Whirlpool CDE 129 (ALL)/HA Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding
1
NL
Inhoud
Installatie, 2-3-4-5
Uitpakken en waterpas zetten
Water- en elektrische aansluiting
Eerste wasprogramma
Technische gegevens
Instructies voor de installateur
Beschrijving van de wasdroog-
machine, 6-7
Bedieningspaneel
Controlelampjes
Start en programma's, 8
In het kort: een programma starten
Tabel van de programma's
Persoonlijk instellen, 9
Instellen van de temperatuur
Instellen van het drogen
Functies
Wasmiddel en wasgoed, 10
Wasmiddellaatje
Prepareren van het wasgoed
Speciale stukken
Woolmark Platinum Care
Voorzorgsmaatregelen en raadgevin-
gen, 11
Algemene veiligheid
Het afvoeren
Bezuiniging en bescherming van het milieu
Onderhoud, 12
Afsluiten van water en stroom
Schoonmaken van de wasdroogmachine
Het wasmiddellaatje schoonmaken
Reinigen van deur en trommel
Reinigen van de pomp
Controleer de slang van de watertoevoer
Storingen en oplossingen, 13
Service, 14
Voordat u er de installateur bijhaalt
WASDROOGMACHINE
CDE 129
Instructies voor het gebruik
Nederlands,1
NL
Espanol,15
ES
Português,29
PT
2
NL
Het is belangrijk dit boekje te bewaren zodat u het
kunt raadplegen wanneer u maar wilt. In het geval dat u
de machine verkoopt, of u verhuist, moet het boekje bij
de machine blijven zodat de nieuwe gebruiker de
functies en betreffende raadgevingen kan leren kennen.
Lees de instructies met aandacht: u vindt er belang-
rijke informatie betreffende het installeren, gebruik en
veiligheid.
Uitpakken en waterpas zetten
Uitpakken
1. Pak de wasdroogmachine uit.
2. Controleer of de wasdroogmachine geen schade
heeft geleden gedurende het vervoer. Indien dit wel
het geval is moet hij niet worden aangesloten en
moet u contact opnemen met de handelaar.
3. Verwijder de vier
transportbouten met de
rubberen ring en bijbe-
horende afstandstukken
die zich aan de achter-
kant bevinden (zie
afbeelding).
4. Sluit de gaten af met de bijgeleverde plastic doppen.
5. Bewaar alle stukken: mocht de wasdroog-
machine ooit worden vervoerd, dan moeten deze
weer worden aangebracht.
Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor
kinderen.
Waterpassen
1. Installeer de wasdroogmachine op een rechte en
stevige vloer en laat hem niet leunen tegen een
muur, meubel of dergelijken.
2. Als de vloer niet perfect
horizontaal is kunt u de
onregelmatigheid opheffen
door de stelvoetjes aan de
voorkant in- of uit te
schroeven (zie afbeelding);
de hoek, gemeten ten
opzichte van de aanrecht,
mag de niet overschrij-
den.
Een correcte waterpas geeft de machine stabiliteit
en vermijdt trillingen, lawaai en het zich verplaatsen
gedurende het functioneren van de machine. In het
geval van vaste vloerbedekking of een tapijt regelt u
de stelvoetjes zodanig dat onder de wasdroog-
machine genoeg plaats is voor ventilatie.
Water- en elektrische aansluiting
Aansluiting van de watertoevoerslang
1. Plaats de pakking A
op het uiteinde van de
waterslang en schroef
hem op een koud-
waterkraan met een
mondstuk met schroef-
draad van 3/4 gas (zie
afbeelding).
Voordat u hem aansluit
moet u het water laten
lopen totdat het helder is.
2. Verbind de slang aan
de wasdroogmachine
door hem op de betref-
fende watertoevoer aan
te schroeven, rechts-
boven aan de achter-
kant (zie afbeelding).
3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de
slang zijn.
De waterdruk van de kraan moet binnen de
waarden van de tabel Technische Gegevens liggen
(zie bladzijde hiernaast).
Als de slang niet lang genoeg is moet u zich wenden
tot een gespecialiseerde handelaar of een bevoegde
installateur.
Installatie
A
3
NL
Aansluiting van de afvoerbuis
Verbind de buis, zonder
hem te buigen, aan een
afvoerleiding of aan een
afvoer in de muur tussen
65 en 100 cm van de
grond af;
of hang hem op de rand
van een wasbak of bad,
en bind de bijgeleverde
leiding aan de kraan
(zie afbeelding). Het
uiteinde van de afvoer-
slang mag niet onder
water hangen.
Gebruik geen verlengstuk voor de slang ; indien dit
niet te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde
doorsnee hebben als de originele slang en hij mag niet
langer zijn dan 150 cm.
Elektrische aansluiting
Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet u
zich ervan verzekeren dat:
het stopcontact geaard is en voldoet aan de gel-
dende normen;
het stopcontact het maximum vermogen van de
machine kan verdragen, zoals aangegeven in de
tabel Technische Gegevens (zie hiernaast);
het voltage correspondeert met de waarden die zijn
aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie
hiernaast);
het stopcontact geschikt is voor de stekker van de
machine. Indien dit niet zo is moet de stekker of het
stopcontact vervangen worden.
De wasdroogmachine mag niet buiten worden
geinstalleerd, ook niet op een plaats die beschut is,
aangezien het gevaarlijk is hem aan regen en onweer
bloot te stellen.
Als de wasdroogmachine is geinstalleerd moet het
stopcontact gemakkelijk te bereiken zijn.
Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers.
Het snoer mag niet in bochten of geknikt liggen.
De voedingskabel mag alleen door een bevoegde
installateur worden vervangen.
Belangrijk! De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer
deze normen niet gerespecteerd zijn.
Eerste wasprogramma
Voordat u de machine gaat gebruiken moet u hem een
wascycle laten uitvoeren met wasmiddel maar zonder
wasgoed, met het programma van 90° zonder
voorwassen.
65 - 100 cm
Technische gegevens
Model
CDE 129
Afmetingen
breedte cm 59,5
hoogte cm 81,5
diepte cm 54
Vermogen
van 1 tot 5 kg voor het wassen;
van 1 tot 4 kg voor het drogen
Elektrische
aansluitingen
zie het typeplaatje met de technische
eigenschappen dat op het apparaat
is bevestigd
Aansluiting
waterleiding
max. druk 1 MPa (10 bar)
min. druk 0,05 MPa (0,5 bar)
Inhoud trommel 46 liters
Snelheid
centrifuge
tot 1200 toeren per minuut
Controle-program-
ma's volgens de
norm EN 50229
wassen: programma 3; temperatuur
60°C; uitgevoerd met 5 kg lading.
drogen: eerste droging uitgevoerd
met 1 kg lading en een tijd van 40
min;
tweede droging uitgevoerd met 4 kg
lading en de DROOG-knop op .
Deze apparatuur voldoet aan de
volgende EEC voorschriften:
-73/23/EEC van 19/02/73
(Laagspanning) en successievelijke
modificaties
-89/336/EEC van 03/05/89
(Elektromagnetische compatiabiliteit)
en successievelijke modificaties
- 2002/96/CE
4
NL
Instructies voor de installateur
Het aanbrengen van het houten paneel op de
deur en het plaatsen van de machine tussen de
kastjes:
Als de machine na het aanbrengen van het houten paneel
nog verzonden moet worden raden wij aan hem in zijn
originele verpakking te laten. De verpakking is voor dit
doel zodanig gemaakt dat het houten paneel aangebracht
kan worden zonder dat de machine helemaal moet
worden uitgepakt (zie onderstaande afbeeldingen).
Het houten paneel dat de voorkant bedekt mag niet
dunner zijn dan 18 mm en kan zowel rechts als links van
scharnieren worden voorzien. Voor practische redenen
raden wij aan dezelfde kant voor het openen aan te
houden als de deur zelf, met de scharnieren aan de
linkerkant.
A
B
C
D
E
T
u
r
s
e
i
t
e
Onderdelen voor het monteren van de deur
(Afb. 1-2-3-4-5).
Afb. 1
N° 2 Scharnier
N° 1 Magneet
N° 1 Tegenmagneet
N° 1 Rubber dop
N° 2 Scharnierbeugels
N° 1 Distantiestuk
Afb. 2
Afb. 3 Afb. 4
Afb. 5
Afb. 4/B
- 6 zelfdragende schroeven l = 13 mm type A.
- 2 metrische platkopschroeven l = 25 mm type B; voor
het beveestigen van de tegenmagneet aan het kastje.
- 4 metrische schroeven l = 15 mm type C; voor het
monteren van de scharnierbeugels aan het kastje.
- 4 metrische schroeven l = 7 mm type D; voor het
monteren van de scharnieren aan de beugels.
Het monteren van de onderdelen op de voorkant van de
machine.
- Monteer de scharnierbeugels aan de voorkant met het
door een pijl in afb. 1 aangegeven gat gericht naar de
binnenkant van de voorkant; gebruik de schroeven van
het type C.
- Monteer de tegenmagneet hoog aan de andere kant met
de twee schroeven van het type B.
- Plaats het distantiestuk, aangegeven in afb. 4/B, tussen
de facade van de machine en het trefpunt van de magneet.
5
NL
Gebruik van het boorpatroon.
- Voor het tekenen van de posities van de gaten op de
linkerkant van het paneel, legt u het gatenpatroon tegen
de linkerbovenkant van het paneel, lettend op de lijnen die
aan de uiteinden zijn getekend.
- Voor het tekenen van de posities van de gaten op de
rechterkant van het paneel, legt u het gatenpatroon tegen
de rechterbovenkant van het paneel.
- Boor met een punt van de juiste afmetingen de vier gaten
voor de twee scharnieren, de rubber dop en de magneet.
Het monteren van de onderdelen op het houten paneel.
- Breng de scharnieren aan (het bewegende deel van het
scharnier moet zich naar de buitenkant van het paneel
bevinden) en bevestig het met 4 schroeven van het type A.
- Breng de magneet in zijn behuizing aan, bovenaan aan
de andere kant van de scharnieren en bevestig hem met
twee schroeven van het type B.
- Breng de rubber dop aan in zijn behuizing onderaan.
Het paneel is nu klaar om gemonteerd te worden op de machine.
Het monteren van het paneel op de machine.
Steek de scharnierbout, aangegeven door de pijl in afb. 2,
in de scharnierbeugel; druk het paneel tegen de voorkant
van de machine en bevestig de twee scharnieren met de
twee schroeven van het type D.
Bevestigen van de plint-geleider.
Se la macchina è installata ad una estremità della cucina
componibile montare una o entrambe le guide zoccolo
come indicato in fig. 8, regolandone la profondità in
funzione della posizione dello zoccolo e se necessario
fissarlo alle stesse (fig. 9).
Per montare la guida zoccolo agire cone segue (fig. 8):
Fissare la squadretta P con la vite R, infilare la guida
zoccolo Q nellapposita asola e una volta posizionata nel
punto desiderato bloccarla alla squadretta P con la vite R.
Het plaatsen van de machine tussen de kastjes.
- Duw de machine in de behuizing zodat hij gelijk komt te
staan met de andere meubels (afb. 6).
- Draai de stelschroeven voor het op de gewenste
hoogte brengen van de machine.
- Voor het horizontaal en vertikaal regelen van het houten
paneel draait u de schroeven C en D zoals aangegeven in
afb. 7.
Belangrijk: sluit de onderkant van de voorkant met de
plint aansluitend aan de vloer.
Afb. 8 Afb. 9
Bijgeleverde accessoires voor het afstellen van de hoogte.
In de polystyreen deksel vindt u (afb. 10):
2 dwarslatten (G); 1 lijst (M)
In de doos bevinden zich:
4 extra stelvoeten (H),
4 schroeven (I),
4 schroeven (R),
4 moeren (L),
2 plint-geleiders (Q)
Regelen van de hoogte.
De machine kan in hoogte afgesteld worden (van 815 mm
tot 835 mm) door aan de 4 stelvoeten te draaien.
Als u een hoogte wenst die hoger is dan hierboven vermeld, tot
aan 870 mm, moet u de volgende accessoires gebruiken:
de 2 dwarslatten (G); de 4 stelvoeten (H); de 4 schroeven (I)
de 4 moeren (L),en vervolgens als volgt te werk gaan (afb. 11):
verwijder de 4 originele stelvoeten, plaats een dwarslat G aan
de voorkant van de machine, bevestig hem met de schroeven
I (schroef ze in de gaten waar de originele stelvoeten gemon-
teerd waren ) en plaats dan de nieuwe stelvoeten H.
Herhaal deze handeling aan de achterkant van de machine.
Nu kan de machine door het afstellen van de stelvoeten H
verlaagd of verhoogd worden van 835 mm tot 870 mm.
Als u de gewenste hoogte heeft bereikt schroeft u de
moeren L tegen de dwarslat G aan.
Voor het afstellen van de machine tot op een hoogte van
870 mm tot 900 mm moet u de lijst M monteren tot aan de
gewenste hoogte.
Voor het aanbrengen van de lijst gaat u als volgt te werk:
Schroef de drie schroeven N los die zich aan de voorkant
van de aanrecht afdekplaat bevinden, plaats de lijst M zoals
aangegeven in afb. 12 en schroef de schroeven N vast.
D
C
C
570
m
in
815
540
595
820 ÷ 900
600 min
Afb. 6 Afb. 7
L
I
H
G
M
Afb. 11 Afb. 12
Afb. 10
6
NL
Beschrijving van de
wasdroogmachine
Wasmiddellaatje: voor wasmiddel en verdere
toevoegingen (zie blz. 10).
Controlelampjes: voor het volgen van het verloop
van het wasprogramma.
Als de functie Delay Timer is ingesteld, wordt de
resterende tijd aangegeven tot het starten van het
programma (zie blz. 7).
DROOG-knop: voor het instellen van de gewenste
droging (zie blz. 9).
FUNCTIE knoppen: voor het kiezen van de func-
ties. De knop van de gekozen functie blijft verlicht.
TEMPERATUUR knop: voor het instellen van de
temperatuur of koud wassen (zie blz. 9).
AAN/UIT knop: voor het in- en uitschakelen van de
wasdroogmachine.
START/RESET knop: voor het starten van de
programma's of voor het annuleren als u per onge-
luk verkeerd heeft ingesteld.
Controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD:
geeft aan of de wasdroogmachine aan is en of de
deur geopend kan worden (zie blz. 7).
PROGRAMMA knop: voor het kiezen van de
programma's. De knoppen zijn van het verzonken
soort: om ze naar voren te halen drukt u licht op het
midden. Gedurende het programma blijft de knop
stilstaan.
Bedieningspaneel
Wasmiddellaatje
AAN/UIT
knop
START/
RESET
knop
M
TEMPERATUUR
knop
PROGRAMMA
knop
Controlelampjes
FUNCTIE
knoppen
DROOG
knop
Controlelampje
AAN/DEUR
GEBLOKKEERD
N.B. Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige
manier. Dit gebeurt door de trommel voortdurend te laten draaien op een snelheid die iets hoger ligt dan de
wassnelheid.
Als na herhaaldelijke pogingen, de lading nog steeds niet goed is gebalanceerd, dan zal de wasautomaat de centrifuge
op een lagere snelheid uitvoeren dan was voorzien.
Als de lading zeer uit balans is, zal de wasautomaat een verdeling uitvoeren in plaats van een centrifuge.
De herhaaldelijke balanceerpogingen kunnen de totale duur van de cyclus verlengen tot aan maximaal 10 minuten.
7
NL
Controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD:
Als het controlelampje brandt dan betekent dit dat de deur geblokkeerd is. Dit om te voorkomen dat hij per
ongeluk geopend zou worden; om schade te voorkomen moet u wachten tot het controlelampje knippert. Dan
pas kunt u de deur opentrekken.
Als het controlelampje van AAN/DEUR GEBLOKKEERD snel knippert tegelijkertijd met minstens één ander
controlelampje dan betekent dit dat er een storing is (zie blz. 13).
Fase die bezig is:
Gedurende het verloop van het wasprogramma
gaan de controlelampjes een voor een aan om aan
te tonen met welk programmaonderdeel de machin
bezig is:
Voorwas / Was
Spoelen
Centrifuge
Drogen
N.B.:
- gedurende het afpompen gaat het controlelampje
dat bij de fase Centrifuge hoort branden.
- Aan het einde van de droogcycle gaat het
controlelampje van de fase
knipperen om aan te
duiden dat de DROOG-knop op 0 moet worden
gezet.
Funtie-knoppen
De FUNCTIE-KNOPPEN dienen ook als controle-
lampjes.
Als u een functie kiest wordt de bijbehorende knop
verlicht.
Als de gekozen functie niet bij het ingestelde pro-
gramma hoort gaat de knop knipperen en de functie
wordt niet geactiveerd.
Als een functie wordt ingesteld die niet past bij een
andere eerder ingestelde functie, dan blijft alleen de
laatste keuze actief.
Controlelampjes
De controlelampjes geven belangrijke informatie.
Ze geven aan:
Uitgestelde start ingesteld:
Als de functie Delay Timer is geactiveerd (zie blz. 9),
nadat het programma is gestart, gaat het controle-
lampje dat bij de uitgestelde start hoort knipperen:
Naar gelang de terugloop van de tijd wordt , met het
knipperen van het betreffende controlelampje de
resterende tijd aangegeven:
Als de gekozen wachttijd is afgelopen gaat het
knipperende controlelampje uit en begint het inge-
stelde programma te lopen.
8
NL
Soort stof en vuil Programma's
Te m p e -
ratuur
Drogen
Wasmiddel
Wasverz-
achter
Duur
van de
cycle
(min.)
Beschrijving wascycle
Voor-
was
Was
Katoen
Zeer vuile witte was
(lakens, tafellakens enz.)
1
90°C 137
Voorwas, was,
spoelingen,
centrifuge tussendoor en einde
Zeer vuile witte was
(lakens, tafellakens enz.)
2
90°C 120
Was, spoelingen, centrifuge
tussendoor en einde
Zeer vuil wit en gekleurd
wasgoed
3
60°C 105
Was, spoelingen, centrifuge
tussendoor en einde
Zeer vuile witte en gekleurde
fijne was
3
40°C 93
Was, spoelingen, centrifuge
tussendoor en einde
Weinig vuil wit wasgoed en fijn
gekleurd wasgoed (overhemden,
truien enz.)
4
40°C 72
Was, spoelingen, centrifuge
tussendoor en einde
Drogen van katoenen stoffen
Synthetisch
Zeer vuile gekleurde stevige
stoffen (babygoed enz.)
5
60°C 77
Was, spoelingen, kreukvrij of
licht
centrifuge
Kleurvaste stoffen
(weinig vuil wasgoed)
5
40°C 62
Was, spoelingen, kreukvrij of
licht
centrifuge
Zeer vuile gekleurde stevige
stoffen (babygoed enz.)
6
50°C 73
Was, spoelingen, kreukvrij of
licht
centrifuge
Licht gekleurde stoffen
(ieder soort weinig vuil wasgoed)
7
40°C 58
Was, spoelingen, kreukvrij of
licht
centrifuge
Licht gekleurde stoffen
(ieder soort weinig vuil wasgoed)
8
30°C 30
Was,
spoelingen en
licht
centrifuge
Drogen van synthetische stoffen
Wolwas
W
ol
9
40°C 50
Was, spoelingen en
licht
centrifuge
Speciaal fijne stoffen
(gordijnen, zijde, viscose enz.)
10
30°C 45
Was, spoelingen, kreukvrij of
afpompen
Drogen van fijne stoffen
PROGRAMMA ONDERDELEN
Licht
spoelen
Spoelingen, kreukvrij of afpompen
Licht
centrifuge
ren
Afpompen en
licht
centrifuge
Afpompen
Afpompen
Start en Programma's
Tabel van de programma's
N.B.
Voor de beschrijving van de functie Kreukvrij zie blz. 10. De gevens in de tabel hebben een indicatieve waarde.
Speciaal programma
Dagelijks 30' (programma 8 voor synthetische stoffen) is bedoeld voor het snel wassen van kledingstukken die weinig
vuil zijn: het duurt slechts 30 minuten en bespaart dus elektriciteit en tijd. Met programma (8 met 30 °C) kunt u
verschillende soorten stoffen tesamen wassen (behalve zijde en wol) met een lading van max. 3 kg.
Het beste is om hierbij vloeibaar wasmiddel te gebruiken.
In het kort: een programma starten
1. Schakel de wasdroogmachine in met de knop .
Alle controlelampjes branden gedurende enkele
seconden, gaan vervolgens uit en het controle-
lampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD gaat knipperen.
2. Laad het wasgoed in en sluit de deur.
3. Stel het gewenste programma in met de knop
PROGRAMMA'S.
4. Stel de wastemperatuur in (zie blz. 9).
5. Stel indien nodig het drogen in (zie blz. 9).
6. Giet het wasmiddel en verdere toevoegingen in
het laatje (zie blz. 10).
7. Start het programma met de START/RESET
knop.
Voor het annuleren houdt u de START/RESET
knop minstens 2 seconden ingedrukt.
8. Aan het einde van het programma gaat het
controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD knippe-
ren hetgeen betekent dat de deur geopend kan
worden. Haal het wasgoed eruit en laat de deur op
een kier staan zodat de trommel kan drogen.
Schakel de wasdroogmachine uit met de knop
.
9
NL
Functies Effect Notities voor het gebruik
Actief bij de
programma's:
Delay
Timer
Stelt de start van
de machine uit
tot aan 9 uren.
Druk meerdere malen op de knop totdat het controlelampje dat bij
de gewenste uitgestelde start hoort verlicht wordt.
Bij de vijfde druk op de knop wordt de functie gedeactiveerd.
N.B.: Als de Start/Reset knop eenmaal ingedrukt is dan kan de
uitgestelde tijd alleen verkort worden.
Allen
Super
Wash
Voor een perfecte
was, duidelijk
witter dan de
standaard in
Klasse A.
Deze functie is niet geschikt voor de SNELLE WAS.
1, 2, 3, 4,
5, 6, 7
Snelle
was
Reduceert de duur
van het
wasprogramma
met ongeveer 30%.
Deze functie is niet geschikt voor de SUPER WASH.
1, 2, 3, 4,
5, 6, 7
1200
600
Vermindert de
snelheid van de
centrifuge.
Alle
programma's
behalve 10 en
afpompen.
Persoonlijk instellen
Instellen van de temperatuur
Door aan de TEMPERATUUR-knop te draaien stelt u de temperatuur van het wassen in (zie Tabel van de programma's op blz. 8).
De temperatuur kan verlaagd worden tot aan koud (
).
Instellen van het drogen
Door aan de DROOG-knop te draaien stelt u het gewenste
soort drogen in. Er zijn twee mogelijkheden:
A - Gebaseerd op de tijdsduur: Van 40 tot 150 minuten.
B - Gebaseerd op de vochtigheidsgraad van het wasgoed:
Strijkdroog
: wasgoed enigszins vochtig, gemakkelijk te strijken.
Kastdroog
: wasgoed droog en klaar voor in de kast.
Extra droog
: heel droog wasgoed, aangeraden voor hand-
doeken en badjassen.
Aan het einde van de droogprogramma is er een afkoelperiode.
Als in een uitzonderlijk geval de lading wasgoed voor wassen en
drogen meer is dan het toegestane maximum (zie tabel hier-
naast), dan voert u eerst het wassen uit; aan het einde hiervan verdeelt u de lading en laad u één gedeelte in de
trommel. Volg nu de aanwijzingen voor het uitvoeren van alleen drogen. Doe hetzelfde met de rest van de lading.
Alleen drogen
Draai de PROGRAMMA-knop naar een van de droogstanden
, gebaseerd op het soort stof, en kies vervolgens
het soort drogen dat gewenst is met de DROOG-knop.
Belangrijk: - Gedurende het drogen wordt een centrifuge uitgevoerd indien u een van de katoenprogramma' s
en een van de droogstadia (extra droog , kastdroog , strijkdroog ) heeft ingesteld.
- Bij het drogen van wollen goed moet u alleen de tijdsduur kiezen (150-100-60-40 minuten).
Voor een lading van 1 kg raden wij 60 minuten drogen aan.
Wanneer u per ongeluk een van de drie droogstadia (extra droog
, kastdroog , strijkdroog ) voert de ma-
chine een droogtijd uit die gelijk is aan de MAX tijd (150 minuten).
- Voor katoen wasgoed minder dan 1 kg gebruikt u het droogprogramma voor synthetische stoffen.
Functies
De verschillende functies van de wasdroogmachine zorgen voor een heldere en witte was zoals door u gewenst.
Voor het activeren van de functies:
1. druk op de knop die bij de gewenste functie hoort, volgens de hiervolgende tabel;
2. het oplichten van de betreffende knop geeft aan dat de functie actief is.
N.B.: Snel knipperen van de knop geeft aan dat de bijbehorende functie van het ingestelde programma niet gekozen
Tabel droogtijden
De gevens in de tabel heb-
ben een indicatieve waarde.
Soort
stof
Soort lading Max.
lading
(kg) Extra
droog
Kastdroog Strijk-
droog
Katoen,
linnen
Wasgoed van versch.
grootte
4 130 120 110
Katoen Handdoeken
4 130 120 110
Te ri t al ,
katoen
Lakens, overhemden
2,5 90 80 70
Acrylic Pyjama's, sokken enz.
165 60 60
Nylon Ondergoed, kousen enz.
165 60 60
10
NL
Wasmiddellaatje
Een goed resultaat van de was hangt ook af van
een juiste dosis wasmiddel: te veel maakt het
wassen niet beter en blijft in het wasgoed hangen
terwijl het slecht is voor het milieu.
Trek het laatje naar voren
en giet het wasmiddel
en/of de verdere toevoe-
gingen erin als volgt.
bakje 1: voorwasmiddel (poeder)
bakje 2: wasmiddel (poeder of vloeibaar)
Het vloeibare wasmiddel wordt erin gegoten vlak voor
de start.
bakje 3: toevoegingen (wasverzachter enz.)
De wasverzachter mag niet boven het roostertje
uitkomen.
 Gebruik nooit middelen voor handwas aangezien
die te veel schuim vormen.
Prepareren van het wasgoed
Verdeel het wasgoed volgens:
- het soort stof / het symbool op het etiket.
- de kleuren: scheid gekleurd goed van de witte was.
Maak de zakken leeg en controleer de knopen.
Ga niet boven het aangegeven gewicht, berekend
voor droog wasgoed:
stevige stoffen: max 5 kg
synthetische stoffen max 2,5 kg
fijne stoffen max 2 kg
Wol: max 1 kg
Hoeveel weegt het wasgoed?
1 laken 400-500 gr.
1 sloop 150-200 gr.
1 tafelkleed 400-500 gr.
1 badjas 900-1200 gr.
1 handdoek 150-200 gr.
Speciale stukken
Gordijnen: vouw de gordijnen nauwkeurig en doe
ze in een kussensloop of net. Was ze apart zonder
ooit de halve lading te overschrijden. Gebruik pro-
gramma 10 dat automatisch de centrifuge uitsluit.
Donzen dekbedden en met dons gevulde
windjacks: als de vulling uit ganzenveren of
eendendons bestaat kunt u ze wassen in de was-
droogmachine. Keer de stukken binnenste buiten en
ga niet boven een max. lading van 2-3 kg; herhaal
de spoeling een of twee keer en gebruik de delicate
centrifuge.
Tennisschoenen: verwijder modder. Ze kunnen
tegelijk met jeans en sterke stoffen worden gewassen,
maar niet tegelijk met de witte was.
Wol: Gebruik voor de beste resultaten een wasmiddel
dat speciaal voor wol is bestemd en laad niet meer
dan 1kg wollen goed in de machine.
Woolmark Platinum Care
Voorzichtig als ware het met de hand
gewassen.
De Hotpoint/Ariston wasmadroogchine is de
enige die de prestigieuze Woolmark Platinum Care
(M.0303) onderscheiding heeft verkregen van deThe
Woolmark Company, hetgeen het wassen van alle
wollen artikelen gerandeert, ook wasgoed dat het
etiket "alleen handwas"
(max 1 kg) draagt. Met
het programma "Wol" kunt u dus rustig al het wollen
wasgoed in de wasmachine wassen, met gegaran-
deerd optimaal resultaat.
Kreukvrij
Deze functie onderbreekt het wasprogramma en
houdt het wasgoed in de week in het water voordat
dit wordt afgevoerd. Actief bij de programma's
5 - 6 - 7 - 10 en Licht spoelen.
Voor het afmaken van de cycle drukt u op de START/
RESET knop
Voor alleen waterafvoer zet u de knop op het symbool
en drukt u op de START/RESET knop.
Wasmiddel en wasgoed
1
2
3
11
NL
Voorzorgsmaatregelen en
raadgevingen
De wasdroogmachine is ontworpen en geproduceerd
volgens de internationale veiligheidsnormen. Deze
aanwijzingen worden voor uw eigen veiligheid gegeven
en zij moeten met aandacht worden gelezen.
Algemene veiligheid
Dit apparaat is gemaakt voor huishoudelijk ge-
bruik, niet-professioneel, en zijn functies mogen
niet veranderd worden.
De wasdroogmachine mag alleen door volwassen
personen en volgens de instructies in dit boekje
worden gebruikt.
Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent
of met natte of vochtige handen of voeten.
Trek de stekker nooit aan het snoer uit het
stopcontact, maar altijd door de stekker aan te
pakken.
Open het wasmiddellaatje niet terwijl de machine
in werking is.
Raak het afvoerwater niet aan aangezien het
nogal warm kan zijn.
Forceer nooit de deur: het veiligheidsmechanisme,
dat tegen per ongeluk openen beschermt, kan
beschadigd worden.
Probeer in geval van storingen nooit zelf interne
mechanismen van de machine te repareren.
Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de
machine komen als deze in werking is.
De glazen deur kan heet worden.
Als de machine verplaatst moet worden doe dit
dan met twee of drie personen en met grote
voorzichtigheid. Nooit alleen want de machine is
zwaar.
Voordat u het wasgoed in de machine laadt,
controleer dat hij leeg is.
De glazen ruit wordt warm gedurende het drogen.
Droog geen wasgoed dat met ontvlambare
oplosmiddelen is gewassen (b.v. trieline).
Droog geen schuimrubber of elastomeren of
kledingstukken met rubberen opschriften e.d.
Controleer dat gedurende het drogen de water
kraan open is.
Deze wasdroogmachine mag alleen worden
gebruikt voor het drogen van wasgoed dat in
water is gewassen.
Het afvoeren
Het afvoeren van het verpakkingsmateriaal:
houd u zich aan de plaatselijke normen zodat het
materiaal gerecycled kan worden.
De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernieti
ging van Electrische en Electronische Apparatuur,
vereist dat oude huishoudelijke electrische appa
raten niet mogen vernietigd via de normale
ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten
moeten apart worden ingezameld om zo het
hergebruik van de gebruikte materialen te optima
liseren en de negatieve invloed op de gezondheid
en het milieu te reduceren. Het symbool op het
product van de afvalcontainer met een kruis
erdoor herinnert u aan uw verplichting, dat
wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat
apart moet worden ingezameld.
Consumenten moeten contact opnemen met de
locale autoriteiten voor informatie over de juiste
wijze van vernietiging van hun oude apparaat.
Bezuiniging en bescherming van het milieu
Maximale reiniging
Als er weinig water door de glazen deur te zien is
komt dat doordat met de nieuwe Hotpoint/Ariston
technologie minder dan de helft water voldoende is
voor maximum reinheid van de was: een doel dat is
bereikt ten gunste van de milieu-bescherming.
Bezuinigen op wasmiddel, water, energie en tijd
Teneinde geen energiebronnen te verkwisten
moet de machine altijd met maximum lading
worden gebruikt. U spaart 50% energie met een
volle lading i.p.v. twee half volle ladingen.
Voorwassen is alleen nodig voor erg vuil wasgoed.
Door dit te vermijden bespaart u wasmiddel, tijd,
water en ongeveer 5 tot 15% energie.
Door vlekken met een ontvlekkingsmiddel te
behandelen of in de week te zetten kunt u met
minder hoge temperaturen wassen. Een pro-
gramma op 60°C in plaats van op 90°C of op
40°C in plaats van 60°C zorgt voor een besparing
van 50% aan energie.
Doseer het wasmiddel op basis van de hardheid
van het water, de vuilheidsgraad en de hoeveelheid
wasgoed, zo vermijd u onnodig energieverbruik en
beschermt u het milieu. ook al zijn de wasmiddelen
biologisch afbreekbaar, toch bevatten ze elementen
die het evenwicht in de natuur verstoren. Bovendien
moet u zoveel mogelijk wasverzachters vermijden.
Door zoveel mogelijk te wassen met goedkope
stroomtarieven (s´nachts) werkt u mee aan het
reduceren van de belasting van de elektrische
centrale.
De optie Delay Timer (zie blz. 9) is van groot
belang voor de uitvoering van het wasprogramma
gedurende de nacht.
Als u na het wassen het wasgoed in een dryer
wilt drogen, kunt u een hoge snelheid centrifuge
kiezen. Weinig water in het wasgoed spaart tijd
en energie bij het droogprogramma.
12
NL
Onderhoud
Afsluiten van water en stroom
Doe de kraan dicht na iedere wasbeurt. Hiermee
reduceert u de kans op lekkage.
Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de was-
droogmachine gaat schoonmaken en gedurende
onderhoudswerkzaamheden.
Schoonmaken van de wasdroog-
machine
De buitenkant en de rubber onderdelen kunnen met
een spons en lauw sopje worden schoongemaakt.
Nooit schuurmiddelen of oplosmiddelen gebruiken!
Het wasmiddellaatje schoonmaken
Verwijder het laatje door
het op te lichten en naar
voren te trekken
(zie afbeelding).
Was het onder stro-
mend water: dit moet u
regelmatig doen.
Reinigen van deur en trommel
Laat de deur altijd op een kier staan om muffe
lucht te vermijden.
Reinigen van de pomp
De wasdroogmachine is voorzien van een zelf-
reinigende pomp en hoeft dus niet te worden
schoongemaakt. Het kan echter gebeuren dat
kleine voorwerpen (geldstukken, knopen) in het
voorvakje terecht komen dat de pomp beschermt
en zich aan de onderkant bevindt.
Verzeker u ervan dat het wasprogramma klaar is
en trek de stekker uit het stopcontact.
Toegang tot het paneel:
1. draai de deksel eraf,
tegen de klok in
draaiend (zie afbeel-
ding): het is normaal dat
er een beetje water uit
komt;
2. maak de binnenkant goed schoon;
3. schroef de deksel er weer op.
Controleer de slang van de
watertoevoer
Controleer minstens eens per jaar de slang van de
watertoevoer. Als er barstjes in zitten moet hij
vervangen worden: gedurende het wassen kan de
hoge waterdruk onverwachts scheurtjes veroorza-
ken.
Nooit reeds eerder gebruikte slangen gebruiken.
1
2
13
NL
Het kan gebeuren dat de machine niet werkt. Voordat u de installateur opbelt (zie blz. 14), controleert u of het een
storing betreft die gemakkelijk te verhelpen is met behulp van de volgende lijst.
Storingen en oplossingen
Storingen:
De wasdroogmachine
gaat niet aan.
Het wasprogramma
start niet.
De wasdroogmachine neemt
geen water.
De wasdroogmachine blijft
water aan- en afvoeren.
De wasdroogmachine pompt het
water niet af of centrifugeert
niet.
De machine trilt erg tijdens het
centirfugeren.
De wasdroogmachine lekt.
Het controlelampje AAN/DEUR
GEBLOKKEERD knippert snel
tegelijkertijd met minstens één
ander controlelampje.
Er ontstaat teveel schuim.
De wasdroogmachine droogt
niet.
Mogelijke oorzaken / Oplossing:
De stekker is niet in het stopcontact of niet ver genoeg ingestoken om
contact te maken.
Er is geen stroom.
De deur is niet goed dicht.
De knop
is niet ingedrukt.
De START/RESET knop is niet ingedrukt.
De waterkraan is niet open.
Uitgestelde start is ingesteld (Delay Timer, zie blz. 9).
De watertoevoerslang is niet aangesloten aan de kraan.
De slang ligt gekneld.
De kraan is niet open.
In huis mankeert het water.
Er is geen voldoende druk.
De START/RESET knop is niet ingedrukt.
De afvoerslang is niet geinstalleerd op 65 tot 100 cm afstand van de grond (zie blz. 3).
Het uiteinde van de afvoerslang ligt onder water (zie blz. 3).
De afvoer in de muur heeft geen ontluchting.
Als na deze controle het probleem niet is opgelost, doet u de water-
kraan dicht, de machine uit en belt u de installateur. Als u op een van
de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont kan zich een pro-
bleem met het hevelen voordoen, waarbij de machine voortdurend water
aan- en afvoert. Om deze storing te verhelpen bestaan er speciale in de
handel verkrijgbare ventielen.
Het programma voorziet niet in afvoer: bij enkele programma's moet
dit met de hand worden gestart (zie blz. 8).
De optie 'Kreukvrij' is actief: voor het afmaken van het programma
drukt u op de START/RESET knop (zie blz. 9).
De afvoerslang ligt gekneld (zie blz. 3).
De afvoerleiding is verstopt.
De trommel is bij het installeren niet op de juiste wijze ontgrendeld (zie blz. 2).
De wasdroogmachine staat niet recht (zie blz. 2).
De wasdroogmachine staat te nauw tussen meubel en muur (zie blz. 2).
De slang van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie blz. 2).
Het wasmiddellaatje is verstopt (voor schoonmaken zie blz. 12).
De afvoerslang is niet goed bevestigd (zie blz. 3).
Doe de automaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht
circa 1 minuut en doe hem weer aan.
Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen.
Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasdroogmachine s (er moet "voor
wasmachine ", "handwas en wasmachine ", of dergelijke op staan).
De dosering is te veel.
De stekker is niet in het stopcontact of niet ver genoeg ingestoken om
contact te maken.
Er is geen stroom.
De deur is niet goed dicht.
Uitgestelde start is ingesteld (Delay Timer, zie blz. 9).
de DROOG-knop staat op 0.
14
NL
Voordat u er de installateur bijhaalt:
Kijk eerst even of u het probleem zelf kunt oplossen (zie blz. 13);
Start het programma om te controleren of de storing is verholpen;
Is dit niet het geval dan neemt u contact op met de bevoegde dichtsbijzijnde Technische Dienst via
het telefoonnummer dat op het garantiebewijs/gebruiksaanwijzing staat.
Nooit een niet-bevoegde installateur erbij halen.
Vermeld:
het soort storing;
het model van de machine (Mod.);
het serienummer (S/N).
Deze informatie vindt u op het typeplaatje aan de achterkant van de wasdroogmachine .
Service

Documenttranscriptie

Instructies voor het gebruik WASDROOGMACHINE Inhoud NL Nederlands,1 ES Espanol,15 PT Português,29 NL Installatie, 2-3-4-5 Uitpakken en waterpas zetten Water- en elektrische aansluiting Eerste wasprogramma Technische gegevens Instructies voor de installateur Beschrijving van de wasdroogmachine, 6-7 Bedieningspaneel Controlelampjes Start en programma's, 8 In het kort: een programma starten Tabel van de programma's CDE 129 Persoonlijk instellen, 9 Instellen van de temperatuur Instellen van het drogen Functies Wasmiddel en wasgoed, 10 Wasmiddellaatje Prepareren van het wasgoed Speciale stukken Woolmark Platinum Care Voorzorgsmaatregelen en raadgevingen, 11 Algemene veiligheid Het afvoeren Bezuiniging en bescherming van het milieu Onderhoud, 12 Afsluiten van water en stroom Schoonmaken van de wasdroogmachine Het wasmiddellaatje schoonmaken Reinigen van deur en trommel Reinigen van de pomp Controleer de slang van de watertoevoer Storingen en oplossingen, 13 Service, 14 Voordat u er de installateur bijhaalt 1 Installatie NL  Het is belangrijk dit boekje te bewaren zodat u het kunt raadplegen wanneer u maar wilt. In het geval dat u de machine verkoopt, of u verhuist, moet het boekje bij de machine blijven zodat de nieuwe gebruiker de functies en betreffende raadgevingen kan leren kennen. Een correcte waterpas geeft de machine stabiliteit en vermijdt trillingen, lawaai en het zich verplaatsen gedurende het functioneren van de machine. In het geval van vaste vloerbedekking of een tapijt regelt u de stelvoetjes zodanig dat onder de wasdroogmachine genoeg plaats is voor ventilatie. Lees de instructies met aandacht: u vindt er belangrijke informatie betreffende het installeren, gebruik en veiligheid. Water- en elektrische aansluiting Uitpakken en waterpas zetten Aansluiting van de watertoevoerslang Uitpakken 1. Pak de wasdroogmachine uit. 2. Controleer of de wasdroogmachine geen schade heeft geleden gedurende het vervoer. Indien dit wel het geval is moet hij niet worden aangesloten en moet u contact opnemen met de handelaar. 3. Verwijder de vier transportbouten met de rubberen ring en bijbehorende afstandstukken die zich aan de achterkant bevinden (zie afbeelding). 4. Sluit de gaten af met de bijgeleverde plastic doppen. 5. Bewaar alle stukken: mocht de wasdroogmachine ooit worden vervoerd, dan moeten deze weer worden aangebracht.  Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen. A 1. Plaats de pakking A op het uiteinde van de waterslang en schroef hem op een koudwaterkraan met een mondstuk met schroefdraad van 3/4 gas (zie afbeelding). Voordat u hem aansluit moet u het water laten lopen totdat het helder is. 2. Verbind de slang aan de wasdroogmachine door hem op de betreffende watertoevoer aan te schroeven, rechtsboven aan de achterkant (zie afbeelding). Waterpassen 3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de slang zijn. 1. Installeer de wasdroogmachine op een rechte en stevige vloer en laat hem niet leunen tegen een muur, meubel of dergelijken.  De waterdruk van de kraan moet binnen de waarden van de tabel Technische Gegevens liggen (zie bladzijde hiernaast). 2. Als de vloer niet perfect horizontaal is kunt u de onregelmatigheid opheffen door de stelvoetjes aan de voorkant in- of uit te schroeven (zie afbeelding); de hoek, gemeten ten opzichte van de aanrecht, mag de 2° niet overschrijden. 2  Als de slang niet lang genoeg is moet u zich wenden tot een gespecialiseerde handelaar of een bevoegde installateur. Aansluiting van de afvoerbuis 65 - 100 cm Verbind de buis, zonder hem te buigen, aan een afvoerleiding of aan een afvoer in de muur tussen 65 en 100 cm van de grond af;  Als de wasdroogmachine is geinstalleerd moet het stopcontact gemakkelijk te bereiken zijn.  Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers.  Het snoer mag niet in bochten of geknikt liggen.  De voedingskabel mag alleen door een bevoegde installateur worden vervangen. Belangrijk! De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer deze normen niet gerespecteerd zijn. of hang hem op de rand van een wasbak of bad, en bind de bijgeleverde leiding aan de kraan (zie afbeelding). Het uiteinde van de afvoerslang mag niet onder water hangen. Eerste wasprogramma Voordat u de machine gaat gebruiken moet u hem een wascycle laten uitvoeren met wasmiddel maar zonder wasgoed, met het programma van 90° zonder voorwassen. Technische gegevens  Gebruik geen verlengstuk voor de slang ; indien dit niet te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde doorsnee hebben als de originele slang en hij mag niet langer zijn dan 150 cm. Elektrische aansluiting Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet u zich ervan verzekeren dat: • het stopcontact geaard is en voldoet aan de geldende normen; • het stopcontact het maximum vermogen van de machine kan verdragen, zoals aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); • het voltage correspondeert met de waarden die zijn aangegeven in de tabel Technische Gegevens (zie hiernaast); • het stopcontact geschikt is voor de stekker van de machine. Indien dit niet zo is moet de stekker of het stopcontact vervangen worden.  De wasdroogmachine mag niet buiten worden geinstalleerd, ook niet op een plaats die beschut is, aangezien het gevaarlijk is hem aan regen en onweer bloot te stellen. Model CDE 129 Afmetingen breedte cm 59,5 hoogte cm 81,5 diepte cm 54 Vermogen van 1 tot 5 kg voor het wassen; van 1 tot 4 kg voor het drogen Elektrische aansluitingen zie het typeplaatje met de technische eigenschappen dat op het apparaat is bevestigd Aansluiting waterleiding max. druk 1 MPa (10 bar) min. druk 0,05 MPa (0,5 bar) Inhoud trommel 46 liters Snelheid centrifuge tot 1200 toeren per minuut Controle-programma's volgens de norm EN 50229 wassen: programma 3; temperatuur 60°C; uitgevoerd met 5 kg lading. drogen: eerste droging uitgevoerd met 1 kg lading en een tijd van 40 min; tweede droging uitgevoerd met 4 kg lading en de DROOG-knop op . Deze apparatuur voldoet aan de volgende EEC voorschriften: -73/23/EEC van 19/02/73 (Laagspanning) en successievelijke modificaties -89/336/EEC van 03/05/89 (Elektromagnetische compatiabiliteit) en successievelijke modificaties - 2002/96/CE 3 NL Instructies voor de installateur NL Onderdelen voor het monteren van de deur (Afb. 1-2-3-4-5). Het aanbrengen van het houten paneel op de deur en het plaatsen van de machine tussen de kastjes: Als de machine na het aanbrengen van het houten paneel nog verzonden moet worden raden wij aan hem in zijn originele verpakking te laten. De verpakking is voor dit doel zodanig gemaakt dat het houten paneel aangebracht kan worden zonder dat de machine helemaal moet worden uitgepakt (zie onderstaande afbeeldingen). Het houten paneel dat de voorkant bedekt mag niet dunner zijn dan 18 mm en kan zowel rechts als links van scharnieren worden voorzien. Voor practische redenen raden wij aan dezelfde kant voor het openen aan te houden als de deur zelf, met de scharnieren aan de linkerkant. N° 2 Scharnierbeugels Afb. 1 Afb. 2 N° 1 Magneet Afb. 3 A N° 2 Scharnier N° 1 Tegenmagneet Afb. 4 B N° 1 Rubber dop Afb. 5 N° 1 Distantiestuk Afb. 4/B - 6 zelfdragende schroeven l = 13 mm “type A”. - 2 metrische platkopschroeven l = 25 mm “type B”; voor het beveestigen van de tegenmagneet aan het kastje. C D - 4 metrische schroeven l = 15 mm “type C”; voor het monteren van de scharnierbeugels aan het kastje. - 4 metrische schroeven l = 7 mm “type D”; voor het monteren van de scharnieren aan de beugels. Tur seite E 4 Het monteren van de onderdelen op de voorkant van de machine. - Monteer de scharnierbeugels aan de voorkant met het door een pijl in afb. 1 aangegeven gat gericht naar de binnenkant van de voorkant; gebruik de schroeven van het type C. - Monteer de tegenmagneet hoog aan de andere kant met de twee schroeven van het type B. - Plaats het distantiestuk, aangegeven in afb. 4/B, tussen de facade van de machine en het trefpunt van de magneet. Gebruik van het boorpatroon. - Voor het tekenen van de posities van de gaten op de linkerkant van het paneel, legt u het gatenpatroon tegen de linkerbovenkant van het paneel, lettend op de lijnen die aan de uiteinden zijn getekend. - Voor het tekenen van de posities van de gaten op de rechterkant van het paneel, legt u het gatenpatroon tegen de rechterbovenkant van het paneel. - Boor met een punt van de juiste afmetingen de vier gaten voor de twee scharnieren, de rubber dop en de magneet. Het monteren van de onderdelen op het houten paneel. - Breng de scharnieren aan (het bewegende deel van het scharnier moet zich naar de buitenkant van het paneel bevinden) en bevestig het met 4 schroeven van het type A. - Breng de magneet in zijn behuizing aan, bovenaan aan de andere kant van de scharnieren en bevestig hem met twee schroeven van het type B. - Breng de rubber dop aan in zijn behuizing onderaan. Het paneel is nu klaar om gemonteerd te worden op de machine. Het monteren van het paneel op de machine. Steek de scharnierbout, aangegeven door de pijl in afb. 2, in de scharnierbeugel; druk het paneel tegen de voorkant van de machine en bevestig de twee scharnieren met de twee schroeven van het type D. Bevestigen van de plint-geleider. Se la macchina è installata ad una estremità della cucina componibile montare una o entrambe le guide zoccolo come indicato in fig. 8, regolandone la profondità in funzione della posizione dello zoccolo e se necessario fissarlo alle stesse (fig. 9). Per montare la guida zoccolo agire cone segue (fig. 8): Fissare la squadretta P con la vite R, infilare la guida zoccolo Q nell’apposita asola e una volta posizionata nel punto desiderato bloccarla alla squadretta P con la vite R. Het plaatsen van de machine tussen de kastjes. - Duw de machine in de behuizing zodat hij gelijk komt te staan met de andere meubels (afb. 6). - Draai de stelschroeven voor het op de gewenste hoogte brengen van de machine. - Voor het horizontaal en vertikaal regelen van het houten paneel draait u de schroeven C en D zoals aangegeven in afb. 7. Belangrijk: sluit de onderkant van de voorkant met de plint aansluitend aan de vloer. Afb. 8 Afb. 9 Bijgeleverde accessoires voor het afstellen van de hoogte. In de polystyreen deksel vindt u (afb. 10): 2 dwarslatten (G); 1 lijst (M) In de doos bevinden zich: 4 extra stelvoeten (H), 4 schroeven (I), 4 schroeven (R), 4 moeren (L), 2 plint-geleiders (Q) Afb. 10 Regelen van de hoogte. De machine kan in hoogte afgesteld worden (van 815 mm tot 835 mm) door aan de 4 stelvoeten te draaien. Als u een hoogte wenst die hoger is dan hierboven vermeld, tot aan 870 mm, moet u de volgende accessoires gebruiken: de 2 dwarslatten (G); de 4 stelvoeten (H); de 4 schroeven (I) de 4 moeren (L),en vervolgens als volgt te werk gaan (afb. 11): verwijder de 4 originele stelvoeten, plaats een dwarslat G aan de voorkant van de machine, bevestig hem met de schroeven I (schroef ze in de gaten waar de originele stelvoeten gemonteerd waren ) en plaats dan de nieuwe stelvoeten H. Herhaal deze handeling aan de achterkant van de machine. Nu kan de machine door het afstellen van de stelvoeten H verlaagd of verhoogd worden van 835 mm tot 870 mm. Als u de gewenste hoogte heeft bereikt schroeft u de moeren L tegen de dwarslat G aan. Voor het afstellen van de machine tot op een hoogte van 870 mm tot 900 mm moet u de lijst M monteren tot aan de gewenste hoogte. Voor het aanbrengen van de lijst gaat u als volgt te werk: Schroef de drie schroeven N los die zich aan de voorkant van de aanrecht afdekplaat bevinden, plaats de lijst M zoals aangegeven in afb. 12 en schroef de schroeven N vast. M C 600 min 540 NL 595 G 57 min0 815 820 ÷ 900 D Afb. 6 C Afb. 7 L H Afb. 11 I Afb. 12 5 Beschrijving van de wasdroogmachine Bedieningspaneel NL FUNCTIE knoppen AAN/UIT Controlelampjes knop Controlelampje AAN/DEUR Wasmiddellaatje GEBLOKKEERD START/ RESET knop DROOG M PROGRAMMA knop knop TEMPERATUUR knop Wasmiddellaatje: voor wasmiddel en verdere toevoegingen (zie blz. 10). AAN/UIT knop: voor het in- en uitschakelen van de wasdroogmachine. Controlelampjes: voor het volgen van het verloop van het wasprogramma. Als de functie Delay Timer is ingesteld, wordt de resterende tijd aangegeven tot het starten van het programma (zie blz. 7). START/RESET knop: voor het starten van de programma's of voor het annuleren als u per ongeluk verkeerd heeft ingesteld. DROOG-knop: voor het instellen van de gewenste droging (zie blz. 9). FUNCTIE knoppen: voor het kiezen van de functies. De knop van de gekozen functie blijft verlicht. TEMPERATUUR knop: voor het instellen van de temperatuur of koud wassen (zie blz. 9). Controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD: geeft aan of de wasdroogmachine aan is en of de deur geopend kan worden (zie blz. 7). PROGRAMMA knop: voor het kiezen van de programma's. De knoppen zijn van het verzonken soort: om ze naar voren te halen drukt u licht op het midden. Gedurende het programma blijft de knop stilstaan. N.B. Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige manier. Dit gebeurt door de trommel voortdurend te laten draaien op een snelheid die iets hoger ligt dan de wassnelheid. Als na herhaaldelijke pogingen, de lading nog steeds niet goed is gebalanceerd, dan zal de wasautomaat de centrifuge op een lagere snelheid uitvoeren dan was voorzien. Als de lading zeer uit balans is, zal de wasautomaat een verdeling uitvoeren in plaats van een centrifuge. De herhaaldelijke balanceerpogingen kunnen de totale duur van de cyclus verlengen tot aan maximaal 10 minuten. 6 Controlelampjes De controlelampjes geven belangrijke informatie. Ze geven aan: Uitgestelde start ingesteld: Als de functie Delay Timer is geactiveerd (zie blz. 9), nadat het programma is gestart, gaat het controlelampje dat bij de uitgestelde start hoort knipperen: Fase die bezig is: Gedurende het verloop van het wasprogramma gaan de controlelampjes een voor een aan om aan te tonen met welk programmaonderdeel de machin bezig is: Voorwas / Was Spoelen Centrifuge Drogen Naar gelang de terugloop van de tijd wordt , met het knipperen van het betreffende controlelampje de resterende tijd aangegeven: Als de gekozen wachttijd is afgelopen gaat het knipperende controlelampje uit en begint het ingestelde programma te lopen. N.B.: - gedurende het afpompen gaat het controlelampje dat bij de fase Centrifuge hoort branden. - Aan het einde van de droogcycle gaat het knipperen om aan te controlelampje van de fase duiden dat de DROOG-knop op 0 moet worden gezet. Funtie-knoppen De FUNCTIE-KNOPPEN dienen ook als controlelampjes. Als u een functie kiest wordt de bijbehorende knop verlicht. Als de gekozen functie niet bij het ingestelde programma hoort gaat de knop knipperen en de functie wordt niet geactiveerd. Als een functie wordt ingesteld die niet past bij een andere eerder ingestelde functie, dan blijft alleen de laatste keuze actief. Controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD: Als het controlelampje brandt dan betekent dit dat de deur geblokkeerd is. Dit om te voorkomen dat hij per ongeluk geopend zou worden; om schade te voorkomen moet u wachten tot het controlelampje knippert. Dan pas kunt u de deur opentrekken.  Als het controlelampje van AAN/DEUR GEBLOKKEERD snel knippert tegelijkertijd met minstens één ander controlelampje dan betekent dit dat er een storing is (zie blz. 13). 7 NL Start en Programma's In het kort: een programma starten NL 6. Giet het wasmiddel en verdere toevoegingen in het laatje (zie blz. 10). 7. Start het programma met de START/RESET knop. Voor het annuleren houdt u de START/RESET knop minstens 2 seconden ingedrukt. 8. Aan het einde van het programma gaat het controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD knipperen hetgeen betekent dat de deur geopend kan worden. Haal het wasgoed eruit en laat de deur op een kier staan zodat de trommel kan drogen. Schakel de wasdroogmachine uit met de knop . 1. Schakel de wasdroogmachine in met de knop . Alle controlelampjes branden gedurende enkele seconden, gaan vervolgens uit en het controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD gaat knipperen. 2. Laad het wasgoed in en sluit de deur. 3. Stel het gewenste programma in met de knop PROGRAMMA'S. 4. Stel de wastemperatuur in (zie blz. 9). 5. Stel indien nodig het drogen in (zie blz. 9). Tabel van de programma's Soort stof en vuil Programma's TempeDrogen ratuur Wasmiddel Duur Wasverz- van de Beschrijving wascycle achter cycle (min.) Voorwas Was • • • 137 Katoen Zeer vuile witte was (lakens, tafellakens enz.) Zeer vuile witte was (lakens, tafellakens enz.) Zeer vuil wit en gekleurd wasgoed Zeer vuile witte en gekleurde fijne was W einig vuil wit wasgoed en fijn gekleurd wasgoed (overhemden, truien enz.) 1 90°C • 2 90°C • • • 120 3 60°C • • • 105 3 40°C • • • 93 4 40°C • • • 72 Drogen van katoenen stoffen Voorwas, was, spoelingen, centrifuge tussendoor en einde Was, spoelingen, centrifuge tussendoor en einde Was, spoelingen, centrifuge tussendoor en einde Was, spoelingen, centrifuge tussendoor en einde Was, spoelingen, centrifuge tussendoor en einde • Synthetisch Zeer vuile gekleurde stevige stoffen (babygoed enz.) Kleurvaste stoffen (weinig vuil wasgoed) Zeer vuile gekleurde stevige stoffen (babygoed enz.) 5 60°C • • • 77 5 40°C • • • 62 6 50°C • • • 73 Licht gekleurde stoffen (ieder soort weinig vuil wasgoed) Licht gekleurde stoffen (ieder soort weinig vuil wasgoed) 7 40°C • • • 58 8 30°C • • • 30 • • 50 • • 45 Drogen van synthetische stoffen Was, spoelingen, kreukvrij centrifuge Was, spoelingen, kreukvrij centrifuge Was, spoelingen, kreukvrij centrifuge Was, spoelingen, kreukvrij centrifuge Was, spoelingen en licht centrifuge of licht of licht of licht of licht • Wolwas W ol Speciaal fijne stoffen (gordijnen, zijde, viscose enz.) Drogen van fijne stoffen 9 40°C 10 30°C • Was, spoelingen en licht centrifuge Was, spoelingen, kreukvrij of afpompen • PROGRAMMA ONDERDELEN Licht spoelen • Licht centrifugeren • Afpompen • Spoelingen, kreukvrij of afpompen Afpompen en licht centrifuge Afpompen N.B. Voor de beschrijving van de functie Kreukvrij zie blz. 10. De gevens in de tabel hebben een indicatieve waarde. Speciaal programma Dagelijks 30' (programma 8 voor synthetische stoffen) is bedoeld voor het snel wassen van kledingstukken die weinig vuil zijn: het duurt slechts 30 minuten en bespaart dus elektriciteit en tijd. Met programma (8 met 30 °C) kunt u verschillende soorten stoffen tesamen wassen (behalve zijde en wol) met een lading van max. 3 kg. Het beste is om hierbij vloeibaar wasmiddel te gebruiken. 8 Persoonlijk instellen Instellen van de temperatuur Door aan de TEMPERATUUR-knop te draaien stelt u de temperatuur van het wassen in (zie Tabel van de programma's op blz. 8). De temperatuur kan verlaagd worden tot aan koud ( ). Instellen van het drogen De gevens in de tabel hebben een indicatieve waarde. Tabel droogtijden Door aan de DROOG-knop te draaien stelt u het gewenste soort drogen in. Er zijn twee mogelijkheden: A - Gebaseerd op de tijdsduur: Van 40 tot 150 minuten. Soort stof Soort lading B - Gebaseerd op de vochtigheidsgraad van het wasgoed: : wasgoed enigszins vochtig, gemakkelijk te strijken. Strijkdroog Kastdroog : wasgoed droog en klaar voor in de kast. Extra droog : heel droog wasgoed, aangeraden voor handdoeken en badjassen. Katoen, linnen Wasgoed van versch. grootte Katoen Handdoeken Terital, katoen Lakens, overhemden Acrylic Pyjama's, sokken enz. Aan het einde van de droogprogramma is er een afkoelperiode. Max. lading (kg) Extra droog Kastdroog Strijkdroog 4 130 120 110 4 130 120 110 2,5 90 80 70 1 65 60 60 Ondergoed, kousen enz. 1 65 60 Als in een uitzonderlijk geval de lading wasgoed voor wassen en Nylon drogen meer is dan het toegestane maximum (zie tabel hiernaast), dan voert u eerst het wassen uit; aan het einde hiervan verdeelt u de lading en laad u één gedeelte in de trommel. Volg nu de aanwijzingen voor het uitvoeren van alleen drogen. Doe hetzelfde met de rest van de lading. Alleen drogen Draai de PROGRAMMA-knop naar een van de droogstanden het soort drogen dat gewenst is met de DROOG-knop. 60 , gebaseerd op het soort stof, en kies vervolgens Belangrijk: - Gedurende het drogen wordt een centrifuge uitgevoerd indien u een van de katoenprogramma' s en een van de droogstadia (extra droog , kastdroog , strijkdroog ) heeft ingesteld. - Bij het drogen van wollen goed moet u alleen de tijdsduur kiezen (150-100-60-40 minuten). Voor een lading van 1 kg raden wij 60 minuten drogen aan. ) voert de maWanneer u per ongeluk een van de drie droogstadia (extra droog , kastdroog , strijkdroog chine een droogtijd uit die gelijk is aan de MAX tijd (150 minuten). - Voor katoen wasgoed minder dan 1 kg gebruikt u het droogprogramma voor synthetische stoffen. Functies De verschillende functies van de wasdroogmachine zorgen voor een heldere en witte was zoals door u gewenst. Voor het activeren van de functies: 1. druk op de knop die bij de gewenste functie hoort, volgens de hiervolgende tabel; 2. het oplichten van de betreffende knop geeft aan dat de functie actief is. N.B.: Snel knipperen van de knop geeft aan dat de bijbehorende functie van het ingestelde programma niet gekozen E ffe c t N otitie s voor h e t ge b r uik A ctie f b ij d e p r ogr a m m a 's: S t elt d e s t a rt van d e m ach in e u it to t aan 9 u ren . D ru k m eerd ere m alen o p d e k n o p t o t d at h et co n t ro lelam p je d at b ij d e g ew en s t e u it g es t eld e s t art h o o rt verlich t w o rd t . B ij d e vijfd e d ru k o p d e k n o p w o rd t d e fu n ct ie g ed e act iveerd . N .B .: A ls d e S t ar t /R es e t k n o p een m aal in g ed ru k t is d an k a n d e u it g es t eld e t ijd alleen verk o rt w o rd en . A lle n Sup e r Wa sh Vo o r een p erfect e w as , d u id elijk w it t er d an d e s t an d aard in K las s e A . D eze fu n ct ie is n iet g es ch ik t vo o r d e S N EL L E W A S . 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 Sn e lle was Reduceert de duur van het wasprogramma met ongeveer 30%. D eze fu n ct ie is n iet g es ch ik t vo o r d e S U P ER W A S H . 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 1200 600 Verm in d ert d e s n elh eid van d e cen t rifu g e. Fun c tie s D e la y Tim e r A lle p r ogr a m m a 's b e ha lve 1 0 e n a fp om p e n . 9 NL Wasmiddel en wasgoed NL Wasmiddellaatje Speciale stukken Een goed resultaat van de was hangt ook af van een juiste dosis wasmiddel: te veel maakt het wassen niet beter en blijft in het wasgoed hangen terwijl het slecht is voor het milieu. Gordijnen: vouw de gordijnen nauwkeurig en doe ze in een kussensloop of net. Was ze apart zonder ooit de halve lading te overschrijden. Gebruik programma 10 dat automatisch de centrifuge uitsluit. Donzen dekbedden en met dons gevulde windjacks: als de vulling uit ganzenveren of eendendons bestaat kunt u ze wassen in de wasdroogmachine. Keer de stukken binnenste buiten en ga niet boven een max. lading van 2-3 kg; herhaal de spoeling een of twee keer en gebruik de delicate centrifuge. Tennisschoenen: verwijder modder. Ze kunnen tegelijk met jeans en sterke stoffen worden gewassen, maar niet tegelijk met de witte was. Wol: Gebruik voor de beste resultaten een wasmiddel dat speciaal voor wol is bestemd en laad niet meer dan 1kg wollen goed in de machine. Trek het laatje naar voren en giet het wasmiddel en/of de verdere toevoegingen erin als volgt. 1 2 3 bakje 1: voorwasmiddel (poeder) bakje 2: wasmiddel (poeder of vloeibaar) Het vloeibare wasmiddel wordt erin gegoten vlak voor de start. bakje 3: toevoegingen (wasverzachter enz.) De wasverzachter mag niet boven het roostertje uitkomen.  Gebruik nooit middelen voor handwas aangezien die te veel schuim vormen. Prepareren van het wasgoed • Verdeel het wasgoed volgens: - het soort stof / het symbool op het etiket. - de kleuren: scheid gekleurd goed van de witte was. • Maak de zakken leeg en controleer de knopen. • Ga niet boven het aangegeven gewicht, berekend voor droog wasgoed: stevige stoffen: max 5 kg synthetische stoffen max 2,5 kg fijne stoffen max 2 kg Wol: max 1 kg Hoeveel weegt het wasgoed? 1 1 1 1 1 10 laken 400-500 gr. sloop 150-200 gr. tafelkleed 400-500 gr. badjas 900-1200 gr. handdoek 150-200 gr. Woolmark Platinum Care Voorzichtig als ware het met de hand gewassen. De Hotpoint/Ariston wasmadroogchine is de enige die de prestigieuze Woolmark Platinum Care (M.0303) onderscheiding heeft verkregen van deThe Woolmark Company, hetgeen het wassen van alle wollen artikelen gerandeert, ook wasgoed dat het (max 1 kg) draagt. Met etiket "alleen handwas" het programma "Wol" kunt u dus rustig al het wollen wasgoed in de wasmachine wassen, met gegarandeerd optimaal resultaat. Kreukvrij Deze functie onderbreekt het wasprogramma en houdt het wasgoed in de week in het water voordat dit wordt afgevoerd. Actief bij de programma's 5 - 6 - 7 - 10 en Licht spoelen. Voor het afmaken van de cycle drukt u op de START/ RESET knop Voor alleen waterafvoer zet u de knop op het symbool en drukt u op de START/RESET knop. Voorzorgsmaatregelen en raadgevingen  De wasdroogmachine is ontworpen en geproduceerd volgens de internationale veiligheidsnormen. Deze aanwijzingen worden voor uw eigen veiligheid gegeven en zij moeten met aandacht worden gelezen. Algemene veiligheid • Dit apparaat is gemaakt voor huishoudelijk gebruik, niet-professioneel, en zijn functies mogen niet veranderd worden. • De wasdroogmachine mag alleen door volwassen personen en volgens de instructies in dit boekje worden gebruikt. • Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent of met natte of vochtige handen of voeten. • Trek de stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact, maar altijd door de stekker aan te pakken. • Open het wasmiddellaatje niet terwijl de machine in werking is. • Raak het afvoerwater niet aan aangezien het nogal warm kan zijn. • Forceer nooit de deur: het veiligheidsmechanisme, dat tegen per ongeluk openen beschermt, kan beschadigd worden. • Probeer in geval van storingen nooit zelf interne mechanismen van de machine te repareren. • Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de machine komen als deze in werking is. • De glazen deur kan heet worden. • Als de machine verplaatst moet worden doe dit dan met twee of drie personen en met grote voorzichtigheid. Nooit alleen want de machine is zwaar. • Voordat u het wasgoed in de machine laadt, controleer dat hij leeg is. • De glazen ruit wordt warm gedurende het drogen. • Droog geen wasgoed dat met ontvlambare oplosmiddelen is gewassen (b.v. trieline). • Droog geen schuimrubber of elastomeren of kledingstukken met rubberen opschriften e.d. • Controleer dat gedurende het drogen de water kraan open is. • Deze wasdroogmachine mag alleen worden gebruikt voor het drogen van wasgoed dat in water is gewassen. Het afvoeren • Het afvoeren van het verpakkingsmateriaal: houd u zich aan de plaatselijke normen zodat het materiaal gerecycled kan worden. • De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernieti ging van Electrische en Electronische Apparatuur, vereist dat oude huishoudelijke electrische appa raten niet mogen vernietigd via de normale ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten moeten apart worden ingezameld om zo het hergebruik van de gebruikte materialen te optima liseren en de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu te reduceren. Het symbool op het product van de “afvalcontainer met een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting, dat wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart moet worden ingezameld. Consumenten moeten contact opnemen met de locale autoriteiten voor informatie over de juiste wijze van vernietiging van hun oude apparaat. Bezuiniging en bescherming van het milieu Maximale reiniging Als er weinig water door de glazen deur te zien is komt dat doordat met de nieuwe Hotpoint/Ariston technologie minder dan de helft water voldoende is voor maximum reinheid van de was: een doel dat is bereikt ten gunste van de milieu-bescherming. Bezuinigen op wasmiddel, water, energie en tijd • Teneinde geen energiebronnen te verkwisten moet de machine altijd met maximum lading worden gebruikt. U spaart 50% energie met een volle lading i.p.v. twee half volle ladingen. • Voorwassen is alleen nodig voor erg vuil wasgoed. Door dit te vermijden bespaart u wasmiddel, tijd, water en ongeveer 5 tot 15% energie. • Door vlekken met een ontvlekkingsmiddel te behandelen of in de week te zetten kunt u met minder hoge temperaturen wassen. Een programma op 60°C in plaats van op 90°C of op 40°C in plaats van 60°C zorgt voor een besparing van 50% aan energie. • Doseer het wasmiddel op basis van de hardheid van het water, de vuilheidsgraad en de hoeveelheid wasgoed, zo vermijd u onnodig energieverbruik en beschermt u het milieu. ook al zijn de wasmiddelen biologisch afbreekbaar, toch bevatten ze elementen die het evenwicht in de natuur verstoren. Bovendien moet u zoveel mogelijk wasverzachters vermijden. • Door zoveel mogelijk te wassen met goedkope stroomtarieven (s´nachts) werkt u mee aan het reduceren van de belasting van de elektrische centrale. De optie Delay Timer (zie blz. 9) is van groot belang voor de uitvoering van het wasprogramma gedurende de nacht. • Als u na het wassen het wasgoed in een dryer wilt drogen, kunt u een hoge snelheid centrifuge kiezen. Weinig water in het wasgoed spaart tijd en energie bij het droogprogramma. 11 NL Onderhoud Afsluiten van water en stroom NL • Doe de kraan dicht na iedere wasbeurt. Hiermee reduceert u de kans op lekkage. • Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de wasdroogmachine gaat schoonmaken en gedurende onderhoudswerkzaamheden. Toegang tot het paneel: 1. draai de deksel eraf, tegen de klok in draaiend (zie afbeelding): het is normaal dat er een beetje water uit komt; Schoonmaken van de wasdroogmachine De buitenkant en de rubber onderdelen kunnen met een spons en lauw sopje worden schoongemaakt. Nooit schuurmiddelen of oplosmiddelen gebruiken! Het wasmiddellaatje schoonmaken Verwijder het laatje door het op te lichten en naar voren te trekken (zie afbeelding). Was het onder stromend water: dit moet u regelmatig doen. 1 2 Reinigen van deur en trommel • Laat de deur altijd op een kier staan om muffe lucht te vermijden. Reinigen van de pomp De wasdroogmachine is voorzien van een zelfreinigende pomp en hoeft dus niet te worden schoongemaakt. Het kan echter gebeuren dat kleine voorwerpen (geldstukken, knopen) in het voorvakje terecht komen dat de pomp beschermt en zich aan de onderkant bevindt.  Verzeker u ervan dat het wasprogramma klaar is en trek de stekker uit het stopcontact. 12 2. maak de binnenkant goed schoon; 3. schroef de deksel er weer op. Controleer de slang van de watertoevoer Controleer minstens eens per jaar de slang van de watertoevoer. Als er barstjes in zitten moet hij vervangen worden: gedurende het wassen kan de hoge waterdruk onverwachts scheurtjes veroorzaken.  Nooit reeds eerder gebruikte slangen gebruiken. Storingen en oplossingen Het kan gebeuren dat de machine niet werkt. Voordat u de installateur opbelt (zie blz. 14), controleert u of het een storing betreft die gemakkelijk te verhelpen is met behulp van de volgende lijst. Storingen: Mogelijke oorzaken / Oplossing: De wasdroogmachine gaat niet aan. • De stekker is niet in het stopcontact of niet ver genoeg ingestoken om contact te maken. • Er is geen stroom. Het wasprogramma start niet. • • • • • De deur is niet goed dicht. is niet ingedrukt. De knop De START/RESET knop is niet ingedrukt. De waterkraan is niet open. Uitgestelde start is ingesteld (Delay Timer, zie blz. 9). • • • • • • De watertoevoerslang is niet aangesloten aan de kraan. De slang ligt gekneld. De kraan is niet open. In huis mankeert het water. Er is geen voldoende druk. De START/RESET knop is niet ingedrukt. De wasdroogmachine geen water. neemt De wasdroogmachine blijft water aan- en afvoeren. • De afvoerslang is niet geinstalleerd op 65 tot 100 cm afstand van de grond (zie blz. 3). • Het uiteinde van de afvoerslang ligt onder water (zie blz. 3). • De afvoer in de muur heeft geen ontluchting. Als na deze controle het probleem niet is opgelost, doet u de waterkraan dicht, de machine uit en belt u de installateur. Als u op een van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont kan zich een probleem met het hevelen voordoen, waarbij de machine voortdurend water aan- en afvoert. Om deze storing te verhelpen bestaan er speciale in de handel verkrijgbare ventielen. De wasdroogmachine pompt het water niet af of centrifugeert niet. • Het programma voorziet niet in afvoer: bij enkele programma's moet dit met de hand worden gestart (zie blz. 8). • De optie 'Kreukvrij' is actief: voor het afmaken van het programma drukt u op de START/RESET knop (zie blz. 9). • De afvoerslang ligt gekneld (zie blz. 3). • De afvoerleiding is verstopt. De machine trilt erg tijdens het centirfugeren. • De trommel is bij het installeren niet op de juiste wijze ontgrendeld (zie blz. 2). • De wasdroogmachine staat niet recht (zie blz. 2). • De wasdroogmachine staat te nauw tussen meubel en muur (zie blz. 2). De wasdroogmachine • De slang van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie blz. 2). • Het wasmiddellaatje is verstopt (voor schoonmaken zie blz. 12). • De afvoerslang is niet goed bevestigd (zie blz. 3). lekt. Het controlelampje AAN/DEUR GEBLOKKEERD knippert snel tegelijkertijd met minstens één ander controlelampje. • Doe de automaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht circa 1 minuut en doe hem weer aan. Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen. Er ontstaat teveel schuim. • Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasdroogmachine s (er moet "voor wasmachine ", "handwas en wasmachine ", of dergelijke op staan). • De dosering is te veel. De wasdroogmachine droogt niet. • De stekker is niet in het stopcontact of niet ver genoeg ingestoken om contact te maken. • Er is geen stroom. • De deur is niet goed dicht. • Uitgestelde start is ingesteld (Delay Timer, zie blz. 9). • de DROOG-knop staat op 0. 13 NL Service Voordat u er de installateur bijhaalt: • Kijk eerst even of u het probleem zelf kunt oplossen (zie blz. 13); • Start het programma om te controleren of de storing is verholpen; • Is dit niet het geval dan neemt u contact op met de bevoegde dichtsbijzijnde Technische Dienst via het telefoonnummer dat op het garantiebewijs/gebruiksaanwijzing staat. NL  Nooit een niet-bevoegde installateur erbij halen. Vermeld: • het soort storing; • het model van de machine (Mod.); • het serienummer (S/N). Deze informatie vindt u op het typeplaatje aan de achterkant van de wasdroogmachine . 14
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44

Whirlpool CDE 129 (ALL)/HA Gebruikershandleiding

Type
Gebruikershandleiding