet het geval, stel dan de stelpootjes
af totdat dit wel het geval is.
Wacht om er zeker van te zijn dat de
compressor goed werkt 6 uur na de
installatie voodat u het apparaat
gebruikt.
2.2 Aansluiting aan het
elektriciteitsnet
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.
Dit apparaat moet worden
aangesloten op een geaard
stopcontact.
Gebruik altijd een correct ge?
stalleerd, schokbestendig
stopcontact.
Gebruik geen meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
Trek niet aan het netsnoer om het
apparaat los te koppelen. Trek altijd
aan de stekker.
Raak de stroomkabel of stekker niet
aan met natte handen.
Alleen voor het VK en Ierland: Het
apparaat heeft een 13 amp. stekker.
Als het noodzakelijk is om de zekering
in de stekker te verwisselen, gebruik
dan een 13 amp. ASTA (BS1362)
zekering.
Dit apparaat voldoet aan de EU-
richtlijnen.
2.3 Wateraansluiting
Zorg dat u de waterslangen niet
beschadigt.
Laat het water stromen tot het schoon
is voordat u het apparaat aansluit op
nieuwe leidingen of leidingen die
lang niet zijn gebruikt.
Zorg dat er geen lekkages zijn als u
het apparaat de eerste keer gebruikt.
2.4 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel,
elektrische schokken, brand,
brandwonden en schade aan
het apparaat.
Gebruik dit apparaat uitsluitend in
een huishoudelijke omgeving.
De specificatie van het apparaat mag
niet worden veranderd.
Plaats geen ontvlambare producten
of items die vochtig zijn door
ontvlambare producten in, bij of op
het apparaat.
Raak het glas van de deur niet aan als
een programma in werking is. Het
glas kan heet worden.
Droog geen beschadigde kleding
met vulling of voering.
Als u het wasgoed heeft gewassen
met een vlekverwijderaar, voer dan
een extra spoelcyclus uit voordat u de
droogcyclus start.
Zorg dat u alle metalen onderdelen
uit het wasgoed verwijdert.
Droog uitsluitend textiel dat in de
wasdroogcombinatie mag worden
gedroogd. Volg de instructies op het
wasvoorschrift in de kleding.
Voorwerpen van kunststof die niet
hittebestendig zijn.
Als u gebruik maakt van een
wasmiddelbal, verwijdert u de bal
voordat u het droogprogramma
instelt.
www.aeg.com
6
Gebruik geen wasmiddelbal
wanneer u een non-
stopprogramma instelt.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade
aan het apparaat.
Ga niet op de open deur zitten of
staan.
Droog geen druipnatte
kledingstukken in het apparaat.
2.5 Verwijdering
Haal de stekker uit het stopcontact.
Snij het netsnoer van het apparaat af
en gooi dit weg.
Verwijder de deurgreep om te
voorkomen dat kinderen en
huisdieren opgesloten raken in het
apparaat.
2.6 Compressor
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het
apparaat.
De compressor en het systeem in de
droogautomaat is gevuld met het
speciale middel dat vrij is van fluor-
chloor-koolwaterstoffen. Dit systeem
moet goed gesloten blijven. Schade
aan het systeem kan lekkage tot
gevolg hebben.
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Apparaatoverzicht
1 2 3 4
11
6
7
8
9
5
12
13
14
10
1
Werkblad
2
Wasmiddeldoseerbakje
3
Luchtfilter(s)
4
Bedieningspaneel
5
Handgreep
6
Typeplaatje
7
Filter afvoerpomp
8
Stelvoetjes
9
Ventilatiesleuven
10
Afvoerslang
11
Watertoevoerklep
12
Netsnoer
13
Transportbouten
14
Stelvoetjes
NEDERLANDS 7
3.2 De kinderbeveiliging
inschakelen
Dit voorkomt dat kinderen of huisdieren
in de trommel worden opgesloten.
Draai het draaigedeelte rechtsom totdat
de groef horizontaal staat.
U kunt de deur niet sluiten.
Om de deur te sluiten draait u het
draaigedeelte linksom totdat de groef
weer verticaal staat.
3.3 Accessoires
1 2
34
1 Moersleutel
Om de transportbouten te verwijderen.
2 Plastic dopjes
Voor het afdichten van de gaten aan de
achterzijde van het apparaat nadat u de
transportbouten hebt verwijderd.
3 Toevoerslang met geïntegreerd
beschermingssysteem tegen
wateroverlast
Om mogelijke wateroverlast te
voorkomen.
4 Plastic slanggeleider
Om een afvoerslang op de rand van een
gootsteen te bevestigen.
www.aeg.com
8
4. BEDIENINGSPANEEL
4.1 Beschrijving Bedieningspaneel
1 2 3
78910111213
4
5
6
C°
.
p
me
T
TPM
/nekkelV
Voorw.
artxE
n
el
e
opS
djiT
nerapseB
-tratS
letstiu
ezuaP/tratS
dr
u
utsegdjiT
nego
rd
hcsi
ta
m
o
t
u
A
negord
mootS
Wol/Zijde
Wol
Katoen
Synthetica
Synthetica
Strijkvrij
Fijne Was
Anti-Allergie
Centrifugeren/
Pompen
Spoelen
20 Min. - 3kg
Super Eco
Opfrissen
Ontkreuk
Aan/Uit
Katoen Eco
Katoen
W A S S E N / D R O G E N
S P E C I A A L
S T O O M
D R O G E N
1
Aan/Uit-toets (Aan/Uit)
2
Programmaknop
3
Weergave
4
Automatische droogtoets
(Automatisch drogen)
5
Droogtijdtoets (Tijdgestuurd drogen)
6
Stoom tiptoets (Stoom)
7
Start/Pauze tiptoets (Start/Pauze)
8
Startuitstel tiptoets (Startuitstel)
9
Tijd besparen tiptoets (Tijd
Besparen)
10
Extra spoelen tiptoets (Extra
Spoelen)
11
Tiptoets Optie (Vlekken/Voorwas)
12
Kort centrifugeren-aanraaktoets
(TPM)
13
Temperatuuraanraaktoets (Temp.°C)
4.2 Weergave
A B C D
EFGHI
JK
Op het display verschijnt:
NEDERLANDS 9
A
De tekstbalk:
Begeleidt u bij de bediening van het apparaat.
Toont de programmastatus en -fase.
Toont alarmboodschappen. Raadpleeg 'Probleemoplossing'.
De symbolen verschijnen op de display als de bijbehorende fase of functie is ingesteld.
B
Kinderslot
C
Deur vergrendeld
U kunt de deur van het apparaat niet openen als het symbool
brandt. U kunt de deur van het apparaat openen als het symbool uit
gaat.
Het symbool blijft aan, maar het programma is voltooid:
De functie "Spoelstop" is aan.
Er staat water in de trommel.
D
Cijferdeel
Tijdstip van de dag
Als u het apparaat inschakelt, wordt het tijdstip van de dag enkele seconden op de
display weergegeven. U kunt de klok aanpassen (zie "Klok instellen").
Programmaduur
Als u het programma instelt, wordt de cyclusduur een paar seconden weergegeven
en verschijnt de tijd van het programma-einde weer.
Programmaduur weergave
De weergave verschijnt wanneer de cijfers de duur van het program-
ma weergeven.
Eindtijd van het programma
Indicatie einde programma.
De indicatie verschijnt wanneer de cijfers de eindtijd van het pro-
gramma weergeven.
Uitsteltijd
Bij het instellen van de uitgestelde start neemt de tijdsduur van het programma tot
10 uur toe in stappen van 30 minuten en daarna tot 20 uur in stappen van een uur.
Einde van het programma
Op de display verschijnt een nul.
www.aeg.com10
E
Dit deel verschijnt alleen als de deur open staat - Zie "Het apparaat aanzetten en
een programma instellen".
Maximale laadcapaciteit van het geselecteerde programma (in kg).
Grafische balkjes
Om een functie in te stellen:
Het functiesymbool gaat aan als de functie is ingesteld.
Het lege indicatiebalkje verschijnt alleen als de bijbehorende functie
beschikbaar is voor het ingestelde programma.
Als er geen indicatiebalkje verschijnt, betekent dit dat de functie
niet beschikbaar is.
Het indicatiebalkje wordt gevuld in overeenstemming met de inges-
telde functies.
Als u een verkeerde keuze maakt, geeft de tekstbalk aan dat de keuze
niet mogelijk is.
F
Tijd besparen
Het symbool gaat aan als u een van de programmaduren instelt.
Verkorte tijd
Extra kort
G Indicatie voor luchtfilters
H
Extra spoeling
Het nummer geeft het totaal aantal spoelgangen weer.
Het indicatiebalkje wordt gevuld in overeenstemming met het aantal
spoelgangen.
NEDERLANDS 11
l
Vlekken indicatie
Voorwas indicatie
Inweken indicatie
Het indicatiebalkje wordt gevuld in overeenstemming met de inges-
telde functies.
J
Centrifugeersnelheid van het ingestelde programma
Indicatie Niet centrifugeren
1)
Indicatie Spoelstop
1)
Alleen beschikbaar voor het programma Centrifugeren / Pompen.
K
De standaard temperatuur van het ingestelde programma
Koud water
5. PROGRAMMA’S
5.1 Programmatabel
Programma
Temperatuur-
bereik
Maximale be-
lading
Maximale cen-
trifugeersnel-
heid
Programmabeschrijving
(Type lading en vervuiling)
Was-/Droogprogramma's
1)
Katoen
95°C - Koud
9 kg
1600 tpm
Wit en bont katoen. Normaal vervuild en licht ver-
vuild.
Katoen Eco
2)
60°C - 40°C
9 kg
1600 tpm
Wit katoen en kleurvast katoen. Normale vervuil-
ing. Het energieverbruik daalt en de duurtijd van het
wasprogramma neemt toe.
Synthetica
60°C - Koud
4 kg
1200 tpm
Synthetische of gemengde stoffen. Normale ver-
vuiling.
Wol/Zijde
40°C - Koud
1.5 kg
1200 tpm
Machinewasbestendige wol, handwasbestendige
wol en delicate stoffen met het «handwas» sym-
bool.
3)
www.aeg.com12
Programma
Temperatuur-
bereik
Maximale be-
lading
Maximale cen-
trifugeersnel-
heid
Programmabeschrijving
(Type lading en vervuiling)
Anti-Allergie
60°C
9 kg
1600 tpm
Witte katoenen kleding. Dit programma verwijdert
micro-organismes dankzij het wassen op 60°C en
voegt een extra spoelgang toe. Op die manier is het
wassen effectiever.
Droogprogramma's
Katoen
6 kg Droogprogramma voor katoenen stoffen.
Synthetica
4 kg Droogprogramma voor synthetische stoffen.
Wol
1 kg Droogprogramma voor wol.
Wasprogramma's
Fijne Was
40°C - Koud
4 kg
1200 tpm
Delicate stoffen zoals acryl, viscose en polyester.
Normale vervuiling.
Strijkvrij
60°C - Koud
4 kg
800 tpm
Synthetische stoffen die zacht gewassen moeten
worden. Normaal en licht bevuild.
4)
Super Eco
Koud
3 kg
1200 tpm
Gemengde was (katoen en synthetica).
5)
20 Min. - 3 kg
40°C - 30°C
3 kg
1200 tpm
Katoenen en synthetische kleding met lichte ver-
vuiling of slechts eenmaal gedragen.
Spoelen
6)
0°C
9 kg
1600 tpm
Om het wasgoed te spoelen en te centrifugeren.
Alle stoffen.
Centr./Pompen
7)
0°C
9 kg
1600 tpm
Om het wasgoed te centrifugeren en het water uit
de trommel af te voeren. Alle stoffen.
NEDERLANDS 13
Programma
Temperatuur-
bereik
Maximale be-
lading
Maximale cen-
trifugeersnel-
heid
Programmabeschrijving
(Type lading en vervuiling)
Stoomprogramma's
8)
Stoom kan worden gebruikt voor droge, gewassen of eenmaal gedragen wasgoed.
Deze programma's kunnen kreukels en luchtjes verminderen en het wasgoed zacht-
er maken.
Gebruik nooit een schoonmaakmiddel. Verwijder vlekken indien nodig door te was-
sen of plaatselijk vlekverwijderaar te gebruiken.
Stoomprogramma's hebben geen hygiënische cyclus.
Stel het stoomprogramma niet in voor dit type kleding:
kleding waar op het wasvoorschrift niet staat of het geschikt is voor de droger.
kleding met stukjes plastic, metaal, hout of iets dergelijks.
Ontkreuk
40°C
tot 1.5 kg Stoomprogramma voor katoen en synthetica. Dit
programma helpt bij het ontkreuken van het was-
goed.
www.aeg.com14
Programma
Temperatuur-
bereik
Maximale be-
lading
Maximale cen-
trifugeersnel-
heid
Programmabeschrijving
(Type lading en vervuiling)
Opfrissen
40°C
tot 1.5 kg Stoomprogramma voor katoen en synthetica. Dit
programma verwijdert luchtjes uit het wasgoed.
9)
1)
Als u een was- / droogprogramma instelt, dan staat op het display dat de droogcyclus niet is inges-
teld. Stel als u wasgoed wilt drogen automatisch drogen of tijdgestuurd drogen in.
2)
Het wasprogramma Katoen Eco bij 60ºC met een lading van 9 en het droogprogramma Katoen zijn de
referentieprogramma's voor de gegevens die op het energielabel staan, in overeenstemming met de EG
92/75 normen.
De watertemperatuur van de wasfase kan verschillen van de temperatuur die is aangeg-
even voor het geselecteerde programma.
3)
Tijdens deze cyclus draait de trommel zeer traag. Het kan lijken of de trommel niet draait of niet goed
draait. Dit is normaal gedrag van het apparaat.
4)
Om kreuken in het wasgoed te beperken, regelt deze cyclus de watertemperatuur en voert een zachte
wasbeurt en centrifugeerfase uit. Het apparaat voegt extra spoelgangen toe. Dit programma is niet com-
patibel met drogen.
5)
Dit programma is voor dagelijks gebruik en heeft het laagste energie- en waterverbruik voor goede
wasprestaties.
6)
Zorg ervoor dat de centrifugeersnelheid geschikt is voor het soort wasgoed.
7)
Stel de centrifugeersnelheid in. Zorg ervoor dat het geschikt is voor het soort wasgoed. Als u de optie
Niet centrifugeren instelt, is de enige afvoerfase beschikbaar.
8)
Als u een stoomprogramma instelt met gedroogde was, zal de was aan het eind van de cyclus vochtig
aanvoelen. Het is beter om de kleren ongeveer 10 minuten in de frisse lucht te drogen om de vochtig-
heid te laten verdampen. Voor optimaal resultaat dient u het wasgoed na afloop van het programma me-
teen uit de trommel te halen. Na een stoomcyclus kunt u de items toch nog strijken, maar dan uiteraard
met veel minder moeite!
9)
Stoom verwijdert geen dierenluchtjes.
Toepasbaarheid programma-opties
Programma
TPM
Voor-
spoe-
len
Vlekk
en
In-
wek-
en
Extra
Spoe-
len
1)
Tijd
Be-
spa-
ren
2)
Star-
tuit-
stel
Katoen
Katoen Eco
3)
Synthetica
Wol/Zijde
Anti-Allergie
NEDERLANDS 15
Programma
TPM
Voor-
spoe-
len
Vlekk
en
In-
wek-
en
Extra
Spoe-
len
1)
Tijd
Be-
spa-
ren
2)
Star-
tuit-
stel
Fijne Was
Strijkvrij
Super Eco
20 Min. - 3 kg
Spoelen
Centr./Pompen
1)
Als de functie Permanente extra spoelgang geactiveerd is, voegt het apparaat extra spoelgangen toe.
Als u een lage centrifugeersnelheid instelt in het programma Spoelen, voert het apparaat delicate spoel-
gangen uit met kort centrifugeren.
2)
Als u een kortere cyclusduur instelt, adviseren wij u de hoeveelheid lading te verminderen. Het is mo-
gelijk om de volledige lading te gebruiken, maar een optimaal wasresultaat kan dan niet gegarandeerd
worden.
3)
Voor dit programma kunt u alleen de duur Extra kort instellen.
5.2 Programma's voor automatisch drogen
Droogheidsniveau Soort stof Lading
Extra Droog
Artikelen van badstof
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoeken,
etc.)
tot 6 kg
Cupboard Dry (Kastdroog)
1)
Voor op te bergen kledingstukk-
en
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoeken,
etc.)
tot 6 kg
Synthetische en gemengde
stoffen
(truien, blouses, ondergoed,
huishoudlinnen)
tot 4 kg
Strijkdroog
Geschikt voor artikelen die ges-
treken moeten worden
Katoen en linnen
(lakens, tafellakens, overhem-
den, etc.)
tot 6 kg
1)
Aanwijzingen voor testinstituten Testprestaties, volgens EN 50229:2007-07, moeten worden uitge-
voerd door selectie van het programma AUTOMATISCH KASTDROOG voor katoen met een ladingsa-
menstelling volgens EN61121. Maak de luchtfilters na elke cyclus schoon.
www.aeg.com16
5.3 Programma's voor tijddrogen
Droogheidsniveau Soort stof Lading
(kg)
Centrifu-
gesnel-
heid
(tpm)
Voorges-
telde duur
(min)
Extra Droog
Artikelen van badstof
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoeken,
etc.)
6 1600 240 - 250
3 1600 120 - 140
1 1600 50 - 60
Cupboard Dry (Kast-
droog)
Voor op te bergen kle-
dingstukken
Katoen en linnen
(badjassen, badhanddoeken,
etc.)
6 1600 230 - 240
3 1600 110 - 130
1 1600 40 - 50
Cupboard Dry (Kast-
droog)
Voor op te bergen kle-
dingstukken
Synthetische en gemengde
stoffen
(truien, blouses, ondergoed,
huishoudlinnen)
4 1200 155 - 165
2 1200 55 - 65
Strijkdroog
Geschikt voor artikelen
die gestreken moeten
worden
Katoen en linnen
(lakens, tafellakens, over-
hemden, etc.)
6 1600 190 - 200
3 1600 70 - 80
1 1600 30 - 40
Wol droog Wool (Wol)
(wollen truien)
1 1200 80 - 100
5.4 Woolmark-certificaat
De wolwascyclus van de machine is
goedgekeurd door Woolmark voor
het wassen van wollen kleding
waarvan in het label staat dat het
handwas is, op voorwaarde dat de
kledingstukken worden gewassen
volgens de instructies op het label in
het kledingstuk en die van de
fabrikant van deze wasmachine. Volg
de instructies op het wasvoorschrift in
de kleding. 1230
De woldroogcyclus van de machine is
goedgekeurd door Woolmark voor
het drogen van wollen kleding
waarvan in het label staat dat het
handwas is, op voorwaarde dat de
kledingstukken worden gedroogd
volgens de instructies op het label in
het kledingstuk en die van de
fabrikant van deze wasmachine. Volg
de instructies op het voorschrift in de
kleding.1399
In het VK, Ierland, Hong Kong en India is
het Woolmark-symbool is een
certificeringshandelsmerk.
NEDERLANDS
17
6. VERBRUIKSGEGEVENS
De gegevens van deze tabel zijn gemiddelden. Verschillende oorzaken
kunnen de gegevens wijzigen: de hoeveelheid en het type wasgoed, het
water en de omgevingstemperatuur.
Bij start van het programma toont het display de programmaduur voor
de maximale laadcapaciteit.
Tijdens de wasfase wordt de programmaduur automatisch berekend en
deze kan flink worden verlaagd als de wasgoedlading lager is dan de
maximale laadcapaciteit (bijv. katoen 60°C, maximale laadcapaciteit 9
kg, de programmaduur is langer dan 2 uur, lading 1 kg, de programma-
duur is nog geen uur).
Als het apparaat de echte programmaduur berekent, knippert er een
punt in het display.
Programma’s Lading
(kg)
Energie-
verbruik
(kWh)
Waterver-
bruik (liter)
Gemiddelde pro-
grammaduur (mi-
nuten)
Katoen 60 °C 9 1.68 71 180
Katoen Eco
Katoen ECO programma 60
°C
1)
9 1.094 69 238
Katoen 40 °C 9 1.05 71 175
Synthetische stoffen 40 °C 4 0.88 60 142
Fijne was 40 °C 4 0.70 63 91
Wol/Handwas 30 °C 1.5 0.35 59 58
1)
«Katoen ECO programma» 60 °C met een belading van 9 kg is het referentieprogramma voor de geg-
evens die op het energielabel staan, overeenkomstig de richtlijnen 92/75/EEG.
7. INSTELLINGEN
7.1 Geluidssignalen
U hoort geluidssignalen als:
U het apparaat inschakelt
U het apparaat uitschakelt
U een toets aanraakt
Het programma is voltooid
Er een storing in het apparaat
optreedt.
Voor het uitschakelen/inschakelen van
de geluidssignalen, drukt u tegelijkertijd
op Vlekken/Voorw. en Extra Spolen
gedurende 6 seconden.
Als u de geluidssignalen
uitschakelt, blijven ze alleen
werken als u de toetsen
aanraakt en er een storing
optreedt.
7.2 Kinderslotfunctie
Met deze functie kunt u voorkomen dat
kinderen met het bedieningspaneel
spelen.
Voor het inschakelen/uitschakelen
van deze functie, de knoppen Temp.
www.aeg.com18
°C en TPM tegelijkertijd aanraken tot
de indicatie aan/uit gaat.
U kunt deze functie inschakelen:
Nadat u op Start/Pauze heeft gedrukt:
worden de knoppen en de
programmaknop uitgeschakeld.
Voordat u Start/Pauze aanraakt: kan
het apparaat niet starten.
7.3 Permanent extra spoelen
Met deze functie kunt u de extra
spoelfunctie permanent aan laten als u
een nieuw programma instelt.
Voor het inschakelen/uitschakelen
van deze functie, de knoppen Tijd
Besparen en Startuitstel tegelijkertijd
aanraken tot de indicatie
aan/uit
gaat.
8. OPTIES
8.1 Touch screen
Zorg dat het aanraakscherm
en de toetsen altijd schoon
en droog zijn.
8.2 Aan/Uit
Druk op deze toets om het apparaat in of
uit te schakelen. Er klinkt een geluid als
het apparaat wordt ingeschakeld.
De AUTO Stand-by-functie schakelt het
apparaat automatisch uit om stroom te
besparen als:
Het apparaat is 5 minuten voordat u
op de knop Start/Pauze drukt niet
gebruikt.
Alle instellingen worden geannuleerd.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om
het apparaat in te schakelen.
Stel het wasprogramma weer in en
alle mogelijke functies.
5 minuten na afloop van het
wasprogramma
Raadpleeg 'Aan het einde van het
programma'.
8.3 Programmaknop
Draai deze knop om een programma in
te stellen. Het bijbehorende programma-
indicatielampje gaat branden.
8.4 Automatisch drogen
Druk op deze toets om automatisch het
droogniveau van uw wasgoed in te
stellen. Op het bedieningspaneel gaan
de droogtelampjes branden.
De tekstbalk op het display toont het
ingestelde droogheidniveau:
Strijkdroog – 1 lampje aan: strijkwas
Kastdroog – 2 lampjes aan: wasgoed
om op te bergen
Extra droog – 3 lampjes aan:
wasgoed volledig droog
U kunt niet alle niveaus
voor alle stofsoorten
automatisch instellen.
8.5 Tijdgestuurd drogen
Druk op deze toets om op basis van de
stofsoort in te stellen hoe lang de was
moet drogen. De tekstbalk op het
display toont het ingestelde
droogheidniveau:
Telkens als u deze toets indrukt wordt de
droogtijd met 5 minuten verlengd.
U kunt niet alle tijdwaarden
voor de verschillende
stofsoorten instellen.
8.6 Stoom
Aanraaktoets om de hoeveelheid stoom
in te stellen. Dit is alleen mogelijk met
programma's waarbij de stoomfunctie
beschikbaar is. De duur van de
stoomfase verandert in
overeenstemming met uw selectie.
NEDERLANDS
19
8.7 Start/Pauze
Druk op toets Start/Pauze om het
programma te starten of te onderbreken.
8.8 Startuitstel
Raak toets Startuitstel aan om de start
van een programma tussen 30 minuten
en 20 uur uit te stellen.
8.9 Tijd Besparen
Raak toets Tijd Besparen aan om de
programmatijd te verlagen.
U hebt de volgende opties:
VERKORTE DUUR: voor het wassen
van dagelijks bevuilde kleding.
EXTRA KORT: voor het snel wassen
van kleding die bijna niet vuil is.
Sommige programma's
accepteren alleen één van
deze functies.
8.10 Extra Spoelen
Druk op deze toets om spoelfases toe te
voegen aan een programma.
Gebruik deze functie voor personen die
allergisch zijn voor wasmiddelen en in
gebieden waar het water erg zacht is.
8.11 Vlekken/Voorwas
Raak deze toets aan voor het instellen
van een van de volgende functies:
Voorspoelen
Gebruik deze functie bij zwaar
bevuilde kleding. Het apparaat voegt
een voorwas aan de hoofdwas toe. De
programmaduur neemt toe.
Inweken
Gebruik deze functie bij zwaar
bevuilde kleding. Voor het wassen
weekt het apparaat het wasgoed
ongeveer een half uur op 30°C.
Vlekken
Gebruik deze functie voor wasgoed
met vlekken die moeilijk te
verwijderen zijn. Als u deze functie
instelt, doet u vlekkenverwijderaar in
het vakje
.
Het programma duurt
langer. Deze functie is
niet beschikbaar bij een
temperatuur lager dan
40°C.
8.12 TPM
Raak toets TPM aan om:
De maximale snelheid van de
centrifugefase van het programma te
verlagen
De display toont alleen
de centrifugesnelheden
die voor het ingestelde
programma beschikbaar
zijn.
De centrifugefase uitschakelen
(functie 'Niet centrifugeren')
Activeer de functie Spoelstop.
Stel deze functie in om kreukvorming
in stoffen te voorkomen. Het apparaat
pompt geen water weg als het
programma is voltooid.
8.13 Temp.°C
Raak deze toets aan om de
standaardtemperatuur te wijzigen.
Symbolen en = koud water
9.
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
1. Doe een klein beetje wasmiddel in
het doseervakje voor de wasfase.
2. Stel het programma voor katoen in
op de hoogste temperatuur zonder
wasgoed en start het programma.
Dit verwijdert al het mogelijke vuil uit de
trommel en de kuip.
9.1 Klok instellen
Na het instellen van de taal, wordt u op
de display gevraagd de klok in te stellen.
De uurcijfers knipperen.
1. Draai de programmaknop om het uur
te wijzigen.
www.aeg.com20
2. Raak toets Start/Pauze aan om de
selectie te bevestigen.
De minuutcijfers knipperen.
3. Draai de programmaknop om de
minuten te wijzigen.
4. Raak toets Start/Pauze aan om de
selectie te bevestigen.
9.2 Het tijdstip van de dag na
eerste activering wijzigen
1. Raak toets Extra Spoelen en Tijd
Besparen enkele seconden
tegelijkertijd aan.
De uurcijfers knipperen.
2. Draai de programmaknop om het uur
te wijzigen.
3. Raak toets Start/Pauze aan om de
selectie te bevestigen.
De minuutcijfers knipperen.
4. Draai de programmaknop om de
minuten te wijzigen.
5. Raak toets Start/Pauze aan om de
selectie te bevestigen.
9.3 Taal instellen
De eerste keer dat u het apparaat
inschakelt, geeft de display de
standaardtaal weer. U wordt gevraagd
de taal te bevestigen of te veranderen:
1. Draai aan de programmaknop om de
gewenste taal in te stellen.
2. Wanneer de display de benodigde
taal aangeeft, raakt u toets Start/
Pauze aan om de selectie te
bevestigen.
9.4 De taal na de eerste
activering wijzigen
1. Raak toets TPM en Vlekken/Voorwas
enkele seconden tegelijkertijd aan.
2. Wanneer de display de ingestelde
taal aangeeft, draait u de
programmaknop naar de nieuwe taal.
3. Raak toets Start/Pauze aan om de
selectie te bevestigen.
10. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN WASSEN
10.1 Voor activering van het
apparaat
1. Draai de waterkraan open.
2. Steek de stekker in het stopcontact.
10.2 Het apparaat activeren en
een programma instellen
1. Druk op toets Aan/Uit om het
apparaat in te schakelen.
2. Draai de programmakeuzeknop op
het gewenste programma.
Het programmalampje gaat branden.
Het lampje van toets Start/Pauze
knippert in het rood.
Het display geeft de standaard
temperatuur en centrifugestand aan en,
als de deur al open is, de maximale
lading die voor het ingestelde
programma is toegestaan (deze
informatie verdwijnt als u de deur sluit).
3. Raak zo nodig toets Temp.°C en
TPM aan om de watertemperatuur en
centrifugesnelheid te veranderen.
4. Druk desgewenst op bijbehorende
toetsen voor het toevoegen van
opties of een uitgestelde start.
Op het display wordt het symbool van de
ingestelde optie weergegeven en het
cijfer geeft aan hoelang het programma
is uitgesteld.
10.3 Wasgoed in de machine
doen
1. Open de deur van het apparaat
2. Plaats het wasgoed een voor een in
de trommel.
3. Schud de items voor u ze in de
wasautomaat plaatst.
Zorg ervoor dat u niet te veel was in de
trommel plaatst.
4. Sluit de vuldeur.
NEDERLANDS
21
LET OP!
Zorg ervoor dat er geen wasgoed tussen
de deur blijft klemmen. Er kan
waterlekkage of beschadigd wasgoed
ontstaan.
10.4 Wasmiddel en additieven
(wasverzachter, vlekkenmiddel)
toevoegen
Vakje voor voorwasmiddel,
weekprogramma of
vlekkenverwijderaar.
Wasmiddelvakje voor wasfase.
Vakje voor vloeibare toevoegingen
(wasverzachter, stijfsel).
Dit is het maximale niveau voor
vloeibare toevoegingen.
Klep voor waspoeder of vloeibaar
wasmiddel.
Volg altijd de instructies op
de verpakking van de
wasmiddelen.
10.5 Vloeibaar wasmiddel of
poeder
1.
1
2
2.
A
www.aeg.com22
3.
B
4.
Positie A voor poederwasmiddel (fabrieksinstelling).
Positie B voor vloeibaar wasmiddel.
Wanneer u vloeibaar wasmiddel gebruikt:
Gebruik geen gelatineachtige of dikke vloeibare wasmiddelen.
Gebruik niet meer vloeibaar wasmiddel dan het maximale niveau.
Stel de voorwasfase niet in.
Stel de startuitstelfunctie niet in.
10.6 Een programma starten
zonder een uitgestelde start
Raak toets Start/Pauze aan om het
programma te starten.
Het bijbehorende indicatielampje stopt
met knipperen en blijft rood branden.
Het programma start en de deur wordt
vergrendeld. Op het display verschijnt
het symbool .
De afvoerpomp kan even
werken als het apparaat
gevuld wordt met water.
10.7 Gedrag van het apparaat
Na ongeveer 15 minuten na
de start van het programma:
Het apparaat past de
cyclustijd automatisch
aan op het wasgoed dat
u in de trommel hebt
gedaan, voor perfecte
wasresultaten binnen een
minimaal benodigde tijd.
Op de display verschijnt
de nieuwe tijdwaarde.
10.8 Een programma starten
met een uitgestelde start
1. Raak toets Startuitstel herhaaldelijk
aan totdat het gewenste startuitstel
verschijnt.
Het verwachte einde van het programma
wordt op de display weergegeven.
2. Raak toets Start/Pauze aan.
Het aftellen van de uitgestelde start
wordt op het display weergegeven.
Nadat het aftelproces voltooid is, wordt
het wasprogramma automatisch gestart.
Voordat u toets Start/Pauze
aanraakt om het apparaat te
starten, kunt u de instelling
van de uitgestelde start
annuleren of wijzigen.
10.9 De uitgestelde start
annuleren
1. Raak toets Start/Pauze aan. Het
bijbehorende indicatielampje
knippert.
2. Raak toets Startuitstel herhaaldelijk
aan totdat op het display gewenste
startuitstel verschijnt.
3. Raak toets Start/Pauze aan. Het
programma wordt gestart.
NEDERLANDS
23
10.10 Een programma
onderbreken en de opties
wijzigen
U kunt slechts enkele opties wijzigen
voordat ze gaan werken:
1. Raak toets Start/Pauze aan.
Het bijbehorende indicatielampje
knippert.
2. Wijzig de opties.
3. Raak toets Start/Pauze nogmaals aan.
Het wasprogramma gaat verder.
10.11 Een actief programma
annuleren
1. Druk op toets Aan/Uit om het
programma te annuleren en om het
apparaat uit te schakelen.
2. Druk opnieuw op toets Aan/Uit om
het apparaat in te schakelen.
U kunt nu een nieuw wasprogramma
kiezen.
Het apparaat voert het water
af voordat u een nieuw
programma start. Zorg er in
dit geval voor dat het
wasmiddel nog in het
doseerbakje zit, zo niet vul
het dan bij.
10.12 De deur openen
WAARSCHUWING!
Als de temperatuur en het
waterniveau in de trommel
te hoog zijn en de trommel
nog draait, kunt u de deur
niet openen.
Als een programma of het startuitstel in
werking is, is de deur van de wasmachine
vergrendeld.
De deur van het apparaat openen:
1. Raak toets Start/Pauze aan.
Het deurvergrendelingssymbool in de
display gaat uit.
2. Open de deur van het apparaat.
3. Sluit de deur van het apparaat en
raak toets Start/Pauze aan.
Het programma of startuitstel gaat
verder.
10.13 Laat het water
weglopen na afloop van de
cyclus
Het wasprogramma is voltooid, maar
er staat water in de trommel:
De trommel draait regelmatig om
kreukvorming van het wasgoed te
voorkomen.
De deur blijft vergrendeld.
U moet het water afvoeren om de
deur te kunnen openen:
1. De centrifugeersnelheid zo nodig
verlagen.
2. Druk op toets Start/Pauze.
Het apparaat voert het water af en
centrifugeert.
3. Als het programma is voltooid, gaat
het deurvergrendelingssymbool uit
en kunt u de deur openen.
4. Druk een paar seconden op Aan/Uit
om het apparaat uit te schakelen.
Na ongeveer 18 uur begint
het apparaat automatisch
met het afvoeren van water
en centrifugeren.
10.14 AUTO Stand-by-optie
De AUTO Stand-by-optie schakelt het
apparaat automatisch uit om stroom te
besparen als:
Het apparaat is 5 minuten voordat u
op de knop Start/Pauze drukt niet
gebruikt.
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om
het apparaat in te schakelen.
5 minuten na afloop van het
wasprogramma
Druk opnieuw op de toets Aan/Uit om
het apparaat in te schakelen.
De tijd van het laatst ingestelde
programma wordt weergegeven op
het display
Draai aan de programmaknop om
een nieuwe cyclus in te stellen.
www.aeg.com
24
11. EINDE VAN HET PROGRAMMA
Wanneer het programma is voltooid,
stopt het apparaat automatisch. Als het
geluidssignaal actief is, weerklinkt het
signaal.
In de display gaat branden en er
verschijnt een bericht dat het
programma is voltooid.
Het lampje van toets Start/Pauze gaat
uit.
1. Druk op de toets Aan/Uit om het
apparaat uit te schakelen.
Vijf minuten na afloop van het
programma schakelt
energiebesparingsfuncie het apparaat
automatisch uit.
Als u het apparaat weer
inschakelt, wordt het einde
van het als laatste ingestelde
programma in het display
weergegeven. Draai aan de
programmaknop om een
nieuwe cyclus in te stellen.
2. Haal het wasgoed uit het apparaat.
3. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
4. Laat de deur en het luchtfilter iets
open staan om de vorming van
schimmel en onaangename luchtjes
te voorkomen.
12. DAGELIJKS GEBRUIK - ALLEEN DROGEN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
12.1 Voorbereiding op het
drogen
1. Druk een paar seconden op de
knopAan/Uit om het apparaat in te
schakelen.
2. Steek de was een voor een in het
apparaat.
3. Draai de programmaknop naar het
droogprogramma dat geschikt is
voor het drogen van het wasgoed.
De tekstbalk op de display geeft aan
welk programma u heeft gekozen.
Bij het drogen van veel
wasgoed moet u er voor
goede droogprestaties voor
zorgen dat het wasgoed niet
is opgerold en dat het
gelijkmatig in de trommel
verdeeld is.
Aan het begin van de
droogcyclus (3-5 min.) kan
het geluidsniveau iets hoger
liggen. Dit komt door de
start van de compressor en
is normaal voor apparaten
die worden aangedreven
door een compressor zoals:
koelkasten, vriezers.
12.2 Automatisch drogen
1. Raak toets Automatisch drogen
herhaaldelijk aan om de gewenste
droogte in te stellen. Op het
bedieningspaneel gaan de lampjes
branden:
a. STRIJKDROOG niveau - 1 lampje
aan: voor katoenen kleding
b. KASTDROOG niveau - 2 lampjes
aan: voor katoen en synthetische
stoffen
c. EXTRA DROOG niveau - 3
lampjes aan: lampje voor
katoenen stoffen
U kunt niet alle niveaus voor
alle soorten wasgoed
instellen.
Het display toont de tijd en het
ingestelde droogprogramma.
2. Raak toets Start/Pauze aan om het
programma te starten.
NEDERLANDS
25
De tekstbalk laat weten dat het apparaat
droogt.
Het display toont het lampje deur
vergrendeld en het programma dat
bezig is en eventueel de tijd van het
cycluseinde.
Het display werkt regelmatig de
droogcyclustijd bij (elke minuut).
12.3 Ingestelde droogtijd
1. Druk herhaaldelijk op Tijdgestuurd
drogen om de tijdswaarde in te
stellen (zie de tabel
Droogprogramma's).
Het display toont 15 minutes voor
katoenen en synthetische programma's
en start bij 13 minuten voor het
wolprogramma.
Telkens als u deze toets indrukt wordt de
droogtijd met 5 minuten verlengd. De
ingestelde tijdwaarde wordt op het
display weergegeven.
2. Raak Start/Pauze aan om het
programma te starten. De tekstbalk
laat weten dat het apparaat droogt.
Op het display verschijnen de lampjes
deur vergrendeld en programma
bezig
.
Het display toont de hele duur van de
droogcyclus en de tijd van het
cycluseinde.
Het display werkt regelmatig de
droogcycluswaarde bij.
Als het wasgoed niet droog
genoeg is, stel opnieuw een
korte droogtijd in.
12.4 Aan het einde van het
programma
Het apparaat stopt automatisch.
De geluidssignalen weerklinken (als ze
actief zijn).
In het display gaat het symbool aan.
De tekstbalk laat weten dat het
programma voltooid is.
Het lampje van toets Start/Pauze gaat
uit. De deur vergrendeld
gaat uit
Druk een paar seconden op de knop
voor Aan/Uit om het apparaat uit te
schakelen.
Een paar minuten na
afloop van het
programma schakelt de
energiebesparende
functie het apparaat
automatisch uit.
1. Haal het wasgoed uit het apparaat.
2. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
13.
DAGELIJKS GEBRUIK - WASSEN & DROGEN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
13.1 NON-STOP programma
U kunt uw wasgoed wassen en drogen
met een 'non-stop programma'. Ga als
volgt te werk:
1. Druk een paar seconden op de knop
Aan/Uit om het apparaat in te
schakelen.
2. Steek de was een voor een in het
apparaat.
3. Vul de bakjes met wasmiddel en
additieven.
4. Draai de programmaknop op het
wasprogramma. Op de display
verschijnt de standaard temperatuur
en centrifugesnelheid. Indien nodig
aanpassen aan uw wasgoed.
5. Stel de beschikbare opties in.
13.2 Automatisch wassen en
drogen
1. Raak toets Automatisch drogen
herhaaldelijk aan tot het display de
gewenste droogte weergeeft. De
www.aeg.com26
lampjes boven de toets branden als
volgt:
a. STRIJKDROOG niveau: 1 lampje
aan - voor katoenen stoffen
b. KASTDROOG niveau: 2 lampjes
aan - voor katoenen en
synthetische stoffen
c. EXTRA DROOG niveau: 3
lampjes aan - voor katoenen
stoffen.
Het indicatielampje geeft aan dat het
apparaat gereed is voor de start.
De tijdswaarde op het display is de
duur van de was- en droogfasen,
berekend aan de hand van een
standaard wasgoedlading.
Voor een goede droging
laat het apparaat u niet toe
een lage
centrifugeersnelheid in te
stellen voor de te wassen en
drogen items.
2.
Raak toets Start/Pauze aan om het
programma te starten.
Het display toont het lampje deur
vergrendeld
en het programma dat
bezig is en eventueel de droogtijd
en de tijd van het cycluseinde.
De tekstbalk laat weten dat het apparaat
droogt.
Op het display verschijnt regelmatig een
nieuwe tijdwaarde.
13.3 Wassen en op tijd drogen
1. Druk herhaaldelijk op Tijdgestuurd
drogen om de tijdswaarde in te
stellen (zie de tabel
Droogprogramma's).
Het display toont 15 minutes voor
katoenen en synthetische programma's
en start bij 13 minuten voor het
wolprogramma.
Telkens als u deze toets indrukt wordt de
droogtijd met 5 minuten verlengd. De
ingestelde tijdwaarde wordt op het
display weergegeven.
2. Druk op Start/Pauze om het
programma te starten.
Op het display verschijnen de lampjes
deur vergrendeld
en programma
bezig .
Het display toont de hele
programmaduur en de tijd van het
cycluseinde.
De tekstbalk laat weten dat het apparaat
droogt.
13.4 Aan het einde van het
programma
Het apparaat stopt automatisch. De
geluidssignalen weerklinken (als ze actief
zijn).
Voor meer informatie, raadpleeg ‘Aan
het einde van het droogprogramma“ van
het vorige hoofdstuk.
13.5 Pluisjes op kleding
Tijdens de was- en/of droogfase geven
bepaalde soorten stoffen (spons, wol,
sweaterstof) pluisjes af.
Deze afgegeven pluisjes kunnen tijdens
de volgende cyclus aan de stoffen
kleven.
Dit nadeel verergert bij technische
stoffen.
Ter voorkoming van pluisjes in uw
wasgoed, bevelen wij u het volgende
aan:
Was geen donkere stoffen na het
wassen en drogen van lichte stoffen
(nieuwe spons, wol en sweaterstof) en
vice versa.
Laat dit soort stoffen in de openlucht
drogen wanneer ze voor het eerst
gewassen zijn.
Reinig het afvoerfilter.
Na de droogfase reinigt u de
luchtfilters, de lege trommel, de
pakking en de deur grondig met een
natte doek.
Voor het verwijderen van pluisjes in de
trommel, stelt u een speciaal
programma in:
Maak de trommel leeg.
Maak de trommel, pakking en deur
grondig schoon met een natte doek.
Stel het spoelprogramma in.
Raak om de reinigingsfunctie in te
schakelen, tegelijkertijd toets TPM en
Extra Spoelen aan totdat CLE op het
display verschijnt.
Raak Start/Pauze aan om het
programma te starten.
NEDERLANDS
27
14. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
14.1 Voor u het wasgoed in de
trommel doet
Verdeel het wasgoed in: wit, bont,
synthetisch, fijne was en wol.
Volg de wasinstructies die u op de
waslabels van het wasgoed vindt.
Was witte en bonte artikelen niet
samen.
Sommige bonte weefsels kunnen
uitlopen als zij de eerste keer worden
gewassen. We raden daarom aan om
dit soort kleding de eerste keer dan
ook apart te wassen.
Knoop kussenslopen dicht, sluit ritsen,
haakjes en drukknopen. Rol riemen
op.
Maak alle zakken leeg en vouw alle
artikelen open.
Draai meerlagige stoffen, wollen en
kleding met geverfde opdrukken
binnenstebuiten.
Verwijder hardnekkige vlekken.
Was delen met zware vervuiling met
een speciaal wasmiddel.
Wees voorzichtig met gordijnen.
Verwijder de haken of stop de
gordijnen in een zak of kussensloop.
Was geen wasgoed in het apparaat
zonder zomen of met scheuren.
Gebruik een waszakje om kleine items
te wassen (Bijv. beugelbh's, riemen,
panty's, etc.).
Een zeer kleine lading kan problemen
veroorzaken bij de centrifugefase. Als
dit gebeurt, kunt u de artikelen
handmatig verdelen in de trommel en
de centrifugefase opnieuw starten.
14.2 Hardnekkige vlekken
Voor sommige vlekken is water en
wasmiddel niet voldoende.
We raden u aan om deze vlekken te
verwijderen voordat u deze artikelen in
de machine stopt.
Er zijn speciale vlekverwijderaars
verkrijgbaar. Gebruik een speciale
vlekverwijderaar die geschikt is voor het
type vlek en stof.
14.3 Wasmiddelen en
nabehandelingsmiddelen
Gebruik alleen wasmiddelen en
nabehandelingsproducten die
bedoeld zijn voor gebruik in een
wasautomaat:
waspoeder voor alle soorten
weefsels,
waspoeder voor delicate stoffen
(40 °C max) en wol,
vloeibare wasmiddelen, bij
voorkeur voor wasprogramma's
op lage temperatuur (60 °C max.)
voor alle soorten weefsels, of
speciaal voor alleen wol.
Vermeng geen verschillende soorten
wasmiddel met elkaar.
Gebruik niet meer dan de benodigde
hoeveelheid wasmiddel om het milieu
te beschermen.
Volg altijd de instructies die u vindt
op de verpakking van deze
producten.
Gebruik de juiste producten voor het
type en de kleur stof, de
programmatemperatuur en de mate
van vervuiling.
Als uw machine geen
wasmiddeldoseerbakje heeft met
klepje, voeg dan het vloeibare
wasmiddel toe met een doseerbol
(meegeleverd bij het wasmiddel).
14.4 Milieutips
Stel een programma in zonder de
voorwasfase om wasgoed dat
normaal vervuild is te wassen.
Start een wasprogramma altijd met
de maximum hoeveelheid wasgoed.
Gebruik indien nodig een
vlekkenverwijderaar als u een
programma met een lage
temperatuur instelt.
Controleer de waterhardheid van uw
plaatselijke systeem om de juiste
hoeveelheid wasmiddel te gebruiken
www.aeg.com
28
14.5 Waterhardheid
Als de waterhardheid in uw gebied hoog
of gemiddeld is, raden we u het gebruik
van waterverzachter voor wasautomaten
aan. In gebieden waar de waterhardheid
zacht is, is het gebruik van een
waterverzachter niet nodig.
Neem contact op met het plaatselijke
waterleidingbedrijf voor de
waterhardheid in uw gebied.
Gebruik de juiste hoeveelheid van de
waterverzachter. Volg altijd de instructies
die u vindt op de verpakking van het
product.
14.6 Tips voor het drogen
De droogfase voorbereiden
Draai de waterkraan open.
Controleer of de afvoerslang goed is
aangesloten. Zie het hoofdstuk over
de installatie voor meer informatie.
Raadpleeg voor informatie over de
maximale wasgoedlading bij
droogprogramma's de
droogprogrammatabel.
14.7 Niet geschikt voor de
wasdroger
Voor het volgende wasgoed mag geen
droogprogramma worden ingesteld:
Zeer fijne was.
Synthetische gordijnen.
Kledingstukken met metalen
invoegstukken.
Nylon stockings.
Dekbedden.
Bedspreien.
Dekbedovertrekken.
Anoraks.
Slaapzakken
Stoffen met restjes haarspray,
nagelremover of iets dergelijks.
Kledingstukken met schuimrubber of
met materialen die hierop lijken.
14.8 Wasvoorschriften in de
kleding
Bij het drogen van uw wasgoed moet u
zich houden aan de voorschriften van de
fabrikant:
= Het artikel is geschikt voor de
droogtrommel
= Droogprogramma op hoge
temperatuur
= Droogprogramma op lage
temperatuur
= Het artikel is niet geschikt voor
de droogtrommel.
14.9 Duur van het
droogprogramma
De droogtijd kan variëren afhankelijk
van:
snelheid van de laatste keer
centrifugeren
droogheidsniveau
Soort wasgoed
Gewicht van de hoeveelheid wasgoed
14.10 Extra drogen
Als het wasgoed aan het einde van het
droogprogramma nog steeds vochtig is,
stelt u nogmaals een korte droogfase in.
WAARSCHUWING!
Om kreuken in stof of
krimpen van kleding te
voorkomen, moet u de was
niet te droog maken.
14.11 Algemene tips
Raadpleeg de tabel
"Droogprogramma's" om de
gemiddelde droogtijden op te zoeken.
U zult uit ervaring merken wat de beste
manier is om uw wasgoed goed droog te
krijgen. Houd bij hoe lang uw
droogprogramma's duren.
Statische lading na het drogen
voorkomen:
1. Gebruik wasverzachter tijdens de
wasfase.
2. Gebruik speciale wasverzachter voor
droogautomaten.
Zorg dat u uw wasgoed aan het einde
van het droogprogramma zo snel
mogelijk uit het apparaat haalt.
NEDERLANDS
29
15. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
15.1 Buitenkant reinigen
Het apparaat alleen schoonmaken met
zeep en warm water. Maak alle
oppervlakken volledig droog.
LET OP!
Gebruik geen brandspiritus,
oplosmiddelen of chemische
producten.
15.2 Ontkalken
Als de waterhardheid in uw gebied hoog
of gemiddeld is, raden we u het gebruik
van waterontharder voor wasautomaten
aan.
Controleer de trommel regelmatig om
kalk en roestdeeltjes te voorkomen.
Gebruik alleen speciale producten voor
wasmachines om roestdeeltjes te
verwijderen. Doe dit apart van het
wassen van wasgoed.
Volg altijd de instructies die
u vindt op de verpakking van
het product.
15.3 Onderhoudswasbeurt
Bij programma's met lage temperaturen
is het mogelijk dat er wat wasmiddel
achterblijft in de trommel. Voer
regelmatig een onderhoudswas uit. Om
dit te doen:
Haal al het wasgoed uit de trommel.
Stel het katoenprogramma in met de
hoogste temperatuur met een kleine
hoeveelheid wasmiddel.
15.4 Deurrubber
Controleer het deurrubber regelmatig en
verwijder voorwerpen uit de binnenkant.
15.5 Het afwasmiddeldoseerbakje reinigen
1.
1
2
2.
www.aeg.com30
3. 4.
15.6 De luchtfilters reinigen
De luchtfilters vangen de pluizen op. De pluizen ontstaan tijdens het
drogen van de kleding in de droogautomaat.
Aan het einde van elke droogcyclus zal het lampje branden om u te laten weten dat
het filter moet worden gereinigd.
De tekstbalk vertelt dat het filter moet worden gereinigd (zie afb. 1-5).
Het indicatielampje
knippert om u eraan te herinneren dat beide luchtfilters moeten
worden gereinigd.
Het geluidsignaal klinkt en de tekstbalk vertelt dat de primaire en secundaire filters
moeten worden gecontroleerd (zie afb. 6-8).
1.
2.
3.
PULL
4.
PULL
NEDERLANDS 31
5.
PULL
6.
7. 8.
9.
10.
Maak de luchtfilters regelmatig schoon met warm water voor de beste
droogprestaties en droog ze af met een handdoek. Verstopte filters
verlengen de droogtijd.
WAARSCHUWING!
De opening van het primaire filter mag niet worden geblokkeerd door
een voorwerp.
Als u het wasgoed alleen wast met uw was-droogcombinatie, dan is het
normaal dat het primaire luchtfilter een beetje vochtig is.
15.7 Het afvoerfilter schoonmaken
WAARSCHUWING!
Reinig het afvoerfilter niet
als het water in de machine
heet is.
www.aeg.com32
1.
1
2
2.
2
11
3. 4.
1
2
5.
1
2
6.
7. 8.
1
2
NEDERLANDS 33
9.
1
2
15.8 Het filter van de toevoerslang en het klepfilter reinigen
Het kan nodig zijn filters te reinigen als:
Het apparaat wordt niet met water gevuld.
De machine langdurig water vult.
Het lampje van toets Start/Pauze knippert en de display het bijbehorende alarm
weergeeft. Raadpleeg 'Probleemoplossing'.
De watertoevoerfilters schoonmaken:
1
2
3
Draai de waterkraan dicht.
Verwijder de watertoevoerslang van de
kraan.
Reinig het filter in de toevoerslang met
een harde borstel.
Verwijder de toevoerslang achter de
machine.
www.aeg.com34
Reinig het filter in de klep met een harde
borstel of een handdoek.
45°
20°
Installeer de watertoevoerslang opnieuw.
Zorg ervoor dat de koppelingen stevig
vast zitten om lekkage te voorkomen.
Draai de waterkraan open.
15.9 Noodafvoer
Het apparaat kan geen water afvoeren
door een storing.
Als dit optreedt, voert u stappen (1) tot
(9) uit van 'Het afvoerfilter reinigen'.
Maak de pomp zo nodig schoon.
Als u het water afvoert met de
noodafvoerprocedure, dient u het
afvoersysteem opnieuw te activeren:
1. Als u het water afvoert met de
noodafvoerprocedure, dient u het
afvoersysteem opnieuw te activeren:
Giet 2 liter water in het vakje voor het
hoofdwasmiddel van de
wasmiddeldoseerbakje.
2. Start het programma om water af te
voeren.
15.10 Voorzorgsmaatregelen
bij vorst
Als het apparaat is geïnstalleerd in een
gebied waar de temperatuur lager is dan
0° C, dan dient u het resterende water uit
de afvoerslang en de afvoerpomp te
verwijderen.
1. Trek de stekker uit het stopcontact.
2. Draai de waterkraan dicht.
3. Plaats de twee uiteinden van de
toevoerslang in een bak en laat het
water uit de slang stromen.
4. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de
noodafvoerprocedure.
5. Als de afvoerpomp leeg is, installeert
u de toevoerslang opnieuw.
WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de
temperatuur hoger is dan 0
°C voordat u het apparaat
opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet
verantwoordelijk voor
schade die door lage
temperaturen is veroorzaakt.
16. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
NEDERLANDS 35
16.1 Inleiding
Het apparaat start niet of stopt niet tijdens de werking.
Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabel). Neem indien dit niet lukt contact
op met de Servicedienst.
Bij sommige problemen treden de geluidssignalen in werking en geeft de display een
alarmcode weer:
LET OP!
Schakel het apparaat uit voordat u controles uitvoert.
16.2 Mogelijke storingen
Problemen zonder alarmbericht
Bericht Mogelijke oplossing
De display vraagt om con-
trole van de kraan: het appa-
raat wordt niet met water
gevuld.
Controleer of de waterkraan is geopend.
Zorg dat de waterdruk niet te laag is. Neem hiervoor zo
nodig contact op met uw lokale waterleidingbedrijf.
Controleer of de waterkraan niet verstopt of verkalkt is.
Zorg ervoor dat de filter van de toevoerslang en de filter
van de klep niet verstopt zijn. Zie het hoofdstuk "Onder-
houd en reiniging".
Zorg ervoor dat de toevoerslang niet is beschadigd.
Zorg ervoor dat de positie van de watertoevoerslang cor-
rect is.
De display vraagt om con-
trole van het afvoerfilter: het
apparaat pompt geen water
weg.
Zorg ervoor dat de afvoerslang niet is beschadigd.
Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig in-
dien nodig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en
reiniging".
Zorg ervoor dat de aansluiting van de waterafvoerslang
correct is.
De display vraagt om con-
trole van de deur.
Zorg dat de deur van het apparaat niet open is en goed
is gesloten.
De display geeft aan dat er
een waterwaarschuwing is.
Het beschermingssysteem tegen lekkage is geactiveerd:
Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het
stopcontact.
Draai de waterkraan dicht.
Neem contact op met de klantenservice.
www.aeg.com36
Bericht Mogelijke oplossing
Het display meldt dat de
stroomtoevoer onstabiel is.
Wacht tot de stroomtoevoer stabiel is. Het apparaat start
automatisch met werken.
Aan het einde van de wascy-
clus zal het display laten
weten dat er te veel wasmid-
del is gebruikt.
Dit is geen storing maar een suffestie voor de volgende
keer om de hoeveelheid wasmiddel te verminderen.
De display vraagt om con-
trole van het luchtfilter (het
lampje knippert en het
geluidsignaal klinkt)
Zorg ervoor dat de filterlade goed is geplaatst.
Problemen zonder alarmbericht
Probleem Mogelijke oplossing
Het programma start niet. Zorg dat de stekker in het stopcontact zit.
Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is door-
gebrand.
Zorg ervoor dat u Start/Pauze aanraakt
Als de starttijdkeuze is ingesteld, annuleert u deze functie
of wacht u tot de afloop van de uitgestelde start.
Schakel het kinderslot uit.
Het apparaat pompt geen
water af.
Zorg ervoor dat u geen programma instelt zonder afvoer-
fase.
Zorg ervoor dat u geen optie instelt waarbij water in de
kuip blijft.
Het apparaat vult zich met
water en pompt dit direct
weg.
Zorg dat de afvoerslang zich op de juiste hoogte bevindt.
De slang kan te laag hangen.
De centrifugeerfase werkt
niet of de wascyclus duurt
langer dan normaal.
Controleer of de centrifugefase niet uit staat.
Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is. Reinig in-
dien nodig het filter. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en
reiniging".
Zorg ervoor dat dit geen balansprobleem is. Verdeel de
artikelen handmatig in de trommel en start de centrifuge-
fase opnieuw.
NEDERLANDS 37
Probleem Mogelijke oplossing
Er ligt water op de vloer. Zorg ervoor dat de aansluitingen van de waterslangen
goed vast zitten en dat er geen lekken zijn.
Controleer of de waterafvoerslang niet is beschadigd.
Zorg ervoor dat u het juiste wasmiddel en de juiste hoe-
veelheid gebruikt.
U kunt de deur van het ap-
paraat niet openen.
Zorg ervoor dat het wasprogramma voltooid is.
Stel het afvoer- of centrifugeerprogramma in als er zich
water in de trommel bevindt.
Zorg ervoor dat het apparaat stroom krijgt.
Dit probleem kan veroorzaakt worden door een storing
van het apparaat. Neem contact op met de Service-
dienst. Als u de deur moet openen, lees dan zorgvuldig
“Nooddeuropening”.
Het apparaat maakt een ab-
normaal geluid.
Zorg dat het apparaat waterpas staat. Raadpleeg "Mont-
age".
Zorg ervoor dat de verpakking en/of de transportbouten
verwijderd zijn. Raadpleeg "Montage".
Voeg meer wasgoed aan de trommel toe. De lading is te
klein.
Het wasresultaat is niet bev-
redigend.
Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel.
U hebt de hardnekkige vlekken niet voor het wassen uit
het wasgoed gehaald.
Zorg dat u de juiste temperatuur instelt.
Verminder de hoeveelheid wasgoed.
De wascyclus is korter dan
de weergegeven tijd.
Het apparaat berekent een nieuwe tijd aan de hand van
de wasgoedlading.
De wascyclus is langer dan
de weergegeven tijd.
Een wasgoedlading die niet in balans is verlengt de duur.
Dit is normaal gedrag van het apparaat.
Na een stoomprogramma is
de kleding gedeeltelijk nat.
Zorg ervoor dat het apparaat goed waterpas staat. Zet de
wasmachine waterpas door de pootjes hoger of lager te
zetten.
Na een stoomprogramma is
de kleding niet voldoende
kreukvrij.
Zorg dat u een juist STOOMprogramma instelt.
Het apparaat droogt niet of
droogt niet goed.
Zorg ervoor dat de luchtfilters niet verstopt zijn.
www.aeg.com38
Probleem Mogelijke oplossing
Controleer of het afvoerfilter niet verstopt is.
Zorg ervoor dat u de juiste cyclus instelt. Stel zo nodig
weer een korte droogtijd in.
De droogcyclus is te lang. Zorg ervoor dat de luchtfilters goed schoon zijn.
Zorg ervoor dat de wasgoedlading niet de vermelde be-
lading voor het programma overschrijdt.
Zorg dat de kamertemperatuur in het juiste bereikt valt.
Het wasgoed zit vol met
pluisjes van verschillende
kleuren.
Stel een droogcyclus is om pluisjes te verwijderen (zie
voor meer informatie 'PLUISJES OP KLEDING').
Maak het wasgoed schoon met een pluisverwijdermiddel.
Er zit een grote hoeveelheid
pluis in de trommel.
Laat bij veel pluizen in de trommel het speciale reiniging-
sprogramma lopen (zie “PLUISJES OP KLEDING” voor
meer details).
Schakel het apparaat na de controle in. Het programma gaat verder vanaf het punt waar het
werd onderbroken.
Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
Als de display andere alarmcodes aangeeft. Het apparaat uit en weer aanzetten. Als het
probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met de Servicedienst.
16.3 Nooddeuropening
In het geval van een stroomstoring of
apparaatstoring blijft de deur van het
apparaat vergrendeld. Het
wasprogramma gaat verder als er weer
stroom is. Als de deur door een storing
vergrendeld blijft, is het mogelijk om de
deur te openen met een
noodontgrendeling.
Voor het openen van de deur:
LET OP!
Zorg ervoor dat de
watertemperatuur en het
wasgoed niet heet zijn.
Wacht indien nodig tot de
watertemperatuur en het
wasgoed zijn afgekoeld.
LET OP!
Zorg ervoor dat de
trommel niet draait. Wacht
indien nodig tot de
trommel stopt met
draaien.
Zorg ervoor dat het
waterpeil in de trommel
niet te hoog is. Voer indien
nodig een
noodafvoerprocedure uit
(zie “Water afvoeren in
een noodgeval” in het
hoofdstuk “Onderhoud en
reiniging”).
NEDERLANDS 39
Ga als volgt te werk om de deur te
openen:
1. Druk op de knop Aan/Uit om het
apparaat uit te schakelen.
2. Trek de stekker uit het stopcontact.
3. Open de filterklep.
4. Trek de noodontgrendeling omlaag
en open tegelijkertijd de deur van
het apparaat.
5. Haal het wasgoed uit de trommel en
sluit de deur van het apparaat.
6. Sluit het klepje.
17. MONTAGE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
17.1 Uitpakken
WAARSCHUWING!
Wacht als u het apparaat neer heeft gezet 6 uur voordat u het apparaat
in gebruik neemt. Deze tijd is nodig om de compressor goed te laten
werken.
WAARSCHUWING!
Verwijder alle verpakking en de transportbouten voordat u het apparaat
installeert.
Gebruik de handschoenen.
De externe folie eraf trekken. Gebruik
zo nodig een mes.
www.aeg.com40
Verwijder de kartonnen deksel.
Verwijder de piepschuim
verpakkingsmaterialen.
De interne folie eraf trekken.
Open de deur.
Verwijder het piepschuim blok van de
deur en alle andere onderdelen uit de
trommel.
Plaats het piepschuim
verpakkingsmateriaal op de vloer
achter het apparaat.
Plaats het apparaat met de
achterzijde voorzichtig op het
kartonnen deksel.
Zorg dat u de slangen niet
beschadigt.
1
2
Verwijder de piepschuim bescherming
van de onderkant.
NEDERLANDS 41
Zet het apparaat weer rechtop.
Verwijder het aansluitsnoer en de
afvoerslang van de slanghouders.
U kunt het water in de
afvoerslang zien stromen.
Dit komt door het testen
met water van de
apparaten in de fabriek.
Draai de drie transportbouten los.
Gebruik de bij het apparaat geleverde
moersleutel.
Trek de bouten met de plastic
tussenstukken eruit.
Doe de plastic dopjes in de gaatjes.
U vindt deze doppen in de zak van de
gebruikershandleiding.
Wij raden u aan om alle transportbouten en verpakking te bewaren voor
als u het apparaat gaat verplaatsen.
17.2 Set bevestigingsplaatjes
(4055171146)
Verkrijgbaar bij uw geautoriseerde
verkooppunt.
Zet het apparaat goed vast met de
bevestigingsplaatjes als u het apparaat
op een plint plaatst.
www.aeg.com42
Lees de met het accessoire
meegeleverde instructies zorgvuldig
door.
17.3 Plaatsing onder een aanrecht
600 mm
600 mm
870 mm
Het apparaat kan losstaand of onder het
aanrecht in de keuken met correcte ruimte
worden geïnstalleerd (zie de afbeelding).
LET OP!
Om te zorgen voor een goede
luchtcirculatie moeten er geen
geluidbarrières worden
bevestigd (indien van
toepassing).
17.4 Plaatsing en waterpas zetten
x4
Installeer het apparaat op een vlakke
harde vloer.
Zorg ervoor dat de vloerbedekking de
luchtcirculatie onder het apparaat niet
stopt.
Zorg ervoor dat het apparaat geen muren
of andere apparaten raakt.
Gebruik de stelvoetjes om het apparaat
waterpas te zetten.
Een juiste afstelling van het apparaat
voorkomt trillingen en lawaai en het bewegen
van het apparaat als deze in bedrijf is.
Het apparaat moet waterpas en stabiel
staan.
LET OP!
Plaats geen karton, hout of
vergelijkbare materialen onder
de voeten van het apparaat
om deze waterpas te stellen.
NEDERLANDS 43
17.5 De toevoerslang
20
O
20
O
45
O
45
O
Sluit de slang aan op de achterkant van
het apparaat. Draai de toevoerslang
alleen naar links of rechts.
Maak de ringmoer los om hem in de juiste
stand te zetten.
Sluit de watertoevoerslang aan op een
koudwaterkraan met 3/4-schroefdraad.
LET OP!
Zorg ervoor dat de
koppelingen niet lekken.
Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact
op met de klantenservice voor vervanging van de toevoerslang.
17.6 Waterstop
A
De watertoevoerslang is voorzien van een
waterstop. Dit toestel voorkomt lekkage in
de slang door natuurlijke slijtage.
Het rode gedeelte in het venster «A» toont
deze storing.
Als dit gebeurt, draait u de kraan dicht en
neemt u contact op met de klantenservice
om de slang te laten vervangen.
17.7 Waterafvoer
Er zijn verschillende procedures om de afvoerslang aan te sluiten:
Met de plastic slanggeleider:
www.aeg.com44
Een U-vorm maken met de afvoerslang.
Op de rand van een gootsteen.
Zorg dat de plastic geleider niet kan
bewegen als het apparaat water afvoert.
Bevestig de geleider op de waterkraan of
wand.
Op een standpijp met ventilatieopening.
Rechtstreeks in een afvoerpijp op een
hoogte van niet minder dan 60 cm (23.6”)
en niet meer dan 100 cm (39.3”).
Raadpleeg de illustratie.
Het einde van de afvoerslang moet altijd
geventileerd zijn, d.w.z. dat de
binnendiameter van de afvoerpijp (min. 38
mm - min. 1.5”) groter moet zijn dan de
buitendiameter van de afvoerslang.
Uiteinde afvoerslang
Als het uiteinde van de afvoerslang er zo
uitziet (zie de afbeelding), dan kunt u het
direct in de standpijp plaatsen.
Zonder de plastic slanggeleider.
NEDERLANDS 45
Op een gootsteenafvoer
Raadpleeg de illustratie. Plaats de
afvoerslang in de gootsteenafvoer en
draai deze vast met een clip.
Zorg dat de afvoerslang een bocht maakt
om te voorkomen dat resterende deeltjes
uit de gootsteen in het apparaat komen.
Naar een wandpijp
Direct op een ingebouwde afvoerpomp in
de kamerwand en zet vast met een klem.
U kunt de afvoerslang maximaal 400 cm verlengen. Neem contact op met
de klantenservice voor de andere afvoerslang en het verlengstuk.
18. TECHNISCHE GEGEVENS
Afmetingen Breedte / hoogte / diepte / totale die-
pte
600 mm/ 870 mm/
605 mm/ 640 mm
Aansluiting op het elektrici-
teitsnet
Spanning
Totale stroom
Zekering
Frequentie
230 V
2200 W
10 A
50 Hz
Het beschermdeksel biedt bescherming tegen vaste stoffen en
vochtigheid, behalve op plaatsen waar de laagspanningsapparatuur
geen bescherming tegen vocht biedt
IPX4
Watertoevoer
1)
Koud water
Watertoevoerdruk Minimum
Maximum
0,5 bar (0,05 MPa)
8 bar (0,8 MPa)
Omgevingstemperatuur Minimum 5 °C
Maximum 35 °C
Maximale belading was-
goed
Cotton (Katoen) 9
Synthetica 4
Wol 1.5
Maximale belading droog
wasgoed
Cotton (Katoen) 6
Synthetica 4
www.aeg.com46
Wol 1
Centrifugeersnelheid Maximum 1600 tpm
1)
Sluit de watertoevoerslang aan op een kraan met 3/4" schroefdraad.
19. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte
verzamelcontainer om het te recyclen.
Help om het milieu en de
volksgezondheid te beschermen en
recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symbool niet weg
met het huishoudelijk afval. Breng het
product naar het milieustation bij u in de
buurt of neem contact op met de
gemeente.
*
NEDERLANDS
47
www.aeg.com/shop
132906071-B-382014
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48

AEG L99696HWD Handleiding

Type
Handleiding