Zanussi ZT215 Handleiding

Categorie
Accessoires voor het maken van koffie
Type
Handleiding
KOEL-VRIESKAST
REFRIGERATEUR-
CONGELATEUR
ZT 215
2222713-32
GEBRUIKSAANWIJZING NOTICE D’UTILISATION
N
F
Mevrouw, mijnheer,
Met de keuze en de aanschaf van dit apparaat heeft u een uitstekende kwaliteit in huis gehaald.
De bediening en het gebruik zijn eenvoudig; wij raden u echter aan dit boekje geheel te lezen, alvorens u uw
nieuwe aanwinst in bedrijf stelt en in gebruik neemt. In dit boekje vindt u aanwijzingen voor de installatie, de
bediening, het gebruik en het onderhoud. Wij danken u voor de aandacht die u hieraan wilt schenken en
wensen u een plezierig gebruik van dit nuttige apparaat toe.
Deze koel/vrieskast biedt u twee mogelijkheden: een koelruimte en een vriesruimte. De koelruimte, het rechter
gedeelte, is bedoeld voor het enkele dagen bewaren van vlees, vis, zuivelprodukten, groenten, fruit en dranken.
De vriesruimte is bedoeld voor het bewaren van diepgevroren levensmiddelen. Bovendien kunt u er zelf verse
levensmiddelen in invriezen, tot een maximum van (zie typeplaatje) in één keer. Vanzelfsprekend kunt u er
ijsblokjes in maken.
Waarschuwingen en belangrijke
adviezen 3
Beschrijving van het apparaat 5
Gebruik 5
Reiniging van de binnenkant 5
Ingebruikname 5
Temperatuurinstelling 5
Klimaatschakelaar 6
Koelen van levensmiddelen 6
Invriezen van verse levensmiddelen 6
Bewaren van diepvriesproducten 6
Ontdooien van ingevroren producten 7
Ijslaatjes 7
De indeling van de koeler 7
Tips 7
Tips voor het koelen 7
Tips voor het invriezen 7
Tips m.b.t. diepvriesproducten 8
Onderhoud 8
Ontdooien van de koelruimte 8
Ontdooien van de vriesruimte 9
Schoonmaken 9
Geprolongeerde stilstand 10
Vervangen van de lamp 10
Storingen 10
2
Technische gegevens 11
Installatie 11
Plaats van opstelling 11
Waterpas opstellen 12
Elektrische aansluiting 12
Aanpassen van het werkblad aan
andere keukenmeubels 13
Plaatsing onder het aanrecht 13
Garantiebepalingen en service voor
de Benelux (B-NL en L) 14
WAARSCHUWINGEN EN
BELANGRIJKE ADVIEZEN
N
Algemene veiligheid
Dit apparaat is bedoeld en gemaakt voor het
gebruik door volwassenen. Het is gevaarlijk om
kinderen het apparaat te laten bedienen of als
speelgoed te laten gebruiken.
Het is gevaarlijk om, in welke vorm dan ook, dit
apparaat of de eigenschappen daarvan te
veranderen.
Neem vóór u aan ontdooien, schoonmaak-
werkzaamheden of het verwisselen van het,
eventueel aanwezige, verlichtingslampje begint
altijd de stekker uit het stopcontact.
Dit apparaat is zwaar. Delen van randen aan
achter- en onderkant kunnen scherp zijn. Wees
voorzichtig bij het tillen.
Plaats NOOIT explosieve stoffen in het apparaat,
zoals gasvullingen, benzine, ether, aceton
enzovoorts.
Het direct vanuit een vriesvak, vriesgedeelte of
vriezer consumeren van ijslollies en dergelijke,
kan verbranding van de mondhuid tot gevolg
hebben; wacht even.
AFDANKEN.
Verwijder de deur(en) of het deksel en
knip het aansluitsnoer af, zodat, in afwachting van
wegbrengen of weghalen, spelende kinderen er zich
niet in op kunnen sluiten of aan een elektrische schok
bloot kunnen staan.
Heel goed oppassen, tijdens het verplaatsen,
dat de delen van het koelcircuit niet zodanig
worden beschadigd, dat de koelvloeistof naar
buiten zou kunnen lekken.
Plaats het apparaat niet in de nabijheid van
een centrale verwarming of een gasfornuis.
Laat het apparaat niet langdurig in direct
zonlicht staan.
Zorg dat er voldoende lucht aan de achterkant
van het apparaat kan circuleren. Vermijd
schade aan de koelkringloop.
Alléén voor diepvrieskasten (uitgezonderd
ingebouwde): het apparaat kan zeer goed in de
kelder geplaatst worden.
Plaats elektrische apparaten (bijv. ijsmachines)
nooit in de kast.
Onderhoud / Reparatie
Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de
elektrische huisinstallatie of het aansluitsnoer, ten
behoeve van de installatie van dit apparaat, mag
uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon
uitgevoerd worden. Het betreffende stopcontact
dient, ook na eventuele onder- of inbouw,
gemakkelijk bereikbaar te zijn. Werkzaamheden
welke door personen zonder de noodzakelijke
kennis uitgevoerd worden, kunnen schade of letsel
tot gevolg hebben.
Laat inspectie- en/of herstelwerkzaamheden
uitvoeren door ELECTROLUX SERVICE en laat
geen andere dan originele DISTRIPARTS
onderdelen plaatsen.
Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in de
koudekringloop; het onderhoud en het bijvullen
dient daarom uitsluitend door door het bedrijf
aangewezen deskundig personeel uitgevoerd te
worden.
Tracht, in geval van storing of een defect, dit
apparaat niet zelf te repareren. Reparaties welke
door niet-deskundige personen uitgevoerd
worden, kunnen tot schade of letsel leiden.
Raadpleeg ELECTROLUX SERVICE.
Gebruik
Huishoudelijke koel- en/of vriesapparaten zijn
uitsluitend bedoeld voor het bewaren en/of
invriezen van eet- of drinkbare producten.
De beste resultaten worden bereikt bij een
omgevingstemperatuur tussen +18°C en +43°C
(klasse T); tussen +18°C en 38°C (klasse ST);
tussen +16°C en 32°C (klasse N); +10°C en 32°C
(klasse SN); de klasse staat op het kenplaatje
vermeld.
Attentie: u dient niet alleen rekening te houden
met de omgevingstemperatuur voor dit type
product maar tevens met de volgende
aanwijzingen: wanneer de omgevingstemperatuur
onder de aangeduide minimum waarde daalt,
wordt de conserveringstemperatuur in het vriesvak
niet meer gegarandeerd; u kunt de bewaarde
levensmiddelen dan het beste zo snel mogelijk
nuttigen.
3
Het is uiterst belangrijk dat de bij het apparaat behorende gebruiksaanwijzing bewaard blijft. Zou het
apparaat door u aan iemand anders gegeven of verkocht worden, of zou het apparaat in het huis van
waaruit u verhuist achterblijven, dan dient de nieuwe gebruik(st)er over de gebruiksaanwijzing en de
daarin opgenomen waarschuwingen te kunnen beschikken.
Indien dit apparaat in de plaats van een oud model met haak- of veersluiting opgesteld wordt, dan is het
raadzaam de sluiting van het oude apparaat, dat terzijde gezet wordt, onbruikbaar te maken. Hiermee
wordt voorkomen dat spelende kinderen zich erin opsluiten, hetgeen levensgevaarlijk is. Deze
waarschuwingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben,
alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.
Volg de raadgevingen van de fabrikant op met
betrekking tot waar en hoe u spijzen en dranken
bewaart of invriest. Ontdooide diepvriesproducten
mogen, om gezondheidsredenen, niet wederom
ingevroren worden.
De vriezende binnenwanden of -vlakken in het
apparaat bevatten koelmiddel. Plaats geen
scherpe voorwerpen tegen zo’n wand of vlak en
schraap evenmin met metalen voorwerpen rijp of
ijs af. Lekkage kan het gevolg zijn, hetgeen een
onherstelbare schade aan het apparaat en bederf
van de levensmiddelen veroorzaakt.
Geen voorwerpen of methodes gebruiken om het
ontdooiproces te versnellen die niet door de
fabrikant zijn aangegeven.
Nooit metalen voorwerpen gebruiken om het
apparaat schoon te maken; dit zou het apparaat
kunnen beschadigen.
Plaats geen koolzuurhoudende of mousserende
dranken in het vriesvak, het vriesgedeelte of de
vriezer; de blikjes of flesjes kunnen door
bevriezing van de inhoud exploderen.
Installatie
Overtuig u er van dat het apparaat niet op het
aansluitsnoer staat.
Belangrijk: Als het aansluitsnoer beschadigd
raakt, moet het snoer, eventueel met stekers,
vervangen worden; deze onderdelen zijn
verkrijgbaar bij onze service-afdeling.
Tijdens normaal gebruik worden de condensor en
de compressor die zich op de achterkant van het
apparaat bevinden, warm. Om veiligheidsredenen
moet de ventilatie zodanig zijn als aangegeven in
de speciale afbeelding.
Attentie: zorg ervoor dat de
ventilatieopeningen tijdens gebruik niet
worden afgedekt.
Plaats het apparaat met z’n achterkant zo dicht
mogelijk bij een muur. Hiermee voorkomt u
verbrandingsletsel door aanraking van hete tot
zeer hete delen.
Afhankelijk van de wijze van transport kan olie
vanuit de compressor in het koelcircuit gevloeid
zijn. Wacht, na het plaatsen van het apparaat, ten
minste een half uur alvorens de stekker in het
stopcontact te steken. Na achteroverliggend
vervoer ten minste een halve dag. Daarmee geeft
u de olie de gelegenheid in de compressor terug
te vloeien. Apparaten welke van een absorptie-unit
voorzien zijn kunnen direct in bedrijf genomen
worden. Controleer circa 24 uur na het in bedrijf
stellen of het apparaat naar behoren werkt.
Milieubescherming
Belangrijk: Dit apparaat bevat, zowel in het
koelcircuit als in de isolatie, geen
ozononvriendelijke stoffen. Het apparaat mag
niet samen met huisvuil of gesloopte
apparaten weggegooid worden. Afgedankte
koel- en vriesapparaten moeten volgens de
plaatselijke regelingen op deskundige wijze
verwerkt worden. Informeer bij uw gemeente
naar de mogelijkheden in uw woonplaets.
Vermijd dat het koelcircuit wordt beschadigd,
vooral aan de achterkant in de buurt van de
warmtewisselaar.
De materialen in dit apparaat die voorzien zijn
van het symbool zijn geschikt voor
recycling.
4
BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT
Reiniging van de binnenkant
Voor u de kast in gebruik neemt, dient u de
binnenkant met lauw water en een neutraal
schoonmaakmiddel te reinigen om de typische geur
van een nieuw apparaat weg te nemen. Droog
vervolgens de wanden goed af.
Gebruik geen schurende
schoonmaakmiddelen, waarmee u de
afwerkingen van het apparaat zou kunnen
beschadigen.
5
N
2
Koelruimte
Boter en kaas vak
Schuifrek
Flessenrek
Groentenlade
Vlees en vis rekken
Allerlei zaken voor dagelijks gebruik, zoals een
voorbereide maaltijd, overgebleven voedsel,
vleeswaren, appelmoes, jam, flesjes of blikjes of
frisdrank, enzovoorts.
Temperatuurregelaar en klimaatschakelaar
Vriesruimte
Laden voor bewaren van diepvriesproducten
Laden voor invriezen van diepvriesproducten
Ingebruikname
Deze koel/vrieskast is uitgerust met 1
temperatuurregelaar voor zowel de koelruimte als de
vriesruimte. De temperatuurregelaar bevindt zich op
de rechterbinnenwand van de koelruimte.
Steek de stekker in het stopcontact.
Open de deur en draai de thermostaatknop, rechtsom
uit de stand «O» (STOP-stand).
De koelkast is nu in werking. De vriesruimte is
automatisch -18°C of lager.
Temperatuurinstelling
De temperatuur wordt automatisch geregeld en kan
verhoogd worden (minder koud) door de knop naar
een lager cijfer te draaien of verlaagd worden
(kouder) door de knop naar een hoger cijfer te
draaien.
Bij het instellen van de juiste stand dient u er
rekening mee te houden dat de temperatuur in het
apparaat afhankelijk is van:
de kamertemperatuur;
de frequentie waarmee de deuren geopend worden;
de hoeveelheid levensmiddelen in de kast;
de plaats van het apparaat.
Wij adviseren u de knop aanvankelijk op de
middenstand te draaien.
De werking van de kast kan geheel gestopt worden
door de knop in de stand «O» te draaien.
Wilt u de temperatuur in de koel- of vriesruimte
weten, meet u dat dan op de enig juiste manier.
Plaats een alcoholthermometer (geen kwik), met een
voor dit doel geschikt afleesbereik, in een plastic
bekertje gevuld met twee centimeter water.
Plaats het bekertje in de betreffende ruimte, zodanig
dat het niet om kan vallen. Laat het daar een etmaal
staan en lees daarna af, zonder de thermometer uit
het water (of het ijs) te halen. Alleen op deze wijze
meet u de produkt-temperatuur; het meten van lucht-
temperatuur heeft geen enkele zin. Goedkope
thermometers wijken vaak aanzienlijk af. Wilt u weten
hoeveel, plaats hem dan in een bekertje fijngehakt ijs:
hij moet dan nul graden celsius aanwijzen.
Attentie
Het kan voorkomen dat, indien de
thermostaatknop in de koudste stand
gedraaid is, bijvoorbeeld ten gevolge van
zeer warme omgevingstemperatuur of het
snel willen koelen van grote hoeveelheden
dranken, de compressor continu loopt,
waardoor automatische ontdooiing van de
koelverdamper niet plaatsvindt en zich
daarop ijs afzet. Draai, in dat geval, de
thermostaatknop naar een wat minder
koude stand, zodat automatische
ontdooiing kan plaatsvinden; hierdoor
spaart u tevens energie.
Invriezen van verse levensmiddelen
In het -diepvriesvak kunt u verse
levensmiddelen invriezen en diepvriesproducten
bewaren.
Voor het invriezen kunt u de thermostaatknop op de
gebruikelijke stand laten staan.
Wilt u sneller invriezen, dan dient u de
thermostaatknop op de koudste stand te draaien. In
deze stand kan de temperatuur in het koelvak echter
beneden 0°C dalen. In dat geval dient u de knop op
een minder koude stand te draaien.
In het eerste vak mag u de producten slechts totaan
het aangegeven teken op de eerste lade vullen opdat
de luchtcirculatie ongehinderd plaatsvinden kan.
Klimaatschakelaar
Bij een lage omgevingstemperatuur, beneden +14°C,
is het risiko aanwezig dat de kompressor te weinig of
in het geheel niet loopt, omdat de koelruimte er niet
om vraagt. Daardoor loopt de temperatuur in de
vriesruimte op, hetgeen ongewenst is.
Om dat te voorkomen is de kast uitgerust met een
klimaatschakelaar, welke zich naast de
temperaturregelaar bevindt, zie figuur.
Beneden een omgevingstemperatuur van +14C
drukt u de schakelaar in (het lampje licht op). In dat
geval wordt de goede werking gegarandeerd vanaf
een omgevingstemperatuur van +10°C.
A - Temperatuurregelaar
B - Klimaatschakelaar
Koelen van levensmiddelen
Voor een optimaal gebruik van de koelruimte
adviseren wij u de volgende eenvoudige regels in
acht te nemen:
plaats geen warme of dampende spijzen of
dranken in de koelruimte;
dek vooral sterk geurend voedsel af of verpak het;
plaats de levensmiddelen zo, dat de lucht vrij
eromheen kan circuleren.
D325
A
B
6
Bewaren van diepvriesproducten
Indien u de koelkast voor het eerst in gebruik neemt
of haar weer gebruikt na een periode van stilstand,
dient u de thermostaatknop op de koudste stand te
draaien. Plaats vervolgens de diepvriesproducten na
twee uur in de kast en draai de thermostaat terug
naar de gebruikelijke stand.
Belangrijk
Open de vriesvakdeur niet tijdens
stroomuitval. Wij adviseren u om na een
stroomuitval de diepvriesproducten in korte
tijd te consumeren (een temperatuurstijging
verkort de houdbaarheidsduur van de
producten). De normale houdbaarheid wordt
niet aangetast indien de stroomuitval kort
was (minder dan 13 uur) en het vriesvak vol
is.
Hebt u zelf ingevroren, dan kunt u globaal de
volgende maximum bewaartijden, gerekend in
maanden, aanhouden:
Vette worstjes 1 Vis 3- 6
Varkensvlees 3-6 Maaltijd 2- 3
Rundvlees 10-12 Konsumptie-ijs 1- 2
Wild 10-12 Brood en gebak1- 2
Niet-vette kip 8-10 Groente en fruit 10-12
Kreeft 3-4
Ontdooien van ingevroren
producten
Met uitzondering van konsumptie-ijs worden
diepvriesproducten voor verdere behandeling of
nuttigen ontdooid.
Het ontdooien kan zowel in de koelruimte als op het
aanrecht gebeuren; het laatste gaat uiteraard sneller
dan het eerste.
Frituurproducten kunnen direkt vanuit de vriesruimte
in de frituurpan gedaan worden; de frituurtijd is dan
wel langer dan in reeds ontdooide toestand. Grote
hoeveelheden kunt u beter eerst laten ontdooien,
omdat het frituurvet anders te snel afkoelt.
Brood kunt u in de oven ontdooien. De
magnetronoven is uitstekend geschikt voor het
ontdooien van allerlei diepvriesproducten; raadpleeg
de instrukties van de fabrikant van de
magnetronoven.
IJslaatjes
Bij het apparaat worden 1 of meerdere
ijslaatjes voor het maken van ijsblokjes geleverd. Vul
ze met drinkwater en plaats ze in het vriesvak.
Gebruik geen metalen voorwerpen om de
laatjes los te wrikken.
7
N
De indeling van de koeler
De rekken zijn naar verschillende hoogten
verplaatsbaar. Trek ze daartoe een stukje naar voren
en kantel ze omlaag.
Om de ruimte beter te benutten, kunt u bij sommige
modellen, de voorste platen over de achterste
plaatsen.
D338
TIPS
Tips voor het koelen
Enkele praktische tips:
Vlees (alle soorten): wordt in plastic zakjes op de
glazen plaat boven de groentelade geplaatst.
Bewaar vlees niet langer dan één of twee dagen.
Gekookt voedsel, koude schotels enz.:
kunnen,
goed afgedekt, op elk rooster geplaatst worden.
Fruit en groente: worden schoongemaakt in de
groentelade(n) gelegd.
Boter en kaas: worden, om blootstelling aan de lucht
te voorkomen, in speciale koeldozen bewaard of in
plastic- of aluminiumfolie verpakt.
Flessen melk: worden, goed gesloten, in het
flessenrek geplaatst.
Bewaar niet-luchtdicht verpakte bananen,
aardappelen, uien of knoflook niet in de koelkast.
Tips voor het invriezen
Teneinde de best mogelijke resultaten te verkrijgen
geven wij u hieronder enkele belangrijke tips:
de max. hoeveelheid levensmiddelen die u
kunt invriezen in 24 uur staat aangegeven op
het “typeplaatje”;
het invriezen duurt 24 uur. Voeg gedurende deze
tijd geen andere in te vriezen levensmiddelen toe;
vries uitsluitend verse, goed schoongemaakte en
eerste kwaliteit levensmiddelen in;
verdeel de levensmiddelen in handzame porties .
Deze vriezen sneller in en bij later gebruik hoeft u
slechts de benodigde hoeveelheid te ontdooien;
verpak de levensmiddelen in aluminium- of
kunststoffolie. Sluit de pakjes goed en luchtdicht
af;
zorg ervoor dat in te vriezen pakjes niet in
aanraking komen met reeds ingevroren producten;
de temperatuur van deze laatste zou daardoor
kunnen stijgen;
mager voedsel is ingevroren langer houdbaar dan
vet voedsel; ook zout verkort de houdbaarheid;
vermijd rechtstreekse consumptie van ijslollies uit
het vriesvak; u zou uw mondhuid kunnen
verbranden;
schrijf de invriesdatum op de pakjes zodat u de
houdbaarheidsduur kunt controleren;
plaats geen koolzuurhoudende of
mousserende dranken in het vriesvak; de
blikjes of flessen zouden kunnen ontploffen.
Tips m.b.t. diepvriesproducten
Neem de volgende regels in acht:
controleer of de diepvriesproducten in de winkel
op de juiste wijze bewaard worden;
breng de diepvriesproducten na aankoop zo snel
mogelijk over naar het vriesvak; open de deur
altijd zo weinig en zo kort mogelijk.
Wees heel voorzichtig bij aankoop van
diepvriesprodukten, want gedeeltelijk ontdooide
waren mag u niet opnieuw invriezen.
Noteer de fabrikatiedatum en respecteer de
vervaldatum van de fabrikant.
8
ONDERHOUD
Neem vóór het schoonmaken altijd eerst de
stekker uit het stopcontact.
Belangrijk
Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in het
koelcircuit; onderhoud en bijvulling dient
daarom uitsluitend door door de fabrikant
bevoegd personeel uitgevoerd te worden.
Ontdooien van de koelruimte
Het ontdooien van de koelkast heeft automatisch
plaats elke keer dat de compressor stopt. Het
dooiwater wordt via een afvoerkanaaltje opgevangen
in een bakje dat zich aan de achterkant van het
apparaat boven de compressor bevindt. Hier verdampt
het water.
In de koelruimte, op de binnenachterwand, bevindt
zich een afvoergoot voor het dooiwater. In het
midden van deze goot zit een gaatje, wat
regelmatig op verstopping, bijvoorbeeld door
broodkruimels, gekontroleerd moet worden.
Gebruik voor het doorprikken het staafje dat zich
in het gaatje bevindt.
Ontdooien van de vriesruimte
In het vriesvak dient u de rijp te verwijderen, wanneer
deze een laag van circa 4 mm vormt. Gebruik hiervoor
de meegeleverde plastic spatel.
Voor het uitvoeren van deze handeling hoeft u het
apparaat niet uit te schakelen of het vriesvak leeg te
maken. Wanneer zich een dikke laag ijs gevormd
heeft, dient u het gehele apparaat te ontdooien.
Ga als volgt te werk:
1. Draai de thermostaatknop op «O» of trek de stekker
uit het stopcontact;
2. Omwikkel de levensmiddelen met meerdere
kranten en bewaar ze op een koele plaats;
3. Laat de deur van de vriesruimte open staan en
plaats de meegeleverde schraper onder het
afvoergootje; plaats een laag schaaltje onder de
schraper. Bedenk, in verband met uw
vloerbedekking, dat er enig dooiwater van de deur
kan lopen.
4. Probeer het ontdooien NOOIT te versnellen met
warmtebronnen, zoals een straalkacheltje of hete
lamp.
5. Bewaar de schraper zodat u hem opnieuw kunt
gebruiken.
6. Maak, nadat het ontdooien voltooid is, de
binnenruimte schoon en droog.
7. Schakel de kast weer in en plaats, na cirka een half
uur, de elders bewaarde diepvriesproducten weer in
de vriesruimte.
Belangrijk
Gebruik voor het verwijderen van de rijp
nooit metalen voorwerpen; u zou uw
koelkast kunnen beschadigen.
Geen voorwerpen of methodes gebruiken
om het ontdooiproces te versnellen die niet
door de fabrikant zijn aangegeven.
Temperatuurstijging van diepvriesproducten
kan hun houdbaarheidsduur verkorten.
9
N
Schoonmaken
Gebruik nooit metalen voorwerpen voor het
schoonmaken van het apparaat; dit zou
beschadigingen tot gevolg kunnen hebben.
Reinig de binnenkant van de kast regelmatig met lauw
sodawater. Lap de wanden na met schoon water en
droog ze zorgvuldig.
Regelmatig reinigen
Maak de condensor en de compressormotor schoon
met een borstel of met de stofzuiger. Dit bevordert een
goede werking en bespaart energie.
Geprolongeerde stilstand
Wij adviseren u vóór de periode dat de koelkast niet
gebruikt wordt de volgende handelingen uit te voeren:
neem de stekker uit het stopcontact;
verwijder alle spijzen en dranken uit de kast;
laat de kast geheel ontdooien en maak de
binnenwanden, rekken, korven en dergelijke goed
schoon;
laat de deuren open staan, teneinde het ontstaan van
onaangename geur te voorkomen.
Vervangen van de lamp
Het lampje van de koelkast is op de volgende wijze
bereikbaar:
1. Schroef het afschermkapje los;
2. Verwijder het losse deel door er lichte druk op uit te
oefenen (zie afbeelding).
Indien met open deur het lampje niet brandt, kijk dan
eerst of het soms los in de fitting zit. Als het lampje
dan nog niet brandt, vervang het dan door een lampje
met hetzelfde vermogen.
Het vermogen is op het afschermkapje aangegeven.
10
STORINGEN
Indien het apparaat niet goed funktioneert, kontroleer dan:
Storing
Verhelpen
Apparaat werkt niet.
Apparaat koelt te sterk.
De levensmiddelen zijn te warm.
Binnenverlichting werkt niet.
- Apparaat is niet aangezet; apparaat aanzetten.
- Stekker zit niet in het stopcontact of zit los; stekker in
stopcontact steken.
- Zekering is los of kapot; zekering controleren, eventueel
vernieuwen.
- Stopcontact is kapot; storingen in het lichtnet door uw
elektrovakman laten verhelpen.
- Temperatuur is te laag ingesteld; temperatuurregelaar
tijdelijk op een hogere stand zetten.
- Temperatuur is niet juist ingesteld; zie hoofdstuk
“Ingebruikname”.
- Deur heeft te lang opengestaan; deur slechts zo lang
open laten als nodig is.
- In de laatste 24 uur zijn grotere hoeveelheden warme
levensmiddelen opgeslagen; temperatuurregelaar op
een koudere stand zetten.
- Het apparaat staat naast een warmtebron; zie hoofdstuk
“Plaats van opstelling”.
- Lamp is kapot; zie hoofdstuk “Vervangen van de lamp”.
N
Storing
Verhelpen
Sterke rijpvorming in het apparaat, eventueel ook aan de
deurafdichting.
Na het wijzigen van de temperatuurinstelling start de
compressor niet direct.
Water op de bodem van de koelruimte of op de planken.
- Deurafdichting is lek (eventueel na het wijzigen van de
deurdraairichting); op de ondichte plaatsen de
deurafdichting voorzichtig met een föhn® verwarmen
(niet heter dan ca. 50°C). Tegelijkertijd de verwarmde
deurafdichting met de hand zo in vorm trekken dat hij
weer helemaal sluit.
- Dit is normaal, het betreft geen storing; de compressor
start na enige tijd automatisch.
- Dooiwaterafvoer is verstopt; zie hoofdstuk “Ontdooien”.
Kunt u de storing niet zelf lokaliseren en verhelpen, raadpleeg dan onze service-afdeling.
Geef daarbij altijd het model en het typenummer van de kast op. Deze gegevens vindt u op het
garantiebewijs of op het typeplaatje dat zich linksonder aan de binnenzijde van het apparaat bevindt.
TECHNISCHE GEGEVENS
Het typeplaatje met de technische gegevens vindt u aan de linker binnenzijde van het apparaat.
Hoogte 850 mm
Breedte 895 mm
Diepte 600 mm
INSTALLATIE
Indien dit apparaat in de plaats van een oud
model met haak- of veersluiting opgesteld wordt,
dan is het raadzaam de sluiting van het oude
apparaat, onbruikbaar te maken.
Hiermee wordt voorkomen dat spelende kinderen
zich erin opsluiten, hetgeen levensgevaarlijk is.
Plaats van opstelling
Plaats het apparaat uit de buurt van warmtebronnen:
centrale verwarming, kachels, felle zonnestralen enz.
De beste resultaten worden bereikt met een
ruimtetemperatuur tussen +16°C en +32°C (N-
Klasse), of tussen +10°C en +32°C (SN-Klasse).
De klasse staat op het typeplaatje vermeld.
Om veiligheidsredenen moet de ventilatie zodanig zijn
als aangegeven in de afbeelding.
Plaatsing van het apparaat onder keukenhangkastjes
(zie afb.-A).
Plaatsing van het apparaat zonder
keukenhangkastjes (zie afb.-B).
100 mm10 mm
10 mm
A
B
NP008
11
Attentie: zorg ervoor dat de ventilatie openingen
tijdens gebruik niet worden afgedekt.
Waterpas opstellen
De kast is aan de achterkant van twee rollers en aan
de voorkant van twee stelvoetjes voorzien. De rollers
vergemakkelijken het verplaatsen. Door het
verdraaien (zie afbeelding) van de stelvoetjes stelt u
de kast, van voor naar achter gezien, waterpas. Zou
de vloer van links naar rechts gezien scheef zijn, dan
moet u de vloer, op het laagste punt, aan de
achterkant ergens mee ophogen.
Elektrische aansluiting
Overtuig u ervan dat de netspanning en de
netfrequentie, welke op het typeplaatje in de kast
staan aangegeven, overeenkomen met de
netspanning en de netfrequentie in uw woning.
Een afwijking op de netspanning tot plus of minus 6%
is toegestaan.
Bij aansluiting op een andere spanning dient u een
geschikte transformator te gebruiken.
Belangrijk
De stekker mag alleen geplaatst worden in
een geaard stopcontact.
De kast is daarom voorzien van een speciaal
drieaderig snoer, geschikt voor een geaard
stopcontact.
Mocht het stopcontact in uw woning niet
geaard zijn, dan dient een erkend installateur
het apparaat volgens de geldende normen te
aarden.
Wij wijzen u er op dat schade of letsel,
veroorzaakt door het niet voldoen aan dit
veiligheidsvoorschrift, niet onder de
verantwoordelijkheid van de fabrikant valt.
Attentie
Het apparaat moet van het elektriciteitsnet
afgehaald kunnen worden; de stekker moet
dus ook na de installatie bereikbaar blijven.
12
Dit apparaat voldoet aan de EG-richtlijn 87/308
van 2.6.87 met betrekking tot de radio-ontstoring.
Dit apparaat voldoet aan de volgende EU-
richtlijnen:
- 73/23 EG-richtlijn van 19/02/73 (Laagspanning) en
opeenvolgende wijzigingen;
-
89/336 EG-richtlijn van 03/05/89
(Elektromagnetische compatibiliteit) en
opeenvolgende wijzingen.
Aanpassen van het werkblad aan
andere keukenmeubels
Teneinde het vooraanzicht in lijn met andere
keukenmeubels te kunnen brengen, is het werkblad in
diepte verschuifbaar.
Daartoe verwijdert u de schroeven (A) (zie
afbeelding), verschuift u het blad in de gewenste
richting en brengt u de schroeven weer aan.
Plaatsing onder het aanrecht
De kast kan onder een aanrecht geplaatst worden.
De vereiste nismaten vindt u in de afbeelding.
1. Moet het werkblad van de kast verwijderd worden,
dan verwijdert u de schroeven (A) en de beugeltjes
(C).
2. Vervolgens tilt u het werkblad op, zodat het van de
noppen (B) loskomt.
Belangrijk
Voor een goede werking van het apparaat dient
het werkblad van de aanbouwkeuken van een
ventilatieopening van min 137 cm
2
voorzien te
zijn.
Bovendien moet de afstand tussen de
warmtewisselaar en wand bedragen zoals
aangegeven in de afbeelding.
13
N
14
GARANTIEBEPALINGEN EN SERVICE VOOR DE BENELUX
(B-NL en L)
Bij aanspraak op kosteloos herstel dient het origineel van de betreffende aankoopnota of kwitantie
te worden getoond of meegezonden.
Algemene garantiebepalingen
1 De fabrikant verleent één jaar garantie op het op de bijbehorende koopnota vermelde apparaat, gere-
kend vanaf de koopdatum. Indien zich binnen deze periode een storing voordoet, welke het gevolg is van
een materiaal- en/of constructiefout, heeft de koper het recht op kosteloos herstel.
1a Voor stofzuigers, bedoeld voor huishoudelijk gebruik, geldt een algemene garantieperiode van twee
jaar. Accessoires zijn aan directe slijtage onderhevig; deze verbruiksartikelen zijn derhalve van garantie
uitgesloten.
2 Indien binnen de garantietermijn door ZANUSSI reparaties worden verricht, wordt de oorspronkelijke
garantietermijn niet verlengd. Op reparaties buiten de garantietermijn door ZANUSSI verricht, en op de
hierbij geleverde, betaalde en gemonteerde onderdelen wordt 1 jaar garantie verleend.
Indien na drie maal uitvoeren van eenzelfde reparatie, hetzelfde defect opnieuw optreedt en geen
resultaat van een opnieuw uitvoeren van een reparatie verwacht mag worden, zal een nieuw exemplaar
of soortgelijk toestel worden aangeboden. De aanbieding geschiedt tegen bijbetaling op basis van een te
bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage.
3 Servicebezoeken aan huis worden alleen gebracht voor grote, moeilijk transporteerbare apparaten, per
definitie: wasautomaten, droogtrommelautomaten, afwasautomaten, koelkasten, diepvrieskasten/-kisten,
ovens, fornuizen en inbouwapparaten.
3a De regeling als bedoeld onder punt 3 geldt ook voor caravankoelkasten, mits de plaats waar zich het
apparaat bevindt binnen de landsgrenzen ligt en over normale, voor het autoverkeer opengestelde wegen
bereikbaar is. Voorts dient ten tijde van het bezoek het apparaat en de eigenaar, of diens gemachtigde
plaatsvervanger, op de afgesproken bezoekplaats aanwezig te zijn.
4 Indien, naar het oordeel van de fabrikant, het apparaat zoals bedoeld onder punt 3 naar haar service-
werkplaats getransporteerd moet worden, dan geschiedt dit transport op de door de fabrikant vastgestel-
de wijze en voor rekening en risico van de fabrikant.
5 Alle niet onder punt 3 en 3a genoemde apparaten, alsmede apparaten welke wel de betreffende functio-
nele eigenschappen hebben maar daarnaast juist bedoeld zijn voor gemakkelijk transport, dienen franco
aan het adres van de servicedienst verzonden of aangeboden te worden. Binnen de algemene
garantieperiode vindt terugzending voor rekening van de fabrikant plaats.
6 Indien een onder garantie en binnen de algemene garantieperiode vallend defect aan een apparaat niet
hersteld kan worden, vindt kosteloze vervanging van het apparaat plaats.
Garantie-uitbreidingen
7 Voor koel/vries-motorcompressoren (exclusief startrelais en motorbeveiliging) geldt een aflopende ga-
rantieperiode, in gelijke percentages van twintig procent perjaar, van vijf jaar na koopdatum van het op de
bijbehorende koopnota vermelde apparaat, met inachtname van volledig kosteloos herstel binnen de al-
gemene garantieperiode. Na de algemene garantieperiode worden bezoek-, arbeidsloon- en bijkomende
materiaalkosten in rekening gebracht.
15
Garantie-uitsluitingen
8 Het kosteloos uitvoeren van herstel- en/of vervangingswerkzaamheden, zoals bedoeld in de betreffende
hieraan voorafgaande punten, is niet van toepassing indien:
- de aankoopnota of kwitantie, waaruit tenminste de aankoopdatum en de identificatie van het apparaat
blijkt, niet getoond kan worden of meegezonden werd;
- het apparaat voor andere, of óók voor andere dan de huishoudelijke doeleinden, waarvoor het apparaat
bestemd is, gebruikt wordt;
- het apparaat niet volgens de aanwijzingen in het installatievoorschrift of de gebruiksaanwijzing
geïnstalleerd, bediend, behandeld of gebruikt wordt;
- het apparaat op ondeskundige wijze door daartoe niet bevoegde personen hersteld of gewijzigd werd.
8a Indien het apparaat zodanig ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst is dat de benodigde
tijd voor het uit- en inbouwen samen meer dan dertig minuten bedraagt, dan worden de hierdoor ontstane
extra kosten aan de eigenaar in rekening gebracht.
8b Schade welke ontstaat door het, met toestemming van de eigenaar, op abnormale wijze uit- of
inbouwen van een apparaat, kan niet op de fabrikant of haar servicedienst verhaald worden.
8c Beschadigingen, zoals krassen en deuken of zoals breuk van uit- of afneembare delen, welke niet ten
tijde van de aflevering ter kennis van de fabrikant gebracht worden, vallen niet onder garantie.
Belangrijk advies
De constructie van dit apparaat is zodanig, dat de veiligheid daarvan gewaarborgd is. Ondeskundige re-
paraties kunnen echter de veiligheid in gevaar brengen. Terwille van een blijvende veiligheid, en ook om
mogeljke schade te voorkomen, is het raadzaam dat reparaties uitsluitend verricht worden door personen
die daarvoor de vereiste vakbekwaamheid bezitten. Wij adviseren u herstel- en/of controlewerkzaamheden
door uw vakhandelaar of door ELECTROLUX SERVICE te laten uitvoeren en uitsluitend originele DISTRI-
PARTS onderdelen te laten plaatsen.
ELECTROLUX SERVICE
Nederland
Vennootsweg 1
2404 CG Alphen aan den Rijn
Postbus 120
2400 AC Alphen aan den Rijn
Storingsmeldingen op werkdagen
tijdens kantooruren:
Tel.: (0172) - 46 83 00
Fax.: (0172) - 46 82 55
Onderdelenverkoop op werkdagen
tijdens kantooruren:
Tel.: (0172) - 46 84 00
Fax.: (0172) - 46 83 76
ELECTROLUX SERVICE
België
Bergensesteenweg 719
1502 Halle (Lembeek)
Thuisherstellingen:
Tel.: 02-3630444
Fax: 02-3630400
Wisselstukken:
Tel.: 02-3630555
Fax: 02-3630500
ELECTROLUX SERVICE
Luxembourg/
Luxemburg
7, Rue de Bitbourg
L-1273 Luxembourg-Hamm
Service après vente:
Kundendienst:
Tel.: 42 43 11
Fax: 42 43 13 60
ELECTROLUX SERVICE
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15

Zanussi ZT215 Handleiding

Categorie
Accessoires voor het maken van koffie
Type
Handleiding