Bosch KGV2620/02 de handleiding

Type
de handleiding
a
s
BOSCH
3
2
1
4
5
cooler
1
2
10
9
11
12
13
16
18
3
4
5
6
7
8
15
14
17
A
B
d
g
h
/C
f
h
j
/A/B
A
B
Sicherheitshinweise und Bestimmungen 3
Gerät kennenlernen 4
Gerät aufstellen 4
Einschalten und Temperaturwahl 5
Gerät ausschalten und stillegen 5
Lebensmittel einordnen 6
Lebensmittel eingefrieren, lagern
und Eis bereiten 7-8
Abtauen 9
Reinigen 10
Energiespartips 10
Kleine Störungen selbst beheben 11-12
Entsorgung des Altgerätes 12
Kundendienst 13
Inhaltsverzaichnis
DE
Turvallisuusohjeita ja varoituksia 83
Laitteeseen Tutustuminen 84
Laitteen asennus 84
Kytkentä ja lämpötilan valinta 85
Virrankatkaisu laitteesta ja irtikytkentä 85
Elintarvikkeiden sijoittaminen 86
Ruokatarvikkeiden Pakastus/
Säilöntä ja jääkuutioiden valmistus 87-88
Sulatus 89
Puhdistus 90
Neuvoja sähkökulutuksen säästämiseksi 90
Kuinka voi itse korjata pieniä käyttövirheitä 91-92
Vanhan laitteen poistaminen 92
Jälkimyyntipalvelu 93
Sisältö
FI
Safety Instructions and Regulations 14
Getting to know the appliance 15
Setting-up the Appliance 15
Switching on and Selecting the Temperature 16
Switching off and disconecting the appliance 17
Food Arrangement 17-18
Freezing food/Food storage and Making ice 18-20
Defrosting 20-21
Cleaning 21
Energy-saving Tips 22
Minor faults - and how to fix them yourself 23-24
Disposal of old appliances 24
After-Sales Service 25
Index
EN
Sikkerhetsanvisning og forskrifter 60
Bil fortrolig med skapet 61
Oppsetting av skapet 61
Igangsetting av apparatet 62
Stans og frakobling av skapet 62
Plassering av matvarer 63
Innfrysing/oppbevaring av
matvarer og preparering av isterninger 64
Nedfrysing av mat 65
Avriming 66
Rengjøring 67
Råd om energisparing 67
Hvordan reparere små fiel selv 68-69
Avhending av gamle skap 69
Kundeservice 70
Innholdsfortegnelse
NO
Conseils sur la sécurité et l’utilisation 26
Apprendre à connaître l’appareil 27
Mise en place de l’appareil 27
Mise en marche et sélection de la température 28
Arrêt de l’appareil et mise hors service 29
Rangement des denrées 29-30
Congélation d’aliments,
stockage et préparation de glaçons 30-32
Dégivrage 32-33
Nettoyage 33
Conseils pour l’économie d’énergie 34
Comment réparer soi-même
les petites pannes 35-36
Avant de vous débarrasser
de votre ancien appareil 36
Service après-vente 37
Tables de matières
FR
Råd beträffande skrotning av gamla kyl-/
frysskåp, säkerhetsanvisningar ach varningar 71-72
Översiktsbild 73
Installation 73
Slå på strömmen och ställa in temperaturen 74
Stänga av strömmen, ta skåpet ur drift 74
Lägga in matvaror 75
Infrysning/förvaring och tillverkning
av istärningar 76-77
Avfrostning 77-78
Rengöring och skötsel 78-79
Energispartips 79
Enklare fel man själv kan avhjälpa 80-81
Service 84
Konsumentbestämmelser 82
Innehållsförteckning
SV
Óêàçàíèÿ ïî áåçîïàñíîñòè è íîðìàòèâû 94
Îïèñàíèå õîëîäèëüíèêà 95
Óñòàíîâêà õîëîäèëüíèêà 95
Âêëþ÷åíèå è âûáîð òåìïåðàòóðû 96
Âûêëþ÷åíèå è êîíñåðâàöèÿ 96
Ðàçìåùåíèå ïðîäóêòîâ 97
Çàìîðàæèâàíèå è õðàíåíèå ïðîäóêòîâ,
ïðèãîòîâëåíèå ëüäà 98-99
Ðàçìîðàæèâàíèå õîëîäèëüíèêà 100
×èñòêà õîëîäèëüíèêà 101
Ñîâåòû ïî ýêîíîìèè ýëåêòðîýíåðãèè 101
Ñàìîñòîÿòåëüíîå óñòðàíåíèå ìåëêèõ íåïîëàäîê 102
Óòèëèçàöèÿ îòñëóæèâøåãî ñâîé ñðîê õîëîäèëüíèêà 103
Ñåðâèñíàÿ ñëóæáà 103
Óñëîâèÿ ãàðàíòèéíîãî îáñëóæèâàíèÿ 104
Ñîäåðæàíèå
RU
Ogólne normy i zasady bezpieczénstwa 105
Zapoznanie siê z aparatem 106
Umieszczenie lodówki 106
W³¹czenie i ustawienie temperatury 107
Od³¹czeine urz¹dzenia 108
Rozmieszczeinie ¿ywnoœci we
wnêtrzu urz¹dzenia 108-109
Zamra¿anie/konserwacja ¿ywnoœci i
przygotowywanie kostek lodu 109-111
Rozmra¿anie aparatu 112
Czyszczenie 113
W jaki sposob zaoszczêdziæ energiê elektryczn¹ 113
Jak radziæ sobie z ma³ymi awariami 114-115
Pozbycie siê starego aparatu 115
Serwis naprawczy 116
Spis tres´ci
PL
Veiligheidsvoorschriften en bepalingen 38
Kennismaking met het apparaat 39
Plaatsing van het apparaat 39
Inschakelen en temperatuurkeuze 40
Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen 41
Levensmiddelen inruimen 41-42
Levensmiddelen invriezen en
opslaan, ijsblokjes maken 42-43
Ontdooien 44
Schoonmaken 45
Tips om energie te besparen 45
Kleine storingen zelf verhelpen 46-47
Afvoeren van uw oude apparaat 47
Servicedienst 48
Inhoud
NL
Sikerhedsråd og genelle normer. 49
At blive fortrolig med apparatet. 50
Anbringelse af apparatet. 50
Igangsættelse og valg af temperatur. 51
Stop og afbrydelse af apparatet. 51
Anbringelse af madvarer i apparatet. 52
Nedfrysning / opbevaring af madvarer
og forberedelse af isterninger. 53-54
Afrimning. 55
Rengøring. 56
Tips for elektrisk energi besparelse 56
Hvorledes man selv reparerer mindre skader 57-58
Tilintetgørelse af gamle apparater. 58
Eftersalg-Service 59
Indholdsfortrgnelse
DA
Veiligheidsvoorschriften en bepalingen
NL
Wegdoen van de verpakking
van uw nieuwe apparaat
U kunt het verpakkingsmateriaal van uw
nieuwe apparaat zonder problemen
wegdoen.
Het karton kunt u in stukken snijden en in de
papierbak doen. Het foliemateriaal is van
polyetheen (PE) en het opvulmateriaal van
polystyreen (PS) zonder CFK’s. Als u deze
waardevolle stoffen bij een daarvoor bestemd
inzamelpunt afgeeft, hunnen ze na bewerking
opnieuw gebruikt worden (kringloop).
Bepalingen
Het apparaat is bestemd voor het koelen en
invriezen van levensmiddelen en om
ijsblokjes te maken.
Het apparaat is geschikt voor gebruik in een
ruimte met een temperatuur van +10ºC tot
+32ºC (bij de ST-uitvoering van +18ºC tot
+38ºC, zie het typeplaatje).
Het apparaat is voor huishoudelijk gebruik
bestemd.
Bij gebruik voor bedrijfsdoeleinden moeten de
daarvoor geldende bepalingen in acht worden
genomen.
Het voldoet aan de voorschriften voor koel-
en vriesinstallaties ter voorkoming van
ongevallen (VBG 20). Het koelcircuit is op
dichtheid gecontroleerd.
Dit apparaat voldoet aan de
veiligheidsbepalingen voor elektrische
apparaten. Reparaties mogen allen door een
vakkundig monteur worden uitgevoerd.
Ondeskundige reparaties kunnen gevaar voor
de gebruiker opleveren.
In geval van een storing, bij onderhouds-
werkzaamheden en vöör het schoonmaken
de stekker uit het stopcontact trekken resp.
de zekering in de meterkast uitschakelen of
losdraaien. Altijd aan de stekker trekken,
nooit aan de aansluitkabel.
Veiligheids-
voorschriften
Het koelcircuit van dit apparaat bevat
isobutaan (R 600a), een natuurlijk gas dat in
hoge mate milieuvriendelijk is maar wel
brandbaar. Let erop bij het vervoeen en
verplaatsen van het apparaat dat er geen
onderdelen van het koelcircuit beschadigd
Afvoeren van het oude
apparaat
Afgedankte apparaten onmiddellijk
onbruikbaar maken, d.w.z. stekker uit het
stopcontact trekken, aansluitkabel
doorknippen en een zelfsluitend slot of
een klinksluiting verwijderen resp. onklaar
maken. Hiermee voorkomt u dat kinderen
zichzelf tijdens het spelen in het apparaat
opsluiten en in levensgevaar geraken.
Koel- en diepvriesapparaten bevatten
isolatiegassen en koelmiddelen die
zorgvuldig moeten worden afgevoerd.
Bovendien bevatten deze apparaten
waardevolle grondstoffen die na
bewerking opnieuw gebruikt kunnen
worden.
Vraag daarom bij het wegdoen van uw
oude apparaat advies aan de
gemeentelijke reinigingsdienst of bij uw
leverancier.
Met het oog op een doelmatige en
milieuvriendelijke afvoer mogen de
leidingen van de koelmachine tot het
moment van transport niet beschadigd
worden.
Onze bijdrage aan het beschermen van
het milieu: wij maken gebruik van
kringlooppapier.
38
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 38
A.u.b. vöör het lezen de laatste bladzijden
met afbeeldingen openvouwen.
Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan
één type van toepassing. Kleine afwijkingen
in de afbeeldingen zijn hierdoor niet
uitgesloten.
Overzicht
Afb. a
1 Ontluchtingsrooster
2 Bedienningspaneel
3 Draagroosters
4 Achterwand van de koelruimte
(verdamper)
5 Dooiwatergootje
6 Afvoergaatje voor het dooiwater
7 Glasplaat
8 Groenteladen
9 Boter-en kaasvak
10 Eierrekje
11 Voorraadbakjes
12 Flessenrek
13 Flessehouder
14 Diepvrieslade
15 Diepvrieskalender
16 Binnenverlichting
17 Dooiwater-afvoer
18 Ventilator
A Koelruimte
B Diepvriesruimte
Bedieningspaneel
Afb. s
21 Hoofdschakelaar
22 Supervriesschakelaar
23 Temperatuurkiezer
De juiste plaats
Elke droge, goed te ventileren ruimte is
geschikt. Het apparaat liefst niet in de zon
of naast een fornuis, verwarmingsradiator of
andere warmtebron plaatsen. Is plaatsing
naast een warmtebron niet te vermijden,
maak dan gebruik van een isolerende plaat
of neem de volgende minimumafstanden in
acht:
naast een elektrisch fornuis 3 cm,
naast een CV-installatie 30 cm.
Bij plaatsing naast een ander koel- of
vriesapparaat aan de zijkant een
minimumafstand van 2 cm in acht nemen
om vorming van condensatiewater te
voorkomen.
Plaatsen en verwisselen van
de deurophanging
Zie bijgesloten
installatie/ombouwvoorschrift.
Elektrische aansluiting
Het apparaat uitsluitend via een volgens de
voorschriften aangebracht, randgeaard
stopcontact, met een zekering van 10
ampèr of meer, op 220-240 volt/50 Hz
wisselstroom aansluiten.
Ventilatie
De aan de achterkant van apparaat
vrijkomende warme lucht moet ongehinderd
afgevoerd kunnen worden.
Anders moet de koelmachine meer
presteren waardoor het energieverbruik
toeneemt.
De be- en ontluchtingsopeningen mogen
dan ook nooit worden afgedekt.
NL
39
Kennismaking met het
apparaat
Plaatsing van het apparaat
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 39
NL
Inschakelen en temperatuurkeuze
Maak voordat u het apparaat voor het eerst
in gebruik neemt de binnenkant schoon (zie
“Schoonmaken”).
Inschakelen
Hoofdschakelaar (afb. s/21) indrukken.
Het groene controlelampje brandt nu. Het
apparaat begin te koelen.
Attentie
Als de koelmachine loopt, vormen zich op
de achterwand van de koelruimte
waterdruppels of een laagje rijp. Dit is
normaal. Afschrapen van de rijplaag of
afwissen van de druppels is overbodig. De
achterwand wordt namelijt automatisch
ontdooid. Het dooiwater wordt in het
dooiwatergootje (Afb. l/5) opgevangen en
afgevoerd naar de koelmachine, waar het
verdampt.
Als de deur van de diepvriesruimte na het
sluiten niet meteen weer geopend kan
worden: twee à drie minuten wachten tot de
antstane onderdruk is opgeheven.
Door het koelsysteem kan zich op een
aantal plaatsen op de vriesplaten al snel rijp
afzetten.
Dit heeft geen invloed op het functioneren
van het apparaat of op het functioneren van
het apparaat of op het energieverbruik.
Ontdooien is pas noodzakelijk als het hele
oppervlak van de vriesplaten met een laag
rijp of ijs van meer dan 5 mm is bedekt.
Temperatuurkeuze
Met de temperatuurkiezer (Afb. s/23), kan
de temperatuur in beide ruimten centraal
worden ingesteld. Hogere cijfers betekenen
lagere temperaturen in beide ruimten.
Wij adviseren een gemiddelde instelling
(ca. “2-3”).
Apparaat met ventilator
Als uw apparaat is uitgerust met een
ventilator, moet u weten dat deze
automatisch in werking zal treden wanneer
de kamertemperatuur hoger is dan 26
graden Celsius.
Apparaat zonder ventilator
Indien de temperatuur in de ruimte waar het
apparaat staat opgesteld daalt tot onde de
+18ºC, zal het licht binnenin automatisch op
verminderde kracht blijven branden, terwijl
de deur van het koelgedeelte gesloten is.
Op deze wijze wordt in het vriesgedeelte de
noodzakelijke temperatuur in stand
gehouden voor langdurig bewaren.
Deze functie wordt uitgeschakeld wanneer
de temperatuur in de ruimte stijgt tot boven
de +20ºC.
40
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 40
Apparaat uitschakelen
Hoofdschakelaar (afb. s/21) indrukken. Het
groene controlelampje gaat uit. Koeling en
verlichting zijn nu uitgeschakeld.
Buiten werking stellen van
het apparaat
Wordt het apparaat langere tijd niet gebruikt:
stekker uit het stopcontact trekken, apparaat
laten ontdooien en schoonmaken. Deuren
open laten staan.
Wijziging indeling van het
interieur Apparaat met
draagroosters
De draagroosters in de koelruimte zijn in de
hoogte verstelbaar: rooster naar voren
trekken, iets laten zakken en eruit halen. Op
de gewenste hoogte erin schuiven. (Afb. d).
Voor hoge flessen kan de klep in het
draagrooster (Afb. f) worden opgeklapt. De
eierrekjes in de voorraadbakjes kunnen
opgeklapt worden, waardoor er plaats is
voor tubes, blikjes enz. (Afb. g).
Naargelang de dikte van de flessen kan de
beugel van het flessenrek iets versteld
worden (Afb. h/A).
Met de flessehouder wordt voorkomen dat
de flessen omvallen bij het openen en
sluiten van de deur (Afb. h/B).
De rekjes en voorraadbakjes in de deur
kunnen eruit genomen worden om schoon
te maken (Afb. h/C).
Apparaat met draagplateaus
Om hoge flessen of kannen neer te zetten
kunt u het kleine deel van plateau uit het
apparaat halen (Afb. }).
Attentie bij het inruimen
Warme dranken en gerechten buiten het
apparaat laten afkoelen.
De levensmiddelen liefst verpakt of goed
afgedekt bewaren. Hierdoor blijven niet
alleen geur, smaak, kleur, vochtigheid en
versheid behouden, maar wordt
bovendien voorkomen dat de opgeslagen
levensmiddelen naar elkaar gaan
smaken. Alleen groente, fruit en sla
moeten onverpakt in de groenteladen
worden opgeslagen.
Zorg dat de kunststof delen en de
deurafdichting niet met olie of vet n
aanraking komen (ze kunnen poreus
worden).
NL
41
Apparaat uitschakelen en
buiten werking stellen
Levensmiddelen inruimen
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 41
Geen explosieve stoffen in het apparaat
bewaren. Dranken met een hoog
alcoholpercentage rechtop en goed
gesloten bewaren.
De koelste plaatsen in de koelruimte
bevinden zich aan de achterwand en
boven de glasplaat. Sla hier gevoelige
levensmiddelen op.
Flessen met vloeistoffen die kunnen
bevriezen, nooit in de diepvriesruimte
plaatsen. De flessen springen!
Een voorbeeld van het
inruimen
Afb. a
Koelruimte A
Op de draagroosters (3) van boven naar
beneden: brood en gebak, kant en klare
gerechten, zuivelprodukten.
Op de glasplaat (7): vlees en worst.
In de groenteladen (8): groente, sla en fruit.
In het voorraadvak (9) in de deur: boter en
kaas.
In de eierrekjes (10): eieren.
In het voorraadbakje (11): flesjes, tubes en
blikjes.
In het flessenrek (12): grote flessen.
Diepvriesruimte B
In de bovenste en middelste
diepvriesladen (14): levensmiddelen
invriezen en opslaan, ijsblokjes maken.
In de onderste diepvrieslade:
diepvriesprodukten opslaan.
Let op de koudezones in de
koelruimte!
Door de luchtcirculatie in de koelruimte
ontstann verschillende koudezones.
De zone voor gevoelige levensmiddelen
bevindt zich, afhankelijk van het model,
helemaal onderaan tussen de aan de zijkant
afgebeelde pijl en de glasplaat eronder
(afb. r/1 en 1/2). of tussen de twee pijlen)
(afb. t /1 en /2).
Ideaal voor het opslaan van vlees, vis,
worst, gemengde salades etc.
Atentie bij het inkopen van
diepvriesprodukten
Let erop dat de verpakking niet
beschadigd is.
De op de verpakking aangegeven
bewaartijd mag niet verstreken zijn.
In de winkel moet de temperatuur in de
diepvrieskist ten minste -18º C zijn.
Koop de diepvriesprodukten op het
allerlaatste moment. Breng ze in kranten
gewikkeld of in een koeltas snel naar huis
en leg ze in de diepvriesruimte.
Verpakken van
levensmiddelen
Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen
als u zelf gaat invriezen. De levensmiddelen
luchtdicht verpakken zodat ze niet uitdrogen
of hun smaak verliezen.
Voor verpakking geschikt:
Kunststof-, polytheen- en aluminiumfolie,
diepvriesdozen. Deze produkten zijn in de
handel verkrijgbaar.
Niet geschikt:
Pakpapier, vetvrij papier, cellofaan,
vuilniszakken en gebruikte
boodschappentasjes.
De levensmiddelen verpakken, lucht eruit
persen en het geheel van een goede sluiting
voorzien.
Als sluiting geschikt:
Elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes,
koudebestendig plakband e.d. Zakjes en
folie van polytheen kunnen met een folie-
lasapparaat worden dichtgelast.
Vermeld op de pakjes inhoud en datum
voordat u ze in de diepvriesruimte legt.
Invriescapaciteit
Afhankelijk van het type apparaat kunnen
de volgende hoeveelheden levensmiddelen
in één keer worden ingevroren:
SF-26/KGVA/... 4kg./24 h.
SF-31/KGVA/... 5kg./24 h.
SF-36/KGVA/... 5kg./24 h.
NL
42
Levensmiddelen inruimen
Levensmiddelen invriezen en
opslaan, ijsblokjes maken
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 42
NL
Levensmiddelen invriezen en opslaan, ijsblokjes maken
Instellen van de
temperatuurkiezer om in te
vriezen
Bij het inladen van verse levensmiddelen de
temperatuurkiezer op een gemiddelde
instelling (“4”) draaien.
Levensmiddelen opslaan
Als er veel levensmiddelen moeten worden
opgeslagen, dan kunt u alle diepvriesladen
(behalve de onderste) uit het apparaat halen
en de levensmiddelen direct op de
vriesroosters stapelen: diepvriesladen tot de
aanslag uittrekken, ietsje optillen en eruit
halen.
Om te voorkomen dat de circulatie van de
lucht in het apparaat vermindert: de
levensmiddelen niet hoger opstapelen dan
zoals aangegeven (afb. e/A).
Attentie bij het inruimen van
diepvrieswaren
Reeds ingevroren levensmiddelen mogen
niet in aanraking komen met de verse, nog
in te vriezen levensmiddelen.
Hijsblokjes maken
Afb. k
Het ijsbakje voor 3/4 met water vullen en op
de vriesplaat of op de bodem van de
bovenste diepvrieslade zetten.
Door het ijsbakje iets te verbuigen, laten de
ijsblokjes gemakkelijker los.
Koude-accu’s
Afb. q/30
Dit toebehoor wordt bij sommige modellen
meegeleverd. Als uw apparaat niet met dit
toebehoor is uitgerust, dan is dit hoofdstuk
voor u niet van toepassing.
De koude-accu’s voorkomen dat de
opgeslagen diepvrieswaren bij het uitvallen
van de stroom of bij een storing al te snel
ontdooien.
Vertraging van het ontdooiproces wordt het
beste bereikt door de kouce-accu’s direct op
de levensmiddelen in de bovenste
diepvrieslade te leggen.
De koude-accu’s kunnen ook uit ht apparaat
worden genomen om levensmiddelen
tijdelijk koel te houden (bijv. in een koeltas).
Diepvrieskalender
Afb. j/15
Om te voorkomen dat de kwaliteit van de
diepvrieswaren afneemt, is het van belang
dat de toelaatbare bewaartijd niet wordt
overschreden. De bewaartijd is afhankelijk
van het soort levensmiddelen.
De cijfers bij de symbolen geven de
toelaatbare bewaartijd van de desbetreffende
levensmiddelen in maanden aan. Bij kant en
klaar verkochte diepvriesprodukten moet u
altijd letten op de verpakkingsdatum of op de
einddatum van de bewaartijd.
Ontdooien van
diepvrieswaren
Afhankelijk van soort en bereidingswijze van
de levensmiddelen kunt u kiezen uit de
volgende mogelijkheden:
bij omgevingstemperatuur,
in de koelkast,
in de elektrische oven,
met of zonder heteluchtverwarming,
in de magnetron-oven,
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren
kunnen opnieuw worden ingevroren: vlees
en vis als de temperatuur niet langer dan 1
dag, andere levensmiddelen als de
temperatuur niet langer dan 3 dagen boven
de 3º C is gestegen. In andare gevallen de
levensmiddelen - als ten minste geur,
smaak en kleur niet veranderd zijkoken,
braden of op een andere manier bereiden
en opnieuw invriezen.
De max. bewaartijd van de levensmiddelen
wordt hierdoor korter.
43
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 43
NL
Ontdooien
Koelruimte
De koelruimte wordt automatisch ontdooid.
Het dooiwater wordt in het dooiwatergootje
(Afb. l/5) opgevangen en afgevoerd naar
de koelmachine, waar het verdampt.
Dooiwatergootje en afvoergaatje (Afb. l/6)
regelmatig schoonmaken zodat het
dooiwater ongehinderd kan weglopen.
De diepvriesruimte
De diepvriesruimte (afb. a/B) wordt niet
automatisch ontdooid omdat de ingevroren
levensmiddelen niet mogen ontdooien. Een
te dikke laag rijp of ijs op de vriesroosters
vermindert de vriescapaciteit, waardoor het
energieverbruik toeneemt.
Is de laag rijp ca. 1/2 cm dik, dan moet de
diepvriesruimte ontdooien worden. Ind ieder
geval één à twee keer per jaar, het liefst als
er weining of geen diepvrieswaren in het
apparat zijn opgeslagen.
Als er nog levensmiddelen in de
diepvriesruimte liggen, dan moet ca. 4 uur
vóór het ontdooien de supervriesschakelaar
(afb. s/22) worden ingredrukt waardoor de
levensmiddelen een zeer lage temperatuur
bereiken. Daarna de diepvriesladen met de
levensmiddelen uit de diepvriesruimte halen.
De laden in kranten of een deken wikkelen
en op een koele plaats bewaren. deur open
laten staat en de stekker uit het stopcontact
halen. Om het dooiwater op te vangen: de
lege, onderste diepvrieslade eronder zetten.
(afb. P/17).
De diepvriesruimte snel laten ontdooien
(hoe langer de diepvrieswaren bij
omgevingstemperatuur worden opgeslagen,
des te korter wordt de bewaartijd).
Na het ontdooien de binnenkant van de
diepvriesruimte schoonmaken.
Tips bij het ontdooien
Om het ontdooiproces te versnellen, kunt u
het beste een pan met heet water op een
van de vriesplaten zetten.
Wees voorzichtig met ontdooi-sprays. Ze
kunnen explosieve gassen ontwikkelen,
kunststofoplossende bestanddelen of
drijfgassen bevatten of schadelijk zijn voor
de gezondheid.
Rijp of ijs liefst niet afschrapen. Hierdoor
kunnen de vriesplaten beschadigd worden.
Het is beter om het apparaat te ontdooien.
44
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 44
Vóór het schoonmaken altijd de stekker
uit het stopcontact trekken resp. de
zekering uitschakelen of losdraaien.
De koelruimte liefst één keer per maand
schoonmaken.
Zorg dat het sop niet in het
bedieningspaneel of de verlichting
terechtkomt.
Behalve de deurafdichting kan het hele
apparaat met lauw water met een scheutje
mild, licht desinfecterend reinigingsmiddel
worden schoongemaakt.
Geen zand- of zuurhoudende middelen, c.q.
chemische oplosmiddelen gebruiken.
De deurafdichting allen met schoon water
afnemen en grondig droogwrijven.
Dooiwatergootje (Afb. l/5) en afvoergaatje
(Afb. l/6) in de koelruimte regelmatig
schoonmaken, zodat het dooiwater
ongehinderd kan weglopen. Het
afvoergaatje met een stokje of iets
dergelijks doorprikken.
Zorg dat het sop niet door het afvoergaatje
in de dooiwater-opvangschaal terechtkomt.
De buitenkant van het apparaat kan
bovendien met een lakonderhoudsmiddel
behandeld worden.
Houd de deur dan gesloten, zodat het
onderhoudsmiddel niet op de kunsstofdelen
aan de binnenkant terechtkomt.
Na het schoonmaken het apparaat opnieuw
aansluiten.
Het apparaat in een koele, goed te
ventileren ruimte plaatsen. Niet in de zon
of in de buurt van een warmtebron
(verwarmingsradiator enz.) plaatsen.
Warme gerechten pas nadat ze zijn
afgekoeld in de diepvriesruimte zetten.
Als u diepvrieswaren wilt ontdooien, leg
deze dan eerst in de koelruimte. U benut
hierdoor de in de diepvrieswaren
aanwezige koude voor het koelen van de
levensmiddelen in de koelruimte.
De diepvriesruimteontooien als zich een
te dikke laag ijs heeft gevormd. Deze
vermindert de afgifte van kou aan de
diepvrieswaren, waardoor het
energieverbruik toeneemt.
Bij het in- en uitladen de deur zo kort
mogelijk openen.
Hoe korter de deur geopend word, des te
minder ijs zich kan afzetten op de
vriesplate
NL
45
Schoonmaken Tips om energie te besparen
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 45
Storingen
Abnormale geluiden:
Verlichting in de koelruimte
functioneert niet:
Vermindering van de koelcapaciteit:
Geen ko apaciteit:
Te Koud in de koelruimte:
Kleine störingen zelf verhelpen
NL
46
Ga, alvorens de Servicedienst in te schakelen, aan de hand van de volgende punten
eerst even na of u de storing zelf kunt verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hit alleen maar een advies (bijv. over de
bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen,
dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen.
Eventuele oorzaken
- Het apparaat staat niet waterpas of een vreemd
voorwep is in de omgeving van de koelmachine
beklemd geraakt.
- Een onderdeel aan de achterwand kan niet vrij
trillen en raakt het apparaat of de muur. Buig
dit deel voorzichtig opzij.
- De lichtschakelaar (afb, s/19) klemt. Probeer
of er beweging in zit. Schakel anders de
Servicedients in.
Een KAPOT OF GEBREKKIG LAMPJE:
- Om dit lampje te vervangen, moet U eerst het
kapje verwijderen. Dit doet U door het
achterste gedeelte naar beneden te drukken
(afb. {). Vervang vervolgens het oude
LAMPJE voor een nieuw: 220-240 volt, max.
15 W, fitting E 14.
-
De deur werd te vaak geopend.
- Er werden grote hoeveelheden verse
levensmiddelen in de koelruimte ingeladen.
- Een te dikke rijplaag in de diepvriesruimte.
- De be- en ontluchtingsopeningen zijn
afgedekt.
- Een vreemd voorwerp is tussen de
koelmachine en de wand beklemd geraakt.
- De stekker zit los in het stopcontact.
- De zekering is doorgeslagen.
- De Hoofdschakelaar (afb. s/21), staat op “•”.
- De temperatuurkiezer is op een te lage
temperatuur ingested.
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 46
Als de storing aan de hand van de hiervoor
genoemde punten niet verholpen kan
worden, schakel dan de Servicedienst in.
Voer zelf geen reparaties aan het apparaat
uit, vooral niet aan de elektrische
onderdelen.
Om koudeverlies te vermijden de deur niet
annodig openen.
Attentie
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren
kunnen opnieuw worden ingevroren: vlees
en vis als de temperatuur niet langer dan 1
dag, andere levensmiddelen als de
temperatuur niet langer dan 3 dagen boven
de 3º C is gestegen.
In andere gevallen de levensmiddelen - als
ten minste geur, smaak en kleur niet
veranderd zijkoken, braden of op een
andere manier bereiden en opnieuw
invriezen.
De max- bewaartijd van de levensmiddelen
is hierdoor korter.
Veiligheidsvoorschriften
Afgedankte apparaten anmiddellijk
onbruikbaar maken, d.w.z. stekker uit het
stopcontact trekken, aansluitkabel
doorknippen en een zelfsluitend slot of een
klinksluiting verwijderen resp. onklaar
maken.
Hiermee voorkomt u dat kinderen zichzelf
tijdens het spelen in het apparaat opsluiten
en in levensgevaar geraken.
NL
47
Kleine storingen
zelf verhelpen
Afvoeren van
uw oude apparaat
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 47
NL
Servicedienst
Typeplaatje
Afb. w
Als u de hulp van de Servicedienst inroept,
geef dan het E-nummer (24) en het F-
nummer (25) op.
U vindt deze nummers in het zwart omlijnde
gedeelte van het typeplaatje links onderaan
in de koelruimte naast de groentelade.
Adres en telefoonnummer van de
Servicedienst kunt u vinden in het
telefoonboek of in de meegeleverde
brochure met serviceadressen.
48
NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 48

Documenttranscriptie

DE Inhaltsverzaichnis Sicherheitshinweise und Bestimmungen Gerät kennenlernen Gerät aufstellen Einschalten und Temperaturwahl Gerät ausschalten und stillegen Lebensmittel einordnen Lebensmittel eingefrieren, lagern und Eis bereiten Abtauen Reinigen Energiespartips Kleine Störungen selbst beheben Entsorgung des Altgerätes Kundendienst 3 4 4 5 5 6 7-8 9 10 10 11-12 12 13 EN Index Safety Instructions and Regulations Getting to know the appliance Setting-up the Appliance Switching on and Selecting the Temperature Switching off and disconecting the appliance Food Arrangement Freezing food/Food storage and Making ice Defrosting Cleaning Energy-saving Tips Minor faults - and how to fix them yourself Disposal of old appliances After-Sales Service Sikerhedsråd og genelle normer. 49 At blive fortrolig med apparatet. 50 Anbringelse af apparatet. 50 Igangsættelse og valg af temperatur. 51 Stop og afbrydelse af apparatet. 51 Anbringelse af madvarer i apparatet. 52 Nedfrysning / opbevaring af madvarer og forberedelse af isterninger. 53-54 Afrimning. 55 Rengøring. 56 Tips for elektrisk energi besparelse 56 Hvorledes man selv reparerer mindre skader 57-58 Tilintetgørelse af gamle apparater. 58 Eftersalg-Service 59 NO Innholdsfortegnelse 14 15 15 16 17 17-18 18-20 20-21 21 22 23-24 24 25 FR Tables de matières Conseils sur la sécurité et l’utilisation Apprendre à connaître l’appareil Mise en place de l’appareil Mise en marche et sélection de la température Arrêt de l’appareil et mise hors service Rangement des denrées Congélation d’aliments, stockage et préparation de glaçons Dégivrage Nettoyage Conseils pour l’économie d’énergie Comment réparer soi-même les petites pannes Avant de vous débarrasser de votre ancien appareil Service après-vente RU Ñîäåðæàíèå DA Indholdsfortrgnelse Sikkerhetsanvisning og forskrifter Bil fortrolig med skapet Oppsetting av skapet Igangsetting av apparatet Stans og frakobling av skapet Plassering av matvarer Innfrysing/oppbevaring av matvarer og preparering av isterninger Nedfrysing av mat Avriming Rengjøring Råd om energisparing Hvordan reparere små fiel selv Avhending av gamle skap Kundeservice Óêàçàíèÿ ïî áåçîïàñíîñòè è íîðìàòèâû 94 Îïèñàíèå õîëîäèëüíèêà 95 Óñòàíîâêà õîëîäèëüíèêà 95 Âêëþ÷åíèå è âûáîð òåìïåðàòóðû 96 Âûêëþ÷åíèå è êîíñåðâàöèÿ 96 Ðàçìåùåíèå ïðîäóêòîâ 97 Çàìîðàæèâàíèå è õðàíåíèå ïðîäóêòîâ, ïðèãîòîâëåíèå ëüäà 98-99 Ðàçìîðàæèâàíèå õîëîäèëüíèêà 100 ×èñòêà õîëîäèëüíèêà 101 Ñîâåòû ïî ýêîíîìèè ýëåêòðîýíåðãèè 101 Ñàìîñòîÿòåëüíîå óñòðàíåíèå ìåëêèõ íåïîëàäîê 102 Óòèëèçàöèÿ îòñëóæèâøåãî ñâîé ñðîê õîëîäèëüíèêà 103 Ñåðâèñíàÿ ñëóæáà 103 Óñëîâèÿ ãàðàíòèéíîãî îáñëóæèâàíèÿ 104 1 10 BOSCH 64 65 66 67 67 68-69 69 70 3 2 1 A PL Spis treści 60 61 61 62 62 63 2 16 18 3 4 5 6 7 Ogólne normy i zasady bezpieczénstwa 105 Zapoznanie siê z aparatem 106 Umieszczenie lodówki 106 W³¹czenie i ustawienie temperatury 107 Od³¹czeine urz¹dzenia 108 Rozmieszczeinie ¿ywnoœci we wnêtrzu urz¹dzenia 108-109 Zamra¿anie/konserwacja ¿ywnoœci i przygotowywanie kostek lodu 109-111 Rozmra¿anie aparatu 112 Czyszczenie 113 W jaki sposob zaoszczêdziæ energiê elektryczn¹ 113 Jak radziæ sobie z ma³ymi awariami 114-115 Pozbycie siê starego aparatu 115 Serwis naprawczy 116 4 5 cooler 9 11 12 d 8 f 13 15 B 14 SV Innehållsförteckning 26 27 27 28 29 29-30 30-32 32-33 33 34 35-36 36 37 NL Inhoud Veiligheidsvoorschriften en bepalingen 38 Kennismaking met het apparaat 39 Plaatsing van het apparaat 39 Inschakelen en temperatuurkeuze 40 Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen 41 Levensmiddelen inruimen 41-42 Levensmiddelen invriezen en opslaan, ijsblokjes maken 42-43 Ontdooien 44 Schoonmaken 45 Tips om energie te besparen 45 Kleine storingen zelf verhelpen 46-47 Afvoeren van uw oude apparaat 47 Servicedienst 48 Råd beträffande skrotning av gamla kyl-/ frysskåp, säkerhetsanvisningar ach varningar Översiktsbild Installation Slå på strömmen och ställa in temperaturen Stänga av strömmen, ta skåpet ur drift Lägga in matvaror Infrysning/förvaring och tillverkning av istärningar Avfrostning Rengöring och skötsel Energispartips Enklare fel man själv kan avhjälpa Service Konsumentbestämmelser 71-72 73 73 74 74 75 76-77 77-78 78-79 79 80-81 84 82 17 B a g h/ A / B s h/C j FI Sisältö Turvallisuusohjeita ja varoituksia Laitteeseen Tutustuminen Laitteen asennus Kytkentä ja lämpötilan valinta Virrankatkaisu laitteesta ja irtikytkentä Elintarvikkeiden sijoittaminen Ruokatarvikkeiden Pakastus/ Säilöntä ja jääkuutioiden valmistus Sulatus Puhdistus Neuvoja sähkökulutuksen säästämiseksi Kuinka voi itse korjata pieniä käyttövirheitä Vanhan laitteen poistaminen Jälkimyyntipalvelu 83 84 84 85 85 86 87-88 89 90 90 91-92 92 93 A NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 38 NL Veiligheidsvoorschriften en bepalingen Veiligheidsvoorschriften Het koelcircuit van dit apparaat bevat isobutaan (R 600a), een natuurlijk gas dat in hoge mate milieuvriendelijk is maar wel brandbaar. Let erop bij het vervoeen en verplaatsen van het apparaat dat er geen onderdelen van het koelcircuit beschadigd Afvoeren van het oude apparaat Afgedankte apparaten onmiddellijk onbruikbaar maken, d.w.z. stekker uit het stopcontact trekken, aansluitkabel doorknippen en een zelfsluitend slot of een klinksluiting verwijderen resp. onklaar maken. Hiermee voorkomt u dat kinderen zichzelf tijdens het spelen in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken. Koel- en diepvriesapparaten bevatten isolatiegassen en koelmiddelen die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Bovendien bevatten deze apparaten waardevolle grondstoffen die na bewerking opnieuw gebruikt kunnen worden. Vraag daarom bij het wegdoen van uw oude apparaat advies aan de gemeentelijke reinigingsdienst of bij uw leverancier. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijke afvoer mogen de leidingen van de koelmachine tot het moment van transport niet beschadigd worden. Onze bijdrage aan het beschermen van het milieu: wij maken gebruik van kringlooppapier. 38 Wegdoen van de verpakking van uw nieuwe apparaat U kunt het verpakkingsmateriaal van uw nieuwe apparaat zonder problemen wegdoen. Het karton kunt u in stukken snijden en in de papierbak doen. Het foliemateriaal is van polyetheen (PE) en het opvulmateriaal van polystyreen (PS) zonder CFK’s. Als u deze waardevolle stoffen bij een daarvoor bestemd inzamelpunt afgeeft, hunnen ze na bewerking opnieuw gebruikt worden (kringloop). Bepalingen Het apparaat is bestemd voor het koelen en invriezen van levensmiddelen en om ijsblokjes te maken. Het apparaat is geschikt voor gebruik in een ruimte met een temperatuur van +10ºC tot +32ºC (bij de ST-uitvoering van +18ºC tot +38ºC, zie het typeplaatje). Het apparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd. Bij gebruik voor bedrijfsdoeleinden moeten de daarvoor geldende bepalingen in acht worden genomen. Het voldoet aan de voorschriften voor koelen vriesinstallaties ter voorkoming van ongevallen (VBG 20). Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd. Dit apparaat voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten. Reparaties mogen allen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Ondeskundige reparaties kunnen gevaar voor de gebruiker opleveren. In geval van een storing, bij onderhoudswerkzaamheden en vöör het schoonmaken de stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering in de meterkast uitschakelen of losdraaien. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel. NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 39 NL Kennismaking met het apparaat A.u.b. vöör het lezen de laatste bladzijden met afbeeldingen openvouwen. Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan één type van toepassing. Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zijn hierdoor niet uitgesloten. Overzicht Afb. a 1 Ontluchtingsrooster 2 Bedienningspaneel 3 Draagroosters 4 Achterwand van de koelruimte (verdamper) 5 Dooiwatergootje 6 Afvoergaatje voor het dooiwater 7 Glasplaat 8 Groenteladen 9 Boter-en kaasvak 10 Eierrekje 11 Voorraadbakjes 12 Flessenrek 13 Flessehouder 14 Diepvrieslade 15 Diepvrieskalender 16 Binnenverlichting 17 Dooiwater-afvoer 18 Ventilator A B Koelruimte Diepvriesruimte Bedieningspaneel Afb. s 21 Hoofdschakelaar 22 Supervriesschakelaar 23 Temperatuurkiezer Plaatsing van het apparaat De juiste plaats Elke droge, goed te ventileren ruimte is geschikt. Het apparaat liefst niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of andere warmtebron plaatsen. Is plaatsing naast een warmtebron niet te vermijden, maak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden in acht: naast een elektrisch fornuis 3 cm, naast een CV-installatie 30 cm. Bij plaatsing naast een ander koel- of vriesapparaat aan de zijkant een minimumafstand van 2 cm in acht nemen om vorming van condensatiewater te voorkomen. Plaatsen en verwisselen van de deurophanging Zie bijgesloten installatie/ombouwvoorschrift. Elektrische aansluiting Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften aangebracht, randgeaard stopcontact, met een zekering van 10 ampèr of meer, op 220-240 volt/50 Hz wisselstroom aansluiten. Ventilatie De aan de achterkant van apparaat vrijkomende warme lucht moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden. Anders moet de koelmachine meer presteren waardoor het energieverbruik toeneemt. De be- en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt. 39 NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 40 NL Inschakelen en temperatuurkeuze Maak voordat u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt de binnenkant schoon (zie “Schoonmaken”). Inschakelen Hoofdschakelaar (afb. s/21) indrukken. Het groene controlelampje brandt nu. Het apparaat begin te koelen. Attentie Als de koelmachine loopt, vormen zich op de achterwand van de koelruimte waterdruppels of een laagje rijp. Dit is normaal. Afschrapen van de rijplaag of afwissen van de druppels is overbodig. De achterwand wordt namelijt automatisch ontdooid. Het dooiwater wordt in het dooiwatergootje (Afb. l/5) opgevangen en afgevoerd naar de koelmachine, waar het verdampt. Als de deur van de diepvriesruimte na het sluiten niet meteen weer geopend kan worden: twee à drie minuten wachten tot de antstane onderdruk is opgeheven. Door het koelsysteem kan zich op een aantal plaatsen op de vriesplaten al snel rijp afzetten. Dit heeft geen invloed op het functioneren van het apparaat of op het functioneren van het apparaat of op het energieverbruik. Ontdooien is pas noodzakelijk als het hele oppervlak van de vriesplaten met een laag rijp of ijs van meer dan 5 mm is bedekt. 40 Temperatuurkeuze Met de temperatuurkiezer (Afb. s/23), kan de temperatuur in beide ruimten centraal worden ingesteld. Hogere cijfers betekenen lagere temperaturen in beide ruimten. Wij adviseren een gemiddelde instelling (ca. “2-3”). Apparaat met ventilator Als uw apparaat is uitgerust met een ventilator, moet u weten dat deze automatisch in werking zal treden wanneer de kamertemperatuur hoger is dan 26 graden Celsius. Apparaat zonder ventilator Indien de temperatuur in de ruimte waar het apparaat staat opgesteld daalt tot onde de +18ºC, zal het licht binnenin automatisch op verminderde kracht blijven branden, terwijl de deur van het koelgedeelte gesloten is. Op deze wijze wordt in het vriesgedeelte de noodzakelijke temperatuur in stand gehouden voor langdurig bewaren. Deze functie wordt uitgeschakeld wanneer de temperatuur in de ruimte stijgt tot boven de +20ºC. NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 41 NL Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen Apparaat uitschakelen Hoofdschakelaar (afb. s/21) indrukken. Het groene controlelampje gaat uit. Koeling en verlichting zijn nu uitgeschakeld. Buiten werking stellen van het apparaat Wordt het apparaat langere tijd niet gebruikt: stekker uit het stopcontact trekken, apparaat laten ontdooien en schoonmaken. Deuren open laten staan. Levensmiddelen inruimen Wijziging indeling van het interieur Apparaat met draagroosters De draagroosters in de koelruimte zijn in de hoogte verstelbaar: rooster naar voren trekken, iets laten zakken en eruit halen. Op de gewenste hoogte erin schuiven. (Afb. d). Voor hoge flessen kan de klep in het draagrooster (Afb. f) worden opgeklapt. De eierrekjes in de voorraadbakjes kunnen opgeklapt worden, waardoor er plaats is voor tubes, blikjes enz. (Afb. g). Naargelang de dikte van de flessen kan de beugel van het flessenrek iets versteld worden (Afb. h/A). Met de flessehouder wordt voorkomen dat de flessen omvallen bij het openen en sluiten van de deur (Afb. h/B). De rekjes en voorraadbakjes in de deur kunnen eruit genomen worden om schoon te maken (Afb. h/C). Apparaat met draagplateaus Om hoge flessen of kannen neer te zetten kunt u het kleine deel van plateau uit het apparaat halen (Afb. }). Attentie bij het inruimen • Warme dranken en gerechten buiten het apparaat laten afkoelen. • De levensmiddelen liefst verpakt of goed afgedekt bewaren. Hierdoor blijven niet alleen geur, smaak, kleur, vochtigheid en versheid behouden, maar wordt bovendien voorkomen dat de opgeslagen levensmiddelen naar elkaar gaan smaken. Alleen groente, fruit en sla moeten onverpakt in de groenteladen worden opgeslagen. • Zorg dat de kunststof delen en de deurafdichting niet met olie of vet n aanraking komen (ze kunnen poreus worden). 41 NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 42 NL Levensmiddelen inruimen • Geen explosieve stoffen in het apparaat bewaren. Dranken met een hoog alcoholpercentage rechtop en goed gesloten bewaren. • De koelste plaatsen in de koelruimte bevinden zich aan de achterwand en boven de glasplaat. Sla hier gevoelige levensmiddelen op. • Flessen met vloeistoffen die kunnen bevriezen, nooit in de diepvriesruimte plaatsen. De flessen springen! Een voorbeeld van het inruimen Afb. a Koelruimte A Op de draagroosters (3) van boven naar beneden: brood en gebak, kant en klare gerechten, zuivelprodukten. Op de glasplaat (7): vlees en worst. In de groenteladen (8): groente, sla en fruit. In het voorraadvak (9) in de deur: boter en kaas. In de eierrekjes (10): eieren. In het voorraadbakje (11): flesjes, tubes en blikjes. In het flessenrek (12): grote flessen. Diepvriesruimte B In de bovenste en middelste diepvriesladen (14): levensmiddelen invriezen en opslaan, ijsblokjes maken. In de onderste diepvrieslade: diepvriesprodukten opslaan. Let op de koudezones in de koelruimte! Door de luchtcirculatie in de koelruimte ontstann verschillende koudezones. De zone voor gevoelige levensmiddelen bevindt zich, afhankelijk van het model, helemaal onderaan tussen de aan de zijkant afgebeelde pijl en de glasplaat eronder (afb. r/1 en 1/2). of tussen de twee pijlen) (afb. t /1 en /2). Ideaal voor het opslaan van vlees, vis, worst, gemengde salades etc. 42 Levensmiddelen invriezen en opslaan, ijsblokjes maken Atentie bij het inkopen van diepvriesprodukten • Let erop dat de verpakking niet beschadigd is. • De op de verpakking aangegeven bewaartijd mag niet verstreken zijn. • In de winkel moet de temperatuur in de diepvrieskist ten minste -18º C zijn. • Koop de diepvriesprodukten op het allerlaatste moment. Breng ze in kranten gewikkeld of in een koeltas snel naar huis en leg ze in de diepvriesruimte. Verpakken van levensmiddelen Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen als u zelf gaat invriezen. De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze niet uitdrogen of hun smaak verliezen. Voor verpakking geschikt: Kunststof-, polytheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen. Deze produkten zijn in de handel verkrijgbaar. Niet geschikt: Pakpapier, vetvrij papier, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte boodschappentasjes. De levensmiddelen verpakken, lucht eruit persen en het geheel van een goede sluiting voorzien. Als sluiting geschikt: Elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d. Zakjes en folie van polytheen kunnen met een folielasapparaat worden dichtgelast. Vermeld op de pakjes inhoud en datum voordat u ze in de diepvriesruimte legt. Invriescapaciteit Afhankelijk van het type apparaat kunnen de volgende hoeveelheden levensmiddelen in één keer worden ingevroren: SF-26/KGVA/... SF-31/KGVA/... SF-36/KGVA/... 4kg./24 h. 5kg./24 h. 5kg./24 h. NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 43 NL Levensmiddelen invriezen en opslaan, ijsblokjes maken Instellen van de temperatuurkiezer om in te vriezen Bij het inladen van verse levensmiddelen de temperatuurkiezer op een gemiddelde instelling (“4”) draaien. Levensmiddelen opslaan Als er veel levensmiddelen moeten worden opgeslagen, dan kunt u alle diepvriesladen (behalve de onderste) uit het apparaat halen en de levensmiddelen direct op de vriesroosters stapelen: diepvriesladen tot de aanslag uittrekken, ietsje optillen en eruit halen. Om te voorkomen dat de circulatie van de lucht in het apparaat vermindert: de levensmiddelen niet hoger opstapelen dan zoals aangegeven (afb. e/A). Attentie bij het inruimen van diepvrieswaren Reeds ingevroren levensmiddelen mogen niet in aanraking komen met de verse, nog in te vriezen levensmiddelen. Hijsblokjes maken Afb. k Het ijsbakje voor 3/4 met water vullen en op de vriesplaat of op de bodem van de bovenste diepvrieslade zetten. Door het ijsbakje iets te verbuigen, laten de ijsblokjes gemakkelijker los. Koude-accu’s Afb. q/30 Dit toebehoor wordt bij sommige modellen meegeleverd. Als uw apparaat niet met dit toebehoor is uitgerust, dan is dit hoofdstuk voor u niet van toepassing. De koude-accu’s voorkomen dat de opgeslagen diepvrieswaren bij het uitvallen van de stroom of bij een storing al te snel ontdooien. Vertraging van het ontdooiproces wordt het beste bereikt door de kouce-accu’s direct op de levensmiddelen in de bovenste diepvrieslade te leggen. De koude-accu’s kunnen ook uit ht apparaat worden genomen om levensmiddelen tijdelijk koel te houden (bijv. in een koeltas). Diepvrieskalender Afb. j/15 Om te voorkomen dat de kwaliteit van de diepvrieswaren afneemt, is het van belang dat de toelaatbare bewaartijd niet wordt overschreden. De bewaartijd is afhankelijk van het soort levensmiddelen. De cijfers bij de symbolen geven de toelaatbare bewaartijd van de desbetreffende levensmiddelen in maanden aan. Bij kant en klaar verkochte diepvriesprodukten moet u altijd letten op de verpakkingsdatum of op de einddatum van de bewaartijd. Ontdooien van diepvrieswaren Afhankelijk van soort en bereidingswijze van de levensmiddelen kunt u kiezen uit de volgende mogelijkheden: bij omgevingstemperatuur, in de koelkast, in de elektrische oven, met of zonder heteluchtverwarming, in de magnetron-oven, Half of geheel ontdooide diepvrieswaren kunnen opnieuw worden ingevroren: vlees en vis als de temperatuur niet langer dan 1 dag, andere levensmiddelen als de temperatuur niet langer dan 3 dagen boven de 3º C is gestegen. In andare gevallen de levensmiddelen - als ten minste geur, smaak en kleur niet veranderd zijkoken, braden of op een andere manier bereiden en opnieuw invriezen. De max. bewaartijd van de levensmiddelen wordt hierdoor korter. 43 NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 44 NL Ontdooien Koelruimte Tips bij het ontdooien De koelruimte wordt automatisch ontdooid. Het dooiwater wordt in het dooiwatergootje (Afb. l/5) opgevangen en afgevoerd naar de koelmachine, waar het verdampt. Dooiwatergootje en afvoergaatje (Afb. l/6) regelmatig schoonmaken zodat het dooiwater ongehinderd kan weglopen. Om het ontdooiproces te versnellen, kunt u het beste een pan met heet water op een van de vriesplaten zetten. Wees voorzichtig met ontdooi-sprays. Ze kunnen explosieve gassen ontwikkelen, kunststofoplossende bestanddelen of drijfgassen bevatten of schadelijk zijn voor de gezondheid. Rijp of ijs liefst niet afschrapen. Hierdoor kunnen de vriesplaten beschadigd worden. Het is beter om het apparaat te ontdooien. De diepvriesruimte De diepvriesruimte (afb. a/B) wordt niet automatisch ontdooid omdat de ingevroren levensmiddelen niet mogen ontdooien. Een te dikke laag rijp of ijs op de vriesroosters vermindert de vriescapaciteit, waardoor het energieverbruik toeneemt. Is de laag rijp ca. 1/2 cm dik, dan moet de diepvriesruimte ontdooien worden. Ind ieder geval één à twee keer per jaar, het liefst als er weining of geen diepvrieswaren in het apparat zijn opgeslagen. Als er nog levensmiddelen in de diepvriesruimte liggen, dan moet ca. 4 uur vóór het ontdooien de supervriesschakelaar (afb. s/22) worden ingredrukt waardoor de levensmiddelen een zeer lage temperatuur bereiken. Daarna de diepvriesladen met de levensmiddelen uit de diepvriesruimte halen. De laden in kranten of een deken wikkelen en op een koele plaats bewaren. deur open laten staat en de stekker uit het stopcontact halen. Om het dooiwater op te vangen: de lege, onderste diepvrieslade eronder zetten. (afb. P/17). De diepvriesruimte snel laten ontdooien (hoe langer de diepvrieswaren bij omgevingstemperatuur worden opgeslagen, des te korter wordt de bewaartijd). Na het ontdooien de binnenkant van de diepvriesruimte schoonmaken. 44 NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 45 NL Schoonmaken Vóór het schoonmaken altijd de stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien. De koelruimte liefst één keer per maand schoonmaken. Zorg dat het sop niet in het bedieningspaneel of de verlichting terechtkomt. Behalve de deurafdichting kan het hele apparaat met lauw water met een scheutje mild, licht desinfecterend reinigingsmiddel worden schoongemaakt. Geen zand- of zuurhoudende middelen, c.q. chemische oplosmiddelen gebruiken. De deurafdichting allen met schoon water afnemen en grondig droogwrijven. Dooiwatergootje (Afb. l/5) en afvoergaatje (Afb. l/6) in de koelruimte regelmatig schoonmaken, zodat het dooiwater ongehinderd kan weglopen. Het afvoergaatje met een stokje of iets dergelijks doorprikken. Zorg dat het sop niet door het afvoergaatje in de dooiwater-opvangschaal terechtkomt. De buitenkant van het apparaat kan bovendien met een lakonderhoudsmiddel behandeld worden. Houd de deur dan gesloten, zodat het onderhoudsmiddel niet op de kunsstofdelen aan de binnenkant terechtkomt. Na het schoonmaken het apparaat opnieuw aansluiten. Tips om energie te besparen • Het apparaat in een koele, goed te ventileren ruimte plaatsen. Niet in de zon of in de buurt van een warmtebron (verwarmingsradiator enz.) plaatsen. • Warme gerechten pas nadat ze zijn afgekoeld in de diepvriesruimte zetten. • Als u diepvrieswaren wilt ontdooien, leg deze dan eerst in de koelruimte. U benut hierdoor de in de diepvrieswaren aanwezige koude voor het koelen van de levensmiddelen in de koelruimte. • De diepvriesruimteontooien als zich een te dikke laag ijs heeft gevormd. Deze vermindert de afgifte van kou aan de diepvrieswaren, waardoor het energieverbruik toeneemt. • Bij het in- en uitladen de deur zo kort mogelijk openen. Hoe korter de deur geopend word, des te minder ijs zich kan afzetten op de vriesplate 45 NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 46 NL Kleine störingen zelf verhelpen Ga, alvorens de Servicedienst in te schakelen, aan de hand van de volgende punten eerst even na of u de storing zelf kunt verhelpen. Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hit alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen. Storingen Eventuele oorzaken Abnormale geluiden: - Het apparaat staat niet waterpas of een vreemd voorwep is in de omgeving van de koelmachine beklemd geraakt. - Een onderdeel aan de achterwand kan niet vrij trillen en raakt het apparaat of de muur. Buig dit deel voorzichtig opzij. Verlichting in de koelruimte functioneert niet: - De lichtschakelaar (afb, s/19) klemt. Probeer of er beweging in zit. Schakel anders de Servicedients in. Een KAPOT OF GEBREKKIG LAMPJE: - Om dit lampje te vervangen, moet U eerst het kapje verwijderen. Dit doet U door het achterste gedeelte naar beneden te drukken (afb. {). Vervang vervolgens het oude LAMPJE voor een nieuw: 220-240 volt, max. 15 W, fitting E 14. Vermindering van de koelcapaciteit: - De deur werd te vaak geopend. - Er werden grote hoeveelheden verse levensmiddelen in de koelruimte ingeladen. - Een te dikke rijplaag in de diepvriesruimte. - De be- en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. - Een vreemd voorwerp is tussen de koelmachine en de wand beklemd geraakt. Geen ko apaciteit: - De stekker zit los in het stopcontact. - De zekering is doorgeslagen. - De Hoofdschakelaar (afb. s/21), staat op “•”. Te Koud in de koelruimte: - De temperatuurkiezer is op een te lage temperatuur ingested. 46 NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 47 NL Kleine storingen zelf verhelpen Als de storing aan de hand van de hiervoor genoemde punten niet verholpen kan worden, schakel dan de Servicedienst in. Voer zelf geen reparaties aan het apparaat uit, vooral niet aan de elektrische onderdelen. Om koudeverlies te vermijden de deur niet annodig openen. Attentie Half of geheel ontdooide diepvrieswaren kunnen opnieuw worden ingevroren: vlees en vis als de temperatuur niet langer dan 1 dag, andere levensmiddelen als de temperatuur niet langer dan 3 dagen boven de 3º C is gestegen. In andere gevallen de levensmiddelen - als ten minste geur, smaak en kleur niet veranderd zijkoken, braden of op een andere manier bereiden en opnieuw invriezen. De max- bewaartijd van de levensmiddelen is hierdoor korter. Afvoeren van uw oude apparaat Veiligheidsvoorschriften Afgedankte apparaten anmiddellijk onbruikbaar maken, d.w.z. stekker uit het stopcontact trekken, aansluitkabel doorknippen en een zelfsluitend slot of een klinksluiting verwijderen resp. onklaar maken. Hiermee voorkomt u dat kinderen zichzelf tijdens het spelen in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken. 47 NL.qxd 5/12/03 13:33 Page 48 NL Servicedienst Typeplaatje Afb. w Als u de hulp van de Servicedienst inroept, geef dan het E-nummer (24) en het Fnummer (25) op. 48 U vindt deze nummers in het zwart omlijnde gedeelte van het typeplaatje links onderaan in de koelruimte naast de groentelade. Adres en telefoonnummer van de Servicedienst kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met serviceadressen.
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80
  • Page 81 81
  • Page 82 82
  • Page 83 83
  • Page 84 84
  • Page 85 85
  • Page 86 86
  • Page 87 87
  • Page 88 88
  • Page 89 89
  • Page 90 90
  • Page 91 91
  • Page 92 92
  • Page 93 93
  • Page 94 94
  • Page 95 95
  • Page 96 96
  • Page 97 97
  • Page 98 98
  • Page 99 99
  • Page 100 100
  • Page 101 101
  • Page 102 102
  • Page 103 103
  • Page 104 104
  • Page 105 105
  • Page 106 106
  • Page 107 107
  • Page 108 108
  • Page 109 109
  • Page 110 110
  • Page 111 111
  • Page 112 112
  • Page 113 113
  • Page 114 114
  • Page 115 115
  • Page 116 116

Bosch KGV2620/02 de handleiding

Type
de handleiding