Makita 9565P Handleiding

Categorie
Haakse slijpers
Type
Handleiding
GB Angle Grinder Instruction Manual
F Meuleuse d’Angle Manuel d’instructions
D Winkelschleifer Betriebsanleitung
I Smerigliatrice angolare Istruzioni per l’uso
NL
Haakse slijpmachine
Gebruiksaanwijzing
E Esmeriladora Angular Manual de instrucciones
P Esmerilhadeira Angular Manual de instruções
DK Vinkelsliber Brugsanvisning
GR Γωνιακός Λειαντήρας Οδηγίες χρήσεως
TR Taşlama Makinası Kullanma kılavuzu
9564P
9565P
34
NEDERLANDS (Originele instructies)
Verklaring van algemene gegevens
1 Asvergrendeling
2 Uitstand-borgknop
3 Schakelgreep
4 Beschermkap
5 Kussenblokkast
6 Schroef
7 Hefboom
8 Borgmoer
9 Schijf met verzonken
middengat/klepschijf
10 Binnenflens
11 Borgmoersleutel
12 Slijpschijf
13 Rubberen rugschijf
14 Doorslijpwiel/diamantschijf
15 Beschermkap voor
doorslijpwiel/diamantschijf
16 Komvormige draadborstel
17 Schijfvormige draadborstel
18 Luchtuitlaatopening
19 Luchtinlaatopening
TECHNISCHE GEGEVENS
Vanwege ons voortgaand onderzoeks- en
ontwikkelingsprogramma kunnen de bijgaande
technische gegevens zonder voorafgaande
kennisgeving worden gewijzigd.
De technische gegevens kunnen van land tot land
verschillen.
Gewicht volgens de EPTA-procedure 01/2003
ENE048-1
Doeleinden van gebruik
Dit gereedschap is bedoeld voor het slijpen, schuren en
snijden van metaal- en steenmaterialen zonder gebruik
van water.
ENF002-2
Stroomvoorziening
Het gereedschap mag alleen worden aangesloten op
een stroombron van hetzelfde voltage als aangegeven
op de naamplaat, en kan alleen op enkel-fase
wisselstroom worden gebruikt. Het gereedschap is
dubbel-geïsoleerd en kan derhalve ook op een niet-
geaard stopcontact worden aangesloten.
GEA010-1
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor
elektrisch gereedschap
WAARSCHUWING! Lees alle
veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het
niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan
leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig
letsel.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de
toekomst te kunnen raadplegen.
GEB033-6
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR DE
SLIJPMACHINE
Algemene veiligheidsvoorschriften voor slijp-,
schuur-, draadborstel- en doorslijpwerkzaamheden:
1. Dit elektrisch gereedschap is bedoeld voor
gebruik als slijp-, schuur-, draadborstel- of
doorslijpgereedschap. Lees alle
veiligheidsvoorschriften, aanwijzingen,
afbeeldingen en technische specificaties
behorend bij dit gereedschap aandachtig door.
Als u niet alle onderstaande aanwijzingen naleeft,
kan dat resulteren in brand, elektrische schokken
en/of ernstig letsel.
2. Werkzaamheden zoals polijsten worden niet
aangeraden met dit elektrisch gereedschap.
Werkzaamheden waarvoor dit elektrisch
gereedschap niet is bedoeld kunnen gevaarlijke
situaties opleveren en lichamelijk letsel
veroorzaken.
3. Gebruik geen accessoires die niet specifiek
ontworpen en goedgekeurd zijn door de
fabrikant van dit gereedschap. Ook al past een
accessoire wel op uw elektrisch gereedschap, dan
nog staat dit niet altijd garant voor een veilige
werking.
4. Het nominaal toerental van het accessoire moet
minstens gelijk zijn aan het maximumtoerental
vermeld op het elektrisch gereedschap.
Accessoires die met een hoger toerental draaien
dan hun nominaal toerental kunnen stuk breken en
in het rond vliegen.
5. De buitendiameter en de dikte van het
accessoire moeten binnen het capaciteitsbereik
van het elektrisch gereedschap vallen.
Accessoires met verkeerde afmetingen kunnen niet
afdoende worden afgeschermd of beheerst.
Model 9564P 9565P
Diameter schijf met verzonken middengat 115 mm 125 mm
Asschroefdraad M14
Nominale snelheid (n) / Onbelaste snelheid (n
0
) 12 000 min
–1
Totale lengte 307 mm
Nettogewicht 2,3 kg 2,4 kg
Veiligheidsklasse /II
35
6. De asdiameter van schijven, flenzen,
rugschijven en andere accessoires moeten goed
passen rond de as van het elektrisch
gereedschap. Accessoires met een asdiameter die
niet overeenkomt met de aanpasvlakken van het
elektrisch gereedschap zullen niet in evenwicht
draaien, buitensporig trillen en kunnen leiden tot
verlies van controle over het gereedschap.
7. Gebruik nooit een beschadigd accessoire.
Inspecteer het accessoire vóór elk gebruik,
bijvoorbeeld een slijpschijf op schilfers of
barsten; een rugschijf op barsten, scheuren of
overmatige slijtage; en een draadborstel op
losse of gerafelde draden. Als het elektrisch
gereedschap of een accessoire is gevallen,
inspecteert u het op schade of monteert u een
onbeschadigd accessoire. Na inspectie en
montage van een accessoire, zorgt u ervoor dat
u en omstanders niet in het draaiingsvlak van
het accessoire staan, en laat u het elektrisch
gereedschap draaien op het maximaal onbelast
toerental gedurende één minuut. Beschadigde
accessoires breken normaal gesproken in stukken
tijdens dit proefdraaien.
8. Draag beschermende kleding en dergelijke.
Afhankelijk van de toepassing dient u ook een
gezichtsmasker, veiligheidsbril of stofmasker te
dragen. Al naar gelang vereisten van de situatie
draagt u een stofmasker, oorbescherming,
handschoenen en een werkschort dat geschikt
is om kleine stukjes slijpsel of rondvliegende
spaanders te weerstaan. Een afdoende
oogbescherming moet in staat zijn om tijdens het
werk rondvliegende spaanders of scherp gruis tegen
te houden. Het stofmasker of ademhalingsapparaat
moet alle vrijkomende deeltjes uit de lucht die u
inademt te filteren. Langdurige blootstelling aan hard
lawaai kan uw gehoor aantasten.
9. Houd omstanders op veilige afstand tijdens het
gebruik van elektrisch gereedschap. Iedereen
die uw werkterrein betreedt, moet beschermende
kleding dragen. Er zouden splinters van uw
werkstuk of van een afgebroken accessoire kunnen
rondvliegen, met kans op verwondingen, ook buiten
uw onmiddellijke werkomgeving.
10. Houd het elektrisch gereedschap alleen vast aan
de geïsoleerde handgrepen, wanneer u werkt op
plaatsen waar de zaag met verborgen bedrading
of met zijn eigen snoer in aanraking kan komen.
Als een draad die onder stroom staat wordt
ingesneden, kunnen de metalen delen van het
gereedschap ook onder stroom komen te staan en
kunt u een gevaarlijke schok krijgen.
11. Zorg dat het snoer uit de buurt blijft van het
draaiend werktuig. Als u de controle verliest over
het gereedschap, kan het snoer worden
doorgesneden of bekneld raken en kan uw hand of
arm tegen het ronddraaiende werktuig worden
aangetrokken.
12. Leg het gereedschap altijd pas neer nadat het
werktuig volledig tot stilstand is gekomen. Als
het werktuig nog draait, kan het de ondergrond
aangrijpen en het gereedschap uit uw handen
trekken.
13. Loop niet met het gereedschap terwijl het nog
draait. Als het ronddraaiende accessoire u per
ongeluk raakt, kan het verstrikt raken in uw kleding
waardoor het accessoire tegen uw lichaam aan
wordt getrokken.
14. Maak de ventilatieopeningen van het
gereedschap regelmatig schoon. De ventilator
van de motor zal het stof de behuizing in zuigen, en
een grote opeenhoping van metaalslijpsel kan leiden
tot elektrisch gevaarlijke situaties.
15. Gebruik het gereedschap niet in de buurt van
licht ontvlambare materialen. Als er vonken
overspringen, zou er brand kunnen ontstaan.
16. Gebruik geen accessoires waarvoor koeling met
vloeistof vereist is. Het gebruik van water of een
andere koelvloeistof kan leiden tot een elektrische
schok, met gevaar voor elektrocutie.
Terugslag en aanverwante waarschuwingen
Terugslag is een plotselinge reactie op een beknelde of
vastgelopen draaischijf, rugschijf, borstel of enig ander
accessoire. Beknellen of vastlopen veroorzaakt een
snelle stilstand van het draaiende accessoire dat op zijn
beurt ertoe leidt dat het elektrisch gereedschap zich
ongecontroleerd beweegt in de richting tegengesteld aan
de draairichting van het accessoire op het moment van
vastlopen.
Als bijvoorbeeld een slijpschijf bekneld raakt of vastloopt
in het werkstuk, kan de rand van de schijf die het
knelpunt ingaat, zich invreten in het oppervlak van het
materiaal waardoor de schijf eruit klimt of zich eruit slaat.
De schijf kan daarbij naar de gebruiker toe of weg
springen, afhankelijk van de draairichting van de schijf op
het knelpunt. Slijpschijven kunnen in dergelijke situaties
ook breken.
Terugslag is het gevolg van verkeerd gebruik van het
elektrisch gereedschap en/of onjuiste behandeling of
omstandigheden, en is te voorkomen door goede
voorzorgsmaatregelen te treffen, zoals hieronder
vermeld.
a) Houd het gereedschap stevig vast en plaats
uw armen en lichaam zodanig dat u in staat
bent een terugslag op te vangen. Gebruik
altijd de hulphandgreep, indien aanwezig,
voor een optimale beheersing over het
gereedschap in geval van terugslag en de
koppelreactiekrachten bij het starten. De
gebruiker kan een terugslag of de
koppelreactiekrachten opvangen indien de juiste
voorzorgsmaatregelen worden getroffen.
b) Plaats uw hand nooit in de buurt van het
draaiende accessoire. Het accessoire kan
terugslaan tegen uw hand.
c) Plaats uw lichaam niet in het gebied waar het
elektrisch gereedschap naar toe kan
bewegen als er terugslag optreedt. Terugslag
zal het gereedschap bewegen in
tegenovergestelde richting van de draairichting
van de schijf op het moment van knel raken.
d) Wees bijzonder voorzichtig bij het werken
rond hoeken, scherpe randen, enz. Voorkom
dat het accessoire stuitert of bekneld raakt.
Hoeken, scherpe randen of stuiteren kunnen
vaak het draaiende accessoire knel doen raken,
wat leidt tot terugslag of verlies van controle over
het gereedschap.
36
e) Bevestig geen houtbewerkingsblad van een
zaagketting of getand zaagblad. Dergelijke
zaagbladen leiden vaak tot terugslag of verlies
van controle over het gereedschap.
Veiligheidsvoorschriften specifiek voor slijpen en
doorslijpwerkzaamheden:
a) Gebruik uitsluitend schijven van een type dat
is aanbevolen voor uw elektrisch
gereedschap en de specifieke beschermkap
voor de te gebruiken schijf. Schijven waarvoor
het elektrisch gereedschap niet is ontworpen,
kunnen niet goed worden afgeschermd en zijn
niet veilig.
b) De beschermkap moet stevig worden
bevestigd aan het elektrisch gereedschap en
in de meest beschermende stand worden
gezet, zodat een zo klein mogelijk deel van
de schijf blootgesteld is in de richting van de
gebruiker. De beschermkap dient om de
gebruiker te beschermen tegen aanraking met
de schijf of stukjes die daarvan af breken en
vonken die brandgevaar voor kleding opleveren.
c) Gebruik de schijven uitsluitend voor de
aanbevolen toepassingen. Bijvoorbeeld: u
mag niet slijpen met de zijkant van een
doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bedoeld
voor slijpen met de rand, en krachten op het
zijoppervlak kunnen deze schijven doen breken.
d) Gebruik altijd onbeschadigde schijfflenzen
van de juiste afmetingen en vorm voor de te
gebruiken schijf. Een goede schijfflens
ondersteunt de schijf en verkleint daarmee de
kans op het breken van de schijf. Flenzen voor
doorslijpschijven kunnen verschillen van flenzen
voor slijpschijven.
e) Gebruik geen afgesleten schijven van grotere
elektrische gereedschappen. Schijven die zijn
bedoeld voor grotere elektrische
gereedschappen zijn niet geschikt voor de
hogere snelheid van kleiner elektrisch
gereedschap en kunnen in stukken breken.
Aanvullende veiligheidsvoorschriften specifiek voor
doorslijpwerkzaamheden:
a) Laat de doorslijpschijf niet vastlopen en
oefen er niet te veel druk op uit. Probeer niet
een buitensporig diepe snede te slijpen. Een
te grote kracht op de schijf verhoogt de belasting
en de kans dat de schijf in de snede verdraait of
vastloopt, waardoor terugslag kan optreden of
de schijf kan breken.
b) Plaats uw lichaam niet in één lijn voor of
achter de ronddraaiende schijf. Wanneer de
schijf op het slijppunt in het werkstuk zich van u
af beweegt, kunnen door een mogelijke
terugslag de draaiende schijf en het elektrisch
gereedschap in uw richting worden geworpen.
c) Wanneer de schijf vastloopt of u zelf het
slijpen onderbreekt, schakelt u het elektrisch
gereedschap uit en houdt u dit stil totdat de
schijf volledig tot stilstand is gekomen.
Probeer nooit de doorslijpschijf uit de snede
te halen terwijl de schijf nog draait,
aangezien hierdoor terugslag kan optreden.
Onderzoek waarom de schijf is vastgelopen en
doe het nodige om de oorzaak ervan op te
heffen.
d) Ga niet door met slijpen terwijl de schijf al in
het werkstuk steekt. Wacht totdat de schijf op
volle snelheid komt en breng daarna de schijf
voorzichtig terug in de snede. Als u het
elektrisch gereedschap opnieuw start terwijl de
schijf al in het werkstuk steekt, kan de schijf
vastlopen, er uit klimmen of terugslaan.
e) Ondersteun platen en grote werkstukken om
de kans op het knel raken van de schijf en
terugslag te minimaliseren. Grote werkstukken
neigen door te zakken onder hun eigen gewicht.
U moet zorgen voor ondersteuning van het
werkstuk dichtbij de snijlijn en dichtbij de rand
van het werkstuk aan beide kanten van de schijf.
f) Wees extra voorzichtig bij het blind slijpen in
een bestaande wand of op andere plaatsen
waar u niet achter kunt kijken. De
doorstekende schijf kan gas- of waterleidingen,
elektrische bedrading of andere voorwerpen
raken die terugslag veroorzaken.
Veiligheidsvoorschriften specifiek voor
schuurwerkzaamheden:
a) Gebruik geen veel te grote
schuurpapierschijven. Volg de aanwijzingen
van de fabrikant bij uw keuze van
schuurpapier. Te groot schuurpapier dat
uitsteekt tot voorbij de rand van het
schuurkussen levert snijgevaar op en kan
beknellen of scheuren van de schuurpapierschijf
of terugslag veroorzaken.
Veiligheidsvoorschriften specifiek voor
draadborstelwerkzaamheden:
a) Wees erop bedacht dat er ook tijdens
normaal gebruik borsteldraden door de
borstel worden rondgeslingerd. Oefen niet te
veel kracht uit op de borsteldraden door een
te hoge belasting van de borstel. De
borsteldraden kunnen met gemak door dunne
kleding en/of de huid dringen.
b) Als voor draadborstelwerk het gebruik van
een beschermkap wordt aanbevolen, zorgt u
dan dat de draadschijf of draadborstel niet in
aanraking komt met de beschermkap. De
draadschijf of draadborstel kan in diameter
toenemen als gevolg van de werkbelasting en
centrifugale krachten.
Aanvullende veiligheidsvoorschriften:
17. Bij gebruik van een slijpschijf met een verzonken
middengat, mag u uitsluitend met glasvezel
versterkte schijven gebruiken.
18. GEBRUIK NOOIT een stenen komschijf op deze
slijpmachine. Deze slijpmachine is niet ontworpen
voor dit type schijven en het gebruik ervan kan
leiden tot ernstig lichamelijk letsel.
19. Let op dat u de as, de flens (met name de
montagekant) en de borgmoer niet beschadigt.
Als deze onderdelen beschadigd raken, kan de
schijf breken.
20. Zorg ervoor dat de schijf niet in aanraking is met
het werkstuk voordat u het gereedschap
inschakelt.
21. Laat het gereedschap een tijdje draaien voordat
u dit op het feitelijke werkstuk gaat gebruiken.
Controleer op trillingen of schommelingen die
op onjuiste montage of een slecht
gebalanceerde schijf kunnen wijzen.
37
22. Gebruik de aangegeven kant van de schijf om
mee te slijpen.
23. Wees alert op rondvliegende vonken. Houd het
gereedschap zodanig vast dat de vonken
wegvliegen van uzelf en andere personen of
brandbare materialen.
24. Laat het gereedschap niet ingeschakeld achter.
Schakel het gereedschap alleen in wanneer u het
stevig vasthoudt.
25. Raak het werkstuk niet onmiddellijk na gebruik
aan; het kan bijzonder heet zijn en brandwonden
op uw huid veroorzaken.
26. Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld
en de accu is verwijderd alvorens enig werk aan
het gereedschap uit te voeren.
27. Volg de instructies van de fabrikant voor het
juist monteren en gebruiken van de schijven
zorgvuldig op. Behandel de schijven voorzichtig
en berg deze met zorg op.
28. Gebruik geen afzonderlijke verloopmoffen of
adapters om schuurschijven met een groot
asgat aan dit gereedschap aan te passen.
29. Gebruik uitsluitend flenzen die voor dit
gereedschap zijn bestemd.
30. Voor gereedschap dat bestemd is voor schijven
met een asgat met schroefdraad moet u zorgen
dat het schroefdraad in de schijf lang genoeg is
zodat de as helemaal erin past.
31. Controleer of het werkstuk goed ondersteund is.
32. Houd er rekening mee dat de schijf nog even
blijft doordraaien nadat het gereedschap is
uitgeschakeld.
33. Als uw werkplaats bijzonder heet en vochtig is,
of erg verontreinigd door elektrisch geleidend
stof, gebruikt u een kortsluitstroomonderbreker
(30 mA) in het belang van uw veiligheid.
34. Gebruik het gereedschap niet op materialen die
asbest bevatten.
35. Gebruik geen water of slijpolie.
36. Houd de ventilatieopeningen schoon wanneer u
in een stoffige omgeving werkt. Om opgehoopt
stof te verwijderen, moet u eerst de aansluiting
van het gereedschap op het stopcontact
verbreken en oppassen dat u geen inwendige
onderdelen beschadigt (gebruik voor het
reinigen uitsluitend niet-metalen voorwerpen).
37. Wanneer u een doorslijpschijf gebruikt, dient u
altijd te werken met de stofopvang-beschermkap
die door de plaatselijke overheid wordt
voorgeschreven.
38. Doorslijpschijven mogen niet aan zijwaartse
druk worden blootgesteld.
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN.
WAARSCHUWING:
LAAT NIET uw vertrouwdheid met het gereedschap
(na regelmatig gebruik) omslaan in slordigheid of
onachtzaamheid omtrent de strikt na te leven
veiligheidsvoorschriften voor dit product.
VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de
veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing
kan leiden tot ernstige verwondingen.
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES
LET OP:
Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de
stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens de
functies op het gereedschap te controleren of af te
stellen.
Asvergrendeling (Fig. 1)
LET OP:
Schakel nooit de asvergrendeling in terwijl de as nog
draait. Dat kan het gereedschap beschadigen.
Druk de asvergrendeling in om te voorkomen dat de as
wegdraait wanneer u accessoires aanbrengt of
verwijdert.
Werking van de schakelaar (Fig. 2)
LET OP:
Controleer altijd, voordat u de stekker in het
stopcontact steekt, of de schakelgreep naar behoren
schakelt en terugkeert naar de “UIT” stand wanneer u
de knop loslaat.
Druk nooit de schakelgreep met kracht in zonder
daarbij ook de uitstand-borgknop in te drukken.
Daardoor zou de schakelgreep kunnen breken.
Om per ongeluk indrukken van de schakelgreep te
voorkomen, is voorzien in een uitstand-borgknop. Om
het gereedschap te starten, trekt u de uitstand-borgknop
naar u toe en drukt u de schakelgreep in. Laat de
schakelgreep los om te stoppen.
INEENZETTEN
LET OP:
Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de
stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens enig
werk aan het gereedschap uit te voeren.
Aanbrengen van de zijhandgreep (Fig. 3)
LET OP:
Controleer voor het gebruik altijd even of de
zijhandgreep stevig is bevestigd.
Schroef de zijhandgreep stevig vast aan de juiste plaats
van het gereedschap, zoals in de afbeelding getoond.
Aanbrengen en verwijderen van de beschermkap
(voor een schijf met verzonken middengat, een
klepschijf / doorslijpschijf of diamantschijf)
WAARSCHUWING:
Voor gebruik van een schijf met verzonken middengat,
een klepschijf, buigzaam wiel of schijfvormige
draadborstel moet de beschermkap op het
gereedschap zijn aangebracht, zodanig dat de
gesloten kant van de beschermkap altijd naar de
gebruiker is gericht.
Bij gebruik van een doorslijpwiel / diamantschijf mag u
alleen de speciale beschermkap gebruiken, die
ontworpen is voor gebruik met doorslijpwielen. (In
sommige Europese landen kan bij gebruik van een
diamantslijpschijf worden volstaan met de gewone
beschermkap. Volg de voorschriften die in uw land
gelden.)
38
Voor gereedschap met een beschermkap met
borgschroef (Fig. 4)
Monteer de beschermkap met de uitsteeksels aan de
beschermkapband recht tegenover de inkepingen in de
kussenblokkast. Draai vervolgens de beschermkap 180°
linksom, tegen de klok in. Draai de schroef vooral stevig
vast.
Voor het verwijderen van de beschermkap volgt u de
aanwijzingen voor het aanbrengen in omgekeerde
volgorde.
Voor gereedschappen met een beschermkap met
klemhefboom (Fig. 5 en 6)
Trek de hefboom in de richting van de pijl nadat u de
schroef hebt losgedraaid. Monteer de beschermkap met
de uitsteeksels aan de beschermkapband recht
tegenover de inkepingen in de kussenblokkast.
Vervolgens draait u de beschermkap 180° rond. Zet de
beschermkap met de schroef vast, na eerst de hefboom
in de richting van de pijl te trekken voor de
werkingsstand. De instelhoek van de beschermkap is
instelbaar met de hefboom.
Voor het verwijderen van de beschermkap volgt u de
aanwijzingen voor het aanbrengen in omgekeerde
volgorde.
Aanbrengen of verwijderen van een schijf met
verzonken middengat / klepschijf (Optioneel
accessoire) (Fig. 7 en 8)
WAARSCHUWING:
Bij gebruik van een schijf met verzonken middengat of
klepschijf moet de beschermkap op het gereedschap
worden aangebracht, zodanig dat de gesloten kant van
de beschermkap altijd naar de gebruiker is gericht.
Bevestig de binnenflens. Pas het wiel/de schijf op de
binnenflens en draai de borgmoer op de middenas vast.
Om de borgmoer vast te draaien, drukt u de
asvergrendeling stevig aan zodat de as niet kan draaien
en dan gebruikt u de borgmoersleutel om de borgmoer
kloksgewijze vast te draaien. Voor het verwijderen van
het wiel volgt u de werkwijze voor het aanbrengen in
omgekeerde volgorde.
Aanbrengen of verwijderen van een slijpschijf
(Optioneel accessoire) (Fig. 9)
OPMERKING:
Gebruik de slijpaccessoires die staan voorgeschreven
in deze handleiding. Deze moeten afzonderlijk worden
aangeschaft.
Bevestig de rubberen rugschijf op de as. Pas de schijf op
de rubberen rugschijf en schroef de borgmoer op de as.
Om de borgmoer vast te draaien, drukt u de
asvergrendeling stevig aan zodat de as niet kan draaien
en dan gebruikt u de borgmoersleutel om de borgmoer
kloksgewijze vast te draaien.
Voor het verwijderen van de schijf volgt u de werkwijze
voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde.
BEDIENING
WAARSCHUWING:
Het is in geen geval ooit nodig om grote druk op het
gereedschap uit te oefenen. Het gewicht van het
gereedschap op zich is voldoende. Forceren of te grote
druk uitoefenen kan leiden tot breken van een wiel,
hetgeen gevaarlijk is.
Vervang ALTIJD het slijpwiel als het gereedschap
tijdens het slijpen is gevallen.
Laat NOOIT de slijpschijf of het wiel met kracht op uw
werkstuk terechtkomen.
Voorkom dat de schijf vastraakt of terugstuit, vooral bij
het werken rond hoeken, scherpe randen enz. Dat kan
ongecontroleerde bewegingen en terugslag
veroorzaken.
Gebruik dit gereedschap NOOIT met houtzagen en
andere zaagbladen. Zulke zaagbladen op een
slijpmachine leiden vaak tot terugslag of verlies van
controle over het gereedschap, met grote kans op
letsel.
LET OP:
Schakel nooit het gereedschap in terwijl dat het
werkstuk al raakt, want dat kan leiden tot
verwondingen.
Draag tijdens het werk altijd een veiligheidsbril of
gezichtsmasker.
Schakel na het werk altijd het gereedschap uit en
wacht tot de schijf helemaal tot stilstand is gekomen,
voordat u het gereedschap neerlegt.
Bediening voor slijpen en schuren (Fig. 10)
Houd het gereedschap ALTIJD stevig vast met één hand
aan de behuizing en de andere aan de zijhandgreep.
Schakel het gereedschap in en laat dan pas het wiel of
de schijf tegen uw werkstuk aan komen.
Gewoonlijk laat u de rand van het wiel of de schijf een
hoek van ongeveer 15° met het oppervlak van uw
werkstuk maken.
Tijdens het inwerken met een nieuw wiel mag u de
slijpmachine niet in richting B laten bewegen, anders kan
het zich in uw werkstuk “invreten”. Pas wanneer de rand
van het wiel al door slijtage is afgerond, mag u het wiel in
beide richtingen, A en B, gebruiken.
39
Bediening met een doorslijpwiel / diamantschijf (Optioneel accessoire) (Fig. 11)
De richting voor het aanbrengen van de borgmoer en de binnenflens is afhankelijk van de wieldikte.
Zie de onderstaande tabel.
013349
WAARSCHUWING:
Bij gebruik van een doorslijpwiel / diamantschijf mag u
alleen de speciale beschermkap gebruiken, die
ontworpen is voor gebruik met doorslijpwielen. (In
sommige Europese landen kan bij gebruik van een
diamantslijpschijf worden volstaan met de gewone
beschermkap. Volg de voorschriften die in uw land
gelden.)
Gebruik NOOIT een doorslijpwiel voor zijwaarts slijpen.
• Laat de schijf niet vastlopen en oefen er niet teveel
druk op uit. Probeer niet een buitensporig diepe snede
te slijpen. Een te grote kracht op de schijf verhoogt de
belasting en de kans dat de schijf in de snede verdraait
of vastloopt, waardoor terugslag kan optreden, de
schijf kan breken of de motor oververhit kan raken.
Begin niet met slijpen terwijl de schijf al in aanraking is
met het werkstuk. Wacht totdat het wiel op volle
snelheid is gekomen en breng het voorzichtig in de
snede terwijl u het gereedschap voorwaarts beweegt
over uw werkstuk. Als het elektrisch gereedschap
wordt gestart terwijl de schijf al in het werkstuk steekt,
kan de schijf vastlopen, omhoog lopen of terugslaan.
Verander tijdens het doorslijpen nooit de stand of hoek
van het wiel. Als er zijwaartse druk op een doorslijpwiel
komt te staan (zoals bij vlakslijpen), kan het wiel
barsten en breken, met kans op ernstig lichamelijk
letsel.
Een diamantschijf moet altijd haaks worden gebruikt op
het materiaal waarin u snijdt.
Bediening met een komvormige draadborstel
(Optioneel accessoire) (Fig. 12)
LET OP:
• Controleer de werking van de draadborstel door het
gereedschap eerst onbelast te laten draaien en zorg
dat er niemand vóór of direct naast de borstel is.
Gebruik nooit een draadborstel die beschadigd of niet
goed in evenwicht is. Het gebruik van een beschadigde
borstel kan leiden tot kans op verwonding door contact
met afgebroken borsteldraden.
Trek de stekker los en plaats het gereedschap
ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is.
Verwijder alle accessoires van de as. Draai de
komvormige draadborstel op de as en zet deze vast met
de bijgeleverde sleutel. Bij gebruik van een draadborstel
mag u niet zo veel kracht zetten dat de draden overmatig
buigen, anders kunnen ze voortijdig afbreken.
Bediening met een schijfvormige draadborstel
(Optioneel accessoire) (Fig. 13)
LET OP:
Controleer de werking van de schijfvormige
draadborstel door het gereedschap eerst onbelast te
laten draaien en zorg dat er niemand vóór of direct
naast de borstel is.
Gebruik nooit een schijfvormige draadborstel die
beschadigd of niet goed in evenwicht is. Het gebruik
van een beschadigde schijfvormige draadborstel kan
leiden tot kans op verwonding door contact met
afgebroken borsteldraden.
Gebruik met een schijfvormige draadborstel ALTIJD
een beschermkap met een diameter waar de
draadschijf goed in past. Het wiel zou tijdens gebruik
kunnen uiteenspatten, en in dat geval helpt de
beschermkap om verwondingen te voorkomen.
Trek de stekker los en plaats het gereedschap
ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is.
Verwijder alle accessoires van de as. Draai de
schijfvormige draadborstel op de as en zet deze vast met
de bijgeleverde sleutel.
Bij gebruik van een schijfvormige draadborstel mag u
niet zo veel kracht zetten dat de draden overmatig
buigen, anders kunnen ze voortijdig afbreken.
1
2
3
1
4
3
115 mm (4-1/2") / 125 mm (5")
Doorslijpwiel Diamantschijf
22,23 mm (7/8")
Dikte: 4 mm (5/32") of meer Dikte: Minder dan 4 mm (5/32") Dikte: 4 mm (5/32") of meer
22,23 mm (7/8") 22,23 mm (7/8") 22,23 mm (7/8")
1. Borgmoer 2. Doorslijpwiel 3. Binnenflens 4. Diamantschijf
Dikte: Minder dan 4 mm (5/32")
40
ONDERHOUD
LET OP:
Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de
stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens te
beginnen met inspectie of onderhoud.
Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol en
dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen
en barsten worden veroorzaakt.
Zorg dat het gereedschap en de ventilatiesleuven steeds
goed schoon blijven. Maak regelmatig de
ventilatiesleuven schoon en let goed op dat ze niet
verstopt raken. (Fig. 14)
Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het
gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties,
inspectie en vervanging van de koolborstels, en alle
andere onderhoudswerkzaamheden of afstellingen te
worden uitgevoerd bij een erkend Makita
servicecentrum, en altijd met gebruik van originele
Makita vervangingsonderdelen.
OPTIONELE ACCESSOIRES
LET OP:
• Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen
voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze
gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van
andere accessoires of hulpstukken bestaat er gevaar
voor persoonlijke verwonding. Gebruik de accessoires
of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.
Raadpleeg het dichtstbijzijnde Makita servicecentrum
voor verder advies of bijzonderheden omtrent deze
accessoires.
Beschermkap (schijfafdekking) Voor schijf met
verzonken middengat / klepschijf
Beschermkap (schijfafdekking) Voor doorslijpschijf /
diamantschijf
Schijf met verzonken middengat
Doorslijpwiel
Klepschijf
Diamantschijf
Komvormige draadborstel
Schijfvormige draadborstel
Slijpschijf
Binnenflens
Borgmoer voor schijf met verzonken middengat /
doorslijpschijf / klepschijf / diamantschijf
Borgmoer voor slijpschijf
Borgmoersleutel
Zijhandgreep
Rubberen rugschijf
Stofkap-aanzetstuk
OPMERKING:
Sommige onderdelen in deze lijst kunnen bij het
gereedschap zijn meeverpakt als standaard-
accessoires. Deze kunnen van land tot land
verschillen.
ENG905-1
Geluidsniveau
De typisch, A-gewogen geluidsniveaus vastgesteld
volgens EN60745:
Geluidsdrukniveau (L
pA
): 85 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (L
WA
): 96 dB (A)
Onnauwkeurigheid (K): 3 dB (A)
Draag oorbeschermers
ENG900-1
Trilling
De totaalwaarde van de trillingen (triaxiale vectorsom)
vastgesteld volgens EN60745:
Toepassing: oppervlak schuren
Trillingsemissie (a
h, AG
): 9,5 m/s
2
Onnauwkeurigheid (K): 1,5 m/s
2
Toepassing: schuren met schijf
Trillingsemissie (a
h, DS
): 2,5 m/s
2
of minder
Onnauwkeurigheid (K): 1,5 m/s
2
ENG902-1
De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten
volgens de standaardtestmethode en kan worden
gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere
gereedschappen.
De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden
gebruikt voor een beoordeling vooraf van de
blootstelling.
De opgegeven trillingsemissiewaarde geldt voor de
voornaamste toepassingen van het elektrisch
gereedschap. Als het elektrisch gereedschap echter
voor andere toepassingen wordt gebruikt, kan de
trillingsemissiewaarde daarvoor anders zijn.
WAARSCHUWING:
De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch
gereedschap in de praktijk kan verschillen van de
opgegeven trillingsemissiewaarde afhankelijk van de
manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden
getroffen ter bescherming van de operator die zijn
gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder
praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle
fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur
gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en
stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).
41
ENH101-16
Alleen voor Europese landen
EU-Verklaring van Conformiteit
Wij, Makita Corporation, als de verantwoordelijke
fabrikant, verklaren dat de volgende Makita-
machine(s):
Aanduiding van de machine:
Haakse slijpmachine
Modelnr./ Type: 9564P, 9565P
in serie zijn geproduceerd en
Voldoet aan de volgende Europese Richtlijnen:
2006/42/EU
En zijn gefabriceerd in overeenstemming met de
volgende normen of genormaliseerde documenten:
EN60745
De technische documentatie wordt bewaard door:
Makita International Europe Ltd.
Technische afdeling,
Michigan Drive, Tongwell,
Milton Keynes, Bucks MK15 8JD, Engeland
7.5.2012
Tomoyasu Kato
Directeur
Makita Corporation
3-11-8, Sumiyoshi-cho,
Anjo, Aichi, 446-8502, JAPAN

Documenttranscriptie

GB Angle Grinder Instruction Manual F Meuleuse d’Angle Manuel d’instructions D Winkelschleifer Betriebsanleitung I Smerigliatrice angolare Istruzioni per l’uso NL Haakse slijpmachine Gebruiksaanwijzing E Esmeriladora Angular Manual de instrucciones P Esmerilhadeira Angular Manual de instruções DK Vinkelsliber Brugsanvisning GR Γωνιακός Λειαντήρας Οδηγίες χρήσεως TR Taşlama Makinası Kullanma kılavuzu 9564P 9565P NEDERLANDS (Originele instructies) Verklaring van algemene gegevens 1 2 3 4 5 6 7 Asvergrendeling Uitstand-borgknop Schakelgreep Beschermkap Kussenblokkast Schroef Hefboom 8 9 Borgmoer Schijf met verzonken middengat/klepschijf 10 Binnenflens 11 Borgmoersleutel 12 Slijpschijf 13 Rubberen rugschijf 14 Doorslijpwiel/diamantschijf 15 Beschermkap voor doorslijpwiel/diamantschijf 16 Komvormige draadborstel 17 Schijfvormige draadborstel 18 Luchtuitlaatopening 19 Luchtinlaatopening TECHNISCHE GEGEVENS Model 9564P 9565P Diameter schijf met verzonken middengat 115 mm 125 mm Asschroefdraad M14 Nominale snelheid (n) / Onbelaste snelheid (n0) 12 000 min–1 Totale lengte 307 mm Nettogewicht 2,3 kg Veiligheidsklasse /II • Vanwege ons voortgaand onderzoeksen ontwikkelingsprogramma kunnen de bijgaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. • De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen. • Gewicht volgens de EPTA-procedure 01/2003 ENE048-1 Doeleinden van gebruik Dit gereedschap is bedoeld voor het slijpen, schuren en snijden van metaal- en steenmaterialen zonder gebruik van water. ENF002-2 Stroomvoorziening Het gereedschap mag alleen worden aangesloten op een stroombron van hetzelfde voltage als aangegeven op de naamplaat, en kan alleen op enkel-fase wisselstroom worden gebruikt. Het gereedschap is dubbel-geïsoleerd en kan derhalve ook op een nietgeaard stopcontact worden aangesloten. GEA010-1 Algemene veiligheidswaarschuwingen elektrisch gereedschap voor WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. 34 2,4 kg GEB033-6 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR DE SLIJPMACHINE Algemene veiligheidsvoorschriften voor slijp-, schuur-, draadborstel- en doorslijpwerkzaamheden: 1. Dit elektrisch gereedschap is bedoeld voor gebruik als slijp-, schuur-, draadborstel- of doorslijpgereedschap. Lees alle veiligheidsvoorschriften, aanwijzingen, afbeeldingen en technische specificaties behorend bij dit gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onderstaande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel. 2. Werkzaamheden zoals polijsten worden niet aangeraden met dit elektrisch gereedschap. Werkzaamheden waarvoor dit elektrisch gereedschap niet is bedoeld kunnen gevaarlijke situaties opleveren en lichamelijk letsel veroorzaken. 3. Gebruik geen accessoires die niet specifiek ontworpen en goedgekeurd zijn door de fabrikant van dit gereedschap. Ook al past een accessoire wel op uw elektrisch gereedschap, dan nog staat dit niet altijd garant voor een veilige werking. 4. Het nominaal toerental van het accessoire moet minstens gelijk zijn aan het maximumtoerental vermeld op het elektrisch gereedschap. Accessoires die met een hoger toerental draaien dan hun nominaal toerental kunnen stuk breken en in het rond vliegen. 5. De buitendiameter en de dikte van het accessoire moeten binnen het capaciteitsbereik van het elektrisch gereedschap vallen. Accessoires met verkeerde afmetingen kunnen niet afdoende worden afgeschermd of beheerst. 6. De asdiameter van schijven, flenzen, rugschijven en andere accessoires moeten goed passen rond de as van het elektrisch gereedschap. Accessoires met een asdiameter die niet overeenkomt met de aanpasvlakken van het elektrisch gereedschap zullen niet in evenwicht draaien, buitensporig trillen en kunnen leiden tot verlies van controle over het gereedschap. 7. Gebruik nooit een beschadigd accessoire. Inspecteer het accessoire vóór elk gebruik, bijvoorbeeld een slijpschijf op schilfers of barsten; een rugschijf op barsten, scheuren of overmatige slijtage; en een draadborstel op losse of gerafelde draden. Als het elektrisch gereedschap of een accessoire is gevallen, inspecteert u het op schade of monteert u een onbeschadigd accessoire. Na inspectie en montage van een accessoire, zorgt u ervoor dat u en omstanders niet in het draaiingsvlak van het accessoire staan, en laat u het elektrisch gereedschap draaien op het maximaal onbelast toerental gedurende één minuut. Beschadigde accessoires breken normaal gesproken in stukken tijdens dit proefdraaien. 8. Draag beschermende kleding en dergelijke. Afhankelijk van de toepassing dient u ook een gezichtsmasker, veiligheidsbril of stofmasker te dragen. Al naar gelang vereisten van de situatie draagt u een stofmasker, oorbescherming, handschoenen en een werkschort dat geschikt is om kleine stukjes slijpsel of rondvliegende spaanders te weerstaan. Een afdoende oogbescherming moet in staat zijn om tijdens het werk rondvliegende spaanders of scherp gruis tegen te houden. Het stofmasker of ademhalingsapparaat moet alle vrijkomende deeltjes uit de lucht die u inademt te filteren. Langdurige blootstelling aan hard lawaai kan uw gehoor aantasten. 9. Houd omstanders op veilige afstand tijdens het gebruik van elektrisch gereedschap. Iedereen die uw werkterrein betreedt, moet beschermende kleding dragen. Er zouden splinters van uw werkstuk of van een afgebroken accessoire kunnen rondvliegen, met kans op verwondingen, ook buiten uw onmiddellijke werkomgeving. 10. Houd het elektrisch gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde handgrepen, wanneer u werkt op plaatsen waar de zaag met verborgen bedrading of met zijn eigen snoer in aanraking kan komen. Als een draad die onder stroom staat wordt ingesneden, kunnen de metalen delen van het gereedschap ook onder stroom komen te staan en kunt u een gevaarlijke schok krijgen. 11. Zorg dat het snoer uit de buurt blijft van het draaiend werktuig. Als u de controle verliest over het gereedschap, kan het snoer worden doorgesneden of bekneld raken en kan uw hand of arm tegen het ronddraaiende werktuig worden aangetrokken. 12. Leg het gereedschap altijd pas neer nadat het werktuig volledig tot stilstand is gekomen. Als het werktuig nog draait, kan het de ondergrond aangrijpen en het gereedschap uit uw handen trekken. 13. Loop niet met het gereedschap terwijl het nog draait. Als het ronddraaiende accessoire u per ongeluk raakt, kan het verstrikt raken in uw kleding waardoor het accessoire tegen uw lichaam aan wordt getrokken. 14. Maak de ventilatieopeningen van het gereedschap regelmatig schoon. De ventilator van de motor zal het stof de behuizing in zuigen, en een grote opeenhoping van metaalslijpsel kan leiden tot elektrisch gevaarlijke situaties. 15. Gebruik het gereedschap niet in de buurt van licht ontvlambare materialen. Als er vonken overspringen, zou er brand kunnen ontstaan. 16. Gebruik geen accessoires waarvoor koeling met vloeistof vereist is. Het gebruik van water of een andere koelvloeistof kan leiden tot een elektrische schok, met gevaar voor elektrocutie. Terugslag en aanverwante waarschuwingen Terugslag is een plotselinge reactie op een beknelde of vastgelopen draaischijf, rugschijf, borstel of enig ander accessoire. Beknellen of vastlopen veroorzaakt een snelle stilstand van het draaiende accessoire dat op zijn beurt ertoe leidt dat het elektrisch gereedschap zich ongecontroleerd beweegt in de richting tegengesteld aan de draairichting van het accessoire op het moment van vastlopen. Als bijvoorbeeld een slijpschijf bekneld raakt of vastloopt in het werkstuk, kan de rand van de schijf die het knelpunt ingaat, zich invreten in het oppervlak van het materiaal waardoor de schijf eruit klimt of zich eruit slaat. De schijf kan daarbij naar de gebruiker toe of weg springen, afhankelijk van de draairichting van de schijf op het knelpunt. Slijpschijven kunnen in dergelijke situaties ook breken. Terugslag is het gevolg van verkeerd gebruik van het elektrisch gereedschap en/of onjuiste behandeling of omstandigheden, en is te voorkomen door goede voorzorgsmaatregelen te treffen, zoals hieronder vermeld. a) Houd het gereedschap stevig vast en plaats uw armen en lichaam zodanig dat u in staat bent een terugslag op te vangen. Gebruik altijd de hulphandgreep, indien aanwezig, voor een optimale beheersing over het gereedschap in geval van terugslag en de koppelreactiekrachten bij het starten. De gebruiker kan een terugslag of de koppelreactiekrachten opvangen indien de juiste voorzorgsmaatregelen worden getroffen. b) Plaats uw hand nooit in de buurt van het draaiende accessoire. Het accessoire kan terugslaan tegen uw hand. c) Plaats uw lichaam niet in het gebied waar het elektrisch gereedschap naar toe kan bewegen als er terugslag optreedt. Terugslag zal het gereedschap bewegen in tegenovergestelde richting van de draairichting van de schijf op het moment van knel raken. d) Wees bijzonder voorzichtig bij het werken rond hoeken, scherpe randen, enz. Voorkom dat het accessoire stuitert of bekneld raakt. Hoeken, scherpe randen of stuiteren kunnen vaak het draaiende accessoire knel doen raken, wat leidt tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. 35 e) Bevestig geen houtbewerkingsblad van een zaagketting of getand zaagblad. Dergelijke zaagbladen leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. Veiligheidsvoorschriften specifiek voor slijpen en doorslijpwerkzaamheden: a) Gebruik uitsluitend schijven van een type dat is aanbevolen voor uw elektrisch gereedschap en de specifieke beschermkap voor de te gebruiken schijf. Schijven waarvoor het elektrisch gereedschap niet is ontworpen, kunnen niet goed worden afgeschermd en zijn niet veilig. b) De beschermkap moet stevig worden bevestigd aan het elektrisch gereedschap en in de meest beschermende stand worden gezet, zodat een zo klein mogelijk deel van de schijf blootgesteld is in de richting van de gebruiker. De beschermkap dient om de gebruiker te beschermen tegen aanraking met de schijf of stukjes die daarvan af breken en vonken die brandgevaar voor kleding opleveren. c) Gebruik de schijven uitsluitend voor de aanbevolen toepassingen. Bijvoorbeeld: u mag niet slijpen met de zijkant van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bedoeld voor slijpen met de rand, en krachten op het zijoppervlak kunnen deze schijven doen breken. d) Gebruik altijd onbeschadigde schijfflenzen van de juiste afmetingen en vorm voor de te gebruiken schijf. Een goede schijfflens ondersteunt de schijf en verkleint daarmee de kans op het breken van de schijf. Flenzen voor doorslijpschijven kunnen verschillen van flenzen voor slijpschijven. e) Gebruik geen afgesleten schijven van grotere elektrische gereedschappen. Schijven die zijn bedoeld voor grotere elektrische gereedschappen zijn niet geschikt voor de hogere snelheid van kleiner elektrisch gereedschap en kunnen in stukken breken. Aanvullende veiligheidsvoorschriften specifiek voor doorslijpwerkzaamheden: a) Laat de doorslijpschijf niet vastlopen en oefen er niet te veel druk op uit. Probeer niet een buitensporig diepe snede te slijpen. Een te grote kracht op de schijf verhoogt de belasting en de kans dat de schijf in de snede verdraait of vastloopt, waardoor terugslag kan optreden of de schijf kan breken. b) Plaats uw lichaam niet in één lijn voor of achter de ronddraaiende schijf. Wanneer de schijf op het slijppunt in het werkstuk zich van u af beweegt, kunnen door een mogelijke terugslag de draaiende schijf en het elektrisch gereedschap in uw richting worden geworpen. c) Wanneer de schijf vastloopt of u zelf het slijpen onderbreekt, schakelt u het elektrisch gereedschap uit en houdt u dit stil totdat de schijf volledig tot stilstand is gekomen. Probeer nooit de doorslijpschijf uit de snede te halen terwijl de schijf nog draait, aangezien hierdoor terugslag kan optreden. Onderzoek waarom de schijf is vastgelopen en doe het nodige om de oorzaak ervan op te heffen. 36 d) Ga niet door met slijpen terwijl de schijf al in het werkstuk steekt. Wacht totdat de schijf op volle snelheid komt en breng daarna de schijf voorzichtig terug in de snede. Als u het elektrisch gereedschap opnieuw start terwijl de schijf al in het werkstuk steekt, kan de schijf vastlopen, er uit klimmen of terugslaan. e) Ondersteun platen en grote werkstukken om de kans op het knel raken van de schijf en terugslag te minimaliseren. Grote werkstukken neigen door te zakken onder hun eigen gewicht. U moet zorgen voor ondersteuning van het werkstuk dichtbij de snijlijn en dichtbij de rand van het werkstuk aan beide kanten van de schijf. f) Wees extra voorzichtig bij het blind slijpen in een bestaande wand of op andere plaatsen waar u niet achter kunt kijken. De doorstekende schijf kan gas- of waterleidingen, elektrische bedrading of andere voorwerpen raken die terugslag veroorzaken. Veiligheidsvoorschriften specifiek voor schuurwerkzaamheden: a) Gebruik geen veel te grote schuurpapierschijven. Volg de aanwijzingen van de fabrikant bij uw keuze van schuurpapier. Te groot schuurpapier dat uitsteekt tot voorbij de rand van het schuurkussen levert snijgevaar op en kan beknellen of scheuren van de schuurpapierschijf of terugslag veroorzaken. Veiligheidsvoorschriften specifiek voor draadborstelwerkzaamheden: a) Wees erop bedacht dat er ook tijdens normaal gebruik borsteldraden door de borstel worden rondgeslingerd. Oefen niet te veel kracht uit op de borsteldraden door een te hoge belasting van de borstel. De borsteldraden kunnen met gemak door dunne kleding en/of de huid dringen. b) Als voor draadborstelwerk het gebruik van een beschermkap wordt aanbevolen, zorgt u dan dat de draadschijf of draadborstel niet in aanraking komt met de beschermkap. De draadschijf of draadborstel kan in diameter toenemen als gevolg van de werkbelasting en centrifugale krachten. Aanvullende veiligheidsvoorschriften: 17. Bij gebruik van een slijpschijf met een verzonken middengat, mag u uitsluitend met glasvezel versterkte schijven gebruiken. 18. GEBRUIK NOOIT een stenen komschijf op deze slijpmachine. Deze slijpmachine is niet ontworpen voor dit type schijven en het gebruik ervan kan leiden tot ernstig lichamelijk letsel. 19. Let op dat u de as, de flens (met name de montagekant) en de borgmoer niet beschadigt. Als deze onderdelen beschadigd raken, kan de schijf breken. 20. Zorg ervoor dat de schijf niet in aanraking is met het werkstuk voordat u het gereedschap inschakelt. 21. Laat het gereedschap een tijdje draaien voordat u dit op het feitelijke werkstuk gaat gebruiken. Controleer op trillingen of schommelingen die op onjuiste montage of een slecht gebalanceerde schijf kunnen wijzen. 22. Gebruik de aangegeven kant van de schijf om mee te slijpen. 23. Wees alert op rondvliegende vonken. Houd het gereedschap zodanig vast dat de vonken wegvliegen van uzelf en andere personen of brandbare materialen. 24. Laat het gereedschap niet ingeschakeld achter. Schakel het gereedschap alleen in wanneer u het stevig vasthoudt. 25. Raak het werkstuk niet onmiddellijk na gebruik aan; het kan bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken. 26. Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. 27. Volg de instructies van de fabrikant voor het juist monteren en gebruiken van de schijven zorgvuldig op. Behandel de schijven voorzichtig en berg deze met zorg op. 28. Gebruik geen afzonderlijke verloopmoffen of adapters om schuurschijven met een groot asgat aan dit gereedschap aan te passen. 29. Gebruik uitsluitend flenzen die voor dit gereedschap zijn bestemd. 30. Voor gereedschap dat bestemd is voor schijven met een asgat met schroefdraad moet u zorgen dat het schroefdraad in de schijf lang genoeg is zodat de as helemaal erin past. 31. Controleer of het werkstuk goed ondersteund is. 32. Houd er rekening mee dat de schijf nog even blijft doordraaien nadat het gereedschap is uitgeschakeld. 33. Als uw werkplaats bijzonder heet en vochtig is, of erg verontreinigd door elektrisch geleidend stof, gebruikt u een kortsluitstroomonderbreker (30 mA) in het belang van uw veiligheid. 34. Gebruik het gereedschap niet op materialen die asbest bevatten. 35. Gebruik geen water of slijpolie. 36. Houd de ventilatieopeningen schoon wanneer u in een stoffige omgeving werkt. Om opgehoopt stof te verwijderen, moet u eerst de aansluiting van het gereedschap op het stopcontact verbreken en oppassen dat u geen inwendige onderdelen beschadigt (gebruik voor het reinigen uitsluitend niet-metalen voorwerpen). 37. Wanneer u een doorslijpschijf gebruikt, dient u altijd te werken met de stofopvang-beschermkap die door de plaatselijke overheid wordt voorgeschreven. 38. Doorslijpschijven mogen niet aan zijwaartse druk worden blootgesteld. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: LAAT NIET uw vertrouwdheid met het gereedschap (na regelmatig gebruik) omslaan in slordigheid of onachtzaamheid omtrent de strikt na te leven veiligheidsvoorschriften voor dit product. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstige verwondingen. BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES LET OP: • Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap te controleren of af te stellen. Asvergrendeling (Fig. 1) LET OP: • Schakel nooit de asvergrendeling in terwijl de as nog draait. Dat kan het gereedschap beschadigen. Druk de asvergrendeling in om te voorkomen dat de as wegdraait wanneer u accessoires aanbrengt of verwijdert. Werking van de schakelaar (Fig. 2) LET OP: • Controleer altijd, voordat u de stekker in het stopcontact steekt, of de schakelgreep naar behoren schakelt en terugkeert naar de “UIT” stand wanneer u de knop loslaat. • Druk nooit de schakelgreep met kracht in zonder daarbij ook de uitstand-borgknop in te drukken. Daardoor zou de schakelgreep kunnen breken. Om per ongeluk indrukken van de schakelgreep te voorkomen, is voorzien in een uitstand-borgknop. Om het gereedschap te starten, trekt u de uitstand-borgknop naar u toe en drukt u de schakelgreep in. Laat de schakelgreep los om te stoppen. INEENZETTEN LET OP: • Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Aanbrengen van de zijhandgreep (Fig. 3) LET OP: • Controleer voor het gebruik altijd even of de zijhandgreep stevig is bevestigd. Schroef de zijhandgreep stevig vast aan de juiste plaats van het gereedschap, zoals in de afbeelding getoond. Aanbrengen en verwijderen van de beschermkap (voor een schijf met verzonken middengat, een klepschijf / doorslijpschijf of diamantschijf) WAARSCHUWING: • Voor gebruik van een schijf met verzonken middengat, een klepschijf, buigzaam wiel of schijfvormige draadborstel moet de beschermkap op het gereedschap zijn aangebracht, zodanig dat de gesloten kant van de beschermkap altijd naar de gebruiker is gericht. • Bij gebruik van een doorslijpwiel / diamantschijf mag u alleen de speciale beschermkap gebruiken, die ontworpen is voor gebruik met doorslijpwielen. (In sommige Europese landen kan bij gebruik van een diamantslijpschijf worden volstaan met de gewone beschermkap. Volg de voorschriften die in uw land gelden.) 37 Voor gereedschap met een beschermkap met borgschroef (Fig. 4) Monteer de beschermkap met de uitsteeksels aan de beschermkapband recht tegenover de inkepingen in de kussenblokkast. Draai vervolgens de beschermkap 180° linksom, tegen de klok in. Draai de schroef vooral stevig vast. Voor het verwijderen van de beschermkap volgt u de aanwijzingen voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Voor gereedschappen met een beschermkap met klemhefboom (Fig. 5 en 6) Trek de hefboom in de richting van de pijl nadat u de schroef hebt losgedraaid. Monteer de beschermkap met de uitsteeksels aan de beschermkapband recht tegenover de inkepingen in de kussenblokkast. Vervolgens draait u de beschermkap 180° rond. Zet de beschermkap met de schroef vast, na eerst de hefboom in de richting van de pijl te trekken voor de werkingsstand. De instelhoek van de beschermkap is instelbaar met de hefboom. Voor het verwijderen van de beschermkap volgt u de aanwijzingen voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Aanbrengen of verwijderen van een schijf met verzonken middengat / klepschijf (Optioneel accessoire) (Fig. 7 en 8) WAARSCHUWING: • Bij gebruik van een schijf met verzonken middengat of klepschijf moet de beschermkap op het gereedschap worden aangebracht, zodanig dat de gesloten kant van de beschermkap altijd naar de gebruiker is gericht. Bevestig de binnenflens. Pas het wiel/de schijf op de binnenflens en draai de borgmoer op de middenas vast. Om de borgmoer vast te draaien, drukt u de asvergrendeling stevig aan zodat de as niet kan draaien en dan gebruikt u de borgmoersleutel om de borgmoer kloksgewijze vast te draaien. Voor het verwijderen van het wiel volgt u de werkwijze voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Aanbrengen of verwijderen van een slijpschijf (Optioneel accessoire) (Fig. 9) OPMERKING: • Gebruik de slijpaccessoires die staan voorgeschreven in deze handleiding. Deze moeten afzonderlijk worden aangeschaft. Bevestig de rubberen rugschijf op de as. Pas de schijf op de rubberen rugschijf en schroef de borgmoer op de as. Om de borgmoer vast te draaien, drukt u de asvergrendeling stevig aan zodat de as niet kan draaien en dan gebruikt u de borgmoersleutel om de borgmoer kloksgewijze vast te draaien. Voor het verwijderen van de schijf volgt u de werkwijze voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. 38 BEDIENING WAARSCHUWING: • Het is in geen geval ooit nodig om grote druk op het gereedschap uit te oefenen. Het gewicht van het gereedschap op zich is voldoende. Forceren of te grote druk uitoefenen kan leiden tot breken van een wiel, hetgeen gevaarlijk is. • Vervang ALTIJD het slijpwiel als het gereedschap tijdens het slijpen is gevallen. • Laat NOOIT de slijpschijf of het wiel met kracht op uw werkstuk terechtkomen. • Voorkom dat de schijf vastraakt of terugstuit, vooral bij het werken rond hoeken, scherpe randen enz. Dat kan ongecontroleerde bewegingen en terugslag veroorzaken. • Gebruik dit gereedschap NOOIT met houtzagen en andere zaagbladen. Zulke zaagbladen op een slijpmachine leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap, met grote kans op letsel. LET OP: • Schakel nooit het gereedschap in terwijl dat het werkstuk al raakt, want dat kan leiden tot verwondingen. • Draag tijdens het werk altijd een veiligheidsbril of gezichtsmasker. • Schakel na het werk altijd het gereedschap uit en wacht tot de schijf helemaal tot stilstand is gekomen, voordat u het gereedschap neerlegt. Bediening voor slijpen en schuren (Fig. 10) Houd het gereedschap ALTIJD stevig vast met één hand aan de behuizing en de andere aan de zijhandgreep. Schakel het gereedschap in en laat dan pas het wiel of de schijf tegen uw werkstuk aan komen. Gewoonlijk laat u de rand van het wiel of de schijf een hoek van ongeveer 15° met het oppervlak van uw werkstuk maken. Tijdens het inwerken met een nieuw wiel mag u de slijpmachine niet in richting B laten bewegen, anders kan het zich in uw werkstuk “invreten”. Pas wanneer de rand van het wiel al door slijtage is afgerond, mag u het wiel in beide richtingen, A en B, gebruiken. Bediening met een doorslijpwiel / diamantschijf (Optioneel accessoire) (Fig. 11) De richting voor het aanbrengen van de borgmoer en de binnenflens is afhankelijk van de wieldikte. Zie de onderstaande tabel. 115 mm (4-1/2") / 125 mm (5") Doorslijpwiel Dikte: Minder dan 4 mm (5/32") Dikte: 4 mm (5/32") of meer Diamantschijf Dikte: Minder dan 4 mm (5/32") 1 1 2 4 22,23 mm (7/8") 22,23 mm (7/8") 22,23 mm (7/8") 2. Doorslijpwiel 013349 • • • • • • 22,23 mm (7/8") 3 3 1. Borgmoer Dikte: 4 mm (5/32") of meer WAARSCHUWING: Bij gebruik van een doorslijpwiel / diamantschijf mag u alleen de speciale beschermkap gebruiken, die ontworpen is voor gebruik met doorslijpwielen. (In sommige Europese landen kan bij gebruik van een diamantslijpschijf worden volstaan met de gewone beschermkap. Volg de voorschriften die in uw land gelden.) Gebruik NOOIT een doorslijpwiel voor zijwaarts slijpen. Laat de schijf niet vastlopen en oefen er niet teveel druk op uit. Probeer niet een buitensporig diepe snede te slijpen. Een te grote kracht op de schijf verhoogt de belasting en de kans dat de schijf in de snede verdraait of vastloopt, waardoor terugslag kan optreden, de schijf kan breken of de motor oververhit kan raken. Begin niet met slijpen terwijl de schijf al in aanraking is met het werkstuk. Wacht totdat het wiel op volle snelheid is gekomen en breng het voorzichtig in de snede terwijl u het gereedschap voorwaarts beweegt over uw werkstuk. Als het elektrisch gereedschap wordt gestart terwijl de schijf al in het werkstuk steekt, kan de schijf vastlopen, omhoog lopen of terugslaan. Verander tijdens het doorslijpen nooit de stand of hoek van het wiel. Als er zijwaartse druk op een doorslijpwiel komt te staan (zoals bij vlakslijpen), kan het wiel barsten en breken, met kans op ernstig lichamelijk letsel. Een diamantschijf moet altijd haaks worden gebruikt op het materiaal waarin u snijdt. Bediening met een komvormige draadborstel (Optioneel accessoire) (Fig. 12) LET OP: • Controleer de werking van de draadborstel door het gereedschap eerst onbelast te laten draaien en zorg dat er niemand vóór of direct naast de borstel is. • Gebruik nooit een draadborstel die beschadigd of niet goed in evenwicht is. Het gebruik van een beschadigde borstel kan leiden tot kans op verwonding door contact met afgebroken borsteldraden. 3. Binnenflens 4. Diamantschijf Trek de stekker los en plaats het gereedschap ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is. Verwijder alle accessoires van de as. Draai de komvormige draadborstel op de as en zet deze vast met de bijgeleverde sleutel. Bij gebruik van een draadborstel mag u niet zo veel kracht zetten dat de draden overmatig buigen, anders kunnen ze voortijdig afbreken. Bediening met een schijfvormige draadborstel (Optioneel accessoire) (Fig. 13) LET OP: • Controleer de werking van de schijfvormige draadborstel door het gereedschap eerst onbelast te laten draaien en zorg dat er niemand vóór of direct naast de borstel is. • Gebruik nooit een schijfvormige draadborstel die beschadigd of niet goed in evenwicht is. Het gebruik van een beschadigde schijfvormige draadborstel kan leiden tot kans op verwonding door contact met afgebroken borsteldraden. • Gebruik met een schijfvormige draadborstel ALTIJD een beschermkap met een diameter waar de draadschijf goed in past. Het wiel zou tijdens gebruik kunnen uiteenspatten, en in dat geval helpt de beschermkap om verwondingen te voorkomen. Trek de stekker los en plaats het gereedschap ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is. Verwijder alle accessoires van de as. Draai de schijfvormige draadborstel op de as en zet deze vast met de bijgeleverde sleutel. Bij gebruik van een schijfvormige draadborstel mag u niet zo veel kracht zetten dat de draden overmatig buigen, anders kunnen ze voortijdig afbreken. 39 ONDERHOUD LET OP: • Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens te beginnen met inspectie of onderhoud. • Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. Zorg dat het gereedschap en de ventilatiesleuven steeds goed schoon blijven. Maak regelmatig de ventilatiesleuven schoon en let goed op dat ze niet verstopt raken. (Fig. 14) Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, inspectie en vervanging van de koolborstels, en alle andere onderhoudswerkzaamheden of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita servicecentrum, en altijd met gebruik van originele Makita vervangingsonderdelen. ENG905-1 Geluidsniveau De typisch, A-gewogen geluidsniveaus vastgesteld volgens EN60745: Geluidsdrukniveau (LpA): 85 dB (A) Geluidsvermogenniveau (LWA): 96 dB (A) Onnauwkeurigheid (K): 3 dB (A) Draag oorbeschermers ENG900-1 Trilling De totaalwaarde van de trillingen (triaxiale vectorsom) vastgesteld volgens EN60745: Toepassing: oppervlak schuren Trillingsemissie (ah, AG): 9,5 m/s2 Onnauwkeurigheid (K): 1,5 m/s2 Toepassing: schuren met schijf Trillingsemissie (ah, DS): 2,5 m/s2 of minder Onnauwkeurigheid (K): 1,5 m/s2 ENG902-1 OPTIONELE ACCESSOIRES LET OP: • Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat er gevaar voor persoonlijke verwonding. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel. Raadpleeg het dichtstbijzijnde Makita servicecentrum voor verder advies of bijzonderheden omtrent deze accessoires. • Beschermkap (schijfafdekking) Voor schijf met verzonken middengat / klepschijf • Beschermkap (schijfafdekking) Voor doorslijpschijf / diamantschijf • Schijf met verzonken middengat • Doorslijpwiel • Klepschijf • Diamantschijf • Komvormige draadborstel • Schijfvormige draadborstel • Slijpschijf • Binnenflens • Borgmoer voor schijf met verzonken middengat / doorslijpschijf / klepschijf / diamantschijf • Borgmoer voor slijpschijf • Borgmoersleutel • Zijhandgreep • Rubberen rugschijf • Stofkap-aanzetstuk OPMERKING: • Sommige onderdelen in deze lijst kunnen bij het gereedschap zijn meeverpakt als standaardaccessoires. Deze kunnen van land tot land verschillen. 40 • De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen. • De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. • De opgegeven trillingsemissiewaarde geldt voor de voornaamste toepassingen van het elektrisch gereedschap. Als het elektrisch gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, kan de trillingsemissiewaarde daarvoor anders zijn. WAARSCHUWING: • De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven trillingsemissiewaarde afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt. • Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de operator die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). ENH101-16 Alleen voor Europese landen EU-Verklaring van Conformiteit Wij, Makita Corporation, als de verantwoordelijke fabrikant, verklaren dat de volgende Makitamachine(s): Aanduiding van de machine: Haakse slijpmachine Modelnr./ Type: 9564P, 9565P in serie zijn geproduceerd en Voldoet aan de volgende Europese Richtlijnen: 2006/42/EU En zijn gefabriceerd in overeenstemming met de volgende normen of genormaliseerde documenten: EN60745 De technische documentatie wordt bewaard door: Makita International Europe Ltd. Technische afdeling, Michigan Drive, Tongwell, Milton Keynes, Bucks MK15 8JD, Engeland 7.5.2012 Tomoyasu Kato Directeur Makita Corporation 3-11-8, Sumiyoshi-cho, Anjo, Aichi, 446-8502, JAPAN 41
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76
  • Page 77 77
  • Page 78 78
  • Page 79 79
  • Page 80 80

Makita 9565P Handleiding

Categorie
Haakse slijpers
Type
Handleiding