Zanussi ZEV6747FBA Handleiding

Type
Handleiding
VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en
gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk
voor letsel of schade veroorzaakt door een verkeerde installatie of
verkeerd gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en
toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik.
VEILIGHEID VAN KINDEREN EN KWETSBARE
MENSEN
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en
ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of
verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis,
indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen
over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met zware en
complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt te worden
gehouden, mits ze voortdurend onder toezicht staan.
Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder
permanent toezicht.
Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op
passende wijze weg.
Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als
het in werking is of afkoelt. Het apparaat is heet.
Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te
worden geactiveerd.
Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
ALGEMENE VEILIGHEID
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke
onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient op te
passen dat u de verwarmingselementen niet aanraakt.
Bedien het apparaat niet met een externe timer of een apart
afstandbedieningssysteem.
2
WAARSCHUWING: Zonder toezicht koken op een kookplaat
met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brandgevaar opleveren.
Probeer brand NOOIT met water te blussen, maar schakel in
plaats daarvan het apparaat uit en bedek de vlam bijv. met een
deksel of blusdeken.
LET OP: Er dient toezicht te worden gehouden op het
bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet onder
constant toezicht staan.
WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen
op de kookplaten.
Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels
mogen niet op de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze
heet kunnen worden.
Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken.
Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is,
schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit het
stopcontact. In het geval het apparaat direct op de stroom is
aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om
het apparaat van de stroom te halen. Neem in beide gevallen
contact op met de erkende servicedienst.
Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant, een
erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze
vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen.
WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die
door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door
de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als
geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het
apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte
kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
INSTALLATIE
WAARSCHUWING! Alleen een
erkende installatietechnicus mag het
apparaat installeren.
WAARSCHUWING! Gevaar voor
letsel of schade aan het apparaat.
Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
Volg de installatie-instructies op die zijn
meegeleverd met het apparaat.
Houd de minimumafstand naar andere
apparaten en units in acht.
Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat,
want het is zwaar. Gebruik altijd
veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
3
Dicht de oppervlakken af met kit om te
voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
Bescherm de bodem van het apparaat tegen
stoom en vocht.
Installeer het apparaat niet naast een deur of
onder een raam. Dit voorkomt dat heet
kookgerei van het apparaat valt als de deur of
het raam wordt geopend.
Als het apparaat geïnstalleerd is boven lades
zorg er dan voor dat de ruimte tussen de
onderkant van het apparaat en de bovenste lade
voldoende is voor luchtcirculatie.
De onderkant van het apparaat kan heet
worden. Zorg ervoor dat u onder het apparaat
een scheidingspaneel installeert dat gemaakt is
van triplex, keukenkastmateriaal of ander niet-
brandbaar materiaal om te voorkomen dat hij de
bodem raakt.
Het afscheidingspaneel moet het volledige
gebied onder de kookplaat bedekken.
AANSLUITING AAN HET ELEKTRICITEITSNET
WAARSCHUWING! Gevaar voor
brand en elektrische schokken.
Alle elektrische aansluitingen moeten door een
gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt.
Dit apparaat moet worden aangesloten op een
geaard stopcontact.
Verzeker u ervan dat de stekker uit het
stopcontact is getrokken, voordat u welke
werkzaamheden dan ook uitvoert.
Zorg ervoor dat de parameters op het
vermogensplaatje overeenkomen met
elektrische vermogen van de netstroom.
Zorg ervoor dat het apparaat correct is
geïnstalleerd. Losse en onjuiste stroomkabels of
stekkers (indien van toepassing) kunnen ervoor
zorgen dat de contactklem te heet wordt.
Gebruik de juiste stroomkabel.
Voorkom dat de stroomkabels verstrikt raken.
Zorg ervoor dat er een schokbescherming wordt
geïnstalleerd.
Gebruik het klem om spanning op het snoer te
voorkomen.
Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker
(indien van toepassing) het hete apparaat of
heet kookgerei niet aanraakt als u het apparaat
op de nabijgelegen contactdozen aansluit.
Gebruik geen meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
Zorg dat u de hoofdstekker (indien van
toepassing) of kabel niet beschadigt. Neem
contact op met onze service-afdeling of een
elektromonteur om een beschadigde hoofdkabel
te vervangen.
De schokbescherming van delen onder stroom
en geïsoleerde delen moet op zo'n manier
worden bevestigd dat het niet zonder
gereedschap kan worden verplaatst.
Steek de stekker pas in het stopcontact als de
installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het
netsnoer na installatie bereikbaar is.
Sluit de stroomstekker niet aan op een losse
stroomaansluiting.
Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los
te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
Gebruik alleen de juiste isolatie-apparaten:
stroomonderbrekers, zekeringen
(schroefzekeringen moeten uit de houder
worden verwijderd), aardlekschakelaars en
contactgevers.
De elektrische installatie moet een
isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat
volledig van het lichtnet afgesloten kan worden.
Het isolatieapparaat moet een contactopening
hebben met een minimale breedte van 3 mm.
GEBRUIK
WAARSCHUWING! Gevaar voor
letsel, brandwonden of elektrische
schokken.
Verwijder voor gebruik (indien van toepassing)
de verpakking, labels en beschermfolie.
Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor
huishoudelijk gebruik.
De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet
geblokkeerd zijn.
Laat het apparaat tijdens het gebruik niet
onbeheerd achter.
Zet de kookzone op "uit" na elk gebruik.
Leg geen bestek of pannendeksels op de
kookzones. Deze kunnen heet worden.
Bedien het apparaat niet met natte handen of
als het contact maakt met water.
Het apparaat mag niet worden gebruikt als
werkblad of aanrecht.
Sluit het apparaat direct af van de
stroomtoevoer als het oppervlak van het
apparaat gebroken is. Dit om elektrische
schokken te voorkomen.
Als u eten in de hete olie doet, kan het spatten.
WAARSCHUWING! Risico op brand
en explosie
Verhitte vetten en olie kunnen ontvlambare
damp afgeven. Houd vlammen of verwarmde
voorwerpen uit de buurt van vet en olie als u
hiermee kookt.
4
De dampen die hete olie afgeeft kunnen
spontane ontbranding veroorzaken.
Gebruikte olie die voedselresten bevat kan
brand veroorzaken bij een lagere temperatuur
dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
Plaats geen ontvlambare producten of
gerechten die vochtig zijn gemaakt met
ontvlambare producten in, bij of op het
apparaat.
WAARSCHUWING! Risico op
schade aan het apparaat.
Zet geen heet kookgerei op het
bedieningspaneel.
Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak
van de kookplaat.
Laat kookgerei niet droogkoken.
Laat geen voorwerpen of kookgerei op het
apparaat vallen. Het oppervlak kan beschadigen.
Activeer de kookzones niet met lege pannen of
zonder pannen erop.
Geen aluminiumfolie op het apparaat leggen.
Pannen van gietijzer, aluminium of met
beschadigde bodems kunnen krassen
veroorzaken in het glas / glaskeramiek. Til deze
voorwerpen altijd op als u ze moet verplaatsen
op het kookoppervlak.
Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te
koken. Het mag niet worden gebruikt voor
andere doeleinden, zoals het verwarmen van
een kamer.
ONDERHOUD EN REINIGING
Reinig het apparaat regelmatig om te
voorkomen dat het materiaal van het oppervlak
achteruitgaat.
Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen
voordat u het schoonmaakt.
Trek voor onderhoudswerkzaamheden de
stekker uit het stopcontact.
Gebruik geen waterstralen of stoom om het
apparaat te reinigen.
Reinig het apparaat met een vochtige zachte
doek. Gebruik alleen neutrale
reinigingsmiddelen. Gebruik geen
schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
SERVICEDIENST
Neem contact op met een erkende
servicedienst voor reparatie van het apparaat.
Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen.
VERWIJDERING
WAARSCHUWING! Gevaar voor
letsel of verstikking.
Neem contact met uw plaatselijke overheid voor
informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van
het apparaat.
Haal de stekker uit het stopcontact.
Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en
gooi het weg.
MONTAGE
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
VOOR MONTAGE
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de
onderstaande informatie van het typeplaatje te
noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de
kookplaat.
Serienummer ...........................
INGEBOUWDE KOOKPLATEN
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt
nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of
werkbladen die aan de normen voldoen.
AANSLUITKABEL
Bij de kookplaat wordt een aansluitkabel
meegeleverd.
Voor het vervangen van een beschadigde
voedingskabel, gebruikt u het kabeltype:
H05V2V2-F dat een temperatuur van 90 °C of
hoger weerstaat. Neem contact op met een
klantenservice bij u in de buurt.
5
SAMENSTELLEN
min.
50mm
min.
500mm
min.
12
min.
28
min.
12 mm
min.
60 mm
BEVEILIGINGSDOOS
Als u een beveiligingsdoos (een additioneel
toebehoren) gebruikt, is de beschermingsvloer
onder het fornuis niet noodzakelijk. De
beveiligingsdoos is als toebehoren niet in elk land
verkrijgbaar. Neem contact op met uw plaatselijke
leverancier.
U kunt de beveiligingsdoos niet
gebruiken als u de kookplaat boven
een oven installeert.
6
BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
INDELING KOOKPLAAT
170 mm
265 mm
170 mm
265 mm
120/175/210
mm
120/175/210
mm
145 mm
145 mm
1
1
1 1
2
1
Kookzone
2
Bedieningspaneel
INDELING BEDIENINGSPANEEL
1 2 3
6
75
10
912
84
11
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke
functies worden gebruikt.
Tiptoets Functie Opmerking
1
AAN/UIT De kookplaat in- en uitschakelen.
2
Blokkering / Kinderbeveili-
ging van de oven
Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrende-
len.
3
Pauze De functie in- en uitschakelen.
4
- Het in- en uitschakelen van de buitenste ring.
5
- Kookstanddisplay De kookstand weergeven.
6
- Timerindicatie voor de kook-
zones
Geeft aan voor welke zone u de tijd instelt.
7
- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.
7
Tiptoets Functie Opmerking
8
- Het in- en uitschakelen van de buitenste ring.
9
- Om de kookzone te selecteren.
10
/
- De tijd verlengen of verkorten.
11
Automatisch opwarmen De functie in- en uitschakelen.
12
- Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand.
KOOKSTANDDISPLAYS
Display Beschrijving
De kookzone is uitgeschakeld.
-
De kookzone wordt gebruikt.
Pauze werkt.
Automatisch opwarmen werkt.
+ cijfer
Er is een storing.
Er is nog een kookzone heet (restwarmte).
Blokkering /Kinderbeveiliging van de oven werkt.
Automatisch uitschakelen werkt.
RESTWARMTE-INDICATIE
WAARSCHUWING! Er bestaat
verbrandingsgevaar door restwarmte.
De aanduidingen tonen het niveau van
de restwarmte voor de kookzones die
u momenteel gebruikt. De
aanduidingen kunnen ook aangaan
voor de nabijgelegen kookzones, zelfs
als u deze niet gebruikt.
DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
IN- OF UITSCHAKELEN
Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit
te schakelen.
8
AUTOMATISCH UITSCHAKELEN
De functie schakelt de kookplaat
automatisch uit als:
alle kookzones zijn uitgeschakeld.
u de kookstand niet instelt nadat u de kookplaat
hebt ingeschakeld.
u iets hebt gemorst of iets langer dan 10
seconden op het bedieningspaneel hebt gelegd
(een pan, doek, etc.). Er klinkt een
geluidssignaal en de kookplaat wordt
uitgeschakeld. Verwijder het voorwerp of reinig
het bedieningspaneel.
u een kookzone niet uitschakelt of de kookstand
verandert. Na enige tijd gaat branden en
wordt de kookplaat uitgeschakeld.
De verhouding tussen kookstand en de tijd
waarna de kookplaat uitschakelt:
Kookstand
De kookplaat wordt
uitgeschakeld na
, 1 - 2
6 uur
3 - 4 5 uur
5 4 uur
6 - 9 1,5 uur
DE KOOKSTAND
Voor het instellen of wijzigen van de kookstand:
Raak de bedieningsstrip aan bij de juiste kookstand
of beweeg uw vinger langs de bedieningsstrip
totdat u de jusite kookstand heeft bereikt.
IN- EN UITSCHAKELEN VAN DE BUITENSTE
RINGEN
Het verwarmingsvlak kan worden aangepast aan de
grootte van de pannen.
Tiptoets gebruiken:
Om de buitenste ring in te schakelen: raak de
tiptoets aan. Het controlelampje gaat branden.
Om meer buitenste ringen in te schakelen:
raak dezelfde tiptoets weer aan. Het bijbehorende
controlelampje gaat branden.
Om de buitenste ring uit te schakelen: raak de
tiptoets aan tot het indicatielampje uit gaat.
Als u de zone inschakelt maar niet de
buitenste ring inschakelt, dan kan het
licht van de zone de buitenste ring
bedekken. Dit betekent niet dat de
buitenste ring is ingeschakeld.
Controleer het indicatielampje om te
zien of de ring geactiveerd is.
AUTOMATISCH OPWARMEN
Activeer deze functie om in een kortere tijd een
gewenste kookstand te krijgen. Als het aan staat,
werkt de zone in het begin op de hoogste
kookstand en gaat daarna verder met koken op de
gewenste kookstand.
Om de functie in werking te stellen
moet de kookzone koud zijn.
Om de functie voor een kookzone in te
schakelen: raak aan ( gaat aan). Raak
meteen de gewenste kookstand aan. Na 3
seconden gaat branden.
De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.
TIMER
Timer met aftelfunctie
U kunt deze functie gebruiken om in te stellen hoe
lang de kookzone moet werken voor een
kooksessie.
Stel eerst de warmtestand voor de kookzone in en
dan de functie.
Kookzone instellen:raak
meerdere malen aan
tot het lampje van de gewenste kookzone brandt.
De functie inschakelen of de tijd wijzigen:
raak of van de timer aan om de tijd in te
stellen (00 - 99 minuten). Als het lampje van de
kookzone langzaam gaat knipperen, wordt de tijd
afgeteld.
Resterende tijd weergeven: selecteer de
kookzone met . Het indicatielampje van de
kookzone gaat sneller knipperen. Op het display
wordt de resterende tijd weergegeven.
De functie uitschakelen: stel de kookzone in met
en raak aan. De resterende tijd telt af naar
00. Het indicatielampje van de kookzone gaat uit.
Als de tijd verstreken is, klinkt er een
geluidssignaal en knippert 00. De
kookzone wordt uitgeschakeld.
9
Het geluidssignaal stopzetten: Raak aan.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken als kookwekker
terwijl de kookplaat is ingeschakeld en de
kookzones niet werken. De warmtestand op het
display toont .
De functie inschakelen: Raak aan. Raak
of van de timer aan om de tijd in te stellen. Als
de tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en
knippert 00.
Het geluidssignaal stopzetten: Raak aan.
De functie heeft geen invloed op de
werking van de kookzones.
PAUZE
Deze functie stelt alle kookzones die in werking zijn
in op de laagste kookstand.
Als de functie in werking is, zijn alle andere
symbolen op de bedieningspanelen vergrendeld.
De functie stopt de timerfunctie niet.
Raak
aan om de functie in te schakelen.
gaat aan.De warmte-instelling wordt verlaagd
naar 1.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
aan. De voorgaande warmte-instelling gaat aan.
BLOKKERING
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl
de kookzones in werking zijn. Hiermee wordt
voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt
veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
Om de functie in te schakelen: raak aan.
gaat gedurende 4 seconden aan.De timer blijft aan.
Om de functie uit te schakelen: raak aan.
De vorige kookstand gaat aan.
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze
functie ook.
KINDERBEVEILIGING VAN DE OVEN
Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld
wordt gebruikt.
Om de functie in te schakelen: schakel de
kookplaat in met . Stel geen kookstand in. Raak
4 seconden aan. gaat aan. Schakel de
kookplaat uit met .
Om de functie uit te schakelen: schakel de
kookplaat in met
. Stel geen kookstand in. Raak
4 seconden aan. gaat aan. Schakel de
kookplaat uit met .
De functie gedurende één kooksessie
onderdrukken: zet de kookplaat aan met .
gaat aan. Raak 4 seconden aan. Stel de
kookstand in binnen 10 seconden. U kunt de
kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt
met , treedt de functie weer in werking.
AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
KOOKGEREI
De bodem van het kookgerei moet zo
dik en vlak mogelijk zijn.
Zorg ervoor dat bodems schoon en
droog zijn voordat ze op de kookplaat
worden gezet.
Kookgerei gemaakt van geëmailleerd
staal of met aluminium of koperen
bodems, kunnen tot verkleuringen
leiden van de glazen keramische
kookplaat.
VOORBEELDEN VAN KOOKTOEPASSINGEN
De gegevens in de volgende tabel
dienen slechts als richtlijn.
10
Verwarmings-
stand
Gebruik om: Tijd (min) Tips
- 1
Bereide gerechten warmhouden. zoals
nodig
Een deksel op het kookgerei
doen.
1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: boter,
chocolade, gelatine.
5 - 25 Van tijd tot tijd mengen.
1 - 2 Stollen: luchtige omeletten, ge-
bakken eieren.
10 -
40
Met deksel bereiden.
2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen
van rijst en gerechten op melkba-
sis, reeds bereide gerechten op-
warmen.
25 -
50
Voeg minimaal twee keer zo veel
vocht toe als rijst en roer gerech-
ten op melkbasis halverwege de
procedure door.
3 - 4 Stomen van groenten, vis en
vlees.
20 -
45
Voeg een paar eetlepels vocht
toe.
4 - 5 Aardappelen stomen. 20 -
60
Gebruik max. ¼ l water voor 750
g aardappelen.
4 - 5 Bereiden van grotere hoeveelhe-
den voedsel, stoofschotels en
soepen.
60 -
150
Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten
6 - 7 Lichtjes braden: kalfsoester, cor-
don bleu van kalfsvlees, kotelet-
ten, rissoles, worstjes, lever, roux,
eieren, pannenkoeken, donuts.
zoals
nodig
Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
7 - 8 Door-en-door gebraden, opge-
bakken aardappelen, lendenbief-
stukken, steaks.
5 - 15 Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
9 Aan de kook brengen van water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoof-
vlees), frituren van friet.
ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
ALGEMENE INFORMATIE
Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon.
Gebruik altijd kookgerei met een schone
bodem.
Krassen of donkere vlekken op de oppervlakte
hebben geen invloed op de werking van de
kookplaat.
Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor
het oppervlak van de kookplaat.
Gebruik een speciale schraper voor de glazen
plaat.
DE KOOKPLAAT SCHOONMAKEN
Verwijder direct: gesmolten kunststof, plastic
folie, suiker en suikerhoudend voedsel, anders
kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken.
Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen.
Gebruik de speciale schraper op de glazen
plaat en verwijder resten door het blad over het
oppervlak te schuiven.
Verwijder nadat de kookplaat voldoende
is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten
en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig
de kookplaat met een vochtige doek en een
beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog de
kookplaat na reiniging af met een zachte doek.
11
Verkleuring glanzende metalen
verwijderen: reinig het glazen oppervlak met
een doek en een oplossing van water met azijn.
PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de
hoofdstukken Veiligheid.
PROBLEMEN OPLOSSEN
Storing Mogelijke oorzaak oplossing
U kunt de kookplaat niet in-
schakelen of bedienen.
De kookplaat is niet aangeslo-
ten op een stopcontact of is
niet goed geïnstalleerd.
Controleer of de kookplaat
goed is aangesloten op het
lichtnet. Raadpleeg het aan-
sluitdiagram.
De zekering is doorgeslagen. Controleer of de zekering de
oorzaak van de storing is. Als
de zekeringen keer op keer
doorslaan, neemt u contact op
met een erkende installateur.
Stel gedurende 10 seconden
geen kookstand in.
Schakel de kookplaat opnieuw
in en stel de kookstand binnen
10 seconden in.
U hebt twee of meer tiptoetsen
tegelijk aangeraakt.
Raak slechts één tiptoets tege-
lijk aan.
Pauze is in werking. Raadpleeg "Dagelijks gebruik".
Er ligt water of er zitten vet-
spatten op het bedieningspa-
neel.
Reinig het bedieningspaneel.
Er klinkt een geluidssignaal en
de kookplaat wordt uitgescha-
keld.
Er weerklinkt een geluidssig-
naal als de kookplaat wordt uit-
geschakeld.
U hebt een of meer tiptoetsen
afgedekt.
Verwijder het voorwerp van de
tiptoetsen.
De kookplaat schakelt uit.
U hebt iets op de tiptoets
geplaatst.
Verwijder het object van de
tiptoets.
De restwarmte-indicator gaat
niet aan.
De zone is niet heet, omdat hij
slechts kortstondig is bediend
of de sensor beschadigd is.
Als de kookzone lang genoeg
in werking is geweest om heet
te zijn, neemt u contact op met
de klantenservice.
Automatisch opwarmen werkt
niet.
De zone is heet. Laat de zone voldoende afkoe-
len.
12
Storing Mogelijke oorzaak oplossing
De hoogste verwarmingsstand
is ingesteld.
De hoogste kookstand heeft
hetzelfde vermogen als de
functie.
U kunt de buitenste ring niet
inschakelen.
Activeer eerste de binnenste
ring door de kookstand te wij-
zigen.
Er is een donker deel op
de meervoudige zone.
Het is normaal dat er een don-
ker deel is op de meervoudige
zone.
De sensorvelden worden
warm.
Het kookgerei is te groot of
staat te dicht bij het bedie-
ningspaneel.
Plaats groter kookgerei op de
achterste kookzones indien no-
dig.
gaat branden.
Kinderbeveiliging van de oven
of Blokkering werkt.
Raadpleeg "Dagelijks gebruik".
en een getal gaat branden.
Er heeft zich een fout in de
kookplaat voorgedaan.
Schakel de kookplaat uit en na
30 seconden weer in. Als
weer aangaat, trek dan de
stekker van de kookplaat uit
het stopcontact. Steek de
stekker van de kookplaat er na
30 seconden weer in. Als het
probleem zich blijft voordoen
neem dan contact op met een
erkend servicecentrum.
U kunt een constant piepgeluid
horen.
De elektrische aansluiting is
onjuist.
Trek de stekker van de kook-
plaat uit het stopcontact. Laat
de installatie controleren door
een erkende elektricien.
gaat branden.
De tweede fase van de
stroomtoevoer ontbreekt.
Controleer of de kookplaat
goed is aangesloten op het
lichtnet. Verwijder de zekering,
wacht een minuut, en plaats de
zekering weer terug.
ALS U HET PROBLEEM NIET KUNT
OPLOSSEN...
Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem
dan contact op met uw verkoper of de
serviceafdeling. Zie voor deze gegevens het
typeplaatje. Geef ook de driecijferige code voor het
glaskeramiek (bevindt zich op de hoek van het
glazen oppervlak) en de foutmelding die wordt
weergegeven. Verzeker u ervan dat u de kookplaat
correct gebruikt heeft. Bij onjuist gebruik van het
apparaat wordt het bezoek van de
onderhoudstechnicus van de klantenservice of de
vakhandelaar in rekening gebracht, zelfs tijdens de
garantieperiode. De instructies over het service
center en de garantiebepalingen vindt u in het
garantieboekje.
13
TECHNISCHE GEGEVENS
TYPEPLAATJE
Model ZEV6747FBA PNC 949 595 656 01
Type 60 HAD 56 AO 220 - 240 V 50 - 60 Hz
Geproduceerd in Duitsland
Ser.Nr. ................. 7.1 kW
ZANUSSI
SPECIFICATIE KOOKZONES
Kookzone
Nominaal vermogen (max warmte-in-
stelling) [W]
Diameter van de kookzone [mm]
Linksvoor 800 / 1600 / 2300 120 / 175 / 210
Linksachter 1200 145
Rechtsvoor 1200 145
Rechtsachter 1500 / 2400 170 / 265
Gebruik voor optimale kookresultaten kookgerei dat
niet groter is dan de diameter van de kookzone.
ENERGIEZUINIGHEID
PRODUCTINFORMATIE VOLGENS EU 66/2014
Modelidentificatie ZEV6747FBA
Type kooktoestel Ingebouwde kook-
plaat
Aantal kookzones 4
Verwarmingstechnologie Stralingswarmte
Diameter ronde kookzones
(Ø)
Linksvoor
Linksachter
Rechtsvoor
21,0 cm
14,5 cm
14,5 cm
Lengte (L) en breedte (B) van
niet-circulaire kookzone
Rechtsachter L 26,5 cm
B 17,0 cm
Energieverbruik per kookzone
(EC electric cooking)
Linksvoor
Linksachter
Rechtsvoor
Rechtsachter
200,1 Wh / kg
188,0 Wh / kg
188,0 Wh / kg
191,6 Wh / kg
Energieverbruik van de kook-
plaat (EC electric hob)
191,9 Wh / kg
EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische
kookapparaten - deel 2: Kookplaten - Methodes
voor het meten van de prestatie
ENERGIEBESPARING
U kunt elke dag energie besparen tijdens het koken
door de onderstaande tips te volgen.
14
Warm alleen de hoeveelheid water op die u
nodig heeft.
Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan.
Zet uw kookgerei op de kookzone voordat u
deze activeert.
De bodem van het kookgerei moet dezelfde
afmeting hebben als de kookzone.
Zet kleiner kookgerei op kleinere kookzones.
Plaats het kookgerei precies in het midden van
de kookzone.
Gebruik de restwarmte om het eten warm te
houden of te smelten.
MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool . Gooi
de verpakking in een geschikte verzamelcontainer
om het te recyclen. Help om het milieu en de
volksgezondheid te beschermen en recycle het
afval van elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het
product naar het milieustation bij u in de buurt of
neem contact op met de gemeente.
15

Documenttranscriptie

VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor letsel of schade veroorzaakt door een verkeerde installatie of verkeerd gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik. VEILIGHEID VAN KINDEREN EN KWETSBARE MENSEN • • • • • • • • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de eventuele gevaren begrijpen. Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt te worden gehouden, mits ze voortdurend onder toezicht staan. Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder permanent toezicht. Laat kinderen niet met het apparaat spelen. Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat is heet. Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd. Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren. ALGEMENE VEILIGHEID • • 2 WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient op te passen dat u de verwarmingselementen niet aanraakt. Bedien het apparaat niet met een externe timer of een apart afstandbedieningssysteem. • • • • • • • • • WAARSCHUWING: Zonder toezicht koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brandgevaar opleveren. Probeer brand NOOIT met water te blussen, maar schakel in plaats daarvan het apparaat uit en bedek de vlam bijv. met een deksel of blusdeken. LET OP: Er dient toezicht te worden gehouden op het bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet onder constant toezicht staan. WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookplaten. Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden. Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken. Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. In het geval het apparaat direct op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem in beide gevallen contact op met de erkende servicedienst. Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant, een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen. WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN INSTALLATIE WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat. • • • • • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat. Volg de installatie-instructies op die zijn meegeleverd met het apparaat. Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht. Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel. 3 • • • • • • Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht. Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht. Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend. Als het apparaat geïnstalleerd is boven lades zorg er dan voor dat de ruimte tussen de onderkant van het apparaat en de bovenste lade voldoende is voor luchtcirculatie. De onderkant van het apparaat kan heet worden. Zorg ervoor dat u onder het apparaat een scheidingspaneel installeert dat gemaakt is van triplex, keukenkastmateriaal of ander nietbrandbaar materiaal om te voorkomen dat hij de bodem raakt. Het afscheidingspaneel moet het volledige gebied onder de kookplaat bedekken. AANSLUITING AAN HET ELEKTRICITEITSNET WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken. • • • • • • • • • • • • 4 Alle elektrische aansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt. Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. Verzeker u ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u welke werkzaamheden dan ook uitvoert. Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom. Zorg ervoor dat het apparaat correct is geïnstalleerd. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ervoor zorgen dat de contactklem te heet wordt. Gebruik de juiste stroomkabel. Voorkom dat de stroomkabels verstrikt raken. Zorg ervoor dat er een schokbescherming wordt geïnstalleerd. Gebruik het klem om spanning op het snoer te voorkomen. Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als u het apparaat op de nabijgelegen contactdozen aansluit. Gebruik geen meerwegstekkers en verlengsnoeren. Zorg dat u de hoofdstekker (indien van toepassing) of kabel niet beschadigt. Neem contact op met onze service-afdeling of een elektromonteur om een beschadigde hoofdkabel te vervangen. • • • • • • De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst. Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is. Sluit de stroomstekker niet aan op een losse stroomaansluiting. Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker. Gebruik alleen de juiste isolatie-apparaten: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers. De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm. GEBRUIK WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken. • • • • • • • • • • • Verwijder voor gebruik (indien van toepassing) de verpakking, labels en beschermfolie. Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. De specificatie van dit apparaat niet wijzigen. Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd zijn. Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd achter. Zet de kookzone op "uit" na elk gebruik. Leg geen bestek of pannendeksels op de kookzones. Deze kunnen heet worden. Bedien het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water. Het apparaat mag niet worden gebruikt als werkblad of aanrecht. Sluit het apparaat direct af van de stroomtoevoer als het oppervlak van het apparaat gebroken is. Dit om elektrische schokken te voorkomen. Als u eten in de hete olie doet, kan het spatten. WAARSCHUWING! Risico op brand en explosie • Verhitte vetten en olie kunnen ontvlambare damp afgeven. Houd vlammen of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vet en olie als u hiermee kookt. • • • De dampen die hete olie afgeeft kunnen spontane ontbranding veroorzaken. Gebruikte olie die voedselresten bevat kan brand veroorzaken bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt. Plaats geen ontvlambare producten of gerechten die vochtig zijn gemaakt met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING! Risico op schade aan het apparaat. • • • • • • • • Zet geen heet kookgerei op het bedieningspaneel. Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat. Laat kookgerei niet droogkoken. Laat geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat vallen. Het oppervlak kan beschadigen. Activeer de kookzones niet met lege pannen of zonder pannen erop. Geen aluminiumfolie op het apparaat leggen. Pannen van gietijzer, aluminium of met beschadigde bodems kunnen krassen veroorzaken in het glas / glaskeramiek. Til deze voorwerpen altijd op als u ze moet verplaatsen op het kookoppervlak. Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden, zoals het verwarmen van een kamer. • • • • Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. Trek voor onderhoudswerkzaamheden de stekker uit het stopcontact. Gebruik geen waterstralen of stoom om het apparaat te reinigen. Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale reinigingsmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen. SERVICEDIENST • Neem contact op met een erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. • Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen. VERWIJDERING WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking. • • • Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat. Haal de stekker uit het stopcontact. Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg. ONDERHOUD EN REINIGING • Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat. MONTAGE WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. VOOR MONTAGE Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat. AANSLUITKABEL • Bij de kookplaat wordt een aansluitkabel meegeleverd. • Voor het vervangen van een beschadigde voedingskabel, gebruikt u het kabeltype: H05V2V2-F dat een temperatuur van 90 °C of hoger weerstaat. Neem contact op met een klantenservice bij u in de buurt. Serienummer ........................... INGEBOUWDE KOOKPLATEN Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen. 5 SAMENSTELLEN BEVEILIGINGSDOOS min. 500mm min. 50mm Als u een beveiligingsdoos (een additioneel toebehoren) gebruikt, is de beschermingsvloer onder het fornuis niet noodzakelijk. De beveiligingsdoos is als toebehoren niet in elk land verkrijgbaar. Neem contact op met uw plaatselijke leverancier. U kunt de beveiligingsdoos niet gebruiken als u de kookplaat boven een oven installeert. min. 12 min. 28 min. 12 mm min. 60 mm 6 BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT INDELING KOOKPLAAT 1 1 Kookzone 2 Bedieningspaneel 1 265 mm 145 mm 170 mm 120/175/210 mm 1 145 mm 1 2 INDELING BEDIENINGSPANEEL 1 2 3 4 5 6 12 11 7 10 8 9 Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt. Tiptoets Functie Opmerking 1 AAN/UIT De kookplaat in- en uitschakelen. 2 Blokkering / Kinderbeveiliging van de oven Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen. 3 Pauze De functie in- en uitschakelen. 4 - Het in- en uitschakelen van de buitenste ring. - Kookstanddisplay De kookstand weergeven. - Timerindicatie voor de kookzones Geeft aan voor welke zone u de tijd instelt. - Timerdisplay De tijd in minuten weergeven. 5 6 7 7 Tiptoets Functie Opmerking 8 - Het in- en uitschakelen van de buitenste ring. 9 - Om de kookzone te selecteren. - De tijd verlengen of verkorten. Automatisch opwarmen De functie in- en uitschakelen. Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand. / 10 11 - 12 KOOKSTANDDISPLAYS Display Beschrijving De kookzone is uitgeschakeld. De kookzone wordt gebruikt. - Pauze werkt. Automatisch opwarmen werkt. + cijfer Er is een storing. Er is nog een kookzone heet (restwarmte). Blokkering /Kinderbeveiliging van de oven werkt. Automatisch uitschakelen werkt. RESTWARMTE-INDICATIE WAARSCHUWING! Er bestaat verbrandingsgevaar door restwarmte. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die u momenteel gebruikt. De aanduidingen kunnen ook aangaan voor de nabijgelegen kookzones, zelfs als u deze niet gebruikt. DAGELIJKS GEBRUIK WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 8 IN- OF UITSCHAKELEN Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit te schakelen. AUTOMATISCH UITSCHAKELEN De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als: • alle kookzones zijn uitgeschakeld. • u de kookstand niet instelt nadat u de kookplaat hebt ingeschakeld. • u iets hebt gemorst of iets langer dan 10 seconden op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek, etc.). Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel. • u een kookzone niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na enige tijd gaat branden en wordt de kookplaat uitgeschakeld. De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt: Kookstand De kookplaat wordt uitgeschakeld na Om de buitenste ring uit te schakelen: raak de tiptoets aan tot het indicatielampje uit gaat. Als u de zone inschakelt maar niet de buitenste ring inschakelt, dan kan het licht van de zone de buitenste ring bedekken. Dit betekent niet dat de buitenste ring is ingeschakeld. Controleer het indicatielampje om te zien of de ring geactiveerd is. AUTOMATISCH OPWARMEN Activeer deze functie om in een kortere tijd een gewenste kookstand te krijgen. Als het aan staat, werkt de zone in het begin op de hoogste kookstand en gaat daarna verder met koken op de gewenste kookstand. Om de functie in werking te stellen moet de kookzone koud zijn. Om de functie voor een kookzone in te 6 uur schakelen: raak aan ( gaat aan). Raak meteen de gewenste kookstand aan. Na 3 3-4 5 uur 5 4 uur seconden gaat branden. De functie uitschakelen: wijzig de kookstand. 6-9 1,5 uur ,1-2 DE KOOKSTAND Voor het instellen of wijzigen van de kookstand: Raak de bedieningsstrip aan bij de juiste kookstand of beweeg uw vinger langs de bedieningsstrip totdat u de jusite kookstand heeft bereikt. TIMER Timer met aftelfunctie U kunt deze functie gebruiken om in te stellen hoe lang de kookzone moet werken voor een kooksessie. Stel eerst de warmtestand voor de kookzone in en dan de functie. meerdere malen aan Kookzone instellen:raak tot het lampje van de gewenste kookzone brandt. De functie inschakelen of de tijd wijzigen: of van de timer aan om de tijd in te raak stellen (00 - 99 minuten). Als het lampje van de kookzone langzaam gaat knipperen, wordt de tijd afgeteld. Resterende tijd weergeven: selecteer de IN- EN UITSCHAKELEN VAN DE BUITENSTE RINGEN Het verwarmingsvlak kan worden aangepast aan de grootte van de pannen. kookzone met . Het indicatielampje van de kookzone gaat sneller knipperen. Op het display wordt de resterende tijd weergegeven. De functie uitschakelen: stel de kookzone in met Tiptoets gebruiken: Om de buitenste ring in te schakelen: raak de tiptoets aan. Het controlelampje gaat branden. Om meer buitenste ringen in te schakelen: raak dezelfde tiptoets weer aan. Het bijbehorende controlelampje gaat branden. en raak aan. De resterende tijd telt af naar 00. Het indicatielampje van de kookzone gaat uit. Als de tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. De kookzone wordt uitgeschakeld. 9 Het geluidssignaal stopzetten: Raak Kookwekker aan. U kunt deze functie gebruiken als kookwekker terwijl de kookplaat is ingeschakeld en de kookzones niet werken. De warmtestand op het display toont . De functie inschakelen: Raak aan. Raak voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd. Stel eerst de kookstand in. Om de functie in te schakelen: raak aan. gaat gedurende 4 seconden aan.De timer blijft aan. Om de functie uit te schakelen: raak De vorige kookstand gaat aan. Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook. of van de timer aan om de tijd in te stellen. Als de tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. Het geluidssignaal stopzetten: Raak aan. De functie heeft geen invloed op de werking van de kookzones. PAUZE Deze functie stelt alle kookzones die in werking zijn in op de laagste kookstand. Als de functie in werking is, zijn alle andere symbolen op de bedieningspanelen vergrendeld. De functie stopt de timerfunctie niet. Raak aan om de functie in te schakelen. gaat aan.De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1. Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De voorgaande warmte-instelling gaat aan. BLOKKERING U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookzones in werking zijn. Hiermee wordt aan. KINDERBEVEILIGING VAN DE OVEN Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt. Om de functie in te schakelen: schakel de kookplaat in met . Stel geen kookstand in. Raak 4 seconden aan. gaat aan. Schakel de kookplaat uit met . Om de functie uit te schakelen: schakel de kookplaat in met . Stel geen kookstand in. Raak 4 seconden aan. gaat aan. Schakel de kookplaat uit met . De functie gedurende één kooksessie onderdrukken: zet de kookplaat aan met . gaat aan. Raak 4 seconden aan. Stel de kookstand in binnen 10 seconden. U kunt de kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt met , treedt de functie weer in werking. AANWIJZINGEN EN TIPS WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. KOOKGEREI De bodem van het kookgerei moet zo dik en vlak mogelijk zijn. Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zijn voordat ze op de kookplaat worden gezet. 10 Kookgerei gemaakt van geëmailleerd staal of met aluminium of koperen bodems, kunnen tot verkleuringen leiden van de glazen keramische kookplaat. VOORBEELDEN VAN KOOKTOEPASSINGEN De gegevens in de volgende tabel dienen slechts als richtlijn. Verwarmingsstand Gebruik om: Tijd (min) Bereide gerechten warmhouden. zoals nodig Een deksel op het kookgerei doen. 1-2 Hollandaisesaus, smelten: boter, chocolade, gelatine. 5 - 25 Van tijd tot tijd mengen. 1-2 Stollen: luchtige omeletten, gebakken eieren. 10 40 Met deksel bereiden. 2-3 Zachtjes aan de kook brengen van rijst en gerechten op melkbasis, reeds bereide gerechten opwarmen. 25 50 Voeg minimaal twee keer zo veel vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door. 3-4 Stomen van groenten, vis en vlees. 20 45 Voeg een paar eetlepels vocht toe. 4-5 Aardappelen stomen. 20 60 Gebruik max. ¼ l water voor 750 g aardappelen. 4-5 Bereiden van grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen. 60 150 Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten 6-7 Lichtjes braden: kalfsoester, cordon bleu van kalfsvlees, koteletten, rissoles, worstjes, lever, roux, eieren, pannenkoeken, donuts. zoals nodig Halverwege de bereidingstijd omdraaien. 7-8 Door-en-door gebraden, opgebakken aardappelen, lendenbiefstukken, steaks. 5 - 15 Halverwege de bereidingstijd omdraaien. 9 Aan de kook brengen van water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoofvlees), frituren van friet. -1 Tips ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. ALGEMENE INFORMATIE • Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. • Gebruik altijd kookgerei met een schone bodem. • Krassen of donkere vlekken op de oppervlakte hebben geen invloed op de werking van de kookplaat. • Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat. • Gebruik een speciale schraper voor de glazen plaat. DE KOOKPLAAT SCHOONMAKEN • Verwijder direct: gesmolten kunststof, plastic folie, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schraper op de glazen plaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven. • Verwijder nadat de kookplaat voldoende is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek. 11 • Verkleuring glanzende metalen verwijderen: reinig het glazen oppervlak met een doek en een oplossing van water met azijn. PROBLEEMOPLOSSING WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. PROBLEMEN OPLOSSEN Storing U kunt de kookplaat niet inschakelen of bedienen. 12 Mogelijke oorzaak oplossing De kookplaat is niet aangesloten op een stopcontact of is niet goed geïnstalleerd. Controleer of de kookplaat goed is aangesloten op het lichtnet. Raadpleeg het aansluitdiagram. De zekering is doorgeslagen. Controleer of de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekeringen keer op keer doorslaan, neemt u contact op met een erkende installateur. Stel gedurende 10 seconden geen kookstand in. Schakel de kookplaat opnieuw in en stel de kookstand binnen 10 seconden in. U hebt twee of meer tiptoetsen tegelijk aangeraakt. Raak slechts één tiptoets tegelijk aan. Pauze is in werking. Raadpleeg "Dagelijks gebruik". Er ligt water of er zitten vetspatten op het bedieningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Er weerklinkt een geluidssignaal als de kookplaat wordt uitgeschakeld. U hebt een of meer tiptoetsen afgedekt. Verwijder het voorwerp van de tiptoetsen. De kookplaat schakelt uit. U hebt iets op de tiptoets geplaatst. Verwijder het object van de tiptoets. De restwarmte-indicator gaat niet aan. De zone is niet heet, omdat hij slechts kortstondig is bediend of de sensor beschadigd is. Als de kookzone lang genoeg in werking is geweest om heet te zijn, neemt u contact op met de klantenservice. Automatisch opwarmen werkt niet. De zone is heet. Laat de zone voldoende afkoelen. Storing Mogelijke oorzaak De hoogste verwarmingsstand is ingesteld. U kunt de buitenste ring niet inschakelen. Er is een donker deel op de meervoudige zone. De sensorvelden worden warm. oplossing De hoogste kookstand heeft hetzelfde vermogen als de functie. Activeer eerste de binnenste ring door de kookstand te wijzigen. Het is normaal dat er een donker deel is op de meervoudige zone. Het kookgerei is te groot of staat te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats groter kookgerei op de achterste kookzones indien nodig. gaat branden. Kinderbeveiliging van de oven of Blokkering werkt. Raadpleeg "Dagelijks gebruik". en een getal gaat branden. Er heeft zich een fout in de kookplaat voorgedaan. Schakel de kookplaat uit en na De elektrische aansluiting is onjuist. Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installatie controleren door een erkende elektricien. De tweede fase van de stroomtoevoer ontbreekt. Controleer of de kookplaat goed is aangesloten op het lichtnet. Verwijder de zekering, wacht een minuut, en plaats de zekering weer terug. U kunt een constant piepgeluid horen. gaat branden. ALS U HET PROBLEEM NIET KUNT OPLOSSEN... Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper of de serviceafdeling. Zie voor deze gegevens het typeplaatje. Geef ook de driecijferige code voor het glaskeramiek (bevindt zich op de hoek van het glazen oppervlak) en de foutmelding die wordt weergegeven. Verzeker u ervan dat u de kookplaat 30 seconden weer in. Als weer aangaat, trek dan de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Steek de stekker van de kookplaat er na 30 seconden weer in. Als het probleem zich blijft voordoen neem dan contact op met een erkend servicecentrum. correct gebruikt heeft. Bij onjuist gebruik van het apparaat wordt het bezoek van de onderhoudstechnicus van de klantenservice of de vakhandelaar in rekening gebracht, zelfs tijdens de garantieperiode. De instructies over het service center en de garantiebepalingen vindt u in het garantieboekje. 13 TECHNISCHE GEGEVENS TYPEPLAATJE Model ZEV6747FBA Type 60 HAD 56 AO PNC 949 595 656 01 220 - 240 V 50 - 60 Hz Geproduceerd in Duitsland 7.1 kW Ser.Nr. ................. ZANUSSI SPECIFICATIE KOOKZONES Kookzone Nominaal vermogen (max warmte-instelling) [W] Diameter van de kookzone [mm] Linksvoor 800 / 1600 / 2300 120 / 175 / 210 Linksachter 1200 145 Rechtsvoor 1200 145 Rechtsachter 1500 / 2400 170 / 265 Gebruik voor optimale kookresultaten kookgerei dat niet groter is dan de diameter van de kookzone. ENERGIEZUINIGHEID PRODUCTINFORMATIE VOLGENS EU 66/2014 Modelidentificatie ZEV6747FBA Type kooktoestel Ingebouwde kookplaat Aantal kookzones 4 Verwarmingstechnologie Stralingswarmte Diameter ronde kookzones (Ø) Linksvoor Linksachter Rechtsvoor 21,0 cm 14,5 cm 14,5 cm Lengte (L) en breedte (B) van niet-circulaire kookzone Rechtsachter L 26,5 cm B 17,0 cm Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Linksvoor Linksachter Rechtsvoor Rechtsachter 200,1 Wh / kg 188,0 Wh / kg 188,0 Wh / kg 191,6 Wh / kg Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische kookapparaten - deel 2: Kookplaten - Methodes voor het meten van de prestatie 14 191,9 Wh / kg ENERGIEBESPARING U kunt elke dag energie besparen tijdens het koken door de onderstaande tips te volgen. • • • • Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft. Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan. Zet uw kookgerei op de kookzone voordat u deze activeert. De bodem van het kookgerei moet dezelfde afmeting hebben als de kookzone. • • • Zet kleiner kookgerei op kleinere kookzones. Plaats het kookgerei precies in het midden van de kookzone. Gebruik de restwarmte om het eten warm te houden of te smelten. MILIEUBESCHERMING Recycle de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente. 15
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32

Zanussi ZEV6747FBA Handleiding

Type
Handleiding